Bijlage 2 - Locatieonderzoek Nachtclubs
Tekst van het document
25-09-2025
LOCATIEONDERZOEK NACHTCLUBS
INHOUDSOPGAVE 1.
Inleiding
2.
Onderzoekskaart Nachtclubs
3.
Beleid 3.1 Totaalkaart kansen in beleid 3.2 Nacht OV bereikbaarheid 3.3 (Nieuwe) Stadskernen 3.4 Groenblauwe kralenketting 3.5 Binnenstad 3.6 Gebieds ontwikkeling en -transformatie 3.7 Vrije Ruimte en Broedplaatsen 3.8 Kansenkaart beleid
4.
Locatieonderzoek 4.1 Clubs April 2025 4.2 Inventarisatie kaarten 4.3 Ruimtelijke kansenkaart
5.
Actualiteiten RO
6.
Aanbevelingen
7.
Bijlagen 7.1 Club analyses bestaand 7.2 Kansenkaart 7.3 Programma van Eisen 7.4 Gebieden Amsterdam OvA 2050
8.
2
Bronnenlijst
Figuur 2: DJ met dansende mensen, Charlotte van der Gaag (inhoudsopgave)
3
1. INLEIDING In het kader van de Uitvoeringsagenda Nachtcultuur 2023–2026 is een stadsbreed locatieonderzoek aangekondigd. Dit onderzoek is gestart naar aanleiding van de herhaalde constatering tijdens gesprekken over nachtcultuur dat er in Amsterdam een tekort is aan zowel tijdelijke als permanente ruimte voor nachtclubs. Het doel van dit locatieonderzoek is het identificeren van potentiële gebieden binnen de gemeente Amsterdam die geschikt kunnen zijn voor de vestiging van nachtclubs. Hierbij ligt de focus uitsluitend op de ruimtelijke mogelijkheden; kansrijke locaties worden in kaart gebracht en visueel weergegeven. Dit betreft een eerste verkennende scan; nadere onderzoeken per gebied zijn noodzakelijk om een gedetailleerdere inschatting van de mogelijkheden te kunnen maken. Het is belangrijk te benadrukken dat het aanwijzen van een gebied als kansrijk niet automatisch betekent dat initiatieven binnen dat gebied zonder meer een vergunning zullen ontvangen. Voor iedere specifieke locatie is een nadere beoordeling op pand-, kavel of gebiedsniveau vereist om vast te stellen of het daadwerkelijk mogelijk is om daar een nachtclub te vestigen.
4
Figuur 3 – Dansende mensen bij DJ-booth, Stef van Oosterhout (inleiding)
Gebieden die niet op de kaart zijn weergegeven, worden in dit onderzoek als minder kansrijk beschouwd. Initiatieven in deze gebieden kunnen daardoor mogelijk op minder actieve ondersteuning van de gemeente rekenen Voor dit onderzoek wordt de definitie van een nachtclub als een locatie met een dansgerichte, gecureerde programmering gehanteerd. Locaties met een capaciteit tussen 200 en 2000 personen vallen binnen de scope. De opgaven rondom nachtcultuur zijn echter breder dan alleen nachtclubs. Daarom worden in de aanbevelingen enkele vervolgonderzoeken aanbevolen die ook andere aspecten van nachtcultuur behandelen. Het onderzoek verkent de ruimtelijke kansen voor nachtclubs vanuit verschillende invalshoeken. Hierbij is gekeken naar bestaand gemeentelijk beleid, zijn ruimtelijke analyses uitgevoerd en zijn gesprekken gevoerd met directies en stadsdelen binnen de gemeentelijke organisatie om actuele ontwikkelingen en lokale inzichten te verzamelen. Dit onderzoek richt zich uitsluitend op de ruimtelijke inpassing van nachtclubs en gaat niet in op de specifieke bouwkundige of gebruikseisen waaraan een club moet voldoen. Een volledig overzicht van de uitgangspunten en de afbakening van dit onderzoek is opgenomen in bijlage 7.3 (Programma van Eisen(PvE)).
5
2. ONDERZOEKSKAART NACHTCLUBS Op de volgende pagina is de onderzoekskaart voor nachtclubs binnen de gemeente Amsterdam weergegeven. Deze kaart is samengesteld op basis van drie hoofdstukken die in dit document nader worden toegelicht. In deze hoofdstukken wordt onder andere beschreven welke bronnen zijn gebruikt en op welke wijze deze informatie relevant is voor het onderwerp. De kaartlagen zijn afkomstig uit de drie hoofdstukken 3. Beleid, 4. Ruimtelijk onderzoek en 5. Actualiteiten Ruimtelijke Ordening (RO).
Aangezien dit een onderzoekskaart betreft, zijn alle gebieden opgenomen die uit het onderzoek naar voren zijn gekomen. Sommige van deze gebieden, zoals Sloterdijk II en III, worden door juridische afspraken uitgesloten als kansrijke locaties voor permanente nachtclubs. De klaprozenbuurt is ook in een al gevorderd stadium waardoor dit gebied ook weinig potentieel heeft.
De kaart geeft verschillende gebieden aan die potentieel geschikt zijn voor nachtclubs. Het is van belang te benadrukken dat deze kaart kansen in kaart brengt, maar niet garandeert dat nachtclubs daadwerkelijk op deze locaties zullen worden gevestigd. Voor iedere specifieke locatie is aanvullend onderzoek noodzakelijk om te bepalen of een nachtclub daar mogelijk en passend is. De meeste kansrijke gebieden bevinden zich in transformatiegebieden. Betrokkenheid van een nieuwe nachtclub in een vroeg stadium van gebiedsontwikkeling kan bijdragen aan een betere afstemming van het ontwerp en de programmatische invulling van het gebied. Verschillende gebieden kennen specifieke aandachtspunten. Zo vragen gebieden aan de stadsrand, zoals bedrijfs- en industrieterreinen, nader onderzoek naar veiligheid en bereikbaarheid per openbaar vervoer en fiets. Binnen het stadscentrum ligt de uitdaging vooral bij de integratie van een nachtclub in de bestaande stedelijke structuur en omgeving, waaronder geluidsisolatie.
6
7 Figuur 4: Dansende mensen, Tillatec (onderzoekskaart nachtclubs)
Onderzoekskaart Nachtclubs Disclaimer voor onderzoekskaart Op deze kaart zijn alle locaties weergeven die in dit ruimtelijke onderzoek naar voren zijn gekomen. Verschillende locaties zijn niet geschikt vanwege andere afspraken of beleidsambities, denk aan de juridische afspraken die gemaakt zijn voor Sloterdijk II en III. Voor de volledigheid zijn wel alle locaties op de kaart opgenomen.
Kans gebieden
8
9 QGIS) Figuur 5: Onderzoekskaart nachtclubs (eigen kaart,
3. 2. BELEID
De gemeente Amsterdam wil nachtcultuur beschermen en stimuleren. In de Nachtvisie (2021) heeft de gemeente als eerste stad van het land de waarde van nachtcultuur vastgelegd en erkend. In de visie inventariseert de gemeente samen met de nachtcultuursector de belangrijkste thema’s voor de sector en de stad, zodat nu en in de toekomst de nachtcultuur steviger en meer integraal kan worden geborgd in gemeentelijk beleid. Dit betreft zowel kunst en cultuur als tal van andere beleidsterreinen, zoals diversiteit, stedelijke ontwikkeling, economie, verkeer, gezondheid en de openbare orde. De gemeente constateert in de visie dat: “In de nacht kunnen Amsterdammers en bezoekers deelnemen aan en genieten van cultuur die de stad verrijkt en wezenlijk onderdeel is van het verhaal van Amsterdam. Tegelijkertijd staat de nachtcultuur onder druk door de groei van de stad en door een toenemend gebrek aan ruimte en mogelijkheden. Er zijn onvoldoende betaalbare locaties voor nieuwe initiatieven en evenementen. De stad wordt steeds minder betaalbaar voor mensen die in de sector werken en voor hun publiek.” Met de Nachtvisie is de sociale, economische, culturele en artistieke waarde van nachtcultuur beschreven. Ook geeft de Nachtvisie aan wat ervoor nodig is om deze waarde te behouden en te versterken.
