Concept verslag TAR 29.06.2022.pdf
Tekst van het document
Er wordt al veel samengewerkt in netwerkverbanden met de stadsdelen, sleutelfiguren en bewonersorganisaties. De netwerkaanpak rond regenbestendigheid draait vooral om bewustwording en daar zijn veel kleinere organisaties bij betrokken. Het aantal foutaansluitingen is alleen in te schatten op grond van landelijke kengetallen. Onderzoek vindt plaats op basis van meldingen. Foutaansluitingen blijken niet 100% te voorkomen te zijn. Zij zal laten uitzoeken hoe het zit met de capaciteitsproblemen en waar de grote vervangingsopgave precies op is gebaseerd. Zij zegt het ongeduld van mevrouw Van Renssen te begrijpen en stelt voor haar vragen schriftelijk te beantwoorden, juist omdat ze die serieus wil behandelen. Zij deelt haar zorgen of de stad wel op tijd voorbereid zal zijn op extreem weer. In deze kwetsbare stad is een goede voorbereiding op klimaatverandering urgent, maar ook ontzettend ingewikkeld. Zij hoopt op veel samenwerking rond dit belangrijke onderwerp. De VOORZITTER concludeert dat er – indien mogelijk voor de raadsvergadering - nog een brief komt met antwoorden op openstaande vragen. Zij constateert dat de voordracht voor een middellange bespreking wordt doorgeleid naar die raad. Zij schorst de vergadering om 12.30 uur tot 13.30 uur.
18
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:
TAR
CONCEPT Openbare vergadering van de Tijdelijke algemene raadscommissie, Woensdag 29 juni 13.30 tot 17.00 uur in de raadszaal
Voorzitter: mevrouw Van Pijpen en mevrouw Nanninga (agendapunten 34, 35 en 36) Portefeuillehouders: wethouder Van Dantzig, wethouder Meliani, wethouder Rijxman en wethouder Groot Wassink Commissiegriffiers: mevrouw Ter Braak, mevrouw Diemont, mevrouw Van Klooster en de heer Willems Verslaglegging: mevrouw Vernooij (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: mevrouw Ahmadi (BIJ1), mevrouw Alberts (SP), de heer Belkasmi (PvdA), de heer Van Berkel (JA21), de heer Bobeldijk (SP), de heer Boomsma (CDA), de heer Garmy (Volt), de heer Von Gerhardt (VVD), de heer Van Haarlem (FvD), de heer Hijlkema (VVD), mevrouw De Jager (D66), de heer De Jong (JA21), mevrouw Kabamba (BIJ1), mevrouw Krom (Partij voor de Dieren), mevrouw Nanninga (JA21), mevrouw Van Pijpen (GL), mevrouw Van Renssen (GroenLinks), mevrouw Rooderkerk (D66), de heer Runderkamp (PvdA), de heer Van der Veen (GroenLinks), en mevrouw IJmker (GroenLinks) Afwezige commissieleden: Overige aanwezigen: de heer Vink (db stadsdeel Zuid bij agendapunt 20)
De VOORZITTER heropent de vergadering om 13.30 uur. De agendapunten 25, 27, 31, 32 en 33 worden doorgeschoven naar 30 juni. Agendapunten 18,19 en 21, 23, 24 worden gehamerd. In verband met de aanwezigheid van de heer Vink (db stadsdeel Zuid) wordt agendapunt 20 als eerste punt behandeld. Ruimtelijke Ordening (Vervolg) 16. Vaststellen bestemmingsplan Draka Terrein Hamerkwartier Nr. VN2022-016032 Eerste termijn De heer BOOMSMA is benieuwd waarom het bestemmingsplan voor dit terrein zo lang heeft geduurd en wat de status van het plan is. Worden de ventilatiesystemen die geïnstalleerd moeten worden, al elders gebruikt? De heer Boomsma heeft twijfels over de inrichting en over de stedenbouwkundige visie die stelt dat vorm functie volgt. Onder dit mom zijn in de twintigste eeuw talloze lelijke gebouwen neergezet. Het is hem niet duidelijk waarom in dit plan staat dat er lelijke gebouwen gerealiseerd zullen worden. De heer HIJLKEMA heeft begrepen dat Albemarle er zelf niet helemaal gerust op is hoe het bestemmingsplan uitpakt. Wat zijn de juridische risico’s en wordt het bedrijf
19
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
ingekapseld of wordt geanticipeerd op het feit dat het bedrijf Amsterdam op termijn zal verlaten? Op dit moment is al sprake van negatieve exploitatie van de grond. De vraag is wat het effect is van het niet bouwen van de woontorens het dichtst bij het industrieterrein. Mevrouw KROM memoreert dat de PvdD al eerder kritiek heeft geuit op de plannen voor dit gebied. Helaas lijkt in deze plannen nog altijd veel te weinig groen gepland waardoor de groennorm niet wordt gehaald. PvdD heeft al vragen gesteld over het Hamerkwartier. In de eerste fase van het Hamerkwartier wordt maar liefst 87% van het ecosysteem groen op daken, gevels en kavels gepland in plaats van de 25%. Volgens PvdD mist ook nog 24270 m2 ecosysteem groen in de openbare ruimte in de eerste fase. Kan de wethouder bevestigen dat het college zich inderdaad niet aan de groennorm houdt? En zo ja, hoe gaat het college dit rechtzetten? Kan hij uitleggen waarom geen rekening is gehouden met de eis die wordt gesteld in de referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen? Is het college vaker nalatig geweest in het naleven van de eigen groennormen in gelijksoortige projecten? Wethouder VAN DANTZIG zegt dat wordt gesproken met Albemarle, maar het is niet aan hem om juridische uitspraken te doen. Er is zelfs nog wat ruimte voor het bedrijf om uit te breiden. Vooralsnog is de indruk niet dat het bedrijf wordt weggeduwd.
In het coalitieakkoord staat duidelijk dat het college met een nieuwe groensport- en speelnorm zal komen, omdat dit met betrekking tot het steeds verder inklinken van de stad noodzakelijk wordt geacht. Dit zal zeker betekenen dat er meer groene daken komen en dat het nodig is om meer groen op straten neer te leggen. Amsterdam voldoet aan de hoogbouwvisie waarbij een aantal architectonische accenten wordt aangegeven. Dit betekent niet per definitie dat de rest lelijk wordt, maar elders wordt de hoge architectonische waarde wel minder geschikt geacht. Als alles met architectonische state of the art wordt gebouwd, betekent dit een ander kostenplaatje waardoor de realiseerbaarheid afneemt wat uiteindelijk lijkt tot een minder renderende grondexploitatie. Tweede termijn Mevrouw KROM meent dat op het moment dat de bestemmingsplannen werden gemaakt, de groennormen nog van toepassing waren. Groen is overigens geen luxe, maar noodzaak voor het welzijn van de mens en het behoud van de biodiversiteit. Zij vraagt zich af waarom groen als eerste sneuvelt. De heer BOOMSMA moedigt de wethouder aan om goed met Albemarle te overleggen om juridische procedures te voorkomen. Hij vraagt zich af waarom het gebied zo lang braak heeft gelegen. Zijn idee was dat het bestemmingsplan in strijd was met de hoogbouwvisie.
