Bijlage 8 Gemeenteraad Voordracht.pdf
Tekst van het document
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
Portefeuille
Inclusie en Antidiscriminatiebeleid
Agendapunt
26
Datum besluit
21 november 2023 Onderwerp
Vaststellen van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026. De gemeenteraad van Amsterdam besluit
1. het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 vast te stellen waarin: 1. 2. 3. 4.
5.
6.
7. 8. 9.
Een nadere uitwerking van de doelstellingen en beleidsprioriteiten wordt gegeven van het visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden’; Inzicht wordt gegeven in de uitvoering in 2023 en 2024; De adviezen van de stadsdelen en stadsgebied Weesp zijn verwerkt; Een uitwerking van algemene uitgangspunten voor de gehele organisatie voor het ontwikkelen en uitvoeren van inclusief beleid in het kader van motie 419accent van de leden Ahmadi, Kabamba, Bouhassani, Lust, Bentoumya, Khan, Garmy inzake “Integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid” zijn ingevoegd (TA2022-001058). Motie 412 van de leden Garmy, Kabamba, Bons, Koyuncu, Benyoumya en Noordzij inzake “visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden” wordt afgedaan, waarin het college wordt verzocht om naast aandacht voor slachtoffers, ook aandacht voor de oorzaak van het probleem te hebben (TA2023-000750). Motie 401 van de leden Koyuncu, Garmy, Bakker, Kabamba, Bentoumya en Noordzij inzake “informeer statushouders over het MDRA” wordt afgedaan, waarin het college wordt verzocht om de mogelijkheden om discriminatie te melden extra onder de aandacht te brengen bij statushouders (TA2023-000757). De toezegging aan de raad: schrappen van zinnen uit visiedocument ‘Amsterdam een stad uit duizenden’ waar een polariserend karakter vanuit gaat (TA2023-000812), wordt afgedaan.
De toezegging aan de commissie FKD: Roma en Sinti meenemen in de uitwerking van het beleidskader (TA2023-000813) wordt afgedaan. De toezegging aan de commissie FKD: Overnemen aanbevelingen Rekenkameronderzoek ‘Indicatoren Discriminatie’(TA2023-001029) wordt afgedaan.
Wettelijke grondslag
Artikel 108 van de Gemeentewet Bestuurlijke achtergrond
• Visiedocument 'Amsterdam, een stad uit duizenden’ (vastgesteld tijdens de collegevergadering van 28 maart 2023), zet het college een eerste stap naar een meer samenhangend diversiteitsbeleid, waarmee een aanzet wordt gegeven voor de uitvoering van de motie van de leden Bentoumya, Lust, Bouhassani, Garmy, Kabamba, Khan en Ahmadi inzake de Begroting 2023. • Het visiedocument vormde de eerste fase van de uitwerking van het voorgenomen Antidiscriminatiebeleid, zoals verwoord in het coalitieakkoord 2022- 2026 (pag. 28 en 29).
Gegenereerd: v1.10
1
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
• Het beleidskader inclusie- en antidiscriminatiebeleid 2023-2026 (waarmee is ingestemd tijdens de collegevergadering van 21 november) is een uitwerking van het visiedocument met daarin een nadere uitwerking van de doelstellingen en beleidsprioriteiten. Onderbouwing besluit
Tijdens de raadsvergadering op 28 juni 2023 heeft u het visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden’ (bijlage 2) besproken. Deze visie beschrijft dat Amsterdam een stad uit duizenden is, waar iedereen zichzelf zou moeten kunnen zijn. Helaas is dat nog niet voor iedereen het geval. Zoals geschetst in het ‘Amsterdams Akkoord 2022-2026’ is het bestrijden van discriminatie en racisme en het bevorderen van de emancipatie van groepen die worden gediscrimineerd een prioriteit van dit college. Het college wil dat Amsterdam een vrije stad is, waar iedereen zich thuis voelt en niemand te maken krijgt met uitsluiting, discriminatie of racisme, waar iedereen ertoe doet en volwaardig mee kan doen ongeacht gender, leeftijd, geloof, culturele identiteit, uiterlijke kenmerken zoals huiskleur, seksuele oriëntatie of (functie)beperking. Het vastgestelde visiedocument diende als richtinggevend verhaal voor de ambities van de portefeuille Inclusie en Antidiscriminatiebeleid voor de huidige collegeperiode, om te komen tot een inclusief Amsterdam. In het visiedocument is op hoofdlijnen beschreven hoe het college wil toewerken naar een inclusievere stad waarin iedere Amsterdammer de ruimte heeft om zichzelf te zijn en zich vrij en beschermd voelt. Dat doen we langs twee sporen, twee#zijden van dezelfde medaille.
Enerzijds door#discriminatie#te bestrijden en preventief de voedingsbodem hiervoor weg te nemen,#anderzijds door#emancipatie#te bevorderen en emanciperende initiatieven in onze stad te ondersteunen. Langs deze twee lijnen richten we onze inzet met name op het normstellen, agenderen en faciliteren. a. Normstellen: het signaal dat wij als gemeente geen enkele vorm van discriminatie accepteren b. Agenderen: het op de agenda zetten van onderbelichte thema’s c. Faciliteren van individuen/organisaties/bewegingen in de stad Deze visie is verder uitgewerkt naar een beleidskader (bijlage 1) met daarin een nadere uitwerking van de doelstellingen en beleidsprioriteiten van het visiedocument en waarin inzicht wordt gegeven in de uitvoering in 2023 en 2024.
