Bijlage 2 Voortgangsrapportage MBO Agenda Jongeren Kwetsbare Onderwijspositie Onderwijs Arbeidsmarkt
Tekst van het document
Voortgangsrapportage MBO-Agenda, Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt & Uitvoeringsagenda Inzetten op jongeren in een kwetsbare onderwijspositie (JIKOP) Oktober 2021
Inhoud
1
Inleiding5
2
Reflectie7
3 Het mbo als belangrijke partner voor de maatschappelijke opgave in de stad
9
3.1 Meer en beter opleiden voor de zorg 3.2 Meer en beter opleiden voor techniek en technologie 3.3 Duurzaamheid als onderdeel van de dagelijkse (onderwijs)praktijk
9 10 13
4 Extra kansen voor succesvolle schoolloopbanen van jongeren in het mbo
15
5
6
7
4.1 Jongeren in een kwetsbare positie krijgen ondersteuning op maat 4.2 Doorontwikkeling aanpak Plusscholen 4.3 Verbeteren aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt voor entree en niveau 2-studenten 4.4 Soepele overgang vo-mbo en mbo-hbo 4.5 Inzet op stages en tegengaan van stagediscriminatie 4.5.1 Bevorderen van het aanbod van stages 4.5.2 Inzetten op gelijke kansen op stages
15 16 16 18 20 20 21
Investeren in professionalisering en innovatie
24
5.1 Professionalisering van docenten 5.2 Talentontwikkeling van mbo-studenten 5.3 Zicht op het onderwijs van de toekomst
24 25 26
Wendbaar en duurzaam inzetbaar op de arbeidsmarkt
29
6.1 Publiek private samenwerkingen 6.2 Ontwikkelen van groter aanbod voor leven lang ontwikkelen
29 30
Bijlagen33
7.1 Communicatie 33 7.2 Financiën 33 7.3 Overzicht van behaalde resultaten van de projectplannen 2019-2020 MBO-Agenda 36 ROC van Amsterdam 36 HMC39 ROC TOP 40 Mediacollege Amsterdam 41 SWV41
Schematische weergave MBO-Agenda Thema’s j Het mbo als partner voor de maatschappelijke opgave in de stad j Extra kansen voor de meest kwetsbare jongeren in het mbo j Investeren in professionalisering en innovatie j Wendbaar en duurzaam op de arbeidsmarkt
Speerpunten Bedrijf MBO
1 Investeren in sterke onderwijsteams
2 Investeren in onderwijsinnovatie en vernieuwing curriculum
3 Intensiveren samenwerking onderwijs-werkveld
Ambitie 1 Toekomstbestendig middelbaar beroepsonderwijs
4 Opzetten infrastructuur Leven Lang Ontwikkelen
Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt
MBO HBO MBO
VO
VO
5 Verbeteren overstap vo-mbo
6 Stimuleren van mbo-studenten om op te stromen en door te stromen
7 Voorkomen van verzuim en uitval door goede ondersteuning
Arbeidsmarkt
Ambitie 2
4
Optimale schoolloopbaan mbo-studenten
Voortgangsrapportage
8 Inzetten op jongeren in een kwetsbare onderwijspositie
Uitvoeringsagenda Inzetten op jongeren in een kwetsbare onderwijspositie
1
Inleiding
De gemeente Amsterdam heeft sinds 2015 met de MBO-Agenda een intensieve samenwerking met het Amsterdams mbo opgebouwd. Met de doorontwikkeling van de agenda is deze samenwerking uitgebreid met twee uitvoeringsagenda’s: Uitvoeringsagenda OnderwijsArbeidsmarkt en Uitvoeringsagenda Jongeren in een kwetsbare onderwijspositie (JIKOP). Met de MBOAgenda en de twee uitvoeringsagenda’s investeert het college van B en W 35 miljoen euro in het Amsterdams mbo in de periode van 2019 tot 2023. Met deze investeringen zetten gemeente en mbo in op toekomstbestendig middelbaar onderwijs. Dit doen we door samen te werken aan optimale schoolloopbanen voor mbo-studenten, een goede aansluiting op de arbeidsmarkt, met name op de sectoren met personeelstekorten, zoals in de sectoren zorg en techniek. Bovendien zetten we ons in voor de mbo’ers in een kwetsbare onderwijspositie. Onze ambitie is dat Amsterdamse mbo’ers in een kwetsbare onderwijspositie ondersteuning op maat krijgen. Deze ondersteuning krijgen zij zowel binnen het onderwijs, in hun zoektocht naar een passende stageplek en hun uiteindelijke werkplek. Zo stellen we mbo’ers (in een kwetsbare onderwijspositie) in staat een (zoveel mogelijk) zelfstandige positie op de regionale arbeidsmarkt te bereiken en bieden we een vangnet voor diegenen die door omstandigheden terug- of uitvallen.
Voor u ligt alweer de 6de voortgangsrapportage. Hierin rapporteren we over drie uitvoeringsjaren, beginnend met de behaalde resultaten van 20192020. Vervolgens wordt aandacht besteed aan de stand van zaken van de projecten in 2020-2021. Tenslotte blikken we vooruit op het aankomende uitvoeringsjaar (2021-2022). Deze rapportage heeft dit keer een thematische opzet. We starten met een reflectie op de zes jaar dat de MBO-Agenda nu loopt. Een reflectie op wat de MBO-Agenda en de ontstaande samenwerking heeft opgeleverd en welke aanknopingspunten er zijn voor een vervolg. De resultaten worden weergegeven via thema’s waarop de drie agenda’s met elkaar verbonden zijn: • De bijdrage vanuit het mbo aan de maatschappe lijke uitdagingen in de stad, zoals duurzaamheid en het terugdringen van personeelstekorten • Inzetten op succesvolle schoolloopbanen van jongeren, o.a. jongeren die in een kwetsbare positie verkeren • Investeren in professionalisering van docenten en innovatie van onderwijs • Wendbaar en duurzaam inzetbaar op de arbeids markt De drie agenda’s geven daar op deze thema’s, elk vanuit een ander perspectief en met andere accenten, invulling aan.
Voortgangsrapportage
5
2
Tussenevaluatie van de Amsterdamse mbo-agenda
De Amsterdamse MBO-Agenda is naar zijn doelstellingen en de schaal waarop deze worden nagestreefd uniek te noemen. ROC van Amsterdam, ROC TOP, Hout- en Meubileringscollege en Mediacollege en de gemeente Amsterdam werken intensief samen aan een gezamenlijk programma, dat is gericht op ontwikkeling van docententeams en op het realiseren van enkele gemeenschappelijke arbeidsmarktverbeteringen. Op basis van evaluatieve gesprekken met de betrokkenen komt naar voren dat de agenda de laatste jaren inhoudelijk is verbreed, maar ook dat de kunst blijft de gerealiseerde opbrengsten verder te verspreiden. Het mbo in Amsterdam bedient een omvangrijke groep van 27.000 studenten, die beroepsonderwijs krijgen op uiteenlopende niveaus. Sommige van deze studenten stromen door naar vervolg onderwijs, anderen gaan direct werken. Om de studenten perspectief te geven op een optimale talentontwikkeling is een programma opgesteld waarbij docenten zelf voorstellen kunnen doen om tot komen tot onderwijsvernieuwingen. Dit programma wordt gefinancierd door de gemeente. Bij de uitvoering zijn sleutelfiguren van de mbo-instellingen en de gemeente actief betrokken. Daardoor ontstaat verbinding tussen de werkvloer en de verantwoordelijke bestuurders en projectleiders van de mbo-instellingen, waardoor kennis en expertise gedeeld kan worden binnen en tussen organisaties.
