CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Beleidsnotitie DOA2 - 2013.pdf

Raadscommissie voor Financiën, Economische Zaken, Deelnemingen, Lucht- en Zeehaven, Duurzaamheid 4 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennis te nemen van de brief over de actualisatie van het deelnemingenbeleid (ZD2021-001473)13.500 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Motie Van Pinxsteren

26

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

•

College (definitief besluit)

Lessons learned: de verzelfstandiging van de Haven Amsterdam Op dit moment nadert het project verzelfstandiging Haven Amsterdam het einde van de onderzoeksfase. Dit project heeft ons onder andere:  geleerd dat de gefaseerde aanpak een goede basis is voor inrichten van verzelfstandigings- en oprichtingsprojecten en besluitvorming..Het ‘principebesluit’ aan het einde van de denkfase is een belangrijk ijkpunt gebleken voor het vervolgproces, raadsinstemming hierop is van groot belang (Bij Haven werd enkel ‘kennis genomen van’).  veel beter inzicht gegeven in de diverse rollen die de gemeente tot haar beschikking heeft en de samenhang daartussen, ook na verzelfstandiging (als aandeelhouder, financier, mandaatgever, etc.)  de gelegenheid gegeven voor deze deelneming de governance ‘state of the art’ en toekomstbestendig te maken. Deze ervaring en kennis is waardevol voor toekomstige trajecten.  tegenspraak en de lessen uit de N/Z lijn zijn als integraal onderdeel opgenomen in de het B&W voorstel.  Samenstelling van stuurgroep en Bestuurlijk Team zijn van groot belang voor een gewogen eindresultaat en het wegen van belangen. Uitvoeringsfase: College draagt zorg voor de uitvoering Bij een verzelfstandiging vinden in deze fase de onderhandelingen met de bonden plaats en wordt een definitief besluit genomen over het sociaal plan.

Ook de oprichtingshandelingen, personeelsbesluiten en andere overeenkomsten worden ter finale goedkeuring aan het College voorgelegd; dit gebeurt bij verzelfstandigingen, maar ook bij ‘normale’ oprichtingen. Ook de statuten, de reglementen voor de directie en de RvC en de profielschets voor de RvC van de deelneming worden vastgesteld. Standaard wordt in de statuten opgenomen hoe het bestuur van de deelneming wordt benoemd. In de meeste vennootschappen draagt de Raad van Commissarissen directeuren voor aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, die vervolgens directeuren benoemt. Het kan ook voorkomen dat een directeur door de raad van commissarissen wordt benoemd; dit gebeurt met name in zogenaamde structuurvennootschappen, waar de aandeelhouder meer op afstand staat. Benoemingsprocedure Bestuur Bij de oprichting van een deelneming, moet voor het eerst een Raad van Commissarissen worden benoemd. De gemeente heeft hiervoor een procedure ontwikkeld die wordt toegepast bij deelnemingen waarvan ze enig aandeelhouder is (bij oprichting). Kern van deze procedure is dat bij een eerste benoeming een raad van advies wordt ingesteld die als taak heeft de wethouder Deelnemingen te adviseren over de werving & selectie. De volgende stappen worden bij een benoeming doorlopen:  Instellen Raad van Advies;  Werving kandidaten Raad van Commissarissen;

27

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

  

Oriëntatiefase: gesprekken tussen kandidaten en direct betrokkenen ; Benoeming Raad van Commissarissen door AvA; Benoeming directie of Raad van Bestuur door Raad van Commissarissen

Het is afhankelijk van de omvang van de nieuwe deelneming wie de oriënterende gesprekken voert. Dit zullen minimaal de vakdirecteuren en/of de directeur DMC zijn. Bij grotere ondernemingen kan ook een gesprek met de wethouder worden gevoerd. Bij projecten met een lange doorlooptijd en in ieder geval bij projecten die onder de RRP vallen, worden College en Raad periodiek geïnformeerd over de voortgang van het project. Aan het eind van de uitvoeringsfase, volgt de besluitvorming tot oprichting van de deelneming door het college van B&W, eventueel wordt het concept besluit hiertoe aan de Raad ter kennisname voorgelegd.

