CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 ZO=Zuidoost Masterplan 2021-2040

Raadscommissie Algemene Zaken 18 maart 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennis nemen van de intentie om ambities en doorbraken zoals beschreven in het Masterplan Zuidoost te realiseren (ZD2021-002149)22.719 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

183 alinea's met “zuidoost”: 1 2 21 22 33 34 53 55 56 58 59 60 62 63 64 66 68 69 70 72 74 76 78 82 83 85 87 88 89 90 91 92 93 94 96 117 120 125 126 127 …

MASTERPLAN ZUIDOOST PROGRAMMA 2021 ‒ 2040

Intentieverklaring Alliantie Zuidoost Met het plaatsen van onze handtekening verbinden wij ons als partners van het kernteam van de Alliantie aan Zuidoost en aan het realiseren van de ambities in het Masterplan Zuidoost. We zoeken en vinden het eigenaarschap, de betrokkenheid en de ervaring van bewoners en mensen uit het maatschappelijk veld bij alle stappen die wij zetten; We zullen ons inzetten om van het Masterplan Zuidoost een succes te maken. Dat doen we de komende twintig jaar gezamenlijk, met hart en ziel. In alles wat we doen zijn we vriendelijk, toegankelijk en verstandig; We willen hele goede resultaten boeken. Daarom werken we samen. Ook als er onduidelijkheid is of meningsverschillen zijn; Iedereen vertelt openlijk wat hij of zij doet, waarom en hoe. Wij spreken elkaar aan op ons handelen en op het nakomen van afspraken; We durven fouten te maken en staan er voor open om (onszelf) bij te sturen. Omdat wij niet alles weten en het samen steeds beter willen doen, kiezen we voor een lerende aanpak; Er is altijd ruimte voor tegenspraak, voor nieuwe ideeën en voor inspirerende initiatieven. Amsterdam, 4 februari 2021

Femke Halsema

Tanja Jadnanansing

Marjolein Moorman

Burgemeester, Voorzitter

Stadsdeelvoorzitter

Wethouder Onderwijs, Armoede en Inburgering

Laurens Ivens

Graziella Hunsel Rivero

Wim van der Kamp

Wethouder Wonen, Bouwen, Openbare Ruimte, Groen, Reiniging en Dierenwelzijn

Bewoner

Voorzitter Stadsdeelcommissie

Hester van Buren

Henk Markerink

Dominique Hermans

Voorzitter Raad van Bestuur Rochdale

Directeur Johan Cruijff Arena

Algemeen Directeur Randstad Nederland

MASTERPLAN ZUIDOOST PROGRAMMA 2021 - 2040

Voorzitter Zuidoost City

Marleen Beumer

Harry Dobbelaar

Frank Paauw

Bestuurder Stichting Ouder en Kindteams

Bestuurder ZONOVA

Hoofdcommissaris Politie

Jeroen Steenbrink

Kajsa Ollongren

plv. Hoofdofficier van Justitie

Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Namens deze, Bert van Delden, plv. Directeur Generaal

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

INHOUD Intentieverklaring Alliantie Zuidoost

2

1. INLEIDING & SAMENVATTING

6

2. WAAROM EEN MASTERPLAN? Analyse en duiding

10 11

3. AMBITIES

23

4. DOORBRAKEN EN MAATREGELEN Ambitie 1 Ambitie 2 Ambitie 3 Ambitie 4 Ambitie 5

29 29 33 39 43 48

5. ORGANISATIE EN FINANCIËN Organisatie Financiën: Indicatieve meerjarenraming, dekking, afspraken over wijze van prioriteren

50 50

BIJLAGE 1 KERNTEAM ALLIANTIE 2020-21

56

BIJLAGE 2 MEETBARE EFFECTEN (OUTCOME) EN INDICATOREN PER AMBITIE

57

BIJLAGE 3 INDICATIEVE MEERJARENRAMING PER AMBITIE EN PER DOORBRAAK

60

54

Leeswijzer Dit Masterplan bevat de voorgenomen aanpak, het meerjarig kader, met analyse, de inhoudelijke aanpak en beschrijving van rollen en verantwoordelijkheden. Daarnaast worden er ieder jaar gezamenlijke uitvoeringsplannen gemaakt en vastgesteld door de Alliantie. Hoofdstuk 1 is de inleiding en samenvatting. Hoofdstuk 2 gaat in op de aanleiding om een Masterplan voor Zuidoost te maken aan de hand van wat het streefbeeld voor 2040 is. In hoofdstuk 3 zoomen we in op wat er niet goed gaat in 2020. We onderbouwen welke aanleidingen we zien om extra te investeren, zowel materieel als immaterieel. We leggen

uit waarom dit langdurig en op meerdere fronten tegelijk nodig is. In hoofdstuk 4 worden de ambities van de alliantie geformuleerd en de belangrijkste doelgroepen afgebakend. We leggen hier de drie maatschappelijke effecten (hoofddoelen) vast die we willen bereiken. In hoofdstuk 5 werken we de vijf ambities verder uit in concrete doorbraken, maatregelen en inspanningen. Ook de samenhang tussen de doorbraken met de drie hoofddoelen wordt weergegeven. In hoofdstuk 6 komen tot slot organisatie, samenstelling en governance van het kernteam van de Alliantie en de manier van samenwerken aan de uitvoering aan de orde. We sluiten af met de indicatieve meerjarenraming.

INLEIDING & SAMENVATTING Op 13 december 1966 slaat Burgemeester Gijs van Hall de eerste paal voor woningbouw in de Bijlmermeer. Krap twee jaar later, op 25 november 1968, nemen Kees en Truus Copray als eerste bewoners de sleutel in ontvangst van hun nieuwe woning in de flat Hoogoord. De Bijlmer was een belofte. Mooie ruime en betaalbare woningen voor iedereen. Veel groen. Alle ingrediënten voor een mooi, bloeiend stadsdeel. Tegenwoordig komt het stadsdeel vaak op een negatieve manier in het nieuws. Een opeenstapeling van uitdagingen, verkeerde beslissingen en negatieve ontwikkelingen zorgden ervoor dat Zuidoost te vaak in statistieken bovenaan de verkeerde lijstjes terecht kwam. Deels ten onrechte. Zuidoost is een bloeiend en bruisend stadsdeel. Veel bewoners zijn er trots op om hier te wonen. Tegelijkertijd realiseren we ons dat veel dingen (nog) beter kunnen. De komende jaren willen we met elkaar de kansen voor jongeren, de leefbaarheid en de veiligheid naar een hoger plan brengen. Daar gaat dit Masterplan over. Diversiteit Kees en Truus waren de pioniers van deze nieuwe wijk. Jarenlang waren om hen heen de bouwkranen te zien en klonken de heimachines. Hier werd een nieuw stuk stad uit de grond gestampt. Velen wisten door de jaren heen hun weg naar de Bijlmermeer te vinden. De wijk had aantrekkingskracht voor veel nieuwkomers.

Want hier kon nog betaalbaar gewoond worden! Zuidoost was van meet af aan een kleurrijk stadsdeel. Enkele decennia later is het stadsdeel kleurrijker dan ooit. Diverser dan de meeste Nederlandse wijken in grote steden, waar nieuwkomers welkom zijn. Dat is altijd zo gebleven. Hier wonen meer dan 170 nationaliteiten samen. Pioniersgeest Ruim vijftig jaar later is Zuidoost nog steeds groen, bruisend, mooi. Veel mensen wonen er graag. Tegelijkertijd ziet de wereld er anders uit: Zuidoost kent genoeg uitdagingen. 35% van de kinderen groeit op in armoede. Dat is veel te veel. Voor veel kinderen die in Zuidoost geboren worden, betekent dit: minder kansen dan veel andere Amsterdamse

6

kinderen. Naast kansenongelijkheid kent Zuidoost nog andere uitdagingen. Veel bewoners hebben gevoelens van onveiligheid – om uiteenlopende redenen. Velen voelen zich niet gehoord, gezien, begrepen. Hoog tijd dus om met elkaar het tij te keren. Met hulp van de enorme kracht die ook in het stadsdeel aanwezig is. In alle buurten zijn betrokken bewoners te vinden die elkaar de helpende hand toesteken. Vaak ontstaan uit het niets bijzondere initiatieven die de kracht van Zuidoost en haar bewoners laten zien. Die kracht moeten we met elkaar benutten om Zuidoost nog mooier te maken. Die kracht maakte ook dat bewoners na een reeks van geweldsincidenten in 2019 de straat op gingen. Vaders en moeders hadden er genoeg van. Het moet stoppen. Voor ons als Alliantie was de kracht van deze sterke bewoners een belangrijke inspiratiebron. We willen met nadruk naast hen staan. De pioniersgeest van toen waait nog steeds rond in dit deel van de stad. Dat maakt dit stadsdeel zo uniek. En dat willen we graag behouden!

Waarom het Masterplan? De hierboven genoemde geweldsincidenten in de zomer van 2019 waren in feite de directe aanleiding. Het kon zo niet langer. Er zijn veel zorgen over de leefbaarheid en veiligheid. Te veel bewoners hebben problemen. Op gebied van wonen bijvoorbeeld, gezondheid, of inkomen. Vaak meer dan in de rest van de stad. Daar willen we met elkaar verandering in brengen. Daarvoor is een aanpak nodig die vele jaren duurt. Want veranderen kost tijd. Deze aanpak moet gaan leiden tot een structurele verbetering voor de bewoners in het algemeen. En voor jonge, opgroeiende bewoners van Zuidoost in het bijzonder. Hen willen we alle kansen bieden – ongeacht waar ter wereld ze voor zichzelf een toekomst zien. In Zuidoost kunnen ze hun startkwalificatie behalen – zich ontwikkelen tot vakmensen en studenten. Net zoals iedere andere jongere in Amsterdam en in de rest van Nederland. Dat is waar het Masterplan voor staat. Alliantiepartners trekken daarbij met nadruk samen met de bewoners van Zuidoost op. Samen helpen we elkaar. We denken daarbij vanuit de kracht van het stadsdeel en niet vanuit de problemen. We gaan werken vanuit het vertrouwen in en van de mensen die er wonen en werken. Met perspectief voor de jongeren die er vandaag de dag al opgroeien. We gaan op een betekenisvolle manier de uitdaging met elkaar aan. Vertrouwen is iets wat je moet verdienen.

Niet iedereen in de Bijlmermeer heeft goede ervaringen met overheden en officiële instanties. Werken aan die vertrouwensband is dus een van onze eerste en belangrijkste opgaven. Daar willen we als Alliantie keihard op gaan inzetten. Zonder dat vertrouwen in elkaar gaan we het niet redden. We realiseren ons dat als Alliantie. En daarin hebben we nog een lange weg te gaan. Alliantie Zuidoost We doen het met nadruk met elkaar. Om die reden is de Alliantie Zuidoost in het leven geroepen. Scholen (P.O. en V.O.), corporaties, Rijk, politie, Openbaar Ministerie, maatschappelijke partners op het gebied van welzijn, (jeugd)hulp, ondernemers, werkgevers en kunst- en cultuursector, gemeente en bewoners: gezamenlijk slaan we de handen ineen. Al deze partijen zijn in de Alliantie vertegenwoordigd. We werken samen, als bewoners, ouders, opvoeders, maatschap-

pelijke partners, vrijwilligers en professionals met de jongeren en kinderen van nu, de volwassenen van de toekomst. Dat betekent dat we voor een lange periode gaan investeren op het gebied van wonen, veiligheid, opleidingskansen en werkgelegenheid voor de bewoners. “Wij zijn de mensen die de problemen gaan oplossen. Maak gebruik van ons. Wij zitten in de haarvaten van het stadsdeel. Wat ik het stadsdeel voor 2040 toewens? Minder armoede. Kansen voor iedereen. Respect voor elkaar.” (citaat bewoner)

We gaan het anders doen Hoe? Door vanuit kennis, inzicht en ervaring van zowel bewoner als professional met elkaar te bouwen. Dat doen we door continu de dialoog met elkaar te zoeken. We gaan er allen in met een open instelling. Met respect voor het standpunt van de ander. En altijd met de wil iets te leren van elkaar. Als Alliantie realiseren we ons, dat we anders moeten gaan werken om succes te kunnen boeken. Grote organisaties als de gemeente bouwden in het verleden vooral met stenen - en minder aan mogelijkheden van de mensen die er wonen. Dat is historisch zo gegroeid. In het hier en nu lijken we vooral en te vaak te willen controleren. Op die manier bouwen we niet aan iets moois, maar houden we dingen in stand. Het Masterplan staat voor lef, voor trots, voor actie. Het roer moet om. Twintig jaar lang investeren Zuidoost kent veel ingewikkelde vraagstukken. Het kost tijd om daar verandering in te brengen. Daarom verbinden alle partijen zich voor ten minste twintig jaar aan Zuidoost. Alleen dan kun je grote veranderingen voor elkaar krijgen. Het Masterplan is de basis voor al deze veranderingen. Een plan dat niet in beton gegoten is, maar wel duidelijk richting geeft. Want de werkelijkheid is vaak anders dan we op papier bedenken. We kunnen niet alles weten. We willen vooral veel ruimte voor verrijking, verrassing, initiatief.

Naast alle uitdagingen is Zuidoost vooral ook een stadsdeel dat bruist. Die kracht willen we benutten. Het stadsdeel moet wel veiliger worden dan het nu op sommige plekken is. Iedereen moet dezelfde kansen hebben in onze stad, onafhankelijk van waar je woont.

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

7

Wie maakten dit plan? De Alliantie, in samenwerking met de bewoners van het stadsdeel. We organiseerden meerdere gesprekken, (digitale) bijeenkomsten, ontmoetingen, zo goed en zo kwaad als dat kan in coronatijd. De ogen van Nederland zijn al langere tijd op Zuidoost gericht. Hoe bouw je een inclusieve en diverse samenleving? Hoe geef je taalbeheersing een stevige plek in de ideale basisschool en VO-school? Hoe realiseer je meer betaalbare woningen voor jongeren? Hoe pak je met je bewoners – van jong tot oud – de gevoelens van onveiligheid aan? Zuidoost laat op een aantal vragen al een antwoord zien. Ons mooie stadsdeel heeft hier van oudsher al ervaring mee.

Dat was, is, onze gezamenlijke inspiratie bij het maken van dit plan. Dit zal ook de komende twintig jaar een belangrijke bron van inspiratie zijn. Maar voor alles geldt: We doen het samen. Het Masterplan is van bewoners en van de Alliantie samen. Ook binnen de Alliantie zijn bewoners met nadruk vertegenwoordigd. Gezamenlijk verrijken en verbeteren we ons plan. Op ieder moment. Nu. In de nabije en in de verdere toekomst. Vanaf januari 2021 is er een website beschikbaar waarop bewoners en andere geïnteresseerden alle ontwikkelingen kunnen volgen en terecht kunnen met vragen, suggesties, goede ideeën. We zoeken continue de dialoog met elkaar.

“Verbinding, dat is waar het nog aan ontbreekt in Zuidoost. Er is ongelofelijk veel potentie in dit stadsdeel. Maar het zijn eilandjes. Die moeten we met elkaar verbinden met het grotere geheel. Daarmee kunnen we ongelofelijk veel bereiken voor Zuidoost.” (citaat bewoner)

Wat willen we aanpakken? Het Masterplan Zuidoost gaat over alle leefgebieden en haar inwoners. Het gaat over wonen, werken, opgroeien, het ontwikkelen van talenten. Het gaat over kansengelijkheid. We formuleerden vijf ambities, die leidend zijn hierbij. Hier gaat het om: 1.

Inwoner zijn van Zuidoost betekent dat je in alle opzichten volwaardig, geaccepteerd en gerespecteerd burger bent van Amsterdam;

2.

In Zuidoost opgroeien en wonen betekent dat je goed en veilig woont en over straat kunt gaan;

3.

In Zuidoost opgroeien en wonen betekent dat je alle kansen en mogelijkheden hebt om je te ontwikkelen, te groeien en talenten te ontplooien;

4.

In Zuidoost zijn we trots op onze positie als economische toplocatie, op ons ondernemerschap en onze creativiteit en investeren we wederkerig daarin en in werk voor onze inwoners;

5.

Zuidoost verandert het bestuur: In Zuidoost heb je te maken met één overheid, die transparant, flexibel en effectief is en stuurt vanuit het belang van het gebied en haar inwoners

De aanloop naar het Masterplan

Samen op weg naar 2040 met de volgende drie doelen, maatschappelijke effecten voor ogen: 1. 2. 3.

Duurzame verbetering van het perspectief van de jeugd; Duurzame verbetering van de veiligheid; Duurzame verbetering van de leefbaarheid.

Hoe gaan we het aanpakken? De doelen helpen ons om scherp te zijn en te blijven op onze inspanningen. Waarom deze vijf ambities? Omdat ze gezamenlijk bijdragen aan het bereiken van onze doelen. We hebben de ambities op hun beurt opgeknipt in een aantal doorbraken, maatregelen en ontwerpen. Ook aansprekende initiatieven vanuit de buurten zelf krijgen hier uiteraard een plek. Zo maken we met elkaar concreet waar we naar toe willen. We monitoren bij iedere stap wat we doen, we meten wat de toegevoegde waarde ervan is en we maken ook de voortgang op de maatschappelijke effecten, de doelen meetbaar. Inhoudelijk deskundigen deden voorstellen voor de doorbraken, maatregelen en ontwerpen. Bewoners, ondernemers en andere maatschappelijke partners van Zuidoost hadden hier een belangrijke stem in. Ook de bouwstenen die zij aandroegen, zijn terug te vinden in de voorstellen. Zij zijn immers vertegenwoordigd in de Alliantie. Waar gaat het dan om? Het gaat hier om doorbraken die kansrijk zijn, soms gedurfd, en soms gewoon om veel doorzettingsvermogen vragen. Sommigen zijn op de korte termijn te realiseren. Sommigen vereisen meer tijd, doordat andere samenwerkingsvormen, nieuw beleid of nieuwe regelgeving nodig is. De Alliantiepartners gaan er alles aan doen om dit samen te realiseren en de voorwaarden te scheppen waarop dit ook echt kan! In het Masterplan staat wat we extra doen.