Het programma heeft de laatste jaren meer focus gekregen. Op dit moment springen de aandacht voor de arbeidsmarktvraagstukken in de techniek en de zorg eruit, als ook het belang van duurzaam werken en handelen. De gezamenlijk opgestelde (politieke) kaders geven richting aan de uitvoering van de agenda, die vanuit de werkvloer van de scholen naar eigen inzicht ingevuld kan worden. De scholen voeren soms individuele projecten uit, maar er zijn ook projecten met een gezamenlijke ambitie. Dat creëert samenwerkingsvormen die vernieuwing van het onderwijs mogelijk maakt. De geïnitieerde projecten over de ontwikkeling van het beroepsonderwijs in relatie tot de arbeidsmarkt zouden anders niet of minder gemakkelijk tot stand zouden komen. Op deze wijze zijn meerdere omvangrijke vernieu wingen gerealiseerd. Het platform voor de creatieve industrie (Square), het practoraat Mediawijsheid, de inzet gericht op de Transformatieve school, de samenwerkingsprojecten tussen ROC TOP
en ROCvA in de gezondheidszorg, de aandacht voor duurzaamheid bij alle deelnemende scholen, en projecten gericht op kwetsbare jongeren, zijn voorbeelden van initiatieven die meerdere jaren zijn volgehouden. Bij deze meerjarige projecten komt de samenwerking op hoger niveau en wordt er volgens de betrokken bestuurders door studenten ‘dieper geleerd’ waardoor de effecten beter beklijven. Ook het stageaanbod wordt bezien. Doordat de samenwerking is doorgezet in een periode van laagen hoogconjunctuur (en tijdens de coronacrisis) weten de betrokkenen hoe er bestuurlijk gereageerd moet worden op veranderingen in het stagevraagstuk (voldoende aanbod en begeleiding van studenten). Ook het onderzoek naar schoolloopbanen, de ontwik keling van PPS-en, house of skills en de cofinanciering van het talentontwikkelprogramma Made by 020 dragen bij aan beter inzicht hoe sociale vraagstukken in de stad vanuit het beroepsonderwijs moeten worden benaderd. De afgelopen twee jaar is de agenda inhoudelijk vernieuwd door een verbreding van de samenwerking. De Amsterdamse onderwijsafdeling werkt nu structureel samen met jeugdzorg, Werk, participatie en inkomen (WPI) en Economische Zaken (EZ), gemeentelijke afdelingen die voorheen enigszins gescheiden van elkaar en onafhankelijk van het mbo opereerden.
Ter ondersteuning van de samenwerking worden conferenties en kenniskamer georganiseerd, bijvoorbeeld over de tekorten in de zorg of de tekorten in de techniek. Op deze wijze komen (toekomstige) ontwikkelingen en vraagstukken van het mbo en de gemeente bij elkaar. Samenvattend, dit subsidieprogramma van de gemeente heeft geleid tot een gezamenlijk vast gestelde agenda, onderlinge afspraken over
Voortgangsrapportage
7
verantwoording van de resultaten plus een aangescherpt kwaliteitskader mbo, dat kan leiden tot een verbetering in de klas. De gemeente is aanjager, stimulator en hoeder van het programma, de scholen worden in staat gesteld verbeteringen uit te voeren. De algemene focus is het versterken en versnellen van een innovatieve werkwijze, zo dicht mogelijk bij de doelgroepen (studenten, docenten en deelnemende bedrijven), met daarbij inzet op kennisontwikkeling. Eén van de blijvende uitdagingen is de resultaten van de ingezette verbetering blijvend te borgen. Het proces van samenwerking wordt goed gedocumenteerd, met een verantwoording van de projecten, professionele notulen voor alle scholen en een gerichte voortgangsrapportage voor de gemeenteraad. Tegelijkertijd ontbreekt het soms aan indicatoren om de opbrengsten precies vast te leggen. Een dilemma dat zich daarbij voordoet is dat projecten dicht bij de teams worden georganiseerd en daarmee laagdrempelig zijn, maar dat de inhoud voor anderen nog niet voldoende expliciet en zichtbaar wordt gemaakt.
8
Voortgangsrapportage
Dat is de volgende opgave: de kennisontwikkeling meer actief te verspreiden en aldus de ambities op sociaal- en economisch vlak en de netwerken met het voortgezet en hogere (beroeps)onderwijs te verbeteren. Dat is ook nodig om de studenten een betere studievoortgang te bieden en het thema leven lang ontwikkelen verder uit te werken, binnen het mbo en ook in de overstap van voortgezet naar middelbaar naar hoger onderwijs. Dit alles betekent dat kansen en mogelijkheden voor studenten en groepen werkzoekenden kunnen groeien door verbinding aan de sociale en economische ambities van de stad. Door de samenwerking wordt duurzame aansluiting tussen de arbeidsmarkt, maatschappij en vervolgonderwijs voorzichtig dichter bij elkaar gebracht. Het mbo wordt daarmee gepositioneerd in het hart van het regionale ecosysteem van mkb-bedrijven en maatschappelijke instellingen. Marc van der Meer Bijzonder hoogleraar Onderwijsarbeidsmarkt Tilburg Law School Onafhankelijk adviseur MBO-agenda
3
Het mbo als belangrijke partner voor de maatschappelijke opgave in de stad
De MBO-Agenda 2019-2023 is een échte Amster damse agenda, die naast realisatie van ambities en speerpunten in de MBO-Agenda, ook werkt aan de grote opgaven van deze stad. In 2019 kozen we voor focus op de thema’s duurzaamheid en de personeels tekorten in de sectoren zorg en techniek. We werken toe naar een stadsbrede aanpak op deze thema’s, waarbij projectplannen uit de MBO-Agenda op verschillende mbo-locaties als pilot uitgevoerd worden. Een stad met grote ambities Amsterdam heeft grote ambities. Zo willen we een energie neutrale en circulaire stad zijn, waar alle lagen van de samenleving met plezier kunnen wonen en werken. Werk aan deze transities vraagt, net als bij de woningbouwopgave en de aanpak van personeelstekorten in de zorg, om voldoende gekwalificeerd personeel. Werkgevers, onderwijs en de gemeente Amsterdam werken daarom samen om meer jongeren en zij-instromers te laten kiezen voor een opleiding of beroep in deze sectoren. Dat gaat veelal via projecten en samenwerkingsverbanden van meerdere onderwijs- en kennisinstellingen, bedrijven en brancheorganisaties. Het mbo en de mbo’er zijn hierbinnen een belangrijke partner in deze opgaven.
3.1 Meer en beter opleiden voor de zorg De zorgsector staat al langere tijd onder druk. Voor de coronacrisis was er al een tekort aan personeel in de zorg en dat is er nog steeds. De werkdruk is er hoog en instroom van nieuwe medewerkers laag. Tegelijkertijd zorgt vergrijzing ervoor dat de zorgvraag verder toeneemt. De COVID-19 pandemie heeft de tekorten aan kundige zorgprofessionals blootgelegd en hun belang bevestigd. De afgelopen vijf jaar is aantal vacatures in Noord-Holland en Flevoland jaarlijks toegenomen.1 De werkdruk en het personeelstekort zorgen ook voor een tekort aan stageplekken en
1 https://www.sigra.nl/uploads/2021-06/Vacaturepeiling%20 voorjaar%202021%20Sigra%20VBZ%20en%20Zowelwerk.pdf
-begeleiding, wat leidt tot een vicieuze cirkel. Om deze te doorbreken zijn vanuit de MBO-Agenda en de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt een aantal projecten en ontwikkelingen gestart. Deze zijn gericht op het vergroten van de instroom voor de zorgsector, het leveren van meer stageplekken en aanbieden van betere begeleiding op de werkvloer voor stagiaires en zij-instromers. Een korte beschrijving van een aantal van deze ontwikkelingen/ projecten: • Project extra hybride leeromgevingen in de zorg. In dit project worden 100 structurele leer-/werk plekken voor mbo’ers in de zorg gecreëerd. ROCvA en ROCTOP zijn intensief betrokken bij de begeleiding van deze studenten, om zo druk zorgpersoneel te ontlasten. Dit project is gestart in januari 2020 en vanuit de MBO-Agenda is hiervoor ruim € 500.000 beschikbaar gesteld. • Nieuwe publiek-private samenwerking; ‘de mbo’er sociaal werk in sociaal domein’. Zes jaar geleden is met middelen uit de MBOAgenda gestart met buurtverbindingsprojecten op twee locaties in de stad. Het doel hiervan was om in eerste instantie extra stageplaatsen voor mbo’ers in de welzijnssector te creëren. In 2019-2020 hebben bij het civic lab 20 mbo-studenten stage gelopen, zij hebben 70 kwetsbare buurtbewoners individueel ondersteund bij hun hulpvraag.
Gaandeweg hebben de betrokken roc’s en welzijns organisaties een andere manier van opleiden ontwikkeld, die beter aansluit bij de huidige maatschappelijke vraag. Toekomstig welzijns medewerkers zijn hier behalve generalist ook specialist van bepaalde thema’s die in de wijk/buurt leven, zoals eenzaamheid, culturele sensitiviteit of onbegrepen gedrag. Vanuit de wens om door te gaan met de buurtverbindingsprojecten en dit nieuwe onderwijs, is het initiatief genomen om een nieuwe publiek-private samenwerking te starten: ‘de mbo’er sociaal werk in sociaal domein’. Voor verdere uitbreiding en borging van dit project heeft het Regionaal Investeringsfonds een subsidie van € 3.875.130 verleend. Zowel de betrokken mbo-
Voortgangsrapportage
9
instellingen, welzijnsorganisaties als de gemeente dragen bij. Vanuit de MBO-Agenda bedraagt dit € 110.000 en vanuit de Uitvoeringsagenda OnderwijsArbeidsmarkt € 200.000.
