CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage2 - Uitspraak rechtbank geanonimiseerd

RAAD 12 november 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Opheffen van de geheimhouding op een advies over de Huisvestingsverordening VN2025-0157143.510 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

uitspraak RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 81 AMS 25/5027

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 oktober 2025 in de zaken tussen , i:l Amsterdam, eiser 81

bet college van burgemeester en wetbouders van Amsterdam (bet college) 81 de raad van de gemeente Amsterdam (de raad), verweerders (gemachtigden: mrs. D.N.A. Jansen, M.I. Houben en E.S. van Slijpe).

Procesverloop Besluitvorming van het college Met een besluit van 27 februari 2023 heeft het college beslist op het verzoek van eiser op grand van oo Wet open overheid (Woo) om openbaarmaking van het memo 'Huisvestingsverordening: vereenvoudigen regels woningcorporaties omzettingsvergunning' van 5 december 2022 (hierna: het memo). Eiser heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. Eiser heeft op 13 september 2023 beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar tegen het besluit van 27 februari 2023. Dit beroep was geregistreerd onder nummer AMS 23/5355. Met een besluit van 25 september 2023 heeft het college, onder verwijzing naar het advies van oo commissie bezwaarschriften van 20 ju Ii 2023, het bezwaar van eiser tegen het besluit van 27 februari 2023 deels gegrond verklaard en, onder aanvulling van oo motivering, het memo geheel geweigerd. Met een besluit van 5 april 2024 heeft het college een aanvullend besluit op eisers Wooverzoek genomen. Op 14 mei 2024 heeft eiser tegen oo beslissing q:> bezwaar van 5 april 2024 beroep ingesteld. Dit beroep staat geregistreerd onder nummer AMS 24/2760. Met een besluit van 16 oktober 2024 heeft het college dit besluit ingetrokken. Met een brief van 3 september 2024 heeft oo rechtbank eiser bericht dat hij het beroep in oo zaak met nummer AMS 23/5355 heeft ingetrokken 81 dat dit zaaknummer daannee is afgedaan.

Besluitvonning van de raad Met een besluit van 8 81 9 november 2023 (het primaire besluit) heeft oo raad het verzoek om opheffing van de geheimhouding van de risicopassages in het memo afgewezen. Eiser heeft q:> 26 november 2023 bezwaar gemaakt tegen het primaire besluit. Ook heeft hij tegen dit besluit op 4 december 2023 beroep ingesteld. Dit beroep is geregistreerd onder nummer AMS 24/3406.

zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 m AMS 25/5027

pagina 2 van 8

imake: Met een besluit van 28 februari 2024 (het bestreden besluit) heeft de raad, onder verwijzing naar het advies van de cornmissie bezwaarschriften van 16 februari 2024: - het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit, m - zijn bezwaar tegen het besluit van de raad van 16 maart 2023 tot bekrachtiging van de geheimhouding die het college met een besluit van 21 februari 2023 1 cp het memo heeft opgelegd, ongegrond verklaard ~ 4 april 2024 heeft eiser beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Dit beroep is geregistreerd onder nummer AMS 25/5027.

Gezamenliike behandeling Het college m de raad hebben met een verweerschrift <p de beroepen gereageerd. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden cp 2 september 2025. Eiser is verschenen. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door rnr. D.N.A Jansen en de raad door mrs. M.1 Houben m E.S. van Slijpe. D! raad heeft het stuk waarop geheimhouding is gelegd, overgelegd met een beroep <p artikel 8:29 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Eiser heeft de rechtbank toestemming verleend als bedoeld i1 artikel 8:29, vijfde lid, van de Awb. Ovenvegingen