Risicomanagement: belangenverstrengeling bij directe benoeming bestuurders Belangrijk punt bij de benoeming van bestuurders is de ‘dubbele petten problematiek’. Als een bestuurder of ambtenaar van de gemeente in het bestuur van een organisatie wordt benoemd, kan deze in de problemen komen, wanneer de belangen van de gemeente en van de organisatie uiteen dreigen te lopen. Aan de ene kant (volgens de regels van behoorlijk bestuur die de wet stelt) is iemand tegenover de organisatie verplicht de functie ‘behoorlijk’ te vervullen. Maar het kan zijn dat het belang van de organisatie tegen het gemeentelijk belang ingaat. Als deze vertegenwoordiger zijn functie dan behoorlijk vervult, gaat hij tegen het gemeentelijk belang in. En dat werpt dan weer twijfel op of de functie vervuld kan worden zonder last of ruggespraak richting de gemeente; aan wie is deze persoon dan verantwoording schuldig: Aan de gemeente, of juist de organisatie? Om deze problematiek zoveel mogelijk te voorkomen is sprake van een ‘nee, tenzij-beleid’ en geldt:  Voorkomen moet worden dat een bestuurder of ambtenaar van de gemeente óók bestuurder van een deelneming (of stichting enz) is. (Als de functie vervuld wordt uit hoofde van zijn/haar functie bij de gemeente.

Het betreft dus niet de nevenfuncties die bestuurders en ambtenaren naast hun werk vervullen.)  Voorkomen moet worden dat personen die de afgelopen vijf jaar bestuurder, raadslid of ambtenaar waren van de gemeente, benoemd worden bij deelnemingen (of stichtingen enz), waar de gemeente een benoemings- e/o voordrachts- e/o goedkeurings e/o schorsings- e/o ontslagrecht heeft.

Nazorg- en beheerfase De ambtelijke projectleiding bewaakt aansluitend de implementatie van alle gemeentelijke afspraken en (contractuele) handelingen en verplichtingen die uit het genomen collegebesluit tot oprichting van de deelneming, dan wel verzelfstandiging voortvloeien. Dit kan betrekking hebben op diverse onderwerpen zoals personele (nakomen sociaal plan), financiële (overdracht of beheer van voorzieningen) en juridische (afwikkeling oude claims) zaken. Na de nazorg begint de permanente taak van het deelnemingenbeheer. Dit wordt beschreven in het volgende hoofdstuk.

28

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

5

Beheer deelneming

Dit hoofdstuk beschrijft hoe de gemeente Amsterdam haar rol als actief aandeelhouder invult, dat wil zeggen, op welke wijze ze kan zorgen dat het publiek belang zoveel mogelijk gediend is, waarbij de financiële risico’s die ze als aandeelhouder loopt geminimaliseerd worden. Het beheer van de deelnemingen heeft tot doel:  het behartigen van het publieke belang;  beheersen van risico’s die aan het aandeelhoudersschap verbonden zijn;  streven naar lange termijn groei van de waarde van het aandeel, waarbij een marktconform rendement verwacht wordt. Het dagelijkse beheer van een deelneming start nadat een deelneming is opgericht of aangegaan. Want hoewel de bestuurders van een onderneming verantwoordelijk zijn voor de dagelijkse gang van zaken, hebben ook de aandeelhouders via hun zeggenschap een bepalende rol in de organisatie. Het maken van winst is weliswaar geen primaire reden om aandelen te houden, maar zonder goede financiële resultaten kan de continuïteit van de bedrijfsvoering van de deelneming in gevaar komen. Is die continuïteit er niet, dan zal het publiek belang niet goed behartigd kunnen worden. En om continuïteit in de bedrijfsvoering van de deelneming te borgen, is goed bestuur van de onderneming een vereiste. De gemeente streeft om deze redenen na zich in het beheer van de deelnemingen als zakelijk en actief aandeelhouder op te stellen.

Tijdens het beheer van een deelneming, zoals dat vanuit de aandeelhouder wordt uitgevoerd, staan de volgende onderwerpen en activiteiten centraal: • voorbereiden aandeelhoudersvergaderingen (AVA’s); • monitoring deelneming; • rapporteren over Maatschappelijk Relevante Indicatoren (MRI’s); • herijking deelnemingen; • verkoop/liquidatie deelneming.

5.1

Voorbereiden AVA

Tijdens een AVA legt het bestuur alle besluiten, waar de AVA conform de statuten goedkeuring voor moet geven, dan wel kennis van moet nemen, aan de AVA voor. Dit betreft meestal (afhankelijk van de aandeelhoudersrol) besluiten over: • de strategie van de onderneming, jaarplan en meerjarenplan; • investeringsbeslissingen (boven een bepaalde in de statuten vastgestelde drempel); • de jaarrekening; • beloningsbeleid;

29

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

• • •

benoeming/decharge en bezoldiging directie en Raad van Commissarissen; statutenwijziging; verkoop van aandelen.

