Bijlage 2 Bijlagen Investeringsnota NA2E 250226.pdf
Tekst van het document
Gemeente Amsterdam
BIJLAGEN INVESTERINGSNOTA
Nieuwe A2 Entree 26 februari 2025
2
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
BIJLAGEN
KAARTEN A. B. C. D. E. F. G. H. I. J. K. L. M. N.
Bestemmingsplan Eigendom Hoogtekaart Hoofdgroenstructuur Ecologische structuur Watersysteem Legger Archeologie Gasleiding Kabels en leidingen Hoogbouwbeleid Omgevingsaspecten Planning Voorbeelduitwerkingen
4 5 6 7 8 9 11 12 13 14 15 16 17 18
ONDERZOEKEN 1.
VMA Onderzoek
24
2.
Aanvulling Verkeersonderzoek NA2E
75
3.
Externe Veiligheid
84
4.
Quickscan Ecologie
112
5.
Tussentijds rapport Natuuronderzoek
149
6.
Quickscan Bodemkwaliteit
163
7.
Weging van het Waterbelang
325
8.
Notitie Geohydrologische effecten
373
9.
Stikstofdepositieberekeningen
386
10. Geluidsonderzoek
407
11. Energiestrategie
537
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
3
Naam overheid: Type plan: Planidn: Dossierstatus:
gemeente Amsterdam bestemmingsplan NL.IMRO.0363.M1101BPGST-VG01 geheel onherroepelijk in werking
A. Bestemmingsplan
IMRO-versie: Plan datum: Planstatus:
IM 20 va
Legenda Legenda
Legenda Plangebied Waterstaat
Groen Bedrijf Horeca
Disclaimer:Waarde Er kunnen op geen enkele wijze rechten worden ontleend aan, noch aanspraak gema Wonen de inhoud van deze afdruk. Gemengd Hoewel bij de samenstelling van de inhoud van deze afdruk de groots zorgvuldigheid wordt betracht, bestaat de mogelijkheid dat bepaalde informatie (na verloop van ti of niet (meer) correct is. Het Kadaster is niet aansprakelijk voor de eventuele schade die zou kun voortvloeien uit het gebruik van gegevens van de afdruk. 4
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Pagina 2 van 2
B. Eigendom
Gemeente Amsterdam Overige gemeenten De staat Spoorwegen/Prorail Provincie Privé eigendom
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
5
C. Hoogtekaart
6
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
D. Hoofdgroenstructuur Beleidskader Hoofdgroenstructuur - vastgesteld
corridor natte corridor volkstuinpark stadsparken begraafplaats stadsrandpolder
Kaartenboek Ov
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
7
E. Ecologische structuur Opgave en ambities
update kaart
bestaande ecologische structuur ecologische verbinding in uitvoering verbeteren kades en oevers opgaven/ambities verbindingen
8
Kaartenboek Overamstel juni 2021
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Voornaamste diersoorten en bewegingspatronen
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
9 juni 2021 Kaartenboek Overamstel
F. Watersysteem
Peilgebied
Bestaand water
10
Het volkstuinenpark Amstelglorie bevindt zich in de Venserpolder, welke een vast waterpeil heeft van NAP -2,5 m. Het dichtstbijzijnde oppervlaktewater aan de oostkant is de Duivendrechtsevaart met een vast waterpeil van NAP -0,4 m. Volgens de legger is de te dempen watergang deel van het peilgebied ten westen (vast waterpeil van NAP -2,5 m). Vermoedelijk functioneert de duiker waarmee de watergang verbonden is met de rest van het peilgebied niet meer. Deze watergang zal 1-1 gecompenseerd moeten worden. Daar bestaan goede mogelijkheden toe aan de randen van de projectlocatie of onder het knooppunt A2.
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
G. Legger
kernzone beschermingszone
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
11
H. Archeologie Amstelglorie-west bevindt zich in: Zone E: Grote Duivendrechter Polder Archeologische verwachting: laag. Hier kunnen sporen voorkomen die verband houden met bewoning en landgebruik van de ontginning tot de 20ste eeuw. Dergelijke overblijfselen hebben weinig tot geen samenhang en een wijde verspreiding. De archeologische verwachting is daarom laag. Ter plaatse van de Nieuwe Utrechtseweg, de Duivendrechtsevaart en de spoorlijn AmsterdamUtrecht zijn de archeologische resten verstoord. Voor deze delen van de zone wordt de lage verwachting bijgesteld naar een negatieve verwachting.
Ter plaatse van de Nieuwe Utrechtseweg verstoord. Voor deze delen van de zone verwachting.
Zone B: Katoendrukkerij ‘t Molentje Archeologische verwachting: hoog Betreft de zone van de Katoendrukkerij ‘t betreft sporen van funderingen van de ka evenals restanten van productieafval. De onderlinge samenhang. De archeologisch Onderzoeksgebied ten westen van de
Gemeente Amsterdam Bureau Monumenten & Archeologie
Project: Overamstel Archeologische Verwachting Topografie Plangebied
Archeologische verwachtingszones A Bewoning langs de Amstel B Katoendrukkerij 't Molentje C Ouderkerkerdijk D Amstel E Grote Duivenrechter Polder F Voetpad
Figuur 15-3: Archeologische verwachtingskaart van
12
Zone C: Ouderkerkerdijk Archeologische verwachting: hoog
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
I. Gasleiding
gas hoofdleiding bestaand gas lagedruk bestaand gas hogedruk bestaand gas lagedruk nieuw gas hogedruk nieuw huisaansluiting gasvulpunt en stations milieuzonering
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
13
J.Kabels en leidingen
14
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
K. Hoogbouwbeleid
Hoogbouw in principe toegestaan Hoogte hoogbouw boven 30 meter. In deze gebieden is ruimte voor hoogbouw met hoogte L(ca 70 meter of LIB) als onderdeel van het stedelijk weefsel.
Relatie met het landschap De wijdsheid en 'lucht' die de Amstelscheg biedt wordt gekoesterd door hoogbouw nooit als aaneengesloten wanden direct naast deze landschappelijke elementen te positioneren. Het vraagt om een gelaagde volume opbouw vanaf deze grens. LIB Het plangebied ligt binnen het beperkingsgebied van het LIB (Luchthavenindelingbesluit Schiphol). Er is sprake van een doorsnijding van de toetshoogte voor radar (maximaal 53 m). Van deze hoogte kan worden afgeweken na advies van het ILT.
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
15
L. Omgevingsaspecten In onderstaande tabel staat een opsomming van de omgevingsaspecten en op welke wijze deze van betekenis zijn voor het project en verder onderzocht worden.
16
Archeologie
De locatie heeft in geen van de bestemmingsplannen een dubbelbestemming ‘Waarde-Archeologie’, Ook in de toelichting van de verschillende bestemmingsplannen blijkt dat de locatie geen archeologische waarde heeft.
Cultuurhistorie
Op basis van de toelichting van de verschillende bestemmingsplannen kan geconcludeerd worden dat de locatie geen cultuurhistorische waarde heeft.
Waterhuiskundige situatie
De beoogde werkzaamheden liggen buiten een waterkeringszone. Extra verharding dient gecompenseerd te worden. Na verwachting is er in dit geval geen sprake van een toename van verhard oppervlak.
Bedrijven en milieuzonering
N.v.t., namelijk geen betrekking op een bedrijf in relatie tot een woonbestemming.
Externe veiligheid
De weg die gewijzigd wordt is niet aangewezen als transport-route voor gevaarlijke stoffen. De A10 wel. In de toelichting van het bestemmingsplan Zone A2/Joan Muyskenweg is weergegeven waar een buisleiding voor gevaarlijke stoffen is gelegen waarmee rekening gehouden dient te worden. Ook wordt er nog een KLIC melding gedaan. Ter plaatse van het tankstation en ten noordoosten van het knooppunt zijn veiligheidszones voor LPG opgenomen. Hierbinnen zijn geen kwetsbare objecten toegestaan en dient rekening gehouden te worden met de ligging van een LPG-zone.
Bodemonderzoek (milieukundig) Geluid
Bodemonderzoek wordt nog uitgevoerd.
Luchtkwaliteit
NIBM
Ecologie (flora en fauna)
QuickScan laten uitvoeren. Er worden werkzaamheden uitgevoerd binnen groen, de mogelijke gevolgen voor ecologie dienen in kaart gebracht worden.
Ecologie (gebiedsbescherming)
De locatie ligt niet binnen een beschermd natuurgebied. Wel dienen de gevolgen van de stikstofuitstoot van de plannen en bouwwerkzaamheden voor omliggende Natura- 2000 gebieden in kaart gebracht te worden aan de hand van een voortoets en/of passende beoordeling.
Bomen
Inventarisatie wordt uitgevoerd, de beoogde werkzaamheden zijn gepland binnen groen, de te verwijderen bomen liggen niet binnen de hoofdgroen structuur maar zullen ook gecompenseerd worden. Verder onderzoek volgt.
Verkeer
Verkeersstudie naar de gevolgen van het project voor de verkeersafwikkeling en de verkeersveiligheid.
Fysieke leefomgeving
Onderzoek naar gevolgen van het project voor de fysieke leefomgeving en de evenwichtige toedeling van functies aan locaties
Mer(beoordeling)
Afhankelijk van de omvang van het project en de samenhang met gebiedsontwikkeling is een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk.
Duurzaamheid
Welke kansen en mogelijkheden biedt het project op het onderwerp duurzaamheid.