Wat de extra inspanning is bovenop wat er al gebeurt en wat voor het overgrote deel gewoon door zal gaan. We stoppen niet met wat we al deden. Behalve als het niet blijkt te werken. Met elkaar zetten we de stap naar meer dan goed genoeg en blijvend goed genoeg. “Op naar een duurzame samenleving. Twintig jaar is een aardig streven. Ik schat zelf dat het veel sneller kan! Er is nu al een nieuwe generatie in Zuidoost aan het opstaan met ongelofelijk veel talent, veel bagage. Dat zijn de verbinders. Zij kunnen anderen meenemen hierin.” (citaat bewoner)

8

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

9

WAAROM EEN MASTERPLAN? 2040 Iedereen wil graag in Zuidoost zijn. Om te leven, te wonen en te werken. Om kinderen te krijgen, op te groeien en naar school te gaan. Wat Zuidoost uniek maakt is in de afgelopen twintig jaar niet veranderd - al is Zuidoost bijna verdubbeld in aantal inwoners en in woningen. In alle opzichten is Zuidoost nog meer dan ooit tevoren een divers stadsdeel. Een voorloper en een voorbeeld voor het hele land voor de inclusieve, diverse, energieke samenleving die Nederland wil zijn, waarin iedereen mee doet en mee kan doen. Mensen van vele culturen, achtergronden, en uiteenlopende sociaaleconomische positie leven niet alleen naast maar vooral ook met elkaar. Als je denkt aan Zuidoost en de bewoners van Zuidoost dan denk je automatisch aan levenskracht, veerkracht en veelzijdigheid. En aan een prachtig groen, ruim deel van Amsterdam waar ruimte is voor iedereen. Ongeacht je inkomen kun je in Zuidoost een goede woning vinden. In veel van de nieuwe huizen wonen mensen die eerst ergens anders in het stadsdeel of in een ander deel van de stad woonden. In een omgeving waar je veilig de straat op kunt, ongeacht het uur van de dag; waar kinderen veilig naar school gaan en in de buurt kunnen spelen. Mensen hebben werk en iedereen kan daar goed van leven. Bewoners voelen zich veilig. Thuis, op school, op straat, overal.

Voor vragen over uiteenlopende leefgebieden kunnen bewoners dicht bij huis terecht. Op school. Ouders kunnen daar ook terecht met al hun opvoedingsvragen, bij dat ene vertrouwde gezicht in de buurt. Ook excellent onderwijs is voor iedereen in de buurt, op alle niveaus. Zuidoost heeft intussen een reputatie als het om uitstekend onderwijs gaat. Met de beste leerkrachten. Ieder kind krijgt veel persoonlijke aandacht en kan zijn talenten optimaal ontwikkelen. Schoolresultaten liggen op hetzelfde niveau als iedere willekeurige andere plek in de stad en in Nederland.

Terug naar 2020 Ook in 2020 gaat het goed met Zuidoost, en met veel inwoners. De grote stedelijke vernieuwingsoperaties van de jaren negentig, nul en tien zijn een succes geweest. De inrichting van de openbare ruimte is veranderd en verbeterd. Veel mensen wonen nu veel prettiger dan twintig jaar geleden. Mensen met een wat hoger inkomen konden daardoor in Zuidoost blijven wonen. Eerder waren daar eigenlijk geen mogelijkheden voor. Het groene karakter van het stadsdeel is versterkt. Veel scholen zijn vernieuwd, op veel plekken is het goed toeven in Zuidoost. Het stadsdeel heeft daar de voor haar zo kenmerkende sociale cohesie behouden. Een nieuwe generatie hoogopgeleide inwoners staat op, met veel potentie. Met deze omvangrijke stedelijke vernieuwingsoperaties werd een aantal vraagstukken echter niet opgelost. Vraagstukken die hun oorsprong vinden in maatschappelijke of economische factoren. Soms is de omgeving daarbij van invloed. Er zijn daarom nog steeds mensen in Zuidoost die kampen met achterstanden. In sommige buurten is er onvoldoende perspectief voor jongeren. Werkloosheid is een vaak voorkomend fenomeen. Veel mensen lukt het niet om op eigen kracht uit zo’n situatie te komen. Dat beperkt verschillende generaties in hun ontwikkeling. De gemeente en maatschappelijke partners hebben deze vraagstukken de afgelopen jaren soms onvoldoende het hoofd kunnen bieden.

Dat heeft deels te maken met onze manier van werken, en hoe we samenwerken met andere partijen. Niet efficiënt genoeg. En het ontbrak vaak aan een integrale, multidisciplinaire uitvoering. Plek voor iedereen; 1 Zuidoost Stadsdeel Zuidoost gaat de komende twintig jaar behoorlijk groeien. Er worden duizenden nieuwe woningen bijgebouwd, inclusief

de daarbij behorende voorzieningen zoals parken, scholen en gezondheidscentra. Deze nieuwe woningen worden voor een groot deel in de gebieden Amstel III en ArenAPoort gebouwd. Gebieden die nu nog een monofunctionele werkfunctie hebben. Maar ook in de bestaande woonbuurten komen er tot 2040 veel woningen bij. Een tweedeling tussen bestaande en nieuwe buurten willen we daarbij tegengaan. We zorgen daarom voor verbinding tussen de bestaande en nieuwe buurten. Denk hierbij niet alleen aan wegen en paden, maar juist ook aan economische en sociale verbinding. We willen dat de nieuwe woonbuurten tot bloei komen met hulp van alle rijkdom die Zuidoost te bieden heeft. Daarbij zullen huidige bewoners en ondernemers volop kunnen profiteren van alle ontwikkelingen. Samen werken we aan een stadsdeel waar huidige en nieuwe bewoners en ondernemers elkaar in alle buurten ontmoeten. Een stadsdeel dat kansen biedt aan iedereen, nu en in de toekomst.

pelijke partners op het gebied van welzijn, (jeugd)hulp, ondernemers, werkgevers en de kunst- en cultuursector: gezamenlijk slaan we de handen ineen. We doen dit samen met bewoners, ouders en opvoeders, met de jongeren en kinderen van nu, de volwassenen van de toekomst. Onze aanpak is daarbij gebiedsgericht. De mensen in Zuidoost staan hierbij centraal. Doorlopend kijken we naar de vraag en naar de wensen van bewoners. Wat hebben zij nodig in hun wijk of in hun buurt? We benoemen deze vraag en creëren oplossingen daaromheen. Niet andersom. Als maatschappelijke partners gaan we anders werken dan we voorheen gewend waren. We kiezen voor een aanpak die alle leefgebieden beslaat. We richten ons op alle bewoners, met een focus op jeugd en jongeren, en hun ouders/verzorgers. Op die manier kunnen zij in 2040 profiteren van onze gezamenlijke inzet.

Aanpak We staan voor de maatschappelijke opdracht om wezenlijke veranderingen voor elkaar te krijgen in Zuidoost. We zetten in op een brede maatschappelijke aanpak voor Zuidoost, haar inwoners en haar ondernemers. Daarom gaan we veel inzet plegen op gebied van wonen, veiligheid, opleidingskansen en werkgelegenheid voor de bewoners. We? Dat zijn we met elkaar. Geen enkele partij uitgezonderd. Gemeente, de scholen, de corporaties, het Rijk, de politie, het Openbaar Ministerie en andere veiligheidspartners, maatschap-

Zuidoost groeit In Zuidoost wonen anno 2020 zo’n 90.000 mensen waarvan 35% jonger is dan 27 jaar. Dat zijn ruim 31.000 kinderen en jongeren tussen 0 en 26 jaar in Amsterdam Zuidoost. Tot 2030 komen er tussen de 30.000 en 39.000 woningen bij (bron: ‘Investeringen in de juiste balans’, mobiliteitsprogramma Zuidoostflank, 14-01-21). Tot 2030 is de verwachting dat er ruim 60.000 nieuwe inwoners bijomen, daarvan is een aanzienlijk deel jonger dan 26. De groep tussen 0-3 neemt het meest toe, gevolgd door de groep 23-26 jarigen.

