CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage B Notitie Aanscherping Fietsbeleid 2021-2022 (1)

Raadscommissie Mobiliteit, Luchtkwaliteit, Water (MLW) 4 februari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: 12 Kennisnemen van de evaluatie van het Meerjarenplan Fiets en de aanscherping van het ?etsbeleid Nr. VN2021-0027089.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

V&OR / Kennis en Kaders / Programma Fiets

Aanscherping Fietsbeleid

2021-2022 Aanscherping Meerjarenplan Fiets en Fietsbeleid

2

Inhoudsopgave Samenvatting evaluatie en aanscherping meerjarenplan en fietsbeleid .......................... 5 1.

Inleiding ............................................................................................................. 9

2.

Evaluatie en aanscherping MJP Fiets................................................................... 11

3.

Onderzoek versterken fietscultuur...................................................................... 16

4.

Onderzoek fietsdiefstalpreventie ....................................................................... 19

5.

Evaluatie Kader Fietsparkeren ............................................................................ 21

6.

Financiën Meerjarenplan Fiets 2018 – 2022 .......................................................... 23

Maatregelentabel .................................................................................................... 29

3

4

Samenvatting evaluatie en aanscherping meerjarenplan en fietsbeleid 8 november 2017 is de gemeenteraad akkoord gegaan met het Meerjarenplan Fiets 2017 – 2022. Dit plan vormt de basis om gericht actie te ondernemen op de knelpunten en uitdagingen op het gebied van fiets in de hoofdstad. De uitvoering van dit plan is ondergebracht bij het Programma Fiets, met nieuwe doelen, nieuwe maatregelen en ambities op een breder scala aan onderwerpen voortbouwend op de goede ervaringen met het vorige meerjarenplan. In zomer en najaar 2020, op de helft van de uitvoeringsperiode 2018 – 2022 is een tussentijdse evaluatie uitgevoerd naar voortgang van het programma en het Meerjarenplan Fiets. Naar aanleiding van deze evaluatie is gekeken waar het meerjarenplan voor de komende 2 jaar kan worden aangescherpt. Hierbij zijn nog 3 actuele onderwerpen meegenomen: ■ ■

■

Het Kader Fietsparkeren (vastgesteld in 2015) is aan het einde van zijn looptijd. Dit is geactualiseerd en aangescherpt. Bij vaststelling van de Agenda Autoluw is door de Raad gevraagd een voorstel uit te werken ten behoeve van het verbeteren van de ‘fietscultuur’ onder Amsterdamse gezinnen die weinig tot niet fietsen. Naar aanleiding van het Rekenkameronderzoek naar Fietsdiefstalbestrijding wordt een aanscherping en uitbreiding van de aanpak hiervan voorgesteld.

5

Conclusies evaluatie Meerjarenplan Fiets Het Meerjarenplan Fiets 2017 - 2018 (MJPF) heeft drie pijlers: Comfortabel Doorfietsen, Gemakkelijk Fietsparkeren en Het Nieuwe Fietsen. Over het algemeen wordt geconcludeerd dat het Programma Fiets goede voortgang boekt als het gaat om het uitvoeren van de maatregelen uit het MJPF. De uitvoering ligt over het algemeen goed op schema. Wel zijn er verschillen tussen de pijlers als het gaat om de voortgang.

De voortgang van de infrastructuuropgave, waar de pijler Comfortabel doorfietsen verantwoordelijk voor is, ligt over het algemeen op schema. Bij de meeste grotere herinrichtingsprojecten en gebiedsontwikkelingen is het Programma tijdig en naar tevredenheid betrokken, al is extra inzet gewenst om de aansluiting te optimaliseren. Een aandachtspunt voor de realisatie van verbeteringen door herinrichtingen is de grote afhankelijkheid van actoren en processen (zoals tijdvensters) buiten het Programma.

De pijler Gemakkelijk fietsparkeren pakt de uitvoering van de maatregelen voortvarend op. Er zijn goede routines ontwikkeld om samen met de stadsdelen en andere stakeholders knelpunten gericht aan te pakken. Ook neemt de parkeerdruk op hotspots af. Over de hele linie zullen de maatregelen grotendeels gerealiseerd zijn aan het eind van de programmaperiode.

De pijler Het nieuwe fietsen, gericht op het nieuwe thema gedrag, kende een vertraagde start, mede door het grote palet aan onderwerpen en maatregelen (fietsstimulering, fietsgedrag, innovatie en kennisdeling). De pijler heeft een overkoepelende visie ontwikkeld maar dit heeft enige tijd geduurd. Niettemin wordt verwacht dat de meeste maatregelen grotendeels gerealiseerd zijn in 2022.

Naast de conclusies per pijler, zijn er nog enkele algemene conclusies ten aanzien van de uitvoering van de maatregelen uit het MJPF. Meerdere maatregelen zijn niet smart geformuleerd en kennen een open invulling. Dit maakt het lastig om uitspraken te doen over de mate van voortgang en effectiviteit van de maatregelen. Tegelijk biedt de open formulering van deze maatregelen het Programma ruimte om deze naar eigen inzichten in te vullen, gebaseerd op eigen creativiteit, voortschrijdend inzicht en kansen die zich op het moment voordoen. Dit lukt bij de ene maatregel beter dan bij de andere.

6

Aandachtspunten Er is een aantal belangrijke aandachtspunten voor het behalen van de doelstellingen uit het MJPF. Voor enkele maatregelen geldt dat het programma Fiets erg afhankelijk is van andere factoren. Zowel intern zijn er uitdagingen, met de vele modaliteiten en uitvoeringsprogramma’s die wensen hebben voor de openbare ruimte en daarin te werk willen gaan. En ook extern, zo blijft het aantal fietsers toenemen wat leidt tot een blijvende druk op de infrastructuur en fietsvoorzieningen. Tot slot zien we dat Corona zowel positieve effecten heeft op de maatregelen (op het vlak van infrastructuur zijn enkele projecten sneller uitgevoerd omdat het zo rustig was in de stad) als ook een vertragend effect als we kijken naar pilots en metingen (met name kijkend naar het Nieuwe Fietsen).

Voorgestelde aanscherping Meerjarenplan Fiets Op basis van de conclusies van de evaluatie wordt de volgende aanscherping per pijler voorgesteld:

Voor de maatregel ‘slimme maatregelen voor nieuwe ruimteverdeling’ geldt dat deze te weinig budget kent om op serieuze schaal zelfstandige projecten vanuit het programma te kunnen trekken. Het budget voor deze maatregel kan veel efficiënter worden ingezet door aan te sluiten bij lopende herinrichtingen (maatregel 1) en gebiedsontwikkelingen (maatregel 15). Hierdoor blijft er ook budget over om in te zetten op fietsvriendelijke kruisingen en naar steviger inzet uitrol groennet, en zelfs voor een deel naar overige pijlers.

Ook hier wordt de komende twee jaar nog intensievere aansluiting gezocht bij gebiedsontwikkeling en herinrichting om het effect hiervan zo groot mogelijk te maken. Daarnaast wordt ingezet op het ontwikkelen van een hernieuwde visie op parkeermogelijkheden bij OV-knooppunten in de stad. € 1,6 mln. besparing door efficiëntere organisatie en uitvoering handhaving fietsparkeren wordt ingezet voor het stadsbreed verbeteren van fietsparkeervoorzieningen stadsbreed, juist ook buiten de ring. Ook worden extra parkeervoorzieningen voor scooters gerealiseerd op de hotspots

Er wordt meer focus in de pijler aangebracht. O.a. door te werken aan een integrale gedragsaanpak rondom de Fiets/OV-binnenring, sterkere coördinatie op verschillende maatregelen fietsstimulering en ondersteuning van lokale initiatieven, focus op fietsparkeergedrag, routekeuzebeïnvloeding en verkeersveiligheid (i.s.m. Programma Verkeersveiligheid). Daarnaast wordt geïnvesteerd in het intensiever boekstaven van geleerde lessen en in kennisdeling. O.a. d.m.v. een online platform dat samen met publieksevenementen (komende tijd ook online) ook wordt ingezet voor ophalen input van de Amsterdammer.

7

Daarnaast worden ook de volgende nieuwe maatregelen toegevoegd aan het MJPF: ■ ■

Hotspotaanpak op twee specifieke locaties tegen fietsdiefstal Gecoördineerde aanpak gericht op het vergroten van de fietscultuur door inzet op fietsvaardigheden, toegang tot de fiets en fietsimago.

