Bijlage.Begroting RMA 2023 inclusief eerste begrotingswijziging 2022
Tekst van het document
BEGROTING 2023
Begroting 2023 Inclusief eerste begrotingswijziging 2022 27 JUNI 2022
DEFINITIEF Dit betreft de Begroting 2023 en de Eerste Begrotingswijziging 2022 van de Rekenkamer Metropool Amsterdam.
RMA - BEGROTING 2023
Inhoudsopgave 1
Inleiding ..................................................................................................................... 2
2
Beleidsbegroting 2023 ................................................................................................ 4
2.1 Onderzoeksprogramma’s ..............................................................................................................4 2.2 Paragrafen ....................................................................................................................................5
3
Financiële begroting 2023 .......................................................................................... 8
3.1 Programmabegroting 2023............................................................................................................8 3.2 Toelichting op de programmabegroting 2023 ................................................................................9 3.3 Specificatie naar taakvelden .......................................................................................................11 3.4 Investeringsbegroting .................................................................................................................13 3.5 Uiteenzetting financiële positie ...................................................................................................13
4
Eerste begrotingswijziging 2022 .............................................................................. 19
4.1 Toelichting eerste begrotingswijziging 2022 ...............................................................................19 4.2 Resumé eerste begrotingswijzing 2022 .......................................................................................21
1
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
1 Inleiding De Rekenkamer Metropool Amsterdam (RMA) is de gemeenschappelijke rekenkamer van de gemeenten Amsterdam en Zaanstad. Deze gemeenschappelijke regeling bestaat sinds 1 juni 2010. In juli 2015 hebben de gemeenteraden van beide gemeenten besloten de samenwerking te continueren. Missie De RMA voert onafhankelijk onderzoek uit naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur van de aangesloten gemeenten. Jaarlijks stelt de RMA voor de aangesloten gemeenten onderzoeksprogramma’s vast. Begroting 2023 en de eerste begrotingswijziging 2022 Dit document bevat de begroting 2023a en de eerste begrotingswijziging 2022. Begroting 2023 De begroting bestaat uit een beleidsbegroting (hoofdstuk 2) en een financiële begroting (hoofdstuk 3). De beleidsbegroting bevat een toelichting op de onderzoeksprogramma’s en de voorgeschreven paragrafen over het weerstandsvermogen en de bedrijfsvoering. In de financiële begroting staat ook de meerjarenbegroting voor de periode 2023-2026. Voor 2023 zijn er nog geen afspraken gemaakt over de hoogte van de gemeentelijke bijdragen. In de begroting 2023 zijn de gemeentelijke bijdragen daarom berekend op basis van de afspraken die daarvoor zijn gemaakt voor de periode 2016-2021.
Vanwege het aantreden van de nieuwe bestuurder/directeur van de RMA per 1 maart 2022, heeft het presidium van Amsterdam, in overleg met betrokken raadsleden uit Zaanstad, besloten dat op basis van een toekomstvisie voor de RMA een zesjarenbegroting wordt opgesteld. Bij het opstellen van de toekomstvisie zullen ook afwegingen worden gemaakt over aanvullende taken en werkzaamheden van de RMA ter ondersteuning aan de raad.b Op het moment dat de toekomstvisie en de zesjarenbegroting gereed zijn, zullen deze aan de beide gemeenteraden voor een zienswijze worden voorgelegd. Dit kan nog leiden tot een aanpassing van de gemeentelijke bijdragen 2023. Eerste begrotingswijziging 2022 De oorspronkelijk vastgestelde Begroting 2022 is geactualiseerd voor drie ontwikkelingen: resultaatbestemming 2021, het vormen van de bestemmingsreserve zesjaarlijkse afrekening, en bijstelling lasten. De gewijzigde Begroting 2022 wordt in hoofdstuk 4 nader toegelicht. Procedure vaststelling van de begroting Overeenkomstig artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen is een ontwerpbegroting opgesteld en aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten voor een zienswijze voorgelegd. Het Overlegorgaan RMA - samengesteld uit
a De ontwerpbegroting is van tijdelijke aard en wordt mocht hier aanleiding voor zijn aangepast via
een reguliere begrotingswijziging. b Een voorbeeld hiervan is de aanbeveling uit de raadsenquête naar Afval Energie Bedrijf (AEB) van december 2021 om de ondersteuning door de griffie en/of de rekenkamer bij vraagstukken over het instellen, herijken of beëindigen van deelnemingen structureel uit te breiden.
2
RMA - BEGROTING 2023 vertegenwoordigers van de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad - gaf een positief advies over de ontwerpbegroting. De raad van Amsterdam heeft op 22 juni 2022 een positieve zienswijze op de voorgelegde begroting afgegeven. Op 16 juni 2022 gaf de raad van Zaanstad eveneens positieve zienswijze op de begroting. Het bestuur van de RMA heeft na de besluitvorming in de raden de Begroting 2023 ongewijzigd vastgesteld op een lastentotaal van € 2.459.690. Het lastentotaal van de Begroting 2022 na eerste wijziging is vastgesteld op € 2.469.030. De vastgestelde begroting wordt op grond van artikel 11 van de Gemeenschappelijke regeling Rekenkamer Metropool Amsterdam toegestuurd aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland en de gemeenteraden van deelnemende gemeenten. Amsterdam, 27 juni 2022
Annelies Daalder bestuurder/directeur Rekenkamer Metropool Amsterdam
3
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
2 Beleidsbegroting 2023 2.1 Onderzoeksprogramma’s Wat is de doelstelling van de RMA? De RMA heeft als doel de controlerende rol van de gemeenteraden te versterken door onafhankelijk onderzoek uit te voeren naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde bestuur. Welke onderzoeken worden uitgevoerd? De rekenkamer onderzoekt de resultaten van het gemeentelijk beleid, de bedrijfsvoering en de informatievoorziening aan de raad. Voor iedere deelnemende gemeente stelt de rekenkamer jaarlijks een onderzoeksprogramma vast. Gemiddeld worden er op jaarbasis voor de gemeente Amsterdam circa zes grote onderzoeken uitgevoerd. Voor de gemeente Zaanstad wordt gemiddeld één groot onderzoek uitgevoerd. Daarnaast worden er voor de gemeenten ook verkenningen uitgevoerd ter voorbereiding van onderzoek en zijn er kleine onderzoeksprojecten, bijvoorbeeld in reactie op actuele onderwerpen op basis van eerder uitgevoerd onderzoek of bij de rekenkamer aanwezige kennis. Hoe wordt de voortgang van de opvolging van aanbevelingen bewaakt? Tot en met 2019 bewaakten we de opvolging van aanbevelingen door geregeld opvolgingsonderzoeken uit te voeren. Opvolgingsonderzoeken zijn onderzoeken waarbij wordt nagegaan in hoeverre het college de aanbevelingen van eerdere onderzoeken heeft opgevolgd. In Amsterdam is in 2020 een start gemaakt met de nieuwe werkwijze.
