Bijlage. Resultaten uitvoering fase 1 en 2 steunmaatregel voor cultuursector
Tekst van het document
Bijlage
Resultaten uitvoering fase 1 en 2 steunmaatregel cultuursector De gevolgen van de coronacrisis voor de cultuursector in Amsterdam zijn ongekend groot en hebben zeer ingrijpende maatschappelijke en economische gevolgen voor de stad. Omdat al aan het begin van de coronacrisis acuut hulp nodig was, heeft het college - in aanvulling op de generieke Rijksmaatregelen en de aanvullende Rijksmaatregelen voor de cultuursector - op 8 mei jl. besloten tot extra ondersteuning van instellingen in het Kunstenplan. Doel van deze aanvullende steunmaatregel is het in stand houden van een cruciaal onderdeel van de gesubsidieerde Amsterdamse culturele infrastructuur. Voor de uitvoering is een subsidieregeling ingericht die in 2 fases werd uitgevoerd. Uitgangspunten voor de regeling zijn: a. instellingen hebben het verlies zoveel mogelijk beperkt door optimaal gebruik te maken van generieke compensatiemaatregelen van het Rijk, door besparingen op hun uitgaven te realiseren en op zoek te gaan naar extra bijdragen bijvoorbeeld van steunfondsen; b.
de gemeente compenseert: • het verlies van instellingen in de periode van half maart 2020 tot 1 januari 2021; • verminderd met de bijdrage die geleverd kan worden uit de algemene reserve en de continuïteitsreserves (uitgaande van een maximaal weerstandsvermogen van 5% - dit is een minimale norm); verminderd met de bijdrage van het Rijk vanuit stroom 1 van het additionele noodpakket van het ministerie van OCW voor de cultuursector; indien een instelling in aanmerking komt voor matching van de aanvullende subsidie van de gemeente door een rijkscultuurfonds, dan ontvangt deze instelling van de gemeente 50% van de uitkomst van de formule (bullet 1 tot en met 3) met een maximum van € 1 miljoen. Indien de uitkomst hiervan hoger is dan de maximale matchingsbijdrage van een rijkscultuurfonds, dan geldt de uitkomst van de formule verminderd met dit maximum. Voor de steunmaatregel heeft het college € 17 miljoen gereserveerd in de noodkas. Dit bedrag is gebaseerd op de analyse van financiële gegevens van kunst- en cultuurinstellingen die in april bij de instellingen zijn opgevraagd. Destijds was de verwachting dat het nettoverlies bij de Kunstenplaninstellingen tot 1 oktober 2020 ongeveer € 50 miljoen zou bedragen.
Onze inschatting was dat ongeveer een derde van de verliezen werden gecompenseerd door het Rijk (OCW) en gemiddeld een derde opgelost kon worden door de inzet van de reserves van de instellingen. Dus voor de bijdrage van de gemeente via de steunmaatregel was een bedrag nodig van € 17 miljoen (een derde van het totale ingeschatte netto verlies). De uitvoering van steunmaatregel is onlangs afgerond. We hebben aan 62 instellingen eenmalige, extra subsidies verleend voor in totaal € 11,3 miljoen (zie tabel p. 2). Deze instellingen hebben we hiermee overeind gehouden tot in ieder geval 1 januari 2021. Verliezen kleiner dan verwacht Bij de uitvoering van de steunmaatregel zijn we streng geweest voor de instellingen, om ervoor te zorgen dat het geld daar terecht komt waar het op dit moment het hardst nodig is. Zo hebben we geëist dat ze zoveel mogelijk van hun reserves eerst opmaken en zoveel mogelijk gebruik maken van regelingen van het Rijk.