“Er is een grote behoefte aan mbo’ers die het ambacht in de wijk willen leren. Als partner binnen deze samenwerking kunnen we meedenken en werken aan een kruis bestuiving tussen onderwijs en praktijk. Daarnaast kunnen we een mooie bijdrage aan dit belangrijke maatschappelijke vraagstuk.” Dick Gaastra van Loon, directeur Eigenwijks
• Het Slotervaartcentrum voor Zorg & Welzijn voor oriëntatie en stages In het voormalig Slotervaart ziekenhuis is in juni 2021 het Slotervaartcentrum voor Zorg & welzijn geopend. Hierin hebben ROCvA en ROC TOP extra praktijkruimte voor verschillende zorgopleidingen ingericht. Twee projectplannen van de MBO-Agenda 2021-2022 gaan hier uitgevoerd worden: – Als oplossing voor de tekorten aan stageplekken en begeleidingscapaciteit bij zorgorganisaties, starten ROCvA en ROC Top in 2021-2022 met het projectplan ‘Scenarioleren en stagesimulatie’. Als alternatief voor reguliere stages doen studenten praktijkervaring op via simulaties en scenarioleren in de zorg. Ook biedt dit een mogelijkheid voor zorgprofessionals om hun vaardigheden te trainen in complexe zorg situaties en zich zo te blijven ontwikkelen. – Voor zij-instromers in de zorg start in het najaar van 2021 een oriëntatieprogramma. Dit programma duurt tussen de 6 en 20 weken en geeft zij-instromers de mogelijkheid om kennis te maken met diverse domeinen binnen de zorg. Het programma is toegankelijk voor studenten van mbo niveau 2 tot en met hbo. Na afronding ontvangen zij een certificaat voor basisvaardigheden binnen de zorg. Dit oriëntatieprogramma is ook onderdeel van het Transferpunt Zorg en Welzijn.
Dat is een regionaal samenwerkingsverband van ROCvA, ROCTOP, NovaCollege, HvA, Inholland, gemeente Amsterdam, House of Skills, Sigra, UWV, WSP en het Regionaal werkcentrum Amsterdam. Het punt
10
Voortgangsrapportage
dient als richtingaanwijzer voor iedereen die een overstap naar de zorg overweegt. Met behulp van digitale instrumenten zoals de Zorgscan en het oriëntatieprogramma krijgen zij snel duidelijkheid of werken in zorg of welzijn bij hen past, welke functie aansluit op hun talenten en welke opleidingstrajecten daarvoor gevolgd moeten worden. • Mogelijkheden van verkorte zijstroomopleiding Jeugd- en Gezinsprofessional Ook in de jeugdzorg is sprake van een personeels tekort. De opleiding voor jeugdprofessional is een vierjarige bachelor Social Work. Professionals met een verwante opleiding of verouderd diploma kunnen een maatwerktraject volgen. Maar voor gemotiveerde werkzoekenden uit andere sectoren, met al een flinke set passende vaardigheden in huis, is er behalve de volledige opleiding geen toegankelijk alternatief. Veel potentiële overstappers worden hierdoor afgeschrikt. Met financiële ondersteuning vanuit de MBO-Agenda, onderzoekt de HvA daarom de mogelijkheden van een verkorte opleiding waar door zij-instromers binnen één jaar de vereiste opleidingseisen en hun Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ) registratie kunnen behalen. Mede door deze ondersteuning is de opleiding ook toegankelijk voor mbo’ers. De HvA en haar partners starten in het najaar van 2021 met de uitvoering en opstart van dit traject. Daardoor kunnen al in februari 2022 de eerste zij-instromers starten.
3.2 Meer en beter opleiden voor techniek en technologie Het is al jaren bekend; de vraag naar technisch personeel is groot en neemt nog flink toe, maar de beschikbaarheid van gekwalificeerde mensen blijft achter. De energietransitie, de digitalisering van samenleving en de opgave om Amsterdam duurzamer te maken, laten allen de noodzaak van meer technisch personeel zien. In (Metropoolregio) Amsterdam werken het bedrijfsleven, het beroeps onderwijs en de overheid daarom intensief samen om het tekort aan technici terug te dringen. Dit door bijvoorbeeld meer jongeren en (zij-)instromers te verleiden om te kiezen voor een (studie-)loopbaan in techniek en technologie. Vanuit de MBO-Agenda en de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt wordt geïnvesteerd in diverse projecten gericht op loopbaanoriëntatie, het vergroten van de (zij)-instroom, en het versterken
van het techonderwijs zodat het aansluit bij de vraag van de arbeidsmarkt. Hieronder een volgt een korte beschrijving van een aantal ontwikkelingen/projecten. • Kiezen voor techniek: door coronacrisis beperkte mogelijkheden voor loopbaanoriëntatie Sinds 2020 verbinden kennismakelaars Amsterdamse basisscholen aan externe (onderwijs)organisaties, die deze scholen vervolgens helpen om hun Wetenschap, Techniek & Technologie (WTT) lesaanbod te versterken. De fysieke schoolsluiting tijdens de coronacrisis heeft invloed gehad op de uitvoering, omdat op een aanzienlijk aantal scholen geen externe partijen meer werden toegelaten. Hierdoor zijn doel stellingen om meer scholen te matchen aan WTTonderwijsaanbieders, en meer jongeren in aanraking te laten komen met WTT onderwijs, gestagneerd. In het schooljaar 2020-2021 was de doelstelling dat 60 scholen worden gematcht. Tot nu toe zijn er echter 80 scholen benaderd, lopen er 5 matchings procedures en zijn 32 matches gerealiseerd.
timmerlieden tot goed opgeleide werkvoorbereiders. Samen met kennisinstituut TNO is in april 2021 een REACT EU subsidie van € 1,5 miljoen toegekend aan de BouwAcademie Amsterdam. Hiermee kan zij een vliegende start maken. Vanuit de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt is financiering beschikbaar gesteld voor het aanstellen van een kwartiermaker. Wat bijzonder is aan de Bouwacademie is dat innovatie in het onderwijs wordt gecombineerd met technische innovatie die nodig is om de opgaven van de stad en regio te realiseren. Deze veelbelovende sociale innovatie wordt in de wereld van de bouw nog nauwelijks toegepast.
“Als verenigde bouwbedrijven zijn wij ons ervan bewust dat een deel van de ontwikkeling van de nieuwe generatie vakkrachten in onze bedrijven plaats zal vinden. We zullen er alles aan doen om deze leerlingen een veilige en uitdagende leerwerkplek te bieden.”
In juni 2020 heeft het ROCvA samen met Tech Campus Amsterdam het loopbaanoriëntatie en -begeleidingsprogramma TechIslands opgezet. Dit zou in het schooljaar 2020/2021 aan de Amsterdamse vmbo-scholen worden aangeboden. Door de corononacrisis zijn veel activiteiten echter geannuleerd of niet goed van de grond gekomen. De gestelde ambitie om jongeren in aanraking te brengen met techniek en technologie is hierdoor niet behaald. In april 2021 heeft wel een succesvolle eerste pilot gedraaid waardoor gekozen is om Techlslands voort te zetten.
• Versterkte samenwerking en minder versnippering door het Masterplan Techniek MRA 2.0 Vanuit Masterplan Techniek Amsterdam 1.0 hebben in de periode 2019-2020 een aantal grote en succesvolle techniekprojecten in basisonderwijs, voortgezet onderwijs en mbo/hbo gedraaid. Een groot deel van de uitvoering van deze projecten is inmiddels overgenomen door het onderwijs.