ANALYSE EN DUIDING (nb: voor alle cijfers geldt: Bron: OIS, 2020)

Ontwikkeling stadsdelen, 2001-2019 Bevolkingsprognose Zuidoost 2020-2050 naar leeftijdsgroep 8,3 8,1

8,1

7,9

7,8 7,7

7,7 7,5 7,3

7,3

7,1

7,1

6,9 6,7

6,7

6,5 6,3 2001

2003 Centrum

10

2005 Zuid

2007

2009 Noord

2011 Oost

2013

2015

2017

Nieuw-West

Zuidoost

West

2019 Bron: OIS, 2020

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

11

Woningvoorraad De (stedelijke) vernieuwing van de Bijlmermeer heeft tot grote veranderingen geleid in de inrichting van de openbare ruimte. In verlaging van veel dreven, bijvoorbeeld. Maar het had ook invloed op de woningvoorraad. Er kwam meer variatie in het woningaanbod. Van voornamelijk galerijflats naar meer eengezinswoningen. Het grote aantal sociale huurwoningen nam af, het aantal koopwoningen nam toe. Dit had ook invloed op de bevolkingssamenstelling. Meer mensen met een vaste baan en een wat hoger inkomen wisten het stadsdeel te vinden. Een aantal cijfers: 1995 - 2014: 7.000 woningen gesloopt; 1995 - 2019: 12.000 woningen in aanbouw genomen; In aanbouw genomen sinds 1995: 21% sociale huur, 20% studenten- en jongeren, 16% middeldure huur en 43% vrije sector; Woningvoorraad: 13% koop in 1997 en 31% koop in 2019; Cijfer buurtwaardering: van 6,5 in 2001 naar 7,1 in 2019; Woningprijzen gestegen, vooral in 2020.

• • •

• • •

In grote delen van Zuidoost – vooral in de ontwikkelbuurten (zie ook verderop) - is de woningvoorraad echter nog steeds eenzijdig samengesteld. Per buurt willen we graag bekijken of dit anders kan, en hoe we dit kunnen veranderen, de krapte op de woningmarkt ten spijt. Hier gaan we binnen de

kaders van het Masterplan voortvarend mee verder. Zo ziet de woningvoorraad er op dit moment per buurt uit: De bestaande woningvoorraad komt niet tegemoet aan de vraag en behoefte van veel bewoners in Zuidoost. Hetzelfde kan gezegd worden van veel (geplande) nieuwbouw. Veel stadsdeelbewoners hebben grote behoefte aan betaalbare woningen, in het segment laag-middelduur, zowel in de koop- als in de huursector. Daarnaast is er een grote vraag naar jongerenwoningen. Thuiswonende jongeren in Zuidoost zijn relatief de oudste van Amsterdam: 30% is ouder dan 28 jaar. Er zijn flink wat jongerenwoningen bijgekomen in Zuidoost de afgelopen jaren. Toch gaat het hier vooral om studentenwoningen die bewoond worden HBO/WO-ers die meestal van elders komen. Door enerzijds de eenzijdige voorraad in de bestaande bouw en anderzijds de ‘dure’ nieuwbouw kunnen sociale stijgers uit Zuidoost zelf heel moeilijk aan een passende woning in de buurt komen. Sociaal-economische situatie In Zuidoost wonen relatief veel jongeren in een huishouden met een minimuminkomen. De afgelopen jaren zagen we overigens een daling van 33% in 2014 naar 26% in 2018. Er zijn in het stadsdeel relatief veel jongeren in een éénoudergezin in vergelijking met het stedelijk gemiddelde. Daarnaast hebben relatief veel jongeren laagopgeleide ouders. Een stapeling van deze kenmerken kan huishoudens extra kwetsbaar maken.

Woningvoorraad per segment, per buurt Verdeling van segmenten in Amstedam Zuidoost (op buurtniveau)

Aandeel jongeren (0-26) in een minimahuishouden, 2018

Aandeel werkloze jongeren (15-26), 2019

(procenten)

(procenten)

30

10

26

17

0

6,5

0 Zuidoost

Amsterdam

Zuidoost

Amsterdam

Aandeel jongeren (0-26) in een éénoudergezin, 2018 (procenten) 40

38

21

0 Zuidoost

Amsterdam

Het aantal en aandeel jongeren met een uitkering is in Zuidoost hoger dan gemiddeld. In 2019 was 8% van de jongeren (15-26 jaar) werkloos, dat is hoger dan gemiddeld in Amsterdam (6,5%). Jongeren werken even vaak als gemiddeld in Amsterdam, dat geldt voor alle opleidingsniveaus. Relatief veel mensen hebben een laag inkomen, op of rond het minimum. Dat geldt niet alleen voor mensen die een bijstandsuitkering hebben. Ook werkenden verdienen lang niet altijd genoeg om rond te komen. Sommigen hebben meerdere laagbetaalde banen. De financiële zelfredzaamheid is daardoor beperkt.

Legenda Buurtgrenzen Corporatie Particuliere huur Koop

Zuidoost

Amsterdam

Netto arbeidsparticipatie

62%

69%

Geregistreerde werkloosheid

17,1%

13,2%

5%

4%

Minimahuishoudens

23,9%

16,5%

Personen met bijstand

8,5%

5,7%

Schulden: Vroeg erop af

4,4%

2,5%

Schulden: SHV

4,1%

2,2%

Werkloosheid

1

12

8

Gebied

Bijstandsuitkering

WWuitkering

Arbeidsongeschiktheids uiterkering

Zuidoost

2,2

1,0

1,8

Amsterdam

2,0

0,7

1,4

Meest recente cijfers op moment van schrijven komen uit 2016, op afzienbare tijd worden actuele cijfers verwacht, zodra die bekend zijn, worden ze toegevoegd

Sociaalmaatschappelijke situatie: meer en vaker stapeling van kwetsbaarheden Een laag inkomen, een laag opleidingsniveau, geen werk en hoge zorgkosten kunnen zorgen voor kwetsbaarheid, vooral als deze kenmerken stapelen. In Zuidoost heeft 18% van de inwoners een sterk verhoogde kwetsbaarheid doordat drie of vier kenmerken stapelen. De samenstelling van de woningvoorraad in combinatie met bestaande toewijzingscriteria voor sociale huur kunnen daarnaast (ongewenst) zorgen voor een eenzijdige bevolkingssamenstelling in bepaalde buurten. Ofwel: ruimtelijke concentratie van kwetsbare mensen. De gebieden die in onderstaande kaart blauw kleuren, zijn niet toevallig ook de gebieden met een relatief zeer hoog percentage sociale woningvoorraad (> 70%). Aandeel meest kwetsbare bewoners naar buurt, 2018. Scoren op 3 of meer indicatoren verhoogd kwetsbaar (opleiding, werk, inkomen en/of gezondheid)

Donker groen is beter dan gemiddeld, grijs gemiddeld, donkerblauw is veel slechter dan gemiddeld (Amsterdam).

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

13

Laaggeletterdheid/volwasseneneducatie Stadsdeel Zuidoost heeft een hoog percentage laaggeletterden. Het percentage laaggeletterden was in 2016 het hoogst van de stad. Laaggeletterdheid betreft de basisvaardigheden taal, rekenen en digitale vaardigheden. Dit heeft grote invloed op uiteenlopende leefgebieden: gezondheid, financiële redzaamheid, werk, zelfredzaamheid en ouderschap. Laaggeletterdheid wordt vaak overgedragen van generatie op generatie. Het is moeilijk om deze groep te bereiken. De komst van het Covid-19 virus heeft dit alleen maar versterkt. De stad wil hier iets aan doen met het taaloffensief, maar daar zijn tot op heden maar een beperkt aantal instanties bij aangesloten.

Inclusie en discriminatie Verschillende onderzoeken (van o.a. Amnesty International, Sociaal Cultureel Planbureau, 2020) wijzen uit dat in Nederland een op de drie Turkse en Marokkaanse Nederlanders, een kwart van de Surinaamse Nederlanders, een op de vijf Antilliaanse Nederlanders en 16 procent van de migranten uit Midden- en Oost-Europa discriminatie door de politie ervaart (bron: Amnesty.nl). Ook in Zuidoost ervaren inwoners vaker dat ze gediscrimineerd worden dan de gemiddelde Amsterdammer, op de werkvloer, bij sollicitaties. Sommige bewoners geven aan met enige regelmaat te worden geconfronteerd met ronduit racistische uitingen. Volwassenen ervaren vaker sociale uitsluiting, eenzaamheid en gevoelens van onvoldoende regie op het leven dan gemiddeld in Amsterdam. In Zuidoost is er minder vertrouwen of zelfs groter/vaker wantrouwen naar instanties zoals de overheid (gemeente), corporaties, politie (zie ook later bij veiligheid). Dit heeft deels zeker ook te maken met racisme en andere vormen van discriminatie.

