CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Voorjaarsnota 2023.pdf

Raadscommissie Mobiliteit, Openbare ruimte en Water 6 juli 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Voorjaarsnota 2023 (VN2023-015628)35.622 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

50

H 3.3.2

3.3.2

Kunst en cultuur

Programmaonderdeel 3.2 Kunst en cultuur (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten Saldo na 2022 (begrotings­ voorjaarsnota voorjaarswijziging) nota Baten

1,8

0,8

0,0

0,8

Lasten

150,2

166,5

13,9

180,5

Saldo Baten en Lasten

-148,4

-165,8

-13,9

-179,7

Onttrekking

0,0

1,2

5,2

6,4

Toevoeging

1,1

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-1,1

1,2

5,2

6,4

-149,5

-164,5

-8,7

-173,2

Totaal Programmaonderdeel 3.2 Kunst en cultuur

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 13,9 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor het herstelplan voor de culturele sector ná corona. De culturele sector is nog niet volledig hersteld van de coronacrisis, onder andere doordat het aantal bezoekers nog niet op het niveau van voorheen is en de reserves van de culturele instellingen zijn afgenomen, waardoor de kwetsbaarheid is toegenomen. (€ 5,3 miljoen) • Hogere lasten door de noodsteunregeling voor de compensatie van de gestegen energieprijzen in de culturele sector. In de Begroting 2023 is een noodfonds ingesteld van € 10 miljoen voor maatschappelijke organisaties die in hun voortbestaan worden bedreigd door de gestegen energieprijzen. Hiervan is € 3,0 miljoen bestemd voor de culturele sector. Hier staat een even grote onttrekking aan de reserve coalitieakkoordmiddelen tegenover (€ 3,0 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

• Hogere lasten door de inzet van de coalitieakkoord middelen voor Broedplaatsen, waarmee broedplaatsen in stand worden gehouden en nieuwe worden gerealiseerd, ook worden broedplaatsen meer toegankelijk gemaakt voor andere functies (€ 2,1 miljoen). • Hogere lasten door het toevoegen van de eindejaarsmarge van 2022. Deze middelen worden onder andere ingezet voor het laten ontwerpen, maken en plaatsen van het Peter R. de Vries monument, bouwkundige aanpassingen van poppodium Paradiso, waaronder het treffen van geluidswerende maatregelen en voor de buurtmedia (€ 1,5 miljoen). • Hogere lasten voor subsidies aan culturele instellingen door de indexering van de huren. Dit is per saldo neutraal door een even grote stijging van de huurbaten in programmaonderdeel 1.5 Vastgoed (€ 1,3 miljoen). • Hogere lasten door de inzet van de coalitieakkoord middelen voor lokale media, waarmee voornamelijk de positie van de lokale publieke omroep als onafhankelijk nieuwsvoorziening wordt verstrekt (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten door een verschuiving van programmaonderdeel 3.2 Kunst en Cultuur naar programmaonderdeel 5.1 Onderwijs voor het ontwikkelplan van de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA) (€ 0,9 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel stijgen met € 5,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere onttrekking aan de reserve coalitieakkoordmiddelen waarin het noodfonds is opgenomen voor de gestegen energieprijzen. (€ 3,0 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve coalitieakkoordmiddelen, voor de inzet van de incidentele middelen uit het coalitieakkoord voor Broedplaatsen en Lokale media (€ 2,1 miljoen).

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

51

H 3.3.3

3.3.3

Erfgoed

Programmaonderdeel 3.3 Erfgoed (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

0,1

0,2

0,0

Saldo na voorjaarsnota 0,2

Lasten

3,6

3,2

0,5

3,7

Saldo Baten en Lasten

-3,5

-3,0

-0,5

-3,6

Onttrekking

0,3

0,3

0,2

0,4

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,2

0,3

0,2

0,4

Totaal Programmaonderdeel 3.3 Erfgoed

-3,2

-2,8

-0,4

-3,1

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de lasten groter dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen en toevoegingen aan reserves Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de reserves groter dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