Het woord lelijk staat letterlijk in de stukken en de vraag is waarom er lelijk gebouwd zou moeten worden. Wethouder VAN DANTZIG beaamt dat het nooit een doel moet zijn om evident lelijk te bouwen. In algemene zin heeft hij niet het idee dat het Hamerkwartier een gebied is waar het erg spaak is gelopen. Hij sluit niet uit dat per kavel moet worden afgewogen wat wenselijk is. Groennormen worden wel degelijk gehaald, maar het zal overal passen en meten worden. Het doel blijft om zo betaalbaar, duurzaam en groen mogelijk te bouwen. Tegelijkertijd wordt getracht om het allemaal te realiseren en ideeën om zaken groener te realiseren, zijn altijd welkom. De VOORZITTER concludeert dat het om een korte bespreking in de gemeenteraad zal gaan. 17.
20
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Vaststellen bestemmingsplan ‘Winkeldiversiteit Centrum 2’ en gedeeltelijke intrekking van het voorbereidingsbesluit ‘Winkeldiversiteit Centrum 2’ Nr. VN2022-015976 Mevrouw VAN RENSSEN vraagt of in dezelfde sfeer van dit bestemmingsplan iets kan worden gedaan voor de aanloopgebieden naar de binnenstad. Ook hier verschijnt namelijk steeds meer monocultuur. De heer HIJLKEMA vraagt in hoeverre de controles inmiddels zijn afgerond en hoeveel herkwalificatie van winkels heeft plaatsgevonden. Welke nieuwe functies hebben zich het afgelopen jaar op deze adressen gemeld? De heer BOBELDIJK zegt dat ook de SP blij is met het bestemmingsplan waarmee meer grip wordt gekregen op de winkeldiversiteit. Hij informeert naar het verband tussen het wegbestemmen van een coffeeshop, volgens een inspreker, en een opmerking van de wethouder over correctie. Mevrouw KAMAMBA wil graag geïnformeerd worden over de nooduitgang die wordt wegbestemd in relatie tot veiligheid. Wethouder VAN DANTZIG zegt dat de kwestie met betrekking tot de coffeeshop berust op een misverstand. Dit is correct opgenomen in het bestemmingsplan. Informatie met betrekking tot de nooduitgang volgt schriftelijk. Een overzicht van winkels die het niet hebben gered als toeristenwinkel en een overzicht van de nieuwe bestemmingen wordt schriftelijk nagestuurd. De wethouder meent dat informatie over hercontroles in de stukken staan.
Als dit niet het geval is, zal deze ook worden nagestuurd. De wethouder zegt toe om tijdens het portefeuillehoudersoverleg na te vragen wat ruimtelijk nodig is voor de leefbaarheid van de aanloopgebieden. Mevrouw KAMAMBA vraagt of het misverstand met betrekking tot de coffeeshop betekent dat de nooduitgang gewoon kan blijven bestaan. Wethouder VAN DANTZIG bevestigt dit. De VOORZITTER wijst erop dat de gewijzigde stukken via de dagmail zijn verspreid. De VOORZITTER concludeert dat de verwachting is dat onderwerp kort zal worden besproken in de raad. 20. Vaststellen bestemmingsplan Museumkwartier – Valeriusbuurt 2022 Nr. VN2022-017044 Eerste termijn Mevrouw VAN RENSSEN weet dat het al sinds lange tijd een wens van de bewoners en gebruikers van het gebied is om het bestemmingsplan opnieuw vast te stellen. Het is een compliment waard dat het nu behandeld wordt, twaalf weken na terinzagelegging. Dit geldt ook voor het uitgebreide onderzoek naar de binnentuinen, waarbij de diepte van de tuinen leidend is geweest. Kan in het kader van de algemene afwijkingsbevoegdheid ook worden afgeweken met 2 m. van de maximale bebouwingsoppervlakte bij waardevolle binnentuinen en de bijgebouwregeling van 2,5 m.? De achterkant van de winkelgebieden aan de P.C. Hoofstraat zouden volledig bebouwd mogen worden. De noodzaak en relevantie hiervan ontgaat mevrouw Van Renssen.
21
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Klopt het dat het de bedoeling is geweest om in het hele paraplubestemmingsplan grondwaterneutrale kelders integraal mee te nemen? Is het mogelijk om bij orde 3 panden en bij basisordepanden bescherming op te nemen? Het zou mooi zijn om vooruitlopend op nieuwe evenementen op het Museumplein beleid hierover op te nemen in het bestemmingsplan. Heeft het college hier ideeën over? Een laatste vraag is of de kruimelgevallenregeling van stadsdeel Zuid wordt aangepast. De heer HIJLKEMA concludeert dat rederij Lovers het kassahuisje is verloren in coronatijd. In het nieuwe bestemmingsplan is dit gecorrigeerd, maar zijn er meer voorbeelden van bestemmingen die naar aanleiding van corona verloren zijn gegaan? De heer BOBELDIJK weet dat is gecommuniceerd naar mensen dat dit onderwerp voor 30 juni stond geagendeerd en hij heeft begrepen dat mensen hierdoor niet hebben kunnen inspreken. Hij vraagt zich af of het bestemmingsplan klaar is voor besluitvorming, omdat er voorbeelden zijn dat wijzigingen niet zijn verwerkt in het bestemmingsplan, maar door de raad gecorrigeerd kunnen worden via een amendement. Ook mist hij de reactie op het stadsdeeladvies in de beantwoording van de zienswijze over de afwijkingsbevoegdheid en over het aantal toe te laten evenementen op het Museumplein.
De VOORZITTER licht toe dat er maximaal drie insprekers per agendapunt mogelijk zijn en in dit kader maakt het niet uit dat de bespreking vandaag plaatsvindt en niet morgen. De heer BOBELDIJK wijst erop dat in een e-mail specifiek werd verwezen naar de termijn en hierin stond dat dit onderwerp voor 30 juni stond geagendeerd. De VOORZITTER stelt dat het maximale aantal insprekers bij dit agendapunt heeft ingesproken. De heer BOOMSMA verwijst naar de sloop van panden met basisorde in de Van Eeghenstraat. Zijn vraag is in hoeverre is geborgd dat dit in het vervolg wordt voorkomen. Volgens hem moet hiervoor wel degelijk een sloopvergunningstelsel in dit gebied worden ingesteld voor orde 3 of basisorde panden. Hoe verhoudt wat nu wordt vastgesteld, zich tot het beschermde stadsgezicht en wanneer wordt het geïmplementeerd? Wat is de status van het vaststellen van de ordewaarderingskaart? Aan beschermde panden zouden veel meer eisen gesteld moeten worden waardoor niet de achter- of zijkant kan worden gesloopt. In het bestemmingsplan staan fouten waarop door bewoners is gewezen. Wethouder VAN DANTZIG vindt het belangrijk dat een bestemmingsplan met een stadsdeelbestuurder wordt besproken, zodat een dergelijk plan lokaal wordt voorbereid.