Onderwijs Basisonderwijs en speciaal basisonderwijs Basisonderwijs

Speciaal basisonderwijs

• 27 basisscholen • 6765 leerlingen • 3950 doelgroepleerlingen (ouders laagopgeleid en/of laag inkomen - dit zijn 16% van alle doelgroepleerlingen in de Stad. • 19% van het budget kansengelijkheid afd. Onderwijs gaar naar ZO. • 58% is doelgroepleerling in Zuidoost vs. 35% voor de rest van Amsterdam

• • • • •

2 SBO scholen 176 leerlingen ± 125 doelgroepleerlingen =71% is doelgroep in Zuidoost SBO In de rest is dit percentage 67%

Voortgezet Onderwijs Voortgezet Onderwijs

Kaart

• • • •

4 VO scholen: OSB, Lely, Bindelmeer en de Dreef 3005 leerlingen ± 1700 doelgroepleerlingen 57% is doelgroepleerling in Zuidoost, alleen Nieuw-West heeft een hoger percentage • 40% is doelgroep in de rest van Amsterdam

Bron: factsheet regionale laaggeletterdheid Amsterdam, Cinop, Etil, Kohnstamm Instituut, ROA, 20161

14

Kinderen De kans op het volgen van lager onderwijs dan het basisschooladvies neemt toe als je opgroeit in armoede, in een eenoudergezin of wanneer je ouders laagopgeleid zijn. Dit komt allemaal vaker voor in Zuidoost dan gemiddeld in Amsterdam. Jongeren in Zuidoost volgen vaker onderwijs op de laagste niveaus van het voortgezet onderwijs dan andere Amsterdamse jongeren. Kinderen in Zuidoost zijn gemiddeld net zo intelligent als ieder ander kind in Nederland. Alleen hebben kinderen in Zuidoost in praktijk niet dezelfde kansen. Daar hebben ze hun hele schoolcarriere last van.

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

15

We zien lagere basisschooladviezen; lagere instroom in het VO; minder kans om met een hoger diploma te eindigen; lagere uitstroom uit het VO; vaker een vervolgopleiding op MBO niveau; minder vaak richting WO; vaak geen werk of laag betaald werk. Recent inzicht laat zien dat je de lat bij een kind beter hoog kunt leggen. Bij twijfel liever een hoger dan een lager schooladvies. Het kan een kind uitdagen om beter te presteren. En dat vergroot zijn kansen. Anderzijds zijn er ook inzichten dat een vroege voorselectie bij kinderen (op 10- of 11 jarige leeftijd) niet wenselijk is. Het kan ook een belemmering zijn voor de kansen en de vorming van een kind.

Ouders en opvoeders Thuisproblematiek in samenhang met onderwijsachterstand. Het is in Zuidoost vaker te vinden dan in andere stadsdelen. Het opleidingsniveau van ouders en hun inkomen zijn goede voorspellers van het diploma in het VO. In Zuidoost zijn die lager dan in andere stadsdelen. Weinig regie over het eigen leven (ervaren) komt vaker voor bij de volwassen bewoners in Zuidoost dan elders. Scholen helpen kinderen om te leren en om zich ontwikkelen. Wanneer ouders daarbij niet de gewenste ondersteuning kunnen bieden, kan dat eigenlijk alleen door school gecompenseerd worden.

Scholen Bekijk je het vanuit de kant van de school, dan kunnen de volgende factoren onderwijskansen negatief beinvloeden: • Te weinig leerwinst boeken vanwege de kwaliteit van onderwijs van betreffende school; • Kwaliteit en totstandkoming van het schooladvies; • Lerarentekort; • Kwaliteit en intensiteit van ouderbetrokkenheid/relatie met ouders; • Het ontbreken van een sterke relatie van de school met een professioneel netwerk (andere scholen, jeugdhulp, etc.).

De omgeving: leefbaarheid Kinderen en jongeren moeten kunnen opgroeien in een omgeving die stimuleert dat ze zich in alle vrijheid kunnen ontwikkelen. Dat is het ideaalbeeld. Een onveilige omgeving; bedreiging en angst; geen of verkeerde rolmodellen; geen of te weinig voorzieningen (in de openbare ruimte, activiteiten) en geen of te weinig toegang tot de aanwezige voorzieningen kunnen dat op een negatieve manier beinvloeden. Bewoners in Zuidoost waren tot voor kort net zo tevreden over hun leefomgeving als bewoners van andere stadsdelen. De waardering voor de leefbaarheid is tot 2015 gestegen, de afgelopen jaren neemt het iets af in het stadsdeel.

Daarnaast is het voor scholen heel moeilijk om de thuissituatie voldoende te kunnen compenseren als er te weinig mogelijkheden zijn (kwantitatief en kwalitatief) voor extra leertijd, extra begeleiding van kinderen die dat nodig hebben en aanbod voor brede talentontwikkeling. De ‘normaalsituatie’ in het onderwijs is voor de populatie en daarmee voor veel scholen in Zuidoost niet genoeg. Leerlingen behalen verschillende resultaten op verschillende scholen. Na correctie voor de achtergrondkenmerken van de leerlingen blijven er verschillen zichtbaar in de resultaten tussen scholen. De toegevoegde waarde verschilt. Sommige scholen halen goede resultaten op de streefniveaus, de adviezen en leerwinst (groei van de vaardigheden van leerlingen), andere minder. Veel scholen in Zuidoost scoren op een aantal indicatoren gemiddeld lager dan scholen in Nieuw-West en in Noord. In de hele stad is het lerarentekort een issue, maar scholen in Zuidoost worden hier onevenredig door getroffen.

16

is lager dan in andere stadsdelen. Uit literatuur blijkt dan ‘naschools aanbod’ in de breedste zin (denk aan sport, cultuur, huiswerkbegeleiding, hobby’s) plekken zijn waar kinderen op een informele manier veel extra’s kunnen leren en veel sociale vaardigheden opdoen. Dit is een totaal andere omgeving dan waar je ‘met vrienden rondhangt’. Bij naschoolse voorzieningen gelden meer regels en wordt een ander gedrag/aanpassingsvermogen van kinderen gevraagd. Omgeving: Ontwikkelbuurtenaanpak, hotspots daarbinnen, Weerbare Mensen Weerbare Wijken In Zuidoost zijn er zes ontwikkelbuurten: E/GNoord, Venserpolder, H-buurt, Holendrecht, Reigersbos en de K-buurt. De uitvoering van de ontwikkelbuurtplannen zal ertoe leiden dat de kwaliteit van wonen en leven in deze buurten flink vooruit gaat. In alle ontwikkelbuurten is zowel de woningvoorraad als de sociaal-economische samenstelling van de bevolking eenzijdig te noemen.

8,3 8,1 7,8 7,7

7,7 7,5 7,3

7,3

7,1

7,1

6,9 6,7

Rapportcijfers dat bewoners geven aan veiligheid buurt (1=zeer onveilig, 10=zeer veilig)

Bevolkingsprognose Zuidoost 2020-2050 naar leeftijdsgroep

7,9

Veiligheid De veiligheid in de eigen buurt wordt door de inwoners van Zuidoost met een voldoende beoordeeld, al voelen ze zich het vaakst ‘wel eens onveilig‘ in hun eigen buurt van heel Amsterdam. Percentage bewoners dat zich vaak onveilig voelt in de eigen buurt

Ontwikkeling stadsdelen, 2001-2019

8,1

alleen niet genoeg is. Vooral de meest kwetsbare bewoners wonen in deze hotspots. Meer kansrijke bewoners vertrekken er zodra ze de kans krijgen. Wie niets te kiezen heeft blijft. Intussen blijft instroom van kwetsbare bewoners toenemen. Vaak zien we ook verkamering in deze buurten waardoor de overlast toeneemt. G-buurt Noord, Venserpolder en Holendrecht West zijn te karakteriseren als de drie meest urgente hotspots. Daarop volgen delen van de H-buurt (Rechte, Hoptille, Haardstee) en de K-buurt. Voor Venserpolder specifiek is verweving met (vaak zware) criminaliteit en overlastgevend gedrag van (niet alleen) jongeren bijzonder groot. Dat heeft ertoe geleid dat daar in de loop van 2020 ook de buurtgerichte aanpak WMWW (weerbare mensen, weerbare wijken) gestart is – in nauwe samenhang met de ontwikkelbuurtenaanpak.

