CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Adviesrapport WomenMakeSoutheast.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 19 januari 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met de Ontwikkelstrategie ArenAPoort 2030, inclusief het Ruimtelijk Kwaliteitskader voor de Transformatie van ArenAPoort ,en het beschikbaar stellen van een krediet (ZD2021-016413)17.198 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

1

“Fijn dat we toch nog konden adviseren.’’ “Het is altijd de moeite waard!” -WMS-

2

Inhoud 1.

Introductie

4

1.2

De Vrouwenadviesraad van WMS

6

2.

De werkmethode

11

2.2

JCI uitleg

12

3.

Compleet en verbonden

18

3.1

Acceptatie

19

3.2

Identiteit

22

3.3

Veerkracht

24

3.4

Betrokkenheid

25

3.5

Welvaart

26

3.6

Aspiratie

28

3.7

Belangrijkste adviezen Compleet en verbonden

29

4.

Een centrum voor iedereen

31

4.1

Eerlijkheid

32

4.2

Welvaart

35

4.3

Betrokkenheid

39

4.4

Aspiratie

39

4.5

Veerkracht

41

4.6

Acceptatie

41

4.7

Belangrijkste adviezen Een stad voor iedereen

43

5.

Conclusie

45

3

1. Introductie Vanuit de Ontwikkelstrategie ArenAPoort wordt de komende jaren via vijf thema’s gewerkt aan het realiseren van een volwaardig en aantrekkelijk centrum voor Amsterdam Zuidoost. Hoe denken vrouwelijke bewoners van Amsterdam Zuidoost over de plannen voor ArenAPoort? Deze vraag zou normaal gesproken beantwoord worden nadat de vrouwen van de WMS Adviesraad samen met het projectteam ArenAPoort in een (digitale) werksessie de plannen zouden hebben besproken. Vanwege de naderende deadline van het Ontwikkelperspectief was dit deze keer niet mogelijk. WMS kwam daarom met een (afgeslankt) voorstel met focus op twee van de vijf thema’s uit de Ontwikkelstrategie ArenAPoort. WomenMakeSoutheast (WMS) is een onafhankelijk collectief van vrouwen 1 met roots in Amsterdam Zuidoost die zich willen inzetten voor een rechtvaardig en sterk stadsdeel en tegen segregatie en kansenongelijkheid. WMS is gelieerd aan WomenMakeTheCity (WMTC) 2 , een collectief dat de gemeente op stadsbreed niveau adviseert over gebiedsontwikkeling. Het vrouwelijk perspectief kijkt, geïnformeerd door hedendaags feminisme, naar de verschillende factoren die beïnvloeden hoe mensen de stad beleven, zoals gender, klasse, afkomst, kleur, seksuele voorkeur en fysieke gesteldheid.

Bij WMS streven we ernaar om de heersende normen te bevragen en de stemmen te vertegenwoordigen die vaak niet worden meegenomen in het stadsbeleid. Een waardevolle visie, ook voor de toekomstige ArenAPoort. Met het advies op de twee thematische speerpunten ‘Compleet en verbonden’ en ‘Een centrum voor iedereen’, geven wij graag input voordat het plan wordt voorgelegd aan de Gemeenteraad (voorjaar 2021). Welke aspecten hebben volgens de vrouwelijke bewoners nog meer aandacht nodig? Waar moet verder nog over nagedacht worden en hoe moet dat terugkomen in de plannen? Voor dit verkorte (en last minute georganiseerde) adviestraject is uit het WMS netwerk een Vrouwenadviesraad samengesteld van tien vrouwen met verschillende leeftijden, achtergronden, functies en uit verschillende delen van Amsterdam Zuidoost. Ter voorbereiding op WMS adviestrajecten, zijn deze vrouwen getraind in het werken met de JCI en zijn zij in staat om de plannen te bekijken vanuit de waarden en indicatoren die belangrijk zijn voor Zuidoost. Hun inbreng is door het kernteam vertaald naar concrete adviezen en aanvullingen op de plannen.

1 2

Onder vrouwen verstaan wij cis vrouwen, trans vrouwen, femmes en iedereen die zich maar herkent in het vrouwelijke perspectief. WomenMakeTheCity (WMTC) is een initiatief van wethouder Marieke van Doorninck (Ruimtelijke Ontwikkeling & Duurzaamheid) om te zorgen dat er een het vrouwelijk perspectief wordt meegenomen in het bouwen aan de toekomst van Amsterdam. De inbreng van de vrouwen wordt verwerkt en meegenomen bij het (mee)schrijven van de Omgevingsvisie 2050. Zie deze link voor meer informatie.

4

De WMS Adviesraadleden bekijken de plannen vanuit hun kennis van het stadsdeel en nemen daarbij de belangen van de verschillende soorten bewoners mee. De deelnemende vrouwen is gevraagd om de betreffende hoofdstukken uit de Ontwikkelstrategie te lezen en de Livecast van 30 november terug te kijken. Aan elk van de twee thematische doelen ‘Compleet en verbonden’ en ‘Een centrum voor iedereen’, zijn door het kernteam 3 van WMS, 6 (van de 12) meest relevante JCI waarden gekoppeld. De indicatoren bepalen de mate waarin de betreffende JCI waarde wordt behaald en daarmee, hoe goed die centrale waarden scoren op deze twee onderdelen van de Ontwikkelstrategie. Via een online questionnaire wordt aan de WMS Vrouwenadviesraad gevraagd om per thema te beoordelen in hoeverre er aan de indicatoren wordt voldaan. De scores vormen de leidraad voor de analyses. Daarnaast wordt aanvullend input gevraagd aan de WMS Adviesraad via een speciaal daartoe gemaakt formulier.

Vanuit de methodiek van ‘The Just City Index’ (JCI) wordt inzichtelijk gemaakt welke randvoorwaarden nodig zijn om de doelen te kunnen realiseren en in welke mate hiervoor al aandacht is in het plan. In paragraaf 2.2 leest u meer over de JCI. WMS levert een adviesverslag waarin per thema wordt besproken hoe de plannen scoren op de zes gekozen centrale JCI Waarden en bijbehorende indicatoren. Elk onderwerp eindigt met een opsomming van concrete adviezen die WMS graag opgenomen zou willen zien in de Ontwikkelstrategie, dan wel ter bespreking voorgelegd zou willen zien aan zowel de Bestuurscommissie als de Gemeenteraad. Dit rapport is een weergave van de resultaten van deze gesprekken, aangevuld door schriftelijk ingediende adviezen van de WMS Vrouwenadviesraad.

3

Normaal gesproken wordt het vaststellen van de 6 belangrijkste waarden per onderwerp/thema, via een questionnaire bepaald door de Vrouwenadviesraad. Wegens de tijdsdruk vanwege de late start is ervoor gekozen om de 6 JCI waarden per thema vooraf vast te stellen door het kernteam.

5

1.2 De Vrouwenadviesraad van WMS Wie zijn wij? WMS bestaat uit een betrokken netwerk van ruim 20 vrouwen van verschillende achtergronden, leeftijden, functies en uit verschillende delen van Zuidoost. Daarvan nemen 12 vrouwen deel aan de Vrouwenadviesraad die de gemeente - samen met het kernteam - adviseert over gebiedsontwikkeling en andere aan Zuidoost gerelateerde thema’s. Zes vrouwen uit het netwerk hebben zich opgegeven voor de reservelijst van de Vrouwenadviesraad. Zo zullen er gegarandeerd tien adviesraadleden beschikbaar zijn bij elke adviesopdracht. Het kernteam van WMS is verantwoordelijk voor de organisatie van de werksessies, adviestrajecten, netwerkbijeenkomsten, het op de hoogte houden van het netwerk en het afstemmen met de opdrachtgevers.

6

ORGANISATIE WOMENMAKESOUTHEAST

Marthe Singelenberg

Strategisch adviseur & voorzitter: Marthe Singelenberg Marthe is projectleider van WMTC en is een van de initiatiefnemers van WMS. Zij was vanaf het begin betrokken bij het opzetten van WMTC en heeft ervoor gezorgd dat de adviezen van vrouwen uit de hele stad zijn opgenomen in de Omgevingsvisie. In haar werk als stadsantropoloog doet ze onderzoek naar verhalen die gehoord moeten worden en zet ze projecten op die ervoor zorgen dat deze verhalen een podium en de impact krijgen die ze verdienen. Marthe legt als projectleider de verbindingen tussen de gemeente en WMS en is verantwoordelijk voor de inhoud en opvolging het WMS programma.

