CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Coalitieakkoord-2026-2030 Jouw stad is mijn stad

RAAD 11 juni 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het coalitieakkoord voor de bestuursperiode 2026-203023.800 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Dit gaan we doen × We pakken ondermijning actief aan en bestrijden de invloed van criminaliteit op onze stad. Dat doen we onder andere door een vergunningsstelsel in te voeren voor toeristische winkels, zodat malafide praktijken minder ruimte krijgen. Samen met de politie verbeteren we de gegevensuitwisseling om criminaliteit in de horeca effectiever tegen te gaan. × We scherpen de aanpak van fraude aan. Via subsidievoorwaarden treden we harder op tegen subsidie- en zorgfraude en stellen we hogere eisen aan goed bestuur en transparantie. Zo zorgen we ervoor dat publiek geld terechtkomt waar het hoort. × We kiezen voor een gerichte en proportionele aanpak van veiligheid. Daarom starten we geen nieuwe pilots met preventief fouilleren en voeren we het i-criterium niet in. × Online criminaliteit krijgt extra aandacht. Amsterdamse datacenters spelen een grote rol in de verspreiding van strafbaar materiaal zoals kinderporno, iets wat we actief en stevig willen bestrijden. We roepen datacenters op transparanter te zijn, zodat misbruik van digitale infrastructuur beter kan worden aangepakt. Hiervoor sluiten we een convenant met de datacenter sector.

Dit blijven we doen × BOA’s blijven duidelijk in hun rol: zij nemen geen politietaken over en krijgen geen extra geweldsmiddelen ten opzichte van de huidige situatie. Daar­ onder rekenen we het voortzetten van het pilotgebied in het centrum.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

49

Hoofdstuk 7

De stad in beweging

50

7. De stad in beweging Amsterdam groeit. Het aantal bewoners, werknemers en bezoekers neemt toe, en die groei zet de komende jaren door. Dat leidt tot meer drukte, druk op de openbare ruimte en uitdagingen rond bereikbaarheid en veiligheid. Het toerisme groeit ondanks maatregelen nog steeds, wat de druk op de openbare ruimte, zeker in de centrum­ gebieden, verder vergroot. De luchtkwaliteit wordt steeds beter maar blijft een punt van zorg, terwijl de behoefte aan groen en een gezonde leefomgeving groter wordt. Deze ontwikkelingen vragen om duidelijke keuzes en een samenhangende visie. Met het voortzetten van de koers Amsterdam Maakt Ruimte zetten we in op een stad waarin ruimte eerlijk wordt verdeeld en leefkwaliteit, gezond­ heid en duurzaamheid centraal staan. Lopen, fietsen en openbaar vervoer vormen de ruggengraat van die stad. We maken ruimte voor groen, spelen en bewegen, sturen op betere spreiding en kwaliteitstoerisme, en zorgen dat Amsterdam toegankelijk en veilig blijft voor iedereen.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

51

7.1

Slim en duurzaam onderweg

Steeds meer Amsterdammers durven zich niet meer te begeven in het verkeer. Ouders overwegen te verhuizen omdat fietsen naar school te gevaarlijk is geworden voor hun kinderen. In een stad die steeds drukker wordt maar de ruimte beperkt, moeten we maatregelen blijven nemen om ruimte te blijven maken voor verkeersveilige straten, ontmoeten, spelen en groen.

Dit gaan we doen × We zetten de invoering van 30 km/u voort en passen wegen hierop aan bij groot onderhoud. × We nemen aanvullende maatregelen om fietspaden veiliger te maken, gezien de snelle toename van elektrische fietsen en fatbikes. × We maken extra ruimte voor de voetganger. × We experimenteren met snelheidsmaatregelen op het fietspad en onderzoeken hoe we verschillende snelheden beter kunnen scheiden, zodat kinderen en ouderen zich weer veilig voelen op de fiets. × We gaan verder met het realiseren van de Oostbrug en werken aan een langjarige investeringsagenda voor mobiliteit. Waaronder de Westbrug, een tweede fietsring en veilige, goed verlichte fietsroutes, ook ’s nachts. × We blijven investeren in het onderhouden van onze stad en de kades en bruggen. De focus ligt bij onderhoud in een groot deel van de stad in plaats van enkele grootschalige herinrichtingen, zodat dit betaalbaar blijft. Tegelijk benutten we deze momenten om straten te vergroenen en verkeers­veiliger te maken. × We maken afspraken met Google en andere aanbieders van kaartapps over routesuggesties die de drukte in het verkeer ten goede komen. × We onderzoeken hoe we het aantal leeg rondrijdende taxi’s kunnen verminderen en werken aan een kwaliteitscertificeringsysteem. × Een stad heeft efficiënte bevoorrading en logistiek nodig.

We houden daarom de systematiek van venstertijden tegen het licht, met het oog op verruiming tijdens wegwerkzaamheden en verruiming voor schone en stille voertuigen. We stimuleren samenwerking tussen bedrijven zodat er minder lege bestelbussen door de stad rijden.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

7.2 Een bereikbare stad voor iedereen Duizenden Amsterdammers maken elke dag opnieuw gebruik van de tram, de bus of de metro. Voor het bezoeken van een vriendin, voor woon-werkverkeer of voor een dagje uit naar het museum. Bereikbaarheid van onze stad blijft een prioriteit, juist ook voor mensen die slecht ter been zijn. En met de groei van de stad zorgen we ervoor dat we de investeringen doen die nodig zijn zodat het openbaar vervoer meegroeit.

