CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Dynamisch Handboek Buurtplatformrecht

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 14 januari 2026, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief eerste evaluatie Participatieverordening en afdoen aantal toezeggingen (VN2025-018425)9.834 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Deze manier van werken geeft de buurtplatformen ook de positie om de gemeente te voorzien van continue feedback vanuit de leefwereld. Al naar gelang wat er speelt kunnen voor dit gesprek ook andere diensten nodig zijn. Afhankelijk van de inhoud en de context van de knelpunten, worden vastgelopen kwesties via ambtelijke lijnen met het ambtelijk management vlot getrokken of via het bevoegd bestuursorgaan. De structuur, vorm en opzet van het overleg is vrij en wordt afhankelijk van de lokale situatie in het stadsdeel (welke buurtplatformen, focus en aantal) en op basis van de wensen van de betrokken platformen ingeregeld. Bij knelpunten en escalaties in de samenwerking met buurtplatformen (niet zijnde inhoudelijke knelpunten) kan het tussenteam worden ingeschakeld als mediator en facilitator. In uiterste gevallen kan de hulp worden ingeroepen van het ambtelijk lid van het gemeentelijk management team (GMT) dat verantwoordelijk is voor democratisering en participatie. De bovenstaande punten betekenen niet dat altijd overal consensus over moet zijn. Ook waar sprake is van verschillende perspectieven, belangen en keuzes, kan een goede samenwerkingsrelatie zijn vruchten afwerpen. Zoals eerder gezegd: besluitvorming is en blijft een taak van de gemeente. En samenwerking is mensenwerk.

De intentie is om samen te zoeken naar de beste oplossingen voor de buurt, maar uiteindelijk kan de gemeente een ander besluit nemen dan het platform wenst. Wel gebeurt dit altijd transparant en beargumenteerd. 22

16.5.1 Het college kan de erkenning als buurplatform en de samen werkingsafspraken schorsen indien het buurtplatform: a. niet meer voldoet aan de in het eerste lid gestelde eisen; b. de afspraken niet of niet volledig nakomt, of; c. naar het oordeel van het college om een andere reden niet functioneert. 16.6 In geval van een schorsing als bedoeld in het vijfde lid worden afspraken gemaakt over de termijn waarbinnen de reden van schorsing wordt hersteld. Mocht binnen de gestelde termijn niet voldoende verbetering plaatsvinden, dan kan het college besluiten de erkenning in te trekken en de samenwerkingsafspraken op te zeggen.

Wanneer er gedurende de periode van vier jaar diverse signalen van meerdere partijen (van binnen de gemeentelijke organisatie, van wijkpartners of vanuit de buurt) binnenkomen over het niet naar behoren functioneren van een buurtplatform dan kan in een uiterst geval de status van het buurtplatform worden opgeheven. Hiervoor ontwikkelen we een exit-strategie met gedefinieerde escalatielijnen en sancties. Later aan te vullen lessen en inzichten: Ontwikkelen van deze exit-strategie.

5. Leren en ontwikkelen Het buurtplatformrecht en de samenwerking tussen buurtplatformen en gemeente staat nog in de kinderschoenen en is niet in beton gegoten. In de praktijk doen we ervaringen op waarvan we leren over wat wel en niet werkt. Deze ervaringen verwerken we in jaarlijkse evaluaties van de participatieverordening en zo nodig kan de gemeenteraad ervoor kiezen om de participatieverordening aan te passen. Naast deze juridische werkelijkheid werken we aan verbetering van competenties en het versterken van kennis en kunde op het gebied van deze nieuwe manieren van samenwerken in de buurt. Daarvoor wordt gewerkt aan een Participatiewerkplaats met werkmodules, casuïstiek en een ParticipatiePool en een participatieleeromgeving. De eerste stappen daarvoor bestaan uit een lerende evaluatie, leersessies en modules als ‘Hoe werkt de gemeente?’ ‘Participeren als ambacht’ en ‘betrekken en betrokken houden.’ Tzt Blokje maken met info over Participatiewerkplaats

23

Exit expertmodel “Succesvol werken aan gemeenschapsgericht leiderschap vraagt om afstappen van het monopolie op het expertmodel dat de afgelopen decennia dominant is bij buurt- en wijkwerk en sociaal-maatschappelijke opgaven. Het vraagt om een andere focus, namelijk het willen normaliseren van de samenleving. Werken vanuit het vertrouwen dat mensen zelf de nodige oplossingen kunnen bedenken en dat jouw organisatie dat kan versterken.” Passage ter illustratie (LSAbewoners ALTIJDNIEUWGEDOE-HOOFDSTUK-HOE-VERDER-klein.pdf)

Later aan te vullen lessen en inzichten In een lerende evaluatie werken we aan inzicht en vakbekwaamheid van alle betrokkenen. Ook is een leeromgeving in ontwikkeling (aansluitend op wat er al is!) met producten en leerinterventies voor diverse leervragen. Zo bestaat onder ambtenaren behoefte aan meer helderheid over onder andere rollen en interne afstemming; hoe ga je integer langjarige relaties aan met actieve bewoners?; hoe hou je als ambtenaar zicht op de hele buurt?; hoe om te gaan met spanning door een activistische houding van een buurtplatform waar je ook mee samenwerkt?; hoe om te gaan met overschatting draagkracht platform? Mensen ervaren onduidelijkheid over wat het buurtplatformrecht nu precies behelst. Vanuit het bewonersperspectief is er de ervaring dat zaken die voor hen belangrijk zijn in de spreekwoordelijke la verdwijnen. Hoe zorgen we ervoor dat dit niet gebeurt met producten en diensten die buurtplatformen maken en aanbieden?

6. Versterking van Zelforganisatie Om een gelijkwaardige partner te kunnen zijn en voor het vervullen van de rol van een duurzame koepelorganisatie, is zelforganisatie randvoorwaardelijk. Dit staat momenteel nog in de kinderschoenen. Het ontbreekt aan structurele middelen voor versterking van de organisatie en ruimte in de buurt. Op dit moment zijn er alleen tijdelijke middelen beschikbaar tot en met 2026. De tijdelijke middelen zijn inzetbaar voor het vervullen van de koepelfunctie per buurt en het vormgeven van de samenwerking op het niveau van de stedelijke coalitie van buurtplatformen. Later aan te vullen lessen en inzichten Hoe we omgaan met een eerlijke verdeling van macht en middelen en schaarste? - Positie ten opzichte van andere bewonersgroepen: we veronderstellen dat buurtplatformen zorgen voor verbinding. Kunnen ze ook voor polarisatie zorgen, juist door die erkenning? Geld en macht kunnen polarisering in de hand werken. - Budget voor versterking maatschappelijke (netwerk) organisaties: Krijgen andere groepen ook budgetten om zichzelf te ontwikkelen? (bijv. als er al een buurtplatform is, maar ook maatschappelijke netwerken of initiatieven in het algemeen.) - Verantwoording buurtplatform-budget: er is behoefte aan duidelijkheid over hoe we toetsen dat het budget goed wordt besteed. Komt dat in een subsidiekader? Bij financiering van een 24

buurtplatform is maatwerk nodig, maar hoe bepaal je hoe groot (het activiteitenpakket van) een buurtplatform is, en welk bedrag daarbij hoort?

***

25

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16418236/1