CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

BRIEF onderzoek belemmeringen voor bijstandsgerechtigden om woonruimte te delen.pdf

Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs 27 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Eindrapport van het (ministeriële) onderzoek naar belemmeringen voor mensen met een bijstandsuitkering om woonruimte te delen (ZD2020-013515)1.680 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres Amstel 1 1011 PN Amsterdam Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14 020 amsterdam.nl

Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam

Aan de leden van de raadscommissie Werk, Inkomen en Onderwijs

Datum

5 januari 2021

Behandeld door Jan Feenstra Bijlage

3

Onderwerp

Eindrapport onderzoek naar belemmeringen voor bijstandsgerechtigden om woonruimte te delen

Geachte leden van de commissie, In opdracht van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) is er in de afgelopen maanden onderzoek gedaan naar belemmeringen voor bijstandsgerechtigden om woonruimte te delen. De reden van dit onderzoek is de op 3 december 2019 aangenomen TK-motie van de leden Peters en Jasper van Dijk (TK 2019-2020, 35300 CV nr. 54). In de motie werd de regering ook verzocht onderzoek te doen naar de effecten van de kostendelersnorm op de huisvesting van mensen. Graag bied ik u hierbij het rapport en de kamerbrief aan (zie bijlagen). In het onderzoek is ruim aandacht voor de kostendelersnorm als belemmering woonruimte te delen. Naast een samenvatting van de bevindingen en een advies van de onderzoekers aan welke knoppen gedraaid kunnen worden om de belemmeringen weg te nemen of te verkleinen, neem ik u in deze brief ook kort mee in de reactie van het ministerie op het rapport, onze huidige inspanningen om de ruimte bij het (niet) toepassen van kostendelersnorm zo optimaal als mogelijk te benutten, alsmede de komende inzet (in G4-verband) op verkenning van deze regeling. Aanleiding onderzoek Aanleiding voor het onderzoek door het ministerie was het aantal dak- en thuislozen dat in de afgelopen jaren fors is gestegen.

In vergelijking met 2009 is het aantal dakloze 18- tot 65-jarigen in Nederland toegenomen van 17,8 duizend naar 39,3 duizend in 20181. Het aantal daklozen tussen 18 en 30 jaar is in deze periode zelfs verdrievoudigd. Een derde van de daklozen valt, volgens de meest recente cijfers, in deze leeftijdsgroep. Het CBS concludeerde dat dakloosheid vooral voorkomt bij mensen die langere periode in armoede leven2.

1 CBS 2019 cbs.nl/aantal-daklozen-sinds-2009-meer-dan-verdubbeld. 2 CBS 2018 cbs.nl//2018/inzicht-in-dakloosheid

Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl.

Gemeente Amsterdam

Datum 5 januari 2021 Pagina 2 van 4

In maart 2019 startte een actieprogramma voor dak- en thuisloze jongeren3 om de verontrustende stijging van dak- en thuisloosheid samen met andere departementen te adresseren. Bij de aanpak werd als potentiële oplossing ook naar woningdeling gekeken en de vraag opgeworpen of voor mensen in de bijstand belemmeringen bestaan om woonruimte te delen, waardoor het aantal daken thuislozen kan toenemen. Rol kostendelersnorm De hoogte van de bijstandsuitkering die mensen ontvangen hangt af van het huishoudinkomen, de leeftijd van de personen en met wie iemand samenwoont. Het is hierbij belangrijk te realiseren dat het inkomen kan veranderen wanneer iemands woonsituatie wijzigt. Hierdoor kan woningdelen voor bijstandsgerechtigden andere gevolgen met zich meebrengen dan voor nietbijstandsgerechtigden. Daarom kondigde de staatssecretaris van SZW op 18 december 2019 aan de Tweede Kamer aan “een onderzoek uit te laten voeren naar de vraag of, en zo ja welke belemmeringen bijstandsgerechtigden ervaren om hun woning te delen met andere mensen, waarbij de kostendelersnorm nadrukkelijk bij het onderzoek zal worden betrokken”.

