Bijlage 3.Vaststellen aanvullend erfpachtbeleid voor bestaande erfpachtrechten.gmb-2017-143786 (1)
Tekst van het document
GEMEENTEBLAD
Nr. 143786 16 augustus 2017
Officiële uitgave van de gemeente Amsterdam
Vaststellen van het aanvullend erfpachtbeleid voor bestaande erfpachtrechten
Burgemeester en wethouders van Amsterdam Brengen ter algemene kennis dat zij in hun vergadering van 9 mei 2017 hebben besloten: Kennis te nemen van de relatie tussen de Overstapregeling van voortdurende erfpacht naar eeu1. wigdurende erfpacht voor woonbestemmingen 2017 (hierna: “Overstapregeling”) en het aanvullend erfpachtbeleid voor bestaande erfpachtrechten (hierna: “aanvullend beleid”). Kennis te nemen van de volgende aanpassingen die zijn gedaan in het aanvullend beleid ten op2. zichte van het door het college op 20 december 2016 vastgestelde voorgenomen aanvullend beleid: 2.1. De aanvullende beleidsstukken kennen een overgangstermijn tot 1 januari 2018. Dit betekent dat de nu voorliggende aanvullende beleidsstukken na instemming door de raad per 28 juni 2017 definitief worden, maar in werking zullen treden per 1 januari 2018, waarbij: 2.1.1. erfpachters die vóór 31 december 2017 een volledige aanvraag voor een wijziging in het erfpachtrecht bij de gemeente hebben ingediend, nog gebruik kunnen maken van de laatst vastgestelde aanvullende beleidsstukken (onder beslispunt 6); 2.1.2. voor erfpachters die een volledige aanvraag om over te stappen hebben ingediend het aanvullende beleid geldt, dat na instemming door de raad op 28 juni 2017 definitief wordt. 2.2. In aanvulling op beslispunt 2.1.
geldt voor de Afkoopinstructie dat deze definitief wordt op 28 juni 2017 en in werking treedt per 1 oktober 2017. Gedurende de periode 1 oktober 2017 tot 1 januari 2018 zal de gemeente zowel op basis van de laatst vastgestelde Afkoopinstructie als de nieuwe Afkoopinstructie (zoals opgenomen in bijlage 11) de afkoopsom voor 50 jaar berekenen. De erfpachter ontvangt een aanbieding op basis van de laagste afkoopsom. Vanaf 1 januari 2018 wordt alleen de nieuwe Afkoopinstructie toegepast. 2.3. Doordat alleen erfpachters met een woonbestemming kunnen overstappen op basis van de Overstapregeling, zal het beleid Vervroegde wijziging in stand blijven voor erfpachters met nietwoonbestemmingen (bijlage 12 bij dit besluit). 2.4. In de tweede helft van 2017 wordt nieuw Transformatiebeleid ontwikkeld dat naar verwachting gereed is op 1 januari 2018. Tot het moment waarop het nieuwe Transformatiebeleid in werking treedt, blijft de “Experimentenregeling en transformatie” (college d.d. 21 oktober 2014) van kracht. 2.5. Doordat alleen erfpachters met een woonbestemming kunnen overstappen op basis van de Overstapregeling blijft het beleid Vervroegde herziening vooralsnog in stand, in ieder geval tot het moment dat het nieuwe Transformatiebeleid wordt vastgesteld (naar verwachting 1 januari 2018). 2.6.
Er zijn veel zorgen bij erfpachters dat zij de canonsprong aan het einde van het tijdvak niet kunnen betalen en dat zij als gevolg daarvan hun huis zouden moeten verkopen. De zogenoemde vangnetregeling die de gemeente voor die gevallen heeft (Beleid tegemoetkoming canonverhoging bij canonherziening einde tijdvak of overstap einde tijdvak bijlage 10, ad II) wordt onvoldoende als oplossing gezien. De vangnetregeling wordt binnen de geldende wet- en regelgeving uitgebreid met de mogelijkheid van uitgestelde betaling van de verhoogde canonverplichting tot het moment waarop een erfpachter de woning verkoopt. Hieraan stelt de gemeente strikte voorwaarden. De vangnetregeling evenals de voorwaarden ervan zijn nog onderwerp van uitwerking en worden na uitwerking binnen de strekking van dit besluit nog ter vaststelling aan het college voorgelegd (bijlage 10, ad III). 2.7. Het beleid samenvoeging van erfpachtrechten (bijlage 2 bij dit besluit) is aangepast aan het besluit dat alleen woonbestemmingen kunnen overstappen op basis van de Overstapregeling. 2.8. De Afkoopinstructie is aangepast met als belangrijkste wijziging dat de voorwaarde dat de afkoopsom nooit lager kan zijn dan de erfpachtgrondwaarde bij overstap is komen te vervallen. 2.9.
In het beleid delen aktekosten zijn de Vervroegde Wijziging voor niet-woonbestemmingen en de Vervroegde herziening toegevoegd nu deze van toepassing blijven. 2.10. Een aantal tekstuele aanpassingen en verduidelijkingen zonder inhoudelijke veranderingen, zodat de intentie scherper staat verwoord. Kennis te nemen van de algemene uitgangspunten van het aanvullend beleid voor bestaande 3. erfpachtrechten: 3.1. Zo min mogelijk afzonderlijke aanvullende beleidsstukken en zoveel mogelijk geschikt voor zowel voortdurende als eeuwigdurende erfpachtrechten. 3.2. Maatregelen om speculatie tegen te gaan zijn verwerkt. 3.3. Het aanvullend beleid is juridisch houdbaar, uitvoerbaar en begrijpelijk. Vast te stellen het aanvullend beleid voor bestaande erfpachtrechten (zoals opgenomen in bijlagen 4. 1 t/m 12 bij dit besluit), bestaande uit:
1
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
Het beleid voor bestemmings- en bebouwingswijziging met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van de laatst vastgestelde beleidsstukken: 4.1.1. De vier bestaande beleidsstukken over dit onderwerp worden samengevoegd tot één nieuw beleidsstuk. 4.1.2. De gemeentelijke voorwaarden voor het verlenen van toestemming zijn opgenomen. 4.1.3. De vrijstelling voor woninguitbreiding blijft gehandhaafd onder het voortdurende stelsel en is verruimd in het eeuwigdurende stelsel. 4.1.4. De uitzonderlijke mogelijkheid tot canonverlaging is opgenomen in het beleid bestemmings- en bebouwingswijziging in plaats van in een separaat beleidsstuk. 4.1.5. De vrijstelling van 18 m² bruto vloeroppervlakte voor bedrijfsruimten binnen woonmilieu vervalt. 4.1.6. De mogelijkheid om toestemming voor afwijkend gebruik te vragen vervalt. 4.1.7. Toestemming voor het tijdelijk afwijken van de bestemming en/of bebouwing is teruggebracht tot één artikel. 4.1.8. De mogelijkheid om na twee maanden na aanvraag te kiezen voor het canonpercentage en prijspeil vervalt. Prijspeil en canonpercentage ten tijde van het indienen van de volledige schriftelijke aanvraag voor de bestemmings- en/of bebouwingswijziging zijn leidend. 4.1.9. De aftoppingsregeling blijft gehandhaafd voor voortdurende erfpachtrechten en gaat ook gelden voor eeuwigdurende erfpachtrechten bij bestemmings- en/of bebouwingswijziging.
