Bijlage 2. Factpack Amsterdam als cultuurcluster - Impactanalyse van rijkssubsidie op Amsterdamse kunst- en cultuursector.pdf
Tekst van het document
Impactanalyse van rijkssubsidie op Amsterdamse kunst en cultuur Factpack Amsterdam als cultuurcluster, scope van het onderzoek en financieringsstromen Maart 2024
PRE-FINAL DRAFT – TE FINALISEREN NA EINDMEETING
Opmerkingen vooraf
Dit document betreft een aantal inzichten die voortkomen uit het onderzoek dat is uitgevoerd in opdracht van en in samenwerking met de gemeente Amsterdam en het Amsterdams Fonds voor de Kunst in januari en februari 2024.
De analyses en overzichten in dit document, geven een aantal feiten weer over Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis, de scope van het onderzoek en de financieringsstromen van de Amsterdamse kunst- en cultuursector. Het onderzoek is gebaseerd op verschillende bronnen, rapporten en 17 interviews in de Amsterdamse kunst- en cultuursector. Aan de informatie in dit document, kunnen geen conclusies worden ontleend met betrekking tot individuele instellingen. De informatie is niet uitputtend en uitsluitend bedoeld voor intern gebruik.
2
Zie appendix. p.31 voor een uitgebreide bronnenlijst
Verantwoording
Dit onderzoek is gebaseerd op beschikbare feiten en cijfers…
…en kwalitatieve informatie
Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van feiten en cijfers van onderstaande bronnen en een survey, uitgezet onder 216 Amsterdamse culturele instellingen, met 90 respondenten
Er is kwalitatieve input opgehaald bij een representatieve groep instellingen (17)2, door middel van interviews:
▪ Ministerie van OCW ▪ Rijkscultuurfondsen ▪ gemeente Amsterdam ▪ Amsterdams Fonds voor de
Podia
ITA, Paradiso, Meervaart
Musea, pres. beeldende kunst
De Oude Kerk, De Appel, Stedelijk Museum Amsterdam
Festivals
IDFA, Cinekid, Sonic Acts, De Theaterdagen
Gezelschappen en productiehuizen
Nederlands Philharmonisch Orkest, ISH, Likeminds, Silbersee, Nowhere, De Warme Winkel
Arthouse Cinema
Rialto Film
Kunst ▪ De Boekmanstichting
1. 2.
▪ DutchCulture ▪ amsterdam & partners ▪ CBS ▪ LISA data (kvk) ▪ 20 culturele instellingen
Voor de data met betrekking tot culturele instellingen, is 2022 als pijljaar gebruikt. Hoewel hier nog een kleine invloed te zien is van de Coronapandemie geeft de gemeente de voorkeur aan een zo recent mogelijke dataset Selectie gebaseerd op de subsector waartoe instellingen behoren, het percentage rijkssubsidie van totale inkomsten, vaste beheerlasten t.a.v. totale lasten en geografische spreiding over de stad en het soort subsidie die zij van het ministerie van OCW of de Rijkscultuurfondsen ontvangen
3
Leeswijzer
De pagina’s in dit overzicht zijn als volgt opgebouwd:
▪ De titel geeft de hoofdconclusie van de pagina weer; ▪ Indien nodig/van toepassing wordt de titel onderbouwd door meer gedetailleerde conclusies rechts van de pagina; ▪ De meeste pagina’s bevatten illustratie(s)of grafiek(en) met daarin de informatie waarop de belangrijkste conclusie(s) is/zijn gebaseerd; ▪ Iedere pagina bevat een bronvermelding en – wanneer van toepassing – voetnoten bij wijze van duiding van hetgeen dat is weergegeven ▪ Een volledig overzicht van de geraadpleegde rapporten en artikelen is te vinden op p.58 van dit document
4
Inhoudsopgave
1
Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
2
Scope en financieringsstromen
Appendix
5
1 Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
6
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
1 Cultuurcluster Amsterdam met landelijke en internationale uitstraling en betekenis (1/2) Samenvatting hoofdpunten Van de ca 1.200 culturele instellingen in Amsterdam hebben ca. 750 een vaste locatie en deze zijn verspreid over de stad: ▪ Met 66 podia, 21 filmhuizen en bioscopen, 157 galeries, 44 musea en 159 culturele festivals is cultuur een belangrijk onderdeel van de stad, daarnaast werken ca. 185 podiumkunstengezelschappen vanuit Amsterdam ▪ Van deze instellingen bevindt eenderde zich in het centrum, de helft binnen de ring om het centrum heen en de overige ca. 14% in Nieuw-West, ZuidOost en Weesp De Nederlandse kunst- en cultuursector kent een clustering in Amsterdam: ▪ 20% van de voorstellingen en concerten, 30% van de filmhuizen, 35% van de galerieën, 12% van de Rijksmonumenten en de 5 meest bezochte musea in Nederland bevinden zich in Amsterdam ▪ 20% van de Nederlandse creatieve sector1 bevindt zich in Amsterdam met een totaal van ca. 77.000 banen en 25% van de kunst- en cultuursector met ca. 31.000 banen in de stad De Amsterdamse kunst- en cultuursector heeft een groot landelijk en internationaal bereik: ▪ Voor ruim eenderde (ca. 7 mln) van de ca. 20 miljoen jaarlijkse bezoekers van buiten de stad (ca. 75% uit het buitenland), is kunst en cultuur de hoofdreden voor het bezoek ▪ ca.
70% van de optredens van Amsterdamse podiumkunstengezelschappen vindt plaats buiten de stad (60% in Nederland, ca. 10% daarbuiten) ▪ 50% van alle Nederlandse internationale culturele ‘export’ zijn activiteiten van Amsterdamse makers
1.
Creatieve sector: kunst en cultuur, media en entertainment en creatief zakelijke dienstverlening
Bron: DutchCulture (2022), Regionale Cultuurmonitor (2022), Atlas Reserach et al. (2021)
7
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
1 Cultuurcluster Amsterdam met landelijke en internationale uitstraling en betekenis (2/2) Samenvatting hoofdpunten De Amsterdamse kunst- en cultuursector draagt ca. €1,4 miljard direct en €0,8 miljard indirect bij aan het BBP en creëert binnen de sector ca. 19.000 FTE en ca. 50-100% extra FTE buiten de sector ▪ De directe BBP-bijdrage van de Nederlandse kunst- en cultuursector bedraagt €5,5 miljard, dit is 0,6% van de Nederlandse economie, waarvan de bijdrage van Amsterdamse instellingen ca. 25% is (€1,4 miljard) ▪ De Amsterdamse kunst- en cultuursector trekt jaarlijks ca. 5 miljoen bezoekers, die zo’n €0,8 miljard bijdragen aan het BBP dankzij uitgaven aan andere sectoren, dit kan als indirecte bijdrage van de sector worden gezien ▪ De sector creëert direct ca. 19.000 FTE (ca. 31.000 banen) en indirect naar schatting nog eens 50-100% daarvan (ca. 8.000 – 19.000 FTE) in sectoren die profiteren van het bestaan van de kunst- en cultuur sector (o.a.
creatieve sector en de horeca) Kunst en cultuur heeft een positieve impact op individuele vaardigheden en welbevinden en op de bredere samenleving: ▪ Cultuureducatie1 draagt bij aan de brede vorming van kinderen en jongeren, zo leren zij vaardigheden zoals, creativiteit, diversiteit in denken, kennis en begrip voor cultuur ▪ Het actief of passief beleven van kunst bevordert de gezondheid en het algemene welbevinden van mensen ▪ Participatie aan en beleving van kunst en cultuur kunnen een positieve impact hebben op gemeenschappen , zoals sociale cohesie, aantrekkingskracht van de stad en stimulans van het maatschappelijk debat
1.
