Bijlage 3. Samenwerkingsconvenant Arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam.pdf
Tekst van het document
De ondergetekenden/partijen/partners: •
• • • • •
De gemeenten in de arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam (Aalsmeer, Amstelveen, Amsterdam (centrumgemeente), De Ronde Venen, Diemen, Haarlemmermeer, Ouder-Amstel en Uithoorn Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) De werkgeversorganisaties: VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam en MKBMetropool Amsterdam De werknemersorganisaties: FNV, CNV en VCP De onderwijspartijen (ingevuld door ROC van Amsterdam-Flevoland en Hogeschool van Amsterdam) SBB
De volgende overwegingen in aanmerking nemende: •
•
•
•
•
•
De regionale arbeidsmarkt is blijvend in ontwikkeling. De actuele situatie op de arbeidsmarkt, de veranderende vraag naar kennis en vaardigheden van huidige en toekomstige werknemers en de noodzaak dat werkenden en werkzoekenden zich blijvend ontwikkelen om duurzaam inzetbaar te zijn voor de banen van nu en in de toekomst, zijn opgaven die vragen om een effectieve en efficiënte regionale arbeidsmarktdienstverlening; Essentieel voor het verbeteren van de regionale arbeidsmarktdienstverlening is de versterking van de strategische samenwerking tussen de publieke en private partijen, waardoor een duurzame en hechte verbinding ontstaat tussen het sociale, economische en onderwijsdomein in de arbeidsmarktregio; In de Kamerbrief van 29 april 2024 hebben de ministeries van SZW, OCW en EZK aangegeven om, in afstemming met de landelijke partners, de arbeidsmarktinfrastructuur te hervormen en met kaders te komen voor het structureel borgen van een gezamenlijk publiek-private governance.
Deze kaders zullen in 2026 worden opgenomen in een aangepaste Wet en Besluit SUWI; Met de komst van de nieuwe gezamenlijke publiek-private governance gaat het Bestuurlijk Overleg Arbeidsmarktregio Groot Amsterdam (Regionaal Werkbedrijf) op in de nieuwe regionale overlegstructuur; De publiek-private samenwerking in de arbeidsmarktregio is een strategische netwerksamenwerking gericht op het versterken van de aanbodgerichte arbeidsmarktdienstverlening en het bevorderen van brede welvaart door het zo goed mogelijk te laten functioneren van de regionale arbeidsmarkt. De deelnemende partijen in de samenwerking hebben ieder hun eigen (wettelijke) taken en verantwoordelijkheden in relatie tot de arbeidsmarktdienstverlening. De netwerksamenwerking treedt niet in de plaats van deze eigen taken en verantwoordelijkheden maar is aanvullend en versterkend; Partijen hebben uitgesproken, gezien de komende veranderingen in de arbeidsmarktinfrastructuur, de regionale samenwerking te willen versterken door samenwerkingsafspraken te maken en deze vast te leggen in een samenwerkingsconvenant.
Artikel 1 Begripsomschrijvingen in dit convenant wordt verstaan onder: 1. Arbeidsmarktregio: de arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam zoals aanwezen in het Besluit werkgebieden UWV 2024; 2. Centrumgemeente: Gemeente Amsterdam vervult de functie van centrumgemeente. De centrumgemeente zoals bedoeld in artikel 1.8 Regeling SUWI is belast met regie op de regionale samenwerking en het beheer van de daarvoor beschikbaar gestelde middelen; 3. Regionaal Beraad: Het Regionaal Beraad is het strategisch overleg van de arbeidsmarktregio. Het Regionaal Beraad bestaat uit (centrum)gemeenten, UWV, SBB, werkgevers- en werknemersorganisaties en onderwijspartijen (een aangewezen contactschool (ingevuld door een ROC tenzij anders afgesproken)). 4. Werkcentrum: het werkcentrum is de toegangspoort voor de dienstverlening van de publiek-private partners met als belangrijkste uitgangspunt dat het aanvullend is ten opzichte van de bestaande dienstverlening van samenwerkingspartners in onze arbeidsmarktregio. Het werkcentrum draagt bij aan een no-wrong-door-principe in de arbeidsmarktregio 5. Meerjarenagenda: meerjarige afspraken en ambities voor het regionale arbeidsmarktbeleid gericht op de regionale arbeidsmarktopgaven vanuit vraag en aanbod perspectief en in verbinding met de sociale, economische en onderwijsopgaven in de arbeidsmarktregio; 6.