Het zou niet verstandig zijn om de afwijkingsbevoegdheid volledig af te wijzen en het heeft de voorkeur om de ordes te wijzigen in plaats van het vergunningenstelsel, mede omdat in het laatste geval een dekkingsvoorstel noodzakelijk zou zijn. In het specifieke geval van de Van Eeghenstraat zal het college zo spoedig mogelijk met beleid komen. De wethouder komt later terug op de motie van CDA die vraagt om een herwaardering. De heer BOOMSMA heeft niet verzocht om alle panden tot orde 2 te verklaren. Wel is hij benieuwd hoeveel panden orde 3 of basisorde zijn waarvoor vergunningen worden aangevraagd. Hij kan zich niet voorstellen dat er zoveel sloopvergunningen worden aangevraagd. Wethouder VAN DANTZIG licht toe dat op deze manier de panden conform een beleidsregel worden ingedeeld in basisorde, orde 3, orde 2 en hoger. Dit wordt gedaan op basis van kenmerken. De wethouder begreep dat de heer Boomsma verzocht om
22
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
sloopvergunningen voor orde 3 panden noodzakelijk te maken en dit zal capaciteit van VTH (Vergunningen, Toezicht en Handhaving) vragen die al zeer beperkt is. De heer BOOMSMA heeft anderhalf jaar geleden een amendement ingediend om de capaciteit bij Monumenten en Archeologie uit te breiden en dit is niet aangenomen. Hij vraagt om hoeveel vergunningen het zou gaan. Volgens hem hebben de meeste panden in het gebied al een orde 2, 1 of de status van monument. Wethouder VAN DANTZIG weet niet hoeveel plannen er zijn om te slopen. Een vergunningsplicht moet uitgevoerd en gehandhaafd worden en hij heeft aangegeven dat de capaciteit bij VTH al behoorlijk onder druk staat. Het zou verstandiger te zijn om naar de panden en naar de monumentale waarde te kijken. De heer BOOMSMA vraagt hoeveel sloopvergunningen de afgelopen twee jaar zijn aangevraagd voor panden met ordewaardering 3 of lager. Wethouder VAN DANTZIG herhaalt dat een dergelijke vergunning niet noodzakelijk is, dus zijn deze ook niet aangevraagd. Hij weet niet hoe vaak er is gesloopt. Mevrouw VAN RENSSEN denkt dat het in de meeste gevallen om bouwplannen gaat waarmee wel een vergunning wordt aangevraagd om te bouwen, een sloopvergunning zou in dit geval nauwelijks extra capaciteit kosten. En ook bij de Omgevingswet worden welstand en monumenten ongeveer door dezelfde mensen beoordeeld.
Sinds december 2018 wordt al gevraagd om beschermd stadsgezicht en dit is nog altijd niet gerealiseerd. Wethouder VAN DANTZIG beaamt dat altijd een Omgevingsvergunning moet worden aangevraagd en vaak wordt hierna gebouwd. Het college is voornemens om in het najaar 2022 met het voorstel beschermd stadsgezicht te komen. De geëigende weg om verschrijvingen in het bestemmingsplan te corrigeren, is door een zienswijze in te dienen. De heer BOBELDIJK begrijpt dat er wel eens iets mis kan gaan, zoals de wethouder stelt, maar hij wijst erop dat de zienswijze over verleende vergunningen binnen de gestelde termijn is ingediend en ook is aangegeven dat deze wordt verwerkt. Helaas is deze door een omissie niet verwerkt in het bestemmingsplan zelf. Volgens twee adviezen van verschillende advocatenkantoren betekent dit dat de gemeenteraad een andere bestemming voor de panden zou vaststellen dan in de beantwoording staat. Dit is wethouder VAN DANTZIG niet bekend. Juist vanwege de zorgvuldigheid is gepoogd om de termijn van de zienswijze aan te houden. Informatie die het tegendeel bewijzen, ontvangt hij graag. De heer BOBELDIJK vraagt of de e-mails die de gemeenteraad heeft ontvangen ook bij de wethouder terecht zijn gekomen. Wethouder VAN DANTZIG kent deze niet en hij verzoekt de heer Bobeldijk deze door te sturen.
Het nieuwe evenementenbeleid is nog niet stedelijk geëffectueerd en kan daarom niet in het bestemmingsplan worden opgenomen. De heer BOBELDIJK meent dat er eigenlijk geen antwoord is gekomen naar aanleiding van het advies van de stadsdeelcommissie over afwijkingsbevoegdheid en evenementen. Wethouder VAN DANTZIG zegt dat deze briefing in een voortraject is meegenomen en bij de stukken zou moeten zitten, maar desgevraagd kan deze worden toegezonden.
23
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Mevrouw VAN RENSSEN wijst erop dat dit betreffende stuk bij de ingekomen stukken van de stadsdelen staat (onder 1g). Wethouder VAN DANTZIG verzoekt mevrouw Van Renssen om zich met betrekking tot grondwaterneutrale kelders tot de ambtenaren te wenden. Mevrouw VAN RENSSEN heeft gevraagd of het paraplu bestemmingsplan grondwaterneutrale kelders een-op-een in het voorliggende bestemmingsplan is opgenomen. Wethouder VAN DANTZIG bevestigt dit. De heer VINK heeft het dossier sinds zeer recent overgenomen. De Nota van uitgangspunten van stadsdeel Zuid is vertaald in het bestemmingsplan dat hiermee het sluitstuk is. Met het vaststellen van dit bestemmingsplan kunnen vergunningen worden tegengehouden in het kader van de bouwdynamiek - de druk op de buurten is groot – en ervoor zorgen dat de ruimtelijke kwaliteit overeind blijft. Tegelijkertijd is het niet wenselijk om de buurt op slot te zetten voor mensen die iets aan hun woning willen doen. Met dit bestemmingsplan is geprobeerd om de balans tussen een zekere dynamiek en het behouden van kwaliteit en het beperken van overlast te behouden. De uitbouw van woningen wordt met dit bestemmingsplan teruggebracht van 4 m. naar 2,5 m. Onderkeldingen worden beperkt doordat er een verplichte check is op de grondwaterstand waarbij de waterhuishouding niet verstoord mag worden.
Met alles in dit bestemmingsplan is geanticipeerd op het beschermde stadsgezicht. Eventuele aanvullende eisen kunnen worden gerealiseerd door een partiële herziening van het bestemmingsplan of met een paraplubestemmingsplan alsnog de aanvullende bescherming bieden. Voor de tuinen is bepaald dat nog slechts de helft versteend mag zijn. Wanneer iemand iets aan de woning wil doen, moeten de buren proactief worden geïnformeerd. Met het bestemmingsplan is het ophogen van woningen aan banden gelegd. De fouten waarop meerdere sprekers hebben gewezen, zijn inmiddels gecorrigeerd. Een voorbeeld hiervan was het kassahuisje. In de meeste gevallen is er geen ruimte om in binnentuinen bij winkels te bouwen. De heer BOOMSMA heeft een paar e-mails ontvangen waarin wordt gesteld dat de bestemming van een pand ongemotiveerd is veranderd tegen de huidige bestemming in. Voorbeelden zijn Paulus Potterstraat 42 en Honthorststraat 11. De heer VINK zegt dat het waarschijnlijk zo is dat degene die de heer Boomsma heeft gemaild met betrekking tot de Paulus Potterstraat het niet eens is met de bestemming, maar dat wat in het bestemmingsplan staat wel correct is. Of dit ook geldt voor de Honthorststraat zal hij uitzoeken. Op technische verduidelijkingen zal schriftelijk worden teruggekomen. De heer BOOMSMA heeft met betrekking tot de Paulus Potterstraat begrepen dat de wijziging niet is gemotiveerd.
De heer VINK meent dat degene die zich hierover heeft gemeld bij de heer Boomsma waarschijnlijk een verruiming van functies wenst en dit is niet wat het college voorstaat. De VOORZITTER stelt voor om eventuele fouten inventariseren waarna de gemeenteraad hierover schriftelijk wordt geïnformeerd.
