Brief wh Kukenheim 20-4 update over tariefsverhoging binnen- en buitensportaccommodaties
Tekst van het document
Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl
Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam
Aan de leden van de gemeenteraad
Datum
20 april 2021
Behandeld door
Judith Kacen, Directie Sport & Bos
Onderwerp
Tariefsverhoging binnen- en buitensportaccommodaties
Geachte raadsleden, Bij de voorjaarsnota 2019 heeft de gemeenteraad besloten tot de verhoging van de tarieven voor binnen-en buitensportaccommodaties. Met deze brief informeer ik u over de stand van zaken van deze tariefsverhoging. Aanleiding Tot juli 2016 waren de stadsdelen verantwoordelijk voor het beheer, onderhoud en de exploitatie van de sportaccommodaties. Dit leidde ertoe dat er binnen verschillende stadsdelen verschillende tarieven gehanteerd werden voor de sportaccommodaties en dat er verschillende onderhoudsniveau ’s waren. Met de herinrichting van sport binnen de gemeente kwamen deze verantwoordelijkheden bij de centrale stad te liggen. In 2016 zijn de tarieven voor de binnen- en de buitensportaccommodaties geharmoniseerd. Noodzaak tot tariefsverhoging Het college vindt het belangrijk dat Amsterdammers kunnen blijven sporten op veilige en kwalitatief goede sportaccommodaties. De gemeente wil de tarieven voor sportaccommodaties zo laag mogelijk houden om ze toegankelijk te houden voor alle Amsterdammers. De kosten voor het beheren en aanleggen van sportaccommodaties, zoals voor personeel en materiaal zijn de laatste jaren echter flink gestegen terwijl de tarieven (behoudens indexering) niet zijn verhoogd. Hierdoor is binnen de begroting sport een tekort ontstaan. De totale inkomsten van de tariefsverhoging bedraagt voor de sporthallen en sportparken €575.000.
Door de inkomsten weer richting het uitgavenniveau te brengen is de
Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl.
Gemeente Amsterdam
Datum 20 april 2020 Pagina 2 van 4
gemeente in staat om de huidige binnen-en buitensportaccommodaties open te houden en te onderhouden. Daarbij hoeft dan ook niet bezuinigd te worden op andere programma’s binnen de portefeuille sport. Dit is noodzakelijk om Amsterdammers ook in de toekomst te kunnen laten sporten op veilige en kwalitatief goede sportaccommodaties. Het verlagen van het onderhoudsniveau van de sportparken zal leiden tot onveilige en mogelijk afgekeurde sportaccommodaties. Dit zal dan weer leiden tot meerkosten om de sportaccommodaties veilig en bespeelbaar te krijgen. Benchmark Door het uitvoeren van een benchmark bij andere gemeenten is gekeken of de tariefsverhoging redelijk was. In deze benchmark heb ik onder meer de Amsterdamse sporttarieven voor binnensport en voor buitensport -voetbal en hockey, de grootste veldsporten in Amsterdamvergeleken met de tarieven van omliggende gemeenten en de G5. De huursystematiek van buitensportaccommodaties in Amsterdam verschilt ten opzichte van andere gemeenten. Veel gemeenten hanteren een vaste prijs per seizoen. In Amsterdam wordt onderscheid gemaakt tussen weekenden en doordeweeks, hierdoor betaalt de huurder zijn werkelijke verbruik. Daarnaast verschilt het onderhoudsniveau per gemeente. Hierdoor zijn de tarieven lastig te vergelijken.
Desondanks kwam uit de benchmark naar voren dat de Amsterdamse sporttarieven, zeker voor verenigingen, ten opzichte van het gemiddelde van de G5 laag zijn. In vergelijking met twee jaar geleden, toen de benchmark werd uitgevoerd, hebben drie van de overige G5 gemeenten hun tarieven verhoogd met 4-5%. Hierdoor is het verschil met het gemiddelde tarief van de G5 nog iets toegenomen. Voor tennis is later een benchmark uitgevoerd tussen de steden Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven. Het model van tennis, waarbij de gemeente eigenaar en integraal verantwoordelijk voor al het onderhoud en verhuur is, is uitzonderlijk. Dat maakt het lastig om een vergelijking te maken tussen steden. Uit de benchmark komt naar voren dat de tarieven voor tennisbanen hoger liggen in Amsterdam dan in Rotterdam en Eindhoven. Dit is moeilijk te vergelijken omdat in Rotterdam het onderhoud aan de tennisverenigingen overgelaten wordt. In Eindhoven is de gemeente eigenaar van bijna alle tennisbanen in de stad en is er slechts 1 tennisvereniging met eigen banen. Naast dit onderzoek heeft de gemeente onderzoek laten uitvoeren door BMC naar de huidige tarieven. Hieruit komt naar voren dat de gemeente wanneer de verhoging wordt doorgevoerd, nog steeds onder de integrale kostprijs tennisbanen verhuurt.