Thematafel: overleg verbonden aan het Regionaal Beraad waaraan kern-, strategische- en samenwerkingspartners deelnemen voor beleidsafstemming en beleidsontwikkeling over een specifiek thema; 7. Sectortafel: overleg waaraan sectorale (vertegenwoordigers van) partners deelnemen voor beleidsafstemming en beleidsontwikkeling gericht op arbeidsmarktuitdagingen in hun sector; 8. Kernpartners: partijen zoals genoemd in begripsomschrijving 3 die minimaal deel uitmaken van het Regionaal Beraad; 9. Strategische partners: partners die deel uitmaken van de regionale samenwerking en na besluit van de kernpartners in het Regionaal Beraad zitting hebben in het Regionaal Beraad. Daarnaast zijn er andere samenwerkingspartners (niet strategische partners) in de arbeidsmarktregio betrokken bij de uitvoering van het Werkcentrum of als partner bij een thematafel. 10. Duurzaam aan het werk: duurzaam aan het werk betekent werkenden doorlopend in hun arbeidsleven over daadwerkelijk realiseerbare mogelijkheden alsmede over de voorwaarden beschikken om in huidig en toekomstig werk met behoud van gezondheid en welzijn te (blijven) functioneren; 11. No-wrong-door-principe: Het no-wrong-door-principe garandeert dat werkzoekenden en werkgevers altijd passende ondersteuning ontvangen, ongeacht via welke organisatie of welk loket zij zich melden.
De betrokken partijen dragen gezamenlijk verantwoordelijkheid voor een naadloze doorverwijzing en samenwerking, zodat niemand onnodig wordt doorverwezen. Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar het mannelijke geslacht een verwijzing naar het vrouwelijke geslacht of een andere gender(identiteit) in en omgekeerd.
Artikel 2 Doelstelling regionale samenwerking In de arbeidsmarktregio Groot-Amsterdam werken kern-, strategische- en samenwerkingspartners samen aan een vitale regionale arbeidsmarkt. De samenwerkende partners zetten zich gezamenlijk in voor de realisatie van de volgende hoofddoelstelling: • Het bevorderen van brede welvaart door het zo goed mogelijk te laten functioneren van de regionale arbeidsmarkt. • Dit betekent dat: o iedereen in de regio Groot-Amsterdam duurzaam aan het werk kan of is, o dat er een kwalitatief en kwantitatief goed aanbod is van gekwalificeerd personeel, o dat de arbeidsmarkt zich aanpast aan actuele omstandigheden; Om deze te realiseren zetten ons in voor de volgende subdoelstellingen: • Het verbeteren van de arbeidsmarktdienstverlening voor werkenden, werkzoekenden en werkgevers; • Het bieden van mogelijkheden aan de inwoners en werkenden in Groot-Amsterdam om zich te blijven ontwikkelen (leven lang ontwikkelen)/kansrijk op te leiden om de arbeidspositie te versterken; • Het bevorderen dat er gekwalificeerd personeel is voor werkgevers en beschikbaar/zichtbaar maken van potentiële werkenden voor werkgevers.