6,7

6,5

Zuidoost

7%

Zuidoost

6,4

Centrum

2%

Centrum

7,3

West

2%

West

7,1

Nieuw-West

6%

Nieuw-West

6,4

Zuid

2%

Zuid

7,5

Oost

2%

Oost

7,2

Noord

5%

Noord

6,7

Asmterdam

3%

Asmterdam

7

6,3 2001 Centrum

2003

2005 Zuid

2007 Noord

2009

2011

Oost

2013 Nieuw-West

2015

2017

Zuidoost

2019 West

Leefbaarheidsontwikkeling Toch scoort Zuidoost slechter als goede buurt om op te groeien als je naar het gemiddelde van de rest van de stad kijkt. Leefbaarheidswaardering is daar onder meer van invloed op. Zuidoost heeft vaker te maken met criminaliteit, en vooral high impact criminaliteit dan andere stadsdelen. Het gebruik van en aanwezigheid van sportvoorzieningen

Kaartje: De zes ontwikkelbuurten in Zuidoost

Toch zijn alle inspanningen voor een aantal (deel)buurten niet voldoende. De verschillen tussen buurten en mensen in Zuidoost - en dus ook binnen een paar ontwikkelbuurten - nemen toe. De stapeling van problemen in deze hotspots is er dusdanig groot dat ook de ontwikkelbuurten aanpak

De veiligheidsindex (= criminaliteitsindex + overlastindex + onveiligheidsbelevingindex) laat hogere indexcijfers zien voor Zuidoost ten opzichte van de rest van de stad en de regio. Bijlmer-Centrum staat voor alle drie de deelindexen in de top 3 van de 22 gebieden. Ook Bijlmer-Oost scoort hoog: dit gebied staat voor alle drie de deelindexen in de top 10. Gaasperdam/Driemond heeft een lagere indexscore voor criminaliteit en overlast, maar ook hier ligt de onveiligheidsbeleving hoog: het indexcijfer ligt net onder BijlmerCentrum en Bijlmer-Oost.

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

17

Zorgen van bewoners Als bewoners gevraagd wordt waar ze zich de meeste zorgen over maken als het over veiligheid en/of criminaliteit gaat, dan zijn dat: wapengeweld; afpersing door jongeren onderling; geweld door, en aantrekkingskracht van criminele drillgroepen; gangvorming; straatdealers; gebrekkige verlichting en tot slot overlast/intimidatie in gemeenschappelijke ruimten van wooncomplexen. Jongeren: Onveiligheid, criminaliteit slachtoffer en dader In Zuidoost voelen meer jongeren zich wel eens onveilig dan in de rest van Amsterdam. Ook zijn ze vaker van mening dat er veel criminaliteit is in hun buurt. Dit speelt het sterkst in Bijlmer Centrum. Daar hebben jongeren vaker dan gemiddeld te maken met huiselijk geweld (lichamelijk en geestelijk). Jongeren uit Zuidoost zijn vaker dan gemiddeld verdachte van een misdrijf. Dit zijn relatief vaak jongeren tussen de 12 en 17 jaar. Een kwart van de Top 400 en Top 600 Jongeren woont in Zuidoost. 12-17

18-24

Zuidoost

5,8

3,2

Amsterdam

3,6

2,5

Aandeel jongeren dat verdacht wordt van een misdrijf, 2019 (procenten) Opvallend aan de gepleegde straatroven, afpersingen en bedreigingen in Zuidoost is dat het vaak jongeren onderling betreft, waarbij kinderen en jongeren, soms bekenden van elkaar, elkaar als doelwit uitkiezen. Vaak zijn er messen en andere wapens in het spel. In toenemende mate zijn er steek- of vuurwapenincidenten, vaak tussen jongeren, soms gelieerd aan drills. Ook gangvorming en/of (faciliterende rol van) criminele drillgroepen in geweldsincidenten neemt toe. Dit speelt door het hele stadsdeel. Veel professionals hebben zorgen om jonge kinderen, vanaf ongeveer 10 jaar, en de aantrekkingskracht van criminaliteit op hen. In veel gevallen zijn dader en slachtoffer niet duidelijk te scheiden. Daardoor kunnen jonge, kwetsbare kinderen snel bij criminele praktijken of bij geweld betrokken raken. De straatcoaches zien dat de ambities van jonge kinderen soms openlijk bij criminaliteit liggen. Er bestaat grote zorg over deze verharding al op zeer jonge leeftijd. Professionals wijzen in dit kader op de

18

stapeling van problematiek die in een aantal buurten speelt onder bewoners. Denk aan financiële problematiek, maar ook LVB-problematiek; alleenstaand ouderschap; verloedering; overlast en criminaliteit in de buurt. Dit speelt onder andere in ontwikkelbuurten als de H-buurt, de K-buurt, de E/G-buurt, Reigersbos, Venserpolder en Holendrecht. De kwetsbaarheid versterkt enerzijds de aantrekkingskracht van criminaliteit, bijvoorbeeld waar sprake is van (het ervaren van) kansenongelijkheid. Anderzijds geeft dit bewoners een onveilig gevoel, waardoor zij soms het idee hebben dat de overheid er niet voor hen is en zij het zelf maar uit moeten zoeken. Ook op scholen in het stadsdeel komt al deze problematiek tot uiting en is soms onmiskenbaar zichtbaar. Armoede; afpersing; messenbezit; onveiligheidsgevoel; het door elkaar heenlopen van dader en slachtofferrol: het is er allemaal aanwezig. Ondermijnende internationale criminaliteit in Zuidoost Sociale, financiële en emotionele problemen zijn vaak een goede voedingsbodem voor criminaliteit. Vooral als criminaliteit wel kansen biedt op sociale stijging die er voor bepaalde groepen nauwelijks is. Jongeren stappen dan gemakkelijk de criminaliteit in. Waarom? Omdat de cadeaus en de middelen die hen worden aangeboden hen aanzien bieden. Al snel staan ze in het krijt en willen loyaal zijn.

Ze worden gedwongen, staan onder druk, of hebben eenvoudigweg het geld nodig.

omvang van de aanwezigheid van drugscriminaliteit in Zuidoost, is dat veel jongeren (steeds jonger) bereid zijn hierin te werken. Volgens politie en straatcoaches heeft dit te maken met het feit dat jongeren het idee hebben dat zij niets te verliezen hebben. Risicofactoren criminaliteit/knoppen om aan te draaien Uit meerdere wetenschappelijke onderzoeken (zie onder andere H. Boutellier) naar (achterliggende) oorzaken van criminaliteit komen de volgende risicofactoren naar voren: Sociaaleconomische factoren - Armoede, schulden - Gebrek aan perspectief - Geen werk/dagbesteding - Discriminatie - Huiselijk Geweld Kinder Mishandeling: veilige hechting, morele gewetens ontwikkeling

Persoonlijke factoren - Afkomstig uit kwetsbare (éénouder) gezinnen - Ontbreken vaderfiguur (gezag) - School drop-out - LVB/laaggeletterdheid - (geestelijke) gezondheidsproblemen Straat factoren - Slechte rolmodellen - Groepsdruk/afpersing - Social media - Aantrekkingskracht grote sommen geld Fysieke factoren - Gebrek aan verlichting - Gescheiden verkeersstromen (ogen op straat) - Gebrek aan levendige plinten (ogen op straat) Het verminderen en liefst zo veel als mogelijk verhelpen van deze risicofactoren zijn tegelijkertijd de knoppen waaraan gedraaid moet worden om de veiligheidssituatie te verbeteren en criminaliteit en crimineel gedrag terug te dringen.

Zuidoost wordt omschreven als het distributiepunt voor wat betreft cocaïne voor de Europese markt (zie ook: De achterkant van Amsterdam, Tops en Tromp, 2019/20). Het is een grote opgave om dit aan te pakken. Het gaat om naar schatting honderden personen en tientallen netwerken. Dat Zuidoost internationaal cocaïne-distributiepunt is, komt deels omdat enkele grote criminelen uit Zuidoost komen, waardoor deze netwerken zijn ontstaan en nog steeds goed functioneren. Maar ook doordat er door de jaren heen een grote secundaire economie is ontstaan in Zuidoost. Daardoor kan er gemakkelijk gebruik gemaakt worden van minder zichtbare structuren in de samenleving. Denk aan witwassen in winkel(centra), illegale woningverhuur en illegaal woninggebruik, snorders. Een derde essentiële schakel in de

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

19

Opgaven Masterplan Samengevat: Een kind uit Zuidoost met hetzelfde leervermogen als een kind uit Zuid, komt vaak niet tot hetzelfde niveau, dezelfde baan en hetzelfde salaris. Niet alleen in onderwijskansen is Zuidoost armer dan de meeste Amsterdamse stadsdelen. Ook in besteedbaar inkomen is het verschil opmerkelijk. Bovendien voelen veel bewoners in Zuidoost zich niet veilig. Dit is begrijpelijk. Er zijn de laatste jaren veel zware geweldsincidenten geweest, vooral onder de jeugd. Zowel naar aantal als naar aard is dat onacceptabel. De conclusie van bovenstaande analyse kan niet anders zijn dan dat er in Zuidoost sprake is van structurele en gebiedsgebonden kansenongelijkheid van met name de jeugd in vergelijking met Amsterdam en Nederland. De onveiligheid in bepaalde buurten maakt dat juist de allerkwetsbaarsten zich niet optimaal kunnen ontwikkelen. Voor hen liggen er beduidend minder kansen voor het grijpen. De kloof verdiept zich verder sinds de komst van het Covid-19 virus. Als we niet oppassen wordt de achterstand alleen maar groter. Omdat kwetsbare groepen (lage sociaaleconomische status, migratie, opleiding, inkomen) oververtegenwoordigd zijn in Zuidoost, treft de pandemie juist dit stadsdeel buitenproportioneel hard. Maar ook binnen het stadsdeel worden de verschillen groter, wordt de kloof breder, als we niets doen.