Cultuureducatie: Doelbewust leren over en met kunst, erfgoed en media via gerichte instructie, zowel binnen- als buitenschools (LKCA, 2020)
8
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
Van ca. 1.200 culturele instellingen in Amsterdam hebben ca. 750 een vaste locatie, verspreid over de stad Kunst- en cultuurinstellingen in Amsterdam met een vaste locatie (746) - zoals in kaart gebracht door de gemeente - gecategoriseerd naar subsector
Belangrijkste conclusies Westpoort 8 instellingen
Nieuw-West 60 instellingen
Culturele instellingen met een (bekende) locatie bevinden zich in alle stadsdelen met een hoge concentratie in het centrum ▪ Festivals, arthouse cinema, podia en musea zijn geconcentreerd in het centrum en de zuidkant binnen de ring ▪ Educatie-instellingen, broedplaatsen, gezelschappen en andere makers zijn verspreid over de stad ▪ Weesp en Westpoort hebben het laagste aandeel kunst- en cultuurinstellingen
Noord 102 instellingen
West 109 instellingen Centrum 246 instellingen Zuid 60 instellingen
Oost 95 instellingen
Zuidoost 47 instellingen
Bron: gemeente Amsterdam – Database kunst- en cultuurinstellingen met vaste locatie in Amsterdam (door de gemeente in kaart gebracht)
Weesp 19 instellingen
9
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
De Nederlandse kunst- en cultuursector kent een clustering in Amsterdam
66
21
157
7.5k
Top 5
Podiumkunstpodia en daarmee de hoogste concentratie van Nederland (14% van totaal in NL) waar ca. 12.000 voorstellingen en concerten plaatsvinden (20% van totaal in NL)1
Filmhuizen en bioscopen en daarmee de hoogste concentratie van Nederland (30% van het totaal)
Galeries en daarmee de hoogste concentratie van Nederland (35% van totaal)
Rijksmonumenten en daarmee de hoogste concentratie van Nederland (12% van totaal), inclusief de grachtengordel die op de UNESCO werelderfgoedlijst staat
Meest bezochte musea in Nederland bevinden zich in Amsterdam. In totaal zijn er 6 voor beeldende kunst en 38 voor cultuurhistorische/ overige kunsten
1 Dit betreft alleen podiumkunstpodia, in het verdere document vallen ook andere soorten podia onder de categorie 'Podia', waardoor het totale aantal instellingen in deze categorie groter is (96) Bron: Regionale Cultuurmonitor (2022), Atlas Reserach et al. (2021)
10
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
In totaal bevindt 20% van de Nederlandse creatieve sector zich in Amsterdam en 25% van de kunst- en cultuursector Creatieve sector Amsterdam t.a.v. rest Nederland (2022), % (aantal x 1000), totaal banen1 Amsterdam
Den Haag
Eindhoven
Kunst en cultuur
Rotterdam
Hilversum
Haarlem
Creatieve zakelijke diensten
Utrecht
Groningen
Rest van Nederland
20%
390.000 59%
4%
banen 2%
1.
5%
4% 2% 3% 2%
Subcategorieën creatieve sector Amsterdam (2022), % (aantal x 1000), totaal banen
77.000
• 20% van in totaal ca. 390.000 banen in de creatieve sector, bevindt zich in Amsterdam (ca. 77.000 banen)
• Dit is ca. 10% uit van de totale werkgelegenheid van de stad
Media en entertainment
26% (20,3)
banen 33% (25,7)
• 40% van de banen in de Amsterdamse creatieve sector is kunst- en cultuursector, oftewel ca. 31.000 banen
40% (31,1)
• Dit is ca. 25% van de totale werkgelegenheid in deze sector in Nederland • Het is daarnaast ca. 4% van de totale werkgelegenheid in Amsterdam (vier keer hoger dan het landelijk gemiddelde van ca. 1%)
LISA-data betreft het totaal aantal banen, de analyse in dit onderzoek is echter gedaan met Full-time equivalents (FTE), wat er verderop in het document voor zal zorgen dat cijfers lager uit zullen vallen
Bron: LISA data (Kamer van Koophandel) (2022) | gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen (2022) | Monitor Creatieve Industrie (2023)
11
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
De Amsterdamse kunst- en cultuursector heeft een groot landelijk en internationaal bereik Voor 35% van de 20 miljoen jaarlijkse bezoekers van buiten de stad is ‘kunst en cultuur’ de hoofdreden1 Kunst en cultuur als hoofdreden
Amsterdam
Geen kunst en cultuur als hoofdreden
Buiten Amsterdam
35%
20 miljoen Jaarlijkse bezoekers Amsterdam van mensen van buiten de stad 65%
1. 2.
