CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept verslag RO 19.01.2022.docx

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 9 februari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslag van de openbare vergadering van de Raadscommissie RO d.d. 19 januari 202232.367 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

6 alinea's met “pvdd”: 6 54 73 93 175 337

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie.

RO

Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

CONCEPT VERSLAG Vergadering Vergaderdatum Verslag vast te stellen op:

Openbare digitale vergadering van de Raadscommissie Ruimtelijke Ordening Woensdag 19 januari 2022 van 13.30 uur tot 18.00 uur en van 19.30 uur tot 22.50 uur in de raadszaal Woensdag 9 februari 2022

Voorzitter: mevrouw Van Pijpen Portefeuillehouder: wethouder mevrouw Van Doorninck, wethouder Everhardt Commissiegriffier: de heer Van Klooster Verslaglegging: de heer Van der Kroon (Notuleerservice Nederland) Aanwezige commissieleden: Mevrouw Bakker (PvdD), Mevrouw Berckenkamp (D66), mevrouw Bloemberg-Issa (PvdD), de heer Boomsma (CDA), mevrouw De Bruine (CU), de heer Van Dantzig (D66), de heer Ernsting (GL), de heer Leenders (PvdA), mevrouw Nanningga (JA21), mevrouw Naoum Néhmé (VVD), de heer Nijssen (VVD), mevrouw Van Renssen (GL), de heer Van Schijndel (FvD), mevrouw Van Soest (PvdO), de heer Turkkol (D66), duoraadslid Verkerke (BIJ1), Afwezige commissieleden: Overige aanwezigen: de heer De Jager, DB stadsdeel Zuidoost

1 Algemeen a Opening procedureel gedeelte De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder welkom.

b Mededelingen Wethouder VAN DOORNINCK wil de commissieleden op de hoogte stellen van de processtappen voor het aanwijzen van gebieden die in aanmerking komen voor beschermd stadsgezicht. In de discussie hierover is niet gekozen voor de Rijksbeschermingsvariant met name niet wegens de beperkende maatregelen en de huurstijgingen die dit met zich meebrengt. Dat geldt echter niet in geval van gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Er is een procedure opgesteld. Daar is een besluit van de gemeenteraad voor nodig op voordracht van het college, dat zich laat adviseren door zowel de stadsdelen als de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Het gaat om de gebieden in Oud-Zuid, West en in Oost. De stadsdelen zullen binnenkort om advies gevraagd worden over de aanwijzing en in februari wordt het advies verwacht van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Dan zal een besluit genomen worden over de te starten procedure. Een concept raadsvoordracht zal politiek ter inzage gelegd worden, waarbij Amsterdammers zich kunnen uitspreken. In mei/juni kunnen dan naar verwachting de stukken richting deze commissie komen. Het onderwerp hoort eigenlijk thuis bij wethouder Meriani, maar het onderwerp raakt nauw aan de werkingssfeer van deze commissie. Daarom is het goed om ook

1

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

deze commissie hiervan op de hoogte te stellen.

c Vaststellen agenda Besloten wordt om de agendapunten betreffende erfpacht (11, 12, 13 en 20) gevoegd te behandelen tijdens het avonddeel van deze vergadering. Daarna zullen nog de resterende agendapunten van de agenda behandeld worden. Agendapunt 3 wordt naar achteren geschoven en na agendapunt 10 behandeld worden.

d Conceptverslag van de openbare en besloten vergadering van de raadscommissie RO d.d. 15 december 2021 Dit verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

e Termijnagenda, per portefeuille De heer BOOMSMA is blij dat de aanwijzing van beschermd stadsgezicht nu in zicht komt. Hij wil weten wanneer en in welke vorm het in de raad geformaliseerd wordt. Wethouder VAN DOORNINCK verwacht dat dat nog voor maart het geval zal zijn, maar zij zal het nog extra checken. Zij weet namelijk niet of het via deze commissie of via de commissie KDD gaat. Zij komt hier dus nog op terug. De heer BOOMSMA geeft aan graag nog een reactie te krijgen op het onderzoek van de heren De Ruis en De Wildt. Hij begreep dat het college daar in januari op zou reageren. Hij vraagt zich af of dat nog in de planning zit. Als het mogelijk is, zou hij dit onderwerp in de volgende commissievergadering willen bespreken. Wethouder VAN DOORNINCK zegt toe dit de heer Boomsma nog te zullen laten weten.

f TKN-lijst De heer Leenders wil tkn-3 (Uitvoeringsagenda Omgevingsvisie) geagendeerd zien. De commissie stemt daarmee in.

g Ingekomen stukken stadsdeelcommissie Er zijn geen binnengekomen stukken vanuit stadsdeelcommissies

2 Inhoudelijk deel

2

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

a Opening inhoudelijk gedeelte

b Inspreekmoment Publiek Er zijn in totaal 18 insprekers. Voor het algemeen deel is er één inspreker, mevrouw Damme, die inspreekt namens Mevrouw Damme namens Onderneming Damme kunststoffen BV over windturbines in het Cornelis Douwesgebied. Mevrouw Damme blijkt echter niet aanwezig. Voor agendapunt 7 (Schinkelkwartier) zijn drie insprekers aangemeld. Allereerst is dat de heer Van Ginkel namens de Stichting Huis te Vraag. De heer VAN GINKEL vestigt de aandacht op de omsloten tuin met een fontein met het zinnebeeld van de maagd Maria als symbool van de liefde in het algemeen. Daarmee wordt het verband gelegd met de bijzondere visie op de natuur en de kosmische gerichtheid. Zijn stichting heeft zich het afgelopen jaar hard gemaakt voor het behoud van deze paradijselijke tuin. Een desbetreffende petitie is getekend door bijna 6000 sympathisanten. Hij heeft goed nieuws te melden, namelijk dat de plannen uit de conceptnota Schinkelkwartier aangepast zijn en de fietspaden van de kaart zijn verdwenen. Hij citeert uit de nota van beantwoording, waarin sprake is van het unieke karakter en de bijzonder kwaliteit van het park Schinkelhoeve. Om die reden zullen er geen bijzondere ontwikkelingen plaatsvinden die die aantrekkelijke kwaliteit aantasten. Maar zijn stichting is nog niet in de wolken, want men maakt zich nog steeds zorgen.

Hij citeert de nota van beantwoording nogmaals en concludeert dat er dus nog steeds bedreigingen gelden. Met de komst van meer bewoners is het van belang om plekken van rust aan te wijzen. Het gaat hier om een plek van rust waar mensen in de prachtige binnenstad naar op zoek zijn. Het is belangrijk om de groeiende stad op deze manier in balans te houden. Tot slot vraagt hij aandacht voor de toekomst van het Huis. In deze fase wordt nog niet besloten over die toekomst. De heer BOOMSMA wil weten wat er precies nodig is om het Huis te Vraag de bescherming te bieden waar de heer Van Ginkel om vraagt. De heer VAN GINKEL is benieuwd te weten hoe groenbeleid zich verhoudt tot het park. De vraag daarbij is hoe het erfgoed beschermd kan worden als het een plaats voor recreatie moet worden. Hij hoopt dat de openingstijden de sfeer en de prachtige omgeving zullen kunnen handhaven. Wat er verder voor nodig is, zal hij de commissieleden nog toemailen. De volgende inspreker op dit agendapunt is de heer Slingerland op persoonlijke titel. De heer SLINGERLAND vraagt aandacht voor de ernst van de situatie rondom Huis te Vraag. Hij is reeds 35 jaar buurtbewoner van Huis te Vraag. In die 35 jaar heeft hij maar één keer van de inspraakmogelijkheid gebruik gemaakt. Dat hij nu wel inspreekt zegt daarom genoeg over de ernst van de situatie rondom Huis te Vraag.