4.2. Het beleid samenvoeging van erfpachtrechten met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.2.1. Gemeentelijke voorwaarden voor het verlenen van toestemming blijven grotendeels gelijk. 4.2.2. Een hardheidsclausule is toegevoegd waarmee de gemeente maatwerk kan verrichten in de (uitzonderlijke) gevallen dat de uitvoering van dit beleid naar oordeel van de gemeente zou leiden tot onwenselijke gevolgen voor de erfpachter. 4.3. Het beleid verticale splitsing van erfpachtrechten met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.3.1. Gemeentelijke voorwaarden voor het verlenen van toestemming blijven grotendeels gelijk. 4.3.2. Toevoeging van een artikel voor erfpachtrechten met de bestemming “huurwoning”, waarbij een wijziging van de bestemming naar “koopwoning“ plaatsvindt voor die woningen die door verticale splitsing individueel vervreemdbaar worden. 4.3.3. Een bestemmingswijziging moet eerst doorgevoerd worden voordat het verzoek tot splitsing in behandeling wordt genomen. 4.4. Het beleid splitsing in appartementsrechten van erfpachtrechten met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.4.1. Gemeentelijke voorwaarden voor het verlenen van toestemming blijven grotendeels gelijk. 4.4.2.
Bepaling huurbescherming vervalt, omdat de huurbescherming al voldoende gewaarborgd is in de wet. 4.4.3. Expliciet is opgenomen welke artikelen uit het beleid ook van toepassing zijn op bijvoorbeeld wijzigingen splitsing en ondersplitsing. 4.5. Het beleid perceeluitbreiding (inclusief tuinuitbreiding) van erfpachtrechten, met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.5.1. Gemeentelijke voorwaarden voor het verlenen van toestemming blijven grotendeels gelijk. 4.5.2. Toevoeging van de reserveringsvergoeding. 4.5.3. Het beleid tuinuitbreiding en het beleid perceeluitbreiding worden samengevoegd tot één beleidsstuk. 4.6. Het beleid canonherziening einde tijdvak (CHET) met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.6.1. Jurisprudentie is verwerkt in het CHET-beleid. 4.6.2. De mogelijkheid om tussen 4 en 2 jaar voor het einde van het tijdvak een aanbieding aan te vragen voor de canonherziening vervalt. 4.6.3. De ingroeiregeling vervalt. In plaats daarvan komen de volledige kosten van de CHET-akte voor rekening van de gemeente, tot een maximum van €2.000,-. 4.6.4. Toegevoegd is een overgangsregeling, die inhoudt dat reeds gestarte CHET-procedures onder het laatst vastgestelde beleid worden voortgezet. 4.7.
Het beleid conversie van tijdelijke erfpachtrechten naar eeuwigdurende erfpachtrechten, met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.7.1. Bij conversie worden tijdelijke erfpachtrechten omgezet naar eeuwigdurende erfpachtrechten. 4.7.2. Erfpachters van tijdelijke rechten worden voortaan eerder geïnformeerd over de naderende conversie en krijgen nog eenmaal de mogelijkheid hun recht om te zetten van tijdelijke naar voortdurende erfpacht. 4.7.3. Bij conversie geldt voor niet-woonbestemmingen geen verplichting de canon af te kopen. 4.8. Het beleid conversie van tijdelijke Vicarie-erfpachtrechten naar eeuwigdurende erfpachtrechten met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.8.1. Bij conversie worden tijdelijke Vicarie-erfpachtrechten omgezet naar eeuwigdurende erfpachtrechten. 4.1.
2
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
4.8.2. Bij terreinen die deels uit Vicarie-erfpacht bestaan en deels uit overige gemeentelijke erfpacht dan wel vol eigendom gelden bijzondere voorwaarden. Zoals de voorwaarde dat bij terreinen die deels uit Vicarie-erfpacht bestaan en deels uit vol eigendom, partijen eerst overeenstemming moeten hebben bereikt over de overdracht van het vol eigendom aan de gemeente onder voorbehoud van een afgekocht eeuwigdurend erfpachtrecht voor de verkoper, tenzij het terrein in totaal voor minder dan 25% uit Vicarie-erfpacht bestaat. 4.8.3. Er is geen verplichting de canon af te kopen voor niet-woonbestemmingen bij conversie naar eeuwigdurende erfpacht. 4.9. Het beleid voor aktekosten met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.9.1. De gemeente betaalt de aktekosten bij CHET in plaats van het geven van een ingroeiregeling bij CHET, met een maximum van € 2.000 per akte. 4.9.2. De gemeente betaalt de aktekosten bij beëindiging middels een akte van afstand danwel wegens algemeen belang, met een maximum van € 2.000 per akte. 4.9.3. Nieuw zijn de volgende erfpachtwijzigingen waarbij de gemeente niet (een deel van) de aktekosten voor haar rekening neemt: a. overstap naar eeuwigdurende erfpacht, de AB 2016; b. conversie van tijdelijke erfpachtrechten naar AB 2016; c. conversie van vicarierechten naar de AB 2016; d.
vervroegde herziening van erfpachtrechten en e. vervroegde wijziging van erfpachtrechten. 4.9.4. De “hardheidsclausule” die inhoudt dat de gemeente in uitzonderingssituaties meer dan € 1.000,aan aktekosten kan vergoeden wordt geschrapt uit het beleid, aangezien gebleken is dat hier bijna nooit gebruik van wordt gemaakt. 4.9.5. Toegevoegd is een overgangsregeling, die inhoudt dat voor erfpachters die vóór de ingangsdatum van het nieuwe beleid een volledige aanvraag hebben ingediend, het huidige beleid nog geldt. Voor CHET geldt daarnaast een aparte regeling. 4.10. Het beleid tegemoetkoming canonverhoging bij canonherziening einde tijdvak of overstap einde tijdvak met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van het laatst vastgestelde beleid: 4.10.1. Uitbreiding van het laatst vastgestelde beleid ten behoeve van erfpachters met woonbestemmingen die overstappen naar eeuwigdurende erfpacht bij einde tijdvak. 4.10.2. De uitgangspunten van het laatst vastgestelde beleid voor erfpachters onder het voortdurende stelsel blijven in hoofdlijnen ongewijzigd en gelden ook voor erfpachters die bij het einde van het tijdvak overstappen naar eeuwigdurende erfpacht. Deze uitgangspunten zijn: a. dezelfde doelgroep als bij de huidige Subsidieregeling (genoemd onder beslispunt 6.1.15; b. dezelfde inkomens- en vermogensgrens als in de huidige Subsidieregeling; c.
hanteren van dezelfde grondslag voor het berekenen van de hoogte van de tegemoetkoming als in de Subsidieregeling; d. tegemoetkoming in de canonverhoging kan alleen en voor het eerst worden aangevraagd op het moment dat de nieuwe canon vanwege canonherziening einde tijdvak of overstap voor het eerst verschuldigd is en e. het beleid is geactualiseerd in verband met verwijzing naar instanties die inmiddels niet meer bestaan of waarvan de naam inmiddels is gewijzigd. 4.10.3. De Subsidieregeling en de bijbehorende Beleidsregel worden samengevoegd tot een nieuw beleidsstuk. 4.10.4. Er is geen differentiatie meer in leeftijdscategorieën. 4.10.5. De tegemoetkoming (ook wel “vangnetregeling” genoemd) wordt uitgebreid (voornemen per 1 januari 2018) met de mogelijkheid van uitgestelde betaling van de verhoogde canonverplichting tot het moment waarop een erfpachter de woning verkoopt (zie beslispunt 2.6). 4.11. De Afkoopinstructie met als hoofdpunten en voornaamste wijzigingen ten opzichte van de laatst vastgestelde instructie: 4.11.1. Afkoop wordt met de nieuwe instructie ook mogelijk voor Algemene Bepalingen 1915 en Algemene Bepalingen 1934. 4.11.2. De berekening van de afkoopsom voor eeuwigdurende erfpacht (AB 2016). 4.11.3. De berekening van de afkoopsom van tijdelijke en voortdurende rechten wordt meer in lijn gebracht met het bepaalde in de AB 2000 en de andere algemene bepalingen.