Een van de grootste aandachtspunten is dat initiatieven voor nachtcultuur te maken hebben met schaarste aan zowel tijdelijk als permanent beschikbare plekken en een gebrek aan spreiding over de stad. Tegelijkertijd zijn er gezien de aard van nachtcultuur specifieke randvoorwaarden nodig, zoals een goede infrastructuur en maatregelen om veiligheid te waarborgen en overlast te voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan extra geluidsisolatie van panden en nachtelijke bereikbaarheid via het openbaar vervoer. Om de visie handen en voeten te geven heeft de gemeente in 2023 de Nachtvisie omgezet in een set concrete maatregelen in de Uitvoeringsagenda Nachtcultuur 2023-
10 Figuur 6: Radion Amsterdam (beleid)
2026. In de Uitvoeringsagenda wordt het vinden van zowel tijdelijke als permanente ruimte voor nachtcultuur benoemd als een van de grootste uitdagingen. Zo wordt in de Uitvoeringsagenda aangegeven dat: “Bestaande en bewezen locaties zijn vaak onvoldoende beschermd bij nodige gebiedsontwikkelingen, maar ook voor veranderende regelgeving en veranderende verhoudingen in de buurt. Dit staat continuïteit voor nachtcultuur in de weg en voorkomt bijvoorbeeld dat er investeringen worden gedaan in dure isolatie van tijdelijke locaties. Buurtbewoners blijven daardoor huiverig voor nieuwe nachtcultuurlocaties. Vooral in de delen van de stad met een bouwopgave staan bestaande, vaak tijdelijke, locaties onder druk. In de praktijk zijn (nieuwe) initiatieven vaak moeilijk inpasbaar binnen bestaande bestemmingsplannen. Ook wanneer er een locatie is gevonden geven initiatieven aan dat er veel kennis nodig is van gemeentelijke procedures, maar ook tijd en geld om voet aan de grond te krijgen. Daarnaast moet er rekening gehouden worden met eventuele (verwachting van) overlast voor de buurt.” Eén van de belangrijkste maatregelen uit de Uitvoeringsagenda betreft dan ook het uitvoeren van een stadsbreed locatie- en haalbaarheidsonderzoek. Met het locatieonderzoek kan in kaart worden gebracht welke mogelijkheden, kansen en beperkingen er zijn voor permanente en tijdelijke plekken voor nachtcultuur.
Dit onderzoek wordt uitgevoerd door het Locatieloket van Ruimte & Duurzaamheid. Een eerste onderdeel van het locatieonderzoek betreft het in kaart brengen van de ambities van de gemeente en welke (on)mogelijkheden het ruimtelijk beleid biedt voor nieuwe locaties. Duidelijkheid hierover krijgen is belangrijk. In het verleden is gebleken dat de gemeente pas vrij laat in het vergunningsproces erachter kwam dat bepaalde locaties beleidsmatig ongewenst of onmogelijk waren. Daarnaast kunnen we hiermee uitleggen waarom bepaalde locaties niet zijn meegenomen in het locatieonderzoek. De gemeente heeft in veel 11
3.1 Totaalkaart kansen in beleid
Figuur 7: Totaalkaart kansen in beleid (eigen kaart, QGIS)
verschillende beleidsstukken haar ambities uitgesproken om nachtcultuur in de stad te behouden en te versterken. Daarvoor zijn sommige gebieden waarschijnlijk kansrijker dan andere. Op basis van een analyse van bestaand beleid sommen we hieronder locaties of gebieden op waar nachtcultuur aan bestaand beleid kan worden gekoppeld.
12
3.2 Bereikbaarheid met openbaar vervoer in de nacht
Figuur 8: Nacht-OV bereikbaarheid (eigen kaart, QGIS)
Zowel in de Nachtvisie als in de Omgevingsvisie wordt het belang onderstreept van een goede bereikbaarheid in de nacht. Zo wordt in de Nachtvisie beschreven: “Nieuwe locaties dienen goed bereikbaar te zijn met openbaar vervoer of per fiets. In het verleden is gebleken dat het ontbreken van passend (openbaar) vervoer in de nacht het moeilijk maakt voor clubs om voldoende publiek te trekken. Voorbeelden hiervan zijn JACK in Zuidoost en Noorderling op het NDSM-terrein. JACK sloot om 05.00 uur, waardoor bezoekers vaak een paar uur op het openbaar vervoer moesten wachten. De laatste directe pont naar Amsterdam Centraal vertrekt om 03.00 uur vanaf NDSM, terwijl de uitgaansgelegenheden veel langer open zijn” (p.13). Vanuit ruimtelijk beleid wordt openbaar vervoer in de nacht ook aangestipt als aandachtspunt voor het realiseren van nachtcultuur. Hoewel er in de Omgevingsvisie op dit punt vrijwel geen aandacht wordt
besteed aan nachtcultuur, wordt de Nachtvisie in het ruimtelijke beleidsstuk omschreven als “Een visie op de condities voor een 24 uurseconomie en het versterken van de nachtcultuur, met onderwerpen als ov-diensten in de nacht, locaties met 24 uursvergunningen en culturele locaties met nachtprogrammering” (p.234). Bereikbaarheid met openbaar vervoer, in het bijzonder in de nacht, vormt dan ook een belangrijk ‘pluspunt’ voor een aantrekkelijke nachtcultuurlocatie. Afgelegen en perifere locaties die minder goed worden bediend met openbaar vervoer in de nacht genieten niet de voorkeur, alhoewel bezoekers bereid zijn om grote afstanden te fietsen voor hun lievelingsplek. Bereikbaarheid en sociale en (verkeers)veiligheid op straat zijn hierbij belangrijk om mee te nemen. Op het moment van schrijven is de gemeente bezig met het uitbreiden van openbaar vervoer in de avond en nacht met een nachtmetro-pilot. 13
In de Omgevingsvisie wordt veel aandacht besteed aan goed bereikbare stadstraten die van belang zijn voor zowel de buurten als de st De uitkomsten van deze pilot kunnen ervoor zorgen dat meer locaties bereikbaar en aantrekkelijk worden voor nachtcultuur. ad als geheel. Straten en lanen fungeren niet alleen als routes door de stad, maar ook als aantrekkelijke verblijfs- en
ontmoetingsplekken. “Het zijn winkel- en uitgaansgebieden, stadsparken en pleinen, waar kunst en cultuur te vinden zijn, waar gesport wordt, en waar onderwijs, onderzoek en zorg aanwezig zijn” (p. 112). Stadstraten zijn met name overdag dynamische plekken, waardoor de mogelijkheden voor nachtcultuur in stadstraten zich beperken tot locaties met geluidsisolatie.
3.4 Groenblauwe kralenketting
3.3. (Nieuwe) Stadskernen
Figuur 10: Groenblauwe kralenketting (eigen kaart, QGIS)
Figuur 9: (Nieuwe) stadskernen (eigen kaart, QGIS)
Een tweede focus betreft (nieuwe) stadskernen. Nachtcultuur kan bijdragen aan meerkernige ontwikkeling, één van de vijf strategische keuzes van de Omgevingsvisie Amsterdam. Als stedelijke culturele voorziening kan nachtcultuur bijdragen aan de aantrekkelijkheid van nieuwe stadskernen, als plek waar mensen elkaar ontmoeten, nieuwe verbindingen aangaan en elkaar inspireren. Een bonus hierbij is dat deze (nieuwe) stadskernen vaak goed verbonden zijn met openbaar vervoer.
14
De bijdrage van nachtcultuur aan de aantrekkelijkheid van nieuwe stadskernen wordt beaamd in de Visie Bezoekerseconomie 2035, waarin de gemeente werkt aan spreiding voor de bezoekerseconomie door de stad: ”Veel oplossingen voor het toeristisch drukteprobleem bevinden zich met name buiten het centrum. [...] In een meerkernige stad kan de bezoekerseconomie in nieuwe stadskernen bijdragen aan een betere werkgelegenheid, bereikbaarheid en een goed voorzieningenniveau” (p.8). Een concreet voorbeeld is een nieuw cultureel cluster voor het Buikslotermeerplein, met daarin ruimte voor nachtcultuur.
In het verleden heeft het water in de stad ruimte geboden voor nachtcultuur. Een recent voorbeeld is de transformatie van het Veronicaschip bij de NDSM-werf. Ook aan het water, in het bijzonder langs het IJ, biedt het bestaande beleid kansen. In de Omgevingsvisie is een ‘kralenketting’ opgenomen gezet van kleinere en grotere groenblauwe hotspots aan de noordoever van het IJ van “aantrekkelijke publieke plekken, met culturele voorzieningen, een mogelijk nieuw park bij de Sixhaven en een park op de NDSM-werf, uitzichtpunten en zwemplekken” (p. 75). Nachtcultuur kan hier als culturele voorziening bijdragen aan de aantrekkingskracht van deze hotspots.
De Watervisie Amsterdam 2040 (2016) benoemt naast grote publieke gebouwen zoals Eye Filmmuseum en populaire horeca zoals de Tolhuistuin ook bedrijven uit de dans- en muziekbranche als “positieve ontwikkelingen, maar het is niet genoeg. Overal in de stad kunnen we kansen grijpen om de relatie tussen water en oevers te herstellen” (p. 27). Een kanttekening hierbij is dat geluid ver kan dragen over water, dus locaties aan het water zullen rekening moeten houden met geluidsisolatie, geluidsoverlast van rookruimtes en bezoekersstromen.
