CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 18e VGR 2024.pdf

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 7 mei 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Voortgang van de ondersteuning aan gedupeerden van het kinderopvangtoeslagschandaal (VN2025-004627)17.485 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

22

Ouders geven aan dat ze verschillen ervaren in de aanpak en dienstverlening. Zij geven aan behoefte te hebben aan duidelijkheid over de opbouw en looptijd van de brede ondersteuning. Gemeenten signaleren dat o.a. de lange duur van de afhandeling van het financieel herstelproces bij hen leidt tot veel, terugkerende en complexe hulpvragen en kampen met capaciteitsproblemen. Verder merken gemeenten op dat zij niet toekomen aan de echte hulpvraag van ouders en kinderen, doordat het gesprek vaak gaat over materiële verstrekkingen. Daardoor krijgen niet alle ouders, hun kinderen en andere getroffenen tijdig de hulp die ze zoeken. Om de brede ondersteuning effectiever, duidelijker en toekomstbestendig te maken, is op 11 september jl. een Nota van Wijziging bij het wetsvoorstel Wet aanpassing termijnen en nabestaandenregeling hersteloperatie toeslagen aan de Kamer aangeboden.6 Die bevat ook een duidelijker kader van de brede ondersteuning. Voorgesteld wordt om binnen acht weken na het eerste gesprek met de rechthebbende een plan van aanpak op te stellen. Op die manier blijft de individuele situatie en specifieke ondersteuningsbehoefte van ouders en jongeren leidend voor inzet van de hulp. De brede ondersteuning richt zich op de vijf leefgebieden, waarbij ook materiële ondersteuning (zoals een laptop of een fiets) mogelijk is om bij te dragen aan een nieuwe start.

Deze materiële voorzieningen kunnen tot uiterlijk zes maanden na het eerste gesprek worden toegekend, indien ze noodzakelijk zijn om een nieuwe start te kunnen maken. Verder wordt verduidelijkt dat de brede ondersteuning eindigt nadat een nieuwe start is geboden, maar in ieder geval uiterlijk twee jaar na het eerste gesprek. Dit geeft gemeenten meer ruimte om de benodigde voorzieningen in te zetten of de rechthebbende warm over te dragen richting de reguliere dienstverlening van gemeenten. Deze aanpassingen hebben geen budgettaire gevolgen, maar gaan naar verwachting leiden tot een verbeterde uitvoering door gemeenten. Dit najaar wordt in de Tweede Kamer het wetsvoorstel Wet aanpassing termijnen en nabestaandenregeling hersteloperatie toeslagen behandeld waarin de introductie van termijnen bij het bieden van de brede ondersteuning zijn opgenomen. Momenteel worden de declaraties over 2023 van de gemeenten verwerkt, waarbij uit een eerste beeld blijkt dat de gemeenten goed op stoom zijn bij het verlenen van brede ondersteuning aan ouders. De uitgaven die zij in 2023 voor de brede ondersteuning hebben uitgegeven is naar verwachting een verdubbeling van de uitgaven die gemeenten in 2022 hebben uitgegeven. Driegesprekken Een driegesprek is een gesprek tussen een gedupeerde ouder, de gemeente en UHT.

Deze gesprekken kunnen namelijk bijdragen aan het emotioneel herstel en aan de afstemming tussen het financieel herstel en de brede ondersteuning die een ouder krijgt. Het is belangrijk dat een gedupeerde ouder de mogelijkheid krijgt voor een driegesprek als daar behoefte aan is. Daarom zijn eerder dit jaar maatregelen getroffen om te zorgen dat het aanbieden en organiseren van deze gesprekken beter loopt, zoals dat een gemeente kan doorgeven dat een ouder een driegesprek wil. De belangstelling voor driegesprekken is veel lager dan oorspronkelijk werd ingeschat. Omdat individuele ouders baat kunnen hebben bij een driegesprek, zowel voor hun herstel als voor connectie tussen de brede ondersteuning en financieel herstel, blijft UHT deze tijdens de integrale beoordeling aan gedupeerde ouders aanbieden.

2.3.

Intensieve hulp

Aanvullend op de brede ondersteuning die gemeenten bieden helpt het Instituut voor Publieke Waarden (IPW) ernstig gedupeerde ouders met multi-problematiek, die behoefte hebben aan maatwerkoplossingen. Er zijn tot op heden 1.267 gedupeerde ouders aangemeld bij IPW. Voor ongeveer 1.000 van hen is een doorbraakplan gemaakt en gerealiseerd. Aanmeldingen bij IPW zijn

6

Kamerstukken II, 2023-2024, 36577, nr. 9

23

afkomstig van gemeenten, het ondersteuningsteam ouders in het buitenlang (OTB), lotgenotennetwerken en ouders zelf. Door intensivering van de samenwerking met enkele grote gemeenten komt het ook voor dat IPW medewerkers van gemeenten ondersteunt. De meeste inhoudelijke vragen aan IPW hebben ook in de periode van mei tot augustus 2024 betrekking op financiële gezondheid en huisvesting en in het verlengde daarvan mentale gezondheid en welzijn van ouders en kinderen. Daarnaast neemt het aantal vragen toe van ouders die aangeven dat de brede ondersteuning tot dan toe niet voldoet aan de verwachtingen, waardoor de relatie tussen gemeente en ouder over en weer verstoord is of dreigt te raken. Samen met ouders en hun gemeente beoordeelt IPW wat al gedaan is, wat nog nodig is en of dat binnen de reikwijdte van brede ondersteuning past. Waar nodig wordt gekeken welke hulpvragen beter op een andere manier kunnen worden opgepakt, bijvoorbeeld met reguliere hulp en ondersteuning. In bijna alle gevallen wordt door IPW een haalbare oplossing gevonden voor de meest dringende problematiek en blijven positieve relaties tussen ouders en lokale professionals in stand. In een beperkt aantal gevallen is er sprake van complexe multi-problematiek die niet altijd gerelateerd is aan de kinderopvangtoeslag.

Bij deze situaties is overdracht aan het regulier sociaal domein de meest voor de hand liggende route.

2.4.

Maatschappelijk herstel

Niet alleen voor gedupeerden, kinderen en jongeren heeft de toeslagenaffaire impact gehad. Ook niet-gedupeerde burgers hebben gezien en gehoord wat de overheid heeft gedaan en welke consequenties dat handelen heeft gehad voor mensen en in de maatschappij. Voor gedupeerde ouders én voor alle Nederlandse burgers is het publiekelijk bespreken van het aangedane leed, de principes of patronen die daartoe hebben geleid en de lessen die we hebben geleerd essentieel. Co-creatie maatschappelijk herstel In het afgelopen jaar zijn er acht co-creatiesessies georganiseerd met een diversiteit aan deelnemers door het hele land. In de verschillende sessies is met gedupeerde ouders en andere burgers verder ingegaan over wat er in de maatschappij als geheel beschadigd is door het ongekende onrecht. Daarnaast is gesproken over mogelijke ideeën die kunnen bijdragen aan ‘maatschappelijk herstel’. Alle bijeenkomsten zijn bijgewoond door verschillende Rijks- en gemeenteambtenaren. Het doel voor de co-creatie sessies was tweeledig: 1. Stimuleren van dialoog tussen gedupeerde ouders, overige burgers, rijks- en gemeenteambtenaren over maatschappelijk herstel. 2. Gezamenlijk formuleren van ideeën voor maatschappelijk herstel op basis van behoeftes die eerder zijn aangegeven. De bijeenkomsten waren succesvol. De dialoog tussen gedupeerde ouders, overige burgers en ambtenaren was open en respectvol.

Uit de reacties van de deelnemers is duidelijk geworden dat dialoog kan bijdragen aan wederzijds begrip en vertrouwen. Of zoals een van de deelnemende gedupeerde ouders het verwoordde: “In zo’n bijeenkomst zie je mensen die je in de ogen kan kijken. Dan is het mens tot mens. Je ontmoet elkaar. En dan verandert er iets.”. Op korte termijn worden schrijfsessies georganiseerd om de ideeën die geopperd zijn in de cocreatiesessies samen met ouders verder uit te werken. Het gaat dan onder andere om ideeën op het gebied van onderwijs, kunst en (culturele) zingeving. Vanzelfsprekend is dat ouders de regie hebben over de uiteindelijke activiteiten die in dit kader worden georganiseerd. In de bijlage bij deze voortgangsrapportage is het eindverslag van de co-creatie te vinden. Raamwerk maatschappelijk herstel Het afgelopen jaar is ook ingezet op het ontwikkelen van een wetenschappelijke visie op erkenning en herstel. In samenwerking met de Universiteit voor Humanistiek is een raamwerk ontwikkeld,

24

waarin de wetenschappelijke kennis en casusoverstijgende inzichten bij elkaar zijn gebracht om geleerde lessen te formuleren voor deze brede visie op herstel. Het raamwerk is aangevuld met specifieke kennis vanuit de organisaties die zich bezighouden met de hersteloperatie zelf en is gevalideerd door gedupeerde ouders. De eindconclusie is dat maatschappelijk herstel geen uitkomst is, maar een leerproces van alle maatschappelijke actoren. Het vraagt naast woorden ook om zichtbare handelingen, transformatie van relaties en veranderend gedrag van overheid en samenleving. Het raamwerk is daarom aangeboden aan de organisaties die een rol spelen in het herstelproces, maar het is ook breder toe te passen op andere hersteloperaties. In de bijlage bij deze voortgangsrapportage is het raamwerk maatschappelijk herstel te vinden.

2.5.

Ouders in het buitenland

Per 31 augustus zijn er bij het Ondersteuningsteam voor ouders in het buitenland (OTB) 1.085 gezinnen aangemeld uit 40 verschillende landen, waarvan inmiddels voor 262 gezinnen het traject is afgesloten. De komende tijd komt er meer focus te liggen op het afronden van ondersteuningstrajecten. Tot nu toe zijn er 210 terugkeertrajecten opgestart waarvan inmiddels 111 ouders/gezinnen teruggekeerden naar Nederland. Het aantal ouders met een terugkeerwens groeit. Ondanks dan het steeds lastiger wordt om een sociale huurwoning te vinden en er bij het verkrijgen van urgentie voor een woning een lange wachttijd is, lukt het in overleg met gemeenten nog steeds om trajecten doorgang te laten vinden. Met een aantal woningcorporaties en gemeenten zijn afspraken gemaakt over het ‘teruggeven’ van eerder opgebouwde woonduur of inschrijfjaren. Daarmee is het voor mensen die eerder in een corporatiewoning woonden mogelijk om zelf op woningen in te schrijven die passen bij de wensen van het gezin, waarmee zij een duurzame nieuwe stap kunnen maken. Voor gezinnen die beschikken over huisvesting in Nederland en die terugkeren, worden de reis en de verhuizing via OTB aangevraagd en betaald. Er is voor 59 gezinnen een terugreis georganiseerd en 48 keer heeft er een boedelverhuizing plaatsgevonden. Ouders die hiervan gebruik maakten zijn zeer tevreden met deze ondersteuning.

Tevens is er een evaluatie gedaan van terugkeertrajecten waarbij ouders, de ontvangende gemeenten en de casemanagers van OTB zijn betrokken. Ook hierover zijn ouders over het algemeen tevreden. Aandachtspunten van gemeenten zoals aandacht voor een duurzaam inkomen, woningkrapte en aandacht voor de overdacht tussen OTB en gemeenten zijn meegenomen om het proces verder te verbeteren. De grootste knelpunten ontstaan wanneer ouders besluiten op eigen initiatief terug te keren en onaangekondigd aankloppen bij de gemeente. Vanwege het tekort aan woningen en de tijd die nodig is om bepaalde voorzieningen op te starten zorgt dit voor complexe situaties. Het OTB benadrukt richting ouders dat gemeenten en OTB in die gevallen niet goed in staat zijn zaken op korte termijn te regelen. In het wetsvoorstel Wet aanpassing termijnen en nabestaanderegeling hersteloperatie toeslagen dat voor de zomer bij de Tweede Kamer is ingediend, is opgenomen dat de peildatum (eerder 7 juli 2020) wordt aangepast naar 31 december 2021. UHT leidt, zoals eerder aangekondigd7, sinds eind 2023 al ouders naar het OTB die na het verschuiven van de nieuwe peildatum voor ondersteuning in aanmerking komen. Komend half jaar wordt nog een forse nieuwe instroom van ouders bij het OTB verwacht. Ook is er een lichte toename van kinderen te zien voor wie het nodig is een eigenstandig plan van aanpak op te stellen.

Het OTB anticipeert hierop door de capaciteit uit te bereiden.

7

Kamerstukken II, 2023–2024, 31 066, nr. 1319.

25

3.

Aanvullende regelingen

Vanuit de gedachte dat de toeslagenaffaire niet alleen de aanvrager van kinderopvangtoeslag raakt, maar het hele gezin erom heen ook, zijn er regelingen getroffen voor kinderen, extoeslagpartners en nabestaanden. Daarnaast is een regeling opgezet voor mensen die in het verleden zijn benadeeld bij de huur- en zorgtoeslag en het kindgebonden budget (HZK).

3.1.

Kindregeling

De kindregeling is een regeling bedoeld als steun in de rug voor kinderen en jongeren van een gedupeerde ouder. Ook zij hebben vaak moeilijke dingen meegemaakt als gevolg van het onrecht dat hun ouder(s) is aangedaan. De kindregeling bestaat uit een geldbedrag, waarvan de hoogte afhankelijk is van de leeftijd van het kind en maximaal € 10.000 bedraagt. Aanvullend wordt brede ondersteuning aan kinderen en jongeren geboden door de gemeente waarin zij wonen. Van de op 31 augustus bij UHT bekende 106.271 kinderen (zowel ambsthalve bekend als zelfmelders) hebben er 96.666 een beschikking ontvangen. Aan 93.561 van hen is ook al een tegemoetkoming betaald. Van de ambtshalve bij UHT bekende kinderen hebben er 93.332 een tegemoetkoming ontvangen. Van de zelfmelders hebben er 229 een betaling ontvangen. De groep kinderen en jongeren binnen de kindregeling blijft nog langzaam groeien, omdat kinderen van ouders die recentelijk zijn erkend als gedupeerde als gevolg hiervan ook recht hebben op de kindregeling. Er is een groep die extra aandacht vereist, te weten minderjarige kinderen waarvan onduidelijk is wie op het moment gezag over hen heeft. Daarover is er contact met Veilig Thuis, Jeugdzorg Nederland en rechtbanken. Ook is er contact met de Raad voor de Rechtspraak.

Naar verwachting vindt op korte termijn een uitwisseling van gegevens plaats met de Raad voor de Rechtspraak om voor de kinderen waarbij dit speelt te kunnen beschikken en uitbetalen. Ook bij kinderen die in het buitenland wonen of woonden is het gezag moeilijk vast te stellen. UHT is hierover in contact met het Ondersteuningsteam Buitenland (OTB). De totale groep waarbij het gezagsvraagstuk speelt betreft ongeveer 2.400 kinderen, waarvan er ongeveer 1.400 zijn afgerond. De kindregeling voeren we ambtshalve uit en kent ook een mogelijkheid tot zelfmelden, bijvoorbeeld voor pleegkinderen en kinderen van overleden ouders die niet bij UHT in beeld zijn. Van de 8.928 kinderen die zichzelf meldden bij UHT ontving 80% (7.181) inmiddels een beschikking. Het uitgangspunt is de kindregeling zoveel mogelijk af te ronden in 2025. In 2026 volgen vervolgens de laatste beschikkingen, als gevolg van de instroom van ouders die later zijn erkend als gedupeerde en het feit dat kinderen daardoor ook recht hebben op de kindregeling.

