CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept verslag TAR 30.06.2022 -

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 7 september 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare en besloten vergadering van de Tijdelijke Algemene Raadscommissie d.d. 29 en 30 juni 2022.26.966 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Gemeente Amsterdam TAR - Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

CONCEPTVERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare vergadering van de Tijdelijke Algemene Raadscommissie Donderdag 30 juni 2022, 9.00-12.25 uur in de raadszaal Donderdag 8 september 2022 Voorzitter: mevrouw Van Pijpen Plaatsvervangend voorzitter: mevrouw Nanninga Portefeuillehouders: de wethouders Moorman, Groot Wassink, Van Buren, Pels, Van der Horst, Meliani en Van Dantzig Commissiegriffie: Willems, Klooster, Van der Braak, Diemont Commissieondersteuning: Bakkali, Hoff, Dutilh, Hollander Verslaglegging: Van Vlodrop (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: de leden Abdi (PvdA), Heinhuis (PvdA), Namane (PvdA), Runderkamp (PvdA), Belkasmi (PvdA), Bouhassani (PvdA), Noordzij (PvdA), Nadif (GroenLinks), Ernsting (GroenLinks), Bentoumya (GroenLinks), Van der Veen (GroenLinks), Renssen (GroenLinks), Yemane (GroenLinks), IJmker (GroenLinks), Van Pijpen (GroenLinks), De Jager (D66), Rooderkerk (D66), Moeskops (D66), Hofland (D66), Schmit (D66), Lust (D66), Burgers (VVD), Von Gerhardt (VVD), Hoogtanders (VVD), Wijnants (VVD), Nijssen (VVD), Hijlkema (VVD), Kabamba (BIJ1), Ahmadi (BIJ1), Krom (Partij voor de Dieren), De Vos (Partij voor de Dieren), Meerburg (Partij voor de Dieren), Broersen (VOLT), Garmy (VOLT), Alberts (SP), Bobeldijk (SP), Nanninga (JA21), Kreuger (JA21), Molema (JA21), Van Berkel (JA21), De Jong (JA21), Khan (DENK), Koyuncu (DENK), Boomsma (CDA), Van Schijndel (Forum voor Democratie), Van

Haarlem (Forum voor Democratie) Afwezige commissieleden: de leden Asruf (PvdA), Minderhoud (PvdA), Aslami (D66), Veldhuyzen (BIJ1), Verkerke (BIJ1), Van Lammeren (Partij voor de Dieren), Bakker (Partij voor de Dieren), Bloemberg-Issa (Partij voor de Dieren), Didderen (Partij voor de Dieren), Peters (JA21), Mangal (DENK), Hakiki (DENK), Wijmenga (CDA), Havelaar (CDA), Verschoor (Forum voor Democratie), Bilgin (Forum voor Democratie), Van der Heul (Forum voor Democratie) Afwezige portefeuillehouder: burgemeester Halsema. Overige aanwezigen: Pels, Tiekstra (adviseur RO), Vink (stadsdeel Zuid)

1. Algemeen deel a. Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER heropent om 9.00 uur de vergadering van 30 juni 2022 en heet iedereen van harte welkom op deze TAR - Tijdelijke Algemene Raadscommissies. Zij geeft een overzicht van de spreektijden van de verschillende fracties. b. Mededelingen

1

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Wethouder VAN DER HORST gaat in op de gisteren gestelde vraag over een hack bij Artis. Zij meldt dat Artis weer open is en dat de medewerkers weer bij hun gegevens kunnen. Er is ingebroken en Artis weet niet waar het lek zit en of er vertrouwelijke persoonsgegevens zijn ingezien. Artis heeft een melding gedaan bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Er is van vele kanten hulp aangeboden. De door de afdeling ICT van Amsterdam aangeboden hulp was niet nodig. De VOORZITTER deelt mee dat wethouders Rijxman en Mbarki afwezig zijn bij deze ochtendsessie. Wethouder Groot Wassink is vanaf 12.00 uur afwezig. De voorzitter is zelf tussen 14.00 uur en 15.00 uur afwezig. Mevrouw Nanninga is dan voorzitter. c. Vaststellen agenda De afwezigheid van sommigen heeft gevolgen voor de (volgorde van de) agenda. Agendapunt 25 komt deze middag aan de orde. De verdere volgorde is:  Agendapunt 27.  De veranderingen aan te brengen: agendapunten 31, 32 en 33, het onderwijsblok.  De agendapunten 39, 40 en 56, de onderwerpen van wethouder Meliani.  De agendapunten 49, 50, 51, 52, de onderwerpen van wethouder Pels.  De agendapunten 46 en 48.  Agendapunt 54.  Agendapunt 55. Mevrouw ALBERTS deelt mee dat de heer Bobeldijk ziek is. De VOORZITTER wenst hem veel beterschap. Mevrouw KAMAMBA meldt de heer Veldhuyzen af. De agenda wordt met deze opmerkingen vastgesteld. Duurzaamheid en Circulaire Economie 27.

Kennisneming van de raadsinformatiebrief inzake Aanpak rekenkameronderzoek Groen. Mevrouw NANNINGA is tijdelijk voorzitter. Mevrouw KROM leest in de brief dat de rekenkamer vier aanbevelingen doet op het gebied van groen. Het college erkent het belang van deze aanbevelingen, maar het wil geen onderzoek doen naar een groennorm voor deze bestaande stad. De Partij voor de Dieren maakt zich verder zorgen over de geplande samenvoeging van de sport- en de groennorm. Wethouder Van Dantzig heeft al eerder toegegeven dat er minder groen komt in Amsterdam. In het rapport staat al dat er te weinig groen is dat kan helpen bij de bestrijding hitte en wateroverlast. Ook de biodiversiteit is nog te vaak onder de maat. Mevrouw VAN PIJPEN bestrijdt dat de wethouder gezegd heeft dat er minder groen in de stad is. Het is ook niet opgenomen in het coalitieakkoord. Mevrouw KROM legt uit dat de wethouder dat in de vorige raadsvergadering heeft gezegd. Als de sportnorm en de groennorm worden samengevoegd, gaan kunstgrasvelden onder dezelfde noemer vallen. Dat betekent wel degelijk dat er minder groen komt.

2

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Mevrouw VAN PIJPEN begrijpt dat de Partij voor de Dieren nu al haar mening gevormd heeft. Er is echter nu nog slechts sprake van een herijking. Mevrouw KROM ziet uit naar de evaluatie over zes maanden. Zij wil verder weten of de wethouder straks met heldere, ambitieuze en onnavolgbare definities en doelstellingen komt op het gebied van groen. Daarmee maakt hij daadwerkelijk werk van de groene ambities van het college. Hoe wil de wethouder voldoen aan de aanbevelingen als er straks geen gekaderde normen meer zijn? En hoe wil hij straks gaan controleren of er voldoende kwalitatief groen is aangelegd? En welke middelen stelt het college hiervoor beschikbaar? Mevrouw VAN PIJPEN legt uit dat de brief een vervolg is op de eerdere discussie over het rapport van de rekenkamer. Zij ziet uit naar een reactie van de wethouder op deze aanbevelingen voor de bestaande stad. Welke aanknopingspunten ziet de wethouder voor bijvoorbeeld de positionering van groen? Mevrouw MOESKOPS ziet als partij die zich inzet voor een groene stad, uit naar het coalitieakkoord. Er zijn al middelen vrijgemaakt om de ambities waar te maken op het gebied van (creatief, slim en innovatief) groen, verkoeling en biodiversiteit. Het rekenkamerrapport was terecht kritisch.