4.11.4. De hoogte van de verlengde afkoopsom onder de AB 1994 wordt niet meer gebaseerd op de historische grondwaarde bij uitgifte, maar op de actuele erfpachtgrondwaarde. 4.11.5. Gedurende de periode 1 oktober 2017 tot 1 januari 2018 zal de gemeente zowel op basis van de laatst vastgestelde Afkoopinstructie als de nieuwe Afkoopinstructie (zoals opgenomen in bijlage 11) de afkoopsom berekenen. De erfpachter ontvangt een aanbieding op basis van de laagste afkoopsom. Vanaf 1 januari 2018 is alleen de nieuwe Afkoopinstructie geldig (zie ook beslispunt 2.2.). Nu niet-woonbestemmingen geen gebruik kunnen maken van de Overstapregeling van voortdu5. rende naar eeuwigdurende erfpacht vast te stellen: 5.1. Het voorstel aan de gemeenteraad om ermee in te stemmen het besluit “Vervroegde wijziging in de erfpacht” alleen voor erfpachters te laten gelden van de bestemmingen, die niet kunnen overstappen op basis van de Overstapregeling (bijlage 12).
3
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
5.2. Het voorstel aan de gemeenteraad om in te trekken het besluit “Algehele herziening van de erfpacht”, zoals genoemd in beslispunt 6.2.4 van dit besluit. 5.3. Het voornemen tot vaststelling van Transformatiebeleid, dat in de plaats komt van het besluit “Vervroegde herziening erfpachttijdvakken” en waarbij de “Experimentenregeling en transformatie” wordt ingetrokken. Vast te stellen: 6. 6.1. Het intrekken van de volgende besluiten van het college van B&W per 1 januari 2018: 6.1.1. “Erfpachtbeleid inzake bestemmingswijziging” d.d. 14 september 2010, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 146; 6.1.2. “Erfpachtbeleid inzake bebouwingswijziging” dd. 29 juni 2010, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 114; 6.1.3. “Erfpachtbeleid inzake tijdelijke toestemming tot het afwijken van de bestemming ‘tijdelijke bestemmingswijziging’ “ d.d. 29 juni 2010, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 116; 6.1.4. “Beleid inzake de toepassing van canonverlaging in geval van wijziging van het gebruik of de bebouwing” d.d. 09 januari 2001, Gemeenteblad afd. 3, nr. 23; 6.1.5. “Erfpachtbeleid samenvoegen voor voortdurende erfpacht” d.d. 29 juni 2010, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 117; 6.1.6. “Erfpachtbeleid verticale splitsing voor voortdurende erfpacht” d.d. 9 januari 2001, Gemeenteblad afd. 3, nr. 25; 6.1.7. “Erfpachtbeleid splitsing in appartementsrechten voor nietwoningcorporaties” d.d. 6 september 2011, Gemeenteblad afd. 3B, nr.
96; 6.1.8. “Erfpachtbeleid perceeluitbreiding voor voortdurende erfpacht” d.d. 9 januari 2001, Gemeenteblad afd. 3, nr. 27; 6.1.9. “Erfpachtbeleid tuinuitbreiding voor voortdurende erfpacht” d.d. 21 juni 2005, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 58; 6.1.10. “Beleid inzake Canonherziening einde tijdvak” d.d. 31 oktober 2000, nummer ROIB2000/10789; 6.1.11. “Wijziging beleid inzake Canonherziening einde tijdvak” d.d. 8 maart 2016, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 42; 6.1.12. “Beleid inzake conversie van tijdelijke rechten van erfpacht naar voortdurende” d.d. 9 januari 2001, Gemeenteblad afd. 3, nr. 29; 6.1.13. “Wijziging van artikel II van het conversiebesluit 1990”, d.d. 9 november 2004, nr. BD2004-13558 SB; 6.1.14. “Tijdelijke aanvulling conversiebeleid voor conversie van tijdelijke Vicarie-erfpachtrechten naar voortdurende erfpachtrechten” d.d. 18 september 2012, nr. BD2012-007649; 6.1.15. “Beleidsregel in het kader van de subsidieregeling in verband met de verhoging van erfpacht” d.d. 20 februari 2001, Gemeenteblad afd. 3, nr. 7; 6.1.16. “Instructie voor de vaststelling en aanpassing van schaduwgrondwaarden en instructie voor het berekenen van afkoopsommen” (de Afkoopinstructie), d.d. 16 oktober 2012, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 30; 6.1.17. “Erfpachtbeleid inzake het delen van aktekosten”, d.d. 29 juni 2010, Gemeenteblad afd. 3B, nr. 115. 6.2.
Het voorstel aan de gemeenteraad in te trekken per 1 januari 2018: 6.2.1. Het besluit van de gemeenteraad “Vervroegde wijziging in de erfpacht”, zoals vastgesteld op 4 februari 1998, Gemeenteblad nr. 20; 6.2.2. Het besluit van de gemeenteraad van 18 augustus 1966, nr. 407 B, zoals gewijzigd bij besluit van de gemeenteraad van 28 november 1990, punt IV, inzake de conversie van tijdelijke erfpachtrechten naar voortdurende; 6.2.3. “De Subsidieregeling in verband met verhoging erfpacht en wijziging Verordening op de stadsdelen”, vastgesteld door de gemeenteraad op 10 januari 2001 (Gemeenteblad 2001, nr. 914); 6.2.4. Het artikel V van het Moderniseringsbesluit “Algehele herziening van de erfpacht” (gemeenteraad d.d. 28 november 1990, Gemeenteblad nr. 942) en in te trekken de wijziging hiervan bij het besluit ‘Vaststelling Algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht 2000 Amsterdam en aanpassing van het Moderniseringsbesluit 1990’, art. IV sub b. en sub c. (gemeenteraad d.d. 15 november 2000, Gemeenteblad nr. 689). In te stemmen met bijgaande raadsvoordracht, waarmee de gemeenteraad bovengenoemde be7. slispunten 1 tot en met 6 ter instemming worden voorgelegd, met dien verstande dat de raad niet wordt gevraagd beslispunten 4, 5 en 6 van dit collegebesluit vast te stellen, maar wordt gevraagd in te stemmen met deze collegebesluiten.
Geheimhouding op te leggen op deze voordracht en de meegezonden bijlagen op grond van ar8. tikel 55 lid 1 van de Gemeentewet, jo. artikel 10, 2e lid, onder f en g van de Wet Openbaarheid Bestuur, tot het moment van aanleveren van de bijlagen bij deze voordracht voor de raadscommissie RO. In te stemmen met het openbaar maken van deze voordracht en de bijlagen bij deze voordracht 9. op het moment van aanleveren van de bijlagen bij deze voordracht voor de raadscommissie RO.
4
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
10.
Geheimhouding op te leggen op deze voordracht en alle bijlagen bij de voordracht op grond van artikel 55 lid 1 van de Gemeentewet, jo. artikel 10, 2e lid, onder g van de Wet Openbaarheid Bestuur, indien het college niet instemt met deze voordracht.