Wat aan de =aken voorafging

1.1. ()) 4januari 2023 heeft eiser bij het college een Woo-verzoek ingediend Het verzoek ziet cp openbaarmaking van het memo. In zijn verzoek heeft eiser aangegeven dat het memo een advies van de gemeenteadvocaat betreft dat is gevraagd voor <:n is betrokken bij het opstellen van een Aanpak Volkshuisvesting. Dit advies heeft het college <p of omstreeks 6 december 2022 ontvangen, vermeldt eisers verzoek. 1.2. Het college heeft dit memo gestuurd aan de raad Het college heeft ook met een besluit van 21 februari 2023 geheimhouding van de inhoud van het memo opgelegd cp grond van het destijds geldende artikel 25 van de Gemeentewet, i1 samenhang gelezen met artikel 5.1, tweede lid, aanhef m onder ~ van de Woo. Dit, omdat hierin inzage wordt gegeven i1 juridische risico •S van het huidige zogeheten omzettingsvergunningstelsel. 1.3. Met het besluit van 27 februari 2023 heeft college besloten het advies openbaar te maken, met uitzondering van informatie die ziet cp de persoonlijke levenssfeer en informatie die ziet cp de juridische positie van het college. I Persoonsgegevens zijn door het college gelakt m passages die zien cp de tweede weigeringsgrond zijn uit dit document verwijderd. Eiser heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt 1.4.

Th raad heeft de geheimhouding door het college van het memo met een besluit van 16 maart 2023 bekrachtigd met toepassing van het destijds geldende artikel 25 van de Gemeentewet.

1

Zie onder 12

2 Mettoepassing Vdl1 artikel 5.1, tweede lid, aanhefen onder

i ¼l11 de Woo.

zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 en AMS 25/5027 inzake: -

pagina 3 van 8

1.5. Omdat op bet memo inmiddels gebeirnhouding mstle beeft bet college eisers bezwaarscluift tegen bet Woo-besluit van 27 febma1i 2023 op 17 juli 2023 doorgestuurd naar de raad. 1.6. Op Djuli 2023 beeft eiser bet college in gebreke gesteld wegens bet niet tijdig beslissen op zijn bezwaar tegen bet Woo-besluit van 27 febrruni 2023. 2.1. Op 13 september 2023 heeft eiser bij de recbtbank beroep ingesteld tegen bet door bet college niet tijdig beslissen op zijn bezwaar tegen bet Woo-besluit van 27 febmaii 2023 . 2.2. De raad beeft bet doorgezonden bezwaarschlift tegen bet Woo-besluit aangernerkt als een verzoek om opheffmg van geheimhouding van de risicopassages i1 bet memo. Met bet prirnaire besluit beeft de raad bet verzoek cm opbeffing van de gebeimhouding afgewezen. Dit, omdat bepaalde passages in bet memo juridische risico's bevatten en er, gelet op bet relatiefko1te tijdsverloop sinds het collegebesluit van 21 febmari 2023, geen reden is an over de geheimhouding anders te denken. 3.1. Met het besluit van 25 september 2023 heeft het college, il navolging van bet advies van de bezwaarschliftencommissie van 20 juli 2023, bet bezwaar van eiser tegen bet collegebesluit van 27 febmari 2023 gedeeltelijk gegrond verklaard. 3.2.

Met het bestreden besluit van 28 febma1i 2024 heeft de raad, onder ve1wijzing naaJ.' het advies van de commissie bezwaarschli ften van 16 febma1i 2024, bet bezwaar van eiser tegen bet raadsbesluit van 16 maait 2023 tot bekracbtiging van de gebeimhouding door bet college

en het bezwaai· tegen bet primaire besluit ongegrond verklaard. 3.3. Op 5 ap1il 2024 beeft het college een aanvullende beslissing op bezwaai· inzake eisers

Woo-verzoek genomen. Eiser heeft tegen dit besluit beroep ingesteld bij de recbtbailk. Met een besluit van 16 oktober 2024 beeft het college het besluit van 5 ap1il 2023 ingetrokken. Beoordeling door de rechtbank