24
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Wethouder VAN DANTZIG verzoekt om onduidelijkheden voor 1 juli a.s. aan te leveren. De heer BOBELDIJK zegt dat deze e-mails via de griffie zijn binnengekomen en hij adviseert om hier op te halen om welke berichten het gaat. Mevrouw VAN RENSSEN verzoekt om een overzicht van binnentuinen bij winkels die niet zijn volgebouwd. Zij pleit ervoor om hierover een bescherming op te nemen. De heer VINK stelt dat dit een omvangrijke klus is. De algemene afweging is in het bestemmingsplan opgenomen. De gevraagde informatie zal niet aangeleverd kunnen worden voor vaststelling van het bestemmingsplan. Wel kan de gemeenteraad hierover op een later moment worden geïnformeerd. Als er naar aanleiding hiervan reden is om actie te ondernemen, kan dit worden geagendeerd. Wethouder VAN DANTZIG wijst erop dat een dergelijk onderzoek wat betreft capaciteit ten koste zal gaan van andere zaken. Tweede termijn Mevrouw VAN RENSSEN heeft gevraagd of de algemene afwijkingsregeling bijvoorbeeld ook geldt voor de 50% verhardingsoppervlakte. Zij maakt graag gebruik van de ambtelijke ondersteuning met betrekking tot de grondwaterneutrale kelders. De heer BOOMSMA memoreert dat de gemeenteraad een motie heeft aangenomen om een sloopvergunning in te voeren voor alle historische panden. Hij zal met een voorstel komen om dit bestemmingsplan hiermee te amenderen.
In hoeverre is er zicht op historische interieurs? De heer VINK antwoordt op de vraag van mevrouw Van Ressen dat met 50%, 50% wordt bedoeld. Wethouder VAN DANTZIG realiseert zich dat er motie is aangenomen met betrekking tot de sloopvergunning. Tegelijkertijd kan worden geconcludeerd dat hiervoor in het coalitieakkoord geen dekking is opgenomen. De heer BOBELDIJK meent dat op het moment dat een vergunning wordt aangevraagd deze wordt gedekt door leges. Wethouder VAN DANTZIG stelt dat leges over het algemeen slechts voor 95% kostendekkend is. Het gat van 5% moet uiteindelijk worden gedekt. Wat bekend is over historische interieurs zal nagevraagd moeten worden bij Monumenten en Archeologie. De VOORZITTER concludeert dat het naar verwachting om een medium behandeling zal gaan in de raad. 21. Vaststellen bestemmingsplan Buiksloterham 6e herziening Nr. VN2022-018309 Agendapunt 21 wordt gehamerd.
25
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
22. Vaststellen van het bestemmingsplan “IJburg 1e fase kavel 124 II” Nr. VN2022018325 De heer BOOMSMA vraagt of het mogelijk is om een aantal ligplaatsen te realiseren voor woonboten. Wethouder VAN DANTZIG zou hiernaar moeten kijken. Hij komt terug met een overzicht of hij zal melden dat dit een omvangrijk onderzoek behoeft waarna de heer Boomsma zich kan beraden over een motie. De wethouder geeft de heer Boomsma in overweging dat het de voorkeur verdient om dit afzonderlijk te bekijken, zodat het bestemmingsplan kan worden vastgesteld. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp naar verwachting kort zal worden besproken in de raad. Grond en ontwikkeling 23. Gedeeltelijk opheffen geheimhouding op overeenkomst stadswarmtelevering Nr. VN2022-016631 Agendapunt 23 wordt gehamerd. Inkoop 24. Kennis te nemen van de Raadsinformatiebrief voortgang aanbeveling 2020-02 van ACAM en Rekeningencommissie incl. stand van zaken 12-maands 2021 onrechtmatigheid Nr. VN2022-018804 Agendapunt 24 wordt gehamerd. Mbo-agenda, Beroepsonderwijs en Toeleiding Arbeidsmarkt 25. Raadsinformatiebrief voortgang MBO Agenda en de uitvoeringsagenda’s JIKOP en Onderwijs-arbeidsmarkt schooljaar 2020-2021 Nr. VN2022-018579 Agendapunt 25 wordt doorgeschoven naar 30 juni a.s. Bouwen en Wonen 26.
Kennisnemen van de 1e kwartaalrapportage in 2022 over het Woningbouwplan 2018-2025 (met de stand van zaken per 31 maart 2022) Nr. VN2022-018562 Eerste termijn De heer VON GERHARDT heeft dit laten agenderen om te bekijken hoe de woningbouwambities er in Amsterdam voor staan en wat de wethouder moet doen om het woningbouwplan tot 2025 rond te krijgen. Op dit moment zijn er iets meer dan 29.000 woningen gebouwd en moeten er nog ruim 23.000 woningen komen tot 2025. Dit betekent dat er gemiddeld per jaar 7800 woningen gebouwd moeten worden om de ambitie te halen. In het coalitieakkoord staat dat er 7500 woningen per jaar worden gebouwd, maar aangezien Amsterdam achterloopt op de ambitie hoopt de heer Von Gerhardt dat dit aantal
26
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
de komende jaren wordt verhoogd naar minimaal 7800 woningen. Hij zou het betreuren als de woningen van Weesp bij de productie van Amsterdam opgeteld zou worden. Mevrouw VAN RENSSEN meent dat stadsgebied Weesp ook deel uitmaakt van Amsterdam. Wat zou de suggestie van de VVD zijn ten aanzien van het berekenen van de aantallen woningbouw in Weesp en welke streefcijfers zou de heer Von Gerhardt willen hanteren? De heer VON GERHARDT weet niet precies in hoeverre de woningbouwplannen in Weesp lopen. Zijn voorstel is om de tekorten in Amsterdam niet te compenseren met de woningen die de komende jaren in Weesp worden gebouwd. Hij zou de bouw van de woningen in Weesp willen zien als extraatje en bij het woningbouwplan vanaf 2025 een ambities voor het hele gebied op te stellen. Mevrouw VAN RENSSEN denkt dat VVD de coalitie geen gebrek aan ambitie kan verwijten. De heer VON GERHARDT is dit niet helemaal met mevrouw Van Renssen eens. In het coalitieakkoord wordt het aantal van 7500 woningen genoemd. Als tot 2025 het aantal woningen van 52.500 moet worden behaald, zou dit een gemiddelde van 7800 betekenen en dit houdt in dat nu wordt ingezet op 300 woningen te weinig per jaar. Het aantal middeldure huurwoningen dat is gebouwd ligt op 5672 terwijl het streven 11.690 is. De komende drie jaar zullen er dus nog 6000 gebouwd moeten worden, een gemiddelde van 2000 per jaar.
Het eerste kwartaal 2022 zijn er 178 middeldure huurwoningen gebouwd en aangezien de planvoorraad voor de komende jaren beperkt is, is het de vraag of deze ambitie zal worden gehaald. De heer Von Gerhardt roept met klem op om hier werk van te maken. De precieze cijfers van de sociale koopwoningen ontbreken op dit moment en het zou goed zijn om voortaan in alle woningbouwplannen en monitoren deze cijfers ook mee te nemen. Mevrouw VAN RENSSEN wil specifiek aandacht vragen voor de bouw van sociale huurwoningen en het op peil houden van de plancapaciteit hiervan. Zij denkt nog steeds dat het doel voor 2022 kan worden gehaald, omdat de ervaring leert dat later in het jaar meer kan worden gebouwd dan in het begin. Mevrouw AHMADI concludeert dat de sociale huurwoningen tot nu toe extreem klein zijn, vaak onder de 40 m2. Veel gezinnen die op zoek zijn, worden verjaagd omdat hun oude woning wordt gesloopt en er een veel kleinere woning voor terugkomt. Zal de komende jaren meer worden ingezet op sociale gezinswoningen? De heer VAN BERKEL stelt dat ongeveer de helft van alle woningzoekenden in Nederland een woning zoekt in Amsterdam. Om aan deze vraag te kunnen voldoen, komt Amsterdam 175.000 woningen tekort. Voor de kwetsbare groepen zijn er dit jaar 3000 te weinig en dit aantal loopt mogelijk op tot 15.000 in 2030. Een ambitie van 7500 woningen per jaar lijkt daarom niet erg ambitieus.