Ria Braaf-Fränkel

Just City Index expert en strategisch adviseur: Ria Braaf-Fränkel Ria is kernteamlid van WMTC en is een van de initiatiefnemers van WMS. Als zelfstandig professional met een bestuurskundige achtergrond en betrokken bewoner van Zuidoost, werkt ze graag vanuit een integraal perspectief aan de ontwikkeling van buurten, het creëren van social impact en het versterken van de wijkeconomie. In de afgelopen 2 jaar heeft zij zich gespecialiseerd in Just City Index (JCI) en in de toepassing daarvan bij gebiedsontwikkeling volgens de principes van de rechtvaardige stad en samenleving. Als community manager zorgt Ria ervoor dat de vrouwen van WMS aangehaakt en betrokken blijven en zij is verantwoordelijk voor het opstellen van de werkmethode van de Just City Index bij de adviestrajecten.

Online bijeenkomst WomenMakeTheCity voorjaar 2020

Illustratie: Jurian Voets

Producent en projectleider: Dija Kabba Dija is de nieuwste aanwinst van het WMS team en zal de rol van producent op zich nemen. Zij is een jonge vrouw en geboren en getogen in Amsterdam Zuidoost. Naast haar studie Cognitiewetenschappen en Kunstmatige Intelligentie aan de UvA maakt zij radio en podcasts over Zuidoost. Via deze weg verzamelt zij allerlei mooie verhalen uit het stadsdeel, die ze kan inzetten om het werk van WMS te versterken. Dija zal zich inzetten voor de organisatie van de werksessies, de verslaglegging, vormgeving en promotie van de activiteiten van WMS. Daarnaast ondersteunt zij het team met een aantal administratieve taken.

7

EVEN VOORSTELLEN WOMENMAKESOUTHEAST

Ik ben Dija Kabba, een jonge vrouw uit Amsterdam Zuidoost. Kort geleden heb ik me aangesloten bij het kernteam van WMS als producent en projectleider! Als freelancer maak ik radio en podcasts, via deze weg verzamel ik allerlei mooie verhalen uit ons stadsdeel. Daarnaast studeer ik Cognitiewetenschappen en Kunstmatige Intelligentie aan de Universiteit van Amsterdam. Als betrokken en gedreven bewoner van Zuidoost, help ik graag ons Zuidoost ontwikkelen naar een Zuidoost voor iedereen. Oud en nieuw. Jong en oud.

Mijn naam is Glainess Adely Copra. Jurist in hart en nieren. Daarnaast betrokken bij het cultuur onderlegd maken van de volgende Surinaamse generatie. Lid van de Vrouwenadviesraad Women Make the City. Trainer in bestaanszekerheid. Kortom een enorm gedreven en krachtige vrouw.

Saskia Bosnie heeft ruim 8 jaar werkervaring bij een Amsterdamse woningcorporatie. Daar hield ze zich bezig met de ontwikkeling van woningen en de rol van bewoners hierin. Ook werkte ze aan het splitsen van complexen om deze voor de verkoop gereed te maken. Saskia studeerde af aan de Universiteit van Amsterdam op een project over bewonersparticipatie binnen het bouwproces als stadssociologe. Saskia’s bureau Sabo Advies is een adviesorganisatie voor bewonersparticipatie die bruggen slaat tussen bewoners, woningcorporaties, projectontwikkelaars, beleggers, gemeente, bouwbedrijven VvEbeheerders en overige partijen.

Stephany Biezen, Agoog

Maartje Bos

en cultureel ondernemer. Eigenaar Projectbureau Going Social www.goingsocial.nl. Ik ben een ondernemer met een passie voor mensen. Sinds 2004 realiseer ik programma’s op het snijvlak van cultuur en maatschappij op eigen initiatief en in opdracht van derden, waaronder Gemeente Amsterdam Stadsdeel Zuidoost. Ik richt mij hierbij op kinderen, jongeren en volwassenen, met extra focus op vrouwen. Speerpunten binnen mijn programma’s zijn het verbinden van mensen, het bevorderen van talentontwikkeling en het vergroten van de maatschappelijke participatie van verschillende doelgroepen. Op deze manier wil ik bijdragen aan een divers en inclusief Amsterdam.

Waar ik van droom en wat ik wil bereiken Ik droom van een veerkrachtige, inclusieve, duurzame en innovatieve stad en samenleving. Een stad die bouwt aan haar veerkracht en toekomstbestendig is Waar het niet uitmaakt waar je vandaan komt, in welk milieu je bent opgegroeid of hoe lang je er woont Een stad waar het gaat om wat je te bieden hebt als mens en welke waarde je toevoegt. Wie ik ben en waar voor ik sta - Resilient city expert cocreator, facilitator - Woon/werk in Zuidoost e.o. - Bouwer van living labs samenwerkingsverbanden. - Inclusief en verbindend

Jacintha Curwen43 jaar. ZPP-er op financieel gebied. 16 jaar woonachtig in Amsterdam Zuidoost, waarvan 2 jaar in de K-buurt. Opleiding: Bedrijfseconomie, master in Financial accounting & reporting. Actief op het gebied van bewustwording duurzaamheid en recycling met onze stichting RecyQ. We hebben meerdere projecten gedaan in Amsterdam Zuidoost (Glas in het Bakkie project Zuidoost een project omtrent afval scheiden in Gein, Holendrecht, Hbuurt, Venserpolder en Bijlmer-centrum). Tevens projecten in Dominicaanse Republiek gedaan met Stichting Kroy omtrent zonnepanelen beschikbaar stellen voor scholen.

8

EVEN VOORSTELLEN vervolg

Ching-ling Hsiao Geboren in China. Ontwikkeld in Nederland. Woonachtig in Amsterdam Zuidoost. Zij staat in de zomer periode met haar theebus op de Bullewijckpad. Uit de theebus wordt Aziatische hapjes en Chinese pure thee verkocht. Voor haar theebus ontstaan mooie ontmoetingen tussen de buurtbewoners, Ikeagangers, kantoormensen en vakantiegangers. Zij is als sociaal ondernemer actief om connecties en verbindingen te leggen. Daarnaast denkt en doet zij graag mee met ontwikkelingen die deel uitmaken om stadsdeel Amsterdam Zuidoost mooier te maken. Waarin de oude bewoners als nieuwe bewoners zich welkom voelen.

Mijn naam is Madelon Timmers, 33 jaar en sinds 3 jaar woon en werk ik in Amsterdam Zuidoost. Mijn speelveld is breed en divers. Als ondernemer kan je me tegenkomen in de rol als schrijver, sociaal organisatie psycholoog, muzikant, vormgever, kunstenares, projectontwikkelaar, coach en/of trainer. Met mijn bedrijf Concreate Productions breng ik generaties, culturen en disciplines samen in het maken van projecten, programma’s en events in en met de community. Mijn missie? Meebouwen aan een verbonden, zelfredzame en creatieve community! Voor meer info kijk (vanaf 2021 vernieuwd) op: www.concreate.info

Ik ben Rachella Vorm, directrice van RV Exclusive, coach, begeleid, breng publieke en zakelijke belangen bij elkaar. Ik ben gewend om in gesprek te gaan met regeringsleiders, commissarissen en DGA’s en te bemiddelen. Dit alles maakt mij tot een invloedrijke netwerker, die op succesvolle en innovatieve wijze partijen aan elkaar verbindt. In dit kader zie ik mezelf ook als lobbyist, omdat ik in het contact met bestuurders, vertegenwoordigers en mensen uit het bedrijfsleven zowel lokaal als internationaal, aandacht probeer te vragen voor zaken en belangen van diverse groepen mensen en invloed probeer uit te oefenen.

Jean Stuger

Valerie Paulina

Mijn kwaliteiten : Ik ben betrokken, empatisch, nieuwsgierig en oplossingsgericht. Mijn ambitie is mensen begeleiden, adviseren en ondersteunen privé en in hun loopbaan in de breedste zin van het woord. Ik ben werkzaam op de financiële administratie van het bankwezen. Voor de gemeente Amsterdam heb ik projecten gedaan binnen het Programma Hervorming Stedelijke Vernieuwing 2013-2014. Ik heb o.a. debatten georganiseerd voor bewoners in Holendrecht. Het doel was de zelfredzaamheid van bewoners te vergroten. Het thema dat ik hierbij behandeld heb was armoede bestrijding. Het instrument dat ik hierbij gebruikte was het organiseren van film- en documentaire middagen.

Ik ben een enthousiaste en gedreven producer met een brede interesse op het gebied van media en maatschappij. Mijn ambitie is om mijn creatieve vaardigheden in te zetten om mijn gemeenschap te helpen ontwikkelen naar een hoger niveau. En ook om een voorbeeld te zijn voor jonge vrouwen om mij heen die niet zo snel in een hokje geplaatst kunnen worden en toch veel te bieden hebben met hun creatieve vaardigheden.