Met de wijzigingen van het MJPF en andere uitvoeringskaders is de inzet ook de komende twee jaar toekomstbestendig en kan het Programma Fiets samen met haar partners mooie resultaten neerzetten. Vanaf volgend jaar wordt gewerkt aan de opvolgers van het huidige meerjarenplan en het kader fietsparkeren zodat we ook na 2022 vol in kunnen blijven zetten op fiets. Voor alle wijzigingen in het maatregelenpakket van het MJP Fiets, met uitzondering van de maatregelen om de fietscultuur te versterken, is financiële dekking binnen het budget van het Programma Fiets (de wijzigingen zijn budgetneutraal). De maatregel ‘Fietscultuur’ is begroot op €650.000 voor het schooljaar 2021/2022. Dekking hiervoor komt uit het budget beschikbaar voor de uitvoering van de Agenda Autoluw.

8

1. Inleiding

Gemeente Amsterdam voert al vele jaren een ambitieus fietsbeleid. Gekomen vanaf grote fietsprotestacties op het Museumplein in de jaren ’70 van de vorige eeuw, ligt er in de 21e eeuw elke vijf jaar een ambitieus nieuw gemeentelijk fietsbeleidsplan. Dankzij technologische ontwikkelingen en maatschappelijke verandering zien we het verkeer en vervoer veranderen. Nieuwe concepten als Mobility as a Service (MaaS), deelmobiliteit, Light Electric Vehicle’s (LEVs), mobiliteitshubs en autoluw hebben een impact op het stedelijke en regionale vervoerssysteem. De fiets blijft hierbinnen ook in de toekomst van fundamenteel belang voor Amsterdam om haar ambities waar te maken. Want een stad waar de fiets de boventoon voert is veilig, gezond, inclusief, schoon en goed bereikbaar. Ook de afgelopen jaren heeft Amsterdam met de uitvoering van het Meerjarenplan Fiets 20172022 (MJPF) grote stappen gezet om een fietsvriendelijke stad te blijven in een steeds drukker wordende stad. Het MJP Fiets richt zich op drie pijlers, te weten Comfortabel Doorfietsen, Gemakkelijk Fietsparkeren en het Nieuwe Fietsen. De grootste investering wordt gedaan in het verbeteren van bestaande fietsroutes, de aanleg van nieuwe routes en het beter verbinden van de verschillende delen van de stad.

Je fiets parkeren is, mede dankzij het in gebruik nemen van grote nieuwe fietsparkeergarages zoals op het Beursplein, steeds beter geregeld. Daarnaast is er aandacht voor het nieuwe fietsen om meer fietsen op de fiets te krijgen en het gedrag van fietsers te veranderen.

Evaluatie en aanscherping Er zijn meerdere aanleidingen om de inspanningen van de gemeente voor de fiets te evalueren en waar nodig aan te scherpen: ■

■ ■

Het MJP Fiets is over de helft van haar looptijd (uitvoeringsperiode 2018 – 2022). De 54 maatregelen zijn uitgevoerd of in uitvoering. We maken de balans op en sturen de uitvoering bij waar nodig. Het Kader Fietsparkeren (vastgesteld in 2015) is aan het einde van zijn looptijd. Ook hiervoor is het tijd om te evalueren en aan te scherpen. Naar aanleiding van o.a. de Agenda Autoluw is een aantal moties aangenomen en toezeggingen gedaan die betrekking hebben op het fietsbeleid.

Het MJPF heeft een looptijd tot en met 2022. In 2022 zal naar verwachting een meerjarenplan voor de jaren 2022 en verder ter vaststelling worden aangeboden. De aanpassingen die met deze notitie worden beoogd hebben als doel onze huidige inspanningen beter te matchen aan nieuwe inzichten, ontwikkelingen en ambities. Het is dus niet een geheel nieuw meerjarenplan of fietsbeleid.

9

Leeswijzer De bijlagen bevatten vier onderzoeken naar verschillende aspecten van het huidige fietsbeleid. A. B. C. D.

Rapport Bureau Goudappel Coffeng Evaluatie en Aanscherping MJP Fiets Onderzoek versterken fietscultuur Onderzoek fietsdiefstalpreventie Actualisatie Kader Fietsparkeren

In dit document presenteren we beknopt de conclusies en aanbevelingen uit de onderzoeken en beschrijven we hoe die leiden tot: ■ ■

Een aanscherping van het MJP Fiets door het toevoegen, schrappen of wijzigen van maatregelen. Concrete wijzigingen die betrekking hebben op andere onderdelen van beleid en uitvoering

Hoofdstukken 2 t/m 5 gaan in op de afzonderlijke onderwerpen en onderzoeken. Hoofdstuk 6 gaat in op de financiële gevolgen van de voorgestelde aanscherping en maakt inzichtelijk hoe dit zich verhoudt tot de oorspronkelijke programmabegroting per maatregel.

10

2. Evaluatie en aanscherping MJP Fiets Bureau Goudappel Coffeng heeft in opdracht van het college een evaluatie uitgevoerd van het MJP Fiets 2017-2022 (Bijlage A). Deze evaluatie is bedoeld om te peilen in welke mate de activiteiten uit het plan op koers liggen wat betreft de ambities uit het plan. Tevens zijn bestaande maatregelen tegen het licht gehouden en is bepaald welke maatregelen, gegeven de huidige omstandigheden, het meest kansrijk zijn om nader op in te zetten en welke dat in mindere mate zijn. Hierbij is ook aandacht besteed te worden aan externe trends en ontwikkelingen, die kunnen bijdragen aan de doelstellingen van het MJPF of daar juist afbreuk aan doen. In 2017 is het MJPF vastgesteld en is het Programma Fiets gestart met de uitvoering van alle 54 geformuleerde maatregelen hieruit. De uitvoering van de maatregelen is belegd bij 3 pijlers, namelijk Comfortabel Doorfietsen (infrastructuur), Gemakkelijk Fietsparkeren (fietsparkeren) en Het Nieuwe Fietsen (gedrag). Het Programma Fiets boekt goede voortgang als het gaat om het uitvoeren van de maatregelen uit het MJPF en ligt over het algemeen goed op schema. Wel zijn er verschillen tussen de pijlers als het gaat om de voortgang.

Algemene conclusies Naast de conclusies per pijler, zijn er nog enkele algemene conclusies ten aanzien van de uitvoering van de maatregelen uit het MJPF. Sommige maatregelen zijn in het MJPF niet ‘SMART’ genoeg geformuleerd en kennen een open invulling. Deze maatregelen zijn geformuleerd als het doen van onderzoek en verkenningen, het uitvoeren van experimenten en pilots, en het inspelen op kansen. Dit maakt het lastig om uitspraken te doen over de mate van voortgang en effectiviteit van de maatregelen. Tegelijk biedt de open formulering van deze maatregelen het Programma ruimte om deze naar eigen inzichten in te vullen, gebaseerd op eigen creativiteit, voortschrijdend inzicht en kansen die zich op het moment voordoen. Die ruimte wordt door de pijlers Gemakkelijk Fietsparkeren, en Comfortabel Doorfietsen succesvol opgepakt. Bij met name de pijler Het Nieuwe Fietsen heeft het daarentegen ook veel inspanning gekost om invulling te geven aan, en daarmee van start te kunnen gaan met, deze open maatregelen. Anderzijds zijn diverse maatregelen ‘afgebakend’ geformuleerd, bijvoorbeeld door een specifieke locatie te benoemen. Om vanuit het programma te kunnen inspelen op kansen en ontwikkelingen, kunnen dergelijke maatregelen met een bredere opdracht tot veel meer resultaat leiden. Daar waar het programma kansen ziet binnen de huidige doelstellingen wordt dit ook opgepakt.

11

Belangrijkste conclusies per pijler

De voortgang van de infrastructuuropgave, waar de pijler Comfortabel Doorfietsen verantwoordelijk voor is, ligt over het algemeen op schema. Bij de meeste grotere herinrichtingsprojecten en gebiedsontwikkelingen is het Programma tijdig en naar tevredenheid betrokken, al is extra inzet gewenst om de aansluiting te optimaliseren. Een aandachtspunt voor de realisatie van verbeteringen door herinrichtingen is de grote afhankelijkheid van actoren, projecten elders zijn belegd en worden gefinancierd en processen (zoals tijdvensters voor de uitvoering) zich buiten de invloed van het Programma begeven . Infrastructurele projecten zijn vaak complex. Onder andere realisatie van nieuwe verbindingen en het Groennet kent vertraging, mede vanwege de lange doorlooptijd. Realisatie van de Tweede fietsring (maatregel 9, icoonproject) op korte termijn is niet voorzien. Eerst zal daar het autoverkeer fors moeten afnemen.

