Bijlage - Vergelijking maatregelniveaus Maatregelverordening en initiatiefvoorstel.pdf
Tekst van het document
Bijlage - Vergelijking van maatregelniveaus Maatregelverordening en Initiatiefvoorstel-Khan Categorie 1e gedraging 2e gedraging 3e (of volgende) 1e gedraging 2e 2e gedraging Onvoldoende 3e gedraging meewerken / inzet e 4 gedraging e 1e gedraging 3 Niet meewerken / 2e gedraging baan verliezen e.d. 3e (of volgende) 1e No-show
Maatregelverordening Initiatiefvoorstel (verlagingspercentages p.m.) (verlagingspercentages p.m.) schriftelijke waarschuwing schriftelijke waarschuwing 10% schriftelijke waarschuwing 33% 3% 10% schriftelijke waarschuwing 33% 3% 67% 17% 67% 100% 33% 100% 67% 100% 100% 100%
De percentages in het overzicht geven de verlaging per maand aan van de toepasselijke bijstandsnorm wanneer de maatregel gedurende drie maanden wordt uitgevoerd. Maatregelen worden in Amsterdam in principe uitgevoerd over drie maanden. Dus een verlaging van de bijstand met 30% gedurende één maand, wordt meestal uitgevoerd door de bijstand gedurende drie maanden te verlagen met 10%. Daarmee wordt de directe financiële impact voor de betrokkene minder hoog. Bij een alleenstaande komt een verlaging met 10% p.m. neer op € 108 per maand. In drie maanden kan het bedrag van de verlaging dan oplopen tot € 336. Wanneer iemand na het opleggen van een maatregel in verband met het onvoldoende of niet nakomen van arbeidsverplichtingen zich alsnog inzet, geldt dat de maatregel tussentijds kan worden gestopt. Het totaalbedrag van de verlaging valt dan minder hoog uit.