Dit gaan we doen × We breiden fijnmazig OV uit in buurten waar dit nu ontbreekt en blijven ons inzetten voor meer OV in de nacht. × We breiden de regeling voor gratis OV voor kinderen in deze coalitieperiode uit naar kinderen tot 16 jaar. × We werken samen met de regio en het Rijk aan de doortrekking van de Noord-Zuidlijn naar Hoofddorp en aan het afbouwen van Zuidasdok. Indien het Rijk besluit om alleen een bijdrage te leveren aan de metro tot Schiphol en niet tot Hoofddorp zullen we onze bijdrage heroverwegen en mogelijk naar beneden bijstellen in goed overleg met onze regionale partners en het rijk.

7.3 Ruimte voor bewoners in een drukke stad De ruimte in de stad is beperkt. De verwachting is dat er in 2050 een kwart miljoen méér Amsterdammers zijn en er 200.000 werkenden bijkomen. Als het aantal autobewegingen net zo hard stijgt, dan slokt de auto de openbare ruimte op. We creëren meer ruimte in de stad voor recreatie, vergroening en ontmoeten door een andere invulling aan parkeerplekken in de binnenstad en drukke buurten te geven.

Dit gaan we doen × Om buitenspelen aantrekkelijk te maken komen we met een Actieplan Buiten­spelen. Hierbij zetten we in op aantrekkelijke speelplekken en breiden we de speeltuinbrigade uit zodat speeltuinen schoon en onderhouden zijn. 52

× We heffen 10.000 parkeerplaatsen op voor meer ruimte voor groen, buiten­ spelen, de voetganger en fietsparkeren en verminderen het aantal parkeer­ vergunningen, met prioriteit in gebieden waar de druk op de openbare ruimte het grootst is. × Om ruimte eerlijker te kunnen verdelen tussen autobezit en andere functies die nodig zijn voor een leefbare stad, verhogen we stapsgewijs de tarieven voor bewoners­vergunningen en verlagen de bezoekerskorting gefaseerd naar 40%. × We investeren in deelauto’s, deelbakfietsen en deelscooters, met vaste hubs in drukke gebieden om verrommeling te voorkomen. We monitoren dit goed en als dit tot overlast leidt sturen we bij. × We kijken naar de parkeernorm bij nieuwbouw voor de verschillende segmenten waar we voor bouwen, zodat stedelijke ontwikkeling beter aansluit bij de behoefte aan noodzakelijk autogebruik, met bijvoorbeeld meer ruimte voor gehandicaptenvergunningen en laad- en losplekken. × We verlagen de parkeervergunningtarieven voor deelauto’s.

Dit blijven we doen × Amsterdam blijft een inclusieve stad, ook voor mensen die niet zonder auto kunnen. Bewoners met een beperking, mensen met cruciale beroepen en mantelzorgers behouden toegang tot een parkeervergunning die past bij hun specifieke behoefte.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

7.4 Openbare ruimte eerlijk verdeeld We blijven ons inzetten voor een openbare ruimte die veilig is voor meisjes en vrouwen. De openbare ruimte wordt minder een plek om je van A naar B te verplaatsen en meer een plek om te ontmoeten. Parken, bomen en groen geven daarbij rust in de hectiek van de stad.

Dit gaan we doen × De openbare ruimte benaderen we minder vanuit het perspectief van voertuig en doorstroming, maar vanuit verblijf en mens. Sociale veiligheid en de wens tot verblijven, vragen om andere keuzes in verlichting en inrichting. × Ook onze kinderen, ouderen en mensen met een beperking moeten zich veilig door de stad kunnen verplaatsen. Daarom blijven we investeren in het toegankelijk maken van de openbare ruimte en OV-haltes. × We breiden de mogelijkheden tot sporten in de openbare ruimte uit door meer ruimte te maken voor urban sport, groene sportvoorzieningen en veilige, goed verlichte parken.

Dit blijven we doen × We blijven ons inzetten voor meer openbare toiletten in de openbare ruimte. Deze zijn hard nodig om parken en de openbare ruimte voor iedereen comfortabel te houden. × We stimuleren kunst in de openbare ruimte zodat Amsterdammers overal in aanraking komen met kunst. Onze kunst in de openbare ruimte is inclusief en biedt ook plek voor nog ongehoorde verhalen in onze stad.

53

Hoofdstuk 7

Financiën en organisatie

54

8. Financiën en organisatie De afgelopen jaren zijn de financiële uitdagingen voor Amsterdam verder toegenomen. Aanhoudende inflatie, stijgende rente, druk op de woningmarkt, netcongestie, oplopende kosten in het sociaal domein en onzekerheden in de economie zetten de gemeentelijke begroting struc­ tureel onder druk. Tegelijkertijd vragen grote maatschap­ pelijke opgaven om forse investeringen in de stad en haar inwoners. De meerjarenramingen laten zien dat met name vanaf 2027 de financiële ruimte verder onder druk komt te staan als er geen aanvullende keuzes worden gemaakt. Zo zijn er het afgelopen jaar tegenvallers geweest, maar voorzien we ook tegenvallers voor de toekomst door de stijgende rente en de onzekerheid rondom de herver­ deling van het gemeentefonds. Wij vinden het van groot belang dat Amsterdam financieel gezond en bestuurbaar blijft. Daarom kiezen wij voor een solide en toekomstbestendige financiële huishouding, waarbij de gemeentebegroting structureel sluitend moet zijn. Dat betekent dat wij onze ambities zorgvuldig hebben afgewogen binnen de financiële kaders. Daarbij zijn scherpe keuzes onvermijdelijk geweest, zowel binnen beleidsprogramma’s als in de fasering van investeringen en uitvoeringsplannen. Er ligt dan ook een grootschalig bezui­ nigingsprogramma voor de komende jaren.