Met dit kader wordt de aanpak uit vorige coalitieperiodes gecontinueerd en versterkt op basis van: • inzichten uit gesprekken met Amsterdammers en organisaties die actief zijn op de thema’s inclusie, antidiscriminatie en emancipatie (zoals gesprekken met experts van de actieonderzoeken, het Service Punt Emancipatie en het NiNsee, maar ook met maatschappelijke organisaties zoals het Transhuis en vertegenwoordigers van culturele- en religieuze gemeenschappen); • kennis uit onderzoek en de wetenschap bijvoorbeeld over wat werkt er bij het tegengaan van discriminatie en het bevorderen van verbinding en emancipatie en effectief bewezen interventies (hiervoor zijn bijvoorbeeld kennissessies georganiseerd met experts en onderzoekers zoals Movisie en het College voor de Rechten van de Mens); • geleerde lessen (bijvoorbeeld op basis van bijvoorbeeld evaluaties van bestaand beleid); • Adviezen uit de stadsdelen en stadsgebied Weesp, conform de verordening op de stadsdelen en stadsgebied Weesp. Middels deze voordracht bieden we het beleidskader ter vaststelling aan. Ad 1. Het beleidskader van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 vast te stellen waarin:
Gegenereerd: v1.10
2
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
a. een nadere uitwerking van de doelstellingen en beleidsprioriteiten wordt gegeven van het visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden’; In het beleidskader (bijlage 1) zijn per ambitie, zoals beschreven in het visiedocument, drie doelstellingen vastgesteld. Deze doelstellingen zijn nader beschreven en vervolgens gespecificeerd in beleidsprioriteiten. Daarin staat beschreven hoe we denken deze doelstellingen te realiseren. Samengevat gaat dit om de volgende doelstellingen en beleidsprioriteiten: AMBITIE 1 - ANTIDISCRIMINATIE: NAAR EEN STAD WAAR JE JE VRIJ EN BESCHERMD VOELT Doelstelling 1.1 Terugdringen van discriminatie en onderliggende vooroordelen 1.1.1 Bevorderen van de kennis over (de effecten) van discriminatie 1.1.2. Bevorderen van inlevingsvermogen en empathie bij mensen die een negatieve houding hebben ten aanzien van groepen die discriminatie ervaren 1.1.3 Als gemeente zijn we normstellend, we dragen actief uit dat elke vorm van discriminatie onacceptabel is Doelstelling 1.2. Sterkere rol en positie voor de antidiscriminatievoorziening (ADV) 1.2.1 Slachtoffers een luisterend oor, erkenning en praktische hulp bieden 1.2.2. Effectief opvolging geven aan meldingen Doelstelling 1.3.
Bestrijden negatieve doorwerking van#verleden in samenleving van nu 1.3.1 Gedeeld eigenaarschap van het Amsterdamse koloniale verleden en doorwerking daarvan vergroten AMBITIE 2 - EMANCIPATIE: NAAR EEN STAD MET RUIMTE OM JEZELF TE ZIJN Doelstelling 2.1 Ondersteunen van het zelf-organiserend en emanciperend vermogen in de stad, van individuen en organisaties die zich inzetten voor de emancipatie van verschillende groepen 2.1.1 Verbinden en faciliteren van emanciperende krachten. Doelstelling 2.2 Bevorderen van gelijkheid, met nadrukkelijke aandacht voor mensen in een kwetsbare positie 2.2.1 Bevorderen van gendergelijkheid in werk 2.2.2 Bevorderen van keuzevrijheid en zeleschikkingsrecht Doelstelling 2.3 Betere representatie van en medezeggenschap#voor alle Amsterdammers 2.3.1 Bevorderen van gelijkwaardige participatie en medezeggenschap 2.3.2 Doorbreken van stereotype beeldvorming In principe is het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid voor alle Amsterdammers, maar daar waar nodig kiest het college voor extra of specifieke inzet op groepen die bijzondere aandacht behoeven. In het beleid wordt onderscheid gemaakt tussen generieke en specifieke activiteiten. Voor specifieke activiteiten focust het college op groepen in de samenleving die structureel zijn en worden buitengesloten, niet in gelijkwaardigheid kunnen deelnemen aan de maatschappij, of worden
Gegenereerd: v1.10
3
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
benadeeld op basis van gedeelde persoonskenmerken. Hierbij ligt focus op zwarte, joodse, moslim-, Aziatische en lhbtiq+ gemeenschappen, vrouwen en personen met een (functie)beperking, zoals ook benoemd in het coalitieakkoord. Met deze focus#beoogt het college daadwerkelijk impact te maken in onze stad met de beperkte middelen en capaciteit die#beschikbaar zijn. Dit neemt dus niet weg dat ook oog is voor aandachtspunten bij andere gemeenschappen, zoals Roma en Sinti, en zij dus ook doelgroep van het Inclusie- en Antidiscriminatiebeleid zijn. Hoewel we spreken over groepen en gemeenschappen, werken we voor en met individuen. Hierbij is het van belang op te merken dat individuen een of meerdere kenmerken kunnen bezitten op basis waarvan ze gediscrimineerd worden, en op basis waarvan ze zich mogelijk verenigen in het streven naar een gelijkwaardige plek in de maatschappij.#Een mens is dus nooit in één groep te ‘vangen’ en er is dus altijd sprake van intersectionaliteit. In de uitvoering van het inclusie- en antidiscriminatiebeleid streeft het college er altijd naar dat recht wordt gedaan aan diversiteit binnen gemeenschappen en aan de intersectionaliteit van personen. b. inzicht wordt gegeven in de uitvoering in 2023 en 2024; Om inzicht te geven in wat we dan doen in de stad, is per ambitie een uitvoeringsagenda opgesteld.