Gezondheid
Gezondheid moet worden meegewogen onder de Omgevingswet (art. 1.3 onder a Ow). Volgens de memorie van toelichting bij de Omgevingswet strekt het bereiken van een gezonde fysieke leefomgeving vooral tot het beschermen van de gezondheid tegen invloeden uit het milieu. Bijvoorbeeld luchtverontreiniging of geluidsoverlast (Tweede Kamer, vergaderjaar 2013– 2014, 33 962, nr. 3, p. 62-63). Hier moet de gemeente Amsterdam dus ook onderzoek naar doen in het kader van ETFAL. De gemeente moet bijvoorbeeld onderzoeken hoe de stadslaan invloed heeft op de gezondheid van de mensen die in de toekomstige woningen langs de weg gaan wonen.
Participatie
Resultaten van het toepassen van de participatiehandreiking. Bij een BOPA moet de initiatiefnemer aan participatie doen. Volgens art. 7.4 Omgevingsregeling moet geldt participatie als indieningsvereiste bij een aanvraag BOPA. Hier ligt dus niet alleen een verplichting voor de gemeente, maar ook voor de initiatiefnemer.
Er dient een geluidsonderzoek te worden uitgevoerd, maar de afwaardering heeft naar verwachting positieve gevolgen voor de omgeving.
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree Level of Effort Mijlpaal kritiek
Mijlpaal gepland
Baseline mijlpaal
Q4
Werk gereed
Q3
2026 Q2
Werk kritiek
Q1
26-02-2025
Q4
Baseline
Q3
2025 Q2
Mijlpaal gereed
Q1
Werk gepland
Q4
Samenvatting
Q3
2024
Aan deze planning kunnen geen rechten worden verleend NA2E planning op hoofdlijnen horende bij Investeringsnota
Stedenbouwkundig Plan en Investeringsnota t/m raadsbesluit Mogelijke beroepsprocedure gebiedsontwikkeling t/m onherroepelijk Akkoord Minister en overige stakeholders Juridisch planologische procedure wegverlegging NA2E Juridisch planologische procedure gebiedsontwikkeling NA2E Verdere uitwerking wegverlegging NA2E Wegverlegging NA2E in afstemming met Zuidasdok (ZAD) Gefaseerde uitvoering gebiedsontwikkeling NA2E Mogelijke beroepsprocedure wegverlegging t/m onherroepelijk
Indicatieve planning bij Investeringsnota Overamstel Nieuwe A2 Entree
Activiteitnaam Q1
Q3
2027 Q2
Q4
Q1
Q3
2028 Q2
Q4
Q1
Q3
2029 Q2
Q4
Q1
Q3
2030 Q2
Q4
Q1
Q3
2031 Q2
Q1
2032 Q2
Pagina 1 van 1
Q4
Q3
Q4
M. Planning
17
18
N
Voorbeelduitwerking 1 - Plankaart
N. Voorbeelduitwerkingen
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
19
N
Voorbeelduitwerking 1 - Vogelvlucht
- School in het hart van de buurt - Parkeren opgelost per kavel onder/in het blok - Hoogtes blokken overwegend tussen 15 en 25 meter, met uitzonderingen tussen 35 en 40 meter
N
Voorbeelduitwerking 2 - Plankaart 20
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
21
N
Voorbeelduitwerking 2 - Vogelvlucht
- School in het noordelijk deel van de buurt - Parkeren in bovengronds parkeergebouw nabij afslag - Hoogtes blokken overwegend tussen 15 en 20 meter, met uitzonderingen tussen 40 en 65 meter
N
Voorbeelduitwerking 3 - Plankaart 22
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
Bijlagen Investeringsnota Nieuwe A2 Entree
23
N
Voorbeelduitwerking 3 - Vogelvlucht
- School in het noordelijk deel van de buurt - Parkeren opgelost per kavel onder/in het blok - Hoogtes blokken overwegend tussen 15 en 25 meter, met uitzonderingen tussen 40 en 55 meter
Nieuwe A2 Entree Uitgangspunten en resultaten met het VMA
Team Onderzoek & Kennis Verkeersonderzoek@amsterdam.nl Rapportnummer O-230054
Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA
19 december 2023 versie 2.0
Inhoudsopgave HOOFDSTUK 1 INLEIDING ...................................................................................................................... 5 1.1 AANLEIDING ........................................................................................................................................... 5 1.2 LEESWIJZER ............................................................................................................................................ 5 HOOFDSTUK 2 UITGANGSPUNTEN ......................................................................................................... 7 2.1 MODELVERSIE......................................................................................................................................... 7 2.2 VARIANTEN ............................................................................................................................................ 7 2.3 STUDIEGEBIED ........................................................................................................................................ 7 2.4 NETWERKEN ........................................................................................................................................... 8 2.5 SOCIAAL-ECONOMISCHE GEGEVENS ...........................................................................................................
11 2.5.1 Sociaal-economische gegeven 2019 ......................................................................................... 11 2.5.2 Sociaal-economische gegevens 2040 ........................................................................................ 13 2.5.3 Sociaal-economische gegevens Overamstel ............................................................................. 15 2.5.4 Sociaal-economische gegevens: nieuwe ontwikkeling gebied A2 Entree ................................. 19 2.6 BELEIDSINSTELLINGEN ............................................................................................................................ 21 HOOFDSTUK 3 RESULTATEN................................................................................................................. 22 3.1 INLEIDING ............................................................................................................................................ 22 3.2 MODAL SPLIT........................................................................................................................................ 22 3.3 THERMOMETERPUNTEN .......................................................................................................................... 24 3.4 IC-VERHOUDINGEN IN EN RONDOM HET STUDIEGEBIED .................................................................................
34 3.5 KRUISPUNTBELASTINGEN ........................................................................................................................ 39 3.6 GEVOELIGHEIDSANALYSES ....................................................................................................................... 41 3.6.1 Gevoeligheidsrun 1 ................................................................................................................... 41 3.6.2 Gevoeligheidsrun 2 ................................................................................................................... 42 3.6.3 Gevoeligheidsrun 3 ................................................................................................................... 44 A.1 BIJLAGE 1: VERGELIJKING NRM EN VMA ........................................................................................... 49 A.1.1 Uitgangspunten ................................................................................................................. 49 A.1.2 Resultaten ......................................................................................................................... 50 THERMOMETERPUNTEN TUSSEN NRM EN VMA VERGELEKEN ............................................................................. 50
3
Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA
19 december 2023 versie 2.0
Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1 Aanleiding De gemeente Amsterdam, Vervoerregio Amsterdam en Rijkswaterstaat verkennen de mogelijkheid om de A2 tussen knooppunt Amstel en Utrechtsebrug af te waarderen en hier een doorgaande stadsstraat aan te leggen. De vrijgekomen ruimte kan ingezet worden t.b.v. stedelijke woningbouw. Bij het maken van plannen voor gebiedsontwikkeling en infrastructurele projecten horen een aantal vaste stappen welke elk afgerond worden met een bestuurlijk besluit. Ter voorbereiding van de bestuurlijke besluiten dienen verschillende onderzoeken uitgevoerd te worden. Eén van deze onderzoeken heeft betrekking op het verkeer. Om de gevolgen van de wegverlegging en gebiedsontwikkeling in kaart te brengen dienen er verschillende ‘runs’ met twee verschillende verkeersmodellen gedraaid te worden. Er wordt onderscheid gemaakt tussen het verkeersmodel van de gemeente Amsterdam (VMA) en het model van Rijkswaterstaat (NRM West). Beide verkeersmodellen zijn noodzakelijk omdat deze ingreep zowel effecten op het rijkswegennet kan hebben (NRM West) als effecten op het onderliggend wegennet in de gemeente Amsterdam (VMA) 1.
1.2 Leeswijzer Deze rapportage legt de uitgangspunten en resultaten vast voor de VMA -berekeningen voor de Nieuwe A2Entree (NA2E). De verkeerskundige effecten van de Nieuwe A2 Entree zijn zowel met het VMA als met het NRM West berekend. De uitgangspunten en resultaten van de NRMberekeningen zijn vastgelegd in een separate rapportage (Nieuwe A2 Entree - rapport Verkeer, Goudappel, november 2023). De overeenkomsten en verschillen in uitgangspunten en resultaten tussen beide modellen staan beschreven in de bijlage van beide rapportages.
1
RWS heeft voor de vier regio’s van Nederland vier NRM-modellen. De regio Amsterdam valt onder NRM West. Voor de leesbaarheid van de rapportage spreken we van het NRM, maar wordt NRM West bedoeld.
5
Gemeente Amsterdam Rapportage Nieuwe A2 Entree VMA
19 december 2023 versie 2.0
Hoofdstuk 2 Uitgangspunten
In dit hoofdstuk zijn de diverse uitgangspunten en aannames beschreven die ten grondslag liggen aan de berekeningen met het Verkeersmodel Amsterdam.
2.1 Modelversie De studie is uitgevoerd met het Verkeersmodel Amsterdam (VMA) versie4.51, welke is vrijgegeven in de zomer 2022.