De nieuwe werkwijze houdt in dat in het raadsbesluit het college wordt gevraagd om de opvolging van aanbevelingen voortaan zelf te monitoren en daarover aan de raad te rapporteren. Wij kunnen dan volstaan met het steekproefsgewijs toetsen van een jaarlijkse voortgangsrapportage, maar we zien dat het college nog onvoldoende gevolg heeft gegeven aan de monitoring van de aanbevelingen en de rapportage daarover. In overleg met het college willen we bezien hoe deze monitorprocedure kan worden verbeterd. In Zaanstad is een analoge verandering van de werkwijze afgesproken, die voor het eerst is toepast bij het onderzoek Meldingen openbare ruimte (april 2021) in Zaanstad. Hoe is de procedure betreffende de onderzoeksprogramma’s? Jaarlijks brengen we in december de onderzoeksprogramma’s uit voor het volgende kalenderjaar met daarin een overzicht van de geplande onderzoeken. Daaraan voorafgaande worden de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad gevraagd om suggesties te doen voor mogelijke rekenkameronderzoeken. Het is de wettelijke bevoegdheid van de bestuurder/directeur van de RMA om de onderzoeksprogramma’s vast te stellen. De onderzoeksprogramma’s worden aan de gemeenteraden en de colleges ter kennisname toegezonden. Ook worden de onderzoekprogramma’s op onze website gepubliceerd.
4
RMA - BEGROTING 2023
2.2 Paragrafen Het Besluit begroting en verslaggeving provincies en gemeenten (BBV) is ook van toepassing op de RMA. Het BBV schrijft voor dat er een aantal paragrafen moeten worden opgenomen in de beleidsbegroting waarin de beleidslijnen zijn vastgelegd met betrekking tot relevante beheersmatige aspecten. Wij beperken ons tot paragrafen over het weerstandsvermogen en de bedrijfsvoering.
2.2.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
De risico’s zijn minimaal. Met de gemeentelijke bijdragen is er een structurele dekking voor de reguliere kosten. In 2015 hebben de gemeenteraden van Amsterdam en Zaanstad besloten om de huidige samenwerking voort te zetten en de gemeentelijke bijdragen, overeenkomstig artikel 12 lid 2 van de gemeenschappelijke regeling, voor zes jaar vast te stellen. Deze bijdragen worden jaarlijks aangepast aan de loonontwikkeling. De huidige periode van zes jaar liep eind 2021 af. Gelet op het vertrek van de bestuurder/directeur van de rekenkamer per 1 maart 2022 heeft het presidium van Amsterdam, in overleg met betrokken raadsleden uit Zaanstad, besloten geen bijdrage voor de komende zes jaar vast te stellen, maar de bijdragen 2022 te baseren op de bijdragen van de voorgaande jaren. c Het presidium van Amsterdam wil dat op basis van een toekomstvisie voor de Rekenkamer een zesjarenbegroting wordt opgesteld. Op 23 juni 2021 heeft de rekenkamer aan de raden een brief gestuurd met daarin haar zienswijze op het besluit om af te wijken van de gemeenschappelijke regeling.d In die zienswijze geeft de rekenkamer aan dat de continuïteit van de financiering van belang is voor de onafhankelijkheid van de rekenkamer.
Daarbij zouden de gemeentelijke bijdragen in ieder geval niet naar beneden mogen gaan omdat dat wel een heel ongelukkige start zou betekenen voor de nieuwe directeur die met een bepaald perspectief aan de baan is begonnen. De gemeenteraad van Zaanstad heeft laten weten deze zienswijze te delen.e Ten tijde van het opstellen van de begroting 2023 was er nog geen nieuwe afspraak over de hoogte van de gemeentelijke bijdragen. In de begroting 2023 zijn daarom de bijdragen gebaseerd op de afspraak die gold voor de periode 2016-2021. Het grootste risico is dat een deelnemende gemeente de samenwerking via de gemeenschappelijke regeling opzegt. Het opzeggen van de samenwerking is echter niet primair een financieel risico van de rekenkamer. De medewerkers van het bureau van de rekenkamer hebben een ambtelijke aanstelling bij de gemeente Amsterdam. In de gemeenschappelijke regeling is bepaald dat de gemeenteraden de financiële gevolgen van een uittreding en de daarbij behorende verplichtingen van de uittredende gemeente vaststellen nadat zij het lid van de rekenkamer daarover hebben gehoord. Hieruit leiden we
c Brief van het Presidium Amsterdam aan de gemeenteraadsleden van Amsterdam, Weesp en
Zaanstad met als onderwerp Zesjarenbegroting Rekenkamer Metropool Amsterdam, 22 juni 2021. d Brief aan de gemeenteraden met als onderwerp zienswijze Begroting 2022 RMA, 23 juni 2021. e Brief van de gemeenteraad Zaanstad met als onderwerp Zienswijze begroting 2022 en begrotingswijziging 2021 Rekenkamer Metropool Amsterdam, 8 juli 2021
5
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM af dat de kosten die samenhangen met een eventuele uittreding niet voor rekening van de rekenkamer komen, maar ten laste van de uittredende gemeente. Voor het opvangen van schommelingen in de uitgaven streven we ernaar om een algemene reserve aan te houden tussen de 10 en 15% van de te ontvangen jaarlijkse bijdragen. Eind 2023 bedraagt de algemene reserve naar verwachting circa € 349.000 of 14,5% van de jaarlijkse bijdragen. Wanneer de algemene reserve boven de 15% uitkomt, wordt in overleg met het Overlegorgaan RMA nagegaan hoe die middelen worden bestemd.f Hieronder is de voorgeschreven tabel inzake financiële kengetallen - voor zover relevant voor de RMA - opgenomen.