We vonden het noodzakelijk ingrepen te doen om zo effectief beleid te kunnen blijven maken. Dit is ook in lijn met het ingezette organisatieveranderingstraject. COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

Tegelijkertijd willen wij blijven investeren in een sterke, inclusieve en duurzame stad. Juist in onzekere tijden moet de gemeente betrouwbaar en nabij zijn voor Amster­ dammers die ondersteuning nodig hebben. In onze afwegingen blijft daarom het uitgangspunt gelden dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen en dat de gevolgen van noodzakelijke maatregelen eerlijk en evenwichtig worden verdeeld. Samen met andere gemeenten blijven wij richting het Rijk pleiten voor voldoende en stabiele financiering van gemeentelijke taken. De aanhoudende onzekerheid rondom het Gemeentefonds en de beperkte compen­ satie voor stijgende uitvoeringskosten maken het voor gemeenten steeds lastiger om structurele opgaven duurzaam te financieren. Daarom bereiden wij ons tegelij­ kertijd voor op verschillende financiële scenario’s en blijven wij kritisch kijken naar mogelijkheden voor besparingen, efficiëntere uitvoering en herprioritering van middelen, zodat Amsterdam ook in de komende coalitieperiode financieel weerbaar blijft.

55

8.1 Ombuigingen De financiële opgave waar de gemeente voor staat, vraagt om scherpe keuzes en een duidelijke focus. Wij kiezen daarom voor een compactere en effectievere organisatie, die haar capaciteit inzet op de grootste maatschappelijke opgaven voor Amsterdammers. Dat betekent dat we kritisch kijken naar taken, processen en beleid. Het vraagt om harde keuzes. De noodzakelijke besparingen worden deels ingevuld door natuurlijke uitstroom uit de organisatie. Het overgrote deel komt voort uit inhoudelijke keuzes. Het stoppen van de bedrijfsafvalinzameling door de gemeente scheelt daarnaast ook capaciteit. Een deel van die keuzes zijn nu gemaakt. Daarnaast wordt een beleidsschouw gedaan.

×

×

× ×

De keuzes die gemaakt zijn, waren niet makkelijk. Tegelijkertijd vinden we het van groot belang om de organisatie wendbaar te maken en bij oplopende kosten te bezien hoe we effectiever impact kunnen maken.

Dit gaan we doen × Via een brede beleidsschouw beoordelen we bestaand beleid op maatschappelijke impact voor de Amsterdammer én op de uitvoerbaarheid en werklast voor ambtenaren. Beleid dat onvoldoende bijdraagt aan onze doelen, te complex is of onevenredig veel capaciteit vraagt, wordt aangepast, vereenvoudigd of beëindigd. In totaal wordt er in 2030 2.500 fte inclusief inhuur bespaard. × We verdelen de taakstelling over alle programma’s, want iedereen staat aan de lat om te werken aan een effectievere organisatie. We hanteren daarvoor als uitgangspunt een verdeling waarin het aandeel van het programma in het totaal aantal fte voor 50% meeweegt, het aandeel in het totaal aantal fte generieke functies in hoge schalen voor 25%, en het aandeel in de totale lasten ook voor 25%. Dit wordt centraal aangestuurd en betreft alle personeelsleden, ook die in een gesloten systeem werkzaam zijn zoals de gebiedsontwikkeling en de tariefdiensten. × Vanaf 1 juli 2026 geldt een vacaturestop voor functies vanaf schaal 10 en een inhuurstop voor externe inzet op dat niveau. Uitzonderingen zijn mogelijk voor functies die niet kunnen worden uitgesteld zonder de dienstverlening COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

×

× × ×

× ×

aan de stad direct te raken. Daarbij wegen we mee of de taak wettelijk verplicht is, of uitstel schade oplevert, en of interne invulling mogelijk is. Het college stelt samen met de gemeentesecretaris een proces vast waarin uitzonderingen worden beoordeeld en verantwoord. De ondernemingsraad heeft een belangrijke rol in het bewaken van de gevolgen van organisatieveranderingen voor medewerkers en de kwaliteit van het werk. De gemeenteraad heeft vanuit zijn kaderstellende en controlerende rol nadrukkelijk aandacht voor de gevolgen van keuzes voor bewoners, ondernemers en de kwaliteit van dienstverlening in de stad. We blijven investeren in jong talent en goed werkgeverschap. In het fysiek domein bezuinigen we op de hoeveelheid afwijkingen. Dit betekent dat bij het ontwikkelen en toepassen van ruimtelijk en regionaal beleid de ruimte voor beleidsafwijkingen wordt beperkt. Dit scheelt kosten in zowel de voorbereiding als later in de keten, bijvoorbeeld bij advies, overleg, vergunningverlening etc. Ook verminderen we de bijdrage aan duurzaamheid omdat er extra middelen uit het Rijk zijn gekomen. Daarnaast wordt er bezuinigd binnen openbare ruimte door onder andere Puccini te versoberen en de tweede bestuurslaag anders te betrekken bij de besluitvorming. We verminderen de inzet van Amsterdam en Partners en het gebruik van de Clipper Amsterdam.

