Brief Ombudsman rondetafelconferentie
Tekst van het document
Aan: College van burgemeester en wethouders Amsterdam Inzake: Bevindingen rondetafelconferentie 2022 verzoeker activist Frank van der Linde CC: Gemeentesecretaris en Gemeenteraad Bijlage: Verslag rondetafelconferentie FvdL 2022 Amsterdam, 22 juni 2022 Geachte collegeleden, Op 25 april jongstleden heeft op initiatief van de Ombudsman een rondetafelconferentie plaatsgevonden over de reeds lang slepende zaak van activist Frank van der Linde. Als bijlage bij deze brief doe ik een beknopt verslag van de conferentie. Aangezien het hierbij om een portefeuille-overschrijdende kwestie gaat richt ik me tot uw college. In deze brief schets ik allereerst kort de historische achtergrond, mijn waarnemingen inzake het gemeentelijke handelen in deze kwestie, zowel ambtelijk als bestuurlijk, en formuleer ik enkele aanbevelingen. Historische achtergrond In september 2021 wendde de heer Van der Linde zich opnieuw tot de Ombudsman vanwege de impact die het gemeentelijk handelen van de afgelopen jaren nog steeds op zijn leven heeft. De vorige Ombudsman had eerdere klachten over het handelen van de gemeente afgesloten, nadat hij hierover ook al twee rondetafelconferenties had georganiseerd en de kwestie hiermee voor de Ombudsman afgerond leek. Naast deze nieuwe hulpvraag van september 2021 bereikte ons al eerder nieuwe informatie via zowel de politie als de media* over zijn situatie (o.a.
van politie over eerdere bedreigingen die hebben geleid tot het verlies van zijn woning op 1 oktober 2016, gemaakte fouten, niet nagekomen toezeggingen); vandaar dat ik besloten heb deze zaak opnieuw in onderzoek te nemen. Bijkomende overweging hierbij was om een scherper beeld te krijgen van hoe de overheid met politieke activisten omgaat. In deze zaak zien we vele bestuursorganen, vele ambtelijke (overheids-)organisaties en diensten, weinig tot geen onderling overleg, het volledig ontbreken van enige coördinatie en (dus) volstrekt geen eenduidigheid in aanpak. Bedenk in een dergelijke setting een zeer vasthoudende, principiële activist … en een enorme hoeveelheid klachten, AVG en wob-verzoeken en bezwaar- en beroepszaken is het te verwachten effect. Er ontstaat een kat-en-muisspel waarin een oplossing en een oog voor de persoon in kwestie steeds verder uit het zicht verdwijnen en geen enkele erkenning meer is van de toegevoegde waarde van politiek activisme. Deze uitzichtloosheid lijkt te worden versterkt door een weinig actieve, initiatiefrijke houding bij de betrokken overheidsorganisaties om in deze vastzittende situatie constructieve stappen te zetten, bijvoorbeeld om met meneer een open gesprek aan te gaan. Deze situatie heeft mij ertoe gebracht op 25 april jl.
