CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept verslag FKD 20.06.2024 MET WIJZIGINGEN

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 12 september 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare en besloten vergaderingen van de raadscommissie FKD d.d. 20 juni en 11 juli 202421.367 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

47 alinea's met “financiën”: 1 5 10 16 18 21 27 33 40 46 52 58 64 70 76 82 88 93 99 105 111 117 123 129 135 140 142 148 154 157 158 160 166 172 178 185 191 197 203 208 …

Ouders die omstander zijn kunnen, net als andere omstanders, zich uitspreken en actie ondernemen wanneer zij getuige zijn van discriminatie. Lid BENTOUMYA prijst de Kinderraad voor haar inzet en de goede ideeën die zij heeft. Zij vraagt de kinderen of zij ervaring hebben met online pesten en welke mogelijkheden de Kinderraad ziet om daders en slachtoffers op sociale media te bereiken. BO (Kinderraad) heeft zelf wel eens pestgedrag gezien op sociale media, maar de Kinderraad heeft zich hier nog niet mee beziggehouden. Bo denkt dat dit ook voor de gemeente lastig is om dit aan te pakken. Lid KABAMBA prijst de inzet van de Kinderraad en waardeert het voorstel om herdenkingen om stadsdeelniveau te verbeteren. Zij vraagt welke ideeën de Kinderraad heeft voor de uitwerking hiervan. MAARTJE (Kinderraad) verwijst naar de kleine evenementen op stadsdeelniveau tijdens koningsdag en stelt voor hier een soort Keti Koti-herdenking aan toe te voegen. BO (Kinderraad) vult aan dat er naar voorbeeld van de grote Keti Koti-herdenkingen kleinere versies hiervan worden georganiseerd die laagdrempelig zijn. Lid BOUHASSANI bedankt de Kinderraad voor de komst en prijst de aanbevelingen die de Kinderraad doet. Zij vraagt de Kinderraad of er ook ideeën zijn om dit thema op scholen uit te werken.

BO (Kinderraad) stelt spontaan voor om een brievenbus te plaatsen waar slachtoffers hun ervaring schriftelijk in kunnen doen. Dit zou dan door de docenten kunnen worden opgepakt. Lid LUST bedankt de kinderen en vraagt of zij bekend zijn met de campagneposter van de gemeente die gaat over het aanspreken van omstanders. Zij noemt een aantal

20

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

‘slogans’ die op de posters worden gebruikt, die beginnen met ‘Zeg er iets van als…’ Zij vraagt de Kinderraad hoe een dergelijke poster kan worden aangepast, zodat het juist kinderen aanspreekt. TOM (Kinderraad) geeft namens de Kinderraad aan dat de lay-out van de poster niet hoeft te veranderen, maar de tekst zou meer op kinderen gericht moeten zijn en er zou een kind moeten worden afgebeeld. Lid LUST vindt dit een goed idee. Ook sluit zij zich aan bij de suggestie van de VVD om een Ajax-speelster als rolmodel bij de campagne in te zetten. MAARTJE (Kinderraad) suggereert dat een poster in de vorm van een stripverhaal voor kinderen aanspreekbaar is. Lid BOBELDIJK complimenteert de Kinderraad met hun actie om met een advies naar de gemeenteraad te komen. Hij waardeert de verschillende invalshoeken die de Kinderraad benut om het probleem in beeld te brengen. Hij vraagt de Kinderraad of zij zich ook aanbiedt om bij te dragen aan de oplossing van de problemen bij dit thema. BO (Kinderraad) beaamt dit, niet alleen namens zichzelf, maar namens de gehele Kinderraad. Lid PERDOK complimenteert de Kinderraad met het werk dat zij doet op het gebied van discriminatie en racisme. Zij vindt het leuk om de kinderen uit deze raad te ontmoeten en ze bedankt de kinderen voor hun komst.

Zij vraagt of er is nagedacht over alternatieve manieren om kinderen met de campagne te bereiken behalve de eerder genoemde poster. MAX (Kinderraad) stelt voor dit via een krant te doen. CÉLESTE (Kinderraad) stelt voor om hier aandacht aan te geven bij een kinderprogramma door middel van een kort filmpje tussendoor. De VOORZITTER rondt dit onderdeel met de Kinderraad af en vervolgt de bespreking van het agendapunt met de commissie. Lid BADAL spreekt zijn waardering erover uit dat kinderen zich intensief bezig houden met dit thema. Het advies om rolmodellen in te zetten spreekt hem aan en daarom vraagt lid Badal op welke wijze de wethouder invulling gaat geven aan dit advies. Lid BETOUMYA benadrukt hoe belangrijk het is dat kinderen zich hiermee bezighouden, aangezien discriminatie en racisme ook voorkomen in hun leefwereld. Zij is benieuwd hoe de wethouder zal reageren op de aanbevelingen van de Kinderraad. Lid GARMY sluit zich hierbij aan. Lid BOBELDIJK verzoekt de wethouder om zoveel mogelijk van de aanbevelingen van de Kinderraad over te nemen. Lid PERDOK stelt het op prijs dat het mogelijk is gemaakt dat de Kinderraad hier haar verhaal mocht delen. Voor de raadsleden geeft dit een nog beter inzicht in de leefwereld van de Amsterdammers en wat hun wensen en behoeftes zijn.

In haar stadsdeelcommissie heeft zij al aangegeven dat er ook een kindercommissie zou moeten komen en met de komst van de Kinderraad heeft zij kunnen zien welk effect dit heeft.

21

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Wethouder MELIANI bedankt de Kinderraad voor hun inzet. De wethouder omarmt het advies dat zij heeft gegeven. Zij zal de inbreng van de Kinderraad bestuderen en zij zal op korte termijn namens het college met een reactie hierop komen. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken. Grond en Ontwikkeling 5. Afwijken van de Hoofdgroenstructuur en afdoening moties 112, 113, 114 en 119 met betrekking tot Investeringsnota en Stedenbouwkundig Plan Stadscentrum Osdorpplein fase 2a (VN2024-007406) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat deze raadsvoordracht staat op de agenda van de raadsvergadering op 26 en 27 juni 2024. Lid BOBELDIJK verwacht dat de coalitiepartijen hun gelijk zullen halen, maar hij merkt op dat het afwijken van de Hoofdgroenstructuur in strijd is met het advies dat vanuit het referendum is gekomen. Een discussie hierover lijkt hem zinloos, aangezien hij meent te weten wat de uitkomst zal zijn. Lid BILGIN geeft aan dat hij het afwijken van de Hoofdgroenstructuur een ongemakkelijke gang van zaken vindt. Een grote meerderheid heeft onlangs tegen bebouwing in de Hoofdgroenstructuur gestemd. Nu ligt er echter een voordracht voor om in de Hoofdgroenstructuur te bouwen.

Hij uit zijn kritiek op de bewoordingen die in het plan worden gebruikt om de afwijking te rechtvaardigen, die van dien aard zijn dat alles hiermee goedgepraat kan worden. Dat er nu wordt gebouwd in de Hoofdgroenstructuur is niet bevorderlijk voor het vertrouwen van de burgers in de overheid en hij vraagt de wethouder toe te lichten waarom nu deze keuze wordt gemaakt. Als afsluiting spreekt lid Bilgin de hoop uit dat het voor de bewoners in de zomer mogelijk blijft om onder een groen dak van bomen van West naar Zuid kunnen bewegen. Wethouder MELIANI is bekend met de kritische houding van de leden Bobeldijk en Bilgin en hun bijdrage getuigt daar nog eens van. Zij geeft aan dat het plan zo groen mogelijk zal worden uitgevoerd en het streven is dat het bestaande groen blijft behouden. Lid BOBELDIJK bedoelde aan te geven dat het hem bevreemdt dat er een referendum wordt georganiseerd en hoe zich dat verhoudt tot dit proces. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende is besproken en dat de voordracht gereed is voor behandeling in de raad, alwaar dit kort wordt besproken. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 6.

Geen zienswijze indienen ten aanzien van de conceptjaarrekening 2023 en de conceptbegroting 2025 van de Gemeenschappelijke Regeling Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied (VN2024-007650) Dit punt wordt niet inhoudelijk besproken en zal worden gehamerd tijdens de eerstvolgende raadsvergadering. Deelnemingen (excl. AEB en Schiphol) 7.