Bijlagen:
1. Beleid bestemmings- en bebouwingswijziging I. In te trekken per 1 januari 2018: Het erfpachtbeleid inzake bestemmingswijziging, vastgesteld door het college van burgemeester 1. en wethouders op 14 september 2010 (Gemeenteblad 29 september 2010, afdeling 3B, nr. 146), zij het dat het daarmee ingetrokken besluit van het college van burgemeester en wethouders van 29 juni 2010 (Gemeenteblad 9 juli 2010, afdeling 3B, nr. 113) ingetrokken blijft. Het erfpachtbeleid inzake bebouwingswijziging, vastgesteld door het college van burgemeester 2. en wethouders op 29 juni 2010 (Gemeenteblad 9 juli 2010, afdeling 3B, nr. 114), zij het dat het daarmee ingetrokken besluit van het college van burgemeester en wethouders van 23 januari 2007 (Gemeenteblad 31 januari 2007, afdeling 3B, nr. 5 ) ingetrokken blijft. Het erfpachtbeleid inzake tijdelijke toestemming tot het afwijken van de bestemming, vastgesteld 3. door het college van burgemeester en wethouders op 1 juli 2010 (Gemeenteblad 9 juli 2010, afdeling 3B, nr. 116), zij het dat het daarmee ingetrokken besluit van het college van burgemeester en wethouders van 23 januari 2007 (Gemeenteblad 31 januari 2007, afdeling 3B, nr. 7 ) ingetrokken blijft. Het erfpachtbeleid inzake de toepassing van canonverlaging in geval van wijziging van het gebruik 4.
of de bebouwing is , vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 9 januari 2001 (Gemeenteblad 2001, afdeling 3B, nr. 23). II. Vast te stellen per 28 juni 2017 en in te laten gaan per 1 januari 2018 het beleid met betrekking tot bestemmings- en bebouwingswijziging: A. Algemeen
Artikel 1 Toepasselijkheid 1.
Dit beleid is van toepassing op alle erfpachtrechten, uitgegeven onder de algemene bepalingen voor erfpacht van de gemeente Amsterdam, met uitzondering van: de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder: a. • de Algemene Bepalingen voor tijdelijke erfpacht voor woningcorporaties 1985 Amsterdam; • de Algemene Bepalingen voor voortdurende erfpacht voor woningcorporaties 1998 Amsterdam; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 1992; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 2007;
b.
de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013; de erfpachtrechten die in erfpacht zijn uitgegeven onder andere dan de onder a. en b. bedoelde algemene bepalingen dan wel algemene voorwaarden en zijn gelegen in het havengebied van Amsterdam, • die Havenbedrijf Amsterdam N.V. namens de gemeente voor eigen rekening en risico beheert, en • waarvan de percelen waarop deze erfpachtrechten betrekking hebben onder opschortende voorwaarde van het eindigen van die rechten aan het Havenbedrijf Amsterdam N.V. zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013.
c.
Artikel 2 Definities 1.
5
In dit beleid wordt verstaan onder: bebouwingswijziging: a.
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
een wijziging van de in de erfpachtakte vastgelegde toegestane bebouwing van een perceel; b. bestemming: de in de erfpachtakte vastgelegde bestemming en het toegestane gebruik van een perceel; c. bestemmingswijziging: een wijziging van de in de erfpachtakte vastgelegde bestemming en het toegestane gebruik van een perceel; d. erfpachtakte: de notariële akte waarin de rechten en plichten zijn vastgelegd die verbonden zijn aan het erfpachtrecht; e. erfpachtgrondwaarde: de waarde van het perceel, vastgesteld op basis van de in de erfpachtakte opgenomen bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vloeroppervlakte van het perceel, die ten grondslag ligt aan de berekening van de canon. Hieronder valt niet de waarde van de opstallen die op het perceel aanwezig zijn. Waar in algemene bepalingen ouder dan de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 Amsterdam “grondwaarde” is vermeld, wordt daaronder verstaan “erfpachtgrondwaarde”. B. Voorwaarden en toestemming
Artikel 3 Voorwaarden voor toestemming tot bestemmings- en/of bebouwingswijziging 1.
2.
3.
De erfpachter heeft voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeente nodig voor een bestemmings- en/of bebouwingswijziging. Als de gemeente een aanbieding doet op basis van dit beleid, is dit een aanbieding onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring (artikel 9). Slechts wanneer de erfpachter deze aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk accepteert, komt de overeenkomst tot stand onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. De bestuurlijke goedkeuring of de onthouding daarvan vindt plaats met een besluit van het bevoegd bestuur (artikel 10). Door een goedkeurend bestuurlijk besluit komt het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring te vervallen en treedt de overeenkomst in werking. De wijziging van het erfpachtrecht wordt vervolgens vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 11). De gemeente verleent alleen toestemming voor een bestemmings- en/of bebouwingswijziging als: het verlenen ervan past binnen de dan geldende publiekrechtelijke regelgeving en er zich a. geen gemeentelijk belang tegen verzet, en met de erfpachter volledige overeenstemming is bereikt over de voorwaarden die aan de b. toestemming zijn verbonden. Deze overeenstemming moet blijken uit een volledige en onvoorwaardelijke, schriftelijke acceptatie van een gemeentelijke aanbieding tot het verlenen van de gevraagde toestemming.
In afwijking van wat is bepaald in lid 2 sub b geldt voor erfpachtrechten waarop de Algemene Bepalingen voor voortdurende erfpacht 1966 van toepassing zijn, dat de gemeente geen voorwaarden kan verbinden aan de toestemming. In plaats daarvan kan de gemeente bij een bestemmings- en/of bebouwingswijziging een herziening van de voorwaarden en van de canon vorderen op grond van wat is bepaald in artikel 3 lid 6 van deze algemene bepalingen. Als leidraad geldt daarbij de inhoud van dit beleid.
Artikel 4 Nadere bepalingen met betrekking tot de toestemming 1.
2.
Als in de erfpachtakte de (maximaal) toegestane bebouwing en/of bestemming niet zijn/is vastgelegd, zal de gemeente uitgaan van de feitelijke situatie zoals die vóór realisatie van de wijziging bestond. Bij een bestemmingswijziging van een erfpachtrecht met woonbestemming naar een andere bestemming is de vloeroppervlakte uit de meest recente erfpachtakte het uitgangspunt voor de bepaling van het verschil met de nieuwe erfpachtgrondwaarde voor de gewijzigde bestemming. De canonverhoging wordt vervolgens gebaseerd op dit verschil.
Artikel 5 Toestemming wordt in beginsel verleend voor een bebouwingswijziging 1.
6
Toestemming tot bebouwingswijziging, bij gelijkblijvende bestemming, wordt in beginsel verleend als: de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 Amsterdam op het erfpachtrecht a. van toepassing zijn en voldaan is aan de voorwaarden die in deze algemene bepalingen zijn vastgelegd in artikel 10 lid 5 Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 Amsterdam. andere algemene bepalingen dan de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht b. 2016 Amsterdam op het erfpachtrecht van toepassing zijn en: • het erfpachtrecht een woonbestemming heeft, en
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
• de oppervlakte van de bebouwing na uitbreiding niet groter is dan 100% van de bebouwing zoals vastgelegd in de erfpachtakte, en • de bebouwingsuitbreiding niet leidt tot de toevoeging van een extra woning, en • in de bijzondere bepalingen in de erfpachtakte geen andere regeling is opgenomen, waarin wordt afgeweken van wat in dit artikel is bepaald. Als aan deze vier voorwaarden is voldaan, leidt de bebouwingswijziging niet tot een canonverhoging voor het lopende tijdvak. 2. Als aan de in lid 1 gestelde voorwaarden wordt voldaan en toestemming is verleend, dan is artikel 6 tot en met 12 van dit beleid niet van toepassing. C. Financieel
Artikel 6 Wijziging van de canon 1.
2.