3.2.

Ex-toeslagpartners

Ook ex-toeslagpartners kunnen hulp en geld krijgen als zij gedupeerd zijn door de fouten bij de kinderopvangtoeslag. Zij worden gecompenseerd met een forfaitair bedrag van € 10.000. Ook kunnen zij een beroep doen op brede ondersteuning van de gemeente waarin zij wonen, een schaderegeling voor vergoeding van eventuele aanvullende schade krijgen en komen zij in aanmerking voor schuldenaanpak. Sinds september 2023 stuurde UHT 2.555 ex-toeslagpartners een uitnodiging met informatie over de regeling en het verzoek zich aan te melden. Tot en met augustus 2024 ontving UHT 1.841 aanmeldingen, waarvan 1.529 zijn beschikt en op de peildatum 1.373 zijn betaald.

26

Naast de mensen die een uitnodiging ontvingen hebben 532 mensen zichzelf gemeld bij UHT. UHT behandelt eerst de groep ex-toeslagpartners die al bij hen in beeld is. De zelfmelders neemt UHT in behandeling op het moment dat UHT beschikt over voldoende capaciteit. Daarnaast moet voor het inrichten van een zelfmeldersloket eerst een koninklijk besluit worden vastgesteld dat het briefvereiste laat vervallen. In totaal dienden 15 ex-toeslagpartners bezwaar in tegen de beschikking en geeft 69% van de aangemelde ex-toeslagpartners aan ook een beroep te willen doen op aanvullende schade. Daarnaast geeft 40% van de aangemelde ex-partners aan hulp te willen bij schulden. Op dit moment kijken we verder onder welke voorwaarden en op welke termijn de aanvullende schaderoutes voor ex-toeslagpartners beschikbaar kunnen komen.

3.3.

Nabestaandenregeling

De nabestaandenregeling bestaat uit twee onderdelen, namelijk de regeling voor nabestaanden van overleden gedupeerde ouders en de nabestaanden van overleden kinderen van gedupeerde ouders. Op 22 april 2024 startte de uitvoering van de regeling voor nabestaanden van overleden kinderen van gedupeerde ouders. Begunstigden van de nabestaandenregeling voor overleden kinderen krijgen een erkenningsbrief en een bedrag dat gelijk is aan de tegemoetkoming binnen de kindregeling. Via een contactkaart informeerden we de bij UHT bekende nabestaanden. Vervolgens heeft UHT telefonisch contact met hen gezocht. UHT voert de regeling wordt uit met een apart team dat bijzondere aandacht heeft voor de nabestaanden en de behoeften die zij hebben. Inmiddels zijn de eerste beschikkingen verzonden. Over de regeling voor nabestaanden van gedupeerde ouders informeerden we de Kamer eerder dat een aanpassing van de wet nodig is om de regeling te kunnen uitvoeren.8 Op 11 september jl. is een Nota van Wijziging bij het wetsvoorstel Wet aanpassing termijnen en nabestaandenregeling hersteloperatie toeslagen aan de Kamer aangeboden.9 De voorbereiding op de uitvoering van de regeling loopt, zodat direct na inwerkingtreding ervan met de uitvoering kan worden gestart.

3.4.

Huur en zorgtoeslag en kindgebonden budget (HZK)

De uitvoering van de regeling voor mensen die in het verleden zijn benadeeld bij de huur- en zorgtoeslag en het kindgebonden budget (HZK) is in voorbereiding. De HZK-regeling gaat in het eerste kwartaal van 2025 van start. Hiervoor worden momenteel de benodigde processen, werkinstructies en IV-voorzieningen gerealiseerd en wordt invulling gegeven aan de inrichting van de uitvoeringsorganisatie en bemensing.

8 9

Kamerstukken II 2023-24, 36352, nr. 28. Kamerstukken II 2023/24, 36577, nr. 9.

27

4.

Schuldenaanpak

Gedupeerde ouders krijgen kwijtschelding van publieke schulden van henzelf en hun toeslagpartner en hulp bij de aanpak van betalingsachterstanden op private schulden. Het doel van de schuldenaanpak is dat ouders een nieuwe start kunnen maken. Bij circa 96% van de publieke schulden van gedupeerde ouders en (ex)toeslagpartners die in aanmerking komen, heeft de kwijtschelding reeds plaatsgevonden, voor een totaalbedrag van 921 miljoen euro. Circa 94% van de ingediende private schulden zijn behandeld. In totaal is voor 1.105 miljoen euro aan (achterstand op) schulden opgelost. 4.1.

Publieke schulden

Op het moment dat iemand zich aanmeldt als mogelijk gedupeerde ouder, dan pauzeren de publieke schuldeisers de publieke schulden die zijn ontstaan vóór 1 januari 2021. Wanneer vaststaat dat iemand gedupeerde ouder, toeslagpartner of ex-toeslagpartner is, schelden we schulden bij deze publieke organisaties die zijn ontstaan vóór 1 januari 2021 kwijt – uitgezonderd strafrechtelijke schulden. Ouders hoeven hiervoor niets te doen, de uitvoering vindt plaats door de betrokken organisaties. De kwijtscheldingen verlopen volgens planning. Bij circa 96% van de publieke schulden van gedupeerde ouders en (ex)toeslagpartners die in aanmerking komen, heeft de kwijtschelding reeds plaatsgevonden. In totaal is tot en met peildatum 31 augustus 2024 circa 921 miljoen aan publieke schulden kwijtgescholden. Het onderstaande overzicht geeft de actuele stand van zaken weer.

Tabel Stand van zaken publieke schulden (peildatum 31 augustus 2024) Aantal ouders en Waarvan Waarvan (ex)toeslagpartners gedupeerd met kwijtgescholden2 met gepauzeerde publieke Organisatie schulden1 schulden 30 april 31 aug 30 april 31 aug 30 april 31 aug 2024 2024 2024 2024 2024 2024 BD&T 97.3783 95.704 51.470 55.969 50.215 54.247 LBIO 2374 216 135 145 147 161 SVB 2.231 2.398 1.140 1.268 450 523 CAK 24.961 23.729 15.789 17.101 15.333 16.753 CJIB 56.698 57.696 31.179 33.485 28.4995 29.971 DUO 22.315 22.659 13.522 14.043 12.550 13.510 UWV 7.829 8.160 4.610 5.032 4.598 4.9446

Kwijtgescholden bedrag

30 april 31 aug 2024 2024 €354,8 mln. €463,1 mln. €145.000 €158.000 € 805.974 € 887.825 € 32,7 mln. € 36,2 mln. € 9,9 mln. € 10,2 mln. €369,1 mln. €398,6 mln. € 11,3 mln. € 11,7 mln.

