CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Statutenwijziging Innoord - schone versie.pdf

RAAD 18 september 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met de statutenwijziging van Stichting Openbaar Onderwijs Noord (Innoord) (VN2024-010101)4.994 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

‭VOORSTEL TOT STATUTENWIJZIGING‬ ‭ egripsbepalingen‬ B ‭In deze statuten wordt verstaan onder:‬ ‭a.‬ ‭Bevoegd gezag‬‭: de stichting als bedoeld in deze statuten;‬ ‭b.‬ ‭College van Bestuur‬‭: het orgaan dat belast is met‬‭het statutaire bestuur en de‬ ‭vertegenwoordiging van de stichting;‬ ‭c.‬ ‭Gemeenteraad‬‭: de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam,‬‭welke door de Wet op het‬ ‭primair onderwijs is aangewezen als extern toezichthouder, onverminderd de bevoegdheid‬ ‭van die toezichthouder om onderdelen van dat toezicht over te dragen aan of te laten‬ ‭uitvoeren door al dan niet zelfstandige onderdelen van die gemeente;‬ ‭d.‬ ‭Medezeggenschapsraad‬‭: de medezeggenschapsraad verbonden‬‭aan de school, die de‬ ‭bevoegdheden heeft als toegekend in de Wet medezeggenschap op scholen;‬ ‭e.‬ ‭Raad van Toezicht‬‭: het orgaan dat belast is met de‬‭functie intern toezicht als bedoeld in de‬ ‭artikelen 17a, 17b en 17c van de WPO;‬ ‭f.‬ ‭School/scholen‬‭: de door de stichting in stand gehouden‬‭school/scholen voor basisonderwijs‬ ‭of speciaal basisonderwijs als bedoeld in de WPO, of een school of instelling voor‬ ‭(voortgezet) speciaal onderwijs als bedoeld in de WEC, waarbij onder school of instelling‬ ‭steeds wordt verstaan een organisatorische eenheid;‬ ‭g.‬ ‭Schriftelijk‬‭: per post, per e-mail of via enig ander‬‭elektronisch communicatiemiddel,‬ ‭waarmee het mogelijk is een bericht

te verzenden dat leesbaar en reproduceerbaar is, tenzij‬ ‭uitdrukkelijk anders is vermeld;‬ ‭h.‬ ‭Sector‬‭: de scholen gezamenlijk;‬ ‭i.‬ ‭Stichting‬‭: deze stichting, zijnde‬‭Innoord, Stichting‬‭Openbaar Onderwijs Amsterdam-Noord‬‭,‬ ‭statutair gevestigd te gemeente Amsterdam, ingeschreven in het handelsregister van de‬ ‭Kamer van Koophandel onder nummer: 51366010;‬ ‭j.‬ ‭WEC‬‭: Wet op de Expertise Centra;‬ ‭k.‬ ‭WPO‬‭: Wet op het primair onderwijs.‬ ‭ aam en zetel‬ N ‭Artikel 1‬ ‭1.‬ ‭De stichting draagt de naam: “‬‭Innoord, Stichting Openbaar‬‭Onderwijs Amsterdam-Noord”‬‭.‬ ‭2.‬ ‭De stichting heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam.‬ ‭3.‬ ‭De stichting gebruikt in het maatschappelijk verkeer de naam: “‬‭Innoord‬‭”.‬ ‭ oel‬ D ‭Artikel 2‬ ‭1.‬ ‭Het doel van de stichting is het geven van openbaar onderwijs aan de scholen die onder haar‬ ‭gezag vallen, met inachtneming van het bepaalde in artikel 46 van de Wet, waarin het karakter‬ ‭van het openbaar onderwijs wordt omschreven.‬ ‭2.‬ ‭De stichting tracht dit doel te verwezenlijken door:‬ ‭a.‬ ‭de instandhouding van één of meer scholen voor openbaar onderwijs;‬ ‭b.‬ ‭het doen geven en bevorderen van onderwijs in de zin van de WPO en/of andere‬ ‭onderwijswetgeving die op de stichting van toepassing kan zijn.‬

‭c.‬ D ‭ e stichting onderkent de gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbesturen voor‬ ‭een regionaal dekkend, kwalitatief hoogstaand en zo divers mogelijk onderwijsaanbod.‬ ‭De stichting geeft zich bij het nastreven van haa‬‭r‬‭statutaire doelen rekenschap van die‬ ‭(mede)verantwoordelijkheid, alsmede van haar maatschappelijke verantwoordelijkheid in‬ ‭meer brede zin. Kernbegrippen bij de vormgeving van de openbare identiteit zijn brede‬ ‭toegankelijkheid, kansengelijkheid, burgerschap, pluriformiteit en participatie‬‭.‬ ‭d.‬ ‭en al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in‬ ‭de ruimste zin van het woord.‬ ‭ arakter openbaar onderwijs‬ K ‭Artikel 3‬ ‭1.‬ ‭Het openbaar onderwijs draagt overeenkomstig artikel 46 WPO bij aan de ontwikkeling van de‬ ‭leerlingen met aandacht voor de godsdienstige levensbeschouwelijke en maatschappelijke‬ ‭waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis‬ ‭van de verscheidenheid van die waarden.

De scholen die de stichting in stand houdt, zijn‬ ‭toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing.‬ ‭ eldmiddelen‬ G ‭Artikel 4‬ ‭1.‬ ‭De stichting hanteert alle wettige middelen die kunnen bijdragen aan de verwezenlijking van de‬ ‭doelstelling, de verwerving van de daartoe benodigde middelen bij overheden, bedrijven,‬ ‭fondsen, financiële instellingen, loterijen en particulieren inbegrepen.‬ ‭2.‬ ‭Erfstellingen worden slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard.‬ S‭ tichtingsorganen‬ ‭Artikel 5‬ ‭1.‬ ‭De stichting kent als organen:‬ ‭a.‬ ‭Het College van Bestuur;‬ ‭b.‬ ‭De Raad van Toezicht.‬ ‭2.‬ ‭Het College van Bestuur functioneert als stichtingsbestuur. De Raad van Toezicht functioneert als‬ ‭intern toezichthoudend orgaan.‬ ‭3.‬ ‭Zowel het College van Bestuur als de Raad van Toezicht kunnen commissies instellen, indien dat‬ ‭in het belang van de stichting noodzakelijk of wenselijk wordt acht.‬ ‭ ollege van Bestuur - Samenstelling, benoeming en ontslag‬ C ‭Artikel 6‬ ‭1.‬ ‭Het College van Bestuur bestaat uit ten minste één lid.

Het aantal leden van het College van‬ ‭Bestuur wordt vastgesteld door de Raad van Toezicht.‬ ‭2.‬ ‭Indien het College van Bestuur uit meer dan één persoon bestaat, wordt één van hen door de‬ ‭Raad van Toezicht aangewezen als voorzitter van het College van Bestuur.‬ ‭3.‬ ‭De leden van het College van Bestuur worden benoemd door de Raad van Toezicht.‬ ‭4.‬ ‭Benoeming vindt plaats aan de hand van een door de Raad van Toezicht, vast te stellen openbare‬ ‭werving- en selectieprocedure en op basis van een vooraf openbaar gemaakte algemene‬ ‭profielschets, alsmede in geval van een meerhoofdig College van Bestuur, een profielschets per‬

z‭ etel. De (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld advies‬ ‭uit te brengen terzake de profielschets(en).‬ ‭5.‬ ‭De Raad van Toezicht stelt nadere regels vast omtrent de procedure voor de werving en selectie‬ ‭van de leden van het College van Bestuur met inachtneming van de relevante wettelijke‬ ‭bepalingen en daaruit voortvloeiende rechten voor de (gemeenschappelijke)‬ ‭medezeggenschapsraad.‬ ‭6.‬ ‭Tot lid van het College van Bestuur kan niet worden benoemd een persoon die:‬ ‭-‬ ‭Middellijk of onmiddellijk deelneemt aan of betrokken is bij leveringen aan of‬ ‭aannemingen van de stichting of de school;‬ ‭-‬ ‭Lid is van de Raad van Toezicht van de stichting of die in de voorafgaande vier jaar lid van‬ ‭de Raad van Toezicht is geweest;‬ ‭7.‬ ‭Een lid van het College van Bestuur vervult geen nevenfuncties die conflicterend zijn met het doel‬ ‭van de stichting. Voor aanvaarding van een betaalde of onbetaalde nevenfunctie wordt‬ ‭voorafgaand goedkeuring gevraagd aan de Raad van Toezicht. Aan leden van het College van‬ ‭Bestuur worden geen persoonlijke leningen of financiële garanties namens de stichting verstrekt.‬ ‭8.‬ ‭De Raad van Toezicht schorst en ontslaat de leden van het College van Bestuur.

Een besluit tot‬ ‭ontslag wordt slechts genomen na verkregen advies van de (gemeenschappelijke)‬ ‭medezeggenschapsraad.‬ ‭9.‬ ‭Een lid van het College van Bestuur defungeert voorts:‬ ‭a.‬ ‭door zijn overlijden;‬ ‭b.‬ ‭doordat hij het vrij beheer over zijn vermogen verliest;‬ ‭c.‬ ‭door zijn ondercuratelestelling;‬ ‭d.‬ ‭door zijn vrijwillig aftreden (bedanken);‬ ‭e.‬ ‭door de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst met de stichting;‬ ‭f.‬ ‭door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele‬ ‭herbenoeming;‬ ‭g.‬ ‭door zijn ontslag door de rechtbank;‬ ‭10.‬ ‭In vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien. In geval van één of meer vacatures in het‬ ‭College van Bestuur vormen de overblijvende bestuursleden niettemin een wettig bestuur. Bij‬ ‭ontstentenis, schorsing of ontslag van het voltallige College van Bestuur, wordt het College van‬ ‭Bestuur waargenomen door de Raad van Toezicht, onverminderd de bevoegdheid van de Raad‬ ‭van Toezicht één of meer personen voor bepaalde tijd als waarnemend bestuurslid te benoemen.‬ ‭De gemeente dient zo spoedig mogelijk nadat deze situatie is ontstaan hiervan schriftelijk op de‬ ‭hoogte te worden gesteld.

Gaat de Raad van Toezicht niet binnen vier weken tot een zodanige‬ ‭beslissing over dan wordt het College van Bestuur waargenomen door de persoon die daartoe‬ ‭door de gemeenteraad op verzoek van één of meer belanghebbende(n) is of wordt aangewezen.‬ ‭ ollege van Bestuur - Taken en bevoegdheden‬ C ‭Artikel 7‬ ‭1.‬ ‭Het College van Bestuur is belast met het besturen van de stichting. Het College van Bestuur richt‬ ‭zich bij de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden naar het belang van de stichting en de‬ ‭door de stichting in stand gehouden scholen.‬ ‭2.‬ ‭Het College van Bestuur draagt er zorg voor dat de Raad van Toezicht tijdig over de informatie‬ ‭beschikt die vereist is voor de uitoefening van het intern toezicht en diens overige taken. Ook‬

v‭ oorziet het College van Bestuur in administratieve ondersteuning ten behoeve van de Raad van‬ ‭Toezicht.‬ ‭3.‬ ‭Het College van Bestuur is bevoegd de stichting te vertegenwoordigen. Indien het College van‬ ‭Bestuur uit meer dan twee personen bestaat, komt de bevoegdheid tot vertegenwoordiging toe‬ ‭aan de voorzitter tezamen met een ander lid van het College van Bestuur. Het College van Bestuur‬ ‭kan een lid of een andere persoon volmacht verlenen de stichting te vertegenwoordigen.‬ ‭4.‬ ‭Het College van Bestuur benoemt, schorst en ontslaat de personeelsleden van de stichting.‬ ‭5.‬ ‭Het College van Bestuur behoeft voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht voor‬ ‭besluiten strekkende tot:‬ ‭a.‬ ‭Vaststelling of wijziging van de (meerjaren)begroting, de jaarrekening en het jaarverslag,‬ ‭alsmede - voor zover van toepassing - het strategisch koers- en/of meerjarenplan;‬ ‭b.‬ ‭Vaststelling en wijziging van het kwaliteitszorgsysteem en het daarbij te hanteren‬ ‭kwaliteitskader;‬ ‭c.‬ ‭Vaststelling en wijziging van de klachtenregeling;‬ ‭d.‬ ‭Verkrijging, vervreemding en bezwaring van onroerende zaken, aandelen en obligaties;‬ ‭e.‬ ‭Aangaan van langlopende geldleningen;‬ ‭f.‬ ‭Aanvaarding van aan de stichting gemaakte erfstellingen, legaten en schenkingen;‬ ‭g.‬ ‭Verkrijging, wijziging of beëindiging van deelneming of zeggenschap in een andere‬ ‭rechtspersoon;‬ ‭h.‬

‭Aangaan of verbreken van duurzame samenwerking met derden, voor zover van‬ ‭ingrijpende betekenis voor de stichting of de scholen;‬ ‭i.‬ ‭Doorvoeren van belangrijke wijzigingen in de organisatie van de scholen;‬ ‭j.‬ ‭Wijziging van de arbeidsvoorwaarden of ontslag van een aanzienlijk aantal‬ ‭personeelsleden van de stichting in korte tijd;‬ ‭k.‬ ‭Fusie of splitsing van de scholen;‬ ‭l.‬ ‭Vaststelling en wijziging van de reglementen van de stichting, met dien verstande dat de‬ ‭Raad van Toezicht bevoegd is zijn eigen reglement vast te stellen;‬ ‭m.‬ ‭Aanvragen van surseance van betaling of faillissement van de stichting.‬ ‭6.‬ ‭Het College van Bestuur is slechts met voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht‬ ‭bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of‬ ‭bezwaring van registergoederen, tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich‬ ‭als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot‬ ‭zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. Op het ontbreken van goedkeuring van‬ ‭de Raad van Toezicht kan jegens derden een beroep worden gedaan.‬ ‭7.‬ ‭De Raad van Toezicht is bevoegd ook andere besluiten dan in lid 5 en lid 6 van dit artikel genoemd‬ ‭aan zijn goedkeuring te onderwerpen.

Deze andere besluiten dienen duidelijk te worden‬ ‭omschreven en schriftelijk aan het College van Bestuur te worden medegedeeld.‬ ‭8.‬ ‭Het College van Bestuur meldt de Raad van Toezicht mogelijke belangentegenstellingen. Besluiten‬ ‭van het College van Bestuur waarbij tegenstrijdige belangen kunnen spelen, behoeven eveneens‬ ‭voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht. In situaties van belangenverstrengeling‬ ‭komt de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de stichting in afwijking van lid 3 van dit artikel‬ ‭toe aan de Raad van Toezicht.‬ ‭9.‬ ‭Het ontbreken van goedkeuring als bedoeld in dit artikel tast de‬ ‭vertegenwoordigingsbevoegdheid van het College van Bestuur niet aan behoudens het bepaalde‬ ‭in lid 6 van dit artikel.‬

‭ ollege van Bestuur- Besluitvorming‬ C ‭Artikel 8‬ ‭1.‬ ‭In geval van een eenhoofdig College van Bestuur draagt deze zorg voor een schriftelijke‬ ‭vastlegging en bekendmaking van door hem genomen besluiten.‬ ‭2.‬ ‭In geval van een meerhoofdig College van Bestuur vindt besluitvorming plaats bij meerderheid‬ ‭van stemmen, waarbij ieder lid van het College van Bestuur één stem heeft. Bij het staken van‬ ‭stemmen beslist de voorzitter van het College van Bestuur. Een eventuele portefeuilleverdeling‬ ‭binnen het College van Bestuur laat de collectieve verantwoordelijkheid van het College onverlet.‬ ‭Het College van Bestuur regelt de wijze van vergaderen, besluitvorming en verslaglegging in een‬ ‭reglement.‬ ‭ aad van Toezicht - Samenstelling en benoeming‬ R ‭Artikel 9‬ ‭1.‬ ‭De Raad van Toezicht bestaat uit een door de Raad van Toezicht te bepalen aantal leden van ten‬ ‭minste vijf en ten hoogste zeven natuurlijke personen. De benoeming van de leden van de Raad‬ ‭van Toezicht vindt plaats op persoonlijke titel.

Is het aantal leden minder dan vijf, dan behoudt de‬ ‭Raad van Toezicht zijn bevoegdheden onverminderd de verplichting om onverwijlde maatregelen‬ ‭tot aanvulling van zijn ledental te nemen.‬ ‭2.‬ ‭De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd door de gemeenteraad, met inachtneming‬ ‭van het hierna bepaalde.‬ ‭3.‬ ‭Bij zeven leden van de Raad van Toezicht worden drie leden benoemd op bindende voordracht‬ ‭van de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt‬ ‭benoemd op bindende voordracht van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. De drie‬ ‭overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd.‬ ‭4.‬ ‭Bij zes leden van de Raad van Toezicht worden twee leden benoemd op bindende voordracht van‬ ‭de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt‬ ‭benoemd op bindende voordracht van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. De drie‬ ‭overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd.‬ ‭5.‬ ‭Bij vijf leden van de Raad van Toezicht worden twee leden benoemd op bindende voordracht van‬ ‭de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt‬ ‭benoemd op bindende voordracht van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad.

De‬ ‭twee overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd.‬ ‭6.‬ ‭De (bindende) voordracht van een lid van de Raad van Toezicht geschiedt aan de hand van een‬ ‭door de Raad van Toezicht vast te stellen kenbare selectieprocedure en openbare profielschets,‬ ‭die ter advisering wordt voorgelegd aan de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. Een‬ ‭voorgedragen lid voor de Raad van Toezicht dient principieel voorstander te zijn van het openbaar‬ ‭onderwijs.‬ ‭7.‬ ‭De profielschets bevat de kwaliteiten en deskundigheden, waaraan een lid van de Raad van‬ ‭Toezicht dient te voldoen. Bij het ontstaan van een vacature kan de Raad van Toezicht het profiel‬ ‭desgewenst nader invullen gelet op de in de Raad van Toezicht aanwezige en gewenste‬ ‭deskundigheden en diversiteit in de samenstelling.‬ ‭8.‬ ‭De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaren en zijn - al‬ ‭dan niet aansluitend - eenmaal herbenoembaar. Door de Raad van Toezicht wordt een rooster‬ ‭van aftreden opgesteld. Een lid van de Raad van Toezicht treedt volgens dit rooster, doch uiterlijk‬

v‭ ier jaar na zijn benoeming, af. Herbenoeming van een lid van de Raad van Toezicht vindt tevens‬ ‭plaats door de gemeenteraad.‬ ‭9.‬ ‭De Raad van Toezicht benoemt uit zijn midden een voorzitter en een vicevoorzitter en kan‬ ‭eventuele taken onderling verdelen bij reglement.‬ ‭ aad van Toezicht – Schorsing, ontslag, defungeren, belet en ontstentenis‬ R ‭Artikel 10‬ ‭1.‬ ‭Een lid van de Raad van Toezicht defungeert:‬ ‭a.‬ ‭door zijn overlijden;‬ ‭b.‬ ‭doordat hij het vrij beheer over zijn vermogen verliest;‬ ‭c.‬ ‭door zijn ondercuratelestelling;‬ ‭d.‬ ‭door zijn vrijwillig aftreden (bedanken);‬ ‭e.‬ ‭door zijn ontslag verleend door de gemeenteraad.‬ ‭f.‬ ‭door het verstrijken van de termijn waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele‬ ‭herbenoeming.‬ ‭2.‬ ‭Een lid van de Raad van Toezicht kan door de gemeenteraad worden ontslagen wegens:‬ ‭a.‬ ‭ernstige taakverwaarlozing of functioneren in strijd met de wet;‬ ‭b.‬ ‭onverenigbaarheid van functies of belangen;‬ ‭c.‬ ‭wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan zijn handhaving‬ ‭als lid redelijkerwijs niet kan worden verlangd.‬ ‭3.‬ ‭De Raad van Toezicht kan wegens de in lid 2 genoemde gronden een lid van de Raad van Toezicht‬ ‭voor maximaal drie maanden schorsen.‬ ‭4.‬ ‭Bij belet of ontstentenis van alle leden van de Raad van Toezicht of van het enige (overgebleven)‬ ‭lid worden de taken en

bevoegdheden van de Raad van Toezicht waargenomen door de‬ ‭perso(o)n(en) die daartoe door de gemeenteraad is of wordt aangewezen. De gemeente dient zo‬ ‭spoedig mogelijk nadat deze situatie is ontstaan hiervan schriftelijk op de hoogte te worden‬ ‭gesteld. Gaat de gemeenteraad niet binnen twee weken nadat hij van de gemelde situatie op de‬ ‭hoogte is gesteld tot een zodanige aanwijzing over, dan wordt de Raad van Toezicht‬ ‭waargenomen door de persoon die daartoe door de voorzieningenrechter van de Rechtbank‬ ‭(bevoegde rechtbank) op verzoek van één of meer belanghebbende(n) is of wordt aangewezen.‬ ‭ aad van Toezicht - Taken en bevoegdheden‬ R ‭Artikel 11‬ ‭1.‬ ‭De Raad van Toezicht houdt toezicht op het beleid van het College van Bestuur en op de‬ ‭algemene gang van zaken binnen de stichting alsmede het uitoefenen van die taken en‬ ‭bevoegdheden die in deze statuten aan de Raad van Toezicht zijn opgedragen of toegekend. Hij‬ ‭adviseert naar eigen inzicht het College van Bestuur.‬ ‭2.‬ ‭Bij de vervulling van hun taak richten de leden van de Raad van Toezicht zich naar het belang van‬ ‭de stichting en de scholen.‬ ‭3.‬ ‭De Raad van Toezicht is belast met c.q.

bevoegd tot:‬ ‭a.‬ ‭Benoeming, schorsing en ontslag van de leden van het College van Bestuur;‬ ‭b.‬ ‭Vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de leden van het College van Bestuur;‬ ‭c.‬ ‭Aanwijzing en benoeming - na overleg met het College van Bestuur - van de accountant‬ ‭als bedoeld in artikel 2:393, eerste lid, Burgerlijk Wetboek;‬ ‭d.‬ ‭Het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de‬ ‭uitoefening van de bevoegdheden in het jaarverslag;‬ ‭e.‬ ‭Vaststelling en wijziging van een reglement Raad van Toezicht waarin de wijze van‬ ‭besluitvorming van de Raad van Toezicht is geregeld;‬

‭f.‬ V ‭ ertegenwoordiging van de stichting in geval van belangenverstrengeling bij het College‬ ‭van Bestuur.‬ ‭4.‬ ‭Het toezicht omvat, buiten de in artikel 7 neergelegde goedkeuringsrechten, in ieder geval:‬ ‭a.‬ ‭Toezien op de naleving van de wettelijke bepalingen, de regels met betrekking tot‬ ‭governance daaronder begrepen;‬ ‭b.‬ ‭Toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en‬ ‭aanwending van de middelen van de stichting en de school;‬ ‭c.‬ ‭Bewaken van het normatieve kader waarbinnen de stichting en de school opereren, met‬ ‭bijzondere aandacht voor de doelstelling en de continuïteit;‬ ‭d.‬ ‭Toezien op de kwaliteit van het onderwijs, alsmede het karakter van het openbaar‬ ‭onderwijs;‬ ‭e.‬ ‭Periodieke beoordeling en evaluatie van het (onderlinge) functioneren van bestuur en‬ ‭toezicht.‬ ‭5.‬ ‭De Raad van Toezicht is vrij in de wijze waarop hij zich laat informeren over de stichting, met dien‬ ‭verstande dat hij ten minste tweemaal per jaar met de (gemeenschappelijke)‬ ‭medezeggenschapsraad overleg voert.‬ ‭6.‬ ‭De Raad van Toezicht legt in het bestuursverslag verantwoording af van de‬ ‭(neven)werkzaamheden van zijn leden, alsook van het door de Raad uitgeoefende toezicht op de‬ ‭stichting en de scholen.‬ ‭7.‬ ‭De Raad van Toezicht regelt zijn werkzaamheden en al wat zijn functioneren betreft in een door‬ ‭de Raad van Toezicht vast te

stellen reglement Raad van Toezicht zoals bedoeld in lid 3 sub e van‬ ‭dit artikel.‬ ‭8.‬ ‭De Raad van Toezicht kan desgewenst een auditcommissie en/of andere commissies instellen. De‬ ‭Raad van Toezicht regelt de samenstelling van deze commissie(s) in een reglement.‬ ‭ aad van Toezicht – Besluitvorming en werkwijze‬ R ‭Artikel 12‬ ‭1.‬ ‭De Raad van Toezicht vergadert ten minste vijf maal per jaar en voorts zo dikwijls als nodig is voor‬ ‭de juiste uitoefening van zijn taak. Vergaderingen worden voorts gehouden indien de voorzitter‬ ‭dan wel twee andere leden van de Raad van Toezicht dit wenselijk achten, of indien het College‬ ‭van Bestuur een met redenen omkleed verzoek daartoe aan de voorzitter richt.‬ ‭2.‬ ‭De vergadering van de Raad van Toezicht is openbaar tot een zodanig aantal mensen als de‬ ‭vergaderlocatie toelaat. De vergadering wordt besloten gehouden, wanneer ten minste één lid‬ ‭hierover vraagt of wanneer de voorzitter dit nodig acht. De Raad van Toezicht beslist vervolgens‬ ‭op grond van de aard van de aan de orde zijnde aangelegenheid of met gesloten deuren zal‬ ‭worden vergaderd.

Het vergaderen achter gesloten deuren kan uitsluitend geschieden indien het‬ ‭belang van de openbaarheid niet opweegt tegen:‬ ‭a.‬ ‭Het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;‬ ‭b.‬ ‭De economische of financiële belangen van de stichting;‬ ‭c.‬ ‭Het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de‬ ‭aangelegenheden betrokken natuurlijke personen dan wel derden.‬ ‭3.‬ ‭De vergaderingen worden geleid door de voorzitter en bij afwezigheid door de vicevoorzitter dan‬ ‭wel een ander daartoe aangewezen lid van de Raad van Toezicht. Van de vergadering worden‬ ‭notulen gemaakt, die in de eerstvolgende vergadering worden vastgesteld.‬

‭4.‬ ‭De oproep geschiedt schriftelijk door of namens de voorzitter, ten minste zeven dagen vóór de‬ ‭vergadering zal worden gehouden en met opgave van de onderwerpen die ter vergadering in‬ ‭behandeling zullen komen. In spoedeisende gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de‬ ‭termijn van oproeping worden beperkt tot ten minste vierentwintig uur. Over niet in de oproep‬ ‭vermelde onderwerpen kunnen geen besluiten genomen worden, tenzij de voltallige Raad van‬ ‭Toezicht aanwezig is en het besluit met algemene stemmen wordt genomen.‬ ‭5.‬ ‭De Raad van Toezicht kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de‬ ‭gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van‬ ‭besluitvorming verzet.

Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in‬ ‭de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt‬ ‭vermeld.‬ ‭6.‬ ‭Ieder fungerend lid van de Raad van Toezicht heeft recht tot het uitbrengen van één stem.‬ ‭7.‬ ‭Alle besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte geldige‬ ‭stemmen, tenzij de statuten anders bepalen.‬ ‭8.‬ ‭Een stemming over benoeming, schorsing of ontslag van een lid van het College van Bestuur of‬ ‭van de Raad van Toezicht vindt plaats met twee/derde meerderheid van de geldig uitgebrachte‬ ‭stemmen in een vergadering of overleg waar alle fungerende leden van de Raad van Toezicht‬ ‭aanwezig of vertegenwoordigd zijn.‬ ‭9.‬ ‭De Raad van Toezicht evalueert jaarlijks zijn functioneren als zodanig. De wijze waarop deze‬ ‭evaluatie plaatsvindt wordt nader geregeld in het reglement van de Raad van Toezicht.‬ ‭10.‬ ‭Wanneer een lid van de Raad van Toezicht een strijdig belang heeft met de stichting of de‬ ‭besluitvorming zijn persoon of positie betreft, neemt hij daarover niet deel aan het overleg en de‬ ‭besluitvorming binnen de Raad van Toezicht.‬ ‭11.‬ ‭Tenzij de Raad van Toezicht anders besluit, woont het College van Bestuur de vergaderingen van‬ ‭de Raad van Toezicht bij.

Het College van Bestuur heeft in die vergaderingen een adviserende‬ ‭stem.‬ ‭ ergoedingen Raad van Toezicht‬ V ‭Artikel 13‬ ‭1.‬ ‭De leden van de Raad van Toezicht hebben recht op vergoeding van de door hen in de‬ ‭uitoefening van hun functie gemaakte kosten.‬ ‭2.‬ ‭De Raad van Toezicht kan besluiten dat zijn leden tevens bezoldiging ontvangen. De Raad van‬ ‭Toezicht stelt de hoogte van die bezoldiging vast, rekening houdend met de grootte en‬ ‭complexiteit van de stichting en de school en de ter zake voor de onderwijssector geldende‬ ‭regelgeving en richtlijnen.‬ ‭3.‬ ‭In het bestuursverslag van de stichting legt de Raad van Toezicht verantwoording af van‬ ‭de door hem aan zijn leden toegekende bezoldiging.‬ E‭ xtern toezicht openbaar onderwijs‬ ‭Artikel 14‬ ‭In aanvulling op de taken en bevoegdheden van de Raad van Toezicht en de taken en bevoegdheden‬ ‭van de Inspectie van het Onderwijs‬‭zoals volgt uit‬‭de Wet op het onderwijstoezicht, geldt gelet op het‬ ‭openbaar karakter van het onderwijs voorts het navolgende:‬ ‭a.‬ ‭de gemeenteraad kan zich vanuit haar wettelijke taak en verantwoordelijkheden voor het‬ ‭openbaar onderwijs wenden tot het College van Bestuur en de Raad van Toezicht van de‬

s‭ tichting. De gemeenteraad ziet daarbij toe vanuit haar wettelijke verantwoordelijkheid voor‬ ‭het openbaar onderwijs, zij heeft daartoe een Gemeentelijk Toezichtkader op het Openbaar‬ ‭Primair Onderwijs in Amsterdam vastgesteld waar het College van Bestuur en de Raad van‬ ‭Toezicht uitvoering aan verleent;‬ ‭b.‬ ‭de gemeenteraad is bevoegd in geval van ernstige taakverwaarlozing door het College van‬ ‭Bestuur of het functioneren van het College van Bestuur in strijd met de‬‭WPO, maatregelen‬ ‭te nemen die zij nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen en‬ ‭heeft het recht om - indien en voor zover dat noodzakelijk is - zelf te voorzien in het bestuur‬ ‭van de scholen en zo nodig de stichting te ontbinden.‬ ‭ oekjaar en jaarstukken‬ B ‭Artikel 15‬ ‭1.‬ ‭Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.‬ ‭2.‬ ‭Het College van Bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van al hetgeen‬ ‭verder de financiën van de stichting betreft op zodanige wijze boek te houden dat daaruit te allen‬ ‭tijde de rechten en plichten van de stichting kunnen worden gekend.‬ ‭3.‬ ‭Uiterlijk vóór 1 juli van ieder kalenderjaar legt het College van Bestuur aan de Raad van Toezicht‬ ‭rekening en verantwoording af over het verstreken boekjaar, aan de hand van een door het‬ ‭College van Bestuur vastgestelde jaarrekening en jaarverslag.‬ ‭4.‬ ‭De

jaarrekening wordt ingericht overeenkomstig de wettelijke bepalingen en de richtlijnen van‬ ‭het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.‬ ‭5.‬ ‭Verder wordt de jaarrekening gecontroleerd door de accountant die door de Raad van Toezicht is‬ ‭benoemd. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan de Raad van Toezicht en‬ ‭geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de in het‬ ‭vorige leden bedoelde stukken. Hij brengt zijn verslag ter kennis van het College van Bestuur.‬ ‭6.‬ ‭De Raad van Toezicht is bevoegd in een apart besluit de leden van het College van Bestuur‬ ‭décharge te verlenen voor hun bestuur, nadat de jaarrekening door hen is goedgekeurd.‬ ‭7.‬ ‭Het College van Bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden en‬ ‭andere gegevensdragers gedurende ten minste de wettelijke termijn te bewaren.‬ ‭8.‬ ‭De jaarrekening en de begroting worden jaarlijks ter kennisgeving aan de gemeenteraad‬ ‭toegezonden.‬ S‭ tatutenwijziging‬ ‭Artikel 16‬ ‭1.‬ ‭Het College van Bestuur is met voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht en de‬ ‭gemeenteraad bevoegd de statuten te wijzigen.‬ ‭2.‬ ‭Het besluit van de Raad van Toezicht tot het verlenen van goedkeuring behoeft twee derde van‬ ‭de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin alle leden vertegenwoordigd zijn.

Indien‬ ‭niet het vereiste aantal leden van de Raad van Toezicht vertegenwoordigd is, zal binnen veertien‬ ‭dagen na het houden van de eerste vergadering een tweede vergadering worden bijeengeroepen,‬ ‭waarin alsdan met meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen een besluit tot‬ ‭statutenwijziging kan worden genomen.‬ ‭3.‬ ‭Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.‬ ‭4.‬ ‭Het College van Bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden. Het College van Bestuur is‬ ‭verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de‬

g‭ ewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het door de Kamer van Koophandel gehouden‬ ‭handelsregister.‬ ‭5.‬ ‭Het hiervoor in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het besluit tot‬ ‭juridische fusie en het besluit tot juridische opsplitsing.‬ ‭ ntbinding en vereffening‬ O ‭Artikel 17‬ ‭1.‬ ‭De gemeenteraad is bevoegd tot ontbinding van de stichting in geval van ernstige‬ ‭taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet.‬ ‭2.‬ ‭In alle overige gevallen is het College van Bestuur, met goedkeuring van de Raad van Toezicht en‬ ‭de gemeenteraad, bevoegd de stichting te ontbinden.‬ ‭3.‬ ‭De liquidatie geschiedt door het College van Bestuur onder toezicht van de Raad van Toezicht.‬ ‭4.‬ ‭De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar‬ ‭vermogen nodig is. Aan haar naam wordt toegevoegd ‘in liquidatie’.‬ ‭5.‬ ‭Indien als gevolg van een bestuursbesluit de stichting is ontbonden, treden als vereffenaars van‬ ‭het vermogen van de ontbonden stichting het lid/de leden van het College van Bestuur op.