AMS 23/5355 4.1. Eiser beeft beroep ingesteld tegen bet uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar tegen het besluit van bet college van 27 febmaii 2023 op zijn Woo-verzoek. Dit beroep was mede gericbt tegen bet daai11a genomen besluit Cl) bezwaar van 25 september 2023. 3

4. 11 De rechtbank is van oordeel dat eiser dit beroep onvoo1waardelijk en ondubbelzimlig heeft ingetrokken. Uit een brief van eiser 4 november 2023 volgt dat eiser zijn beroep beeft ingetrokken, omdat hij il de veronderstelling verkeerde dat het college een berstelbesluit zou nemen. 4.1.2. Eiser stelt daamaast dat hij de recbtbrulk beeft verzocbt om bet beroep tegen het besluit van 25 september 2023 aan te houden tot de raad op zijn bezwaar tegen het collegebesluit vai1 27 febmrui 2023 beeft beslist. Dit omdat hij er vanuit is gegaai1 dat de raad ook zou beslissen op zijn Woo-verzoek. De recbtbank volgt eiser ook hie1in niet, omdat de brief van 23 oktober 2023 voor die uitleg geen aanknopingspunten biedt. ~ Op grond van artikel 6:20 van re Awb.

zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 en AMS 25/5027 inzake: -

pagina 4 van 8

4.2. Eiser heeft in dit beroep onder meer aangevoerd dat het college misbmik van bevoegdheid heeft gemaakt door het besluit van 27 febmali 2023 paste nemen nadat zij geheimhouding had gelegd op het memo. Omdat eiser bet beroep tegen bet besluit van 25 september 2023 onvo01waardelijk beeft ingetrokken, komt de rechtbank niet toe aan beoordeling hie1van en van wat eiser il dit beroep nag meer heeft aangevoerd. De recbtbank doet geen uitspmak in deze zaak. AMS 24/2760 (beroep tegen de beslissing op bezwaar van 5 aplil 2024} 5.1. Deze procedure ziet op bet beroep dat eiser beeft ingesteld tegen het besluit Vall bet college van 5 ap1il 2024. Met het besluit van 16 oktober 2024 heeft het college bet besluit Vall 5 ap1il 2024 ingetrokken. Naar bet oordeel van de recbtbank beeft eiser. voor zover zijn beroep is gericbt tegen bet besluit van 5 april 2024, geen belang bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep. 5 .1.1. Eiser handhaaft het beroep tegen bet besluit Vall 5 apdl 2024. Dit, onder meer omdat de recbtbank duidelijkheid moet verscbaffen over de werking van a1tikel 6: 19 en 6:20 Vall de Awb en omdat hij erkenning wenst Vall de juistbeid van wat hij il. bezwaar en in beroep in die procedure beeft aangevoerd.

De rechtbank ziet hie1in geen belang bij een inhoudelijke beoordeling, omdat zij niet geroepen is uitspraak te doen uitsluitend wegens de p1incipiele betekenis daalvan.4 Erkenning van de juistbeid van wat eiser beeft aangevoerd tegen bet besluit van 5 ap1il 2024 maakt niet dat eiser een reeel en actueel belang heeft bij de beoordeling van dit beroep. Niet gebleken is dat deze erkenning voor eiser feitelijk Vall betekenis is. Oak de wens om verklijging van vergoeding van bet gii ffierecbt leve1t geen procesbelang op. 5 5.2. Op de zitting beeft eiser verklaai·d dat hij de recbtmatigbeid Vall het intrekkingsbesluit van 16 oktober 2024 niet betwist en dat hij daarover Vall de recbtballk geen oordeel wenst. Oat betekent dat bet beroep tegen bet besluit van 5 aplil 2024 zich niet van recbtswege mede ricbt tegen dat intrekkingsbesluit. AMS 24/3406 (beroep tegen bet primaire besluit van de mad) 6. Deze procedure ziet op bet beroep dat eiser beeft ingesteld tegen bet plimaire besluit van de mad. De recbtballk zal dit beroep niet-ontva1lkelijk verklal·en. Tegen een primair besluit staat geen beroep open. Uit altikel 7: I van de Awb volgt dat eiser, beboudens uitzonde1ingen die bier niet aan de orde zijn, tegen dat besluit bezwaai· had moeten maken bij de raad (artikel 6:4 van de Awb). Oat beeft hij oak gedaan, waarop bet bestreden besluit is genomen.