52

H 3.4

3.4 Sport Programma 4 Sport (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

28,6

17,1

13,3

Saldo na voorjaarsnota 30,5

Lasten

87,8

81,5

15,5

97,0

Saldo Baten en Lasten

-59,2

-64,4

-2,2

-66,6

Onttrekking

4,6

0,8

0,7

1,4

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

4,6

0,8

0,7

1,4

-54,6

-63,6

-1,6

-65,1

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Totaal Programma 4 Sport

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

26,1

25,2

-0,5

24,7

53

H 3.4.1

3.4.1

Sport en bewegen

Programmaonderdeel 4.1 Sport

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

28,6

17,1

13,3

Saldo na voorjaarsnota 30,5

Lasten

87,8

81,5

15,5

97,0

Saldo Baten en Lasten

-59,2

-64,4

-2,2

-66,6

Onttrekking

4,6

0,8

0,7

1,4

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

4,6

0,8

0,7

1,4

Totaal Programmaonderdeel 4.1 Sport  

-54,6

-63,6

-1,6

-65,1

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 15,5 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten in 2023 door het btw nadeel van de sportvrijstelling per 1-1-2019 (€ 13,8 miljoen). Dit nadeel wordt geheel gecompenseerd door de ontvangen Specifieke Uitkering Stimulering Sport. Daardoor is het effect voor de begroting neutraal. Zie ook de toelichting bij de baten. • Hogere lasten in 2023 door inzet van coalitiemiddelen (€ 2,1 miljoen). Wij richten ons hierbij vooral op sporten en bewegen onder jeugd en jongeren. Voorbeelden zijn een sportvergoeding voor de jeugd en school- en diplomazwemmen. Daarnaast organiseren en subsidiëren wij met deze middelen sportevenementen. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Financiële toelichting

Reserves

Baten

Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de reserves groter dan € 1 miljoen.

De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 13,3 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten in 2023 uit de Specifieke Uitkering Stimulering Sport (€ 13,8 miljoen). Met ingang van 1 januari 2019 is sport een vrijgestelde prestatie. Wij berekenen sinds die datum geen btw over het gebruik van sportvoorzieningen. Daartegenover staat dat wij de btw op het beheren van- en investeren in sportvoorzieningen niet kunnen aftrekken. Ter compensatie van dit btw nadeel ontvangen wij een specifieke uitkering (SPUK). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

54

H 3.5

3.5 Onderwijs Programma 5 Onderwijs (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

60,2

57,8

4,4

Saldo na voorjaarsnota 62,1

Lasten

282,8

306,6

0,5

307,1

Saldo Baten en Lasten

-222,6

-248,8

3,9

-244,9

Onttrekking

0,0

1,2

1,8

3,1

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

1,2

1,8

3,1

-222,6

-247,6

5,7

-241,9

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Totaal Programma 5 Onderwijs  

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

32,2

33,5

2,2

35,6

55

H 3.5.1

3.5.1

Onderwijs

Programmaonderdeel 5.1 Onderwijs

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

60,2

57,8

4,4

Saldo na voorjaarsnota 62,1

Lasten

282,8

306,6

0,5

307,1

Saldo Baten en Lasten

-222,6

-248,8

3,9

-244,9

Onttrekking

0,0

1,2

1,8

3,1

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

1,2

1,8

3,1

-222,6

-247,6

5,7

-241,9

Totaal Programmaonderdeel 5.1 Onderwijs  

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 4,4 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten door rijksinkomsten voor het Nationaal Programma Onderwijs (NPO: € 1,6 miljoen), Onderwijsachterstandenbeleid (OAB: € 1,4 miljoen) en Regionaal Meld- en Coördinatiepunt (RMC: € 1,1 miljoen). Zie ook toelichting bij de lasten (€ 4,1 miljoen in totaal) • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 0,5 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor de uitvoering van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO: € 1,6 miljoen), Onderwijsachterstandenbeleid (OAB: € 1,4 miljoen), Regionaal Meld- en Coördinatiepunt (RMC: € 1,1 miljoen). Zie ook toelichting bij de baten (€ 4,1 miljoen in totaal). • Hogere lasten voor leerlingenvervoer door een prijsverhoging van het leerlingenvervoer conform de NEA index (13,7% in 2023) en een toename in het aantal kinderen, vooral in het aangepast vervoer (taxi en busje, € 1,9 miljoen). • Hogere lasten foor het toekennen van de eindejaarsmarge 2022, die met name worden ingezet voor de brede brugklasbonus en de familiescholen (€ 1,5 miljoen). • Hogere lasten voor het faciliteren van (gezonde) ontbijten en schoollunches, vooral in wijken waar dat het hardste nodig is (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten door een actualisatie van de kapitaallasten (€ 6,5 miljoen). De daling in 2023 is grotendeels toe te rekenen aan investeringen waarvan de geplande uitgaven later plaatsvinden. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves Hogere onttrekking aan de Reserve Coalitiemiddelen 22-26 voor het faciliteren van schoollunches (€ 1,8 miljoen).