Uit de evaluatie blijkt dat de pijler Gemakkelijk Fietsparkeren de uitvoering van de maatregelen voortvarend oppakt. Er zijn goede routines ontwikkeld om samen met de stadsdelen en andere stakeholders knelpunten gericht aan te pakken. De pijler werkt met enthousiasme aan nieuwe innovatieve fietsparkeerconcepten, wat ook daadwerkelijk op belangrijke hotspots een nettere openbare ruimte oplevert. Ook neemt de parkeerdruk op hotspots af. Het rapportcijfer over de kwaliteit van fietsparkeren is tussen 2016 en 2019 met 1,0 punt toegenomen, van 5,7 naar 6,7. Deze concepten lijken omgevingsbewust parkeren te stimuleren en dragen ook bij aan de zichtbaarheid van de gemeente in het actief adresseren van de fietsparkeerproblematiek in de stad. Over de hele linie zullen de maatregelen grotendeels gerealiseerd zijn aan het eind van de programmaperiode.

De pijler Het Nieuwe Fietsen, gericht op de thema’s gedrag en innovatie, kende een vertraagde start. De pijler heeft inmiddels een overkoepelende visie ontwikkeld op het belang van het veraangenamen van de fietsrit in het beïnvloeden van de fietstevredenheid, maar dit heeft enige tijd geduurd. Naast de lastige beginfase van de pijler, zijn belangrijke oorzaken de beperkte capaciteit binnen de pijler en de gefragmenteerde set aan (deel)maatregelen, waardoor het lastig is om focus aan te brengen in de activiteiten van de pijler. Niettemin verwacht de pijler de meeste maatregelen grotendeels gerealiseerd te hebben in 2022. Wat betreft de voortgang op de doelindicatoren ligt ‘Het aandeel fietsverplaatsingen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost’ inmiddels op de streefwaarde. Het ‘Fietstevredenheidscijfer’ laat nog geen significante verbetering te zien. Het blijkt dat zulke generieke indicatoren zich moeilijk door lokale, kleinschalige maatregelen laat beïnvloeden. De Ping if you Care-pilot is een succes geweest voor het programma. Het heeft een significante rol gespeeld in het inzichtelijk maken van knelpunten, helpen prioriteren van maatregelen en bijdragen aan de zichtbaarheid van het Programma. 12

Aandachtspunten Er is een aantal aandachtspunten voor het behalen van de doelstellingen uit het MJPF: ■ ■ ■

■ ■

■

Er is grote afhankelijkheid van andere partijen in het realiseren van met name de grote infrastructurele maatregelen; De belangen van het programma botsen soms met andere belangen (andere modaliteiten, wensen openbare ruimte, andere uitvoeringsprogramma’s); De mogelijkheden voor het creëren van extra ruimte voor de fiets in de stad zijn beperkt; en het aantal ‘tijdsvensters’ voor werken in de openbare ruimte zoals afgegeven door Stadsregie is beperkt; Het aantal fietsers blijft toenemen. Dat zorgt voor blijvende druk op de infrastructuur en fietsparkeervoorzieningen; COVID-19 zorgt voor onzekerheid bij toekomstige uitvoering OV-stallingen (o.a. door betrokkenheid NS en ProRail) en mogelijk voor vertraging bij de uitvoering van maatregelen MJP Fiets (o.a. pilots en metingen). Omschreven aanscherping en inzet gaan uit van beschikbaar blijven huidige middelen Programma Fiets en fietsstimulering, en beschikbaarheid uitvoeringscapaciteit. Beiden zijn, zeker in het licht van recente ontwikkelingen, niet zeker.

Aanscherping Fiets: benutten kansen Agenda Autoluw In de afgelopen tijd heeft de gemeenteraad meermalen uitgesproken dat de fiets in een autoluwe stad een belangrijke rol heeft en goed gefaciliteerd moet worden. Andersom is de reductie van het autoverkeer een belangrijke voorwaarde om meer ruimte voor de fiets te maken. Door de uitvoering van de maatregelen in de Agenda Autoluw ontstaat meer leefruimte en schonere lucht. Meer ruimte voor fietsers, voetgangers en het openbaar vervoer. Daarbij ontstaan dus concrete kansen om de ambities uit het MJP Fiets dichterbij te brengen. Hieronder geven we voorbeelden van hoe de kansen kunnen worden benut die de Agenda Autoluw voor het fietsbeleid biedt, met daarbij hoe en waar meer ruimte voor de fiets gewonnen wordt.

Concreet gaat het om onder meer de volgende kansen: ■ De circulatiemaatregelen uit de Agenda Autoluw bieden de mogelijkheid om op termijn de tweede fietsring Ceintuurbaan – Bilderdijkstraat in te richten als fietsstraat. Daarvoor is eerst reductie van het autoverkeer nodig en vervolgens biedt het opheffen van parkeerplaatsen ruimte voor royalere infrastructuur en meer fietsparkeervoorzieningen. ■

Bij de Agenda Autoluw is een bijlage meegestuurd over de afwegingen m.b.t. fietsinfrastructuur, waarin we ook ingaan op breedtes en intensiteiten bij de aanleg van fietsstraten. Deze inrichtingsprincipes worden meegenomen in nieuwe herinrichtingen.

■

Herinrichtingsprojecten bieden de kans om routes op het Plusnet Fiets te verbeteren. Dit speelt bijvoorbeeld bij de Kostverlorenvaart en de Geldersekade.

Kortom: Zodra er minder autoverkeer in de stad is als gevolg van de uitvoering van de Agenda Autoluw is er steeds meer ruimte beschikbaar voor de fiets in de stad. De grote effecten van de Agenda Autoluw moeten nog wel zichtbaar worden in de openbare ruimte. Er is dus niet meteen sprake van extra ruimte voor de fiets.

13

Aanpassingen en aanscherpingen in het MJP Fiets 2017-2022 Naar aanleiding van de evaluatie van maatregelen wordt het MJP Fiets aangepast. De veranderingen vallen grofweg uiteen in de volgende categorieën: 1. Aanpassingen om maatregelen te concretiseren die in 2017 nog niet voldoende ‘SMART’ geformuleerd konden worden. 2. Aanpassingen om (de scope van) maatregelen te verbreden zodat zij een groter effect kunnen hebben. 3. Daarnaast geldt voor een aantal maatregelen van het programma dat zij geïntensiveerd of afgeschaald worden. Achteraan dit stuk is een maatregelentabel opgenomen. Van de 54 maatregel handhaven we 44 van de 54 maatregelen, schrappen we drie maatregelen en gaan we op 7 maatregelen de inspanningen intensiveren. Tevens worden er in totaal zes nieuwe maatregelen toegevoegd aan het MJP Fiets.

Aanscherping per pijler Per pijler wordt op de volgende manier invulling gegeven aan de aanscherping naar aanleiding van de evaluatie:

Concreet zal het MJPF zich de aankomende twee jaar voor wat betreft deze pijler nog intensiever richten op de aansluiting bij de al lopende projecten en de gebiedsontwikkeling. Voor de maatregel ‘slimme maatregelen voor nieuwe ruimteverdeling’ geldt dat deze te weinig budget kent om op serieuze schaal zelfstandige projecten vanuit het programma te kunnen trekken. Het budget voor deze maatregel kan veel efficiënter worden ingezet door aan te sluiten bij lopende herinrichtingen (maatregel 1) en gebiedsontwikkelingen (maatregel 15). Hierdoor blijft er ook budget over om in te zetten op vooral fietsvriendelijke kruisingen en op extra inzet op uitrol van het Groennet.

Ook bij deze pijler wordt de komende jaren nog intensievere aansluiting gezocht bij gebiedsontwikkeling en herinrichting, waardoor meer effect wordt bereikt. Daarnaast wordt ingezet op onderzoek en het ontwikkelen van een hernieuwde stadsbrede visie op de parkeermogelijkheden bij OV-knooppunten, niet alleen die bij treinstations. Hierbij wordt ook de grote afhankelijkheid van partners (NS, ProRail, VRA) en de onduidelijkheid over welke (financiële) gevolgen COVID-19 heeft voor o.a. de huidige partners en daarmee voortgang van de huidig geplande OV-stallingen Het budget dat overblijft vanwege de centralisatie en efficiëntere uitvoering van de handhaving (1,6 miljoen), zal worden ingezet voor het verbeteren van fietsparkeervoorzieningen stadsbreed, juist ook buiten de ring. Handhaving kan immers pas plaatsvinden als er ook fietsparkeervoorzieningen zijn. Tevens zetten we in op gratis aanbieden van het fietsparkeren waar dat niet kan op straat (zogenaamde aanwijsgebieden als de Rode Loper) in de binnenstadsstallingen voor bewoners in de directe omgeving en zetten we sterker in op verbeteren van de toegankelijkheid van fietsenstallingen voor mensen met een fysieke beperking. Daar waar dat niet mogelijk is, leggen we voorzieningen aan in de openbare ruimte. Ook realiseren 14

we extra parkeervoorzieningen voor scooters de aankomende jaren rondom de hotspots fiets- en scooterparkeren.

