Bijlage 2 - 1a - raadsadres ontwerp BPL WP-VP (2020.04.21).pdf
Tekst van het document
w
WIERINGA ADVOCATEN IJdok 17 | 1013 MM Amsterdam Postbus 10100 | 1001 EC Amsterdam t +31 (0)20 624 68 11 f +31 (0)20 627 22 78
Tevens per e-mail aan de raadsleden Tevens aan o.wolfs@amsterdam.nl Tevens aan raadsbox@amsterdam.nl PER FALK KOERIER Aan de raadscommissie Ruimtelijke Ordening Van de gemeente Amsterdam Postbus 202 aooo AE Amsterdam
Onze/Our ref:
Uw/Your ref:
39699 / lt
KvK 34372239 www.wieringa.nl Stichting Beheer Cliëntengelden Wieringa Advocaten ABN AMRO 40.26.83.560 IBAN: NL37 ABNA 0402 6835 60 BIC: ABNANL2A
L.W. Tellegen, advocaat +3120 624 6811 tellegen@wieringa.nl
Amsterdam,
21 april 2020
Inzake: Ontwerpbestemminqsplan Willemspark-Vondelpark 201Q
Geachte raadsleden, De bespreking van het ontwerpbestemmingsplan Willemspark-Vondelpark 2019 is geagendeerd voor de raadsvergadering van 22 april aanstaande. Kortheidshalve verwijs ik naar mijn eerdere brieven van 5 februari (tweemaal) en 9 april 2020 over dit onderwerp. In navolging daarvan bericht ik u als volgt. Belang van correcte en volledige informatievoorziening In mijn brief van 9 april heb ik geconstateerd dat wethouder Van Doorninck de commissieleden onjuist heeft geïnformeerd in haar brief van 24 maart 2020 (bijlage 1) waarin zij de vragen van raadslid Van Renssen over de bouw van kelders in het plangebied beantwoordt. De wethouder schrijft dat op het adres Van Eeghenstraat 104 een parkeerkelder in de tuin in aanbouw is voor drie auto's. De verleende vergunning ziet op een parkeerkelder voor één auto. Dit is toch een wezenlijk verschil. Bovendien is tegelijkertijd de vergroting van het hoofdgebouw op dit adres vergund, in tegenstelling tot wat de wethouder op vraag 8 antwoordt. Ik heb inmiddels een Wobverzoek ingediend om de betekenis van de berichtgeving van het college aan de raad en de achtergrond daarvan te kunnen doorgronden.
De goede ruimtelijke ordening en de grondwaterhuishouding In het ontwerpbestemmingsplan wordt (ten onrechte) vooruitgelopen op het onherroepelijk worden van omgevingsvergunningen voor de aanleg van parkeerkelders op de adressen Van Eeghenstraat 94-96-98 en Van Eeghenstraat 104. De voornoemde omgevingsvergunningen zijn nog niet onherroepelijk; daarover lopen nog steeds bezwaarprocedures. Uit vaste jurisprudentie volgt dat een positieve bestemming alleen mag geschieden conform een vergunde situatie én indien dit niet in strijd zou zijn met een goede ruimtelijke ordening. Dus ondanks dat door stadsdeel Zuid een vergunning is verleend, dient de gemeenteraad een eigen afweging te maken over de ruimtelijke inpasbaarheid van de voornoemde ontwikkelingen bij het vaststellen van een bestemmingsplan.
Elke aansprakelijkheid is beperkt tot het bedrag dat onder onze beroepsaansprakelijkheidsverzekering wordt uitgekeerd. Any llability shall be limited lo the amount which is paid out under our professional liability insurance.
WIERINGA ADVOCATEN - 2-
Ten aanzien van Van Eeghenstraat 94-96-98 heeft Waternet inmiddels in een aanvullende reactie het rapport van Fugro (ingediend door vergunninghouder) als negatief beoordeeld en aangesloten op de conclusie van Loots in zijn rapport (ingediend door bezwaarmakers). Loots concludeert dat er snel sprake kan zijn van (extra) grondwateroverlast en -overlast in de omgeving van de panden 94-96-98. Van een positieve bestemming van een parkeerkelder (zoals onder als naast het hoofdgebouw) op dit adres in het ontwerpbestemmingsplan kan derhalve geen sprake zijn. Voor Van Eeghenstraat 104 geldt dat het advies van Waternet dateert uit januari 2018. Dit advies is gebaseerd op ook een rapport van Fugro, dat materieel wordt tegengesproken door Loots. Op de commissievergadering van 15 april jongstleden is naar voren gekomen dat de beoordeling van Waternet verre is van wat daarvan mag worden verwacht. Raadslid van Renssen geeft in één van haar vragen aan dat Waternet meerdere keren heeft aangegeven ook niet altijd te weten wat de effecten van onderkeldering op het grondwater zijn. Wethouder Van Doorninck heeft daarop geantwoord dat de advisering vanuit Waternet vanaf de zomer van 2019 veel strenger is geworden naar aanleiding van het onderzoek van gemeente Amsterdam en Waternet uit maart 2019.