Hierin wordt een overzicht gegeven van de (verwachte) activiteiten voor 2023 en 2024 (bijlage 1). Omdat het gaat om een meerjarige aanpak en we in willen kunnen spelen op actualiteiten, wordt deze uitvoeringsagenda jaarlijks geactualiseerd. c. De adviezen van de stadsdelen en stadsgebied Weesp zijn verwerkt; De stadsdelen hebben bij het werken aan de doelstellingen uit het beleidskader een belangrijke rol. Elk stadsdeel, elk stadsgebied, elke buurt en wijk heeft zijn eigen karakter en uitdagingen. De stadsdeelbestuurders en de stadsdeelcommissies weten goed wat de specifieke behoeften zijn. Bovendien hebben de stadsdelen volgens de Verordening op de stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022, de taak om op het gebied van Diversiteit uitvoering te geven aan vastgesteld beleid en programma’s op het gebied van: emancipatie, dialoog en ontmoeting, herdenken en vieren. Het beleidskader beschrijft hoe de samenwerking met de stadsdelen en stadsgebied Weesp is vormgegeven en op welke manier zij kunnen werken aan de gebiedsgerichte speerpunten en daarmee uitvoer geven aan de beleidsprioriteiten. Om de stadsdelen en stadsgebied Weesp met het voorliggend kader voldoende ruimte en richting te geven om naar gelang hun couleur locale uitvoering te geven aan de doelstellingen, is op verschillende momenten zowel ambtelijk als bestuurlijk informatie opgehaald en afstemming geweest.
Ook is conform artikel 12 lid 1 van de Verordening op de Stadsdelen en Stadsgebied Amsterdam 2022, op 13 juli 1023 een formele adviesaanvraag verstuurd aan de zeven stadsdelen en het stadsgebied Weesp om dit te verifiëren. In bijlage 3 vindt u alle afzonderlijke adviezen en de daarbij behorende analyse en verantwoording over hoe deze adviezen in het beleidskader zijn beland. Hieruit is op hoofdlijnen het volgende op te maken: • Het kader geeft voldoende ruimte om een gebiedsgerichte uitwerking te doen. • We zien ook dat er vanuit de stadsdelen een grotere wens is voor meer gebiedsgerichte aandacht vanuit de centrale stad, in het bijzonder op het gebied van data. • Een aantal stadsdelen heeft middels hun advies inzicht gegeven in hun plannen voor hun gebiedsgerichte uitwerking. • Ook is een aantal ideeën in de adviezen gedeeld dat aanleiding geeft voor opschaling van bepaalde activiteiten door de centrale stad of door andere stadsdelen en/of stadsgebied Weesp. • Ook onderschrijven de stadsdelen en stadsgebied Weesp in hun adviezen de benodigde inzet van het gehele college voor het bestrijden van discriminatie en het bevorderen
Gegenereerd: v1.10
4
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
van emancipatie, binnen alle relevante beleidsterreinen. Zoals beschreven in de visie “Amsterdam, een stad uit duizenden”, zal de wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid voor deze gedeelde verantwoordelijkheid een agenderende rol op zich nemen. d. Een uitwerking van algemene uitgangspunten voor de gehele organisatie voor het ontwikkelen en uitvoeren van inclusief beleid in het kader van motie 419accent van de leden Ahmadi, Kabamba, Bouhassani, Lust, Bentoumya, Khan, Garmy inzake “Integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid” zijn ingevoegd (TA2022-001058). In november 2022 nam de gemeenteraad de motie 419accent van de leden Ahmadi, Kabamba, Bouhassani, Lust, Bentoumya, Khan, Garmy inzake “Integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid” (TA2022-001058)” (zie bijlage 5) aan waarin het college wordt verzocht om: 1.) Te onderzoeken op welke termijn en/of op welke wijze ‘Diversiteit en inclusie’ kan worden opgenomen als horizontaal thema in de P&C producten van de gemeente Amsterdam; 2.) In het nog te ontwikkelen beleidskader Diversiteit en Antidiscriminatie uitgangspunten te formuleren voor de activiteiten die binnen verschillende beleidsterreinen zoals Wonen, Onderwijs, Werk en Inkomen, Zorg, Kunst en Cultuur en Sport bijdragen aan inclusie en antidiscriminatie om op deze manier binnen de verschillende beleidskaders en portefeuilles
op een samenhangende manier in te zetten op het behalen van de gemeentelijke doelstellingen; 3.) In de verschillende beleidskaders aan te geven hoe de gestelde doelen en activiteiten bijdragen aan inclusie en antidiscriminatie en welke middelen daarvoor worden ingezet. Onder het kopje “Agenderend wethouderschap” (bijlage 1) is ook in het beleidskader opgenomen hoe de motie kan worden afgedaan. Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: Met de vaststelling van het visiedocument “Amsterdam een stad uit duizenden” heeft het college zich gecommitteerd aan de ambitie om toe te werken naar een Inclusieve stad daarmee de benodigde college-brede inspanning omarmd. De wethouder Inclusie en Antidiscriminatie neemt hierin een agenderende rol. Wanneer diversiteits- en inclusievraagstukken gesignaleerd worden die op andere beleidsterreinen aandacht vragen, kaart de wethouder dit aan binnen het college. Ook worden aandachts- en actiepunten die van toepassing zijn op andere beleidsterreinen uit bijvoorbeeld de akkoorden, actieonderzoeken en gemeentelijke monitoren bij de andere bestuurders op de agenda gezet. De betreffende bestuurders dragen de verantwoordelijkheid deze punten op hun beurt verder op te pakken met de directies. De wethouder Inclusie en Antidiscriminatie wordt op haar beurt geconsulteerd bij zaken die een duidelijke relatie hebben met haar portefeuille.