Door de uitbreiding van de stad liggen onbebouwde delen van de stad onder het vergrootglas. Dat is logisch. De stad wil uitbreiden. Het is de vraag wat in dit web gevangen dreigt te gaan worden. Hier dreigt een stiltegebied te worden opgesloten in de stad. Moet dat gebied deel gaan uitmaken van een park? Of moet het worden behouden zoals het is? Kijkend naar de plattegrond van

3

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Amsterdam blijkt dat het hierbij gaat om een postzegelgroot gebiedje; een kwetsbaar plekje. Het is een bijzondere plek en dat ook wegens het uitzicht. Een ieder die dit gebied bezoekt zal daarvan onder de indruk geraken. De volgende inspreker is mevrouw Kamphuis op persoonlijke titel. Mevrouw KAMPHUIS spreekt haar zorgen uit met betrekking tot het voortbestaan van Huis te Vraag. Er zijn weliswaar goede vooruitzichten, toch is er een klein iets om over te klagen, aldus inspreekster. De zorg zit hem vooral in het behoud van de veenweide, die samen met de begraafplaats een bijzonder geheel vormt en een van de kleinste polders is van Amsterdam. Het gebied biedt een prachtig uitzicht en het is het symbool van de hele zijde. Er is een nieuw beheerplan geschreven voor dit tuinlandschap. Uit onderzoek van Landschap Noord-Holland is gebleken dat er in het verleden sprake was van een dotterbloemengrasland. Via beheermaatregelen wordt getracht dat vroegere karakter te herstellen. Zij noemt hiervan een aantal voorbeelden. Bepaalde planten en insecten zijn terug, evenals ook de houtsnip en de ijsvogel. Zij hoopt van ganse harte dat dit veenweidelandschap met rust wordt gelaten. Zij begrijpt dat er gebouwd moet worden voor nieuwe bewoners, maar zij pleit ervoor zuinig te zijn op dit kleine stukje natuur in de stad, dat ook van betekenis is voor het welzijn van de stadsbewoners.

Zij hoopt dat de geplande fietspaden het landschap niet zullen verstoren. Zij denkt graag mee over de wijze waarop het behoud van dit stukje natuur – een begraafplaats met een mooi hek en een statige oprijlaan – verzekerd kan worden en zij ziet graag dat deze plek weer teruggegeven wordt aan de natuur. Mevrouw VAN RENSSEN begrijpt dat er sprake is van een provinciaal beheerplan en wil weten of mevrouw Kamphuis ook al gesproken heeft met de provincie over de gevolgen voor dit stukje natuur als het eventueel een stadspark wordt. Mevrouw KAMPHUIS wijst erop dat zij inspreekt namens de tuin. Zij is daarom niet op de hoogte van dit soort details. Zij weet wel dat er pogingen worden gedaan om dit soort weidelandschap terug te krijgen. De heer BOOMSMA wil weten of de zorg van mevrouw Kamphuis de ontsluiting van het gebied betreft of het intensievere gebruik ervan. Het gaat mevrouw KAMPHUIS om beide zaken. De aansluiting op het omliggende land is belangrijk om de huidige sfeer te behouden. Zij vreest dat een intensiever gebruik het veenlandschap zal aantasten, zeker waar het de biodiversiteit betreft en de dieren die gebruik maken van het veenlandschap. Dat gebied moet niet doorkruist gaan worden door fietspaden, want dat zal het uitzicht op het prachtige 19eeeuwse landschap aantasten.

Agendapunt 8 (Investeringsnota IJdoornschoollocatie) Inspreker is mevrouw Sullot op persoonlijke titel. Mevrouw SULLOT roept de raad op niet akkoord te gaan met de investeringsnota, want het stedenbouwkundig plan deugt niet. Zij motiveert dit met acht punten. Zij heeft allereerst kritiek op de gehanteerde uitgangspunten, met name op het bouwen van 100% ‘sociaal’. Dat is volgens haar in strijd met de uitgangspunten van deze tijd. Bovendien is er sprake van strijdigheid met het vigerende bestemmingsplan. Verder staat het vigerende bestemmingsplan de beoogde hoogbouw niet toe. Ook met haar overige bezwaren (zie haar tekst) ondersteunt zij haar oproep niet in te stemmen met deze investeringsnota. Zij stelt voor de buurt mee te laten beslissen over de bestemming van de IJdoornschoollocatie. Agendapunt 9 (Reigersbos)

4

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Inspreker is mevrouw Kruik. Zij spreekt in namens bewoners van Reigersbos, stadsdeel Zuidoost. Mevrouw KRUIK vestigt de aandacht op de gemeentelijke plannen voor het winkelcentrum. Het gaat daarbij om hoogbouw, terwijl de buurt (Gaasperdam) toch gekenmerkt wordt door laagbouw. “Hoogbouw in onze achtertuinen!” Zij vindt het noodzakelijk dat dat soort plannen op tijd met de bewoners besproken worden. Men snapt dat er woningbouw nodig is. Zij vreest voor leegstand in de buurt. Zij zag graag dat er door de gemeente in hun buurt wordt geïnvesteerd en dat er daarbij niet alleen aandacht is voor de nieuwbouwbewoners, maar ook voor de bestaande bewoners. De plannen ziet zij ten kosten gaan van bestaande winkeliers en bewoners, die hier al veertig jaren wonen en werken. Mevrouw DE BRUINE vraagt mevrouw Kruik aan te geven hoe de bewoners al dan niet betrokken zijn in de participatie. Hoe is de samenwerking gegaan met het stadsdeel? Mevrouw KRUIK vertelt dat het stadsdeel bezig is in de bestaande buurt te investeren. Daarbij is nog niet echt gesproken met de bewoners. Er is wel een bijeenkomst gepland. In samenwerking is een inspraakprocedure van start gegaan. Er is een folder verspreid in de buurt, maar toevallig niet bij de bewoners die het direct aangaat. Zo waren er nog meer toevalligheden, waardoor men het idee kreeg dat de bewoners expres niet geïnformeerd werden.

Er is dus niet al te netjes met mensen omgegaan. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA weet dat de plannen ook consequenties hebben voor het groen in de buurt en voor de bezonning van de woningen in de wijk. Zij vraagt mevrouw Kruik iets te zeggen over de gevolgen voor de bewoners van de hoogbouwplannen. Mevrouw KRUIK wijst erop dat de nieuwbouw precies op het zuiden gepland is, waardoor er veel zonlicht wordt ontnomen op de erachter liggende woningen. Zuidoost kent verder veel laagbouw. De heer LEENDERS informeert naar de ervaring met de participatie. Mevrouw KRUIK geeft aan dat het grootste bezwaar van de bewoners is dat de hoogbouw op hun parkeerplaatsen wordt gebouwd. Het winkelcentrum wordt daardoor moeilijker bereikbaar. Het gaat ook ten kosten van de bestaande identiteit van het gebied. De wens is dat er samen met de huidige bewoners naar de plannen gekeken wordt, waar overigens wel plaats voor is, maar niet op die plek. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ wijst erop dat in de nota van beantwoording gezegd wordt dat er heel veel gedaan is aan participatie. Er zou daarbij ook gebruik gemaakt zijn van social media. Zij vraagt mevrouw Kruik te reageren op die wijze van participatie en de bewering van het college dat er wel voldoende gecommuniceerd is.