Joy-Ann Sibelo, 26 jaar geboren en getogen in Amsterdam Zuidoost. Werkzaam in broedplaats Kazerne Reigersbos als programmacoördinator en administratief medewerker. Zit in haar laatste jaar van de opleiding communicatie en is nu bezig met haar scriptie.

9

EVEN VOORSTELLEN vervolg

Ik ben Rosanne

Debbie Keijner Ik ben cocreator van soul.com. Mijn vreugde en focus in het leven is om mensen te helpen capaciteit op te bouwen en om waarde toe te voegen aan onze omgeving en maatschappij. Ik ben begonnen als wetenschapper in de celbiologie, heb daarnaast de dansacademie gevolgd en als directeur van een Amsterdamse basisschool gewerkt. Al deze ervaring heb ik meegenomen als entrepreneur. Nu ben ik aan het opbouwen van capaciteit binnen soul.com. Dit richt zich op organisaties en de mensen die daar werken. Mijn purpose is om bij te dragen aan een omgeving van vertrouwen waar samen gewerkt kan worden om de maatschappij zo goed mogelijk achter te laten voor de volgende generatie.

Eijzinga een 26-jarige Amsterdamse die sinds anderhalf jaar in Zuidoost woont (in de K-buurt, om precies te zijn). Ik voel me er helemaal thuis en wil graag bijdragen aan een beter Zuidoost voor iedereen. Hierbij vind ik het extra belangrijk dat de ‘oude’ Bijlmer en haar inwoners niet over het hoofd worden gezien. Van beroep ben ik freelance (documentaire) fotograaf en Bims tour guide.

Mijn naam is Farida Hensen, 40 jaar oud moeder van 2 zonen en partner. Owner van IForPublic met de rol van groei facilitator dat zich uit in de functies coach, trainer en consultant. Woonachtig in Amsterdam Zuidoost.

Ik ben Sabra Dahhan, 36 jaar, moeder van drie dochters en werkzaam in het AMC als gynaecoloog in opleiding. Ik woon sinds 3 jaar in Amsterdam Zuidoost, waar ik mij graag voor wil inzetten. Ik geloof in feminiene waarden, in inclusiviteit en in een open samenleving waar voor iedereen ruimte is.

Josephine van den Bogaard Ik woon sinds 12 jaar in de Bijlmer en ben op verschillende manieren actief in de buurt. Ik ben van oorsprong andragoog (veranderkundige) en de rode draad in mijn werkleven is: werken aan ontwikkeling van mensen en organisaties, m.n. op het gebied van diversiteit. Ik geef o.a. cursussen Persoonlijk Leiderschap aan vrouwen in Zuidoost. Een van mijn grootste drijfveren is het (samen) creëren van een wereld waar plaats is voor iedereen, en waarin ieders unieke potentieel tot bloei kan komen. Een wereld die werkt voor iedereen. En daar kan de stad van de toekomst een belangrijke rol in spelen.

Inet Dunnewind Bouwjaar 1971, twee kinderen, een hond en een partner. Sinds 2009 woon ik in de Bijlmer. Ik beheer Moestuin Evergreen in de E buurt. Dit is een tuin voor de buurt en door de buurt. Hier organiseer ik vanuit mijn bedrijf Natuur voor Kinderen o.a. activiteiten voor kinderen uit de E,G,K buurt. Het stadsdeel Zuidoost is een dynamische wijk. Ik wil me inzetten om bewoners te betrekken bij de ontwikkelingen in Zuidoost. Hierbij wil ik graag de vrouwelijke kant laten zien en horen, omdat er vaak al masculien wordt gedacht. Ook wil ik de kinderen een stem geven, zodat zij hier in de toekomst hun kinderen kunnen en willen laten opgroeien.

Ik ben Sheela Vyas, als antropologe en social ondernemer lever ik graag mijn bijdrage op diverse niveaus van de samenleving. Als trainer, coach en projectleider werk ik op het gebied van diversiteit en inclusie in arbeidsorganisaties en community building. In Amsterdam Zuidoost werk ik al jaren met vele stakeholders aan educatieve preventie projecten op thema’s als psychiatrie, opvoeden en huiselijk geweld/ kindermishandeling. Mijn drijfveer is om, samen met gelijkgezinden, een constructieve en vruchtbare bijdrage te leveren aan de wereld transformatie.

10

2. De werkmethode De visie van WMS geven we vorm door middel van een werkmethode voor het ontwikkelen van een rechtvaardige stad, The Just City Index (JCI). De JCI is ontwikkeld door Dr. Toni Griffin, in eerste instantie om de grootstedelijke problematiek in Detroit aan te pakken. De JCI is gebaseerd op twaalf universele waarden (zie figuur 1). Pas als er in voldoende mate aan deze twaalf waarden wordt voldaan, is te spreken van een rechtvaardige stad. Deze twaalf waarden worden meetbaar gemaakt door de 50 bijpassende indicatoren. Zo horen bij de waarde welvaart de indicatoren voorspoed, veiligheid, bescherming, geborgenheid en gezondheid. De mate waarin de bestaande bewoners kunnen meeprofiteren van de voorspoed die een ontwikkeling met zich meebrengt, bijvoorbeeld, geeft aan in hoeverre deze ontwikkeling de welvaart in het stadsdeel als geheel bevordert. Hetzelfde geldt voor de mate van veiligheid die de bewoners ervaren in de openbare ruimte van een te ontwikkelegebied. Deze werkmethode is in Nederland eerder toegepast in onder andere Rotterdam en Amsterdam en heeft geleid tot concrete adviezen voor een rechtvaardige stad. Om te kunnen adviseren met de JCI-tool kregen de leden van de Vrouwenadviesraad een JCI-training van JCI-expert en onderdeel van het WMS kernteam, Ria Braaf-Fränkel.

Hierdoor is de Vrouwenadviesraad in staat om de plannen voor ArenAPoort te bekijken vanuit hun expertise in combinatie met de erkende JCI-werkmethode. Een begrippenlijst van alle waarden en indicatoren van de JCI is te vinden in de tweede paragraaf van dit hoofdstuk.

11

THE JUST CITY INDEX DE JUST CITY INDEX BESTAAT UIT TWAALF UNIVERSELE WAARDEN EN VIJFTIG INDICATOREN DIE DEZE WAARDEN BESCHRIJVEN

WELVAART GEZONDHEID Een staat van lichamelijk, mentaal en sociaal welbevinden dat het uitblijven van ziekte of zwakte bevordert. Ontwerpen voor gezondheid onderzoekt in hoeverre de openbare ruimte een positieve invloed heeft op de volksgezondheid. Dit wordt zichtbaar in de mate waarin: • Mensen geprikkeld worden om te bewegen; • Er mogelijkheden zijn om je te vermaken en ontspannen; • Er genoeg groen in de openbare ruimte is; • De openbare ruimte veilig is en/of voelt; • Bewoners graag buiten komen, betrokken raken in hun buurt en verbindingen maken met andere bewoners; Daarnaast meet ontwerpen voor gezondheid ook of

gebouwen en woningen van binnen van een goede kwaliteit zijn zodat mensen gezonder en gelukkiger worden. Dit is zichtbaar in de mate waarin er sprake is van: • Een goede luchtkwaliteit; • Genoeg licht; • Genoeg ventilatie; • Weinig geluidsoverlast van buiten, van de buren of van installaties; • Een goede temperatuurregeling. Dit is belangrijk zodat mensen zo goed en fijn mogelijk functioneren en presteren, zowel privé als op het werk of op school. Bron:https://www.gezondeleefomgeving.nl/gezondontwerp/openba re-ruimte;

12

VOORSPOED Succesvol zijn en opbloeien op sociaal, economisch, maatschappelijk, cultureel gebied en op het gebied van gezondheid. Ontwerpen voor voorspoed meet de mate waarin het ontwerp een buurt kan laten bloeien. Hierbij wordt gekeken naar of er genoeg voorzieningen en allerlei soorten bedrijven en organisaties zijn voor bewoners om gebruik van te maken en om verbinding met elkaar te vinden. Bij het ontwerpen voor voorspoed wordt er bijvoorbeeld gekeken of er: • Ruimte is voor verschillende type werkzaamheden en ideeën; • Genoeg verschillende kennisinstellingen (zoals universiteiten en hogescholen) zijn waarmee er kan worden samengewerkt bij het maken van de stad/buurt; • Genoeg werkgelegenheid is en er verschillende soorten (kennis)banen te vinden zijn; • Betaalbare ruimte is voor sociaal, circulair1 en cultureel ondernemers, zodat zij (duurzame) maatschappelijke meerwaarde kunnen creëren; • Genoeg verschillende voorzieningen zijn (sociaal, maatschappelijk, cultureel, gezondheid); • Genoeg verschillende soorten woningen zijn, voor verschillende doelgroepen (starters, doorstromers, sociale huur, huur en koopwoningen voor middensegment, vrije sector). 1 Zie definities

>

BESCHERMING Worden beschermd tegen schade of verlies in sociale of ruimtelijke omstandigheden.