22

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Geen zienswijze indienen ten aanzien van de eindrapportage Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG), het voorstel 1 ste begrotingswijziging OD NZKG 2024 en de ontwerp meerjarenbegroting OD NZKG 2025 - 2028 (VN2024-005870) Dit punt wordt niet inhoudelijk besproken en zal worden gehamerd tijdens de eerstvolgende raadsvergadering.

ICT en Digitale Stad 8. Bespreken van de discussienota ‘Groeiend aantal slimme deurbellen in de stad’ van lid IJmker (GroenLinks) (VN2024-007519) Dit punt wordt doorgeschoven naar de commissie FKD van 11 juli 2024. 9. Bespreken van de raadsinformatiebrief over de nieuwe editie van Tech Radar (VN2024-007520) Dit punt wordt doorgeschoven naar de commissie FKD van 11 juli 2024.

Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 10. Bespreken van de raadsinformatiebrief over een gefaseerde halvering van de riviercruise-aanlopen en kennisnemen van het onderzoeksrapport ‘Impactanalyse Scenario’s Riviercruisevaart Amsterdam (VN2024-007518) Dit punt wordt doorgeschoven naar de commissie FKD van 11 juli 2024. De VOORZITTER schorst de vergadering om 12.50 uur.

11. Beschikbaar stellen van een investeringskrediet (VN2024-006650) (GEHEIM) Plv. Voorzitter: M. von Gerhardt De VOORZITTER heropent de openbare vergadering om 20.15 uur Financiën 12. Vaststellen van het jaarverslag 2023 (inclusief de Jaarrekening 2023) (VN2024006742) De VOORZITTER deelt mee dat wethouder Scholtes niet aanwezig is bij het avonddeel wegens ziekte. De VOORZITTER leidt het agendapunt in en deelt mee dat het een raadsvoordracht betreft die is geagendeerd voor de raad van 26 en 27 juni. Bij de bespreking is aangeschoven de accountant namens ACAM, de heer D. van Hooff die een korte toelichting zal geven.

23

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Vervolgens krijgen de rapporteurs van de Methode Duisenberg de gelegenheid om kort het rapport toe te lichten De heer VAN HOOFF (ACAM) geeft aan dat er een lijvig accountantsrapport is opgeleverd, waarvan eenderde deel bestaat uit de verplichte SiSa-rapportage. Voor de accountant is het inkoopproces in combinatie met de rechtsmatigheidsverantwoording het belangrijkste onderdeel, aangezien hij hierover een oordeel moet vellen. Ten aanzien van de rechtsmatigheidsverantwoording heeft de accountant niet kunnen vaststellen dat die juist en volledig is. Dit heeft geresulteerd in een verklaring-met-beperking. Het was de eerste keer dat er sprake was van een rechtsmatigheidsverantwoording en dat maakt het lastig. Echter de accountant maakt al jaren opmerkingen over inkoop en de rechtmatigheid daaromtrent. Vanaf 2017 adviseerde de accountant om regelmatig te kijken naar de spend-analyse om te onderzoeken of er rechtmatig is ingekocht. Ook maakte de accountant sedert 2018 gewag van de rechtsmatigheidsverantwoording, en hij verwachtte van de gemeente dat zij hier goed op kon acteren. Bij de rest van de punten in het verslag valt op dat er veel vertraging optreedt bij de grotere onderwerpen. Het gaat hierbij om samenwerking tussen verschillende organisatieonderdelen, houding en gedrag en het cultuuraspect.

In haar reactie geeft het college aan bepaalde aspecten te herkennen en hiermee aan de slag te gaan. De accountant blijft zich echter zorgen maken over het onderdeel Inkoop en hij vraagt zich af of dit nog goedkomt dit jaar. Lid BURGERS vraagt wie er aan de slag gaat met de egalisatiereserve nu de raad en het college hier buiten staan. Lid VAN PIJPEN waardeert de verhoogde leesbaarheid van dit rapport. Zij vraagt vervolgens aan de accountant om een toelichting te geven op de frauderisico’s en wat de aanbevelingen hierop zijn. Lid LOCHTENBERG is in de oude stukken gedoken en hij vraagt zich af wat er sinds de raadsenquête in 2012 is gebeurd, aangezien de rapportages nog steeds niet op orde zijn. Welke ideeën heeft ACAM om echt stappen te gaan zetten? De heer VAN HOOFF (ACAM) vindt het op dit moment ingewikkeld om in te gaan op de vraag van lid Burgers. Hij zegt toe lid Burgers daarover bij te praten. Wat hij kan aangeven is, dat er simpelweg is opgeschreven wat het college heeft opgeschreven in het paspoort dat bij de reserve hoort en dat aan de raad zal worden aangeboden op het moment dat de reserve wordt ingesteld. Het gaat hierbij dan om een soort check-up om aan te duiden wat er feitelijk aan de raad wordt aangeboden. Ten aanzien van de frauderisico’s geeft de accountant aan dat er in de loop der jaren meer aandacht is gekomen voor dit onderwerp.

Vanuit de ACAM kwam het advies om gebruik te maken van standaardrisico’s en dat is dit jaar ingevoerd tot tevredenheid van de heer Van Hooff. Op papier werd beschreven welke beheersmaatregelen er zijn ingeregeld, maar of dat bestaat en effect sorteert is dan nog niet uitgewerkt. De heer Van Hooff erkent dat het zinvol is om de oude stukken nog eens na te lezen. En hoewel er veel is veranderd blijft het misgaan op het gebied van onder andere communicatie, kennis delen, verantwoordelijkheid hebben en dit ook erkennen en ook bij systemen. Deze zaken worden ook wel als ‘cultuur’ gelabeld en alleen een organisatiedeskundige zou wellicht in staat zijn om aan te geven hoe hiermee moet worden omgegaan. Er is sprake van een veelvoud aan zaken die met elkaar leiden tot een nog niet geheel bevredigend interne beheersing. Lid LOCHTENBERG vraagt of de ACAM hierbij oplossingen kan bieden. De heer VAN HOOFF (ACAM) geeft aan dat hij in de gesprekken en in het verslag tips-en-trucs meegeeft, maar dat hij geen allesomvattende oplossing kan bieden voor de

24

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

organisatie Amsterdam. Bovendien is het bieden van oplossingen aan het college en de ambtelijke top, waarbij de ACAM bereid is ondersteuning te bieden met suggesties. De VOORZITTER stelt vast dat dit onderdeel bij agendapunt 12 is afgerond. De commissie vervolgt de vergadering met de bespreking van het rapport over de evaluatie van de Methode Duisenberg. Hierop zullen de raadsrapporteurs de leden C. Kabamba en R. Havelaar allereerst een toelichting geven. Het rapport is op 5 juni jongstleden al met een aantal commissieleden gedeeld en tijdens deze vergadering zullen zij in openbaarheid het verslag met de commissieleden en de wethouders bespreken. Lid KABAMBA deelt mee dat de rapporteurs adviseren om door te gaan met de Methode Duisenberg, maar de lat moet hoger. Dit zullen de rapporteurs later nader toelichten. Lid Kabamba licht de aanbevelingen toe. − Er moet een ruimere planning zijn, aangezien er sprake is van tijdnood bij zowel ambtenaren als raadsleden. − Er moeten rapporteurs komen die de gehele raadsperiode beschikbaar zijn. − De Methode Duisenberg moet worden opgenomen in het Reglement van Orde van de raad. − Het zou goed zijn om begeleid te worden door een Duisenberg-expert. De rapporteurs hebben contact gehad met zo’n expert en dat bleek een waardevolle toevoeging.