De waarde van een erfpachtrecht kan door de wijziging van de bestemming en/of de bebouwing toenemen. Op grond van de algemene bepalingen die op het betreffende erfpachtrecht van toepassing zijn, kan de gemeente een verhoging van de jaarlijkse canon als voorwaarde verbinden aan de toestemming tot deze betreffende wijziging van de bestemming en/of de bebouwing. In afwijking van wat is bepaald in lid 1 geldt voor erfpachtrechten waarop de Algemene Bepalingen voor voortdurende erfpacht 1966 van toepassing zijn, dat de gemeente geen voorwaarden kan verbinden aan de toestemming. In plaats daarvan kan de gemeente bij een bestemmings- en/of bebouwingswijziging een herziening van de voorwaarden en van de canon vorderen op grond van wat is bepaald in artikel 3 lid 6 van deze algemene bepalingen. Als leidraad geldt daarbij de inhoud van dit beleid.
Artikel 7 Berekening van de canon Na een wijziging van de bestemming en/of bebouwing wordt de canon berekend door toepassing van de formule: A + (B - C) x D, waarin voorstelt: A de canon die geldt op het moment van de herziening. Als deze canon (eeuwigdurend) is afgekocht, wordt er bij factor A uitgegaan van de canon alsof deze niet is afgekocht; B de erfpachtgrondwaarde die op het moment van de herziening geldt voor het gewijzigde erfpachtrecht; C de erfpachtgrondwaarde die op het moment van de herziening geldt voor het bestaande erfpachtrecht; D het canonpercentage dat op het moment van de herziening geldt voor het canontype dat op het erfpachtrecht van toepassing is. Hierbij geldt verder: • Voor de berekening wordt het canonbedrag, de erfpachtgrondwaarden en het canonpercentage gebruikt, zoals deze gelden op de datum van de dagtekening van de volledige schriftelijke aanvraag voor toestemming. • Als de berekening een lagere canon oplevert dan de huidige, wordt de canon niet aangepast en blijft de erfpachter de geldende canon verschuldigd, tenzij het gemeentelijk belang anders vordert. • De verhoging van de canon naar aanleiding van de bestemmings- en/of bebouwingswijziging, wordt beperkt tot de hoogte van de canon die volgt uit de berekening van een fictieve nieuwe uitgifte van de gewijzigde bestemming en/of bebouwing.
Hierbij kan de nieuwe canon niet lager worden dan de huidige canon. • Als de canon voor het bestaande erfpachtrecht vooruitbetaald is tot het einde van het tijdvak of afgekocht voor een eeuwigdurende periode, kan de gemeente vorderen dat de toename van de canon ook voor dezelfde periode vooruit wordt betaald of afgekocht.
Artikel 8 Betaling gewijzigde canon De gewijzigde canon zoals bedoeld in artikel 7, is verschuldigd met ingang van de datum waarop: met de wijziging van de bebouwing en/of de bestemming is gestart, of a. van de verleende toestemming gebruik kan worden gemaakt. b. D. Aanbieding, besluit en erfpachtakte
Artikel 9 Aanbieding 1. 2.
7
Aan de bestemmings- en/of bebouwingswijziging gaat een schriftelijke aanbieding van de gemeente vooraf. In deze aanbieding staat in ieder geval:
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
a. b. c. d.
e. f. g. h. i. j. k. 3.
de oppervlakte van het perceel, de kadastrale aanduiding en, voor zover bekend, de plaatselijke aanduiding van het perceel; de huidige bestemming, het huidige toegestane gebruik en de huidige maximaal toegestane vloeroppervlakte van de bebouwing op het erfpachtrecht; voor zover dat van toepassing is de nieuwe bestemming, het toegestane gebruik en de nieuwe maximaal toegestane vloeroppervlakte van de bebouwing op het erfpachtrecht; de eventuele financiële voorwaarden voor de wijziging, waaronder het canonbedrag en het bijbehorende canonpercentage, het bedrag van de eventuele verhoging van de jaarlijkse canon voor de wijziging en de ingangsdatum en, als dat van toepassing is, de aanvullende afkoopsom; de eventuele toename van de erfpachtgrondwaarde van het erfpachtrecht als gevolg van de wijziging; de termijn dat de (financiële) voorwaarden gelden; de eventuele bijzondere bepalingen die de gemeente als voorwaarde verbindt aan haar toestemming tot wijziging; de geplande ingangsdatum van de wijziging; de termijn dat de aanbieding geldt; het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. Dit voorbehoud komt te vervallen met het besluit zoals genoemd in artikel 10; de termijn waarbinnen de erfpachtakte gepasseerd dient te zijn.
In de aanbieding kan de gemeente een passage opnemen over integriteit. In deze passage staat onder andere de bevoegdheid van de gemeente tot opschorten, geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot bestemmings- en/of bebouwingswijziging. Geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot bestemmings- en/of bebouwingswijziging is slechts mogelijk tot het moment dat de bestemmings- en/of bebouwingswijziging wordt vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 11).
Artikel 10 Besluit De gemeente neemt pas het bestuurlijk besluit over de toestemming tot bestemmings- en/of bebouwingswijziging nadat de erfpachter de aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk heeft geaccepteerd.
Artikel 11 Erfpachtakte 1. 2.
De bestemmings- en/of bebouwingswijziging wordt vastgelegd in een erfpachtakte en ingeschreven in de openbare registers. In de erfpachtakte staat in ieder geval: de oppervlakte van het perceel, de kadastrale aanduiding en, voor zover bekend, de plaatsea. lijke aanduiding van het perceel; de bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane bebouwing; b. de bedragen van de eventuele canonverhoging en van de eventuele aanvullende afkoopsom; c. de eventuele verhoging van de erfpachtgrondwaarde; d. de (gewijzigde) jaarlijkse canon, de (gewijzigde) erfpachtgrondwaarde en als dat van toepase. sing is de (gewijzigde) afkoopsom en de betaalwijze van de canon; de ingangsdatum van de wijziging van het erfpachtrecht; f. de einddatum van het tijdvak (als dat van toepassing is); g. de algemene en bijzondere bepalingen die van toepassing zijn. h.
Artikel 12 Niet passeren erfpachtakte De gemeente kan de overeenkomst tot bestemmings- en/of bebouwingswijziging ontbinden als de erfpachter geen medewerking verleent aan het passeren van de erfpachtakte.
Artikel 13 Toestemming tot het tijdelijk afwijken van de bestemming en/of bebouwing Als naar het oordeel van de gemeente de verlening van de in artikel 3 bedoelde toestemming voor de duur van het erfpachtrecht: • voor de erfpachter onredelijk bezwarend is, of • een wijziging volgens de geldende publiekrechtelijke regelgeving niet permanent is toegestaan, kan de gemeente de erfpachter toestemming verlenen tot het tijdelijk afwijken van de bestemming en/of de bebouwing onder daarbij door de gemeente te bepalen voorwaarden. Onder deze voorwaarden valt ook herziening van de canon zoals bedoeld in artikel 6 en 7 voor de looptijd van de tijdelijke afwijking dan wel een daarmee vergelijkbare vergoeding.
8
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
2.
Beleid samenvoeging van erfpachtrechten
I. In te trekken per 1 januari 2018: Het erfpachtbeleid inzake samenvoeging van erfpachtrechten, vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 29 juni 2010 (Gemeenteblad 9 juli 2010, afdeling 3B, nr. 117), zij het dat het daarmee ingetrokken besluit van het college van burgemeester en wethouders van 9 januari 2001 (Gemeenteblad 2001, afdeling 3, volgnummer 26) ingetrokken blijft. II . Vast te stellen per 28 juni 2017 en in te laten gaan per 1 januari 2018 het beleid met betrekking tot samenvoeging van erfpachtrechten: A. Algemeen
Artikel 1 Toepasselijkheid 1.