70% van de optredens van Amsterdamse podiumkunstengezelschappen2 vond in 2022 buiten de stad plaats
De hoofdreden van een bezoek aan Amsterdam is voor ca. 7 miljoen (35%) bezoekers ‘kunst en cultuur’ 75% van het totale aantal bezoekers van buiten de stad komt uit het buitenland, oftewel 15 miljoen per jaar
30%
ca. 90 Optredens gemiddeld per gezelschap 70%
Gemiddeld vindt 70% van de voorstellingen van Amsterdamse podiumkunstengezelschappen buiten Amsterdam plaats (ca. 60% in Nederland en ca. 10% in het buitenland)
Dit betreft voornamelijk bezoeken aan musea, podia, arthouse cinema en festivals Dit zijn (Amsterdamse) theater- en dansgezelschappen, muziekensembles en orkesten en productiehuizen, in het vervolg van het document wordt aan deze groep instellingen gerefereerd als 'gezelschappen'
Bron: amsterdam & partners (2016) | Survey gemeente Amsterdam afdeling kunst en cultuur (N=90) (2024)
12
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
Aandeel Amsterdamse makers t.a.v. totaal internationale activiteiten Nederlandse makers (2022), % Amsterdam
50% van alle Nederlandse internationale culturele ‘export’ zijn activiteiten van Amsterdamse makers
Rest van NL
89 bezochte landen, top 5: Duitsland, VS, België, Verenigd Koninkrijk en Frankrijk
14.600 51%
Internationale culturele activiteiten uit Nederland
1.312 internationaal actieve makers (27% van totaal aantal makers)
49%
Bron: DutchCulture (2022), Mapping Amsterdam : Internationale culturele activiteiten in 2019 en 2022
691 bezochte steden, top 5: Berlijn, Londen, New York, Belo Horizonte, Parijs
Top 5 disciplines: Muziek (30%), Audiovisuele media (19%), Podiumkunsten (16%), Beeldende kunst (11%), Erfgoed (11%)
13
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
De A’damse kunst- en cultuursector draagt bij aan het BBP (€1,4 mld direct, €0,8 mld indirect) en aan werkgelegenheid (ca. 19.000 FTE direct, 50%-100% daarvan indirect) – Minder rijksbudget heeft hier impact op De Amsterdamse kunst- en cultuursector draagt direct ca. €1,4 en indirect ca. €o,8 miljard bij aan het BBP
De sector creëert direct ca. 19.000 FTE binnen de sector en nog eens 8.000-19.000 daarbuiten
Directe BBP-bijdrage kunst- en cultuursector (2022)1, € mld (% totaal)
Werkgelegenheid gecreëerd door Amsterdamse kunsten cultuursector (2022), FTE
Gemeente Amsterdam
BBP-bijdrage internationale bezoekers kunst- en cultuursector Amsterdam (2022)2, € mld
Buiten Amsterdam
1,4 (25%)
ca. 4,1 €5,5
ca. €0,8 miljard
(75%)miljard
De totale directe BBP-bijdrage van de Nederlandse kunst- en cultuursector is met ca. €5,5 miljard ruim 0,6% van de Nederlandse economie2
Totale indirecte BBP-bijdrage van de sector door internationale bezoekers (ca. 5 miljoen)3 is o.b.v. totale uitgaven buiten de sector ca. €0,8 miljard 4
ca. 19.000 FTE binnen de sector
ca. 50%-100% extra FTE andere sectoren
(ca. 31.000 banen)
(ca. 8.000 -19.000 FTE, oftewel 16.000 -31.000 banen )
De sector creëert direct c.a. 19.000 FTE5 (ca. 31.000 banen) en naar schatting nog eens 50% - 100% daarvan buiten de sector (ca. 8.000 – 19.000 FTE)6 (bij o.a. toeleveranciers, in de creatieve sector en bijv. de horeca)
Zie appendix p. 25 voor definitie BBPbijdrage en p. 26 voor een toelichting op de BBP-bijdrage internationale bezoekers kunst- en cultuursector
Belangrijkste conclusies De directe BBP-bijdrage van de Nederlandse kunst- en cultuursector bedraagt €5,5 miljard, dit is 0,6% van de Nederlandse economie, waarvan de bijdrage van Amsterdamse instellingen ca. 25% is (€1,4 miljard) Internationale bezoekers (ca. 5 miljoen) aan de sector, dragen dankzij uitgaven aan andere sectoren gedurende hun verblijf ca. €0,8 miljard bij aan het BBP
De sector creëert direct ca. 19.000 FTE (ca. 31.000 banen) en indirect naar schatting nog 50-100% van dat getal in sectoren die profiteren van het bestaan van de kunst- en cultuur sector (ca. 8.000 – 19.000 FTE)
1. Nederlandse BBP-bijdrage uit Monitor Creatieve Industrie, vertaling naar Amsterdam o.b.v. aandeel banen in de Amsterdamsesector t.o.v. Totaal | 2. Totale Nederlandse economie 2022 : €860 miljard (CBS)| 3. 35% van de in totaal 15 miljoen buitenlandse bezoekers , amsterdam&partners, bezoekersonderzoek 2016 | 4. BBP- en werkgelegenheidsmultiplier berekend na toepassing Leontief inverse calculaties op macro-economische input-outputtabellen, toegepast op aan kunst- en cultuursector toegekende uitgaven van bezoekers| 5. Op basis van gemiddelde FTE per €1 BBP-bijdrage in de creatieve sector in Nederland uit Satellietrekening cultuur en media 2018 | 6. Berekening o.b.v. verhouding tussen de FTE-multiplier (o.b.v. Leontief inverse calculaties op macro-economische input-outputtabellen) toegepast op de BBP-bijdrage van FTE's binnen de instellingen in scope van dit onderzoek Bron: LISA 2022 | amsterdam&partners (2016) | Bezoekerscijfers Gemeente Amsterdam afdeling O&S | Monitor creatieve industrie 2023 | Satellietrekening cultuur en media 2018, CBS | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
14
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
Kunst- cultuur(educatie) draagt bij aan brede vorming van jongeren en de gezondheid en welbevinden van mensen in het algemeen
Uit onderzoek is gebleken dat cultuureducatie1 bijdraagt aan de brede vorming van kinderen en jongeren…
…En het actief of passief beleven van kunst bevordert de gezondheid en het algemene welbevinden van mensen
Cultureel- en zelfbewustzijn Beter begrip over cultuur als fenomeen (de eigen cultuur en die van anderen), als expressiemiddel en als een proces dat altijd doorgaat Reflectief en kritisch denkvermogen Versterkt vermogen kritisch te denken en de capaciteit om zaken vanuit verschillende perspectieven te bekijken, inclusief zichzelf/eigen werk Creativiteit en verbeeldingskracht Betere verbeeldingszin en de capaciteit om creatief te denken, waardoor men beter in staat is om te gaan/zich voor te bereiden op het onbekende
Volgens onder andere de WHO levert deelname aan culturele activiteiten, zoals podiumkunsten, beeldende kunst en vormgeving en het bezoeken van musea, concerten en theater en online kunstvormen, gezondheidsvoordelen op: Preventie van ziekte En positief effect op het voorkomen van psychische en lichamelijke aandoeningen en het verbeteren van leefstijl. Mensen die veel worden blootgesteld aan kunst en cultuur hebben bijvoorbeeld ca. 30% minder kans op een depressie Beheersing van ziekte(s)
Betere cognitieve vaardigheden Betere cognitieve vaardigheden; zo is o.a. bewezen dat lees- en mathematische vaardigheden met 17% kunnen worden versterkt. Beter gevoel voor o.a. geschiedenis, levensbeschouwing, maatschappijleer en filosofie
1.