De hamvraag daarbij is: wat is groen in de bestaande stad? Het vorige college sprak onder andere over verticaal groen en bomen op de hoek ten behoeve van diversiteit, welzijn, klimaatadaptatie en sociaal. Dat vergt, naast het bouwen van woningen en aandacht voor bijvoorbeeld bereikbaarheid, moeilijke keuzes. Daarbij is de groenvisie belangrijk. Veel aanbevelingen uit het rapport worden meegenomen bij de realisatie van de groenvisie. Wat is de status van die realisatie? Hoe past dat binnen de nieuwe ideeën over de groennorm? Hoe zijn de aanbevelingen verwerkt in de groenvisie? De heer BOOMSMA ziet uit naar een reactie van het college op deze aanbevelingen. Hij vraagt verder sturing op het vervangen van het parkeerplekken door (lelijke metalen) bakken met groen. Wethouder VAN DER HORST merkt op dat bij dit onderwerp veel zaken samenkomen, zoals klimaatadaptatie en onder andere biodiversiteit. Dat vraagt om slimme combinaties met andere ambities. Niet alles kan op groen gericht zijn. Het college wil snel aan de slag gaan met vergroenen. Iedereen voelt daartoe de noodzaak. De groennormen en de sportnormen komen later aan bod. Daartoe wordt de raad later een voorstel voorgelegd. Het nieuwe college is pas onlangs geïnstalleerd. De wethouder moet nog zaken uitwerken. Zo is het groen in de stad sterk versnipperd.

De (integrale) aanpak ervan is opgenomen in het coalitieakkoord met onder andere aandacht voor meer groene daken. In de bestaande programma’s, maar ook in het coalitieakkoord, is geld vrijgemaakt voor onder andere de groenketen en het stedelijke huisvestingsplan in combinatie met groen. Er zijn 41 projecten op het gebied van groen. De ontwikkelingen worden goed gemonitord. Voor het ontwikkelen van een groennorm in de bestaande stad en de uitvoering ervan is op dit moment nog geen dekking, maar wellicht is het beter om eerst te focussen op het vergroenen van de stad en het tegengaan van verstening. De wethouder ziet uit naar een discussie hierover. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt naar de kosten van het ontwikkelen van de groennorm. Wethouder VAN DER HORST antwoordt dat het ontwikkelen van de norm 100.000 euro kost. Daarna is er natuurlijk sprake van uitvoeringskosten.

3

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Mevrouw KROM wil weten op welke manier – door het ontbreken van een groennorm – de ontwikkelingen op het gebied van groen worden gemeten en hoe de raad de wethouder kan controleren. Wethouder VAN DER HORST werkt op dit moment aan een inventarisatie van het (daadwerkelijke) groen in de stad. Zo is groen in de stad (op papier) niet altijd groen. Zij ziet uit naar de kansen die dit biedt om te werken aan bijvoorbeeld klimaatadaptatie. Mevrouw VAN PIJPEN vindt dat de groennorm hierbij belangrijk is. Zij vraagt het nieuwe college daarom om een reactie op het rekenkamerrapport. Wethouder VAN DER HORST kondigt aan verder in te zoomen op het rapport. Zij omarmt veel van de aanbevelingen. Veel zaken zijn al verankerd in de groenvisie. Zij vraagt de gemeenteraad tijd om inzicht te krijgen in de ontwikkelingen en zegt toe de raad daarover te informeren. De wethouder staat open voor ideeën van het CDA voor mooiere bakken met groen, maar benadrukt dat dergelijke zaken worden overgelaten aan de stadsdelen. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp voldoende is besproken en draagt het voorzitterschap weer over aan mevrouw Van Pijpen. Zij deelt mee dat deze avond wordt gestart met een besloten deel. Daarna wordt de actualiteit behandeld en komen de openstaande vragen aan de burgemeester aan bod en vervolgens de andere agendapunten. 31.

Kennisneming van de raadsinformatiebrief over het onderzoek van Regioplan naar de ondersteuning en informele voedselinitiatieven en de inzet voor de tweede helft van 2022 en verder. De heer KHAN deelt mee dat 18.000 Amsterdammers voedselafhankelijk zijn. Dat is een treurige realiteit. Zonder voedselhulp zouden zij met honger naar bed moeten, ook de kinderen, die de volgende ochtend weer naar school moeten gaan. Gelukkig maakt de gemeente geld vrij voor voedselhulp. De noodzaak daartoe werd door de coronacrisis alleen maar urgenter. Is het college op de hoogte van de actuele situatie en zijn er al middelen gereserveerd voor de tweede helft van dit jaar? Het onderzoek van Regioplan heeft laten zien welke toegevoegde waarde informele voedselvoorziening heeft. De voorziening is laagdrempelig. Inmiddels zijn twee functionarissen aangesteld om de hulp te steunen. Waarom is dat nodig? Het geld kan beter besteed worden aan nieuwe initiatieven. Regioplan beveelt aan om een sociale kaart van ongedocumenteerden op te stellen. De wethouder heeft daar niet op gereageerd. De organisatie vraagt ook om een goede samenwerking tussen de formele en informele voedselinitiatieven. Op dit moment zijn er knelpunten bij de buurtteams. Wat is de stand van zaken en welke maatregelen worden genomen om de situatie te verbeteren? Mevrouw BOUHASSANI is blij met de bespreking van het onderwerp.

Dergelijke initiatieven zijn heel belangrijk voor mensen die nog steeds niet in hun eigen basisbehoeften (voedsel) kunnen voorzien. Veel mensen ervaren schaamte om hulp te vragen. Daarom is het belangrijk dat de steun aan informele (laagdrempelige) voedselhulp wordt voortgezet. Er wordt intensief samengewerkt met de buurtteams en met sleutelfiguren in de wijk. Spreekster heeft er de volgende vragen en opmerkingen over  In Zuidoost komt een informatiepunt; hoe worden mensen (ook ongedocumenteerden) daarover geïnformeerd?  Samen met de sleutelfiguren in de wijken moet gewerkt worden aan het wegwerken van de schaamte om hulp te vragen. Mevrouw YEMANE sluit zich aan bij een groot aantal eerder gestelde vragen. Zij stelt verder voor om laagdrempelige initiatieven voor ongedocumenteerden zoveel mogelijk bij het nieuwe beleid te betrekken, dus bijvoorbeeld bij de sociale routekaart.

4

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Mevrouw ALBERTS merkt op dat de geldstromen via de stadsdelen lopen. Zij heeft gehoord dat het geld niet altijd is terechtgekomen bij de voedselinitiatieven. Is dat hersteld? Wat is verder de stand van zaken van de Oekraïners? Zij waren in eerste instantie ook aangewezen op de informele voedselhulp. En wordt AS-Café betrokken bij de laagdrempelige initiatieven voor ongedocumenteerden? Het Rode Kruis en Human Aid Now hebben een bijdrage geleverd, maar deze organisaties nemen nog meer initiatieven. Worden die ook betrokken bij het beleid? Tot slot, de buurtteams, redden die het wel? Mevrouw KROM deelt mee dat het Rode Kruis en Human Aid Now vinden dat de informele hulp onvoldoende is. Dat moet niet overgelaten worden aan initiatieven uit de samenleving. Is het college bereid om deze mensen blijvend hulp te bieden? Voor sommige vrouwen binnen de groep arbeidsmigranten, zo bleek uit een uitzending van Nieuwsuur, is er soms geen andere oplossing dan illegale prostitutie. Welke hulp kan de gemeente deze vrouwen bieden? Mevrouw AHAMADI deelt mee dat er naast deze informele initiatieven nog vele kleinere goed toegankelijke initiatieven zijn van vaak vrijwilligersorganisaties. Zij delen bijvoorbeeld gratis boodschappen uit.

Is het college bereid om hen te steunen? Wethouder MOORMAN vindt het een mooie traditie van deze stad om barmhartig en solidair om te gaan met mensen die hulp en steun nodig hebben. Het is goed dat ook de nieuwe raadsleden die traditie voortzetten. Het is onverteerbaar dat mensen met honger naar bed moeten gaan. De realiteit is dat hulp helaas hard nodig is. De stad steunt al langer de formele voedselbanken. In coronatijd zijn er veel informele initiatieven (vaak om niet) ontstaan. De gemeente heeft samen met het Rode Kruis en Human Aid Now onderzocht hoe deze initiatieven kunnen worden ondersteund. De gemeente heeft vanaf maart 2020 samen met de fondsen van deze organisaties 2,8 miljoen euro uitgegeven aan deze initiatieven. De organisaties moeten dat uiteindelijk op eigen kracht doen, maar veel mensen die gebruikmaken van het informele circuit, komen nooit in het formele circuit, zoals het grote aantal ongedocumenteerden. Ook zij moeten goed worden ondersteund. De wethouder onderzoekt samen met wethouder Groot Wassink de mogelijkheden van ondersteuning voor hun basale levensbehoeften. Daarnaast is er ook een groot aantal mensen huiverig om in het formele circuit terecht te komen, de weg niet weten of zorg mijden, bijvoorbeeld door schulden. Daar werken de buurtteams hard aan. De wethouder vindt daarom een goede aansluiting tussen het formele en informele circuit belangrijk.

