bijlage 5 raadsinformatiebrief aanpassing bijlage 2 en 3 VSS ivm Omgevingswet.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 18 juli 2023 Ruimtelijke ordening Reinier van Dantzig Ruimte en Duurzaamheid (bestuurszaken.rd@amsterdam.nl) De wijziging van de bijlagen 2 en 3 van de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022 in verband met de Omgevingswet
Geachte leden van de gemeenteraad,
Het college heeft op 18 juli 2023 de ‘Wijziging van de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022 in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet’ vastgesteld. Middels deze brief informeert het college u over de belangrijkste wijzigingen en geeft aan hoe hierin de afhandeling van motie 27 van 26 januari 2022 van de leden Ernsting (GL), Boutkan (PvdA) en De Jager (D66) is betrokken. Belangrijkste wijzigingen in de bijlagen 2 en 3 van de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022 1. Aan de tabel in bijlage 2 (taken) en 3 (bevoegdheden) van de Verordening op de stadsdelen en het stadsgebied Amsterdam 2022 (hierna: de Verordening) wordt een nieuw onderdeel toegevoegd. Hierin zijn de taken en bevoegdheden op grond van de Omgevingswet opgenomen. Hierdoor kunnen de dagelijks besturen van de stadsdelen en het stadsgebied ook na de inwerkingtreding van de Omgevingswet de taken en bevoegdheden die het college aan hen heeft opgedragen blijven uitoefenen; De inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024 heeft gevolgen voor de bestaande taken en bevoegdheden van bestuursorganen. Onder de Omgevingswet komen bepaalde taken en bevoegdheden te vervallen of er vindt een verschuiving plaats in de bevoegdheidsverdeling. Sommige taken en bevoegdheden wijzigen of zijn nieuw vanwege de nieuwe systematiek.
In ieder geval wijzigen onder de Omgevingswet de huidige wettelijke grondslagen van bestaande taken en bevoegdheden. Een groot aantal van deze taken en bevoegdheden die op grond van de huidige wet- en regelgeving bij het college van burgemeester en wethouders liggen, zijn via bijlage 2 (taken) en 3 (bevoegdheden) behorende bij de Verordening aan het dagelijks bestuur van de stadsdelen of de bestuurscommissie van Weesp opgedragen of gemandateerd. Om te zorgen dat de huidige taken en bevoegdheden ook onder de Omgevingswet kunnen worden uitgeoefend, zijn bijlage 2 en 3 behorende bij de Verordening gewijzigd door er een nieuw deel aan toe te voegen voor de bevoegdheden onder de Omgevingswet.
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 2 van 5
2. De huidige taken en bevoegdheden die namens het college in mandaat door de dagelijks besturen worden uitgevoerd, blijven zo veel mogelijk hetzelfde, tenzij een wijziging in de taken en bevoegdheden voortkomt uit een wettelijke verplichting of uit de systematiek/stelsel van de Omgevingswet. Als hoofdregel geldt net als nu dat alle taken en bevoegdheden worden gemandateerd aan het dagelijks bestuur van het stadsdeel of het stadsgebied, tenzij het gaat om: i. taken en bevoegdheden t.a.v. milieubelastende activiteiten die door de wetgever via het basistakenpakket (BTP) direct bij de Omgevingsdienst zijn belegd. De wetgever heeft in de Omgevingswet bepaald dat het college de taken en bevoegdheden uit het BTP aan de Omgevingsdienst moet mandateren. In de huidige situatie is een deel van het BTP, gebaseerd op de huidige wetssystematiek, aan de stadsdelen gemandateerd. Deze taken en bevoegdheden uit het huidige BTP worden vervolgens door het dagelijks bestuur aan de Omgevingsdienst gemandateerd. Onder de Omgevingswet worden alle taken uit het BTP direct aan de Omgevingsdienst gemandateerd. ii. taken en bevoegdheden die op grond van het document “Afspraken taak- en bevoegdheidsverdeling plustaken OD/VTH Stadsdelen " bij de OD zijn belegd.