Dit onderzoek heeft tot effect gehad dat er een duidelijker afwegingskader is en dat Waternet meer onderzoek zelf doet en strengere voorwaarden stelt aan kelderbouw dan voorheen. Dit verklaart het verschil in de adviezen van Waternet voorzomer 2019 en daarna. Nu is het rapport van maart 2019 in het beleid van Waternet opgenomen en wordt dit dan ook bij elke beoordeling van kelders meegenomen. Hiermee staat vast dat de advisering van Waternet over de aanleg van een parkeerkelder op het adres Van Eeghenstraat 104 onvoldoende is om te kunnen stellen dat de goede ruimtelijke ordening geborgd blijft. Deze dateert immers van ruim voor de zomer van 2019. Van een positieve bestemming van een parkeerkelder op dit adres in het ontwerpbestemmingsplan kan derhalve ook geen sprake zijn. Verhouding met beleidsregels stadsdeel Zuid Raadslid Van Renssen heeft aangegeven dat er (in het bestemmingsplan) een bepaling is opgenomen om onderkeldering onder hoofdgebouwen toe te staan. Er zijn echter geen resultaten van de onderzoeken naargrondwatereffecten in het Vondelpark bijgevoegd. Van Renssen vraagt waarom er geen concrete normen opgenomen in het artikel 24a, punt 7, maar alleen wordt verwezen naar Waternet.
Het college geeft hierop aan dat de concrete normen om het effect van de bouw van een kelder op het grondwater te toetsen, in het nader vast te stellen afwegingskader kelderbouw zullen komen te staan. De omwonenden wijzen erop dat stadsdeel Zuid in 2019 nog nieuwe beleidsregels heeft vastgesteld aan de hand waarvan afwijkingen van het bestemmingsplan worden getoetst ten behoeve van een onderkeldering. Daarin is opgenomen dat geen substantiële belemmering voor de stroom van het grondwater mag optreden, volgend uit stedelijke kaders. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen onderkeldering van een hoofdgebouw en de aanleg van kelders in tuinen. Dit terwijl dat laatste een grotere impact heeft op de grondwaterhuishouding vanwege het verlies van waterbergend vermogen. Ter vergelijking: het beleid in stadsdeel West is dat een nieuwe kelder of souterrain alleen mag worden gebouwd op voorwaarde dat de bebouwing (zowel ondergronds als bovengronds) geen onevenredig negatieve geohydrologische gevolgen heeft en dat deze kelders zo mogelijk grondwaterneutraal worden uitgevoerd. Bovendien is op 25 februari 2020 een ongevraagd advies van de fractie van GroenLinks aan het dagelijks bestuur van stadsdeel West 'Bescherming omwonenden bij kelderbouw (aangepaste versie)1 aangenomen.