In de voorbereiding van de AVA worden alle voorgenomen besluiten getoetst aan de doelstellingen van de onderneming én van de gemeente – zo moeten de beleidsdoelstellingen van de gemeente, zoals vastgelegd in het Programma-akkoord, terugkomen in de ondernemingsstrategie (borging van het publiek belang), de financiële consequenties (voor zowel deelneming als voor de gemeente worden doorgerekend) en risico’s van de besluiten worden in kaart gebracht. Bij de analyse worden waar nodig vragen gesteld aan de RvC en de deelneming zelf. Ter voorbereiding op de AvA worden de bevindingen voorzien van een stemadvies voor de AvA in een collegevoordracht via de wethouder Deelnemingen of de vakwethouder in het college gebracht. Diegene die op de AvA de gemeente vertegenwoordigt, heeft hiervoor een machtiging nodig van de burgemeester. Afhankelijk van de omvang van het belang en het risico dat daaraan voor de gemeente verbonden is, dient minimaal eens per jaar de jaarrekening door de deelneming te worden aangeleverd. De jaarrekening wordt samen met het jaarverslag beoordeeld ter voorbereiding van de AvA. De jaarrekening wordt nooit vastgesteld zonder dat deze door een accountant is goedgekeurd. Deze goedkeurig is ook voorwaarde voor het verlenen van decharge aan het bestuur. Ook gaat de gemeente na of en hoe de afspraken die met de RvC over het toezicht zijn gemaakt, worden nageleefd.

Van elke afspraak is vastgelegd hoe de aandeelhouder op de hoogte wil worden gehouden over de stand van zaken met betrekking tot die afspraak; het opvragen van het remuneratie rapport, waarin de RvC beschrijft hoe het beloningsbeleid in de praktijk is gebracht, is hier een voorbeeld van. Daarbij let de gemeente er op dat de gemeente in de rol van aandeelhouder zich slechts met het toezicht door de RvC bezig houdt dan wettelijk moet en daarnaast in afspraken is vastgelegd. In geval een nieuwe bestuurder benoemd moet worden, wordt bekeken of de bezoldiging binnen het beloningsbeleid van de gemeente past. In geval van een herbenoeming moet de voordracht vergezeld gaan van een motivatie dan wel een evaluatie van het functioneren van deze bestuurder (afhankelijk van de omvang en het aandeel van de gemeente in de deelneming.) Benoeming van commissarissen In boek 2 BW is veel geregeld over de benoeming van commissarissen, zoals de verplichting tot het opstellen van een profielschets en het al dan niet bestaan van het recht van de RvC om nieuwe kandidaten voor te dragen. De bevoegdheden van RvC en AVA bij benoemingen zijn nader uitgewerkt in statuten. De profielschets vormt het uitgangspunt voor de benoemingsprocedure die de gemeente hanteert.

De benoemingsprocedure zelf kent een zorgvuldige voorbereiding en een aantal stappen die samen borgen dat het College nadrukkelijk betrokken is bij de benoeming en die zo zorgvuldig mogelijk is naar alle betrokkenen.

30

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Bij grote meerderheids deelnemingen die een RvC hebben, vindt bij de benoeming van een commissaris een oriëntatie plaats. Hierin voert de beoogd commissaris gesprekken met alle direct betrokkenen, zoals de vakdirecteuren en/of directeur DMC, de directie van de deelneming, de Ondernemingsraad, de overige commissarissen. Ook kan een gesprek met de Wethouder worden gevoerd. Let wel, de meeste vennootschappen waar de gemeente hebben geen RvC en is het bovenstaande dan ook niet van toepassing.

In de jaarrekening van de gemeente zelf is altijd een paragraaf verbonden partijen opgenomen; hierin informeert het College de raad over alle verbonden partijen, waaronder de deelnemingen.

5.2

Monitoring Deelneming

Naast het voorbereiden van AVA’s, worden het optreden en de resultaten van de deelneming actief gemonitord. Zowel financiële als operationele of politieke risico’s kunnen dan in een vroeg stadium herkend worden. Als het binnen de beïnvloedingsmogelijkheden van de gemeente ligt én als het in het kader van het publiek belang is, kan de gemeente besluiten tot een interventie. Zo heeft de gemeente overleg met de Stadsregio Amsterdam en GVB gewerkt aan één loket voor alle OV klachten zodat de klachtafhandeling in het openbaar vervoer voor de burger transparant geworden is. Ook over de ‘normale’ ontwikkelingen van een deelneming wordt periodiek gerapporteerd; in de maandelijkse staven krijgt de wethouder Deelnemingen de laatste stand van zaken van elke deelneming die onder haar verantwoordelijkheid valt; de raad wordt geïnformeerd in de eerder genoemde paragraaf verbonden partijen. De gemeente onderhoudt contacten met de directie en/of RvC over actuele ontwikkelingen bij de onderneming en beantwoordt relevante vragen vanuit de burgers of de raad hierover.

5.3

Rapportages over MRI’s

In 2009 is besloten om aan grote gemeentelijke deelnemingen te vragen om te rapporteren over vijf Maatschappelijk Relevante Indicatoren (MRI’s), te weten:     

CO2 uitstoot in totaal en per medewerker; man-vrouw verhouding in de gehele organisatie en man-vrouw verhouding in leidinggevende posities; het beleid ten aanzien van duurzame inkoop en de resultaten daarvan tot nu toe?; het percentage stageplekken en banen voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt 8 ten opzichte van het totaal aantal medewerkers ; 9 aantal personen dat meer verdient dan de WOPT-norm .

8

Dit betreft de volgende doelgroepen: gedeeltelijk arbeidsgeschikten, WIA en Wajongers, WWB-ers, SW-ers, NUG-ers en langdurig werklozen. WOPT: Wet openbaarmaking uit publieke middelen gefinancierde topinkomens

31

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

De deelnemingen worden gevraagd om te rapporteren over deze MRI’s, deels om trends te kunnen waarnemen, maar vooral om de deelnemingen bewust te laten worden van hoe hun eigen onderneming presteert op MVO gebied. De gemeente kiest er nu voor om zwaarder in te zetten op deze MRI’s en concrete afspraken te maken met de deelnemingen over de MRI’s waarop zij zullen sturen. De gemeente vraagt alleen MRI’s aan deelnemingen met meer dan 10 medewerkers in dienst en deelnemingen waarin de gemeente een aandelenbelang heeft dat groter, of gelijk is aan 20%. Dat laatste omdat anders onze invloed te klein is. Als uitzondering op deze criteria is Alliander toegevoegd. Amsterdam heeft slechts een belang van 9,2% in deze deelneming, maar deze onderneming is in omvang zo groot dat de deelneming is toegevoegd.

5.4

Herijking deelneming

Iedere collegeperiode voert B&W een herijking uit voor alle deelnemingen; uiterlijk in 2015 moet de volgende plaatsvinden. Iedere deelneming is ooit aangegaan om een specifiek gemeentelijk publiek belang te behartigen De uit te voeren taken ter behartiging van een publiek belang zijn de uitkomst van een politieke afweging. Tijdens de herijking worden deelnemingen geëvalueerd, waarbij gekeken wordt of de deelneming de afgelopen periode succesvol is geweest in de behartiging van dit publieke belang, of een deelneming nog steeds de beste manier is om dit publieke belang te behartigen, of dat de deelneming beter afgestoten kan worden. Daarnaast worden de risico’s en het financieel belang van elke deelneming in kaart gebracht. Aan de hand van deze twee criteria wordt de beheersmatige aandacht, die noodzakelijk is om de deelneming te beheren, vastgesteld. Voor iedere deelneming afzonderlijk wordt een herijking opgesteld.

Tijdens deze herijking wordt gekeken naar onder andere:  Wat is het gemeentelijke publieke belang en is een deelneming nog steeds de beste manier om dit publieke belang te behartigen? Zijn de doelstellingen van de deelneming in lijn met het Programma-akkoord?  Hoe zijn de financiën van de deelneming geregeld? en zijn er (financieel) risico’s te herkennen?  Is de “governance” van de deelneming op orde? Op basis van bovenstaande analyses wordt per deelneming bekeken of het verstandig is om deze aan te houden, te verkopen of te liquideren. Dit wordt als voorstel naar het College gestuurd, dat uiteindelijk zal beslissen of deelnemingen inderdaad verkocht dan wel geliquideerd zullen worden. De raad wordt hiervan in kennisgesteld.