De komende twintig jaar komen er 39.000 woningen bij, de bevolking zal verdubbelen. Het kan niet zo zijn dat de kloof tussen arm en rijk, tussen kansrijk en kansarm er eentje wordt tussen bestaande en nieuwe bewoners van Amsterdam Zuidoost. Willen we dat voorkomen dan moeten we ook hierop nu gaan bijsturen. De opgaven waar we gezamenlijk voor staan zijn: • Hoe doen we de geschetste kansenongelijkheid teniet? • Hoe voorkomen we dat de ongelijkheid toeneemt, door onder andere de gevolgen van Covid-19? • Hoe maken we de geschetste kloven minder diep, hoe voorkomen we dat ze dieper worden? • Hoe zorgen we dat het stadsdeel veiliger wordt, overal en voor iedereen? • Hoe voorkomen we dat het voor sommige nog onveiliger wordt?

20

Ofwel: Aan welke knoppen moeten we draaien om structureel het tij te keren voor iederéén in Zuidoost? Wetenschappelijk onderzoek naar kansen(on)gelijkheid geeft stevige aanknopingspunten om kansengelijkheid te bevorderen. Deze sluiten aan bij de risicofactoren voor criminaliteit zoals hierboven geschetst. Beide wetenschappelijk gefundeerde inzichten vormen de basis voor de aanpak die de Alliantie voorstaat. Onze aanpak moet deze honken raken. Om deze complexe problematiek het hoofd te bieden, is een integrale aanpak nodig met interventies op verschillende niveaus in verschillende domeinen in de levenssfeer van inwoners. Daarbij is effectievere samenwerking vanuit de verschillende onderwerpen een belangrijke randvoorwaarde. Het gaat daarbij om inhoudelijk (landelijk en gemeentelijk) beleid, interventies in de communities, versterken van samenwerking met en tussen professionals, vrijwilligers, sleutelfiguren, ondernemers, en andere partijen. Deze samenhangende inspanningen zorgen ervoor dat veranderingen duurzaam kunnen worden verankerd. Door met het Masterplan vol in te zetten op onderwijs, jeugd en gezin, wonen (breed) en werk pakken we de oorzaken van kansenongelijkheid structureel aan. Voor ieder gezin dat dit nodig heeft, is er laagdrempelige opvoedondersteuning dichtbij huis.

Het doorbreken van intergenerationele problemen op gebied van armoede, werkeloosheid, schulden, stress staat daarbij centraal. Op het gebied van gezondheid van kinderen (en hun opvoeders) en volwassenen wordt in Zuidoost al een aantal jaren fors ingezet met programma’s Amsterdamse Aanpak Gezond Gewicht en Gezonde Stad, waarbij het doel is dat de kinderen in Zuidoost dezelfde gezondheidscijfers gaan halen als de kinderen in Amsterdam en vervolgens op Nederlands niveau komen. Daarom is extra inzet hierop niet nodig en is dit geen onderdeel van het Masterplan.

1. Re-cap: Wat weten we over oorzaken kansenongelijkheid en wat werkt? Algemeen • Investeringen aan het begin van het leven realiseren de hoogste impact • Brede buurt-gebaseerde programma's voor duurzame verbetering

Huishouden / Achtergrond • Opvoedkundige vaardigheden en mogelijkheden ouders belangrijkste determinant • Financiële stabiliteit en gezondheid

Systeem • Barrières op systeemniveau op Onderwijs, Gezondheid, Wonen en Werk & Inkomen • Beperkte toegankelijkheid overheidsdiensten voor kwetsbaren is extra belemmering

Buurt • Samenstelling van bewoners heeft effect o.a. via rolmodellen • Het tegengaan van segregatie in wonen en onderwijs kan kansenongelijkheid verkleinen

Informele gedragsregels • (Onbewuste) discrimintatie is extra belemmering • Identiteit en zelfvertrouwen zijn belangrijk voor ontwikkeling individu

Bron: Verkenning Kansenongelijkheid 2019

In veiligheid opgroeien is de basis van alles. Alleen in een veilige situatie kun je jezelf in alle vrijheid ontwikkelen en heb je optimale mogelijkheden om kansen te krijgen en te grijpen. Voor inclusie, meedoen en tegengaan van discriminatie geldt precies hetzelfde. Zeer cruciale en belangrijke waarden. Vanwege het grote belang zijn ze daarom de eerste ambitie van de Alliantie en van dit Masterplan.

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

21

AMBITIES Nu we de aard van de opgaven doorgrond hebben, kunnen we formuleren waar we als Alliantie voor willen gaan. Op wie we ons specifiek richten, wat onze ambities zijn en welke maatschappelijke effecten (doelen) we willen bereiken. Elk kind en elke jongere in Zuidoost voelt zich gezien, gehoord, gewenst, geliefd en hoort erbij. Ieder kan zich in alle vrijheid en naar vermogen ontwikkelen - in een veilige omgeving waar het fijn is om te zijn. Kinderen die nu in Zuidoost geboren worden, moeten als ze straks twintig zijn minimaal dezelfde kansen en mogelijkheden hebben als ieder ander kind in Amsterdam, en in Nederland. Ze moeten in dezelfde veilige omstandigheden kunnen opgroeien als elk willekeurig ander Nederlands kind. We zijn hierbij ongeduldig. Want we willen ook kinderen en jongeren die nu opgroeien zo snel mogelijk alle kansen bieden. Ook zij moeten de kans krijgen om hun talenten te ontwikkelen en veilig op te groeien. Zo snel mogelijk. Om dit voor elkaar te krijgen, zullen we met elkaar een forse krachtsinspanning moeten leveren. Bewoners, jongeren zelf, werkgevers, leerkrachten, sporttrainers, beroepskrachten van het Ouder- en Kindteam, de woningcorporaties, politie, de medewerkers van de winkels, de buurtgenoten, de bezoekers, het Rijk – alleen samen kunnen wij hiervoor zorgen. Vijf ambities De opgaven waar we voor staan zijn omvangrijk, complex en ‘wicked’.

Duurzame en structurele verbeteringen kosten tijd en vragen om een langdurige en gezamenlijke doelgerichte inzet, van alle partijen, op gebied van onderwijs en jeugd, veiligheid, werk, wonen en leefbaarheid. Om dit te bereiken gaan we de komende twintig jaar gezamenlijk voor de volgende vijf ambities. Voor alle vijf geldt dat de lat hoog ligt, alleen dan bereiken we wat we willen en met minder nemen we geen genoegen: 1. Inwoner zijn van Zuidoost betekent dat je in alle opzichten volwaardig, geaccepteerd en gerespecteerd burger bent van Amsterdam; 2. In Zuidoost opgroeien en wonen betekent dat je goed en veilig woont en over straat kunt gaan; 3. In Zuidoost opgroeien en wonen betekent dat je alle kansen en mogelijkheden hebt om je te ontwikkelen, te groeien en talenten te ontplooien; 4. In Zuidoost zijn we trots op onze positie als economische toplocatie, op ons ondernemerschap en creativiteit en investeren we wederkerig daarin en in werk voor onze inwoners; 5. Zuidoost verandert het bestuur: In Zuidoost heb je te maken met één overheid, die transparant, flexibel en effectief is en stuurt vanuit het belang van het gebied en haar inwoners. Deze ambities worden in het volgende hoofdstuk concreet uitgewerkt in doorbraken, maatregelen, inspanningen en ontwerpen.

22

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

23

I. Duurzame verbetering van het perspectief voor de jeugd

2025

In 2025 is er vooruitgang te zien (op de bijbehorende indicatoren) in de ontwikkeling van kansen en mogelijkheden van de kinderen in Zuidoost op ontplooiing en talentontwikkeling. Dit geldt voor alle kinderen in Zuidoost – en niet alleen de kinderen die in ontwikkelbuurt of in hotspots opgroeien.

2030

In 2030 hebben alle kinderen en jongeren van Zuidoost dezelfde mogelijkheden om zich volledig te kunnen ontplooien. Net als iedereen in Amsterdam, ongeacht in welke buurt je woont. Zuidoost heeft de kansenongelijkheid van de jeugd ingelopen op de rest van de stad.

2040

In 2040 hebben alle kinderen en jongeren van Zuidoost dezelfde mogelijkheden om hun ambities te realiseren – net als alle andere kinderen in Nederland. Zuidoost heeft de kansenongelijkheid van de jeugd ingelopen op de rest van het land.