Vooralsnog voldoet de gemeente hiermee aan de Wet Markt en Overheid, maar de kans is aanwezig dat na wijziging van de Wet Markt en Overheid (hiervoor is een wetsvoorstel ingediend) de tarieven verhoogd moeten worden tot minimaal de kostprijs. Dit omdat er in het tennis geen sprake is van een falende markt en de gemeente de verenigingen die van de gemeente tennisbanen huren niet onredelijk wil en mag bevoordelen ten opzichte van de verenigingen die op de commerciële tennisparken tennissen.
Gemeente Amsterdam
Datum 20 april 2020 Pagina 3 van 4
Uitstel tariefsverhoging In maart 2020 heeft de Directie Sport en Bos alle sportaanbieders die een accommodatie huren bij Gemeente Amsterdam geïnformeerd over een tariefsverhoging die per 1 augustus 2020 in zou gaan. Vanwege de coronacrisis is in mei 2020 besloten deze verhoging uit te stellen tot 1 januari 2021. Om de sportverenigingen te ondersteunen in 2020 hebben we kwijtschelding van huur geregeld via de rijksregeling Tegemoetkoming Verhuurders Sportorganisaties (TVS), voor amateuraanbieders zonder winstoogmerk en vanuit het gemeentelijk noodfonds sport ondersteuning te regelen voor (juridisch) anders georganiseerd sportaanbod. Ook voor de eerste helft van 2021 is er een noodfonds opgericht. U bent gisteren via een separate raadsbrief geïnformeerd over de steunmaatregelen in 2020 en 2021. Juridische controle In januari 2021 heb ik u bericht de tariefsverhoging opnieuw uit te stellen voor de gebruikers van buitensportaccommodaties die een gebruiksovereenkomst hebben afgesloten met de gemeente. De tariefsverhoging voor de binnensportaccommodaties en de incidentele en nieuwe gebruikers van buitensportaccommodaties is wel ingevoerd op 1 januari 2021. Voor de buitensportverenigingen met een gebruiksovereenkomst kan een tariefsverhoging alleen aangezegd worden per begin van het seizoen.
Omdat de seizoenen van de verschillende sporten niet gelijklopen, heeft dit tot gevolg dat de nieuwe tarieven gefaseerd en niet allemaal tegelijk worden ingevoerd.
Om de tariefsverhoging door te kunnen voeren, dient het merendeel van de bestaande overeenkomst opgezegd en vernieuwd te worden. Verhoging binnen de bestaande overeenkomsten is namelijk niet mogelijk. Daarom zal Sport en Bos de huurders een nieuwe overeenkomst aanbieden en de huidige overeenkomst opzeggen. Deze nieuwe overeenkomsten zijn aangepast aan de laatste ontwikkelingen: huurders dienen zich aan de integriteitsclausule te committeren en in de nieuwe overeenkomst zitten onderdelen waarmee we extensief gebruik (onderbespeling) kunnen bestrijden. Met deze bepalingen houden we beter controle op een veilig sportklimaat én zorgen we ervoor dat de sportaccommodaties intensiever worden gebruikt indien nodig en mogelijk. Zie hiervoor ook de eerder gestuurde brief over een veilig sportklimaat. Op dit moment zijn de eerste overeenkomsten met huurders opgezegd tegen het einde van het lopende seizoen en met inachtneming van een redelijke opzegtermijn. Uiteindelijk zullen alle Amsterdamse buitensportverenigingen uiterlijk per 1 mei 2022 een nieuwe overeenkomst getekend hebben die de Gemeente in staat stelt een veiliger sportklimaat te garanderen, extensief gebruik te voorkomen en nieuwe tarieven te hanteren. Tot slot Uitgangspunt was en blijft dat geen enkele sportvereniging of sportaanbieder in financiële problemen zou komen na de tariefverhoging.
Indien sportaanbieders aangeven dat zij wel in
Gemeente Amsterdam
Datum 20 april 2020 Pagina 4 van 4
de problemen komen, gaan wij actief met hen in gesprek. Verder beperken we de gevolgen zoveel mogelijk door het ontwikkelen van flankerend beleid. De flankerende maatregelen bestaan onder meer uit het ondersteunen en adviseren van sportaanbieders en de mogelijkheid tot een ingroeiregeling. Zolang er door de maatregelen om corona tegen te gaan voor sport nog beperkende maatregelen gelden, worden sportaanbieders gecompenseerd voor de locatiekosten voor zover die niet bruikbaar zijn en informeren we de sportaanbieders over de landelijke steunmaatregelen. Daarnaast is uiteraard de toegankelijkheid voor bewoners een prioriteit. Inwoners met beperkte financiële mogelijkheden worden begeleid naar de daarvoor bestaande voorzieningen zoals de stadspas en andere armoederegelingen. De financiële consequenties voor individuele sporters bij een sportvereniging zijn beperkt. De tariefsverhoging leidt voor buitensportverenigingen tot gemiddeld € 4, - tot € 10, - aan extra kosten per spelend lid, per jaar. Voor de binnensportverenigingen is dit gemiddeld € 4, - tot € 16, - per jaar. Indien sportaanbieders aangeven dat zij wel in de problemen komen, gaan wij actief met hen in gesprek. Ik verwacht u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet,
Simone Kukenheim Wethouder Sport