− Trainingen als vervolg op het introductieprogramma geeft ieder de gelegenheid kennis te verwerven over de Methode. − Het bundelen en beperken van vragen aan de ambtelijke organisatie zou veel tijd kunnen schelen. − Voor de politieke relevantie van de Methode kan er gekozen worden voor media-aandacht. Ook kan het voordelig uitpakken om de rapporteurs het voortouw te geven bij de keuze van het onderwerp en dit kan leiden tot meer animo voor de functie vanuit de raadsleden. − Het opbouwen van ervaring kan worden gestimuleerd door ervaren rapporteurs te koppelen aan starters. − Een evaluatie met zowel de griffie als betrokken ambtenaren. − Om de kwaliteit te waarborgen wordt geadviseerd gedurende de raadsperiode van vier jaar gebruik te maken van één adviesbureau. − Het realiseren van een consistente samenhang tussen de te gebruiken instrumenten, zoals de ACAM, de Doelenboom en het FIC-systeem. De rapporteurs concluderen dat het goed is om door te gaan met de Methode Duisenberg, omdat dit de politieke samenwerking versterkt tussen de verschillende gelederen en in de raad. Het versterkt tevens de controlerende taak van de raad en het zorgt voor een brug tussen de raad en de ambtelijke organisatie. De belangrijkste nadelen zijn tijd en geld, maar in de aanbevelingen worden hier oplossingen voor geboden.

Er zijn gesprekken geweest met ambtenaren, raadsleden en de griffie om te komen tot de aanbevelingen en de conclusie. Lid GARMY begrijpt dat de rapporteurs het een goed idee vinden, maar het is voor hem nog niet duidelijk hoe hierop verder wordt ingegaan. Lid HAVELAAR stelt voor dat de aanbevelingen worden uitgewerkt en dat er dan een nieuwe werkwijze ontstaat voor de toekomstige Duisenberg-rapporteurs. Lid KABAMBA vult aan dat uitwerking van de aanbevelingen zowel Duisenbergproof als SMART dient te geschieden.

25

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid GARMY vraagt bij wie de verantwoordelijkheid ligt om dit concreet te maken. Lid HAVELAAR is met zijn mede rapporteur overeengekomen dat het traject wordt teruggelegd bij het presidium/fractievoorzittersoverleg, maar de rapporteurs blijven bereid om hierover mee te denken. Lid VAN PIJPEN suggereert dat er wellicht een andere naam aan het onderzoek moet worden gegeven, die de lading beter dekt. Zij vraagt of de rapporteurs hiervoor een suggestie hebben. Lid HAVELAAR is het eens met lid Van Pijpen dat de naam de lading niet dekt en misschien zelfs politiek een beetje incorrect is. De methode houdt in dat er met en kritische blik naar het beleid wordt gekeken en dat je met elkaar grip krijgt op complexe dossiers en deze goed doorgrondt. Op basis daarvan zijn de aanbevelingen gedaan, maar het is niet gelukt om een nieuwe naam te bedenken. Lid ASRUF ziet veel overlap met het werk van de algemene Rekenkamer en hij vraagt wat deze methode toevoegt. Lid HAVELAAR is van mening dat deze twee los van elkaar gezien moeten worden. Waar de Rekenkamer op jaarbasis een eigen onderzoeksagenda heeft, waarbij naar doelmatigheid en rechtmatigheid wordt gekeken, is de Methode Duisenberg een methode die het samenspel tussen raadsleden, college en ambtenarij ambieert. De Methode leert de raadsleden de goede vragen te stellen en de goede aanbevelingen te doen.

Een groot verschil is ook de betrokkenheid van de raadsleden die deze methode nodig heeft. Lid KABAMBA vult aan dat de FIC-discipline de raadsleden aanzet tot het uitwerken van de aanbevelingen. De Methode zorgt er aldus voor dat de controlerende taak van de raadsleden goed wordt uitgevoerd. De VOORZITTER sluit hiermee dit deel van de bespreking af en gaat over naar de eerste termijn van de commissiebespreking van dit agendapunt. Eerste termijn Lid ASRUF geeft aan dat het jaarverslag 2023 voor zijn partij hoofdzakelijk goed nieuws brengt en hij somt een aantal feiten uit het document op die dit ondersteunen. Echter de begroting wordt conservatief geraamd, waardoor er aan het einde van het jaar een positief resultaat ontstaat. De opbouw van dit resultaat is beduidend anders dan begroot. Ook de ACAM geeft aan dat de gemeente hier nog een slag in kan maken en lid Asruf vraagt hoe de wethouder hiernaar kijkt. Hij hoort tevens graag van de wethouder welke sturingsmogelijkheden de raad heeft op de begroting. Het accountantsverslag geeft aan dat de druk op de financiën onverkort aanwezig blijft. De meerjarenraming zoals opgenomen in de begroting 2024 laat vanaf 2027 een tekort zien. Dit wordt vooral veroorzaakt door onzekerheden rondom kortingen en de systematiek van het gemeentefonds.

Lid Asruf vraagt de wethouder hierop te reflecteren en hij vraagt of de wethouder al kan inschatten welke gevolgen het akkoord van het nieuwe kabinet heeft voor de financiën. Ook vraagt hij of het college alsnog schriftelijk gaat aangeven hoe zij opvolging gaat geven aan de aanbevelingen van de accountant, waarbij specifiek aandacht wordt geschonken aan inkoop en de onrechtmatigheid hiervan. Lid Asruf geeft aan dat de bestuursopdracht zijn einde nadert, maar dat het toch weer verkeerd gaat. Kan het college aangeven op welke manier ervoor kan worden gezorgd dat de aandacht van de ambtenarij hiervoor op peil blijft? Vervolgvragen van lid Asruf zijn dan ook: − Is er een actieplan van toepassing?

26

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

− Moet er een nieuwe bestuursopdracht Inkoop worden geformuleerd? − Welke stappen kan de raad verwachten? Namens zijn fractie deelt lid Asruf tenslotte mee dat hij de aanbevelingen in de Methode Duisenberg onderschrijft. Lid NAMANE brengt wederom de externe inhuur onder de aandacht die volgens haar partij nog steeds te hoog is. Zij hoort graag van de wethouder welke extra acties er zullen worden ondernomen om dit omlaag te brengen. Zij suggereert dat Amsterdam de landelijke ambtenaren die binnenkort op straat komen te staan strikt voor een functie bij de gemeente Amsterdam. Zij vraagt de wethouder hierop te reageren. Zij vervolgt haar betoog met een pleidooi voor het terugdringen van de uitzendkrachten en ervoor te zorgen dat medewerkers die direct of indirect voor de gemeente werken een stabiel inkomen krijgen waar ze van rond kunnen komen. Dit komt tevens de continuïteit binnen de organisatie ten goede. Uit het Jaarverslag 2023 licht lid Namane een aantal punten: Vaste formaties bij Facilitaire Diensten en bij het Publieke Domein zijn lager dan begroot en hier wordt in het verslag een uitgebreide reden voor geformuleerd. Zij vraagt de wethouder hierop te reageren. Bij Reiniging werkten 470 FTE als uitzendkracht op peildatum 31 januari 2023. Lid Namane pleit ervoor om dit terug te dringen.

Bovendien heeft zij vernomen dat uitzendkrachten geen veiligheidstraining krijgen en zij stelt voor om ook uitzendkrachten deel te laten nemen aan deze trainingen en zoveel mogelijk in vaste dienst aan te nemen. Zij vraagt de wethouder wat de stand van zaken is met het aantal uitzendkrachten, want er worden twee verschillende getallen genoemd. Beantwoording hierop kan wat de PvdA betreft ook schriftelijk. Lid VAN PIJPEN is namens haar fractie verheugd over het positieve nieuws dat het Jaarverslag 2023 brengt. Zij licht een aantal zaken eruit: De begrotingsonrechtmatigheid is 230 miljoen, dit raakt niet het budgetrecht van de raad, maar volgens lid Van Pijpen wel de informatie- en controlepositie van de raad, omdat de navolgbaarheid vermindert. Lid Van Pijpen geeft aan dat de raad en het college wel invloed kunnen hebben op interne factoren, maar niet op externe, zoals het Gemeentefonds. Zij hoort graag van de wethouder hoe het ramingenproces verbeterd kan worden, zodat de navolgbaarheid en daardoor ook de begrotingsonrechtmatigheid kleiner wordt. Vervolgens geeft lid Van Pijpen aan dat de inkoop-onrechtmatigheid met meer dan 75 miljoen voor haar partij zorgelijk is. Het is daarom voor haar partij onacceptabel dat het invoeren van het systeem Avis weer wordt uitgesteld. Zij verzoekt de wethouder de raad te garanderen dat dit systeem op 1 januari 2025 wordt ingevoerd.