• De nieuwe BouwAcademie brengt onderwijs en bouwsector samen In februari 2021 hebben de gemeente, het ROCvA en Bouwend Nederland, Bouwmensen Amsterdam een overeenkomst ondertekend voor de vorming van een nieuwe publiek-private samenwerking: de ‘BouwAcademie Amsterdam’. Het doel van deze samenwerking is om gezamenlijk dé state-of-theart leer-, werk-, en innoveeromgeving voor Bouw in de regio Amsterdam te realiseren. De locatie van Bouwmensen Amsterdam in Diemen wordt hiervoor verbouwd tot een modern gebouw waar studenten kennis op kunnen doen van de allerlaatste bouwtechnieken, welke aansluiten op de behoefte van het bedrijfsleven. De BouwAcademie biedt onderwijs vanaf opleidingsniveau 1 t/m niveau 5. Voor bouwbedrijven betekent dit van assistent-
Met de doorontwikkeling naar Masterplan Techniek 2.0 in 2020 is het accent verlegd naar versterking van de samenwerking tussen alle partijen in de techniek- en techsector in de Metropoolregio Amsterdam. De afgelopen jaren is een wildgroei aan talentontwikkeling initiatieven ontstaan. Gebrek aan overzicht hierop maakt het voor betrokken partijen lastig om bij te dragen of te profiteren van al deze initiatieven. Dit kan leiden tot inefficiënt gebruik van middelen, gefragmenteerde oplossingen, het opnieuw uitvinden van het wiel of blinde vlekken in talentontwikkeling. Vanuit het Masterplan worden al deze partijen ondersteund en gestimuleerd om hun krachten te bundelen. Er worden jaarlijks twee thematische sessies georganiseerd, waar partijen elkaar ontmoeten en tot concrete samenwerkingsafspraken komen.
Martin Eman, voorzitter Amsterdamse afdeling Bouwend Nederland
Voortgangsrapportage
11
Twee recente ontwikkelingen zijn: • Arbeidsmarkt Samenwerkingsnetwerk Techniek Amsterdam (ASTA) ASTA is opgericht in het najaar van 2020 om de zijinstroom te bevorderen van mensen in technische beroepen gerelateerd aan klimaatdoelstellingen en de energietransitie. ‘Meer zij-instroom’ is een vraagstuk dat niet zomaar kan worden opgelost. Er zijn veel partijen in de stad die zich hiermee bezighouden en actief zijn met werving, selectie, matching en begeleiding van bedrijven en kandidaten. ASTA brengt deze partijen samen en verbindt alle schakels om zo op een praktische en doelgerichte manier de krachten te bundelen. We gebruiken de ASTA- structuur ook voor het bouwen van opleidings- en instroomtrajecten voor de zes duurzame motoren2. 52 kandidaten vonden tot nu toe via het ASTA netwerk een leerwerkplek.
“Als Vattenfall zien wij kansen om mensen aldoende te laten leren, zodat er meer ruimte komt voor zij-instromers.” Martijn Hagens, CEO, Vattenfall
• Talent Ontwikkeling, Match & Select (TOMAS) TOMAS (vraaghettomas.nl) is een matching platform voor talentontwikkeling. Het biedt een gedetailleerd overzicht van alle scholingsinitiatieven in de techniek en technologie in Metropoolregio Amsterdam. Door al deze initiatieven inzichtelijk en toegankelijk te maken, komt vraag en aanbod bij elkaar, weten partijen elkaar te vinden en komen investeringen, samenwerkingen en plannen écht van de grond. Op het ‘impact forum’ kunnen initiatieven aangeven wat zij aan samenwerking zoeken of aanbieden: partnerschappen, stages, talent, expertise, financieringsmogelijkheden, beurzen, plaatsing van studenten etc. Geïnteresseerde partijen kunnen zo makkelijk contact opnemen of suggesties doen. Vanaf 2020 is het platform ontwikkeld door de HvA, gemeente Amsterdam en de Amsterdam Economic Board. Tot nu toe staan de data van circa 120 opleidingsinitiatieven hierop. Vanaf september 2021 is het platform officieel live.
2 Duurzame Stad, Duurzame Banen - Uitvoeringsagenda 2021-2022
12
Voortgangsrapportage
“Het is in ieders belang dat ook werkgevers investeren in het talent van de toekomst. Als partner zijn we gezamenlijk onderdeel van een oplossing die bijvoorbeeld het tekort aan informaticadocenten het hoofd kan bieden.” Corinne Vigreux, oprichter TomTom en Codam College
• Meer zij-instroom via Certificeerbare Eenheden Begin 2021 zijn acht zij-instroom-kandidaten gestart met de pilot van certificeerbare eenheid (CE) “Basisonderhoud aan toestellen werktuigkundige installaties”. Een certificerende eenheid is een klein onderdeel van een mbo kwalificatie en wordt apart geëxamineerd. Alle kandidaten zijn geslaagd en starten na de zomervakantie met hun BBL-opleiding bij het ROCvA. Inmiddels is de pilot uitgebreid en hebben 24 studenten deze CE doorlopen. 100% is geslaagd, 80% van deze groep is gestart met een BBL- opleiding , de rest (20%) is aan het werk in de installatiebranche. Deze pilot is een samenwerking tussen ASTA, installateur Bonarius en het ROCvA/de Vakschool Technische installaties. Inmiddels is gestart met ontwikkeling van de nieuwe CE op niveau 3, “het monteren en in bedrijf stellen van hybride warmtepompen”, voor werknemers in de branche. • Studenten lossen de digitaliseringsvraag op van bedrijven In 2020 is het driejarige programma MKB Digital Workspace (MDW) gestart. Vanuit de Uitvoerings agenda Onderwijs-Arbeidsmarkt is € 300.000 aan bijgedragen. Binnen dit programma gaan ondernemers en studenten samen aan de slag met concrete digitale uitdagingen. De studenten worden begeleid vanuit het onderwijs, de ondernemer wordt begeleid door het MDW team.
Deelnemende onderwijsinstellingen zijn ROCvA, Media College Amsterdam, NOVA College, HvA, InHolland, VU en UVA. Het MDW bevindt zich in het tweede jaar van de drie jaar lopende subsidie en heeft het afgelopen jaar te maken gehad met een groeiende vraag vanuit mkb ondernemers. De coronacrisis heeft de noodzaak om digitaal actief, zichtbaar en toegankelijk te zijn vergroot. De voorbeelden zijn bekend; een restaurant ging bezorgen en moest snel een aantrekkelijke website ontwikkelen en zich actief promoten op sociale media of een winkel wilde meer omzet maken via een webshop. Veel ondernemers hebben hier
onvoldoende expertise voor en klopten aan bij MDW. De vraag was groter dan het onderwijs kon faciliteren. Dit leidde tot een verbreding van het programma met een extra traject: de betaalde bijbaan. Het MDW bood voorheen twee trajecten aan: groepsbijeenkomsten om ondernemers te informeren en adviseren, en 1-op-1 trajecten waarbij studenten als onderdeel van hun lespakket een (groeps) opdracht vervulden bij een mkb bedrijf. Het komende jaar komt daar een aanvullend traject bij. Studenten die een 1-op-1 traject hebben afgerond, krijgen de mogelijkheid om tegen betaling aanvullende opdrachten te doen. De studenten worden tijdens dit traject bijgestaan en gecoacht door een docent. Tot nu toe zijn 475 ondernemers ondersteund en geholpen met hun digitaliseringsopgave(n). Hieraan hebben 696 studenten deelgenomen. • Studievoorschotten voor Techtalent Er zijn veel kansen in de Tech. Dus veel (jong) volwassen overwegen om zich te laten omscholen. Maar een nieuwe opleiding kan een grote stap zijn. Zeker het een eigen financiële investering vraagt, je geen studiefinanciering kunt aanvragen en andere kosten ook gewoon doorlopen. Daarom is in 2020 gestart met een pilot voor het opleidingsfonds TechMeUp.
Dit fonds geeft financiële voorschotten (leningen) om studiekosten te kunnen betalen maar ook voor andere kosten zoals reiskosten, de aanschaf van een laptop, of andere kosten van levensonderhoud. Vanuit de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt is in samenwerking met Startup Amsterdam de opzet van dit fonds ondersteunt met een bijdrage van € 50.000. Door complexe regelgeving rond het oprichten van een fonds heeft het opzetten ervan langer geduurd dan gepland. Maar het resultaat van het eerste jaar is dat, dankzij verschillende donaties van private partijen, het fonds is gegroeid tot € 410.000 waarvan nu € 96.000 is uitgeleend. 25 studenten volgen een studie aan één van de private tech opleiders in de stad dankzij een lening uit het TechMeUP fonds en één persoon heeft een studie doorlopen en vervolgens een baan in de sector gevonden.