Mevrouw KRUIK vertelt dat er diverse WOB-verzoeken zijn ingediend om te vernemen wanneer er met wie allemaal gesproken is en wat de diverse standpunten waren. Daar wil zij graag antwoord op. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ geeft aan deze vraag straks ook aan de wethouder te zullen stellen, omdat zij wil weten waarom er WOB-verzoeken nodig waren om te achterhalen wie het college allemaal gesproken heeft. Mevrouw KRUIK geeft aan gechoqueerd te zijn door de manier waarop dat allemaal gegaan is. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA heeft een vraag over de bijeenkomst die

5

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

georganiseerd is in het winkelcentrum. Heeft zij goed begrepen dat de bewoners die dichtbij het plangebied wonen geen brief hebben ontvangen, waarin zij actief werden uitgenodigd voor deze bijeenkomst? Mevrouw KRUIK antwoordt dat er een folder verspreid is, die “heel toevallig” niet terecht is gekomen bij de mensen die de informatie het hardst nodig hadden. In de folder werd ook een link genoemd naar de website van de gemeente. Het gaat in dit gebied echter om veel mensen die digibeet zijn of geen Nederlands kunnen lezen en schrijven. Maar ook als men hoog opgeleid is, dan nog snapt men niets van die informatie op de website. Het vergt veel zoekwerk om ergens achter te komen. Agendapunt 11 (Erfpacht) Inspreker is de heer De Lange namens SEBA. De heer DE LANGE constateert dat vandaag eindelijk het vernietigende rapport van Berenschot voorligt. Het is vernietigend, omdat het rapport concludeert dat erfpacht voor Amsterdam geen door de gemeente geformuleerd politiek doel dient en dat de democratische controle de facto afwezig is. Dat is erg, omdat beginselen van goed bestuur een belangrijke rol spelen in de relatie tussen erfpachter als huiseigenaar en de gemeente als grondeigenaar. Berenschot neemt in haar rapport de beginselen van rechtszekerheid, rechtsgelijkheid, transparantie en participatie als maatstaf om het erfpachtbeleid in de afgelopen 20 jaar te beoordelen.

Het is naar zijn mening belangrijk dat de gemeente deze beginselen op zeer korte termijn overneemt in haar beleid en regelgeving. Als de gemeentelijke overheid het privaatrechtelijk instrument van erfpacht inzet bij het uitvoering van haar publiekrechtelijke taak van grondbeleid, mag de vermogenspositie van de erfpachter in de toekomst geen speelbal zijn van de grillen van een toevallige en wisselende politieke meerderheid in het gemeentebestuur. Inkomens- en vermogenspolitiek is in Nederland voorbehouden aan de Rijksoverheid. Dit via privaatrechtelijke weg willen bewerkstelligen leidt onherroepelijk tot willekeur. Zoals we ook in het Berenschot rapport zien. Dan het rapport van het college: de toekomstvisie over het erfpachtsysteem, twee systemen, hoe die naast elkaar moeten functioneren. Een hele grote teleurstelling, want de verwachtingen waren hoog gespannen na het uitstel van de behandeling. Niets over de erfpacht bij de Haven, niets over de verzelfstandiging in 203 en wat daar gebeurd is. Niets over de woningcorporaties, over de erfpacht daar en over hoe particuliere investeerders anders behandeld worden dan woningbouwcorporaties. Het over het hele grond- en prijsbeleid van de afgelopen jaren, wat dat heeft gedaan voor de stad. Dan tot slot.

De ACM, naar aanleiding van het verzoek van SEBA, heeft de gemeente via een WOB-procedure de brief van de ACM van september vorig jaar openbaar gemaakt. Hij viel stijl achterover dat de ACM duidelijk aangeeft dat rondom de hele informatievoorziening erfpacht grote problemen zijn en dat dat een half jaar lang onder de pet is gehouden. In de tussentijd zijn meer dan 20.000 mensen die een beslissing hebben moeten nemen over de overstapaanbieding. Hij vindt dat echt een heel grof schandaal. De heer BOOMSMA hoorde de heer De Lange met betrekking tot het onderzoek van het college over de knelpuntenanalyse zeggen dat daar een aantal dingen niet in staat, zoals die met betrekking tot de grondprijs. Hij hoort graag wat er, voor wat SEBA betreft, wel in had moeten staan. De heer DE LANGE geeft aan bij de uitgifte te zien dat er ontzettend grillig omgegaan wordt met de grondprijs. Wat SEBA terugkrijgt in geval van transformatie is dat er plannen doodgemaakt worden door de transformatieprijs, die wordt neergelegd. Er wordt heel gericht gestuurd door de gemeente om datgene te bewerkstellig op een kavel wat de gemeente wil en dat de projectontwikkelaar daar eigenlijk niets over te zeggen heeft. Daardoor worden er woningen gewoon niet gebouwd. In de rapportage zie je daar ook niets over terug, er zijn geen vragen over gesteld en er is geen analyse

6

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

van gemaakt en daarmee wordt het de raad dan ook onthouden. Dan is er de conversie of bestemmingswijzigingen van woningen. Ook daar is het ontzettend grillig. Er is een team medewerkers bij de gemeente dat de grondprijzen vaststelt: eenzijdig; enorme wachttijden; de uitkomst is volledig onvoorstelbaar. Dat betreft dan vragen die gesteld moeten worden, voordat de keuze gemaakt kan worden voor eeuwigdurende erfpacht. Verder staat er niets over het proces en niets over het beleid dat daar gevoerd wordt. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ hoort de heer De Lange de aandacht van de raadsleden vragen naar belangrijke argumenten voor de zgn. ambtelijke analyse, zoals het college met haar beleid transformaties tegenhoudt. Zij verwijst naar bladzijde 20. Dit is summier onderbouwd, behalve met ‘het college herkent zich niet in dat beeld’. Zij dacht dat het een onafhankelijk onderzoek was en niet dat van een slager die zijn eigen vlees keurt. Had het college niet met meer argumenten moeten komen om aan te tonen waarom de argumenten die opgehaald zijn niet deugen? De heer DE LANGE wijst erop dat meer dan de helft van de geïnterviewden ambtenaar zijn van de gemeente. In de beantwoording is gezegd dat wanneer meer dan de helft van de geïnterviewden iets vindt, dat gekwalificeerd wordt als “de meerderheid vindt”.

Het gaat hierbij dan ook niet om een analyse waarin sprake is van een evenwicht tussen marktpartijen en de gemeente. De meerderheid van de geïnterviewden is dus afkomstig van de gemeente. Daarom zou men daar waar staat ‘de meerderheid vindt’ moeten lezen ‘de gemeente vindt’. Dat maakt deze analyse in feite een grote fopspeen! De heer VAN SCHIJNDEL wijst erop dat naast de dingen die niet in het stuk van het college staan, er wel staat dat er zo veel mogelijk inzicht geboden moet worden in de grondwaarden. Hoe ziet de heer De Lange ‘zo veel mogelijk inzicht bieden’, bijvoorbeeld door grondwaarderapporten mee te sturen enz. Wat is diens ervaring in de praktijk daarmee? De heer DE LANGE meent dat het meest eenvoudige daarin is dat mensen die over willen stappen naar eeuwigdurende erfpacht de aanbiedingen en in het Persoonlijk Informatie Pakket de netto schuldverplichting, de hoofdsom van de schuld, gepresenteerd krijgen. Noch in de aanbieding, noch in het informatiepakket staat het bedrag van de schuld waar bij overstap mee akkoord wordt gegaan. Naar aanleiding van de overstap middels een jaaroverzicht. Dit is maar een heel eenvoudig voorbeeld in de directe relatie om een aanbieding te accepteren. Er staat een netto canonbedrag, maar wat dat betekent, wat de totale financiële verplichtingen zijn, de totale schuldplichtigheid, staat nergens.