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Voorjaarsnota 2023

56

H 3.6

3.6 Gezondheid, Zorg, Jeugd, Opvang en Diversiteit Programma 6 Gezondheid, Zorg, Jeugd, Opvang en Diversiteit (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

211,4

60,8

48,8

Saldo na voorjaarsnota 109,6

Lasten

1.226,4

1.172,2

56,1

1.228,3

Saldo Baten en Lasten

-1.015,0

-1.111,4

-7,3

-1.118,7

Onttrekking

8,2

10,3

16,0

26,3

Toevoeging

34,0

6,9

12,2

19,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-25,7

3,4

3,8

7,2

Totaal Programma 6 Gezondheid, Zorg, Jeugd, Opvang en Diversiteit

-1.040,8

-1.108,0

-3,4

-1.111,5

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

207,7

164,3

-6,4

157,9

57

H 3.6.1

3.6.1

Basisvoorzieningen

Programmaonderdeel 6.1 Basisvoorzieningen (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

154,5

43,0

9,5

Saldo na voorjaarsnota 52,6

Lasten

332,8

244,5

16,4

260,9

Saldo Baten en Lasten

-178,3

-201,5

-6,9

-208,4

Onttrekking

0,0

1,0

8,7

9,7

Toevoeging

0,3

0,1

0,0

0,1

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-0,3

0,9

8,7

9,7

-178,6

-200,5

1,8

-198,7

Totaal Programmaonderdeel 6.1 Basisvoorzieningen  

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 9,5 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten door correcties inzake omzet Lab/Centrum Seksueel Geweld en ontvangen bijdragen derden. De correcties leiden ertoe dat de begroting meer in lijn ligt met de realisatie (€ 7,4 miljoen). Hiertegenover staan hogere lasten. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 16,4 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door correcties inzake omzet LAB/Centrum Seksueel Geweld en ontvangen bijdragen van derden. De correcties leiden ertoe dat de begroting meer in lijn ligt met de realisatie (€ 7,4 miljoen). Hiertegenover staan hogere baten.

Voorjaarsnota 2023

• Hogere lasten door herallocatie van middelen voor het realiseren van doelstellingen van het Sarphati Instituut voor de uitvoering van Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma, prenatale huisbezoeken voor Oekraïense kinderen en de effecten van prijsbijstelling (€ 5,4 miljoen). • Lagere lasten door een verschuiving van de extra toegekende nominale compensatie voor loon- en prijscompensatie in de Begroting 2023 naar budgetten van de stadsdelen in andere programma’s om de bestedingskracht van de begroting aldaar op peil te houden (€ 4,3 miljoen). • Hogere lasten vanuit de Masterplannen stadsdelen (€ 3,7 miljoen): – Noord (€ 2,1 miljoen) in het kader van kansen voor jeugd (€ 0,6 miljoen) en kansrijke sociale buurten (€ 1,5 miljoen). – Hogere lasten door Masterplan Zuidoost (€ 1,0 miljoen) in het kader van jeugd en onderwijs. – Hogere lasten door Masterplan Nieuw-West (€ 0,6 miljoen) in het kader van ontwikkelbuurten (€ 0,3 miljoen) en jeugd randvoorwaarden (€ 0,3 miljoen). • Hogere lasten vanwege bijstelling van het budget omdat nominale compensatie Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) overgeheveld wordt van programma­ onderdeel 6.3 naar programmaonderdeel 6.1 (€ 1,9 miljoen). Dit sluit beter aan op de gemeente­lijke programma indeling van 2023. • Lagere lasten door herverdeling van middelen inzake preventie tegen ongelijkheid in de gezondheid (€ 1,2 miljoen).

