Commissie MLW Voordracht
Tekst van het document
VN2020-028814 rve metro en tram
Raadscommissie voor Verkeer Vervoer en Luchtkwaliteit en Water
MLW
Voordracht voor de Commissie MLW van 04 februari 2021 Ter advisering aan de raad Portefeuille
Verkeer, Vervoer en Luchtkwaliteit
Agendapunt
3
Datum besluit
College van B&W 15 december 2020 Onderwerp
Beschikbaar stellen van een rendabel krediet van € 29,9 miljoen voor de uitvoering van het project Implementatie Scenario Analyse (ISA) De commissie wordt gevraagd
aan de gemeenteraad het volgende advies uit te brengen: In te stemmen met de raadsvoordracht met de volgende beslispunten: Beslispunt 1: Kennis te nemen van het feit dat er de afgelopen jaren fors geïnvesteerd is in het renoveren en upgraden van de Oostlijn van de metro en dat bij het opleveren in 2019 van het onderdeel Stationsrenovatie melding is gemaakt van het feit dat er nog aanvullende maatregelen getroffen moesten worden om de (brand)veiligheidssituatie op het niveau te brengen die vereist is voor het kunnen doen van de gebruiksmelding. Beslispunt 2: Kennis te nemen van de voortgang van het project Implementatie Scenario Analyse Oostlijn (ISA) – onderdeel van het programma Brandveiligheid Oostlijn en benodigd voor het opheffen van de huidige gedoogsituatie. Voor het goed functioneren van de aangebrachte brandveiligheidsvoorzieningen zijn nog aanvullende werkzaamheden nodig waarvan de kosten geraamd worden op € 29,9 miljoen. Beslispunt 3: Kennis te nemen van het feit dat er tussen de Vervoerregio Amsterdam (VRA) en gemeente intensief overleg gevoerd is over de bekostiging van de ISA-maatregelen alsmede het nog niet afgerekende deel van de overige getroffen maatregelen uit het programma Renovatie Oostlijn. Inclusief ISA moet er in totaal nog € 67,3 miljoen met betrekking tot de Renovatie Oostlijn worden afgerekend.
Geen van beide partijen hebben een risicobudget opgenomen voor de nog af te rekenen activiteiten. VRA en gemeente het eens over nut en noodzaak hiervan en zien het als een gezamenlijk project waarvoor een gezamenlijke oplossing gezocht moet worden. Beslispunt 4: Kennis te nemen van het feit dat de oplossing gevonden is in het gezamenlijk dragen van de kosten van € 67,3 miljoen waarbij: • De nog af te rekenen kosten van ROL (€ 37,4 miljoen) door de VRA in de meerjarenraming van het MVP/Metro zullen worden opgenomen; • De kosten van ISA (€ 29,9 miljoen) de gemeente Amsterdam voor haar rekening zal nemen door deze te activeren en af te schrijven. De daaruit voortvloeiende kapitaallasten zullen worden afgedekt door de inkomsten van reclame-uitingen op de metrostations;
Gegenereerd: v1.29
1
VN2020-028814 rve metro en tram
Raadscommissie voor Verkeer Vervoer en Luchtkwaliteit en Water
MLW
Voordracht voor de Commissie MLW van 04 februari 2021 Ter advisering aan de raad
• Om zeker te stellen dat het MVP-Metro de opname van € 37,4 miljoen kan dragen, hebben VRA en gemeente afgesproken dat er een nulmeting komt inzake de staat van het onderhoud van het metrostelsel. Het doel hiervan is te beoordelen wat de staat van het onderhoud is en of de beschikbare budgetten, inclusief de gemaakte afspraken, naar de toekomst toe, voldoende zijn om het stelsel op een adequaat niveau te houden; • Mochten de budgetten voor het onderhoud van een goed werkend OV systeem (structureel) onvoldoende zijn, dan zal een nadere afweging tussen investeringen in Amsterdam en/of vanuit de VRA en de onderhoudsbudgetten aan het bestuur voorgelegd worden. Beslispunt 5: Een rendabel krediet van € 29,9 miljoen beschikbaar te stellen voor het uitvoeren van het ISAproject waarmee de brandveiligheidsvoorzieningen in de ondergrondse stations van de Oostlijn op voldoende niveau voor de gebruiksmelding gebracht worden. Het krediet betreft vooral investeringen in elektrische - en veiligheidsinstallaties die lopen tot en met 2023, waarvoor een afschrijvingstermijn van 15 jaar geldt. Het krediet heeft een rendabel karakter omdat de kapitaallasten (die starten met ingang van 2024) zullen worden afgedekt door de reclameopbrengsten uit de concessie Reclame Metrostations Amsterdam. Wettelijke grondslag
