CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 eindevaluatie Winteropvang en WKR.pdf

RAAD 17 juli 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief Voortgang aanpak dakloosheid (VN2024-009875)13.366 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Eindevaluatie: Winteropvang en Winterkouderegeling in Amsterdam 2023/2024

Auteur(s)

Roeli Draper Marcel Buster

Afdeling Gezond Leven GGD Amsterdam

GGD Amsterdam, afdeling Gezond Leven Mei 2024

Deze rapportage beschrijft de uitvoering van de winteropvang 4 maanden (WO) en winterkouderegeling (WKR) in Amsterdam van december 2023 tot april 2024 en is tot stand gekomen in opdracht van Directie Jeugd, Zorg en Diversiteit (JZD) van Gemeente AmsterdamAmstelland. Bij deze willen we het Leger des Heils, De Regenbooggroep, HVO Querido, GGD Veldregie, Straatalliantie, Veldwerk, HVO mobielteam, Arkin, InGeest, Inloophuizen, Buurtteam, belangenbehartigers en andere belanghebbende uit de dakloze keten bedanken voor de waardevolle input die zij geleverd hebben voor deze evaluatie. Daarnaast willen we ook het datateam van directie JZD bedanken voor de verwerking en analyse van een groot deel van de data die in dit rapport wordt gepresenteerd.

2

Inhoudsopgave 1.

Samenvatting en conclusies ........................................................................................................... 4

2.

Bronnen voor deze evaluatie .......................................................................................................... 9

3.

De Winteropvang en Winterkouderegeling ................................................................................. 10 3.1 Winteropvang .............................................................................................................................. 10 3.2 Winterkouderegeling .................................................................................................................. 11

4. Bezoekers .......................................................................................................................................... 12 4.1 Aantallen winteropvang en winterkouderegeling...................................................................... 12 4.2 Verblijfsduur in WO ..................................................................................................................... 15 4.3 Demografische kenmerken......................................................................................................... 16 4.4 Kenmerken bezoekers WO op basis van zelfredzaamheidsmatrix (ZRM) ................................ 18 4.4.1 Financiën .............................................................................................................................. 18 4.4.2 Gezondheid .......................................................................................................................... 19 4.5 Overige kenmerken bezoekers WO en WKR.............................................................................. 22 4.5.1 Indicatie rechtmatig verblijf in Nederland ........................................................................... 22 4.5.2 Nieuwe bezoekers ................................................................................................................

22 4.5.3 Duur dakloosheid ................................................................................................................. 23 4.5.4 Duur verblijf in Amsterdam.................................................................................................. 24 4.6 Doelgroepen ............................................................................................................................... 24 4.6.1 LHBTIQ+ ................................................................................................................................... 25 4.6.2. jongvolwassenen .................................................................................................................... 25 5. Perspectief ........................................................................................................................................ 27 6. Overbruggingsplekken ..................................................................................................................... 28 7. Evaluatie (somatische) zorg .............................................................................................................. 29 8. Belangrijkste punten bezoekersoverleggen..................................................................................... 31 9.

Belangrijkste punten aanbieders ...................................................................................................... 32 10. Inventarisatie huisvestingssituatie bezoekers inloophuizen De Regenbooggroep ....................... 35 10.1 Aantal buitenslapers.................................................................................................................. 35 10.2 Redenen om buiten te slapen ................................................................................................... 37 11. Analyse Veldregie: wachtlijst DNO en gebruik WO/WKR .............................................................. 38 11.1 Resultaten analyse Veldregie .................................................................................................... 38 12. Overzicht schorsingen en klachten ................................................................................................. 39 13. Referenties....................................................................................................................................... 40

3

1. Samenvatting en conclusies Verschil tussen de winteropvang 4 maanden (WO) en winterkouderegeling (WKR) De winteropvang 4 maanden (WO) is een doorlopende nachtopvang voor een periode van 4 maanden van 1 december 2023 tot 2 april 2024. De toegang voor de winteropvang is, in tegenstelling tot vorige winteropvang in 2022/2023, aan criteria gebonden.1 De winteropvang was dit jaar beschikbaar voor dakloze Amsterdammers en voor kwetsbare dakloze personen die reeds een jaar in Amsterdam aanwezig waren. Toegang werd beoordeeld door de GGD, die op grond van kwetsbaarheid uitzonderingen kon maken. Dakloze jongvolwassenen werden standaard als kwetsbaar beschouwd. De winterkouderegeling (WKR) is een tijdelijke nachtopvang voor alle daklozen in Amsterdam, ongeacht de mate van kwetsbaarheid en binding met Amsterdam. Dit gebeurt wanneer er een gevoelstemperatuur onder nul of extreme wind2 wordt verwacht waardoor het gevaarlijk is om buiten te slapen. De WKR wordt gelijktijdig met Utrecht, Den Haag en Rotterdam door de GGD ’en afgekondigd. Voor de WO is er rekening gehouden met 250 bedden. Tijdens de WKR kan dit uitgebreid worden tot 512 bedden en daarnaast is er opschaling mogelijk van veertig extra noodbedden, wat een totaal van 552 bedden maakt. Deze winterperiode zijn er 7 periodes met in totaal 50 dagen waarin de WKR van kracht is geweest.

Na de officiële winterperiode is in april 2024 nog één keer de WKR van kracht geweest voor 3 dagen. Het maximum aantal bezoekers op 1 nacht was 551. De maximumcapaciteit is daarbij net niet overschreden.

Beleidswijziging in de winter ‘23/’24: extra toegangscriteria voor Winteropvang De beleidswijziging is terug te zien in de cijfers: 

Het aantal bezoekers per nacht is duidelijk hoger op dagen waarop de WKR van kracht was (gemiddeld 219 bezoekers per nacht zonder WKR versus gemiddeld 470 bezoekers per nacht tijdens WKR). Het totaal aantal bezoekers: in totaal hebben 1713 unieke personen van de WO/WKR gebruik gemaakt, waarvan 732 unieke personen van de WO gebruik hebben gemaakt. De toegangscriteria zullen ertoe bijgedragen hebben dat het totaal aantal personen lager was dan vorig jaar (in totaal 2136 personen). De demografische kenmerken van de bezoekers van de WO: deze wijken duidelijk af van die van de gehele groep bezoekers. Ten opzichte van de gehele WO/WKR-groep hebben bezoekers van de WO vaker een Nederlandse nationaliteit (43% vs. 19%) zijn ze gemiddeld ouder (42 jaar vs. 38 jaar), minder vaak man (84% vs. 92%), hebben ze vaker een Nederlands Burgerservicenummer3 (47% vs. 20%) en zijn ze vaker bekend in Trajectus, het gemeentelijk registratiesysteem voor de Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW) (50% vs. 36%) .

1 In de winter van ‘22/’23 kon in eerste instantie iedereen die dakloos was instromen. In de weken erop werd er vervolgens

een selectie gemaakt. 2 In het geval van weerwaarschuwingen en een storm met een naam (bijv. storm Louis 22 feb ’24). 3 Het hebben van een Burgerservicenummer als grove indicator voor rechtmatig verblijf/ arbeidsverleden in Nederland.

4

Er is een groter aantal mensen in de WO waarbij de gezondheid ernstig belemmerd wordt door lichamelijke problematiek, psychische problematiek en/of verslaving, 22% ten opzichte van vorig jaar 11%.4 De groep die toegelaten werd was dan ook duidelijk kwetsbaarder dan vorig jaar. De bezoekers van de WO verbleven gemiddeld 40 nachten op de opvang5, terwijl dit vorig jaar 23 nachten was. Een kwart van de 732 bezoekers maakte minder dan een week en een kwart maakte meer dan 65 nachten gebruik van de opvang en 4% maakt 120 nachten of meer. Het verblijf kan overigens over meerdere periodes en meerdere locaties verdeeld zijn.

Doelen voor de bezoekers Tijdens de winteropvang werd gekeken naar het perspectief van bezoekers en werden er doelen opgesteld waar bezoekers aan konden werken tijdens de winteropvang. Om het perspectief en doelen te bepalen werden de bezoekers van de winteropvang uitgebreider gesproken. Bij 168 van de 732 bezoekers van de WO is het doel geregistreerd.  