Dit beleid is van toepassing op alle erfpachtrechten, uitgegeven onder de algemene bepalingen voor erfpacht van de gemeente Amsterdam, met uitzondering van: de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder: a. • de Algemene Bepalingen voor tijdelijke erfpacht voor woningcorporaties 1985 Amsterdam; • de Algemene Bepalingen voor voortdurende erfpacht voor woningcorporaties 1998 Amsterdam; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 1992; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 2007;
b.
de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013; de erfpachtrechten die in erfpacht zijn uitgegeven onder andere dan de onder a. en b. bedoelde algemene bepalingen dan wel algemene voorwaarden en zijn gelegen in het havengebied van Amsterdam, • die Havenbedrijf Amsterdam N.V. namens de gemeente voor eigen rekening en risico beheert, en • waarvan de percelen waarop deze erfpachtrechten betrekking hebben onder opschortende voorwaarde van het eindigen van die rechten aan het Havenbedrijf Amsterdam N.V. zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013.
c.
Artikel 2 Definities 1.
In dit beleid wordt verstaan onder: Alge mene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht: a. de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 Amsterdam;
b. erfpachtakte: de notariële akte waarin de rechten en plichten zijn vastgelegd die verbonden zijn aan het erfpachtrecht; c. erfpachtgrondwaarde: de waarde van het perceel, vastgesteld op basis van de in de erfpachtakte opgenomen bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vloeroppervlakte van het perceel, die ten grondslag ligt aan de berekening van de canon. Hieronder valt niet de waarde van de opstallen die op het perceel aanwezig zijn. Waar in algemene bepalingen ouder dan de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 “grondwaarde” is vermeld, wordt daaronder verstaan “erfpachtgrondwaarde”. d. samenvoeging: het samenvoegen van twee of meer bestaande erfpachtrechten tot één erfpachtrecht. B. Voorwaarden en toestemming
Artikel 3 Voorwaarden voor toestemming tot samenvoeging 1.
2.
9
De erfpachter heeft voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeente nodig voor samenvoeging. Als de gemeente een aanbieding doet op basis van dit beleid, is dit een aanbieding onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring (artikel 9). Slechts wanneer de erfpachter deze aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk accepteert, komt de overeenkomst tot stand onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. De bestuurlijke goedkeuring of de onthouding daarvan vindt plaats met een besluit van het bevoegd bestuur (artikel 10). Door een goedkeurend bestuurlijk besluit komt het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring te vervallen en treedt de overeenkomst in werking. De samenvoeging wordt vervolgens vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 11). De gemeente verleent alleen toestemming voor een samenvoeging als:
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
a. b.
het verlenen ervan past binnen de dan geldende publiekrechtelijke regelgeving en er zich geen gemeentelijk belang tegen verzet, en met de erfpachter volledige overeenstemming is bereikt over de voorwaarden die aan de toestemming zijn verbonden. Deze overeenstemming moet blijken uit een volledige en onvoorwaardelijke, schriftelijke acceptatie van een gemeentelijke aanbieding tot het verlenen van de gevraagde toestemming.
Artikel 4 Algemene bepalingen voor het samengevoegde erfpachtrecht 1. 2.
Als op de samen te voegen erfpachtrechten uitsluitend dezelfde algemene bepalingen van toepassing zijn, blijven deze van toepassing op het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat. Als op de samen te voegen erfpachtrechten verschillende algemene bepalingen van toepassing zijn, geldt als voorwaarde vόόr samenvoeging dat op de samen te voegen erfpachtrechten dezelfde algemene bepalingen van toepassing zijn. Hiervoor geldt het volgende: Als op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten Algemene Bepalingen voor a. eeuwigdurende erfpacht van toepassing zijn en op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht, dan moeten vόόr samenvoeging de erfpachtrechten met algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht zijn overgestapt naar Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht. Dit is alleen mogelijk als het voortdurende erfpachtrecht kan overstappen op basis van de Overstapregeling. Als op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten Algemene Bepalingen voor b. eeuwigdurende erfpacht van toepassing zijn en op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht, dan moeten vόόr samenvoeging de erfpachtrechten met algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht zijn geconverteerd naar Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht.
Als er op de samen te voegen erfpachtrechten verschillende algemene bepalingen voor c. voortdurende erfpacht van toepassing zijn, dan moeten vόόr samenvoeging de erfpachtrechten met oudere algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht zijn overgestapt naar de meest recente algemene bepalingen die al op één van de samen te voegen erfpachtrechten van toepassing zijn. Als op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten algemene bepalingen voor d. voortdurende erfpacht van toepassing zijn en op één of meer erfpachtrechten algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht, dan moeten vόόr samenvoeging: • de erfpachtrechten met algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht zijn geconverteerd naar de meest recente algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht die al op één van de samen te voegen erfpachtrechten van toepassing zijn; en • de erfpachtrechten met oudere algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht zijn overgestapt naar de meest recente algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht die al op één van de samen te voegen erfpachtrechten van toepassing zijn.
e. Als op één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht, algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht en algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht van toepassing zijn, dan moeten vόόr samenvoeging: • de erfpachtrechten met algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht zijn geconverteerd naar de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht; en • de erfpachtrechten met algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht zijn overgestapt naar de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht. Dit is alleen mogelijk als het voortdurende erfpachtrecht kan overstappen op basis van de Overstapregeling. f. Als er op de samen te voegen erfpachtrechten verschillende algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht van toepassing zijn, dan moeten vόόr samenvoeging de erfpachtrechten met oudere algemene bepalingen voor tijdelijke erfpacht zijn overgestapt naar de meest recente algemene bepalingen voor tijdelijke rechten die al op één van de samen te voegen erfpachtrechten van toepassing zijn.
Artikel 5 Einddatum van het nieuwe tijdvak Als op het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat Algemene bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht van toepassing zijn, is er geen sprake van (een einddatum van) een tijdvak. In alle andere gevallen geldt als einddatum van het lopende tijdvak voor het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat het volgende: de einddatum van het erfpachtrecht waarvan het tijdvak als eerste eindigt. C. Financieel
Artikel 6 Canon en vervaldata voor het samengevoegde erfpachtrecht 1.
10
Nadat de overstap/conversie heeft plaatsgevonden zoals bedoeld in artikel 4, wordt de canon voor het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat, bepaald door de canons van de samen te voegen erfpachtrechten bij elkaar op te tellen.
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
2.
3. 4.
Als op het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat algemene bepalingen voor voortdurende erfpacht van toepassing zijn, worden de vervaldata van de canon van het samen te voegen erfpachtrecht waarvan het lopende tijdvak als eerste eindigt, van toepassing op het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat. Als op het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht van toepassing zijn, bepaalt de gemeente de vervaldata van de canon. Als de canon van één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten is afgekocht, is artikel 7 van toepassing.
Artikel 7 Eén of meer erfpachtrechten afgekocht 1.
2.
Als van één of meer van de samen te voegen erfpachtrechten, maar niet van alle, de canon is afgekocht, kan de gemeente als voorwaarde voor de samenvoeging stellen dat de canon van de canonbetalende erfpachtrechten ook wordt afgekocht. Als het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat andere algemene bepalingen heeft dan Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht, betekent dit afkoop tot de einddatum van het lopende tijdvak. Als op grond van artikel 5 van dit beleid een tijdvak wordt ingekort van een erfpachtrecht waarvan de canon was afgekocht tot de einddatum van het tijdvak, wordt aan de erfpachter terugbetaald het deel van de al betaalde afkoopsom dat betrekking heeft op de periode na de einddatum van het tijdvak van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat. Dat gebeurt nadat: • de eventuele afkoopsom die moet worden betaald op grond van lid 1 van dit artikel is verrekend, en • als voldaan is aan alle voorwaarden die zijn genoemd in dit beleid, en • nadat eventuele openstaande vorderingen zijn verrekend.
