Bijlage 2 Managementsamenvatting Rapportage Korte termijn Oplossingen Verkenning HOV ZaanIJ.pdf
Tekst van het document
Studie HOV ZaanIJ Korte-termijn-oplossingen | Vervoer Over Water, Fiets, Bus en Tariefintegratie
Managementsamenvatting De regio Amsterdam staat voor een grote woningbouwopgave. In de periode tot 2040 is de ontwikkeling van circa 50.000 woningen in de ZaanIJ-corridor voorzien. Daarvan zijn 30.000 tot 35.000 woningen voorzien in de periode tot 2030. Mobiliteitsanalyses laten zien dat in de periode tussen 2026 en 2028 een capaciteitsprobleem in het OV ontstaat in de ZaanIJ-corridor. In de periode daarvoor kan het huidige OV nog meegroeien met de toenemende vraag. Om in te spelen op de voorziene capaciteitsproblemen onderzoeken we in opdracht van de Vervoerregio Amsterdam (VRA), de gemeenten Amsterdam en Zaanstad en provincie Noord-Holland welke maatregelen noodzakelijk zijn. De Vervoerregio Amsterdam kijkt daarbij zowel naar maatregelen op de korte als op de lange termijn. Op de lange termijn wordt rekening gehouden met een schaalsprong in de vorm van een nieuwe bus-, tram- of metroverbinding. Voor de korte termijn wordt gekeken naar een breed palet aan maatregelen die de schaalsprong kunnen ondersteunen of de noodzaak voor een schaalsprong vooruit kunnen schuiven in de tijd. Het voorliggende rapport gaat over korte-termijn-maatregelen om de bereikbaarheid op de ZaanIJ-corridor te verbeteren. Deze studie kijkt naar de volgende maatregelen, die voortkomen uit een aanscherping van genoemde suggesties uit het Plan van Aanpak studie HOV ZaanIJ (VRA, 2021): • • • •
doorfietsroute; vervoer over water; busoptimalisatie; tariefintegratie.
Per type maatregelen kijkt dit onderzoek naar de huidige situatie en zijn mogelijke maatregelen in kaart gebracht. Met behulp van verkeersmodelberekening is bepaald welke bijdrage de verschillende maatregelen kunnen leveren aan het ontlasten van het OV op de ZaanIJcorridor. Tevens zijn overige kansen en knelpunten in beeld gebracht. Voor Vervoer over Water zijn twee varianten onderzocht: een relatief snelle tussen Amsterdam CS en Zaandam en een kris-kras-verbinding die meerdere haltes aandoet. De studie laat zien dat vooral een variant met een aantrekkelijke reistijd een goede bezetting per afvaart zou kunnen behalen. Het grootste deel van de gebruikers die gebruik van vervoer over water zullen maken zijn reizigers die nu in de trein zitten (55% tot 60%) en in mindere mate busreizigers van de ZaanIJ-corridor (15% tot 25%). De exploitatiekosten zijn echter hoog. Daarmee lijkt inzetten op vervoer over water geen efficiënte keuze om de problematiek op de ZaanIJ corridor op te lossen. Een beperktere variant van vervoer over water, gericht op de bediening van de gebiedsontwikkelingen Hembrugterrein, Achtersluispolder en mogelijk ook Houthavens, biedt aanknopingspunten om de bereikbaarheid van deze gebieden te vergroten tegen lagere kosten. Onderzocht zou kunnen worden hoe een kleinschaliger en goedkoper systeem hieraan kan bijdragen.
De kwaliteit van de fietsroute tussen Zaandam en Amsterdam is redelijk goed op orde, maar deze studie laat zien dat kwaliteit van de route op verschillende manieren verder versterkt kan worden. Er staan al maatregelen op de agenda en deze studie onderzoekt een aantal aanvullende maatregelen.