Voor 42% is het perspectief door te stromen naar de reguliere zorg/huisvesting binnen Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) (MOBW) of Wet Langdurige Zorg (WLZ). Voor 32% geldt dat zij niet tot de doelgroep voor de MOBW behoorde maar wel rechtmatig in Nederland verblijven. Zij zullen zelfstandig huisvesting moeten vinden, eventueel vooraf gegaan door een verblijf in een passantenhotel. Voor de overige groep geldt dat zij tijdelijk een plek zouden kunnen krijgen in de opvang voor EU burgers (10%), in de opvang voor ongedocumenteerden (7%) of dat repatriëring (5%) de beste oplossing is.

Van ruim 40 personen is bekend dat zij vanaf de winteropvang zijn doorgestroomd naar de MOBW, passantenhotels of de perspectiefopvang T6 voor EU-burgers/Ongedocumenteerde mensen. Na de winteropvang zijn 75 tijdelijke overbruggingsplekken gecreëerd voor mensen die tijdens de WO nog niet zijn doorgestroomd naar de voorziening waar zij voor in aanmerking kwamen. Om het perspectief van bezoekers te bepalen werd er een verdiepende screening gehouden. De verdiepende screening werd door bezoekers echter ervaren als een tweede toelatingsgesprek. Bezoekers wisten niet dat de verdiepende screening was bedoeld om naar hun perspectief te kijken. Daarnaast gaven betrokken professionals aan dat het doel van de verdiepende screening duidelijk beschreven moet worden zodat bezoekers weten wat ze hiervan kunnen verwachten. Meer buitenslapers ten tijde van WKR Tijdens de WKR komen veel mensen in beeld die dakloos zijn. Toch weten we dat niet iedereen gebruikt maakt van de WO/WKR. Om de omvang van deze groep in beeld te krijgen werd bij de inloopvoorzieningen van de Regenboog geïnventariseerd waar mensen overnacht hebben. Indien dit op straat of een publieke ruimte bleek te zijn, is gevraagd naar de reden dat er geen gebruik is gemaakt van de WKR. In vergelijking met vorig jaar was zowel het aantal mensen dat op de dag van inventarisatie gebruik maakte van de inloopvoorzieningen (538 t.o.v.

526) als het aandeel buitenslapers iets toegenomen (28% t.o.v. 26%). In totaal waren er 152 buitenslapers onder de bezoekers van de inloop t.o.v. 125 vorig jaar. Dit ondanks het feit dat er dit jaar tijdens de inventarisatie ook meer mensen gebruik maakten van de WO/WKR. Belangrijke redenen om geen 4 Score 1 of 2 van de zelfredzaamheidmatrix, het gaat hier om de domeinen lichamelijke gezondheid, geestelijke

gezondheid en verslaving/middelengebruik. 5 Het gaat hierbij om bezoekers van de WO en het aantal nachten dat zij zowel van de WO als WKR gebruik maakten.

5

gebruik te maken van de WKR waren drukte, gevoel van onveiligheid of hygiëne. Dit waren overigens ook onderwerpen die tijdens de bezoekersbijeenkomsten voor de winteropvang aan de orde kwamen. Het aandeel buitenslapers dat niet wist dat de WKR was ingegaan of dat, waarschijnlijk onterecht, dachten dat zij geen toegang zouden hebben bleek dit jaar lager dan vorig jaar (10% vs. 19%). Mogelijk dat aankondigingen op de streetlife app6 en de introductie van een vlag bij de inloopvoorzieningen van de Regenbooggroep heeft gezorgd voor meer bekendheid van de WKR bij hun bezoekers. Deze inventarisatie geeft een extra indicatie dat het aantal mensen dat dakloos is en in de openbare ruimte in Amsterdam slaapt groeit.

Geneeskundige zorg Op de grootste voorziening met de meest kwetsbare bezoekers was er dagelijks verpleegkundige zorg en wekelijks een huisarts voor daklozen in de avond aanwezig. In geval van ernstige gezondheidsproblemen kon er een uitzondering gemaakt worden op de regel dat bezoekers overdag de locatie moeten verlaten, hiervoor waren 4 plekken beschikbaar. Daarnaast waren er 2 ziekenboegbedden op andere locaties in Amsterdam beschikbaar waar dakloze mensen intensiever verzorgd en verpleegd konden worden7. Deze mogelijkheden werden als te beperkt ervaren. Voor de Geestelijke Gezondheidszorg is de afdeling Zorgtoeleiding van Arkin gedurende de eerste 2 maanden wekelijks op de locatie Transformatorweg geweest en op verzoek op de andere locaties. De laatste 2 maanden van de opvang bezocht Zorgtoeleiding de winteropvang 2 maal per maand op verzoek.

6

Link naar streetlife app van de Regenbooggroep

7 De Aak van HVO/Querido en de Majoor Bosshardtburgh van Leger des Heils

6

Verschillende doelgroepen op verschillende locaties Tijdens de winteropvang was er meer gedifferentieerd naar doelgroep waarbij de meer kwetsbare bezoekers zoveel mogelijk op een aparte locatie zijn opgevangen. De verschillende andere doelgroepen waren: jongvolwassenen, vrouwen, LHBTIQ+, economische daklozen en een buitenlandse groep. Binnen de LHBTIQ+-groep en jongvolwassenen was het wenselijk om binnen deze doelgroep verschillende groepen apart op te vangen. Tijdens de WKR kwamen er op de locaties plotseling veel bezoekers bij. Hierdoor was het niet altijd mogelijk te differentiëren naar doelgroep. Dit leidde tot onrust en conflicten tussen bezoekers. Het aantal schorsingen was met name hoog op de locatie Slotermeerlaan. Dit kwam meestal door gebruik van drank en/of drugs. De winteropvang als noodvoorziening In het evaluatiegesprek met alle betrokken hulpverleners en belangenbehartigers zoals de straatalliantie werd herkend dat zowel de informatievoorziening als de begeleiding niet optimaal verliep en zijn er verschillende suggesties gedaan voor verbetering namelijk: 

Laagdrempelige informatievoorziening waarbij duidelijk wordt wat bezoekers kunnen verwachten en wat er van hen verwacht wordt. Informatie over de sociale kaart van Amsterdam kan worden gegeven middels het ‘blauwe boekje’ of de streetlife-app. Ook kan een sharepoint gemaakt worden met antwoorden op veelgevraagde vragen. Periodieke afstemming met de GGD waarbij de stand van zaken met betrekking tot WObezoekers wordt opgevolgd en eventuele knelpunten worden opgelost.

Daarbij werd opgemerkt dat de ambities die gesteld worden wel realistisch moeten zijn. De winteropvang is een noodvoorziening waar bezoekers in de ochtend weer vertrekken en het onduidelijk is of zij in de avond weer terugkomen. Daarnaast is het zeker in tijden van winterkouderegeling druk en onrustig. Hierdoor is het niet altijd mogelijk om ambulante begeleiding op te starten. De WO compenseert tijdelijk het capaciteitsgebrek binnen de verschillende vormen van opvang (Dag-Nachtopvang, Passantenhotels, opvang voor kwetsbare EU-burgers en ongedocumenteerden). Dit maakt dat, ook als de vervolgvoorziening duidelijk is, de mogelijkheid om daar daadwerkelijk naar door te stromen beperkt is. Een eventuele uitbreiding van het aantal bedden bij deze voorzieningen gedurende het hele jaar kan voor verlichting zorgen. Toch is het ook van belang dat er zorg wordt gedragen voor voldoende doorstroom in de MOBW-keten waardoor wekelijks meer plekken vrijkomen. Conclusie De winteropvang voor 4 maanden en de opvang tijdens de winterkouderegeling voorziet in een duidelijke behoefte. Door de toegangscriteria kwam een kwetsbaardere groep stabieler in beeld wat begeleiding en medische verzorging van deze groep mogelijk maakte. Er zijn tijdens de winteropvang ruim 40 mensen direct doorgestroomd naar een vervolgvoorziening.

Het lagere totaal aantal unieke bezoekers en de veranderingen in kenmerken van de groep zijn vooral te verklaren door de andere werkwijze en niet zozeer een afspiegeling van veranderingen binnen de groep mensen die dakloos zijn. Dit onderzoek geeft aanwijzingen dat, ook tijdens de 7

periodes van WKR, er een grotere groep is die op straat slaapt. In hoeverre dit ook mensen betreft die tot de doelgroep voor de winteropvang van 4 maanden behoren, is onbekend. De groep mensen die dakloos is bestaat uit wisselende individuen en de helft van de bezoekers van de WO was voorafgaand aan de winteropvang nog onbekend in Trajectus8. De dynamiek in de populatie maakt dat, zelfs indien voor iedereen direct een oplossing geboden zou kunnen worden, de behoefte aan winteropvang en winterkouderegeling ook volgend jaar nog zal bestaan. De informatievoorziening en begeleiding verliep niet optimaal. Samen met de organisaties die de opvang verzorgen en de organisaties die betrokken zijn bij de ambulante begeleiding zal worden nagaan hoe dit verbeterd kan worden. Voor de verschillende doelgroepen zou moeten worden nagegaan wat een realistisch ambitieniveau is, wat daarvoor aan inzet en randvoorwaarden nodig is, en hoe dit geëvalueerd kan worden.

