Bijlage 3 - Experiment bijstand - Factsheet T1-meting.pdf
Tekst van het document
Amsterdams Experiment met de Bijstand: T1 meting (2020)
Factsheet oktober 2020
Amsterdams experiment met de bijstand In het kader van de Participatiewet doen HvA & UvA, in opdracht van de gemeente, onderzoek naar het experiment met de bijstand. Het experiment bevat twee maatregelen. Gedurende drie jaar ontvangen de deelnemers aan het experiment drie vormen van begeleiding vanuit de gemeente (zelfregie, extra aandacht en de standaard begeleiding). Daarnaast ontvangen alle deelnemers die parttime werken een premie, bestaande uit 50% van hun inkomsten uit werk tot een maximum van € 200 per maand. Het doel van het onderzoek is het geven van inzicht in hoe de verschillende vormen van begeleiding kunnen bijdragen aan financiële en maatschappelijke participatie van bijstandsgerechtigden in Amsterdam. Het experiment loopt van 2018 tot en met 2021. Gedurende deze drie jaar worden de circa 750 deelnemers aan het experiment vier keer geïnterviewd. In 2020 volgt de rapportage van de 1-meting. In 2021 worden de resultaten van de 2-meting bekend en in 2022 volgt de nameting. Nulmeting
2018
T1 meting
2019
Nameting
T2 meting
2020
2021
2022
Deze factsheet bevat de uitkomsten van de tweede meting, de zogenaamde 1-meting. De uitkomsten zijn gebaseerd op interviews van deelnemers afgenomen tot 1 juli 2020. Het is een tussenrapportage op basis waarvan nog geen conclusies kunnen worden getrokken over het gehele experiment dat duurt tot 2022. In dit overzicht worden uitkomsten uit de nulmeting vergeleken met de 1-meting. Daarnaast wordt, waar mogelijk en relevant, het onderscheid tussen de drie condities, zelfregie, extra aandacht en vergelijkingsgroep weergegeven.
Deelnemers experiment bijstand Extra aandacht
~5.250 Deelnemers aan het experiment
Zo’n 5.250 van hen nemen deel aan het Amsterdams experiment met de bijstand.
626 geïnterviewd
op de peildatum T1 1 juli 2020
206 Extra aandacht Zelfregie 230 Zelfregie Vergelijking
Zo’n 40 duizend Amsterdammers ontvangen bijstand.
(nog) niet geïnterviewd
808 deelnemers wetenschappelijke onderzoeksgroep
~4.500 overige deelnemers experiment bijstand
190 Vergelijking
91 uitstroom
808 deelnemers aan het experiment zitten ook in de wetenschappelijke onderzoeksgroep. Zij zijn verdeeld over drie groepen: zelfregie, extra aandacht en een vergelijkingsgroep. Tussen de nulmeting en T1 zijn 91 deelnemers uit de bijstand gestroomd. De uitstroom uit de uitkering verschilt niet tussen de drie conditiegroepen.
T1 meting experiment bijstand (2020) Betaald werk
werk per week op T1 ZZP 4% (-)
Percentages werkenden
onbekend 4% (-3%) vast contract (+5%)
66% +2,2% sinds T0
tijdelijk, flex, uitzendcontract (-2%)
16+ uur
21,5%
0 tot 16 uur
7,3%
53%
Willen werken
Percentages onbetaalde activiteiten beide ~6%
Van de deelnemers zonder betaald werk:
vrijwilligerswerk 22% (-1,9%)
7%
71%
T1: 17,6 uur
gemiddeld 3 uur en 6 minuten meer per week op T1
Redenen waarom deelnemers niet (kunnen) werken.
22%
wil werk
Ik ben ziek, arbeidsongeschikt.
37%
Er is geen werk. Ik kan geen werk vinden.
14%
Zorg voor gezin, huishouden of andere zorgtaken.
14%
wil misschien werk
Eén op de drie werkt niet vanwege ziekte of arbeidsongeschiktheid.
niet betaalde activiteiten op T1 (verschil met T0)
Dertien welzijnsindicatoren zijn tussen T0 en T1 vrijwel gelijk gebleven op 7,2. Hierin scoren de drie experimentgroepen gelijk.
T0: 14,5 uur
meerdere antwoorden mogelijk
weet het niet
Waardering
Betaald werk in uren per week
Bijna twee op vijf deelnemers met betaald werk (38 procent) wil meer uren werken, gemiddeld wil men 13 uur per week meer werken.
Onbetaald werk mantelzorg 23% (+2,2%)
3x zo groot bij 16+ uur
39%
type betaald werk op T1 (verschil met T0)
deelnemers met betaald werk op T1
Kans op uitstroom
Ik moet een opleiding of studie afronden Andere redenen
geen verschil sinds T0
7,2 uit 10
6% 40%
7,6
Gemiddeld rapportcijfer T1 van deelnemers voor hun betaalde werk
5,4
Gemiddeld rapportcijfer T1 voor de financiële situatie
Extra aandacht
Zelfregie
Vergelijking
Gemiddeld
T0
7,6
8,0
8,0
7,8
T1
7,4
7,7
7,4
7,5
Gemiddeld rapportcijfer T1 voor welzijn
uit 10
+0,3 sinds T0
Het gemiddelde cijfer voor de financiële situatie is nog altijd onvoldoende, maar wel iets gestegen. Ook hierin scoren de experimentgroepen gelijk.
uit 10
Relatie met klantmanager 84%
percentage contact met klantmanager van deelnemers op T1
cijfers voor klantmanagers
Er is veel contact met de klantmanager en het contact is goed. De waardering daalt gemiddeld wel wat.
Premie Tijdens de T1-meting ontvingen 413 parttime werkende deelnemers een bijverdienpremie. Gemiddeld bedroeg deze premie 1.410 euro over een heel jaar.
Aandeel per hoogte premie 30% 19% 21%
€0
10%
10%
9%
€1 €399
€400 €800 €1600 €2400 €799 €1599 €2399
Bijverdienpremie
De deelnemers besteedden deze premie vooral aan aflossing van schulden, achterstallige betalingen en vaste lasten, zoals huur, verzekering en abonnementen.
in de laatste 4 kwartalen
Colofon Onderzoek: HvA, UvA contact: s.bos@hva.nl
Europese Unie
Europees Sociaal Fonds
Visualisatie: OIS data.amsterdam.nl
2x per jaar premie totaal gemiddeld per jaar 1.410 euro