5.5

Liquidatie/verkoop deelneming

Als het College heeft besloten dat het niet meer in het publiek belang is om een deelneming aan te houden, zijn er twee mogelijkheden: de deelneming wordt geliquideerd of de deelneming wordt verkocht. In het eerste geval houdt de deelneming op te bestaan; in het tweede geval trekt de gemeente zich als aandeelhouder terug. In de praktijk komt

32

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

het voor dat deze laatste ambitie niet haalbaar is; zo is voor de Clipper Amsterdam, noch de Arena een koper bereid gevonden de aandelen van de gemeente over te nemen. In dat geval wordt de deelneming alsnog aangehouden. Het besluit tot liquidatie van een deelneming wordt door de aandeelhoudersvergadering genomen (als de gemeente niet enig aandeelhouder is, kan het hiertoe dus niet zelfstandig een besluit nemen.) De directie van de deelneming voert deze vervolgens uit. Tot verkoop van haar aandelen kan het college als aandeelhouder wel zelfstandig besluiten, wel zijn hiervoor meestal standaard procedures vastgelegd in de statuten waar de gemeente zich aan moet houden in het proces van verkoop.

33

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

6

Bestuurlijke rolverdeling

6.1

Rolverdeling

De behartiging van het gemeentelijke belang in de deelneming is belegd bij het College van B&W. Het gemeentelijke belang kan worden onderscheiden in een zeggenschapsbelang (good governance, rendement, m.r.i’s), een politiek bestuurlijk belang (de beleidsinhoud) en de financiering van de deelneming. Binnen het College is de wethouder Deelnemingen verantwoordelijk voor het zeggenschapsbelang en de vakwethouder verantwoordelijk voor het beleidsinhoudelijke belang. Sinds 2006 wordt er een nadrukkelijke scheiding gemaakt tussen de portefeuilles financiën en deelnemingen Schematisch kan de rolverdeling binnen het college ten aanzien van een deelneming als volgt worden geschetst: Activiteit Voorbereiding AVA

Verantwoordelijk wethouder Vakwethouder (i.s.m. Wethouder Deelnemingen) Vakwethouder

Behartiging van het beleidsinhoudelijke belang via het aandeelhoudersschap Behartiging van het Wethouder Deelnemingen zeggenschapsbelang via het aandeelhoudersschap Behartiging van het Wethouder Financiën financieringsbelang (leningen, subsidies) Tabel 1 Rolverdeling wethouders

Uitvoering

Wanneer

Vakdienst i.s.m. DMC Vakdienst

Minimaal 1x per jaar Continu

DMC

Continu

DMC

Continu

Indien er geen sprake meer is van een beleidsinhoudelijk belang, valt de inhoudelijke invulling van het aandeelhouderschap weg. In dat geval zal de wethouder Deelnemingen de volledige verantwoordelijkheid voor het aandeelhouderschap op zich nemen. In principe geldt dan ook dat de deelneming zal worden afgestoten: uitgangspunt is immers dat de gemeente enkel participeert in een deelneming ter behartiging van een specifiek publiek belang. De wethouder Deelnemingen is verantwoordelijk voor de behartiging van de zeggenschapsbelang van het aandeelhouderschap; dit omvat vooral:  het toezien op de continuïteit van de deelneming;

34

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II





het toezien op de waarde van de deelneming (bijvoorbeeld: gevolgen van grote investeringen of besluiten van de rechtspersoon waaraan de aandeelhouder goedkeuring moet verlenen); het bepalen van het gemeentelijk standpunt bij de vaststelling of goedkeuring van de jaarrekening en resultaatsbestemming (en, als het statutair zo geregeld is, de goedkeuring van de begroting) door de AVA.

De vakwethouders zijn vanuit hun portefeuille verantwoordelijk voor de realisatie of behartiging van het beleidsinhoudelijke belang door de deelneming, via de zeggenschap die verbonden is aan het aandelenbezit en eventueel ook via de opdrachtgeversrol. De vakwethouder is binnen het college aanspreekbaar op vooral:  de realisatie van het beleidsinhoudelijke belang;  het coördineren van de vaststelling van de gemeentelijke standpunten op de AVA. Dit geldt niet voor het gemeentelijke standpunt bij de vaststelling of goedkeuring van de jaarrekening en resultaatsbestemming (en, als het statutair zo geregeld is, de goedkeuring van de begroting). Daarvoor is de wethouder Deelnemingen verantwoordelijk (zie hierboven). De wethouder Deelnemingen en de vakwethouder hebben een gedeelde verantwoordelijkheid bij het voorbereiden van het standpunt van de gemeente Amsterdam voor AVA’s. Hieronder vallen onder meer:  het vaststellen van het gemeentelijke standpunt op de algemene vergadering van aandeelhouders;  het vaststellen van de gewenste invloed en betrokkenheid als aandeelhouder (uitgedrukt in bevoegdheden) en het borgen van deze bevoegdheden in de statuten van de rechtspersoon;  het uitoefenen van de gegeven aandeelhoudersbevoegdheden in het kader van de benoemingen in de bestuursorganen van de rechtspersoon.