Een positief effect op het omgaan met een ziekte. Activiteiten gebaseerd op muziek kunnen bijvoorbeeld helpen een depressie en dementie te beheersen, de balans, spraak en longfuncties verbeteren en angst en pijn verminderen
Cultuureducatie: Doelbewust leren over en met kunst, erfgoed en media via gerichte instructie, zowel binnen- als buitenschools (LKCA, 2020)
Bron: Van Heusden, B. (2015). Arts education ‘After the end of art’. In B. van Heusden, & P. Gielen (Reds.), Arts education beyond Art. Teaching in times of change (pp. 153-168). Valiz, Harland, J., & Hetland, L. (2008, 26 januari). Gewenste en bereikte leereffecten van kunsteducatie. Cultuur+Educatie, 23, 1-92, [….], van Heusden, B. (2020), ‘Het leven verbeeld: kunst, cultuur en cognitie’, Cultuur+Educatie, 56, 6-21, Fancourt, Daisy & Finn, Saoirse. (2019). What is the evidence on the role of the arts in improving health and wellbeing? A scoping review. World Health Organization, van Campen, Rosenboom, van Grinsven, Smits (2017), ‘Kunst en positieve gezondheid - een overzichtsstudie […]’, p.3-212 15
1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
Ook heeft participatie aan en beleving van kunst en cultuur positieve effecten op gemeenschappen, zoals stimulering van sociale cohesie, welvaart en maatschappelijk debat
Impact participatie aan en beleving van kunst en cultuur op gemeenschappen Sociale cohesie Participatie aan en beleving van kunst en cultuur kan bijdragen aan tolerantie en empathie doordat mensen in aanraking komen met andere culturen en anders denkenden. Inclusieve lokale maatschappelijke projecten kunnen er bovendien voor zorgen dat gemeenschappen sterker worden. Studies hebben daarnaast uitgewezen dat deelname in kunstprojecten/-programma’s antisociaal gedrag kan verminderen, zoals bijvoorbeeld bij gedetineerden waar kunst- en cultuurprojecten vaker worden ingezet met positieve resultaten
Aantrekkingskracht, sterk vestigingsklimaat en welvaart van de stad Een bloeiende kunst- en cultuursector vergroot bewezen de aantrekkingskracht van een stad, als woonplaats, om een bedrijf te vestigen en om zaken te doen. Belangrijke drijfveren daarin zijn voorzieningen (aanbod van kunst en cultuur, incl. uitgaansgelegenheden) en baanaanbod. Ook op toeristen (zoals eerder aangeduid in dit hoofdstuk) heeft kunst en cultuur een grote aantrekkingskracht1. Dit alles draagt bij aan de welvaart in de stad
Stimulans maatschappelijk debat De kunst- en cultuursector kan bijdragen aan het maatschappelijke bewustzijn door maatschappelijke onderwerpen aan de kaak te stellen, zoals bijv. sociale ongelijkheid, het klimaat en internationale conflicten. Ook functioneren (sommige) culturele instellingen als ontmoetingsplek, waar gesprekken over deze onderwerpen plaats kunnen vinden
1.
Van de top 20 meest populaire toeristische attracties zijn 13 een culturele instelling (bron: Monitor Attracties MRA, gemeente Amsterdam (2021))
Bron: Cultural Learning Alliance (2017), The case for cultural learning, Europese Unie, Culture and Creativity, link, Deakin, Meakin, Olanrewaju, Nguyen, (2023) The arts in the UK: Seeing the big picture, pp 2 -53, Kamp, M. van der en D. Ottevanger (2003), Cultuureducatie en sociale cohesie. Een verkennend onderzoek, Cultuurnetwerk Nederland, Harry Garretsen & Gerard Marlet (2017) Amenities and the attraction of Dutch cities, Regional Studies, 51:5, 724-736, Geoffrey Crossick and Patrycja Kaszynska,(2016), Understanding the Value of Arts & Culture, Arts and Humanities Research Council
16
2 Scope van het onderzoek en financieringsstromen
17
2. Scope en financieringsstromen
1.2 Scope en financieringsstromen Samenvatting hoofdpunten Dit onderzoek richt zich op een scope van acht subsectoren in de kunst- en cultuursector in Amsterdam, waarbinnen subsidiestromen de grootste rol spelen (679 van 1.170 in kaart gebrachte instellingen1) €198 miljoen rijkssubsidie stroomt naar Amsterdamse instellingen: ▪ Dat is ca. 47% van de totale subsidiestroom naar deze instellingen en ca. 27% van het rijksbudget voor cultuur en erfgoed (€743 miljoen, structurele en incidentele subsidie2) Ruim de helft van de instellingen in scope van dit onderzoek ontvangt subsidie: ▪ Bijna 300 instellingen (44%) ontvangen subsidie vanuit het Rijk, de helft structureel, de andere helft alleen incidenteel ▪ 30% van de instellingen (216) ontvangt structurele subsidie vanuit Rijk en/of gemeente, 148 daarvan ontvangen structurele rijkssubsidie De €183 miljoen rijkssubsidie die wordt ontvangen door instellingen met structurele subsidie (216), gaat voornamelijk (88%) naar musea, gezelschappen en podia met een productiefunctie (resp. € 58, 58 en 45 miljoen) Instellingen die structurele rijkssubsidie ontvangen hebben gemiddeld een hogere afhankheid van subsidies dan instellingen die geen structurele rijkssubsidie ontvangen (resp. 60% vs.ca. 44%)
1. 2.
