CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Voortgangsrapportage Lerarenagenda 2021

Tijdelijke Algemene Raadscommissie 9 juni 2022, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Voortgangsrapportage Amsterdamse Lerarenagenda 2021 Nr. VN2022-0173378.959 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voortgangsrapportage 2021 Amsterdamse Lerarenagenda | Liever voor de klas

Inhoud 1

Samenvatting

3

2

Inleiding en leeswijzer

6

3  Verbeteren aantrekkelijkheid van het beroep 3.1 De Amsterdamse imago,- en wervingscampagne ‘Liever voor de klas’ 3.2 Zij-instromers 3.3 Statushouders voor de klas 3.4 Educatieve master primair onderwijs

7

4  Meer leraren aantrekken en behouden: aantrekkelijk Amsterdam 4.1 Reiskostenregeling 4.2 Parkeren 4.3 Woningen

10 10 10 11

5 

Sterke Amsterdamse onderwijsprofessionals 5.1  Leraar in Amsterdam, een kleurrijk beroep 5.2  Voorziening ondersteuning directeuren primair onderwijs Noodplan Lerarentekort

12 12 14 15

6 Bijlage 1: Resultaten Noodplan Lerarentekort PO 6.1 Pijler 1: Werving en behoud 6.1.1  Modulair opleiden: bevoegd voor de klas & loopbaanperspectief voor ondersteuners. 6.1.2 De Amsterdamse salaristoelage 6.2 Pijler 2: Ondersteuning van scholen in omgaan met langdurig tekort 6.1.1 Project Omgaan met langdurige tekorten 6.3 Pijler 3: Monitoring 6.3.1 Werkgroep Monitoring 6.4  Pijler 4 Mobiliteit en dienst­verlening 6.4.1 Servicecentrum onderwijs en zorg 6.4.2 Mobiliteitsaanpak publieke professionals

15 15

7  Bijlage 2: Begroting Lerarenagenda 2019-2023

19

2 | Voortgangsrapportage 2021

7 8 9 9

15 16 16 16 17 17 17 17 18

1 Samenvatting Voor u ligt de derde voortgangsrapportage van de Amsterdamse Lerarenagenda 20192023 ‘Liever voor de Klas’. De gemeenteraad van Amsterdam stelde deze agenda op 4 april 2019 vast. Deze rapportage geeft inzicht in de uitwerking van de maatregelen voor het jaar 2021 en voor zover mogelijk voor schooljaar 2021-2022. Alle maatregelen richten zich op het aantrekken van nieuwe leraren en het behoud van ervaren leraren voor de stad. Zo hopen we met elkaar het lerarentekort in de stad beheersbaar te houden. Lerarenagenda ‘Liever voor de klas’ 2019-2023 De gevolgen van de Covid 19 pandemie in combinatie met het lerarentekort in 2021 waren door de hele stad voelbaar. Voor veel scholen betekende het een enorme extra belasting. Voor schoolbesturen, directeuren en leraren hadden de coronamaatregelen een hogere werkdruk en meer stress tot gevolg. De schoolsluitingen hadden direct en indirect invloed op de cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van veel Amsterdamse kinderen. Kon een school openblijven? Dan moest de schoolleider alles op alles zetten om leraren voor de klas te krijgen. De tekorten in 2021 zijn het hoogst binnen het basisonderwijs. Hierbij is het tekort op scholen met veel kinderen met een risico op onderwijsachterstand in de regel het grootst.

In 2021 nam het lerarentekort in het basisonderwijs verder toe van 12,5% in februari naar een gemiddeld tekort van 15,3% in oktober. De prognoses laten zien dat het lerarentekort de komende jaren nog verder toeneemt, mede door de pensionering van een grote groep leraren.

Deze voortgangsrapportage geeft inzicht in de uitwerking van de maatregelen uit de Leraren­ agenda. De agenda werd opgesteld en uitgevoerd in samenwerking met de Amsterdamse schoolbesturen en kennisinstellingen. Samenwerking in de Taskforce Lerarentekort Amsterdam De Lerarenagenda is een gezamenlijk product van de Taskforce Lerarentekort Amsterdam. In deze Taskforce zijn de gemeente, schoolbesturen en lerarenopleidingen verenigd om het lerarentekort in Amsterdam aan te pakken. De Taskforce maakt daarbij voortdurend gebruik van de inzet, ervaring en kennis van de vele Amsterdamse onderwijsprofessionals zoals leraren, directeuren, schoolleiders, bestuurders en vertegenwoordigers van lerarenopleidingen. Noodplan De tekorten raakten de afgelopen jaren vooral het basisonderwijs. De urgentie voor extra maatregelen werd daarmee steeds groter. De aanpak werd daarom in 2020 op initiatief van de Amsterdamse schoolbesturen geïntensiveerd met de inzet van het Noodplan Lerarentekort Amsterdam (2020-2024). Bestaande projecten, al gestart met de Lerarenagenda, hebben we daarmee kunnen uitbouwen en verstevigen. Het college van B&W heeft in 2019 € 23 miljoen beschikbaar gesteld voor de periode 2019-2023. Daarbij komt voor de periode 2020-2024 een extra investering van in totaal € 82,1 miljoen voor het Noodplan (waarvan € 32,6 miljoen voor het project zij-instroom).

Dit bedrag bestaat naast de rijksbijdrage voor € 18,4 miljoen uit cofinanciering door de schoolbesturen po, en € 2,07 miljoen door

Corona overal voelbaar binnen school “Corona was beslist van invloed op de kwaliteit van ons onderwijs. Tijdens de eerste lockdown moesten we in razend tempo het wiel uitvinden. De tweede lockdown waren we al een beetje gewend. Kinderen hadden intussen ook allemaal een laptop thuis. Het heeft een enorme impact gehad. We zagen sommige kinderen steeds stiller en afweziger worden. Nu zijn ze allemaal weer op school maar het is nog steeds niet ideaal. Klassen zitten vooral in hun eigen bubbel. Kinderen uit verschillende groepen kunnen we nog niet bij elkaar zetten. Ik hoop dat we snel weer naar normaal kunnen. Onze kinderen hebben het nodig. Het meest opvallend is dat er veel extra aandachtnodig is voor het sociaal-emotionele aspect. Er zijn kinderen die meer structuur nodig hebben en hun grenzen opzoeken. Het groepsproces is voor kinderen ook een belangrijk gemis geweest.” Ingeborg, directeur Daltonschool Louis Bouwmeester Voortgangsrapportage 2021 | 3

de gemeente. Onderdeel van het Noodplan zijn maatwerktrajecten voor onderwijsondersteuners tot leraar, leraar ondersteuner of expert, en een salaristoelage voor leraren. Maatregelen Met de Amsterdamse Lerarenagenda voert de Taskforce een doordachte set aan maatregelen uit die erop gericht is om de instroom en werving te stimuleren en het behoud van leraren te vergroten. Dit zijn de twee ambities van de aanpak: 1. Weg met het lerarentekort. 2. Sterke Amsterdamse onderwijsprofessionals. Zij-instroom De maatregelen om het lerarentekort te bestrijden, richten zich op werving en het opleiden van meer nieuwe leraren. De Amsterdamse maatregelen dragen bij aan een verhoogde instroom van leraren. Hierbij richten we ons onder andere op zij-instromers: het hele proces van oriëntatie tot opleiding is intussen fors verbeterd. Het schooljaar 2020-2021 begonnen 125 zij-instromers. Dit schooljaar startten circa 132 zij-instromers met de opleiding tot leraar in het basisonderwijs. Campagnes De campagne en de ondersteunende helpdesk ‘Liever voor de Klas’ richt zich op imagoverbetering, werving en advies voor potentiële nieuwe leraren voor het Amsterdamse onderwijs. Daarnaast heeft de gemeente de afgelopen periode met ‘De Amsterdamse Klas’ gebouwd aan een actieve community van zo’n 6000 leraren.

Hier zorgen we met een breed scala aan (online) activiteiten en informatie voor meer verbinding en betrokkenheid tussen Amsterdamse onderwijsprofessionals. Via het event Leraar voor een dag hebben in 2020-2021 en 2021-2022 in totaal 240 scholieren en studiekiezers deelgenomen om zich te oriënteren op het vak van leraar. Statushouders voor de klas Sinds de start van de Lerarenagenda hebben er in totaal 55 statushouders (vanuit het project ‘Statushouders voor de klas’) deelgenomen aan het oriëntatietraject tot leraar. Dit zijn meestal kandidaten die al ervaring hebben als leraar in een van de tekortvakken wiskunde, scheikunde en/of natuurkunde. Verschillende schoolbesturen gaven deze groep zij-instromers een kans. Met veel enthousiasme, en met de juiste begeleiding, kregen zij de afgelopen jaren de kans om het lesgeven in Amsterdam in de praktijk te leren. 4 | Voortgangsrapportage 2021

Praktische handreikingen Met een reiskostenregeling, extra parkeervergunningen en voorrang bij de toewijzing van een woning verlagen we (financiële) drempels voor leraren om in Amsterdam voor de klas te gaan of te blijven werken. Samen met de schoolbesturen komt de gemeente met de reiskostenregeling het grootste gedeelte van het onderwijspersoneel tegemoet, bijna 1.500 fte in totaal. De regeling staat open voor leraren, onderwijsondersteunend personeel en directeuren. In het primair onderwijs maakt ruim 60% van het onderwijspersoneel dat buiten Amsterdam woont gebruik van deze regeling. Scholen maken gebruik van de mogelijkheid om extra parkeervergunningen aan te vragen, maar onderzoeken ook duurzamere vervoersopties. Sterke Amsterdamse onderwijsprofessionals Een sterke beroepsgroep is de basis van goede onderwijskwaliteit. Het is essentieel om de ervaren leraren die zich dagelijks inzetten voor de Amsterdamse kinderen voor ons onderwijs behouden. Dit doet de gemeente Amsterdam onder meer door: • Het uiten van waardering via een salaristoelage; • Het aanbod van leergangen op gebied van loopbaanperspectief en ontwikkel­ mogelijkheden te vergroten; • Extra ondersteuning van directeuren zodat meer tijd ontstaat voor de onderwijskwaliteit door bijvoorbeeld klassenbezoek; oog voor welzijn van leraren; extra tijd voor contact met ouders en meer tijd voor onderwijs­ ontwikkeling.

Resultaat Op dit moment wordt een onderzocht wat de ervaringen met getroffen maatregelen uit de Lerarenagenda zijn onder leraren, directeuren en schoolbestuurders. We verwachten de uitkomsten van het onderzoek in de zomer van 2022 met de raad te kunnen delen. Tegelijk worden steeds meer resultaten van de Lerarenagenda zichtbaar. Het aantal zij-instromers is in Amsterdam de afgelopen jaren flink gestegen van circa vijf zij-instromers in 2018 naar jaarlijks tussen de 120 en 160 sinds 2019. De eerste 68 onderwijsondersteuners zijn bezig met een persoonlijk opleidingstraject tot leraar, leraar-ondersteuner of expert. Leraren in het po en vo professionaliseren zich via gezamenlijk ontworpen leergangen.

Tot slot helpt de voorziening voor ondersteuning van directeuren daadwerkelijk bij het verminderen van de werkdruk voor de directeuren in het primair onderwijs. Ondanks de behaalde resultaten blijft het lerarentekort toenemen en wordt de uitdaging voor Amsterdam steeds groter. Dit maakt dat er grote zorgen zijn over het waarborgen van de onderwijskwaliteit voor alle leerlingen. De noodzaak om scholen te ondersteunen bij het omgaan met het toenemende lerarentekort is alleen maar nijpender geworden. De Taskforce Lerarentekort staat dan ook klaar om zich de komende jaren samen met de gemeente in te zetten om de scholen maximaal te ondersteunen.

Voortgangsrapportage 2021 | 5

2 Inleiding en leeswijzer Amsterdam kampt met een urgent en groeiend lerarentekort. In het primair onderwijs (po) zijn de problemen het grootst en is het tekort op dit moment 563 fte, waarvan 81 fte aan openstaande vacatures en 482 fte verborgen tekorten. Voor het voortgezet onderwijs (vo) concentreren de tekorten zich met name rondom bepaalde vakken zoals Frans en de bètavakken. Deze voortgangsrapportage biedt u inzicht in de maatregelen die vanuit de Amsterdamse Lerarenagenda worden ingezet om het tekort aan te pakken. Amsterdamse Lerarenagenda De Amsterdamse Lerarenagenda is op 4 april 2019 vastgesteld door de gemeenteraad van Amsterdam. In de periode 2019-2023 investeert de gemeente bijna €23 miljoen in de twee ambities van de aanpak: 1. Weg met het lerarentekort. 2. Sterke Amsterdamse onderwijsprofessionals. In Amsterdam bundelen het onderwijs, de lerarenopleidingen en de gemeente de krachten in een Taskforce Lerarentekort om het lerarentekort tegen te gaan. In de Taskforce Lerarentekort

worden maatregelen uitgedacht, uitgevoerd en gemonitord. De maatregelen hebben betrekking op het aantrekken of behouden van leraren, en variëren van zij-instroombeurzen tot het realiseren van ontwikkelmogelijkheden voor leraren en onderwijsondersteuners. Daarnaast investeert de gemeente extra in randvoorwaarden zoals aanvullende reiskostenvergoedingen, extra parkeerplekken voor scholen en een voorrangsregeling op woningmarkt. In deze voortgangsrapportage leest u de evaluatie en stand van zaken van alle maatregelen zoals opgenomen in de Leraren­ agenda. Leeswijzer In deze rapportage wordt eerst een beeld geschetst van de diverse maatregelen die vallen onder de ambitie ‘Weg met het lerarentekort’ en daarna de maatregelen behorend bij de ambitie ‘Sterke Amsterdamse onderwijsprofessionals’. Er zijn twee bijlagen toegevoegd aan deze voortgangsrapportage. In bijlage 1 staan de resultaten beschreven behorende bij de actielijnen uit het Noodplan Lerarentekort, waar de gemeente direct bij betrokken is. In bijlage 2 vindt u de begroting van de Lerarenagenda 2019-2023.

Over de kracht van woorden, het belang van een leraar in jouw leven Op jonge leeftijd horen waar jij allemaal niet goed in bent of juist wel Etiketten die je opgeplakt krijgt – niet zien dat ook jij ergens goed in bent Sommige leraren verpesten jouw zelfvertrouwen, maar gelukkig, sommigen wakkeren dat aan Die ene leraar die in jou gelooft kan levens veranderen Die ene leraar, misschien ben jij dat wel! Roziena Salihu, verhalenverteller

6 | Voortgangsrapportage 2021

3  Verbeteren aantrekkelijkheid van het beroep 3.1 De Amsterdamse imago,- en wervingscampagne ‘Liever voor de klas’ Sinds 2017 loopt de Amsterdamse wervings- en imagocampagne ‘Liever voor de klas’, om meer leraren voor het basisonderwijs en de tekortvakken in het voortgezet onderwijs te werven. De campagne richt zich op potentiële zij-instromers, scholieren en studenten hbo/wo. In 2020 werd de campagne gericht op zij-instromers op een lager pitje gezet. Hiertoe besloten we vanwege de sterk groeiende belangstelling voor zij-instroom en het tekort aan opleidingsplekken op de basisschoen. Sinds september 2020 zijn er weer voldoende opleidingsplekken beschikbaar en liep het aantal aanmeldingen van zij-instromers terug. Dat was de reden om de wervingscampagne te hervatten en te intensiveren. Het hele jaar door is ingezet op zoekmachinemarketing voor de website Lievervoordeklas.nl en de daaraan verbonden een helpdesk die potentiële zij-instromers op weg kunnen helpen richting de juiste opleiding en werkplek in de stad. En is er ingezet op werving voor de maandelijkse bijeenkomsten van 1Loket via LinkedIn berichten. Op dit moment wordt een nieuwe social media wervingscampagne opgestart om het aantal deelnemers voor de informatiebijeenkomsten, en daarmee het totaal aantal zij-instromers, verder te verhogen.

