CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5. Nota van wijzigingen TAM-omgevingsplan H22K Oude Houthaven.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 4 februari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van het TAM-omgevingsplan H22K Oude Houthaven 1e wijziging (VN2025-018693)1.441 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van wijzigingen TAM-omgevingsplan H22K Oude Houthaven 1e wijziging

Versie: 1.6 Datum: 9 december 2025

Inleiding Het ontwerp TAM-omgevingsplan H22K Oude Houthaven 1e wijziging heeft van donderdag 11 september 2025 tot en met woensdag 22 oktoberter inzage gelegen Er zijn 5 zienswijzen ingediend . Deze zienswijzen hebben niet tot aanpassing van het plan geleid. De zienswijzen zijn afzonderlijk beantwoord in een nota van beantwoording zienswijzen. Ook zijn er ambtelijke wijzigingen doorgevoerd in het TAM-omgevingsplan. In voorliggend document wordt een overzicht van de wijzigingen gegeven.

1. Wijzigingen naar aanleiding van zienswijzen A. Wijzigingen in de Toelichting Niet van toepassing

B. Wijzigingen in de regels Niet van toepassing

C. Wijzigingen op de verbeelding Niet van toepassing

2. Ambtelijke wijzigingen A. Wijzigingen in de Toelichting 1. Aanpassen paragraaf 5.8.3 Besluitgebied Paragraaf 5.8.3 Besluitgebied, wordt gewijzigd en komt te luiden: 5.8.3.1 Ecologie Staro BV heeft in opdracht van de gemeente Amsterdam een Quickscan natuur uitgevoerd. In deze paragraaf is een samenvatting van de onderzoeksresultaten opgenomen. Het volledige onderzoek is opgenomen als Bijlage 4. Natura 2000-gebieden Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied ligt op ongeveer 5 km afstand. Het besluitgebied ligt buiten Natura 2000-gebied. Effecten kunnen uitsluitend optreden als gevolg van externe werking. Via een AERIUSberekening zijn eventuele effecten berekend. Voor de uitkomst van deze berekening wordt verwezen naar subparagraaf 5.8.3.2 Stikstofdepositieonderzoek. Natuurnetwerk Nederland Het besluitgebied maakt geen onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Gezien de relatief grote afstand tussen het projectgebied en het NNN en de aard van de voorgenomen werkzaamheden is het uit te sluiten dat de voorgenomen werkzaamheden een negatief effect hebben op de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNN. Hoofdgroenstructuur

Het besluitgebied maakt geen onderdeel van de Hoofdgroenstructuur. Het dichtstbijzijnde gebied dat deel uitmaakt van de hoofdgroenstructuur ligt op circa 350 meter afstand ten oosten van het projectgebied. Dit betreft het Stenenhoofd. Het projectgebied behoort niet tot de hoofdgroenstructuur van gemeente Amsterdam. Het is daarom uit te sluiten dat de voorgenomen werkzaamheden een negatief effect hebben op de op de hoofdgroenstructuur van gemeente Amsterdam. Ecologische structuur Het besluitgebied maakt geen onderdeel uit van de Ecologische structuur. Het is daarom uit te sluiten dat de werkzaamheden een negatief effect hebben op de ecologische structuur van gemeente Amsterdam. De werkzaamheden zorgen niet voor het ontstaan van knelpunten. Bij dit project zijn geen mogelijkheden om bestaande knelpunten op te heffen. Hoofdbomenstructuur Binnen het besluitgebied komen geen bomen voor die onderdeel zijn van de Hoofdbomenstructuur. Negatieve effecten door uitvoering van de werkzaamheden ten aanzien van de Hoofdbomenstructuur zijn uitgesloten. KRW Oppervlaktewaterlichamen Het water in het besluitgebied is aangewezen als KRW-oppervlaktewaterlichaam. Het project dat met voorliggend TAM-plan mogelijk wordt gemaakt, kan invloed hebben op de kwaliteit van het oppervlaktewater en de ecologische toestand.