Is de wethouder met JA21 eens dat dit aantal veel te klein is voor de huidige wooncrisis en de groeiende behoefte aan woonruimte in de stad? Hoe verklaart de wethouder dat zelfs de minimale doelstelling voor dit jaar niet haalbaar lijkt? Dit geldt ook voor de sociale huurwoningen en de middeldure woningen. Mevrouw AHMADI vraagt zich af of de te bouwen koopwoningen niet naar beleggers gaan, aangezien de zelfbewoningsplicht geldt voor woningen boven de € 515.000 en het gemiddelde ligt hier ver boven. De heer VAN HAARLEM benoemt het landelijk tekort van 390.000 woningen en de helft hiervan betreft de gemeente Amsterdam. Van de 2500 sociale huurwoningen per jaar is slechts 62% gerealiseerd en van de 1670 middeldure woningen zelfs slechts 43%.
27
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
In de raadsbrief van januari stond dat er verder knelpunten zijn zoals het niet meenemen van de sloopkosten in de grondwaardebepaling. Deze knelpunten moeten worden aangepakt en daarom wordt de wethouder gevraagd of een versnelling mag worden verwacht in de komende maanden of dat het de verwachting is dat de ambities niet worden gehaald. Wanneer zou de zuidrand van project Havenstad kunnen bijdragen aan het scheppen van een nieuwe planvoorraad? Is het mogelijk om in de grondwaardebepaling kosten voor de aanvullende ambities en sloopkosten mee te nemen? Zou in de volgende kwartaalrapportage onderscheid gemaakt kunnen worden tussen woningtransformaties en nieuwbouw, zodat een beter beeld ontstaat van de netto groei van het woningaanbod? Is het een optie om eventueel de duurzaamheidseis te laten vervallen om zo de woningbouw te stimuleren? Mevrouw ROODERKERK is ook benieuwd naar wat eraan ten grondslag ligt dat het cijfer voor woningen in het middensegment wat lager uitvalt dan in de vorige periode en zij hoopt dat de wethouder wat meer kan beloven. Al geruime tijd stijgen de bouwkosten en is er schaarste aan bouwmaterialen en personeel. Minister De Jonge heeft een intentieverklaring gedeeld om het prijsrisico te spreiden over de hele productieketen.
In hoeverre houden aannemers zich hieraan en kan hierop worden gestuurd vanuit de gemeente? Op grond van signalen van marktpartijen is de verwachting dat projecten die nu in de aanbestedingsfase zitten in de knel kunnen komen. Is dit bij de wethouder bekend en zou hij de raad hiervan op de hoogte willen houden? De heer VON GERHARDT zegt dat de VVD het belang van middeldure huurwoningen deelt. Hij vraagt of D66 een motie van de VVD om de ambitie hiervoor te gaan halen, zal steunen. Mevrouw ROODERKERK denkt dat een motie overbodig zou zijn, omdat er een hoge ambitie in het coalitieakkoord staat. Zij gaat ervan uit dat deze wordt gehaald. Wethouder VAN DANTZIG stelt dat de wooncrisis niet alleen kan worden opgelost met bouwen. De echte oplossing zit in reguleren en bouwen om de doorstroom op gang te krijgen. De heer VAN BERKEL heeft de wethouder als een van de oorzaken de stikstofnorm horen noemen. Hij vraagt zich af of de nieuwe wet met betrekking tot stikstof met een bouwvrijstelling eventueel soelaas zou kunnen bieden bij een snellere uitvoering van de bouwplannen. Is de wethouder het eens met de stelling dat woningbouw niet loont? Heeft het omscholingsbudget voor de bouwsector al vruchten afgeworpen? Wethouder VAN DANTZIG zegt dat de kwestie van stikstof in Amsterdam voornamelijk in Zuidoost speelt waar in principe de meeste woningen gebouwd zouden kunnen worden.
Een nieuw woningbouwplan komt naar de gemeenteraad en er wordt op een andere manier naar ontwikkelingen gekeken. 7500 woningen is zeer ambitieus en in geen enkele stad is een dergelijk aantal woningen gebouwd de afgelopen jaren. Een dezer dagen zal er weer overleg volgen met de verschillende marktpartijen. Om een groot aantal woningen te kunnen realiseren, wordt ook iets van de gemeenteraad gevraagd in de vorm van aanpassingen aan programma's en concessies. De heer VON GERHARDT begrijpt dat de wethouder afstand neemt van de doelstelling om tot 2025 52.500 tot 2025 woningen te bouwen. Wethouder VAN DANTZIG wijst erop dat in het coalitieakkoord is afgesproken dat er langjarig naar wordt gestreefd om 7500 woningen per jaar te bouwen met 40-20-20 als uitgangspunt en met een robuust en gezond vereveningsfonds als voorwaarde. Zonder het Rijk en de regio is deze ambitie onmogelijk.
28
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
De heer VON GERHARDT memoreert dat de afgelopen jaren steeds is geroepen dat de tekorten wel worden ingehaald en dat het gaat om gemiddelden. Op het moment dat de tekorten nu ingehaald moeten worden, wordt de ambitie weer teruggeschroefd naar 7500 waarmee de ambitie van 52.500 woningen tot 2025 wordt losgelaten. Wethouder VAN DANTZIG stelt dat de realiseerbaarheid heel moeilijk is vast te stellen door allerlei externe factoren. Hoewel geen afscheid wordt genomen van de ambitie, durft hij wel te stellen dat het aantal van 7500 vaker niet dan wel zal worden gehaald. Het blijft een streven. De heer VON GERHARDT zegt dat het woningbouwplan 2018-2025 geen streven was. Hierin zijn door de raad aantallen vastgesteld voor te bouwen woningen. Amsterdammers kunnen niet wonen in een streven. Hij roept op om ambities die eerder zijn afgesproken te halen. Wethouder VAN DANTZIG herhaalt dat er een nieuw woningbouwplan komt waarop het nieuwe college kan worden afgerekend. Er is een transformatiebonus ingesteld voor een jaar om te bekijken of zaken hiermee aangejaagd kunnen worden. Transformatie gaat vaak niet over woningen en OIS rapporteert over het aantal gebouwde woningen.
In het coalitieakkoord is opgenomen dat het streven is om zo duurzaam mogelijk te bouwen, maar dat ook wordt aangesloten bij het Bouwbesluit dat de eisen voor duurzaamheid fors zal verhogen en dat het voor gemeenten veel ingewikkelder maakt om zelf eisen te stellen. Marktpartijen zullen daarom worden uitgedaagd om zo duurzaam mogelijk te bouwen, maar ze tegelijkertijd de ruimte te geven om hun eigen innovatieve oplossingen te gebruiken. De BENG+ eisen zullen worden geschrapt. In Amsterdam geldt in principe voor alle nieuwbouwwoningen een zelfbewoningsplicht. De opkoopbescherming nog verder omhoog brengen, is ingewikkeld, maar het is duidelijk dat deze zo hoog mogelijk moet zijn. De tendens is inderdaad dat sociale woningen kleiner worden. Vaak gaat het om studenten- en jongerenwoningen. Inmiddels wordt vaker gekozen voor gedeelde voorzieningen waarbij goed wordt gekeken naar woongenot. De grote gezinswoningen zijn er al, het is alleen zaak om (oudere) mensen die hier nu wonen te overtuigen om kleiner te gaan wonen. Tweede termijn De heer VAN BERKEL heeft nog geen antwoord gekregen op zijn vraag over het omscholingsbudget. Is er al meer bekend over de ‘versnellingstafel’ die in het coalitieakkoord wordt genoemd? De heer VON GERHARDT heeft gevraagd of er een duidelijk overzicht van de sociale koopwoningen kan worden verstrekt.