Sweco | Studie HOV ZaanIJ: Kortetermijnoplossingen Projectnummer 51007935 Datum 26-08-2022 Versie Definitief (D0) (D0) 6/77
De modelberekeningen wijzen op een zeer beperkt effect van alle fietsmaatregelen op de vervoerwijzekeuze: het aandeel fietsers op de corridor blijft nagenoeg gelijk. De maatregelen kunnen wel bijdragen aan een toename van het totaal aantal fietsers op corridorniveau. Bovendien zijn de doorfietsmaatregelen op de ZaanIJ-corridor no-regret omdat ze de huidige en toekomstige fietsers faciliteren. De fietsmaatregelen conflicteren niet met eventuele lange-termijn-maatregelen. De onderzochte maatregelen kunnen op die manier een opstap vormen voor een toekomstige rechtstreekse doorfietsverbinding tussen Amsterdam en Zaandam en voor het oplossen van het fietsknelpunt bij metrostation Noorderpark. Voor busoptimalisatie is gekeken naar mogelijke verbeteringen in het huidige busnetwerk, zonder een systeemsprong in het openbaar vervoer. De ruggengraat van het (H)OV wordt gevormd door de Noord-Zuidlijn, de R-netlijnen over de Klaprozenweg en het hoofdspoornet met drie stations in Zaanstad die verbonden zijn met Amsterdam Centraal. Voor de wijken en werkgebieden die aan deze assen liggen, is de reistijd per OV goed. Er is echter behoefte aan meer rechtstreekse en hoogwaardige verbindingen naar Amsterdam-Oost, Amsterdam-West en Zaanstad. Ook zijn de wijken en werkgebieden die verder van de assen liggen nu afhankelijk van het onderliggend OV-net.
De studie laat zien dat door herontwerp van het huidige lijnennet verbeteringen ontstaan, waaronder meer reizigers, meer rechtstreekse verbindingen, kortere reistijden en een robuuster netwerk. De kosten nemen echter ook fors toe. Ondanks deze optimalisaties blijft een schaalsprong van het OV op de lange termijn (na 2030) nodig. Met deze optimalisaties kan het bussysteem daarop anticiperen. Bij tariefintegratie, het invoeren van één uniform tariefsysteem voor al het OV in de regio, krijgen busreizigers bij een overstap van bus op trein niet te maken met een tariefdrempel. Die drempel ontstaat doordat overstappende reizigers in de huidige situatie twee keer een basistarief moeten betalen. Voor afstanden van 2 tot 25 kilometer is deze ‘overstapboete’ (de meerprijs die overstappende reizigers betalen) gemiddeld 42% van de ritprijs. Dat betekent dat het OVsysteem flexibeler en efficiënter benut kan worden. Tariefintegratie is met name interessant op locaties waar veel dubbelingen zijn in het OV-aanbod en waar veel wordt overgestapt. Op de ZaanIJ-corridor is die meerwaarde er niet of beperkt. Daarom leidt het weghalen van de tariefdrempel tot een toename van slechts 1 à 2 % reizigers op de ZaanIJ-corridor. Tariefintegratie biedt dus geen meerwaarde in het ontlasten van het OV op de ZaanIJ-corridor.
In de bredere regio biedt tariefintegratie mogelijk wel aanknopingspunten voor een hogere bezetting en betere verdeling over het openbaar vervoer. Gelet op het doel van de studie is de aanbeveling om met name het onderdeel busoptimalisatie in een volgende fase verder uit te werken in combinatie met een schaalsprong in het openbaar vervoer. De onderdelen Vervoer over Water en Doorfietsroute hebben meerwaarde voor de bereikbaarheid in het gebied. Ze hebben beperkte meerwaarde in ondersteuning van een systeemsprong en het advies is om ze in een vervolgfase van dit project dan ook buiten beschouwing te laten. Het onderdeel tariefintegratie heeft geen meerwaarde en hoeft niet verder uitgewerkt te worden.
Sweco | Studie HOV ZaanIJ: Kortetermijnoplossingen Projectnummer 51007935 Datum 26-08-2022 Versie Definitief (D0) (D0) 7/77