• Het bevorderen van een arbeidsmarkt waarin iedereen mee kan doen en daar de mogelijkheden toe krijgt, waaronder de regionale samenwerking gericht op het behalen van de doelstellingen van de Banenafspraak; • Het bevorderen van de harmonisatie van arbeidsmarktinstrumenten in de arbeidsmarktregio. • Het bevorderen van de regionale samenwerking, waaronder op het gebied van de doorstroom van onderwijs naar arbeidsmarkt • Het bevorderen van een no-wrong-door-principe tussen de samenwerkende partners binnen de arbeidsmarktregio
Artikel 3 Uitgangspunten voor de regionale samenwerking Voor een effectieve en efficiënte publiek-private samenwerking in netwerkverband delen de deelnemende partijen de volgende uitgangspunten: • Gezamenlijke verantwoordelijkheid: we zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het realiseren van de doelstellingen van de samenwerking. We hebben oog voor ieders positie en belang en streven naar consensus in onze besluitvorming; • Resultaatgericht: we zijn vanuit onze doelen gericht op het bereiken van zichtbare resultaten. We monitoren periodiek de uitvoering van onze beleidskeuzes en passen deze aan indien de resultaten van de monitoring en/of veranderende omstandigheden daarom vragen; • Toegevoegde waarde: in deze publiek-private samenwerking geldt gelijkwaardigheid vanuit ieders expertise en hiermee realiseren we toegevoegde waarde. We zijn transparant en coöperatief georganiseerd. We denken groter dan ons eigen belang en durven met elkaar te delen.
We zijn niet gelijk vanwege onze verschillende doelen en wettelijke taken; • Kwaliteit: in de samenwerking zijn we gericht op het borgen en onderhouden van de kwaliteit van het overleg en de uitvoering; • Transparantie: we zijn open, voorspelbaar en navolgbaar in onze bijdrage aan het overleg; • Leren en ontwikkelen: we zien ons als een lerend netwerk duurzaam gericht op verbeteringen; • Ruimte voor het experiment: We zoeken in het oplossen van arbeidsmarktknelpunten naar innovatieve oplossingen. We gebruiken de belemmeringen die we tegenkomen als basis voor nieuwe oplossingen en zoeken al doende naar de meest effectieve weg. Alleen zo kunnen we patronen doorbreken die oplossingen verhinderen. • Integriteit: we handelen integer conform voor ons geldende gedragscodes en we evalueren periodiek ons handelen.
Artikel 4 Publiek-private samenwerkingsvorm De regionale samenwerking tussen publieke en private partijen is belegd in het Regionaal Beraad. Het Regionaal Beraad is een strategische netwerksamenwerking. Het Regionaal Beraad heeft geen rechtspersoonlijkheid. De samenwerkende partijen dragen geen bevoegdheden over aan het Regionaal Beraad. Iedere deelnemende publieke en private partij draagt vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid bij aan de uitvoering van de gezamenlijk geformuleerde ambities en taken.
Artikel 5 Regionaal Beraad 1. Het Regionaal Beraad is het strategisch bestuurlijk overlegorgaan van de arbeidsmarktregio. 2. Het Regionaal Beraad bestaat tenminste uit één vertegenwoordiger van de volgende kernpartners: o De centrumgemeente van de arbeidsmarktregio (Amsterdam); o De overige gemeenten (Aalsmeer, Amstelveen, De Ronde Venen, Diemen, Haarlemmermeer, Ouder-Amstel en Uithoorn) o UWV; o SBB; o De werkgeversorganisaties: VNO-NCW en MKB-Nederland; o De werknemersorganisaties: FNV, CNV en VCP; o De onderwijspartijen (ingevuld door de aangewezenen contactschool ROC van Amsterdam en Hogeschool van Amsterdam). 3. Iedere vertegenwoordiger in het Regionaal Beraad draagt zorg voor een plaatsvervangende vertegenwoordiger. 4. Iedere vertegenwoordiger in het Regionaal Beraad draagt zorg voor het mandaat om namens de geleding of organisatie die vertegenwoordigd wordt besluiten in het Regionaal Beraad te nemen. De vertegenwoordiger informeert het Regionaal Beraad over zijn mandaatstelling. Vervolgens besluit het Regionaal Beraad tot lidmaatschap van Regionaal Beraad. 5. Het voorzitterschap van het Regionaal Beraad wordt ingenomen door de portefeuillehouder Sociale Zaken of Arbeidsmarktbeleid van de centrumgemeente van de arbeidsmarktregio. 6. Het Regionaal Beraad kiest uit zijn midden een vicevoorzitter.