De totale lijst instellingen die in kaart zijn gebracht, is tot stand gekomen op basis van een lijst met 746 instellingen met een vaste locatie samengesteld door gemeente Amsterdam aangevuld met instellingen die rijks- of gemeentesubsidie ontvangen Basisinfrastructuur en Erfgoedwet
18
2. Scope en financieringsstromen
Dit onderzoek richt zich op de acht subsectoren (679 van 1.170 instellingen) waarbinnen subsidiestromen de grootste rol spelen
Zie appendix. p.27 voor een beschrijving van de verschillende actoren en hun rollen binnen het ecosysteem van de kunst- en cultuursector
Verdeling kunst- en cultuurinstellingen naar subsector (2022), aantal instellingen
Scope
Type instellingen in scope
Type instellingen niet in scope
Totaal instellingen in scope (#)
679
Gezelschappen
184
Totaal instellingen niet in scope (#) Galeries, kunstbeurzen en expositieruimten Entertainment, nachtclubs, primaire eetgelegenheden Musea (niet in museumvereniging)
In dit onderzoek worden alle subsectoren meegenomen die: ▪ In aanmerking komen voor rijkssubsidie uit de BIS en Rijkscultuurfondsen en de Erfgoedwet of voor gemeentelijke subsidie vanuit gemeente Amsterdam of het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK) ▪ Met elkaar samenhangen in een cultureel ecosysteem, dat o.a. bestaat uit makers, zalen, toeleveranciers, de bredere creatieve sector, het publiek en donoren/sponsors
Broedplaatsen, ateliers, residenties
150
Podia met en zonder productiefunctie1
96
491 157 108 38
Bibliotheken Educatie
27
85 Evenementenlocaties
Festivals
58
Musea en presentatie inst. beeldende kunst
49
43
Andere makers Arthouse cinemas
14
24
Boekwinkels, tijdschriften & uitgevers
16
Fondsen
8
Commerciële bioscopen
7
Overig
106
Noot: Naast deze instellingen zijn er ook nog 203 individuele makers, die in 2022 incidentele rijkssubsidie ontvingen.2 Deze makers worden niet meegenomen in de scope omdat zij geen culturele instelling zijn. De selectie van in totaal 1.170 instellingen is gebaseerd op een lijst met instellingen met een locatie aangeleverd door gemeente Amsterdam, aangevuld met instellingen die subsidies ontvangen van de gemeente, het AFK en de Rijkscultuurfondsen. 1. Dit totaal bestaat uit 66 podiumkunstpodia (zie p.7) en 30 overige podia | 2. Op basis van OCW-data Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
679 van de 1.170 (in kaart gebrachte) kunst- en cultuurinstellingen in Amsterdam vallen binnen deze subsectoren
19
2. Scope en financieringsstromen
€198 miljoen rijkssubsidie stroomt naar Amsterdamse instellingen, dat is ca. 47% van de totale subsidiestroom naar deze instellingen en ca. 27% van het rijksbudget voor cultuur en erfgoed (€743 miljoen) Totale subsidies voor kunst- en cultuurinstellingen in Amsterdam (2022), €miljoen Structurele rijkssubsidies1
Structurele gemeentesubsidies1
Incidentele rijkssubsidies instellingen in scope
Incidentele gemeentesubsidies instellingen in scope
Incidentele rijkssubsidies instellingen niet in scope
Incidentele gemeentesubsidies instellingen niet in scope
Rijkssubsidie3 (structureel en incidenteel)
176
overige subsidies instelllingen in scope2
100
10 10 120
Overige subsidies (stadsdelen, provincie, EU etc.) Totaal
1. 2. 3. 4.
5.
42%
Belangrijkste inzichten
13 9 198
Subsidie gemeente Amsterdam (structureel en incidenteel)
2% 3%
24%
2% 2%
Zie appendix. p.28 voor een gedetailleerde uitsplitsing van subsidies BIS en rijkscultuurfondsen voor Amsterdamse instellingen
100
100
24%
418
Alle structurele rijkssubsidie en gemeentesubsidie zijn in scope van dit onderzoek Incidentele subsidie van de gemeente en subsidies afkomstig van o.a. stadsdelen, provincie, de EU en het Filmfonds (klein deel incidentele subsidies waarover geen verdere informatie is verstrekt, dit fonds keert grotendeels uit aan instellingen die niet in scope zijn van dit onderzoek) Totale rijksbudget voor kunst- en cultuur bedroeg in 2022 €743 miljoen. Dit totaal is gebaseerd op een optelsom van de geïndexeerde jaarcijfers van de rijkcultuurfondsen om zo dicht mogelijk bij het daadwerkelijk uitgekeerde bedrag te komen (dit zijn dus andere totalen dan de cijfers die genoemd worden in o.a. de rijksbegroting) €6 miljoen van dit bedrag betreft incidentele rijkssubsidies die worden ontvangen door instellingen in scope die geen structurele rijkssubsidies ontvangen. Deze instellingen hebben geen verantwoordingsplicht, waardoor er geen financiële gegevens beschikbaar zijn. Die instellingen zijn daarom niet meegenomen in de verdere analyse in dit rapport. Er wordt gerekend met €183 miljoen rijkssubsidie ca. €486 BIS en ca. €257 Erfgoedwet (Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak)
Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022 | gemeente Amsterdam, ‘Subsidiefeiten Kunst- en cultuursector (2022)’ | Jaarcijfers rijkscultuurfondsen 2022
€198 van €418 miljoen jaarlijkse subsidie die Amsterdamse instellingen ontvangen is rijkssubsidie (47%) ▪ € 189 miljoen gaat naar instellingen in scope4 ▪ €9 miljoen gaat naar instellingen buiten scope Van het totale rijksbudget voor kunst- en cultuur (€743 miljoen5) is dit ca. 27%: ▪ Amsterdamse instellingen ontvangen ca. €155 miljoen rijkscultuursubsidies (ca. 30% ca. €486 miljoen in de basisinfrastructuur) ▪ ca. €100 miljoen daarvan komt uit de ‘kleine BIS’ (40% totaal beschikbare budget instellingen met regiooverstijgende functie) ▪ Musea ontvangen €43 miljoen uit de erfgoedwet (17% totale beschikbare budget) Gemeente Amsterdam legt €120 miljoen aan structurele- incidentele subsidie bij, daarnaast komt er nog ca. €100 miljoen vanuit overige subsidiebronnen/verstrekkers (o.a. andere gemeentesubsidies, stadsdelen, provincie, EU) 20
2. Scope en financieringsstromen
Ruim de helft van de instellingen in scope ontvangt subsidie, 30% ontvangt o.a. structurele rijks-en/of gemeentesubsidie (216), 22% ontvangt alleen incidentele rijkssubsidie (150) Verdeling kunst- en cultuurinstellingen in scope naar categorie en subsidiesoort (2022), aantal instellingen Ontvangt o.a. structurele rijkssubsidie
Ontvangt alleen incidentele rijkssubsidie
Ontvangt structurele-/incidentele gemeentesubsidie en incidentele rijkssubsidie
Ontvangt geen rijks-/gemeentesubsidies
Gezelschappen / Productiehuizen (podiumkunsten) Festivals
86
11
184 7 24
58 16 13
Educatie
Musea en presentatie inst. beeldende kunst1 Andere makers Broedplaatsen, ateliers, residenties
Alleen podia met productiefunctie ontvangen rijkssubsidie
8 13
▪ 10% (68) ontvangt geen rijkssubsidie maar 49 4 2
43 2 3
150 3 0 14
150 (22%)
ontvangt structurele rijkssubsidie waarvan bijna tweederde (90) ook gemeentesubsidie ontvangt alleen incidentele rijkssubsidie
96
Arthouse cinemas 148 (22%) 682 (10%)
▪ 22% (148) van alle instellingen in scope (679)
▪ 22% (150) van de instellingen ontvangt
85 17 7
Podia met en zonder productiefunctie
Totaal in scope
Belangrijkste conclusies
313 (46%)
679