Er wordt meer focus in de pijler aangebracht. O.a. door te werken aan een integrale gedragsaanpak rondom de fiets/OV-binnenring en door sterkere coördinatie op verschillende maatregelen fietsstimulering (zie ook paragraaf 3) waaronder ondersteuning van lokale initiatieven. Monitoring en mogelijke doorontwikkeling/doorzetten van de maatregelen maakt hier ook onderdeel van uit. Verdere pilots, onderzoek en uitrol maatregelen om het gedrag van de fietser te beïnvloeden worden gecentreerd rondom fietsparkeergedrag, routekeuzebeïnvloeding en verkeersveiligheid (i.s.m. Programma Verkeersveiligheid). Daarnaast wordt geïnvesteerd in het intensiever boekstaven van geleerde lessen en in kennisdeling. Onder meer door middel van een online platform dat samen met publieksevenementen (komende tijd ook online) ook wordt ingezet voor het ophalen van input van de Amsterdammer. Een geactualiseerde meerjarenbegroting tot aan eind van de looptijd van het MJPF is opgenomen in paragraaf 6. Hierin wordt ook per maatregel inzichtelijk gemaakt hoe deze zich verhoudt tot de oorspronkelijke raming van het Meerjarenplan Fiets 2017 – 2022.

15

3. Onderzoek versterken fietscultuur

Achtergrond Bij de vaststelling van de Agenda Autoluw is een motie (Vroege, 90) aangenomen, waarmee de maatregel om kinderen op woensdagmiddag en in het weekend gratis met OV te laten reizen is geschrapt. In plaats daarvan is het college opgeroepen op een voorstel uit te werken ten behoeve van het verbeteren van de ‘fietscultuur’ onder Amsterdamse gezinnen die weinig tot niet fietsen. Het voorstel in bijlage B geeft invulling aan deze motie. De fiets hoort bij Amsterdam en bij de Amsterdammers. Toch zijn er in Amsterdam, vergeleken met de rest van Nederland, relatief veel bewoners die weinig of niet fietsen. Met name in de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost wordt minder snel de fiets gepakt dan in overige stadsdelen en wordt vaker gebruik gemaakt van auto of OV. Een sterke fietscultuur is afhankelijk van drie aspecten: fietsvaardigheden, toegang tot de fiets en een positief fietsimago. De huidige aanpak ‘fietsstimulering’ van de gemeente richt zich vooral op fietsvaardigheden, bijvoorbeeld door middel van verkeerseducatie op de basisschool. Om de aanpak te intensiveren en effectiever te maken is het belangrijk om ook de toegang tot de fiets en het fietsimago te verbeteren.

Daarnaast kan het effect van de inzet op fietsvaardigheden waarschijnlijk groter worden als de ouders van de kinderen daar nauw bij betrokken worden (en daarmee dus de fietscultuur in het hele gezin te stimuleren).

Aanpak: 1. Fietsgebruik verhogen onder kinderen en jongeren We gaan inzetten op het verhogen van fietsgebruik onder kinderen en jongeren. Een eerste ervaring hiermee hebben we opgedaan als maatregel in de coronacrisis. VO-scholieren in Amsterdam hebben 2-4 maanden gratis een (swap)fiets gekregen met als doel de druk op het OV te verlichten. 81 leerlingen hebben hiervan gebruik gemaakt. Uit onderzoek kwam naar voren dat de maatregel effectief was, maar de potentie nog niet benut. De 81 deelnemers aan het project (die voorheen niet of nauwelijks fietsten) zijn positief over hun fiets, fietsen meer dan eerder en geven aan ook na afloop van het project te willen blijven fietsen. Daarbij zien ze de fiets als goed alternatief voor het openbaar vervoer. Echter de vraag naar (gratis) fietsen bleef ver achter bij het aanbod. Hiervoor zijn drie verklaringen. Allereerst is er door een groep potentiële deelnemers tijdens de aanloop van het project al een alternatieve oplossing gevonden voor het OV, bijvoorbeeld een geleende fiets of ouders die ze met de auto afzetten bij school. Voor een andere groep geldt dat de leenvoorwaarden (en dan met name het eigen risico bij diefstal of beschadigingen) afschrikwekkend hebben gewerkt. Een derde verklaring is dat voor de doelgroep fietsen geen vanzelfsprekendheid is.

Voor deze doelgroep geldt dat een eenmalig aanbod niet voldoende is om hen te bewegen tot deze gedragsverandering.

16

Bij het uitvoeren van deze maatregel zetten we de volgende stappen: ■

■

■

Onderzoek naar fietsbezit (nul-meting) onder de doelgroep. Daarbij onderzoeken we ook expliciet de vraag hoe we de fietsen het beste ter beschikking kunnen stellen. Zodat er enerzijds geen afschrikwekkende huur- of leenvoorwaarden zijn maar anderzijds wél een verantwoordelijkheidsgevoel ontstaat voor de fietsen. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek besluiten we hoe de gemeente in het schooljaar 2021-2022 zo effectief mogelijk fietsen ter beschikking stelt aan Amsterdamse kinderen en jongeren. Hierbij wordt gezocht naar een manier om fietsen in bruikleen ter beschikking te stellen met uitzicht/mogelijkheid eigenaar van de fiets te worden. Gedurende de looptijd monitoren we de effecten zodat we de aanpak verder kunnen optimaliseren en bij succes opschalen.

Benodigd budget voor schooljaar 2021/2022: ■ Onderzoek: €20.000 ■ Ter beschikking stellen fietsen: €100.000 Met dit budget kunnen we naar verwachting rond de 750 kinderen van een fiets voorzien.

2. Ouder en kind centraal bij verkeerseducatie De verkeerseducatie die nu al stadsbreed wordt aangeboden richt zich op kinderen en niet op hun ouders / gezinnen, terwijl die een belangrijke rol hebben in het vergroten van het fietsgebruik door kinderen. Een gedeelte van de ouders is huiverig om hun kinderen met de fiets op pad te sturen omdat ze zélf angst ervaren om per fiets deel te nemen aan het verkeer. Door op scholen in te zetten op de fietsvaardigheid van het kind én de ouders kan deze angst verkleind worden. Ter uitvoering van deze maatregel wordt er een lespakket samengesteld voor ouder én kind voor het schooljaar 2021/2022. Dit staat in eerste instantie los van het reguliere verkeerseducatieprogramma. Na het schooljaar zal deze maatregel geëvalueerd worden, en bij effectiviteit mogelijk ingebed worden in het reguliere pakket verkeerseducatie. Benodigd budget voor schooljaar 2021/2022: ■ Lespakket: €330.000 Daarmee kunnen we 2000 kinderen uit Nieuw-West, Noord en Zuidoost en hun gezinnen bereiken.

3. Fietsimago verbeteren Het imago van de fiets is in de stadsdelen Noord, Zuidoost en Nieuw-West minder positief dan de auto of het OV. Velen zijn niet overtuigd van de grote voordelen van fietsen (gezond, goedkoop en betrouwbaar). Een communicatieaanpak, uitgerold via het bestaande scholennetwerk vanuit verkeerseducatie, kan ouders en leerlingen op een motiverende manier stimuleren om vaker de fiets te nemen en om een OV-abonnement te heroverwegen en zorgt ervoor dat fietsen structureel op de agenda blijft staan en niet slechts tijdens een bepaalde periode. Het aanbod wordt op maat gemaakt per school/buurt en geeft handelingsperspectief aan de kinderen waarom het juist voor hen goed is om te fietsen en sluit nauw aan op de doelgroep. Na het schooljaar 2021/2022 wordt deze maatregel geëvalueerd. Benodigd budget voor schooljaar 2021/2022: ■ Campagne: €30.000

17

Hiermee kunnen we 100 scholen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost bereiken.