6.2

Huidige rolverdeling per portefeuille

Aan het begin van iedere collegeperiode worden de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden per wethouder ten aanzien van de deelnemingen vastgelegd. Het ligt voor de hand dat daar het programakkoord voor wordt gebruikt. Voor de huidige deelnemingen is de verdeling als volgt: Deelneming

Verantwoordelijk

Directie

AEB

Vakwethouder Bedrijven

AEB

Afvalverwerkingsinrichting Gemeente Amsterdam N.V.

Vakwethouder Bedrijven

AEB

Alliander

Wethouder Deelnemingen

DMC

Amsterdam Logistics Group

Vakwethouder Haven

Haven

Amsterdamse Compagnie

Vakwethouder EZ

EZ

Amsterdam Science Park NV

Vakwethouder EZ

EZ

Beurs van Berlage

Wethouder Deelnemingen

DMC

35

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Bank Nederlandse Gemeente (BNG) Bouw en Handelsmaatschappij Hallum

Vakwethouder Financiën

DMC

Vakwethouder Haven

Haven

Carré

Wethouder Deelnemingen

DMC

Cition

Vakwethouder Verkeer & Vervoer /Wethouder Deelnemingen

PRO (i.o.)

Clipper

Vakwethouder EZ

EZ

Exploitatie maatschappij Amerikahaven

Vakwethouder Haven

Haven

GEM Lutkemeer i.o.

Vakwethouder Grondzaken

OGA

Glasvezel

Vakwethouder ICT

DRO

GVB

Wethouder Deelnemingen

DMC

Hafen Duisburg Amsterdam Beteiligungsgesellschaft mbH

Vakwethouder Haven

Haven

Hallum Cruise

Vakwethouder Haven

Haven

Havengebouw

Wethouder Deelnemingen

DMC

Hollandais

Wethouder Deelnemingen

DMC

Keyrail B.V. (= Betuweroute exploitatiemaatschappij BV)

Vakwethouder Haven

Haven

KWH (voorheen KiWa)

Vakwethouder Water

Waternet

Life Science Fund

Vakwethouder EZ

EZ

Nuon Energy

Wethouder Deelnemingen

DMC

ODE

Wethouder Deelnemingen

DMC

Portbase BV

Vakwethouder Haven

Haven

RAI

Vakwethouder EZ

DMC

Reststoffenunie Waterleidingbedrijven B.V.

Vakwethouder Water

Waternet

RON NV

Vakwethouder Haven

Haven

SADC

Vakwethouder Luchthaven

EZ

Scheepsexploitatie Maatschappij Bavo N.V.

Vakwethouder Grondzaken

OGA

Schiphol

Vakwethouder Luchthaven

EZ

Servicehuis parkeer- en verblijfsrechten

Vakwethouder Verkeer & Vervoer

IVV

Stadion Amsterdam Arena*

Wethouder Deelnemingen

DMC

36

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Stadsherstel

Wethouder Deelnemingen

DMC

Startgoed Amsterdam BV

Vakwethouder EZ

EZ

VGA

Wethouder Financien

DMC

Waterkant

Vakwethouder Haven

Haven

Waterlaboratorium

Vakwethouder Water

Waternet

Watertransportmaatschappij RijnKennemerland

Vakwethouder Water

Waternet

Westpoint V.o.F.