Daarover zijn afspraken gemaakt met het Rode Kruis en Human Aid Now. De buurtteams zijn vorig jaar, met wat opstartproblemen, gestart, maar de verbinding wordt steeds beter gemaakt. DENK vroeg naar de noodzaak van de twee aangestelde functionarissen. De wethouder is het met de fractie eens dat het geld vooral gebruikt moet worden voor voedsel en ondersteuning. Maar dat gaat niet vanzelf. Daarvoor zijn een goede begeleiding en coördinatie nodig. Zij acht de kosten ervan verantwoord. Wethouder Groot Wassink werkt op dit moment aan de sociale kaart. Er is verder een app Amsterdam City Rights ontwikkeld met onder andere de rechten van ongedocumenteerden, bijvoorbeeld op het gebied van gezondheidszorg. Ook is informatie over het fysieke informatiepunt in Zuidoost te vinden in de app. BIJ1 vroeg om organisaties die specifiek gericht zijn op ongedocumenteerden hierbij te betrekken. De wethouder legt uit dat wethouder Groot Wassink voortdurend in gesprek is met organisaties op dit gebied. Zij weten ongetwijfeld de weg naar de Stopera te vinden. De geldstromen lopen inderdaad via de stadsdelen, maar de gemeente subsidieert ook organisaties die stadsbreed werken. Er is geen enkel signaal dat er iets blijft hangen in de stadsdelen. Alle middelen blijken goed besteed te zijn. De initiële hulp aan Oekraïners verliep inderdaad via de voedselinitiatieven.

Gelukkig is het nu goed geregeld en krijgen ze leefgeld.

5

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Het moet altijd voorkomen worden dat vrouwen die geen andere uitweg zien, verdwijnen in de illegale prostitutie. Daarom wordt altijd ondersteuning geboden in de basisbehoeften. De wethouder heeft kennisgemaakt met heel veel voedselinitiatieven in de stad. Dat toont de ongelooflijke solidariteit in de stad. Soms zijn de initiatieven formeel, maar soms ook geven ondernemers mensen gewoon voedselpakketten. De wethouder is mede daardoor trots op de stad. In het eerste halfjaar is 800.000 euro voor dit doel vrijgemaakt. Voor het tweede halfjaar is 400.000 euro gereserveerd. Daarover wordt gesproken met het Rode Kruis en Human Aid Now. Ook wordt gesproken over een structurele bijdrage. De wethouder zegt toe de raad daar in de raadsvergadering van september 2022 over te informeren met een korte update vooraf aan de raadsvergadering in juli 2022. De VOORZITTER stelt vast dat er geen behoefte is aan een tweede termijn. De heer KREUGER deelt mee dat een bezoeker een zienswijze heeft ingediend bij agendapunt 22 over het Museumkwartier. Hij is niet geïnformeerd over de wijziging van de agenda. De VOORZITTER zegt toe om met hem contact op te nemen en excuses aan te bieden. 32. Voortgangsrapportage Amsterdamse Lerarenagenda 2021 De VOORZITTER deelt mee dat de heer Von Gerhardt van de VVD heeft verzocht om dit agendapunt te bespreken.

De heer VON GERHARDT merkt op dat ondanks al het goede werk van de wethouder het lerarentekort verder is opgelopen van 12% naar 15%. De streefnorm is 5% (eigenlijk vreemd; dat zou 0% moeten zijn). Het is belangrijk dat er voldoende leraren zijn voor een mooie toekomst van de kinderen in Amsterdam. De VVD heeft een aantal vragen en opmerkingen over het onderwerp.  Hoe kunnen leraren worden gestimuleerd om meer te gaan werken? Daar is in het plan weinig aandacht voor.  In 2020 zijn 39 woningen en in 2021 34 woningen naar leraren gegaan. Dat zijn kleine aantallen, gezien het tekort. En waarom is dat in 2021 minder? Hoe kan gezorgd worden voor meer woningen voor leraren?  Het is niet meer mogelijk om bij nieuwbouw een parkeervergunning bij de gemeente aan te vragen. Wellicht dat dit voor leraren weer mogelijk moet worden gemaakt. Mevrouw ROODERKERK is van mening dat het lerarentekort van grote invloed is op de kwaliteit van onderwijs. De kinderen missen aandacht. Daarom moet dit probleem aangepakt worden. De overheid moet de leraren meer perspectief bieden en hun kansen aanbieden om zich te professionaliseren. Daarvoor kunnen leraren deelnemen aan leergangen. In het voortgezet onderwijs zijn er echter slechts 58 aanmeldingen. Is de wethouder tevreden met het aantal? In het primair onderwijs ligt het aantal aanmeldingen nog lager.

In het coalitieakkoord is geld gereserveerd voor een teambeurs voor leraren. Daarmee kunnen zij zich samen ontwikkelen. Wanneer kunnen leraren zich hiervoor aanmelden? Op scholen waar juist goede leraren nodig zijn, is sprake van grote tekorten. Ziet de wethouder mogelijkheden voor uitwisseling via een pool van leraren? Voor het initiatief Statushouders voor de klas waren in de afgelopen periode te weinig stageplekken. Op welke manier wil de wethouder daarop inzetten, mede gezien de komst van leraren uit Oekraïne?

6

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

De heer RUNDERKAMP merkt op dat er in het primair onderwijs landelijk een tekort is van meer dan negenduizend leraren. Ook Amsterdam kent grote uitdagingen om goede leraren aantrekken. De wethouder heeft op dat gebied al een aantal stappen gezet. De PvdA heeft er enkele vragen over.  In haar brief van 28 april 2022 schreef de wethouder dat er nog geen prognose was opgesteld van het tekort van leraren in het voortgezet onderwijs. Is daar nu meer over bekend?  De PvdA sluit zich aan bij de opmerkingen van de VVD over het toewijzen van woningen aan leraren in de stad. Hoeveel woningen zijn er in 2022 al toegewezen?  Is er naast aandacht voor zijinstroom in het primair onderwijs, ook aandacht voor zijinstroom in het voortgezet onderwijs?  De wethouder heeft eerder met succes bij de landelijke overheid gelobbyd voor extra geld voor leraren. Wat is nu de inzet van deze wethouder op dat gebied? De heer BOOMSMA vindt het cruciaal om deze agenda voort te zetten en zo nodig verder te intensiveren. Hij wil weten of er nog steeds vraag is naar parkeerplekken rondom scholen. Zijn de twee extra maatschappelijke vergunningen voor langere tijd vastgelegd? Dat zal de leraren meer zekerheid bieden. De komende jaren gaan veel leraren met pensioen.

Op welke manier kunnen ze gestimuleerd worden om aan het werk te blijven? Verder moet het voor scholen aantrekkelijk worden om stageplekken aan te bieden. Mevrouw KABAMBA ziet niet snel een oplossing voor dit probleem. Zij stelt voor om mensen uit Suriname of de Antillen die op eigen initiatief in Amsterdam willen komen werken, mogelijkheden daartoe te bieden en hen te begeleiden. Ziet de wethouder daar mogelijkheden toe? Wethouder MOORMAN heeft de debatten over dit onderwerp geteld. Het nadert de dertig. Het doet haar verdriet dat het probleem, ondanks dat de stad er alles aan heeft gedaan zowel in Amsterdam als richting Den Haag, nog steeds niet is opgelost. Feit is dat de loonkloof nu wordt gedicht en de lerarenbeurzen voor scholen met de grootste achterstanden nu onderdeel zijn geworden van landelijk beleid. Maar er is nog een hele weg te gaan. Er komen op dit moment al afzeggingen binnen van leraren die na de zomer een andere baan hebben. Scholen krijgen het steeds moeilijker om hun formatie rond te krijgen. Daarbij komt er ook steeds meer druk op het nieuwkomersonderwijs. Zij is het met de VVD eens dat er gestreefd moet worden naar een tekort van 0% in plaats van 5%. Er moeten voldoende leraren zijn om de toekomstige generatie van perspectief te voorzien. De deeltijdnorm, waar de fractie over sprak, is met 0,8 in Amsterdam al heel hoog.

