CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3. bekendmaking subsidieplafonds Vloa 2019-schooljaar 21-22.docx

Raadscommissie Werk Inkomen en Onderwijs 27 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen de gebundelde wijzigingen van de Verordening op Lokaal Onderwijs Beleid Amsterdam 2019 (VloA 2019) ten behoeve van schooljaar 2021-2022 (ZD2020-015047)846 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Opmerkingen voor publicatie: Te publiceren in: Uiterlijk bekendmaken op: Niet eerder bekendmaken dan op: Consolideren op overheid.nl Gevolgen voor de werking van een andere regeling: Externe informatieve bijlage voor de leesbaarheid: Andere bijzonderheden:

Gemeenteblad 19 februari 2021 12 februari 2021 Nee N.v.t. N.v.t De bekendmaking mag niet eerder plaatsvinden dan de bekendmaking van de Verordening VloA-wijzigingen schooljaar 2021-2022

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam tot vaststelling van de subsidieplafonds voor het schooljaar 20212022 op grond van de Verordening op het lokaal onderwijsbeleid Amsterdam 2019 Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, gelet op artikel 3.5, 4.4 en 5.4 van bijlage 3, artikel 3.4, 4.4 en 5.4 van bijlage 4 en artikel 3.4 van bijlage 6 bij de Verordening op het lokaal onderwijsbeleid Amsterdam 2019, besluit: Artikel 1 1. Voor het schooljaar 2021-2022 gelden de volgende subsidieplafonds: a. € 13.200.000,- voor Maatwerkplan verlengde leertijd en ouderbetrokkenheid (artikel 3.3, onder a, van bijlage 3); b. € 500.000,- voor Zomerschool (artikel 3.3, onder b, van bijlage 3); c. € 420.000,- voor Kopklas (artikel 3.3, onder c, van bijlage 3); d. € 2.428.000,- voor Kansenaanpak VO (artikel 4.3, eerste lid, van bijlage 3); e. € 375.000,- voor Integraal Kindcentrum (artikel 5.3, eerste lid, onder a, van bijlage 3); f. € 495.000,- voor Inzet NT2 deskundige (artikel 6.3, eerste lid, onder a, van bijlage 3); g. € 900.000,- voor Reiskostenvergoeding Lerarenagenda (artikel 3.3, eerste lid, van bijlage 4); h. € 350.000,- voor Voortraject potentiële zij-instromers (artikel 4.3, eerste lid, onder a, van bijlage 4); i. € 595.000,- voor Begeleiding zij-instromers in po, so en vso (artikel 4.3, eerste lid, onder b, van bijlage 4); j.

€ 100.000,- voor Begeleiding zij-instromers in vo (artikel 4.3, eerste lid, onder b, van bijlage 4); k. € 45.000,- voor Begeleiding deelnemers (artikel 4.3, eerste lid, onder c, van bijlage 4); l. € 562.500,- voor Directeurenbeurzen Lerarenagenda (artikel 5.3, eerste lid, van bijlage 4); m. € 1.058.651,- voor Hoogbegaafdheid (artikel 3.3, eerste lid, van bijlage 6). 2. De voor subsidie beschikbare bedragen worden als volgt verdeeld: a. voor Maatwerkplan verlengde leertijd en ouderbetrokkenheid zoals beschreven in artikel 3.5, tweede lid, van bijlage 3;

b. c. d. e. f. g.

voor Zomerschool zoals beschreven in artikel 3.5, tweede lid, van bijlage 3; voor Kopklas zoals beschreven in artikel 3.5, tweede lid, van bijlage 3; voor Kansenaanpak VO zoals beschreven in artikel 4.4, tweede lid, van bijlage 3; voor Integraal Kindcentrum zoals beschreven in artikel 5.5 van bijlage 3; voor Inzet NT2 deskundige zoals beschreven in artikel 6.4 van bijlage 3; voor Reiskostenvergoeding Lerarenagenda zoals beschreven in artikel 3.4, tweede lid, van bijlage 4; h. voor Voortraject potentiële zij-instromers zoals beschreven in artikel 4.4, derde lid, van bijlage 4; i. voor Begeleiding zij-instromers in po, so, en vso zoals beschreven in artikel 4.4, derde lid, van bijlage 4; j. voor Begeleiding zij-instromers in vo zoals beschreven in artikel 4.4, derde lid, van de bijlage 4; k. voor Begeleiding deelnemers zoals beschreven in artikel 4.4, derde lid, van bijlage 4; l. voor Directeurenbeurzen Lerarenagenda zoals beschreven in artikel 5.4, tweede lid, van bijlage 4; m. voor Hoogbegaafdheid zoals beschreven in artikel 3.4 van bijlage 6. 3. De subsidieplafonds worden vastgesteld onder voorbehoud van reservering van voldoende middelen in de nog door de gemeenteraad vast te stellen begroting voor het jaar 2022. 4.

Een verlaging van de subsidieplafonds na aanvang van het tijdvak waarvoor de subsidieplafonds zijn vastgesteld die voortvloeit uit de vaststelling van de begroting, is ook van toepassing op voordien ingediende aanvragen. 5. Indien reeds een hoger bedrag aan subsidie is verleend dan het bedrag dat na verlaging van de subsidieplafonds voor subsidie beschikbaar is, worden de verleende subsidies naar rato verlaagd. Artikel 2 Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking. Aldus vastgesteld in de vergadering van 15 december 2020. De burgemeester Femke Halsema De gemeentesecretaris Peter Teesink Toelichting Middels dit besluit stelt het college op grond van de Verordening op het lokaal onderwijsbeleid Amsterdam 2019 de subsidieplafonds voor het schooljaar 2021-2022 vast. Omdat de begroting voor het kalenderjaar 2022 nog door de gemeenteraad moet worden vastgesteld, worden de subsidieplafonds vastgesteld onder voorbehoud van reservering van voldoende middelen in de begroting. Op grond van artikel 4:28 van de Algemene wet bestuursrecht bepaalt het college dat Indien de subsidieplafonds na vaststelling van de begroting moeten worden verlaagd, deze verlaging ook geldt voor aanvragen die daarvoor zijn ingediend. Hiermee wordt een uitzondering gemaakt op artikel 4:27, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht.

2

Wanneer reeds een hoger bedrag aan subsidie is verleend dan het bedrag dat na verlaging van de subsidieplafonds voor subsidie beschikbaar is, worden de verleende subsidies naar rato verlaagd. Dit betekent dat alle verleende subsidies met eenzelfde percentage worden verlaagd.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9635549/1