Vastgestelde belemmeringen in onderzoek Op de vraag in hoeverre er belemmeringen bij bijstandsgerechtigden om woonruimte te delen met andere mensen bij bijstandsgerechtigden een rol spelen, zijn uit het onderzoek de volgende vier grootste belemmeringen naar voren gekomen: 1. Financiële onzekerheid: Het ontstaan van onderlinge financiële afhankelijkheid van de woningdelers, door (de angst voor) het stopzetten van inkomensafhankelijke toeslagen, toepassing van de kostendelersnorm of het onvermogen (of de onwil) om bij te dragen aan de woonlasten. Sinds de invoering van de kostendelersnorm in 2015 is een grotere uitstroom zichtbaar uit huishoudens met een bijstandsuitkering van jongeren in het jaar waarin ze 21 jaar worden. Dat is de leeftijd waarop de kostendelersnorm van toepassing wordt; 2. Onvoldoende maatwerk: Gemeenten passen maar beperkt maatwerk toe in de Participatiewet, in de vorm van het niet toepassen van de kostendelersnorm, het verlenen van bijzondere bijstand of het bieden van een briefadres. Gemeenten zijn terughoudend met maatwerk uit angst voor een aanzuigende (precedent-)werking of misbruik. Er is diversiteit te zien tussen gemeenten, en zelfs tussen medewerkers van een gemeente, in hoeverre zij maatwerk toepassen en in hoeverre dit is vastgelegd in beleid, notities of stappenplannen; 3.

Complexiteit van regelgeving: De complexiteit en veelheid van regels en regelingen met betrekking tot werk, inkomen en wonen, zorgen bij bijstandsgerechtigden voor onduidelijkheid en onzekerheid over de gevolgen indien een woning wordt gedeeld. Ook is niet altijd duidelijk hoe bijvoorbeeld wijzigingen in de levenssituatie doorgegeven moeten worden; 4. Tekort aan geschikte woonruimte: De schaarste op de woningmarkt, met name in grotere gemeenten. Een tekort aan geschikte woningen kan leiden tot onduidelijkheid over wanneer iemand kan doorstromen naar een nieuwe woning en, daardoor, terughoudendheid bij het delen van een woning. Daarnaast zijn woningcorporaties (en particuliere verhuurders)soms terughoudend bij het toestaan van woningdelen, omdat dit voor de verhuurders meer risico’s met zich meekan brengen. De onderzoekers komen met een aantal ‘knoppen’ waaraan ‘gedraaid’ kan worden om belemmeringen weg te nemen of te verkleinen. Deze zijn onder andere: 3 TK (Vergaderjaar 2018-2019), 29 325, nr. 97.

Gemeente Amsterdam

Datum 5 januari 2021 Pagina 3 van 4

 Vermindering van de onderlinge financiële afhankelijkheid tussen woningdelers als gevolg van inkomensafhankelijke toeslagen en de toepassing van de kostendelersnorm;  Verruiming en vereenvoudiging van de mogelijkheden om maatwerk toe te passen; dit kan door het niet toepassen van de kostendelersnorm, via de bijzondere bijstand en door laagdrempeliger verstrekking van briefadressen aan met name economisch dak- en thuislozen;  Terugdringing van de complexiteit en veelheid van regelingen met betrekking tot werk, inkomen en wonen, wat het ook makkelijker maakt om bijstandsgerechtigden tijdig en correct te informeren;  Voorlichting en communicatie aan bijstandsgerechtigden over relevante regels en regelingen, rekening houdend met het wantrouwen dat sommige bijstandsgerechtigden hebben jegens de overheid;  De realisatie van meer geschikte woonruimte om te woningdelen en van laagdrempelige huisvesting om doorstroming te bevorderen. In het onderzoek wordt aangegeven dat door het wegnemen of het verkleinen van genoemde belemmeringen, de potentie van woningdelen voor genoemde doelgroepen beter kan worden benut. Dit kan een bijdrage leveren aan het voorkomen of verminderen van dak- en thuisloosheid.

Reactie ministerie op rapport In de kamerbrief als reactie op het rapport wordt duidelijk dat het ministerie de kostendelersnorm nog steeds een passende regeling vindt, mede doordat het (volgens het ministerie) bijstandsgerechtigden stimuleert om in beweging te komen en te gaan werken. Het ministerie biedt echter ook ruimte om alternatieven voor de kostendelersnorm aan te dragen. Huidige inzet college op dossier kostendelersnorm De kostendelersnorm heeft verstrekkende ongewenste maatschappelijke gevolgen. Het college wijst de kostendelersnorm daarom af en spant zich in om de ruimte bij het (niet) toepassen van kostendelersnorm zo optimaal als mogelijk te benutten. Om betrouwbaar zicht op aantallen en achtergronden te hebben van het (niet) toepassen van de kostendelersnorm, is het vanaf begin dit jaar mogelijk cases uniform te registreren. De informatie kan bijdragen aan kennisverbetering en het voorkomen van willekeur in de uitvoering. De uitvoering wordt frequent gevoed met campagnes om extra te wijzen op de mogelijkheid van maatwerk, waarbij concrete voorbeelden van situaties waarbij sprake zou kunnen zijn van maatwerk zijn uitgewerkt. De uitvoering wordt blijvend ondersteund en van relevante informatie voorzien, zoals met de handreiking van Divosa4 voor het bieden van maatwerk vanuit de Participatiewet aan jongeren.

In G4-verband lobbyt de gemeente al enige tijd om de uitzonderingsleeftijd van (tot) 21 jaar te verhogen naar (tot) 27 jaar, om zo jongeren langer een thuishaven te bieden en ouders voor deze zorg niet financieel te straffen. Voor de kwetsbare jongeren heeft het college zich ingezet de komende tijd de zoekperiode niet op te leggen; mede hierdoor wordt de zoekperiode voor deze groep tot in ieder geval 1 juli 2021 landelijk niet toegepast. Verder zal het college zich in G4verband inzetten op aanpassing van dan wel alternatieven aandragen op de kostendelersnorm. Zie hiervoor de volgende paragraaf.

4

divosa.nl/maatwerk-participatiewet-voor-dak-en-thuisloze-jongeren

Gemeente Amsterdam

Datum 5 januari 2021 Pagina 4 van 4

Actuele G4-inzet verkenning kostendelersnorm Op initiatief van de gemeente Den Haag zal in G4-verband nader worden verkend in hoeverre de ‘medebewonersnorm’ (zie bijlage) een interessant alternatief voor de kostendelersnorm kan zijn. De kern van dit alternatief is dat alleen bij de medebewoners de uitkering wordt aangepast, niet de uitkering van de hoofdbewoner. Het alternatief is door de gemeente Den Haag in het onderzoek aangestipt. Mogelijk dat ook andere alternatieven worden geopperd. Ook zal de G4 zich inzetten voor een betere positie van inwonende mantelzorgers. In alle gevallen zal het college bekijken in hoeverre het alternatief ook bijdraagt aan een betere bestaanszekerheid. De activiteiten van de G4-gemeenten zullen naar verwachting ook een bijdrage leveren aan de invulling van twee bij de Begrotingsbehandeling 2021 op 19 november jl. aangenomen moties in de Tweede Kamer in relatie tot de kostendelersnorm, waarin de regering wordt verzocht: 1. “zo snel mogelijk met gemeenten in overleg te treden om te bezien op welke manier de kostendelersnorm zo ingezet of veranderd gaat worden dat dakloosheid geen onbedoeld neveneffect meer is, en de Kamer hier voor het einde van het jaar over te informeren” (nr. 44- (lid Peters cs) 2.

“gemeenten die willen experimenteren met varianten op de kostendelersnorm die de onwenselijke gevolgen zouden wegnemen, te betrekken bij de verkenning van de kostendelersnorm”. Nr. 57 (lid Van Beukering-Huijberts cs) Tot slot Ik gaf u aan dat we vanaf begin volgend jaar cases waarbij het (niet) toepassen van de kostendelersnorm een rol speelt, uniform te kunnen registreren. Naar verwachting kan ik u voor de zomer van 2021 meenemen in de eerste inzichten uit deze gegevens. Ik geef u uiterlijk dan eveneens een stand van zaken van de G4-verkenning op dit onderwerp. Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, namens het College van Burgemeester en Wethouders,

Rutger Groot Wassink Wethouder Sociale Zaken

Bijlagen: 1. Eindrapport onderzoek belemmeringen delen woonruimte (Significant) 2. Kabinetsreactie onderzoek belemmeringen delen woonruimte 3. Medebewonersnorm - verkenning alternatief kostendelersnorm (Gemeente Den Haag)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9635568/1