Veel leraren die een gezin willen stichten, trekken weg. Zij willen een grotere (gezins)woning en daar is nu juist in Amsterdam een gebrek aan. De stad zal dan ook met slimme manieren nieuwe leraren moeten aantrekken. De wethouder merkt daarbij op dat de parkeervergunningen, waar de VVD over sprak, nu juist bedoeld zijn voor leraren die niet in de stad wonen. De heer VON GERHARDT kan zich voorstellen dat leraren die in de stad wonen en elders in de stad lesgeven, daar met de auto naartoe gaan. Dan is een gratis parkeervergunning een uitkomst. Hij stelt voor om dat te onderzoeken. Wethouder MOORMAN benadrukt dat Amsterdam goede ov-verbindingen heeft, ook tussen de stadsdelen. Zij deelt verder mee dat de stad – de komende vier jaar – heel ruimhartig omgaat met de hardheidsclausule. Scholen kunnen als de nood hoog is, een extra vergunning aanvragen. De coalitie kiest voor een autoluwe stad. Dat vraagt om andere vervoersarrangementen, met bijvoorbeeld parkeren in de omgeving en verder vervoer met de (elektrische) fiets. De heer VON GERHARDT merkt op dat gezinnen vaak een auto hebben. Een parkeerplek kost al snel 100 tot 200 euro per maand. Dat is, zeker voor leraren, veel geld.

7

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Een goedkope parkeervergunning zal ervoor kunnen zorgen dat ze voor Amsterdam blijven behouden. Is een autoluwe stad belangrijker dan voldoende leraren voor de klas? Wethouder MOORMAN legt uit dat er intensief onderzoek is gedaan naar de oorzaak van de tekorten. Daaruit blijkt niet dat leraren door een te dure parkeerplek elders willen werken. De heer KOYUNCU merkt op dat je in het onderwijs niet veel verdient. Leraren die in Amsterdam willen werken, zullen waarschijnlijk in de buitenwijken gaan wonen. Het ov gaat steeds verder achteruit en er zijn weinig alternatieven. Het is daarom niet aantrekkelijk om in Amsterdam te komen werken. Wethouder MOORMAN vindt dat werken in Amsterdam ongelooflijk aantrekkelijk is. De helft van de woningzoekenden wil in Amsterdam wonen. Dat geldt niet alleen voor leraren, maar ook voor politieagenten en bijvoorbeeld zorgmedewerkers. Er is echter sprake van schaarste op de woningmarkt. Het probleem is complex. Er bestaan verschillende arrangementen om het voor leraren gemakkelijker te maken met woningen, parkeervergunningen en bijvoorbeeld ruimhartige reiskostenvergoedingen, maar er bestaat geen simpele oplossing. De wethouder is absoluut niet tevreden met de leergangen; 58 is echt niet voldoende. Het is heel belangrijk dat leraren zich blijven ontwikkelen, bijvoorbeeld in de omgang met de grote diversiteit in de klas.

In het coalitieakkoord is verder aandacht voor professionalisering, zeker van de schoolleiders. Dat moet binnen de – krappe – kaders vorm worden gegeven. Binnen het Onderwijs Netwerk Amsterdam (ONA) kan daaraan en ook aan de uitwisseling, verder vorm worden gegeven. Ook kan veel geleerd worden van scholen die – in buurten waar je het niet verwacht – het predicaat excellent hebben gekregen. Mevrouw ROORDERKERK ziet graag de komst van de teambeurs terug in het beleid. Daar is ook geld voor gereserveerd. De leraren waren daar ook altijd positief over. Wethouder MOORMAN antwoordt dat er ook een aantal bezuinigingen is ingeboekt. Zij zegt toe het komende jaar het gesprek aan te gaan om de teambeurs vorm te geven. Zij is het eens met de voordelen voor de teamaanpak met de schoolleider als belangrijke sleutel. De wethouder beaamt dat ook het vo (voortgezet onderwijs) zorgen kent. De stad heeft hard gewerkt aan de grote problemen in het primair onderwijs. De problemen leidden tot onwenselijke situaties, onder andere met onbevoegde leraren voor de klas. Samen met de andere grote steden worden de problemen met de tekorten in het vo in kaart gebracht. In de periode tot 2030 gaan veel leraren met pensioen, terwijl er nu al tekorten zijn. De wethouder is blij dat de loonkloof nu is gedicht en dat er meer geld is voor de leraren.

Nu moet er verder gewerkt worden om mensen te stimuleren om leraar te worden en te blijven. Naast leraren uit Suriname en de Antillen zijn ook leraren uit bijvoorbeeld Oekraïne welkom, maar deze mensen moeten wel goed begeleid worden. Een school werkt al met instroom van Surinaamse leraren met onder andere extra bijscholing. In Suriname worden echter andere eisen gesteld. Het Rijk gaat over de waardering van de diploma’s. De wethouder is bovendien bang dat het probleem zich, door het gebrek aan begeleiding, in zijn staart bijt. Dat is ook het geval bij zijinstromers en statushouders voor de klas. Daarover is met scholen gesproken. De VOORZITTER stelt vast dat het probleem voldoende is besproken. 33. Uitslag Centrale Loting en Matching 2022 De VOORZITTER deelt mee dat de heer Von Gerhardt van de VVD heeft verzocht om dit agendapunt te bespreken.

8

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

De heer VON GERHARDT is geen grote fan van het huidige systeem. Er zijn nu ook weer minder kinderen op hun eerste voorkeurschool geplaatst en er zijn weer meer kinderen buiten hun top vijf beland. Dat is zorgwekkend. Kinderen willen naar een school waar ze zich prettig voelen. Het zijn geen nummers in een loting. Hoe is het mogelijk dat er ieder jaar weer slechtere resultaten worden behaald? Wat kan daar aan worden gedaan? Moeten populaire scholen niet wat meer ruimte krijgen? Is verder een broertjes- en zusjesbeleid mogelijk? Dat is zowel voor de kinderen als voor de ouders prettig. De VVD pleit er tot slot voor dat mensen (hun nummer 1-positie) kunnen ruilen met iemand anders met een andere nummer 1-positie. Mevrouw ROODERKERK merkt op dat er met een loting zowel winnaars als verliezers zijn, maar stelt voor om niet het symptoom (het lotingsysteem) te bestrijden, maar de onderliggende oorzaken. Er zijn voldoende plekken voor leerlingen, maar er is een mismatch tussen vraag en aanbod. Ook de schoolbesturen onderkennen dat. Eerder is in een motie gevraagd om een analyse van de afgelopen vijf jaar en om onderzoek naar de mogelijkheden om scholen aantrekkelijker te maken en ze beter op elkaar te laten aansluiten.

Wat is de stand van zaken? Spreekster kondigt een motie aan waarin gevraagd wordt om twee scholen ruimte te bieden voor verdergaande samenwerking met uitwisseling van de kennis van de schoolleiders en leraren en onderwijsprogramma’s. Verder is er niets geregeld voor kinderen die na een jaar, bijvoorbeeld door pesten, van school moeten veranderen. Mevrouw Rooderkerk vraagt de wethouder om dat aan de orde te stellen. De heer RUNDERKAMP leest in het collegeakkoord dat er gekeken zal worden naar de samenwerking tussen scholen om het aanbod beter te laten aansluiten op de vraag van de leerlingen. Wat zijn de ideeën daarbij? De wethouder heeft eerder toegezegd in gesprek te gaan met scholen met weinig aanmeldingen. Wat is de uitkomst van die gesprekken? De stichting ELK coördineert ieder jaar de vragen over de loting en matching. Is daar nog een ontwikkeling in te zien? De heer BOOMSMA stelt vast dat de resultaten om zoveel mogelijk leerlingen in de top drie te plaatsen opnieuw slechter zijn. Dat vraagt om acties. In de brief staat al dat er meer moet gebeuren aan de aanbodzijde. Op welke manier? De PvdA heeft in een motie gevraagd naar wat de duurzame vraag is. Wat is de stand van zaken? Wordt er ook gekeken naar verdringing? De heer Boomsma stelt tot slot voor om de kans op een school geplaatst te worden, bekend te maken.