een rondetafelconferentie te organiseren en te faciliteren samen met de nationale ombudsman, met alle ambtelijke actoren in deze kwestie (binnen en buiten de gemeente Amsterdam). *) NRC 23 juli 2021 1
Resultaten rondetafelconferentie Helaas moet ik constateren dat de rondetafelconferentie (nog) niet heeft bijgedragen aan een aantoonbare de-escalatie bij de hoofdrolspelers in deze kwestie. De Ombudsman heeft, zoals toegezegd, een gesprek met heer Van der Linde gehad en hem een, gematigd positieve, terugkoppeling van de rondetafelconferentie gegeven. Een complicerende factor in deze kwestie is dat niet alleen de gemeente maar ook de rijksoverheid hierin betrokken is, waardoor ook de Nationale Ombudsman een rol speelt. Dit maakt dat inmiddels vele actoren zich op dit langdurige, complexe en gevoelige speelveld bewegen. Het lukt de overheid (gemeente en het rijk tezamen) niet om de handen ineen te slaan en de zaak vanuit het perspectief, de leefwereld van betrokkene te benaderen en gezamenlijk op te pakken naar een mogelijke oplossingsrichting. Observaties Hieronder zet ik enkele observaties op een rij. Ze zijn gebaseerd op dossieronderzoek, individuele gesprekken en de rondetafelconferentie: ●
●
●
Escalatie over en weer: de heer Van der Linde lokt de gemeente, ook vanwege zijn activistische rol, uit de tent en is daar succesvol in. De gemeente lijkt dit steeds ‘persoonlijker’ op te vatten en gaat de strijd met hem aan. Framing van de heer Van der Linde: binnen de gemeentelijke organisaties praat men elkaar na en psychologiseert. Opvallend is het gering aantal betrokkenen dat daadwerkelijk met de heer Van der Linde in gesprek is geweest. Politie-informatie maakt duidelijk dat de heer Van der Linde onterecht in de aanpak is opgenomen en dat er niet goed met hem wordt omgegaan. Zo worden bijvoorbeeld zijn demonstraties tegen de staat Israël als antisemitisch geframed, terwijl Van der Linde daarvoor niet vervolgd wordt, waardoor hij zich niet tegen zo'n zwaar belastende aantijging kan verdedigen.
Toezeggingen worden niet nagekomen In zijn schrijven van 25 november 2021 heeft Van der Linde de gemeente aansprakelijk gesteld. Dit heeft er onder meer toe geleid dat op 12 januari jl. de burgemeester middels een brief heeft gereageerd, met daarin de toezegging hem daarover nog diezelfde maand te zullen berichten. De brief eindigt met de toezegging dat de burgemeester contact met hem zal opnemen om te vragen wat hij nodig heeft en hoe zij hem verder kan helpen om zijn leven weer op te pakken. Echter, op 31 januari jl. ontvangt Van der Linde een - anonieme - mail vanuit de afdeling Openbare Orde en Veiligheid, met de mededeling dat het niet is gelukt om hem in januari te berichten, dat de burgemeester dit betreurt en namens haar laat de afdeling Openbare Orde en Veiligheid hem weten dat hij zo spoedig mogelijk bericht krijgt. Op 28 februari 2022 ontvangt Van der Linde wederom een e-mail vanuit de afdeling Openbare Orde en Veiligheid, maar dan met de aankondiging dat de gemeente wacht met een inhoudelijke reactie op de aansprakelijkheidsstelling tot na de bijeenkomst bij de Ombudsman. Oordeel Ombudsman Ik ben de mening toegedaan dat het op de weg van de gemeente had gelegen, gezien de toezegging van de burgemeester op 12 januari 2022, om na de rondetafelconferentie (dus snel na 25 april) contact op te nemen met Van der Linde om het vervolg met hem te bespreken.
Ik begrijp van Van der Linde dat tot zijn inspreken op 9 juni 2022 er op geen enkele wijze contact met hem is gezocht en er op zijn verzoeken tot duidelijkheid geen enkele reactie is gekomen, hetgeen ertoe heeft geleid dat de heer Van der Linde van zijn inspreekrecht op 9 juni 2022
2
gebruik heeft gemaakt om duidelijk te krijgen wanneer de burgemeester op zijn aansprakelijkheidstelling zou gaan reageren. De houding van de gemeente leidt ertoe dat Van der Linde zich genoodzaakt ziet een onophoudelijke stroom van verzoeken, e-mails, klachten, bezwaren en beroepszaken te produceren in zijn vastberaden strijd voor rechtvaardigheid. Tegelijkertijd stel ik vast dat de gemeente geen enkele zichtbare poging doet om deze signalen en acties beheersbaar te maken en/of te de-escaleren, zoals besproken tijdens de rondetafelconferentie. Sterker, de zwijgende, afwijzende houding die de gemeente aanneemt leidt tot het tegenovergestelde: nog meer e-mails, klachten, procedures etc.