15
3.5 Binnenstad
3.6 Gebieds ontwikkeling en -transformatie
Figuur 11: Binnenstad (eigen kaart, QGIS)
Een stadskern die in het bijzonder aandacht krijgt in bestaand beleid is het centrum. De coalitie spreekt in haar coalitieakkoord bijvoorbeeld al de ambitie uit om meer kwalitatief te willen programmeren in het centrum. Stadsdeel Centrum spreekt in de Aanpak Binnenstad haar ambities uit om in de binnenstad meer ruimte te creëren voor een hoogwaardige culturele nachtprogrammering, het nachtleven in het centrum weer aantrekkelijk te maken voor de Amsterdammer, en het nachtleven inclusiever en diverser te maken. In deze twee beleidsstukken zet stadsdeel in het bijzonder in op nachtbroedplaatsen, plekken waar organisaties een thuis kunnen hebben om te ontwikkelen, talent te kweken, buiten de bestaande clubinfrastructuur. Het stadsdeel plaatst hierbij wel de kanttekening dat de dichtheid van woningen hoog is en clubs dus veelal directe omwonenden hebben, wat het realiseren van een clubfunctie van de nachtbroedplaats zal bemoeilijken. Toch schrijft het stadsdeel 16
Figuur 12: Gebiedsontwikkeling & -transformatie (eigen kaart, QGIS)
ook dat “In de Nachtvisie is gesignaleerd dat er grote behoefte is aan permanente plekken voor een bloeiende nachtcultuur. Veel nachtcultuur is gevestigd op tijdelijke plekken. Hoewel er relatief veel locaties in de binnenstad aanwezig zijn, blijft het van belang om zowel voor nachtcultuur als nachtcultuurbroedplaatsen locaties toe te voegen en onderzoek te doen naar de mogelijke locaties. De onlangs aangenomen motie in de Raad is hier een voorbeeld van: om in de plannen van het Marineterrein ruimte te maken voor een nachtcultuur (de commandantwoning, inclusief bunker op het Marineterrein zouden een goede plek zijn)” (Actieplan, p. 6). Vanuit bestaand beleid vormt het centrum één van de focusgebieden voor nieuwe nachtcultuurlocaties. Door de hoge bevolkingsdichtheid en schaarse ruimte staat deze ambitie tegelijkertijd ook op gespannen voet met de wens om overlast voor omwonenden in het centrum te beperken. Nachtcultuur kan hier alleen als (geluids) overlast voor de omgeving beperkt is.
In de nog niet gerealiseerde stad zijn er nog veel mogelijkheden om nachtcultuur toe te voegen en dit wordt ook in veel verschillende documenten genoemd. Zo kondigt de coalitie in haar akkoord aan dat er “in gebiedsontwikkelingen expliciet ruimte [wordt] gemaakt voor nachtcultuur en wordt gekeken naar tijdelijke invulling” (p.31). Als gevolg hiervan is nachtcultuur in 2024 opgenomen in de referentienormen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen (2024). Deze referentienormen zijn theoretische modellen die de gemeente helpen om te sturen op ruimtebehoefte van maatschappelijke voorzieningen. Het college zet zich actief in voor mogelijkheden voor nachtcultuur in Amsterdam, maar bieden geen garantie dat er voldoende voorzieningen worden gebouwd. In het Broedplaatsenbeleid 2023-2026 worden daarnaast gebiedstransformaties benoemd als aandachtspunten: “Op plekken waar gebiedstransformatie plaatsvindt is het belangrijk in gesprek te
gaan met de ontwikkelaars of er ruimte is voor een permanente broedplaats. Zoals het behoud van een broedplaatsfunctie met nachtcultuur in het project Mercatorpark. En de toevoeging van een broedplaats in het nieuw te ontwikkelen gebied Sloterdijk.” (p.85) In de Ontwikkelstrategie 2035 (2024) wordt expliciet genoemd dat de groei van de stad snel ten koste gaat van zwakkere, kwetsbare ruimtevragers: “Deze [ruimtevragers] zijn echter onmisbaar voor Amsterdam. Er moet ook ruimte blijven voor culturele expressie, lokale initiatieven, alternatieve woonvormen als woonwagens, vluchtelingenopvang en nachtcultuur. Mede als gevolg van de gebiedsontwikkeling staat de vrije ruimte in de stad onder druk. Belangrijk is om in een groeiende stad ruimte te bieden aan het behoud van bestaande en de ontwikkeling van nieuwe vrijplaatsen.” (p. 32)
17
Een oplossing die aangeboden wordt is om binnen de stad te zoeken voor gecombineerd ruimtegebruik, waarbij kan worden gedacht aan “een combinatie met nieuwe sportvoorzieningen, nachtcultuur en vrijplaatsen” (p. 33). Bedrijventerreinen worden voorgesteld als een plek waar intensivering plaats kan vinden met ruimte voor stedelijke functies of “andersoortige functies die de levendigheid van het
bedrijventerrein vergroten” (p. 71). Nachtcultuur wordt hier expliciet genoemd als zo’n andersoortige functie. Deze gebieden bieden kansen voor nachtcultuur, al moet hierbij worden vermeld dat niet ieder transformatiegebied zich leent voor nachtcultuur. Dit moet per locatie worden bekeken.
3.7 Vrije Ruimte & Broedplaatsen
en Noord van belang. Stadsdeel Centrum benoemt in het Broedplaatsenbeleid dat betaalbaarheid essentieel is. West ziet gebiedstransformatie als een kans om met ontwikkelaars te onderzoeken of er ruimte is voor een permanente broedplaats. Het behoud van een broedplaatsfunctie met nachtcultuur in Mercatorpark en de toevoeging van een broedplaats in het nieuwe gebied Sloterdijk worden als voorbeelden genoemd. Noord constateert dat de nachtcultuur onder druk staat vanwege de tijdelijke voorzieningen: “alle nachtclubs in bijvoorbeeld het Hamerkwartier zijn tijdelijk van aard en zullen op termijn een nieuwe plek moeten zoeken” (p.85). Het stadsdeel steunt het nieuwe beleid om nachtprogrammering in broedplaatsen te stimuleren, wat kan leiden tot interessante combinaties van dag- en nachtactiviteiten. Die zorg wordt herkend, maar tegelijkertijd is het belangrijk om te benoemen dat tijdelijkheid ook kansen biedt en vaak goed past bij initiatieven.
De stadsdelen Nieuw-West en Zuid noemen de behoeften van bewoners als belangrijk voor het stimuleren van broedplaatsen voor nachtcultuur. Stadsdeel Zuid hoopt ruimte te vinden die niet “ten koste gaat van het wooncomfort van omwonenden en van groen” (p.102). De Expeditie Vrije Ruimte (2019) is vastgesteld om bestaande en bedreigde Vrije Ruimte te beschermen en om nieuwe Vrije Ruimte beschikbaar te stellen voor Amsterdammers. In het beleidsstuk vermeldt de gemeente dat ze “aan de slag [gaat] met het bieden van mogelijkheden aan bewoners en maatschappelijke organisaties om in de openbare ruimte en in gebouwen en op terreinen van de gemeente Amsterdam initiatieven te ontplooien in de Vrije Ruimte. Dat kan gaan over initiatieven op het terrein van kunst en (nacht)cultuur.” (p. 24).
Figuur 13: Totaalkaart (eigen kaart, QGIS)
In zowel het Strategisch Huisvestingsplan Kunst en Cultuur 2023-2027 als het Broedplaatsenbeleid 2023-2026 (2024) wordt aangekondigd dat er wordt onderzocht of bestaande broedplaatsen kunnen worden uitgebreid met voorzieningen voor nachtcultuur. Voor het Broedplaatsenbeleid hebben
18
meerdere stadsdelen input geleverd, waaruit een duidelijke wens naar voren komt om nachtprogrammering in broedplaatsen te stimuleren. De zoektocht naar permanente broedplaatsen voor nachtcultuur is voor Centrum, West
19
3. Osdorpplein Net als Sloterdijk is Osdorpplein ook aangewezen als nieuwe stadskern in de Omgevingsvisie. Op de lange termijn is hier na de bouw van de Nieuwe Meervaart ook nachtcultuur mogelijk. In het gebied wordt veel getransformeerd en het is goed bereikbaar met het openbaar vervoer in de nacht.