Op de beroepsgronden tegen bet bestreden besluit gaat de recbtbank biema in. AMS 25/5027 (beroep tegen bet raadsbesluit Vall 28 febmali 2024} 7.1. Eiser voe1t aan dat hij niet beeft verzocht cm opheffing van de gebeimbouding die bet college beeft gelegd op bet memo. Het Woo-verzoek beeft volgens eiser namelijk geen 4

Zie bijvoorbeeld CE uitspraken van CE Afdeling bestuursrechtspraak van re Raad van State (hierna:

ce Afdeling) van 9juli 2025, ECLl :NL:RVS :2025:3126 81 van 4 oktober 2024,

ECLI :NL:RVS:2024:4013. ; Zie bijvoorbeeld CE uitspraak van CE Centrale Raad van Beroep van 2 april 2024, ECLl:NL:CRVB:2024:635.

zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 en AMS 25/5027 inzake: -

pagina 5 van 8

betrekking op een geheim document, omdat op het moment van het indienen van dat verzoek op het memo geen geheimhouding rustte. Daarom vindt eiser dat het bestreden besluit onrechtmatig is. De rechtbank volgt eiser hierin niet. 7.2. De rechtbank stelt vast dat op het moment dat het Woo-verzoek was ingediend inderdaad geen geheimhouding rustte op het memo. Bepalend is echter het moment waarop is beslist op dit verzoek. Ten tijde van Woo-besluit van 27 februari 2023 rustte wel geheimhouding op het memo. Het collegebesluit tot oplegging van geheimhouding van 21 februari 2023 is door oo raad bekrachtigd op t3 maart 2023. Nu op het moment dat werd beslist op eisers Woo-verzoek op het memo geheimhouding rustte, heeft het college eisers bezwaar tegen dat besluit terecht op 17 ju Ii 2023 doorgestuurd naar oo raad als verzoek om opheffing van de geheimhouding die op het memo rustte. Uit vaste rechtspraak6 volgt namelijk dat een verzoek om openbaarmaking van documenten waarop geheimhouding rust, altijd ook moet worden opgevat als verzoek om opheffing van die geheimhouding.

8. Volgens eiser moet het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit in oo procedure met nummer 23/5355 (ook) geacht worden te zij n gericht tegen het primaire en het bestreden besluit op grond van het bepaalde in artikel 6: 19 en 6:20 van oo Awb. De rechtbank overweegt dat deze raadsbesluiten geen besluiten zij n in oo zin van deze artikelen. Om een besluit in oo zin van deze bepalingen aan te nemen moet het onder meer gaan om een nader besluit van hetzelfde bestuursorgaan. In dit geval gaat het niet om een alsnog door het college genomen besluit, maar om raadsbesluiten die bovendien zijn genomen op grond van de Gemeentewet en niet op grond van Woo.