• Lagere lasten Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) door herverdeling van middelen voortvloeiend uit de prijsbijstelling gemeentefonds (€ 1,3 miljoen). • Lagere lasten door overheveling van de middelen voor zorgspecifieke bedrijfs­ voering (programma 6) naar de centrale staf (programma B) van de Gemeentelijke Geneeskundige Dienst (€ 1,3 miljoen). • Lagere lasten door het oplossen van het knelpunt bij het stadsgebied Weesp van € 1,0 miljoen. Na de fusie tussen Weesp en Amsterdam is gebleken dat op een aantal onderdelen de middelen niet toereikend waren. Dit betreft onder andere de ambtelijke capaciteit op het terrein van projectmanagement, veiligheid, het sociaal wijkteam en de basisvoorzieningen. • Hogere lasten vanwege de overheveling van een gedeelte van de eindejaarsmarge naar de stadsdelen (€ 1 miljoen). De middelen worden ingezet voor de sociale basis binnen de stadsdelen. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen. 58

H 3.6.1

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Een onttrekking aan de reserve Streeklaboratorium door verder onderzoek naar effecten van corona, voorbereidingen (met andere laboratoria) voor eventuele andere gezondheidscrises en voor het verstevigen van de samenwerking daarin (€ 4,5 miljoen). • Een onttrekking aan de reserve Coalitiemiddelen 2022-2026 (€ 3,7 miljoen) voor de uitvoering van bestedingsplannen voor Integrale aanpak (Masterplannen): – Stadsdeel Noord (€ 2,1 miljoen) – Stadsdeel Zuidoost (€ 1,0 miljoen) – Stadsdeel Nieuw-West (€ 0,6 miljoen) • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de toevoegingen aan de reserves groter dan € 1,0 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

59

H 3.6.2

3.6.2

Wijkteams Reserves

Programmaonderdeel 6.2 Wijkteams (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

1,0

0,9

0,0

Saldo na voorjaarsnota 0,9

Lasten

106,3

122,8

2,2

125,0

Saldo Baten en Lasten

-105,2

-121,9

-2,2

-124,1

Onttrekking

0,0

0,0

1,6

1,6

Toevoeging

0,0

0,0

2,2

2,2

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

-0,5

-0,5

-105,2

-121,9

-2,7

-124,6

Totaal Programmaonderdeel 6.2 Wijkteams  

Onttrekkingen aan reserves • Een onttrekking van € 1,6 miljoen uit de egalisatiereserve Parlementaire Onder­ vragingscommissie Kindertoeslag (POK) wegens herverdeling voor versterking van de wijkteams ten behoeve van de Ouder Kind Teams (OKT) en het Doorbraakteam.

Toevoegingen aan reserves • Een toevoeging van € 2,2 miljoen aan de egalisatiereserve POK wegens herverdeling voor versterking van de wijkteams. Het betreft een afname van het budget voor de buurtteams ten gunste van de OKT en het Doorbraakteam, onder Programmadoel 6.2, met een totaal van € 1,6 miljoen. De resterende € 0,4 miljoen wordt ingezet voor de investering in kwaliteit vanuit programma 7.

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 2,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door een eenmalige bijdrage vanuit de eindejaarsmarge voor de applicatie cliëntinformatie (€ 1,2 miljoen). Met deze applicatie kunnen buurtteams en ketenpartners cliëntgegevens uitwisselen en dienstverlening bijhouden. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