2.2 Varianten In totaal worden er zes varianten doorgerekend. Drie om te komen tot de optimale inrichting van de infrastructuur van de Nieuwe A2 Entree. Uit deze drie varianten wordt een voorkeursvariant gekozen voor de NRM-berekeningen en de drie VMA-varianten ten behoeve van de milieuberekeningen. In Tabel 1 staan alle varianten beschreven. Tabel 1. Varianten die worden doorgerekend met het VMA ten behoeve van de NA2E VMA run
1 2 3 4 5 6
Modeljaar
Segs
Extra woningen/kantoren A2 Entree
2040 2040 2040 2028 2038 2038
2040 2040 2040 2028 2038 2038
Ja Ja Ja Nee Nee Ja
Omschrijving
2040 met NA2E met 2x2 rijstroken 2040 met NA2E met 2x1 rijstroken 2040 met NA2E nader in te vullen 2028 zonder NA2E 2038 zonder NA2E 2038 met NA2E voorkeursvariant
2.3 Studiegebied De effecten van het aanpassen van de A2 Entree reiken verder dan alleen de directe omgeving. Naarmate je verder van het project komt neemt de omvang van de effecten echter af. Om het studiegebied te begrenzen zal naast de effecten op de A2 van de Utrechtse Brug tot aan afrit 1 Ouderkerk a/d Amstel ook gekeken worden naar de effecten op de A10 tot aan afrit 8 Amsterdam Oud-Zuid naar het westen en tot aan afrit 12 Amsterdam-Centrum naar het oosten. Dit gaat dan om de netwerkeffecten. Voor de impact op gebiedsniveau worden de zones in de gebieden waar deze op- en afritten liggen ook meegenomen. Figuur 1 geeft het studiegebied weer.
7
Figuur 1. Studiegebied Nieuwe A2 Entree met 7 deelgebieden.
Het studiegebied bestaat uit 7 deelgebieden, allen in rood omkaderd. De deelgebieden worden gebruikt om de sociaal-economische gegevens op een overzichtelijke manier weer te geven.
2.4 Netwerken De netwerken zijn de standaard netwerken voor Auto, OV en Fiets zoals deze zijn opgenomen in het VMA4.5. Voor de varianten zullen de volgende aanpassingen worden gedaan aan het autonetwerk (OV en Fiets blijven ongewijzigd2):
3 aansluitingen tussen knooppunt Amstel en Utrechtse brug; Verbindingsboog van A10 Oost richting A2 Utrechtse brug verwijderd uit knooppunt Amstel3; VRI’s op de 3 nieuwe aansluitingen met vrije rechtdoor of rechtsaf waar mogelijk.
Variant 1: 2x1 rijstroken tussen de nieuwe aansluitingen; Variant 2: 2x2 rijstroken tussen de nieuwe aansluitingen, inclusief 2 opstelstroken bij de VRI’s; Variant 3 (voorkeursvariant): 2x1 met 2 opstelstroken bij kruispunten. De eerste twee varianten zijn eerder doorgerekend met een voorgaande versie van het VMA. De infrastructurele aanpassingen zullen 1-op-1 uit deze studie worden overgenomen (O&Kprojectnummer 220168 VMA MER Zuidas A2 Entree).
2
Het fietsnetwerk verandert mee met het autonetwerk in de variant, daar waar fietsen is toegestaan op het autonetwerk. 3 De verbindingsboog van A2 vanuit Amsterdam naar A10 Oost is in de referentie al niet meer opgenomen. Dit is onderdeel van het project Zuidasdok.
8
Een 3e variant is opgesteld na bestudering van de resultaten van varianten 1 en 2. Uitgangspunt in het VMA zijn infrastructurele maatregelen binnen de gemeente Amsterdam die in de zomer van 2021 zijn vastgesteld door het College. Inmiddels zijn er nieuwe inzichten in infrastructurele maatregelen. Sommige zijn al zeker, deze zullen we meenemen in de referentie. Andere minder zekere ontwikkelingen zullen we in een gevoeligheidsrun inzichtelijk maken. Dit zal middels een zogeheten hertoedeling van het autoverkeer gebeuren voor de referentie en de voorkeursvariant. In Tabel 2 staan de projecten die in de referentie en in de varianten als gerealiseerd verondersteld zullen worden. Er zal ook een gevoeligheidsrun worden uitgevoerd met automaatregelen uit de Omgevingsvisie 2050. De netwerk uitgangspunten hiervan zijn terug te vinden in Bijlage 1. Als laatste zal er een gevoeligheidsrun met 1 opstelvak en 1 afrijstrook in plaats van 2 bij de kruisingen Nieuwe Utrechtseweg – Amstelstroomlaan en Nieuwe Utrechtseweg – Joan Muyskenweg/Ouderkerkerdijk worden uitgevoerd. Tabel 2. Niet-vastgestelde projecten in de referentie/varianten en in de gevoeligheidsrun Project
Geen MacGillavry onderdoorgang Knip Overzichtsweg onder het spoor 1-richtingscarré rondom station Zuid 1-richtingsknip Hoogoorddreef onder het spoor (oost – west niet meer mogelijk) Kruisingen op Nieuwe Utrechtseweg met 1 opstelvak en 1 afrijstrook i.p.v. 2
Referentie/varianten
Gevoeligheidsrun
V
V V V V V
Om na te gaan of in de huidige en toekomstige situatie de zones correct op het netwerk zijn aangesloten, is in Figuur 2 weergegeven hoe de zones in Overamstel in het netwerk van 2040 zijn aangetakt op het netwerk. Dit is gedaan in een netwerk zonder Nieuwe A2 Entree en met Nieuwe A2 Entree. Daarnaast is in verband met de grootte van zone 848 deze zone opgesplitst in 2 delen: 1448 en 1449. De zones 848 en 1448 liggen heel dicht bij elkaar in de buurt in het VMA daarom overlappen in Figuur 2 en Figuur 3 de cijfers.
9
Figuur 2. Zone-aansluitingen op het VMA-netwerk voor zones in Overamstel zonder A2 Entree
10
Figuur 3. Zone-aansluitingen op het VMA-netwerk voor zones in Overamstel met A2 Entree
2.5 Sociaal-economische gegevens Voor het basisjaar zal gebruikt worden gemaakt van de socio-economische gegevens (inwoners, arbeidsplaatsen etc.) van VMA4.5 omdat dit de meest recent vastgestelde socio-economische gegevens (SEGs) bevat. VMA4.5 heeft als basisjaar 2019.
2.5.1 Sociaal-economische gegeven 2019 In de Figuur 4 tot en met Figuur 7 worden het aantal huishoudens, inwoners, arbeidsplaatsen en scholierenplaatsen van de 2019 VMA4.5 SEGs uiteengezet.
11
Huishoudens 2019 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0
Figuur 4: Huishoudens 2019 per gebied.
Inwoners 2019 50.000 45.000 40.000 35.000 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0
Figuur 5: Inwoners 2019 per gebied.
12
Arbeidsplaatsen 2019 70.000 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0
Figuur 6: Arbeidsplaatsen 2019 per gebied.
Scholierenplaatsen 2019 10.000 9.000 8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0
Figuur 7: Scholierenplaatsen 2019 per gebied.
2.5.2 Sociaal-economische gegevens 2040 VMA4.5 heeft de meest recente inzichten voor alle Amsterdamse gebieden en Mobiliteitsplan Zuidflank (MP) voor heeft de meest recente inzichten voor het gebied Zuidflank. Daarom zullen we voor dit onderzoek uitgaan van de MP SEGs voor het gebied Zuidflank en van de VMA4.5 SEGs voor alle andere gebieden. Hierdoor maken we gebruik van de meest actuele inzichten met de betrekking tot de ontwikkeling van Amsterdam. Voor het Kenniskwartier, wat deel uitmaakt van de Zuidflank, zijn het aantal arbeidsplaatsen aangepast ten opzichte van het MP op basis van de meest recente inzichten.
13
In de Figuur 8 tot en met Figuur 11 worden het aantal huishoudens, inwoners, arbeidsplaatsen en scholierenplaatsen van Mobiliteitsplan Zuidflank (MP) voor het gebied Zuidflank en de 2040 VMA4.5 SEGs voor de overige gebieden weergegeven.
Huishoudens 2040 30.000 25.000 20.000 15.000 10.000 5.000 0
Figuur 8: Huishoudens 2040 per gebied.
Inwoners 2040 60.000 50.000 40.000 30.000 20.000 10.000 0
Figuur 9: Inwoners 2040 per gebied.
14
Arbeidsplaatsen 2040 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0
Figuur 10: Arbeidsplaatsen 2040 per gebied.
Scholierenplaatsen 2040 9.000 8.000 7.000 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0
Figuur 11: Scholierenplaatsen 2040 per gebied.
2.5.3 Sociaal-economische gegevens Overamstel De sociaal-economische gegevens worden voor Overamstel per VMA-zone weergegeven in de onderstaande figuren (zie Figuur 1 voor een indeling van de zonenummers).
15
Huishoudens 2019 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0 840
841
842
844
845
846
847
848
846
847
848
Figuur 12: Huishoudens Overamstel per zone 2019.
Inwoners 2019 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840
841
842
844
845
Figuur 13: Inwoners Overamstel per zone 2019.
16
Arbeidsplaatsen 2019 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840
841
842
844
845
846
847
848
846
847
848
Figuur 14: Arbeidsplaatsen Overamstel per zone 2019.
Scholierenplaatsen 2019 350 300 250 200 150 100 50 0 840
841
842
844
845
Figuur 15: Scholierenplaatsen Overamstel per zone 2019.
17
Huishoudens 2040 1.800 1.600 1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0 840
841
842
844
845
846
847
848
846
847
848
Figuur 16: Huishoudens Overamstel per zone 2040.
Inwoners 2040 3.000 2.500 2.000 1.500 1.000 500 0 840
841
842
844
845
Figuur 17: Inwoners Overamstel per zone 2040.
18
Arbeidsplaatsen 2040 6.000 5.000 4.000 3.000 2.000 1.000 0 840
841
842
844
845
846
847
848
846
847
848
Figuur 18: Arbeidsplaatsen Overamstel per zone 2040.