ce

9. Verder stelt eiser dat oo raad zijn controlerende rol heeft verzaakt. Het college heeft zijn Woo-verzoek en het bezwaar tegen oo afwijzing daarvan buiten zijn voordracht aan de raad ten behoeve van de raadsvergadering van 16 maart 2023 gehouden. Deze raadsvergadering had betrekking op het instemmen met het bekrachtigen van geheimhouding van onder andere het memo. Daarmee heeft het college oo raad misleid en hierop had de raad het college moeten aanspreken, aldus eiser. Zoals overwogen in het voorgaande is het beroep inzake de Woo-procedure ingetrokken. De rechtbank zal daarom geen oordeel geven over oo gestelde handelwijze van het college. In d it beroep moet oo rechtbank oo rechtmatigheid van het bestreden besluit toetsen. Daarvoor is niet relevant of oo raad het college had moeten aanspreken op zijn handelwijze. 10. Zoals oo Afdel ing heeft overwogen 7 staat bij een verzoek om opheffing van oo geheimhouding van documenten ter beoordeling often tijde van dat verzoek nog voldoende grond bestond voor oo geheimhouding. Daaruit vol gt dat oo rechtbank moet beoordelen of oo raad zich, gelet op inhoud van het memo, redelijkerwijs op het standpunt heeft kunnen stellen dat zich het belang als bedoeld in artikel 5. I, tweede lid, aanhefen onder i, van oo Woo voordoet en of oo raad op grond van oo Gemeentewet oo geheimhouding die op het memo is gelegd heeft mogen bekrachtigen.

Het gaat daarbij niet om geheimhouding van het hele memo, maar om enkele passages van dat memo. 11. De raad heeft aan zijn standpunt ten grondslag gelegd dat vergunningstelsels warden onderworpen aan strikte voorwaarden die voortvloeien uit onder meer Europese regelgeving. De rechtspraak rondom vergunningstelsels wordt steeds strikter. Dit wordt gevoed door een 6 Zie bijvoorbeeld de uitspraak van de Afdeling van

7 Zie de uitspraak genoemd i1 de vorige voetnoot.

5 maait 2025, ECLI:NL:RVS:2025:894.

zaaknummers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 en AMS 25/5027

pagina 6 van 8

imake: steeds verdergaande rechterlijke toetsing, ook cp internationaal niveau. Steeds meer vergunningstelsels en vergunningsvoorwaarden worden dan ook buiten toepassing gelaten of zelfs geheel onverbindend verklaard door een rechter. In het memo zijn ongevraagd enkele kwetsbaarheden van het vergunningstelsel uit de Huisvestingsverordening Amsterdam (Hvv) genoemd Indien die zouden warden voorgelegd aan rechterlijke toetsing zou dit de werking van dit vergunningstelsel kunnen onderrnijnen. Daarom is besloten bepaalde passages, die inzicht geven il juridische risico 's van het huidige omzettingsvergunningstelsel niet openbaar te maken. Dit, an te voorkomen dat derden via deze weg bekend warden met de mogelijke kwetsbaarheden il het vergunningstelsel m dat zij die kunnen inzetten h procedures tegen de gemeente en w haar procesbelang schaden, aldus de raad 12 Eiser voert aan dat het goed functioneren van de raad niet geschaad wordt bij

openbaarmaking van het memo. Volgens de wetgever wordt openbaarmaking h het belang van de rechtsstaat bijna altijd gewenst geacht, ook als dat de juridische positie van de raad schaadt Geheimhouding cp grond van dit argument kan al helemaal niet voor onbepaalde tijd voortduren Th zwakke punten waarop il het memo wordt gewezen heeft de gemeente allang onderkend en zij 1m ruim de tijd an gebreken il (de uitvoering van) de Hw te herstellen. Th Gemeentewet strekt er niet toe de raad gelegenheid te geven niets te doen of te verhullen dat de Hw il strijd is met het recht. Ondanks negatieve uitspraken van rechters 8 zit de Hw volgens eiser cp andere punten nog steeds zo h elkaar dat deze rechterlijke toetsing niet overleeft. Dat onderrnijnt de rechtsstaat. Dat de raad niet is teruggekomen van de geheimhouding betekent volgens eiser dat het openbare belangjuist wordt gediend door opheffing van de geheimhouding. Cp de zitting heeft eiser toegelicht dat dit laatste volgens han het geval is omdat bij opheffing burgers de raad kunnen aanspreken cp de zwakke punten, waarna de Hw met de inbreng die burgers geven cp die punten kan warden aangepast. 13. Artikel 87 van de Gemeentewet luidt: "De raad, het college, de burgemeester en een