3.3 Duurzaamheid als onderdeel van de dagelijkse (onderwijs)praktijk Met het kiezen voor duurzaamheid als focusthema binnen de MBO-Agenda, wordt duurzaamheid
binnen de mbo’s verder aangejaagd. Het thema leeft er en we zien veel projectplannen op dit gebied ontstaan. De mbo’s zijn bezig de studenten, docenten en bedrijven meer bewust te maken en tegelijkertijd concreet aan de slag te gaan in de praktijk. Duurzaamheid in de smalle betekenis betreft activiteiten die we ondernemen om geen blijvende schade toe te richten aan het milieu, zoals bijvoorbeeld inzet voor een circulaire economie. In de brede zin wordt vaak verwezen naar de ‘Sustainable Development Goals’ (SDG’s) van de Verenigde Naties. In 2019-2020 hebben de mbo’s verschillende duurzaamheidsprojecten uitgevoerd. Het Hout en Meubileringscollege (HMC) is een echte voorloper op dit thema. Zij zijn bezig geweest om duurzaam heid in hun visie te verweven via een bottom-up approach. Dit resulteerde in verschillende workshops, kennissessies, brainstorms en uiteindelijk een duur zaam Expo huis waarin studenten laten zien hoe ze duurzaamheid verwerken in hun werkstukken. ROCvA heeft met het project ‘Duurzaamheid’ het thema opgenomen in beleid, handelen en kwaliteits borgingsprocessen, met als doel deze SDG-proof te maken. In 2020-2021 hebben zij met het project ‘Go Donut’s ’ het duurzaamheids-denken in de organisatie verankerd.
Ook ROC TOP heeft in 2020-2021 op dit thema doorgepakt doordat ze themaweken georga niseerd hebben om studenten meer te leren over duurzaamheid & circulariteit. Ook in 2021-2022 gaan de mbo’s verder met het creëren van bewustzijn bij studenten, docenten en bedrijven. Zij blijven zich inzetten om duurzaamheid onderdeel te maken van hun dagelijkse praktijk. Zo werken studenten van ROCvA via de ImpactSpot Zuidoost aan praktijkopdrachten over duurzaamheid, circulariteit en inclusie. HMC werkt aan het gebruik van restmateriaal voor praktijkopdrachten en wil de branche verder verduurzamen.
“We hebben hier enorm getalenteerde studenten. Zij kunnen alleen uitblinken als het goed met ze gaat. En ook daar willen we met ons brede duurzaamheidsbeleid een basis voor leggen. Het zijn grote vraag stukken waar we het over hebben. Het is allemaal niet in één dag opgelost. Maar het vraagt continu aandacht.” Tessa Kramer, duurzaamheidscoach, Mediacollege Amsterdam
Voortgangsrapportage
13
4
Extra kansen voor succesvolle schoolloopbanen van jongeren in het mbo
In Amsterdam willen we alle jongeren de kans geven om hun potentieel te ontwikkelen. Onderdeel daarvan is dat iedereen kansen verdient, onafhankelijk van hun achtergrond. Zowel bij de overstappen in het onderwijs, tijdens hun opleiding als bij hun overstap naar de arbeidsmarkt. Helaas is dit nog niet altijd het geval in de praktijk. Sommige mbo-studenten hebben meer moeite om een stageplek3 te vinden. Zelfs in tijden van economische groei blijft het voor een deel van de mbo-afgestudeerden lastig om een baan te vinden4. Het is belangrijk dat jongeren in een kwetsbare onderwijspositie de kans krijgen om een zo zelfredzaam mogelijk bestaan op te bouwen. Om bij te dragen aan gelijke kansen in de stad wordt daarom gewerkt aan een brede set initiatieven. Onder jongeren in een kwetsbare onderwijspositie verstaan we drie groepen studenten: studenten op Entree of niveau 2 opleidingen, mbo-studenten die onder de definitie van het ministerie van OCW voor jongeren in een kwetsbare positie vallen en overbelaste studenten die onderwijs volgen op een van de Plusscholen. In Metropoolregio Amsterdam worden zij in staat gesteld om een startkwalificatie te behalen en een zoveel mogelijk zelfstandige positie op de regionale arbeidsmarkt te verwerven. Ook is er een vangnet voor zij die door omstandigheden terugof uitvallen.
4.1 Jongeren in een kwetsbare positie krijgen ondersteuning op maat Om ál het talent in de stad tot bloei te laten komen zetten we ons in voor jongeren die van school dreigen uit te vallen voordat zij hun startkwalificatie behaald hebben. Voor kwetsbare jongeren die al (verschillende keren) zijn uitgevallen zijn er de Amsterdamse Plusscholen. Deze jongeren zijn onder andere kwetsbaar door armoede, criminaliteit,
3 https://www.verwey-jonker.nl/publicatie/ongelijke-kansen-op-destagemarkt/ 4 Dit blijkt uit de tussenmonitor van SEO en Verweij Jonker Instituut (2021) naar het effect van de coronamaatregelen op de overgang onderwijs-arbeidsmarkt. Mbo-studenten zien hun kansen om een baan te vinden relatief gezien harder dalen dan hbo en wo’ers.
uitbuiting en thuisloosheid. De aanpak van de Plusscholen is een samenwerking tussen ROC TOP, ROCvA en de gemeente. De Plusscholen krijgen extra financiering om 550 jongeren kleinschalig onderwijs en begeleiding te bieden voor een complexe doelgroep. De onderwijsteams van de Plusscholen zijn niet zomaar docenten. Zij zijn in staat om een vertrouwensband met jongeren op te bouwen, hen weer tot leren te brengen en toe te werken naar het vinden van een zelfstandige plek in de samenleving. Al voor corona hadden zij een persoonlijke band met hun studenten en waren zij 24/7 bereikbaar. Hoe waardevol deze inzet is bleek des te meer tijdens de lockdown: per student keken zij wat er nodig was. Dat betekende dat zij een combinatie van online en fysiek onderwijs hebben gerealiseerd. In dit uitdagende jaar hebben de Amsterdamse Plusscholen in totaal 730 jongeren begeleid. Dat op zich is al een enorme prestatie. Bovendien hebben 263 jongeren hun diploma in 2020 behaald. Voor 237 studenten is het niet gelukt om hun diploma te behalen of hun opleiding voort te zetten. Deze jongeren worden gemonitord door het Jongerenpunt. Daarnaast hebben de onderwijsteams door middel van twee gezamenlijke online studiedagen gewerkt aan kennisdeling en professionalisering.
“Samen met een collega hebben we goodiebags gemaakt met leuke dingen vol positiviteit. We belden aan bij leerlingen en gaven de goodiebags. Leerlingen schoten in tranen: ‘U bent de enige die nu aan me denkt’.” Docent tijdens de studiedag
Passende begeleiding op school is voor deze jongeren in het bijzonder van groot belang. Tegelijkertijd is de constatering dat de Rijksbijdrage voor het mbo niet toereikend is om de groeiende groep studenten in een kwetsbare positie op te vangen. In het bijzonder bij de niveau 2 opleidingen
Voortgangsrapportage
15
schiet de bekostiging tekort. In Amsterdam inves teren we extra in deze groep en zetten we ons in om de scholen te ondersteunen. De behoefte aan goede begeleiding en extra inzet op niveau 2 is groot. Daarom agenderen we dit bij de betreffende ministeries. Dankzij de extra bijdrage van de gemeente laten we in Amsterdam zien welke inzet nodig en mogelijk is.
4.2 Doorontwikkeling aanpak Plusscholen Om jongeren in een kwetsbare onderwijspositie nog beter op te kunnen vangen is in 2020 het onderzoek ‘Zicht op kansen’ gepresenteerd. In dit onderzoek naar de Plusscholen is gekeken naar de sterke- en ontwikkelkanten op het gebied van het aanbod, de behoeften van studenten en hoe het studenten na de Plusschool vergaat. Dit heeft belangrijke inzichten opgeleverd waar we komend jaar met de ROC’s vervolg aan geven. De eerste stappen zijn al gezet: in het najaar van 2021 inventariseren we hoe de meest kwetsbare mbo-studenten de beste kansen op de arbeidsmarkt krijgen. In de eerste helft van 2022 gaan we in de samenwerking gemeente, ROC TOP en ROCvA aan de slag met de aanbevelingen die passen bij de locaties, studenten en onderwijsteams. Vanuit de gemeente maken we concrete stappen door ook jongeren met een niveau 2 diploma begeleiding bij het vervolgtraject aan te bieden. Daarnaast is het een gedeelde ambitie om voor alle jongeren in een kwetsbare onderwijspositie een passend onderwijsaanbod te realiseren. Door middel van een doelgroepenanalyse brengen we samen met de scholen knelpunten in de onderwijsloopbanen van verschillende groepen studenten in kaart. Dit sluit ook aan bij de observatie van het kabinet dat een ketenaanpak, langetermijnvisie en regionale samenwerking5 nodig is voor jongeren in een kwetsbare onderwijspositie.