216 instellingen ontvangen structurele rijks- en/of gemeentesubsidie Noot: In dit onderzoek analyseren worden alleen instellingen die structurele rijks- en gemeentesubsidie ontvangen (216) geanalyseerd, omdat van deze instellingen volledige verantwoordingsgegevens beschikbaar zijn bij het Rijk (OCW), de rijksfondsen en de gemeente. Dit geldt vanaf p.16 1. Inclusief Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak | 2. 35 instellingen van deze 68 ontvangen ook incidentele gemeentesubsidies Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
wel o.a. structurele gemeentesubsidie, ongeveer de helft daarvan (35) ontvangt ook incidentele gemeentesubsidie
▪ 46% (313) ontvangt helemaal geen subsidies ▪ Met name een groot deel van de Podiumkunstengezelschappen en Festivals ontvangt structurele rijkssubsidie, resp. 47% en 41%
▪ Slechts een klein deel van de Broedplaatsen, Podia en Arthouse Cinemas ontvangt structurele rijkssubsidie, resp. 2%, 7% en 0%
21
2. Scope en financieringsstromen
De €183 miljoen rijkssubsidie die wordt ontvangen door instellingen met structurele subsidie (216), gaat voornamelijk (88%) naar musea, gezelschappen en podia met een productiefunctie Inkomstenverdeling instellingen met structurele rijks- en/of gemeentesubsidie (2022), % / €M totale inkomsten
Musea en presentatie inst. beeldende kunst1 (21) Podia met productiefunctie (7) Gezelschappen / Prod.huizen (podiumkunsten) (86)
53
Structurele Rijkssubsidie
Structurele gemeentesubsidies
Overige subsidies
Incidentele Rijkssubsidie
Incidentele gemeentesubsidies
Private fondsen
Belangrijkste conclusies
Overige inkomsten
282
4
208
43 2 47
€43 miljoen hiervan gaat naar 6 erfgoedmusea
57
16 1
ca. 15% van de totale inkomsten betreft subsidie van de gemeente (€110 miljoen, €100 miljoen structureel en €10 miljoen incidenteel)
124 9
Festivals (24)
5 1
38 8 8 0
Educatie (13)
37
Broedplaatsen, ateliers, residenties (3)
4
Andere makers (2)
38% 3
Arthouse cinema (1)
4
Totaal (216)
176 (24%)
7 (1%)
10 (1%) 100 (14%)
105 (15%)
71 (10%)
252 (35%)
ca. 25% van de totale inkomsten van instellingen die structurele subsidie ontvangen is rijkssubsidie (€183 miljoen, €176 miljoen structureel en €7 miljoen incidenteel)
3
25
Musea, Gezelschappen en podia ontvangen de meeste rijkssubsidie, resp. €58, €58 en 45 miljoen
Podia krijgen een groter aandeel van hun subsidies van de gemeente dan van het Rijk (resp. €47 vs. 45 miljoen)
720
Deze instellingen ontvangen in totaal €183 miljoen rijkssubsidie 1. 2.
Inclusief Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak (€43 miljoen) Noot: In het totaal 'overige subsidies’ (€115 miljoen, 17%) is €10 miljoen incidentele gemeentesubsidies opgenomen en een deel Coronasteun die als ‘overige subsidies’ is gerapporteerd in verantwoordingsdata van instellingen
Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
22
2. Scope en financieringsstromen
Instellingen die structurele rijkssubsidie ontvangen hebben gemiddeld een hogere afhankelijkheid van subsidies dan instellingen die geen structurele rijkssubsidie ontvangen (resp. 60% vs.ca. 44%) Structurele rijkssubsidies
Incidentele rijkssubsidies
Overige subsidies3
Structurele gemeentesubsidies
Incidentele gemeentesubsidies
Private fondsen
Zie appendix. p.29, 30 voor een gedetailleerde uitsplitsing van inkomsten voor de 216 instellingen die hier genoemd worden
Overige inkomsten
Inkomsten subsidieontvangende instellingen in scope (216), % totale inkomsten 20221
Belangrijkste inzichten2
Instellingen die structurele rijkssubsidie ontvangen (148)
Instellingen die o.a. structurele rijkssubsidie ontvangen (148) hebben een hogere subsidieafhankelijkheid dan instellingen die geen structurele rijkssubsidie ontvangen (68) (resp. ca. 60 vs. ca. 40%)
28%
31%
32%
€560M
44%
Totale inkomsten 9%
1. 2. 3.
Instellingen die geen structurele rijks-, maar wel structurele gemeentesubsidie en incidentele rijkssubsidie ontvangen (68)
<1% 1%
€160M Totale inkomsten
6% 2%
10% 6%
17%
14%
Gemiddeld ca. 60% van totale inkomsten zijn subsidies. Ruim de helft van deze subsidies komen vanuit het Rijk
Gemiddeld ca. 40% van totale inkomsten zijn subsidies. Ongeveer tweederde van deze subsidies is structurele gemeentesubsidie
Gezelschappen die structurele subsidies ontvangen, krijgen procentueel de meeste structurele rijkssubsidie t.a.v. de totale inkomsten: 48% (€56 miljoen) Broedplaatsen, ateliers en residenties en Educatie die structurele subsidie ontvangen, krijgen procentueel de meeste structurele gemeentesubsidie t.a.v. totale inkomsten: allebei ca. 50%
Inclusief Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak Zie appendix voor meer gedetailleerde pagina's met betrekking tot deze informatie Noot: In het percentage 'overige subsidies’ (resp. 17% en 12%) is is €10 miljoen incidentele gemeentesubsidies opgenomen evenals een deel Coronasteun (zie ook vorige pagina)
Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
23
1
Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis ▪ ▪
Appendix
2
Definitie BBP-bijdrage, p.25 Toelichting op de BBP-bijdrage internationale bezoekers kunst- en cultuursector, p.26
Scope en financieringsstromen ▪ ▪ ▪
Ecosysteem kunst- en cultuursector, p.27 Uitsplitsing subsidies BIS en rijkscultuurfondsen voor Amsterdamse instellingen, p.28 Uitsplitsing inkomsten voor de 216 instellingen met structurele subsidie, p. 29,30
Overzicht geïnterviewde instellingen, p.31 Bronnenlijst, p.32
24
Appendix - 1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
Uitleg BBP-bijdrage (definitie en berekening)
Economie: BBPbijdrage bepaalt het aandeel / de bijdrage van een sector aan de gehele nationale economie
Definitie Het BBP is een maatstaf voor de omvang van de economie van een land en drukt de totale waarde van goederen en diensten uit die in een bepaalde periode binnen de grenzen van een land worden geproduceerd
Berekening Om het BBP te berekenen, wordt de waarde van alle eindproducten en diensten die binnen de grenzen van een land worden geproduceerd bij elkaar opgeteld
Uitsplitsing per sector Het BBP kan worden opgesplitst per sector, zoals landbouw, productie en diensten, om de bijdrage van elke sector aan de algehele economie te laten zien
Bron: CBS, McKinsey Global lnstitute (MGI)
25
Appendix - 1. Amsterdam als cultuurcluster met landelijke en internationale uitstraling en betekenis
2. Deep dive: Internationale bezoekers voor kunst en cultuur hebben met indirecte uitgaven ca. €800 miljoen BBP-impact Analyse op basis van uitgaven toerisme buiten directe kunst- en cultuurbestedingen
Buitenlandse bezoekers geven ca. €3,2 miljard per jaar in Amsterdam uit…
…waardoor de kunst en cultuur rond de ca. €800M BBP bijdraagt buiten de sector3
Belangrijke inzichten
Uitgaven per type bezoeker aan Amsterdam, €miljard
BBP-impact bezoekers kunst en cultuur, €M
benadering ca. €3,2 miljard uit per jaar in Amsterdam ▪ ca. 35% van de bezoekers aan Amsterdam geeft kunst- en cultuur als hoofdreden voor het bezoek aan, blijkt uit onderzoek van amsterdam&partners uit 2016 ▪ Het is aannemelijk dat deze bezoekers ca. €800 miljoen uitgeven aan andere zaken dan kunst- en cultuur. Dit kan dan ook gezien worden als de indirecte bijdrage aan het BBP van de kunst- en cultuursector
3.200
450
2,4
400 Buitenlandse verblijfsbezoeker
350 300 250 200 150
800
100
Buitenlandse dagbezoeker
50 0
0
2.000
4.000
6.000
8.000
0,8
10.000
Aantal mensen x1000
1.