8 Het gemeentelijk registratiesysteem voor de maatschappelijke opvang en beschermd wonen.

8

2. Bronnen voor deze evaluatie In deze evaluatie worden de aantallen en kenmerken van de bezoekers beschreven. Dit is tot stand gekomen door de analyse van de registratie van de WO/WKR uit het registratiesysteem van Trajectus. Deze analyse is in samenwerking met de GGD, afdeling Gezond Leven, uitgevoerd door het datateam van de dienst Jeugd Zorg en Diversiteit van de Gemeente Amsterdam. De informatie over het perspectief en mogelijke vervolgstappen na de WO was afkomstig van het team Veldregie van de afdeling Maatschappelijke en Geestelijke Gezondheidszorg (MGGZ) van de GGD. Voor de inventarisatie van de buitenslapers is samengewerkt met de stichting de Regenbooggroep die op 1 dag aan alle bezoekers van de inloophuizen gevraagd hebben waar zij de voorafgaande nacht geslapen hebben. Voor de stem van de bezoekers zelf is informatie van de bezoekersbijeenkomsten gebruikt. Deze bezoekersbijeenkomsten waren georganiseerd door de straatalliantie. Bovendien waren enkele bezoekers en medewerkers van Straatalliantie betrokken bij de tussentijdse presentatie van de resultaten. De informatie over de somatische zorg en GGZ is afkomstig van respectievelijk Dr. Valckenier en Arkin Zorgtoeleiding. Daarnaast is er met verpleegkundigen van HVO/Querido en Kruispost ook een evaluatie geweest over de zorg in de winteropvang.

Tenslotte is er een eindevaluatie van de winteropvang gehouden met de opvanginstellingen, Straatalliantie en organisaties die betrokken zijn geweest bij de uitvoering van de WO en WKR. Uit deze evaluatie is ook input gehaald voor dit rapport.

9

3. De Winteropvang en Winterkouderegeling In dit hoofdstuk zal uitgelegd worden wat de winteropvang (WO) en winterkouderegeling (WKR) inhoudt en wie hiervan gebruik mag maken.

3.1 Winteropvang De winteropvang is een doorlopende nachtopvang voor mensen die dakloos zijn. De opvang zorgt voor extra opvangcapaciteit en geeft de mogelijkheid tot het overnachten, een warme maaltijd, ontbijt en sanitaire voorzieningen. De winteropvang is geopend van 1 december 2023 tot april 2024. Waar vorig jaar iedereen die dakloos was gebruik kon maken van de winteropvang, kan dit jaar (1 december 2023 tot 2 april 2024) een specifiekere doelgroep gebruik maken van de winteropvang. De winteropvang is dit jaar alleen beschikbaar voor dakloze Amsterdammers en voor kwetsbare personen met een niet Nederlandse nationaliteit indien zij tenminste 1 jaar in Amsterdam verblijven, zie tabel 1 (Gemeente Amsterdam, z.j.). Tabel 1: Toegang tot de doorlopende winteropvang en voorwaarden verblijf 1

Nederlandse burgers

•Kwetsbaar en 1 jaar onafgebroken ingeschreven in Amsterdam en regiogemeenten. Een deel van deze mensen heeft al begeleiding of is zorgmijdend (deze groep is al bekend). Een deel komt nieuw in beeld •Niet kwetsbaar en 3 jaar onafgebroken ingeschreven Amsterdam en regiogemeenten

EU-burgers

•Kwetsbaar en 1 jaar onafgebroken ingeschreven in Amsterdam of regiogemeenten •Kwetsbaar en 1 jaar bekend bij inloophuizen van de Regenbooggroep

Ongedocumenteerde mensen

•Kwetsbaar en op wachtlijst Landelijke Vreemdelingen Voorziening •Kwetsbaar en in aanmerking komend voor LVV of Tussen Wal en Schip voorziening van HVO-Querido

De GGD maakt een inschatting over de kwetsbaarheid en bepaalt zodoende of iemand toegang tot de winteropvang krijgt. Iemand is kwetsbaar wanneer die vanuit psychiatrisch-medisch perspectief een complexe zorgbehoefte heeft.9 Vervolgens wordt er gekeken of iemand binding heeft met Amsterdam. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen Nederlandse (of Amsterdamse) kwetsbare daklozen10, dakloze EU-burgers en dakloze ongedocumenteerde mensen.

9 Draaiboek winteropvang Amsterdam 2023/24.

10 Hierbij gaat het over het (langdurige) verblijf in Amsterdam. Niet zozeer over nationaliteit.

10

Kwetsbare mensen die niet voldoen aan het bindingscriteria, kunnen toch toegang krijgen tot de winteropvang indien de GGD risico ziet voor gezondheidsschade bij verblijf op straat gedurende de winter. Tijdens de winteropvang wordt er ondersteuning en begeleiding geboden aan de doelgroep. Mensen die gebruikmaken van de winteropvang krijgen zo snel mogelijk een verdiepende screening om te kijken wat hun perspectief is in Amsterdam. Naar aanleiding van deze verdiepende screening wordt een advies opgesteld over het traject waar mensen aan kunnen werken binnen de winteropvang. Hiermee kan de winteropvang mogelijkheden voor professionals bieden om trajecten te starten of voort te zetten bij personen die voorheen lastig te bereiken waren. Indien niet wordt meegewerkt aan het vervolgtraject kan dit betekenen dat de toegang tot de winteropvang wordt ontzegd, tenzij er sprake is van evidente medische/psychiatrische kwetsbaarheid. De winteropvang is zeven dagen per week geopend, ongeacht de temperatuur. De opvanglocaties openen ’s middags om 16.30 uur en de mensen kunnen tot uiterlijk 22.00 uur naar binnen. Overdag kunnen zij tot uiterlijk 09.30 uur in de winteropvang blijven. Overdag kunnen de mensen naar een dagbesteding of inloophuis.

3.2 Winterkouderegeling De winterkouderegeling is een tijdelijke nachtopvang voor alle dak- en thuislozen in Amsterdam, ongeacht de mate van kwetsbaarheid en binding met Amsterdam. De winterkouderegeling wordt gelijktijdig met Utrecht, Den Haag en Rotterdam door de GGD ’en afgekondigd. Dit gebeurt wanneer de gevoelstemperatuur ‘s nachts onder nul is of wanneer er sprake is van extreme wind11 en het hierdoor gevaarlijk is om buiten te slapen. Indien er sprake is van extreme koude (gevoelstemperatuur van -10 0C of lager) halen de Politie, Veldwerk en het Mobiel Team actief mensen van straat om te voorkomen dat mensen letsel oplopen omdat ze buiten slapen. Tabel 2 geeft de locaties en capaciteit van de winteropvang en winterkouderegeling weer. De winteropvang heeft een capaciteit van 250 bedden en tijdens de winterkouderegeling kan dit worden opgeschaald naar 512. Daarnaast bestond de mogelijkheid om 40 extra noodbedden in te zetten, waardoor de totale capaciteit 552 bedraagt. Op basis van de doelgroepen, zoals ook te zien in tabel 2, worden mensen ingedeeld op een locatie. Wanneer de WKR van kracht is, is echter de verdeling met betrekking tot kwetsbaarheid niet altijd haalbaar.

11 In het geval van weerwaarschuwingen en een storm met een naam (bijv. storm Louis 22 feb ’24).

11

Tabel 2: capaciteit winteropvang en winterkouderegeling (draaiboek, 2023/2024) Locatie + aanbieder Aantal plekken WO Nieuwe Looiersstraat

Aantal plekken WKR

Totaal

Doelgroep

50

110

60

82

142

100

60

160 Medisch kwetsbaar

30

70

100 Brede doelgroep

250

262

512*

Leger des heils Slotermeerlaan Regenboog Transformatorweg HVO

Vrouwen, LHBTQ+, Jongvolwassenen Economisch daklozen12

60

EU, ongedocumenteerd

Inloophuizen RBG Regenboog Totaal

* In de gymzaal op de Transformatorweg (T6) zijn er 40 extra opschalingsplekken beschikbaar, Dan is het totaal dus 552 plekken.