Meetbaar maatschappelijke effecten bereiken We richten ons primair op de jeugd, en daarmee op hun opvoeders. Veiligheid is essentieel en de leefbaarheid moet optimaal in orde zijn. Dat zijn de drie belangrijke uitgangspunten in wat we voorstellen en willen gaan doen. Op die uitgangspunten willen we meetbaar maatschappelijke veranderingen zien gebeuren.

die bereikt worden door het aanpakken van de vijf ambities zorgen ervoor dat we deze drie overkoepelende maatschappelijke effecten daadwerkelijk kunnen realiseren. Daarom monitoren we de voortgang per ambitie ook op zogenaamde outcomeindicatoren. In bijlage 2 worden de indicatoren plus het maatschappelijk effect dat we nastreven per ambitie benoemd.

Door jaarlijks te monitoren op maatschappelijke effecten (outcome monitor) worden trends zichtbaar en kunnen we beter beoordelen of we op de juiste weg zijn of dat bijsturing of intensivering nodig is. Resultaten en maatschappelijke veranderingen

Onderstaand figuur laat de samenhang zien tussen ambities, maatschappelijke effecten en doorbraken. De doorbraken en maatregelen die voor elke ambitie zijn geformuleerd, worden in het volgende hoofdstuk toegelicht.

II. Duurzame verbetering van de veiligheid

2025

In 2025 is er voldoende capaciteit en zichtbaar meer inzet op criminaliteit (geweldsdelicten/ drugsdelicten) in Zuidoost door handhaving en politie. Er wordt beter over gecommuniceerd richting bewoners. Hierdoor is het vertrouwen in de veiligheidspartners toegenomen ten opzichte van 2020.

2030

In 2030 is de veiligheidssituatie in Zuidoost op hetzelfde niveau als de veiligheidssituatie in de rest van de stad en wijkt hier niet in negatieve zin van af. Dit geldt zowel voor het gemiddelde op het niveau van het stadsdeel als voor afzonderlijke buurten, in het bijzonder de voormalige ontwikkelbuurten en hotspots. Bewoners in Zuidoost hebben ruim voldoende vertrouwen in het optreden van de veiligheidspartners.

2040

In 2040 is de veiligheidssituatie in Zuidoost in alle buurten structureel minimaal op hetzelfde niveau als de veiligheidssituatie in de rest van de stad en wijkt niet in negatieve zin hiervan af. Het aantal geweldsdelicten en het aantal drugsdelicten in Zuidoost is gelijk of minder aan de rest van de stad. Bewoners hebben nog steeds ruim voldoende vertrouwen in het optreden van de veiligheidspartners.

Samenhang in beeld: drie doelen, vijf ambities

III. Duurzame verbetering van de leefbaarheid

24

2025

In 2025 wordt de leefbaarheid in de ontwikkelbuurten en hotspots van Zuidoost minimaal op hetzelfde niveau gewaardeerd als in de andere buurten van Zuidoost die in 2020 gemiddeld hoger scoorden

2030

In 2030 wordt de leefbaarheid in Zuidoost als geheel minimaal op hetzelfde niveau gewaardeerd als het gemiddelde van Amsterdam. Dit geldt zowel voor het gemiddelde op het niveau van het stadsdeel als voor afzonderlijke buurten, in het bijzonder de voormalige ontwikkelbuurten en hotspots.

2040

In 2040 wordt de leefbaarheid in Zuidoost in alle buurten van het stadsdeel structureel minimaal op hetzelfde niveau gewaardeerd als het gemiddelde van Nederland.

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

25

Doelgroepen: Kinderen en jongeren van – 9 maanden tot 32 jaar; en hun opvoeders We willen dat kinderen die nu geboren worden, kunnen uitgroeien tot volwassenen in een stadsdeel waarin ze alle kansen hebben. We richten ons daarom op alle interventies die dat kunnen ondersteunen. Dat betekent dat ouders en andere opvoeders de tweede belangrijke doelgroep van dit Masterplan zijn. Ondersteuning van eenouder gezinnen, jonge, kwetsbare ouders en moeders is daarbij een belangrijk speerpunt. Omdat sommige kinderen een valse start maken, als ze ouders hebben die zelf nog kind zijn. Overigens zal veel van wat we doen ook ten goede komen aan anderen dan deze twee benoemde doelgroepen. We noemen dit ook wel het principe van het 1-meter perspectief: (vrijwel) alles dat goed is voor een mens van 1 meter hoog, ofwel een kind van een jaar of zes, is goed voor (vrijwel) iedereen. We werken daarbij uitdrukkelijk samen met gemeentelijke programma’s als Gezonde en Kansrijke Start, Amsterdamse aanpak Gezond Gewicht en Thrive. Het kind, de jongere en opvoeders stellen we centraal. We gaan bij al onze maatregelen en interventies uit van hun leefwereld – en niet primair die van overheid of andere instanties. Te vaak nog denken officiële instanties te weten wat goed is voor de burger. Dat is lang niet altijd het geval.

We hebben met nadruk oog voor wat onze doelgroep werkelijk nodig heeft – met volop ruimte voor individueel maatwerk. Daar hoort een andere manier van

werken bij dan wij gewend waren. Daar kunt u meer over lezen in hoofdstuk zes. Primaire doelgroep Masterplan; de leefwereld - 9 maanden

6 jaar

31 jaar

10 jaar

18 jaar

15 jaar

Afbakening: wat we doen, naast wat er al gebeurt De primaire doelgroep van het Masterplan is de jeugd van Zuidoost. En meteen daaromheen hun opvoeders: thuis, op school, in de buurt, bij stages en op het werk. Het perspectief is gericht op het verbeteren van de situatie van de jeugd, van de veiligheid, en van de leefbaarheid. We hebben oog voor het gezin waar een kind of jongere in opgroeit. We bieden extra hulp als in de thuissituatie sprake is van problemen op een of meerdere leefgebieden.

(t)Huis

1-METER PERSPECTIEF

Buurt

Werk

School

26

ZO=ZUIDOOST MASTERPLAN 2020 ‒ 2040

27

DOORBRAKEN EN MAATREGELEN We denken dat we dat kunnen bereiken door extra in te zetten op de vier (brede) velden veiligheid, wonen, onderwijs en werk. Extra, bovenop alles wat er al gebeurt. Het is niet zo dat er in Zuidoost helemaal niets gebeurt. Integendeel, er was en is al heel veel. En dat moet vooral doorgaan. Al bestaande voorzieningen in het stadsdeel vormen de basis waarop het Masterplan verder kan bouwen. Tegelijkertijd constateren we dat dit reguliere aanbod vaak onvoldoende is. Er is meer nodig. Met het Masterplan brengen we meer focus aan. Daarmee kunnen we bewuster en gerichter keuzes maken.

Om te kunnen slagen in deze opzet, zullen we ook oog moeten hebben voor de randvoorwaarden die daar bij nodig zijn. Voorzieningen op gebied sport, gezondheid, en vrijetijdsbesteding bijvoorbeeld. We zullen ook moeten investeren in maatschappelijke gebouwen: schoolgebouwen, welzijnsgebouwen en aanverwant. Zijn deze randvoorwaarden geborgd in regulier beleid? Dan is het niet nodig om ze op te nemen in het Masterplan is. Dat geldt ook voor de eerdergenoemde inzet op bijvoorbeeld gezondheid. Wat regulier gebeurt, hoort niet tot het Masterplan maar is er wel een belangrijke randvoorwaarde voor het succes van het plan.

In dit hoofdstuk concretiseren we de doelen en ambities: wat gaan we doen om ze te bereiken? Hier komen de doorbraken (inspanningen, maatregelen, ontwerpen) aan bod waarvan de Alliantie vindt dat ze nodig zijn om de opgaven aan te pakken. Sommigen zijn op de korte termijn te realiseren. Sommigen vereisen meer tijd, doordat andere samenwerkingsvormen, nieuw beleid of nieuwe regelgeving nodig is. De Alliantiepartners gaan er alles aan doen om dit samen te realiseren. Per ambitie bespreken we kort de doorbraken en maatregelen. Bij al onze doorbraken - en voor de uitvoering ervan - zijn de volgende punten altijd leidend: • We werken inclusief en houden rekening met (culturele) diversiteit. We zijn er te allen tijde alert op dat we op die manier handelen; • We hebben speciale aandacht voor het bereiken en betrekken van mensen die te maken hebben met lvb problematiek en laag (of anders) geletterdheid. We kijken hoe effectief onze inspanningen specifiek voor deze doelgroep zijn; • We zijn te allen tijde alert op gevallen van en uitingen van uitsluiting, discriminatie en racisme. We zullen en durven daar op een verbindende manier het gesprek over te voeren; • We hebben oog voor armoede en schulden en het voorkomen en verhelpen daarvan, we houden daar rekening mee bij al onze inspanningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9851475/1