3.8. Kansenkaart beleid
4. Schinkelkwartier In het Schinkelkwartier in het zuidwesten van de stad bevindt zich een groot transformatiegebied waar inmiddels al enkele nachtcultuurlocaties zijn gevestigd. Daarnaast huisvest het gebied enkele broedplaatsen en vrije ruimte. Het gebied is goed bereikbaar met het openbaar vervoer in de nacht. 5. Amstelstation In de omgeving van het Amstelstation bevinden zich enkele bedrijventerreinen die worden getransformeerd. Het gebied staat in de Omgevingsvisie net als Sloterdijk ook beschreven als nieuwe stadskern waar stedelijke culturele voorzieningen een plek kunnen krijgen. In het gebied zijn enkele broedplaatsen en enkele nachtcultuurlocaties gevestigd. Daarnaast is het gebied ook goed bereikbaar in de nacht.
Figuur 14: Kansenkaart beleid (eigen kaart, QGIS)
Conclusies Uit de analyse van verschillende beleidsstukken komen een aantal gebieden naar voren die kansrijk zijn om verder te onderzoeken. We lichten deze gebieden hieronder toe. 1. NDSM-werf Oost Op de NDSM-werf zijn veel broedplaatsen te vinden die mogelijk nachtprogrammering kunnen aanbieden. Daarnaast is het gebied aan het transformeren, wat mogelijkheden in tijdelijkheid biedt, en is het gebied relatief goed bereikbaar met het openbaar vervoer in de nacht.
20
6. ArenAPoort Het nieuwe stadshart van Zuidoost staat beschreven als nieuwe stadskern in de Omgevingsvisie. In het gebied is nog geen nachtcultuur gevestigd, ondanks een uitgesproken wens vanuit het stadsdeel. In de omgeving bevinden zich transformatiegebieden die mogelijkheden bieden voor nachtcultuur. Het gebied is goed verbonden met het openbaar vervoer en huisvest enkele broedplaatsen en vrije ruimte locaties. 7. Piet Heinkade De centrale ligging van de Piet Heinkade vlakbij het Centraal Station is een groot pluspunt. In de strook langs het IJ bevinden zich veel broedplaatsen en vrije ruimte locaties. Een aandachtspunt voor dit gebied betreft de ligging aan het water. Geluid draagt ver over het water en dit kan zorgen voor overlast.
2. Sloterdijk In de Omgevingsvisie Amsterdam staat Sloterdijk beschreven als één van de nieuwe stadskernen. De toevoeging van een stedelijke culturele voorzieningen in de vorm van nachtcultuur draagt bij aan die meerkernige ontwikkeling. Sloterdijk is aangesloten op het nachtbussennetwerk. Het gebied is bekend bij het Amsterdamse uitgaanspubliek door de huidige aanwezigheid van enkele nachtclubs, en in het gebied bevinden zich ook veel broedplaatsen. Grote delen van Sloterdijk behelsen daarnaast transformatiegebieden waar in tijdelijkheid mogelijkheden liggen. Dit biedt kansen voor Sloterdijk om deze tijdelijke plekken een permanente plek te bieden. Belangrijk hierbij te vermelden is dat het noordelijke deel van Sloterdijk bij de haven is aangemerkt als gebied van provinciaal belang, waardoor hier geen nieuwe nachtcultuur kan worden toegevoegd. 21
4.RUIMTELIJK ONDERZOEK Dit onderzoek heeft op een hoog abstractieniveau de ruimtelijke kansen in kaart gebracht voor nachtclubs en op basis daarvan een aantal eerste bevindingen geformuleerd. Deze bevindingen geven richting en inzicht in mogelijke ontwikkelrichtingen, maar zijn in belangrijke mate gebaseerd op aannames en globale analyses. Het is daarom van belang om deze resultaten te beschouwen als een startpunt voor verdere verdieping. Voor veel van de onderwerpen is aanvullend, gedetailleerd onderzoek noodzakelijk om de aannames te toetsen en tot meer onderbouwde, concrete inzichten en keuzes te komen.
22
Figuur 15: Nachtcultuur, Kaspar Luzern (locatieonderzoek)
4.1 Clubs April 2025 In dit onderzoek zijn drie typen clubs onderscheiden: kleine, middelgrote en grote clubs. Een volledige lijst van de bestaande nachtclubs (peildatum april 2025) is opgenomen in bijlage 7.1. De indeling van een club in één van deze categorieën is gebaseerd op de capaciteit. Een kleine club heeft een capaciteit tussen 200 en 500 personen, een middelgrote club tussen 500 en 1000 personen, en een grote club tussen 1000 en 2000 personen. Hierbij is niet gekeken naar diversiteit, het aanbod of de doelgroep van deze clubs.
In de onderstaande afbeelding is aanvullende informatie te vinden over de bestaande clubs. Ook is hierin aangegeven in welke gebieden deze typen clubs volgens dit onderzoek mogelijk zijn. Deze gebieden zijn ontleend aan de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (OvA 2050) en worden in dit document nader toegelicht. Ter ondersteuning is in bijlage 7.4 een overzicht opgenomen van deze gebieden, inclusief voorbeelden van locaties die hieronder vallen.
23
komen. Het is essentieel dat de voorzieningen voor deze vervoerswijzen goed worden ingericht.
4.1.2 Ruimtelijke aspecten per gebied
Kleine nachtclubs kunnen in deze buurten goed worden gecombineerd met woon- en andere niet-woon functies. Nieuwbouwprojecten vanaf 2025 bieden uitstekende isolatiemogelijkheden, wat de combinatie van wonen en nachtleven mogelijk maakt. Het belangrijkste is om overlast in de openbare ruimte te beperken, bijvoorbeeld door buiten roken te verbieden en beveiliging buiten de club te plaatsen. Voor middelgrote clubs is een combinatie met een woonprogramma niet mogelijk/ wenselijk. Voor niet-woon programma is dit ten alle tijden wenselijk. Hierdoor vergroot je het gebruik van een pand op verschillende tijden en kunnen er slimme combinaties gemaakt worden met voorzieningen zoals fietsparkeerplekken.
Hoogstedelijk centrum
Een grote club kan niet gecombineerd worden met woonfuncties in hetzelfde gebouw, en het is ook wenselijk om zo min mogelijk woonfuncties in de directe omgeving van de club te hebben. Stationskwartier en centrum gebieden Stationskwartieren en centrumgebieden fungeren vaak als knooppunten voor omliggende buurten en zijn goed verbonden met de rest van de stad en vaak met de metropoolregio. Deze gebieden herbergen veel voorzieningen die een stedelijke aantrekkingskracht hebben. Deze gebieden zijn bijzonder geschikt voor nachtcultuur. Ze zijn goed bereikbaar, beschikken over een breed scala aan voorzieningen die vaak tot laat open zijn en bieden een goede balans tussen woon- en niet-woon functies.
Hoogstedelijke buurt Gemengde stadsbuurt Bedrijven / industrieterreinen Centrumgebieden Stationskwartieren
Figuur 16: Kansgebieden (ruimtelijke analyses, eigen kaart, QGIS)
In de bovenstaande kaart zijn verschillende gebieden weergegeven, die zijn gebaseerd op de verschillende type gebieden uit de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 zoals net toegelicht en terug te vinden in bijlage 7.4. Uit dit onderzoek blijkt duidelijk dat de ruimtelijke aspecten die relevant zijn voor nachtclubs vaak vergelijkbaar zijn, ongeacht het type club. Dit maakt het duidelijk dat deze aspecten meer locatie gebonden zijn dan specifiek gerelateerd aan een bepaald type club.
een aanzienlijke hoeveelheid nietwoon functies. Ze zijn vaak voorzien van levendige stadsstraten, die al een aanbod van nachtelijke activiteiten bevatten, zoals restaurants, bars, cafés en theaters.
De genoemde ruimtelijke aspecten hieronder zijn algemene bevindingen voor de nachtcultuur. Dit betekent echter niet dat ze in elk geval van toepassing zijn. Zoals eerder aangegeven, zal per gebouw of kavel een gedetailleerde studie uitgevoerd moeten worden.
In deze buurten zien we kansen voor kleine en soms middelgrote clubs. Het is belangrijk dat deze clubs niet in rustige woonstraten worden geplaatst, maar juist aan levendige straten en pleinen. Op deze plekken is vaak al levendigheid in de late uren, waardoor een club minder verstoring zal veroorzaken. De bereikbaarheid is doorgaans goed, zowel met het OV als met de fiets. Voor taxi’s kunnen deze plekken minder goed bereikbaar zijn, maar er is vaak parkeerruimte voor een taxi op loopafstand. Toch is het belangrijk om per locatie verder onderzoek te doen naar de bereikbaarheid.
Gemengde stadsbuurt Deze gebieden kenmerken zich door een hoge stedelijke dichtheid, met
Nachtclubs in deze gebieden trekken vaak een lokaal publiek aan, waardoor de meeste bezoekers met de fiets of het OV zullen
24
Hoogstedelijke buurt/ hoogstedelijk centrum Deze buurten kennen beide een hoge stedelijke dichtheid, met een mix van wonen en werken. Het verschil tussen de twee is de nadruk op het type gebruik: een hoogstedelijke buurt heeft meer een woonfunctie, terwijl een hoogstedelijk centrum zich juist richt op niet-wonen.