GroenLinks vindt het een ernstige zaak dat de verklaring-met-beperking door de accountant is afgegeven. Lid Van Pijpen vraagt zich af of er weer een nieuwe bestuursopdracht Inkoop geformuleerd dient te worden. Er moet in elk geval iets gebeuren. Als oorzaken voor die onrechtmatigheid wijst lid Van Pijpen eerst naar de complexiteit van aanbestedingen en zij roept op om hier kritischer mee om te gaan en dan eventueel niet aan te besteden, zeker in het sociale domein. Zij vraagt de wethouder of hier ook naar oplossingen wordt gezocht. Andere oorzaken zijn: Voor de administratieve kant zijn ATIS en de cultuur essentieel. Lid Van Pijpen vraagt de wethouder te reflecteren op welke rol de cultuur speelt, niet alleen bij de onrechtmatigheid, maar ook in bredere zin in de organisatie. Vervolgens benadrukt lid van Pijpen dat er moet worden doorgegaan met de processen om discriminatie en racisme aan het licht te brengen. Wat GroenLinks betreft is het niet acceptabel dat dit onderdeel minder aandacht zou krijgen ten behoeve van andere processen. Tenslotte verklaart zij namens haar fractie dat zij zich kan vinden in de Duisenberg rapportage.

27

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid SCHMIT licht een aantal punten uit het jaarverslag en heeft hierover enkele vragen voor de wethouder: D66 is bezorgd over de ontstane onderbesteding door vacatures in het kader van de duurzaamheid. Hij verwijst naar de suggesties die D66 al eerder hierover heeft gedaan en hij hoort graag van de wethouder hoe het probleem met de vacatures wordt opgelost. Ook bij D66 zijn er zorgen over de onrechtmatigheid bij Inkoop. Bij de rekencommissie heeft hij hierover twee aspecten aan de orde gesteld, het proces en de cultuur. Hij vraagt de wethouder hoe zij het proces bij de Inkoop op orde gaat krijgen. Ook wil hij weten hoe de wethouder oplossingen gaat bieden bij de cultuur en dan vooral bij het leiderschap. Lid Schmit hoort tevens graag van de wethouder hoe zij de onrechtmatigheid gaat aanpakken en op welke wijze de raad hierover wordt geïnformeerd. Als derde punt geeft lid Schmit aan dat de financiering van de Masterplannen in Zuidoost en Nieuw-West voor D66 onduidelijk is. Graag ontvangt hij van de wethouder een integraal overzicht van de financiële situatie van deze Masterplannen. Lid BURGERS twijfelt eraan of er binnen de gemeente voldoende kennis en kunde aanwezig is om juiste controle informatie voor 2024 met betrekking tot de rechtsmatigheidsverantwoording aan de accountant te verstrekken. Hij vraagt wat de wethouder gaat doen om controle te krijgen over dit proces.

Ook hoort hij graag van de wethouder of het college de overschrijvingen uiteen kan splitsen op basis van de drie acceptabele normen die vastgelegd zijn in de gewijzigde Financiële Verordening Amsterdam 2023, zoals door de Rekenkamer ook is genoemd. Vervolgens vraagt lid Burgers of de wethouder bekend is met het rapport van de enquêtecommissie Financiële Functie uit 2016 en of zij overeenkomsten ziet met de huidige situatie. Lid Burgers constateert dat er conservatief is geraamd vanwege de onzekerheid, maar dat levert een verschil van 123 miljoen euro op tussen raming en realisatie, aldus de Rekenkamer. Hij verzoekt de wethouder dit toe te lichten. Hij stelt dat conservatief ramen averechts werkt als blijkt dat de baten hoger uitkomen dan voorzien en dit is onwenselijk gelet op het budgetrecht van de raad. Hij verzoekt de wethouder in het vervolg in de stukken aan te geven wat er conservatief is geraamd en hoe de berekening eruit zou zien als er normaal is geraamd. In het Jaarverslag staat vermeld dat er dertig procent overprogrammering is, dit is meer in vergelijking met eerdere jaren en Amsterdam programmeert het meest over in vergelijking met andere steden. Er is in Amsterdam sprake van ‘planningsenthousiasme’ en de VVD pleit ervoor om te stoppen met onnodig plannen maken, minder overprogrammering en meer kwaliteit in de begroting.

De VVD kondigt een motie aan waarin het college wordt verzocht het zicht op de externe inhuur te bevorderen, omdat dit onderdeel consistent een grotere rekening presenteert in het Jaarverslag dan eerder begroot. Lid GARMY heeft een aantal vragen voor de wethouder: − Waarom wijken de ramingen zo veel af van de realisatie? − Welke stappen gaat het college ondernemen om dit op te lossen en binnen welke termijn? − Welke lessen kunnen er worden getrokken uit de eerdere bestuursopdracht met betrekking tot de begrotingsonrechtmatigheid? − Is er een reden te noemen waarom een aantal adviezen van de accountant regelmatig terugkeert en deze dus niet opgepakt lijken te worden? − Kan de wethouder toelichten waarom er bij een aantal onderwerpen geen indicatoren zijn toegevoegd? Lid Garmy verwijst hierbij naar een Volt-motie die het college opriep indicatoren toe te voegen om beter te kunnen sturen; − De indicator over digitale toegankelijkheid is niet opgenomen, maar dit is een van de speerpunten binnen de agenda Digitale Stad; − Kan het college reageren op de brief die de commissie heeft ontvangen van de Rekenkamer met vragen die de raad kan stellen?

28

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid BOBELDIJK is namens zijn fractie tevreden dat de reserves weer kunnen worden aangevuld vanuit een positief resultaat. De SP heeft eveneens zorgen over de onrechtmatigheden die zijn gerelateerd aan Inkoop en meent dat het een oplossing zou kunnen zijn als de gemeente bepaalde werkzaamheden zelf gaat uitvoeren in plaats van in te kopen. De post met betrekking tot het ondersteunen van de initiatieven voor broedplaatsen wordt doorgeschoven naar volgend jaar en lid Bobeldijk vraagt wat de verwachtingen hiervan zijn. Lid MANGAL vraagt zich af of de gemeenteraad een juist beeld heeft van haar financiële huishouding en van de effectiviteit van haar inspanningen. In aansluiting op de insprekers stelt lid Mangal dat het hoge verzuim niet alleen vanwege de werkdruk, maar ook ten gevolge van onveiligheid op de werkvloer en grensoverschrijdend gedrag van leidinggevenden de gemeente veel geld kost. Hij noemt een aantal voorbeelden waar het geld aan wordt uitgegeven, maar die geen effect lijken te sorteren. Hij stelt voor dat ambtenaren die de misstanden aan de kaak stellen vanuit hun betrokkenheid bij de organisatie te behouden en in te zetten bij het opsporen van bijvoorbeeld fraude. Dat zou volgens lid Mangal veel geld kunnen besparen. Dat niet alle ambtenaren deze betrokkenheid hebben, blijkt uit een citaat uit het rapport van de staatscommissie Rechtsstaat dat lid Mangal aanhaalt.

Dit citaat stelt dat binnen de overheid beslissingen door ambtenaren worden genomen die niet altijd in het belang zijn van de burger. Hij vraagt de wethouder te reageren op zijn zienswijze en of de wethouder kan garanderen dat ambtenaren zoals de insprekers over twee jaar nog werken bij de gemeente Amsterdam en dat er geen represailles zijn gevolgd op hun kennisdelen met de raad. Lid LOCHTENBERG heeft in het rapport van de Rekenkamer gelezen dat de schuld van 2023 zich minder hard heeft ontwikkeld dan vooraf begroot. Dat er ook in de latere jaren grote verschillen zijn roept bij het CDA enkele vragen op: Hoe komt het dat er zo’n groot verschil zit tussen de begroting en de realisatie, en tussen de verschillende prognoses in 2023 vergeleken met 2024? Is dit het vooruitschuiven van investeringen of is het een teken van slecht begroten? De schuldenbegroting is belangrijk bij prioriteringsbeslissingen. Hij vraagt de wethouder wat zij kan doen om beter te begroten en de raad hier beter over te informeren. De Rekenkamer concludeert dat de informatie over de bestemmingsreserves niet toereikend is om te kunnen beoordelen of de mutaties kloppen met de vastgestelde doelen en dit moet volgens het CDA veel duidelijker, aangezien het gaat om grote bedragen.