1.)Te onderzoeken op welke termijn en/of op welke wijze ‘Diversiteit en inclusie’ kan worden opgenomen als horizontaal thema in de P&C producten van de gemeente Amsterdam Dit onderdeel van de motie valt onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van de wethouder Financiën. Richting de begroting 2025 wordt onderzocht of en hoe ‘Diversiteit en Inclusie’ kan worden opgenomen als horizontaal thema. De raad wordt hierover in het voorjaar van 2024 door de wethouder Financiën geïnformeerd. 2.) In het nog te ontwikkelen beleidskader Diversiteit en Antidiscriminatie uitgangspunten te formuleren voor de activiteiten die binnen verschillende beleidsterreinen zoals Wonen, Onderwijs, Werk en Inkomen, Zorg, Kunst en Cultuur en Sport bijdragen aan inclusie en antidiscriminatie om op deze manier
Gegenereerd: v1.10
5
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
binnen de verschillende beleidskaders en portefeuilles op een samenhangende manier in te zetten op het behalen van de gemeentelijke doelstellingen; In opdracht van de afdeling Diversiteit heeft Movisie een set algemene uitgangspunten voor inclusief beleid ontwikkeld, ten behoeve van een integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid. Deze is te vinden in bijlage 4. De uitgangspunten zijn gebaseerd op wetenschappelijke kennis over: • Institutioneel racisme en institutionele discriminatie en de mogelijke uitingsvormen daarvan in beleid. • Intersectionaliteit: dit betekent kort gezegd oog voor dat mensen op meerdere assen kunnen afwijken van ‘de norm’, dat die assen elkaar beïnvloeden en dat dat iemands positie in de maatschappij bepaalt. • Bestaande wetenschappelijk modellen om intersectionaliteit in beleid te bevorderen en institutioneel racisme en institutionele discriminatie tegen te gaan. Wetenschappelijke kennis over (evaluatie)onderzoek naar beleid vanuit intersectioneel perspectief. Deze uitgangspunten helpen bij het ontwikkelen van inclusief beleid op alle terreinen en dienen als een toetsingskader voor meer gelijkheid, met voorwaarden waaraan inclusief en niet-discriminerend en niet-uitsluitend gemeentelijk beleid moet voldoen.
Inclusief beleid houdt in dat mensen niet (langer) benadeeld worden door beleid vanwege hun aomst, religie, uiterlijke kenmerken zoals huidskleur, sekse, genderidentiteit, seksuele gerichtheid of (functie)beperking. Ook betekent het dat ongelijkheid die bestaat in de samenleving op grond van deze kenmerken, zo veel mogelijk wordt gecorrigeerd door het beleid. De algemene uitgangspunten voor inclusief beleid vormen de basis voor: 1. 2. 3.
Ambtenaren om inclusief beleid te ontwikkelen; Bestuurders om inclusiviteit in gemeentelijk beleid en bestuurlijke besluitvorming te waarborgen; Raadsleden om inclusiviteit in gemeentelijk beleid te controleren.
Het is vervolgens van belang om: a. Ambtenaren op alle portefeuilles te ondersteunen in de toepassingen van de uitgangspunten voor inclusief beleid. Daarvoor is verbinding gelegd met het programmateam Inclusie en Diversiteit dat werkt aan het inclusiever maken van onze eigen organisatie, onder bestuurlijke verantwoordelijkheid van de wethouder Personeel en Organisatie. De uitgangspunten zijn reeds onderdeel van de interne aanpak Inclusie en Diversiteit. Naar aanleiding van de motie worden de uitgangspunten verbreed naar alle andere beleidsterreinen. Hiervoor wordt vanuit de interne aanpak Inclusie en Diversiteit gewerkt aan een vertaling van de uitgangspunten naar een handreiking waarmee ambtenaren deze uitgangspunten handzaam kunnen toepassen bij het maken van beleid. Directeuren worden verantwoordelijk gemaakt voor correcte toepassing van de uitgangspunten door beleidsambtenaren. In de toepassing van deze uitgangspunten kan door ambtenaren gebruik worden gemaakt van de factsheets die in opdracht van de afdeling Diversiteit door Movisie zijn ontwikkeld. In deze factsheets worden op acht domeinen discriminatiecijfers in Amsterdam weergegeven en mogelijke aanpakken beschreven die de gemeente hierop kan inzetten. b.
Om bestuurders van alle portefeuilles te ondersteunen in het waarborgen van inclusiviteit binnen hun portefeuille wordt onder andere: • door de wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid en de wethouder Personeel en Organisatie het gesprek met collegeleden gevoerd over het belang van het formuleren van beleidsspecifieke inclusie- en antidiscriminatie-doelstellingen en deze doelstellingen en bijbehorende activiteiten op te nemen in de verschillende beleidskaders.