De eerder benoemde richtlijnen voor kleine, middelgrote en grote clubs zijn ook van toepassing in deze gebieden. Kleine en middelgrote clubs kunnen worden gevestigd op (uitgaans)pleinen en levendige straten, terwijl grote clubs zich aan de randen van de gebieden bij de drukke straten en wegen of op uitgaanspleinen kunnen vestigen.
Voor deze buurten gelden dezelfde richtlijnen als voor de gemengde stadsbuurt. Het onderscheid zit echter in de mogelijkheid om ook grotere clubs te realiseren. Voor de kleine en middelgrote clubs kan dus de beschrijving bij de gemengde stadsbuurt gebruikt worden.
Industrie/bedrijven terrein Industrie- en bedrijventerreinen zijn gebieden waar vrijwel niet gewoond wordt. Deze liggen vaak aan de randen van de stad en zijn goed bereikbaar voor de auto.
Grote clubs hebben een bovenstedelijke aantrekkingskracht en vereisen daarom goede bereikbaarheid met fiets, OV, auto en taxi. De andere twee type clubs kunnen ook deze aantrekkingskracht hebben maar zijn in het algemeen meer voor lokaal publiek. Om deze bereikbaarheid te garanderen, moeten clubs zich vaak aan de randen van (woon)wijken bevinden, dicht bij belangrijke verkeersnetwerken voor fietsers, OV en auto’s . Grote clubs kunnen ook worden gevestigd in uitgaansgebieden zoals het Leidseplein of Rembrandtplein.
Omdat deze gebieden weinig tot geen woonfuncties hebben, lijken hier goede mogelijkheden te liggen voor een nachtclub. Deze gebieden zijn echter in de afgelopen jaren verkleind of verdwenen hierdoor krijgen de overgebleven gebieden een grotere betekenis voor de stad. Bepaalde gebieden zoals Westpoort hebben door bestaande nachtclubs afspraken met de Gemeente Amsterdam gemaakt over nachtcultuur. Door deze afspraak is er op dit moment geen mogelijkheid om nieuwe nachtclub toe te voegen in Westpoort. Verder zijn in deze gebieden vaak andere 25
punten van belang voor nachtcultuur. In het algemeen liggen deze gebieden niet goed in het stedelijk weefsel qua OV en fietsbereikbaarheid. Deze gebieden liggen ook vaker buiten het verzorgingsgebied van veiligheid en toezicht. Indien een club zich zal vestigen in een bestaand pand kan
4.2 Inventarisatie kaarten
dit voor veel geluidsoverlast zorgen. Het is daarom aan te raden een club te betrekken bij nieuwbouwplannen in deze gebieden. Wanneer er gekozen wordt voor een bestaand pand is het cruciaal dat er goed geïsoleerd wordt. Deze punten zijn dus extra belangrijk om bij een gevonden locatie goed te onderzoeken.
4.2.1 Huidig aanbod nachtcultuur nacht OV
Een betere spreiding van het nachtleven over de stad vereist extra nachtelijke verbindingen. Opvallend is dat de metro ‘s nachts geheel stilligt. Het invoeren van nachtmetro’s zou de bereikbaarheid aanzienlijk kunnen verbeteren en daarmee een positieve invloed hebben op de ruimtelijke spreiding van clubs in de stad.
Dit zijn voorlopige bevindingen; een diepgaandere analyse is nodig om de bereikbaarheid en de invloed ervan op het nachtleven volledig te kunnen beoordelen.
4.2.2 Woningbouwplannen en nachtgeluidsbelasting
Huidige nachtcultuur Geluidsbelasting Geluid 0 tot 24,9 Geluid 25 tot 49,9 Geluid hoger dan 50
Nachtlijn trein Nachtlijn bus Pont
In de bovenstaande kaart zijn de huidige nachtclubs weergegeven. Zoals eerder vermeld, is in bijlage 7.1 te zien welke nachtclubs zijn meegenomen in dit onderzoek. Wat direct opvalt, is het gebrek aan balans in het aanbod van nachtclubs. Stadsdelen Zuid en Zuidoost hebben geen nachtclubs, en ook in Noord is het aanbod beperkt. Dit suggereert dat er in deze gebieden meer aandacht moet worden besteed aan het realiseren van nachtclubs. Het nachtelijk openbaar vervoer in Amsterdam omvat buslijnen, de pont en beperkt treinverkeer. In de nacht stoppen 26
Figuur 17: Huidig aanbod nachtcultuur & nacht-OV (eigen kaart, QGIS)
treinen slechts op twee stations in de stad: op Amsterdam Centraal en station Bijlmer ArenA. Nachtbussen bedienen een groot deel van de stad, met name de woonwijken. Tussen Centraal Station en de Buiksloterweg vaart de pont gedurende de hele nacht, wat een belangrijke verbinding vormt tussen Amsterdam-Noord en de rest van de stad. Het valt dus op dat enkele gebieden in de nacht niet met het OV bereikbaar zijn. De bereikbaarheid van Noord is ‘s nachts beperkt voor fietsers, wat mede verklaart waarom veel clubs zich in de nabijheid van de Buiksloterwegpont vestigen.
Woningbouwplannen
Figuur 18 : Woningbouwplannen & nacht-geluidsbelasting (eigen kaart, QGIS)
Er is gekeken naar de woningbouwplannen en de bestaande bebouwing in de stad. De gemeentelijke projecten, die momenteel onderzoeken naar de transformatie of (her)ontwikkeling van gebieden, zijn in dit onderzoek meegenomen. We hebben plannen die al in aanbouw zijn buiten beschouwing gelaten, aangezien ze minder flexibel zijn. In transformatiegebieden duiken vaak tijdelijke nachtclubs op. Deze clubs spelen een belangrijke rol in het creëren van een positief imago voor het gebied, vaak nog voordat de daadwerkelijke herontwikkeling
begint. Ze trekken mensen aan, brengen reuring en geven het gebied een culturele identiteit. Toch gebeurt het regelmatig dat deze clubs verdwijnen zodra de transformatie naar een woongebied inzet. Door nachtcultuur al vroegtijdig mee te nemen in het planningsproces, ontstaat de mogelijkheid om juist die club die het gebied op de kaart heeft gezet, ook een duurzame plek te geven binnen de toekomstige stedelijke invulling. De geluidsbelastingdata komt van www. geluidsregister.nl en bevat geluidsoverlast van spoor, wegen en industrie in de nacht.
27
In de data lijkt het soms alsof bebouwing op drukke plekken zoals de Zuidas weinig tot geen geluidsbelasting ondervindt. Dit komt doordat alleen bebouwing met een woonfunctie zijn meegenomen. Gebouwen zonder woonfunctie zijn niet geanalyseerd. Vanaf 50 dB wordt gesproken van ‘levendige’ geluidsbelasting. In het algemeen kunnen we aannemen dat er op dergelijke locaties
maatregelen voor geluidsisolatie zijn genomen, wat ze mogelijk geschikter maakt voor nachtclubs. Aangezien er al nachtelijke geluidsbelasting is, kan dit voor nachtclubs voordelig zijn, omdat er minder geïnvesteerd hoeft te worden in geluidsisolatie. Dit zijn echter aannames, en er moet altijd per locatie verder onderzoek worden gedaan.
4.2.4 Straten, lanen, kralenketting en water
4.2.3 Kantoor en industrie
Kralenketting Noord Water 50 m van woningen Stadsstraten en stadslanen Figuur 20: Straten, lanen, kralenketting & water (eigen kaart, QGIS)
Kantoren kansen Industrieterrein
In de roze gebieden op de kaart is er sprake van gedeeltelijke leegstand in kantoren, gemeten op juni 2024. Voor deze plekken kan worden onderzocht of het invullen met nachtclubs wenselijk is, vooral voor panden die al langere tijd leegstaan. De eigenaar van het pand speelt hierbij een belangrijke rol. Ook hier is het van belang om per locatie te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn. Factoren zoals de directe omgeving, de mogelijkheid van transformatie qua functie en geluid en de lokale omgevingsplannen zijn hierbij cruciaal. Op de kaart zijn daarnaast de industrie- en 28
Figuur 19: Kantoor & industrie (eigen kaart, QGIS)
bedrijventerreinen weergegeven. In deze gebieden wordt nauwelijks gewoond, wat een voordeel kan zijn voor nachtclubs, omdat ze minder overlast veroorzaken dan in woonwijken. Er zijn echter andere belangrijke overwegingen, zoals het geluidsplan voor het gebied, handhaving, afspraken met bedrijven, het havenbedrijf of de provincie, en de bereikbaarheid van het gebied. Via gesprekken hebben we ontdekt dat voor bepaalde gebieden al afspraken bestaan over nachtcultuur en nachtclubs.