Scholierenplaatsen 2040 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 840
841
842
844
845 VMA4.5
Figuur 19: Scholierenplaatsen Overamstel per zone 2040.
2.5.4 Sociaal-economische gegevens: nieuwe ontwikkeling gebied A2 Entree De A2 wordt afgewaardeerd tussen knooppunt Amstel en de Utrechtsebrug. Dit gebied wordt ontwikkeld tot woonwijk met zowel inwoners, arbeidsplaatsen als een school. Het gaat hierbij om 1.500 woningen, 14.380 m² bvo bedrijf/kantoor, 7.200 m² maatschappelijke voorzieningen en één school met 400 leerlingenplaatsen4. De al bestaande arbeidsplaatsen in het te ontwikkelen gebied vervallen niet. Deze ontwikkeling is verdeeld over 2 zones: 1199 ten zuiden van de Amstelstroomlaan en 1200 ten noorden van de Amstelstroomlaan. Voor een indeling van de zoneverfijning, zie Figuur 3.
4
BVO = bruto vloeroppervlak
19
Zone 1199: ten zuiden van de Amstelstroomlaan Ten zuiden van de Amstelstroomlaan bestaat de ontwikkeling uit 10.780 m² bvo bedrijf/kantoor, 5.400 m² bvo voorzieningen (commercieel en maatschappelijk inclusief school) en 1.100 woningen. Voor de 10.780 m² bvo gaan we uit dat de helft een kantoorfunctie heeft en de helft een bedrijfsfunctie. Voor de kantoorfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 25 m² bvo. Dit leidt tot 216 arbeidsplaatsen voor 5.390 m² bvo kantoor. Voor de bedrijfsfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m². Dit leidt tot 67 arbeidsplaatsen voor 5.390 m² bvo bedrijf. Voor de 5.400 m² bvo maatschappelijke voorzieningen wordt de standaard omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m² bvo gehanteerd. Dit leidt voor 68 arbeidsplaatsen. We gaan ervan uit dat de huishoudgrootte vergelijkbaar is met de rest van Overamstel. Hierdoor wordt een omrekenfactor van 1.65 inwoners per woning gehanteerd. Dit maakt dat de nieuwe ontwikkeling met 1.100 woningen 1.815 inwoners zal hebben. Tabel 3 vat de gegevens zoals hierboven beschreven samen voor het zuidelijke deel. Voor 2019 komen de cijfers uit het VMA. Deze liggen in lijn met de cijfers zoals die zijn aangeleverd door de opdrachtgever. Tabel 3: Sociaal-economische gegevens zone 1199, voor bestaand is uitgegaan van VMA 4.51 2019.
Zone 1199 (zuid) Woningen/huishoudens Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen
Bestaand 2019
Nieuwbouw (plan)
Totaal
547 665 939 0
1.100 1.815 350 400
1.647 2.480 1.289 400
Zone 1200: ten noorden van de Amstelstroomlaan Ten noorden van de Amstelstroomlaan bestaat de ontwikkeling uit 3.600 m² bvo bedrijf/kantoor, 1.800 m² voorzieningen (commercieel en maatschappelijk) en 400 woningen. Voor de 3.600 m² bvo gaan we uit dat de helft een kantoorfunctie heeft en de helft een bedrijfsfunctie. Voor de kantoorfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 25 m² bvo. Dit leidt tot 72 arbeidsplaatsen voor 1.800 m² bvo kantoor. Voor de bedrijfsfunctie wordt uitgegaan van een omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m². Dit leidt tot 23 arbeidsplaatsen voor 1.800 m² bvo bedrijf. Voor de 1.800 m² bvo maatschappelijke voorzieningen wordt de standaard omrekenfactor van 1 arbeidsplaats per 80 m² bvo gehanteerd. Dit leidt voor 23 arbeidsplaatsen. We gaan ervan uit dat de huishoudgrootte vergelijkbaar is met de rest van Overamstel. Hierdoor wordt een omrekenfactor van 1.65 inwoners per woning gehanteerd. Dit maakt dat de nieuwe ontwikkeling met 400 woningen zal bestaan uit 660 inwoners. Tabel 4 geeft een overzicht van de ontwikkeling voor het noordelijke deel. Voor 2019 komen de cijfers uit het VMA. Deze liggen in lijn met de cijfers zoals die zijn aangeleverd door de opdrachtgever.
20
Tabel 4: Sociaal-economische gegevens zone 1200, voor bestaand is uitgegaan van VMA 4.51 2019. Zone 1200 (noord)
Bestaand 2019
Nieuwbouw (plan)
Totaal
177 215 0 0
400 660 117 0
577 875 117 0
Woningen/huishoudens Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen
Zone 1199 + 1200, zone 848, vergeleken met VMA4.5 Tabel 5 geeft de cijfers voor zone 848, sommatie van zones 1199 en 1200, in het VMA4.5 en volgens de nieuwe uitgangspunten. Tabel 5: Sociaal-economische gegevens voor zone 848 vergeleken. Zone 848 (1199+1200)
VMA2040AR
Nieuwe uitgangspunten
Woningen/huishoudens
1.027 1.395 1.457 0
2.224 3.355 1.406 400
Inwoners Arbeidsplaatsen Leerlingenplaatsen
Het aantal huishoudens en inwoners verdubbelt ongeveer door de nieuwbouwplannen als gevolg van de aanpassing van de Nieuwe A2 Entree.
2.6 Beleidsinstellingen De beleidsinstellingen voor alle VMA-runs zullen gelijk zijn aan de beleidsinstellingen voor het 2040AR-scenario. Dit betekent een beleidsconsistent scenario en geen beleidsrijk scenario. Het beleidsrijke scenario geeft over het algemeen een lagere autogebruik. Het beleidsconsistente scenario kan daarmee dan ook gezien worden als een ‘worst case’ scenario in termen van het aantal autokilometers en de daarmee samenhangende milieucijfers. Tabel 6: Beleidsinstellingen VMA Beleidsinstelling
VMA2040AR
Rijbewijsbezit (man 18-34/35-64/65+
79.8/94.0/95.0
vrouw 18-34/35-64/65+)
75.7/89.7/90.0
Autobezit landelijk
9.970.622
Brandstofkostenindex (2019=100)
83
OV-kostenindex (2019=100)
100
Reistijd fietsindex (2019=100)
93
Buitenlandverkeer index
Nvt
Prijsbeleid/mautheffing
Geen/geen
21
Hoofdstuk 3 Resultaten
3.1 Inleiding Dit hoofdstuk beschrijft de resultaten van de VMA-berekeningen voor de nieuwe A2 Entree. In dit hoofdstuk komen vier varianten aan bod: 1. De 2040 referentie-variant; 2. De 2040 2x2-variant: 2 rijstroken tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée; 3. De 2040 2x1-variant: 1 rijstrook tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée; 4. De 2040 voorkeursvariant: 1 rijstrook tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée, tussen aansluiting Ouderkerkerdijk en Amstelstroomlaan 2 rijstroken en VRI’s conform voorkeursconfiguratie; Een uitgebreidere beschrijving van de varianten is te vinden in Hoofdstuk 2. De resultaten richten zich met name op de afwikkeling van het autoverkeer. Om enigszins indruk te hebben wat de invloed is op de overige vervoerwijzen, start dit hoofdstuk met resultaten op de vervoerwijzeverdeling. Vervolgens komen de intensiteiten van het gemotoriseerd verkeer aan bod, en afsluitend de impact op de IC-verhouding op de wegvakken en de VC-ratio’s van de relevante VRI’s.
3.2 Modal split Figuur 20, Figuur 21 en Figuur 20 geven de modal split (vervoerwijzeverdeling) voor Amsterdam, Stadsdeel Oost respectievelijk het studiegebied in termen van verplaatsingen. Deze trapsgewijze benadering laat top-down de impact van de verandering van de A2 Entree zien op de modal split in Amsterdam.
Figuur 20: Modal split Amsterdam
Het studiegebied en de veranderingen in het studiegebied zijn te klein om impact te hebben op de modal split voor heel Amsterdam.
22
Figuur 21: Modal split stadsdeel Oost
Op afronding na blijft de modal split ook voor Stadsdeel Oost gelijk. Ten opzichte van Amsterdam wordt er in stadsdeel Oost iets meer gefietst.
Figuur 22: Modal split plangebied
Het studiegebied is minder goed bereikbaar met de fiets en het OV dan de rest van stadsdeel Oost. De samenstelling van huishoudens verandert in het plan ten opzichte van de referentie: niet alleen neemt het aantal inwoners toe, maar het aandeel huishoudens bestaand uit alleen studenten neemt af ten opzichte van reguliere huishoudens. Studenten hebben veelal geen auto tot hun beschikking vanwege hun lage inkomen. Reguliere huishoudens hebben een hogere inkomen en daardoor een grotere kans een auto te bezitten. Hierdoor neemt ook het gebruik van de auto toe. Ook wordt het gebied door de nieuwe aansluitingen beter ontsloten voor de auto.
23
3.3 Thermometerpunten Voor verschillende punten in het netwerk zijn de intensiteiten van de verschillende varianten met elkaar vergeleken. In Figuur 23 zijn de opgenomen thermometerpunten te zien.
Figuur 23: Thermometerpunten
In Tabel 7 tot en met Tabel 16 zijn de motorvoertuigintensiteiten voor alle thermometerpunten voor zowel de ochtendspits, avondspits, restdag als het etmaal te zien. In de 2040 referentie is de nieuwe noordelijke aansluiting met de Joan Muyskenweg nog niet opgenomen in het netwerk.