4. Bezoekers 4.1 Aantallen winteropvang en winterkouderegeling13. De verandering in werkwijze is terug te zien in het aantal bezoekers dat van de winteropvang gebruik maakt. Een overzicht van de winteropvang 2022/23 en 2023/24 met daarin het aantal bezoekers per dag (staaf) en het cumulatief aantal unieke bezoekers is te zien in figuur 1.

12 ‘economisch daklozen’ : de subgroep die rechtmatig in Nederland verblijft maar niet tot de kwetsbare doelgroep behoort die voor een maatwerkvoorziening binnen de MOBW in aanmerking komt. 13 WKR was van kracht in de volgende periodes: 27 nov t/m 8 dec, 5 jan t/m 22 jan, 26 jan t/m 29 jan, 7 feb t/m 12 feb, 22 feb (storm ‘Louis’), 26 feb t/m 29 feb, 7 mrt t/m 11 mrt, 22 apr t/m 24 apr (buiten periode winteropvang; niet meegenomen in deze analyse)

12

Figuur 1: cumulatieve aantal bezoekers WO/WKR november 2023 –april 2024 2500

2000

1500

1000

500

1 5 9 13 17 21 25 29 33 37 41 45 49 53 57 61 65 69 73 77 81 85 89 93 97 101 105 109 113 117 121 125

0

per dag 22/23

per dag 23/24

cumulatief 23/24

cumulatief 22/23

Het cumulatief aantal bezoekers dat gebruikmaakt van de WO/WKR neemt toe naarmate de winter vordert. Dit cumulatief aantal bezoekers laat in de eerste dagen een sterke stijging zien, waardoor het totaal aantal bezoekers direct hoger was dan vorig jaar. Dit kan verklaard worden doordat de eerste WKR-periode van kracht was van 27 november tot 8 december. De eerste WKR-periode begon daarmee eerder dan de WO die begon per 1 december. In figuur 1 is te zien dat het aantal cumulatieve bezoekers tijdens WKR-periodes sterk steeg, in deze periodes komen er veel nieuwe mensen in beeld. Tijdens de periodes met enkel WO is het aantal nieuwe bezoekers beperkt en vlakt de grafiek af. De beperkte instroom tijdens de periodes zonder WKR maakt dat het totaal aantal bezoekers deze winter lager lag dan het totaal aan bezoekers van vorig jaar. Een verklaring voor het feit dat de sterke stijging in de WKR-periodes niet doorzette en daarmee het totaal aantal bezoekers uiteindelijk lager was dan vorig jaar, zijn de extra toegangscriteria voor de WO op basis van kwetsbaarheid en binding met Amsterdam. Eerdere jaren was er sprake van een selectie gedurende het verblijf en kon een bredere groep instromen. De winteropvang eindigde per 1 april. Na het stoppen van de winteropvang was echter de WKR nog één keer van kracht, namelijk van 22 april tot 25 april.

Doordat de winteropvang al gesloten was, waren opvanglocaties Slotermeerlaan en Nieuwe Looiersstraat al dicht en bezoekers die gebruik wilde maken van de WKR konden dus terecht op de Transformatorweg en in de Inloophuizen van de Regenbooggroep. Een overzicht van het aantal periodes, nachten en bezoekers over de verschillende jaren heen staat in tabel 3. Hierin is te zien dat het gemiddeld aantal bezoekers per nacht en het cumulatieve aantal bezoekers (iets) lager is dan vorig jaar, maar dat het maximum aantal bezoekers op een nacht hoger is dan vorig jaar. 13

Tabel 3: Kerncijfers winter(koude)opvang voorgaande jaren Aantal bezoekers Winter #perioden #nachten gem. per nacht maximum cumulatief 2014/2015† 1 87 176 263 785 2015/2016 1 122 215 274 932 2016/2017 1 124 272 362 1190 2017/2018 1 125 *278 *386 *1316 2018/2019 2 133 206 338 1415 2019/2020# 3 249 283 379 1912 2020/2021# 3 192 354 560 1694 2021/2022# 7 86 244 316 1208 2022/2023 2 129 390 538 2146 14 2023/2024 2 130 331 551 1713 # Deels opvang in kader van Corona.

Gemiddeld maakte er over de gehele periode 219 bezoekers per nacht gebruik van de WO en ten tijde van de WKR 276 bezoekers gebruik van de WKR.15 In tabel 4 is het gemiddeld aantal bezoekers per nacht en het maximum aantal bezoekers per nacht te zien. In figuur 2 is het gemiddeld aantal bezoekers per locatie te zien. Op 18 januari waren er 551 WO- en WKR-bezoekers. Met de opschalingsplekken was de capaciteit net voldoende. Tevens is het totaal aantal WO-/WKRbezoekers in januari het hoogst geweest gedurende de hele winterperiode. Tabel 4: Gemiddeld, minimum en maximum aantal bezoekers WO/WKR ‘23/’24 WKR*

WO

27 nov ’23 – 1 apr ‘24

WO + WKR*

Gem .

Max Gem.

Max Gem.

Max

219

282

418

551

276

470

* Gemiddelde WKR, WO/WKR alleen de nachten meegenomen waarin WKR van kracht was.

14 Van 22 april t/m 24 april is er nog een WKR-periode geweest. Deze periode is niet meegenomen in deze rapportage 15 Hierin zijn ook de WKR-bezoekers in november meegenomen, welke niet zijn weergegeven in tabel 3 aangezien in

november de winteropvang nog niet ingegaan was.

14

Figuur 2: aantal bezoekers per nacht per locatie

4.2 Verblijfsduur in WO Gemiddeld maakten bezoekers van de WO 40 nachten gebruik van de opvang. 25% van de bezoekers verbleef minder dan een week in de WO en de helft van de bezoekers maakt minder dan 26 nachten gebruik van de WO. Een kwart van de bezoekers maakt meer dan 65 nachten gebruik van de WO en 4% maakt 120 nachten of meer gebruik van de WO. Bezoekers van de WO verblijven echter vaak losse periodes in de WO in plaats van één aaneengesloten periode. Het kortdurende verblijf is typerend voor de WO/WKR. De gemiddelde verblijfsduur dat bezoekers van de WO aaneengesloten op de opvanglocatie verbleven was 10 nachten. Het kwam echter het meest voor dat bezoekers slechts 1 nacht aaneengesloten op de opvanglocatie verbleven. Vorig jaar maakten bezoekers van de WO gemiddeld 23 nachten gebruik van de opvang. Deze winterperiode verbleven bezoekers van de WO dus langer op de opvanglocaties. In figuur 3 is de totale verblijfsduur per opvanglocatie en de aaneengesloten verblijfsduur per opvanglocatie te zien. De totale gemiddelde verblijfsduur is bij de inloophuizen van de Regenboog het hoogste en bij de Transformatorweg het laagst. Op de Transformatorweg komen bezoekers vaak als eerste binnen dus dit zal ook invloed hebben gehad op de gemiddelde verblijfsduur.

Afhankelijk van de doelgroep waartoe bezoekers behoren, worden ze vanuit de Transformatorweg doorverwezen naar een andere locatie. Wat betreft de aaneengesloten verblijfsduur ligt dit op de Nieuwe Looiersstraat het hoogst en, net als de totale verblijfsduur, op de Transformatorweg het laagst.