Tabel 2.1 - Verloop van de kengetallen Jaarrekening
Begroting 2022
Begroting
Meerjaren-
Meerjaren-
Meerjaren-
2021
(na eerste
2023
raming 2024
raming 2025
raming 2026
wijziging)
Solvabiliteitsratio
67%
71%
63%
60%
58%
58%
Netto schuldquote
-23%
-20%
-14%
-14%
-14%
-14%
7%
0%
0%
0%
0%
0%
Incidentele /structurele exploitatieruimte
De solvabiliteitsratio geeft aan in welke mate de bezittingen (vaste en vlottende activa) zijn gefinancierd met eigen vermogen (algemene reserve en bestemmingsreserves). De solvabiliteitsratio ligt naar verwachting tussen de 58 en 71%. Dit duidt op een goede solvabiliteitspositie. Een netto schuldquote is een kengetal waarbij een relatie wordt gelegd tussen de netto schulden en de jaarlijkse totale baten. Voor dit verhoudingsgetal geldt: hoe lager hoe beter. De VNG geeft als indicatie dat indien dit percentage uitkomt boven de 100%, een gemeente zou moeten opletten. De negatieve netto schuldquote weerspiegelt dat aan het eind van ieder jaar de (verwachte) vorderingen hoger zijn dan de (verwachte) schulden. Financieeltechnisch is dat positief. De lage netto schuldquote is mede een gevolg van het beleid van de RMA om investeringen met bestemmingsreserves te financieren. In 2021 was er een incidentele exploitatieruimte van 7% (positief) voornamelijk als gevolg van lagere personeelslasten. Dit kwam grotendeels doordat in 2021 enkele vacatures bewust niet zijn ingevuld om de per 1 maart 2022 benoemde bestuurder/directeur meer ruimte te geven haar eigen formatieplan te laten opstellen. Vanaf 2022 wordt een
f Het besluit over de bestemming van het jaarresultaat wordt in de jaarrekening vastgelegd onder
‘Overige gegevens van de jaarrekening’.
6
RMA - BEGROTING 2023 structurele exploitatieruimte verwacht van 0%. Dat betekent dat de structurele inkomsten en structurele uitgaven elkaar in evenwicht houden.
2.2.2
Financiering
De RMA financiert de lopende exploitatie met de ontvangen bijdragen van de deelnemende gemeenten, kortlopende schulden en de opgebouwde reserves. De RMA heeft geen langlopende leningen aangetrokken voor de financiering van de vaste materiële activa. De financiering vindt plaats met bestemmingsreserves. De RMA heeft een eigen bankrekening. Als gevolg van de Regeling schatkist-bankieren decentrale overheden wordt deze bankrekening dagelijks door Treasury van de gemeente Amsterdam aangezuiverd of afgeroomd waardoor het banksaldo dagelijks op nul euro uitkomt. Door het afromen of aanzuiveren ontstaat een rekening-courantverhouding met de gemeente Amsterdam. Deze wordt verantwoord onder de overlopende activa.
2.2.3
Bedrijfsvoering
Borging kwaliteit onderzoeken Voor het beheersen en bewaken van de kwaliteit van rekenkameronderzoeken heeft de RMA een webbased-handboek ontwikkeld. Hierin zijn de procedures beschreven voor de planning, het doen van onderzoek en het publiceren van rapporten. Het handboek wordt geregeld geactualiseerd. Daarnaast heeft de RMA tezamen met de G4-rekenkamers en de Randstedelijke Rekenkamer een kwaliteitshandvest vastgesteld op basis waarvan onderlinge reviews plaatsvinden. Het kwaliteitshandsvest is in april 2020 voor het laatst herzien. Opleiding, arbeidsomstandigheden en ziekteverzuim Het personeel van het bureau van de RMA is in dienst van de gemeente Amsterdam. De RMA volgt daarom het beleid van de gemeente aangaande de arbeidsvoorwaarden, de arbeidsomstandigheden en het ziekteverzuim. De rekenkamer hecht eraan dat medewerkers zich blijven bekwamen. Daartoe wordt 4% van het personeelsbudget bestemd voor opleiding en nascholing. De 4% is zowel bestemd voor de kosten van externe bureaus als voor de kosten van de uren die de medewerkers besteden aan opleiding, scholing en kennisontwikkeling. Opleiding gebeurt namelijk niet alleen in concrete cursussen, maar ook door extra tijdsinvestering tijdens de projecten zelf.
Automatisering en informatisering In 2019 is een eigen netwerk geïmplementeerd met specialistische programma’s voor het verzamelen en verwerken van onderzoekgegevens, het publiceren van rapporten en de kantoorautomatisering. Daarnaast kan de RMA ook gebruikmaken van het generieke netwerk van de gemeente Amsterdam. Voor het ontwikkelen van de website en onderhoud van het eigen netwerk wordt externe deskundigheid ingehuurd. Financieel beheer Voor het financieel beheer maakt de RMA gebruik van de diensten van de directie Financiële Dienstverlening van de gemeente Amsterdam. Periodiek wordt de getrouwheid van de financiële rapportages intern getoetst. Indien daar aanleiding toe is, vindt bijsturing plaats
7
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM en wordt zo nodig de begroting aangepast. Zo’n begrotingswijziging wordt altijd eerst besproken in het Overlegorgaan RMA. Om te kunnen bewaken dat de onderzoeksinzet gebeurt naar rato van de bijdragen van de gemeenten, wordt door de onderzoekers tijdgeschreven. De jaarrekening van de RMA wordt gecontroleerd door een externe accountant.
3 Financiële begroting 2023 In dit hoofdstuk is de programmabegroting 2023 opgenomen inclusief de meerjarenbegroting 2023-2026. De investeringsbegroting ontbreekt, omdat op dit moment voor 2023 geen investeringsuitgaven worden voorzien.
3.1 Programmabegroting 2023 Het programma van de RMA bestaat uit het uitvoeren van de rekenkamerfunctie voor de aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten.
Tabel 3.1 – Overzicht van begrote baten en lasten 2023 Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
(na eerste wijziging) g
Baten Bijdrage Amsterdam
2.096.850
2.159.900
2.192.300
Bijdrage Zaanstad
213.100
217.360
220.620
Bijdrage Weesp
20.700
-
-
Overige baten
850
P.M.
P.M.
Totaal baten
2.331.500
2.377.260
2.412.920
1.765.623
1.952.760
1.982.045
Overige personeelskosten
23.675
25.000
25.375
Huisvestingslasten
186.958
201.000
195.000
ICT-kosten
110.212
108.000
110.000
Publicatiekosten
16.657
21.000
21.000
Overige materiële kosten
76.125
102.500
67.500
Kapitaallasten
46.770
46.770
46.770
Lasten Personeelslasten
g Zie hoofdstuk 4 in deze begroting.