Adviezen Helpdesk ‘Liever voor de klas’ Om bezoekers van de website Lievervoordeklas. nl verder te begeleiden richting het werken in het Amsterdamse onderwijs, heeft de website ook een helpdeskfunctie. De helpdesk is in beheer van het CAOP1 en ondersteunt de gemeente Amsterdam door potentiële toekomstige leraren te voorzien van advies op maat. Daarnaast worden specifieke vragen beantwoord en waar nodig volgt doorverwijzing naar andere organisaties (zoals schoolbesturen of lerarenopleidingen). Dit met als doel zoveel mogelijk potentiële leraren verder te helpen in hun keuzeproces. 1

Centrum Arbeidsverhoudingen Overheidspersoneel

De helpdesk heeft sinds de start van de campagne eind 2017 ruim 2500 maatwerkadviezen verstrekt. In 2021 hebben in totaal 264 personen contact gezocht met de helpdesk, zij hebben allen maatwerkadvies ontvangen. In 2022 zijn tot eind februari 49 maatwerkadviezen gegeven. Jongeren aanspreken door een wervingscampagne en Leraar voor een dag Heel weinig Amsterdamse jongeren kiezen voor een opleiding tot leraar, terwijl het belang van rolmodellen voor de klas groot is. Als kinderen zich herkennen in de leraren op school, heeft dit een positief effect op het zelfbeeld. Daarom is een aparte wervingscampagne opgestart, gericht op scholieren en studenten in Amsterdam en omgeving. De campagne maakt gebruik van authentieke verhalen en ervaringen van Amsterdamse rolmodellen waarbij de bijzondere kanten van werken in het Amsterdamse onderwijs worden uitgelicht (awareness en imago). Dit wordt vervolgens gekoppeld aan de eigen herkenbare talenten van jongeren. De campagne roept studiekiezers op om zich in te schrijven voor Leraar voor een Dag: met een workshopmiddag en een meeloopstage op een basisschool kunnen jongeren zelf ervaren hoe het is om voor een Amsterdamse klas te staan. Het zelf ervaren is voor jongeren een belangrijk onderdeel bij de oriëntatie op studie en beroep. Het effect van de campagne op awareness en imago bleek na een effectmeting bij jongeren beperkt.

Dit heeft deels te maken met het vrij negatieve en hardnekkige beeld dat veel jongeren hebben van het beroep (onder andere weinig salaris, hoge werkdruk). Het is moeilijk om dit beeld met behulp van een campagne te veranderen. De campagne heeft wel goed gewerkt bij het werven van deelnemers voor Leraar voor een Dag. Op basis van de effectmeting en evaluatie leggen we de focus in de jongerencampagne vanaf 2022 met name op aanmelden voor Leraar voor een Dag en minder op awareness. De editie Leraar voor een Dag in november 2021 was een succes: Ruim honderd studiekiezers hadden zich aangemeld. Voortgangsrapportage 2021 | 7

Gehoord van scholieren tijdens ‘Leraar voor een dag’ voorjaar 2022 “Ik heb zelf op de basisschool een geweldige tijd gehad. Ik kijk er met plezier op terug. Dat plezier zou ik andere kinderen graag zelf willen geven, in een andere rol.” “Er is een groot lerarentekort heb ik in de krant gelezen. Ik wil graag iets voor de maatschappij betekenen. En ik kom nu dus kijken of het iets voor mij is.” “Ik weet eigenlijk al heel zeker dat ik voor de klas wil. Harstikke leuk! Mijn halve familie staat voor de klas. Leuk, dit programma Leraar voor een Dag. Het gaat mijn keuze alleen maar positief beïnvloeden, denk ik.” “Ik ben pas 17. Ik zou het wel raar vinden om juf te worden genoemd.” “Je leert docenten beter kennen als ze iets over zichzelf vertellen. Dat zijn eigenlijk ook altijd de leukste leraren.”

Achtentwintig verschillende basisscholen stelden in totaal 123 stageplekken beschikbaar.

3.2 Zij-instromers Het ingezette beleid om de werving, instroom en voorselectie van zij-instromers te verbeteren, werpt zijn vruchten af. In lijn met de aanbevelingen vanuit het Oberononderzoek (2019) 2naar de Amsterdamse keten voor zij-instroom is een stedelijk plan voor zij-instroom ontwikkeld en gestart. Wat biedt het stedelijke plan aan zij-instromers? • Alle informatie over de opleiding tot leraar is te vinden op www.lievervoordeklas.nl, inclusief persoonlijk advies. • Vanuit één centraal loket wordt iedere geïnteresseerde begeleid vanaf het oriëntatieproces tot en met de afronding van het zij-instroom traject. • Maandelijkse informatiebijeenkomsten voor geïnteresseerden die de overstap naar het onderwijs overwegen. • Kosteloze kennismakingscursus: hierbij leer je in tien dagen in theorie en praktijk wat het lesgeven op een school inhoudt. Dit helpt om een weloverwogen keuze te maken. Je ontdekt of het vak daadwerkelijk bij je past – en daarmee voorkom je mogelijke uitval later in het traject. • De zij-instromer hoeft niet zelf op zoek naar een opleidingsplek. Dit wordt voor hem of haar geregeld. • Tijdens het hele traject wordt de zij-instromer intensief begeleid door een coach. 2 ‘Hoe werkt de keten? Onderzoek naar de Amsterdamse keten zij-instroom in het beroep’ https://openresearch. amsterdam/image/2020/2/27/amsterdamse_keten_zij_ instroom_beroepen.pdf

8 | Voortgangsrapportage 2021

• Kortom: er is heldere informatie en goede begeleiding voor zij-instromers voorhanden. Dit maakt dat er minder uitval is tijdens de opleiding. En toekomstige leraren worden beter verdeeld over de scholen in de stad.

Betekenisvol werk “Iets zinvols doen voor de samenleving. Dat wilde ik al langere tijd. Pas toen mijn dochter naar de middelbare school ging, ben ik daar werk van gaan maken. Op die leeftijd zijn kinderen een stuk zelfstandiger, en dat gaf ook wat meer speling in het gezinsleven. Dat heb je nodig als je aan een carrière als zijinstromer begint. Want ja, het kost tijd. Maar was het onderwijs wel iets voor mij? Ik begon die zoektocht zelf. Bij een vriendin die directeur is op een school in de Rivierenbuurt. Ik liep er een dag mee. Daarna mocht ik meedraaien op de IJpleinschool. Dat leverde genoeg enthousiasme op om de volgende stap te nemen: deelname aan de crashcourse van het schoolbureau. Edwin begeleidde mij daarbij vanuit het schoolbureau. Hij is ook een van de drijvende krachten achter Mokum Meestert! Ook daar ben ik intussen bij betrokken.” Willem, zij-instromer op de P.J. Troelstraschool

Dit schooljaar startten tot nu toe 117 zij-instromers met de opleiding tot leraar in het basisonderwijs. Dit aantal neemt nog toe tot circa 132 zij-instromers. Dit is een mooie ontwikkeling, maar onze ambitie was hoger: 180 nieuwe zij-instromers. Dit schooljaar leek er minder interesse voor de overstap naar het vak van leraar; de maandelijkse informatiebijeenkomsten trokken minder geïnteresseerden. We zetten ons gezamenlijk in om het aantal van 180 volgend schooljaar wel te halen. Vanuit de Taskforce is de inzet op werving en instroom versterkt.

Zo is de campagne rondom de informatiebijeenkomsten geïntensiveerd. Waar vorig schooljaar het aantal opleidingsplekken op scholen nog een probleem was, is dit nu opgelost en zijn er de komende jaren voldoende plekken beschikbaar. De interventies vanuit het Noodplan sluiten hier mooi op aan met extra begeleiding, de juiste match en betere verdeling van de zij-instromers over de stad. Naast de doelgroep ‘zij-instromers’ zetten we met de campagne ook in op het verbeteren van het imago van het vak bij scholieren en studie­kiezers. De jongerencampagne is direct gekoppeld aan het ervaringstraject Leraar voor een dag. Op deze wijze hopen we meer Amsterdammers op de pabo te krijgen en zorgen we voor een meer divers lerarencorps in de nabije toekomst.

3.3 Statushouders voor de klas In schooljaar 2021-2022 zijn er zeventien statushouders gestart met het oriëntatietraject: het hoogste aantal sinds de start van het traject. Het oriëntatiejaar wordt door de deelnemers benut om zich de taal meer eigen te maken, te leren over het Nederlandse onderwijssysteem en een reëel beeld te krijgen van de lespraktijk in Amsterdam. Voor de meeste statushouders is het oriëntatietraject de start van een meerjarig traject richting het onderwijs, met uitzondering van diegenen die al een gevalideerde bevoegdheid hebben. Van de 38 deelnemers uit de eerste drie jaar hebben in elk geval zeven deelnemers een (deel)aanstelling, volgen vijf deelnemers een deeltijdopleiding met stage en lopen vijf deelnemers een extra stage.

Zowel voor de groep die is gestart in 2020 als de groep die is gestart in 2021 was het vinden van stageplekken binnen Amsterdam een uitdaging. Over een betere koppeling van stageplekken voor dit traject worden met het onderwijs gesprekken gevoerd.

Individuele hulp aan leerlingen “Ik heb de afgelopen maanden geregeld voor de klas gestaan, maar vaak ook zit ik ook achterin, om te observeren. Ik kijk vooral hoe mijn collega en mentor de lessen geeft. Na klassikale behandeling van bepaalde stof kan ik leerlingen dan vervolgens helpen met individuele opdrachten, of met huiswerk. Ik had eigenlijk meteen al een goed contact met de leerlingen. Dat gaat me vrij gemakkelijk af. Ik help hen met de opdrachten. En andersom helpen ze mij ook, want mijn Nederlands wordt steeds beter.” Kamuran, leraar op het Metis Montessori College

3.4 Educatieve master primair onderwijs In september 2022 starten de Vrije Universiteit, Universiteit van Amsterdam en Universiteit Leiden met een nieuwe, tweejarige universitaire masteropleiding voor leraar basisonderwijs: de Educatieve Master Primair Onderwijs. Deze lerarenopleiding is voor afgestudeerde universitaire bachelor- en masterstudenten in de Gedrags- en Maatschappijwetenschappen die graag een lesbevoegdheid voor het basisonderwijs willen halen in combinatie met een universitaire master. De master leidt hiermee een nieuwe groep studenten op tot academische leraar.

Tabel 1. Aantal deelnemers 2018-2021 Startjaar

2018

2019

2020

2021

Totaal

Aantal deelnemers

14

11

13

17

55

Voortgangsrapportage 2021 | 9

4  Meer leraren aantrekken en behouden: aantrekkelijk Amsterdam 4.1 Reiskostenregeling Ruim veertig procent3 van de Amsterdamse leraren woont buiten de stad. Voor het huidige onderwijspersoneel is dit dus iets meer dan 2.000 fte. Vanwege de beperkte reiskostenvergoeding in de cao reizen veel leraren op eigen kosten. Om het werken in Amsterdam voor deze mensen aantrekkelijk te houden en om nieuwe leraren aan te trekken, heeft het college voor schooljaar 2021-2022 € 900.000 beschikbaar gesteld voor tegemoetkoming in reiskosten voor leraren, onderwijsondersteunend personeel en directeuren die meer dan 20 km van hun werk wonen. Schoolbesturen investeren eenzelfde bedrag (bovenop cao-vergoeding) in reiskosten voor hun medewerkers.

https://data.amsterdam.nl/publicaties/publicatie/ fact-sheet-woon-werkstromen-van-amsterdams-onderwijspersoneel-po-so-en-vo/250e8856-0388-446ca950-cb2531170ac1/ 3

Voor schooljaar 2021-2022 hebben 45 schoolbesturen in totaal € 972.265,84 aangevraagd voor de tegemoetkoming in reiskosten. Er is dus sprake van een over aanvraag van € 72.265,84. Zo’n € 880.000,- van het totale bedrag is door het primair onderwijs aangevraagd, verdeeld over 1437 fte. Voor het voortgezet onderwijs is € 92.323,- aangevraagd voor 447 fte. Ten opzichte van 2020-2021 hebben twee schoolbesturen voor speciaal onderwijs de voorziening voor het eerst aangevraagd: Altra en Kolom vroegen voor een gezamenlijk bedrag van bijna € 90.000,- aan.

4.2 Parkeren Scholen geven aan dat een gebrek aan parkeergelegenheid of het verdwijnen van (gratis) parkeerplekken een groot knelpunt vormt bij het werven en behouden van leraren. Scholen hebben op dit moment recht op twee keer zoveel parkeervergunningen als bedrijven (zowel be-

Tabel 2. Totaal toegekende tegemoetkoming reiskosten per onderwijssector Sector

Afstand

Totaal fte waarvoor is aangevraagd

po/so

21-25 km

268

25-30 km

280

30-40 km

420

40+ km

470

Subtotaal vo

1.438 25-30 km

132

30-40 km

153

40-50 km

162

Subtotaal

447

Totaal

1.885

10 | Voortgangsrapportage 2021

drijfsvergunningen als maatschappelijke vergunningen). Voor 2021 stelde de gemeente voor iedere schoollocatie twee extra maatschappelijke parkeervergunningen beschikbaar, met uitzondering van stadsdeel Centrum waar één extra vergunning beschikbaar is. Via het Servicecentrum Onderwijs en Zorg kunnen scholen bovenop de voor hun beschikbare bedrijfsparkeervergunningen en maatschappelijke parkeervergunningen, extra benodigde vergunningen aanvragen. Deze extra parkeervergunningen worden onder de hardheidsclausule verleend om scholen te helpen met hun uitdagingen vanwege het lerarentekort.

4.3 Woningen Amsterdamse leraren hebben behoefte aan passende en betaalbare woningen in Amsterdam, dicht bij hun werk. Op de overspannen woningmarkt is het aanbod echter schaars en dit maakt wonen en werken in de stad minder aantrekkelijk of zelf onmogelijk. Leraren vertrekken naar andere steden, waar de woningen betaalbaarder zijn en waar ook voldoende werkgelegenheid is. De Taskforce Lerarentekort en de gemeente zetten zich om leraren met een urgente woningbehoefte voor het Amsterdamse onderwijs te behouden. We geven deze leraren daarom voorrang op een sociale of middeldure huurwoning. Woningen voor beroepsgroepen 1. P  er 1 januari 2020 is de voorrangsregeling huurwoningen voor beroepsgroepen voor het Amsterdamse onderwijs en voor zorgprofessionals opgenomen in de Huisvestingsverordening. Sinds 2022 komt ook politiepersoneel voor de regeling in aanmerking. Corporaties stellen een beperkt aantal woningen beschikbaar vanuit hun 5% vrije toewijzingsruimte. Vanuit deze ruimte bieden zij ook woningen voor andere kwetsbare woningzoekenden aan. Resultaat: In 2020 en 2021 zijn respectievelijk 140 en 214 woningen met voorrang toegekend aan de sociale beroepsgroepen. Het aantal aan leraren toegekende woningen staat in tabel 4.3.

2. De gemeente heeft voor de sociale huurwoningen prestatieafspraken gemaakt met corporaties. Jaarlijks dienen zij in totaal 50 tot 100 woningen voor alle beroepsgroepen beschikbaar te stellen. Er zijn geen afspraken gemaakt over het aantal woningen per doelgroep, omdat woningen op basis van oppervlakte, huurprijs en locatie aan de meest geschikte woningzoekende wordt aangeboden. Resultaat: in 2020 en 2021 zijn respectievelijk 94 en 185 sociale huurwoningen aan de doelgroepen toegewezen. 3. M  et de corporaties zijn dezelfde afspraken gemaakt over middeldure huurwoningen. Het blijkt dat er minder woningen beschikbaar zijn dan afgesproken. Tegelijkertijd zien we dat deze woningen ook minder gewild zijn bij de woningzoekenden. De prijzen liggen vaak hoger en de woningen zijn vaak kleiner. Resultaat: in 2020 en 2021 zijn respectievelijk 31 en 22 middeldure huurwoningen aan de doelgroepen toegewezen. 4. Met IVBN (Vereniging van Institutionele Beleggers in Vastgoed, Nederland) en Vastgoed Belang zijn intentieafspraken gemaakt over het aanbieden van 100 sociale en 200 middeldure private huurwoningen. Dit aanbod blijkt schaars en minder aantrekkelijk te zijn. Omdat kandidaten regelmatig woningen weigeren, is het animo bij marktpartijen om met nieuw aanbod te komen ook beperkt. Resultaat: in 2020 en 2021 zijn respectievelijk vijftien en zeven woningen toegewezen. 5.

S  inds 2021 zien we dat private partijen steeds vaker zelfstandig met voorrangsregels voor sociale beroepsgroepen komen. Bij nieuwbouwprojecten krijgen deze woningzoekenden voorrang. De gemeente zoekt waar mogelijk de samenwerking; we lichten onze eigen voorrangsregels toe en delen onze wachtlijst.

Tabel 4. Totaal toegekende huurwoningen aan leraren 2020

2021

Toegekende sociale huurwoningen aan leraren

21

27

Toegekende middeldure huurwoningen aan leraren

18

7

Totaal

39

34 Voortgangsrapportage 2021 | 11

5S  terke Amsterdamse onderwijsprofessionals 5.1 Leraar in Amsterdam, een kleurrijk beroep Om het beroep ook op de langere termijn aantrekkelijk te houden, is versterking van het beroep erg belangrijk. Het gaat hierbij om het bieden van inspiratie, ontwikkelingsmogelijkheden, doorlopende leerlijnen en loopbaankansen. De ambitie in Amsterdam is om Amsterdamse leraren continue ontwikkelingsmogelijkheden te bieden: van goed opgeleide leraar, naar begeleide starter, naar medior met verdiepingsmogelijkheden, naar expert. Leraren geven aan dat loopbaankansen en ontwikkelingsperspectief belangrijke factoren zijn bij de keuze om in het vak te blijven. Het is van belang dat iedereen in het onderwijs zich bewust is van de diverse ontwikkelingsmogelijkheden die in het onderwijs mogelijk zijn. Daarvoor is het traject Leraar, een kleurrijk beroep in het leven geroepen. In het vo bestaat dit traject nu drie jaar, in het primair onderwijs twee jaar. In beide sectoren werken schoolbesturen, lerarenopleidingen en gemeente samen om de ontwikkelmogelijkheden van leraren te vergroten. Uitgangspunt hierbij is het ‘beroepsbeeld van de leraar’ dat in 2017 is ontwikkeld. 4 Leergangen voortgezet onderwijs Omdat nieuwe loopbaanstappen ook vragen om nieuwe kwaliteiten en competenties, biedt Leraar in Amsterdam, een kleurrijk beroep verschillende leergangen aan. In het voortgezet onderwijs zijn dat: 1.

Expert didactiek en pedagogiek 2. Leiderschap van leraren 3. Ontwikkelingsgericht leidinggeven 4. Loopbaanoriëntatietraject 5. Kansrijk curriculum In schooljaar 2019-2020 hebben 45 leraren deelgenomen aan de leergangen. Deze leraren kwamen van zeventien verschillende vo-scholen, verdeeld over tien schoolbesturen. In schooljaar 2020-2021 nemen 41 leraren deel. 4

Zie: www.beroepsbeeldvoordeleraar.nl

12 | Voortgangsrapportage 2021

In schooljaar 2021-2022 nemen tot nu toe 58 leraren deel aan de leergangen. Naast de leraren die deelnemen aan de leergangen zelf, worden bij elke school ook teamleiders en hr-medewerkers betrokken. Op deze manier brengt de leergang naast persoonlijke ontwikkeling ook een ontwikkelingsverandering in de school teweeg. Dit is ook de reden dat minstens drie personen per school deel moeten nemen aan de leergangen om succesvol te kunnen zijn. Door meerdere soorten professionals te betrekken is het bereik binnen de school groter dan alleen de deelnemers van de leergangen zelf en ontstaat een olievlekwerking bij deelnemende scholen. Kansrijk curriculum In schooljaar 2021-2022 is naast de eerder ontwikkelde vier leergangen ook de leergang Kansrijk Curriculum gestart. In deze leergang gaan vijf docent ontwikkelteams van verschillende scholen aan de slag met hun eigen vraag rondom het creëren van een Kansrijk Curriculum op hun eigen school. Voorbeelden van thema’s waarmee de teams aan de slag gaan zijn: • Het verlagen van de drempel om op te kunnen stromen van vmbo naar havo. • De vraag hoe differentiatie handen en voeten te geven in het bestaande curriculum. • De vraag over het creëren van mogelijkheden voor leerlingen die nu afstromen binnen het mbo omdat er geen technische profielen worden aangeboden.

Op bewuste school is een aantal leerlingen dat graag verder wil in de techniek, maar de school biedt geen technische profielen aan. Officieel zijn de leerlingen ook met een ander profiel, bijvoorbeeld zorg & welzijn of economie en ondernemen, toelaatbaar tot het technisch mbo, maar dan vaak wel een niveau lager dan hun vmbo-niveau. Afstroom dus. De deelnemers willen nu verkennen of ze via samenwerking met andere scholen, die wel de technische profielen aanbieden, of door het ontwikkelen van enkele vakken, deze leerlingen wel kunnen toelaten tot technisch mbo op hun eigen niveau.

Uit kleinschalig onderzoek van André Koffeman (UvA) blijkt dat de leergangen bijdragen aan ervaren werkplezier en afwisseling. Ook ondervinden deelnemers meer vertrouwen in eigen kunnen en in regelruimte. Er is een klein positief effect op waardering, betrokkenheid en werkdruk. Dat laatste wil zeggen dat de deelnemers minder werkdruk ervaren door de leergangen. Het onderzoek laat hoge correlaties zien tussen waardering en werkplezier, tussen waardering en aantrekkelijkheid van het beroep en tussen afwisseling van werk en werkplezier. Deelnemers schatten de kans dat de leergang leidt tot meer invloed of nieuwe taken of rollen hoog in. Naast deze vijf leergangen in het vo ontstaan er vanuit Leraar in Amsterdam, een kleurrijk beroep, ook andere initiatieven. Een mooi voorbeeld hiervan is het inspiratie evenement voor 40-50 hr- professionals en deelschoolleiders dat in mei 2022 georganiseerd zal worden. Tijdens dit evenement gaan deelnemers met elkaar in gesprek over de vraag: Is strategisch hrm een oplossing voor het lerarentekort en zo ja hoe ziet het eruit? Primair onderwijs Na de positieve ervaringen in het voortgezet onderwijs is ook het primair onderwijs in 2020 gestart met het creëren van een ontwikkel- en loopbaanperspectief voor leraren. Schoolbesturen, lerarenopleidingen en gemeente werken in gezamenlijke verantwoordelijkheid aan het ontwerpen van de leergangen.

In het po is in samenwerking met leraren, schoolleiders, hr-medewerkers en schoolbestuurders voor vijf lijnen gekozen: 1. Leergang gedeeld leiderschap 2. Leerarrangement pedagogisch en didactisch coachen 3. Netwerk hr-professionals 4. Netwerk schoolleiders 5. Oriëntatie op loopbaanpaden Voor het tweede jaar op rij blijkt het bij de ontwikkeltrajecten voor leraren lastig om genoeg deelnemers te werven. Het leerarrangement pedagogisch en didactisch coachen is met genoeg deelnemers gestart en wordt door de leraren enorm gewaardeerd. Bij de overige twee leergangen is dit helaas nog niet het geval. Het lijkt erop dat in de tijd van het grote aantal tekorten de concurrentie met het primaire proces te groot is. Leraren in het po lijken simpelweg geen tijd te hebben/te ervaren om deel te kunnen nemen. Begin mei 2022 staat er een sessie gepland met

schoolbestuurders, schoolleiders en hr-professionals om gezamenlijk te onderzoeken welke stappen er nodig zijn om de ambities (vanuit zowel de besturen zelf, het rijk en de gemeente) voor het realiseren van ontwikkelmogelijkheden voor leraren wèl te halen. De leernetwerken voor hr-professionals en schoolleiders zijn in het primair onderwijs enorm succesvol. Beide netwerken tellen rond de twintig deelnemers waarin de grote schoolbesturen en alle stadsdelen goed vertegenwoordigd zijn. In deze netwerken wordt echt samen geleerd. Een aantal mooie voorbeelden zijn het gezamenlijk bespreken van het omgaan met en evalueren van het kwaliteitskader voor zij-instromers. Of met elkaar in gesprek over werkdrukverdeling voor startende leraren. Ook zien we dat de netwerken leiden tot mooie samenwerkingen buiten de al bestaande netwerken om. Zo is er bijvoorbeeld via het netwerk contact ontstaan tussen een nieuwe deelnemer met weinig hr-ervaring, die nu ondersteund wordt door een zeer ervaren professional van een ander bestuur. Ook is er een werkgroep opgericht waarin een aantal deelnemers aan de slag is gegaan om het werkverdelingsplan in te kunnen zetten als tool om de autonomie van leerkrachten te vergroten en tegelijkertijd de werkdruk te verlagen. Deze werkgroep is op 1 maart 2022 voor het eerst bijeengekomen. De volgende bijeenkomst is in mei van dit jaar.

De opbrengsten worden steeds teruggekoppeld tijdens de plenaire overleggen. Werkplaats Onderwijsonderzoek Amsterdam - vo/mbo Sinds 2017 werkt een aantal docenten van ­Amsterdamse vo- en mbo-scholen in samen­ werking met onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam (UvA) en de Hogeschool van Amsterdam (HvA) binnen de Werkplaats Onderwijsonderzoek-vo/mbo (WOA) aan praktijkonderzoek over een specifiek thema. Daarbij wordt ingezet op het bouwen van bruggen tussen onderzoek en onderwijs door gebruik te maken van de expertise van de verschillende deelnemers. De WOA-vo/mbo heeft daarbij twee hoofddoelen: 1. Het professionaliseren van de deelnemende docenten. 2. Een bijdrage leveren aan praktijkonderzoek in het onderwijs op de deelnemende scholen. Het onderzoeksthema in de afgelopen jaren was metacognitie en zelfsturing binnen de grootstedelijke context. Dertien deelnemende docenten hebben dit jaar een eigen praktijkonderzoek Voortgangsrapportage 2021 | 13

gedaan dat in meer of mindere mate aansloot bij het hoofdthema. Voorbeelden van onderzoeksvragen waaraan gewerkt is, zijn: • Wat is het effect van een training voor docenten over dialogisch onderwijs, multiperspectiviteit en de ethische dimensie op de kwaliteit van onderwijsleergesprekken over een gevoelig onderwerp? • Wat zijn de kenmerken van een lessenserie die helpt om zelfregulatie van studenten te ontwikkelen bij geheel of gedeeltelijk online studeren? • Wat hebben ISK-leerlingen nodig voor een optimale doorstroom naar een volgende school? De resultaten uit deze verschillende onderzoeken worden gedeeld in een eindsymposium en in een speciale uitgave van het tijdschrift Didaktief. Deelnemers geven aan tevreden te zijn over hun leerrendement en persoonlijke ontwikkeling. Volgend jaar gaat de WOA nog meer aandacht besteden aan doelstelling 1 (lessen voor grootstedelijk onderwijs): Wat voor overkoepelende lessen zijn er voor de hele stad uit de onderzoeken te trekken? Zowel de gemeente als de programmagroep ziet een kans in het meer toespitsen op ons hoofddoel: leraren toerusten om les te geven in de grootstedelijke context – “Urban Education”. Daarom is het nieuwe onderzoeksthema voor de komende twee jaar: Gelijke kansen in de school & diversiteit (in Amsterdam) - dat valt binnen het centrale thema het ­geven van onderwijs in grootstedelijke context.

De (start)onderzoeksvraag waarmee we de scholen ingaan voor werving is dan ook: Op welke wijze kunnen docenten gelijke kansen voor alle leerlingen bevorderen in hun onderwijs binnen een grootstedelijke context? Ook dit jaar was de groep deelnemers bij aanvang iets kleiner dan verwacht, al was het wel positief dat er meer mbo-deelnemers meededen. Hierdoor was de verhouding mbo/vo gelijkmatiger. Voor volgend schooljaar staan in totaal achttien (nieuwe) deelnemers in de startblokken om aan hun onderzoek te beginnen. De werkplaats Onderwijsonderzoek- vo/mbo werkt nauw samen met de werkplaats Onderwijsonderzoek Amsterdam primair onderwijs, waarin leraren in de regio Amsterdam samen met wetenschappers onderzoek doen naar kansenongelijkheid, meertaligheid en het opleiden van leraren.

14 | Voortgangsrapportage 2021

5.2 Voorziening ondersteuning directeuren primair onderwijs Schooldirecteuren zijn een essentiële schakel in het goed functioneren van een school. Door de pandemie is de druk op schoolleiders alleen maar toegenomen. Schooldirecteuren verdienen daarom een extra steun in de rug. De gemeente stelt € 10.000 euro per Amsterdamse schooldirecteur beschikbaar voor het organiseren van passende ondersteuning. Directeuren van Amsterdamse scholen in het primair onderwijs kunnen deze subsidie aanvragen om ondersteuning op maat te organiseren en zo hun werkdruk te verlagen. Op deze manier komt er meer tijd beschikbaar voor het primaire onderwijsproces, zoals leidinggeven aan het lerarenteam en investeren in schoolontwikkeling. Tijdens deze collegeperiode wordt er € 2.250.000 voor gereserveerd (€ 562.500 per jaar), waarmee er voor alle directeuren ruimte voor ondersteuning is vanuit deze voorziening. Resultaten Er zijn in dit schooljaar (2021/22) 48 ondersteuningsaanvragen ingediend en toegekend voor in totaal € 484.661,90. Uit de derde ronde van aanvragen blijkt opnieuw dat bij de Amsterdamse po directeuren behoefte is aan maatwerk in de ondersteuning, waardoor de inrichting van de voorziening goed aansluit bij het doel. Directeuren kunnen dankzij de ondersteuning op maat taken delegeren. Dit helpt bij het verlichten van de werkdruk.

6B  ijlage 1: Resultaten Noodplan Lerarentekort PO Noodplan Lerarentekort Inleiding In januari 2020 is het Noodplan Lerarentekort Amsterdam tot stand gekomen. De gemeente werkt hierin samen met Amsterdamse schoolbesturen in het primair onderwijs en de lerarenopleidingen om de tekorten in het primair onderwijs aan te pakken. De aanpak kent vier pijlers. De pijlers vormen de basis, omdat ze - in samenhang - op de korte termijn acute problemen het hoofd bieden en op de lange termijn het lerarentekort duurzaam aanpakken. De pijler ‘werving en behoud’ richt zich zowel op instroom van nieuwe leraren als op het behouden van leraren voor de stad. De pijler ‘omgaan met tekorten’ biedt interventies waarmee de druk op de scholen waar de tekorten het grootst zijn direct wordt verminderd. De pijler ‘wonen, mobiliteit en dienstverlening’ richt zich op voorzieningen die het voor leraren aantrekkelijker maken om in de stad te (blijven) werken. Met de pijler ‘monitoring’ worden de resultaten inzichtelijk en wordt er stevig ingezet op steun en maatregelen vanuit het Rijk. Ook de komende jaren blijft het tekort een grote rol spelen in het onderwijs. Door de opgelopen achterstanden als gevolg van de coronacrisis zijn goede, bevoegde leraren op de juiste plekken nog harder nodig.

De interventies van het Noodplan Lerarentekort Primair Onderwijs dragen bij aan het tegengaan van het tekort en het omgaan met grote tekorten. Doel van de aanpak In 2023 is het gemiddelde tekort aan bevoegde leraren in het basisonderwijs in Amsterdam kleiner dan 5% en er is geen ongelijkheid in de verdeling van het tekort over de stad.

6.1 Pijler 1: Werving en behoud 6.1.1 Modulair opleiden: bevoegd voor de klas & loopbaanperspectief voor ondersteuners. Sinds schooljaar 2020-2021 bieden we in Amsterdam modulaire opleidingen aan voor onder-

wijsondersteuners. De noodzaak om dit versneld te realiseren is hoog: onderwijsassistenten staan onbevoegd voor Amsterdamse klassen, met name in de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost. Dit zijn voor een groot deel bekwame onderwijsassistenten, met de potentie om leraar te worden. Dat betekent in het reguliere traject een studie van minimaal twee jaar voordat ze bevoegd zijn. In studiebelasting vraag dit veel van de deelnemers, naast tijdelijk een achteruitgang in salaris versus de maandelijkse vaste kosten en mogelijk het onderhouden van een gezin. Door flexibele trajecten aan onderwijsondersteuners5 te bieden, wordt het interessanter en minder belastend voor deze doelgroep om zich om te scholen tot bevoegd leraar of educatief professional. Zo verhogen we het aantal bevoegde leraren voor de klas en de onderwijskwaliteit. Daarnaast bieden we loopbaanperspectief aan onderwijsondersteuners met potentieel.

Modules met kop en staart Soms denk ik er wel eens over. Is de pabo iets voor mij? Ik heb dan zo mijn twijfels, want het is wel een forse tijdsinvestering en aan mijn gezin wil ik ook alle aandacht geven. Twee opgroeiende jongetjes, en een man. Maar ik heb wel de behoefte om me verder te ontwikkelen. Het eerste jaar kon ik meedoen door verschillende modules te volgen. Modules met een kop en een staart. En met een eindopdracht. Dat maakte het overzichtelijk. Het was ook heel duidelijk hoeveel tijd ik erin zou moeten investeren. En dat vond ik erg prettig! Kathy, onderwijsondersteuner op basisschool Universum

120 maatwerktrajecten in 4 jaar Tot en met 2024 worden 120 onderwijsondersteuners opgeleid tot leraar, leraarondersteuner of gespecialiseerde onderwijsondersteuner. Opleidingen blijven daarnaast flexibele ontwik5 Onderwijsondersteuners zijn: onderwijsassistenten, klassenassistenten en leraarondersteuners

Voortgangsrapportage 2021 | 15

keltrajecten aanbieden richting een bevoegdheid. Deze doelstelling is opgenomen in het convenant dat bij het Noodplan hoort. Het traject start met een oriëntatiemodule waarbij de ondersteuners begeleid worden in de keuze van het best passende traject en studievaardigheden. In schooljaar 2020-2021 volgden de eerste 45 deelnemers de oriëntatiemodule. Dit schooljaar zijn 40 van hen gestart met een maatwerktraject tot leraar, leraarondersteuner of een van de specialistische modules. Dit schooljaar startten ook 28 onderwijsondersteuners aan de oriëntatiemodule, zij starten komend schooljaar met het maatwerktraject. Op dit moment is de werving van 60 onderwijsondersteuners gestart voor de groep die in augustus 2022 van start gaat. Van alle deelnemers is meer dan de helft werkzaam op scholen in de stadsdelen Noord, NieuwWest of Zuidoost, daar waar de tekorten het meest nijpend zijn en de impact van maatwerktrajecten het grootst.

Het is nog leuker dan ik dacht “Echt waar! Het is zo leuk om met kinderen te werken. De opleiding geeft me veel energie. Ik heb fijne begeleiders die me enorm steunen. Ze moedigen me aan dingen vooral op mijn eigen manier te doen en uit te proberen. Ik leer veel van mijn collega met wie ik samen voor de klas sta. Zij geeft mij goede handreikingen. Ik krijg veel ruimte van mijn school, en dat waardeer ik enorm. De begeleiding vindt plaats in werktijd en ook daar ben ik blij om. Ik heb een heel jong kindje op de opvang, en op deze manier kan ik dat combineren. Het is fijn dat er rekening met mijn privésituatie gehouden wordt. Ik kan het echt alle ondersteuners aanraden om ook voor dit traject te kiezen. Ik ben heel positief. Het is altijd goed om jezelf verder te ontwikkelen, te ontdekken waar jouw talent zit.” Mimount, onderwijsondersteuner op basisschool De Krijtmolen

Flexibel & maatwerk Iedere onderwijsondersteuner doorloopt een eigen traject, passend bij zijn of haar kennis en kunde. Dit gaat via speciaal ontwikkelde modules die leiden tot het diploma van bijvoorbeeld leraarondersteuner of leraar. Iedere module die de onderwijsondersteuner doet, leidt tot vrijstelling binnen het reguliere paboprogramma. Tijdens het traject word je begeleid door een mentor, 16 | Voortgangsrapportage 2021

een ervaren onderwijsprofessional die eerder een soortgelijke stap heeft gemaakt. Hierin wordt samengewerkt met de begeleidingspoule voor zij-instromers. Ook start een peer- en leernetwerk om gezamenlijk te leren. Excellente of academisch geschoolde leraren zetten hun kennis en expertise in door het ontwikkelen en uitvoeren van modules en het begeleiden van onderwijsondersteunend personeel tijdens de opleiding.

6.1.2 De Amsterdamse salaristoelage Te lage salarissen voor leraren in het basisonderwijs en een te grote loonkloof tussen het basis- en het voortgezet onderwijs zijn vaak gehoorde redenen voor de grote tekorten in het basisonderwijs. Uit de Staat van het Amsterdamse primair onderwijs bleek daarnaast opnieuw dat scholen die een groter aandeel leerlingen met een risico op een onderwijsachterstand hebben, zwaarder lijden onder het lerarentekort dan scholen met weinig of geen leerlingen die dit risico lopen. Daarom is in 2020 besloten dat alle Amsterdamse leraren in het po een basistoelage van €925 per jaar ontvangen (bij een voltijd dienstverband) voor het werken op een school in de stad. Leraren die op een school werken met veel kinderen met een risico op een achterstand ontvangen een aanzienlijk hogere toelage van €2.310 per jaar. De toelage wordt gefinancierd met middelen die het Rijk beschikbaar stelt voor uitvoering van het Noodplan, als onderdeel van het convenant tussen het ministerie, de schoolbesturen en de gemeente. Dit bedrag wordt sinds vorig schooljaar deels aangevuld door de gemeente vanwege een hoger aantal scholen dat zich intussen heeft aangesloten bij het convenant. De toelage lijkt effect te hebben en de reacties uit het veld zijn positief.

De komende periode worden de effecten van de toelage op het terugdringen van het lerarentekort in de stad nader onderzocht.

6.2 Pijler 2: Ondersteuning van scholen in omgaan met langdurig tekort 6.1.1 Project Omgaan met langdurige tekorten Het programma omgaan met langdurige tekorten bestaat uit twee onderdelen. Ten eerste worden scholen met de grootste tekorten ondersteund in een andere manier van werken door ze te koppelen aan externe professionals. In schooljaar 20202021 gebeurde dit deels door de subsidie en de pilot Omgaan met het lerarentekort en deels

in de vorm van inzet van kennismakelaars die de scholen konden matchen. Vanwege de NPO gelden werd dit jaar besloten de subsidie stop te zetten. De ondersteuning van kennismakelaars bleef wel beschikbaar. Dit schooljaar hebben tot nu toe achttien scholen gebruik gemaakt van hun inzet. Daarnaast is in samenwerking met schoolleiders, bestuurders en een grote groep aanbieders in Amsterdam, gebouwd aan het platform andersom.amsterdam. Dit platform ondersteunt Amsterdamse basisscholen bij het zoeken van bekwame externe professionals. Met hun inzet hopen we het lerarentekort verder te verlagen en de werkdruk op scholen terug te dringen. Op 7 april 2022 werd het platform gelanceerd. Hier was veel belangstelling voor. De projectgroep heeft bij een groot deel van de directeuren overleggen een afspraak staan om het platform te presenteren. Momenteel bereiken zij daarmee circa tachtig Amsterdamse basisscholen. Er is interesse vanuit andere gemeenten voor het platform. In navolging van Amsterdam willen nu ook Den Haag en Almere een vergelijkbaar platform opzetten.

6.3 Pijler 3: Monitoring 6.3.1 Werkgroep Monitoring Het inventariseren en monitoren van het lerarentekort is essentieel, maar ook complex. Het geeft inzicht in (verschillen in) het tekort op gebiedsniveau en per schoolgewicht. Vanaf 2021 is Amsterdam aangesloten bij de OCW-meting van het lerarentekort. Deelnemen aan de OCW-meting heeft als voordeel dat resultaten kunnen worden vergeleken met de andere G5-steden en met het landelijke beeld. Data voor de tekortbepaling worden decentraal bij de scholen en besturen verzameld – en niet langer meer op basis van open DUO-data wordt verzameld. Betrouwbaarheid van de OCW-methodiek verhoogd De betrouwbaarheid van de OCW-methodiek was in februari 2021 nog onvoldoende. Dat gold ook voor de resultaten van de meest recente meting. Samen met de andere G5-steden en in samenwerking met OCW hebben we gewerkt aan het verbeteren van de uitvraagprocedure voor de meting van oktober 2021. Belangrijke verbeterpunten zijn het eenduidig invullen van de inventarisatie op schoolniveau, het inbouwen van een controle op bestuursniveau en het verho-

gen van de respons van Amsterdamse scholen (februari 2021: 158 scholen, oktober 2021: 184 scholen). Resultaten van de metingen van het lerarentekort Het lerarentekort in Amsterdam is gestegen van 12,5% in februari 2021 tot 15,3% in oktober 2021. Daarmee ligt het tekort veel hoger dan de ambitie van 5%. Ook is het tekort nog steeds ongelijk verdeeld. Het tekort is het grootst op scholen met een hoog schoolgewicht. Het lerarentekort is ook gestegen in de andere G5-steden. Vergeleken met de andere G5-steden, is het lerarentekort in Rotterdam (13,2%) en Utrecht (7,3%) kleiner dan in Amsterdam. De tekorten in Den Haag (16%) en Almere (16,2%) zijn groter. Het landelijke tekort is 8,5%. Verborgen tekorten Uit de meting in oktober 2021 blijkt dat ongeveer 85% van het lerarentekort een verborgen tekort is. Er staan noodgedwongen onbevoegde leraren voor de klas. Dit zijn bijvoorbeeld zij-instromers die extra dagen voor de klas staan, onderwijsassistenten, stagiaires of bevoegden die eigenlijk andere taken hebben binnen de school, zoals de directeur.