Mevrouw KABAMBA vraagt naar de reden van de steeds slechtere resultaten. Zij wil verder weten of kinderen uit het speciaal onderwijs, bijvoorbeeld van een Montessori- of Jenaplanschool, voorrang krijgen bij dit type scholen in het vo. En hoe is de aansluiting tussen de verschillende soorten onderwijs geregeld? Ook wil zij weten of pesten een reden is om van school te wisselen. Welke scholen zijn populair, dan wel minder populair, wat is daarvan de reden en hoe kan dat worden aangepakt? Mevrouw MOLEMA leest dat dit jaar een op de vier kinderen niet geplaatst is op hun school van voorkeur. Bijna een op de tien kinderen moet naar een school buiten hun top drie, terwijl het de bedoeling was om 99% van de kinderen in hun top drie te plaatsen. Hoe gaat de wethouder deze mismatch aanpakken? Veel kinderen willen graag naar een school met een speciaal profiel, zoals een gymnasium, een technasium of een Montessorischool. Het beleid is echter gericht op gelijke uitkomsten. Het college lijkt geen rekening te houden met verschillen in talenten en persoonlijkheden. Daarmee worden kansrijke kinderen kansen afgepakt en krijgen kansarme kinderen niet meer kansen. Welke doelen stelt het college zichzelf? De wensen van ouders en kinderen moeten weer centraal staan. Er zullen altijd populaire scholen zijn waar niet voldoende plek is voor iedereen.

Daarom moet het aanbod aangepast worden aan de vraag in plaats van te sturen op het aanbod. De informatie uit de lotingen in de afgelopen jaren moet worden gebruikt om de vraag naar scholen in kaart te brengen. Daarop moet het aanbod worden aangepast.

9

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Spreekster heeft verder de volgende specifieke vragen en opmerkingen.  Wat zijn de percentages leerlingen met respectievelijk vmbo-, havo- en vwoadvies die in hun top 1-school worden geplaatst? Als die percentages ver uit elkaar liggen, wat gaat de wethouder daar dan aan doen?  Welke scholen in Amsterdam hebben de laagste percentages kinderen die de school als hoogste voorkeur had? Wat zijn de oorzaken?  Wordt de mismatch veroorzaakt door een tekort aan ruimte of door een tekort aan leraren? Op welke scholen is dat het geval? Wethouder MOORMAN zegt toe de nieuwe raadsleden uitleg te geven over het systeem. Het is niet zomaar ontstaan. Voor de invoering van deze Centrale Loting en Matching maakte de stad gebruik van het Bostonsysteem. Dat leidde destijds tot heel veel leed bij kinderen en ouders. Sommigen werden overal uitgeloot en waren aangewezen op scholen die nog over waren. In Amsterdam zijn zeventig (verschillende soorten) scholen. Er is dus een ruim aanbod, zeker in vergelijking met scholen in dorpen of kleine steden. Maar er is niet altijd voor iedereen plek. Er zal altijd sprake zijn van loting. Het is een utopie te veronderstellen dat ieder kind naar zijn eigen voorkeurschool kan gaan. Er is een eerlijk systeem nodig, waarbij ieder kind de kans krijgt om op elke school terecht te kunnen. Maar dat is niet altijd mogelijk.

Gelukkig, zo blijkt uit onderzoek, staat dat de kansen voor de kinderen niet in de weg. Er is heel veel goed onderwijs in de stad. Maar de populariteit is niet gelijk verdeeld over de stad. De wethouder beaamt dat er altijd verbeteringen mogelijk zijn. Zij benadrukt dat de schoolbesturen al intensief samenwerken en ervoor gezorgd hebben dat de informatie goed is. Wellicht is niet iedereen tevreden, maar mensen begrijpen dat het een zoektocht is naar een meest optimale oplossing. Er is echter geen gemakkelijke oplossing. Het heeft geen zin om het systeem de schuld te geven. Het systeem voorkomt dat kinderen geheel buiten de boot vallen. Sluiten vraag en aanbod wel op elkaar aan? Daarbij is de in de afgelopen jaren verkregen informatie van veel nut. OSVO werkt daar – mede door de ingediende motie – nu aan. Er worden plannen ontwikkeld. De wethouder hoopt de raad daar in het najaar van 2022 over te kunnen informeren. Het gaat om een meerjarenplan met aandacht voor samenwerking, uitbreidingen en betere aansluitingen. Ideaal is om maar vijf scholen te hoeven opgeven. OSVO wil dat ook. Maar vooral moet voorkomen worden dat kinderen buiten de boot vallen. Daarom wordt een plaatsingsgarantie afgegeven. Dat kan nu nog alleen door minimaal twaalf scholen op te geven.

Mevrouw ROODERKERK steunt het streven naar een top vijf van de gewenste scholen en is blij dat daar nu concrete stappen voor worden gezet. Zij kondigt een motie aan in die richting om dat te ondersteunen. Wethouder MOORMAN beaamt dat streven, maar acht de kans de doelstelling te behalen erg klein. Een vermindering van een top twaalf is al heel wat. De vragen van mevrouw Molema waren veelal technisch van aard. De wethouder nodigt haar uit om hierover later, met ambtelijke ondersteuning, een gesprek te voeren. Mevrouw MOLEMA vraagt verder informatie over onder andere de brede brugklassen en gelijke kansen. Hoe zorgt de wethouder ervoor dat kansrijke kinderen ook alle kansen krijgen? Wethouder MOORMAN legt uit dat de scholen met een breed aanbod steeds populairder worden. Die scholen bieden juist kansen al duurt het langer voordat de kinderen hun talenten kunnen laten zien. Ook veel ouders kiezen daarvoor. De wethouder beaamt dat scholen niet transparant zijn over wisselingen en kondigt aan om daar met de OSVO over te spreken. Het advies voor een elfjarige kan nu eenmaal leiden tot schoolwisselingen. Als het systeem vastzit, kan dat leiden tot onfortuinlijke situaties. Een brede school is dan de uitkomst. Het is belangrijk dat er meer zicht komt op

10

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

schoolwisselingen, onder andere op de categorale scholen. Soms komen kinderen die uitvallen in de tweede of de derde klas, niet meer op een goede plek terecht. De wethouder is het eens met het CDA dat de cijfers leidend moeten zijn. De staartverbeteringsprocedure heeft ertoe geleid dat kinderen met een laag lotnummer toch terechtkunnen op een school van hun eerste, tweede of derde keuze. De procedure maakt de uitkomst beter, maar het proces niet transparanter. De heer BOOMSMA vindt dat de staartverbetering slechts een klein effect heeft, en voor een beperkt aantal kinderen. Hij vraagt opnieuw om aan te geven wat de plaatsingskans per school is. Wethouder MOORMAN antwoordt dat die informatie er eerder nooit geweest is. Zij kondigt aan dat in het najaar van 2022, als gesproken worden over de mismatch, zo inzichtelijk mogelijk te maken. Mevrouw MOLEMA herhaalt haar vraag wat de wethouder concreet gaat doen om vraag en aanbod goed op elkaar te laten aansluiten. Wethouder MOORMAN deelt mee dat zij weinig kan doen op dat gebied. Het is op de eerste plaats een verantwoordelijkheid van de schoolbesturen. Alles wat de gemeente doet, zoals de financiering van ELK en het aanjagen van de schoolbesturen, is extra. De bevoegdheden van de gemeente zijn beperkt.