Toelichting: 1: Sommige (afgeronde) cijfers zijn bij benadering. De aantallen hebben betrekking op de kwijtschelding van publieke schulden door gedupeerde ouders en hun toeslagpartner. Vanaf januari 2024 zijn ook de extoeslagpartners meegenomen in deze cijfers. 2: De ouders in deze kolom hadden schulden die volledig kwijtgescholden konden worden. Voor sommige ouders worden de schulden niet volledig kwijtgescholden. Bijvoorbeeld wanneer er om schulden zijn die zijn ontstaan door misbruik of fraude, of schulden van na de peildatum van 31-12-2020. Deze cijfers zijn niet meegenomen in de aantallen. 3: Dit is hoger dan het aantal aangemelde ouders omdat toeslagpartners hierin cijfers mee worden genomen. 4:Bij LBIO worden uitsluitend lopende zaken van het moment bijgehouden, die betrekking hebben op kwijtschelding. Het kan dat in een gepauzeerde zaak afbetaling heeft plaatsgevonden en geen kwijtschelding. Deze vervalt dan in de registratie en zijn niet meegenomen in de cijfers. 5: Per abuis was in de vorige VGR voor de periode 30-04-2024 niet het correcte cijfer opgenomen voor de kwijtgescholden schulden (het aantal op die peildatum is 28.499 ipv 30.540). Ten onrechte waren de cijfers voor de overige bestuursorganen meegenomen waarvoor het CJIB de verwerking doet.

6: 2.305 van de 4.944 vallen onder het zogeheten moratorium en vallen dientengevolge buiten de kwijtschelding aangezien de terugvordering betrekking heeft op schulden die betrekking hebben op perioden vanaf 1-1-2021.

28

Opstart invorderingsproces na UHT door Dienst Toeslagen en de Belastingdienst Wanneer de integrale beoordeling is afgerond of als ouders daar zelf van hebben afgezien, starten Dienst Toeslagen en de Belastingdienst de invordering van openstaande vorderingen weer op. De pauzering van invorderingen, die inging bij de aanmelding bij UHT, stopt daarmee. In 2024 verzonden we meerdere batches van circa 1.000 brieven naar ouders zonder vorderingen of met vorderingen bij Dienst Toeslagen. In het najaar start de eerst batch brieven naar ouders met vorderingen bij de Belastingdienst of beide organisaties. Voor 2025 is een opschaling van de planning uitgewerkt, door batches te vergroten naar 12.500 ouders. In de brief van 11 juni jl. bent u geïnformeerd over ouders met onverschuldigde betalingen.10. Hoewel gedupeerde ouders bij aanmelding bij UHT een pauzering van betaling van vorderingen kregen, ging meer dan de helft van deze ouders (ca. 31.000) toch over tot betaling van vorderingen die mogelijk in aanmerking komen voor kwijtschelding. Het is nu technisch mogelijk om deze onverschuldigde betalingen geautomatiseerd te restitueren. De restitutie zal voor het merendeel van de particulieren en ondernemers begin november 2024 afgerond zijn.

Het streven is dat voor het einde van 2024 ook gedupeerde ouders voor wie de geautomatiseerde restitutie niet mogelijk is, via een maatwerk proces worden gerestitueerd. Na de restitutie, nemen we deze ouders weer mee in de opstart van het invorderingsproces. Ouders met openstaande vorderingen die mogelijk in een financieel kwetsbare positie zitten en ouders die meer dan tien openstaande vorderingen hebben, bellen we voorafgaand aan de opstart. We bieden proactief hulp, bijvoorbeeld in de vorm van het toesturen van een schuldenoverzicht, persoonlijke begeleiding, of het doorverwijzen naar de gemeente. Ouders die naar eigen verwachting moeite krijgen met terugbetalen, wijzen we op de mogelijkheden van ondersteuning zoals onder andere een persoonlijke betalingsregeling.

4.2.

Private Schulden

Tabel Stand van zaken uitvoering loket private schulden bij SBN (peildatum 31 augustus 2024) 31 aug 2023 31 dec 2023 30 april 31 augustus 2024 2024 Aantal mensen die zich hebben 12.771 14.515 15.742 16.502 gemeld Aantal schuldenlijsten ingediend 27.804 33.167 39.754 41.351 Aantal schuldenlijsten in behandeling

27.757

31.253

37.454

41.061

Aantal schuldenlijsten na splitsen en samenvoegen* Aantal schuldenlijsten beschikt

24.678

28.099

34.163

37.649

22.696

25.580

30.475

35.390

Aantal schuldenlijsten zonder betaling Aantal schuldenlijsten met betaling

5.740

6.539

8.069

10.669

17.229

19.041

22.406

24.721

Aantal beschikkingen betaald

17.120

19.041

22.234

24.708

* Het aantal ingediende schuldenlijsten kan niet afgezet worden tegen het aantal beschikte schuldenlijsten omdat SBN regelmatig schuldenlijsten samenvoegt of splitst.

Ouders met betalingsachterstanden op private schulden die zijn ontstaan voor 1 juni 2021, kunnen deze indienen bij Loket Private Schulden van Sociale Banken Nederland (SBN), de samenwerkingsorganisatie van kredietbanken die de schuldenaanpak uitvoert. De overheid vergoedt dan de ontstane betalingsachterstand. De hoofdsom wordt niet vergoed tenzij deze direct 10

Kamerstukken II 2023/2024, 31 066, nr. 1395

29

opeisbaar was. Op 31 augustus 2024 hebben in totaal 16.502 gedupeerde ouders bij het Loket Private Schulden zich gemeld met één of meerdere schuldenlijsten. 35.390 (Circa 94%) schuldenlijsten zijn beschikt. Dat betekent dat ruim 15.000 gedupeerde ouders een beschikking hebben ontvangen over de ingediende schuldenlijst(en). Op peildatum 31 augustus 2024 is door SBN aan schuldeisers een totaalbedrag van circa € 184,2 miljoen uitbetaald. De gemiddelde looptijd van de werkvoorraad bedraagt 3 maanden. Er geldt een einddatum voor het indienen van schulden bij Loket Private Schulden en Loket Al Betaalde Schulden bij SBN. Ouders kunnen tot zes maanden nadat vaststaat dat ze gedupeerd zijn hun betalingsachterstanden aanmelden voor de schuldenaanpak. Samen met ketenpartners (namelijk UHT, VNG, SBN, Lotgenotencontact en Radar/OTB) communiceren we hierover op diverse momenten naar gedupeerde ouders en (ex)-toeslagpartners. Als er sprake is van een uitzonderlijke situatie kan er uitstel worden aangevraagd. Dit is nog niet voorgekomen. Hiernaast hebben we een vangnetconstructie bij SBN ingeregeld. Ouders die na de einddatum schulden indienen bij één van de loketten krijgen een brief waarin de mogelijkheid wordt geboden om uitleg te geven waarom de ouder te laat was. Als er sprake is van een uitzonderlijke situatie kan SBN de ingediende schulden alsnog in behandeling nemen.

Op 24.721 van het totaal aantal van 35.390 ingediende schuldenlijsten heeft SBN positief beschikt. Op 10.669 ingediende schuldenlijsten heeft SBN negatief beschikt. In 3% van de gevallen (1.240 keer) gingen gedupeerde ouders in bezwaar (peildatum 31 augustus 2024). Uit een analyse van de ingediende bezwaarschriften zijn vier hoofdcategorieën te onderscheiden waarvoor een ouder in bezwaar is gegaan, namelijk: 1. De hoofdsommen van leningen en kredieten worden niet (volledig) vergoed. 2. Informele schulden. 3. Schulden die buiten de peildata van de regeling vallen (SBN kan alleen private schulden oplossen die zijn ontstaan tussen 1-1-2006 en 1-6-2021). 4. Geen sprake van een schuld, zoals omschreven in de private schuldenregeling. In 9% van de bezwaarzaken zijn ouders gedeeltelijk of volledig in het gelijk gesteld. In deze gevallen is het meestal zo dat in de bezwaarprocedure door de ouder aanvullende (veelal nieuwe) informatie wordt opgeleverd die ertoe leidt dat de schulden alsnog (gedeeltelijk) onder de kaders van de schuldenaanpak vallen. Vanaf het moment dat er bezwaren konden worden ingediend werden 190 ingebrekestellingen ingediend. Daarvan werd in 78 gevallen een (gedeeltelijke) dwangsom uitbetaald. Daarvan betaalden we in 78 gevallen een (gedeeltelijke) dwangsom. Er werden tevens 41 beroepen wegens niet tijdig beslissen op bezwaar ingesteld.