60

H 3.6.3

3.6.3

Individuele voorzieningen

Programmaonderdeel 6.3 Individuele voorzieningen

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

55,9

16,8

39,3

Saldo na voorjaarsnota 56,1

Lasten

780,0

794,7

37,2

-831,8

Saldo Baten en Lasten

-724,2

-777,9

2,1

-775,8

Onttrekking

8,2

9,3

5,6

14,9

Toevoeging

33,7

6,8

10,0

16,8

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-25,4

2,5

-4,4

-1,9

Totaal Programmaonderdeel 6.3 Individuele voorzieningen  

-749,6

-775,4

-2,3

-777,7

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 39,3 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten voor de Noodopvang Oekraïne uit de specifieke uitkeringen van het rijk voor de opvang van ontheemden uit de Oekraïne (€ 24,5 miljoen). Hiertegen­ over staat € 24,5 miljoen aan hogere lasten voor de inzet van de zorgaanbieders. • Hogere baten vanuit het ramingsrisico jeugd (€ 7,7 miljoen). Vooruitlopend op het resultaat van de onderhandelingen over de landelijke Hervormingsagenda Jeugd is rekening gehouden met een lagere Rijksbezuiniging. • Hogere baten door een rijksbijdrage voor het programma Ongedocumenteerden (€ 5,4 miljoen). Hiertegenover staan € 5,4 miljoen aan hogere lasten. • Hogere baten voor de Gemeenschappelijk Geneeskundige Dienst (GGD) door toekenning van incidentele middelen ten behoeve van het verder vorm geven van de Centrale Toegang in de stad (€ 1,1 miljoen). Hiertegenover staan € 1,1 miljoen aan hogere lasten. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 37,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor de Noodopvang Oekraïne voor de inzet van de zorgaanbieders (€ 24,5 miljoen). Hiertegen over staan € 24,5 miljoen hogere baten uit de specifieke uitkeringen van het rijk voor de opvang van ontheemden uit de Oekraïne. • Lagere lasten voor de overgang van de ICT van de Gemeenschappelijke Geneeskundige Dienst (GGD) naar de stedelijke ICT standaard (€ 8,4 miljoen). • Hogere lasten vanwege de overheveling van middelen uit het gemeentefonds die in 2022 niet tot besteding zijn gekomen (€ 6,1 miljoen). Hier staat dekking tegenover vanuit de reserve Gemeentefondsmiddelen. Het zijn middelen uit de toekenning via de september- en decembercirculaire (€ 6,1 miljoen).Het betreft de volgende kosten: – Maatschappelijke opvang en OGGz € 2,1 miljoen – Compensatieregeling Voogdij 18+ € 1,5 miljoen – Meerkosten Oekraïne sociaal domein € 1,4 miljoen – Continuïteit van zorg, beschermd wonen, jeugdzorg en vrouwenopvang totaal € 1,0 miljoen. • Hogere lasten vanwege een rijksbijdrage voor het programma ongedocumenteerden (€ 5,4 miljoen). Hiertegenover staan € 5,4 miljoen aan hogere baten.

• Hogere lasten door een collegebesluit in december 2022 om de wachtlijsten voor 2023 voor Hoog Specialistische Jeugdzorg (HSJ) te beperken tot het niveau van 2022 van 700 jeugdigen (€ 5,0 miljoen). Hiermee wordt beoogd om de wachtlijst niet verder op te laten lopen tot 10 procent van het totaal aantal jeugdigen in de zorg. Dit wordt gedekt vanuit de eindejaarsmarge 2022. • Hogere lasten om de wachtlijsten voor Hoog Specialistische Jeugdzorg verder te beperken tot 7,5 procent van het aantal jeugdigen in zorg (€ 4,5 miljoen). • Lagere lasten door het terugdraaien van teveel toegekende nominale compensatie aan beschermd wonen (€ 4,4 miljoen). Hiermee wordt de omissie uit de Begroting 2023 gecorrigeerd. • Hogere lasten door invulling te geven aan hervormingen die in het jeugddomein moeten worden gerealiseerd (€ 2,9 miljoen). • Hogere lasten door de groei van aanvragen voor het Persoonsgebonden Budget (PGB) (€ 2,5 miljoen). Onder andere door een gerechtelijke uitspraak over wanneer

61

H 3.6.3

een PGB-aanvraag afgewezen mag worden, wachtlijsten bij gecontracteerde aanbieders en prijsstijgingen. • Lagere lasten vanwege bijstelling van het budget omdat nominale compensatie voor de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) overgeheveld wordt van programmaonderdeel 6.3 naar programmaonderdeel 6.1 (€ 1,9 miljoen). Dit sluit beter aansluit op de gemeentelijke programma indeling van 2023. • Lagere lasten door herverdeling van nominale compensatie vergoedingen tussen Jeugd en Zorg (€ 1,3 miljoen). Het betreft een neutrale mutatie van programmaonderdeel 6.3 naar 6.2 en 6.1. • Hogere lasten door toekenning van incidentele middelen aan de Gemeenschappelijk Geneeskundige Dienst ten behoeve van het verder vorm geven van de Centrale Toegang in de stad (€ 1,1 miljoen). Hiertegenover staan € 1,1 miljoen aan hogere baten. • Hogere lasten voor de inzet van regisseurs vanuit de Gecertificeerde jeugd­ instellingen voor Top 400/600 (€ 1,0 miljoen). Het betreft een budget neutrale mutatie vanuit programmaonderdeel 8.2 naar 6.3 en is conform het ingediende bestedingsplan coalitieakkoordmiddelen. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekking aan de reserve Overheveling Gemeentefondsmiddelen (€ 5,6 miljoen). Vanwege de overheveling van middelen uit het gemeentefonds die in 2022 niet tot besteding zijn gekomen. Dit betreffen middelen uit de toekenning via de september- en decembercirculaire voor de volgende kosten: – Maatschappelijke opvang en Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGz) € 2,1 miljoen – Compensatieregeling Voogdij 18+ € 1,5 miljoen – Meerkosten Oekraïne sociaal domein € 1,4 miljoen – Continuïteit van zorg, beschermd wonen, jeugdzorg en vrouwenopvang totaal € 1,0 miljoen. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves • Hogere dotatie aan de reserve door een overheveling van de centrale eindejaars­ marge aan de egalisatiereserve Jeugd (€ 10,0 miljoen). Onlangs is een akkoord gesloten over de Hervormingagenda Jeugd tussen Vereniging Nederlandse Gemeenten en het Rijk. Hiermee zijn de inhoudelijke doelstellingen en het financiële kader meerjarig vastgesteld. Het financieel kader van de landelijke hervormings­ agenda ligt lager dan het niveau van de jeugdbegroting van Amsterdam in de Begroting 2023. Met deze dotatie van € 10 miljoen wordt dit rechtgetrokken.