8
RMA - BEGROTING 2023
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
(na eerste wijziging) g
Onvoorzien
0
12.000
12.000
Totaal lasten
2.226.019
2.469.030
2.459.690
Saldo van baten en lasten
105.481
-91.770
-46.770
Onttrekkingen reserves
126.935
226.770
46.770
Toevoegingen reserves
-170.165
-135.000
0
Resultaat
62.251
0
0
Het BBV schrijft voor dat ook gemeenschappelijke regelingen inzicht moeten geven in voorgeschreven taakvelden. In paragraaf 3.3 is daarom een overzicht opgenomen van baten en lasten naar taakvelden.
3.2 Toelichting op de programmabegroting 2023 Baten Bijdragen gemeenten Amsterdam en Zaanstad In de gemeenschappelijke regeling is bepaald dat de raden van de deelnemende gemeenten voor een periode van zes jaar de jaarlijkse bijdrage aan de RMA vaststellen. Na zes jaar kunnen nieuwe afspraken gemaakt worden over de jaarlijkse bijdragen van de deelnemende gemeenten. In 2015 zijn de afspraken gemaakt voor de periode 2016 tot en met 2021. Conform de gemeenschappelijke regeling mogen de bijdragen jaarlijks worden aangepast aan de loonkostenontwikkeling. Er moet nog besluitvorming plaatsvinden in de raden over de bijdragen in de volgende periode (van 2022-2027). Bij het opstellen van de Begroting 2023 is ervan uitgegaan dat de afspraken op vergelijkbare wijze worden gecontinueerd. Dat betekent dat ten opzichte van 2022 de gemeentelijke bijdragen met 1,5% zijn verhoogd. Op basis van de (CBS-)index voor loonkosten overheidspersoneel worden de bijdragen nagecalculeerd. Een eventuele indexcorrectie wordt in een volgende begroting of begrotingswijziging verwerkt. Bijdrage gemeente Weesp Tot 24 maart 2022 vervulde de RMA ook de rekenkamerfunctie voor de gemeente Weesp. Bij de eerste begrotingswijziging 2022 is voor deze gemeente een bijdrage begroot van € 21.110.h De bijdrage voor 2023 is met 1,5% verhoogd. We gaan ervan uit dat na de
h Hiervan komt als gevolg van de gemeentelijke fusie tussen Amsterdam en Weesp 2,5 maanden
(€ 4.400) voor rekening van de gemeente Weesp. Het restant van de gemeentelijke bijdrage van Weesp in 2022 (€ 16.710) wordt in rekening gebracht bij de gemeente Amsterdam.
9
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM bestuurlijke fusie van Weesp met Amsterdam, de bijdrage van Weesp geheel voor rekening komt van Amsterdam. In de loop van 2022 zal hier meer duidelijkheid over ontstaan. Overige baten De RMA kan incidenteel overige baten realiseren door het op verzoek verzorgen van presentaties en gastcolleges. Ook komt het soms voor dat de RMA opbrengsten verkrijgt door met andere rekenkamers samen te werken. De omvang van deze activiteiten is beperkt. In de begroting is daarom voor overige opbrengsten een pro-memorie-post opgenomen. Lasten Personeelslasten Onder de personeelskosten zijn de totale loonkosten opgenomen van de vaste en tijdelijke medewerkers van de RMA. De begrote formatie van de RMA bedraagt momenteel 17,2 fte. Ook de personeelskosten van de bestuurder/directeur zijn onder deze post begroot. Verder worden onder deze post de kosten geboekt voor project-inhuur. Hierbij gaat het voornamelijk om het incidenteel inhuren van specifieke deskundigheid en expertise ter ondersteuning van het onderzoek. Om flexibel te kunnen reageren op ontwikkelingen in de arbeidsmarkt kunnen binnen het personeelsbeleid keuzes worden gemaakt voor meer of minder (specialistische) inhuur.
Overige personeelslasten De overige personeelslasten hebben betrekking op het budget voor onder meer externe opleidingskosten en kosten voor sociale activiteiten, voor zowel de onderzoekers als de overige medewerkers. Huisvestingslasten De huisvestingslasten hebben betrekking op de huur en de servicekosten van de kantoorruimte. Tevens zijn onder deze post de kosten begroot voor het schoonmaken en de periodieke vervanging van meubilair. De RMA heeft 525 m² kantoorruimte gehuurd. Het huurcontract loopt tot 16 september 2025. ICT-kosten De ICT-kosten hebben betrekking op de kosten die samenhangen met het beheer van het eigen ICT-netwerk, kleine ICT-aanschaffingen, jaarlijkse licenties, et cetera. Voor een beperkt aantal ICT-toepassingen maken we ook gebruik van het ADW-netwerk van de gemeente Amsterdam. De daarvoor in rekening gebrachte kosten worden ook op deze post verantwoord. Publicatiekosten Onder deze post worden de kosten opgenomen voor het onderhoud en het verder verbeteren van de website van de RMA. Ook eventuele druk- en verzendkosten van rapporten en drukwerk worden onder deze post verantwoord. Overige materiële kosten Onder deze post zijn de kosten begroot die de gemeente Amsterdam in rekening brengt voor het voeren van de financiële administratie en ondersteuning met betrekking tot
10
RMA - BEGROTING 2023 personeelszaken. Verder zijn onder deze post de accountantskosten, kosten externe inhuur functionaris gegevensbescherming, de kosten van contributies voor brancheorganisaties, verzekeringskosten, et cetera. begroot. Kapitaallasten De kapitaallasten in 2023 hebben betrekking op de afschrijvingskosten van verbouw- en inrichtingskosten van de Weesperstraat 105A, 6e verdieping (€ 32.870). De afschrijvingstermijnen zijn afgestemd met de looptijd van het huurcontract tot september 2025. Daarnaast wordt € 13.900 afgeschreven vanwege de investeringen in ICT. De afschrijvingstermijn voor ICT-investeringen is vijf jaar. Onvoorzien In de begroting is een post onvoorzien opgenomen van € 12.000. Gelet op het feit dat onvoorziene posten bij de RMA beperkt voorkomen, is de post onvoorzien bepaald op 0,5% van de begrote inkomsten (en afgerond op duizenden euro’s). Resultaat Het saldo van baten en lasten voor 2023 wordt begroot op € 46.770 (negatief). Dit tekort komt door de begrote kapitaallasten voor ICT- en huisvestingsinvesteringen. Door € 46.770 te onttrekken aan de bestemmingsreserves, ontstaat er een sluitende begroting.