4. Projecten van stadsdelen en scholen De stadsdelen en scholen zijn belangrijk bij de aanpak om de fietscultuur te stimuleren. Zij hebben nu al vele kleine initiatieven om de fietscultuur te stimuleren. En hebben een fijnmazig netwerk waarmee de doelgroep, kinderen en gezinnen in Nieuw-West, Noord en Zuidoost, goed bereikt kan worden. Naast de drie nieuwe maatregelen stellen we een budget beschikbaar om aan te sluiten op de initiatieven die er al zijn, met name vanuit Aanpak Gezond Gewicht en de acties gericht op gezinnen in ontwikkelbuurten. We gaan inzetten in het ondersteunen van stadsdelen, koppelen bestaande initiatieven en schalen succesvolle initiatieven op. Benodigd budget voor schooljaar 2021/2022: ■ Aansluiting bestaande initiatieven: €85.000,Dit budget komt bovenop al gereserveerd budget van het Programma Fiets ter ondersteuning van lokale initiatieven.

Uitvoering en budget De maatregelen worden als nieuwe maatregelen opgenomen in het MJP Fiets. De uitvoering wordt belegd bij het Programma Fiets in nauwe samenwerking met de directie Sport & Bos (afdeling sportstimulering) en de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost. Ten behoeve van de uitvoering wordt een centrale coördinator aangesteld. De organisatiekosten voor de uitvoer van de maatregelen is €85.000 (inclusief monitoring en evaluatie). Daarmee is het totale benodigde budget voor het schooljaar 2021/2022 €650.000. Financiële dekking voor deze maatregelen komt uit de middelen beschikbaar voor de uitvoering van de Agenda Autoluw.

18

4. Onderzoek fietsdiefstalpreventie

Achtergrond Amsterdam zet zich in voor de fietser en een fietsvriendelijke stad. Fietsdiefstalbestrijding maakt daar deel van uit. De probleemomvang van fietsdiefstal is niet betrouwbaar in kaart te brengen, omdat er sprake is van een beperkte aangiftebereidheid. In Amsterdam gaf in 2019 56% van de respondenten uit onderzoek aan bereid te zijn tot aangifte. De landelijke aangiftebereidheid ligt echter veel lager, namelijk 25%. Uit analyse van landelijke aangiftecijfers blijkt dat Amsterdam de zevende plek inneemt in de lijst van de gemeenten met de meeste aangiften tegen fietsdiefstallen. De Rekenkamer heeft na onderzoek geconcludeerd dat de gemeente te weinig inzicht heeft of de huidige maatregelen bijdragen aan het verminderen van het aantal fietsdiefstallen en ook niet in de kosten. Daarop heeft zij een aantal aanbevelingen gedaan, die door middel van het onderzoek en de voorgestelde aanpak in bijlage C worden opgevolgd.

Huidige aanpak fietsdiefstalpreventie Op dit moment zet de gemeente in op drie maatregelen ter bestrijding van fietsdiefstal: 1. Controle door het fietsdepot: gestolen fietsen worden terugbezorgd bij de eigenaar 2. Graveren van fietsen: de kennis over zelf te nemen preventiemaatregelen wordt vergoot en tevens mogelijk ook de aangiftebereidheid. 3. De registercontrole: voorkomt heling. De effectiviteit van deze maatregelen is moeilijk meetbaar. Dit komt deels door de beperkte aangiftebereidheid. We constateren in het onderzoek wel dat het aannemelijk is dat de maatregelen een positief effect hebben (gehad) op de preventie van fietsdiefstal.

Aanpassingen en verbeteringen in de aanpak Het onderzoek geeft aanleiding om de huidige aanpak effectiever te maken en om een enkele nieuwe maatregel toe te voegen aan het MJP Fiets.

Nieuwe maatregel in het MJP Fiets: hotspotaanpak tegen fietsdiefstal Uit het onderzoek is gebleken dat fietsdiefstal op enkele hotspots relatief zeer vaak voorkomt: de stationsgebieden en rondom de universiteitscampus Roeterseiland. We gaan daarom een pilot uitvoeren op campus Roeterseiland en bij het Centraal Station. Deze pilots bestaan uit een combinatie van heldere communicatie over fietsdiefstal in het gebied en (extra) inzet van het graveerteam op deze specifieke locaties. ■

Budget: €17.000

19

Onderzoek: GPS tracking gestolen fietsen We weten ongeveer waar in de stad vaak fietsen worden gestolen. Wat er vervolgens met die gestolen fietsen gebeurt is nauwelijks zichtbaar. Om meer inzicht te krijgen in het fietsdiefstalcircuit zal een onderzoek met GPS-tracking worden uitgevoerd door het AMS Institute. Gechipte fietsen worden verspreid over de stad zodat zij gestolen kunnen worden. Vervolgens worden zij langdurig gevolgd zodat we een veel beter inzicht krijgen in deze (onder)wereld. Met de uitkomsten kan de gemeente hopelijk, samen met de politie, fietsdiefstal beter aanpakken. ■

Budget: €20.000

Evalueren van de aanpak We constateren dat we onvoldoende inzicht hebben in de effectiviteit van de aanpak tegen fietsdiefstal. De komende periode de aanpak daarom beter gemonitord. In een volgende versie van het MJP Fiets (in 2022) wordt op basis van gedegen informatie over (de effectiviteit van) de aanpak een nieuw voorstel geformuleerd voor fietsdiefstalpreventie.

Uitvoering en budget De maatregelen worden als nieuwe maatregelen opgenomen in het MJP Fiets. Dekking voor het budget wordt gevonden in de huidige budgetten voor beleid en programma Fiets.

20

5. Evaluatie Kader Fietsparkeren

Achtergrond In het Kader Fietsparkeren (vastgesteld in 2015) zijn de doelstellingen van het fietsparkeerbeleid opgenomen en de kaders waarbinnen de uitvoering daarvan plaatsvindt. Het kader is daarmee van belang voor de tweede pijler van het MJP Fiets ‘Gemakkelijk Fietsparkeren’ maar ook voor doorlopende processen zoals de realisatie van fietsparkeervoorzieningen, de handhaving en het beheer van fietsenstallingen. Het huidige beleidskader dateert uit 2015 en er is gekeken in het licht van de huidige trends en ontwikkelingen of dit beleidskader geactualiseerd dient te worden. Uit onderzoek is gebleken dat het huidige beleid succes heeft. ■ Het aantal buiten geparkeerde fietsen in Amsterdam is niet toegenomen, ondanks dat er steeds meer gefietst wordt. ■ Door handhaving en extra fietsparkeervoorzieningen is er minder drukte in de rekken en zijn er minder ongebruikte fietsen op straat. In 2019 zijn in heel Amsterdam bijna 100.000 fietsen van straat gehaald. Tweederde daarvan omdat ze niet actief gebruikt werden en ongeveer een derde omdat ze fout geparkeerd stonden. ■ Het aantal inpandige fietsenstallingen is de afgelopen jaren fors toegenomen en er zijn fietsparkeerplekken van straat verplaatst naar stallingen. De inpandige capaciteit van openbare fietsenstallingen is in de afgelopen periode (2015-2019) verdubbeld van 15.000 in 2015 tot 30.000 in 2019.

Er is dan ook geen aanleiding om de hoofdlijnen van het beleid te veranderen. Uitgangspunt blijft het beter benutten van bestaande fietsparkeervoorzieningen en bijbouwen waar nodig. Ook op de verschillende deelonderwerpen worden er geen grote beleidswijzigingen voorgesteld. Wel bleek de afgelopen periode de behoefte om bepaalde onderdelen van het beleid te verduidelijken en aan te scherpen. Daarnaast geeft de evaluatie aanleiding om een aantal maatregelen toe te voegen aan het MJP Fiets en aanpassingen te doen op het Kader Fietsparkeren.

Nieuwe Maatregelen in het MJP Fiets De evaluatie geeft aanleiding om drie nieuwe maatregelen te formuleren en op te nemen in het MJP Fiets. 1. Realisatie Fietsparkeervoorzieningen voor verschillende gebruikers De gemeente verbetert de toegankelijkheid fietsenstallingen voor mensen met een fysieke beperking en daar waar dat niet mogelijk is, legt de gemeente voorzieningen aan in de openbare ruimte. 2. Realisatie parkeervoorzieningen voor scooters De gemeente faciliteert het parkeren van (elektrische) scooters in de openbare ruimte of in gebouwde voorzieningen. Uitgangspunt daarbij is dat scooterplekken in beginsel niet gunstiger gelegen ten opzichte van de bestemmingslocaties dan de reguliere fietsparkeervoorzieningen.