62

H 3.6.4

3.6.4

Diversiteit

Programmaonderdeel 6.4 Diversiteit (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

0,0

0,0

0,0

Saldo na voorjaarsnota 0,0

Lasten

7,3

10,2

0,3

10,5

Saldo Baten en Lasten

-7,3

-10,2

-0,3

-10,5

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Programmaonderdeel 6.4 Diversiteit  

-7,3

-10,2

-0,3

-10,5

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen. Wel is er sprake van uitbreiding van de formatie voor het welslagen van het programmadoel om discriminatie en racisme te bestrijden en de emanciperende krachten in de stad te faciliteren (€ 0,4 miljoen).

Lasten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de lasten groter dan € 1 miljoen.

Reserves Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

Voorjaarsnota 2023

63

H 3.7

3.7 Sociale zaken en Armoedebestrijding Programma 7 Sociale zaken en Armoedebestrijding (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Baten

709,8

628,9

123,1

752,0

Lasten

1.283,5

1.045,5

125,3

1.170,9

Saldo Baten en Lasten

-573,8

-416,6

-2,3

-418,9

Onttrekking

13,1

16,2

23,7

39,9

Toevoeging

2,7

0,1

18,0

18,1

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

10,4

16,1

5,7

21,8

Totaal Programma 7 Sociale zaken en Armoedebestrijding

-563,4

-400,5

3,4

-397,1

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

173,1

144,1

20,5

164,6

?

Voorjaarsnota 2023

64

H 3.7.1

3.7.1

Inkomensregelingen

Programmaonderdeel 7.1 Inkomensregelingen

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Baten

663,0

593,1

112,4

705,5

Lasten

738,4

656,5

102,3

758,8

Saldo Baten en Lasten

-75,4

-63,3

10,1

-53,2

Onttrekking

12,3

13,1

13,7

26,9

Toevoeging

0,1

0,0

18,0

18,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

12,2

13,1

-4,3

8,8

Totaal Programmaonderdeel 7.1 Inkomensregelingen  

-63,1

-50,2

5,8

-44,4

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 112,4 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten door de bijstelling van het macrobudget door het rijk ten behoeve van de verhoging van het wettelijk minimumloon voor de bijstandslasten (€ 62,9 miljoen). • Hogere baten omdat er voor ontheemden uit Oekraïne nieuwe taken zijn opgelegd bij de gemeente, zoals de organisatie van de eerste opvang (Hub Amsterdam), korte termijn opvang (hotels, boten) en het verstrekken van leefgeld. Hiervoor zijn voorzieningen in gang gezet die voorheen geen onderdeel uitmaakten van de activiteiten van de gemeente Amsterdam. Deze baten en lasten zijn technisch geboekt binnen programmaonderdeel 7.1, het effect is gemeentebreed neutraal (€ 49,5 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 102,3 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten omdat er voor ontheemden uit Oekraïne nieuwe taken zijn opgelegd bij de gemeente, zoals de organisatie van de eerste opvang (Hub Amsterdam), korte termijn opvang (hotels, boten) en het verstrekken van leefgeld. Hiervoor zijn voorzieningen in gang gezet die voorheen geen onderdeel uitmaakten van de activiteiten van de gemeente Amsterdam. Deze baten en lasten zijn technisch geboekt binnen programmaonderdeel 7.1, het effect is gemeentebreed neutraal (€ 49,5 miljoen). • Hogere lasten door de verhoging van het wettelijk minimumloon voor de bijstandslasten en daarnaast lagere lasten door de dalende trend van het aantal bijstandsgerechtigden (€ 45,0 miljoen). • Hogere lasten door het corrigeren van een eerder ten onrechte doorgevoerde mutatie. Middelen vanuit programma B worden overgeheveld naar programma 7 (€ 5,2 miljoen). • Hogere lasten naar aanleiding van ontvangen rijksmiddelen uit de decembercirculaire (€ 2,0 miljoen),ten behoeve van: – de Bijzondere Bijstand om mensen met laag inkomen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening.