Mevrouw YEMANE vindt dat, als verschillende leerlingen met verschillende achtergronden samen opgroeien, dat ten goede komt aan de samenleving binnenstad. Wethouder MOORMAN is het daar hartgrondig mee eens. De heer VON GERHARDT herhaalt zijn vraag over broertjes en zusjes. Wethouder MOORMAN deelt mee dat haar jongste kind absoluut niet naar de school wil van haar oudste zus. Dat heeft ze vaker gehoord. De wethouder is voorstander van minder voorrangsregels. Bij bijvoorbeeld Dalton- en Montessorionderwijs is er sprake van voorrang. Dat is niet goed. De keuze wordt al op de tweede verjaardag van het kind gemaakt. Met minder voorrangsregels krijgen de kinderen meer kansen. Mevrouw KABAMBA vindt dat het mogelijk moet zijn om door te stromen naar hetzelfde type school. Kinderen aarden nu eenmaal beter in een bepaald type onderwijs, bijvoorbeeld het Montessorionderwijs. Zij herhaalt haar vragen of pesten zorgt voor verplaatsingen en of door schoolwisselingen plekken vrijkomen voor andere kinderen. Wethouder MOORMAN prijst de steun van de overheid en het speciaal onderwijs, zoals het Montessorionderwijs. Dat type onderwijs is niet geschikt voor elk kind, maar zij betwijfelt of je kunt zien of een tweejarig kind daarvoor geschikt is. Soms willen kinderen op een reguliere basisschool naar een Montessorischool. Zij moeten ook een kans krijgen.

De wethouder beaamt dat kinderen van school moeten kunnen wisselen als zij zich er niet veilig voelen. De huidige situatie is echter niet transparant. Daarover wordt nu met het OSVO gesproken. Zij zegt toe de raad daar in het najaar van 2022 met een brief een update over te geven. De VOORZITTER stelt vast dat het onderwerp in de raad van september 2022 verder aan de orde zal komen. 39. Kennisnemen van moslimdiscriminatie met als moslimdiscriminatie

de raadsbrief Eindrapportage bijlage het eindrapport van het

actie-onderzoek actie-onderzoek

11

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

De heer KHAN vindt dat het gif van (staats)islamofobie de democratie bedreigt. De Nationale coördinator terrorismebestrijding en veiligheid heeft de gemeente geld en instructies gegeven om in moskeeën te infiltreren. Een wet in dit land discrimineert vierhonderd moslimvrouwen omdat ze een niqab dragen. Een donatie aan een moskee verhoogt de kans om op de fraudelijst van de belastingdienst terug te komen. Deze houding van de staat zet de burgerrechten van iedereen op een hellend vlak. De belastingdienst hield iedereen in de gaten met onwelwillende mening, ook bijvoorbeeld linkse activisten. Dat gaat richting een surveillancestaat. De heer Khan geeft verder een voorbeeld van iemand die geld overmaakte naar een familielid met dezelfde naam, die beschouwd werd als iemand die een aanslag had gepleegd. Hij moest veel vragen beantwoorden. Dat is etnisch profileren van de bank. Bovendien is het kwalijk dat de bank inzicht heeft in alle financiële transacties van iedereen. In de Verenigde Staten wordt door het verbieden van abortus al gesproken over talibanisering van de samenleving, terwijl het een actie is van de witte christenen. De heer Khan roept daarom op om de woorden zorgvuldig te kiezen. De heer BOOMSMA vindt taliban iets anders dan islam. Hij stelt voor om daar onderscheid tussen te maken. De heer KHAN heeft slechts een voorbeeld gegeven.

Zo wordt in de Verenigde Staten ook gesproken over het witte jihadisme. Al die termen hangen samen met het heersende beeld in het westen over de islam. De heer BOOMSMA vindt dat er aanleiding voor deze samenhang is. De heer Khan gebruikt zelf het voorbeeld van het boerkaverbod (een extreme uiting door bepaalde aantal vrouwen) als voorbeeld van islamofobie. De heer KHAN vindt dat de staat de rechten van groepen moet beschermen. Onderdrukking begint altijd in de marge. De (vrijwillige) klederdracht van deze vrouwen zou er niet toe moeten doen. In dit land is sprake van een religieuze vrijheid. Moslims onderling verschillen ook. Het is geen groep met een gezamenlijke opvatting. In het coalitieakkoord is opgenomen dat een aantal getekende akkoorden verder wordt uitgewerkt. Wanneer wordt de raad daarover geïnformeerd? De heer Khan merkt verder op dat de aangiftebereidheid van discriminatie laag is. Het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA) is vrijwel onbekend. Wat gaat het college daaraan doen en hoe worden de resultaten meetbaar gemaakt? Mevrouw NANNINGA zet vraagtekens bij de bijdrage van EMCEMO aan dit onderwerp. Die organisatie levert discriminatie op aanvraag. In het rapport wordt gesproken over discriminatie, intimidatie en achterstelling. Die zaken zijn volstrekt uit den boze. Het is volkomen terecht dat de wethouder dat verder uitwerkt.

Zij is het met de heer Khan eens dat de overheid haar woorden zorgvuldig moet kiezen. Zo bestaat islamofobie niet. Moslimdiscriminatie bestaat wel en dat moet bestreden worden. De heer KHAN ziet islamofobie als moslimracisme en niet als discriminatie. Veel mensen zijn islamitisch opgevoed, maar zijn niet gelovig. Ook kunnen mensen van een andere religie worden aangezien als moslims, bijvoorbeeld sikhs. Mensen beoordelen op basis van uiterlijkheden, is racisme. Mevrouw NANNINGA merkt op dat de islam geen ras is. Er kan dus geen sprake zijn van racisme. Etniciteit is iets anders dan religie. Zij beaamt dat de islam, net als ieder ander geloof, een discriminatiegrond is. Mevrouw AHMADI beaamt dat islamofobie een onzinterm is. Je kunt geen fobie hebben tegen mensen die je niet kent. Er is wel sprake van moslimhaat, haat tegen mensen met een bepaald kenmerk.

12

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Mevrouw NANNINGA is het daarmee eens. Zij maakt verder verschil tussen huidskleur en geloof. Moslimdiscriminatie moet worden aangepakt, maar spot en hoon op een ideologie moet mogelijk zijn. Onder het mom van islamofobie wordt getornd aan de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van expressie. Films worden uit de roulatie gehaald en kranten zijn bang om cartoons te publiceren. Zij vraagt om een bespiegeling van de wethouder, die ook wethouder van cultuur is. Er is geen recht om niet gekwetst te worden. Het benoemen van de zwarte kant van de islam is geen discriminatie. Daarvoor hebben organisaties als de moslimbroederschap de term islamofobie uitgevonden. Mevrouw AHMADI benadrukt de vele vooroordelen in de samenleving die het recht van mensen aantasten. Mensen worden gediscrimineerd, alleen maar omdat ze gezien worden als moslim. Vrijheid van meningsuiting gaat echter niet boven het recht van mensen om een menswaardig bestaan te leiden. Die grenzen zijn in Amsterdam al lang overschreden. Mevrouw NANNINGA beaamt dat veel wordt geschreven over moslims die worden gediscrimineerd. Zij vindt echter dat dat wel meevalt. Zij is het er verder niet mee eens dat vrijheid van expressie niet mensen mag kwetsen. De grens is dat je mensen bedreigt. Mevrouw AHMADI vindt dat de grens ligt bij het creëren van een giftig klimaat, waarin mensen zich niet meer veilig voelen.

Dat is inmiddels het geval. Mevrouw NANNINGA is van mening dat een dergelijke grens niet bestaat. Daar kom je ook niet ver mee bij de rechter. Mevrouw BENTEMOUYA ziet uit naar de reactie van mevrouw Nanninga op het rapport over moslimdiscriminatie. In haar bijdrage relativeert ze dit probleem. Wat is haar oplossing voor deze vorm van discriminatie? Mevrouw NANNINGA antwoordt dat er allerlei plannen van aanpak zijn opgesteld voor onder andere antisemitisme. Daar schaart haar fractie zich achter met uitzondering van het voorkeursbeleid bij de inhuur van mensen. De fractie is wel voorstander van anoniem solliciteren. Mevrouw BENTEMOUYA vraagt mevrouw Nanninga naar oplossingsrichtingen voor deze problematiek. Mevrouw NANNINGA schaart zich achter de voorgestelde aanpak. Zij bestrijdt dat zij de problematiek relativeert. Zij brengt slechts een scheiding aan tussen de kritiek op het geloof en discriminatie op basis van huidskleur. Kritiek op een geloof, welk geloof dan ook, moet mogelijk zijn. De heer KHAN is benieuwd of JA21 onderscheid maakt tussen de islam en de extreme vormen daarvan. In haar verkiezingsprogramma staat dat de islam in het algemeen een problematische relatie heeft met de Nederlandse waarden. Daarmee creëert de fractie een angstbeeld voor de islam en worden de rechten van moslims ondermijnd.