Vakwethouder Haven

Haven

Westpoort Warmte

Vakwethouder Bedrijven

AEB

Wigo4It (cooperatie)

Vakwethouder Wek & Inkomen

DWI

WTCW

Vakwethouder EZ

EZ

Zeedijk

Vakbestuurder 1012

1012 Projecten

Tabel 2 Huidige rolverdeling per portefeuille

6.3

Rol van de Gemeenteraad bij oprichting en beheer deelnemingen

De betrokkenheid van de raad bij de oprichting en het beheer van deelnemingen, komt voor uit een aantal wettelijke bevoegdheden, die zijn vastgelegd in de gemeentewet. Het besluiten tot het verrichten privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente is een bevoegdheid van het college. Echter, wanneer de beslissingen ingrijpende gevolgen voor de gemeente kan hebben, of wanneer de beslissing de oprichting van een deelneming behelst, moet de raad eerst in de gelegenheid gesteld haar wensen en bedenkingen aan het college te uiten. Pas daarna kan het college zijn voornemen daadwerkelijk omzetten in een besluit. Belangrijk hierbij is dat de raad over alle relevante informatie moet kunnen beschikken, voordat zij haar wensen en bedenken kan uiten. Daarnaast heeft de raad een budgettaire bevoegdheid: wanneer financiële middelen beschikbaar moeten worden gesteld die nog niet voorzien waren, kan de raad om een besluit gevraagd worden. Dit kan bijvoorbeeld zijn om budget beschikbaar te stellen voor de onderzoeksfase van de oprichting van een deelneming Buiten de bovengenoemde situatie bestaat er een algemene informatieplicht voor het college. Het college informeert de raad actief daar waar de raad die informatie voor de uitoefening van haar taak nodig heeft en passief wanneer de raad daarom verzoekt.

In dat kader wordt de herijking van de deelnemingen, die elke collegeperiode wordt uitgevoerd, aan de raad voorgelegd. En ook bij de jaarrekening is een paragraaf ‘verbonden partijen’ opgenomen, waarin over de deelnemingen wordt gerapporteerd Tenslotte krijgt de raad jaarlijks de rapportage over de MRI’s ter kennisname aangeboden.

37

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Bijlage 1 Overzicht ontwikkelingen deelnemingen 2007 - 2012

Jaar Deelneming/ verzelfstandiging 2007 AEB

Ontwikkeling

Start denkfase AEB met betrekking tot verzelfstandiging tot deelneming. In 2012 is het principe besluit tot verzelfstandiging genomen. Amsterdam Historisch Start denkfase Amsterdams Historisch Museum met Museum betrekking tot verzelfstandiging tot stichting. Op 1 januari 2009 is het Amsterdams Museum verzelfstandigd. Carré Na een onderzoek door Andersson Elffers Felix B.V. en een daaruit voortvloeiende éénmalige subsidie, is Carré in staat het theater subsidieloos te exploiteren Zuidas Start denkfase Zuidas tot naamloze vennootschap; als gevolg van een andere rolverdeling tussen rijk, provincie en gemeente is dit onderzoek in 2009 beëindigd. De Zuidas is nu een dienst van de gemeente. 2008 Amsterdamse In 2008 is, door de uitgifte van nieuwe aandelen, het Compagnie belang van de gemeente in Amsterdamse Compagnie teruggebracht van 50% naar 33%. Het is de verwachting dat Amsterdamse Compagnie ook zonder deelname van de gemeente gecontinueerd kan worden. Tijdens de herijking in 2011 is daarom besloten te onderzoeken of de BV verkocht kan worden.. Beurs van Berlage In 2008 is de Beurs van Berlage door de Gemeente van Stadsdeel Centrum gekocht en in een CV ondergebracht. Direct heeft de gemeente 75% van het bezit verkocht aan drie partijen; die daarbij ook het 25% aandeel van de stad financierden.

Bank Nederlandse In 2008 is een superdividend uitgekeerd aan de Gemeente (BNG) aandeelhouders Hallum Cruise Cruise exploitatie verder toegenomen als gevolg van de uitbreiding van de PTA Keyrail B.V. (= Opgericht voor de exploitatie avn de Betuweroute Betuweroute exploitatiemaatschappij BV)

39

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Stadion Amsterdam Arena* Waterkant Westpoint V.o.F. 2009 Alliander Bouw en Handelsmaatschappij Hallum GEM Lutkemeer i.o.

De Arena is winstgevend geworden. Het stadion wordt steeds meer multifunctioneel geëxploiteerd. Cruise exploitatie verder toegenomen als gevolg van de uitbreiding van de PTA Besluit tot liquidatie. Geliquideerd per 2013 Afgesplitst van Nuon Start denkfase verzelfstandiging Haven. In 2013 is de Haven verzelfstandigd.