Dat zou men zelf moeten kunnen berekenen als men snapt hoe het allemaal werkt en dan zou men erachter kunnen komen. Zo iets eenvoudigs gebeurt al niet. Hoe kan je dan als consument zo’n aanbieding beoordelen als je niet eens weet wat voor schuld daaraan vastzit. De volgende inspreker op dit punt is mevrouw Heyning. Mevrouw HEYNING (niet altijd goed verstaanbaar) is van mening dat het voorliggende script van het college geen serieus onderzoek is, laat staan een onafhankelijke voordracht van een onderzoek. Het is in feite een pleidooi voor het eigen gewin. Zij heeft het rapport becommentarieerd en haar aantekeningen toegestuurd. Daar wil zij het vandaag verder niet over hebben. Waar zij het wel over wil hebben is te vinden op de laatste pagina’s. Daar wordt aangeraden om een zelfonderzoek te doen. (??) totdat we teruggefloten worden, hetzij door de ACM, hetzij door de Hoge Raad. Twee: Verander veel, begin (??) En haar derde vraag betreft de ergste fouten uit de eerder genoemde systeemwaarden. Dan is …. verkiezingsprogramma’s analyseren, want alle partijen – op twee na

7

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

– menen dat er iets gedaan moet worden. Opnieuw beginnen is het duidelijkst. Afstand nemen van de verguisde berekeningen van het Grondbedrijf, want die rekenen immers een deel van de opstalwaarden toe aan de grondwaarden. Daarvoor wordt vele malen een ratio gebruikt die niet klopt. Een alternatief is de ergste fouten uit het systeem te halen. Een andere mogelijkheid is de BSQ aan te pakken en daarbij eerdere bestuurlijke correcties te verwerken. Zorg verder voor een eerlijk herstel van de residentiele afkoopsommen en herstel 1.06.05 Zij stelt voor om de eerste zin te veranderen in ‘Een nieuwe lente, een nieuw geluid’. De heer VAN SCHIJNDEL refereert aan de onafhankelijke erfpachtgeschillencommissie, waar hij ooit gewag van maakte, die zaken als grondprijzen en afkoopsommen zou kunnen herzien. Vindt mevrouw Heyning dat een juist voorstel of zou het alleen toekomstige gevallen moeten betreffen? Mevrouw HEYNING vindt dat die commissie al gisteren ingesteld had moeten zijn, ook voor de mensen die al over zijn gestapt. In een van haar eerste raadsadressen heeft zij voorstellen daartoe gedaan. Zij kreeg als antwoord ‘wij rekenen anders’. Dat was geen bemoedigende uitspraak van de gemeente en zij bemerkt ook in andere segmenten dat suggesties van burgers – en niet de minsten – door de gemeente terzijde worden gelegd.

Zij roept daarom op om inderdaad een externe geschillencommissie in het leven te roepen. Hoe eerder hoe beter. De volgende inspreker is de heer Lochtenberg. De heer LOCHTENBERG stelt dat het rapport van Berenschot vernietigend is over 20 jaar erfpachtbeleid. Dat beleid is onveilig, onbegrijpelijk, te duur, risicovol en niet transparant. Dat schept onzekerheid en ongelijkheid, volgens hem. Vervolgens geeft hij een analyse die antwoord moet geven op de vraag hoe het komt dat de gemeente faalt. Hij gaat daarvoor terug naar 10 maart 2017 waarin de raad zich uitspreekt voor een voorstel van het CDA, PvdD en PvdO met een gemaximeerde grondquote van 15% van de woningwaarde. De wethouder dacht daar anders over. Vervolgens geeft hij meer voorbeelden waaruit blijkt dat er vaker sprake was van een meerderheid van goedwillende oppositiepartijen in de raad voor een eerlijke erfpacht, maar die wegens de politieke dynamiek niet tot stand kwam. Hij pleit ervoor dat de raad zelf het voortouw neemt in de wens bij te sturen. Er moeten eerlijke oplossingen komen om te voorkomen dat het nu weer fout gaat. Daarvoor is een financieel normenkader Grondwaarden nodig. Dat dient als leidraad meegegeven te worden aan het college en de ambtenaren. Dan ontstaat er een consumentenbescherming die los staat van politieke ontwikkelingen.

Mevrouw VAN SOEST meent dat de heer Lochtenberg suggereert dat de raad bij de samenstelling van een nieuw college de houding moet opleggen van ‘Jongens, hier moeten we uitkomen!’ en welke partijen zich daar hard voor moeten maken. Is de heer Lichtenberg het ermee eens dat dit een van de vragen zou moeten zijn? De heer LOCHTENBERG antwoordt bevestigend. In 2017 werd de grondwaardepolitiek van de raad door het college nog in twijfel getrokken. Het zou heel fijn zijn als iedere partij zich zou uitspreken om die visie te steunen, omdat men graag de consumentenbescherming wil regelen. De heer BOOMSMA wijst erop dat de ACM heeft geconstateerd dat er sprake was van een misleidende omissie in de informatievoorziening van de gemeente. Hoe kan die informatievoorziening het best hersteld worden? De heer LOCHTENBERG herinnert zich een gesprek met de directeur van het Grondbedrijf over de informatievoorziening. Er zouden mensen op gezet worden. De

8

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

website bevat 413 pagina’s over erfpacht. Dat valt alleen te begrijpen als men bereid is dat allemaal te lezen. Een goed begrip van de informatie over een dergelijk complex product vergt een verhelderend kader. Zonder een financieel normenkader bestaat er geen mandaat voor de gemeenteraad voor een toets van de verstrekte informatie door de gemeente. De heer VAN SCHIJNDEL weet dat de heer Lochtenberg veel onderzoek gedaan heeft naar het gemeentebeleid van de afgelopen jaren. Zijn vraag is of een politieke hoofdlijn niet ook is dat die Stalinistische coalitiedwang in Amsterdam bijna nog sterker is dan in de landspolitiek. Kan de heer Lochtenberg iets zeggen over de controlerende beïnvloeding daardoor van raadsleden? De heer LOCHTENBERG weet dat uit onderzoeken blijkt dat er mensen zijn die politiek gemotiveerd zijn in plaats van te kijken naar consumentenbescherming. Daar wil hij echter van wegblijven. Consumentenbescherming is voor hem niet links of rechts, maar een juiste manier om om te gaan met burgers waarmee een erfpachtcontract wordt afgesloten. Agendapunt 12 (eindrapportage met verbetersuggesties met betrekking tot het erfpachtstelsel). De eerste inspreker op dit punt is de heer Schrijven.

De heer SCHRIJVER spreekt van zijn ergernis over het collegerapport over het erfpachtstelsel en vraagt zich af of de heer Van Dantzig in zijn hemd gezet is, nadat deze op 1 december de judasrol mocht spelen en op 18 december zag hoe er door het college met het zogenaamde onderzoek gedraaid werd. Het zijn misleidende teksten met de bedoeling om het straatje van het gemeentebestuur schoon te vegen, maar op die manier wordt het tegendeel bereikt. Zou meneer Van Dantzig niet hebben geweten dat de aanval op Berenschot de vooringenomen opzet was van het rapport waar hij op 1 december om vroeg? Een WOB-rapport bedoeld om te weten te komen welke afspraken er voor zijn verzoek voorafgingen, was niet nodig, omdat die wel te raden waren. Hij zal het mislukte rapport zelf toen nog niet gelezen hebben, want dan zou hij zich toen net zo belazerd gevoeld hebben als wij. Intussen is er weer verder aan de stoelpoten van het erfpachtbeleid gezaagd. Twee eminente rechtsgeleerden, de heren Van der Veen en Van Ballegooijen, concluderen onafhankelijk van elkaar dat de overstapregeling niet voldoet aan de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De zorgvuldigheid ontbreekt, ondanks alle sussende woorden van het college.

Het proportionaliteitsbeginsel of het gelijkheidsbeginsel zijn geschonden als men al op kilometers afstand kan zien dat de grondwaarde per vierkante meter varieert met een factor 4. Het taalkundig economisch rapport Elaspe(?) stemt tot nadenken. Het college verdomd het om de BSQ-gegevens te openbaren ondanks grondregels van transparant bestuur en verschuilt zich achter een doorzichtige argumentatie. Hij heeft zich beziggehouden met de kwaliteit van de (?) functie. De burgemeester heeft daarover een brief geschreven, waarin zij onder meer voor elk beleid een toets op rechtsstatelijkheid afkondigt. Met zo’n toets waren de erfpachters er nooit doorheen gekomen! Destijds werd volstaan met de melding dat het door de gemeente-advocaat verbeterd was. Typisch juridisch marginaal toetsdenken en lang niet de rechtsstatelijke eisen die de burgemeester ons nu voorhoudt. Nu van het college en de volgzame coalitiepartijen geen serieuze zelfreflectie en tegenkracht is te verwachten, is het het beste om eerst de verkiezingen te hebben en de huidige kliek weg te stemmen en opnieuw te beginnen. De volgende inspreker is de heer De Wildt. De heer DE WILDT gaat in op het collegeonderzoek. Hij ziet daarin weinig feiten naar voren komen. Hij refereert aan zijn raadsadressen van vorig jaar, waarvan er twee beantwoord zijn, maar een derde ligt nog te wachten op een antwoord.