▪ Internationale bezoekers geven bij
Totaal uitgaven bezoekers
Bezoek niet K&C-uitgaven BBP-aftrek BBP-impact aan kunst en niet door import dankzij kunst cultuur toe meegenomen1 leveranciers2 en cultuur te wijzen1
Noot: Kunst- en cultuuruitgaven en importgoederen worden niet meegenomen in de BBP-bijdrage van bezoekers
Uitgaven direct aan kunst en cultuur worden meegenomen in de BBP-impact van kunstinstellingen; 2. O.b.v. BBP- en werkgelegenheidsmultiplier na toepassing Leontief inverse calculaties op macro-economische Input-outputtabellen en werkgelegenheidscijfers; 3. Exclusief opportunity costs
Bron: CBS - Input-Output tabellen 2022, McKinsey analyse BBP-multipliers | Jaarrekeningen van 10 Amsterdamse kunst- en cultuurinstellingen | Amsterdam & Partners - Inzichten in bezoekers aan Amsterdam en de Metropool regio, 2020 - 2022
26
Appendix - 2. Scope en financieringsstromen
Het ecosysteem van kunst- en cultuursector bestaat uit verschillende actoren met ieder en eigen rol
Mogelijke effecten op het ecosysteem van de kunst- en cultuursector Makers, Podia, musea en festivals, en Overig1 ▪ Makers creëren kunst/ cultuur of nemen deel aan artistieke activiteiten ▪ Podia, musea en festivals bieden makers een podium / een ontmoetingsplek en geven publiek Makers
Podia, Overig1 musea, Creatieve festivals activiteit
te gelegenheid kunst te bekijken / samen te komen rondom bepaalde thema’s ▪ Overig, zorgen er voor dat makers en podia, musea en festivals optimaal kunnen functioneren (ondersteunende beroepen) en dat nieuwe makers / specialisten worden opgeleid (educatieve instellingen)
Publiek en consumenten, Donoren en sponsors ▪ Publiek bekijkt kunstvormen/bezoekt instellingen en consumenten ‘consumeren’ kunst door
Donoren , sponsors
Publiek, consumenten
bijvoorbeeld een kunstwerk, boek of film te kopen ▪ Donoren en sponsors (en subsidieverstrekkers) financieren kunst en cultuur (o.a. filantropen, fondsen, bedrijven en publieke instellingen)
Lokale toeleveranciers en de horeca en Brede creatieve industrie ▪ Lokale toeleveranciers leveren goederen en diensten aan de sector (o.a. cateraars, Figuur: Schematische weergave van de verschillende actoren in het ecosysteem van de kunst- en cultuursector
decorbouwers) en de horeca bedient het publiek/makers en overige medewerkers ▪ De brede creatieve industrie werkt veel samen met de culturele sector (bijv. marketing, audiovisuele productie etc.)
1. Ondersteunende beroepen en educatieve instellingen
27
Appendix - 2. Scope en financieringsstromen
27% (ca. €198M) van de jaarlijkse rijkssubsidie (cultuur en erfgoed) van totaal €743 miljoen vloeit naar Amsterdamse instellingen in scope van dit onderzoek Structurele Rijkssubsidie
Incidentele Rijkssubsidie in scope
Incidentele Rijkssubsidie niet in scope
X
% van totale budget subsidient
Subsidies voor Amsterdamse kunst- en cultuurinstellingen (basisinfrastructuur en erfgoedwet1 ) Verhouding rijkssubsidie culturele sector Amsterdam vs. rest van Nederland Subsidiënt
▪ Culturele rijkssubsidie voor Aandeel totale budget subsidieverstrekker, %
rijkssubsidie Amsterdam per subsector, €M
BIS
100
Erfgoedwet1
40
17
43
Fonds Podiumkunsten
47
35
Mondriaanfonds
4
15
▪ 6 musea ontvangen €43 miljoen uit
1
11
Nederlands Filmfonds
0 176
Instellingen in scope ontvangen €189 miljoen structurele & incidentele rijkssubsidie, €6 miljoen daarvan gaat naar instellingen die alleen incidentele subsidies ontvangen
13
9
▪ De meeste structurele subsidies zijn
26
5
Letterenfonds
Amsterdam zijn met €198 miljoen ruim 27% van de totale €743 miljoen rijkssubsidie (ca. €486 BIS en ca. €257 Erfgoedwet) voor kunst en cultuur afkomstig uit de Basisinfrastructuur, ofwel BIS (ca. 50% van het totale budget voor deBIS)
40
11
Fonds voor Cultuurparticipatie Stimuleringsfonds Creatieve industrie
Totaal
Belangrijke inzichten
198
Instellingen niet in scope ontvangen €9 miljoen incidentele rijkssubsidie voornamelijk: Individuele makers, galeries en musea (niet in museumvereniging)
27
de Erfgoedwet, dat is 17% van het totale nationale budget van €257 miljoen
▪ Incidentele rijkssubsidies (in en out of scope) bedragen €22 miljoen, en zijn daarmee ruim 11% van de totale subsidies
1. Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (2020) & data verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
28
Appendix - 2. Scope en financieringsstromen
De 148 instellingen die structurele subsidie van het Rijk ontvangen zijn voor ca. 60% afhankelijk van subsidies, ongeveer de helft daarvan is afkomstig van het Rijk Structurele rijkssubsidie
Incidentele rijksubsidie
Overige subsidies3
Structurele gemeentesubsidie
Incidentele gemeentesubsidie
Private fondsen
Overige inkomsten
Inkomstenverdeling instellingen die structurele rijkssubsidie ontvangen, % / €M totale inkomsten 20221
Belangrijke inzichten
Musea en presentatie inst. beeldende kunst (132)
240
▪ Subsidies zijn gemiddeld ca. 60%
33%
van de inkomsten (baten) van instellingen die o.a. structurele rijkssubsidie ontvangen
23%
Podia (7)
130
Gezelschappen / Prod.huizen (podiumkunsten) (86)