• Artikel 108 lid 1 Gemeentewet: De bevoegdheid tot regeling en bestuur inzake de huishouding van de gemeente wordt aan het gemeentebestuur overgelaten. • Artikel 147 Gemeentewet: • Lid 1: Gemeentelijke verordeningen worden door de raad vastgesteld voor zover de bevoegdheid daartoe niet bij de wet of door de raad krachtens de wet aan het college of de burgemeester is toegekend. • Lid 2: De overige bevoegdheden, bedoeld in artikel 108, eerste lid, berusten bij de raad. • Artikel 169 Gemeentewet: • Lid 1: Het college en elk van zijn leden afzonderlijk zijn aan de raad verantwoording schuldig over het door het college gevoerde bestuur. • Lid 2: Zij geven de raad alle inlichtingen die de raad voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. • Artikel 189 lid 1 jo. artikel 212 lid 1 van de Gemeentewet en artikel 6 lid 1 van de Financiële verordening gemeente Amsterdam: Voor alle taken en activiteiten brengt de raad jaarlijks op de begroting de bedragen die hij daarvoor beschikbaar stelt, alsmede de financiële middelen die hij naar verwachting kan aanwenden. De raad stelt bij verordening de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie vast. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting of een begrotingswijziging. • Artikel 6 lid 2 van de Financiële verordening gemeente Amsterdam: Voor: a.
investeringen in de loop van het begrotingsjaar die niet in de begroting zijn opgenomen of b. investeringen die een bedrag van € 20 miljoen na aftrek van bijdragen van derden te boven gaan of c. investeringen waarvan de gemeenteraad dat aangeeft of d. investeringen die door de raad niet bij vaststelling van de begroting zijn geautoriseerd, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel en een voorstel voor een investeringskrediet aan de gemeenteraad ter vaststelling voor. Bestuurlijke achtergrond
Gegenereerd: v1.29
2
VN2020-028814 rve metro en tram
Raadscommissie voor Verkeer Vervoer en Luchtkwaliteit en Water
MLW
Voordracht voor de Commissie MLW van 04 februari 2021 Ter advisering aan de raad
Het college heeft op 3 maart 2020 (VN2020-002239) ingestemd met het aanvragen van een gedoogbeslissing voor de Oostlijntunnel aan de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD) voor het niet voldoen aan het Bouwbesluit 2012. Het college van B&W heeft 30 juni 2020 (VN2020-008242) ingestemd met het aanvragen van een nieuwe gedoogbeslissing naar aanleiding van de uitkomsten van een second opinion naar de gehanteerde uitgangspunten en een onderzoek naar alternatieve beheersmaatregelen en gebruiksbeperkingen om de veiligheid te borgen zonder dat dat impact heeft op de vervoerscapaciteit op korte en lange termijn. De raad is hierover geïnformeerd per brief van resp. 7 april 2020 en 3 juli 2020. In deze brieven is onder andere verwezen naar het nog uit te voeren programma om de brandveiligheid in overeenstemming te brengen met de geldende regels op grond waarvan een gebruiksmelding kan worden gedaan en de huidige gedoogsituatie kan worden beëindigd. De commissie wordt gevraagd aan de gemeenteraad het volgende advies uit te brengen: in te stemmen met de raadsvoordracht. Zie verder de raadsvoordracht. Reden bespreking
Raadsvoordracht Uitkomsten extern advies
VRA: akkoord Geheimhouding
n.v.t. Uitgenodigde andere raadscommissies
n.v.t. Welke stukken treft u aan? Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2020-098540
01. Raadsvoordracht Krediet project ISA.pdf (pdf)
AD2020-092769
Commissie MLW Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Gegenereerd: v1.29
3
VN2020-028814 rve metro en tram
Raadscommissie voor Verkeer Vervoer en Luchtkwaliteit en Water
MLW
Voordracht voor de Commissie MLW van 04 februari 2021 Ter advisering aan de raad
Behandelend ambtenaar of indienend raadslid (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Metro en Tram, R. van der Steen (r.steen@amsterdam.nl; tel. 06-51286017)
Gegenereerd: v1.29
4