commissie als bedoeld il hoofdstuk V kunnen cp grond van een belang, genoemd h artikel 5.1, eerste en tweede lid, van de Wa open overheid, een verplichting tot geheimhouding opleggen ten aanzien van informatie die bij dat orgaan berust." 13.1. Artikel 89, vierde lid, luidt: '1ndien informatie ten aanzien waarvan een verplichting tot geheimhouding geldt aan de raad is verstrekt, duurt die verplichting il afwijking van het derde lid voort totdat de raad haar opheft." 13.2. Artikel 5.1, tweede lid, van de Woo, luidt: "Het openbaar maken van iniormatie blijft eveneens achterwege voor zover het belang daarvan nia opweegt tegen de volgende belangen:

[. 1 i het goed functioneren van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen." 14. Th rechtbank heeft kennisgenomen van de passages il het memo waarop geheimhouding is gelegd en is van oordeel dat de raad onvoldoende heeft gemotiveerd dat die vanwege het belang van het goed functioneren van de gemeente moeten warden geweigerd. Deze passages zien cp het geven advies over de vraag of hetjuridisch mogelijk is an ten aanzien van woningdeelregels/kamerhuurbeleid (dus il de toekomst) onderscheid te maken tussen 8 Zie bijvoorbeeld ECLI:NL:RVS:2025:440.

zaaknurnmers: AMS 24/2760, AMS 24/3406 61 AMS 25/5027 imake: -

pagina 7 van 8

woningen van woningcorporaties en woningen van andere eigenaren. Voor zover het daarbij gaat an kwetsbaarheden van het vergunningstelsel ttit de Hw, zoals de raad stelt, valt naar het oordeel van de rechtbank evenmin zonder nadere motivering in te zien hoe openbaarmaking an die enkele reden de procespositie of de processtrategie van de raad h procedures tegen de gemeente kan schaden. Genoemde passages betreffen namelijk een algemene beschouwing, onder verwijzing naar regelgeving 61 uitgangspunten die h jurisprudentie zijn geformuleerd. Oat betekent dat het bestreden besluit n.iet is voorzien van een deugdelijke motivering en h aanmerking komt voor vernietiging. Tu beroepsgrond slaagt. Conclusie en gevolgen

15. Het gehandhaafde beroep tegen het ingetrokken besluit van 5 april 2024 i5 niet-ontvankelijk (AMS 24/2760). Ook het beroep tegen het primaire besluit van de raad (AMS 24/3406) is niet-ontvankelijk 16. Het beroep tegen het bestreden besluit van de raad (25/5027) is gegrond. Tu rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen en bepalen dat de raad een nieuwe beslissing cp bezwaar moet nemen Omdat h laatstgenoemde procedure geen griffierecht is geheven, komt eiser niet h aanmerking voor vergoeding daarvan. Ook krijgt eiser geen vergoeding van zijn proceskosten, omdat geen sprake is van kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

aakn~

24/2760, AMS 24/3406 m AMS 25/5027

pagina 8 van 8

rnzake: - Beslissing

D:! rechtbank: verklaart de beroepen il de zaken met de nummers AMS 24/2760 m AMS 24/3406 niet-ontvankelijk; verklaart het beroep il de zaak met het nurnmer AMS 25/5027 gegrond; vernietigt het bestreden raadsbesluit van 28 februari 2024; draagt de raad cp binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen cp het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door mr. K.S. Man, rechter, il aanwezigheid van mr. E.M. de Buur, griffier. UiS, 7°km il penbaar cp 14 oktober 2025. De ..

£ ./verhin l.. "de uitspraak te ondertekenen rechter den aan partijen op:

1 4 OKT 2025

lnformatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens i<; met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet warden ingediend binnen zes weken m de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, ran kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen an een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16198818/1