118
48%
▪ ca. 50% van de totale subsidies
Broedplaatsen, ateliers, residenties (3)
28%
Andere makers (2)
▪ Gezelschappen ontvangen
21
36%
Educatie (13)
betreft structurele rijkssubsidie (€176 miljoen)
33
28%
Festivals (24)
15
44% 2
Minder representatief (n=3) 49% 0
Arthouse cinema (1) Totaal (148)
31%
10% 1%
17%
9%
32%
559
procentueel de meeste structurele rijkssubsidie t.a.v. de totale inkomsten: 48% (€56 miljoen)
▪ Musea ontvangen het kleinste aandeel van hun inkomsten uit rijkssubsidie: 23%, dit is in absolute getallen echter nog steeds een hoog bedrag, €55 miljoen
ca. 60% van de totale inkomsten zijn subsidies, ongeveer de helft daarvan is rijkssubsidie (€183 miljoen) en 17% van de gemeente (€54 miljoen) 1 Alleen voor instellingen die ofwel alleen structurele rijkssubsidie ontvangen, ofwel structurele rijkssubsidie & structurele gemeentesubsidie 2 Inclusief Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak 3 Noot: In het percentage 'overige subsidies’ (17%) is ook een deel Coronasteun meegenomen Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
29
Appendix - 2. Scope en financieringsstromen
Voor 68 instellingen die geen Rijks- maar wel structurele gemeentesubsidie ontvangen is ca. 40% van de inkomsten subsidie, waarvan ca. 80% gemeentesubsidie is Structurele gemeentesubsidie
Structurele rijksubsidie
Overige subsidies
Incidentele gemeentesubsidie
Incidentele rijkssubsidie
Private fondsen
Overige inkomsten3
Inkomstenverdeling instellingen die structurele gemeentesubsidie ontvangen, % / €M totale inkomsten 2022 1
Belangrijke inzichten
Musea en presentatie inst. beeldende kunst (82)
▪ Subsidies zijn gemiddeld ca. 40%
39%
17%
43 22%
Podia (17)
van de inkomsten (baten) van instellingen die alleen structurele subsidies van de gemeente ontvangen
78
1%
Gezelschappen / Prod.huizen (podiumkunsten) (11)
25% 6
▪ ca. 80% van de totale subsidies
11% 5
Festivals (7)
8% (1) 51%
Educatie (16)
betreft structurele subsidies van de gemeente (€56 miljoen) 16 11%
Andere makers (4) Broedplaatsen, ateliers, residenties (2)
procentueel de meeste structurele subsidies van de gemeente t.a.v. de totale inkomsten: ca. 60% (€9 miljoen)
10
0 Minder representatief (n=5)
Arthouse cinema (3) Totaal (148)
▪ Educatie-instellingen ontvangen
28%
6% 2% 6%
14%
44%
4
▪ Festivals ontvangen het kleinste
161
aandeel van hun inkomsten uit rijkssubsidie: 11% (€1 miljoen)
ca. 40% van de totale inkomsten zijn subsidies, ca. 80% daarvan is gemeentesubsidie (ca. €56 miljoen), 5% incidentele rijkssubsidie (€3 miljoen) 1 Alleen voor instellingen die alleen structurele subsidies van het de gemeente ontvangen, en niet van het Rijk 2 Inclusief Erfgoedwetdeel dat is bestemd voor museale instellingen met een wettelijke taak 3 Noot: In het percentage 'overige subsidies’ (6%) is ook een deel Coronasteun meegenomen (zie ook vorige pagina) Bron: gemeente Amsterdam - AMBKC Brondata kunstinstellingen Amsterdam (september 2020) & data uit verantwoording 2021-2022 | OCW - Financiële data subsidieontvangers BIS en Fondsinstellingen 2022
30
Bronnenlijst Rapporten en artikelen die zijn gebruikt bij het opstellen van dit rapport Naam rapport
Naam auteur/organisatie/opdrachtgever
Publicatiejaar
‘Arts in the UK: Seeing the big picture’
McKinsey & Company
2023
‘Back to Edgeworth? Estimating the value of time using hedonic experiences’
Centre for Economic performance
2023
‘Cultuur Natuurlijk’
Raad voor Cultuur
2023
‘Toerisme MRA 2022-2023’
Gemeente Amsterdam
2023
‘Monitor Creatieve Industrie’
Media Perspectives
2023
‘Culturele en creatieve sector in Groot-Amsterdam’
Gemeente Amsterdam
2022
‘Mapping Amsterdam: Internationale culturele activiteiten 2019 en 2022’
DutchCulture & Gemeente Amsterdam
2022
‘Monitor Attracties MRA’
Gemeente Amsterdam
2022
‘Regionale Cultuurmonitor’
Boekmanstichting
2022
‘Cultuurmonitor’
Atlas Research, Boekmanstichting
2021
‘Effecten van de coronacrisis in de culturele sector’
Boekmanstichting & SiRM & Significant APE
2021
‘Gewenste en bereikte leereffecten van kunsteducatie’
B. J. Harland & L. Hetland
2020
‘Het leven verbeeld: kunst, cultuur en cognitie’
B. van Heusen
2020
‘Impact Covid 19 op kunst en cultuur in Amsterdam’
AMBKC
2020
‘Regionale Cultuurmonitor’
Boekmanstichting
2019
‘What is the evidence on the role of the arts in improving health and well-being?’
D. Fancourt & S. Finn
2019
‘Amenities and the attraction of Dutch cities’
H. Garretseb & G. Marlet
2017
‘Cultuur voor stad, land en regio. De rol van stedelijke regio’s in het cultuurbestel’
Raad voor Cultuur
2017
‘Kunst en positieve gezondheid – een overzichtsstudie’
C. van Campen & W. Rosenboom & S. van Grinsven & C. Smits
2017
‘The Case for Cultural Learning’
Cultural Learning Alliance
2017
‘Understanding the value of arts & culture’
Arts and Humanities Research Council
2016
‘Arts education ‘ After the end of art’’
University of Groningen
2015
‘Arts education beyond Art. Teaching in times of change’
B. van Heusen & P. Gielen
2008
‘Cultuureducatie en sociale cohesie. Een verkennend onderzoek’
M. van der Kamp & D. Ottevanger
2003 31