3.3 Specificatie naar taakvelden Op basis van het BBV moeten gemeenschappelijke regelingen vanaf de Begroting 2018 ook inzicht geven in de kosten per taakveld. Tevens moet een specificatie worden opgenomen van de verwachte incidentele baten en lasten en de beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Overzicht toedeling aan taakvelden Voor de RMA zijn de taakvelden rekenkamerfunctie en overhead van toepassing.i
Tabel 3.3 – Overzicht van begrote baten en lasten taakvelden Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
(na eerste wijziging)
Baten Taakveld 0. Bestuur en ondersteuning
2.331.500
2.377.260
2.412.920
Lasten
i Het Iv3-Informatievoorschrift 2017 vermeldt de rekenkamer expliciet als een onderdeel van het
taakveld 01. Bestuur.
11
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM Taakveld 01. Bestuur Taakveld 04. Overhead Onvoorzien
1.602.476 623.259 -
1.786.780 670.250 12.000
1.784.077 663.613 12.000
Totaal lasten
2.226.019
2.469.030
2.459.690
Saldo van baten en lasten
105.481
-91.770
-46.770
Mutaties reserves
-43.130
91.770
46.770
Resultaat
62.251
0
0
Toerekening personeelslasten aan taakvelden De RMA heeft een vastgestelde formatie, exclusief de bestuurder/directeur, van 17,2 fte. Hiervan heeft 15 fte betrekking op medewerkers die worden ingezet voor het doen van onderzoek. De kosten van deze medewerkers worden in principe volledig toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur. Het komt incidenteel voor dat deze medewerkers ook overheadstaken uitvoeren. In dat geval vindt een overboeking plaats naar het taakveld 04. Overhead. De kosten van de bestuurder/directeur worden volledig toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur. Voor het secretariaat en het bureaumanagement is in de formatie 2,6 fte opgenomen. Deze worden volledig beschouwd als overheadskosten. Binnen het personeelskostenbudget is ook beperkte ruimte voor het inhuren van externe expertise en uitzendkrachten. Om het personeelskostenbudget optimaal te benutten, kunnen bij natuurlijk verloop en arbeidsmarktontwikkelingen tijdelijk externen worden aangetrokken. Afhankelijk van de aard van de werkzaamheden worden de kosten daarvan toegerekend aan het taakveld 01. Bestuur of taakveld 04. Overhead. Toerekening overige kosten aan taakvelden De overige personeelskosten, huisvestingslasten, overige materiële kosten en kapitaallasten worden alle toegerekend aan het taakveld 04. Overhead. De publicatiekosten worden volledig toegerekend aan het taakveld 04. Bestuur.
Overzicht incidentele baten en lasten begroting Voor het begrotingsjaar 2022 is een incidentele last begroot van € 45.000. Deze heeft betrekking op de (materiële) kosten die gemaakt worden voor het symposium Waardevol bestuur begin 2022. De kosten worden gedekt door een (incidentele) onttrekking aan bestemmingsreserves. Overzicht beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves Er zijn bestemmingsreserves gevormd om de jaarlijkse afschrijvingslasten van de (geactiveerde) huisvestings- en ICT-investeringen te dekken. Voor afschrijvingslasten huisvesting wordt jaarlijks € 32.870 aan de reserve huisvesting onttrokken. Voor de ICTinvesteringen wordt vanaf 2020 jaarlijks € 13.900 onttrokken aan de bestemmingsreserve ICT.
12
RMA - BEGROTING 2023
3.4 Investeringsbegroting In de onderstaande tabel staat de investeringsstaat van de RMA.
Tabel 3.4 - Investeringsstaat RMA Materiële vaste activa Investeringen tot een bedrag van € 10.000 worden niet geactiveerd, maar als last genomen in het jaar van aanschaf (in €)
Initiële investeringsbedrag
Boekwaarde per 1-1-2023
Investeringen 2023
Afschrijving in boekjaar
Boekwaarde per 31-12-2023
Initiële verbouwings-
250.000
75.000
0
25.000
50.000
Afschrijving (lineair)
10 jaar
en inrichtingskosten
(2016-2025)
2015 Vergaderzaal en
17.500
7.500
0
2.500
5.000
7 jaar
bilaterale ruimte
(2019-2025)
2018 Deuren voor alle
26.850
16.110
0
5.370
10.740
5 jaar
kantoorunits 2021 ICT-investeringen
(2021-2025) 69.500
27.800
0
13.900
13.900
5 jaar
2019 Totaal
(2020-2024) 363.850
126.410
0
46.770
79.640
Voor 2023 zijn er geen grote investeringen voorzien. Eventuele investeringsuitgaven tot € 10.000 worden gedekt vanuit de exploitatiebegroting.
3.5 Uiteenzetting financiële positie Voor de RMA worden voor eind 2022 en eind 2023 de volgende balansen geprognosticeerd. Om inzicht te geven in de ontwikkeling van de diverse balansposten is tevens ter vergelijking de balans per 31 december 2021 toegevoegd.
Tabel 3.5 Overzicht geprognotiseerde balansen Balans 31-12-2021 (vóór resultaatbestemming)
Geprognotiseerde balans 31-12-2022
Geprognotiseerde balans per 31-12-2023
98.610 27.800
65.740 13.900
Vaste activa Investeringen • Huisvesting • ICT
131.480 41.700
13
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM Balans 31-12-2021 (vóór resultaatbestemming)
Geprognotiseerde balans 31-12-2022
Geprognotiseerde balans per 31-12-2023
Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa
92.324 0 690.973
50.000 0 684.243
50.000 0 549.243
Totaal activa
956.477
860.653
678.883
Geprognotiseerde balans 31-12-2022
Geprognotiseerde balans per 31-12-2023
Balans 31-12-2021 (vóór resultaatbestemming)
Eigen vermogen Algemene reserve
436.992
349.243
349.243
Reserve huisvesting
131.480
98.610
65.740
Reserve ICT
41.700
27.800
13.900
Reserve symposium
30.000
0
0
0
135.000
0
62.251
0
0
0
0
0
254.055
250.000
250.000
956.477
860.653
678.883
Waardevol bestuur Reserve zesjaarlijkse afrekening Nog te bestemmen Vaste schulden Vlottende schulden Kortlopende schulden en overlopende passiva Totaal passiva
Hierna volgt een toelichting op verschillende balansposten. Vaste activa De investeringen in huisvesting betreffen de verbouw- en inrichtingskosten in het pand Weesperstraat 105A, 6e verdieping. De investeringen worden in overeenstemming met de contractduur van de huurovereenkomst afgeschreven. Het jaarlijkse afschrijvingsbedrag is daardoor € 32.870. In 2018 en 2019 is geïnvesteerd in hard- en software voor een bedrag van € 69.500. Hierop wordt vanaf 2020 € 13.900 per jaar afgeschreven. Vlottende activa De verwachte vorderingen aan het eind van 2022 en 2023 betreffen de vorderingen op de deelnemende gemeenten in verband met door te belasten btw die verrekend kunnen worden met het btw-compensatiefonds.