Vervolgstappen Aansprakelijkheidsstelling De huidige situatie maakt dat ik er bij Uw college op aandring om op zeer korte termijn contact met Van der Linde op te nemen om aan te kondigen dat met onmiddellijke ingang zijn aansprakelijkheidsstelling in behandeling wordt genomen en aangeeft wanneer hij uiterlijk een reactie mag verwachten. Hierbij doe ik (nogmaals) een dringend beroep op de gemeente om bij de inhoudelijk behandeling de consequenties van het overheidshandelen op het leven van Van der Linde mee te wegen. Tevens doe ik een beroep op het college de afhandeling van de aansprakelijkheidsstelling af te stemmen met het rijk, gezien de eerdergenoemde verwevenheid. Naar ik heb begrepen heeft de gemeente nu toegezegd voor het zomerreces met een reactie te zullen komen. Ook nu weer komt deze toezegging pas nadat de heer Van der Linde hierover heeft ingesproken. Deze weinig proactieve houding van de gemeente baart mij zorgen en leidt tot weinig vertrouwen in het nakomen van ook weer deze toezegging en de wijze waarop de gemeente daar gevolg aan zal geven. Naar ik heb begrepen van de heer Van der Linde is gemeente noch rijk ingegaan op aanbod van Van der Linde om zijn aansprakelijkheidsstelling mondeling toe te lichten.
Daardoor ontstaat het gevaar dat bij de afhandeling van de aansprakelijkheidsstelling nieuwe ruis optreedt Coördinatie is nodig Daarnaast dring ik er bij het college op aan om alle bij de gemeente openstaande klachten, Wob-verzoeken, bezwaar- en beroepszaken in samenhang onder de loep te nemen en te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om deze oplossingsgericht en in samenspraak met Van der Linde en zijn advocaten te behandelen. Moeizame samenwerking en tegenwerking Binnen de gemeente Amsterdam constateer ik dat een eenduidige visie op de kwestie ontbreekt en dat daarmee ook een oplossing niet van de grond komt. Daarbij geldt dat men, en dat speelt met name in het sociaal domein, in strijd met wet- en regelgeving zeer terughoudend en/of afwijzend reageert op verzoeken van de Ombudsman om noodzakelijke informatie te delen. Informatieverzoeken van de Ombudsman worden niet beantwoord, gevraagde documenten worden niet geleverd en klachten van betrokkene worden niet conform wet- en regelgeving behandeld. Ook komt het voor dat op verzoeken van de Ombudsman om met behandelend juristen van de afdeling Geschilbeslechting in gesprek te gaan om een beter beeld te krijgen van wat er speelt afwijzend wordt gereageerd. Het beeld dringt zich op dat bepaalde gemeentelijke organisatieonderdelen willen bepalen met wie de Ombudsman over deze kwestie wel/niet in gesprek gaat.
Tegelijkertijd weigert men noodzakelijke communicatie en gedachtewisseling waardoor de redenen voor deze terughoudende en afwijzende houding ook onbespreekbaar blijven.
3
Ten slotte Tot slot heb ik vernomen dat de uitkering van de heer Van der Linde binnenkort beëindigd wordt; hij heeft hierover een e-mail gestuurd naar de burgemeester. Ik vraag u er zorg voor te dragen dat deze e-mail op korte termijn – dus voor het einde van deze maand – wordt beantwoord. Ik vraag u daarin een recente uitspraak van de rechtbank te betrekken (2 juni 2022/zaaknummer AMS 21/2388). Deze zaak speelt al vanaf februari 2019 en betreft het verlagen van de uitkering waarbij het draait om de vraag of er sprake is van een dreiging voor Van der Linde voor zijn veiligheid. De rechtbank overweegt onder meer het volgende: “Het is aannemelijk dat deze feiten en omstandigheden bij Van der Linde tot gevoelen van onveiligheid hebben kunnen leiden. Het is ook zonder meer voorstelbaar dat degenen bij wie Van der Linde als adreshopper heeft verbleven beducht zijn dat zijn naam en adres kenbaar wordt bij de autoriteiten, waaronder de lokale overheid.”. Bij de gemeente lijkt het te ontbreken aan de nodige sensitiviteit waarvan deze - gegronde uitspraak van de rechtbank wel getuige lijkt te zijn.
Hartelijke groet, Munish Ramlal
Ombudsman Metropool Regio Amsterdam
4