Op de kaart zijn alle stadsstraten en stadslanen uit de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 weergegeven. Een stadsstraat wordt gekarakteriseerd als een levendige straat met vooral niet-woonfuncties op de begane grond, terwijl een stadslaan ook woonfuncties kan hebben. Wat deze straten en lanen gemeen hebben, is dat ze vaak buurten met elkaar verbinden, goed zijn verbonden met de stad en OV-verbindingen bevatten, wat ze aantrekkelijk maakt voor clubs. De noordoever van het IJ bestaat uit een reeks groen-blauwe hotspots, bestaande uit stedelijke plekken aan het water, variërend van industrieel tot groen. Deze plekken zijn met elkaar verbonden door routes voor langzaam verkeer, vaak langs het water of meer landinwaarts. Delen van deze gebieden kunnen dus geschikt zijn voor nachtclubs, omdat ze een toegevoegde waarde kunnen bieden aan de ontmoetingsfunctie van de plek en deze op andere momenten levendig kunnen maken. Belangrijk hierbij is dat geluid
goed over water wordt gedragen en dat deze overlast zo veel mogelijk voorkomen moet worden. De bijdragen van een nachtclub aan deze verbinding moet dus wel een openbaar karakter hebben en voorkomen dat het de connectie opknipt en verslechterd. Tot slot is een gedeelte van het water op de kaart gemarkeerd. Hier is al een eerste analyse gemaakt, waarbij water binnen 50 meter van de gevel van een woning niet werd meegenomen. Na gesprekken met specialisten voor ruimte op water blijkt dat er op dit moment geen gebieden zijn die ruimte kunnen bieden voor een nachtclub op water. De beperkte ruimte die er is op het moment is gereserveerd voor ruimtegebruikers zoals energie, vervoer over water, etc. Wel worden plekken benoemd zoals de PTA (Passenger Terminal Amsterdam), de noordelijke IJoevers en de achterzijde van het Centraal Station die kansrijk zijn voor nachtcultuur aan de kade 29
4.2.5 Vrije ruimte en broedplaatsen
4.2.6 Sport en bunkers/schuilkelders
Sportparken
Vrije ruimte plekken Broedplaatsen
Onder Vrije Ruimte verstaan we een breed palet aan niet-commerciële plekken waar mensen elkaar ontmoeten, kunnen experimenteren, reflecteren en zich inzetten voor maatschappelijke doelen. De variëteit van zulke plekken in Amsterdam is groot: het kan gaan om gemengde, kleinschalige functies en activiteiten op het gebied van kunst, nachtcultuur, stadslandbouw of om vrijplaatsen – of een combinatie daarvan. Wat deze plekken met elkaar gemeen hebben, is dat ze ‘van onderop’ zijn ontstaan en collectief zijn vormgegeven, door maatschappelijke organisaties en Amsterdammers.
30
Figuur 21: Vrije ruimte & broedplaatsen (eigen kaart, QGIS)
Veel van deze plekken hebben een culturele invulling, soms met elementen van nachtcultuur, wat ze interessant maakt voor clubinitiatieven. Niet elke locatie is hier echter automatisch geschikt voor. De geschiktheid voor nachtcultuur verschilt per plek en hangt af van factoren zoals geluidsbelasting, bereikbaarheid en de bestaande functies. Het is daarom van belang om per locatie zorgvuldig te beoordelen of deze bestemming passend is. Voor meer informatie over broedplaatsen verwijzen wij naar hoofdstuk 3.7.
Bunkers/schuilkelders Figuur 22: Sport & bunkers (eigen kaart, QGIS)
Sportvelden worden ’s nachts nauwelijks gebruikt en bevinden zich meestal aan de randen van woonwijken, waar ze onderdeel uitmaken van de hoofdgroenstructuur. Veel sportparken beschikken over faciliteiten zoals een clubgebouw met bar en toiletten, wat ze in potentie geschikt maakt voor tijdelijk of gedeeld gebruik als nachtclub. Belangrijk om te benoemen is dat clubgebouwen van de verenigingen zelf zijn. Om dit op een verantwoorde manier te verkennen, is een verkennend gesprek met sportverenigingen nodig. Na deze gesprekken zijn overleggen met ecologen en deskundigen op het gebied van de hoofdgroenstructuur essentieel. Daarnaast is het belangrijk om oog te hebben voor mogelijke spanningen in het gebruik, zoals de overlap in tijd tussen vroege sporters en late feestgangers. Dit vraagt om zorgvuldige afstemming en heldere afspraken in het gebruik van de ruimte.
Er is door de afdeling Monumenten & Archeologie (M&A) een onderzoek gedaan naar de schuilplaatsen en bunkers in Amsterdam. Mede door de club in de Vondelbunker lijken er kansen voor nachtclubs hierbij. De studie voor M&A is niet gemaakt met de wensen die wij voor nachtclubs hebben. Daarom bevelen wij aan om een verder onderzoek te doen om te kijken of er locaties zijn die geschikt zijn voor een nachtclub in de gebieden weergegeven op de onderzoekskaart op p. 8 &9. Een schuilkelder of bunker heeft een bepaalde functie waardoor de plekken vaak goed geïsoleerd zijn. Dit zou kunnen betekenen dat er weinig geïnvesteerd moet worden voor geluidsisolatie wat positief zou kunnen zijn.
31
4.2.7 Totaalkaart analyse
Geluidsbelasting Geluid 0 tot 24,9 Geluid 25 tot 49,9 Geluid hoger dan 50
Huidige nachtcultuur
Water 50 m van woningen
Stadsstraten en Stadslanen
Sportparken
Kralenketting
Kantoren kansen
Nachtpont Nachtbuslijnen Nachttreinlijnen
Industrieterrein
Hieronder is de totaalkaart van alle onderzochte lagen te zien. Met deze ruimtelijke analyse zijn er kansrijke gebieden in beeld gekomen omdat meerdere ruimtelijke aspecten samenkomen.
Het onderzoek brengt op hoofdlijnen de ruimtelijke kansen voor nachtclubs in Amsterdam in kaart en doet voorlopige aanbevelingen gebaseerd op globale analyses en aannames. 1. Centrum en Piet Heinkade Het centrum biedt diverse mogelijkheden voor nachtclubs. Dankzij de goede bereikbaarheid, zowel binnen als buiten de stad, de evenwichtige mix van wonen en werken, en het bestaande aanbod aan nachtcultuur, om nieuwe initiatieven serieus te onderzoeken, rekening houdend met de druk die door bewoners in de binnenstad wordt ervaren. Daarnaast is ook de Piet Heinkade een veelbelovende plek voor nachtcultuur. Met een groot aantal broedplaatsen, het Muziekgebouw aan het IJ en het mogelijke vertrek van de PTA, biedt deze locatie interessante kansen voor verder onderzoek.
Broedplaatsen Vrije ruimte plekken
Woningbouwplannen
Ruimtelijke onderzoekskaart
Figuur 23: Totaalkaart analyse (eigen kaart, QGIS)
4.3 Ruimtelijke onderzoekskaart
2. Zuidas en Schinkelkwartier Het Schinkelkwartier houdt in de huidige plannen al rekening met ruimte voor nachtclubs. Door de ligging, de bestaande inrichting en het aanbod van nachtclubs is dit een aantrekkelijke locatie voor nader onderzoek. Ook de Zuidas is in beweging: met een uitbreiding van het voorzieningenaanbod (Erotisch Centrum, Rai), enkele leegstaande kantoorruimtes, veel nieuwbouw, een hogere nachtgeluidsbelasting en drukke stadsstraten. In de planvorming zou nachtcultuur nadrukkelijker moeten worden onderzocht en uitgewerkt. 3. Transformatie gebieden (Food center, Sloterdijk, Hamerkwartier, Noordelijke IJ oever, Kauwgomballenkwartier en de Baai buurten) Hoewel deze gebieden van elkaar verschillen, hebben ze één gemeenschappelijke factor: ze bevinden zich allemaal, in verschillende stadia, in transformatie naar een woonwerkomgeving. Bijna elk van deze gebieden heeft of had een aanbod aan nachtcultuur. Door te onderzoeken hoe nachtclubs op een goede manier kan samengaan met de transformatie van deze gebieden, kan hier veel succes behaald worden, mede dankzij
32
Ruimteljke kansen
Figuur 24: Ruimtelijke kansenkaart (eigen kaart, QGIS)
de bekende status van deze locaties binnen het nachtleven en de hoge dichtheid aan wonen, voorzieningen en werken. Amstel III & Bijlmer Arena Het transformatiegebied, samen met het stationskwartier, ontwikkelt zich tot een levendig deel van de stad. Het onderscheidt zich van andere transformatie gebieden door bestaande voorzieningen. In de directe omgeving van het station bevinden zich al diverse (nacht)cultuurvoorzieningen zoals de Ziggo Dome, de Arena en AFAS Live. Het uitbreiden en versterken van het huidige aanbod in deze omgeving is wenselijk. Hierbij wordt bijgedragen aan een goede spreiding in de stad en een gewenste fijnmazigheid/ bereikbaarheid van het aanbod voor Amsterdammers. 4. Centra (Osdorpplein, plein ’40-45, en Buikslotermeerplein) Deze gebieden zijn een bruisend hart voor het omliggende gebied (per centra verschilt de grootte hiervan.) Ze zijn goed verbonden met de rest van de stad en liggen aan belangrijke stadsstraten en lanen. Door hun aantrekkingskracht fungeren ze als natuurlijke ontmoetingsplekken. Op het Buikslotermeerplein is ruimte gereserveerd voor een cultuurgebouw, dit biedt kansen voor een nachtclub. 5. Stationskwartieren (Lelylaan en Amstelstation) De stationsgebieden transformeren naar een hoogstedelijk gebied met meer wonen, werken en voorzieningen.
