CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 6 - Memo ongelijk investeren.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 25 juni 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het Jaarverslag 2024 (inclusief de Jaarrekening 2024) (VN2025-008413)1.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Ongelijk investeren voor gelijk kansen Datum

donderdag 5 juni 2025

Dit memo beschrijft de resultaten van het traject 'Inzicht in ongelijk investeren voor gelijke kansen’ en hoe het college invulling geeft aan ongelijk investeren in de praktijk. Ongelijk investeren voor gelijke kansen Niet iedereen begint met dezelfde kansen. Een deel van de Amsterdammers heeft vaker gezondheidsproblemen, voelt zich vaker onveilig en/of heeft minder toegang tot onderwijsondersteuning voor hun kinderen dan andere Amsterdammers. Deze problemen kunnen elkaar versterken en zich opstapelen - zowel bij bewoners als in buurten. Hierdoor heeft een deel van de Amsterdammers minder kans volwaardig mee te doen en voelt zich bovendien vaak niet gezien en gehoord – zoals ook het eerdere onderzoek ‘Ondervertegenwoordigd Amsterdam’ liet zien. Dit college kiest ervoor om ongelijk te investeren voor gelijke kansen. Ongelijk investeren betekent dat de gemeente meer geld en personeel besteedt aan mensen of buurten die dat harder nodig hebben. Een bekend voorbeeld is de extra middelen voor masterplan Zuidoost, masterplan Samen Nieuw-West en aanpak Noord. Maar ook op kleinere schaal, in wijken en buurten, kan ongelijk investeren een effectief middel zijn. Om ongelijk investeren toe te passen, is een gedeeld beeld nodig van wat ongelijk investeren precies is en hoe het werkt.

Daarom heeft het college opdracht gegeven aan het stedelijk strategieteam tot het traject 'Inzicht in ongelijk investeren'. In dit memo leest u de beknopte resultaten van dat traject en hoe we ongelijk investeren toepassen in de praktijk. In de bijlage van dit memo vindt u een ‘factpack’ met daarin de uitgebreide resultaten van het traject. Ongelijk investeren als instrument voor kansengelijkheid Ongelijk investeren is geen doel op zichzelf maar een instrument om de inzet van de gemeente te laten landen waar dat het hardst nodig is. Hierbij kijken we niet alleen naar waar momenteel achterstanden zijn, maar ook naar welke resultaten we minimaal voor alle Amsterdammers acceptabel vinden. Ongelijk investeren kan helpen om die resultaten overal en voor iedereen in de stad te halen. Als je besluit om ongelijk te investeren, zijn er tenminste vijf vormen om dat te doen: 1. 2. 3. 4.

Het herverdelen van dezelfde hoeveelheid inzet Extra inzet plegen waar dat het meest nodig is Groepen of gebieden eerder helpen dan andere, of juist ontzien Op de ene plek extra verdienen zodat je dat ergens anders kunt uitgeven

Gemeente Amsterdam

Datum 5 juni 2025 Pagina 2 van 4

5. Partners aansporen om ongelijk te investeren Om te zien hoe we deze vormen van ongelijk investeren in de praktijk kunnen toepassen hebben we een selectie van gemeentelijke activiteiten onderzocht, variërend van straatreiniging tot jeugdgezondheidzorg. De resultaten en de toegepaste methode hiervan vindt u in de bijlage. In het vervolg van dit memo staan een aantal voorbeelden van hoe we ongelijk investeren al in de praktijk toepassen. Ongelijk investeren in de praktijk Hieronder vindt u per vorm enkele voorbeelden van ongelijk investeren die we in Amsterdam toepassen. 1. Het herverdelen van dezelfde hoeveelheid inzet Waar mogelijk en nodig kan geld en personeel herverdeeld worden op grond van waar dat het hardst nodig is. Dit kan ook betekenen de beste mensen op de plekken waar dat het hardst nodig is. •

•

•

Jeugdgezondheidszorg: In gebieden met veel kwetsbare gezinnen, zoals delen van Noord, Nieuw-West en Zuidoost, werken meer jeugdverpleegkundigen en -artsen dan in gebieden met minder kwetsbare gezinnen. Herverdeling middelen in de sociale basis: We hanteren een nieuw verdeelmodel voor de middelen in de sociale basis (voor o.a. buurthuizen en jongerenwerk) dat beter rekening houdt met ouderen en het sociaal minimum. Hierdoor gaat er meer budget naar gebieden met naar gebieden met meer ouderen en mensen op het sociaal minimum. Toezicht en handhaving openbare ruimte: We hebben de capaciteitsinzet van ongeveer 350 fte voor handhaving herverdeeld (ca. de helft van de totale capaciteit) waarbij meer capaciteit gaat naar gebieden waar de opgave het grootst is: Noord, Nieuw-West, Zuidoost en Centrum.