15

Figuur 3: totale verblijfsduur en aaneengesloten verblijfsduur van bezoekers WO ‘23/’24

4.3 Demografische kenmerken In tabel 5 zijn de demografische kenmerken van de bezoekers weergegeven. Er is dit jaar met name een verschil te zien tussen de bezoekers van de WO en WKR. Het percentage mannen dat gebruik maakt van de WO is lager dan het percentage mannen dat gebruik maakt van de WKR (84% vs. 92%). Daarnaast ligt de gemiddelde leeftijd van bezoekers in de WO iets hoger dan de leeftijd van bezoekers in de WKR (42 jaar vs. 38 jaar) en zijn er meer 65-plussers (4% vs. 2%). Het percentage jongvolwassenen dat gebruikmaakt van de WO is iets lager dan het percentage jongvolwassenen dat gebruik maakt van de WKR (18-23 jaar 5% en 6% vs. 23-27 jaar 6% en 11%). Bovendien heeft 37% van de WO-bezoekers een Nederlandse nationaliteit en is dit onder de WKR-bezoekers slechts 14%. Daarentegen zijn er geen opvallende verschillen met de demografische kenmerken van de WO/WKR-bezoekers vorig jaar. Zoals ook in voorgaande jaren is 9 op de 10 bezoekers man. Dit aantal ligt bij de bezoekers van de winteropvang iets lager dan bij de bezoekers van de WKR. Verder is de gemiddelde leeftijd van 39 jaar nagenoeg hetzelfde als vorig jaar. 6% van de bezoekers behoort 16

tot de jongvolwassen 18-23 jaar, 11% tot de jongvolwassenen 23-27 jaar en 3% van de bezoekers is 65 jaar of ouder. Ook deze percentages komen nagenoeg overeen met vorig jaar (resp. 9%, 13% en 2%). Van de hele groep, dus zowel WO als WKR, heeft 28% de Nederlandse nationaliteit. Dit is iets hoger dan vorig jaar waar 21% van de bezoekers de Nederlandse nationaliteit had. Het percentage bezoekers met een Nederlandse nationaliteit is met name hoger bij de WO-bezoekers. Ook dit zal een afspiegeling zijn van de verandering in toegangscriteria dan een verandering in de doelgroep van mensen die dakloos zijn in Amsterdam. 43% van de WO/WKR-bezoekers heeft een nationaliteit van een andere EU lidstaat waarbij de Poolse en Roemeense de meest genoemde nationaliteiten zijn, 30% van de bezoekers heeft een niet-Europese nationaliteit waarbij de Marokkaanse en Algerijnse de meest genoemde nationaliteiten zijn. Tabel 5: demografische kenmerken WO en WKR

Unieke bezoekers (n) Man Vrouw Gem. leeftijd Leeftijd 18 tot 23 Leeftijd 23 tot 27 Leeftijd 65+ Nederlandse nationaliteit16 EU (lidstaten) Buiten EU Nationaliteit nr.2 Nationaliteit nr.3 Nationaliteit nr.4 Nationaliteit nr.5 Nationaliteit nr.6

WO en WKR 2022/2023 2136 92% 8% 37 jaar 9% 13% 2% 21% 45% 34% Polen: 14% Marokko: 10% Roemenië: 9% Algerije: 4% Hongarije: 4%

WO en WKR 2023/2024

WO 2023/2024 1713 732 90% 84% 10% 15% 39 jaar 42 jaar 6% 5% 11% 6% 3% 4% 28% 43% 43% 30% 30% 28% Polen: 14% Polen: 9% Roemenië: 8% Marokko: 5% Marokko: 7% Roemenië: 3% Algerije: 4% Italië: 2% Hongarije: 4% Hongarije: 2%

WKR 2023/2024 1353 92% 7% 38 jaar 6% 11% 2% 19% 50% 30% Polen: 18% Roemenië: 9% Marokko: 8% Hongarije: 4% Algerije: 4%

16 De percentages zijn gecorrigeerd voor het percentage waarvan de nationaliteit onbekend is.

Nationaliteit onbekend WO en WKR 2022/2023 = 23%, WO en WKR 2023/2024 = 24%, WO 2023/2024 = 13%, WKR 2023/2024 = 26%.

17

4.4 Kenmerken bezoekers WO op basis van zelfredzaamheidsmatrix (ZRM) Tijdens de aanmelding voor de WO werd er op basis van de zelfredzaamheidsmatrix (ZRM) gekeken naar de financiën, huisvesting en gezondheid (lichamelijke gezondheid, geestelijke gezondheid en verslaving/middelengebruik) van bezoekers. Medewerkers van de GGD stelden tijdens de aanmelding een paar vragen aan bezoekers en vulden aan de hand van de antwoorden de bovenstaande selectie van domeinen van ZRM in. Wanneer de WKR van kracht was, konden bezoekers zonder aanmelding toegang tot de opvang krijgen. Hierdoor betreft deze registratie voornamelijk de groep die gebruikmaakte van de WO. Het gaat dus om de screenings met betrekking tot de doorlopende winteropvang.

4.4.1 Financiën In figuur 4 is te zien dat het merendeel van de dak- en thuislozen kampt met financiële problemen. Dit jaar lijkt het aantal personen die kampt met acute problematiek iets lager te liggen dan andere jaren, met name in de WO. Dit heeft mogelijk te maken met het toegangscriterium ‘binding met Amsterdam’ waardoor het percentage mensen dat recht heeft op een uitkering hoger is. Desondanks is de groep met acute problematiek nog steeds veruit de grootste groep die zich had aangemeld voor de WO. Figuur 4: financiën ZRM17

17 Slechts een klein deel van de mensen uit de WKR groep heeft een screening door de GGD gehad, dit bemoeilijkt de

vergelijking tussen WKR en WO en de vergelijking met vorige winter.

18

4.4.2 Gezondheid In figuur 5 is de algemene gezondheidsbeoordeling te zien en tevens de gezondheidsbeoordeling per locatie. Hierin is zowel de lichamelijke gezondheid, geestelijke gezondheid als middelengebruik meegenomen. Opvallend is dat de groep waarbij het functioneren ernstig wordt belemmerd, de meest kwetsbare groep, groter is dan voorgaande jaren. Vorig jaar werd er bij 11% van de mensen die gebruikmaakte van de WO/WKR geconstateerd dat hun gezondheid hen ernstig belemmerde. Dit jaar is dat ruim 22%. Dit verschil zal komen door de selectie die dit jaar plaatsvond vóórdat iemand gebruik kon maken van de WO in tegenstelling tot voorgaande jaren waar er een vorm van selectie gedurende het verblijf was.

Figuur 5: gezondheid ZRM bij doorlopende winteropvang, algemeen en per locatie18

18 Slechts een klein deel van de mensen uit de WKR groep heeft een screening door de GGD gehad, dit bemoeilijkt de

vergelijking tussen WKR en WO en de vergelijking met vorige winter.

19

Zoals ook benoemd in hoofdstuk 3.6 ‘Doelgroepen’, werden bezoekers ingedeeld op de Transformatorweg wanneer zij behoorden tot de meest kwetsbare doelgroep (met problemen op het gebied van lichamelijke of geestelijke gezondheid of verslaving). Dit is ook terug te zien in figuur 7 aangezien op de Transformatorweg het grootste percentage bezoekers verblijft wiens functioneren ernstig wordt belemmerd door hun gezondheid (36%). Gezondheid kan verder onderverdeeld worden in lichamelijke gezondheid, geestelijke gezondheid en middelengebruik, zie figuur 6. Hierin is te zien dat er dit jaar met name van de winteropvang 4 maanden een grootste aandeel bezoekers gebruik heeft gemaakt die beperkt zelfredzaam wordt bevonden. Dit geldt vooral voor lichamelijke- en geestelijke gezondheid. Wat betreft middelengebruik is in de winteropvang 4 maanden een ietwat hoger percentage bezoekers dan in de WKR. Bij deze percentages moet er echter rekening gehouden worden met het feit dat niet iedere bezoeker is gescreend, zie hoofdstuk 4 ‘Perspectief’. En dat het mogelijk is dat de bezoekers die niet/beperkt zelfredzaam worden bevonden met name geadviseerd wordt zich te melden voor de winteropvang.

20

Figuur 6: lichamelijke gezondheid, geestelijke gezondheid en middelengebruik19

19 Slechts een klein deel van de mensen uit de WKR groep heeft een screening door de GGD gehad, dit bemoeilijkt de

vergelijking tussen WKR en WO en de vergelijking met vorige winter.

21

4.5 Overige kenmerken bezoekers WO en WKR 4.5.1 Indicatie rechtmatig verblijf in Nederland In figuur 7 is de verblijfsstatus van de bezoekers die gebruikmaakten van de WO en WKR te zien. Tussen het totaal aantal bezoekers WO/WKR zijn er geen grote verschillen ten opzichte van vorig jaar. Er is echter wel een verschil te zien in bezoekers van de WO dit jaar en bezoekers van de WKR dit jaar. Onder de bezoekers van de WO dit jaar zijn er meer mensen die een Nederlands BSN ID kunnen tonen dan onder de bezoekers van de WKR (46,6 % versus 20,4%). Dit zal komen door de toegangscriteria waarbij er gekeken werd of iemand binding heeft met Amsterdam. Figuur 7: indicatie verblijfsstatus

4.5.2 Nieuwe bezoekers In figuur 8 is te zien of mensen eerder gebruik hebben gemaakt van de WO en/of WKR. De meeste bezoekers in de WKR (63,9%) hebben vorig jaar geen gebruik gemaakt van de WO of WKR en komen ook niet voor in Trajectus (de gemeentelijke registratie voor Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen (MOBW)). Dit is iets lager dan vorig jaar waar 68% ‘nieuw’ was. Ook binnen de WO is bijna de helft van de bezoekers nieuw in de registratie (49,7%).