Bij het ontwerpen voor bescherming wordt onderzocht: • In hoeverre gebruikers van de openbare ruimte zich vrij kunnen bewegen zonder angst voor of blootstelling aan bedreigingen en criminaliteit; • In hoeverre gedrag - dat hinder, overlast of gevoelens van onbehagen bij medeburgers veroorzaakt - wordt bemoeilijkt; • De mate waarin de beleving en de behoefte van alle groepen en typen gebruikers zijn meegenomen bij het ontwerp van de openbare ruimte. Bron: https://www.omgevingspsycholoog.nl/sociaal-veilig-ontwerpen/

Een duidelijk voorbeeld van wanneer er bepaalde groepen zijn vergeten in het ontwerp van openbare ruimte zijn hangjongeren die speeltuinen gebruiken. Dat wordt door anderen vaak als overlast ervaren, maar het laat zien dat er eigenlijk een plek voor deze specifieke groep ontbreekt. GEBORGENHEID Een omgeving waarin lichamelijke en emotionele kwetsbaarheid tot een minimum worden beperkt. VEILIGHEID Sociale en ruimtelijke voorwaarden scheppen die helpen gevaar en uitsluiting tegen te gaan. 14

De manier waarop de openbare ruimte is ingericht kan bij mensen het gevoel van veiligheid en bereidheid om een ruimte te gebruiken direct beïnvloeden.

Ontwerpen voor (sociale) veiligheid meet de mate waarin de openbare ruimte de gelegenheid biedt om: • Elkaar te ontmoeten; • Controle te kunnen uitoefenen; • Verschillende type gebruikers op verschillende manieren gebruik te laten maken van de ruimte; • Qua grootte, schaal en aanbod een aanvulling vormt op bestaande openbare ruimtes en activiteiten; • Aantrekkelijk is: voorziet in recreatieve activiteiten en voorzieningen zoals zitplaatsen, water- en drinkfonteinen en openbare toiletten; • Toegankelijk is: zorgt dat er geen afgelegen ingangen van ruimtes, zoals parkeerterreinen, zijn zonder dat er enige vorm van controle plaatsvindt. • Voorziet in risico-verlagende ingrepen zoals: • Goede verlichting; • Duidelijke en overzichtelijke indeling; • Het afscheiden van plekken om ongelukken, gevaar of geluidsoverlast te voorkomen; • Goed zicht; • Goede toegang tot hulp; • Plekken waar verkeerd gebruik niet kan worden verborgen; • Goed onderhoud; • Sociale controle waardoor de kans op vandalisme laag is; • Aanwezigheid van “ongewenste” gebruikers ontmoedigen door te zorgen dat er voor iedereen passende openbare ruimtes zijn • Openingen tussen struiken en boomtoppen om duidelijk zicht mogelijk te maken.

Bronnen: http://www.aucklanddesignmanual.co.nz/designsubjects/ designsafety/designingforsafety/guidance/safetydesignsummaryby sitetype/publicspaces;https://tbiveilig.nl/toolbox/veiligheid-in-hetontwerp/sociale-veiligheid; https://www.pps.org/article/what-role-can-design-play-increatingsafer-parks 2 Childress, 2004.

ACCEPTATIE ERBIJ HOREN Zich in een omgeving geaccepteerd en comfortabel voelen ongeacht leeftijd, geslacht, gender, kleur, seksuele voorkeur, fysieke staat en/of inkomen. Bij het ontwerpen voor (het vergroten van het gevoel van) erbij horen wordt bekeken in welke mate de openbare ruimte: • Het gevoel van acceptatie en gevoelens van veiligheid verbetert bij de gebruikers (ongeacht hun verschillen); • Verschillende typen gebruikers uitnodigt om er te zijn. EMPATHIE Het vermogen om het gevoel en zienswijze van een ander te herkennen en te begrijpen.

13

13 INCLUSIE De acceptatie van verschillen en het doel om verschillende meningen, houdingen en verschillend gedrag een plek te geven. Bij ontwerpen voor inclusie wordt bekeken: • In hoeverre er bij het ontwerpen verschillende perspectieven worden meegenomen en verschillen worden geaccepteerd; • In welke mate verschillende typen mensen verschillende opleidingen, gezondheid, genders, culturele achtergronden en sociaaleconomische statussen - een plek hebben in het ontwerpproces; • In hoeverre ruimtes integratie, gemeenschapszin en veiligheid kunnen verzorgen. VERZOENING Het vinden van een manier om twee verschillende ideeën, feiten of zienswijzen naast elkaar te kunnen laten bestaan of beiden voor waar aan te kunnen nemen. RESPECT Een wederzijdse waardering van de verschillende verschillende meningen, gedragingen en culturele uitingen die mensen brengen. TOLERANTIE De acceptatie van verschillen. VERTROUWEN Het versterken van het vertrouwen tussen mensen en instituties door het zichtbaar nakomen van beloftes.

ASPIRATIE CREATIEVE INNOVATIE Stimuleren van het vinden van nieuwe en originele oplossingen voor problemen die het gebruik van de publieke ruimte verbeteren. Creatieve innovatie van het ontwerp wordt zichtbaar in de mate waarin de publieke ruimte unieke en creatieve manieren biedt om plekken op verschillende manieren en door verschillende mensen actief te laten gebruiken. (Plekken waar dit het geval is worden ook wel ‘actieve open spaces’ genoemd.) GENOT Het creëren van plekken, ruimtes en processen die geluk en vreugde brengen. Genot in het ontwerp van de openbare ruimte is meetbaar door te kijken naar of plekken de mogelijkheid bieden om vreugde te beleven en/of aangename zintuiglijke ervaringen te hebben. GELUK Een staat van welbevinden die vreugde, tevredenheid en/of gemak tot stand brengt. HOOP De mogelijkheid om een verlangen, aspiratie, positieve uitkomst of staat van geluk tot stand te brengen. INSPIRATIE Het resultaat van creatief denken en samenwerking dat de potentie heeft om nieuwe en innovatieve oplossingen te bieden.

KEUZE KEUZE De mogelijkheid - voor welke community dan ook - om keuzes te maken uit een verscheidenheid aan opties, bijvoorbeeld bij programma’s, beslissingen, voorzieningen en plekken. 14

Keuze in het ontwerp is meetbaar door te kijken naar of een publieke ruimte verschillende opties biedt voor hoe die gebruikt kan worden en of die kan worden omgebouwd voor verschillende activiteiten. DIVERSITEIT Een toestand waarin bewust gekozen is voor een gemengde populatie en een mix van verschillende instituties en culturele normen. Ontwerpen voor diversiteit meet of de openbare ruimte een keuze aan activiteiten en programma-opties biedt die een afspiegeling zijn van de culturen in de buurt en/of van de gebruikers. Het meet ook of het plein een diverse populatie van gebruikers aantrekt. SPONTANITEIT De potentie om het ongeplande toe te staan, waarbij mensen alleen of als groep vrij zijn om activiteiten te organiseren of een proces te beïnvloeden.

DEMOCRATIE DEBAT Het accepteren en zorgen dat discussie tussen verschillende stemmen mogelijk is. Zo wordt gezorgd dat besluitvorming zo inclusief mogelijk is. CONFLICT De acceptatie van onenigheid of tegenstand bij het nastreven van veranderingen of verbeteringen. PROTEST Het publiekelijk kunnen protesteren of demonstreren. STAKEHOLDERSCHAP De (georganiseerde) bewoner is als volwaardig partner/stakeholder erkend en werkt in die rol (co-creatief) mee aan gebiedsontwikkeling. INBRENG/STEM Zorgen dat de ideeën van verschillende mensen met verschillende zienswijzen en culturele achtergronden worden verwoord en deel uitmaken van besluitvorming.

BETROKKENHEID COMMUNITY/GEMEENSCHAP Een groep van individuen of collectieven met gedeelde of gemeenschappelijke belangen.