14
RMA - BEGROTING 2023 De overlopende activa-post heeft grotendeels betrekking op de rekening-courantverhouding met de gemeente Amsterdam. Deze is ontstaan door de verplichting om liquide middelen bij het Rijk te stallen (het zogenaamde schatkistbankieren). Eigen vermogen Het verwachte verloop van het eigen vermogen is hieronder inzichtelijk gemaakt. De reserves worden daarna in het kort toegelicht.
Tabel 3.6 Verloopoverzicht reserves 31-12-2021
Begrote mutaties 2022
31-12-2022
Mutaties 2023
31-12-2023
484.243
-135.000
349.243
0
349.243
131.480
-32.870
98.610
-32.870
65.740
41.700
-13.900
27.800
-13.900
13.900
45.000
-45.000
0
0
0
0
135.000
135.000
-135.000
0
702.243
-91.770
610.653
-181.770
428.883
(ná resultaatbestemming)
Algemene reserve Bestemmingsreserves:
• Huisvesting • ICT • Symposium Beleidsvisie 2016-2022
• Zesjaarlijkse afrekening Totaal
Algemene reserve Met de vorming van de gemeenschappelijke regeling in 2010 heeft de RMA een financieel zelfstandige positie gekregen. Om de fluctuaties in de onderzoekskosten te kunnen opvangen, streeft de RMA naar een algemene reserve tussen de 10 en 15% van het jaarlijkse budget. Dit betekent een gewenste stand tussen de € 241.000 en € 362.000. Naar verwachting heeft de algemene reserve eind 2023 een stand van circa € 349.000. De huidige stand kan wel betekenen dat wij bij een omvangrijk verzoekonderzoek conform de afspraken in de gemeenschappelijke regeling een deel van de extra kosten in rekening moeten brengen bij de betreffende gemeente. Reserve huisvesting De RMA heeft een bestemmingsreserve huisvesting voor de financiering van de jaarlijkse afschrijvingskosten van de initiële en aanvullende investeringen in de huisvesting. Jaarlijks wordt daarom € 32.870 aan deze reserve onttrokken. Reserve ICT In 2019 en 2020 heeft de RMA voor de dekking van de kapitaalslasten van ICTinvesteringen een reserve gevormd van € 69.500. ICT-investeringen worden in vijf jaar
15
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM afgeschreven. Dit betekent dat jaarlijks € 13.900 aan deze reserve wordt onttrokken ten gunste van de exploitatie. Reserve symposium Waardevol bestuur Ter afsluiting van de bestuurs- en beleidsperiode 2016-2022 van de rekenkamer is begin 2022 een symposium georganiseerd. Voor de dekking van de materiële kosten voor het symposium, is bij de tweede begrotingswijziging 2021 een bestemmingsreserve van € 30.000 gevormd. Met de resultaatbestemming 2021 is hier € 15.000 aan toegevoegd. In 2022 zal het volledige bedrag (€ 45.000) aan de reserve worden onttrokken om de gemaakte kosten voor het symposium te dekken. Reserve Zesjaarlijkse afrekening Voor de zesjaarlijkse afrekening is ten laste van de algemene reserve een bestemmingsreserve gevormd van € 135.000. De bestemmingsreserve geeft de mogelijkheid om extra onderzoeksinspanningen te leveren. Bij de eindafrekening zal ook het financieel resultaat 2022 én de onderzoeksinspanningen 2022 worden betrokken. Eind 2022 zal, afhankelijk van het jaarresultaat 2022, meer of minder dan € 135.000 beschikbaar zijn om met de deelnemende gemeenten te verrekenen. Voorzieningen Er zijn geen bijzondere uitgaven gepland of omstandigheden bekend waarvoor voorzieningen moeten worden getroffen. Vaste schulden De RMA heeft geen langlopende leningen.
Het beleid is om voor de financiering van investeringen bestemmingsreserves te vormen. Kortlopende schulden en overlopende passiva De kortlopende schulden aan het eind van het jaar hebben grotendeels betrekking op de per 31 december nog te betalen personeels- en ondersteuningskosten aan de gemeente Amsterdam. Meerjarenramingen In deze paragraaf zijn de meerjarenramingen van de balansen en exploitaties van de RMA opgenomen. De ramingen zijn voorzien van een korte toelichting.
Tabel 3.7 Meerjarenraming balansen RMA per 31 december in duizenden euro’s 2023
2024
2025
2026
Activa Vaste activa Investeringen huisvesting en ICT
80
33
0
0
50 0 549
50 0 549
50 0 549
50 0 549
Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen Overlopende activa
16
RMA - BEGROTING 2023
2023 Totaal activa
2024
2025
2026
679
632
599
599
Algemene reserve
349
349
349
349
Bestemmingsreserves
80
33
0
0
0
0
0
0
overlopende passiva
250
250
250
250
Totaal passiva
679
632
599
599
Passiva Eigen vermogen
huisvesting en ICT Vaste schulden Vlottende schulden Kortlopende schulden/
Het beleid van de RMA is om een algemene reserve aan te houden tussen de 10 en 15% van de jaarlijkse gemeentelijke bijdragen. Hierdoor kunnen schommelingen in het uitgavenniveau zelf worden opvangen. De begrote stand eind 2023 bedraagt € 349.243 (14,5%). Verder heeft de RMA als beleid om investeringen met eigen middelen te financieren. Dit doet zij door bestemmingsreserves te vormen. De jaarlijkse afschrijvingskosten worden met deze reserves gedekt.