We verhogen de bezettingsgraad van sportaccommodaties en onderzoeken tariefstijgingen om zo de kosten van sport duurzaam te beheersen. De zorgkosten lopen op, daarom wordt er een bezuiniging opgelegd op de WMO, waaronder Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen. Voor een deel van deze bezuiniging wordt gekeken naar het inzetten van collectieve oplossingen in plaats van individuele trajecten. Hetzelfde geldt voor de jeugdzorg, waarin we het financieel kader volgen van het rijk en onze eigen bijdrage afbouwen. Daarnaast laten we de risicoreservering voor de rijks­ bijdrage vervallen. Door een tegenvallende bijdrage vanuit het rijk voor de BUIG wordt bij werk en inkomen ook structureel bezuinigd. Ook richten we het werk voor veiligheid in de stadsdelen anders in waardoor we middelen besparen.

56

8.2 Lasten Toeristenbelasting Amsterdam blijft een aantrekkelijke bestemming voor bezoekers van over de hele wereld. Toerisme draagt bij aan de economie van de stad, maar legt tegelijkertijd een grote druk op de openbare ruimte, leefbaarheid en gemeentelijke voorzieningen. De coalitie kiest er daarom voor de toeristenbelasting te verhogen, zodat bezoekers een eerlijkere bijdrage leveren aan de kosten die de stad maakt voor beheer, onderhoud, handhaving en investeringen in de kwaliteit van de leefomgeving.

Dit gaan we doen × We verhogen de toeristenbelasting in een eerste stap naar 16 procent in 2027. Daarna wordt de toeristenbelasting jaarlijks met 1 procentpunt verhoogd tot een totaal van 20 procent. Hiermee voldoen we aan de verordening van de raad. × Met de opbrengsten van de hogere toeristenbelasting investeert de gemeente in een schone, veilige en leefbare stad voor bewoners en bezoekers. Zo dragen toeristen meer bij aan voorzieningen waarvan zij gebruikmaken en kunnen noodzakelijke investeringen in de stad en en maatregelen voor de binnenstad worden bekostigd. × Daarnaast onderzoeken we een verbreding van de Vermakelijkhedenretributie.

Parkeren De druk op de openbare ruimte in Amsterdam neemt verder toe, terwijl de stad voor grote investeringen staat in onderhoud, vergroening, veiligheid, bereikbaarheid en de kwaliteit van straten en pleinen.

Dit gaan we doen × Om deze investeringen mogelijk te maken en tegelijkertijd zorgvuldig om te gaan met de schaarse ruimte in de stad, verhoogt de coalitie gefaseerd

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

de tarieven voor bewonersparkeervergunningen. Daarmee vragen we een eerlijkere bijdrage van het gebruik van de openbare ruimte, die van grote waarde is voor alle Amsterdammers. × Ook de korting op parkeren voor bezoekers wordt gefaseerd verlaagd. Daarbij houden we oog voor een zorgvuldige invoering voor bewoners.

Overige belastingen De coalitie kiest er in deze bestuursperiode voor om de OZB en de afvalstoffen­ heffing niet te verhogen. In een tijd waarin veel Amsterdammers te maken hebben met stijgende kosten voor wonen en levensonderhoud, vinden wij het belangrijk om de lokale lasten voor bewoners zoveel mogelijk stabiel te houden. Daarom zoeken we de noodzakelijke dekking voor investeringen en financiële opgaven primair in scherpe keuzes, een effectievere organisatie en andere inkomstenbronnen. Tegelijkertijd vraagt de financiële positie van de gemeente om realisme en zorgvuldigheid richting de toekomst. De coalitie blijft de ontwikkeling van de gemeentefinanciën en de noodzakelijke investeringen in de stad nauwlettend volgen. Mocht de financiële situatie daar in de toekomst aanleiding toe geven, dan sluiten we aanvullende maatregelen niet op voorhand uit. Ook andere belastingen zoals de forensenbelasting en vermakelijkhedenretributie zijn bespreekbaar wanneer de financiële positie van de gemeente daar om vraagt.

Dit gaan we doen × Door de bezuinigingen die worden ingevoerd en de lasten die worden verhoogd, is er van 2026 tot en met 2030 een sluitend beeld en ontstaat er financiële ruimte in de jaren na 2030. We egaliseren het verschil in de jaarschijven. × De vorige periode zijn er veel beleidsprogramma’s incidenteel gefinancierd omdat deze toen werden opgestart. Het heeft de partijen ertoe gedwongen om – als zij deze programma’s niet verloren wilden laten gaan – opnieuw incidenteel geld vrij te maken. Om ervoor te zorgen dat de programma’s die eigenlijk structureel van aard zijn ook zo te financieren wordt er een bestuursopdracht gestart. In deze bestuursopdracht onderzoeken we welke middelen structureel moeten worden gefinancierd aan de hand van vooraf

57

vastgestelde criteria. We kijken hierbij onder andere terug naar de financiering van het beleid de afgelopen 8 jaar. Tevens wordt de opdracht gegeven om een voorstel te doen om incidentele middelen die niet structureel gefinancierd worden ook daadwerkelijk te laten aflopen binnen de coalitieperiode. In deze opdracht houden we rekening met het feit dat een structurele bijstelling van het uitgavenniveau noodzakelijk is, omdat uitgaven structureel sneller groeien dan inkomsten.

8.3 Financiële spelregels × De komende periode worden reserves wederom doorgelicht met als doel financiële ruimte te creëren voor vermogensopbouw en het verlichten van renterisico’s. × We schrappen alle horizontale thema’s in de begroting behalve ongelijk investeren voor gelijke kansen om zo de administratieve druk te verlichten. × De komende periode wordt de evaluatie van beleid verder gestandaardiseerd met de wens dat op termijn al het beleid wordt geëvalueerd. Hierbij wordt ook de Doelenboom doorgelicht op of het doel verplicht is in de BBV, of het doel direct effect sorteert in het leven van Amsterdammers en de uitvoeringslast van de monitoring. × Onze buffer is de algemene reserve, waarvan we de normhoogte vastleggen op 5% van ons begrotingstotaal. × We sturen op structureel evenwicht door in onze begroting een duidelijk onderscheid te maken tussen incidenteel en structureel beleid. Deze periode zorgen we voor meer structurele financiering om zo het beleid te borgen naar de toekomst. × We zorgen dat de bestedingskracht van de begroting op peil blijft door rekening te houden met de toekomstige loon-en prijsontwikkelingen.