24
Tabel 7: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 referentie Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt Etm
1
Amstelveenseweg
4,900
4,700
25,200
34,800
2
De Boelelaan west
3,700
4,100
20,400
28,300
3
Europaboulevard noord
6,800
7,500
35,500
49,800
4
De Boelelaan oost
5,000
4,500
21,300
30,800
5
Europaboulevard zuid
2,900
3,500
17,100
23,500
6
Amsteldijk
2,600
3,100
13,700
19,300
7
Berlagebrug
2,300
3,100
16,100
21,500
8
Utrechtse Brug
4,900
6,200
23,600
34,600
9
Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan
5,500
6,000
25,800
37,400
10
Amstelstroomlaan
1,400
1,600
6,400
9,300
11
Spaklerweg
1,500
1,900
6,900
10,300
12
Gooiseweg
7,000
8,000
40,600
55,600
13
Middenweg
3,400
3,700
19,800
27,000
14
Van Marwijk Kooystraat
5,800
6,100
30,200
42,100
15
Holterbergweg
1,400
2,200
8,500
12,000
16
A2
27,000
29,000
132,400
188,400
17
Burgemeester Stramanweg
7,900
9,400
42,000
59,200
18
Amsterdamseweg
1,900
2,400
9,600
13,900
19
Buitenveldertselaan
2,200
2,800
10,900
15,900
20
A10 Zuid - West
13,500
13,400
63,100
90,000
21
Joan Muyskenweg
-
-
-
-
22
De Heusweg
100
400
200
700
23
A10 Zuid - Oost
36,300
36,900
197,000
270,300
24
A10 Buitenveldert afrit noord
3,400
2,900
14,500
20,800
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
3,200
2,600
13,800
19,600
26
A10 Overamstel afrit noord
1,700
800
6,300
8,900
27
A10 Overamstel afrit zuid
2,400
1,500
8,900
12,800
28
A10 S112 afrit noord
3,500
2,000
14,600
20,100
29
A10 S112 afrit zuid
3,200
2,800
17,600
23,600
25
Tabel 8: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_2 Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt Etm
1
Amstelveenseweg
4,900
4,700
25,400
35,100
2
De Boelelaan west
3,700
4,100
20,500
28,300
3
Europaboulevard noord
7,400
8,200
38,800
54,400
4
De Boelelaan oost
5,000
4,500
21,300
30,800
5
Europaboulevard zuid
2,900
3,500
17,200
23,500
6
Amsteldijk
2,100
2,700
13,600
18,400
7
Berlagebrug
2,400
3,300
17,100
22,800
8
Utrechtse Brug
3,200
4,000
16,000
23,200
9
Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan
3,200
4,100
15,800
23,200
10
Amstelstroomlaan
1,100
1,400
4,600
7,100
11
Spaklerweg
1,600
2,000
7,200
10,800
12
Gooiseweg
7,700
8,600
43,000
59,300
13
Middenweg
3,400
3,700
19,900
27,000
14
Van Marwijk Kooystraat
5,800
6,100
30,700
42,600
15
Holterbergweg
1,300
1,900
7,400
10,700
16
A2
26,900
29,300
132,900
189,200
17
Burgemeester Stramanweg
7,800
9,100
41,000
58,000
18
Amsterdamseweg
1,900
2,400
9,700
14,000
19
Buitenveldertselaan
2,200
2,800
11,000
16,000
20
A10 Zuid - West
14,000
14,000
65,700
93,600
21
Joan Muyskenweg
2,300
3,300
10,100
15,700
22
De Heusweg
600
800
1,900
3,300
23
A10 Zuid - Oost
35,800
36,400
192,400
264,600
24
A10 Buitenveldert afrit noord
3,700
3,300
15,800
22,800
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
3,400
2,600
14,100
20,100
26
A10 Overamstel afrit noord
1,700
800
7,000
9,600
27
A10 Overamstel afrit zuid
2,300
1,400
8,400
12,200
28
A10 S112 afrit noord
3,900
2,100
15,900
22,000
29
A10 S112 afrit zuid
3,200
2,900
17,400
23,500
26
Tabel 9: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_1 Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
MVT Et
1
Amstelveenseweg
4,900
4,700
25,400
35,100
2
De Boelelaan west
3,700
4,100
20,500
28,300
3
Europaboulevard noord
7,400
8,200
38,900
54,600
4
De Boelelaan oost
5,000
4,500
21,300
30,800
5
Europaboulevard zuid
2,900
3,500
17,200
23,500
6
Amsteldijk
2,100
2,600
13,500
18,300
7
Berlagebrug
2,500
3,300
17,100
22,800
8
Utrechtse Brug
3,000
3,800
15,700
22,500
9
Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan
3,100
3,800
15,500
22,400
10
Amstelstroomlaan
1,100
1,300
4,600
7,000
11
Spaklerweg
1,600
2,000
7,300
10,800
12
Gooiseweg
7,700
8,600
43,000
59,400
13
Middenweg
3,400
3,700
19,900
27,100
14
Van Marwijk Kooystraat
5,800
6,100
30,800
42,700
15
Holterbergweg
1,300
1,900
7,400
10,600
16
A2
26,900
29,200
132,800
188,900
17
Burgemeester Stramanweg
7,800
9,100
41,000
57,900
18
Amsterdamseweg
1,900
2,400
9,700
14,000
19
Buitenveldertselaan
2,200
2,800
11,000
16,000
20
A10 Zuid - West
14,000
14,000
65,800
93,800
21
Joan Muyskenweg
2,200
3,200
9,900
15,200
22
De Heusweg
600
800
1,900
3,300
23
A10 Zuid - Oost
35,900
36,500
192,500
264,900
24
A10 Buitenveldert afrit noord
3,700
3,300
15,900
23,000
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
3,400
2,700
14,100
20,100
26
A10 Overamstel afrit noord
1,700
900
7,000
9,600
27
A10 Overamstel afrit zuid
2,300
1,400
8,400
12,200
28
A10 S112 afrit noord
3,900
2,100
15,900
22,000
29
A10 S112 afrit zuid
3,200
2,900
17,400
23,600
27
Tabel 10: Intensiteiten autoverkeer beide richtingen 2040 plan 2_1_Voorkeursvariant Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt Etm
1
Amstelveenseweg
4,900
4,700
25,400
35,100
2
De Boelelaan west
3,700
4,100
20,500
28,400
3
Europaboulevard noord
7,600
8,300
39,800
55,800
4
De Boelelaan oost
5,000
4,400
21,300
30,800
5
Europaboulevard zuid
2,900
3,500
17,200
23,600
6
Amsteldijk
2,000
2,500
12,900
17,500
7
Berlagebrug
2,500
3,300
17,200
23,000
8
Utrechtse Brug
2,300
3,100
12,100
17,400
9
Nieuwe Utrechtseweg A2- Amstelstroomlaan
2,200
2,900
11,200
16,300
10
Amstelstroomlaan
900
1,200
3,900
6,000
11
Spaklerweg
1,500
1,900
6,900
10,300
12
Gooiseweg
8,000
8,800
44,600
61,400
13
Middenweg
3,500
3,800
20,000
27,200
14
Van Marwijk Kooystraat
5,900
6,200
31,100
43,200
15
Holterbergweg
1,300
1,900
7,700
10,900
16
A2
26,700
28,900
131,000
186,600
17
Burgemeester Stramanweg
7,800
9,200
40,800
57,800
18
Amsterdamseweg
1,900
2,400
9,700
14,000
19
Buitenveldertselaan
2,200
2,800
11,100
16,100
20
A10 Zuid - West
14,200
14,100
66,700
95,000
21
Joan Muyskenweg
2,100
2,700
9,000
13,800
22
De Heusweg
600
800
1,900
3,400
23
A10 Zuid - Oost
36,100
36,700
193,600
266,500
24
A10 Buitenveldert afrit noord
3,700
3,400
16,100
23,300
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
3,400
2,700
14,300
20,300
26
A10 Overamstel afrit noord
1,700
800
7,000
9,500
27
A10 Overamstel afrit zuid
2,400
1,400
8,500
12,300
28
A10 S112 afrit noord
3,900
2,100
16,000
22,000
29
A10 S112 afrit zuid
3,200
3,000
17,600
23,700
28
Tabel 11: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_2 afgerond op 100-tallen Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1
Amstelveenseweg
-
-
200
300
1%
2
De Boelelaan west
-
-
100
100
0%
3
Europaboulevard noord
600
700
3,300
4,600
9%
4
De Boelelaan oost
-
-
-
-
0%
5
Europaboulevard zuid
-
-
100
100
0%
6
Amsteldijk
-400
-400
-100
-900
-5%
7
Berlagebrug
100
200
1,000
1,400
6%
8
Utrechtse Brug
-1,700
-2,100
-7,600
-11,400
-33%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
-2,300
-1,900
-10,000
-14,200
-38%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-300
-200
-1,800
-2,200
-24%
11
Spaklerweg
100
100
300
600
6%
12
Gooiseweg
700
600
2,400
3,700
7%
13
Middenweg
-
-
100
100
0%
14
Van Marwijk Kooystraat
-
-
500
500
1%
15
Holterbergweg
-100
-300
-1,000
-1,400
-11%
16
A2
-100
300
500
800
0%
17
Burgemeester Stramanweg
-100
-200
-1,000
-1,300
-2%
18
Amsterdamseweg
-
-
-
-
0%
19
Buitenveldertselaan
-
-
100
100
1%
20
A10 Zuid - West
500
600
2,600
3,600
4%
21
Joan Muyskenweg
2,300
3,300
10,100
15,700
-
22
De Heusweg
500
400
1,700
2,700
400%
23
A10 Zuid - Oost
-500
-500
-4,600
-5,700
-2%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
300
400
1,400
2,000
10%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
100
100
200
500
2%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
700
700
8%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-100
-
-500
-600
-5%
28
A10 S112 afrit noord
400
100
1,300
1,900
9%
29
A10 S112 afrit zuid
-
100
-200
-100
-1%
Het ombouwen van de A2 tussen kruispunt Amstel en de Utrechtsebrug tot stadsstraat zorgt voor een verschuiving van het verkeer. Zo wordt er meer gebruikt gemaakt van de Europaboulevard Noord, de Gooiseweg, de Berlagebrug en de De Heusweg. Het verkeer dat de Nieuwe A2 Entree mijdt, leidt tot een toename van het aantal motorvoertuigen op de A10 ten westen van knooppunt Amstel, ten oosten is er sprake van een afname van het aantal motorvoertuigen. De nieuwe afslag van de afgewaardeerde A2 richting de Joan Muyskenweg wordt gebruikt door zo’n 13.800 motorvoertuigen per etmaal.