Lid Lochtenberg verwijst naar de toezegging van de wethouder dat CDA en VVD samen gaan kijken hoe zij de rapportages van het vereveningsfonds bij Ruimtelijke Ordening kunnen verbeteren. Er zijn echter nog mee reserves en lid Lochtenberg vraagt de wethouder wat zij kan doen om de informatie hierover te verduidelijken. Op het gebied van ziekteverzuim stelt lid Lochtenberg de volgende vragen aan de wethouder: − Herkent de wethouder de signalen over het ziekteverzuim? − Is het voor haar een probleem? − Welke oorzaken liggen volgens haar aan het ziekteverzuim ten grondslag? − Welke oplossingen kan zij aandragen? Lid KABAMBA constateert dat er bij de onttrekkingen van de reserves minder is onttrokken dan er werd begroot en zij doet een voorstel voor de besteding van de gelden die overbleven, bijvoorbeeld ondersteuning van ouders die de dupe werden van de toeslagenaffaire. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het college voornemens is om nog meer maatregelen te nemen in verband met de begrotingsonrechtmatigheid en de daaruit volgende verklaring-met-beperking van de accountant. Dit houdt in:

29

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

− − −

Het invoeren van het AVIS-systeem per 1 januari; Inzetten op de 4-maands-, 6-maands- en 8-maands-rapportages; De raad zal in september 2024 middels een voortgangsbrief worden geïnformeerd over het Jaarverslag 2024 inzake de begrotingsonrechtmatigheden; − Het GMT komt met en plan hoe ze dit meer onder de aandacht brengen bij de directies; − Er zijn bijeenkomsten georganiseerd met functionarissen binnen de organisatie die met Inkoop te maken hebben en vastzitten in een bepaalde werkcultuur. De wethouder zegt vervolgens toe dat zij hier nog uitgebreid op terugkomt bij de commissie. Lid VAN PIJPEN erkent dat ze heeft aangegeven dat onrechtmatigheid niet per se erg is als je het bewust doet, maar in haar bijdrage heeft ze bedoeld te zeggen dat er ook andere manieren van inkopen mogelijk zijn, waarmee je tevens de administratieve complexiteit kunt wegnemen. Wethouder VAN BUREN staat hier open voor en zij zal hier later op terugkomen. Binnen de organisatie is namelijk al een aanzet hiertoe gegeven. Het is ook de wens van het college om de ramingsbijstelling te verkleinen, maar het is tevens het streven om in de Najaarsnota een realistische verwachting te geven van het rekeningenresultaat. Dit is de reden dat de inkomsten conservatief worden ingeschat als er nog onzekerheid over bestaat. Zij licht dit nader toe met de cijfers.

Lid BURGERS wijst de wethouder erop dat de Rekenkamer heeft uitgelegd dat het verschil met de Najaarsnota gaat om een groter bedrag dan de 3,9 miljoen die de wethouder noemde. Wethouder VAN BUREN beaamt dit en vervolgt haar toelichting hierop. Zij beschrijft welke ontwikkelingen, zoals de afwaardering van de AEB en hogere toeristenbelastinginkomsten en lagere lasten bij Stadsverbetering, die geleid hebben tot een verschil in ramingen. Ook door de meicirculaire kan er bijstelling plaatsvinden. De wethouder zegt toe dat ze zal bekijken of er minder conservatief geraamd kan worden. Lid GARMY vraagt of de commissie apart zal worden geïnformeerd over de ramingsbijstelling. Wethouder VAN BUREN zal hier bij de begroting op terugkomen en er kan dan worden gesproken over de marges waarbinnen er kan worden gekozen. De term ‘normaal ramen’, zoals lid Burgers noemde, spreekt de wethouder niet aan. Lid VAN PIJPEN vraagt of de wethouder ook nog zal terugkomen op de raming van uitgaven. Wethouder VAN BUREN legt hier een link naar de vraag over overprogrammering, welke zij noodzakelijk acht. Hier moet wel steeds gekeken worden naar de haalbaarheid, de uitvoerbaarheid, het personeel. Zij zal hier op terugkomen bij de begroting en in de aanloop daarnaartoe overleggen met haar collega’s over de mogelijkheden van overprogrammering.

De schriftelijke reactie op het accountantsverslag is al verschenen ten behoeve van onderhavige commissievergadering, maar er zal nog wel een schriftelijke reactie van de rekeningencommissie op het verslag van de Rekenkamer verschijnen in de Dagmail van 25 juni 2024.

30

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid LOCHTENBERG vraagt in een punt van orde of er dan tijd genoeg is voor de raadsvergadering om te reageren op de brief van de Rekenkamer. Wethouder VAN BUREN zegt toe de brieven zo snel mogelijk aan de commissie te doen toekomen. Op de vragen van lid Namane antwoordt de wethouder dat het college blijft inzetten op de maatregelen die al vaker werden besproken. De commissie is over deze maatregelen geïnformeerd. Van het aanstellen die ontslagen worden bij het Rijk kan nu nog geen sprake zijn, aangezien het nog onduidelijk het is om hoeveel ambtenaren en hoe het volgende kabinet hierop gaat inzetten. Ook zullen zij moeten aansluiten bij de functies die de gemeente nodig heeft. Het idee spreekt de wethouder aan en er is een verhoogde slagingskans bij deze doelgroep. Het uitgangspunt van het college is nog steeds om vast werk te bemensen met medewerkers in dienst van de gemeente Amsterdam. Wat betreft de niet ingevulde vacatures in het fysieke domein is het niet wenselijk om alle vacatures te bezetten met medewerkers in vaste dienst, aangezien dat zorgt voor structurele lasten en soms structurele dekking. Het zou niet getuigen van goed werkgeverschap als de werknemer eerst wordt aangenomen en vervolgens moet er weer afscheid van worden genomen.

Lid NAMANE concludeert uit de stukken dat er wel ruimte is voor vaste formatie, maar dat ze niet worden ingevuld omdat ze moeilijk vervulbaar zouden zijn of omdat er enige terughoudendheid bestaat om de vacatures in te vullen. Wethouder VAN BUREN erkent dat het lastig is om moeilijk invulbare vacatures in te vullen. Op bepaalde gebieden echter, als het heel specifiek is per onderdeel wordt nog wel een externe kracht ingezet. Ook de wethouder geeft aan dat de voorkeur van het college uitgaat naar mensen in dienst hebben en niet via uitzendbureaus of inhuur. Uitzendkracht die bij Directie Afval- en Grondstoffenverwerking werken krijgen veiligheidskleding en ook een training. Dit geldt eveneens voor de medewerkers bij Directie Stadswerken. Bij uitzendkrachten echter is het uitzendbureau verplicht veiligheidskleding te verstrekken en de veiligheidstrainingen te verzorgen. Ook de wethouder krijgt hierover wel eens signalen dat het niet goed gaat en momenteel wordt het streng gecontroleerd. Lid NAMANE herhaalt haar vraag over de 470 FTE en zij vraagt of er werkelijk zoveel mensen nodig zijn voor ‘ziek-en-piek’. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er hier sprake is van contracten met de uitzendbureaus en dit aantal is al flink teruggedrongen en er wordt aan gewerkt om dit nog verder te verminderen want de voorkeur van het college is om mensen in dienst te nemen.

De wethouder zegt toe dat zij het aantal uitzendkrachten dat wordt genoemd in de tabel, schriftelijk zal toelichten. Wethouder Van Buren geeft vervolgens aan dat er nog steeds sprake is van het ‘ravijn’. Het VNG heeft een afspraak gemaakt over de 675 miljoen. Het is nog niet duidelijk wat dat betekent voor Amsterdam, omdat nog niet alles is uitgerekend nu de meicirculaire nog niet is verschenen. Voor Amsterdam zou dat neerkomen op 50 miljoen en dat is meegenomen in de begroting. Maar voordat er een analyse kan worden gegeven is het afwachten wat het nieuwe kabinet gaat doen. In aansluiting op de insprekers uit het ochtenddeel deelt de wethouder mee dat zij binnenkort naar de commissie komt met de uitkomsten van het Verweij-Jonker-onderzoek. Dit gaat over de kwantiteit van wat er zich binnen de organisatie afspeelt. De wethouder somt op om welke soorten wangedrag het gaat en het college zet daarom in op de gehele cultuurverandering. Lid MANGAL heeft gehoord dat in de vraagstelling er niet naar wordt gevraagd of het wangedrag door leidinggevenden wordt vertoond.

31

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid VAN PIJPEN stelt voor om vragen die ingaan op het onderzoek pas te stellen als de commissie hiervan kennis heeft kunnen nemen. De VOORZITTER concludeert dat lid Mangal hiermee akkoord gaat en hij stelt voor de vraag tot later te bewaren. Wethouder VAN BUREN antwoordt op de vragen van lid Schmit dat er in het document ‘Gebiedsgericht Werken’ in een paragraaf wordt ingegaan op de integrale plannen, maar deze paragraaf is nog in ontwikkeling. Bij de begroting 2025 wordt de volgende stap gezet en de wethouder zal hierop terugkomen met een beter overzicht, zoals ook is geadviseerd door de accountant. Lid LOCHTENBERG vraagt naar de mogelijkheid om in het dikke Jaarverslag wat dieplinkjes te plaatsen naar een specificatie, om te voorkomen dat er straks wellicht 800 pagina’s zijn over de reserveringen. Voor het CDA is het belangrijk om op een makkelijker manier de bedragen in te kunnen zien. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat zij samen met het team Begroting steeds probeert de begroting inzichtelijker te maken. Zij zal dit verzoek in het team inbrengen. Lid GARMY verwijst naar de zitting in juli, wanneer er meer inzicht in de reserves zal worden gegeven. Hij vraagt of hier een technische sessie voor georganiseerd kan worden. Wethouder VAN BUREN is hiertoe bereid.

De VOORZITTER inventariseert het animo voor deze technische sessie en concludeert dat dit voldoende is om de technische sessie te laten plaatsvinden. Wethouder VAN BUREN erkent vervolgens, in antwoordt op de vragen van D66, dat er sprake is van onderbesteding, zoals dat ook het geval is bij andere overheden en uitvoerende instanties. Zij somt op voor welke vakgebieden dit voor de gemeente Amsterdam een probleem is. In een brief heeft de wethouder de commissie uitgebreid geïnformeerd over de maatregelen die er worden genomen, inzake de Aanpak Arbeidsmarkttekort. De wethouder zegt toe de commissie hierover te blijven informeren. De wethouder is niet bekend met een rapport uit 2016, dat door lid Burgers werd aangekaart. Zij richt zich liever op het heden en de toekomst. Lid BURGERS herhaalt zijn vraag over het uiteen splitsen op basis van de drie acceptabele normen. Wethouder VAN BUREN toe dat zij deze uitsplitsing aan het lid Burgers zal doen toekomen. In reactie op de bijdrage van lid Mangal erkent de wethouder dat het verzuim binnen de gemeente Amsterdam te hoog is. De gemeente Amsterdam staat hierin echter niet alleen; sinds corona is het verzuimpercentage bij veel bedrijven en andere gemeenten gestegen en de stijging is in lijn met de andere 4G gemeenten. Het gemiddelde van de G4 is 7,4 procent en bij de gemeente Amsterdam is het verzuimcijfer 7,7 procent.

Zij corrigeert het eerder genoemde bedrag per jaar aan verzuimkosten, in werkelijkheid bedraagt dit 79 miljoen euro per jaar. Het college blijft sturen op het terugdringen van verzuim. Lid MANGAL citeert uit het rapport ‘De Staat van de Organisatie’ dat een stijging van het verzuim van 0,1 procent de organisatie 10 miljoen euro kost. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat hier sprake is van een typefout, er moet staan ‘1,0 miljoen euro’. Het gaat dan om 79 miljoen euro.

32

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

De wethouder benadrukt het belang van het terugdringen van het verzuimpercentage, niet alleen om financiële redenen, maar ook omdat bij een hoog verzuim de werkdruk voor andere medewerkers oploopt en er op deze wijze een vicieuze cirkel ontstaat. Lid MANGAL geeft aan dat het hoge verzuim ook te maken heeft met de cultuur die er heerst op de werkvloer. Wethouder VAN BUREN ontkent dat ze heeft gezegd dat het hoge verzuim alleen maar door de werkdruk komt, maar de verhoging van de werkdruk is wel een gevolg van het vele verzuim. Vervolgens verwijst de wethouder naar het project ‘Grip op Verzuim’, waarin onder andere er per directie gekeken wordt naar de oorzaken van verzuim. In een toelichting geeft de wethouder aan welke maatregelen er worden genomen om het verzuim terug te dringen. De wethouder ontkent dat er gebruik wordt gemaakt van dure consultants waarvan de kennis vervolgens niet wordt benut. ZZP, gedetacheerden en uitzendkrachten worden alleen uitgezet op werk dat passend is bij het competentieniveau dat er voor een functie of een opdracht gevraagd wordt. Hierbij wordt als uitgangspunt gehanteerd dat er zoveel mogelijk gebruik wordt gemaakt van de eigen medewerkers. Lid MANGAL betoogt dat het te duur is om expertise in te huren, als men de competenties die al op de werkvloer aanwezig zijn niet benut, omdat men niet van de geijkte werkwijze wil afwijken.

Lid Mangal beseft dat als er expertise wordt ingehuurd, deze wordt ingehuurd op expertise. Maar als deze competentie vervolgens niet wordt benut, omdat men een bepaalde werkwijze heeft, terwijl met juist wordt binnengebracht om bepaalde expertise te werven, op de werkvloer te brengen, dat dat dan niet wordt benut. Dan is dat gewoon veel te duur om in te huren. Dan kun je besparen door niet in te huren. Wethouder VAN BUREN beaamt dit, maar het is voor haar een onbekend fenomeen, dat niet uit de onderzoeken naar voren is gekomen. Lid MANGAL geeft aan dat hij deze signalen meermaals krijgt. Wethouder VAN BUREN roept de functionarissen die dit meemaken op om hier melding van te maken. Lid LOCHTENBERG vraagt of de wethouder, evenals een van de insprekers, de relatie tussen sociale onveiligheid en ziekteverzuim ziet. Wethouder VAN BUREN beaamt dit met stelligheid en geeft aan dat bij de publicatie van de rapporten zij hierop terugkomt. In reactie op het voorstel om medewerkers in te zetten om onrechtmatigheden aan het licht te brengen geeft de wethouder aan dat zulke onderzoek binnen de organisatie regelmatig plaatsvinden. Hier zal de wethouder later nog uitgebreid op terugkomen. De wethouder kan niet garanderen dat de insprekers in het ochtenddeel over twee jaar nog werken bij de gemeente Amsterdam.

Zij kan wel garanderen dat er geen negatieve gevolgen in die zin voor de insprekers zullen zijn, omdat ze bij de commissie hebben ingesproken. Ten aanzien van de indicatoren geeft de wethouder aan dat hier vanuit haar nog aandacht voor is. Voor sommige indicatoren, zoals dejuridificeren of de Europese subsidies, kan lid Garmy beter bij de commissie AZ terecht. De wethouder realiseert zich dat de aanbevelingen van de rekencommissie te lang blijven liggen. Zij zegt toe hiermee aan de slag te gaan.