Ontwerpen voor de gemeenschap meet in hoeverre en in welke mate: • Het ontwerp tot stand is gekomen samen met de bewoners; • De bewoners uit de buurt en de buurten eromheen zich betrokken en verbonden zullen voelen met het nieuwe ontwerp en de gevolgen ervan; • Er bij het creëren van een nieuwe buurt, inwoners van nabijgelegen buurten worden betrokken; • Er bij het creëren van een nieuwe buurt, woningzoekende bewoners van nabijgelegen buurten voorrang krijgen bij het toewijzen van (betaalbare huur) woningen; • De openbare ruimte mensen die er naartoe verhuizen het gevoel geeft dat ze een nieuw thuis en nieuwe gemeenschap krijgen waarmee ze in verbinding kunnen komen; • Er aantrekkelijke gemeenschappelijke ruimtes zijn waar iedereen zich thuis kan voelen;

14

IDENTITEIT •

14 Er betaalbare voorzieningen zijn die in het geval van nieuwe wijken ook toegankelijk zijn voor bewoners en sociaal ondernemers uit de (naburige) buurt;

•

Er betaalbare woningen zijn die in het geval van nieuwe wijken ook toegankelijk zijn voor bewoners uit de (naburige) buurt; • Ervoor is gezorgd dat mensen zo makkelijk mogelijk verbinding met elkaar kunnen maken; • De ruimtelijke infrastructuur uitnodigt om er actief in te bewegen en er comfortabel te zijn. COÖPERATIE Het proces waarbij individuen of collectieven samenwerken om iets te bereiken. PARTICIPATIE Accepteren dat verschillende mensen en gemeenschappen actief meedoen met en beslissen over zaken die van invloed zijn op het sociaal en ruimtelijk welbevinden.

Participatie bij het ontwerp meet: • Hoe en hoe vaak mensen gebruik maken van de publieke ruimte; • Of bewoners betrokken zijn bij het ontwerp, de programmering, beheer en onderhoud van de publieke ruimte. SAAMHORIGHEID Een gevoel van solidariteit tussen bewoners.

EERLIJKHEID GELIJKWAARDIGHEID Het op gelijke of gelijkwaardige manier verdelen van middelen, status, rechten, macht en voorzieningen.

Gelijkwaardigheid bij het ontwerpen van de publieke ruimte kijkt (ter vergelijking) naar: • Hoe middelen verdeeld worden in andere vergelijkbare buurten in de stad; • Hoeveel (sociale, economische, financiële en duurzame) investeringen er in de openbare ruimte worden gedaan in vergelijkbare buurten in de stad; • Wat voor status (van leven, wonen en ondernemen) vergelijkbare publieke ruimten zoals pleinen en straten hebben in vergelijkbare buurten in de stad3; • De rechten en de macht die verschillende typen stakeholders (ook bewoners) in het ontwerpproces hebben in vergelijkbare buurten in de stad. GELIJKHEID Goederen en diensten zo verdelen dat het grootst mogelijke voordeel voor de gemeenschap/buurt wordt behaald. Gelijkheid bij het ontwerpen van de publieke ruimte kan je meten door te kijken naar hoeveel algemene ruimtes en budgetten er voor de buurt beschikbaar zijn in vergelijking met andere buurten VERDIENSTE Een proces, resultaat of kenmerk van de buurt dat van waarde is. TRANSPARANTIE Open zijn over regels, rechten en procedures door het delen van informatie. 14

AUTHENTICITEIT Fysieke en sociale eigenschappen die kenmerkend zijn voor een specifieke plek of cultuur.

Ontwerpen vanuit het oogpunt van authenticiteit kan worden gedaan door te zorgen dat de publieke ruimte past bij het lokale karakter van de buurt. SCHOONHEID Iedereen heeft recht op een goed ontworpen en kwalitatieve leefomgeving. 3 Denk bij status aan een hogere verblijfskwaliteit (van wonen en leven) of kwaliteit en kansen voor ondernemers in en rondom bepaalde straten en pleinen. Dit soort plekken bieden meer groeikansen voor (kleine en lokale) ondernemers en ook voor een sterke wijkeconomie (zie de verklarende woordenlijst).

Ontwerpen vanuit het oogpunt van schoonheid kan worden gemeten door te kijken naar in hoeverre de publieke ruimte de fysieke aantrekkelijkheid van de buurt verhoogt. KARAKTER Het naar voren brengen van de opvallende kwaliteiten van een plaats. TROTS Goede gevoelens en zelfverzekerdheid over een handeling, een plaats of een relatie. SPIRITUALITEIT De aanwezigheid van plaatsen en opvattingen die religieuze expressie en geloofspraktisering ondersteunen. VITALITEIT Een energieke, geïntegreerde gemeenschap/ buurt waar verschillende mensen, functies, plekken en gebouwen dicht bij elkaar bestaan. Door culturele en economische betrokkenheid ontstaan er voor bewoners meer kansen. Er is ook ruimte voor bezinning en experiment. Bij het ontwerpen van een vitale stad/buurt wordt gekeken in welke mate: • Sociaal contact en ontmoetingen tussen verschillende bewoners en groepen gebruikers van de openbare ruimte mogelijk wordt gemaakt; • Het mogelijk of makkelijker wordt gemaakt dat mensen als groep samen de ‘eigenaar’ kunnen zijn van plekken of ruimtes, bijvoorbeeld om er samen te werken, sporten, klussen en/of koken; • Er wordt gezorgd dat er in de buurt geen zaken zijn die delen ervan kunnen afscheiden, zoals sporen, bruggen of kades. Hierdoor kan de buurt namelijk uit elkaar vallen of kunnen sommige delen van de buurt zich (onnodig) geïsoleerd voelen.

Bron: https://vastgoedjournaal.nl/news/8708/vitale-steden-duurzaamvastgoed; Ir. De Bois P.G. De Stad, duurzaam vitaal, Meervoudig Intensief (duurzaam) Ruimtegebruik voor stedelijke vitaliteit, HVA, openbare les 15 juni 2011.

MOBILITEIT TOEGANG De mate waarin er in de omgeving op handige wijze toegang is tot basisbehoeften. Ontwerpen voor toegang is meetbaar in de mate waarin de openbare ruimte gemakkelijk en veilig kan worden betreden zonder fysieke hinder of beperkende regelgeving. 15

15

CONNECTIVITEIT De fysieke of sociale netwerken die mensen en plaatsen bij elkaar brengen waardoor contact ontstaat en kansen ontstaan die nodig zijn voor sociaal welbevinden.

•

Ontwerpen voor connectiviteit is meetbaar door te kijken of de openbare ruimte voldoende is verbonden met verschillende vervoersmogelijkheden en voorzieningen, en te kijken naar hoeveel gebruikers van het plein zich verbonden voelen met elkaar, met elkaar uitwisselen en/of relaties met elkaar aangaan.

MACHT VERANTWOORDING De acceptatie van verantwoordelijkheid door individuele mensen of collectieven om bij te dragen aan rechtvaardigheid. DAADKRACHT Het mogelijk maken dat individuen en groepen namens hun eigen belangen kunnen handelen. EMPOWERMENT Het geven van formeel gezag of macht aan een persoon of collectief door actie of invloed te bevorderen. REPRESENTATIE De mate waarin een gemeenschap haar verlangens en diversiteit vertegenwoordigd ziet in het besluitvormingsproces.

VEERKRACHT AANPASSINGSVERMOGEN De mogelijkheid om te veranderen. Bij het ontwerpen voor aanpassingsvermogen wordt onderzocht in hoeverre: • De stad/buurt de mogelijkheid heeft en plekken biedt om de steeds veranderende behoeftes en activiteiten van mensen en groepen te huisvesten; • Het voor gebruikers duidelijk en zichtbaar is hoe een plek kan worden aangepast en de verschillende opties natuurlijk of makkelijk voor hen aanvoelen. Bron:https://vastgoedjournaal.nl/news/8708/vitale-steden-duurzaamvastgoed

LEVENSDUUR Sociale en fysieke systemen voor een lange tijd in een goede staat behouden. Bij het ontwerpen voor levensduur van de openbare ruimte is toekomstbestendigheid belangrijk. Ontwerpprincipes die kunnen helpen bij het vormgeven van een toekomstbestendige openbare ruimte zijn: • Integraal: De openbare ruimte is klimaatbestendig en ook senior-, jeugd-proof, etc.; • Flexibel en aanpasbaar: De openbare ruimte is flexibel en aanpasbaar en kan meegroeien met veranderende wensen en behoeftes. Als bij het ontwerp van de openbare ruimte rekening wordt gehouden met de veranderlijkheid op relatief korte termijn, kunnen andere keuzes worden gemaakt: geen inrichting voor de eeuwigheid. Denk aan speelplekken die makkelijker mee kunnen groeien met opgroeiende kinderen;

14

• •

•

Verplaatsbaar: Objecten zijn in zekere mate verplaatsbaar zodat deze relatief gemakkelijk op andere plekken in te zetten zijn wanneer trends en ontwikkelingen daarom vragen; Multifunctioneel: De openbare ruimte en objecten zijn multifunctioneel zodat meerdere functies op dezelfde vierkante meter een plek krijgen. Denk aan lantaarnpalen als oplaadpunt voor elektrische auto’s, maar ook aan multifunctionele sportvoorzieningen op het dak van bijvoorbeeld een supermarkt (zie Haarlem Schalwijk : DAK https://youtu.be/THbCAfqwhgo) ; Hergebruik: Elementen en objecten kunnen elders worden hergebruikt of nieuwe functies krijgen; Contextgericht: Bij (her)inrichting wordt rekening gehouden met de (potentiële) kwaliteit van een plek en het (gewenste) gebruik. Gebruikers worden in het ontwerpproces betrokken; Blanco canvas: Laat ‘gaten’ in het ontwerp van de openbare ruimte en nodig mensen uit er zelf invulling aan te geven.