Gegenereerd: v1.10
6
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
• een presentatie gegeven over inclusief beleid. • een handreiking verstrekt voor agendering door alle bestuursleden; • bij concept beleid altijd de set uitgangspunten toegevoegd, met een samenvatting van de resultaten van de toetsing en toepassing. c. En voor de gemeenteraad wordt een handreiking met de kernpunten uit de uitgangspunten voor inclusief beleid ontwikkeld. Deze handreiking heeft het als doel om de gemeenteraad te ondersteunen in hun controlerende rol. De handreiking wordt in Q2 met de gemeenteraad gedeeld. 3.) In de verschillende beleidskaders aan te geven hoe de gestelde doelen en activiteiten bijdragen aan inclusie en antidiscriminatie en welke middelen daarvoor worden ingezet; Zoals beschreven in het beleidskader, dragen de betreffende bestuurders zelf de verantwoordelijkheid om op een passende manier in de verschillende beleidskaders aan te geven hoe de gestelde doelen en activiteiten bijdragen aan inclusie en antidiscriminatie. Dit wordt meegenomen in de gesprekken die de wethouder Personeel en organisatie samen met de wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid met verschillende collegeleden gaat voeren. Hierin worden onder andere de algemene uitgangspunten en het theoretisch kader hierachter, de toepassing en toetsing ervan toegelicht.
Ook wordt hier het belang voor het formuleren van beleidsspecifieke inclusie- en antidiscriminatie-doelstellingen per portefeuille onder de aandacht gebracht. Hiermee beschouwt het college bovengenoemde motie (TA2022-001058) als afgehandeld. e. Motie 412 van de leden Garmy, Kabamba, Bons, Koyuncu, Benyoumya en Noordzij inzake “visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden” wordt afgedaan, waarin het college wordt verzocht om naast aandacht voor slachtoffers, ook aandacht voor de oorzaak van het probleem te hebben (TA2023-000750). Tijdens de raadsvergadering van 28 juni nam de gemeenteraad bij de bespreking van het visiedocument “Amsterdam, een stad uit duizenden” de motie van de leden Garmy, Kabamba, Bons, Koyuncu, Benyoumya en Noordzij inzake “visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden” (bijlage 6) aan waarin het college wordt verzocht om 1. 2.
In de uitwerking van het beleidskader niet uitsluitend aandacht te schenken aan ervaringen van slachtoffers, maar ook aan de bron van het probleem; Indicatoren op te nemen die gericht zijn op het aanpakken van de bron van het probleem
Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: 1. In de uitwerking van het beleidskader niet uitsluitend aandacht te schenken aan ervaringen van slachtoffers, maar ook aan de bron van het probleem; Het college onderschrijft dat van essentieel belang is om bij het terugdringen van discriminatie aandacht te hebben voor de oorzaak achter dit probleem. Zoals uit het voorliggend kader (bijlage 1) is op te maken wordt hierop expliciet ingezet. Hierbij berust het college zich onderzoek van het Kennisplatform Inclusief Samenleven (KIS) met daarin werkende mechanismen bij het verminderen van discriminatie: 1.) Het zichtbaar maken van de effecten van discriminatie op de medemens en in de samenleving, 2.) het wegnemen van de voedingsbodem voor discriminatie (stereotypen en vooroordelen) door in te zetten op inleving en empathie te bevorderen,
Gegenereerd: v1.10
7
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
3.) en de norm stellen dat discriminatie in welke vorm dan ook onacceptabel is. Zoals is terug te zien in de antidiscriminatie-doelstelling en bijpassende beleidsprioriteiten (bijv. 1.1.2; 1.2.2; 1.3.1) zet het college in op het preventief wegnemen van de voedingsbodem (stereotypen en vooroordelen) voor discriminatie. Daarnaast draagt het college (bijvoorbeeld middels een campagne) ook actief de norm uit dat elke vorm van discriminatie onacceptabel is (1.1.3). Hiermee beoogt het college een sociale norm te bestendigen in onze stad waarmee discriminatie kan worden tegengegaan. Rondom incidenten van discriminatie is het strafrecht onmisbaar bij het geven van opvolging bij aangiftes van discriminatie. Daarnaast is het van belang dat voor een sluitende aanpak in het bestrijden van discriminatie dat straffen en voorkomen goed op elkaar zijn afgestemd. De politie en het Openbaar Ministerie (OM) een cruciale taak in het opsporen en vervolgen van daders. Om effectief opvolging te geven aan meldingen en herhaling te voorkomen wordt de rol en positie het Meldpunt Discriminatie Regio Amsterdam (MDRA) versterkt. Het MDRA gaat hiervoor in samenwerking met ketenpartners zoals het Openbaar Ministerie (OM), politie en reclassering, een gerichte aanpak te ontwikkelen (1.2.2).
De hierboven beschreven beleidsprioriteiten en de daaruit voortkomende interventies -zoals opgenomen in de activiteitenagenda - richten zich op (potentiële) daders en omstanders van discriminatie en de sociale constructen die daarachter schuilgaan. Hiermee is er dus expliciet aandacht voor de bron van het probleem. Hierbij wil het college opmerken dat mensen worden benaderd als individuen, die een veelheid aan overlappende identiteiten in zich dragen. Binnen één persoon kunnen bijvoorbeeld familiegeschiedenissen van onderdrukking en onderdrukker verenigd zijn. Ook kan een dader van discriminatie, in een andere situatie een slachtoffer hiervan zijn. Deze complexiteit wordt continu meegenomen en meegewogen in de aanpak van discriminatie. Het college beoordeelt discriminatie als gedraging en niet als de essentie van iemands zijn. Het college veroordeelt de daad, niet de persoon. 2. Indicatoren op te nemen die gericht zijn op het aanpakken van de bron van het probleem. Het college spant zich in om beter inzichtelijk te maken wat alle interventies uit het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid opleveren. In het beleidskader is hierom onder de kop ‘Plan van Aanpak: Onderzoek, monitoring en evaluatie’ een monitoringsplan (bijlage 1) opgenomen.