21

3. De gemeentelijke fietsenstallingen zijn openbaar toegankelijk, maar waren in de praktijk nooit gericht op gebruik door bewoners. Met de komst van grote fietsenstallingen met ruime openingstijden in gebieden met een fietsparkeerverbod buiten de voorzieningen verandert die focus. De gemeente zorgt voor een aanbod waarmee de gemeentelijke fietsenstallingen aantrekkelijker worden voor bewoners in gebieden met een parkeerverbod.

Aanpassingen in het ‘Kader Fietsparkeren’ De evaluatie van het Kader Fietsparkeren leidt veder tot de volgende aanpassingen: ■

■

■

■

Aanpassing van de streefwaarde voor het kunnen bepalen van voldoende beschikbare fietsparkeerplaatsen. De maximale bezetting van 85% blijft de norm, maar het is belangrijk veel lokaler te beoordelen wat de bezetting is. Beleid is succesvol als in 90% van de straten (of straatdelen) in een gebied de norm wordt gehaald, bij meer dan 100 aaneengesloten fietsplaatsen is de norm een maximale bezetting van 90%; bij fietsenstallingen met een HBF-systeem 95%. Opnemen van een nieuwe indicator voor het voorkomen van onveilige en hinderlijke situaties, namelijk de fietsparkeerdruk buiten de voorzieningen. Hier was nog geen streefwaarde voor opgenomen. Aanpassing van het gebied waar een maximale parkeerduur van twee weken ingesteld kan worden. Dit zal alleen voor de OV knooppunten (NS-stations en Noord) gelden. De toevoeging in het huidige beleid “en andere drukke gebieden” is te vaag en ongewenst vanuit het oogpunt van uniformiteit en begrijpelijkheid. Instelling van de fietsparkeerverboden zullen alleen nog mogelijk zijn onder bepaalde voorwaarden. Door de toenemende drukte in de stad wordt in steeds meer gebieden een parkeerverbod ingesteld voor het parkeren van fietsen buiten de voorzieningen. Met de maatregel moet terughoudend worden omgegaan omdat er niet altijd voldoende alternatieven zijn voor de fietsparkeerder en het vraagt om intensieve handhaving.

Voorstel is het huidig Kader Fietsparkeren te verlengen t/m 2022. Vanaf 2023 wordt het hele fietsbeleid (MJP Fiets + Kader Fietsparkeren) geactualiseerd en vernieuwd.

Budget Dekking voor het budget wordt gevonden in de huidige budgetten voor beleid en programma Fiets.

22

6. Financiën Meerjarenplan Fiets 2018 – 2022 Voorgestelde inzet middelen 2020 – 2022 en vergelijking met originele raming MJP Fiets Inzicht in financiën over hele programmaperiode 2018 -2022 Met het vaststellen van Meerjarenplan Fiets in november 2017 werd ook de conceptbegroting vastgesteld. Concept omdat veel maatregelen nog moesten uitgewerkt, en omdat bij het programma de doelen leidend zijn, en het programma zelf, zoals aangegeven, adaptief. Het Programma Fiets legt vier keer per jaar intern verantwoording af over inzet van de middelen en eenmaal per jaar aan de raad in de jaarrekening. Zolang de doelen in zicht blijven, de belangrijkste maatregelen overeind, en het past binnen het beschikbare totaalbudget kunnen middelen anders worden ingezet dan in de originele raming. Deze midterm evaluatie is een belangrijk moment om de raad een gedetailleerder inzicht te geven in de ontwikkeling van de financiën en haar akkoord te vragen voor de verwachte inzet van resterende middelen t/m 2022.Hiervoor is de raming bijgesteld op basis van werkelijk gemaakte kosten, de evaluatie en daarop voorgestelde aanscherping van het MJP Fiets. Om inzicht te geven wordt hieronder per maatregel aangegeven hoe de originele raming er in 2017 uitzag voor de hele programmaperiode en hoe die er nu uitziet voor diezelfde hele programmaperiode. Dit is de periode 2018 – 2022.

Met de uitvoering van het huidige MJP is in 2018 begonnen, na vaststelling van het plan in eind 2017. In de originele begroting zijn destijds ook middelen voor 2017 opgenomen maar deze waren niet gekoppeld aan het maatregelenpakket uit het huidige meerjarenplan. Deze waren nodig om het meerjarenplan 2012 – 2016 af te ronden en om de programmaorganisatie voor de nieuwe periode op te zetten en zijn verantwoord in de jaarrekening 2017. Voor de jaren 2018 – 2022 werd in de originele raming uitgegaan van een benodigd bedrag van € 44,4 mln. euro. Waarvan € 30 mln. ten laste van het SMF. Per maatregel wordt aangegeven welk deel gerealiseerd is in de jaren 2018 en 2019 en welk deel verwacht nog gerealiseerd moet worden in de jaren 2020 – 2022. Omdat de cijfers voor 2020 nog niet definitief zijn is hiervoor gebruik gemaakt van verwachte kosten op basis van de realisatie in september dit jaar. Tevens zijn enkele nieuwe maatregelen in de raming opgenomen corresponderend met het voorstel voor aanscherping. Uiteindelijk komt de geactualiseerde raming inclusief nieuwe maatregelen uit op € 44 mln.

Dekking en uitgaven De geactualiseerde raming voor de jaren 2020 wordt gedekt uit al gereserveerde middelen SMF voor programma fiets en verwachte bijdragen derden. Realisatie van de maatregelen is in hoge mate afhankelijk van de blijvende beschikbaarheid van deze middelen t/m 2022. Er is vooralsnog geen rekening gehouden met mogelijke bezuinigingen op het programmabudget. Met het vaststellen van het MJP Fiets in 2017 is ook de bijdrage uit het SMF voor de jaren 2018 – 2022 vastgesteld. Naast deze reservering werd en wordt een substantiële bijdrage van derden voorzien. Dit zijn voornamelijk bijdragen op infra en stallingen van de Vervoerregio Amsterdam. Daarnaast worden nog bijdragen verwacht uit een tweetal Europese bronnen: Het Handshake project waarin Amsterdam participeert en een CEF Subsidie op innovatie in fietsenstallingen. In de overzichten hieronder zijn deze samengevat in ‘bijdragen derden’.

23

In de jaren 2018 en 2019 is in totaal € 11,1 mln. uitgegeven. Hiervan kwam ruim € 9 mln. ten laste van het SMF en ruim € 2mln ten laste van bijdragen derden. In totaal is in deze jaren € 0,37 mln. vrijgevallen op basis van geactualiseerde ramingen. Voor de jaren 2020 – 2022 is in het SMF totaal nog € 20,7 mln. gereserveerd voor Programma Fiets. Bedragen zijn in miljoenen euro’s en afgerond op twee decimalen. Een enkele keer betekent dit dat in het overzicht de (verwachte)raming op nul uitkomt terwijl er wel (relatief kleine) bedragen op geboekt zijn. Ook betekent een raming van nul euro niet dat maatregelen niet zijn of worden uitgevoerd. Vooral in de pijler Gemakkelijk Fietsparkeren is dit terug te zien. Alhoewel maatregelen apart zijn benoemd (o.a. Gebiedsaanpak, Bike and Walk, Fietsen staan op de juiste plek, etc.) is destijds in de begroting alleen budget opgenomen voor maatregel 30 ‘Meer fietsparkeerplekken in de openbare ruimte’. Dit budget is voldoende voor de overige maatregelen en deze zijn dan ook hierop geboekt.

Uitgavenritme en doorschuiven middelen We verwachten een stijgende lijn in de jaarlijkse uitgaven. Dit is in lijn met de programmatische aanpak, de programmaontwikkeling en organisatie van het programma. 2017 en 2018 stonden nog voor een belangrijk deel in het teken van opzetten van de programmaorganisatie, en het selecteren en programmeren van maatregelen. Daarnaast worden in deze aanscherping ook enkele nieuwe maatregelen voorgesteld waarvan de uitvoering pas volgend jaar zal starten. In 2018 bedroegen de uitgaven € 3,74 mln., in 2019 € 7,3 mln. Verwachte uitgaven voor 2020 zijn nu geraamd op ca € 9 mln. Omdat de middelen gereserveerd in het SMF gelijk verdeeld zijn over 5 jaar zijn nu ook steeds middelen doorgeschoven naar volgende jaren.