De goede bereikbaarheid, hoogstedelijke functies en de wens voor een 24/7 aanbod voor bewoners en bezoekers maken beiden locaties interessant om verder te onderzoeken. 6. Bedrijventerreinen (Bedrijvencentrum Osdorp, Weesp en Amstel Business Park) De combinatie van bedrijvigheid en nachtcultuur kan zorgen dat gebieden intensiever worden gebruikt zonder dat er overlast wordt ervaren. Deze bedrijventerreinen lijken vanwege hun ligging nabij woonwijken en de stedenbouwkundige opzet het meest interessant. 33
5. ACTUALITEITEN RUIMTELIJKE ONTWIKKELINGEN
Bevindingen Voor dit onderzoek zijn gesprekken gevoerd met verschillende afdelingen en directies van de Gemeente Amsterdam. Tijdens deze gesprekken zijn tal van onderwerpen van nachtclubs aan bod gekomen, variërend van de huidige bereikbaarheid en overlastproblematiek tot de potentie voor nachtclubs op diverse locaties. Er is gesproken over de kansen in verschillende stadsdelen, waarbij nadruk lag op de bereikbaarheid, het lokale beleid en de mogelijkheden om bestaande of nieuwe initiatieven op te zetten. Ook werd gewezen op het belang van een zorgvuldige analyse van locaties en de noodzaak om samen te werken met andere betrokken partijen. Een belangrijk punt van aandacht is het onderscheid tussen tijdelijke en permanente nachtcultuur en de uitdagingen die bij beide varianten komen kijken.
Gebied kansen
Figuur34 25: Tillatec (actualiteiten RO)
Er is bijvoorbeeld gewezen op vergunningstrajecten, geluidsbeheersing en de verhouding tussen nachtcultuur en wonen. Daarnaast kwam het belang van goede parkeervoorzieningen en OV-verbindingen naar voren, evenals de wens om niet alleen naar clubs te kijken, maar een breder perspectief op nachtcultuur te hanteren. Tot slot kwamen enkele collega’s met suggesties voor kansrijke gebieden die in de kaart zijn weergegeven, en bieden een startpunt voor verder onderzoek.
Figuur 26: Gebied onderzoekskaart (eigen kaart, QGIS)
35
6. AANBEVELINGEN
Vanuit dit onderzoek worden de volgende aanbevelingen maken voor het verder onderzoeken van nachtclubs en nachtcultuur. 1.
Locatiespecifieke haalbaarheidsonderzoeken (stadsdeel) • Werk vervolgonderzoeken uit per kansrijk gebied of stadsdeel. Onderzoek de exacte locatiegeschiktheid met betrekking tot geluidsnormen, vergunningen, nachtelijke bereikbaarheid, veiligheid en stedelijke functies. Hier kan een combinatie gemaakt worden met de uitwerking van het horecabeleid van de stadsdelen. • Betrek lokale stakeholders (buurtbewoners, ondernemers, stadsdeelbestuur) bij deze onderzoeken om draagvlak te creëren en beter aan te sluiten bij lokale behoeften. • Er is gekozen in dit onderzoek alleen nachtclubs mee te nemen. Verbreed het vervolgonderzoek en neem daar in mee de volgende punten tijdelijke en permanente nachtcultuur, broedplaatsen en nachtclubs. Kijk niet alleen naar clubs, maar ook naar andere vormen van nachtcultuur zoals evenementen, podia, creatieve hubs en culturele vrijplaatsen. • Integreer duurzaamheid en gezondheid in het beleid voor nachtcultuur, bijvoorbeeld door oog te hebben voor geluidsoverlast, veilige mobiliteit en milieuvriendelijke oplossingen. 2. • •
Figuur36 27: Tillatec (aanbevelingen)
Verkenning naar gebruik van bestaande panden Onderzoek een bouwtechnisch PvE van de verschillende typen nachtcultuur. Onderzoek hoe leegstaande kantoren, bedrijfsruimten (detailhandel), sportkantines en bunkers eventueel tijdelijk of permanent geschikt kunnen worden gemaakt voor nachtcultuur. Neem hierbij geluidsoverlast, veiligheid en investeringskosten mee. Dit zijn misschien niet de meest voor de hand liggende locaties maar wel heel interessant om te onderzoeken.
3. •
•
Marktonderzoek en ondernemerspotentieel Analyseer de marktvraag en het ondernemersklimaat voor nachtclubs en nachtcultuur in Amsterdam. Kijk naar bezoekerspotentieel, concurrentie, exploitatiemodellen en de impact van tijdelijke versus permanente locaties. Neem in dit onderzoek ook diversiteit van aanbod mee.
4. Bereikbaarheid en mobiliteit • Voer een gedetailleerd onderzoek uit naar de nachtelijke bereikbaarheid, inclusief OV, taxi’s en fietsverkeer. Onderzoek ook mogelijkheden voor extra nachtlijnen of nachtnetwerken, vooral in de stadsdelen met weinig aanbod. 5. •
Beleidssamenhang en integrale afstemming Zet een vervolgonderzoek op waarin de relatie tussen nachtcultuur en andere beleidsdomeinen (stedelijke ontwikkeling, wonen, economie, gezondheid, openbare orde en duurzaamheid) verder wordt uitgewerkt. Zo kan nachtcultuur structureel worden ingepast in stedelijke gebiedsontwikkelingen.
37
7. BIJLAGEN
Colofon Het locatieonderzoek nachtclub is opgesteld in opdracht van de directie Kunst en Cultuur. De opdracht is aangenomen door het Locatieloket van Ruimte en Duurzaamheid. Contact Gemeente Amsterdam, Ruimte en Duurzaamheid Postbus 2758 1000 CT Amsterdam Projectleiding Onno Moorman (Ruimte en Duurzaamheid) Projectteam locatieonderzoek Onno Moorman, Laura Weger, Juliana van Beekenkamp en Jamila Jones (Ruimte en Duurzaamheid) Projectteam beleid Juliana Beekenkamp en Olivier van den Hooven (Ruimte en Duurzaamheid) Met dank aan collega’s van de volgende directies Ruimte en Duurzaamheid, Kunst en Cultuur, Sport en Bos en de Stadsdelen
38
39
Figuur 28: Tillatec (beleid)
7.1 Club analyses bestaand Capaciteit
Clubprofielen
Poppodium
1700
grote club
Luxe nachtclub met 5 bars Poppodium Luxe nachtclub met meerdere zalen Nachtclub, focus op techno Nachtclub in oude GVB busgarage Nachtclub in kelder van A`Dam toren
1250 1500 2000 1600 2000 1100
grote club grote club grote club grote club grote club grote club
Naamorganisatie
Kleine Analysis
Panama
Luxe nachtclub in monumentaal gebouw
1050
grote club
Tilla Tec
Nachtclub
1500
grote club
Ligt aan een drukke doorgaande weg in het centrum, nabij het Leidseplein. Het gebied is levendig met horeca en uitgaansgelegenheden. Er zijn goede OVverbindingen en een ondergrondse fietsenstalling op het Leidseplein. Aan een straat, geen speciaal parkeren, in een gebied met wonen en niet woonfuncties Rustige straat naast Leidseplein, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Rembrandtplein, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren langs een weg die uitkomt op een hoofdweg; business park gebeid; misschien fietsparkeren plekken Aan een weg; industriele/bedrijven gebeid met andere clubs (naast snelweg); er zijn fietsenrekken voor het gebouw Ligt onder de grond op een plein. Gelegen in een gemixt gebied. Geen speciale plek fiets te parkeren. Panama is samen met een restaurant welke niet bij Panama behoort gevestigd in een vrijstaand pand. Aan de voorzijde en achterzijde ligt een straat. Aan de achterzijde ligt ook een treinspoor. Gelegen in een gemixt gebied. Fietsparkeren voor op de stoep bij Panama. Niet zo drukke straat; niet dichtbevolkt gebied, veel bomen, sportveld en andere recreatie dichtbij; er zijn fietsenrekken naast de autoparkeren
The Other Side
Nachtclub
1000
grote club
Langs een toegangsweg op een hoofdweg; industriele/bedrijven gebeid; plekken voor fietsen op de kant van gebouw (gedeeld met andere gebouwen).