Dat raadsadres gaat over de wijze waarop de herbouwwaarde berekend is. Hij concludeert

9

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

dat die berekening primitief is en niet bruikbaar. Dat heeft als effect dat de goedkope woningen een veel te lage grondquote krijgen en dure woningen een te hoge grondquote. Dat heeft als effect dat de grondquotes variëren met een factor 4. Binnenskamers zijn de grondwaardeontwikkelingen berekend en daarover valt niets terug te vinden in de analyse van de eigen gemeentepunten. Hij vindt dit een kernpunt, waarvan hij vindt dat het belangrijk is dat de raad nagaat wat daarmee moet gebeuren. In 2017 is de zaak verder geëxplodeerd door stijgende WOZ-waarden, waardoor de hele stad geconfronteerd werd met enorme stijgingen van de grondwaarden, die onvoldoende onderbouwd zijn en niet op deze manier gehanteerd zouden moeten worden. Hij mist dat in het collegeonderzoek. De heer BOOMSMA hoorde de heer De Wildt uiteenzetten hoe de gemiddelde bouwkosten tot die grote verschillen leidt met de te lage grondquote voor de goedkope woningen en een voor dure woningen te hoge grondquote. Inmiddels is het volgens hem zo dat bij de woningen in Amsterdam post huur(?) kunnen beschouwen door het hefboomeffect. Dat geldt niet alleen voor dure woningen, maar juist ook voor gemiddelde woningen. Dat klopt, aldus de heer DE WILDT. In Zuidoost werd begonnen met een grondquote van 5%, maar bij de herzieningen van januari 2020 is dat gestegen naar 25%. Daarbij kwam ook een verdubbeling van de WOZ-waarden.

De heer VAN SCHIJNDEL wijst erop dat de gemeente denkt dat de 14 woningtypen die zij hanteert, een fijnmazig beeld vormen van alles wat er in Amsterdam aan woningen staat. Hij vraagt de heer De Wildt daarop te reflecteren. De heer DE WILDT onderscheidt drie typen: vrije woningen en boven- en benedenwoningen. Die vormen ongeveer de helft van alle erfpachtwoningen. Die woningen hebben kosten die afgeleid zijn van het woontype en woninggrootte. Middels die twee kenmerken worden woningen gekwalificeerd. (onverstaanbaar) en de prijsverschillen tussen woningen. De volgende inspreker is de heer Griffioen. De heer GRIFFIOEN begint met de vraag hoe het ook al weer was. Voortdurende erfpacht gaf te veel problemen en eeuwigdurende erfpacht zou dat definitief oplossen. Het werd gepresenteerd als het beste besluit van de eeuw. Maar zoals voorspeld in 2012 geeft het nog meer ellende. Daar stortte de raad van Amsterdam in. De stukken van agendapunt 12 ontkennen dat onterecht en zijn dus oneerlijke stukken! De problemen met voortdurende erfpacht blijken vergeten. Vier coalities tekenen in voor 35 keer en dat is bij de volgende coalitieakkoord waarschijnlijk weer het geval. Na 20 jaar werd hem één ding duidelijk: (?) van uw rechten één keer af; teken de gedragscode. De burger moet op u kunnen rekenen. Het boekje van de burgemeester begint daarmee. Van de tien coderegels (?).

Het politieke credo en het verkiezingsprogram of in een partijcongres lees je hierover. Steek hier eens de hand in eigen boezem ‘openbare vergaderingen’. Zit u nu uw tijd uit tot de verkiezingen of gaat u nog alsnog ‘paars’ helpen, die niet kunnen weten met welke financiële problemen uw erfpacht hen durft op te zadelen! Het zijn voorspelde problemen, die groeien. Erfpacht is nu uw laatste ding geweest. Eén ding is belangrijk voor u: verkozen worden en lekker politiek spelen! Nu reeds valt het terugkrabbelen van vele standpunten te zien om in de volgende coalitie te komen. Maar als u daarin verzeild, gaat u die dan fundamentalistisch veroveren? Onder dit beleid zijn de problemen verder vergroot. Erfpacht is in Zuidoost onder de 10.000 euro (?) even later moeten ze veel betalen. De wethouder kan best vragen om te bemiddelen, maar die stelt dat wat de raad beslist onherroepelijk is. Erfpachters verwijzen naar de (?) is zinloos. U weet dat. Erfpachters worden met beloftes afgescheept. Het is de taak van de raad om dat de voorkomen. Waarom doet de raad dat niet? Is erfpacht niet een schuld die (?). Dit beleid jaagt veel

10

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Amsterdammers de stad uit. Agendapunt 17 (kennisnemen van het collegebesluit tot vrijgave van het concept beleidskader hoofdgroenstructuur) De eerste inspreker op dit punt is mevrouw Nollen op persoonlijke titel . Mevrouw NOLLEN heeft gisteren deelgenomen aan de informatiesessie over de hoofdgroenstructuur. Zij heeft het volgende commentaar op het conceptbeleidskader. Ondanks alle groene ambities zijn er dingen die volgens haar niet in de hoofdgroenstructuur passen. Zij verwijst naar de pagina’s 26 en 37 (windturbines in de hoofdgroenstructuur). Er wordt zelfs een uitzondering gemaakt voor datacenters, verdeelstations en windturbines. Dat terwijl op pag. 57 staat dat installaties voor winden zonne-energie afbreuk doen aan de prioritaire waarde van natuur en beleving. Om die reden stelt volgens haar de uitbreiding of bescherming van de hoofdgroenstructuur nauwelijks iets voor. Natuurnetwerk Nederland, Natura 2000 en het Bijzonder Provinciaal Landschap worden ineens natuurparken stadsparken, tuinparken of landschap genoemd. Zij pleit ervoor dat alleen termen die op provinciaal of landelijk niveau gebruikt worden, gehanteerd worden, zodat iedereen weet waar het over gaat. Waarom dat soort termen in Amsterdam moet worden heruitgevonden is haar een raadsel. Ambtenaren konden deze kritiek gisteren niet afdoende uitleggen.

Het doet haar vermoeden dat het in dit document juist gaat om het uit elkaar trekken van de hoofdgroenstructuur. Zij geeft hiervan voorbeelden ter onderbouwing van die stelling. Zij sluit af met erop te wijzen dat er in Amsterdam de laatste jaren miljoenen vierkante meters groene ruimte zijn verdwenen. Zij vraagt daarom eens goed naar dit document te kijken en te voorkomen dat er nog meer groen binnen de hoofdgroenstructuur gaat verdwijnen. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA benadrukt dat de PvdD het eens is met hetgeen mevrouw Nollen zojuist zei over windturbines. Zij wil weten of mevrouw Nollen ervan op de hoogte is dat het provinciaal beleid niet toestaat dat er bijvoorbeeld windturbines worden geplaatst bij de polder in Zuidoost. De provincie hanteert ook afstandsnormen met betrekking tot bewoning. Mevrouw NOLLEN herinnert eraan dat dit onderwerp tijdens eerdere inspraakrondes ook aan de orde is geweest, zoals dat ook het geval was bij een bezoek van de wethouder aan een volkstuincomplex. Het is haar bekend dat er sprake moet zijn van voldoende afstand tussen windturbines en bewoning. Mevrouw VAN SOEST wil weten of zij goed begrepen heeft van mevrouw Nollen dat zij zei dat de TAC geen advies mag geven. Mevrouw NOLLEN antwoordt dat de TAC betreffende evenementen in natuur in en rond Amsterdam geen advies mag geven. De volgende inspreker is de heer Verbeek op persoonlijke titel.