In het verkiezingsprogramma staat ook dat ambtenaren islamitische scholen moeten controleren. Is dat niet in strijd met de grondwet? Mevrouw NANNINGA merkt op dat met deze ideologie verschrikkelijke dingen worden gerechtvaardigd, maar dat wil absoluut niet zeggen dat alle moslims dat doen. Zij beaamt dat de normen en waarden van de islam moeilijk verenigbaar zijn met de vrije westerse normen en waarden. Dat wil niet zeggen dat mensen hun geloof niet mogen uitoefenen. Verder, als daartoe aanleiding is, moeten scholen gecontroleerd worden. Dat geldt ook voor de katholieke scholen waar in het verleden verschrikkelijke dingen met kinderen zijn gebeurd en bijvoorbeeld de informele weekendscholen waar vreemde antiwesterse

13

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

zaken worden verteld, bijvoorbeeld over de scheiding tussen man en vrouw. De (uitwassen van de) islam creëert zelf een angstbeeld. Mevrouw BENTEMOUYA merkt op dat in het Westen met al zijn vrijheden bijvoorbeeld abortus wordt verboden en vrouwen niet in een boerka mogen lopen. Mevrouw NANNINGA legt uit dat abortus in de Verenigde Staten niet verboden is; het staat Staten vrij om dat toe te staan. Niettemin vindt zij het besluit onwenselijk. Zij vindt dat het Westen gezonder omgaat met allerlei vrijheden bijvoorbeeld op het gebied van homorechten, godsdienstvrijheid et cetera. De islamitische landen liggen daar ver op achter. Mevrouw BOUHASSANI benadrukt dat de PvdA staat voor een inclusieve stad en diversiteit omarmt. Iedereen moet mee kunnen doen en de gelegenheid krijgen om zichzelf te ontplooien. Daarom moet iedere vorm van discriminatie worden tegengaan. Eerder is een islamitisch akkoord opgesteld met een aantal speerpunten, zoals het tegengaan van alle vormen van moslimdiscriminatie vooral op de arbeidsmarkt. Spreekster ziet in haar omgeving veel discriminatie op basis van uiterlijkheden. Iedereen moet vrij zijn om zich bijvoorbeeld op zijn eigen manier te kleden. De PvdA heeft daar de volgende vragen over.  Veel vrouwen worden gediscrimineerd vanwege hun hoofddoek. Wordt dit apart geregistreerd en zijn de vrouwen bereid om dergelijke zaken te melden? 

Wat wordt er gedaan om de moslimhaat bij onder andere de politie aan te pakken?

Mevrouw BENTEMOUYA merkt veel gif in deze maatschappij. Ook zij kent voorbeelden van mensen die hun dagelijkse leven worden belet om zichzelf te zijn en vrij en veilig te leven op basis van hun geloof. Dat is onacceptabel. Dat vraagt om onderzoek, maar ook om actie. Zij heeft een aantal vragen over het onderzoek, onder andere naar aanleiding van haar persoonlijke ervaringen.  Medewerkers van de gemeente die belast zijn met het onderwerp hebben te weinig kennis van islamofobie en moslimdiscriminatie en kunnen daardoor onvoldoende het gesprek erover aangaan. Hoe duidt het college deze uitspraak? Wordt er al gebruikgemaakt van ervaringsdeskundigen? 

Er zijn vele uitingen van islamofobie. In hoeverre is het gemeentelijk beleid intersectioneel en gendersensitief?

Welke manier staat de gemeente in contact met de verschillende islamitische organisaties?

De heer GARMY vindt het goed dat het onderzoek is uitgevoerd en dat het college dit onderwerp als prioriteit ziet. Discriminatie is een groot probleem in deze stad. Het lukt nog niet goed om dit aan te pakken. De aanbevelingen in het onderzoek bieden echter perspectief. Aan welke aanbeveling geeft het college de hoogste prioriteit? Worden alle aanbevelingen overgenomen? Is het college tevreden over de opzet en de uitkomsten van het onderzoek? Hoe hangt dit samen met het islamitisch akkoord? Mevrouw AHMADI vindt ook dat dit probleem de maatschappij vergiftigt. Er wordt al veel gedaan aan vrouwenemancipatie, maar daarbij worden de islamitische vrouwen vergeten. Zij worden op religieuze gronden gediscrimineerd. Op welke manier kan dat worden aangepakt? Zij vraagt onderzoek naar de eigen vooroordelen van de overheid. Zo was een donatie aan een moskee een reden om op een lijst met fraudeurs te worden geplaatst. Alle instellingen in Nederland moeten zich bewust zijn mogelijke vooroordelen. Mevrouw AHMADI vraagt om organisaties zoals Speak Easy Solutions te betrekken bij het uitvoeren van dit beleid om deze vorm van haat tegen te gaan en stelt

14

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

voor om een platform in te stellen dat zorg draagt voor mensen die te maken hebben met discriminatie. De heer NIJSSEN schrok van de resultaten van het onderzoek, vooral van de persoonlijke opmerkingen. Zo vinden jongeren met een migratieachtergrond moeilijk een stageplek. Een stage is een kickstart om carrière te maken in de maatschappij. Wat kan de gemeente daaraan doen? Mevrouw LUST merkt op dat er voorafgaand aan dit onderzoek onderzoeken zijn uitgevoerd naar lhbti-discriminatie, antizwartracisme en antisemitisme. Het zijn pijnlijke en lelijke problemen. Veel Amsterdammers worden erdoor geraakt. D66 heeft er de volgende vragen over.  De vorige wethouder zou een gesprek entameren met de driehoek naar aanleiding van de uitkomsten van dit actieonderzoek. De burgemeester zou daarbij aandacht vragen voor het apart registreren van moslimdiscriminatie. Wat waren de uitkomsten van dat gesprek? Welke acties zijn ondernomen om deze vorm van discriminatie in kaart te brengen en te bestrijden? 

Een doelstelling van het actieonderzoek was het versterken en structureren van overleg en het afstemmen met OM, politie en MDRA. Op welke manier is dit vormgegeven?

Er is eerder gesproken over een besloten bijeenkomst, samen met de onderzoekers, MDRA en de politie. Die moest door corona verplaatst worden naar de lente van 2022. Heeft die bijeenkomst plaatsgevonden en wat waren de uitkomsten?

De vier actieonderzoeken zouden uitmonden in een website met tools die maatschappelijke organisaties kunnen inzetten ter bestrijding van discriminatie. Wanneer wordt deze toolkit gelanceerd?

Voor wethouder MELIANI is het moslim zijn – slechts – een culturele aangelegenheid. Ze gaat alleen mee in de rituelen. De uitkomst van het onderzoek is dat iedereen uitziet naar een betere en gezonde stad. Niemand wil geweld, uitsluiting of discriminatie. Het is een goed onderzoek. Het komt vanuit de gemeenschap. Het is goed om allianties aan te gaan. Een van de programmalijnen is de Verbonden stad. Mevrouw Nanninga vroeg om onderscheid te maken tussen het geloof en de problemen die daarmee gepaard gaan als uitsluiting, discriminatie en geweld. Daar zal nog vaak over worden gesproken. De vorige wethouder was van mening dat er te weinig contact was tussen de verschillende groepen in de stad. Dat leidde tot discriminatie. Het onderzoek heeft al geleid tot een aantal acties. Er is echter nog geen sprake van een integraal beleid. De wethouder stelt voor om samen met de fracties vorm te geven aan een beleidskader voor de periode van drie jaar met aandacht voor antidiscriminatie en de specifieke groepen in de stad. Zo ervaren gesluierde vrouwen vaak veel problemen. Het is echter niet mogelijk om meldingen op dit gebied apart te volgen, er heeft namelijk nooit een nulmeting plaatsgevonden. Zij stelt voor om MDRA daar opdracht toe te geven. Er is inderdaad sprake van verschillende akkoorden, waar de PvdA over sprak. Die worden meegenomen in het eerder aangekondigde beleidskader.