Artikel 6 Taken Regionaal Beraad Het Regionaal Beraad kent de volgende taken: 1. Het vaststellen van de regionale meerjarenagenda bestaande uit de beleidsagenda en de uitvoeringsagenda; 2. Het monitoren en eventueel bijstellen van de meerjarenagenda; 3. Het vaststellen van de (meerjaren)begroting van de gezamenlijke middelen voor de arbeidsmarktregio en de rapportage hierover; 4. Het maken van afspraken over de inbreng en/of bundeling van eigen middelen ten behoeve van de regionale samenwerking; 5. Het bevorderen van de publiek-private samenwerking in de arbeidsmarktregio; 6. Het maken van afspraken over het ontsluiten van de arbeidsmarktdienstverlening in of via het Werkcentrum; 7. Het maken van afspraken over de landing van nieuwe initiatieven gericht op de regionale arbeidsmarkt; 8. Het maken van afspraken over de volgende onderwerpen die op de korte termijn van belang zijn: 1. de regionale uitvoering van de Banenafspraak; 2. de regionale aanpak jeugdwerkloosheid; 3. regionale aanpak rondom arbeidsmigratie; 4. regionale arbeidsmarktaanpak rondom nieuwkomers (waaronder statushouders); 5. gegevensdeling tussen de verschillende (uitvoerings)partners binnen de arbeidsmarktregio 9. Het signaleren van ontwikkelingen op het vlak van economie, arbeidsmarkt en onderwijs en deze communiceren in de richting van het Landelijk Beraad; 10.
Het door deelnemende partijen actief communiceren van de doelstellingen van het Regionaal Beraad binnen de eigen organisatie en in contacten met bedrijven en instellingen in de arbeidsmarktregio. Partijen vervullen actief hun rol om mensen te helpen naar/op de arbeidsmarkt.
Artikel 7 Regionale thematafels en sectortafels 1.
2. 3. 4. 5.
6.
7.
Het Regionaal Beraad kan voor verschillende thema’s die het arbeidsmarktbeleid in de regio aangaan thematafels (werkgroepen) instellen of bestaande tafels benutten waarin vertegenwoordigers van kernpartners, strategische partners en andere samenwerkingspartners participeren. Het doel van een thematafel is het Regionaal Beraad te informeren en te adviseren over aangelegenheden die de regionale arbeidsmarkt betreffen. De thematafel kiest uit zijn midden een voorzitter. Het Regionaal Beraad kan regionale sectortafels instellen waarin werkgevers een actieve rol hebben. Het doel van een sectortafel is de arbeidsmarkt te versterken vanuit een sectorale insteek en het Regionaal Beraad zonodig te informeren en te adviseren. Indien er een Human Capital Agenda voor een betreffende sector is ontwikkeld, dan is deze leidend voor deze ondersteuning en advisering. Aan de sectortafel kunnen vertegenwoordigers van partners en andere samenwerkingspartners participeren inclusief sectorale vertegenwoordigers en specialisten van de samenwerkingspartners. De sectortafel kiest uit zijn midden een voorzitter die bij voorkeur uit een sectorale organisatie afkomstig is.
Artikel 8 Vergadering en besluitvorming 1.
2.
3.
4.
5.
Het Regionaal Beraad komt tenminste twee keer per jaar bijeen op uitnodiging van de voorzitter. Op verzoek van één of meerdere vertegenwoordigers kan een extra vergadering van het Regionaal Beraad worden belegd. De termijn van bijeenroeping van de vergadering bedraagt ten minste zeven werkdagen, de dag van bijeenroeping en die van vergadering niet meegerekend. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, indien alle leden daarmee schriftelijk instemmen. Van het verhandelde in een vergadering worden notulen en/of een besluitenlijst opgemaakt. De notulen en/of besluitenlijst worden in dezelfde of de eerstvolgende vergadering vastgesteld en ondertekend door de voorzitter en de notulist. Indien over een te nemen besluit geen overeenstemming wordt bereikt, volgt agendering van het te nemen besluit in een volgende vergadering, waarbij geldt dat het besluit slechts genomen kan worden in een vergadering waarin ten minste de helft van de leden van het Regionaal Beraad aanwezig of vertegenwoordigd is. Het Regionaal Beraad streeft naar consensus over de te nemen besluiten.
