BRIEF Afdoening motie Weeskinderen-def
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 8 juni 2021 Bouwen en Wonen Laurens Ivens Directie Wonen, bestuurszaken.wonen@amsterdam.nl Afdoening motie 1415 van de raadsleden Veldhuyzen, Naoum Néhmé, Ceder, Van Soest, A.L. Bakker, Hammelburg, Boomsma, Mbarki, De Jong, Flentge en Kiliç inzake Huisvesting Verweesde Jongeren
Geachte leden van de gemeenteraad,
In de vergadering van de gemeenteraad van 16 december 2020 heeft uw raad bij de behandeling van de begroting 2021 motie 1415 van raadsleden Veldhuyzen, Naoum Néhmé, Ceder, Van Soest, A.L. Bakker, Hammelburg, Boomsma, Mbarki, De Jong, Flentge en Kiliç aangenomen waarin het college gevraagd wordt om: Om in gesprek te gaan met verhuurders van woningen over de problematiek rondom het beëindigen van huurcontracten bij overlijden terwijl er sprake is van inwonende (volwassen) kinderen, met als doel te voorkomen dat wees- en verweesde kinderen en jongeren in deze moeilijke situaties op straat terecht komen; Tevens te benadrukken in dit gesprek dat de Amsterdamse gemeenteraad er waarde aan hecht dat verhuurders van woningen maatwerk toepassen bij het inzetten van de coulanceregeling; Hierover terug te rapporteren naar de raad. Het college waardeert de motie van de raad en is het volledig eens met de oproep om maatwerk te bieden voor verweesde kinderen. Hierbij tekent het college wel aan dat er een spanning bestaat tussen het belang van de verweesde kinderen enerzijds en het belang van de woningzoekenden en een goed functionerende woonruimteverdeling anderzijds. Uw motie heeft de noodzaak van een zorgvuldige en coulante afweging van het individuele en algemeen belang bij verhuurders onderstreept.
De motie is gedeeld met de Amsterdamse woningcorporaties en particuliere verhuurders. De reacties zijn hieronder weergegeven. Reactie corporaties: In een gesprek over de motie met de Amsterdamse corporaties is aangegeven dat de corporaties voor achtergebleven kinderen van overleden huurders altijd een oplossing zoeken en voorkomen
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 8 juni 2021 Pagina 2 van 2
dat een achtergebleven kind op straat komt te staan. Daarbij verlenen ze vrijwel altijd maatwerk en coulance: soms kan een kind de ouderlijke woning blijven huren maar als dat een gezinswoning betreft biedt men een kleinere (vervangende) woning aan, omdat sociale huurwoningen voor gezinnen op basis van de Huisvestingsverordening aan de betreffende doelgroep toegewezen moeten worden (gezinnen met minderjarige kinderen). Enkele corporaties bieden een jongerenwoning als vervangende woning aan, mits het achtergebleven kind nog geen 28 jaar is. Bij het overlijden van huurders met kinderen wordt ook de (woon) geschiedenis betrokken: heeft een kind onafgebroken bij de ouder(s) gewoond, of is het na een periode van afwezigheid weer bij de ouder gaan wonen? De corporaties stellen dat deze situaties bijna altijd goed opgelost worden, zonder dat het in de publiciteit komt of bij de rechter. De corporaties zouden dit ‘goede nieuws’ meer over het voetlicht willen brengen. De zes grootste Amsterdamse corporaties hebben een inventarisatie gedaan van het aantal keer dat in 2020 na overlijden van een huurder aan achtergebleven kinderen maatwerk is geboden door het toestaan van voortzetting van de huur of aanbieden van een vervangende woning is geboden. Gemiddeld heeft elke corporaties dit zes keer gedaan; de aantallen per corporatie liggen tussen de 10 en 2 gevallen in 2020.
Reactie particuliere verhuurders De motie is onder de aandacht gebracht van partners in het Amsterdams Woonoverleg die particuliere eigenaren en beheerders vertegenwoordigen. Zij hebben navraag gedaan bij hun achterban. Een aantal verhuurmakelaars en beheerders hebben gereageerd, de meeste geven aan dat zij geen achtergebleven kinderen op straat zetten en coulance betrachten. Particuliere verhuurders kennen de huurders vaak persoonlijk en zoeken dan een passende oplossing. Deze varieert afhankelijk van de situatie. Er is bijvoorbeeld ervaring met verweesde minderjarigen die onder toezicht van een voogd in het ouderlijk huis konden blijven wonen. Citaat van een verhuurder: “Natuurlijk worden er geen kinderen op straat gezet. Wij kennen iedereen persoonlijk en zijn geen onmensen.”
Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld.
Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Lauren Ivens Wethouder Wonen
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl