Bijlage 2. Nadere toelichting fabriekshal achter Lindenbaum EH.pdf
Tekst van het document
Nadere toelichting m.b.t. sloop fabriekshal achter Lindenbaum De fabriekshal heeft – ook blijkens de omschrijving die is opgesteld door Bureau Monumenten & Archeologie (BMA) – geen monumentale waarde. Zo is in de omschrijving is overwogen: “Aan de achterzijde was een gelijkvloers fabrieksgebouw van een bouwlaag van een zeer utilitair karakter (ijzeren geraamte met vullingen van baksteen) waarin de binderij en drukkerij waren gevestigd. Dit achterdeel is nu een zeer onsamenhangend geheel van allerlei oude en nieuwe bouwdelen, ingevoegde vensters, roldeuren en buizen.” En: “De achterbouw bestaat aan de noordkant uit een hoge bedrijfshal met bovenramen met witgesausd muurwerk en een dak met stalen profielen. Alle bovenramen zijn vervangen door kunststof kozijnen en er zijn roldeuren en ramen ingevoegd. Aan de achterkant van de achterbouw is een groot ventilatiesysteem met buizen en een stelling. Aan de zuidkant van de achterbouw is een onsamenhangend geheel van bouwsels van verschillende hoogtes, uit zowel de bouwperiode als daarna. Er zijn vensters van verschillende maten, deuren en roldeuren over de bouwdelen verspreid.” De waarden van de fabriekshal zijn (voor zover deze ooit al monumentaal genoemd konden worden) in de loop der tijd door verbouwingen en aanpassingen verloren gegaan. De onderstaande foto’s van de fabriekshal maken een en ander inzichtelijk.
Het Bureau Monumenten & Archeologie (M&A) van gemeente Amsterdam onderschrijft deze constatering. Door hen is aangegeven dat het slopen van het achterste bouwdeel niet op onoverkomelijke bezwaren stuit, op voorwaarde dat een nieuw bouwplanvoorstel ter plaatse goed aansluit bij het te handhaven voorste bouwdeel.
1 van 3
2 van 3
Daarnaast is het voor de herontwikkeling van deze locatie, op basis van de stedenbouwkundige visie van gemeente Amsterdam, niet mogelijk om de fabriekshal te behouden. Onderdeel van deze visie is dat de fabriekshal ruimte zal maken voor de ondergrondse parkeergarage en daarboven nieuwbouwwoningen. Er is veelvuldig overleg geweest met M&A over deze plannen. Het behoud van de fabriekshal doorkruist deze plannen en vormt daarvoor een grote belemmering: geen mogelijkheid om een ondergrondse parkeergarage te maken waardoor het weghalen van de parkeerplaatsen uit de Openbare Ruime niet meer mogelijk is. Het behoud van de fabriekshal zou betekenen dat er een hele nieuwe stedenbouwkundige visie moet komen, waarbij de uitgangspunten m.b.t. verkeer en het parkeren gewijzigd moeten worden. Dit gaat ten koste van de beoogde kwaliteit voor dit gebied en de openbare ruimte en de financiële haalbaarheid.
3 van 3