Artikel 9 Meerjarenagenda 1.
Het Regionaal Beraad stelt de regionale meerjarenagenda arbeidsmarkt vast. De meerjarenagenda bestaat uit een beleidsdeel met een looptijd van vijf jaar met een uitvoeringsdeel met een looptijd van twee jaar. 2. De beleidsagenda bevat een analyse van de regionale arbeidsmarkt en een overzicht van de ambities die hieruit voortkomen. De analyse beslaat: 1. de aanbodkant van de arbeidsmarkt; 2. de vraagkant van de arbeidsmarkt; 3. de kwantitatieve en kwalitatieve mismatch en de wijze waarop deze kan worden verminderd (bijvoorbeeld door LLO-beleid); 4. de wijze waarop werkzoekenden en werkenden in een kwetsbare positie duurzaam kunnen participeren in het arbeidsproces. 3. Het Regionaal Beraad streeft naar samenhang met ambities op het gebied van arbeidsmarkt en onderwijs uit de MRA Agenda en het Meerjaren Uitvoeringsuitprogramma van de MRA Agenda en de ambities uit het Meerjarig regionaal programma laaggeletterdheid 4. In het uitvoeringsdeel van de meerjarenagenda worden de ambities uit het beleidsdeel uitgewerkt naar concrete acties waarbij aangegeven wordt hoe de acties worden gefinancierd, georganiseerd, gemonitord en geëvalueerd.
Artikel 10 Het Werkcentrum 1. De arbeidsmarktregio kent een gezamenlijke toegangspoort tot publieke en private arbeidsmarktdienstverlening: het Werkcentrum. 2. Het Werkcentrum is een netwerkorganisatie. De aangesloten partijen in het Werkcentrum behouden hun eigen zelfstandigheid en verantwoordelijkheid voor de eigen dienstverlening. 3. Het werkcentrum is de toegangspoort voor de dienstverlening van de publiek-private partners met als belangrijkste uitgangspunt dat het aanvullend is ten opzichte van wat er al is in onze arbeidsmarktregio. Het werkcentrum is gericht op het bieden van ondersteuning bij arbeidsmarktvraagstukken. Het Werkcentrum benut de kracht en energie die er al is in de arbeidsmarktregio door: • Het ontschotten van dienstverlening • Verbinden dienstverlening partners, waarbij we uitgaan van het no-wrong doorprincipe • Zoeken naar coalities die beweging veroorzaken 4. Het werkcentrum is gericht op alle partners in de arbeidsmarktregio. 5. Het UWV en de gemeenten in de arbeidsmarktregio zijn verantwoordelijk voor de organisatie van het Werkcentrum, het uitvoeren van de in de Wet Suwi verplichte publieke dienstverlening en het organiseren van de publiek-private samenwerking met medebetrokkenheid van de partners in het Regionaal Beraad. 6.
UWV en de gemeenten stellen daarom jaarlijks een uitvoeringsplan op gericht op de uitvoering van de wettelijk verplichte dienstverlening. Het Regionaal Beraad heeft een adviserende rol voor dit uitvoeringsplan. 7. Het Regionaal Beraad maakt afspraken over het ontsluiten van de publiek-private dienstverlening/initiatieven via het Werkcentrum (inclusief dienstverlening gericht op werkenden, werkzoekenden en wegevers aangeboden door andere samenwerkingspartners dan UWV en gemeenten).
Artikel 11 Financiële organisatie en rol centrumgemeente 1.
2.
3. 4. 5.