Artikel 8 Hardheidsclausule Als naar het oordeel van de gemeente één of meerdere van de bepalingen in artikel 4, 5, 6 en 7 van dit beleid onevenredig bezwarend is/zijn voor de erfpachter, kan de gemeente aan de erfpachter voorstellen om - in zijn voordeel - voor het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat maatwerk toe te passen met betrekking tot: de algemene bepalingen die van toepassing worden verklaard; a. de looptijd van het tijdvak; b. het canontype; c. de betaalwijze van de canon; d. de vervaldatum van de canon. e. D. Aanbieding, besluit en erfpachtakte
Artikel 9 Aanbieding 1. 2.
11
Aan het verlenen van de toestemming tot samenvoeging gaat een schriftelijke aanbieding van de gemeente vooraf. In deze aanbieding staat in ieder geval: de oppervlakte van de percelen, de kadastrale aanduidingen en, voor zover bekend, de a. plaatselijke aanduidingen van de erfpachtrechten vóór en na samenvoeging; de huidige bestemming, het toegestane gebruik en de huidige maximaal toegestane vierb. kante meters bebouwing van de samen te voegen erfpachtrechten; de bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vierkante meters bec. bouwing van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat; de jaarlijkse canon en de betalingswijze van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontd. staat; de afkoopsom van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als dat van toepassing e. is); de vervaldata van de canon van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als dat f. van toepassing is); de einddatum van het tijdvak van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als g. dat van toepassing is); de opbouw van de erfpachtgrondwaarde van het erfpachtrecht dat door samenvoeging h. ontstaat; de algemene bepalingen die van toepassing zijn op het erfpachtrecht dat door samenvoeging i. ontstaat; de bijzondere bepalingen die de gemeente als voorwaarde verbindt aan haar toestemming j. tot samenvoeging; de administratieve ingangsdatum van de samenvoeging; k.
de termijn dat de aanbieding geldt; l.
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
m. n. 3.
het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. Dit voorbehoud komt te vervallen met het besluit zoals genoemd in artikel 10; de termijn waarbinnen de erfpachtakte gepasseerd dient te zijn.
In de aanbieding kan de gemeente een passage opnemen over integriteit. In deze passage staat onder andere de bevoegdheid van de gemeente tot opschorten, geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot samenvoeging van erfpachtrechten. Geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot samenvoeging van erfpachtrechten is slechts mogelijk tot het moment dat de samenvoeging van erfpachtrechten wordt vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 11).
Artikel 10 Besluit De gemeente neemt pas het bestuurlijke besluit over de toestemming tot samenvoeging nadat de erfpachter de aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk heeft geaccepteerd.
Artikel 11 Erfpachtakte 1. 2.
De samenvoeging van erfpachtrechten wordt vastgelegd in een erfpachtakte en ingeschreven in de openbare registers. In de erfpachtakte staat in ieder geval: de oppervlakte van de percelen, de kadastrale aanduidingen en, voor zover bekend, de a. plaatselijke aanduidingen van de erfpachtrechten vόόr en na samenvoeging; de bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vierkante meters beb. bouwing van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat; de jaarlijkse canon en de betalingswijze van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontc. staat; de afkoopsom van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als dat van toepassing d. is); de vervaldata van de canon van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als dat e. van toepassing is); de einddatum van het tijdvak van het erfpachtrecht dat door samenvoeging ontstaat (als f. dat van toepassing is); de opbouw van de erfpachtgrondwaarde van het erfpachtrecht dat door samenvoeging g. ontstaat; de algemene en bijzondere bepalingen die van toepassing zijn op het erfpachtrecht dat door h. samenvoeging ontstaat; de ingangsdatum van de samenvoeging. i.
Artikel 12 Niet passeren erfpachtakte De gemeente kan de overeenkomst tot samenvoeging ontbinden als de erfpachter geen medewerking verleent aan het passeren van de erfpachtakte.
3. Beleid verticale splitsing van erfpachtrechten I. In te trekken per 1 januari 2018 Het beleid inzake verticale splitsing van rechten van erfpacht, vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 9 januari 2001 (Gemeenteblad 28 maart 2001, volgnummer 25), zij het dat het daarmee ingetrokken besluit van burgemeester en wethouders van 14 januari 1997 nummer 96/278/9 SO/GZ (Gemeenteblad 1997 afdeling 3 volgnummer 28) ingetrokken blijft. II . Vast te stellen per 28 juni 2017 en in te laten gaan per 1 januari 2018 het beleid met betrekking tot verticale splitsing van erfpachtrechten: A. Algemeen
Artikel 1 Toepasselijkheid 1.
12
Dit besluit is van toepassing op alle erfpachtrechten, uitgegeven onder de algemene bepalingen voor erfpacht van de gemeente Amsterdam, met uitzondering van: de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder: a. • de Algemene Bepalingen voor tijdelijke erfpacht voor woningcorporaties 1985 Amsterdam;
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
• de Algemene Bepalingen voor voortdurende erfpacht voor woningcorporaties 1998 Amsterdam; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 1992; • de Algemene Voorwaarden voor tijdelijke erfpacht in het havengebied 2007; b. c.
de erfpachtrechten die zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013; de erfpachtrechten die in erfpacht zijn uitgegeven onder andere dan de onder a. en b. bedoelde algemene bepalingen dan wel algemene voorwaarden en zijn gelegen in het havengebied van Amsterdam, • die Havenbedrijf Amsterdam N.V. namens de gemeente voor eigen rekening en risico beheert, en • waarvan de percelen waarop deze erfpachtrechten betrekking hebben onder opschortende voorwaarde van het eindigen van die rechten aan het Havenbedrijf Amsterdam N.V. zijn uitgegeven onder de Algemene Bepalingen voor voortdurend hoofdrecht van erfpacht voor het havengebied Amsterdam 2013.
Artikel 2 Definities 1.
In dit beleid wordt verstaan onder: erfpachtakte: a. de notariële akte waarin de rechten en plichten zijn vastgelegd die verbonden zijn aan het erfpachtrecht;
b. erfpachtgrondwaarde: de waarde van het perceel, vastgesteld op basis van de in de erfpachtakte opgenomen bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vloeroppervlakte van het perceel, die ten grondslag ligt aan de berekening van de canon. Hieronder valt niet de waarde van de opstallen die op het perceel aanwezig zijn. Waar in algemene bepalingen ouder dan de Algemene Bepalingen voor eeuwigdurende erfpacht 2016 “grondwaarde” is vermeld, wordt daaronder verstaan “erfpachtgrondwaarde”. c. verticale splitsing: het splitsen van een erfpachtrecht in twee of meer afzonderlijke erfpachtrechten. d. WOZ-waarde: de waarde van de onroerende zaak (bijvoorbeeld een woning of een kantoor- of bedrijfspand) die door de gemeente wordt vastgesteld in overeenstemming met de Wet Waardering Onroerende Zaken. B. Voorwaarden en toestemming
Artikel 3 Voorwaarden voor toestemming tot verticale splitsing 1.
2.
3.