2. Extra inzet plegen waar dat het meest nodig is Waar de uitdaging het grootst is en het niveau van voorzieningen en dienstverlening lager in vergelijking met de rest van Amsterdam, kan (tijdelijk) extra middelen worden toegevoegd. Dit kan zowel met eigen middelen of externe financiering. Extra middelen/mensen kunnen ook worden ingezet voor maatwerkoplossingen die aansluiten bij specifieke lokale behoeften of om gerichte interventies te ontwikkelen voor complexe problematiek in bepaalde gebieden. •

•

Integrale aanpakken: Middelen vanuit het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV) en coalitiemiddelen worden ingezet voor verbetering van leefbaarheid, veiligheid, investeringen in woningen, openbare ruimte, voorzieningen, onderwijs en sociale programma’s in Zuidoost, Nieuw-West en Noord. Ook is geld gereserveerd om de basisdienstverlening te verbeteren en acute problematiek aan te pakken. Culturele voorzieningen: In de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost maken we een inhaalslag met investeringen in culturele voorzieningen. Een voorbeeld is Het Verhalenhuis in Nieuw-West, waarvoor de raad middelen beschikbaar heeft gesteld.

Gemeente Amsterdam

Datum 5 juni 2025 Pagina 3 van 4

3. Groepen of gebieden eerder helpen dan andere, of juist ontzien Niet alles is uit te drukken in euro’s of personeelsinzet. Sommige keuzes zitten in beleidsinstrumenten. Bij besluiten kunnen bepaalde groepen of gebieden geprioriteerd worden. De gemeente moet soms ook ingewikkelde besluiten nemen die een negatieve impact hebben op de ervaren kwaliteit en leefbaarheid van een gebied. Bij deze besluiten kunnen de meest kwetsbare gebieden – zover als mogelijk – worden ontzien of aanvullende maatregelen genomen worden om negatieve effecten te dempen. •

•

Isolatieoffensief: Met het isolatieoffensief helpen we Amsterdammers om hun energieverbruik omlaag te krijgen, waarbij het zwaartepunt ligt bij bewoners in kwetsbare buurten en/of in een kwetsbare positie. OV-beleid en vervoerplan: Bij de advisering over het Vervoerplan 2024 van GVB is voorkomen dat in de stadsdelen Nieuw-West, Noord en Zuidoost lijnen zijn ingekort, ondanks de personeelstekorten die in 2024 tot afschaling van het OV dwongen.

4. Op de ene plek extra verdienen zodat je dat ergens anders kunt uitgeven Wanneer de inzet van de gemeente investeringen voor meerdere jaren betreft en samenhangt met gebiedsplannen, kan ongelijk investeren ook gaan om het differentiëren in opbrengsten. Ongelijk verdienen, met andere woorden. In bepaalde gebieden wordt dan meer verdiend om ergens anders te kunnen investeren in kansengelijkheid. •

Stedelijke vernieuwing: Het Vereveningsfonds wordt gevuld met grondopbrengsten uit winstgevende gebiedsontwikkeling en gebruikt om verliesgevende gebiedsontwikkeling in stedelijke vernieuwings- en transformatiegebieden met een groot aandeel sociale en gereguleerde huur mogelijk te maken.

5. Partners aansporen om ongelijk te investeren Partners in de stad kunnen gemotiveerd worden om ook ongelijk te investeren, waardoor de impact wordt vergroot en maatschappelijke uitdagingen effectiever worden aangepakt. Door samenwerking met bijvoorbeeld woningcorporaties, zorginstellingen en onderwijspartners versterken we zo de totale impact waar dat het hardst nodig is. •

•

Samenwerkingsafspraken met corporaties: Om de beschikbaarheid van sociale huurwoningen te behouden is de verkoop van deze woningen aan banden gelegd in negen specifieke gebieden in de stad. Dit moet bijdragen aan gemengde wijken en het voorkomen van verdere verdringing van lage inkomensgroepen. Mismatch onderwijs-arbeidsmarkt: Het Amsterdams stagepact MBO is gericht op het vergroten van het aantal stageplekken en het uitbannen van stagediscriminatie. Dit vergroot de kansen voor jongeren uit kwetsbare wijken, die vaker moeite hebben met het vinden van stages.

Ongelijk investeren in de toekomst Wie krijgt wat en waarom? De antwoorden op deze vragen moeten rechtvaardig en goed uitlegbaar zijn. De methodiek die we hebben ontwikkeld helpt daar bij. In het vervolg van dit traject onderzoeken we op nog meer plekken of ongelijk investeren een kansrijk middel is om

Gemeente Amsterdam

Datum 5 juni 2025 Pagina 4 van 4

kansenongelijkheid te verkleinen. We geven ongelijk investeren daarnaast een vaste plek in het begroten, uitvoeren, monitoren en uitvoeren van gemeentelijk beleid. Het diepgewortelde probleem van kansenongelijkheid is hiermee niet op korte termijn opgelost. Kansenongelijkheid heeft zich over generaties opgebouwd. Middelen en personeel kunnen we niet van de ene op de andere dag verschuiven. De effecten van ongelijk investeren worden bovendien vaak pas jaren later zichtbaar. Daar komt bij dat in wijken waar kansenongelijkheid groter is, het vertrouwen in de gemeente lager is. Juist dit vertrouwen is essentieel voor duurzame samenwerking. Alleen door langdurige betrokkenheid en aansluiting bij lokale behoeften kunnen we echte verbetering realiseren én het vertrouwen versterken. Dit gezegd hebbende blijft de gemeente de komende periode inzetten om kansenongelijkheid te bestrijden door ongelijk te investeren waar dat nodig is. En hoop dat de volgende colleges deze lijn doorzetten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15669956/1