29
Tabel 12: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_1 afgerond op 100-tallen Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1
Amstelveenseweg
-
-
200
300
1%
2
De Boelelaan west
-
-
100
100
0%
3
Europaboulevard noord
600
800
3,400
4,800
9%
4
De Boelelaan oost
-
-
-
-
0%
5
Europaboulevard zuid
-
-
100
100
0%
6
Amsteldijk
-400
-500
-100
-1,100
-5%
7
Berlagebrug
200
200
1,000
1,400
6%
8
Utrechtse Brug
-1,800
-2,400
-7,900
-12,100
-33%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
-2,500
-2,200
-10,300
-15,000
-38%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-300
-200
-1,800
-2,300
-24%
11
Spaklerweg
100
100
300
600
6%
12
Gooiseweg
700
700
2,500
3,800
7%
13
Middenweg
-
-
100
100
0%
14
Van Marwijk Kooystraat
-
-
600
600
1%
15
Holterbergweg
-100
-300
-1,000
-1,400
-11%
16
A2
-100
200
400
500
0%
17
Burgemeester Stramanweg
-100
-200
-1,000
-1,300
-2%
18
Amsterdamseweg
-
-
-
100
0%
19
Buitenveldertselaan
-
-
100
100
1%
20
A10 Zuid - West
500
600
2,700
3,800
4%
21
Joan Muyskenweg
2,200
3,200
9,900
15,200
-
22
De Heusweg
500
400
1,700
2,600
400%
23
A10 Zuid - Oost
-500
-400
-4,500
-5,400
-2%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
300
400
1,500
2,100
10%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
100
100
200
500
2%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
700
700
8%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-100
-100
-400
-600
-5%
28
A10 S112 afrit noord
400
100
1,300
1,900
9%
29
A10 S112 afrit zuid
-
100
-200
-100
-1%
In de variant met 1 rijstrook op de Nieuwe Utrechtseweg wordt deze weg minder aantrekkelijk voor gemotoriseerd verkeer en rijden dus meer weggebruikers via de Ringweg-Zuid ten westen van Knooppunt Amstel en de Gooiseweg. In Tabel 14 is het verschil tussen variant 2040 2x2 en variant 2040 2x1 te zien.
30
Tabel 13: Verschil thermometerpunten 2040 referentie en 2040 plan 2_1Voorkeur afgerond op 100-tallen Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1
Amstelveenseweg
100
-
200
300
1%
2
De Boelelaan west
-
-
100
100
0%
3
Europaboulevard noord
800
900
4,300
5,900
12%
4
De Boelelaan oost
-
-
-
-100
0%
5
Europaboulevard zuid
-
-
100
100
1%
6
Amsteldijk
-600
-600
-700
-1,900
-10%
7
Berlagebrug
200
200
1,100
1,500
7%
8
Utrechtse Brug
-2,600
-3,100
-11,500
-17,200
-50%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
-3,400
-3,100
-14,600
-21,100
-56%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-500
-300
-2,500
-3,300
-36%
11
Spaklerweg
-
100
-100
-
0%
12
Gooiseweg
1,000
800
4,100
5,900
11%
13
Middenweg
100
-
100
200
1%
14
Van Marwijk Kooystraat
100
100
900
1,000
2%
15
Holterbergweg
-100
-400
-800
-1,200
-10%
16
A2
-300
-100
-1,300
-1,700
-1%
17
Burgemeester Stramanweg
-100
-200
-1,200
-1,400
-2%
18
Amsterdamseweg
-
-
-
100
1%
19
Buitenveldertselaan
-
-
200
200
1%
20
A10 Zuid - West
700
800
3,600
5,100
6%
21
Joan Muyskenweg
2,100
2,700
9,000
13,800
-
22
De Heusweg
500
400
1,700
2,700
402%
23
A10 Zuid - Oost
-200
-200
-3,400
-3,800
-1%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
300
500
1,700
2,400
12%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
200
100
400
700
3%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
700
700
8%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-100
-
-400
-500
-4%
28
A10 S112 afrit noord
400
100
1,400
1,900
9%
29
A10 S112 afrit zuid
-
100
-
100
0%
De voorkeursvariant heeft geen bypasses meer bij de 3 nieuwe VRI’s. In zuidelijke richting zijn dit 2 bypasses minder, bij de Amstelstroomlaan en Joan Muyskensweg, en in noordelijke richting bij de Ouderkerkerdijk. Dit heeft een behoorlijk effect op de doorstroming op de Nieuwe A2 Entree. In beide richtingen is er een sterkere daling op de Nieuwe A2 Entree dan in de voorgaande varianten en daarmee een groter uitwijkend effect naar alternatieve routes de stad in en uit.
31
Tabel 14: Verschil thermometerpunten 2040 plan 2_2 en 2040 plan 2_1 afgerond op 100-tallen Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1
Amstelveenseweg
-
-
-
-
0%
2
De Boelelaan west
-
-
-
-
0%
3
Europaboulevard noord
-
-100
-100
-200
0%
4
De Boelelaan oost
-
-
-
-
0%
5
Europaboulevard zuid
-
-
-
-
0%
6
Amsteldijk
-
100
100
100
1%
7
Berlagebrug
-
-
-
-
0%
8
Utrechtse Brug
100
300
300
700
2%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
200
300
400
800
2%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-
100
-
100
1%
11
Spaklerweg
-
-
-
-
0%
12
Gooiseweg
-
-100
-100
-100
0%
13
Middenweg
-
-
-
-
0%
14
Van Marwijk Kooystraat
-
-
-
-100
0%
15
Holterbergweg
-
-
-
-
0%
16
A2
-
100
200
200
0%
17
Burgemeester Stramanweg
-
-
-
-
0%
18
Amsterdamseweg
-
-
-
-
0%
19
Buitenveldertselaan
-
-
-
-
0%
20
A10 Zuid - West
-100
-
-100
-200
0%
21
Joan Muyskenweg
100
100
200
400
-
22
De Heusweg
-
-
-
-
5%
23
A10 Zuid - Oost
-100
-100
-100
-200
0%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
-
-
-100
-200
-1%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
-
-
-
-
0%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
-
-
0%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-
-
-
-
0%
28
A10 S112 afrit noord
-
-
-
-
0%
29
A10 S112 afrit zuid
-
-
-
-
0%
Het verschil tussen de variant met 2 rijstroken tussen de VRI’s op de nieuwe A2 Entrée en die met 1 rijstrook tussen de VRI’s is vooral te zien op de Nieuwe Utrechtseweg, de Utrechtsebrug en de Amsteldijk. Hier rijden in de variant met 2 rijstroken meer motorvoertuigen dan in de variant met 1 rijstrook, aangezien de capaciteit op de Nieuwe A2 Entree hoger ligt. Bij de variant met 2 rijstroken op de Nieuwe Utrechtseweg rijden er minder motorvoertuigen op de Ringweg-Zuid ten westen van knooppunt Amstel en op de Gooiseweg. Er is minder sprake van uitwijkgedrag, aangezien de variant met 2x2 rijstroken meer op de oorspronkelijke situatie lijkt.
32
Tabel 15: Verschil thermometerpunten 2040 plan 2_1 en 2040 plan 2_1Voorkeur afgerond op 100-tallen Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1
Amstelveenseweg
-
-
-
-
0%
2
De Boelelaan west
-
-
-
-
0%
3
Europaboulevard noord
200
100
900
1,100
2%
4
De Boelelaan oost
-
-
-
-100
0%
5
Europaboulevard zuid
-
-
100
100
0%
6
Amsteldijk
-100
-100
-600
-800
-4%
7
Berlagebrug
100
-
100
100
1%
8
Utrechtse Brug
-800
-700
-3,600
-5,100
-15%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
-900
-900
-4,300
-6,100
-16%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-200
-100
-700
-1,000
-11%
11
Spaklerweg
-100
-
-400
-500
-5%
12
Gooiseweg
300
100
1,600
2,000
4%
13
Middenweg
100
-
-
100
0%
14
Van Marwijk Kooystraat
100
-
300
400
1%
15
Holterbergweg
-
-
200
200
2%
16
A2
-200
-300
-1,700
-2,300
-1%
17
Burgemeester Stramanweg
-
-
-200
-100
0%
18
Amsterdamseweg
-
-
-
-
0%
19
Buitenveldertselaan
-
-
100
100
1%
20
A10 Zuid - West
200
100
900
1,200
1%
21
Joan Muyskenweg
-100
-400
-900
-1,500
-
22
De Heusweg
-
-
-
-
6%
23
A10 Zuid - Oost
200
200
1,200
1,600
1%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
-
100
200
300
1%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
-
-
200
200
1%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
-
-
0%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-
-
100
100
1%
28
A10 S112 afrit noord
-
-
-
-
0%
29
A10 S112 afrit zuid
-
100
100
200
1%
Ten opzichte van de 2x1-variant geeft de voorkeursvariant een extra daling op de Utrechtse Brug van ongeveer 15%. De Amstelstroomlaan wordt ook minder goed bereikbaar en het autoverkeer neemt daar met ongeveer 11% af. Op de Europaboulevard ten noorden van de A10 wordt het op etmaalniveau ongeveer 2% drukker. Op de Gooiseweg neemt het verkeer met ongeveer 4%. Tabel 15 zet de absolute verschillen en de procentuele verschillen op etmaalniveau ten opzichte van de 2040 referentie nogmaals naast elkaar.