13
De erfpachter heeft voorafgaande schriftelijke toestemming van de gemeente nodig voor verticale splitsing. Als de gemeente een aanbieding doet op basis van dit beleid, is dit een aanbieding onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring (artikel 7). Slechts wanneer de erfpachter deze aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk accepteert, komt de overeenkomst tot stand onder voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. De bestuurlijke goedkeuring of de onthouding daarvan vindt plaats met een besluit van het bevoegd bestuur (artikel 8). Door een goedkeurend bestuurlijk besluit komt het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring te vervallen en treedt de overeenkomst in werking. De verticale splitsing van het erfpachtrecht wordt vervolgens vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 9). De gemeente verleent alleen toestemming voor verticale splitsing als: het verlenen ervan past binnen de dan geldende publiekrechtelijke regelgeving en er zich a. geen gemeentelijk belang tegen verzet, en de bestemming, het gebruik en de bebouwing overeenkomen met dat wat daarover in de b. erfpachtakte is opgenomen, en met de erfpachter volledige overeenstemming is bereikt over de voorwaarden die aan de c. toestemming zijn verbonden.
Deze overeenstemming moet blijken uit een volledige en onvoorwaardelijke, schriftelijke acceptatie van een gemeentelijke aanbieding tot het verlenen van de gevraagde toestemming. Als de bestemming, het gebruik en de bebouwing niet overeenkomen met dat wat is opgenomen in de erfpachtakte, moeten deze – om in aanmerking te kunnen komen voor de toestemming voor verticale splitsing - eerst gewijzigd worden op grond van het beleid met betrekking tot bestemmings- en bebouwingswijziging en notarieel zijn vastgelegd.
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
Artikel 4 Aanvullende voorwaarden voor toestemming tot verticale splitsing bij woonruimte 1.
Als in de erfpachtakte met betrekking tot het verticaal te splitsen erfpachtrecht de bestemming “huurwoning” is opgenomen, geldt, in aanvulling op en/of in afwijking van artikel 3, het volgende: Voor de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan en een afzonderlijke woning a. omvatten, worden in een erfpachtakte de bestemming “koopwoning” en het aantal vierkante meter vloeroppervlakte per woning vastgelegd; De toestemming tot verticale splitsing wordt verleend onder de opschortende voorwaarde b. dat de onder a. genoemde bestemmingswijziging (in overeenstemming met het beleid bestemmings- en bebouwingswijziging) notarieel is vastgelegd.
Artikel 5 Algemene, bijzondere en overige bepalingen 1. 2.
3.
De algemene bepalingen van het te splitsen erfpachtrecht blijven van toepassing op de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan. De bijzondere bepalingen van het verticaal te splitsen erfpachtrecht blijven van toepassing op de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan, voor zover ze op die erfpachtrechten betrekking hebben. In het geval dat een voortdurend erfpachtrecht verticaal wordt gesplitst, zal de einddatum van het lopende tijdvak van het verticaal te splitsen erfpachtrecht gehandhaafd blijven voor de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan.
B. Financieel
Artikel 6 De canon na verticale splitsing De canon van het verticaal te splitsen erfpachtrecht wordt verdeeld over de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan. De gemeente stelt deze verdeling vast. Bij erfpachtrechten met louter woonbestemmingen, zal de verdeling plaatsvinden op basis van WOZwaarden waarbij voor huurwoningen een afslag conform het geldende gemeentelijke beleid grondwaardebepaling plaatsvindt, dan wel zal de verdeling plaatsvinden op basis van het aantal m² vloeroppervlakte. Bij erfpachtrechten met louter dezelfde commerciële bestemmingen, zal de verdeling plaatsvinden op basis van het aantal m² vloeroppervlakte. Bij erfpachtrechten met verschillende bestemmingen, zal de verdeling plaatsvinden op basis van het op dat moment geldende gemeentelijke beleid grondwaardebepaling. C. Aanbieding, besluit en erfpachtakte
Artikel 7 Aanbieding 1. 2.
14
Aan het verlenen van de toestemming tot verticale splitsing gaat een schriftelijke aanbieding van de gemeente vooraf. In deze aanbieding staat in ieder geval: de oppervlakte, de kadastrale aanduiding en voor zover bekend, de plaatselijke aanduiding a. van het verticaal te splitsen erfpachtrecht. Voor zover mogelijk worden deze gegevens ook opgenomen voor elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; de huidige bestemming, het toegestane gebruik en de huidige maximaal toegestane vierb. kante meters bebouwing van het verticaal te splitsen erfpachtrecht; de bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vierkante meters bec. bouwing van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; de bijzondere voorwaarden die van toepassing zullen zijn op elk van de erfpachtrechten die d. door verticale splitsing ontstaan welke voortvloeien uit de bijzondere bepalingen die van toepassing zijn op het ongesplitste erfpachtrecht; de (eventueel) aanvullende bijzondere bepalingen die de gemeente verbindt aan haar toee. stemming tot verticale splitsing; de jaarlijkse canon van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; f. de afkoopsom van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan (als dat g. van toepassing is); de vervaldata van de canon van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing onth.
staan (als dat van toepassing is); de einddatum van het tijdvak van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing i. ontstaan (als dat van toepassing is); de erfpachtgrondwaarde van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; j. de algemene bepalingen die van toepassing zijn op elk van de erfpachtrechten die door k. verticale splitsing ontstaan;
Gemeenteblad 2017 nr. 143786
16 augustus 2017
l. m. n. 3.
4.
de administratieve ingangsdatum van de wijzigingen die in verband met de verticale splitsing worden doorgevoerd; de termijn dat de aanbieding geldt; het voorbehoud van bestuurlijke goedkeuring. Dit voorbehoud komt te vervallen met het besluit zoals genoemd in artikel 8.
Als in verband met de verticale splitsing (kadastrale) percelen gecreëerd worden, voegt de gemeente bij de aanbieding een tekening. Daaruit blijken de ligging en de grenzen van de (te creëren) percelen. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers zal de percelen op basis van deze tekening inmeten. De uitkomsten van die inmeting komen in de plaats van de hiervoor genoemde tekening. In de aanbieding kan de gemeente een passage opnemen over integriteit. In deze passage staat onder andere de bevoegdheid van de gemeente tot opschorten, geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot verticale splitsing in erfpachtrechten. Geheel of gedeeltelijk ontbinden of opzeggen van de overeenkomst tot verticale splitsing in erfpachtrechten is slechts mogelijk tot het moment dat de verticale splitsing in erfpachtrechten wordt vastgelegd in een erfpachtakte (artikel 9).
Artikel 8 Besluit De gemeente neemt pas het bestuurlijke besluit tot het verlenen van toestemming tot verticale splitsing nadat de erfpachter de aanbieding volledig en onvoorwaardelijk, schriftelijk heeft geaccepteerd.
Artikel 9 Erfpachtakte 1. 2.
De verticale splitsing wordt vastgelegd in een erfpachtakte en ingeschreven in de openbare registers. In de erfpachtakte staat in ieder geval: de oppervlakte, de kadastrale aanduiding en voor zover bekend, de plaatselijke aanduiding a. van het verticaal te splitsen erfpachtrecht en van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; de bestemming, het toegestane gebruik en de maximaal toegestane vierkante meters beb. bouwing van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; de jaarlijkse canon van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; c. de afkoopsom van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan (als dat d. van toepassing is); de vervaldata van de canon van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing onte. staan (als dat van toepassing is); de einddatum van het tijdvak van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing f. ontstaan (als dat van toepassing is); de erfpachtgrondwaarde van elk van de erfpachtrechten die door verticale splitsing ontstaan; g. de algemene en bijzondere bepalingen die van toepassing zijn op elk van de erfpachtrechten h. die door verticale splitsing ontstaan.