De heer VERBEEK wijst erop dat op pag. 37 een verborgen bedreiging schuilgaat voor het beleid dat deze nota pretendeert te stimuleren. Daar gaat wel degelijk een bedreiging vanuit op het voortbestaan van de hoofdgroenstructuur. De beleidsregel is immers dat in de hoofdgroenstructuur geen monumenten worden opgericht. Toch diende in 2016 een projectontwikkelaar een aanvraag in voor de bouw van windturbines in het natuurpark Noorder IJ-plas. Deze aanvraag werd afgewezen mede op grond van het feit dat de Noorder IJ-plas onderdeel is van de hoofdgroenstructuur. Dat blijkt nu ineens anders te gaan. Op pag. 37 van het beleidskader Hoofdgroenstructuur staat dat windturbines niet inpasbaar zijn, maar dat de gemeenteraad ook anders kan beslissen als het om zoekgebieden voor windturbines gaat. De gemeenteraad heeft al zoekgebieden vastgesteld. In het door de raad vastgestelde beleid is nooit een relatie met de

11

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

hoofdgroenstructuur vastgelegd. Hij heeft een kaart gemaakt en toegestuurd aan de griffie. Op die kaart valt te zien dat in het havengebied 85% van de zoekgebieden voor windturbines in de hoofdgroenstructuur liggen. De voorliggende nota moet de hoofdgroenstructuur voor de eeuwigheid beschermen! Het groen moet beschermd worden en blijven! Door de keuze voor windturbines in de hoofdgroenstructuur bij de gemeenteraad neer te leggen, wordt naar zijn mening de eeuwigheidswaarde van de Amsterdamse natuur aangetast. De volgende inspreker is de heer Vlug namens de Vrienden van het Diemerpark. De heer VLUG vraagt aandacht voor een aantal essentiële punten in het beleidskader. De omvorming heeft tot nog toe een aantal rapporten opgeleverd, die op een onnavolgbare manier worden gepubliceerd, waardoor een weinig overzichtelijk geheel ontstaat. Daardoor valt moeilijk te achterhalen dat de spelregels voor lopende projecten veranderd worden. Het lijkt erop dat er een soort omgekeerd proces gaande is. Beleidsrichtlijnen worden aangepast of buiten werking gesteld, waardoor plannen die niet passen in de hoofdgroenstructuur plotseling wel binnen de toetsingscriteria vallen. Dat heeft ook tot aanpassingen op de toetskaart geleid met bijvoorbeeld een aanzienlijke vergroting van het sportcomplex in het Diemerpark.

Er wordt in het beleidskader gesteld dat veel aan de hoofdgroenstructuur wordt toegevoegd. Dat blijkt bij nadere beschouwing wel mee te vallen. Het overgrote deel wordt gevormd door waterpartijen. Verder wordt er te veel ingezet op het ontwikkelen van groengebieden en te weinig op het beschermen van bestaande groengebieden. Het toevoegen van recreatieve toevoegingen en ontsluitingen krijgen prioriteit met als gevolg kwaliteitsverlies aan groene en natuurgebieden. De TAC krijgt minder speelruimte om te toetsen en ook minder ruimte om een negatief advies uit te brengen. Zo’n advies kan overigens door het gemeentebestuur worden genegeerd. Er is erg veel aandacht voor het groen in de vorm van sportpark, maar ‘park’ moet hierbij als een eufemisme worden opgevat! De vraag is in hoeverre het nog legitiem is om de term ‘sportpark’ in dit beleidskader op te nemen. Het voegt immers geen groene of natuurlijke kwaliteit toe! Die parken voldoen meer aan de voorwaarden voor bedrijfsterreinen. Mevrouw BAKKER (moeilijk verstaanbaar) wil weten of het de heer Vlug bekend is of de TAC om advies is gevraagd bij het vaststellen van het nieuwe beleidskader en de uitbreiding van het sportpark. De heer VLUG schat in dat de TAC daarbij niet om advies gevraagd is.

Hij maakt zich echter grotere zorgen over het feit dat op de toetskaart bepaalde vlekken uitgebreid kunnen worden, zoals de vlek ‘sportpark in het Diemerpark’, een gebied dat een natuurpark is en ook aangemerkt is als stadsnatuur. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA is het er helemaal mee eens dat er niet zo maar hele stukken uit de groenstructuur gehaald worden. Zij hoorde de heer Vlug ook zeggen dat de TAC minder bevoegdheden krijgt in de toekomst. Wat zijn daar volgens de heer Vlug de consequenties van? De heer VLUG geeft als voorbeeld dat de TAC twee preadviezen heeft doen uitgaan, die negatief zijn ten aanzien van de uitbreiding van de sportvelden in het Diemerpark. Hij schat in dat met de toetskaart het voor de TAC niet meer mogelijk is om een negatief advies uit te brengen. Hij vindt het niet netjes dat op basis daarvan nu al adviezen van de TAC zijn afgewezen. Agendapunt 19 (Integraal Raamwerk Haven-Stad) De eerste inspreker is de heer Heijnen namens de Amsterdamse voetbalvereniging Samenspel Doet Zegevieren (SDZ).

12

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

De heer HEIJNEN benadrukt het belang van SDZ voor de beleidsdoelen gezondheid, samenhang, verbinding, kansen voor jongeren en volwassenen. Hij roept op om het raamwerk Haven-Stad af te keuren, want hij acht het nog niet rijp voor besluitvorming. Dat komt o.a. omdat het niet mogelijk is geweest om inwoners te betrekken in de planvorming. Dat moet alsnog wel gebeuren. Hij vindt het raar dat SDZ als een van de weinige insprekers een toezegging hebben gekregen in het stuk. Zij werden een jaar geleden overvallen door het plan dat er een participatietraject was opgesteld. Zij voelden zich met de rug tegen de muur gezet. Sindsdien hebben zij alles goed gedaan. Hij geeft een beschrijving. Na tien maanden kwam er eindelijk een gesprek met Haven-Stad en daarbij werd hen verteld dat zij niet gehonoreerd zouden worden. Zij zijn vervolgens politiek actief geworden. Hij wijst erop dat gemaakte afspraken niet in het plan verwerkt zijn. Hij geeft een schetst van de diverse problemen en meldt dat de club wil investeren in het clubgebouw, maar dat dat onmogelijk is, omdat men geen perspectief heeft. Hij vraagt daarom om de steun van de gemeenteraad. Hij meent dat er op deze manier geen stad in de haven ontstaat, maar een (?).

De heer LEENDERS (onverstaanbaar) De heer HEIJNEN antwoordt dat de toezegging die in het stuk door het college gedaan is, neerkomt op de toezegging dat zij nog acht jaar op de huidige locatie kunnen zitten en dat over vier jaar bekeken gaat worden of die termijn verlengd kan worden. Zo niet, dan zou er gezocht gaan worden naar een nieuwe locatie. Dat betekent wel dat men dan weer vier jaar verder is, terwijl er nu al bijna geen locatie meer te vinden is. De volgende inspreker is mevrouw Vos namens de bewoners/buren van de Minervahaven. Mevrouw VOS maakt zich zorgen, omdat de beantwoording van de inspraakreacties van de bewoners ernstig tekortschiet. Vele van de 399 reacties zijn genegeerd. Zij heeft drie inhoudelijke kritiekpunten en daarna wil zij ingaan op het proces. Allereerst meent zij dat voetgangers en het OV naast de fiets belangrijke structuurbepalers zouden moeten zijn in een 21ste-eeuwse stad. In de nota van beantwoording is in het geheel niet gereageerd op de aanbeveling om toekomstige ontwikkelingen uit te denken met betrekking tot wat zij ecologische verbindingen noemt. Het gaat om bewoners, want die maken de stad. Er zijn voorts vragen gesteld bij de consequenties van de grote, kwantitatieve opgave.