22

Figuur 8: bekendheid van de bezoekers en gebruik WO/WKR vorig jaar

4.5.3 Duur dakloosheid Totaal waren er gedurende de hele winterperiode 732 bezoekers die gebruikmaakte van de winteropvang. Van 192 bezoekers is bij de tweede screening bijgehouden hoe lang zij al dakloos zijn, zie tabel 6 voor de resultaten. Aangezien het hier om een (klein) deel van het totaal aantal bezoekers gaat, zullen deze resultaten niet representatief zijn voor de gehele groep die gebruik heeft gemaakt van de WO. tijdens de inventarisatie Zoals te zien in tabel 6 is bijna de helft van de bezoekers, 1 tot 5 jaar dakloos, 40% is korter dan een jaar dakloos en 12,5% is al meer dan 5 jaar dakloos. Tabel 6: duur dakloosheid Duur dakloosheid Aantal bezoekers 0 - 12 maanden 1 - 5 jaar Meer dan 5 jaar Onbekend Totaal

77 90 24 1 192

Percentage 40% 47% 12,5% 0,5% 100%

23

4.5.4 Duur verblijf in Amsterdam Er is ook gekeken naar hoe lang bezoekers van de WO en WKR in Amsterdam verbleven voorafgaand aan de winterperiode, zie figuur 9. De meeste bezoekers verbleven zowel dit jaar als vorig jaar al meer dan een jaar in Amsterdam. Het percentage bezoekers dat meer dan een jaar in Amsterdam verblijft, was dit jaar groter dan vorig jaar (56% ten opzichte van 37%). Dit zal een groter aandeel zijn dan vorig jaar onder andere vanwege het bindingscriterium. Figuur 9: Verblijfsduur in Amsterdam voorafgaand aan WO/WKR20

100%

80%

n=1264

n=836

n=572

37,2 50,4

56,0 60%

n=554

67,0

7,1 10,3

40%

20%

4,9

6,0 9,2

15,8

10,8

10,4

7,9

6,5 6,8 8,2 6,1 5,4

WO+WKR 22/23

WO+WKR 23/24

WO 23/24

11,6

19,2

9,3 0%

Dag

Week

Maand

Kwartaal

Jaar

14,6 11,0 8,3 WKR 23/24

Meer dan een jaar

4.6 Doelgroepen In dit hoofdstuk zal de verdeling van de verschillende doelgroepen over de winteropvang-plekken beschreven worden. Tevens wordt ingezoomd op de LHBTIQ+-doelgroep en de jongvolwassenen. Informatie die besproken wordt in dit hoofdstuk is afkomstig uit de data maar ook uit overleggen met bezoekers en evaluatieve gesprekken met de coördinator van de winteropvang. Om bezoekers van de winteropvang te verdelen over de opvanglocaties, werd er een indeling gemaakt aan de hand van verschillende doelgroepen, zoals ook te zien was in tabel 2 onder ‘Winterkouderegeling’ (blz. 11). Bezoekers die behoorden tot de meest kwetsbare doelgroep (met problemen op het gebied van lichamelijke of geestelijke gezondheid of verslaving) werden ingedeeld op de Transformatorweg. EU-burgers of ongedocumenteerde bezoekers werden ingedeeld op de Slotermeerlaan. Economische daklozen, vrouwen, jongvolwassenen en bezoekers binnen de LHBTIQ+-doelgroep werden ingedeeld op de Nieuwe Looiersstraat. Verder waren er ook inloophuizen van de Regenboog beschikbaar waar een brede doelgroep werd ingedeeld. Het aandeel bedden dat werd bezet tijdens de winteropvang, opgedeeld per doelgroep is zichtbaar in figuur 10. Van alle bedden van de winteropvang was 27% bezet door de medisch kwetsbare groep,

20 Slechts een klein deel van de mensen uit de WKR groep heeft een screening door de GGD gehad, dit bemoeilijkt de

vergelijking tussen WKR en WO en de vergelijking met vorige winter.

24

28% was EU-burger of ongedocumenteerd. De kleinste doelgroep was de LHBTIQ+-groep, 2% van de bedden werd bezet door deze doelgroep.

Figuur 10: percentage bezette bedden WO ‘23/’24 per doelgroep

EU/Ongedocumenteerd - man

28%

Kwetsbaar/medisch

27%

Breed Inloop man

14%

Economisch dakloos

13%

Vrouw

12%

LHBTIQ+

2%

Jongvolwassenen

5% 0%

5%

10%

15%

20%

25%

30%

4.6.1 LHBTIQ+ In eerste instantie waren er op de Nieuwe Looiersstraat 16 plekken beschikbaar voor de LHBTIQ+doelgroep maar dit is later teruggebracht naar 10 plekken. Gemiddeld maakte er 6 bezoekers gebruik van de winteropvang die vielen onder de LHBTIQ+-doelgroep. Officieel waren er op de Nieuwe Looiersstraat 60 plekken beschikbaar tijdens de winteropvang en nog eens 50 (dus in totaal 110) plekken indien de WKR van kracht was. De groep vrouwen en de groep economische dakloze bezoekers waren groter dan verwacht waardoor er in de praktijk uiteindelijk meer mensen zijn opgevangen op de Nieuwe Looiersstraat tijdens de winteropvang. Een team van vaste medewerkers van het Leger des Heils had voorafgaand aan de winteropvang de training van de Veilige Haven gevolgd over LHBTIQ+ en Transpersonen. Ook waren er aandachtfunctionarissen aangesteld en was er extra beveiliging beschikbaar om deze doelgroep goed op te kunnen vangen. Tevens is er gedurende de winteropvang gekeken naar andere mogelijkheden om doelgroepen binnen de LHBTIQ+ doelgroep apart op te vangen, omdat bezoekers vaak niet met elkaar op de kamer wilden. Met name voor transpersonen bleek het ingewikkeld om hen bij andere bezoekers op de kamer te plaatsen. Voor volgend jaar zou er gekeken kunnen worden op welke manier de beschikbare ruimte optimaal benut kan worden.

4.6.2. jongvolwassenen Jongvolwassenen van 18 tot 27 jaar konden volgens de kwetsbaarheid- en bindingscriteria in aanmerking komen voor de winteropvang. Per 27 februari 2024 is voor jongeren tussen 18 en 23 jaar de bindingscriteria losgelaten en is voor de hele groep jongvolwassenen (dus tot 27 jaar) het 25

kwetsbaarheidscriterium verruimd omdat jongvolwassenen een extra kwetsbare doelgroep is indien zij op straat zouden moeten blijven. Gemiddeld was 5% van alle bezette plekken bezet door bezoekers tussen de 18 en 23 jaar en was 6% van de bezette plekken bezet door bezoekers tussen de 23 en 27 jaar. Er is met 8 jongvolwassenen gesproken die dit jaar gebruikmaakte van de winteropvang, vorig jaar gebruikmaakte van de winteropvang of geen gebruik maakte van de winteropvang terwijl dit wel mogelijk was. Tijdens deze gesprekken kwamen er twee belangrijke thema’s naar voren waar jongvolwassenen behoefte aan hebben in de winteropvang: begeleiding en randvoorwaarden. Jongvolwassenen geven aan dat ze behoefte hebben aan begeleiding om samen concrete plannen te maken voor tijdens en na de winteropvang. Ze willen onder andere graag horen wat hun rechten en mogelijkheden in Amsterdam zijn. Hierbij vinden ze het belangrijk dat begeleiders hun situatie begrijpen en weten wat er wel maar ook juist niet mogelijk is. Het inzetten van ervaringsdeskundigen is hierbij van belang aangezien zij goede aansluiting kunnen vinden bij de jongvolwassenen.