Door de werkzaamheden en de verwijdering van de oude steigers zal waterflora met daaraan verbonden waterfauna worden vernietigd en mogelijk grond worden omgewoeld. Hierdoor zal ook habitat van de voorkomende vissen veranderen en tijdelijk verdwijnen. Door het plaatsen van de nieuwe steigers zal grond worden omgewoeld, waardoor vertroebeling van het water

zal ontstaan. Na afronding van de werkzaamheden zal de situatie herstellen en vergelijkbaar zijn met de huidige situatie. Beschermde soorten In het besluitgebied komen mogelijk verschillende soorten voor die zijn beschermd. Voor verschillende beschermde vaatplanten (muurflora) is er geschikte habitat. De muurflora groeit op en uit de kademuur. Mogelijk gaat beschermde habitat verloren op de plekken waar de nieuwe steigers aan de kademuur worden bevestigd. Zodra duidelijk is op welke wijze de werkzaamheden uitgevoerd zullen worden en in hoeverre mogelijk beschermde muurflora verloren gaat, zal een ecologisch deskundige de kademuur inspecteren op aanwezige beschermde muurflora. Indien beschermde muurflora verloren gaat, zal deze gespaard moeten worden of verplant worden naar een geschikte locatie. Het water in het projectgebied kan als foerageergebied gebruikt worden door vleermuizen. De geplande werkzaamheden zullen een tijdelijk negatief effect hebben op het foerageergebied. In de directe omgeving is echter genoeg ander geschikt foerageergebied. Na afronding van de werkzaamheden is het projectgebied weer geschikt als foerageergebied. Tevens kan verstoring van foeragerende vleermuizen binnen het projectgebied plaatsvinden door gebruik van (extra) kunstlicht bij uitvoering van de werkzaamheden en wanneer in de nieuwe situatie extra verlichting wordt geplaatst.

Tijdens de werkzaamheden kunnen er geschikte omstandigheden ontstaan voor rugstreeppadden. Van belang is dat dit wordt vermeden door zandhopen af te dekken en geen ondiepe waterplassen in het terrein te laten liggen. Deze maatregel dient te worden geborgd in een Ecologisch Werkprotocol. Zodra de werkzaamheden concreet zijn, is een nader onderzoek naar de aanwezigheid van muurflora noodzakelijk. Middels dit onderzoek kunnen de mogelijk negatieve effecten op beschermde muurflora in kaart worden gebracht. Indien uit het nader onderzoek blijkt dat voorafgaand aan de werkzaamheden een vergunning van de Omgevingswet moet worden verkregen, dient een aanvraag voor een omgevingsvergunning bij het Omgevingsloket te worden ingediend. Bij de aanvraag dient ook een mitigatieplan/activiteitenplan ingediend te worden. Hierin staat onder andere welke mitigerende en compenserende maatregelen genomen zullen worden. Het TAM-omgevingsplan staat het uitvoeren van mitigerende en compenserende maatregelen niet in de weg.

2. Toevoegen subparagraaf 5.8.3.2 Stikstofdepositieonderzoek Subparagraaf 5.8.3.2 Stikstofdepositieonderzoek, dat als volgt komt te luiden, is toegevoegd. 5.8.3.2 Stikstofdepositieonderzoek Els & Linde heeft in opdracht van de gemeente Amsterdam stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd (zie Bijlage 5). Het onderzoek is uitgevoerd voor de Natura 2000-gebieden Ilperveld, Varkensland, Oostzanerveld en Twiske (afstand 4,5 km) en Polder Westzaam (afstand 7,1 km). Overige Natura 2000-gebieden liggen op grotere afstand van het perceel. Zowel de bouwfase als de gebruiksfase zijn onderzocht. Uit de berekeningen volgt dat er zowel tijdens de bouwfase als de gebruiksfase geen verhoogde depositie ontstaat op Natura 2000-gebieden. Een vergunning is niet nodig.

