Bijlage 2 Factsheet Duurzaamheid plaatsingen Sociaal Werk.pdf
Tekst van het document
Factsheet Duurzaamheid plaatsingen Sociaal Werk 2015-2024 Peildatum (jan/maart) 2024 Aanleiding Onderstaande grafieken met betrekking tot herplaatsingen hebben in eerste instantie de indruk gewekt dat er sprake was van veel herplaatsingen. Dit leidde tot vragen hoe duurzaam de plaatsingen zijn. Daarom is er een nieuwe analyse gedaan op de herplaatsingen.
Toelichting herplaatsingen In bovenstaande grafieken zijn de nieuwe plaatsingen vs. herplaatsingen bij Sociaal Werk te zien per jaar sinds 2016. Sinds 2016 gaat het gemiddeld in 34% van de plaatsingen om een herplaatsing. In 2022 ging het zelfs in bijna de helft (48%) van de plaatsingen om een herplaatsing. Kijkend naar deze cijfers zou aangenomen kunnen worden dat Amsterdammers met begeleiding vanuit Sociaal Werk om verschillende redenen vaak stoppen bij hun huidige werkgever en de plaatsingen niet duurzaam zijn. Echter, als we kijken naar de definitie, komen we tot een andere conclusie. Herplaatsingen zijn alle plaatsingen na de 1e plaatsing. Dat betekent dat een herplaatsing niet alleen gedefinieerd hoeft te worden als een plaatsing die beëindigd wordt, maar ook als een veranderende status van de plaatsing. Het kan dus bijvoorbeeld gaan om een plaatsing met Loonkostensubsidie naar loonwaarde (LKS) waarbij blijkt dat de Amsterdammer intensievere begeleiding nodig heeft en daarom de plaatsing wordt omgezet in een plaatsing LWS+. Op deze manier zorgt de ‘herplaatsing’ juist voor een goede structurele plaatsing. Bovenstaande past in de methodiek voor jobcoaching die de gemeente hanteert.
Deze methodiek, Supported Employment, is een duidelijke verschuiving van het ‘train en dan plaats’ model naar het ‘plaats, train en behoud’ model en gaat uit van blijvende ondersteuning voor de werknemer en de werkgever. Daarbij is in veel gevallen een plaatsing van iemand met een ondersteuningsbehoefte onderdeel van een zoektocht naar kwaliteiten, ervaring, wensen en mogelijkheden. Mensen worden hierbij intensief begeleid door een gecertificeerde jobcoach die hen stimuleert zelf richting te bepalen. Dat betekent ook dat er ruimte is voor leren in het werk en van de grenzen waar men tegen aanloopt. Vaak zijn er meerdere ervaringen nodig om een passende werkplek te vinden. In deze context is een herplaatsing heel legitiem. De reden voor de organisatie om herplaatsingen in beeld te brengen is dan ook vooral om inzichtelijk te maken welke inspanning nodig is om de Amsterdammers via sociaal werk aan het werk te houden. Nadere analyse Op verschillende manieren is een analyse gedaan naar de duurzaamheid van de plaatsingen: 1. Door een analyse op de totale groep die vanaf 2015 via sociaal werk in begeleiding is gekomen, 2. Door een analyse hoeveel plaatsingen de Amsterdammers hebben gehad, 3. Door te analyseren hoeveel Amsterdammers er op dit moment in herbemiddeling zijn, 4.
Door de actuele situatie van de hele groep inzichtelijk te maken, uitgesplitst naar het jaar dat de persoon via sociaal werk is gestart.
5. Door de belangrijkste uitstroomredenen inzichtelijk te maken van de Amsterdammers waarvoor de dienstverlening sociaal werk is beëindigd. Aantallen geplaatste Amsterdammers tussen 2015-2024 Op 28 maart 2024 zijn er sinds het begin van de Participatiewet in 2015 4.275 Amsterdammers aan het werk gegaan via Sociaal Werk. Dit kan zijn middels de instrumenten loonkostensubsidie naar loonwaarde (LKS), jobcoaching of beschut werk.
Van de 4.275 geplaatste Amsterdammers zijn er nog 2.066 aan het werk, waarvan 1.583 Amsterdammers met Loonkostensubsidie (Reguliere LKS, Beschut Werk, Forfaitaire LKS, LWS+ en proefplaatsing) en 483 Amsterdammers met jobcoaching zonder LKS. De overige 310 Amsterdammers zijn op deze peildatum in (her)bemiddeling. Aantal plaatsingen per persoon In onderstaande grafiek is het aantal plaatsingen per persoon te zien. Hier is te lezen dat het om een relatief kleine groep gaat die 3 of meer plaatsingen nodig heeft om ergens langer te kunnen blijven werken. Ruim 83% heeft maximaal 2 plaatsingen nodig om uiteindelijk langer op een werkplek te blijven.
let op: betreft alleen plaatsingen uit het LKS dossier, dus exclusief plaatsingen jobcoaching zonder LWS.