Na vaststelling van de meerjarenagenda, de begroting en het jaarverslag in het Regionaal Beraad neemt het College van B&W van de centrumgemeente formeel de besluiten over de inzet van middelen ten behoeve van de netwerksamenwerking en de financiële verantwoording hiervan. De centrumgemeente is belast met de functionele regie van de netwerksamenwerking en faciliteert de samenwerking. Het faciliteren van de samenwerking betreft: • De organisatie van het secretariaat c.q. programmabureau ten behoeve van het Regionaal Beraad, de thematafels en sectortafels; • Financiën en controlling. De centrumgemeente treedt op als rechtspersoon bij het aangaan van verplichtingen en/of aanvragen en verantwoording van subsidies. Iedere deelnemende partij in het Regionaal Beraad draagt zijn eigen kosten voor de participatie in het Regionaal Beraad en aanvullende overleggen. De centrumgemeente kan taken voor de uitvoering van de regiefunctie en de bijbehorende middelen beleggen bij een gemeenschappelijke regeling, stichting of bestaande organisatievorm in de regio.
Artikel 12 Evaluatie 1.
Het Regionaal Beraad draagt iedere twee jaar, in het laatste kwartaal, zorg voor een evaluatie van de samenwerking.
Artikel 13 Slotbepalingen 1. 2.
3.
4. 5.
Met schriftelijke instemming van het Regionaal Beraad kunnen één of meerdere andere partijen toetreden tot het Regionaal Beraad. Het samenwerkingsconvenant kan door iedere deelnemende partij, met opgaaf van redenen, tussentijds schriftelijk worden opgezegd met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden. Partijen kunnen in onderling overleg en met wederzijds akkoord schriftelijke besluiten af te wijken van de opzegtermijn. Het samenwerkingsconvenant wordt aangegaan voor onbepaalde tijd. Onverminderd hetgeen bepaald in lid 2 kan het samenwerkingsconvenant na schriftelijke overeenstemming worden gewijzigd of beëindigd naar aanleiding van wijziging van wetgeving en/of wijziging in de financiering van de regionale samenwerking. Met instemming van het Regionaal Beraad kan het samenwerkingsconvenant worden gewijzigd. Partijen geven door ondertekening van dit convenant toestemming om dit convenant geanonimiseerd openbaar te maken en te publiceren.
Artikel 14 Inwerkingtreding Het samenwerkingsconvenant treedt in werking op 2 oktober 2025 en vervangt na ondertekening de samenwerkingsovereenkomst betreffende het Regionaal Werkbedrijf, het Regionaal Mobiliteitsteam, WerkgeversServicepunt en het Leerwerkloket. Ondertekening •
De Gemeente Amsterdam vertegenwoordigd door: Rutger Groot Wassink, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Gemeente Amstelveen vertegenwoordigd door: Marijn van Ballegooijen, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
De Gemeente Haarlemmermeer vertegenwoordigd door: Charif El Idrissi, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
De Gemeente Aalsmeer vertegenwoordigd door: Sven Spaargaren, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
De Gemeente Diemen vertegenwoordigd door: Marian Everhardt, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Gemeente Ouder-Amstel vertegenwoordigd door: Erika Spil, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Gemeente De Ronde Venen vertegenwoordigd door: Anja Vijselaar, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Gemeente Uithoorn vertegenwoordigd door: José de Robles, wethouder
Handtekening
Datum
Plaats
•
Het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen vertegenwoordigd door: Martijn Bulte, rayonmanager
Handtekening
Datum
Plaats
•
Het Verbond van Nederlandse Ondernemingen – Nederlands Christelijke Werkgeversbond - Metropoolregio Amsterdam vertegenwoordigd door: Haico Spijkerboer, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats •
De Koninklijke Vereniging MKB-Nederland – Metropoolregio Amsterdam vertegenwoordigd door: Ahmed Baadoud, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Federatie Nederlandse Vakbeweging vertegenwoordigd door: Job Marskamp, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats •
Het Christelijk Nationaal Vakverbond vertegenwoordigd door: Stella Jonkhout, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Vakcentrale voor Professionals vertegenwoordigd door:
Bart Willems, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats
•
Het ROC van Amsterdam-Flevoland vertegenwoordigd door: Bijar Altalabani, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Hogeschool van Amsterdam vertegenwoordigd door: Jopie Nooren, bestuurder
Handtekening
Datum
Plaats
•
De Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven vertegenwoordigd door: Corrola Hommen, regiomanager
Handtekening
Datum
Plaats