Wat voor verblijfskwaliteit biedt het angstaanjagende grootstedelijke woonmilieu? Hoe kan ervoor gezorgd worden dat de verdichting een maatschappelijk succes wordt en niet een probleem? Ten derde: (slecht verstaanbaar) de kwantitatieve benadering van het klimaat is vanuit de dagelijkse ervaring van de (?) kwaliteit van groot belang. Het gaat om het behoud van de fysieke kwaliteit, maar ook om de maatschappelijke kwaliteit, zoals het belang van SDZ voor de voetballende jeugd. Voor de nieuwe buurten is toekomst nodig. Het proces: het raamwerk is op geen enkele manier (?). Zij vraagt zich af of er door corona niet van alles is veranderd in het dagelijks gebruik van woning, buurt en stad. Verder is het bestuursrechtelijk de vraag hoe (?) moeten repareren door het college. Het kan toch niet zo zijn dat zulke tekeningen de basis vormen om af te wijken van vigerende bestemmingsplannen. Ten derde concludeert zij dat van het streven om van Haven-Stad een stad te maken niets terechtgekomen is. Er zijn nog helemaal geen concrete ontwikkelingen en er is nog niets besloten. De participatie moet nog beginnen. Dat betekent dus ook dat fundamentele vragen, die de 399 insprekers gesteld hebben, moeten worden ingezet. Omdat de vele inhoudelijke zaken helemaal niet aan de orde komen, beveelt zij de commissie dringend aan om het raamwerk niet als een rigide instrument te accepteren.

Zij adviseert om de kwestie, inclusief de 399 inspraakreacties, over te dragen aan de nieuwe raad.

13

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Mevrouw NAOUM NÉHMÉ vraagt de reactie van mevrouw Vos op de manier waarop het college bij de planvorming voor Haven-Stad omgaat met de 399 reacties van bewoners op de vraag van het college om mee te denken en mee te doen. Mevrouw VOS is verbaasd dat haar deze vraag wordt gesteld, omdat het dezelfde vraag is als die zijzelf stelt. Zij is een van die 399 insprekers. Zij kan zeggen dat die insprekers zich niet voldoende gehoord voelen. Zij zijn als bewoners van de Minerva haven al anderhalf jaar informeel in gesprek. Dat is dus positief. Daarom is het des te teleurstellender dat als zij aan zet zijn, er op de nog vele andere belangen wordt gewezen en dat er daarom niets wordt veranderd. Het gaat om een enorm gebied met heel veel kansen voor alle omliggende buurten om mee te gaan genieten van de haven. Het plan is waarschijnlijk veel te groot om heel precies te kunnen zijn. Het gevaar is nu dat er veel te snel wordt doorgehold en er niet voldoende wordt voorgesorteerd op de belangen. Men zou eerst goed in gesprek moeten komen met bewoners en ondernemers van alle buurten die straks mee kunnen gaan genieten van al het moois. De volgende inspreker is de heer Harder op persoonlijke titel. De heer HARDER blijkt niet aanwezig. De laatste inspreker is de heer Pos namens Vrienden van het Westerpark.

De heer POS spreekt niet voor het eerst in over het Westerpark, een park dat flink onder druk staat. Ook hier is alle participatie terzijde geschoven. Hij roept dan ook op om niet in te stemmen met dit raamwerk. De groennorm wordt niet gehaald en het kiezen voor snelfietspaden en een OV-traject door volkstuinen is (?) door het park. De vorige keer dat Haven-Stad werd besproken heeft de raad ingestemd met het voorstel om het gehele Westerpark buiten de groennorm te gehouden. Daarom is het verbazend te constateren dat in het raamwerk de (?) van het Westerpark toch toeleidend zijn tot Haven-Stad. De uitbreiding van het park met het Zaanstraatemplacement is geschrapt. Sinds 2017 is er met talloze avonden geparticipeerd. In die vier jaar is niet één keer over het idee van een bus- of trambaan dwars door het Westerpark besproken. Dit idee kwam als een duiveltje uit een doosje in de Omgevingsvisie. Meer dan 12.000 Amsterdammers tekenden de petitie omtrent het Westerpark en zo’n 400 zienswijzen werden ingediend. Het is bizar dat er met de input van bewoners niets, maar dan ook helemaal niets is gedaan en dat de nota van beantwoording met geen woord rept over concrete alternatieven met OV en fiets. De wethouder zei dat bekeken wordt of en hoe de OV-baan uitgevoerd wordt. Van een college dat de mond vol heeft om samen een stad te maken, kan hij zich niet voorstellen dat (?).

Als de trambaan echt een misverstand was, zoals de wethouder in de media doet voorkomen, waarom wordt deze dan niet definitief geschrapt? In de overeenkomst die de gemeente vorig jaar met de volkstuinders heeft gesloten staat dat de mogelijkheid van snelfietsroutes door de volkstuinen over tien jaar onderzocht wordt. In de nota van beantwoording staat hoe die fietsroutes vorm worden gegeven. Alle plattegronden in het raamwerk zijn ongewis. Hij roept op om de alternatieve verkeerroutes rondom het park serieus te nemen, voordat de keuzes voor de routes worden gemaakt. Westerpark is boos. Het nieuws is consequent tegen groen en tegen bewoners. Stuur dit raamwerk terug naar de tekentafel! Onderzoek alternatieven en ga serieus aan de slag met de plannen van betrokken Amsterdammers. Mevrouw BLOEMBERG-ISSA geeft aan dat de PvdD de zorgen van de heer Vos deelt over deze plannen. De vraag is hoe het Westerpark eruitziet als deze plannen doorgaan. De heer POS wijst op de andere dossiers in het Westerpark, zoals de evenementen, maar hij bepaald zich voor nu tot dit ene onderwerp. Het is een vrij klein en smal park waar een aantal vrij brede fietsroutes in aangebracht gaan worden. Dan

14

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

komt er eventueel ook nog een trambaan doorheen, terwijl het ook mogelijk is om om het park Sloterdijk heen te rijden. Dus die trambaan is niet nodig. In 2012 heeft de toenmalige wethouder gezegd dat een dergelijke baan ondergronds zou gaan. Dus het park en die volkstuinen gaan behoorlijk doorsneden worden. Het wordt dus steeds drukker in het park, zoals overal in Amsterdam. Mevrouw VAN RENSSEN meent dat de heer Pos toch ook gezien moet hebben dat het Westerpark wordt uitgebreid en dat dat deel openbaar wordt gemaakt. Zij denkt dat het belangrijk is dat het park op deze manier uitgebreid wordt. Is de heer Pos daar niet blij mee? De heer POS zegt daar blij mee te zijn als bepaalde stukken die ingetekend zijn ontwikkeld zouden kunnen gaan worden, maar dat als maar ten dele het geval. De afspraak was dat het Westerpark geoptimaliseerd zou worden, omdat het park de komende tien tot vijftien jaar de opvang moet worden voor Haven-Stad. Daarnaast zou het park worden uitgebreid. Dus de optimalisering in het park zijn de stukken (?). De vraag is of dat alles voldoende kwaliteit kan hebben. Dus het is een zeer beperkte uitbreiding en dat is niet in overeenstemming met de afspraken die destijds met Ruimte en Duurzaamheid zijn gemaakt.

c Actualiteiten Er zijn geen actualiteiten gemeld.

d Rondvraag Mevrouw VAN SOEST vertelt bezig te zijn met de Klaprozenweg waar woningbouw gepland staat en de gesprekken met stadsdeel Amsterdam-Noord over de verplaatsing van bedrijven gaande zijn. Zij weet dat wethouder Van Doorninck hierover geïnformeerd is, maar daar is het voorlopig bij gebleven. Zij zou graag het plan B (?), dat over heel Amsterdam speelt, de volgende vergadering willen bespreken. Wethouder VAN DOORNINCK geeft aan dat de vragen van mevrouw Van Soest inmiddels beantwoord zijn. Als daarbij iets mis is gegaan, dan hoort zij dat graag. Zij herkent het punt van mevrouw Van Soest: in transformatiegebieden moet er goed op gelet worden hoe er met de bedrijvigheid wordt omgegaan. Daar lopen verschillende programma’s voor en desgewenst kan daarover informatie verstrekt worden. Mevrouw VAN SOEST hoopt dat er een informatieavond georganiseerd kan worden. Toch wil zij het onderwerp geagendeerd hebben voor de volgende vergadering. Verder laat zij weten dat men in Amsterdam-Noord opgeschrikt is door de komst van de stadswarmtecentrale. Zij wil namens de bewoners weten waar de plannen plotseling vandaan komen. Waarom zijn de bewoners daar niet over geïnformeerd? Heeft de wethouder daar wat meer informatie over? Wethouder VAN DOORNINCK wijst erop dat de betrokken bewoners eerder geïnformeerd zijn over het feit dat het om een zoekgebied gaat voor de stadswarmtecentrale.