Onder de Omgevingswet wijzigt de systematiek voor milieubelastende activiteiten en komen er meer onderwerpen over de fysieke leefomgeving in het omgevingsplan. De overgang naar het nieuwe stelsel onder de Omgevingswet zorgt ervoor dat er op dit moment nog geen volledige duidelijkheid is over de omschrijving van taken en bevoegdheden die naast het BTP als ‘plustaken’ door de Omgevingsdienst worden uitgevoerd. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet is het daarom moeilijk om de verdeling van de 'plustaken’ volledig vast te leggen. Het uitgangspunt is om de bestaande verdeling zoveel mogelijk beleidsneutraal over te nemen, maar het is denkbaar dat deze verdeling in de praktijk anders uitwerkt. Vanwege deze nieuwe systematiek en de adviezen van een aantal stadsdelen is ervoor gekozen om de verdeling van bepaalde 'plustaken’ en bevoegdheden tussen de stadsdelen en de omgevingsdienst voorlopig vast te leggen in werkafspraken. Ambtelijk worden er tussen de VTH afdelingen van de stadsdelen en de omgevingsdienst werkafspraken gemaakt over de verdeling van deze taken en bevoegdheden tussen de omgevingsdienst en de stadsdelen.
De werkafspraken betreffende deze taken en bevoegdheden zullen landen in de “Afspraken taak- en bevoegdheidsverdeling plustaken OD/VTH Stadsdelen”, die door de Directeur Gebiedsgericht Werken en Stadsbeheer zullen worden vastgesteld vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet. De taken en bevoegdheden die volgens de werkafspraken bij de omgevingsdienst liggen worden uitgezonderd van het mandaat naar het dagelijks bestuur van de stadsdelen en het stadsgebied Weesp. iii. taken en bevoegdheden in gebieden die op kaart A en C zijn aangewezen als stedelijk gebied, project of belang, waarbij de voorbereiding van besluiten bij het college blijft respectievelijk de VTH-bevoegdheden aan de omgevingsdienst zijn gemandateerd. In de huidige verordening zijn op de kaart in bijlage A de stedelijke gebieden, projecten en belangen opgenomen. Op deze kaart zijn middels een arcering ook de
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 3 van 5
gebieden aangeduid waar de huidige Wabo VTH taken bij de Omgevingsdienst zijn belegd. In de praktijk bleek het verwarrend dat deze aanduidingen op eenzelfde kaart zijn opgenomen. Met het opstellen van de nieuwe mandaten, is dit verduidelijkt door deze bevoegdheidsverdeling op twee aparte kaarten weer te geven. Op de kaart in bijlage A is nu opgenomen waar de stedelijke gebieden, projecten en belangen liggen (rood danwel blauw gekleurd). In deze gebieden ligt het bestuurlijk opdrachtgeverschap bij het college en wordt het opstellen van een wijziging van een Omgevingsplan vanuit het college wordt geïnitieerd. Op de kaart in bijlage C is middels een arcering opgenomen waar, behoudens enkele uitzonderingen, de VTH taken en bevoegdheden bij de Omgevingsdienst liggen. 3. De wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht die voorheen bij het college lag wordt deze onder de Omgevingswet via een binnenplanse omgevingsplanactiviteit aan de dagelijks besturen gemandateerd; De huidige wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht die in een bestemmingsplan kan worden opgenomen wordt onder de Omgevingswet gezien als een aanvraag om een vergunning voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit. In de huidige systematiek ligt de bevoegdheid om een wijzigingsplan of een uitwerkingsplan vast te stellen bij het college.
De bevoegdheid om te besluiten op een aanvraag voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit is wel gemandateerd aan het dagelijks bestuur. Dit betekent dat het dagelijks bestuur onder de Omgevingswet hierover in mandaat kan besluiten, terwijl deze bevoegdheid in het huidige systeem bij het college ligt. Uiteraard kan van deze mogelijkheid alleen gebruik worden gemaakt als de aanvraag binnen de door de raad in het moederplan vastgestelde kaders wordt gebleven. In de verordening is, gezien de aard van de bevoegdheid, wel bepaald dat dit onderdeel niet kan worden ondergemandateerd. 4. De bevoegdheid om de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren, wordt aan de dagelijks besturen gemandateerd; Voor het college bestaat onder de Omgevingswet de mogelijkheid om de uitgebreide procedure van toepassing te verklaren op een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Voor zover de bevoegdheid om te besluiten op de aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit aan het dagelijks bestuur is gemandateerd is de bevoegdheid om de uitgebreide procedure (afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht) van toepassing te verklaren ook gemandateerd. Het college – of het dagelijks bestuur in mandaat – kan bij een concrete aanvraag beoordelen of zij van deze bevoegdheid gebruik wil maken. 5.