Overig ■

Garantstelling Lelylaan

In het kader van afspraken met het Rijk, NS en ProRail levert de gemeente Amsterdam een bijdrage van € 1,3 mln. aan de toekomstige fietsenstalling bij station Lelylaan. Intern ligt de verantwoordelijkheid voor dekking bij het project Lelylaan. Omdat deze dekking nog niet gevonden is, is afgesproken in de begroting van het Programma Fiets dit bedrag te reserveren bij wijze van garantstelling. Het project Lelylaan kent nog wel een inspanningsverplichting om elders dekking te vinden. ■

Programma Fietsparkeren Zuid en verplaatsing Fietsdepot

In 2019 is de integrale uitvoering van het Programma Fietsparkeren Zuid in het SMF (en organisatorisch) onder het Programma Fiets gebracht. In de jaarrekening wordt hier verantwoording over afgelegd. T.b.v. deze evaluatie is deze in dit overzicht nog niet meegenomen. Ook de (mogelijke) verplaatsing van het Fietsdepot wordt vanuit het programma Fiets geleid, de reeds gereserveerde middelen voor proces- en engineeringskosten zijn apart opgenomen in het SMF. Deze zijn daarom ook niet opgenomen in onderstaand overzicht. ■

Aanpak Fietscultuur

Voor de aanpak Fietscultuur (paragraaf 3) is naar verwachting € 650.000,- nodig. Dekking wordt gevonden in het budget van Agenda Autoluw. Deze is niet opgenomen in onderstaand overzicht. Dit gebeurt bij akkoord van de gemeenteraad met voorgestelde aanpak en budget.

24

25

26

27

28

Maatregelentabel Op basis van de evaluatie van het MJP Fiets (hoofdstuk 2) verandert een deel van de huidige 54 maatregelen: schrappen, intensiveren, afschalen of scope wijzigen. Op basis van de onderzoeken in hoofdstuk 3 t/m 5 voegen we 5 nieuwe maatregelen toe aan het MJP Fiets. Voorts zijn er diverse maatregelen die voor fiets belangrijk zijn, maar waarvan we voor de uitvoering afhankelijk zijn van andere projecten/programma’s dan Fiets. Het gaat hierbij om maatregel 9 (tweede fietsring), maatregel 33 (gebruik parkeerruimte), maatregel 35 (gebouwde stallingen) en maatregel 36 (fietsparkeeroplossingen bij grote OV-locaties). Voor elk van deze maatregelen geldt dat de voortgang ‘zo goed als mogelijk’ is, maar dat de mogelijkheden ook beperkt worden door deze afhankelijkheden. Programma Fiets onderhoudt zo nauw mogelijk contact met relevante andere programma’s binnen de gemeente (zoals Autoluw over 2e fietsring en over vervangen autoparkeerplekken door fietsparkeerplekken, deelmobiliteit over deelfietsen) en met externe partijen en overheden (zoals NS, ProRail, VRA en Rijk) rondom stationsontwikkelingen. Ook bij beslissingen rond nieuwe gebouwde stallingen is programma fiets nauw betrokken.

Het besluit om de stalling onder het Rembrandtplein niet door te zetten, is een goed voorbeeld van een besluit dat zorgt dat het sec voor ‘fiets’ moeilijker wordt om de doelen te halen, maar dat wel een besluit is waar we ook vanuit fietsbeleid achter staan. In onderstaande tabel staan de gewijzigde en de nieuwe maatregelen. Niet genoemde maatregelen worden onveranderd voortgezet.

Maatregel 1. Bredere routes bij herprofilering Bij onderhoud aan straten van het Plusnet Fiets komt in het ontwerp meer ruimte voor fietsers.

Stand van zaken Op veel herinrichtingsprojecten is het Programma goed aangehaakt, op een aantal niet zo goed. Met extra inzet kan dit beter. Verder werken aan zichtbaarheid is nodig.

2. Slimme maatregelen voor nieuwe ruimteverdeling We nemen maatregelen wanneer aanpassingen nodig zijn voordat regulier onderhoud plaatsvindt. Mogelijke maatregelen: fietsstraten, verbreden van fietsstroken, auto’s op de trambaan (alleen als dit past binnen de beleidskaders), pilot spitsfietsroutes.

Het uitvoeren van herinrichtingen buiten regulier onderhoud of reeds geplande herinrichtingen is erg tijdrovend en kostbaar. Met de huidige capaciteit en middelen vanuit het Programma is dit weinig kansrijk. Het is aan te bevelen om in plaats van deze maatregel extra in te zetten op maatregel 1.

29

Aanpassing Deels intensiveren, deels afschalen: het geraamde budget bij vaststelling van het MJP is niet voldoende om vanuit het programma financieel serieus bij te dragen aan fysieke verbetering. Wel worden deze aanpassingen vaak meegenomen in bestaande projecten en is winst te halen in het eerder aanhaken en mee ontwerpen. We verwachten minder financieel bij te dragen aan fysieke ingrepen maar maken binnen het programma meer uren vrij voor actief opzoeken en advisering van projecten en halen zo met minder geld meer effect. Schrappen: In de praktijk alleen haalbaar als onderdeel van herinrichting en dan valt het onder maatregel 1.

10. Oversteekbaarheid van de Stadshouderskade We verkennen de mogelijkheden om voor fietsers ruimte te winnen bij de fietsoversteken op de Stadhouderskade ter hoogte van het Vondelpark en het Rijksmuseum. Dit doen we zonder afbreuk te doen aan de Stadhouderskade als onderdeel van het Plusnet Auto.

15. Fietsbereikbaarheid gebieden Er zijn maatregelen nodig om de verschillende gebieden in de stad onderling beter met elkaar te verbinden. De focus ligt op de volgende gebieden: 15A SPRONG OVER HET IJ 15B ZUIDOOST 15C ZUIDAS 15D SPORTAS

De maatregel focust zich volgens het huidige MJPF op de oversteekbaarheid van de Stadshouderskade ter hoogte van het Vondelpark en het Rijksmuseum. Het is aan te bevelen om de scope van de maatregel uit te breiden en daarmee ook op andere locaties de mogelijkheden voor het verruimen van de oversteekbaarheid te verkennen. Dit is van belang om het gebruik van de beide fietsringen te stimuleren. Extra inzet op de opgaven 15A (Sprong over het IJ) en 15C (Zuidas) is gewenst. Deze lopen achter.

16. Aanleg nieuwe fietsverbindingen Met de groei van de stad en van het fietsgebruik is er steeds meer behoefte aan nieuwe verbindingen. In dit Meerjarenplan is tot en met 2022 budget gereserveerd voor uitbreiding met de twintig beste ‘kleine’ verbindingen uit de prioriteringstool (minder dan 500.000 euro).

Het aanleggen van nieuwe fietsverbindingen kent vertraging. Benodigde technische onderzoeken, weten regelgeving en maatschappelijke weerstand leiden tot lange planvormingsprocessen. Extra inzet is gewenst om de beoogde doelen met deze maatregel te realiseren.

17. Fietspaden asfalteren De ambitie is dat alle fietspaden in 2025 egaal – zonder kuilen en hindernissen – en comfortabel voor fietsers zijn. Uitgezonderd (delen van) routes op bijzondere plekken (Puccini) en beeldbepalende plekken (bijvoorbeeld UNESCO-gebied) worden fietspaden voorzien van (rood) asfalt. Er is budget opgenomen om tegelverharding op fietspaden te vervangen door asfalt. Met deze investering kunnen incidentele onderhoudswerkzaamheden worden voorkomen.

De maatregel is erg kosteneffectief en wordt voortvarend opgepakt. Met extra inzet kunnen kansen voor een versnelde uitvoering van de maatregel worden benut.

30

Scope wijzigen: Maatregel toepasbaar maken voor andere locaties.

Intensiveren en scope wijzigen: Deze maatregel wordt een zeer effectieve maatregel geacht met het oog op de doelen van het MJPF. De vier genoemde gebieden zijn in het MJP geformuleerd als afbakening. In de praktijk blijkt dat er kansen zijn om vanuit het programma fiets ook verbindingen naar andere ontwikkelgebieden ‘aan te jagen’. We haken vanaf nu als programma fiets vanuit deze maatregel ook aan bij bijvoorbeeld HavenStad en IJburg II. Inspanningen intensiveren t.o.v. huidige realisatie: Zeer effectieve maatregel. Het budget vanuit het programma werkt goed om mee te sturen op verbeteringen voor fiets binnen toch al geplande projecten. Daarnaast wordt een aantal nieuwe verbindingen vanuit programma fiets geïnitieerd. Uitvoering ná 2022 is onmogelijk omdat het programma geen geld na zijn looptijd kan toezeggen. Toch willen we alle projecten in de groslijst nalopen. Omdat de bijdragen vanuit (gebieds)projecten tot nu hoger blijken dan eerder verwacht denken we hier wel minder budget voor nodig te hebben. Inspanningen intensiveren t.o.v. huidige realisatie: Steeds nauwere samenwerking met (met name) de afdeling stedelijk beheer. Deze maatregel vraagt in principe geen herinrichting, waardoor de besluitvorming eenvoudiger is.