Tegelijkertijd is de conclusie dat dit nog te vaak ontbreekt. In Amsterdam zetten we met de bestaande samenwerking tussen onderwijs en gemeente de juiste stappen. Met de verschillende agenda’s
zetten we in op samenwerking tussen onderwijs, arbeidsmarkt en het aanbod van de gemeente. De Plusscholen zijn al een best practice op dit vlak. De komende periode faciliteren we de scholen om deze aanpak verder te ontwikkelen.
4.3 Verbeteren aansluiting onderwijsarbeidsmarkt voor entree en niveau 2-studenten Jongeren in een kwetsbare onderwijspositie hebben vaak ook een afstand tot de arbeidsmarkt. Dit maakt hun overgang van onderwijs naar werk kwetsbaar. Zij raken hierbij nog te vaak buiten beeld.6 Om deze groep een betere kans op een zelfredzaam bestaan te geven, worden maatregelen vanuit het Rijk verwacht. In Amsterdam wordt alvast op een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en wordt extra ondersteuning bij de overgang van school naar werk geboden. Dit door middel van Jobcoaches, het Jongerenpunt en deelname aan een aantal pilots om de Amsterdamse werkwijze te versterken. Jobcoaches W&R De Jobcoaches van W&R zorgen voor extra bege leiding bij het vinden en behouden van werk voor jongeren uit een kwetsbare onderwijspositie. Zij worden bekostigd uit het Werkgeversservice Punt (WSP). In schooljaar 2019-2020 hebben PrO (praktijk onderwijs), vso (voortgezet speciaal onderwijs) en het mbo minder jongeren voor een jobcoach aangemeld. Dit heeft waarschijnlijk met de coronamaatregelen en het toelatingsrecht te maken. In 2019 zijn 49 jongeren vanuit het mbo begeleid, waarvan een meerderheid een PrO/vso achtergrond had. In 2020 hebben de jobcoaches 25 jongeren uit het mbo begeleid.
Gemeente Amsterdam onderhoudt nauw contact met de scholen om te zorgen dat de inzet van de gemeente aansluit bij hun behoeften. Sluitende aanpak Jongerenpunt Aan iedere Amsterdamse locatie van het PrO, vso en mbo wordt een Jongerenadviseur en/of jobcoach gekoppeld die begeleiding kan bieden bij uitval of uitstroom. Dit noemen we een sluitende aanpak van het Jongerenpunt waarmee zij integrale ondersteuning bieden.7 Deze adviseur komt in
6 Interdepartementaal beleidsonderzoek Jongeren met (risico op) 5 Dit komt naar voren in zowel de derde onderwijs-zorg brief van het kabinet als de voortgangsrapportage over de maatregelen uit het IBO Jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt.
16
Voortgangsrapportage
een afstand tot de arbeidsmarkt, 2019. 7 Kabinetsreactie interdepartementaal beleidsonderzoek jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt, 2019
actie wanneer een student dreigt uit te vallen. Ook voor studenten die hun diploma hebben behaald maar uitstromen in een kwetsbare positie, is de jongerenadviseur tijdig in beeld. Zo wordt voorkomen dat jongeren werkloos thuis komen te zitten. Een van de uitdagingen is dat op de Amsterdamse ROC’s jongeren vanuit de hele regio te vinden zijn. Bij de begeleiding van de jongeren is daardoor ook een regionale samenwerking nodig. Het mag immers niet zo zijn dat jongeren van hetzelfde ROC een ander aanbod voor begeleiding naar werk, hulpverlening of school krijgen afhankelijk van de regio waar zij wonen. Komend jaar versterken we daarom ook de samenwerking met omliggende gemeentes. Ondersteuning van bedrijven bij begeleiding op de werkvloer De gemeente en MBO College West van ROCvA zijn in 2019 een pilot gestart om studenten met een PrO/vso achtergrond te ondersteunen bij hun ambitie om door te leren. Met ROCvA, W&R en het Werkgeversservicepunt is daarom traject ontwikkeld op niveau 2 in de zorg. Studenten begonnen in het eerste leerjaar met een stage, ondersteund door de jobcoaches van de gemeente. De ambitie was om in deze stages om te zetten naar BBL-plekken, maar door een combinatie aan factoren is dat beperkt gelukt.
De complexiteit van de werkzaamheden, drukte in de zorg en beperkte arbeidsmarktperspectieven in de zorg op niveau 2, heeft deze pilot niet geleid tot extra arbeidsplekken voor deze jongeren. De geleerde lessen zijn wel waardevol voor de werkwijze komend schooljaar. Met de opgedane inzichten kijken onderwijs en gemeente samen naar het uitbreiden van al bestaande Entree BBL-trajecten. PPS Talentontwikkeling Amsterdam De recente coronacrisis heeft laten zien dat specifiek mbo-studenten en mbo-geschoolden extra kwetsbaar zijn als het economisch minder voor de wind gaat.8 We zetten daarom op diverse manieren in op een soepele overgang tussen onderwijs en arbeidsmarkt. In 2020 is de publiek-private samenwerking (PPS) Talentontwikkeling Amsterdam van start gegaan.
8 Dit blijkt uit de tussenmonitor van SEO en Verweij Jonker Instituut (2021) naar het effect van de coronamaatregelen op de overgang onderwijs-arbeidsmarkt. Mbo-studenten zien hun kansen om een baan te vinden relatief gezien harder dalen dan hbo en wo’ers.
De komende vijf jaar (2020-2025) werken ROC TOP, ROCvA, het bedrijfsleven en de gemeente samen aan een goede start op de arbeidsmarkt voor jongeren op Entree en niveau 2. Het project wordt middels het Regionaalinvesteringsfonds (RIF) van het Rijk met cofinanciering van de gemeente Amsterdam gerealiseerd. Het project richt zich op de sectoren commercieel, zorg & welzijn, facilitaire dienstverlening en bevei liging. Studenten van deelnemende opleidingen maken tijdens hun opleiding kennis met het werk veld en leren in de praktijk. Tegelijkertijd maken bedrijven kennis met wat deze doelgroep te bieden heeft. Bij de start van de PPS Talentontwikkeling zag de regionale arbeidsmarkt er compleet anders uit dan waar bij de aanvraag vanuit was gegaan. Van krapte op de arbeidsmarkt begin 2020 gingen we naar een lockdown, thuiswerkadvies en een anderhalvemeter samenleving. Dit heeft effect gehad op de start: scholen moesten veel inzet plegen op het organiseren van het (online) onderwijs en bedrijven hadden niet altijd meer de mogelijkheid studenten te ontvangen. Desondanks zijn de instellingen actief gestart met de ontwikkeling van keuzedelen en certificaten. Jongeren die niet in staat zijn om een diploma te behalen, kunnen met een certificaat toch de arbeidsmarkt op. Tenslotte is onderzoek gedaan naar effectieve begeleiding voor verschillende doelgroepen op niveau 2.
Dit is de eerste PPS in de MRA voor de doelgroep Entree en niveau 2. De kennis en expertise die wordt opgedaan zijn waardevol en van belang om de doelgroep te faciliteren bij het behalen van het diploma en een zo’n goed mogelijk goede start op de arbeidsmarkt te geven. De ambitie is hoog en er zijn uitdagingen bij deze doelgroep. Het project laat zien dat pionieren nodig is en de partijen hierin niet terughoudend zijn. Afronding pilot motie Kwint/Ozdil Voor jongeren met een startkwalificatie is structureel en duurzaam werk niet vanzelfsprekend. Met de pilot motie Kwint/Ozdil is daarom ingezet op een soepelere overgang naar de arbeidsmarkt na het behalen van de startkwalificatie. Deze pilot liep van september 2018 tot 2020. Conform de motie
Voortgangsrapportage
17
Flentge9 heeft de gemeente meegedaan met deze landelijke pilot. Voor het college Centrum en college Zuidoost van het ROCvA zijn docenten en jobcoaches van de gemeente beschikbaar gesteld die jongeren voor en na hun diploma begeleiden. Deze pilot heeft ons geleerd hoe belangrijk het is om op tijd te beginnen met de voorbereiding op de arbeidsmarkt. Dankzij dit inzicht voeren de betrokken docenten nu eerder het gesprek over de periode nadat studenten hun diploma halen. Dit zorgt ook voor veranderingen binnen de opleiding en heeft duidelijk gemaakt dat docenten behoefte hebben aan een netwerk van partners buiten de school met verstand van de doelgroep. Hieraan is vervolg gegeven door jobcoaches van de gemeente in te zetten voor Entree en niveau 2 studenten. Deze inzet is door de scholen als erg waardevol ervaren. Tijdens deze pilot is er ook een nauwe en waardevolle samenwerking ontstaan tussen de Amsterdamse ROC’s en het gemeentelijk Jongerenpunt van Werk, Participatie en Inkomen (WPI). Deze samenwerking wordt steeds verder uitgebreid. De geleerde lessen worden meegenomen in de doorontwikkeling van de sluitende aanpak van het Jongerenpunt. Zo kunnen studenten en docenten laagdrempelig terecht voor vragen, adviezen en extra begeleiding.