Daarnaast zouden jongvolwassenen het fijn vinden als er spreekuren op locatie worden gehouden met andere instanties zoals WPI, schuldhulpverlening, buurtteam, GGZ, GGD (Maatschappelijke Opvang), PerMens (persoonlijke begeleiding) en De Regenbooggroep (woningen). Deze instanties kunnen tijdens een avondspreekuur aangeven wat zij voor de jongvolwassenen kunnen betekenen en een individuele afspraak maken met de jongvolwassenen om hen verder op weg te helpen. Zo kunnen jongvolwassenen in eerste instantie de basisbehoeftes regelen, zoals dakloze uitkering, postadres aanvragen en een inburgeringscursus volgen. Maar daarna ook geholpen worden met andere stappen zoals inschrijven bij andere voorzieningen (DNO) en misschien zelfs het opstarten van werk/school. Naast avondspreekuren is het geven van vrijwilligerscursussen ook een optie. Hierbij kan gedacht worden aan Nederlandse taal, koken met klein budget, computervaardigheden, dagbesteding, netwerk opbouwen. Verder gaven jongvolwassenen ook een aantal randvoorwaarden aan die nodig zijn om zich veilig te voelen op de winteropvang. Jongvolwassenen gaven onder andere aan dat de beveiliging preventiever kan optreden in geval van conflict en diefstal. Om rust en veiligheid te waarborgen opperden jongvolwassenen om jonge begeleiders diensten te laten draaien met meer ervaren begeleiders.

Ook vinden jongvolwassenen het fijn als ze op een kamer worden ingedeeld met bezoekers met dezelfde problematiek. Ze gaven hierbij aan dat het wenselijk is om bezoekers met psychische problemen en verslavingsproblematiek op aparte kamers in te delen en dat er onderscheid gemaakt wordt in kamers met WO-bezoekers en kamers met WKR-bezoekers. Daarnaast gaven jongvolwassenen aan dat ze graag hun kleding zouden willen wassen en/of dat er schone kleding beschikbaar is. Aanbieders gaven aan dat het bij binnenkomst belangrijk is om voldoende informatie te verschaffen aan de jongvolwassenen en hen direct te koppelen aan een mentor die hen wegwijs kan maken in de winteropvang en aan een ambulante begeleider om meteen te kijken naar de mogelijkheden. Daarnaast gaven aanbieders aan dat er voor 24-27 jarigen geen specifieke begeleiding beschikbaar is en dat jongvolwassenen kwetsbaar zijn maar niet kwetsbaar genoeg om door te stromen naar Dag-Nachtopvang (DNO) en hulpverlening.

26

5. Perspectief Tijdens de winteropvang vond er een tweede/verdiepende screening plaats om te kijken naar het perspectief van bezoekers. Op basis van de verdiepende screening werd een advies opgesteld door een ambulante begeleider over het traject waar mensen aan konden werken binnen de winteropvang. Zo was het de bedoeling dat de winteropvang mogelijkheden creëerde voor professionals om trajecten te starten of voort te zetten bij personen die voorheen lastig te bereiken waren. Totaal waren er van december 2023 tot april 2024 732 bezoekers die gebruikmaakten van de winteropvang. Bij 192 bezoekers is er een verdiepende screening gehouden en gekeken naar het perspectief van deze bezoekers. Dit is te zien in tabel 7. Niet met elke bezoeker is er een verdiepende screening geweest. Dit komt onder andere doordat er niet op elke locatie coördinatie was op het houden van de verdiepende screeningen en doordat sommige bezoekers de verdiepende screening ontweken, omdat ze dachten dat het een tweede toelatingsgesprek was. Zie hoofdstuk 7 ‘Belangrijkste punten bezoekersoverleggen’ en hoofdstuk 8 ‘Belangrijkste punten aanbieders’ voor een beschrijving van hoe deze verdiepende screening is ervaren door zowel bezoekers als aanbieders en verbeterpunten voor volgend jaar. Voor 42% van de bezoekers is het perspectief om door te stromen naar de reguliere zorg/huisvesting binnen WMO (MOBW) of WLZ.

Voor 32% geldt dat zij niet tot de doelgroep voor de MOBW behoorde maar wel rechtmatig in Nederland verblijven. Zij zullen zelfstandig huisvesting moeten vinden, eventueel vooraf gegaan door een verblijf in een passantenhotel. Voor de overige groep geldt dat zij tijdelijk een plek zouden kunnen krijgen in de opvang voor EU burgers (10%), een plek kunnen krijgen in de opvang voor ongedocumenteerde mensen (7%) of dat repatriëring (5%) de beste oplossing is. Tabel 7: perspectief Aantal Zorg regulier (MOBW, MOJ, MOG, DNO, WLZ, VZ) Perspectiefopvang T6 (EU) Zorg/verblijf ongedocumenteerde mensen Zelfstandig verder Repatriëring Subtotaal Geen advies

Percentage 71 42% 23 14% 12 7% 53 32% 9 5% 168 100% 24

Aan het eind van de winteropvang is het beoogde perspectief niet altijd gehaald. Volgens veldregie zijn er 30 mensen doorgestroomd naar de Dag-Nachtopvang en MOBW keten en zijn er 6 mensen doorgestroomd naar de Perspectiefopvang T6 voor EU burgers of ongedocumenteerde mensen op de Transformatorweg. Daarnaast is van 5 personen bekend dat zij direct zijn doorgestroomd naar een passantenhotel voor de mensen die minder zorg nodig hebben.

27

6. Overbruggingsplekken De winteropvang liep tot 2 april en aan het einde van de winteropvang bleven er 75 bedden beschikbaar voor mensen die in aanmerking kwamen voor een andere vorm van huisvesting maar hier nog niet terecht konden. Dit zijn de zogenoemde overbruggingsplekken. Deze overbruggingsplekken blijven beschikbaar tot 1 juni. Het is de bedoeling dat mensen die gebruik maken van een overbruggingsplek doorstromen naar Dag-Nachtopvang (DNO), Wet langdurige zorg (WLZ), landelijke vreemdelingenvoorzieningen (LVV), 24-uurs voorziening voor kwetsbare EUburgers of ongedocumenteerde mensen op de Transformatorweg (T6). Ongedocumenteerde bezoekers die in aanmerking komen voor een 24-uurs voorziening op de T6 vallen zogezegd ‘Tussen Wal en Schip’. Ze kunnen niet terug naar hun land van herkomst maar ook niet in Nederland blijven. Daarnaast hebben enkele bezoekers die op korte termijn een eigen woonruimte zouden kunnen krijgen een overbruggingsplek aangeboden gekregen. Personen die een LVV-plek krijgen, zullen een tijdelijk verblijf krijgen waarna mensen een verblijfsvergunning krijgen, migreren naar een ander land of waarna repatriëring volgt. Repatriëring kan ook gelden voor mensen op de perspectiefopvang T6 maar het is ook mogelijk dat zij werk en woning in Nederland vinden. Het aantal overbruggingsplekken zal langzaam afnemen.

Wanneer iemand die gebruikmaakt van een overbruggingsplek doorstroomt, vervalt deze plek en de overbruggingsplek kan daarna dus niet meer gebruikt worden door iemand anders. In tabel 8 staat er per uitstroomrichting hoeveel mensen er gebruikmaken van een overbruggingsplek. Hierin is te zien dat het overgrote deel in aanmerking komt voor de DagNachtopvang (50 personen). Tevens zijn er 14 mensen die in aanmerking komen voor een LVV-plek, 5 mensen voor de WLZ, 5 mensen voor de perspectiefopvang T6 voor EU burgers of ongedocumenteerde mensen (TWS) en nog 1 persoon zal in diens eigen netwerk onderdak moeten vinden. Tabel 8: Overbruggingsplekken Uitstroom Voorziening binnen Wet Langdurige Zorg Dag-Nachtopvang (wachtlijst MOBW) Perspectiefopvang T6-(EU) Perspectiefopvang T6-Ongedocumenteerden Perspectief op zelfstandige Woning Landelijke Vreemdelingen Voorziening Totaal

Aantal 5 50 4 1 1 14 75

Percentage 7% 67% 5% 1% 1% 19% 100%

28

7. Zorg tijdens de winteropvang Een aantal bezoekers in de winteropvang heeft somatische of andere zorg nodig. Onder andere Arkin behandelt mensen met psychiatrische stoornissen en complexe psychische- en verslavingsproblematiek. Bezoekers van de winteropvang worden doorverwezen naar Arkin/Ingeest indien er een vermoeden is dat iemand een Ernstige Psychiatrische Aandoening (EPA) heeft wat samengaat met stevig sociaal maatschappelijk disfunctioneren (chronische lichamelijke ziekten, verslaving, schulden, politiecontacten). Voor de Geestelijke Gezondheidszorg is de afdeling Zorgtoeleiding van Arkin gedurende de eerste 2 maanden wekelijks op de locatie Transformatorweg geweest en op verzoek op de andere locaties. De laatste 2 maanden van de opvang bezocht Zorgtoeleiding de winteropvang 2 maal per maand op verzoek. Arkin geeft aan dat de problematiek van bezoekers van de winteropvang de afgelopen jaren nagenoeg gelijk is gebleven. Positief was de aanwezigheid van HVO Querido op de Transformatorweg en dat professionals Arkin goed wisten te vinden. Daarnaast is verbetering nodig bij de terugkoppeling van Arkin naar de GGD, huisarts, winteropvanglocatie en trajecthouder. Hierbij is het ook van belang dat duidelijk is welke GGZ-instantie welke taken uitvoert per locatie.