1
We hebben minder uitgegeven dan het gereserveerde bedrag. Er resteert een bedrag van € 5,7 miljoen. Met name voor fase 2 was veel minder budget nodig dan aanvankelijk werd ingeschat op basis van de financiële gegevens zoals in april jl. ontvangen van de instellingen. De verliezen van de instellingen bleken bij de uitvoering van de regeling lager dan werd verwacht in april. Uit de analyse van de aanvragen en de toelichtingen van de instellingen blijkt dat: - er veel meer is ingezet op kostenbesparing (b.v. door stopzetten van activiteiten, inkrimpen van de organisatie, ZZP-ers niet uit te betalen) toen bleek dat de crisis langer ging duren dan aanvankelijk gehoopt; - een deel van de instellingen voldoende steun ontving uit de algemene Rijksmaatregelen en/of de specifieke Rijksmaatregelen voor de cultuursector (m.n. stroom 1) en/of steunfondsen; - sommige instellingen de inschatting maakten het net te redden tot eind 2020 en geen beroep wilden doen op middelen die andere instellingen harder nodig hadden; - de reserves van een deel van de instellingen voldoende ruimte boden om de verliezen op te kunnen vangen binnen de strenge criteria van de regeling, tot een weerstandvermogen van 5%.
Dit is een minimale norm en houdt in dat instellingen nagenoeg alle reserves kwijt zijn en de continuïteit van de bedrijfsvoering zwaar onder druk komt te staan; - private financiers toch bijdroegen ondanks dat de activiteiten niet doorgingen.
Verleende subsidies steunmaatregel cultuursector fase 1 en 2: Fase 1 naam instelling Stichting Amsterdam Museum Stichting BIMHUIS Het Concertgebouw N.V. De Balie Stichting de Meervaart Muziekgebouw aan 't IJ Stichting Paradiso Amsterdam Podium Mozaiek Stichting Stedelijk Museum Amsterdam Stichting Tolhuistuin Stichting De Toneelmakerij De Appel Theater De Krakeling Stichting Het Ketelhuis Stichting De Kleine Komedie Stichting Melkweg Stichting Museum Het Rembrandthuis Stichting Amsterdams Filmhuis / Rialto Verzetsmuseum Amsterdam Subtotaal Fase 1
subsidie 948.000 113.473 870.331 1.360.957 485.998 949.409 1.000.000 642.448 841.945 58.000 30.940 23.149 61.999 245.272 718.073 923.901 30.893 83.006 6.852 9.394.646
Fase2 Amsterdams Andalusisch Orkest
24.577 2
AGA LAB Amsterdam Art De Amsterdams Jeugdtheaterschool Cinedans Stichting Kunst & Cultuurhuis Cinetol Dansmakers Jakop Ahlbom Company Kunstverein LeineRoebana MaxTak Mugmetdegoudentand Stichting de Golf / Museum het Schip Nicole Beutler Projects Nieuw Dakota Stichting Nineties Productions OCCII Oorkaan Oude Kerk Pakhuis de Zwijger Paradiso Melkweg Productiehuis Poldertheater Stichting Silbersee Stichting Leerorkest Stichting Kleintjekunst Stichting Marmoucha Stichting Pera Stichting SHARP/ArnoSchuitemaker Stichting TENT circustheater producties Theater DEGASTEN Theater RAST Stichting Het Veem Theater Strijkkwartet Biennale Amsterdam Sociëteit SEXYLAND Afro Vibes Next Nature Network Studio 52nd Stichting Urwald - Collectief Walden World Opera Lab Dancing on the Edge Submarine Channel Taartrovers What Design Can Do Subtotaal Fase 2 Totaal fase 1 +2
61.481 32.452 15.652 35.140 36.455 39.889 34.288 30.455 62.872 36.966 23.411 35.000 24.500 24.751 71.959 16.515 4.096 150.453 321.080 6.373 10.150 44.305 46.000 7.593 21.765 8.606 16.024 10.972 18.173 11.613 74.056 71.157 200.231 8.156 15.692 44.560 24.116 1.988 9.500 12.594 23.567 149.650 1.918.833 11.313.479
3