Daarbij is de standaardregel dat we de loon- en prijsindexatie jaarlijks uitkeren volgens onze systematiek, waarbij we de beschikbare middelen – wat we binnenkrijgen vanuit het Rijk en de indexatie van onze eigen inkomsten – beschikbaar stellen voor compensatie. × Om zoveel mogelijk gebiedsgericht te werken, bepalen we per programma welke middelen zich hiervoor lenen en zetten deze middelen in gegeven de lokale opgaven, in overleg met de dagelijks besturen. COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

× Om een goede integrale afweging te kunnen maken tussen de verschillende beleidsdoelstellingen en bijbehorende middelen vindt de besluitvorming over de begroting plaats op één vast moment in het jaar. Dit ‘hoofdbesluitvormingsmoment’ valt in het voorjaar, bij de kadernota. × We geven invulling aan de wens van de raad om het meerjarig budgettaire beeld tweemaal per jaar te bespreken, in het voorjaar op hoofdlijnen in een nieuw product (de kadernota) en integraal in de begroting. De kadernota in het voorjaar schetst op hoofdlijnen de actuele ontwikkelingen, bevat een meerjarig budgettair beeld en de richting voor beleidskeuzes die hieruit voortvloeien (intensiveren, bijsturen). De raad kan zo eerder in het proces kaders meegeven voor het opstellen van de begroting × De voorjaarsbesluitvorming bepaalt op hoofdlijnen de kaders voor de begroting in het eerstvolgende jaar, inclusief de meerjarenraming. Het uitgangspunt is dat mee-en (onvermijdelijke) tegenvallers onderdeel zijn van de integrale besluitvorming. Bij tegenvallers is het de verantwoordelijkheid van een collegelid om zelf voorstellen te doen hoe deze tegenvallers te dekken. Bij meevallers beslist het college hoe deze worden ingezet. × Voor een aantal specifieke onderdelen, waarvan de uitgaven gedekt worden met inkomsten uit bestemmingsheffingen / tarieven, geldt een gesloten systeem.

Dat houdt in dat vanuit dat onderdeel geen compensatie gevonden hoeft te worden voor een tegenvaller in een ander onderdeel binnen het programma. Dit geldt voor afvalstoffenheffing, rioolrecht en vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) en water. × We verschuiven het autorisatieniveau naar het niveau van begrotingsprogramma in plaats van programmaonderdeel. Tegelijk stellen we meer begrotingsprogramma’s in, die rondom maatschappelijke opgaven zijn gevormd. Daarmee zijn we slagvaardiger en wendbaarder, en kunnen we beter sturen op het behalen van maatschappelijke prestaties. De raad blijft goed in staat hun controlerende taak uit te voeren.

58

8.4 Schuldpositie × We starten een integrale investeringsboard die het college onafhankelijk adviseert om concurrentie binnen programma’s te verkleinen. We wegen mee dat rendabele investeringen zichzelf terugverdienen, waarbij dit in balans moet worden gehouden met de schuldpositie. × In het licht van de geopolitieke onzekerheid sturen we op het beperkt toelaten van aanvullende investeringen en kiezen we ervoor ook op de investeringsportefeuille te bezuinigen. Zo blijven we financieel wendbaar. × De schuldquote van 110 procent blijft onze leidraad. Deze periode starten we een bestuursopdracht om meer bezuinigingen binnen de investeringsportefeuille te realiseren. De inzet hierbij is dat op termijn de schuld niet boven de 110 procent zal stijgen. In de bestuursopdracht wordt tevens onderzocht hoe er blijvend geïnvesteerd kan worden in de stad, gezamenlijk met onder andere het rijk en de vervoerregio, en het renterisico wat hierbij hoort, kan worden afgevangen. Om de schuldpositie beheersbaar en de begroting houdbaar te houden nemen wij de adviezen uit de Nota Begrotingsruimte over. Dat betekent dat wij: × Blijven inzetten op gezonde overheidsfinanciën, waarbij structurele taken worden bekostigd met structurele baten. × De invloed van demografische ontwikkelingen op de begroting beter in beeld brengen en vertalen naar de verdeling van middelen binnen de begroting.

× Per programma sturen op budgetflexibiliteit, zodat tijdig en gericht kan worden bijgestuurd bij financiële tegenvallers. We stellen per 2030 een norm in voor budgetflexibiliteit van gemiddeld 10 procent. De precieze hoogte bepalen we per programma. × Positieve rekeningresultaten boven € 50 miljoen automatisch toevoegen aan de reserve vermogensopbouw ter versterking van het eigen vermogen en beperking van de schuldgroei.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

8.5 Organisatie: ongelijk investeren voor gelijke kansen als standaard We blijven inzetten op ongelijk investeren voor gelijke kansen: meer aandacht, capaciteit en middelen waar de opgaven het grootst zijn. Deze bestuursperiode verankeren we dit principe verder in de organisatie, begroting en werkwijze, zodat het een vanzelfsprekend onderdeel wordt van beleid, uitvoering en besluitvorming. Een coördinerend wethouder bewaakt de samenhang en zorgt ervoor dat alle directies en partners vanuit hun eigen verantwoordelijkheid bijdragen aan het verkleinen van kansenongelijkheid. We erkennen dat institutioneel racisme en discriminatie binnen beleid, uitvoering en toezicht hebben bijgedragen aan ongelijkheid en wantrouwen richting de overheid. Daarom blijven we investeren in bewustwording, cultuursensitief werken, toetsing van beleid en samenwerking met bewoners en gemeenschappen. We sturen gezamenlijk op resultaten in de gebieden waar de opgaven het grootst zijn, met bijzondere aandacht voor Nieuw-West, Zuidoost en Noord, zonder andere kwetsbare buurten uit het oog te verliezen. Ook stadsdelen geven binnen hun eigen budgetten prioriteit aan ongelijk investeren.