Bron: F. Liebrand et.al., Verkenning Toekomstbestendige openbare ruimte, Kennisplatform CROW, 2016.

DUURZAAMHEID Het voorkomen van handelen op een manier die schadelijk is voor het sociale en fysieke welbevinden of het aantasten van (natuurlijke) bronnen. Op lange termijn is het doel het vinden van een balans tussen het sociale en het ruimtelijke. Duurzaamheid in het ontwerp kan worden gemeten door te kijken naar of deze zes duurzaamheidspijlers zijn meegenomen bij het ontwerpen van de openbare ruimte • CO2: het beperken van de CO2 uitstoot door middel energiebesparing, lokale energieopwekking en het gebruik van groene energie. • Materiaal: materiaalgebruik beperken door recycling, efficiënt ontwerpen en milieuvriendelijke alternatieven. • Bodem, Water & Lucht: het verbeteren van de lucht, bodem en waterkwaliteit en het voorkomen van watertekort en wateroverlast. • Ecologie: het verbeteren van de biodiversiteit en ecologische structuren. • Mens: het verbeteren van de capaciteit om te voorzien in menselijke behoeften, zoals werkgelegenheid, gezondheid, veiligheid en vrijheid. • Profijt: winst of lange termijn geldbesparing. Bron: D. Huitema, Masterscriptie; Duurzaamheid in de openbare ruimte: ‘Een kwantitatief onderzoek naar duurzaamheid bij openbare ruimte afdelingen van de gemeente Arnhem en andere gemeenten”, Radboud Universiteit Nijmegen, 2016.

RECHTEN VRIJHEID De mogelijkheid om te handelen of vrijuit te spreken zonder dreiging of externe beperkingen KENNIS De mogelijkheid om informatie in te winnen of bewustzijn te creëren via educatie en/of ervaring.

16

16

14

17

EIGENAARSCHAP De mogelijkheid voor mensen uit de community om eigenaar te zijn van bezit en/of deel te hebben aan het proces en de uitkomst (stakeholders zijn) (tijdens de sessies mogelijk onder te brengen bij: democratie) Eigenaarschap is meetbaar in de mate waarin het ontwerp van de publieke ruimte, mensen ervan overtuigt dat de ruimte bij hun buurt hoort en in de mate waarin individueel rentmeesterschap wordt bevorderd voor de activiteiten en het onderhoud van de ruimte.

Wijkeconomie: is een onderdeel van de stedelijke economie en bestaat uit de kleinschalige economische bedrijvigheid die plaats heeft in een wijk. Denk bijvoorbeeld aan winkels (detailhandel), (thuiswerkende) zelfstandigen en sociaal, cultureel en creatief ondernemers. Er is vandaag de dag steeds meer aandacht voor de wijkeconomie, omdat men het belangrijk vindt dat een wijk en haar bewoners zoveel mogelijk uit zichzelf halen. Of dit gebeurt kan je terugzien in de economische vitaliteit en de leefbaarheid van een wijk.

Verklarende woordenlijst: Openbare/publieke ruimte: Het geheel van alle voor publiek vrij toegankelijke ruimtes zoals straten, pleinen, parken, parkeerplaatsen, winkelcentra en sportvelden. Circulair ondernemen: Circulair ondernemen is ondernemen op een manier die het hergebruik van producten en grondstoffen maximaliseert en hun waardeverlies minimaliseert. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat bedrijven bij ontwerp en materiaalkeuze al nadenken over het hergebruik van (delen van) hun producten. Misschien kunnen ze deze weer als volwaardig product op de markt brengen. Of misschien als onderdeel van – of grondstof voor – een ander product. Deze nieuwe manier van werken en denken heeft minder impact op het milieu en stopt de grootschalige kapitaalvernietiging. Ook biedt het veel ondernemerskansen. www.circulairondernemen.nl 14

18

17

3. Compleet en Verbonden

Het thema ‘Compleet en verbonden’ uit de Ontwikkelstrategie ArenAPoort gaat over het tot stand brengen van één samenhangend en aantrekkelijk stedelijk centrum waar het goed vertoeven is. Het is een van de vijf thema’s van waaruit de komende jaren gewerkt wordt aan een stedelijk centrum waar mensen graag wonen, werken en/of op bezoek komen. Herkennen de vrouwen van de WMS Adviesraad zich in de visie en aanpak om de twee delen van ons centrumgebied tot een inclusief geheel te maken? En is er in de huidige Ontwikkelstrategie duidelijk gemaakt hoe die gewenste toekomst zal worden gerealiseerd? Is de inbreng van bewoners van Zuidoost daarin voldoende meegenomen? En hoeveel invloed hebben bewoners op het ontwikkelproces en (toekomstige) programmering? Via onze online questionnaire aan de WMS Vrouwenadviesraad is gevraagd om te beoordelen in hoeverre er in de aanpak binnen dit thema aan de zes (vooraf gekozen en relevante) JCI waarden wordt voldaan. Dit zijn: Acceptatie, Identiteit, Veerkracht, Betrokkenheid, Welvaart en Aspiratie. In de volgende paragrafen zullen de adviezen van WMS op het thema ‘Compleet en verbonden’ uiteengezet worden aan de hand van analyses over deze zes waarden uit de JCI. De scores van de zes centrale waarden voor het thema ‘Compleet en verbonden’ zijn als volgt: Acceptatie, Identiteit en Veerkracht, scoren tussen 3,2 en 3,4 een voldoende. Dit

14

19

betekent dat de verbeterruimte bij deze drie waarden het grootst is. Betrokkenheid, Welvaart en Aspiratie scoren elk 3,6 en daarmee ruim voldoende. Ook voor deze waarden is er ruimte om door te groeien naar het waarderingsniveau goed of hoger. Bij de bespreking van de betreffende waarden wordt (indien mogelijk) gezocht naar een verklaring van de scores. (voldoende/net een zesje). Voor alle waarden worden er adviezen gegeven om de verbeterruimte te benutten.

3.1 Acceptatie vertrouwen, tolerantie, respect, verzoening, inclusie, empathie, erbij horen De mate waarin diverse type mensen en huishoudens worden geaccepteerd dan wel, zich in ArenAPoort geaccepteerd (zullen) voelen, wordt hier vastgesteld aan de hand van de JCI indicatoren erbij horen, vertrouwen en inclusie. De urgentie wordt al jaren gevoeld om ArenAPoort West te verbinden met de (oude) Bijlmer op sociaaleconomisch en maatschappelijk gebied. De politiek-bestuurlijke ambities van 1Zuidoost en Het spoor als ruggengraat van verbinding vormen hiervoor het kader met belangrijke doelen en uitgangspunten. “Voor een compleet en inclusief ArenAPoort is het van belang, een divers en toegankelijk aanbod van voorzieningen, wonen, werken, ondernemen en recreëren te realiseren en dat ook bewoners uit Zuidoost - met verschillende sociaaleconomische uitgangsposities - zich in dat aanbod kunnen herkennen en zich uitgenodigd voelen om erbij te horen”. De waarde acceptatie scoort binnen het thema ‘Compleet en verbonden’ met een 3,2 voldoende (rapportcijfer 6). In de huidige situatie is geen sprake van een compleet en verbonden stadscentrum, zoals wordt besproken op pagina 23. In de plannen zijn er behoorlijk wat voornemens om de situatie te verbeteren.