33
Tabel 16: Verschil thermometerpunten op etmaalniveau alle 3 varianten, absoluut en procentueel Nr
Thermometerpunt
2x2
2x1
2x1Voorkeur
2x2 %
2x1 %
2x1Voorkeur %
1
Amstelveenseweg
300
300
300
1%
1%
1%
2
De Boelelaan west
100
100
100
0%
0%
0%
3
Europaboulevard noord
4,600
4,800
5,900
9%
10%
12%
4
De Boelelaan oost
0
0
-100
0%
0%
0%
5
Europaboulevard zuid
100
100
100
0%
0%
1%
6
Amsteldijk
-900
-1,100
-1,900
-5%
-6%
-10%
7
Berlagebrug
1,400
1,400
1,500
6%
6%
7%
8
Utrechtse Brug
-11,400
-12,100
-17,200
-33%
-35%
-50%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2-
-14,200
-15,000
-21,100
-38%
-40%
-56%
Amstelstroomlaan 10
Amstelstroomlaan
-2,200
-2,300
-3,300
-24%
-25%
-36%
11
Spaklerweg
600
600
0
6%
5%
0%
12
Gooiseweg
3,700
3,800
5,900
7%
7%
11%
13
Middenweg
100
100
200
0%
0%
1%
14
Van Marwijk Kooystraat
500
600
1,000
1%
1%
2%
15
Holterbergweg
-1,400
-1,400
-1,200
-11%
-12%
-10%
16
A2
800
500
-1,700
0%
0%
-1%
17
Burgemeester Stramanweg
-1,300
-1,300
-1,400
-2%
-2%
-2%
18
Amsterdamseweg
0
100
100
0%
0%
1%
19
Buitenveldertselaan
100
100
200
1%
1%
1%
20
A10 Zuid - West
3,600
3,800
5,100
4%
4%
6%
21
Joan Muyskenweg
15,700
15,200
13,800
-
-
-
22
De Heusweg
2,700
2,600
2,700
400%
396%
402%
23
A10 Zuid - Oost
-5,700
-5,400
-3,800
-2%
-2%
-1%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
2,000
2,100
2,400
10%
10%
12%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
500
500
700
2%
2%
3%
26
A10 Overamstel afrit noord
700
700
700
8%
8%
8%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-600
-600
-500
-5%
-5%
-4%
28
A10 S112 afrit noord
1,900
1,900
1,900
9%
9%
9%
29
A10 S112 afrit zuid
-100
-100
100
-1%
0%
0%
Zoals bij de analyses van de individuele varianten naar voren is gekomen, lijken de 2x2- en de 2x1variant sterk op elkaar. Beide varianten hebben bypasses bij de 3 nieuwe VRI’s. In de voorkeursvariant ontbreken de bypasses, en zijn er bij 2 van de 3 VRI’s oversteekplaatsen voor langzaam verkeer5. Dit heeft een reducerend effect op de intensiteiten op de Nieuwe A2 Entree zelf en de aanliggende wegen. De alternatieve routes worden drukker.
3.4 IC-verhoudingen in en rondom het studiegebied De Nieuwe A2 Entree betekent een verandering van rijstroken en capaciteit op het laatste stuk van de A2. Om na te gaan of er op linkniveau problemen ontstaan in de verkeersafwikkeling worden in 5
Uit een gevoeligheidsanalyse is gebleken dat het niet meenemen van de oversteekplaatsen voor het langzaam verkeer bij de VRI’s leidt tot ongeveer 1.000-1.200 voertuigen meer op doorsnede voor het etmaal op de Nieuwe A2 Entree.
34
onderstaande figuren de IC-verhoudingen voor de ochtend- en avondspits weergegeven, daar waar de IC-verhouding boven de 0.60 uitkomt. Onder de 0.6 vindt er geen reistijdverlies plaats en is er sprake van vrije afwikkeling van verkeer. Aangezien het VMA een VA-toedeling gebruikt, kan het voorkomen dat de IC-verhouding boven de 1.0 uitkomt. Dit betekent een knelpunt. Let wel: het VMA doet geen uitspraken over intensiteiten of knelpunten op het rijkswegennet.
Figuur 24: 2040REF IC-verhouding ochtendspits
Figuur 25: 2040 2x2 IC-verhouding ochtendspits
35
Figuur 26: 2040 2x1 IC-verhouding ochtendspits
Figuur 27: 2040 2x1 Voorkeursvariant IC-verhouding ochtendspits
36
Figuur 28: 2040REF IC-verhouding avondspits
Figuur 29: 2040 2x2 IC-verhouding avondspits
37
Figuur 30: 2040 2x1 IC-verhouding avondspits
Figuur 31: 2040 2x1 Voorkeursvariant IC-verhouding avondspits
Figuur 24 tot en met Figuur 31 laat zien dat er volgens het VMA in beide spitsen knelpunten zijn op het rijkswegennet. Hier doet het VMA echter geen uitspraken over en eventuele knelpunten op het rijkswegennet ten gevolge van de Nieuwe A2 Entree zullen bij de NRM-berekeningen inzichtelijk worden gemaakt. Op de A2 Entree komen zowel voor als na de herstructurering op wegvakniveau geen knelpunten. Alleen in de avondspits wanneer er 2x1 rijstroken liggen komt de IC-verhouding boven de 0.6 maar blijft nog onder de 0.7. Bij de voorkeursvariant leidt het ontbreken van de bypasses tot minder verkeer op de A2 Entree, waardoor in deze variant de IC-verhouding weer lager ligt. De VRI’s op de nieuwe aansluitingen zorgen er waarschijnlijk voor dat de drukte in termen van IC-verhoudingen gering blijft.
38
3.5 Kruispuntbelastingen Bij het ombouwen van de A2 Entree naar een stadstraat komen er in de plan-varianten 3 VRI’s bij. Daarnaast zal er verkeer dat eerst via de A2 Amsterdam binnenkwam om gaan rijden via alternatieve routes en VRI’s op die routes mogelijk extra belasten. Om een indruk van de drukte bij de kruisingen te krijgen, zijn voor 13 kruisingen in het studiegebied de kruispuntbelastingen bepaald. Figuur 32 geeft op een kaart weer waar deze kruisingen in Amsterdam zijn gesitueerd, inclusief nummer en naamgeving corresponderend met Tabel 11.
Figuur 32. VRI’s in het studiegebied waarvoor de kruispuntbelastingen (VC-ratio’s) zijn bepaald.
In Tabel 17 is met groen (<0.89), oranje (tussen de 0.89 en 1) en rood (>1) weergegeven hoe de kruispunten voor het autoverkeer functioneren. De kleuren geven het volgende weer: - groen: geen doorstromingsproblemen verwacht - oranje: aandachtspunten, aanvullend onderzoek (doorstromingsberekeningen) gewenst - rood: waarschijnlijk knelpunten: de capaciteit is onvoldoende volgens VMA. In Tabel 17 is de (maatgevende) maximale kruispuntbelasting te zien. Dit betekent dat de waarde voor de richting met de maximale belasting op het kruispunt is weergegeven. De waarden zijn voor alle varianten berekend en weergegeven voor zowel ochtendspits (OS) als avondspits (AS). Wanneer een kruising overbelast dreigt te raken, zal het VMA eerst de V/C-ratio laten oplopen en daarna de cyclustijd verhogen naar max 100 seconden. Wanneer dat niet meer mogelijk is, zal de VC-ratio weer gaan oplopen. De cyclustijd geeft een extra indicatie of de kruising nog regelbaar is.