GroenLinks adviseert het dagelijks bestuur onder meer naar initiatiefnemers/bouwers te communiceren dat de directe
W
WIERINGA ADVOCATEN -
3
-
omwonenden in het bezit zijn van een goede nulmeting (hoogtemeting middels meetbouten naast foto's) alvorens de werkzaamheden worden gestart. Door de voorwaarde dat geen substantiële belemmering voor de stroom van het grondwater mag optreden, waarbij volstrekt onduidelijk is wanneer sprake is van een substantiële belemmering, is stadsdeel Zuid dus al bij voorbaat aan het morrelen aan de waarborgen die de centrale stad beoogt in te stellen. Bovendien zijn er geen handvaten om schade vast te stellen en/ofte beperken. De bewoners van stadsdeel Zuid worden zo aan de wolven overgeleverd. Met vriendelijke groet,
L.W. Tellegen
W
XXX
Gemeente
Bezoekadres Stadhuis, Amstel 1 1011PN Amsterdam
Amsterdam
Postbus 202 1000 AE Amsterdam Telefoon 14020 www.amsterdam.nl Retouradres: Postbus 202, 1000 AE Amsterdam h
Aan de leden van de commissie Ruimtelijke Ordening
e t
Datum Ons kenmerk Behandeld door Bijlagen Onderwerp
24 maart 2020 UIT-20-57130 Jeroen Rozema geen Beantwoording vragen over de bouw van kelders in het plangebied Willemspark - Vondelpark 2019
Geachte leden van de commissie Ruimtelijke Ordening , Op 9 februari 2020 stelde mevrouw Van Renssen een aantal vragen over de bouw van kelders in het plangebied van bestemmingsplan Willemspark Vondelpark 2019. In deze brief beantwoord ik de vragen van mevrouw Van Renssen. Vraag 1 Hoeveel percelen in het plangebied hebben nu als onderdeel van de bestemming de aanduiding gebouwde garage (ga), hoeveel percelen hebben nu een ondergrondse parkeergarage (pg) en hoeveel een parkeerterrein? Antwoord 1 In het nieuwe bestemmingsplan hebben in totaal 104 percelen een parkeeraanduiding: - op 42 percelen ligt de aanduiding 'parkeerterrein' - op 43 percelen ligt de aanduiding 'garage' - op 19 percelen ligt de aanduiding 'parkeergarage' De aanduiding 'parkeergarage' wordt in het nieuwe bestemmingsplan toegepast voor zowel inpandige parkeergarages onder het hoofdgebouw als voor ondergrondse parkeerkelders in de tuin. Op 9 percelen betreft het een parkeergarage onder het hoofdgebouw. Op 9 percelen betreft het een ondergrondse parkeerkelder in de tuin. Op 1 perceel (Van Eeghenstraat 94-98) betreft het een ondergrondse parkeergarage die zowel onder het hoofdgebouw als onder de tuin is gelegen.
In het huidige bestemmingsplan hebben in totaal 104 percelen een parkeeraanduiding: - op 49 percelen ligt de aanduiding 'parkeren in de tuinen' - op 52 percelen ligt de aanduiding 'gebouwde parkeervoorziening in de tuin'
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterlooplein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl
- op 3 percelen ligt de aanduiding 'gebouwde parkeervoorziening' Vijf bestaande parkeergarages onder het hoofdgebouw hebben in het huidige bestemmingsplan geen aanduiding 'gebouwde parkeervoorziening' gekregen. Indien deze parkeergarages wel een aanduiding zouden hebben, dan zouden in totaal 109 percelen In het huidige bestemmingsplan een parkeeraanduiding hebben gehad. Vraag 2 Zijn al deze parkeergarages, garages en parkeerterreinen al gerealiseerd, welke zijn nog niet gerealiseerd en welke zijn in aanbouw? Antwoord 2 Alle parkeerterreinen (in het huidig bestemmingsplan 'parkeren in de tuinen') en garageboxen (in het huidige bestemmingsplan 'gebouwde parkeervoorziening in de tuin') zijn bestaand. Sinds de inwerkingtreding van het bestemmingsplan Willemspark - Van Eeghenstraat 2002 is er namelijk geen medewerking meer verleend aan de realisatie van nieuwe parkeerterreinen en garageboxen. De volgende parkeergarages zijn vergund, maar nog niet gerealiseerd: - Koninginneweg 28-32: parkeergarage voor negen auto's onder een bestaand gebouw; - Koninginneweg 6: parkeerkelder voor één auto in de tuin; - Koningslaan 48; parkeerkelder voor drie auto's in de tuin; - Prins Hendriklaan 15: parkeerkelder voor twee auto's in de tuin; - Van Eeghenstraat 94-98: parkeergarage voor 27 auto's onder een bestaand gebouw én de tuin.