Is deze relatief lage waardering verklaarbaar? Hier zullen we bekijken welke inspanningen in de Ontwikkelstrategie - gericht op het toewerken naar een compleet en verbonden stadscentrum - bijdragen aan de JCI waarde acceptatie. Om de scheve woon-werk verhouding (1 bewoner op 24 werkplekken) te corrigeren worden er tot 2030 5.700 woningen gebouwd in ArenAPoort. Aan de oost- en westzijde van het ArenAPoort gebied worden er circa 3.700 woningen gebouwd en elders in het gebied nog eens 2000. De Ontwikkelstrategie zegt hierover: “We willen ArenAPoort ontwikkelen tot een centrum waar mensen graag voor een langere tijd willen wonen en werken en zich verbonden voelen met ‘hun’ plek. Daarom richten we ons in de eerste plaats op het toevoegen van woningen en zorgen we voor een goed leefklimaat” (p.7). Woningen voor iedereen? Uit de participatie kwam sterk naar voren dat bewoners van Zuidoost graag willen blijven wonen in dit stadsdeel (erbij horen) en geven daarbij aan dat er vooral behoefte is aan betaalbare woningen voor gezinnen, jongeren en ouderen. Over het huidige woningaanbod in en rondom ArenAPoort wordt vastgesteld dat het aandeel kleinere woningen, o.a. voor jongeren en studenten, veel hoger is dan gemiddeld. En dat er naar schatting 1.130 gezinnen wonen in een te krappe woning. 19

De slogan is ‘woningen voor iedereen’ en aan dit streven wordt kracht bijgezet door ook de andere te bouwen stadswijken en woningen rondom ArenAPoort te betrekken (p. 26): “…..volwaardige stadswijken: groot genoeg om aan alle soorten huishoudens plek te bieden, ongeacht inkomen, gezinssamenstelling, leeftijd en achtergrond”. Mogelijk is in deze slogan een verklaring te vinden voor de terughoudendheid om de plannen op dit onderdeel wat hoger te waarderen. De WMS Adviesraad lijkt wat twijfels te hebben bij deze uitspraak juist omdat de te realiseren woonruimte van Amstel III erbij wordt betrokken (vertrouwen): “Binnen omringende nieuwe stadswijken (zoals in Amstel III) is er niet voor iedereen woonruimte zoals hier wordt verondersteld. Eerdere bestudering van woningtypen, -aanbod4 en toewijzingscriteria in Amstel III wijst uit dat het aanbod vooral is gericht op starters, kleine huishoudens, mensen met hoge inkomens en hoge opleiding. Gezinnen met meer dan 1 kind uit middeninkomens (zoals leerkrachten en verpleegkundigen) 5 hebben mogelijk niet zoveel keus uit het woningaanbod. Sociale huurwoningen zijn voornamelijk afgestemd op 1 of 2 persoonshuishoudens met maximaal 1 kind.

Uit de selectiecriteria voor woningtoewijzing lijkt het erop dat en jongvolwassenen met een mbo-opleiding worden uitgesloten.” Het is prijzenswaardig dat ArenAPoort - in tegenstelling tot Amstel III - ernaar streeft om actief in te zetten op het ontwikkelen van grotere woningen en woningen waar bewoners voor langere tijd kunnen en willen blijven wonen. Zo lijkt de behoefte aan grotere woningen in vervulling te worden gebracht en wordt er bijgedragen aan een meer divers woningaanbod in het gebied. Echter, of daarmee tegemoet wordt gekomen aan bewoners die deze wens hebben geuit is niet zondermeer vast te stellen: “Het is niet duidelijk van welke prijscategorie en grootte de geplande sociale huur en middeldure huur- en koopwoningen zijn.” Bij de opsomming onder het kopje op p.27: “We zetten ons concreet in voor”, volgt er jammer genoeg geen concreet (en SMART gemaakt) overzicht van aantallen woningen, typen en grootte en huur- en prijsklasse per type. Voor een deel lijkt de verklaring voor de matige score op de JCI waarde acceptatie te worden gezocht in het gemis van een aantal belangrijke feiten en cijfers. Transparantie geeft vertrouwen Een aantal opmerkingen die niet in relatie lijken te staan met hetgeen gebouwd gaat worden wekken bij de opmerkzame lezer een behoefte aan transparantie op: “Zuidoost heeft veel sociale huurwoningen.

Er wonen veel kwetsbare huishoudens en de doorstroming is er uitzonderlijk hoog. Ook Amsterdamse Poort is een kwetsbaar gebied. Het aantal dure woningen is in Zuidoost met 2% erg laag.” Voor welke categorie inkomens zijn die ruime woningen bestemd? Dit wordt niet duidelijk gemaakt. Zijn de nieuwe wijken echt inclusief? WMS adviseert daarom: “Maak zaken transparant en werk in samenhang aan inclusieve wijken! Voor inclusie van gezinnen uit Zuidoost is meer aanbod uit grotere woningen gewenst, maar ook dat dit aanbod ook in het lager- en middenprijssegment is. Het is daarbij 4 5

Woningtypen en -aanbod in Amstel III qua prijs en grootte. Juist deze groep is gewenst als nieuwe bewoner van en werkend in deze nieuwe stadswijken.

20

zeer wenselijk om een goede spreiding van typen woningen en prijsklasse te realiseren binnen ArenAPoort en de omringende stadwijken!” Bewoners uit het bestaande deel van Zuidoost is voorrang 6 toegezegd en de onderliggende visie wordt kort besproken: “Onder de noemer ‘1Zuidoost’ werken we aan een stadsdeel […] waar bewoners en ondernemers kunnen profiteren van alle ontwikkelingen. We willen er bijvoorbeeld voor zorgen dat mensen die dat willen, kunnen doorstromen naar een nieuwbouwwoning in het stadsdeel […] We streven ernaar dat minstens 25% van alle nieuwe woningen van Amsterdam Zuidoost straks kunnen worden bewoond door huidige bewoners in dit stadsdeel” (p.23). Bij de toezegging van voorrang wordt enig voorbehoud gemaakt: “Waar mogelijk krijgen bewoners uit Zuidoost die toe zijn aan een volgende stap in hun wooncarrière voorrang bij het toewijzen van woonruimte”. WMS maakt hieruit het volgende op: “Het streven om bewoners uit het bestaande deel van Zuidoost voorrang te geven bij woningtoewijzing is in zekere mate aanwezig. Het blijft echter onduidelijk welke criteria gelden dit voorkeursbeleid en of er daarmee sprake is van uitsluitingsmechanismen!” Feiten en cijfers blijven onduidelijk Tot 2030 worden er in ArenAPoort 5.700 woningen gebouwd.

➢ Van welk type woningen - grootte per prijsklasse - wordt het meest gebouwd? ➢ Welk aantal en percentage groteren (gezins-)woningen wordt er precies gebouwd? ➢ Hoeveel van de grote gezinswoningen zijn sociale huur - middeldure huur - en middeldure koop? ➢ Welk aantal en percentage (kleine woningen) is gericht op starters en 1 persoonshuishoudens? ➢ Hoeveel van de starterswoningen zijn sociale huur - middeldure huur en middeldure koop? ➢ Geldt de woningvoorrang voor alle categorieën woningen en voor alle inkomensgroepen in Zuidoost?

De lezer van de Ontwikkelstrategie blijft (net als de bewoners van Zuidoost) met onbeantwoorde vragen zitten en dat komt het vertrouwen niet ten goede! WMS adviseert daarom: “Maak (streef)cijfers aantal te bouwen woningen concreet en maak bij toezeggingen voor voorrangsbeleid helder en bekend welke criteria hiervoor gelden! Zorg ervoor dat daadwerkelijke matching op woningen voor gezinnen van Zuidoost écht mogelijk wordt door voldoende betaalbare ruime woningen. Het is belangrijk om deze voorrangsafspraak te screenen op uitsluitingsmechanismen zoals criteria van minimale opleidingseisen, maximale gezinsgrootte en minimale inkomenseisen. Dergelijke eisen werken gentrificatie versterkend”.

6

Door het Stadsdeelbestuur zijn er met projectontwikkelaars afspraken gemaakt om bewoners uit Zuidoost voorrang te geven bij woningtoewijzing.

21

3.2 Identiteit authenticiteit, schoonheid, karakter, trots, vitaliteit, gezondheid De mate waarin de identiteit van ArenAPoort wordt geborgd in de(latere) plannen voor programmering voor een ‘Compleet en verbonden’ stadscentrum, wordt hier vastgesteld aan de hand van de indicatoren authenticiteit, karakter, trots en vitaliteit. Ook hier zien wij de relatie met de vastgestelde (politieke) ontwikkelambitie ’het spoor als ruggengraat voor 1Zuidoost’. De verbinding van Bijlmer West met Bijlmer Oost realiseren en daarbij zoveel mogelijk de identiteit van de oude Bijlmer te behouden is van groot belang. ArenAPoort Oost wordt zowel door het projectteam (en ontwikkelaars) als door bewoners geroemd om haar unieke karakter en authenticiteit en op meerdere plaatsen in de Ontwikkelstrategie staat dat het centrum een eigen identiteit heeft en dat deze met de ontwikkelingen van het gebied behouden dient te blijven. Identiteit scoort in het vooronderzoek de vrouwen van de WMS Adviesraad met 3,4 voldoende.