3. Toevoegen ecologisch onderzoek Onder doornummering van de overige bijlagen is Bijlage 4 Quickscan natuur Realisatie steigers en ligplaatsen in Oude Houthaven oktober 2025 toegevoegd aan de bijlagen

4. Toevoegen stikstofonderzoek Onder doornummering van de overige bijlagen is Bijlage 5 Memo Stikstofdepositie 100925 toegevoegd aan de bijlagen

B. Wijzigingen in de Regels 1. Wijzigen artikel 1.1 Onderdeel van het omgevingsplan Amsterdam Artikel 1.1 ‘Onderdeel van het omgevingsplan Amsterdam’ , dat als volgt luidt: Dit TAM-Omgevingsplan H22K Oude Houthaven 1e wijziging is onderdeel van het Omgevingsplan Amsterdam komt te luiden: Positie binnen het Omgevingsplan gemeente Amsterdam, toepassingsbereik a. Dit TAM-Omgevingsplan is onderdeel van het Omgevingsplan gemeente Amsterdam. b. De regels in dit TAM-Omgevingsplan zijn aanvullend op het bestemmingsplan Oude Houthaven. c. De regels in dit TAM-omgevingsplan gelden binnen het Besluitgebied van dit TAM-omgevingsplan.

2. Vervallen artikel 1.2 Geografisch werkingsgebied van de regels Artikel 1.2 ‘Geografisch werkingsgebied’ is komen te vervallen 3. Vervallen artikel 1.3 Oogmerk van de regels Artikel 1.3 ‘Oogmerk van de regels’ is komen te vervallen

4. Toevoegen van een inleidend artikel aan artikel 2 Begripsbepalingen Aan artikel 2 Begripsbepalingen wordt een inleidend artikel toegevoegd, dat als volgt luidt: In aanvulling op artikel 1 van het op grond van artikel 3.1 van de toenmalige Wet ruimtelijke ordening vastgestelde bestemmingsplan Oude Houthaven, identificatienummer NL.IMRO.0363.E1710BPSTD-VG01, gelden voor de toepassing van dit TAM-omgevingsplan de volgende begripsbepalingen: 5. Toevoegen artikel 2.7 Hoofdregeling Aan artikel 2 Begripsbepalingen, wordt artikel 2.7 Hoofdregeling toegevoegd, dat als volgt komt te luiden: Het regelingdeel Omgevingsplan gemeente Amsterdam, vindbaar op https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR696291, en raadpleegbaar via de viewer Regels op de kaart onder

de naam Omgevingsplan gemeente Amsterdam, of identificatienummer /akn/nl/act/gm0363/2020/omgevingsplan. 6. Vervallen artikel 3.1 Voorrangsbepaling Artikel 3.1 Voorrangsbepaling is komen te vervallen 7. Vervallen artikel 3.2 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding ‘Gebruiksdoel Water’, toegestaan gebruik Artikel 3.2 Gebruiksdoel ter plaatse van de aanduiding ‘Gebruiksdoel Water’, toegestaan gebruik is komen te vervallen 8. Vervallen artikel 3.3 Voorrangsbepaling Artikel 3.3. Voorrangsbepaling is komen te vervallen 9. Vervallen artikel 4 Geluidgevoelige gebouwen in geluidaandachtsgebieden Artikel 4 Geluidgevoelige gebouwen in geluidaandachtsgebieden is komen te vervallen 10. Vervallen artikel 5 Nader onderzoek explosieven Artikel 5 Nader onderzoek explosieven is komen te vervallen. 11. Vervallen hoofdstuk 3 Activiteiten met betrekking tot bouwen (Omgevingsplanactiviteit Bouwactiviteit) Hoofdstuk 3 Activiteiten met betrekking tot bouwen (Omgevingsplanactiviteit Bouwactiviteit) is komen te vervallen. 12. Vervallen Bijlage 1 Nader onderzoek onontplofte explosieven Bijlage 1 bij de regels ‘Nader onderzoek onontplofte explosieven’ is komen te vervallen.

C. Wijzigingen aan de Verbeelding 1. Vervallen gebiedsaanduiding ‘overige zone – nadere afweging geluid bij bouwplan noodzakelijk’ De gebiedsaanduiding ‘overige zone – nadere afweging geluid bij bouwplan noodzakelijk’ is verwijderd. 2. Vervallen specifieke bouwaanduiding – nader onderzoek niet geëxplodeerd explosief noodzakelijk’ De specifieke bouwaanduiding ‘nader onderzoek niet geëxplodeerd explosief noodzakelijk’ is verwijderd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16523758/1