33

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Lid GARMY herhaalt zijn vraag over de indicator over digitale toegankelijkheid binnen de agenda Digitale Stad. Wethouder VAN BUREN zal deze vraag doorgeven aan haar collega wethouder Scholtes. Lid LOCHTENBERG herhaalt zijn vraag over de schuldontwikkeling. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat de schuld minder is gestegen dan voorzien. Echter er wordt veel geïnvesteerd waarvoor geleend moet worden. En dan blijft de verwachting op de lange termijn dat de schuld zal blijven stijgen. Toch kan het dat de schuld anders uitpakt dan verwacht, bijvoorbeeld door een voordelig jaarresultaat, extra ontvangen voorschotten of late betaling van facturen. Bij de begroting zal de commissie inzage krijgen in het volledige meerjarenbeeld en ook de schuldontwikkeling. Lid LOCHTENBERG vindt een miljard verschil wel erg veel en hij vraagt zich af of er wel goed wordt begroot. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er goed wordt begroot en zij zal hier bij de begroting nog uitgebreid op terugkomen. Lid LOCHTENBERG vraagt of er nu meer ruimte is, nu de schuld lager is dan voorzien. Wethouder VAN BUREN stelt dat er nog wel ambities liggen en grote investeringen gedaan moeten worden. Het gaat hier over schuldontwikkeling op de lange termijn en er moet ook met de renteontwikkeling rekening gehouden worden. De wethouder verwijst naar de parameters die zijn afgesproken over verantwoorde schuldontwikkeling.

Lid BOBELDIJK herhaalt zijn vraag over de broedplaatsen aan wethouder Meliani. Wethouder MELIANI zegt toe dat er nog steeds sprake is van realisatie, maar het heeft enige vertraging opgelopen en dat zal dus pas in 2024 plaatsvinden. Lid BOBELDIJK is tevreden met dit positieve antwoord. Lid KABAMBA herhaalt haar vraag inzake over de ondersteuning van de gedupeerden van de toeslagenaffaire. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat het er ligt over welke reserve dit gaat en lid Kabamba zou dit kunnen voorstellen aan de betrokken wethouder. De VOORZITTER stelt vast dat het agendapunt voldoende is besproken en dat dit punt wordt geagendeerd voor de eerstvolgende raad van 26 en 27 juni 2024. De VOORZITTER schorst de vergadering om 21.48 uur De VOORZITTER heropent de vergadering om 21.55 uur 13. Vaststellen van de begrotingswijzigingen en kennisnemen van de Voorjaarsnota 2024 (VN2024-007450) De VOORZITTER leidt het agendapunt in en geeft aan dat het college dit keer geen schriftelijke preadviezen geeft, maar deze zullen mondeling worden toegelicht tijdens de raadsvergadering van volgende week. De Voorjaarsnota ligt ter kennisname voor, hetgeen

34

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

betekent dat deze niet geamendeerd kan worden. In de voordracht staan daarnaast wel een aantal begrotingswijzigingen, die kunnen wel geamendeerd worden. Eerste termijn Lid BURGERS vraagt de wethouder uit te leggen waarom de bestemmingsreserves in Amsterdam zo hoog zijn in vergelijking tot andere gemeenten. Ook vraagt hij de wethouder haar definitie geven van incidentele tegenvallers en deze afwegen tegen het structurele tekort, dat ‘het ravijn’ wordt genoemd. Lid ASRUF geeft aan dat zijn fractie zich kan vinden in de voorstellen die in de Voorjaarsnota worden gedaan, maar het is duidelijk dat deze voorstellen nog verder uitgewerkt dienen te worden. Lid Asruf vraagt de wethouder of de parkeeropbrengsten van de invoering ‘betaald parkeren’ in Noord gebruikt gaan worden voor de financiering van de brug, zoals zij aan heeft gegeven in een artikel in Het Parool. Lid NAMANE vindt het goed dat er geld wordt vrijgemaakt voor bewust inclusief werven en selecteren. Zij vraagt de wethouder of hier een uitwerking van naar de commissie wordt gestuurd. Ook wil zij weten wat het stimuleren van de wendbaarheid en externe inhuur betekent, waar drie miljoen voor wordt gereserveerd. Lid KROM verwijst naar de toezegging dat er op 25 juni een schriftelijke reactie zal verschijnen op de brief van de Rekenkamer.

Evenals lid Lochtenberg vindt lid Krom dit erg laat ten opzichte van de raadsvergadering van 26 en 27 juni en zij vreest dat er te weinig voorbereidingstijd is. Zij vraagt de wethouder om in zo’n geval bij de begroting een dergelijke brief eerder aan de commissie te doen toekomen. De PvdD vindt het moeilijk om het onderdeel reserves te doorgronden en zij geeft een voorbeeld van een probleem dat zij hierbij ondervond en hoe lastig het is om zelf uit te moeten zoeken wat er met het geld is gebeurd. Haar bezwaar is dat dit niet bevorderlijk is voor de controlerende taak van de raad en zij verzoekt de wethouder dit voor de raadsleden eenvoudiger te maken. Zij kan zich vinden in het voorstel dat lid Lochtenberg deed. De zoektocht van lid Krom betrof informatie over XAAS en zij vraagt de wethouder te reflecteren op de toelichting die hierbij staat geschreven over het corrigeren. Ook lid Krom is bezorgd over het reserveren van de algemene middelen voor ‘het ravijn’. Zij is van mening dat het geld daar niet voor bedoeld is en acht het niet ondenkbeeldig dat dit geld nodig is voor andere, onverwachte situaties. Wellicht is het tijd om scenario’s te ontwikkelen voor ‘het ravijn’ en zij formuleert een aantal vragen die belangrijk zijn voor dit scenario. Zij vraagt de wethouder aan te geven wanneer er wordt gestart met het ontwikkelen van het scenario.

Lid VAN PIJPEN uit namens haar fractie eveneens zorgen over het aankomende ‘ravijn’. Zij verwijst ook naar de bestuursopdracht en de uitkomsten van het benchmarkonderzoek in het kader van Inzicht in Beleid, Geld en Keuzes en de technische sessie die hieraan werd gekoppeld. In verband met het grote belang van dit onderwerp stelt zij voor om de gehele raad van deze informatie te voorzien, het betreft namelijk alle portefeuilles en het is een goede voorbereiding voor de begroting van 2025. Tot slot geeft lid Van Pijpen aan dat zij behoefte heeft aan een kritische evaluatie van de wijze waarop nu, voor de tweede keer, de Voorjaarsnota wordt behandeld. Lid GARMY geeft namens zijn fractie aan dat hij positief staat tegenover de investeringen die in de Voorjaarsnota worden genoemd, al zou hij soms wat meer informatie krijgen over de bestemming van het geld. Hij licht drie punten uit de nota ter bespreking: Volt gaat in principe akkoord met de keuzes die zijn gemaakt bij de algemene reserve. Er wordt echter ook aangegeven dat de algemene reserves kunnen worden aangewend om eventuele tegenvallers uit het gemeentefonds te dekken en lid Garmy vraagt

35

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

of hiermee ‘het ravijn’ wordt bedoeld. Hier zou Volt niet voor zijn, gezien de aard van ‘het ravijn’. Lid Garmy stelt dat de bestuursopdracht ten einde zal komen met de begroting 2025. Hij vraagt de wethouder of de commissie bij de begroting informatie krijgt over hoe het college ‘het ravijn’ wil dichten op basis van de inzichten uit de bestuursopdracht. Lid Garmy geeft vervolgens aan dat de leesbaarheid van de stukken dan wel iets is verbeterd, maar Volt vindt het nog steeds moeilijk om het budgetrecht en de controlerende taak van de raad goed uit te voeren op basis van deze stukken. Vooral de versnippering van de informatie en het lastige zoeken zijn voor Volt een hindernis. Het toegezegde dashboard gaat hier hopelijk verandering in brengen en lid Garmy vraagt de wethouder wanneer dit dashboard wordt ingezet en wat er nog meer worden gedaan om de leesbaarheid te verbeteren. Lid SCHMIT geeft aan dat de Voorjaarsnota voor D66 tot tevredenheid stemt, aangezien er geïnvesteerd wordt in de energietransitie, in een brug en in de lerarencampus. Lid Schmit beschrijft twee zorgen die zijn fractie heeft: de ontwikkeling van het Gemeentefonds in 2025 en wat de nieuwe coalitie van plan is te doen met de SPUK’s. Hij ziet de antwoorden op zijn schriftelijke vragen hierover graag tegemoet.