In 16 gevallen deden we uitspraak gedaan, waarbij 8 zaken ongegrond en 1 zaak gegrond is verklaard. Tevens verklaarden we 4 zaken nietontvankelijk. Ook zijn er 10 beroepen wegens niet tijdig beslissen ingetrokken. We pakken nagenoeg alle ingediende bezwaarschriften op dit moment binnen de wettelijke termijn op.

Tabel Stand van zaken bezwaren Loket Private Schulden (peildatum 31 augustus 2024) 31 aug. 2023 31 dec 2023 30 april 2024 31 aug. 2024 Aantal ingediende bezwaren

794

889

1.041

1.240

Aantal afgeronde bezwaren

475

749

881

1.053

Aantal (deels) toegewezen bezwaren Aantal afgewezen bezwaren

44

63

82

98

382

649

756

905

35

37

43

50

(incl. ontvankelijk) AantalNiet ingetrokken bezwaren

30

Stand van zaken loket Al Betaalde schulden Ouders die met het ontvangen compensatiebedrag van € 30.000 schulden hebben afgelost die anders onder de schuldenaanpak zouden zijn gevallen, kunnen deze al betaalde schuld indienen bij SBN en vergoed krijgen. Dit kan tot 6 maanden nadat hun definitieve beschikking vaststaat. Deze beschikking krijgt een ouder na de integrale beoordeling. Bij het Loket Al Betaalde Schulden dienden 3.758 ouders een aanvraag in voor in totaal 18.829 schulden. Daarvan beschikte SBN 17.671 schulden en zijn 774 schulden nog in behandeling. 384 schulden zijn op peildatum 31 augustus 2024 door SBN nog in behandeling. Tot en met 31 augustus 2024 is door SBN aan ouders een totaalbedrag van circa € 4,2 miljoen uitbetaald aan vergoeding van al met compensatie betaalde schulden. De actuele stand van zaken bij ingediende bezwaarschriften door de ouder voor het loket Al Betaalde Schulden staat vermeld in tabel 4.2.3. De meest voorkomende redenen waarom de ouders in bezwaar gingen op de beschikkingen van dit loket zijn: 1. De al betaalde schuld kon in het beschikkingsproces door SBN onvoldoende worden beoordeeld door onvoldoende onderbouwing dat de ouder had geleverd. In de bezwaarprocedure verzoekt de ouder om een herziening. 2.

De al betaalde schulden vielen buiten de peildatum van de regeling (SBN mag alleen private schulden terugbetalen die zijn ontstaan tussen 1-1-2006 en 1-6-2021). 3. Alleen de al betaalde opeisbare achterstanden worden door SBN vergoed, terwijl de ouder in sommige gevallen de gehele hoofdsom wenst uitbetaald te krijgen. Tabel Stand van zaken bezwaren Loket Al Betaalde Schulden (peildatum 31 augustus 2024) 31 aug 2023 31 dec 2023 30 april 2024 31 aug 2024 Aantal ingediende bezwaren

296

403

494

690

Aantal afgeronde bezwaren

74

274

427

525

Aantal (deels) toegewezen bezwaren Aantal afgewezen bezwaren

12

24

32

40

58

239

380

466

(incl. ontvankelijk) AantalNiet ingetrokken bezwaren

2

11

15

19

In 8% van de bezwaarzaken zijn ouders gedeeltelijk of volledig in het gelijk gesteld. De meeste voorkomende oorzaak van het niet gegrond verklaren van een bezwaar is dat de ingediende schuld niet voldoet aan de wettelijke criteria. In de gevallen van toewijzing is op basis van de aangeleverde (extra) bewijsstukken beoordeeld dat de al betaalde schuld voldoet aan de criteria. Noodprocedures Ouders met een acute problematische situatie als gevolg van schulden, kunnen zich melden voor de noodprocedure. Tot op heden is 216 maal gebruik gemaakt van de noodprocedure voor schulden (peildatum 31 augustus 2024). Voor zover bekend zorgde de noodprocedure ervoor dat geen enkele huisuitzetting of beslaglegging plaatsvond. Dankzij de samenwerking tussen SBN, UHT, gerechtsdeurwaarders en/of gemeenten is steeds tijdig ingegrepen. En is voorkomen dat er uithuiszettingen of beslag op inboedel heeft plaatsgevonden als de schulden binnen de regeling vielen. Beroepsprocedures naar aanleiding van bezwaarprocedures private schulden en al betaalde schulden Binnen de bezwaar- en beroepsprocedures is de inzet om zoveel mogelijk te voorkomen dat de overheid tegenover de ouder komt te staan in de rechtszaal. Procedures die er toch zijn, gaan vaak over zaken die wettelijk zijn uitgesloten.

Er kwamen in totaal 501 beroepszaken binnen naar aanleiding van bezwaren rondom het Loket Private Schulden en het Loket Al Betaalde Schulden, waarvan in 135 beroepsprocedures door de rechter uitspraak is gedaan. In 106 gevallen is het beroep ongegrond verklaard. In 20 zaken is het beroep (gedeeltelijk) gegrond verklaard en in 9 zaken is de eiser (ouder) niet-ontvankelijk verklaard, waardoor het beroep niet inhoudelijk is 31

behandeld. De zaken waarin het beroep gedeeltelijk gegrond werd verklaard zijn veelal ontstaan doordat tijdens de beroepsprocedure aanvullende informatie door de ouder werd aangeleverd, die niet bekend was op het moment van de bezwaarprocedure. In totaal zijn 41 hoger beroepsprocedures gestart door ouders. Deze gaan in hoofdzaak over het vergoeden van de hoofdsom op een schuld en op een informele schuld. Er is in drie hoger beroepszaken een uitspraak gedaan. In één hoger beroepzaak is de ouder niet ontvankelijk verklaard, waardoor het hoger beroep niet inhoudelijk is behandeld. In 2 hoger beroepzaken is het ministerie van Financiën (als verweerder) in het gelijk gesteld. Niet-gebruik Loket Private Schulden Om ouders te bereiken die nog openstaande gerechtelijke vorderingen hebben en deze nog niet bij SBN hebben ingediend, vinden er deurbezoeken plaats. Dit gebeurt in samenwerking met de Koninklijke Beroepsorganisatie voor Gerechtsdeurwaarders (KBvG). De acties om ouders te bereiken die hun schulden nog niet of niet volledig hebben ingediend bij het Loket Private Schulden verlopen succesvol en gaan onverminderd door.

4.3.

Schuldregelingstrajecten (Wsnp/Msnp)

Voor gedupeerde ouders die vóór 5 november 2022 in de Wet schuldsanering natuurlijke personen (Wsnp) of in een minnelijke schuldsanering natuurlijke personen (Msnp) zijn toegelaten, is er een regeling om zo snel mogelijk hun wettelijk of minnelijk schuldregelingstraject te beëindigen. Dit geldt ook voor ex-toeslagpartners die vóór 15 juli 2023 zijn gestart met een schuldregelingstraject. Voor ouders en (ex-)toeslagpartners die na deze data zijn gestart met een schuldregelingstraject, gelden de regels die voor andere gedupeerde ouders en (ex)toeslagpartners met schulden gelden. Nieuwe aanvragen bij het loket worden momenteel binnen een dag opgepakt en worden binnen de acht weken afgehandeld. Tabel Stand van zaken uitvoering Wsnp (peildatum 31 augustus 2024) 30 april 31 aug 31 dec 2023 Wsnp 2023 2023 Verificatielijsten ontvangen 697 726 750 Aantal beschikkingen verzonden 936* 975* 1009* Aantal betalingen verricht 933 971 1009 Aantal niet afgewikkelde dossiers 0 0 0 binnen 8 weken totaal Bedrag aan schulden betaald** € 31.6 mln € 33.4 mln € 34.8 mln

Tabel Stand van zaken uitvoering Msnp (peildatum 31 augustus 2024) 30 april 31 aug 31 dec Msnp 2023 2023 2023 Schuldenlijsten ontvangen 1546 1593 1632 a. Waarvan 1011 1052 1086 schuldbemiddeling b. Waarvan saneringskrediet 535 541 546 Aantal beschikkingen verzonden 1728 1785 1830 Aantal betalingen verricht 1621 1679 1726 Aantal niet afgewikkelde dossiers 0 0 0 binnen 8 weken totaal Bedrag aan schulden betaald* € 26.5 mln € 27.9 mln € 28.9 mln.