Dit gaan we doen: × We zorgen dat inkoop, subsidiëring en opdrachtverlening beter aansluiten op langjarige gebiedsopgaven en geven maatschappelijke organisaties en bewonersinitiatieven meer ruimte voor continuïteit, samenwerking en lokaal vakmanschap. Tegelijkertijd verminderen we regeldruk en verantwoordingslasten, zodat professionals meer ruimte hebben voor maatwerk, direct contact en ondersteuning van bewoners en gemeenschappen. × Om maatschappelijke voortgang beter zichtbaar te maken, werken we met een integrale manier van monitoren en leren, waarin data, ervaringen van bewoners en professionals en de samenhang tussen thema’s als wonen, gezondheid, onderwijs, veiligheid en vertrouwen samenkomen. De programmateams hebben hierin een aanjagende en verbindende rol: zij organiseren samenwerking, helpen barrières tussen systemen te doorbreken en zorgen dat investeringen terechtkomen waar ze het meeste verschil maken. Daarbij erkennen we dat deze beweging soms schuurt en leidt tot discussie 59

en verandering. Juist door die dialoog aan te gaan, bouwen we aan een overheid die niet alleen stuurt, maar ook leert, verbindt en durft te veranderen. Verantwoording vindt plaats op bemensing, voorzieningen, co-creatie, eigenaarschap, community based werken en gelijkwaardig werken met ervaringsdeskundigheid, niet alleen op cijfers. × Gebiedsgerichte opgaven staan centraal in de sturing. De directies en bestuurders sturen gezamenlijk op maatschappelijke opgaven die zijn opgebouwd uit beleidskennis, praktijkkennis en ervaringskennis. We reserveren een budget voor het waarderen en vergoeden van lokale kennis en expertise. We maken ruimte voor uitvoering in buurten zelf en sturen hierop in alle portefeuilles die in buurten hun weerslag vinden. We kijken naar knellende regels en verantwoordingen en kijk met elkaar naar een werkwijze en kader om lokale inzet en expertise in te zetten. We maken gebruik van het ‘nee tenzij’ criterium: als er al een initiatief is op een gebied dat kwalitatief goed is, wordt er niet een nieuw zelfde soort initiatief ontwikkeld. × Met het nieuwe beoogde gebouw voor gemeentelijke huisvesting bereiden we ons voor op het werken van de toekomst. Een centraal gelegen goed bereikbare plek waar veel ambtenaren onder een dak komen te werken. × De stadsdeelbestuurders krijgen een grotere taak in de uitvoering.

We zien dat zij een belangrijke brugfunctie vervullen naar de inwoners, en daarom als bestuurder meer verantwoordelijkheden moeten krijgen in de uitvoering van het gemaakte beleid. Tegelijkertijd denken wij dat zij dit juist effectiever kunnen doen wanneer we op sommige plekken het aantal stadsdeel­– bestuurders verminderen. De functie wordt daarmee minder politiek en meer gericht op uitvoering en kan helpen om het beleid dichter bij haar inwoners te brengen. Daarom gaan we in beginsel terug van drie naar twee dagelijks bestuurders in de stadsdelen, met uitzondering van de masterplangebieden en het stadsgebied Weesp. De dagelijks bestuurders zullen waarschijnlijk per 1 juli 2026 worden benoemd. De benodigde wijziging van de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022 wordt in procedure gebracht en zal na vaststelling met terugwerkende kracht tot en met hun benoemingsdatum worden toegepast.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

× Vier jaar na de fusie is Weesp een volwaardig onderdeel van de gemeente Amsterdam, met behoud van een eigen identiteit, rijke geschiedenis en sterke gemeenschapszin. Het college waardeert de unieke kwaliteiten van Weesp, van het landelijke gebied en de betrokken agrariërs tot de levendige binnenstad aan de Vecht met haar horeca, winkels en recreatie. Tegelijkertijd groeit Weesp sterk en blijft het belangrijk dat voorzieningen meegroeien, zodat zowel huidige als nieuwe Weespers prettig kunnen wonen, werken en samenleven.

60

8.6 Financiële tabel begroting Bedragen in € miljoen

2026

2027

2028

2029

2030

Startstand (Kadernota 2026)

20,2

-20,4

-16,1

-15,1

-52,4

Bij afwijkingen tussen de tekst en de tabel zijn de bedragen in de tabel leidend.