Wordt bijgehouden waarom projecten niet slagen en kan hiervan ook een overzicht worden overlegd? Mevrouw ROODERKERK sluit zich aan bij deze laatste vraag. Mevrouw AHMADI noemt stadsdeel Nieuw-West een gebied waar veel gezinswoningen zijn gebouwd, maar ook zijn gesloopt. Zij is benieuwd in hoeverre bij herbouw dit type woningen weer wordt gebouwd. De heer VAN HAARLEM heeft gevraagd in hoeverre de zuidrand van het project Havenstad kan bijdragen aan het scheppen van een nieuwe planvoorraad. Wethouder VAN DANTZIG zou moeten uitzoeken of het omscholingsbudget succesvol is.
29
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
De versnellingstafel zal na de zomer zo spoedig mogelijk worden uitgewerkt. In algemene zin wordt bij de jaarrapportage inzicht verstrekt in de percentages koopwoningen. Sociale koop bestaat op dit moment niet in Amsterdam. Het is mogelijk om aan te geven waarom bepaalde projecten niet slagen. Vaak gaat het echter om vertragingen en niet om onuitvoerbaarheid. Het slagingspercentage wordt op jaarbasis bekeken. Een deel van Havenstad zit in de planvoorraad en een deel niet. De planvoorraad die ontsloten moet worden, ligt in het gebied van havenbedrijven die hier nog heel lang mogen blijven. Daarnaast speelt het probleem van de infrastructuur. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Openbare Ruimte en Groen 27. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief inzake Aanpak Rekenkameronderzoek Groen in de stad. Nr. VN2022-018635 Agendapunt 27 wordt doorgeschoven naar 30 juni. 28. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief “Beëindiging parkeerduurbeperking naar aanleiding van uitspraak Hoge Raad” Nr. VN2022-018989 Agendapunt 28 wordt doorgeschoven naar de volgende commissie. Sociale Zaken 29. Kennisnemen van de beantwoording van het raadsadres over financiële ondersteuning aan sekswerkers tijdens de coronacrisis Nr. VN2022-018575 Agendapunt 29 wordt doorgeschoven naar de volgende commissie. Democratisering (inclusief Bestuurlijk Stelsel) 30.
Kennisnemen van de verkenning AmsterDOEN Nr. VN2022-018583 De heer GARMY stelt dat door AmsterDOEN maatschappelijke initiatieven veel meer draagvlak hebben, omdat ze in de buurt en van de buurt zijn. VOLT is benieuwd of de aanbevelingen die in het rapport staan worden opgevolgd en zo ja, wanneer dit zal gebeuren. Deze vorm van participatie werkt het beste als iedereen kan meekomen. In de verkenning wordt gesteld dat het daarom vraagt om nieuwe profielen en rollen. Hoe kan ervoor worden gezorgd dat alle Amsterdammers goed op de hoogte zijn van de initiatieven die er zijn en weten hoe ze mee kunnen doen? De heer BELKASMI is in de hele verkenning het woord mbo niet tegengekomen, maar er wordt wel meermaals gesproken over samenwerking met HBO en WO. Kan de wethouder uitleggen waarom mbo niet wordt genoemd en hoe ziet hij de rol van het mbo met betrekking tot AmsterDOEN? Mevrouw IJMKER vraagt of de wethouder wellicht moties ter ondersteuning kan gebruiken. Deze verkenning laat zien dat het ook belangrijk is om in te zetten op publiek civiele samenwerking. Hoe worden de ideeën breder gedragen binnen de organisatie?
30
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Wethouder GROOT WASSINK wijst erop dat het niet alleen om een verkenning gaat. Veel dingen worden op dit moment al gedaan op verschillende beleidsterreinen en ook breder wordt gekeken naar samenwerking met verschillende initiatieven in de stad. De verkenning moet worden uitgewerkt tot een actieprogramma. Een datum hiervoor kan de wethouder op dit moment nog niet geven. Na de zomer kan hij de gemeenteraad wel informeren over andere initiatieven. Het is altijd lastig om alle Amsterdammers te bereiken, maar hoe het breder onder de aandacht kan worden gebracht, kan onderwerp van gesprek zijn met de raad. Er wordt wel samengewerkt met mbo’s, maar dit is helaas weggevallen. Ook wordt gekeken naar samenwerking met basisscholen. Het idee van de wethouder is om de opvolging van de verkenning en aanbevelingen te bespreken met de raad en om met de input van de raad tot een gezamenlijk actieprogramma te komen. Mevrouw IJMKER verzoekt om het onderwerp na de zomer te agenderen voor de raad. De VOORZITTER zegt dat dit voor de raad van 14 september a.s. zal worden geagendeerd. Armoede en Schuldhulpverlening 31. Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over het onderzoek van Regioplan naar de ondersteuning aan informele voedselinitiatieven en de inzet voor de tweede helft van 2022 en verder Nr. VN2022-018581 Agendapunt 31 wordt behandeld op 30 juni. Onderwijs 32.
Voortgangsrapportage Amsterdamse Lerarenagenda 2021 Nr. VN2022-018576 Agendapunt 32 wordt behandeld op 30 juni. 33. Uitslag Centrale Loting en Matching 2022 Nr. VN2022-018584 Agendapunt 33 wordt behandeld op 30 juni. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een korte pauze en draagt het voorzitterschap voor agendapunten 34, 35 en 36 over aan mevrouw Nanninga. Zorg 34. OLVG meldt explosieve toename agressie tegen zorgpersoneel Nr. VN2022-018560 De VOORZITTER (mevrouw Nanninga) heropent de vergadering. De heer DE JONG zegt dat in de eerste helft van dit jaar al een verdubbeling van het aantal geweldsincidenten tegen zorgmedewerkers heeft plaatsgevonden. Het gaat hierbij zowel om verbale agressie als om fysiek geweld. OLVG zelf heeft aangegeven dat het volgen van de coronaregels een van de oorzaken is waardoor agressie zich voordoet. In Amsterdam is op dit moment weer een toenemend aantal coronabesmettingen en
31
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
ziekenhuisopnames zichtbaar. Ongeveer 42% van alle geweldsincidenten wordt gemeld, dus waarschijnlijk is de omvang van het probleem nog groter. OLVG is een awareness campagne gestart door slachtoffers van geweld met foto af te beelden in de hal. Zijn de cijfers van andere ziekenhuizen ook beschikbaar? Zijn er vanuit Amsterdam initiatieven te ontplooien om geweldsincidenten in de zorg terug te dringen? Mevrouw VAN PIJPEN heeft al eerder gewezen op personeel dat buiten de muren van een zorginstelling werkt en hiervoor heeft zij ook een motie ingediend die wat haar betreft op een goede manier is uitgewerkt. Wethouder RIJXMAN stelt dat het niet alleen om een centraal, maar ook om een decentraal zorgpunt gaat. Het is volkomen onacceptabel dat deze agressie zich voordoet. Inderdaad wordt het toenemend aantal incidenten vaak gerelateerd aan corona(maatregelen). De gemeente Amsterdam houdt niet bij of ziekenhuizen een register of overzicht bijhouden. Vanuit het programma Veilige Publieke Taak worden incidenten opgespoord om te kunnen melden en ook werkgevers worden opgeroepen om incidenten te melden. Op dit moment is er geen specifieke awareness campagne vanuit Amsterdam. De indruk is wel dat er veel aandacht aan wordt besteed door de overheid.