De volgende garages zijn in aanbouw: - Van Eeghenstraat 104: parkeerkelder voor drie auto's in de tuin Vraag 3 Geldt voor al deze parkeergarages, garages en parkeerterreinen dat deze ook positief bestemd waren onder het bestemmingsplan Wiilemspark-Van Eeghenstraat 2002? En hoeveel zijn toegevoegd? Antwoord 3 Alle garageboxen en parkeerterreinen waren al positief bestemd in het bestemmingsplan Wiilemspark-Van Eeghenstraat 2002. Er zijn geen nieuwe garageboxen en parkeerterreinen toegevoegd in het nieuwe bestemmingsplan. Wel zijn er in totaal 10 parkeergarages toegevoegd ter vervanging van bestaande garages en parkeerterreinen. Sinds de vaststelling van het huidige bestemmingsplan in 2002 zijn echter op 16 percelen de bestaande parkeervoorzieningen komen te vervallen (7
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterlooplein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl
parkeerterreinen en 9 garageboxen). Op 10 percelen zijn de parkeervoorzieningen vervangen door een ondergrondse parkeerkelder in de tuin (waaronder Van Eeghenstraat 94-98 waarbij de parkeergarage dus onder zowel het hoofdgebouw als onder de tuin ligt). Op 6 percelen zijn de bestaande parkeervoorzieningen verwijderd, maar niet vervangen door een ondergrondse parkeerkelder in de tuin. Vraag 4 Welke van deze parkeergarages zijn vergund na mei 2018? Antwoord 4 De volgende parkeergarages zijn vergund na 1 mei 2018: - Koninginneweg 28-32, vergund op 31 juli 2018; - Van Eeghenstraat 104, vergund op 3 juli 2019; - Van Eeghenstraat 94-98, vergund op 11 juli 2019; - Koningslaan 48, vergund op 25 september 2019. Vraag 5 Op welke manier is de doorstroming van het grondwater en het tegengaan van wateroverlast en het voorkomen van schade bij naastgelegen percelen geborgd bij de aanleg van de reeds bestaande ondergrondse parkeerkelders? U heeft deze vraag op 14 februari nader toegelicht. De vraag valt eigenlijk uiteen in twee vragen.
Vraag 5A: Op welke manier is de doorstroming van het grondwater en het tegengaan van wateroverlast en het voorkomen van schade bij naastgelegen percelen geborgd voor de parkeerkelders die nu positief zi in bestemd in het bestemmingsplan? Vraag 5B: Op welke manier is de doorstroming van het grondwater en het tegengaan van wateroverlast en het voorkomen van schade bij naastgelegen percelen geborgd bij de aanleg van de reeds vergunde ondergrondse parkeerkelders? Met andere woorden: welke vergunningvoorschriften zijn opgenomen in de omgevingsvergunning? Antwoord SA Vooralle parkeerkelders die in het bestemmingsplan positief zijn bestemd is een omgevingsvergunning verleend. Het doorstromen van grondwater, het tegengaan van wateroverlast en het voorkomen van schade bij naastgelegen panden is geborgd door hierover voorwaarden te stellen in de omgevingsvergunning. Deze voorwaarden worden toegelicht bij de beantwoording van vraag 5B. Antwoord 5B
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterlooplein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl
Bij een aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van een kelder moet altijd een geohydrologisch rapport worden bijgevoegd. In het geohydrologisch rapport moet worden aangetoond dat de te bouwen kelder grondwaterneutraal wordt gebouwd. Alle in dit verband noodzakelijke maatregelen dienen daarin te worden beschreven en te worden verwerkt in het bouwplan. Waternet toetst het geohydrologisch rapport op juistheid en volledigheid en schrijft - indien nodig voor welke voorschriften in de omgevingsvergunning moeten worden opgenomen ter voorkoming van grondwaterproblemen. Daarnaast kunnen er in de omgevingsvergunning ook voorschriften worden opgenomen die zijn gericht op het voorkomen van schade aan naastgelegen panden.
Voorbeelden van maatregelen in het bouwplan ter voorkoming van grondwaterproblemen; •
•
Aanbrengen van een laag goed doorlatend zand (circa 50 cm) onder de kelderbak. Dit voorkomt mogelijke opstuwing of verlaging van de grondwaterstand. Aan weerszijden vrijhouden van een ruimte van 50 cm tot de woning scheidende muur. Hierdoor kan het grondwater tussen de kelders door blijven stromen. Deze voorwaarde kan worden gesteld bij rijwoningen of in gesloten bouwblokken. In een buurt met vrijstaande gebouwen (zoals het Willemspark) zal het echter niet nodig zijn om deze voorwaarde te stellen, omdat het grondwater via de zijtuinen tussen de panden kan doorstromen.