Actualisaties overige ontwikkelingen Actualisatie rekeningresultaat 2025

-1,2

Actualistie verwacht resultaat 2026 & 2027

10,0

20,0

Daling budget BUIG

-12,0

-12,0

-6,0

-6,0

-6,0

CDOKE-middelen

39,5

30,0

30,0

30,0

30,0

Totaal actualisaties overige ontwikkelingen

26,3

28,0

44,0

24,0

24,0

Teruglopende legesinkomsten

-18,5

-13,9

-13,9

-13,9

-13,9

Tekorten sport

-11,3

-12,3

-12,3

-14,1

-14,1

Tekorten bestuur & organisatie

-38,9

-14,9

-3,4

-0,9

Eindejaarsmarge

-22,1 -15,0

-15,0

-15,0

-15,0

-56,1

-44,6

-43,9

-43,0

Verhoging toeristenbelasing

60,0

65,0

70,0

75,0

Verhoging parkeervergunningen

20,0

20,0

26,0

26,0

Startpositie tekorten

Taakstelling op de organisatie Begroting 2025 Totale dekkingsopgave in de programma's

-90,8

Lokale heffingen

Verlaging korting bezoekersregeling

4,5

9,0

13,5

18,0

Totaal lokale heffingen

84,5

94,0

109,5

119,0

62,5

125,0

187,5

250,0

Beperken ruimte voor beleidsafwijkingen bij ruimtelijk beleid

1,3

2,5

3,8

5,0

Besparen op opgave Versnellen overgang naar duurzame stad

1,3

2,5

3,8

5,0

Economische zaken

0,0

0,5

0,5

1,0

Sportaccommodaties

0,0

1,2

3,0

3,0

Ombuigingen Organisatieverandering 2030

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

61

Ombuigingen (vervolg) Aanvullende jeugdhulp

0,0

30,3

30,8

30,8

Wmo (MO/BW)

2,5

5,0

7,5

10,0

Veiligheid

0,8

1,6

2,4

3,2

Verminderen inzet op budget stadsverbetering

0,0

0,0

0,0

4,0

Ombuigingen openbare ruimte

6,3

12,5

18,8

25,0

Ombuigingen BUIG

1,8

3,5

5,3

7,0

0,0

76,4

184,6

263,3

344,0

-5,1

-5,1

-29,0

0,0

0,0

-5,1

-5,1

-29,0

-0,5

Totaal ombuigingen Investeringen Exploitatielasten extra investeringsruimte Totaal investeringen Intensiveringen 1. Een thuis in de stad Amsterdamse aanpak volkshuisvesting

-15,8

-20,1

-20,1

-20,1

Afdracht VEF

-12,0

-12,0

-12,0

-12,0

Studentenhuisvesting

-1,0

-1,0

-1,0

-1,0

-6,5

-6,5

-6,5

-16,0

-19,0

-19,0

-19,0

Onderwijs

-9,4

-11,8

-14,8

-16,4

Lerarenagenda

-2,3

-2,3

-2,3

-2,3

Isolatiepact Masterplannen Nieuw-West, Zuidoost, aanpak Noord & aanpak Binnenstad 2. Kansengelijkheid centraal

MBO traineeship

-1,4

-1,4

-1,4

-1,4

HBO en kennisinstellingen

-3,0

-3,0

-3,0

-3,0

Verbetering samenwerking jeugdzorg en onderwijs

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

Jongerenwerk

-1,0

-1,0

-2,5

-2,5

Sport

-3,5

-3,7

-3,7

-3,7

Armoederegeling sport Gezondheid Kunst & cultuur (incl kunstenplan, cultuur coaches)

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

-0,7

0,0

0,0

-1,4

-1,4

-1,9

-1,9

-1,9

-1,9

-0,4

-0,4

-29,6

-29,6

62

Broedplaatsen

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

Lokale media en buurtmedia

-0,6

-0,6

-1,6

-1,6

Vergrijzing

-1,0

-2,0

-4,0

-6,0

Dakloosheid, opvang en ongedocumenteerden

-9,0

-9,0

-9,0

-9,0

3. Een stad van de toekomst Een duurzame toekomst (inzet CDOKE-middelen)

-30,0

-30,0

-30,0

-30,0

Klimaatadaptatie en groen

-39,5

-3,0

-5,0

-5,0

-5,0

Bomen

-2,0

-3,0

-3,0

-3,0

Dierenwelzijn

-1,0

-1,0

-1,0

-1,0

Voedselstrategie

-1,0

-1,0

-1,0

-1,0

-1,0

-3,0

-3,0

Artis 4. Werk, ondernemen en bestaanszekerheid Economie

-8,1

-8,1

-13,1

-13,1

Fonds binnenstad

-5,0

-5,0

-10,0

-10,0

Vergunningplicht binnenstad

-1,8

-1,8

-1,8

-1,8

Armoede

0,0

-5,0

-5,0

-5,0

-6,5

-9,0

-11,0

-11,0

Pilot asielzoekers aan het werk

-1,5

-1,5

-1,5

-1,5

Stap voor stap

-1,5

-1,5

-1,5

-1,5

-2,3

-3,3

-6,3

-6,3

Bestaanszekerheid

0,0

5. De overheid als bondgenoot Verbeteren dienstverlening + recht op een fout Democratisering (incl. burgerberaad)

-1,5

-1,5

-1,5

-1,5

Bekostiging fractievertegenwoordigers kleine partijen

-0,1

-0,1

-0,1

-0,1

-4,0

-4,0

-4,0

-4,0

AI agenda

-1,0

-1,0

-1,0

-1,0

Privacy

-1,0

-1,0

-0,5

-0,5

Een schonere stad*

-11,0

-11,0

-11,0

-11,0

Menselijke dienstverlening en digitalisering

-0,5

6. Vrij en veilig Antidiscriminatie en diversiteit

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

Inzet voor mensenrechten

-1,0

-0,6

-0,6

-0,6

Route naar herstel

-1,0

-2,5

-2,5

-2,5

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

* Deels gedekt uit de egalisatievoorziening Afvalstoffenheffing.