De heer DE JONG weet dat OLVG inmiddels aanmoedigt om van elk geweldsincident melding te doen waarmee het eigenlijk op het terrein van openbare veiligheid ligt en er kan worden gemonitord of het aantal aangiften is toegenomen en wat hiermee is gedaan. Wethouder RIJXMAN zegt dat dit een campagne is die vanuit OLVG zelf wordt gedaan. Overige vragen van de heer De Jong zijn eigenlijk bedoeld voor de burgemeester, maar hij kan erop vertrouwen dat dit de volle aandacht van het college heeft. De VOORZITTER constateert dat het onderwerp voldoende is besproken. Mevrouw AHMADI verzoekt om agendapunt 34 in de raad te behandelen. De VOORZITTER concludeert dat het om een korte behandeling zal gaan. Mevrouw AHMADI verzoekt de agendapunten 36, 38 en 40 door te schuiven naar 30 juni. De VOORZITTER concludeert dat een meerderheid van de commissie hier geen voorstander van is. 35. Eindevaluatie Experimenteerruimte Maatwerk Nr. VN2022-018582 Mevrouw DE JAGER heeft dit dossier overgenomen van mevrouw El Ksaihi. Zij had dit eerder geagendeerd omdat veel mensen vastlopen in de regelingen van de gemeente en dit vaak de mensen zijn die op dat moment het meest kwetsbaar zijn. Ruimte voor maatwerk is belangrijk en daarom is D66 blij met de positieve evaluatie van de Amsterdamse Maatwerkmethode. De wens is dat deze methode wordt geborgd voor de toekomst.
Vooralsnog is nog niet helemaal duidelijk hoe de komende tijd met de aanbevelingen wordt omgegaan. Wat heeft de wethouder nog nodig om deze methode structureel te maken voor Amsterdam? Mevrouw VAN PIJPEN is ook blij met de evaluatie, omdat maatwerk een belangrijke methode is om knelpunten in zorg en dienstverlening te ontwarren. De conclusie over het vervolg is ook haar nog niet duidelijk. Wat betekent het bijvoorbeeld voor de
32
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
werkwijze van de buurtteams en welk tijdspad is er voor een meer structurele inzet van deze methode? Afhankelijk van het antwoord wil GL dit agendapunt piepen naar de raad. De heer RUNDERKAMP is enthousiast over de resultaten van de Experimenteerruimte Maatwerk en hij is blij dat het college voornemens is om dit verder uit te bouwen. Hij sluit zich aan bij de vraag over de concrete vervolgstappen van de wethouder. In de raadsbrief staat dat de leerstructuur wordt opgebouwd om vanuit de Amsterdamse Maatwerkmethode en het Doorbraakteam inzicht te geven in verbetermogelijkheden ten aanzien van bestaand beleid en uitvoering. Kan de wethouder ingaan op deze leerstructuur? Verder mist de heer Runderkamp de koppeling met de notitie ‘Sociaal sterker uit de crisis uit 2021’ van de VNG die zich specifiek focust op het herstel van de samenleving na de coronacrisis en waarin de expliciete aanbeveling wordt gedaan voor een menselijke maat- en uitvoering. Kan de wethouder deze notitie betrekken bij de vervolgstappen? Wethouder RIJXMAN legt uit dat de Maatwerkmethode onderdeel wordt van de basiswerkwijze bij de buurt- ouder- en kindteams en bij de uitvoering van het sociaal domein van de gemeente. Dit betekent dat alle medewerkers leren om deze Maatwerkmethode toe te passen en dat zij de komende tijd worden getraind in de Maatwerkmethode. Naar verwachting zal dit ongeveer twee jaar kosten.
Het gevolg zal zijn dat er meer direct contact zal zijn met Amsterdammers en meer samenwerking tussen professionals om Amsterdammers goed te kunnen helpen. Knelpunten worden verzameld, geëvalueerd en vervolgens in de procesverbeteringen doorgevoerd. Knelpunten met betrekking tot beleid worden gedeeld met het college en kunnen leiden tot voorstellen tot beleidsaanpassing. De aanbeveling in het rapport over de menselijke maatvoering sluit aan bij de maatwerkaanpak en kan worden meegenomen in het vervolg van de Amsterdamse Maatwerkmethode. De buurtteams zijn in april 2021 begonnen. Veel kosten voor Jeugdhulp en -zorg kunnen voorkomen worden als Amsterdammers hulp krijgen. Indien gewenst, kan een technische sessie worden georganiseerd over de werkwijze en opbrengsten van de Maatwerkaanpak. Als zaken vastlopen, kunnen doorbraakteams worden ingeschakeld. Mevrouw VAN PIJPEN maakt graag gebruik van een technische sessie. Zij is benieuwd wat een en ander voor de Wmo-verordening betekent. Wordt in de periode van twee jaar ook gekeken naar specifieke doelgroepen die in aanmerking komen voor een dergelijke Maatwerkmethode? Hierbij valt te denken aan ondersteuning van mantelzorgers. Wethouder RIJXMAN verwijst voor de eerste vraag naar de technische sessie. In principe vindt voortdurende monitoring plaats.
De VOORZITTER concludeert dat de commissie graag gebruik maakt van het aanbod om de technische sessie te organiseren. 36. Onderzoek ‘Oudere migranten in coronatijd’. Nr. VN2022-018578 Mevrouw DE JAGER vindt het heel waardevol dat het onderzoek is uitgevoerd. Het is zorgelijk dat GGD-informatie oudere migranten niet of nauwelijks bereikt. De vraag is wat er extra wordt gedaan als zich een nieuwe coronagolf aandient. Mevrouw VAN PIJPEN vraagt zich af hoe duidelijk wordt of de interventies die worden ingezet nu wel effectief zijn. Hoe wordt de doelgroep zelf hierbij betrokken? Eerder heeft zij aangedrongen op een apart kader voor de groep ouderen met een migratieachtergrond, maar deze aanbeveling is helaas niet overgenomen. Vandaag herhaalt zij dit verzoek. De heer RUNDERKAMP sluit zich aan bij voorgaande vragen. Een aanvullende vraag is welke rol de buurtteams kunnen spelen in het bereiken van deze doelgroep.
33
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Wethouder RIJXMAN noemt de resultaten van het onderzoek niet verrassend, maar wel zorgelijk. Het resultaat zal worden gebruikt om het beleid aan te passen om de groep beter te bereiken. Sinds de start van de coronacrisis is extra aandacht naar ouderen gegaan. Bij bijvoorbeeld EMCEMO, Euro-Mediterraan Centrum Migratie & Ontwikkeling, zijn voorlichtingen (in gebedshuizen) gegeven door artsen in eigen taal en is hulp aangeboden bij het maken van een afspraak. Ook bij de boosterprik was aandacht voor de oudere doelgroep. Sommige interventies zijn bewezen effectief, zoals mental health first aid. Daarnaast zijn er diverse interventies met de doelgroep en experts. Na afloop van de interventies is altijd uitgevraagd hoe uitvoerings- en contactpersonen interventies waardeerden. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat participerende ouderen en andere deelnemers heel tevreden waren over de activiteiten. Binnen het programma Gezondheidsvaardigheden wordt ingezet op verbeteringen in samenwerking met bewoners in andere stadsdelen. Samenwerking met sleutelpersonen is een belangrijke voorwaarde, omdat zij de herkomst en cultuur kennen. Ook wordt maatwerk geleverd, zowel op het gebied van taal als wat betreft context en omgeving. Het is de bedoeling om cultuursensitieve zorg als aparte prioriteit op te nemen in de agenda van de Coalitie Ouderen.