39
Tabel 17. Kruispuntbelastingen (maximale verzadingsgraden) binnen het studiegebied Nr VRI
Spits
2040REF
2040NA2E_2_2
2040NA2E_2_1
A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Noord A10 AmsterdamBuitenveldert op- en afrit Zuid Europaboulevard - De Boelelaan
OS
Max VC Cyclustijd 1.11 90
Max VC 1.11
AS
1.03
90
1.03
90
1.03
OS
0.87
90
0.90
90
AS
1.09
90
1.10
OS
0.97
90
AS
1.06
4
A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (a)
OS
0.79
AS
5
A10 Amsterdam S112 op-en afrit Noord (b)
6
A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (a)
7
Max Cyclustijd VC Cyclustijd 90 1.11 90
2040NA2E_2_1Voorkeur Max VC 1.11
Cyclustijd 90
90
1.03
90
0.89
90
0.93
90
90
1.10
90
1.10
90
0.96
90
0.96
90
0.96
90
90
1.06
90
1.06
90
1.06
90
90
0.86
90
0.86
90
0.86
90
1.00
72
1.03
72
1.03
72
1.02
72
OS
0.88
90
0.95
90
0.95
90
0.95
90
AS
0.97
72
0.99
72
0.99
72
1.00
72
OS
0.96
90
0.97
90
0.97
90
0.96
90
AS
1.01
72
1.01
72
1.01
72
1.01
72
A10 Amsterdam S112 op-en afrit Zuid (b)
OS
0.90
90
0.92
90
0.92
90
0.91
90
AS
0.95
72
0.96
72
0.96
72
0.96
72
8
A10 Amsterdam S111 op-en afrit Noord
OS
0.98
72
0.98
72
0.98
72
0.98
72
AS
0.98
72
1.01
72
1.01
72
1.01
72
9
A2 S110 - President Kennedylaan
OS
0.98
100
0.75
100
0.73
100
0.63
100
AS
1.05
100
0.99
100
0.99
100
0.99
100
10 A2 Entree Noordelijke aansluiting
OS
0.76
39
0.76
39
0.7
39
AS
0.85
39
0.82
39
0.89
41
11
OS
0.89
40
0.89
39
0.89
48
1
2
3
A2 Entree Amstelstroomlaan
AS
0.89
43
0.89
42
0.89
49
12 A2 Entree Zuidelijke aansluiting
OS
0.89
39
0.89
39
0.89
48
AS
0.89
50
0.89
50
0.89
75
13
OS
0.89
61
0.89
61
0.89
61
0.89
61
AS
0.89
61
0.89
63
0.89
63
0.89
64
Amstelstroomlaan Spaklerweg
Van de drie nieuwe VRI’s (10, 11 en 12) zijn er twee die tegen de capaciteit aan lopen. De cyclustijd van de VRI’s op de zuidelijke aansluiting en Amstelstroomlaan kan nog hoger, er lijkt dus nog wel restcapaciteit te zijn. Bij de voorkeursvariant zijn de nieuwe VRI’s het drukst, ten gevolge van het ontbreken van de bypasses. Of de VRI’s het daadwerkelijk aan kunnen of dat er mogelijk toch een knelpunt ontstaat, is alleen met gedetailleerde simulaties (VISSIM-berekeningen) te bepalen. Dit valt buiten de scope van het VMA-onderzoek. De VRI op de kruising met de A2 en president Kennedylaan (9) wordt wat rustiger in beide spitsen. De overige VRI’s blijven qua drukte gelijk of worden iets drukker, bijvoorbeeld de zuidelijke op-en afrit bij Amsterdam Buitenveldert (2), waar in de ochtendspits de grens van 0.89 wordt overschreden. Ook de gecombineerde VRI’s (4 en 5) bij de noordelijke op-en afrit van de A10 met de S112 neemt de drukte toe. In de ochtendspits wordt bij VRI 5 de grenswaarde overschreven. Dit is ook het geval bij de afrit Noord van de S111 (VRI 8) in de avondspits. Hiermee vormen deze kruisingen een aandachtspunt en dienen zij eventueel met VISSIM verder onderzocht te worden.
40
3.6 Gevoeligheidsanalyses Er zijn drie gevoeligheidsanalyses uitgevoerd. Eén met het afsluiten van de onderdoorgang bij het spoor op de Overzichtsweg, het invoeren van het 1-richtings carré op de Zuidas en de 1richtingsknip op de Hoogoorddreef bij Station Bijlmer ArenA. In de tweede gevoeligheidsanalyse is de auto infrastructuur aangepast op basis van de Omgevingsvisie 2050 (het lussenmodel), zoals eerder doorgerekend in de VMA-studie voor Amsterdam maakt ruimte (O-220264)6. Hierbij is ook gebruik gemaakt van het beleidsrijke scenario uit deze studie. In de derde gevoeligheidsrun is er bij de kruising Nieuwe Utrechtseweg - Amstelstroomlaan en bij de kruising Nieuwe Utrechtseweg – Joan Muyskenweg/Ouderkerkerweg, 1 opstelvak en 1 afrijstrook in plaats van 2 (zoals in de voorkeursvariant) opgenomen.
3.6.1 Gevoeligheidsrun 1 Figuur 33 geeft inzicht in het verschil in motorvoertuigen op etmaalniveau tussen de voorkeursvariant en de gevoeligheidsrun 1.
Figuur 33: Verschilplot 2040AR_Gevoeligheidsrun1 - 2040 2x1_voorkeursvariant, mvt etmaal.
Het invoeren van deze drie maatregelen leidt tot een toename van 1.400 motorvoertuigen per etmaal op de Utrechtse Brug en een afname van 700 motorvoertuigen per etmaal op de Nieuwe Utrechtseweg. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de afsluiting van de spooronderdoorgang op de Overzichtsweg. In Zuidas wijzigen door het invoeren van het 1-richtingscarré ook een aantal routes, waardoor de intensiteiten op de verschillende thermometerpunten in dat gebied ook veranderen.
6
In studie O-220264 zijn naast auto infrastructuurmaatregelen ook infrastructuuraanpassingen voor de fiets en het OV meegenomen. Deze zijn voor de gevoeligheidsanalyse in deze studie buiten beschouwing gelaten.
41
Tabel 18: Thermometerpunten 2040_Gevoeligheidsrun1 – 2040 2x1Voorkeursvariant Nr
Thermometerpunt
Mvt os
Mvt as
Mvt rd
Mvt etm
% Mvt etm
1,900
5%
1
Amstelveenseweg
100
400
1,400
2
De Boelelaan west
100
100
-100
200
0%
3
Europaboulevard noord
100
300
800
1,300
2%
4
De Boelelaan oost
-400
-200
-1,300
-1,900
-6% 5%
5
Europaboulevard zuid
200
200
700
1,100
6
Amsteldijk
100
100
500
600
3%
7
Berlagebrug
-
-
100
100
0%
8
Utrechtse Brug
200
300
1,000
1,400
9%
9
Nieuwe Utrechtseweg A2Amstelstroomlaan
-100
-100
-500
-700
-4%
10
Amstelstroomlaan
100
-
500
600
12%
11
Spaklerweg
-700
-900
-3,700
-4,900
-51%
12
Gooiseweg
100
300
1,200
1,500
3%
13
Middenweg
-
-
200
100
1%
14
Van Marwijk Kooystraat
100
-
800
600
2%
15
Holterbergweg
-100
100
-200
-200
-3%
16
A2
100
200
300
500
0%
17
Burgemeester Stramanweg
200
200
900
1,300
2%
18
Amsterdamseweg
100
100
500
600
4%
19
Buitenveldertselaan
-100
-200
-900
-1,100
-7%
20
A10 Zuid - West
-100
-
100
-
0%
21
Joan Muyskenweg
-
100
-200
-200
-1%
22
De Heusweg
-
100
-100
-
0%
23
A10 Zuid - Oost
100
200
600
900
0%
24
A10 Buitenveldert afrit noord
-100
-100
-600
-800
-4%
25
A10 Buitenveldert afrit zuid
-
100
100
100
1%
26
A10 Overamstel afrit noord
-
-
-100
-100
0%
27
A10 Overamstel afrit zuid
-
-100
200
100
1%
28
A10 S112 afrit noord
-100
-100
-200
-300
-1%
29
A10 S112 afrit zuid
-
-
-200
-200
0%
3.6.2 Gevoeligheidsrun 2 De lijst met infrastructuurmaatregelen die zijn meegenomen in deze gevoeligheidsrun zijn te vinden in de bijlage van het uitgangspuntendocument. De beleidsinstellingen zijn te vinden in Tabel 19. Naast de beleidsmaatregelen die daarin zijn opgenomen is er ook van uitgegaan dat er zo’n 10% minder reizen met het motief woon-werk, woon-zakelijk en woon-winkelen en 5% minder reizen met het motief woon-educatie doordat meer mensen thuis werken en studeren.
42
Tabel 19: Beleidsinstellingen VMA 2040AR en VMA 2040 Beleidsrijk Beleidsinstelling
VMA2040AR
Beleidsrijk scenario
Rijbewijsbezit (man 18-34/35-64/65+
79.8/94.0/95.0
79.8/94.0/95.0
vrouw 18-34/35-64/65+)
75.7/89.7/90.0
75.7/89.7/90.0
9.970.622
9.970.622
Brandstofkostenindex (2019=100)
83
100
OV-kostenindex (2019=100)
100
100
Autobezit landelijk
Reistijd fietsindex (2019=100)
93
93
Buitenlandverkeer index
Nvt
n.v.t.
Prijsbeleid/mautheffing
Geen/geen
Platte heffing 6.8 cent per km/geen
In Figuur 34 is een verschilplot te zien tussen gevoeligheidsrun 2 en de voorkeursvariant. Te zien is dat het autoverkeer afneemt op de A10 Zuid, de Gooiseweg en de President Kennedylaan. Er is een duidelijke afname van het autoverkeer in het algemeen. Dit komt doordat er brandstofkosten niet meer dalen naar 2040. Verder wordt er een vlakke heffing ingevoerd, waardoor autorijden nóg meer ontmoedigd wordt dan in de voorkeursvariant. De meer lokale dalingen van het autoverkeer worden veroorzaakt door de invoering van het lussenmodel. Zo is onder andere de zuidzijde van de Gooiseweg (aan de zuidkant van de A10) en de Berlagebrug niet meer toegankelijk voor autoverkeer. Hierdoor rijden meer mensen over de Amstelstroomlaan. Op de Utrechtsebrug neemt het autoverkeer toe met ongeveer 100 motorvoertuigen per etmaal. Op de Nieuwe Utrechtseweg is er sprake van een afname van zo’n 700 motorvoertuigen per etmaal.