In de vorige periode is aandacht geweest voor moslimhaat tegen vrouwen en meisjes. De wethouder stelt voor om ook dit verder vorm te geven in dat beleidskader. Zij beaamt dat ook in de gemeentelijke organisatie discriminatie plaatsvindt. Daar is binnen de bestuursopdracht Inclusiviteit aandacht voor. Daarvoor worden nu mensen opgeleid. Ook in de gemeentelijke organisatie moet geloof een plek krijgen. Dat kost echter tijd. Mevrouw NANNINGA wil weten waarom geloof een plek moet krijgen in de gemeentelijke organisatie.

15

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Wethouder MELIANI merkt op dat veel mensen, ook die werkzaam zijn in de gemeentelijke organisatie, geloven. Het voelt niet veilig als zij daar niet over mogen spreken, bijvoorbeeld als zij een dag vrij willen hebben om een bijeenkomst bij te wonen. Ook is het goed dat het bekend is dat verschillende mensen verschillende geloven hebben. Daar kan dan vervolgens rekening mee worden gehouden. Je moet niet doen alsof dat niet bestaat. Je moet in het beleid rekening houden met gevoeligheden op dat gebied. Mevrouw NANNINGA is het ermee eens dat je beleidsmatig rekening moet houden met geloven, maar vindt ook dat je geloven thuis moet doen. Wethouder MELIANI vindt dat je met het opstellen van beleid rekening moet houden met de verschillende geloven in de stad. Mevrouw AHMADI vindt dat gelovigen over hun geloof mogen spreken en daar ook naar mogen handelen, zoals bidden in openbare ruimten. Wethouder MELIANI herhaalt dat medewerkers meer kennis moeten krijgen van de verschillende geloven, zodat ze weten met wie ze te maken hebben en elkaar beter begrijpen. De heer KHAN herhaalt zijn verzoek om exacte definities, gezien het verschil tussen discriminatie en racisme. Dat moet goed in het beleidskader worden uitgewerkt. Wethouder MELIANI stelt voor om dit samen met de raad te bespreken bij de bespreking van het beleidskader.

Zij zegt toe dit ook met alle betrokken organisaties te bespreken. De heer KHAN stelt voor om over het verschil tussen discriminatie en racisme een technische sessie te organiseren. De VOORZITTER ziet dat daar belangstelling voor is, maar geeft eerst het woord aan de wethouder voor het vervolg van haar bijdrage. Wethouder MELIANI deelt mee dat het organiseren van een technische sessie een verantwoordelijkheid is van de raad. Het is aan het college om dat goed voor te bereiden. GroenLinks vroeg aandacht voor intersectionaliteit en gendersensitiviteit; een mens is echter meer dan een gender of iemand met een culturele achtergrond. Het college kijkt naar alle aspecten, onder andere ook naar de sociaaleconomische achtergrond. De wethouder is het ermee eens dat de zichtbaarheid van MDRA veel beter moet worden. De organisatie is al actief in verschillende wijken, maar zou zich meer over de stad kunnen verspreiden. Zij herhaalt dat de akkoorden nog verder worden uitgewerkt. De resultaten worden meegenomen in het beleidskader. De wethouder deelt mee dat werk wordt gemaakt van een aantal aanbevelingen. Daar wordt de raad in meegenomen. Zij zegt toe om de raad daarover een brief te sturen. D66 vroeg naar de resultaten van de bijeenkomsten die eerder gepland waren. In juni 2022 zijn verschillende vertegenwoordigers van MDRA, het OM en het maatschappelijke middenveld bijeengekomen.

De wethouder zegt toe de raad te informeren over wat daar besproken is. Ook de resultaten van die bijeenkomst worden meegenomen in het beleidskader. De website met de gevraagde informatie wordt waarschijnlijk over een aantal weken gelanceerd. Het overleg tussen het OM en onder andere de politie is een verantwoordelijkheid van de burgemeester. De wethouder kondigt aan de verzoeken hierover door te geleiden en de raad door middel van een brief te informeren. Discriminatie op de arbeidsmarkt en stages zijn onderwerpen binnen de lerarenagenda. Er bestaat al een aanpak gericht op stagediscriminatie, als onderdeel van arbeidsdiscriminatie. Daarbij werken de wethouders Diversiteit, Onderwijs en Economische zaken samen. Daarover spreken zij met onderwijs en WPI (Werk Participatie en Inkomen).

16

Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie

TAR

Concept Raadscommissieverslag, 30 juni 2022

Mevrouw NANNINGA herhaalt haar vraag hoe de wethouder het vrije woord en cultuuruitingen wil beschermen tegen aanvallen daarop vanwege vermeende religieuze gekwetstheid. Zo is in Engeland een film puur met een beroep op islamofobie en dreiging met straatterreur verboden. Dat is censuur. Mevrouw BOUHASSANI herhaalt haar vraag wat er bij de politie en het OM wordt gedaan om discriminatie van moslims aan te pakken. Mevrouw BENTEMOUYA is benieuwd naar een antwoord op haar eerdere vraag over de inzet van ervaringsdeskundigen. De heer GARMY stelt voor om in de gevraagde technische sessies ook acties definiëren. Hij stelt ook voor om later onderzoek te doen naar de opvolging van de aanbevelingen. Mevrouw AHMANI herhaalt haar verzoek om slachtoffers van discriminatie zorg te verlenen. Zij stelt voor om het beleid om joodse instellingen te beveiligen, ook toe te passen op instellingen bij moskeeën. Zij stelt verder een campagne voor waarin persoonlijke verhalen over discriminatie ruimte krijgen. Mevrouw LUST vraagt om uitleg over de opmerking van de wethouder dat het bij de politie ingewikkeld ligt om moslimdiscriminatie apart te registreren. De VOORZITTER merkt op dat technische sessies door het college worden aangeboden. Het college moet daar dan ook het initiatief toe nemen als daar behoefte aan is. Zij stelt voor dat de wethouder dat met de woordvoerders afstemt.

Mevrouw NANNINGA vindt het geen technisch onderwerp; het is een politiek debat. Zij maakt dan ook bezwaar tegen een technische sessie over intersectionaliteit. Het is een politieke ideologie. Het onderwerp moet dan ook in de commissie worden besproken. De heer KHAN bestrijdt dat hij gevraagd heeft om een technische sessie over intersectionaliteit. Hij wil met de sessie de kennis van de verschillende begrippen verbeteren om semantische discussies in de toekomst te vermijden. De VOORZITTER stelt voor om later te onderzoeken of er voldoende belangstelling is voor een dergelijke technische sessie. Wethouder MELIANI gaat in op de vraag van JA21 over de vrijheid van meningsuiting. Zij vindt dat mensen zich moeten kunnen uiten, zeker in de kunst maak ook over het geloof. De grens ligt bij discriminatie en het aanzetten tot geweld, maar is soms moeilijk te bepalen. Zij geeft het voorbeeld van een optreden van een man waardoor veel vrouwen zich gekwetst hebben gevoeld, maar trekt de woorden na een reactie van mevrouw Nanninga (de man is niet veroordeeld) in. Ook de wethouder is geschrokken van het terugtrekken van de film. De PvdA heeft gevraagd om de kennis bij de politie en het OM over islamofobie te verbeteren. De wethouder kondigt aan dit verzoek door te geleiden naar de burgemeester.

Dat het moeilijk is om moslimdiscriminatie apart te registreren, een vraag van D66, is omdat al in 2019 besloten is om dat niet meer apart te registreren. Dat was een keuze van de politie zelf. Ook dit zal zij met de burgemeester bespreken. Mevrouw LUST meldt dat bij de politie wel lhbti-incidenten apart worden geregistreerd. Het apart registreren van moslimdiscriminatie is een politieke keuze, maar brengt de situatie wel goed in beeld. Dat maakt de stap van slachtoffers om naar de politie te gaan wellicht gemakkelijker. Wethouder MELIANI beaamt dat dit inderdaad eerder apart werd geregistreerd. De politie is daarmee gestopt en zou het op een andere manier gaan doen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11766349/1