6.4 Pijler 4 Mobiliteit en dienst­ verlening 6.4.1 Servicecentrum onderwijs en zorg Om het werken in het Amsterdamse onderwijs en de (jeugd)zorg zo aantrekkelijk mogelijk te maken voor huidige én nieuwe medewerkers, heeft het college van de gemeente Amsterdam diverse regelingen getroffen. Om de regelingen toegankelijker te maken, kan onderwijspersoneel sinds juli 2020 terecht bij een Servicecentrum Onderwijs en Zorg voor informatie over verschillende regelingen en voor het doen van een aanvraag voor bijvoorbeeld een parkeervergunning. Sinds februari 2021 kunnen ook medewerkers in de zorg terecht bij dit Servicecentrum Onderwijs en Zorg. Met het Servicecentrum en de diensten die worden geboden, hoopt de gemeente de drempels voor onderwijs-en zorgmedewerkers te verlagen om in Amsterdam te wonen en te werken. Het Servicecentrum wordt in de praktijk door onderwijsprofessionals voornamelijk benaderd met vragen over de voorrangsregeling huurwoning en over parkeervergunningen. De professionals die contact hebben gehad met het Voortgangsrapportage 2021 | 17

Servicecentrum voelen zich vaak geholpen: de helft van de respondenten zegt geholpen te zijn met zijn vraag bij het Servicecentrum. Met name de bereikbaarheid wordt positief gewaardeerd.

6.4.2 Mobiliteitsaanpak publieke professionals Amsterdam werkt vanuit de Agenda Autoluw aan het verbeteren van de leefbaarheid en bereikbaarheid van de stad door niet-noodzakelijk autoverkeer te ontmoedigen. Dit heeft gevolgen voor de ruim veertig procent van de Amsterdamse leraren die buiten de stad wonen.6 Deze leraren zijn onmisbaar voor de stad. Daarom werkt de gemeente in samenwerking met schoolbesturen aan een mobiliteitsaanpak voor onderwijspersoneel. Mobiliteitsadvies voor schoolbesturen Schoolbesturen kunnen gebruikmaken van mobiliteitsscans en mobiliteitsadvies van Stichting Breikers. Breikers ondersteunt bedrijven en organisaties bij hun transitie naar slimme en duurzame mobiliteit. In 2021 zijn vijf schoolbesturen gestart met het adviestraject. Schoolbesturen geven aan mobiliteit niet hoog op de prioriteitenlijst te hebben staan vanwege het corona en het lerarentekort. Ontwikkeling probeeraanbod deelmobiliteit Vanuit het programma Deelmobiliteit (Verkeer en Openbare Ruimte) werkt de gemeente aan een probeeraanbod deelvervoer voor mensen die in Amsterdam in het onderwijs en de zorg werken. Het probeeraanbod is 1 september 2021 van start gegaan en loopt tot en met de zomer van 2022.

Onderwijs- en zorgmedewerkers hebben met dit probeeraanbod de mogelijkheid om gratis kennis te maken met deelvervoer (fietsen en scooters) om het laatste deel van hun reis in Amsterdam te kunnen maken of voor werk gerelateerde ritten binnen Amsterdam. Er worden vouchers met €100 reistegoed beschikbaar gesteld, die binnen twee maanden kunnen worden besteed bij een of meerdere aanbieders (fietsen en scooters). Er is binnen het probeeraanbod plaats voor maximaal 2.000 mensen.

https://data.amsterdam.nl/publicaties/publicatie/ fact-sheet-woon-werkstromen-van-amsterdams-onderwijspersoneel-po-so-en-vo/250e8856-0388-446c-a950cb2531170ac1/ 6

18 | Voortgangsrapportage 2021

Per maand kunnen 150 personen deelnemen. Voor de periode september t/m december 2021 was het aantal plekken volledig benut. De verhouding in deelname van onderwijs en zorg ligt op ca. 25%/75%. Ondanks extra communicatie voor mensen in het onderwijs is die verhouding tot nu toe hetzelfde gebleven. Dit kan te maken hebben met de afgelopen lockdown en het feit dat er meer mensen in de zorg werken dan in het onderwijs.

7B  ijlage 2: Begroting Lerarenagenda 2019-2023 2019-2020

2020-2021 2021-2022 2022-2023 2023-2024

Totaal

Noodplan**

1.550.000

5.593.000

2.623.800

2.580.200

2.580.200

14.927.200

Behoud en werving leraren

700.000

1.415.000

1.175.000

1.175.000

1.175.000

5.640.000

2.500.000

-

-

-

2.500.000

1.188.000

1.188.000

1.188.000

1.188.000

5.602.000

490.000

260.800

217.200

217.200

1.185.200

Omgaan met langdurige tekorten

Wonen, mobiliteit en dienstverlening

850.000

Monitoring, communicatie en organisatie

Lerarenagenda***

6.864.500

3.177.500

1.347.500

1.277.500

-

12.667.000

Amsterdamse teambeurs

5.602.000

1.830.000

-

-

-

7.432.000

Directeurenbeurzen

562.500

562.500

562.500

562.500

-

2.250.000

Versterking lerarenberoep VO

400.000

370.000

370.000

300.000

-

1.440.000

Overige projecten Lerarenagenda

300.000

415.000

415.000

415.000

-

1.545.000

Totaal

8.414.500

8.770.500

3.971.300

3.857.700

2.580.200

27.594.200

Voortgangsrapportage 2021 | 19

Toelichting ** loopt van 1 augustus 2020 tot 1 augustus 2024. Projecten met bedragen in schooljaar 2019-2020 vallen onder de Lerarenagenda voor dat schooljaar en per 1 augustus 2020 onder het Noodplan. *** loopt van 1 augustus 2019 tot 1 augustus 2023. Per 1 augustus 2020 zijn bepaalde projecten deel gaan uitmaken van het Noodplan. Hierboven staat de geïntegreerde meerjarige begroting voor de Lerarenagenda en het in 2020 er aan toegevoegde Noodplan. Deze vormen samen de Meerjarenbegroting (MJB) Aanpak Lerarentekort (gemeentelijk deel).

• Aan het Noodplan dragen de schoolbesturen in het primair onderwijs in Amsterdam bij. Dit is een verplichting die hoort bij de subsidie vanuit OCW voor het convenant dat op basis van dit Noodplan door OCW, de Amsterdamse schoolbesturen in het primair onderwijs en de gemeente Amsterdam is gesloten. In totaal krijgen de schoolbesturen in de periode van augustus 2020 tot augustus 2024 € 27 miljoen subsidie. Dit bedrag wordt in zijn geheel besteed aan de grotestedentoelage. De gemeente en schoolbesturen moeten € 13,6 miljoen aan cofinanciering over dezelfde periode bijdragen. • Er is daarnaast een aparte subsidie vanuit OCW voor het project zij-instroom (deel van behoud en werving leraren). Ook hier zit een cofinancieringsverplichting aan vast (€ 6,8 miljoen in totaal).In totaal bedraagt de meerjarige begroting voor het Noodplan € 82,1 miljoen (waarvan € 32,6 miljoen voor het project zij-instroom). Wijzigingen tussen de oorspronkelijke meerjarige begroting Lerarenagenda 2019-2023 en de MJB Aanpak Lerarentekort zitten vooral in de teambeurzen (opgehoogd met € 2,8 miljoen voor schooljaar 2019-2020 en stopgezet per augustus 2021 (vanwege gemeentelijke bezuinigingen) en in de toevoeging van schooljaar 2023-2024 voor het gemeentelijke aandeel in het Noodplan, vanwege de looptijd van het convenant tot 1 augustus 2024.

20 | Voortgangsrapportage 2021

VRM22–217

Voortgangsrapportage 2021 | 21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11536746/1