Het (initiële) prijsverschil tussen ‘tegels terugleggen’ en ‘asfalteren’ kan vaak door Programma Fiets worden toegevoegd aan het beschikbare onderhoudsbudget. Daarom verwachten we hier minder budget voor nodig te hebben.

21. Fietsparkeren Amsterdam kent een groeiend aantal gebieden met fietsparkeerknelpunten. In nauw overleg met bewoners en ondernemers komen we met een samenhangend pakket van maatregelen dat aansluit op de wensen uit de buurt en de verschillende knelpunten zoveel mogelijk verhelpt. 24. Handhaving ‘foutparkeerders’ We voorkomen onveilige en hinderlijke situaties door fietsen te verwijderen die op plekken staan waar dat verboden is.

Aanvankelijk bestond de scope uit een aantal gebieden binnen de ring. De aanpak is effectief. Ondertussen heeft in stadsdelen Noord, Zuidoost en Nieuw-West een inventarisatie plaatsgevonden naar knelpunten.

Scope wijzigen: knelpuntenaanpak ook buiten de Ring. De knelpunten worden momenteel verder uitgewerkt zodat vanaf begin 2021 de uitvoering kan plaatsvinden en de knelpunten in deze stadsdelen kunnen worden verlicht.

Inzet op optimaliseren in de samenwerkingsketen is gewenst.

Intensiveren t.o.v. huidige realisatie: met name om samenwerking in de keten te optimaliseren. De uitvoering gaat goed, maar aansturing ‘over de diensten heen’ kan beter. Dit kan voor het programma Fiets budgetneutraal.

26. Fietsers met een beperking kunnen vlak bij hun bestemming parkeren Op een aantal drukke plekken in de stad, zoals het Leidseplein, is fietsparkeren buiten de voorzieningen verboden. Dit betekent dat fietsers vaak een stukje moeten lopen. Voor mensen met een beperking kan dit betekenen dat bestemmingen op de fiets slechter bereikbaar zijn. Samen met belangenverenigingen onderzoeken we hoe we de binnenstad ook voor hen per fiets goed toegankelijk en bereikbaar kunnen houden. Op basis van deze verkenning nemen we maatregelen en voeren we pilots uit. 28: Betere vindbaarheid van fietsparkeerplekken Met goede bewegwijzering en een dynamisch verwijssysteem naar vrije plekken maken we beschikbare fietsparkeerplaatsen beter vindbaar. Bij verschillende stallingen (Mahlerplein, Paradiso) wordt ervaring opgedaan met het registreren van informatie over het gebruik van de fietsparkeerplekken (stallingsduur, vol/vrij). Daarnaast is een uitvraag gedaan voor een dynamisch verwijssysteem naar vrije fietsparkeerplaatsen, onder andere bij de treinstations Amsterdam Centraal en Zuid. Hierdoor kunnen fietsers al op de toegangswegen naar het station geïnformeerd worden over de beschikbaarheid van parkeerplaatsen.

Extra inzet op de toegankelijkheid van stallingen is gewenst

Intensiveren t.o.v. huidige realisatie: de gemeente verbetert de toegankelijkheid fietsenstallingen voor mensen met een fysieke beperking en daar waar dat niet mogelijk is, legt de gemeente voorzieningen aan in de openbare ruimte.

Een onderzoek naar de effectiviteit van deze geïmplementeerde bewegwijzering en verwijssystemen is wenselijk, en voorzien binnen het Programma. Het is aan te bevelen om dit onderzoek ook onderdeel van de maatregel te laten zijn.

Scopewijziging: Vóór uitvoering is behoefte aan een goede analyse en definitie van wat er nodig is. Het onderzoek daarnaar gaan we binnen het programma uitvoeren als maatregel.

31

31. Fietsparkeren integraal onderdeel van herinrichtingsprojecten Op diverse locaties in de stad worden straten heringericht. Hierbij worden voldoende fietsparkeerplekken opgenomen in het ontwerp.

46. Platform voor kennisdeling en innovatie De Vervoerregio Amsterdam en de gemeente Amsterdam stimuleren innovatie en kennisdeling door een platform hiervoor te faciliteren. Momenteel vervult CycleSpace deze rol, onder andere door de ontwikkeling van nieuwe producten gericht op fietsgemak en door bijeenkomsten met fietsers, ondernemers en experts gericht op kennisuitwisseling. De fietsburgemeester is het gezicht van dit initiatief.

47. Fietsvriendelijke maatregelen 47A Wachttijdmelders 47B Regensensor 47C Nieuwe parkeerstallingen krijgen moderne toepassingen, zoals vol/vrij-registratie en parkeerverwijssystemen. 47D In nieuwe en bestaande stallingen plaatsen we fietsreparatie zuilen. 47E We starten een pilot met fietspompen langs de fietsverbinding Zuidoost waar fietsers minder gemakkelijk toegang hebben tot een fietspomp. 49. Campagne: Het nieuwe fietsen De campagne Het nieuwe fietsen bestaat uit deelcampagnes om fietsers aan te zetten tot passend gedrag. Met de campagne Het nieuwe fietsen pakken we de grootste ergernissen van fietsers én niet-fietsers aan.

De aansluiting bij herinrichtingen en gebiedsontwikkelingen vanuit fietsparkeren is een quick win. Voor deze laatste periode wordt nog extra inzet gepleegd om de samenwerking met projectteams te intensiveren en nog eerder aan te haken in processen en benodigde aanpassingen te kunnen inbrengen Het Programma en het consortium dat het platform maakt boeken nog niet voldoende resultaat in het vullen van het ontwikkelde online platform met relevante data. Het platform wordt van groot belang geacht om data te ontsluiten, resultaten en ervaringen uit te wisselen binnen en buiten de organisatie, en om het imago van Amsterdam Fietsstad te bevorderen. Daarom is meer aandacht voor deze maatregel vanuit het Programma gewenst. Uitvoering loopt achter en verwacht rendement is gering. Vanuit de wens om meer focus in de activiteiten van de pijler Het Nieuwe Fietsen aan te brengen is het advies om inzet op deze maatregel te verminderen ten gunste van kansrijkere maatregelen.

Beter aanhaken bij herinrichtingen en gebiedsontwikkeling.

Intensiveren t.o.v. de huidige inspanning: er is veel (innovatieve) kennis en data opgebouwd bij de uitvoering van het MJP en die moeten we goed ontsluiten, zodat er een groter effect bereikt kan worden.

We gaan niet verder met genoemde maatregelen. Wel brengen we onder deze maatregel enkele andere werkzaamheden onder. M.n. bijdrage Startup-in-Residence, Next Gen Cycling onderzoek, VRI optimalisatie, aantrekkelijke routesfietstunnels. We brengen hier de focus aan op innovatie en routekeuze.

Er zijn reeds verschillende Intensiveren: Samen met beleid en initiatieven opgezet, deels in communicatie gaan we deze maatregel samenwerking met het concreter handen en voeten geven. O.a. Programma door toetsen en ontwikkelen integrale Verkeersveiligheid. De gedragsaanpak eerste fiets/OV-ring en initiatieven zijn echter routekeuzebeïnvloeding. gefragmenteerd. Een meer gestructureerde aanpak is nodig om meer opbrengst uit deze maatregel te genereren. NIEUW: Fietsparkeerfaciliteiten stadsbreed Gecoördineerde aanpak gebaseerd op de succesvolle fietsparkeerprincipes op de hotspots. Focus op drukke straten en pleinen buiten de ring A10. Vrijgekomen middelen door efficiëntere organisatie handhaving fietsparkeren door THOR kunnen hiervoor worden ingezet. NIEUW: Verbeteren Fietscultuur Gecoördineerde aanpak gericht op het vergroten van de fietscultuur door inzet op 55A fietsvaardigheden, 55B fietsgebruik en 55C fietsimago. Het budget van €650.000 wordt bekostigd vanuit Agenda Autoluw.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9693607/1