63

Aanpak online leefwereld

0,0

-1,5

-1,5

-1,5

Veiligheid

-2,5

-4,3

-5,0

-6,0

Vrouwenoffensief

-1,0

-3,0

-3,0

-3,0

-20,0

-20,0

-20,0

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

-2,0

7. De stad in beweging Uitbreiding gratis OV jongeren Deelmobiliteit

-0,5

Dagelijks onderhoud openbare ruimte Totaal intensiveringen

-41,7

-166,1

-232,4

-287,7

-292,3

Saldo

-86,0

-53,7

24,4

44,9

70,2

Egalisatie

86,0

53,7

-24,4

-44,9

-70,2

Eindsaldo coalitieakkoord 2026-2030

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

64

Tot slot Nawoord formateur Op 2 april 2026 gingen we van start met onze gesprekken in de Roze Studio aan de Scheepsbouwkade op het NDSM-terrein. Sindsdien zijn we 21 keer samengekomen om over het coalitie­akkoord te praten op zeer uiteenlopende locaties. Van het kantoor van De Nederlandsche Bank tot aan broedplaats de Ceuvel. We zijn door de hele stad geweest. We hebben tijdens het formatie proces veel geleerd. In de eerste plaats van onze stadsformateurs. Eva Bollen (later vervangen door Thomas Bayer), Abdelhamid Idrissi en Saskia Bosnie zijn voor ons van onschatbare waarde geweest door ons er steeds weer aan te herinneren dat de werkelijkheid van de Stopera te vaak een andere werkelijkheid is dan die de Amsterdammer ervaart. Onze stads­formateurs dragen uiteraard geen enkele verantwoordelijkheid voor de inhoud van dit coalitieakkoord, maar ze

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

hebben ons wel sterk geholpen in onze gedachtenvorming. We zijn Eva, Thomas, Abdelhamid en Saskia zeer dankbaar. Dankbaar zijn wij ook alle mensen en organisaties die ons brieven en input hebben gestuurd en die zijn aangeschoven tijdens de thematafels. De bijeenkomsten waren steeds zeer informatief en hebben onze gedachten gescherpt over de diverse thema’s te weten, de Woonopgave, Masterplannen en Aanpak Noord, Informele Zorg, Versterking Amsterdamse Economie, en Amsterdam als onderdeel van de Europese Tech As. Daarnaast heeft op 13 mei 2026 een zeer constructief gesprek plaatsgevonden met de fractievoorzitters van de oppositiepartijen over de gemeentelijke organisatie. Ook hebben de fracties van PRO Amsterdam en D66 Amsterdam 9 aanvullende stadsgesprekken georganiseerd over uiteenlopende thema’s.

Tijdens het formatieproces zijn lunches georganiseerd met bewoners van de stadsdelen Zuidoost, Nieuw-West en Noord. We hebben geluncht met het nieuwe dagelijkse bestuur van stadsgebied Weesp. En op 13 mei 2026 vonden de stadsgesprekken plaats met gelote Amsterdammers. Al die gesprekken waren openhartig en verhelderend. We zijn iedereen die mee heeft gedaan zeer dankbaar. Tenslotte willen we graag stilstaan bij de uitstekende ambtelijke ondersteuning die we tijdens het formatieproces hebben gehad. Hendrik Jan Biemond Mei 2026, Amsterdam

65

“Een sterke stad bouwen we samen: met overheid, politiek, bewoners, marktpartijen en gemeenschapsorganisaties, aan een Amsterdam dat groeit in verbondenheid, vertrouwen en eigenaarschap voor deze en volgende generaties.” – Saskia Bosnie, Directeur Sabo Advies, stadsformateur

Bijlagen

67

Bijlage A Portefeuilleverdeling PRO

D66

Volkshuisvesting (inclusief isolatieoffensief) Woningbouw Asiel & opvang Masterplan Zuidoost

Werk & inkomen Bestaanszekerheid Kennisinstellingen Sport & bewegen Maatschappelijke voorzieningen Deelnemingen Masterplan Nieuw-West

Economische zaken (inclusief circulaire economie) Aanpak Binnenstad Dienstverlening Digitale zaken Aanpak Noord

Onderwijs (inclusief bibliotheken) Jeugdzorg Jongerenwerk Jeugdperspectief

Financiën Coördinator personeel & organisatie (inclusief bedrijfsvoering) Kunst & cultuur Dierenwelzijn

Ruimtelijk ordening Grond en ontwikkeling Bouwstimulering Zorg Senioren (inclusief seniorenhuisvesting)

Sociale rechtvaardigheid (armoede & schuld­hulpverlening Herstel toeslagenouders Diversiteit & inclusie Coördinatie ongelijk investeren Inclusieve organisatie

Duurzaamheid & energietransitie Groen & buitenspelen Water Erfgoed Voedselstrategie Afval

Mobiliteit Openbare ruimte Varen Gemeentelijk vastgoed Evenementen

* De portefeuilles democratisering en vrouwen­ offensief komen onder de burgemeester te vallen.

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

68

Bijlage B Stadsdelen Stadsdelen

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

Centrum

D66 voorzitter, PRO algemeen lid

West

PRO voorzitter, D66 algemeen lid

Oost

PRO voorzitter, PRO algemeen lid

Noord

D66 voorzitter, PRO algemeen lid (2x)

Zuid

D66 voorzitter, PRO algemeen lid

Zuidoost

PRO voorzitter, D66 algemeen lid, PRO algemeen lid

Nieuw-West

PRO voorzitter, D66 algemeen lid, PRO algemeen lid

Weesp

Reeds verdeeld

69

COALITIEAKKOORD AMSTERDAM 2026-2030

× × ×

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17064576/1