Tabel 3.8 Meerjarenraming exploitatie RMA in duizenden euro’s 2023
2024
2025
2026
2.412,9
2.412,9
2.412,9
2.412,9
Taakveld 0.1 Bestuur
1.784,1
1.784,1
1.784,1
1.784,1
Taakveld 0.4 Overhead
663,6
663,6
663,6
663,6
Onvoorzien
12,0
12,0
12,0
12,0
2.459,7
2.459,7
2.459,7
2.459,7
Baten Taakveld 0. Bestuur en ondersteuning Lasten
Totale lasten
17
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM Saldo van baten en lasten
-46,8
-46,8
-46,8
-46,8
Mutaties reserves
46.8
46.8
46.8
46.8
0
0
0
0
Resultaat
Korte toelichting op de meerjarenraming exploitatie RMA De bedragen zijn gebaseerd op een geschat prijspeil 2023 zoals bij het opstellen van de begroting is voorzien (indexering van 1,5% ten opzichte van de Begroting 2022j). Incidentele baten en lasten Vanaf het jaar 2023 zijn in de meerjarenraming geen incidentele baten of lasten voorzien. Jaarlijks wordt bij het opstellen van de jaarbegrotingen bezien of er aanleiding is incidentele posten te begroten. Structurele onttrekkingen aan reserves De mutaties reserves hebben betrekking op onttrekkingen aan de bestemmingsreserves huisvesting en ICT. Deze onttrekkingen dienen om de afschrijvingslasten te dekken. In 2023 wordt hiervoor € 46.770 aan de betreffende reserves onttrokken. In 2022 is nog sprake van een incidentele onttrekking aan de bestemmingsreserve van € 45.000 ter dekking van het symposium Waardevol bestuur. Ontwikkeling EMU-saldo Het EMU-saldo is het - gerealiseerde onderscheidenlijk geraamde - saldo van de ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis overeenkomstig de voorschriften van het BBV. Het verloop van het EMU-saldo voor de RMA is samengevat in onderstaande tabel. Alleen de posten die voor de RMA van toepassing zijn, zijn in de tabel opgenomen.
Tabel 3.9 - EMU-saldo per einde jaar (€ 1.000)
Exploitatie vóór
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Meerjarenraming 2024
Meerjarenraming 2025
Meerjarenraming 2026
105,5
-91,8
-46,8
-46,8
-32,9
0
46,8
46,8
46,8
46,8
32,9
0
-26,9
0
0
0
0
0
(na eerste wijziging)
mutaties reserves Afschrijvingen tlv exploitatie Investeringen in (im-)materiële activa
j De baten zijn in de meerjarenraming constant gehouden en verder niet jaarlijks geïndexeerd.
18
RMA - BEGROTING 2023 EMU-Saldo
125,4
-45,0
0
0
0
0
In 2021 is er een positief EMU-saldo van € 125.351. Dit is hoofdzakelijk een gevolg van een gerealiseerd positief saldo van baten en lasten vanwege lagere personeelskosten dan begroot. Daarnaast zijn in 2021 investeringsuitgaven geweest voor huisvesting van € 26.850. Het begrote negatieve EMU-saldo 2022 van € 45.000 heeft betrekking op de begrote materiele kosten voor het symposium Waardevol bestuur. Deze uitgaven worden gedekt met de eerder hiervoor gevormde bestemmingsreserve. Vanaf 2023 wordt er een EMU-saldo verwacht van € 0. Dit komt omdat de afschrijvingskosten (= geen uitgaven) worden gedekt door onttrekkingen aan bestemmingsreserves (= geen inkomsten). Vanaf 2026 worden er geen afschrijvingskosten meer begroot, omdat de activa dan volledig afgeschreven zijn.
4 Eerste begrotingswijziging 2022 De oorspronkelijke Begroting 2022 is na de ontvangst van de zienswijzen van de gemeenteraden Amsterdam, Zaanstad en Weesp op 14 juli 2021 door de bestuurder/directeur van de RMA vastgesteld. Vanwege diverse redenen is er aanleiding om de Begroting 2022 te actualiseren. De begrotingswijzigingen zijn een gevolg van:
• Resultaatbestemming 2021 • Vormen bestemmingsreserve zesjaarlijkse afrekening • Bijstellen van begrote lasten 2022 In paragraaf 4.1 lichten we de begrotingswijzigingen toe. Paragraaf 4.2 laat het effect zien van de begrotingswijzigingen op de programmabegroting 2022 en het verloop van de reservepositie in 2022.
4.1 Toelichting eerste begrotingswijziging 2022 Resultaatbestemming 2021 De Jaarrekening 2021 laat een positief resultaat zien van € 62.251. Besloten is om een deel van dit saldo toe te voegen aan de reserve symposium Waardevol bestuur (€ 15.000) en het restant van het jaarresultaat toe te voegen aan de algemene reserve (€ 47.251). Toelichting op de toevoeging van € 15.000 aan de bestemmingsreserve Symposium Waardevol bestuur Ter afsluiting van de bestuurs- en beleidsperiode 2016-2022 van de RMA is begin 2022 een symposium georganiseerd. Door de geldende coronamaatregelen ten tijde van het symposium zijn de kosten hoger geworden dan eerder verwacht. Een nieuwe kostenschatting van de materiële lasten maakt het nodig om € 15.000 aanvullend toe te voegen aan de
19
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM bestemmingsreserve Symposium Waardevol bestuur. Zie ook de toelichting bij Bijstellen van begrote lasten 2021. Toelichting op de toevoeging van € 47.251 aan de algemene reserve De algemene reserve is in het leven geroepen om schommelingen tussen de jaarlijkse onderzoeksuitgaven te kunnen opvangen. Indien er in een jaar een tekort ontstaat vanwege extra onderzoeksinspanningen, kan dat tekort uit deze reserve worden gedekt. Door € 47.251 toe te voegen aan de algemene reserve komt deze uit op circa € 484.243 oftewel circa 20,8% van de jaarlijkse bijdragen. Er is in overleg met de accountant een richtlijn voor een bovengrens van de algemene reserve vastgesteld van circa 15% van de jaarlijkse gemeentelijke bijdragen. 20,8% is dus aan de hoge kant. Na overleg met het Overlegorgaan RMA is besloten om het surplus te bestemmen voor de uitgestelde 6 jaarlijkse afrekening met de gemeenten (zie toelichting hierna). Vormen bestemmingsreserve zesjaarlijkse afrekening In de gemeenschappelijke regeling is geregeld dat de raden van de deelnemende gemeenten voor een periode van zes jaar hun jaarlijkse bijdrage aan de rekenkamer vaststellen. De huidige afspraak loopt tot en met het kalenderjaar 2021. Na afloop van de zes jaren maakt de rekenkamer een voorstel voor een eindafrekening met de gemeenten.