Akhnaton nachbar Bitterzoet San Fransisco Club Up El Punto Latino Club John Doe Supperclub Club Church
Nachtclub, focus op hiphop, reggae, punk en salsa Underground nachtclub Poppodium Nachtclub Cafe, restaurant & nachtclub Latin-georienteerde nachtclub Nachtclub met focus op techno Restaurant & nachtclub LGBTQIA+ nachtclub
300 325 350 ? 225 250 260 375 230
kleine club kleine club kleine club kleine club kleine club kleine club kleine club kleine club kleine club
Multifunctionele non-profit ruimte
275
kleine club
Cafe, restaurant & nachtclub nabij station Sloterdijk
400
kleine club
Bar dancing Nachtclub met indoor skatepark Nachtclub in oude garage
350 300 200
kleine club kleine club kleine club
Doka Underground
Sound bar in kelder van Volkshotel
150
kleine club
Oosterbar / Generator
Hostel met inpandige nachtclub
180
kleine club
Radio Radio
Nachtclub & online radiostation
250
kleine club
Nachtclub, echter geen vergunning om een nachtclub te zijn
klein plein, woonomgeving met plintfuncties, geen speciale fietsverbinding Grote straat, gemixed gebied geen speciaal fietsparkeren Drukke straat, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Aan de Zeedijk, mixed gebied met veel wonen, geen speicale fietsparkeren Drukke (autoluwe) straat, geen speciaal fietsparkeren, mixed gebied Drukke (autoluwe) straat, geen speciaal fietsparkeren, mixed gebied Rembrandtplein, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Straat, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Drukke straat, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Restaurant met maatschappelijke insteek, gelegen op een terrein in een gemengd gebied met creatieve werkplaatsen en horeca. Geen formele fietsenstalling, maar fietsen kunnen op het terrein geplaatst worden. Ligt direct naast station Sloterdijk op een druk knooppunt. Gemengd gebied met kantoren, OV-knooppunt en enkele woningen. Fietsparkeren mogelijk bij station, geen eigen voorziening. Aan een weg. Gelegen in een gemixt gebied met enkele woningen. Geen speciale plek voor fietsen. Aan een weg. Geen eigen fietsenstalling. Gelegen in een gemixt gebied zonder woningen in de buurt ligt naast Garage Noord. Aan een weg. Geen eigen fietsenstalling. Gelegen in een gemixt gebied zonder woningen in de buurt ligt naast Skate cafe Ligt aan een drukke weg op een hoek. Doka ligt binnenin het Volkshotel op de beneden verdieping.
Gelegen in een gemixt gebied. Fietsparkeren is op straat voor het Volkshotel. Oosterbar zit in een vrijstaand pand gelegen in het Oosterpark. Oosterbar deelt het pand met hostel Generator. Gelegen in een gebied waar enkel auto's voor het hotel / Oosterbar komen. Komen veel fietsers en wandelaars langs. Ligt op het Westergasterrein in een rustige straat in een gemengd gebied met creatieve werkplekken, horeca en culturele voorzieningen. Fietsen kunnen in de directe omgeving worden geplaatst; er zijn geen speciale fietsvoorzieningen
350
kleine club
Bar dancing
300
kleine club
Cafe, restaurant & nachtclub Nachtclub Nachtclub aan Leidseplein Luxe nachtclub met bijzonder lichtplafond Nachtclub Cocktailbar, restaurant & nachtclub Queer nachtclub Nacht-evenementenlocatie Multidisciplinaire, culturele oase en studiocomplex in Amsterdam-Noord
700 800 650 700 700 800 900 812
middelgrote club middelgrote club middelgrote club middelgrote club middelgrote club middelgrote club middelgrote club middelgrote club
Gelegen op een hoek. Bar Multipla is in de avond een restaurant en wordt rond 22.00 een club. Het is gelegen op een industrieterrein. Geen speciale plek voor fietsparkeren. Ligt bij Rembrandtplein, toeristisch uitgaansgebied, geen speciaal fietsparkeren, Rustige straat naast Leidseplein, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Leidseplein, geen speciaal fietsparkeren, mixed gebied Drukke (autoluwe) straat, geen speciaal fietsparkeren, mixed gebied Drukke (autoluwe) straat, geen speciaal fietsparkeren, mixed gebied Drukke straat, mixed gebied, geen speciaal fietsparkeren Aan een weg; industriele/bedrijven gebeid met andere clubs (naast snelweg); geen speciale plek voor fietsen. Aan een weg; industriele/bedrijven gebeid met andere clubs (naast snelweg); geen speciale plek voor fietsen.
650
middelgrote club
Ligt in hetzelfde gebouw als Tolhuistuin in een groene omgeving aan het water. Gelegen in een gemixt gebied. Gedeelde fietsplekken op straat.
Paradiso AIR Amsterdam Melkweg Escape RADION LOFI Shelter
De Sering Bret Beneluxbar Skatecafe Karin en Yvonne Garage Noord
Toekomstmuziek Bar Multipla Oliva iNN Chicago Social Club Jimmy Woo Club Nyx Chin Chin Club Club Raum H7 Warehouse Tolhuistuin / Parallel Levenslang
Nachtclub in oude bijlmerbajes
550/1000
middelgrote club
Westerunie
Nachtclub op westergasterrein
800 (feest deel)
middelgrote club
Sissi's Bajes
40
Beschrijving
Restaurant en Nachtclub Onderdeel van Levenslang. Ambities om uit te breiden op deze locatie
? ?
middelgrote club
Aan een weg; industriele/bedrijven gebeid; geen speciale plek voor fietsen.
Levenslang ligt in de voormalige Bijlmer baajes onder de grond. Het ligt in een gemixt gebied met voornamelijk bedrijven en hotel. Het is een rustig gebied. Fietsparkeren is mogelijk op het terrein zelf. Op een plein; in een park (Westerpark); er zijn fietsenrekken voor de terras (en informele fietsparkeren op de kant) - mogelijk gedeeld met andere gebouwen in plein (zoals WGF Gashouder) Gelegen in een gemengd gebied met horeca en werkplekken. Rustige straat nabij het Westerpark. Geen speciale fietsvoorzieningen, maar fietsen kunnen aan de straatzijde geplaatst worden. Gevestigd in een herontwikkeld gevangeniscomplex in een stedelijk gemengd gebied met horeca en kantoren. Onderdeel van Levenslang. Fietseparkeren kan op het terrein zelf.
41
7.2 Kansenkaart
Ruimteljke kansen Beleidskansen
42Actuele kansen
43
7.3 Programma van Eisen Programma van Eisen Definitie nachtcultuur: In dit locatieonderzoek zullen wij kijken naar 3 type clubs, klein, medium en groot. Een kleine club heeft een capaciteit van 200 – 500 pax, een medium club 500-1000 pax., een grote club 1000 – 2000 pax. Er is een variatie van 120 tot 3000 m2 in deze drie type clubs die op dit moment in b.v. oude schoolpanden, bedrijven, kantoorpanden en oude clubs zijn gevestigd. Het gaat om tijdelijke en definitieve locaties die nu worden gebruikt maar ook worden gezocht in deze opdracht. Deze informatie kan worden aangepast met inzichten en data die nog verder worden onderzocht. Afbakening: • Het gaat om plekken waar een nachtclub minimaal vijf jaar kan zitten. Zodat er bepaalde investeringen gedaan kunnen worden. Twee jaar voor tijdelijke plekken is een optie maar zal er minder geïnvesteerd (kunnen) worden. • Kunst en Cultuur werkt gelijktijdig, met hulp van broedplaatsen, aan een afwegingskader waaraan ze nieuwe initiatieven kunnen beoordelen. • Er loopt een onderzoek naar de behoefte naar nachtcultuur in alle stadsdelen. Tussentijdse resultaten kunnen input zijn voor het locatie-onderzoek. • Via de referentienormen MV wordt nachtcultuur meegenomen in de gebiedsontwikkeling. Gebiedsadviseurs MV zijn hiervoor verantwoordelijk en betrekken we bij het zoeken naar locaties in de gebiedsontwikkeling.