4.4 Soepele overgang vo-mbo en mbo-hbo Overgangen in het onderwijs worden gezien als schakelpunten in de onderwijsloopbaan van jongeren. Het geeft sommige leerlingen de kans om op een hoger niveau terecht te komen. Een overgang kan helaas ook juist een belemmering in de onderwijsloopbaan zijn, wanneer iemand op een niveau terecht komt dat niet passend is en daardoor geremd wordt in zijn of haar ontwikkeling.
Daarom is er extra aandacht voor de kwetsbare over stappers: jongeren die vanuit het praktijkonderwijs (pro), voortgezet speciaal onderwijs (vso), vmbo-b en mbo Entree overstappen naar vervolgonderwijs. Over de afgelopen schooljaren zien we dat een groter deel van deze doelgroep nog op school zit en een kleiner deel de startkwalificatie behaald heeft. Het percentage van jongeren dat een succesvolle overstap maakt is nagenoeg stabiel. Met de MBO-Agenda investeren we in goede loopbaanoriëntatie en -begeleiding (LOB) voor jongeren t.b.v. een soepele overgang tussen het voortgezet onderwijs (vo) en mbo. Op verschillende thema’s (LOB, gezamenlijke voorlichting, door lopende leerroutes, etc.) weten het vo en het mbo elkaar te vinden. De afgelopen jaren is de samen werking mede dankzij de investeringen uit de MBOAgenda versterkt. De focus van de projectplannen binnen de MBO-Agenda ligt nu met name op de overgang vo-mbo. Er zijn nog weinig projecten aangevraagd op overgang mbo-hbo. Voor bepaalde sectoren, zoals de zorg, komt dit nu op gang. Verbetering overstap vo-mbo en de rol van lob In 2019-2020 zijn er een vijftal projecten uitgevoerd met middelen uit de MBO-Agenda, gericht op verbetering van de overstap van het vo naar het mbo.
Met projecten van het ROCvA zoals ‘Met de techniekbus naar je nieuwe school’ en ‘Aansluiting vo-mbo Handel en Ondernemen’ is bijvoorbeeld gewerkt aan een LOB-programma waarmee voleerlingen een realistisch(er) beeld krijgen van een toekomstig beroep in de economie en technische sector. Ook is de samenwerking en uitwisseling tussen vo en mbo docenten verbeterd door verschillende netwerkbijeenkomsten. Bovendien is met het plan van het Samenwerkings verband (SWV) VO 2019-2020 een infrastructuur
Tabel 1 Overstap jongeren uit praktijkonderwijs, voortgezet speciaal onderwijs, vmbo-b en mbo Entree
Schooljaar
2017/2018
2018/2019
2019/2020
Startkwalificatie behaald
33%
10%
11%
Nog op school
50%
75%
73%
Totaal succesvolle overstap
83%
85%
84%
9 21 maart 2018, nr. 322
18
Voortgangsrapportage
opgericht rondom de overgang vo-mbo en LOB: directeuren vanuit het vmbo en mbo komen regelmatig bij elkaar in de kerngroep LOB. Ook bestaat er een klankbordgroep met decanen en worden er kennisdelingssessies en masterclasses georganiseerd voor het vmbo en mbo samen over relevante thema’s. Deze infrastructuur is inmiddels geborgd en het SWV VO heeft hierin een coördinerende rol.
onderdelen waarmee vo-leerlingen kennismaken met het mbo. De huidige doorlopende leerroutes richten zich met name op de mbo 2-opleidingen Verkoper/Handel, Helpende Zorg en Welzijn, Facilitair medewerker en Sport en Recreatie. Daarnaast is gebleken dat het inrichten van een geïntegreerde route ingrijpend is omdat het bestuurlijk draagvlak, samenwerking van onderwijsteams en een goede projectaansturing vereist.
Inspelen op actualiteiten We zien dat de huidige infrastructuur mogelijkheden biedt om in te spelen op actualiteiten en ontwikke lingen. Zo stond de overstap in tijden van corona onder druk. Een sub-werkgroep ‘LOB in tijden van corona’ heeft zich hierover gebogen en gekeken wat nodig en mogelijk is. Met als concreet resultaat dat er een bijeenkomst met decanen en communicatie afdelingen van mbo’s georganiseerd is over (online) voorlichting aan studenten in tijden van corona.
Start van doorlopende leerroutes in de praktijk Met de lessen uit de verkenning over de doorlopende leerroutes, is een vervolgplan ontwikkeld. Aankomend schooljaar (2021-2022) worden, samen met partners uit het vmbo en mbo, diverse dubbelkwalificerende keuzedelen vmbo-mbo ontwikkeld. Uitganspunt hierbij is dat deze keuzedelen naar wens op iedere Amsterdamse vmbo-school ingezet kunnen worden. Deze dubbel-kwalificerende keuzedelen zijn een concrete opmaat voor samenwerking en kunnen op termijn aanleiding geven voor een vergaande vorm van samenwerking. Bijvoorbeeld in de vorm van een geïntegreerde doorlopende leerroute.
In de zomer van 2021 werd opnieuw de overstap school vo-mbo georganiseerd met als doel studenten zo goed mogelijk voor te bereiden op het mbo. Het aanbod bestaat uit een combinatie van vakinhoudelijke lessen, studievaardigheden en creatieve workshops zoals theater, dans en muziek. Ook is er voldoende aandacht voor de mentale gezondheid, in verband met de lange periode afstandsonderwijs. De komende jaren worden de gemengde leerweg (GL) en de theoretische leerweg (TL) van het vmbo samengevoegd tot één nieuwe leerweg (streefdatum invoering augustus 2024). Deze nieuwe leerweg komt voort uit het landelijke programma Sterk Beroepsonderwijs. Met het project ‘aansluiting vmbo-mbo verbeteren met inzet van de praktische component’ 20-21 heeft het HMC ingespeeld op deze veranderingen. Samen met partners binnen het mbo en vmbo is gewerkt aan de praktische component, waarbij Amsterdamse vmbo-scholen bekend zijn geraakt met de mbo techniekopleidingen die de Amsterdamse ROC’s en vakscholen aanbieden. Het SWV-VO heeft als projectplan binnen de MBOAgenda in 2020-2021 een verkenning gedaan over de doorlopende leerroutes vo-mbo in de stad Amsterdam. Hieruit blijkt dat er binnen de Metropoolregio Amsterdam verschillende vormen van doorlopende leerroutes zijn: van een volledig geïntegreerd programma, tot aan programma
Vanuit de MBO-agenda start aankomend schooljaar ook het H-jaar, ontwikkeld door ROCTOP. Dit plan houdt in dat er een oriëntatietraject wordt ontwikkeld voor havisten die de overstap (moeten) maken naar het mbo. In Het H-jaar kijken studenten basisvakken als Nederlands & Engels, kunnen een selectie maken uit keuzevakken en gaan een erkende stagelopen bij een bedrijf. Het H-jaar is gebaseerd op het reeds succesvolle M-jaar, waarin ook vanuit de MBOAgenda is geïnvesteerd. Daarnaast is vanuit de communicatiewerkgroep van de MBO-Agenda het initiatief gestart om gezamenlijke voorlichting te geven aan vmbo- en havo-leerlingen die de overstap gaan maken naar het mbo. Het gaat om basisvoorlichting aan derde en vierdejaars vo-scholieren: het ontdekken van beroepen en het oriënteren op het opleidingsaanbod in Amsterdam. Verkleinen van de overstap van mbo naar hbo door ontwikkeling van Associate degree Een Associate degree (Ad) is een tweejarige studie op hbo-niveau met een praktijkgerichte opzet. Qua niveau zit deze opleiding tussen het mbo en een hbo-bachelor in. Deze opleidingsvorm is in het leven geroepen om de overstap tussen het mbo- en hbo onderwijs kleiner te maken.