GEM Lutkemeer is in oprichting om vanaf 2020 met SADC (Schiphol Area Development Company) het gebied Lutkemeer te ontwikkelen en daarmee de economische ontwikkeling van de regio te bevorderen. Haven Amsterdam NV Start denkfase verzelfstandiging Haven. In 2013 is de Haven verzelfstandigd. Havengebouw In 2009 is Cordaan als nieuwe huurder voor het pand gevonden; dit heeft een positief rendement tot gevolg. Nuon Energy Splitsing en verkoop aan Vattenfall. Ons aandeel van 9% levert ons miljoenen op. SADC Flinke kapitaal injectie en herstart in 2009. Sindsdien gronduitgifte achtergebleven bij verwachting Schiphol Uitkering van een superdivident aan aandeelhouders. Privatisering is tegen gehouden. 2010 Cition In 2008 is het besluit genomen om Stadstoezicht te splitsen: de parkeertaken zijn overgenomen door het in 2010 opgerichte Cition. De toezichtstaken zijn bij Dienst Stadstoezicht achtergebleven. In 2012 is het besluit tot aanbesteding en bezuiniging in de kadernota genomen. GVB GVB, dat in 2007 is verzelfstandigd, krijgt in Concessie Amsterdam is onderhands gegund agv marktconforme kosten & prestaties Portbase BV In 2010 is Portbase opgericht in samenwerking met de Haven Rotterdam. Met behulp van dit systeem kunnen bedrijven hun (verplichte) aangiftes en meldingen met één digitaal loket naar de overheden afhandelen.

Het systeem biedt daarnaast de mogelijkheid voor bedrijven om onderling elektronische gegevens uit te wisselen zodat zij hun logistieke processen kunnen optimaliseren. 2011 Amsterdam Logistics Bij de herijking is besloten om de activiteiten van ALG Group bij haar moeder Hallum onder te brengen en de deelneming te liquideren Clipper Nadat bleek dat het niet mogelijk is om de aandelen in de Clipper te verkopen, is besloten deze aan te houden verder in te zetten voor citymarketing doeleinden Exploitatie De aandelen zijn medio 2012 overgedragen aan de maatschappij andere mede-aandeelhouder Amerikahaven

40

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Hollandais

Realisatie De la Mar-theater. Na verkoop nietcultuurpanden uit de BV, zullen de cultuurpanden aan de gemeente worden overgedragen en de BV geliquideerd. Geliquideerd

Servicebedrijven Groot Amsterdam Holding NV Startgoed Amsterdam Een deel van het aandelenbelang is afgestoten BV 2012 Afvalverwerkings inrichting Gemeente Amsterdam N.V. AT5

Glasvezel

Investeringsmaatschappij Noordzeekanaalgebied Scheepsexploitatie Maatschappij Bavo N.V. Stadsherstel

Westpoort Warmte

2013 Amsterdam Science Park NV - KWH Water BV - Reststoffenunie Waterleiding-bedrijven - Het Waterlaboratorium - NV Watertransport maatschappij RijnKennemerland (WKR)

Sinds 2008 onderzoek naar verzelfstandiging. In 2012 is het principe besluit hiertoe genomen. In 2012 zijn de activiteiten van AT5 overgenomen door het Parool, de AVRO en RTV - Noordholland. De lege BV wordt geliquideerd In 2012 is glasvezel bij 27.000 huishoudens tot in de woning afgemonteerd en er zijn ongeveer 10.000 abonnee's. Doelstelling is om in 2018 heel Amsterdam aangesloten te hebben. Geliquideerd

De landbouwgronden die in eigendom van Bavo zijn, zijn in 2012 getaxeerd om te worden verkocht. Hierna kan de NV worden geliquidieerd Principebesluit tot splitsing in stichting en N.V. als gevolg van nieuwe woningwet. Oplevering gerestaureerde panden Vijzelgracht Aansluiting van 15.200 woningen in 2012 er wordt steeds meer CO2 besparing gerealiseerd; met de huidige plannen wordt in de eindfase 70 kiloton CO2 bespaard. De afgelopen jaren zijn vijf panden in de exploitatiegenomen. In 2013 wordet Matrix VI opgeleverd. Zullen in 2013 afgestoten naar Waternet worden afgestoten

41

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

43

Definitief 13 maart 2013

Gemeente Amsterdam Bestuursdienst

Doelgericht op Afstand II

Bijlage 2 Overzicht relevante regels uit de Nederlandse Corporate Governance Code

45

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9771885/1