30 april 2024 799 1071* 1071 0 € 37,3 mln

31 aug 2024 829 1115* 1112 0 € 39 mln

30 april 2024 1673 1120

31 aug 2024

553 1884 1780 0

718 2117 1981 0

€ 29,7 mln.

€ 31.6 mln.

1905 1187

* De kwijtgescholden publieke schulden worden meegerekend in het overzicht van de kwijtschelding van publieke schulden.

32

Schuldenregeling voor ouders in persoonlijk faillissement In totaal meldden zich 38 gedupeerde ouders in persoonlijk faillissement bij UHT. Van deze groep zijn 25 ouders met een persoonlijk faillissement vastgesteld als gedupeerde. Van de 25 gedupeerde ouders zijn inmiddels 10 faillissementen geheel afgewikkeld met volledige uitbetaling van het compensatiebedrag. Van 11 gedupeerde ouders is het faillissement inmiddels beëindigd en zijn zij niet bij ons in behandeling geweest. Van 4 gedupeerde ouders loopt de behandeling nog.

4.4.

Zakelijke schulden

Ook zakelijke schulden kunnen onder de schuldenaanpak vallen. Er is een speciaal team ingericht om gedupeerden met hoge zakelijke schulden af te wikkelen. Daarbij is er ook aandacht voor de staatssteunregels. Inmiddels zijn door dit team voor 1.242 gedupeerde ouders de zakelijke schulden volledig afgewikkeld. 39 gedupeerde ondernemers zijn nog in behandeling.

33

5.

Organisatie en financiën

5.1.

Inrichting uitvoeringsorganisatie

De komende periode wordt hard gewerkt aan de toekomst van de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT). Om die toekomst vorm te geven vinden er uitwerkingen plaats en worden er voorbereidingen getroffen voor het moment waarop de werkzaamheden van UHT worden afgeschaald en uiteindelijk afgerond. In al het denken hierover staat de gedupeerde als vanzelfsprekend centraal. Een van de uitgangspunten is dat medewerkers die klaar zijn met een bepaalde taak, daar waar mogelijk, ingezet worden op taken die nog afgehandeld moeten worden. Zo wordt de continuïteit en kwaliteit van de uitvoering van de hersteloperatie geborgd. Per 1 januari 2025 gaat de Belastingdienst strenger handhaven op de Wet DBA om schijnzelfstandigheid tegen te gaan. De hersteloperatie Toeslagen is hiervan uitgezonderd, zodat de werkzaamheden ten behoeve van het herstel van gedupeerde ouders kunnen worden gecontinueerd. Voor het jaar 2024 is een opschaling van UHT beoogd naar 2.507 fte. Op dit moment is de feitelijke bezetting per juli 2024 2.305 fte. Naast de groeibehoefte heeft de organisatie te maken met uitstroom. Ook het aanbieden van vaste contracten aan medewerkers versus de uiteindelijk voorziene afbouw van UHT spelen hierbij een rol. Nog altijd is opschaling nodig op de juridische posities, maar hierbij is de krappe arbeidsmarkt nog steeds een belangrijke beperkende factor.

Verschillende alternatieve wervingsacties worden momenteel ingezet. Om de benodigde opschaling op het gebied van met name bezwaren te realiseren heeft UHT met een resultaatverplichting de opdracht voor hybride insourcing uitgezet, zoals toegelicht in hoofdstuk 1 van deze voortgangsrapportage. Om de kwaliteit te borgen, sluit UHT voor de beoordeling van de kwaliteit in de overeenkomst aan bij haar doelen. Zo is er veel aandacht voor de juridische correctheid, de tevredenheid van ouders, helderheid van communicatie en de snelheid van behandeling.

5.2.

Fouten en herstelacties

Eerder is de kamer geïnformeerd over een herstelactie gericht op het uitbetalen van wettelijke rente. Wettelijke rente is rente die verschuldigd is over een bedrag dat te laat is uitgekeerd. Hier is door de lange wachttijd sprake van bij de meeste betalingen die volgen na de integrale beoordeling. Op dit moment worden voorbereidingen getroffen om in 2025 te starten met het uitbetalen van wettelijke rente bij nog te nemen beslissingen. Hierna zullen de herstelacties worden ontworpen om nabetalingen te kunnen doen van wettelijke rente op de reeds afgegeven beschikkingen.

5.3.

Oudercommissie

Afgelopen juli heeft de Oudercommissie op eigen initiatief een evaluatie laten uitvoeren, waarin punten voor doorontwikkeling van de Oudercommissie zijn opgehaald. De Oudercommissie zet in op doorontwikkeling, passend bij de volgende fase van de hersteloperatie – waarin meer focus ligt op de uitvoering van de dienstverlening aan gedupeerden en op emotioneel en maatschappelijk herstel. Er wordt gewerkt aan een aangepast instellingsbesluit, dat naar verwachting op 1 januari 2025 in werking kan treden. De Oudercommissie bracht in juni 2024 het advies ‘aannemelijkheid, ruimhartigheid en eerlijkheid als leidende principes in de hersteloperatie’ uit. Dit advies was een reactie op de ontwikkelingen 34

rondom de schaderoute van Stichting Gelijkwaardig Herstel. De Oudercommissie vond dat in de media een eenzijdig beeld is geschetst van mogelijke kosten die gepaard zouden gaan met voortzetting van deze, door gedupeerde ouders zeer gewaarde, schaderoute, waarbij recht wordt gedaan aan leidende principes als aannemelijkheid en ruimhartigheid. De Oudercommissie pleitte daarom voor het zo spoedig mogelijk voortzetten van de onafhankelijke aanpak van SGH. Er is mondeling aan de Oudercommissie teruggekoppeld dat op 16 juli jl. de dienstverleningsovereenkomst (DVO) met de SGH is getekend en dat de SGH-route is hervat. Eind augustus 2024 bracht de Oudercommissie advies uit over de afhandeling van aanvullende schades. Daarin staan ook specifieke aanbevelingen aangenomen die betrekking hebben op het centrale aanmeldportaal en op de digitale route. De Oudercommissie vreest dat de wirwar aan schaderoutes leidt tot veel onduidelijk voor ouders én concurrentie tussen de routes. Zij pleit voor heldere advisering aan ouders. Bij de digitale route geldt bovendien dat de Oudercommissie zorgen heeft bij de uitvoerbaarheid, met name ten aanzien van de bewijslast van de posten en de beschikbaarheid van emotionele begeleiding. Ook spreekt de Oudercommissie haar zorg uit over de toegankelijkheid van schaderoutes voor ex-toeslagpartners.