Voortgangsrapportage
19
In 2019 hebben de HvA, ROCvA, House of Digital en de BIT Academy een plan opgesteld om gezamenlijk een Associate Degree Software Engineering te ontwikkelen. Met ondersteuning vanuit de uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt is hiervoor succesvol een EFRO-subsidie aangevraagd. In 2020 is de opleiding door de partijen gezamenlijk ontwikkeld. In maart 2021 is de opleiding goed gekeurd door een visitatiepanel namens de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO). Vervolgens is de Ad is ingeschreven in het CROHOregister (DUO), en zal in september 2021 van start gaan als een volwaardige opleiding aan de HvA.
4.5 Inzet op stages en tegengaan van stagediscriminatie Stagelopen is een onmisbaar deel van een praktijk opleiding en daarmee een essentiële voorbereiding op de overgang van onderwijs naar arbeidsmarkt. Stages zijn cruciaal bij het goed opleiden van toekomstig personeel in een bewegende arbeidsmarkt. Het belang van stagelopen werd in de coronaperiode extra onderstreept, toen het aantal stageplekken in bepaalde sectoren (m.n. hospitality sector, luchtvaart, zorg, welzijn) sterk afnam. Op dit moment (zomer 2021) zien we dat het aanbod van stageplekken weer toeneemt. Enerzijds doordat veel coronamaatregelen worden/zijn opgeheven; anderzijds omdat het veel mbo’s in samenwerking met werkgevers is gelukt om alternatieve stageplekken en praktijkopdrachten te ontwikkelen. Met de MBO-Agenda, de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt en JIKOP, zullen we aankomend schooljaar blijven inzetten op mbo-stages. Zowel bij de projectplannen als de teambeurzen in 20212022 zien we dat meerdere projecten zich richten op begeleiding bij stages, hybride leren en alternatieve stagemogelijkheden zoals simulatie- en scenarioleren. Met een campagne rondom stages willen we, samen met belangrijke partners uit het onderwijs en het bedrijfsleven, uitstralen dat we trots zijn om onze mbo-studenten/stagiairs en dat Amsterdamse bedrijven/organisaties stageplaatsen voor mbo’ers moeten blijven realiseren.
Specifiek in sectoren waar personeelstekorten zijn, omdat zij van grote meerwaarde zijn voor onze stad. Voor jongeren in kwetsbare onderwijsposities start een pilot waarin, aanvullend op het aanbod van
20
Voortgangsrapportage
het onderwijs en het Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB), het werk geversservicecentrum (WSP) bedrijven in GrootAmsterdam gaat delen voor mbo-studenten die een stageplek zoeken. Daarnaast investeren we als gemeente in extra stagebegeleiding voor jongeren in een kwetsbare onderwijspositie door middel van leerwerkcoaches. Bij niveau 2 opleidingen, waar meer dan 80% van de studenten uit een armoedeprobleemcumulatiegebied (apc-gebied) komt, worden deze leerwerkcoaches ingezet.10 Hun inzet verschilt per locatie en varieert van stagecoach tot supermentor. Tijdens corona hebben de coaches razendsnel hun begeleiding aangepast naar een programma op afstand. Ruim 635 Amsterdamse studenten hebben dankzij deze inzet extra ondersteuning gekregen bij het vinden en behouden van hun stage. De behoefte aan begeleiding in persoon was groot, maar de leerwerk coaches zijn desondanks in hun opdracht geslaagd door met studenten te appen en (video)bellen. Dit is gewaardeerd door studenten en heeft interventies opgeleverd die ook na corona relevant blijven. 4.5.1 Bevorderen van het aanbod van stages Voor het behoud van stages en leerbanen en het aankaarten van (alternatieve) mogelijkheden bij het bedrijfsleven is een grote rol weggelegd voor de Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB).
Het kabinet heeft aan regionale SBB’s middelen toegekend om extra stageplekken binnen het bedrijfsleven te creëren voor mbostudenten. Samen met mbo-instellingen brengen zij o.a. het tekort aan stageplekken in kaart, inventariseren zij benodigde stages en leerbanen bij scholen en hebben zij direct contact met het bedrijfsleven voor het creëren van meer (alternatieve) stageplekken. Vanuit de gemeente is nauw contact met SBB en de mbo’s over de stageproblematiek en de ruimte (financieel en in de regelgeving) voor creatieve oplossingen. Vanuit de MBO-Agenda stimuleren we creatieve oplossingen en innovatieve samenwerkingen tussen scholen en bedrijven op dit gebied, zoals:
10 Een armoedeprobleemcumulatiegebied is een postcodegebied waarin het percentage huishoudens met een laag inkomen, het percentage huishoudens met een uitkering en het percentage niet-westerse migratieachtergrond hoger is dan in 80% van alle postcodegebieden in Nederland.
• NH Hotel Zuid open als stagehotel Het NH hotel Zuid werd tijdelijk omgebouwd tot stagehotel voor studenten, waardoor 390 studenten uit diverse hospitality opleidingen praktijkervaring hebben kunnen voortzetten. 225 studenten konden via deze constructie alsnog hun diploma behalen. Daarnaast hebben de partners van House of Hospitality een expertpool van professionals uit het bedrijfsleven opgezet. 193 professionals hebben zich aangemeld om het onderwijs te ondersteunen bij het verzorgen van praktijkgerichte (online) webinars en het afnemen van assessments. • Via ‘Meldpunt Werk’ studenten behouden voor de installatietechniek In de lente van 2020 is het Meldpunt Werk gestart om studenten die hun stage of leerwerkplek door de coronacrisis waren kwijtgeraakt, door te plaatsen binnen het netwerk van de Vakschool Technische installaties (VTi). In de loop van het jaar zijn zo in totaal 25 studenten doorgeplaatst. Het meldpunt is nog steeds in bedrijf. Momenteel fungeert het voor studenten die hun studie afronden en begeleiding nodig hebben bij hun vervolgstap. Dit betreft met name afgestudeerde BOL-studenten die hun studie willen vervolgen in de BBL. Tot op heden heeft VTi 10 deelnemers succesvol doorgeplaatst binnen het netwerk. Het betreft dus een totaal van 35 studenten.
De gemeente Amsterdam biedt als werkgever meer mbo-stages aan Ook spant het college zich in om het aantal mbostages binnen de gemeentelijke organisatie te vergroten. Het Gemeentelijk Management Team heeft hier eind 2020 concrete afspraken over gemaakt. In 2021 zijn er minimaal 300 mbo-stage plekken binnen de gemeente. Daarnaast wordt er een structurele interne communicatie- & bewust wordingscampagne opgezet en er wordt een monitor ontwikkeld. Het aantal interne stagiairs bij de gemeente Amster dam is gestegen. Uit de eerste monitor (februari 2021) bleek dat er in totaal 116 mbo-stagairs gestart waren bij de gemeente. Dat is een toename is van 18 stagiairs in vergelijking met 2020. Half augustus staat de teller op 312 gestarte stagiaires. Naast de aantallen is het ook belangrijk dat stagairs goede stagebegeleiding krijgen. Daarom wordt
er sinds afgelopen schooljaar voor begeleiders vanuit de gemeente een module voor het begelei den van mbo-stagairs gegeven. In deze master class krijgen zij bijvoorbeeld training over het puberbrein en een uitgebreide toelichting over de beroepspraktijkvorming. Over de gehele linie kan er geconcludeerd worden dat de inspanningen vanuit de gemeente en de extra activiteiten hebben geholpen om in 2021 een mooi aantal mbo-stagiairs starten binnen onze organisatie. Het is een mooie start, maar we zijn er nog niet. De doorstroom van stagiair naar vaste kracht is voor komende jaren nog een aandachtspunt. Het is dus belangrijk om de ambities vast te houden en gezamenlijk verantwoordelijkheid blijven dragen. 4.5.2 Inzetten op gelijke kansen op stages Alle mbo-studenten verdienen gelijke kansen op een kwalitatief goede stage. In de praktijk zien we dat helaas dat niet alle studenten gelijke kansen hebben op het vinden van een stage. Daarom zijn de pilot Zuid-Oost (gefinancierd vanuit de MBO-Agenda) en de pilot Mystery guest (gefinancierd vanuit de Uitvoeringsagenda Onderwijs-Arbeidsmarkt) gestart om stagediscriminatie tegen te gaan.