Als laatste was niet elke winteropvanglocatie aangesloten bij het DNO-overleg wat wekelijks plaatsvond om de meest kwetsbare bezoekers onder de aandacht te brengen bij aanbieders en ambulante begeleiders. Dit kwam de continuïteit van de zorg niet ten goede. Kwetsbare bezoekers met somatische klachten werden ingedeeld in opvanglocatie Transformatorweg. Hier draaide huisartsenpraktijk Dr. Valckenier één keer per week een avondspreekuur waar bezoekers met somatische klachten gezien konden worden. Dr. Valckenier is een huisartsenpraktijk van de GGD voor mensen die dak- of thuisloos zijn. Verder waren er dagelijks ook verpleegkundigen van de winteropvang, Kruispost en GGD Veldregie betrokken bij het geven van somatische zorg aan bezoekers. Kruispost is een organisatie die zorg biedt aan mensen die in Amsterdam verblijven en geen verblijfsvergunning of zorgverzekering hebben. GGD Veldregie is samen met de aanbieders de organisator van de winteropvang en kijkt naar wie toegang krijgt tot de winteropvang en wat er gebeurt nadat mensen toegang hebben gekregen. Tijdens de Winteropvang komen dakloze mensen met somatische klachten goed in beeld. Dr. Valckenier hield dit jaar één keer per week een avondspreekuur op de Transformatorweg. Vorig jaar was dit een ochtendspreekuur.

Dit avondspreekuur werkte beter dan een ochtendspreekuur aangezien bezoekers vaker naar het avondspreekuur kwamen en ook vaker hun afspraak nakwamen. Door het avondspreekuur bleven bezoekers dus beter in beeld bij dr. Valckenier. Deze avonddiensten zijn voor de huisarts daarentegen een extra belasting. Naast deze avondspreekuren zou het een waardevolle toevoeging zijn als verpleegkundigen ook ’s ochtends aanwezig zijn op locatie. Verder heeft Dr. Valckenier alleen spreekuren op de Transformatorweg. Mensen die op de Transformatorweg worden ingedeeld omdat ze zorg nodig hebben, zijn voornamelijk mensen met somatische klachten. Mensen met klachten die minder zichtbaar zijn, bijvoorbeeld met ontregelde diabetes, worden niet altijd naar Transformatorweg gestuurd. Hoewel deze bezoekers wel doorgestuurd kunnen worden naar Dr. Valckenier op de GGD-locatie, blijft het lastig om bezoekers met klachten die minder zichtbaar zijn te herkennen en deze bezoekers blijven dus uit beeld van Dr. Valckenier. Ook deze bezoekers hebben wel degelijk zorg nodig. Bovendien gaan sommige

29

bezoekers toch naar een andere locatie dan de Transformatorweg terwijl zij in principe wel ingedeeld waren op Transformatorweg vanwege medische kwetsbaarheid. De samenwerking tussen de aanbieders (persoonlijke begeleiders/beveiliging), verpleegkundigen WO, Dr. Valckenier en GGD Veldregie verliep soepel wat zorgde voor een goede follow-up. In een wekelijks overleg werden casussen en knelpunten van deze casussen besproken wat een meerwaarde was voor het verloop van de samenwerking. Dit overleg kan voor volgend jaar het beste aan het einde van de ochtend ingepland worden zodat actiepunten die uit het overleg komen daarna nog uitgevoerd kunnen worden. De samenwerking tussen de huisartsenpost en de ziekenhuizen kan echter wel verbeterd worden. Het is van belang dat ziekenhuizen (met name de spoedeisende hulp) contact opneemt met de winteropvang voordat zij iemand ontslaan. Er kan dan van tevoren gekeken worden of er genoeg begeleiding is voor deze persoon. Het is dan ook essentieel dat ziekenhuizen weten wat de winteropvang wel en niet kan bieden. Tevens is het handig als ziekenhuizen volgend jaar weten wanneer de WKR van kracht is. Om dit te regelen kunnen contactpersonen van de ziekenhuizen meegenomen worden in de lijst mensen die geïnformeerd worden over de start en het einde van de WKR.

Ook moeten er goede afspraken gemaakt worden met het zorgkantoor over bezoekers die een WLZ-verklaring hebben of waar een aanvraag voor is gedaan. Ook is het hierbij van belang dat het duidelijk is wat de taken hierin zijn van een ambulante begeleider, zoals bijvoorbeeld het indienen van een WLZ-aanvraag. Daarnaast hebben de verpleegkundigen door het draaien van deze winteropvang specifieke kennis opgebouwd wat voor de volgende winteropvang goed zou zijn om te behouden. Het is echter lastig om deze specifieke kennis binnen de winteropvang te behouden aangezien de winteropvang slechts een seizoensopvang is. Wanneer beschikbare locaties voor de winteropvang eerder bekend zijn en er meerjarig beleid is, zou de aanbieder makkelijker eigen personeel kunnen inzetten. De afstand van de Transformatorweg tot de inloophuizen van de Regenboog is groot. Voor volgend jaar zou het een meerwaarde zijn om vervoer naar de inloophuizen te regelen of om een pop-up inloophuis te regelen dichterbij de Transformatorweg. De winteropvang is beperkt tot een nachtopvang en daardoor ongeschikt voor mensen wiens gezondheidstoestand zo slecht is dat ze overdag niet op straat kunnen verblijven. Er zijn 2 ziekenboegbedden voor mensen die extra verzorging nodig hebben en er was deze winter de mogelijkheid voor 4 mensen om overdag te kunnen verblijven.

De beschikbaarheid van deze plekken werd zowel door de aanbieders als zorgverleners als positief ervaren. Deze plekken gingen echter van de bestaande reguliere capaciteit af bij de Aak en Majoor Bosshardtburgh. Bij aanvang van de winteropvang zullen er duidelijke afspraken gemaakt moeten worden over de meerzorg plekken. Als laatste ontbreekt het aan een registratiesysteem waar zowel verpleegkundigen (HVO) als Dr. Valckenier in kunnen werken en informatie in kunnen overdragen. Hierdoor mist er soms informatie in dossiers en is het lastig om een follow-up te geven aan bezoekers die zijn gezien door een verpleegkundige en/of Dr. Valckenier. Een mogelijke oplossing hiervoor is het detacheren van de verpleegkundigen aan Dr. Valckenier. Zo kunnen de verpleegkundigen in hetzelfde systeem werken en is een follow-up mogelijk makkelijker te realiseren.

30

8. Belangrijkste punten bezoekersoverleggen De Straatalliantie heeft gedurende de winteropvang op de Nieuwe Looiersstraat, Slotermeerlaan en Transformatorweg drie keer een bezoekersoverleg gehouden. Tijdens deze overleggen hebben bezoekers van de winteropvang de mogelijkheid gekregen om hun ervaringen te delen en suggesties voor verbeteringen aan te dragen. In de overleggen werd door bezoekers gemeld dat er weinig informatie is en dat bezoekers behoefte hebben aan (meer) begeleiding. Bezoekers gaven aan dat er geen informatie is over basisvragen zoals het regelen van een briefadres of waar zij heen kunnen na de winteropvang. Bezoekers vertelden dat ze hierin niet worden geholpen en dat ze ook niet worden teruggebeld als zij zelf instanties benaderen voor een vervolgtraject. De verdiepende screening werd door bezoekers anders ervaren dan in eerste instantie bedoeld was. Bezoekers hadden het idee dat de verdiepende screening een tweede toelatingsgesprek was en dat er werd gekeken of bezoekers in de winteropvang mochten blijven. Bezoekers wisten niet dat de verdiepende screening was bedoeld om naar hun perspectief te kijken. Bezoekers ervaarde dus weinig ondersteuning en hebben het idee dat er ook weinig stappen gezet kunnen worden wat betreft perspectief.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14382369/1