De zorgen van de Oudercommissie zijn onderkend en worden in een schriftelijke reactie aan hen teruggekoppeld. Zo is verduidelijkt dat de schaderoutes complementair zijn aan elkaar en elke ouder op een voor hem/haar passende wijze helpt. Het aanmeldportaal helpt de ouder bij het maken van die keuze. Uitgangspunt bij de digitale route is dat alle posten met slechts enkele onderbouwende stukken aannemelijk gemaakt kunnen worden. Ouders in de digitale route kunnen bellen of chatten met het serviceteam om persoonlijke ondersteuning te krijgen bij het doorlopen van de route. Voordat de digitale route in gebruik wordt genomen wordt deze uitvoerig getest door middel van zogenaamde ‘dry-runs’. Leden van de Oudercommissie nemen aan een van de dryruns deel. Ten aanzien van de ex-toeslagpartners is aangegeven dat zij wettelijk gezien recht hebben op vergoeding van aanvullende schade. De invulling hiervan is nog onderwerp van beleidsvorming en staat bij het ministerie ook hoog op de agenda. Daarnaast heeft de Oudercommissie casuïstiek aangeleverd waaruit blijkt dat gedupeerden nog steeds problemen ervaren bij het loket al betaalde schulden. De schoen wringt met name rondom bewijslast. De Oudercommissie is van mening dat ook in de uitvoering van deze regeling, principes als aannemelijkheid en ruimhartigheid centraal zouden moeten staan.

Tot slot spreekt de Oudercommissie wederom haar zorg uit over ouders die na de eerste toets zijn afgewezen en wachten op een integrale beoordeling. Voor deze wachtenden is dikwijls ook sprake van problematiek op meerdere fronten en zij moeten wachten tot ze erkend zijn als gedupeerde.

5.4.

Stakeholders hersteloperatie

Binnen de hersteloperatie toeslagen is er veelvuldig contact met verscheidene stakeholders. In deze paragraaf worden de recente ontwikkelingen met de Inspectie belastingen, toeslagen en douane (IBTD), Nederlandse Orde van Advocaten (NOvA), de Raad voor Rechtsbijstand (RvR), de Nationale Ombudsman en het College voor de rechten van de Mens (het College) toegelicht. In september heeft er een kennismaking plaatsgevonden tussen de Staatssecretaris voor Toeslagen en Douane en de IBTD. De IBTD en het Ministerie van Financiën blijven in de toekomst in goed gesprek met elkaar, naar aanleiding van signalen of nieuwe ontwikkelingen. Op 10 september 2024 heeft Minister Heinen (Financiën) het IBTD-rapport ‘In gesprek over herstel, wat burgers echt nodig hebben’ aan de Tweede Kamer aangeboden. Dit betreft een verdiepend onderzoek naar hersteloperaties, waarin naast Toeslagen ook de hersteloperaties FSV en Box 3 zijn betrokken. De belangrijkste conclusies uit dit rapport zijn dat burgers (oprechte) erkenning van hun schade en leed, zowel op financieel als emotioneel vlak, missen, burgers

35

rechtvaardigheid missen en dat het burgerperspectief ontbreekt bij de start van hersteloperaties. Wij blijven met de IBTD in gesprek over de elementen uit het rapport die we mee kunnen nemen vanaf het punt waar we nu met de hersteloperatie staan. Voorop staat in elk geval dat naast het financieel herstel van gedupeerden ook het emotioneel herstel een essentieel punt in de gehele hersteloperatie is. Ook is het van groot belang om in het herstelproces het gesprek met en de behoeften van gedupeerden en hun gezin centraal te stellen. Ten slotte begrijpen we goed dat de IBTD aandacht vraagt voor het feit dat de meest ernstig gedupeerden zo snel mogelijk geholpen moeten worden. In iedere fase van de hersteloperatie is het mogelijk om urgente situaties voorrang te geven. Samen met UHT en uitvoeringsorganisaties van de schaderoutes blijven we zoeken naar de verdere mogelijkheden. In juni vond er een overleg plaatsgevonden tussen de NOvA, RvR, de werkgroep Toeslagenadvocaten, UHT en DG Herstel. Tijdens dit overleg is uitvoerig gesproken over de verschillende schadeherstelroutes. In september heeft de Staatssecretaris voor Toeslagen & Douane kennisgemaakt met de NOvA en de RvR. De verschillende partijen zetten de nauwe samenwerking met elkaar voort en houden elkaar op de hoogte van actuele ontwikkelingen.

In het kader van de aanstelling van de nieuwe DG Toeslagen heeft er in juli een kennismaking plaatsgevonden tussen hem en de Nationale Ombudsman. Tijdens dit gesprek zijn zowel de positieve ontwikkelingen rondom de hersteloperatie besproken, als ook de dilemma’s die zich voordoen. De Nationale Ombudsman en het Ministerie van Financiën zetten de nauwe samenwerking met elkaar voort. Daarnaast heeft het Klachtenteam van UHT periodiek overleg met medewerkers van de Nationale Ombudsman. Hierin komen actuele ontwikkelingen in beide organisaties aan de orde, waarbij optimalisatie van de als prettig ervaren samenwerking onderwerp van gesprek was. Op dit moment worden de laatste stappen gezet in de afronding van de Kabinetsreactie op het rapport van de Nationale Ombudsman ‘Herstel bieden, een vak apart’. Hier wordt in de volgende voortgangsrapportage op teruggekomen. Van de ongeveer 40 individuele klachten die nog bij het College liggen over de Dienst Toeslagen, zijn er op dit moment 10 zaken afgerond (4 middels een oordeel en 6 intrekkingen). Het College gaf op 12 juni 2024 in een individuele zaak een oordeel. Dit is de vierde individuele zaak waarin het College haar oordeel geeft. Net als in de eerste drie individuele zaken luidt het oordeel van het College dat de Dienst Toeslagen verboden indirect onderscheid heeft gemaakt op grond van ras jegens de verzoeker.

De Dienst Toeslagen biedt burgers die een klacht bij het College hebben ingediend een persoonlijke gesprek aan, ook als de klacht later weer wordt ingetrokken. Door veel burgers wordt hierop positief gereageerd. In de stand van zaken brief Toeslagen wordt verder ingegaan op de acties die Toeslagen inzet naar aanleiding van de uitspraken.

5.5.

Juridische bijstand voor ouders

Sinds 1 maart 2021 kunnen gedupeerde ouders in het kader van de herstelregeling kinderopvangtoeslag bij de Raad voor Rechtsbijstand kosteloze rechtsbijstand krijgen via de subsidieregeling rechtsbijstand herstelregelingen kinderopvangtoeslag. Daar hadden zich tot en met eind augustus 15.678 ouders voor aangemeld, waarvan er 14.432 gekoppeld waren aan een advocaat.

36

Tabel Subsidieregeling Juridische bijstand

Categorie Aantal ouders aangemeld Aantal advocaten aangemeld Aantal ouders gekoppeld aan een advocaat Aantal ouders nog niet gekoppeld aan een advocaat Aantal ouders niet gekoppeld aan een advocaat (anders opgelost)

5.6.

2 dec 2021

31 mrt 30 jun 30 sept 13 jan 4 mei 8 sept 2022 2022 2022 2023 2023 2023

3.261

4.712

5.767 6.736 7.916 9.401 10.963 12.562 14.249 15.678

264

269

231

2.956

4.271

5.240 6.103 7.301 8.689 10.082 11.621 13.194 14.432

140

218

252

319

256

298

377

366

420

56611

165

223

275

314

359

414

504

575

635

680

295

303

309

311

9 jan 10 mei 31 aug 2024 2024 2024

276

279

263

Financiën

Op basis van de Voorjaarsnota 2024 is meerjarig circa € 9,3 miljard begroot voor het herstel van de problemen met de kinderopvangtoeslag. Middels een Nota van Wijziging op de 1e suppletoire begroting Financiën 2024 is dit budget naar boven bijgesteld, ten behoeve van extra middelen voor de afhandeling van aanvullende schade. Het meerjarig begrote bedrag voor de hersteloperatie is daardoor verhoogd naar circa € 11,7 miljard. De tabellen in deze paragraaf geven een overzicht van de budgetstanden en de mutaties die sinds de vorige voortgangsrapportage hebben plaatsgevonden.