Hierbij besteedt zij aandacht aan de gewenste startreserve voor de nieuwe periode. Daarnaast vindt een verrekening plaats voor meer- of minder geleverde onderzoeksinspanningen in verhouding tot de ontvangen financiële bijdragen. Ten minste twaalf maanden voor afloop van de zesjaarsperiode stellen de raden opnieuw de jaarlijkse bijdrage vast. Gelet op het vertrek van de bestuurder/directeur van de rekenkamer per 1 maart 2022 en het aantreden van een nieuwe bestuurder/directeur, heeft het presidium van Amsterdam, in overleg met betrokken raadsleden uit Zaanstad, besloten de huidige bijdragen nog voor één jaar te baseren op de bijdragen van de voorgaande jaren. In het Overlegorgaan RMA is besproken dat de periode van afrekening om die reden ook met een jaar wordt verlengd. Het presidium van Amsterdam wil dat op basis van een toekomstvisie voor de Rekenkamer een zesjarenbegroting wordt opgesteld. Gelet op een gewenste startreserve voor de algemene reserve voor de nieuwe periode van 15% van de jaarlijkse bijdrage is er eind 2021 een surplus in de algemene reserve aanwezig van circa € 135.000. Dit bedrag wordt gestort in de bestemmingsreserve zesjaarlijkse afrekening. De bestemmingsreserve geeft de mogelijkheid om in 2022 extra onderzoeksinspanningen te leveren. Bij de eindafrekening zal ook het financieel resultaat 2022 én de onderzoeksinspanningen 2022 worden betrokken.
Gelet op dat de afgelopen 6 jaar er onderbesteding in uren in Zaanstad is geweest, zal er naar worden gestreefd om in ieder geval in 2022 daar extra onderzoeksinspanningen te leveren. Bijstelling van begrote lasten 2022 De overige materiële lasten in de oorspronkelijke Begroting 2022 (van juli 2021) worden
20
RMA - BEGROTING 2023 verhoogd met € 30.000. De actualisatie van de begrote lasten kan als volgt worden toegelicht: a. Anders dan begroot, zijn er in 2021 geen facturen ontvangen en betaald voor het symposium Waardevol Bestuur dat op 28 januari 2022 is georganiseerd. Alle facturen zijn ontvangen en betaald in 2022. De voor 2021 begrote kosten van € 15.000 komen derhalve ten laste van 2022. Deze kosten worden gedekt uit de reserve, die daarvoor is gevormd; b. De materiële kosten van het symposium zijn € 15.000 hoger uitgevallen dan oorspronkelijk begroot. Dit komt voornamelijk door de kosten voor de benodigde voorzieningen om het symposium digitaal te kunnen verzorgen vanwege corona. Ook zijn er extra kosten gemaakt voor de afscheidsbijeenkomst van de bestuurder/directeur per 1 maart 2022 omdat die eveneens vanwege corona niet kon worden gecombineerd met het symposium.
4.2 Resumé eerste begrotingswijzing 2022 Programmabegroting De door te voeren begrotingswijzigingen laten zich als volgt samenvatten.
Tabel 4.1 – Overzicht begroting 2022 vóór en na de begrotingswijziging. Oorspronkelijke begroting 2022
Eerste begrotingswijziging 2022
Begroting 2022, na eerste begrotingswijziging
Bijdrage Amsterdam
2.138.790
0
2.138.790
Bijdrage Zaanstad
217.360
0
217.360
Bijdrage Weesp
21.110
0
21.110
2.377.260
0
2.377.260
1.952.760
0
1.952.760
Overige personeelslasten
25.000
0
25.000
Huisvestingslasten
201.000
0
201.000
ICT-kosten
108.000
0
108.000
Publicatiekosten
21.000
0
21.000
Overige materiële kosten
72.500
30.000
102.500
Kapitaallasten
46.770
0
46.770
Onvoorzien
12.000
0
12.000
2.439.030
30.000
2.469.030
Baten
Totaal baten Lasten Personeelslasten
Totaal lasten
21
REKENKAMER METROPOOL AMSTERDAM
Oorspronkelijke begroting 2022
Eerste begrotingswijziging 2022
Begroting 2022, na eerste begrotingswijziging
Saldo van baten en lasten
-61.770
-30.000
-91.770
Onttrekkingen bestemmingsreserves
61.770
30.000
91.770
Toevoegingen bestemmingsreserves
0
-135.000
-135.000
Onttrekking algemene reserve
0
135.000
135.000
Toevoegingen algemene reserve
0
0
0
Begroot resultaat 2022
0
0
0
Begroting reserves RMA 2022 De eerste begrotingswijziging heeft effect op de reservepositie van de RMA. Het verloop van de reserves in 2022 kan als volgt worden samengevat.
Tabel 4.2 – Overzicht verloop reserves in 2022 31-12-2021 Stand vóór
Stand vóór 1e
begroting
resultaat-
begrotings-
2022
bestemming
Algemene reserve
31-12-2022
Mutaties
436.992
wijziging
0
436.992
31-12-2022
Mutaties 1e
Stand ná 1e
begrotings-
begrotings-
wijziging 2022
wijziging
47.251(1)
349.243
-135.000(2) Subtotaal
436.992
0
436.992
-87.749
349.243
• Huisvesting
131.480
-32.870
98.610
0
98.610
• ICT
41.700
-13.900
27.800
0
27.800
• Symposium
30.000
-15.000
15.000
15.000(3)
0
Bestemmingsreserves:
-30.000(4)
Waardevol bestuur
0
0
0
135.000(5)
135.000
Subtotaal
203.180
-61.770
141.410
120.000
261.410
Totaal
640.172
-61.770
578.402
32.251
610.653
• Zesjaarlijkse afrekening
(1) (Het restant van het) positief financieel resultaat 2021 is via resultaatbestemming rechtstreeks toegevoegd aan de algemene reserve. (2) Onttrekking om bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening te vormen. (3) (Een deel van het) positief financieel resultaat 2021 is via resultaatbestemming gebruikt om de bestemmingsreserve symposium Waardevol bestuur aan te vullen.
22
RMA - BEGROTING 2023 Met deze reserve worden de materiële kosten voor organiseren van het symposium gedekt. (4) Onttrekking aan bestemmingsreserve symposium Waardevol bestuur om hogere materiële kosten te dekken voor het organiseren van het symposium. (5) Storting ten laste van de algemene reserve om bestemmingsreserve Zesjaarlijkse afrekening te vormen. Zie ook punt 2.
23