Herbemiddeling In deze analyse zijn ook de (her)bemiddelingen meegenomen. Op 23 maart 2024 zijn 310 Amsterdammers in (her)bemiddeling bij Sociaal Werk. Onder herbemiddeling wordt verstaan; de begeleiding van Amsterdammers die eerder via Sociaal Werk aan het werk zijn geweest, maar waarvan de plaatsing beëindigd is en die opnieuw bemiddeld worden. Van de 310 Amsterdammers in bemiddeling hebben 45 Amsterdammers nog niet eerder gewerkt. De overige 265 Amsterdammers zijn eerder aan het werk geweest met behulp van Loonkostensubsidie, maar zijn inmiddels niet meer werkzaam en worden opnieuw bemiddeld. Dit betekent dat ook maar een relatief klein deel van de 4.275 Amsterdammers die via Sociaal Werk aan het Werk gingen nu herbemiddeld worden, namelijk iets meer dan 11%.
3307 Amsterdammers die met LKS-WPI aan het werk gingen: jaar van hun eerste dienstverband en hun actuele situatie (jan. 2024) 100% 36
97
63
86
81
86
65
62 22
42
9 4 35
28
1 1 1 0
7 21
Bijstand-WPI (niet werkend of in bemiddeling voor Sociaal Werk; 253 pers.; 8%)
56
39
50%
30
20
6
8
77
28
39
16
16
34
57
32
22 23
86 58
54
73
13
16
25
45 35
39
32
27 324
236
77
134
142
161
175
In bemiddeling naar nieuw werk (momenteel niet werkend met LKS e/o JC; 261 pers.; 8%) Werkend uit dienstverlening (en momenteel zonder bijstand; 461 pers.; 14%)
6 10
106
Dienstverlening geëindigd (zonder werk), niet terug in bijstand of andere dienstverlening (inclusief: gepensioneerd e.d.; 586 pers.; 18%)
183
Werkend met jobcoaching-WPI (zonder LKS; 176 pers.; 5%)
0% 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 (326) (213) (335) (348) (416) (429) (410) (395) (400)
2024 (35)
Werkend met LKS-WPI (1570 pers.; 47%)
In het bovenstaande staafdiagram de huidige situatie van de 3.307 geplaatste Amsterdammers getoond die specifiek met LKS aan het werk zijn gegaan vanaf 2015. De grafiek laat zien dat veel Amsterdammers jaren na plaatsing met Loonkostensubsidie nog steeds ondersteuning nodig hebben vanuit Sociaal Werk. Van de in 2015 gestarte LKS’ers is bijvoorbeeld nog steeds 33% aan het werk met LKS. Opvallend is ook dat per jaar relatief een steeds kleiner gedeelte van de geplaatste LKS’ers (8%) in bemiddeling is naar nieuw werk. Dit gaat over nieuwe bemiddelingen na een plaatsing met LKS, ofwel herbemiddelingen. Ook is te zien dat een groot deel van de geplaatste LKS’ers geen ondersteuning meer nodig heeft en deels werkend en deels vanwege andere redenen geen bijstand meer ontvangt. Dit effect is vooral te zien in de groep geplaatste LKS’ers tussen 2015-2020. In de meer recente jaren treedt dit effect nog niet zo sterk op. Redenen uit dienstverlening Sociaal Werk In het eerste taartdiagram is te zien dat 1.899 Amsterdammers niet meer in begeleiding zijn bij Sociaal Werk. Hiervan ontvangen 1.536 Amsterdammers geen uitkering meer en krijgen 363 Amsterdammers begeleiding vanuit WPI (anders dan Sociaal Werk). Het gegeven dat 1.536 Amsterdammers inmiddels geen uitkering meer ontvangen en niet meer in begeleiding zijn bij Sociaal Werk, kan verschillende oorzaken hebben.
De top 5 afsluitredenen zijn: 1. Einde traject. ivm uitstroom regulier werk (519) 2. Einde traject, ivm overige reden einde WPI, waaronder pensionering (419) 3. Uitstroom Werkbrigade, betaald werk (85) 4. Einde traject, ivm verhuizing buiten Gemeente Amsterdam (81) 5. Einde traject, ivm uitstroom regulier onderwijs (79) Conclusie Deze analyse op duurzaamheid van de plaatsingen met begeleiding van Sociaal Werk brengt ons tot 3 uitkomsten. Ten eerste is de groep Amsterdammers die te maken heeft met herplaatsingen veel kleiner dan in eerste instantie verwacht. Zo heeft slechts een beperkte groep 3 of meer herplaatsingen meegemaakt. Daarbij kan worden opgemerkt dat herplaatsingen geen negatieve lading hoeven te hebben. ‘Herplaatsing’ van bijvoorbeeld een LKS plek naar een LWS+ plek bij dezelfde werkgever is juist positief. Het zorgt voor een goede structurele plaatsing.
Ten tweede is de groep Amsterdammers die in herbemiddeling is, ook beperkt ten opzichte van de hele groep Amsterdammers die via Sociaal Werk aan het wek zijn gegaan. Maar de derde en belangrijkste conclusie die we uit deze analyse kunnen halen, is dat van de grootste groep van de 4.275 geplaatste Amsterdammers via sociaal werk, het merendeel duurzaam geplaatst is (3.146), inclusief een grote groep die geen ondersteuning vanuit Sociaal Werk meer nodig heeft en uitgestroomd is naar regulier werk.