De stadsdeelcommissie of bestuurscommissie van Weesp krijgt als taak om in gevallen waarbij de gemeenteraad de bevoegdheid heeft om een bindend advies uit te brengen over een aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, de gemeenteraad te adviseren; De stadsdeelcommissie krijgt als taak om advies uit te brengen over een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, waarvoor een bindend advies van de raad is vereist. Dit betekent dat het dagelijks bestuur de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarover de raad bindend moet adviseren, eerst voor advies aan de stadsdeelcommissie voorlegt. Het dagelijks bestuur stuurt dit advies door aan het college. Vervolgens voegt het college bij de voorbereiding van het bindend advies voor de raad het advies
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 4 van 5
van de stadsdeelcommissie bij. De raad kan dan vervolgens het advies van de stadsdeelcommissie betrekken bij het bindend advies. Nadat de raad bindend heeft geadviseerd kan het college of het dagelijks bestuur in mandaat de aanvraag voor de omgevingsvergunning verder afhandelen. 6. Eén jaar na inwerkingtreding van dit besluit vindt een evaluatie plaats over deze wijziging van de verordening in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De wijziging van de Verordening anticipeert op de nieuwe Omgevingswet waarvan de werking nieuwe werkwijzen met zich meebrengt. Gelet hierop wordt bepaald dit besluit na een jaar na inwerkingtreding te evalueren. Motie 27 van 26 januari 2022 van de leden Ernsting (GL), Boutkan (PvdA) en De Jager (D66) Op 26 januari 2022 heeft de raad motie 27 van de leden Ernsting, Boutkan en De Jager over de rol van de stadsdeelcommissie bij het bindend adviesrecht van de raad aangenomen. In de motie wordt het college verzocht: in de definitieve raadsvoordracht voor het bindend adviesrecht de stadsdeelcommissie die het aangaat, de taak te geven bij een aanvraag voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit het bindend advies van de raad voor te bereiden.
In het voorstel voor de raadsvoordracht een eventuele wijziging van het vergunningsproces mee te nemen en aanpassing van de taken en/of bevoegdhedenlijst behorende bij de verordening stadsdelen en stadsgebied Amsterdam 2022 In de definitieve raadsvoordracht voor het bindend adviesrecht als besproken in de raadsvergadering van 10 november 2022 is aangegeven dat de motie zal worden verwerkt in de wijziging van de verordening. In de bespreking daarvan is toen ook aangegeven dat het nog niet mogelijk is een wijziging in het vergunningenproces in geval van een bindend advies van de raad, mee te nemen (tweede deel van de motie). Daarom is er bij het aanwijzen van de gevallen voor bindend adviesrecht besloten om na een jaar te evalueren hoe aanwijzingsbesluit functioneert en zal aan de hand van de uitkomsten van de evaluatie bekeken worden of de procedure geoptimaliseerd moet worden. Een belangrijke reden om nu niet te gaan voor een ‘optimalisatie’ is omdat het op voorhand moeilijk is in te schatten hoe alle nieuwe processen van een wet die nog niet inwerking is getreden gaan lopen, waarvan we ook nog eens midden in de implementatie van zitten. Om die reden wordt voorgesteld om eerst te kijken hoe het werkt en om daarna te bedenken waar er eventueel kan worden bijgestuurd. Dit zal ook breder worden bekeken dan enkel de aanwijzingsbevoegdheden.
Uit het advies van de Universiteit Groningen, dat is opgenomen bij het bespreekpunt in de commissie SED van 13 september 2023 en de raad van 20 september 2023 inzake de wijziging van de Verordening, blijkt duidelijk dat de onder de Omgevingswet voorgestelde verzwaarde adviesbevoegdheid ten aanzien van buitenplanse omgevingsactiviteiten zich niet leent voor delegatie noch voor mandaat, omdat de aard van de bevoegdheid zich daartegen verzet.
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 18 juli 2023 Pagina 5 van 5
Daarom krijgt, zoals hierboven onder 5. al nader is toegelicht, in de gevallen waar bindend advies moet worden gevraagd aan de raad, de stadsdeelcommissie die het aangaat of de bestuurscommissie van stadsgebied Weesp de taak om de raad in deze gevallen te adviseren. Dit is opgenomen in bovengenoemde besluit tot wijziging van de verordening door de deze adviestaak toe te voegen aan bijlage 2 (taken) van de Verordening. Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Reinier van Dantzig Wethouder Woningbouw en Stedelijk Ontwikkeling
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl