Commissie WB (1) Voordracht
Tekst van het document
VN2021-004343 Wonen
Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging
WB
Voordracht voor de Commissie WB van 03 maart 2021 Ter bespreking en ter kennisneming Portefeuille
Bouwen en Wonen
Agendapunt
8
Datum besluit
n.v.t. Onderwerp
Brief aan Commissie Wonen en Bouwen inzake arrest Europees Hof van Justitie over vakantieverhuur en Dienstenrichtlijn De commissie wordt gevraagd
Kennis te nemen van het arrest van het Europees Hof van Justitie van 22 september 2020 betreffende toeristische verhuur van woonruimte en de toepassing van de Dienstenrichtlijn, waarvan de belangrijkste inhoudelijke punten zijn: a. Het gaat om een zaak over de vergunningplicht voor toeristische verhuur van woonruimte zoals die in Parijs geldt met als vraag in hoeverre deze in overeenstemming is met de Europese Dienstenrichtlijn; b. Het Hof oordeelt dat de Dienstenrichtlijn van toepassing is en dat het in Parijs geldende vergunningenstelsel voldoet aan de in die richtlijn gestelde criteria; c. Daarbij is vooral het oordeel over de ”dringende reden van algemeen belang” belangrijk, alsmede de opinie van de Advocaat-Generaal van het Hof hierover; d. Het Amsterdamse beleid voldoet naar het oordeel van het college aan de eisen van de Dienstenrichtlijn; e. Het arrest kan gezien worden als een ondersteuning van gemeenten die de woningmarkt op dit terrein willen reguleren. Wettelijke grondslag
Artikel 45 Reglement van orde voor de gemeenteraad van Amsterdam betreffende schriftelijke vragen. Gemeentewet, artikel 169, lid 1: Het college en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan de raad verantwoording schuldig over het door het college gevoerde bestuur. Gemeentewet, artikel 169, lid 2: Zij geven de raad alle inlichtingen die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Bestuurlijke achtergrond
In de vergadering van de Commissie Wonen en Bouwen van 23 september 2020 heeft de wethouder Wonen het raadslid Naoum Néhmé (VVD) toegezegd een toelichting te geven op het arrest van het Europese Hof van Justitie in het kader van de zaak van de rechtmatigheid van vergunningen voor toeristische verhuur in Parijs. Korte inhoudelijke toelichting:
Gegenereerd: v1.2
1
VN2021-004343 Wonen
Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging
WB
Voordracht voor de Commissie WB van 03 maart 2021 Ter bespreking en ter kennisneming
a. De eigenaren van een paar flats in Parijs hadden hoger beroep aangetekend tegen een geldboete die de gemeenten Parijs hen had opgelegd vanwege het toeristisch verhuren van de flats zonder de benodigde vergunning. In hun beroep stellen zij dat de vergunningplicht en de vergunningsvoorwaarden in strijd zijn met de Europese Dienstenrichtlijn. Het Franse stelsel kent net als dat van Amsterdam een vergunningplicht met voorwaarden (zoals aantal nachten) en een registratieplicht (in Amsterdam vanaf 1 april 2021). b. Het Hof oordeelt dat de Dienstenrichtlijn van toepassing is. Het verhuren van een woning is een dienst die valt onder het regime van de Dienstenrichtlijn en dus moet wetgeving hierover getoetst worden aan die richtlijn. Een vergunningstelsel kan slechts worden toegestaan als deze niet discriminatoir is, gerechtvaardigd is vanwege een dringende reden van algemeen belang en het nagestreefde doel niet met een minder beperkende maatregel kan worden bereikt (evenredigheidscriterium). Volgens het Hof voldoet het Franse vergunningstelsel al aan deze voorwaarden. c. Het bestrijden van het tekort aan huurwoningen en het tegengaan van een toename van de krapte op de vastgoedmarkt zijn volgens het Hof dwingende redenen van algemeen belang.
De Advocaat-Generaal van het Hof merkt in zijn opinie daarbij nog op dat onder “dwingende redenen van algemeen belang” ook bijvoorbeeld aspecten als voldoende aanbod voor bepaalde categorieën van de lokale bevolking, tegengaan van speculatie, leeaarheid van wijken en bescherming van het stedelijk milieu vallen. d. Zowel in de Huisvestingswet als de hierop gebaseerde Amsterdamse huisvestingsverordening is uitgebreid en specifiek gemotiveerd waarom bepaalde regulering, zoals een vergunningplicht, noodzakelijk is. Het college baseert zich daarbij steeds op statistische gegevens en (voortgaand) onderzoek. De eisen die de Dienstenrichtlijn stelt, maken altijd onderdeel uit van de overwegingen en afwegingen van het college bij de formulering van het beleid. e. Het college is dan ook van mening dat het Amsterdamse beleid in overeenstemming is met de Dienstenrichtlijn en voelt zich daarbij gesteund door dit arrest, waarbij uiteraard in specifieke juridische zaken het eindoordeel aan de nationale rechter is. Ook al zijn er op onderdelen verschillen met het beleid in Parijs, de onderliggende motivering voor regulering van toeristische verhuur van woonruimte komt grotendeels overeen met die van Parijs (en veel andere Europese steden).
Voor wat betreft een oordeel over dit arrest van het Hof sluit het college zich aan bij de conclusie van landsadvocaat Pels Rijcken, die in een opinie over dit arrest stelt dat “het arrest al met al kan worden gezien als een steun in de rug aan overheden die zoeken naar mogelijkheden om de woningmarkt te reguleren en huisvesting te bieden”.
Reden bespreking
O.v.v. de leden Leenders (PvdA) en Naoum Néhmé (VVD) Uitkomsten extern advies
N.v.t.
Gegenereerd: v1.2
2
VN2021-004343 Wonen
Raadscommissie voor Bouwen en Wonen, Ontwikkelbuurten, Dierenwelzijn, Openbare Ruimte en Groen, Reiniging
WB
Voordracht voor de Commissie WB van 03 maart 2021 Ter bespreking en ter kennisneming
Geheimhouding
N.v.t. Uitgenodigde andere raadscommissies
N.v.t. Welke stukken treft u aan? Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2021-015521
040121 raadsbrief uitspraak EHvJ DEF.pdf (pdf)
AD2021-015522
Commissie WB (1) Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar of indienend raadslid (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Albert Eefting, 0683623192, a.eefting@amsterdam.nl
Gegenereerd: v1.2
3