Op‬ ‭deze vereffenaars zijn de bepalingen van de wet en deze statuten omtrent de benoeming, de‬ ‭schorsing en het ontslag van het College van Bestuur van toepassing.‬ ‭6.‬ ‭Een vereffenaar heeft dezelfde bevoegdheden, plichten en aansprakelijkheid als een lid van het‬ ‭College van Bestuur.‬ ‭7.‬ ‭Een eventueel batig saldo wordt uitgekeerd aan een door de Raad van Toezicht aan te wijzen‬ ‭algemeen nut beogende instelling die als zodanig in aanmerking komt voor een vrijstelling van‬ ‭schenkingsrecht als bedoeld in de Successiewet 1956 en waarvan het doel zoveel mogelijk met‬ ‭dat van de stichting overeenkomt.‬ ‭8.‬ ‭Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers‬ ‭gedurende zeven jaar berusten bij de persoon, door de vereffenaars daartoe benoemd.‬ ‭ rijwaring‬ V ‭Artikel 18‬ ‭1.‬ ‭De stichting stelt iedere persoon die, vanwege het feit dat hij lid van het College van Bestuur of lid‬ ‭van de Raad van Toezicht van de stichting is of was, als partij betrokken is of was of als een op‬ ‭diens betrokkenheid als partij uitlopende ontwikkeling aannemelijk is bij een op handen zijnde,‬ ‭aanhangige of beëindigde actie of procedure van welke aard dan ook, door of namens de‬ ‭stichting dan wel door derden ingesteld, schadeloos voor alle nadelige financiële gevolgen,‬ ‭daaronder begrepen kosten en boetes, die hij in werkelijkheid en redelijkerwijze heeft

moeten‬ ‭dragen in verband met een dergelijke actie of procedure, mits hij heeft gehandeld op een wijze‬ ‭die hij redelijkerwijze kon beschouwen in het belang van of niet tegen de belangen van de‬ ‭stichting te zijn, en tenzij (en voor zover) het doen van een beroep op deze regeling in strijd zou‬ ‭zijn met de goede trouw. Hierbij wordt het begrip goede trouw zo ruim uitgelegd als juridisch van‬ ‭tijd tot tijd mogelijk is.‬ ‭2.‬ ‭Een schadeloosstelling door de stichting bedoeld in het vorige lid geschiedt na een vaststelling‬ ‭dat het lid van het College van Bestuur of het lid van de Raad van Toezicht voldaan heeft aan de‬ ‭van toepassing zijnde gedragsnorm genoemd in het vorige lid. Deze vaststelling geschiedt door de‬ ‭Raad van Toezicht in een voltallige vergadering.‬

‭3.‬ ‭Kosten gemaakt voor het voeren van verweer in een actie of procedure kunnen door de stichting‬ ‭worden voorgeschoten in afwachting van de einduitspraak in de actie of procedure en wel‬ ‭krachtens besluit van de Raad van Toezicht met betrekking tot het desbetreffende geval, na‬ ‭ontvangst van een schriftelijke toezegging door of namens het lid van het College van Bestuur of‬ ‭het lid van de Raad van Toezicht om dit bedrag terug te betalen, tenzij uiteindelijk vastgesteld‬ ‭wordt dat hij het recht heeft door de stichting schadeloos gesteld te worden zoals in dit artikel‬ ‭bepaald.‬ ‭4.‬ ‭De schadeloosstelling voorzien in dit artikel wordt niet geacht enig ander recht uit te sluiten, dat‬ ‭de betrokken persoon zou kunnen toekomen krachtens een reglement,‬ ‭(verzekerings)overeenkomst of van de niet-belanghebbende College van Bestuursleden of‬ ‭anderszins en zal blijven gelden voor een persoon die geen lid van het College van Bestuur of lid‬ ‭van de Raad van Toezicht meer is en zal ook ten goede komen aan de erfgenamen of legatarissen.‬ ‭ vergangsbepalingen‬ O ‭Artikel 19‬ ‭1.‬ ‭De huidige bestuurder bekleedt na het verlijden van de statutenwijziging tevens de functie van‬ ‭enig lid van het College van Bestuur.

De tot dan geldende overdracht van bestuursbevoegdheden‬ ‭komt daarmee te vervallen.‬ ‭ nvoorzien‬ O ‭Artikel 20‬ ‭1.‬ ‭In alle gevallen waarin de statuten of enig reglement niet voorzien beslist de Raad van Toezicht,‬ ‭gehoord het College van Bestuur.‬

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14509357/1