Hieruit is op te maken dat er in samenwerking met Onderzoek en Statistiek een beleidsmonitor komt waarin op beleidsinterventieniveau output-indicatoren worden meegenomen. Dit betekent dat de opbrengst van de activiteiten – passend bij het voorliggende beleidskader – beter gemonitord gaan worden. Voorwaarde hierbij is dat de monitor en het beleidsader en dus de activiteitenagenda zo goed mogelijk op elkaar aansluiten. Hierom is de vaststelling van het beleidskader nodig om de indicatoren vast te leggen. Activiteiten die zich richten op het aanpakken van de bron van het probleem (passend bij de hierboven beschreven beleidsprioriteiten), worden in deze monitor ook voorzien van een passende indicator. We streven ernaar de eerste monitor in 2025 met de raad te delen. Hiermee beschouwt het college bovengenoemde motie (TA2023-000750) als afgehandeld. f. Motie 401 van de leden Koyuncu, Garmy, Bakker, Kabamba, Bentoumya en Noordzij inzake “informeer statushouders over het MDRA” wordt afgedaan, waarin het college wordt verzocht om de mogelijkheden om discriminatie te melden extra onder de aandacht te brengen bij statushouders (TA2023-000757).
Gegenereerd: v1.10
8
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
Tijdens de raadsvergadering van 28 juni 2023 nam de gemeenteraad bij de bespreking van het visiedocument “Amsterdam, een stad uit duizenden” de motie van de leden Garmy, Kabamba, Bons, Koyuncu, Benyoumya en Noordzij inzake “visiedocument Amsterdam, een stad uit duizenden” (bijlage 7) aan waarin het college wordt verzocht om: Het MDRA extra onder de aandacht te brengen bij de statushouders via het Werk, Participatie en Inburgering-netwerk (e.g. taalscholen, COA en klantbegeleiders). Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: Het MDRA extra onder de aandacht brengen bij de statushouders via het Werk, Participatie en Inburgering-netwerk (e.g. taalscholen, COA en klantbegeleiders) Het college onderschrijft het belang dat zoveel mogelijk mensen afweten van de antidiscriminatievoorziening zodat zij op de hoogte zijn van de mogelijkheden om en meerwaarde van het doen van een melding. Om deze reden is een van de doelstellingen binnen het kader om de rol en positie voor de anti-discriminatievoorziening - het MDRA - te versterken. Mensen toegang bieden tot een anti-discriminatievoorziening is een wettelijke taak.
Om deze voorziening voor Amsterdammers zo goed mogelijk te laten functioneren en om een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de ervaren discriminatie in onze stad, is het prioriteit dat mensen weten dat ze melding kunnen maken en waarvoor ze terecht kunnen bij het MDRA. Hierom wordt de zichtbaarheid en naamsbekendheid van het MDRA vergroot. Hierbij is er extra aandacht voor groepen die vaker te maken krijgen met discriminatie, zoals statushouders. Voor deze groep nieuwkomers gebeurt dat bijvoorbeeld via Vluchtelingenwerk, het COA en onze gemeentelijke klantbegeleiders, zodat zij op de hoogte zijn van de mogelijkheden en meerwaarde om discriminatie te melden. Ook heeft het MDRA zelf een rol in het vergroten van de zichtbaarheid en naamsbekendheid bijvoorbeeld door samenwerking met andere instanties waar meldingen worden gedaan verder te verbeteren, via campagnes, via netwerkpartners, aanwezigheid bij events etc. Het college legt het verzoek om de groep statushouders hierin mee te nemen bij het MDRA neer. Hiermee beschouwt het college motie (TA2023-000757) als afgehandeld. g. De toezegging aan de raad: schrappen van zinnen uit visiedocument ‘Amsterdam een stad uit duizenden’ waar een polariserend karakter vanuit gaat (TA2023-000812), wordt afgedaan.
In de raadsvergadering van 28 juni 2023 heeft de wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid tijdens de bespreking van het visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden’ op verzoek van raadslid Boomsma toegezegd dat zij een paar zinnen uit het visiedocument waarvan een polariserend karakter uitgaat te schrappen. Bijgaand (bijlage 2) vindt u het herziene visiedocument ‘Amsterdam, een stad uit duizenden’. Hierin zijn de passages (bijlage 2, p. 25 en p. 30) waarnaar in het debat werd gerefereerd aangepast. Hiermee beschouwt het college de toezegging (TA2023-000812) als afgedaan. h. Toezegging aan de commissie FKD: Roma en Sinti meenemen in de uitwerking van het beleidskader (TA2023-000813) wordt afgedaan. In de raadsvergadering van 28 juni 2023 heeft wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid bij de bespreking van het visiedocument ‘Amsterdam een stad uit duizenden’ toegezegd om Roma en Sinti mee te nemen in de uitwerking van het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid. Zoals in het beleidskader staat beschreven is het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid voor alle Amsterdammers, maar daar waar nodig kiest het college voor extra of specifieke inzet op
Gegenereerd: v1.10
9
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
groepen die bijzondere aandacht behoeven. In het beleid wordt onderscheid gemaakt tussen generieke en specifieke activiteiten. Voor specifieke activiteiten focust het college op groepen in de samenleving die structureel zijn en worden buitengesloten, niet in gelijkwaardigheid kunnen deelnemen aan de maatschappij, of worden benadeeld op basis van gedeelde persoonskenmerken. Hierbij ligt focus op zwarte, joodse, moslim-, Aziatische en lhbtiq+ gemeenschappen, vrouwen en personen met een (functie)beperking, zoals ook benoemd in het coalitieakkoord. Met deze focus#beoogt het college daadwerkelijk impact te maken in onze stad met de beperkte middelen en capaciteit die#beschikbaar zijn. Dit neemt dus niet weg dat ook oog is voor aandachtspunten bij andere gemeenschappen, zoals Roma en Sinti, en zij dus ook doelgroep van het Inclusie- en Antidiscriminatiebeleid zijn. Hoewel we spreken over groepen en gemeenschappen, werken we voor en met individuen. Hierbij is het van belang op te merken dat individuen een of meerdere kenmerken kunnen bezitten op basis waarvan ze gediscrimineerd worden, en op basis waarvan ze zich mogelijk verenigen in het streven naar een gelijkwaardige plek in de maatschappij.#Een mens is dus nooit in één groep te ‘vangen’ en er is dus altijd sprake van intersectionaliteit.