Dat is iets anders dan een gascentrale. Het is een kleiner gebouw. Het is nog niet precies bekend of die centrale er komt en waar die dan komt. De procedure is wel al begonnen met de voorbereidingen, zodat er gestart kan worden als besloten wordt dat de centrale er komt. Dat is wat er gebeurd is. Als dat gaat

15

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

gebeuren, zal er een uitgebreid gesprek over gevoerd worden. Bovendien zal er in dat geval voor gezorgd worden dat de centrale heel goed wordt ingepast in de omgeving. Daar is nog geen besluit over genomen. Mevrouw VAN RENSSEN wijst erop dat de Raad van State uitspraak heeft gedaan over het bestemmingsplan West dat daar is vastgesteld. De omgevingsvergunning voor het gat in de Kinkerbuurt is geweigerd. Zij wil weten of het mogelijk is ervoor te zorgen dat er volledig wordt ingegaan op het verweer van de weigering van de rechtbank, zodat het verweer op het besluit ook kans van slagen heeft bij de rechter. Daarvoor moeten de nodige stappen gezet worden om de motivatie te leveren. Zij vraagt het college dat ook te doen. Wethouder VAN DOORNINCK weet van de weigering van de Raad van State, omdat het meenemen van het advies van de raad geen inhoudelijke afweging is. Dit leidt tot de ongewenste situatie dat door de vernietiging van dit deel van het bestemmingsplan de (?) herleven. Dat betekent dat het een bestemmingsplan ‘gemengd 1’ met detailhandel op de begane grond en daarboven wonen is. Het college zal in zijn verweer ingaan op alle punten van het beroepsschrift om te motiveren dat volgens de gemeente deze locatie niet meer geschikt is voor (?)capaciteit.

Het punt betreffende het verweer namens de raad zal zij bij de burgemeester navragen om te horen in hoeverre dat een mogelijkheid is.

BESPREEKPUNTEN Zuidas en Marineterrein 3 Vaststellen van het bestemmingsplan Zuidas Kop Zuidas 2018, 1ste herziening (ZD2021-015576) Mevrouw NAOUM NÉHMÉ constateert dat ook in dit geval de participatie mis is gegaan. Zij onderstreept dit met een citaat uit de mail van een bewoonster over het bestemmingsplan Kop Zuidas. De bewoonsters is van mening dat de inspraak van jaren hierin te niet is gedaan door het college en dat zij de gang naar de Raad van State zullen maken. Spreekster herinnert eraan dit signaal vorig jaar reeds bij wethouder Everhardt neer te hebben gelegd. Zij wil weten welke acties de wethouder sinds mei vorig jaar in gang gezet heeft om serieus met de geluiden vanuit de bewoners om te gaan, waarbij zij met name aandacht vraagt voor de kwestie van de 24-uursopvang. Wethouder EVERHARDT weet dat dit onderwerp al vaker met elkaar besproken is. Hij wijst op de beleidswijziging die ondertussen heeft plaatsgevonden, die o.a. consequenties had voor de 24-uursopvang. Hij is toen met de buurt in overleg gegaan. Hij heeft ook persoonlijk met vertegenwoordigers van de bewoners rond de tafel gezeten. Daarbij is de procedure doorlopen van het bestemmingsplan zelf met alle inspraakreacties. Tweede termijn Mevrouw NAOUM NÉHMÉ vindt dat de wethouder zich er nu heel makkelijk van afmaakt.

Als zij namelijk kijkt naar de nota van beantwoording en de hoeveelheid reacties die daarop ingezonden is, dan hoort zij graag de motivatie van het college waarom men niets gaat doen met deze reacties. Daarom vraagt zij de wethouder aan te geven in hoeverre er serieus ingegaan is op de reacties van de bewoners met name met betrekking tot de kleinschaligheid van de voorzieningen die daar komen.

16

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

RO

Wethouder EVERHARDT wijst erop dat het gaat om een 24-uursvoorziening van mensen die op het punt staan op een goede manier terug te keren in de maatschappij. Dat wordt goed begeleid. In overleg met alle betrokken partijen is ervoor gezorgd om deze 24-uursvoorziening goed te kunnen laten landen in deze omgeving. Daarbij is geconstateerd dat er een aanpassing van het bestemmingsplan nodig was. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ geeft aan dat de VVD niet voor een 24-uursopvang op deze plek is. Zij vindt niet dat deze mensen moeten terugkeren in de samenleving, maar naar een plek elders, wat haar betreft. Haar vraag was heel concreet wat de wethouder gedaan heeft met het alternatief dat de bewoners hebben aangedragen, namelijk een afname van de omvang van de voorziening. Wethouder EVERHARDT geeft aan dat het om mensen gaat die terug kunnen keren in de maatschappij en hier de laatste stap maken naar het zelfstandig kunnen wonen. Dat moet in een woonwijk gebeuren. Die grotere kleinschaligheid is niet mogelijk. Daarom heeft men de huidige vierkante meters gewoon nodig op dit moment voor deze specifieke groep. Dat heeft hij toegelicht en dat is in het beleid van de raad vastgelegd. De heer ERNSTING benadrukt dat het niet gaat om mensen die terug moeten keren naar hun eigen land, zoals de VVD lijkt te suggereren. Het gaat gewoon om Nederlanders en in een woonvormvoorziening zitten.

Hij vindt het schandalig om zoiets te zeggen en helemaal omdat het Nederlanders zijn in Amsterdam. Is de wethouder dat met hem eens? Wethouder EVERHARDT wijst er nogmaals op dat het om mensen gaat die de laatste stap maken om daarna gewoon zelfstandig te kunnen wonen. Dat is met een goede begeleiding ook mogelijk. En dat gaat nu met elkaar gerealiseerd worden. Mevrouw NAOUM NÉHMÉ betreurt het dat haar uitlatingen onjuistheden opgeroepen hebben. Zij had een ander plan in haar hoofd. Haar vraag blijft daarom nog steeds dat wanneer bewoners vragen om kleinschaligheid, zij niet zeggen dat zij die mensen niet willen. De bewoners vragen zich alleen af waarom het in deze drukke wijk om zoveel mensen moet gaan. Heeft de wethouder dat alternatief onderzocht? Wethouder EVERHARDT (moeilijk verstaanbaar) legt uit dat dit te maken heeft met de consequenties in het zorgdomein over de opvang en begeleiding van deze groepen. Hij vindt dit een prima plek om dat hier op deze plek te laten plaatsvinden. Dat betekent dat deze mensen deze ruimte op dit moment nodig hebben. Dat heeft hij onderbouwd gecommuniceerd naar de bewoners. Daar heeft hij een goed gesprek over gehad met de bewoners. Hij spreekt nogmaals zijn vertrouwen uit in deze Amsterdamse zorgaanpak.

De VOORZITTER stelt vast dat dit onderwerp hiermee voor dit moment voldoende besproken is en dat het in de raadsvergadering een korte behandeling zal krijgen.

Ruimtelijke ordening 4 Benoemen en het herbenoemen leden van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (ZD2021-015491) Gehamerd, maar niet in de raad.

17

Gemeente Amsterdam Raadscommissie voor Ruimtelijke Ordening, Grondzaken, Zuidas en Marineterrein, Energietransitie. Concept Raadscommissieverslag, woensdag 19 januari 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11092554/1