Voorbeelden van voorschriften die in de vergunning worden opgenomen ter voorkoming van schade aan naastgelegen panden en grondwaterproblemen: • • • •
Verplichting om funderingspalen met een trilling arme methode aan te brengen (d.w.z. een verbod op heien). Aanbrengen van minimaal twee peilbuizen nabij de bouwputten behoeve van de controle van de grondwaterstand in de directe omgeving. Meten van de grondwaterstand in de directe omgeving t.o.v. NAP voordat de bemaling van de bouwput start (nulmeting). Tijdens bemaling van de bouwput minimaal twee keer per week de grondwaterstand in de directe omgeving t.o.v. NAP meten. Als de grondwaterstand daalt tot een onaanvaardbaar peil, dan moeten er maatregelingen worden getroffen, bijvoorbeeld retourbemaling, om droogstand en invloed op de omgeving te voorkomen.
De gemeente adviseert de vergunninghouder ook altijd om een bouwexploit op te stellen Een bouwexploit houdt in dat de aannemer voorafgaand aan de bouw de bouwkundige staat van de huurpanden inclusief foto's en omschrijvingen in een schriftelijk verslag vastlegt. Hierdoor kan in het geval van schade eenvoudig worden vastgesteld of deze is ontstaan tijdens de bouwwerkzaamheden. Mocht er schade aan naastgelegen panden ontstaan, dan zijn de aannemer en/of de opdrachtgever aansprakelijk. Een aannemer is overigens verzekerd voor de schade die hij veroorzaakt aan naastgelegen panden.
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterlooplein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl
De wet biedt helaas niet de mogelijkheid om het opstellen van een bouwexploit als verplichting in de vergunning op te nemen. Daarom wordt dit als een advies in de vergunning opgenomen. Vraag 6 Hoe is geborgd dat na het aanleggen van een ondergrondse parkeergarage de tuin groen wordt ingericht en er niet meer wordt gebruikt voor parkeren boven het maaiveld? Antwoord 6 Het verwijderen van de bovengrondse parkeervoorziening is een voorwaarde om de ondergrondse parkeergarage te mogen aanleggen. Nadat de vergunning onherroepelijk is, wordt de aanduiding 'parkeerterrein' of 'garage' via een wijzigingsplan uit de Verbeelding gehaald. Op die manier wordt voorkomen dat een eigenaar de verwijderde bovengrondse parkeervoorziening na oplevering van de ondergrondse parkeerkelder weer opnieuw realiseert. Vraag 7 Geldt voor al deze parkeergarages dat er geen bouwwerken bovenop zijn gerealiseerd? Antwoord 7 Indien deze parkeergarages in de tuin zijn gesitueerd, dan is er nergens een bouwwerk bovenop de garage gebouwd. Vraag 8 In hoeveel gevallen is een omgevingsvergunning voor een ondergrondse parkeergarage verleend in combinatie met de uitbreiding van het gebouw? Antwoord 8 Dit is alleen het geval bij het bouwplan voor de Van Eeghenstraat 94-98.
In alle andere gevallen is er alleen een vergunning verleend voor de bouw van een parkeerkelder onder het hoofdgebouw of onder de tuin, zonder dat daarbij het hoofdgebouw wordt vergroot. Vraag 9 Verder had ik nog geen antwoord op mijn mondelinge gestelde vraag: Gesteld is dat stedenbouwkundig het niet nodig is bijgebouwen te beperken, dus dat tot 4 meter uitgebouwd kan worden. Hoe verhoudt zich dit tot de stelling dat het nodig is om parkeerplaatsen van het maaiveld af te handelen om groene inrichting in tuinen mogelijk te maken? Antwoord 9 De meeste tuinen in het Willemspark zijn vrij diep. Indien er een aan- of uitbouw van 4 meter diep wordt gebouwd, dan blijft er voldoende groen in het achtererf
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterloopiein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl
gehandhaafd. Er zijn echter diverse tuinen die grotendeels of geheel zijn ingericht als parkeerterrein. In deze tuinen is weinig tot geen groen meer aanwezig. Indien deze parkeerterreinen komen te vervallen, dan neemt de hoeveelheid groen in de tuin significant toe.
Met vriendelijke groet,
Marieke van Doorninck Wethouder Ruimtelijke Ontwikkeling en Duurzaamheid
Het Stadhuis is bereikbaar met de metro of met tramlijn 7 en 14, halte Waterlooplein. Een routebeschrijving vindt u op www.amsterdam.nl