In de uitvoering van het inclusie- en antidiscriminatiebeleid streeft het college er altijd naar dat recht wordt gedaan aan diversiteit binnen gemeenschappen en aan de intersectionaliteit van personen. Verder heeft het college met de vaststelling van het visiedocument ‘Amsterdam een stad uit duizenden’ en dit beleidskader ook gecommitteerd aan de benodigde college-brede inspanning. De wethouder Inclusie en Antidiscriminatie neemt hierin een agenderende rol. Wanneer diversiteitsen inclusievraagstukken gesignaleerd worden die op andere beleidsterreinen aandacht vragen, kaart de wethouder dit aan binnen het college. Ook worden aandachts- en actiepunten die van toepassing zijn op andere beleidsterreinen uit bijvoorbeeld de akkoorden, actieonderzoeken en gemeentelijke monitoren bij de andere bestuurders op de agenda gezet. De betreffende bestuurders dragen de verantwoordelijkheid deze punten op hun beurt verder op te pakken met de directies. De wethouder Inclusie en Antidiscriminatie wordt op haar beurt geconsulteerd bij zaken die een duidelijke relatie hebben met het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid. In het geval van de Roma en Sinti gemeenschap leest de wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid mee op de uitvoeringsen onderzoeksagenda van het Woonbeleid.
Tevens zijn er zoals onder ad 1d beschreven staat, algemene uitgangspunten (bijlage 4) voor de gehele organisatie ingevoegd voor het ontwikkelen en uitvoeren van inclusief beleid in het kader van motie 419accent van de leden Ahmadi, Kabamba, Bouhassani, Lust, Bentoumya, Khan, Garmy inzake “Integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid”. Deze uitgangspunten helpen bij het ontwikkelen van inclusief beleid op alle terreinen en dragen bij toepassing ook bij aan de inclusie van de Roma en Sinti-gemeenschap in onze stad. Hiermee beschouwt het college de toezegging (TA2023-000813) als afgedaan i. De toezegging aan de commissie FKD: Overnemen aanbevelingen Rekenkameronderzoek ‘Indicatoren Discriminatie’(TA2023-001029) wordt afgedaan. In de vergadering van de commissie FKD van 14 september 2023 heeft wethouder Inclusie en Antidiscriminatiebeleid toegezegd de aanbevelingen uit het Rekenkamer rapport getiteld “Indicatoren Discriminatie” over te nemen en een plan te maken over hoe hier invulling aan wordt gegeven. Het college spant zich in om beter inzichtelijk te maken wat alle interventies uit het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid opleveren. Om hier inzicht in te geven is in het beleidskader het onderdeel ‘Plan van Aanpak: Onderzoek, monitoring en evaluatie’ ingevoegd waarin uiteen wordt gezet het college hieraan wil bijdragen.
Hierin is onder andere een actieplan opgenomen waarin staat beschreven hoe de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport (bijlage 1) worden overgenomen.
Gegenereerd: v1.10
10
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
Hieronder wordt de bredere context waarin de Rekenkamer aanbevelingen worden overgenomen beschreven. Achtergrond Om beter te monitoren zijn passende indicatoren nodig. Onderzoek & Statistiek is gevraagd mee te denken over de indicatoren die gebruikt kunnen worden om het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid te monitoren. Het gaat hierbij zowel om bestaande algemene indicatoren die iets zeggen over de staat van emancipatie en discriminatie in Amsterdam als om specifieke indicatoren met betrekking tot het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026. Algemene indicatoren vertellen iets over de maatschappelijke context van het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid, ze laten trends zien waar het college met beleid op kan reageren. Voorbeelden van algemene indicatoren zijn de Veiligheidsmonitor, de Monitor Discriminatie en de Burgermonitor. Specifieke indicatoren zeggen iets over de uitvoering, het bereik en de effecten van het Diversiteitsbeleid zelf. Ze dragen bij aan inzicht in de impact van het Inclusie en Antidiscriminatiebeleid. De begrotingsindicatoren in de P&C-producten hebben een universeel karakter en geven inzicht in de effecten van beleid over een langere periode. Om de specifieke resultaten van specifieke interventies voor specifieke doelgroepen inzichtelijk te maken, ontwikkelen we een beleidsmonitor.
De indicatoren in de beleidsmonitor sluiten zo dicht mogelijk aan bij de beleidsuitvoering. De Rekenkamer heeft de monitoring van het antidiscriminatiebeleid in de periode 2019-2022 geëvalueerd. De Rekenkamer deed in haar verslag hiervan drie aanbevelingen: • Aanbeveling 1: Houd meer rekening met de relevantie van indicatoren • Aanbeveling 2. Werk meer systematisch en zorgvuldig rondom indicatoren • Aanbeveling 3: Verken manieren om aanvullende informatie te verstrekken Het college neemt deze aanbevelingen over. Naar aanleiding van de adviezen is het volgende actieplan opgesteld: 1.