Tenslotte houdt hij de wethouder aan haar toezegging dat zij in de begroting rekening zal houden met de personeelstekorten en te doen wat nodig is om de ambities van de gemeente te realiseren. Lid BURGERS vraagt of D66 het dekkingsvoorstel heeft gelezen om de investering in de brug te realiseren. Lid SCHMIT geeft aan dat er 120 miljoen is gereserveerd voor de brug naar Noord. Lid BURGERS vraagt waar, volgens D66, de brug van wordt betaald. Lid SCHMIT geeft aan dat dit bij de begroting wordt besproken. Lid BURGERS geeft aan dat hij geen dekkingsvoorstel van de zijde van D66 heeft gehoord. Lid SCHMIT acht dit een zinvolle investering waar veel Amsterdammers blij mee zullen zijn. Lid BOBELDIJK geeft aan dat hoewel zijn partij zich kan vinden in de keuzes die er zijn gemaakt in de Voorjaarsnota er door de SP andere keuzes gemaakt zouden zijn, die wat meer gericht zouden zijn op de lange termijn. Hij verwacht bij de bespreking van de begroting antwoord te krijgen op de vragen die er nog zijn en hoopt de informatie ten behoeve van deze bespreking tijdig te kunnen ontvangen. Lid LOCHTENBERG spreekt zijn teleurstelling uit over de ondoorzichtigheid van het Jaarverslag en dat dit na jaren nog niet is verbeterd.

Vanuit een eerdere positie is hij deskundig op het gebied van jaarverslagen en hij acht het onacceptabel dat hij zoveel moeite moet doen om de informatie uit dit Jaarverslag te halen die hij wil krijgen. Dit staat het nemen van beslissingen door het CDA en de controleerbaarheid in de weg. Hij is van mening dat hier een opdracht ligt voor de wethouder en hij hoopt dat zij dit op zal pakken. Hij heeft er vertrouwen in dat dit zal gebeuren. Hij geeft aan dat het wel eens voorkomt bij directeuren van een bepaald beleidsdomein dat bewust verkeerde indicatoren worden gebruikt om transparantie te voorkomen. Hij hoopt dat dit hier niet het geval is. Met betrekking tot de Voorjaarsnota stelt lid Lochtenberg dat het college drie prioriteiten uit het coalitieakkoord haalt en hij brengt hiervan één naar voren:

36

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

In het kader van de wooncrisis wordt er ruimte gemaakt voor een lerarencampus. Het CDA vraagt of hier niet meer ruimte voor kan worden gerealiseerd en hij noemt een aantal mogelijkheden. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er extra geld is gereserveerd voor de algemene reserve, omdat er tegenvallers worden voorzien vanuit het Rijk. Ten aanzien van ‘het ravijn’ somt de wethouder op welke initiatieven er zijn ontwikkeld. Bij de bespreking van de begroting 2025 komt het college met een aantal voorstellen, maar de wethouder roept de leden op eveneens met voorstellen te komen. Zij benadrukt dat zij volledige transparantie voorstaat en dat is een van de redenen geweest om het dashboard te ontwikkelen, dat voor iedereen toegankelijk is. Lid GARMY vraagt of zowel het dashboard als de voorstellen van het college gereed zijn bij de bespreking van de begroting 2025. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat dat het streven is en dat tegelijkertijd met de voorstellen ook alle informatie voor een volgende bestuursperiode bekend is. Lid BOBELDIJK dringt er op aan om tijdig de benodigde informatie te ontvangen, zodat er op tijd keuzes gemaakt kunnen worden. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat zij later zal terugkomen op de planning. Zij is hierover in conclaaf met het bestuurlijke team.

Lid GARMY vraagt wanneer er sprake is van een incidentele situatie, zoals de wethouder dat aangaf, waarbij er tekorten in het Gemeentefonds ontstaan. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat er extra geld is gereserveerd, omdat het vooralsnog onduidelijk is wat er gebeurt op het gebied van de verschillende domeinen. Er moet dan met de raad worden besproken hoe bepaalde bezuinigingen moeten worden opgevangen. Voor de aanvulling van ‘het ravijn’ zal het college met voorstellen komen. Het is echter niet de bedoeling dat de gehele reserve wordt aangesproken voor het oplossen van tekorten en het dempen van ‘het ravijn’. Er moet reserve blijven voor het oplossen van calamiteiten. Lid KROM meent dat in de Voorjaarsnota wordt geschreven dat het geld voor ‘het ravijn’ is gereserveerd. Wethouder VAN BUREN ontkent dat dit de bedoeling is en zij zal nog eens goed naar deze tekst kijken. ‘Het ravijn’ moet worden opgelost met structurele bezuinigingen. De wethouder kan niet in algemene zin spreken over de hoogte van de bestemmingsreserves, dit verschilt per bestemmingsreserve. De bespreking hiervan zal in de technische sessie kunnen plaatsvinden. Lid BURGERS geeft aan dat in principe de voorstellen van het college moeten komen. Ook verklaart hij dat de VVD op voorhand met de voorstellen instemt.

Wethouder VAN BUREN geeft in antwoord op de vraag van lid Asruf aan dat de parkeeropbrengsten de realisatie van de brug mogelijk maken. Het is niet zo dat er parkeergelden worden ingevoerd met als doel de realisatie van de brug. In bespreking van de begroting zal de wethouder dit nog meer toelichten. De wethouder verklaart dat er wordt gewerkt aan een nieuwe methode ‘Inclusief Werven en Selecteren’. Dit gold aanvankelijk voor salarisschalen 15 en hoger, maar dit zal ook worden toegepast in gemeentebrede implementatie voor alle vacatures vanaf het laatste kwartaal 2024.

37

Gemeente Amsterdam Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept raadscommissieverslag, 20 juni 2024

FKD

Het bedrag van 1,3 miljoen waar lid Namane aan refereerde is bedoeld om de externe inhuur te verminderen, waarbij de nadruk ligt op de wendbaarheid van de medewerkers om ook op andere plekken te kunnen worden ingezet. Ook ‘refferal recruitment’ speelt hierbij een rol, waarbij de werknemers wordt aangemoedigd om uit hun sociale netwerken geschikte kandidaten te kiezen en te werven. Er zal tevens gebruik worden gemaakt van ‘skill-based matching’, waarbij er beter wordt geselecteerd op vaardigheden en er minder wordt gekeken naar cv en opleiding. De VOORZITTER stelt voor om voor deze methodes Nederlandse namen te kiezen en roept de commissie op hierover na te denken, als er toch ook over een nieuwe naam voor de methode Duisenberg wordt gebrainstormd. Lid NAMANE vraagt of de wendbaarheid en interne inhuur ook geldt voor de lagere schalen. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat dit van toepassing is op alle schalen. De wethouder is het eens met lid Lochtenberg dat wonen een hoge prioriteit heeft. De lerarencampus is gekoppeld aan goed onderwijs. Het college is zich ervan bewust dat de voorgestelde ruimte geen complete oplossing is, maar het geeft een belangrijk signaal af. De wethouder benadrukt dat het gehele college zich blijft inzetten op het realiseren van meer huurwoningen en meer betaalbare sociale huurwoningen.

Lid LOCHTENBERG verwacht meer initiatief van het college als de wooncrisis prioriteit nummer 1 is. Hij betreurt het dat hierbij de doelstellingen veelal niet worden behaald, vooral voor de Amsterdammers die hier wonen. Wethouder VAN BUREN stelt dat helaas niet alles met geld is op te lossen. Zij bestrijdt vervolgens dat het college een prioriteitenlijst hanteert waarbij er iets op 1 staat. Er zijn veel thema’s die qua prioriteit naast elkaar staan. De wethouder is het eens met het standpunt van GroenLinks, dat het belangrijk is om de gehele raad te betrekken bij dit onderwerp. Zij gaat bekijken hoe dit kan worden georganiseerd. Een evaluatie van de nieuwe werkwijze ten aanzien van de bespreking van de Voorjaarsnota lijkt de wethouder zinvol, maar dan moet dit al wel enkele jaren zijn gehanteerd. Voor de langetermijn investeringen is het beter om beslissingen bij de begrotingsbespreking aan de orde te stellen. Informatie over XAAS zal de wethouder betrekken bij de bespreking van de bestemmingsreserves. Naar aanleiding van de kritiek door lid Krom zegt de wethouder toe te gaan bekijken hoe dit overzichtelijker gemaakt kan worden. Ook zegt zij toe te proberen om in het vervolg eerder de benodigde informatie aan de commissie te doen toekomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14496694/2