Erkenning van de uniciteit en authenticiteit van Zuidoost en het streven om deze kenmerkende eigenschappen te willen behouden en dan toch een rapportcijfer 6? Spreekt dit cijfer - ondanks de voornemers - toch de zorgen van bewoners uit; zijn zij er toch niet helemaal gerust op? Behoud identiteit Zuidoost Zuidoostenaren zijn trots op de multiculturaliteit van hun stadsdeel en willen deze diversiteit behouden. Deze ambitie wordt door de gemeente gedeeld: “Onze wens voor ArenAPoort is dat het zijn multiculturele aanblik behoudt en geen yuppenbuurt wordt, waar de mensen die hier zijn opgegroeid niks meer kunnen betalen. […]dat er te veel aandacht uitgaat naar vernieuwen en dat de huidige bewoners straks geen woning in ArenAPoort meer kunnen betalen. (P. 25)” Kunst en cultuur zijn belangrijke aanjagers bij de ontwikkelingen in ArenAPoort, dragen bij aan de identiteit van het gebied, brengen vitaliteit in de buurt en vergroten de aantrekkingskracht voor bezoekers en bedrijven. “De verbinding van ArenAPoort met de rest van Zuidoost kan alleen slagen als identiteit en geschiedenis van Zuidoost erin worden verankerd. Lokale kunstenaars en kunstinstellingen moeten een permanente plek krijgen in de infrastructuur” (p.39).

WMS adviseert de gemeente bij het compleet maken van ArenAPoort: ”Het borgen van betaalbaarheid van de plintruimtes voor lokale (sociaal-, creatief-, duurzaam-) ondernemers is van belang. Dit zijn de identiteitsdragers van Zuidoost en zo kan de identiteit en energie van het gebied daadwerkelijk worden behouden en kan er een juiste mix tot stand kan komen. De belangrijke randvoorwaarden scheppende rol is voor de gemeente. Niet (geheel) overlaten aan investeerders.” Er wordt ruimte gemaakt voor voorzieningen die huidige bewoners en gebruikers belangrijk vinden zoals: een buurthuis, ruimte voor muziek en cultuur en toegankelijke sportvoorzieningen. Deze voorzieningen zijn van grote toegevoegde waarde voor het woon- en leefgebied, echter: “Blijf ervoor waken dat de fysieke en sociale eigenschappen van de cultuur van de Bijlmer behouden blijven. De programmeringen van het buurthuis, klein

22

poppodium en ontmoetingsplekken bieden kansen om het multicultureel karakter van de Bijlmer hierin terug te laten komen.” De vrouwen van WMS Adviesraad vinden het behoud van de Zuidoost identiteit (of elementen daarvan) belangrijk voor een inclusief stadscentrum en adviseren hieromtrent: - “De identiteit wordt gevormd door een samensmelting van mensen met verschillende afkomst die bij elkaar komen, die naast elkaar leven en elkaars cultuur delen; eten, gezelligheid, geloof, kleur, gedrag en respect voor elkaar.” - “Het is belangrijk dat er in de openbare ruimte straks genoeg plek is voor veel verschillende groepen en (sub)culturen; dat men niet gescheiden van elkaar beweegt, maar tegelijkertijd ook niet gedwongen is om op elkaars lip te zitten.” - “Houd bij de programmering van voorzieningen en bij het gebruik van de openbare ruimte rekening met de verschillende feestdagen van de bewoners met hun culturele en religieuze achtergrond en behoefte aan -expressie; ook dit maakt Zuidoost.”

Vitaliteit door functiemenging De ontwerppraktijk volgens de Just City Index beschouwt functiemenging7 als een belangrijke ingreep voor het maken van vitale steden en buurten met meer kansen voor de (huidige) bewoners. “In een vitale en levendige buurt is functiemenging het sleutelwoord en de fysieke inrichting en infrastructuur vormt één geïntegreerd geheel.” In de praktijk blijkt vaak dat investeerders het lastig vinden om verschillende functies in één gebouw te mengen en dat zij eerder geneigd zijn om liever te willen investeren in (vooral kleinere en duurdere) woningen of kantoren. Uit het voorbeeld van het Zandkasteel blijkt dat het wel kan. De transformatie van het Zandkasteel is een vorm van vitalisering en zorgt voor verlevendiging van Amsterdamse Poort: “een breed pallet aan functies in een groot gebouw van 40.000m2 biedt vanaf 2023 ruimte aan de Amsterdam International Community School (AICS), aan circa 300 ruime stadsappartementen, horeca, kleinschalige kantoorvoorzieningen en openbaar toegankelijke werkruimte te gebruiken door bewoners en ondernemers.” “Of en in welke mate er ook in andere gebouwen in ArenAPoort sprake is van een dergelijke functiemenging of dat het Zandkasteel hierin uniek is, wordt niet duidelijk (transparant).

Maar ook of deze ruimtes en voorzieningen betaalbaar zijn voor lokale ondernemers en bewoners, evenmin.” De verbeterruimte voor het versterken van de identiteit van Zuidoost in het centrum kan worden gevonden door zichtbaar te maken of en in welke mate huidige bewoners en lokale ondernemers daadwerkelijk zullen profiteren van deze vitalisering van het centrum. En in het creëren van de juiste randvoorwaarden.

7

Dit geldt ook voor het maken van veerkrachtige steden. en buurten; Zie ook veerkracht par. 3.3.

23

3.3 Veerkracht duurzaamheid, levensduur/toekomstbestendigheid, aanpassingsvermogen De mate waarin de veerkracht van ArenAPoort wordt versterkt in de planning en ontwerp van het wonen en in dat van voorzieningen, wordt hier vastgesteld aan de hand van de indicatoren aanpassingsvermogen en levensduur/toekomstbestendigheid. Veerkracht scoort in het vooronderzoek onder de vrouwen van de WMS Adviesraad, voldoende met een 3,4 (rapportcijfer 6). De gemeente beoogt met functiemenging en een integrale programmering van voorzieningen in ArenAPoort, mensen aan weerskanten van het spoor profijt te laten ondervinden van de transformatie. Dit plan biedt kansen voor integreren van gebieden en van functies en zo ook voor het vergroten van de veerkracht. “De potentiële kwaliteit van een plek kan worden versterkt door integratie en menging van functies en het vermogen om flexibel in te spelen op veranderende behoeftes en activiteiten (aanpassingsvermogen). Als je voorzieningen multifunctioneler maakt is er veel meer kruisbestuiving, wordt de ruimte optimaal benut. Een plek waar er allerlei bedrijvigheid is, daar wil je als forens graag komen lunchen of borrelen.” Uit het verleden is gebleken dat het inrichten van monofunctionele gebieden met hoge mate van functiescheiding, met name in de Bijlmer, tot verval, leegstand en onveilige situaties heeft geleid.

De WMS Adviesraad is daarom positief over de ambitie om een hogere mate van functiemenging te realiseren in het gebied. Een voorbeeld van functiemenging en integrale programmering is het Cumulus project; een plek waar er kan worden samengewerkt en een plek voor talentontwikkeling en innovatie. Maar ook voor voorzieningen op meer laagdrempelig niveau zijn er vormen van functiemenging en integrale programmering mogelijk; hier zit de verbeterruimte. “Denk niet alleen aan een buurthuis of een theater maar denk bijvoorbeeld aan een mix van buurthuis/sociale firma met plek voor cultuur, horeca, educatieve projecten en de ontwikkeling en verkoop van ambachtelijke producten. En uiteraard is het belangrijk dat de gebruikers van welk (multifunctioneel) centrum dan ook, betrokken worden bij het ontwerpen daarvan!” Deze invulling en aanpak maakt voorzieningen meer toekomstbestendig en zorgt ervoor dat de veerkracht van de wijk en de gemeenschappen wordt versterkt. Tenslotte is het van belang dat deze multifunctionele ruimtes flexibel worden ontworpen en ingericht, zodat ze in de toekomst voor een ander doeleinde kunnen worden gebruikt. Dit geldt tevens voor de woningen, werkvoorzieningen en openbare ruimtes. Dit vergroot het aanpassingsvermogen van de wijk, welk een positieve impact op de veerkracht heeft.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10975501/1