2.
Gegenereerd: v1.10
Met betrekking tot de relevantie van indicatoren, gaf de Rekenkamer aan dat hier verbeterd op kon worden door het beleid en de onderliggende beleidstheorie als uitgangspunt te nemen en door te kiezen voor verschillende typen indicatoren. Naar aanleiding hiervan is het onderscheid aangebracht tussen monitoring, waarbij trends in de stad gemeten worden met als doel focus te kunnen aanbrengen in het inclusie-en antidiscriminatiebeleid, en evaluatie middels P&C producten en een beleidsmonitor. In navolging van het advies van de Rekenkamer, is eerst de beleidstheorie uitgewerkt in dit beleidskader, en zullen we op basis hiervan toewerken naar passende indicatoren voor zowel de beleidsmonitor als de P&C producten. In de voorjaarsnota 2024 worden nieuwe begrotingsindicatoren voor het inclusieen antidiscriminatiebeleid gepresenteerd. Met betrekking tot het meer systematisch en zorgvuldig werken rondom indicatoren, adviseerde de Rekenkamer om een systematische werkwijze vast te leggen rondom de indicatoren, en daarnaast de kennis van de organisaties achter de bronnen beter te benutten. We zullen in samenwerking met de betreffende afdeling (Directie Middelen en Control) het proces rondom aanleveren van data in de P&C-cyclus herinrichten om zorgvuldigheid beter te waarborgen, evenals de documentatie die daarbij komt kijken.
Onderdeel van dat proces is ook het beter raadplegen en naslaan van de gebruikte bronnen, en zorgdragen voor consistente en zorgvuldige rapportage.
11
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
3.
Met betrekking tot het verstrekken van aanvullende informatie, adviseerde de Rekenkamer om te onderzoeken of toelichting in de jaardocumenten mogelijk is en om een meer gelaagde verantwoording te organiseren. We komen hieraan tegemoet door in tussenrapportages de relatie tussen beleid, evaluatie op activiteiten-niveau (in de beleidsmonitor) en evaluatie op overkoepelend niveau (in P&C producten) steeds expliciet te maken.
Een belangrijke kanttekening is dat het in het algemeen ingewikkeld is om de effectiviteit van beleid in het sociaal domein te meten. Dit geldt ook voor het inclusie en antidiscriminatiebeleid. Een daling in meldingen van discriminatie betekent namelijk niet automatisch dat er sprake is van minder discriminatie en daarmee ook niet dat het beleid om discriminatie tegen te gaan werkt. Ondanks dit gegeven is het wel de intentie om waar mogelijk de effectiviteit van het beleid beter inzichtelijk te maken. Hiermee beschouwt het college de toezegging (TA2023-001029) als afgedaan Financiële onderbouwing Tabel 2: Financiële consequenties van de beslispunten BATEN Product
I/S
Jaar T
Jaar T+1
Jaar T+2
Jaar T+3
Product
I/S
Jaar T
Jaar T+1
Jaar T+2
Jaar T+3
6.4
S
€ 9.100.000,00
€ 10.500.000,00
€ 9.300.000,00
€ 8.800.000,00
€ 9.100.000,00
€ 10.500.000,00
€ 9.300.000,00
€ 8.800.000,00
LASTEN
Diversiteit Totaal
I=Incidenteel S=Structureel Consequenties gedekt?
Ja
Overige toelichting
Het beslispunt heeft financiële consequenties. De realisatie van de doelstellingen uit het beleidskader Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 2023-2026 komen ten laste van de begroting van Diversiteit (100% dekking). Conclusie
De genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn reeds geraamd in de begroting (100% dekking). Geheimhouding
n.v.t.
Welke stukken treft u aan
Gegenereerd: v1.10
12
Gemeenteraad
VN2023-025317 Onderwijs, Jeugd en Zorg
RAAD
Voordracht voor de raadsvergadering van 20 december 2023
Meegestuurd
Registratienr.
Naam
AD2023-089218
Bijlage 1 Beleidskader Inclusie en Antidiscriminatie 2023-2026.pdf (pdf)
AD2023-089224
Bijlage 2 Visiedocument 'Amsterdam een stad uit duizenden' 2023-2026.pdf (pdf)
AD2023-089223
Bijlage 3 Adviezen stadsdelen en stadsgebied Concept beleidskader Inclusie en antidiscriminatiebeleid 2023-2026.pdf (pdf)
AD2023-089222
Bijlage 4 Uitgangspunten voor inclusief beleid.pdf (pdf)
AD2023-089221
Bijlage 5 419accent.22 Motie Bentoumya c.s. Begoting 2023 - integrale benadering van diversiteits- en antidiscriminatiebeleid.pdf (pdf)
AD2023-089220
Bijlage 6 412 Motie Garmy c.s. Naast aandacht voor slachtoffers, ook aandacht voor de oorzaak van het probleem.pdf (pdf)
AD2023-089219
Bijlage 7 401.23 Motie van de leden Koyuncu c.s. inzake informeer statushouders over het MDRA.pdf (pdf)
AD2023-089102
Gemeenteraad Voordracht (pdf)
Registratienr.
Naam
Ter Inzage
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Diversiteit (OJZD), Rutger Buquet, 06 421 981 31, r.buquet@amsterdam.nl
Gegenereerd: v1.10
13