De Raad voor Rechtsbijstand (RvR) geeft de ouder drie namen van advocaten door waar ze uit kunnen kiezen. Dit zijn aanvragen waarbij de RvR nog wacht op reactie en de match daarom nog niet heeft plaatsgevonden. 11

37

Tabel Budgettair verwerkt in departementale begrotingen Budgettair verwerkt in departementale begrotingen - ontwerpbegroting 2025 (x € 1 miljoen) 1 Stand na 1e sup 2024 1a Programma w.v. 30k, IB, aanvullende compensatie (incl. uitvoering VSO-route) en overig w.v. Kindregeling w.v. Kwijtschelden publieke schulden (incl. uitvoering; rijksbreed) w.v. Kwijtschelden private schulden (incl. uitvoering) w.v. Andere toeslagen w.v. Ex-partners (10k) w.v. Ondersteuning door gemeenten w.v. Reservering ondersteuning rechtsbijstand w.v. Dwangsommen w.v. Ouders in het buitenland (incl. uitvoering) w.v. Uithuisplaatsingen kinderen (incl. uitvoering; JenV) w.v. Schade-expert pool 1b Apparaat Financiën 2 Mutaties concept-ontwerpbegroting 3 Mutaties Nota van Wijziging 1e sup 2024 - Financiën 4 Mutaties Augustusbrief 5 Stand na ontwerpbegroting 2025 5a Programma w.v. 30k, IB, aanvullende compensatie (incl. uitvoering VSO-route) en overig w.v. Kindregeling w.v. Kwijtschelden publieke schulden (incl. uitvoering; rijksbreed) w.v. Kwijtschelden private schulden (incl. uitvoering) w.v. Andere toeslagen w.v. Ex-partners (10k) w.v. Ondersteuning door gemeenten w.v. Reservering ondersteuning rechtsbijstand w.v. Dwangsommen w.v. Ouders in het buitenland (incl. uitvoering) w.v. Uithuisplaatsingen kinderen (incl. uitvoering; JenV) w.v. Schade-expert pool 5b Apparaat Financiën

2020 2021 2022 2023 2024 93 1.271 1.025 1.519 2.126 47 1.136 780 1.182 1.591 36 713 303 275 430 74 494 230 369 162 224 388 41 173 104 163 23 2 157 11 14 34 47 98 1 3 23 19 23 44 5 11 15 10 1 12 9 46 135 245 337 535 0 434 -544 93 1.271 1.025 1.519 2.015 47 1.136 780 1.182 1.478 36 713 303 275 603 74 494 118 369 162 224 388 41 173 104 108

11

14

34 1 19 5 10

2 47 3 23 11 1

46

135

245

337

31 125 10 65 15 12 4 538

2025 1.245 770 346 60 77 102 6 41 52 36 31 9 4 7 474

2026 293 121 76 21 7 1 6 10

171

1.158 734 144 119 2.546 1.146 1.973 882 1.444 730 118 54 77 21 137 27 29 42 16 25 6 36 23 50 9 4 3 5 574 263

2027 2028 totaal 51 0 7.622 44 0 5.673 29 2.206 857 16 0 1.257 590 29 202 261 72 117 39 26 16 6 1.949 0 293 2.618 281 0 625 0 10.240 544 0 8.022 524 4.626 857 16 0 1.257 590 29 91 261 72 157 39 26 4 16 81 2.218

Tabel Budgettair gereserveerd op de aanvullende post Budgettair gereserveerd op de aanvullende post - MJN 2025 (x € 1 miljoen) 2020 2021 6 Stand na VJN 2024 6a Financiën 6b Rijksbreed (kwijtschelden publieke schulden) 7 Mutaties Nota van Wijziging 1e sup 2024 - Financiën 8 Mutaties Augustusbrief 9 Stand na MJN 2025 9a Financiën 9b Rijksbreed (kwijtschelden publieke schulden)

2022

2023

2024 212 159 53 -150 -62

2025 444 419 26 -150 -194 100 100

2026 631 635 -4 -50 47 627 595 32

2027 2028 totaal 399 28 1.714 410 28 1.650 -11 64 50 -300 210 0 659 28 1.414 627 28 1.350 32 64

Tabel Budgettair verwerkt, gereserveerd en totaal beschikbaar Budgettair verwerkt, gereserveerd en totaal beschikbaar - ontwerpbegroting/MJN 2025 (x € 1 miljoen) 10 Na 1e sup en VJN 2024 op departementale begrotingen op aanvullende post 11 Na ontwerpbegroting en MJN 2025 op departementale begrotingen op aanvullende post

2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 totaal 93 1.271 1.025 1.519 2.338 1.689 923 450 28 9.336 93 1.271 1.025 1.519 2.126 1.245 293 51 0 7.622 212 444 631 399 28 1.714 93 1.271 1.025 1.519 2.015 2.646 1.773 1.283 28 11.654 93 1.271 1.025 1.519 2.015 2.546 1.146 625 0 10.240 100 627 659 28 1.414

Budgettair verwerkt in departementale begrotingen (tabel 5.6.1) Toelichting mutaties concept-ontwerpbegroting (5.6.1, blok 2) • Middelen bestemd voor de ontwikkeling van het aanmeldportaal en de digitale route worden op het juiste subartikel gezet door middel van een herschikking (technisch). Toelichting mutaties Nota van Wijziging 1e sup 2024 - Financiën (5.6.1, blok 3) • De bestaande reservering op de AP van € 1,2 mld. voor aanvullende schade wordt overgeheveld naar de departementale begroting van Financiën. 38

• •

Extra generale middelen € 1,4 mld. voor programma en apparaat voor de afhandeling van aanvullende schade. Herschikking van apparaat naar compensatie en kasschuif i.v.m. schikkingsvoorstel bezwaren (€ 8 mln.).

Toelichting mutaties Augustusbrief (5.6.1, blok 4) • Vanwege de prognose van het aantal ex-partners en dwangsommen vindt een herschikking plaats van € 40 mln. van ex-partners naar dwangsommen. • Voor diverse regelingen worden middelen doorgeschoven naar latere jaren (ca. € 600 mln.). Dit betreffen onder andere middelen voor aanvullende schade, de expartnerregeling, de kindregeling, de HZK-regeling en middelen voor het kwijtschelden van private schulden. Budgettair gereserveerd op de Aanvullende Post (AP) Toelichting mutaties Nota van Wijziging 1e sup 2024 - Financiën (5.6.2, blok 7) • De bestaande reservering op de AP van € 1,2 mld. voor aanvullende schade wordt overgeheveld naar de departementale begroting van Financiën. • Er wordt een nieuwe reservering van € 900 mln. aangelegd op de AP voor aanvullende schade. Toelichting mutaties Augustusbrief (5.6.2, blok 8) • Er wordt per saldo € 256 mln. uit 2024 en 2025 doorgeschoven naar 2026 en 2027. Het gaat om € 150 mln. t.b.v. aanvullende schade, € 79 mln. t.b.v. publieke schulden en € 27 mln. onverdeeld (loon- en prijsbijstelling).

Apparaatskosten In 2020 t/m 2023 is 19,5% van de bestede middelen uitgegeven aan apparaatskosten. Van de huidige totale meerjarenraming voor de hersteloperatie, € 11,7 miljard, is € 2,4 miljard gereserveerd voor apparaatskosten, 21%. Het restant van € 9,2 miljard is gereserveerd voor programmakosten. Wanneer het ondersteunende deel van de programmakosten aan de apparaatskosten wordt toegerekend, komen de apparaatskosten op ongeveer 28% uit.

39

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15469574/1