De wethouder antwoordt bevestigend op het voorstel om programma’s in projecten van Amsterdam Vitaal Gezond aan te sluiten op 65+. Mevrouw VAN PIJPEN maakt zich zorgen over het feit dat er zoveel programma’s en projecten zijn en dat het onderzoek toch deze resultaten laat zien Het blijft dan de vraag hoe effectief de programma’s en projecten zijn. Zij vraagt zich af of de resultaten uit dit onderzoek niet langs alle programma’s gelegd kunnen worden om deze op die manier kritisch te bekijken. Wethouder RIJXMAN beaamt dat programma’s en projecten voortdurend aangescherpt moeten worden en zij zegt toe hier verscherpt naar te gaan kijken. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Zij schorst de vergadering om het voorzitterschap weer over te dragen aan mevrouw Van Pijpen. Kunst en Cultuur, Monumenten en Erfgoed 37. Kennisnemen van de raadinformatiebrief ter afdoening van de toezegging over nieuwe locaties voor nachtclubs Nr. VN2022-018638 De VOORZITTER (mevrouw Van Pijpen) heropent de vergadering. Mevrouw ROODERKERK dankt de wethouder voor de uitwerking waarin wordt aangegeven dat samen met de clubs hard wordt gewerkt om meer mogelijkheden te creëren. Is het mogelijk om aan te geven welke tijdelijke locaties er nu zijn en wanneer deze moeten sluiten? Een oproep is om naar voorbeeld van Berlijn clubs aan te merken als cultuurinstelling.
Hiermee krijgen ze extra bescherming en wellicht is het in de toekomst mogelijk om subsidies toe te kennen. De heer BOOMSMA vraagt waarom D66 subsidies zou willen verstrekken en is dit de enige reden om clubs aan te merken als cultuurinstelling? Mevrouw ROODERKERK heeft aangegeven dat de titel cultuurinstelling duidelijk maakt dat het om belangrijke cultuur gaat en met deze titel een extra bescherming wordt gegeven aan de clubs. Sommige clubs ontvangen nu al subsidies voor bepaalde
34
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
programmering. Het is bekend dat de huren enorm stijgen en het wordt steeds moeilijker voor clubs om rond te komen. De heer BOOMSMA denkt dat er allerlei organisaties en bedrijven in de stad zijn die te maken hebben met hoge huren. Als voorbeeld noemt hij banketbakkers. Zouden deze ook aangemerkt moeten worden als cultuurinstelling om ze op deze manier te beschermen? Mevrouw ROODERKERK vindt een banketbakker een vreemde vergelijking. Zij denkt wel dat nachtcultuur moet worden gezien zoals zij zojuist heeft beschreven. De heer VAN DER VEEN sluit zich aan bij de oproep van GL om nachtclubs aan te merken als cultuurinstelling. In het coalitieakkoord staat dat de komende tijd ruimte wordt gecreëerd bij gebiedsontwikkeling voor nachtclubs en rafelranden. Is de wethouder voornemens om hierin met de wethouder Wonen op te trekken? Wethouder MELIANI wijst erop dat het grote dilemma in Amsterdam schaarste is en door de stijgende prijzen kunnen clubs minder creatief worden waardoor eensoortig wordt geprogrammeerd. Grotere clubs als Paradiso hebben soms voor een klein deel subsidie, omdat ze spannend willen zijn en blijven voor een bredere groep. Een overzicht van bestaande clubs en clubs die erbij komen zal de wethouder verstrekken. Hierbij zal overigens geen zeer specifieke informatie worden gegeven omdat clubs met elkaar concurreren.
Samen met de raad kan worden gesproken over de uitvoering van hetgeen is opgenomen in het coalitieakkoord. De wethouder zal hiertoe met een voorstel komen. Als alles wordt aangewezen als maatschappelijk kunnen de clubs niet commercieel programmeren, wat ze wel willen. Met de wethouder Ruimtelijke Ordening heeft zij volgende week een afspraak om onder andere over dit onderwerp te spreken. Mevrouw ROODERKERK denkt dat het aanmerken als culturele instelling commerciële inkomsten niet in de weg staat, maar er alleen voor zorgt dat het een meer beschermde status krijgt. Wethouder MELIANI denkt in de richting van een korte stimuleringssubsidie zoals in coronatijd is gegeven aan clubs die het heel moeilijk hadden. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. 38. RIB Afdoening motie 683 inzake Waarderingskaarten van de leden Boomsma (CDA), Bakker(SP) en Van Renssen (GL) Nr. VN2022-018564 De heer BOOMSMA begrijpt dat het college voorstelt om het op handen zijnde paraplubestemmingsplan te beperken tot orde 2 panden. Hij vindt wel dat dit op termijn ook voor de andere panden moet worden gedaan. Het lijkt hem niet vreemd dat er een vergunning nodig is om een historisch pand te slopen. Naar aanleiding van de schatting van 2500 vergunningen vraagt hij om wat voor soort vergunningen dit gaat.
Mevrouw VAN RENSSEN begrijpt het dilemma, maar zij sluit zich grotendeels aan bij de bijdrage van voorgaande spreker en stelt voor om nu met de orde 2 panden te beginnen. In het verleden was voor alle panden een sloopvergunning vereist en dit is in 2010 afgeschaft. Het ontwerp bestemmingsplan zou in april 2022 ter inzage worden gelegd voor de orde 2 panden. Is dit al gebeurd? De heer BOBELDIJK sluit zich aan bij de voorgaande sprekers. De wethouder heeft aangegeven dat 95% is gedekt door de leges. Is het bedrag van 1,5 miljoen euro het resterende bedrag of moet hier juist 95% van af worden getrokken?
35
Gemeente Amsterdam Tijdelijke Algemene Raadscommissie Concept Raadscommissieverslag, 29 juni 2022
TAR
Wethouder VAN DANTZIG stelt dat het de realiteit van de uitvoering is die knelt. Soms is deze op te lossen met middelen. 1,5 miljoen euro is nodig om dit structureel en zorgvuldig te doen. Hij denkt dat met de orde 2 panden een goede slag wordt gemaakt. Volgens hem is het plan nog niet ter inzage gelegd. De heer BOBELDIJK heeft nog geen antwoord gekregen over zijn vraag over de 1,5 miljoen euro en leges. Wethouder VAN DANTZIG zegt dat het capaciteitsvraagstuk 1,5 miljoen euro kost. De heer BOBELDIJK verzoekt om een schriftelijke uitsplitsing met betrekking tot de leges. Wethouder VAN DANTZIG zegt dit toe. De heer BOOMSMA vraagt zich af of de 2500 vergunningen allemaal zijn bedoeld voor een heel gebouw of soms ook voor een deel van een pand. Is er een onderscheid te maken tussen kleinere ingrepen en de sloop van een heel pand? Wethouder VAN DANTZIG is bereid technische vragen hierover te beantwoorden waarbij hij aangeeft dat het dilemma mensen en geld een rol blijft spelen. De heer BOOMSMA wijst erop dat de raad heeft uitgesproken dat het wenselijk is om ervoor te zorgen dat historische panden niet zomaar gesloopt kunnen worden, zonder dat een afweging wordt gemaakt. De vraag is of dit bewerkstelligd kan worden zonder extra bijkomende kosten of eventueel door verhoging van leges of door middel van een onderscheid tussen sloop van een heel pand of voor kleine aanpassingen.
Wethouder VAN DANTZIG zegt toe om scenario’s in beeld te brengen om het bedrag omlaag te krijgen door middel van verhogingen van leges. De motie vraagt echter om een andere uitvoering. Schorsing De VOORZITTER bedankt iedereen voor zijn inbreng en schorst de vergadering om 16.56 uur tot 30 juni a.s. 09.00 uur.
36