– de uitvoeringskosten Bijstand voor zelfstandigen (Bbz) door de hoge instroom in de Bbz in het eerste kwartaal van 2022 met doorwerking in 2023, als gevolg van het stopzetten van de Tozo (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandigen). • Hogere lasten vanwege inzet van extra rijksmiddelen die zijn ontvangen voor de versterking van de dienstverlening aan kwetsbare Amsterdammers. Deze middelen komen voort uit de kabinetsreactie op het verslag van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvang -toeslag (POK) en worden nu conform de raadsinformatiebrief uit september 2022 voor de jaarschijven 2023 tot en met 2026 begroot. De wijziging heeft een neutraal effect op de begroting (€ 1,4 miljoen). • Lagere lasten door overheveling van middelen naar programma – onderdeel 7.2 voor overkoepelende beleidsinzet en digitalisering (€ 1,6 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

65

H 3.7.1

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekking aan de egalisatiereserve inkomensdeel en conjunctuur vanuit programma 7 een vrijval ten gunste van de algemene middelen (€ 10,0 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve overheveling gemeentefondsmiddelen naar aanleiding van ontvangen rijksmiddelen uit de decembercirculaire voor de Bijzondere Bijstand en de uitvoeringskosten Bijstand voor zelfstandigen (€ 2,0 miljoen). • Hogere onttrekking aan de egalisatiereserve POK voor investeren in de kwaliteit van inkomens -consulenten (€ 1,4 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve egalisatiereserve inkomensdeel conjunctuur om de afhandeling van de Tozo en Bbz regelingen te kunnen uitvoeren. In de jaren 2020 tot en met 2022 hebben we hiervoor een rijksbijdrage ontvangen die is toegevoegd aan deze reserve (€ 0,3 miljoen).

Toevoegingen aan reserves Hogere toevoeging aan de egalisatiereserve inkomensdeel en conjunctuur door bijstelling van het rijksbudget voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen (€ 18,0 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

66

H 3.7.2

3.7.2

Werk, participatie en inburgering

Programmaonderdeel 7.2 Werk, participatie en inburger (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

29,0

19,2

7,6

Saldo na voorjaarsnota 26,8

Lasten

235,8

242,3

15,2

257,6

Saldo Baten en Lasten

-206,7

-223,1

-7,6

-230,8

Onttrekking

0,8

-0,8

4,8

4,0

Toevoeging

2,7

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-1,9

-0,8

4,8

4,0

Totaal Programmaonderdeel 7.2 Werk, participatie en inburger  

-208,6

-223,9

-2,8

-226,7

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 7,6 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten als gevolg van de ontvangen beschikking voor de specifieke uitkering Wet Inburgering. Vanuit het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden middelen toebedeeld voor de inburgeringsvoorzieningen van de inburgeringsplichtigen. Dit effect is gemeentebreed neutraal, zie ook de toelichting op de lasten (€ 3,9 miljoen). • Hogere baten als gevolg van de ontvangen beschikking van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor het aanbieden van educatieve activiteiten voor volwassenen. Dit effect is gemeentebreed neutraal, zie ook de toelichting op de lasten (€ 1,3 miljoen). • Hogere baten met name doordat organisatie die mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt in dienst nemen, het zogenoemde laag inkomensvoordeel ontvangen. De gemeente en Pantar hebben medewerkers in dienst die behoren tot de doelgroep Wet Sociale Werkvoorziening (€ 1,2 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

• Hogere baten als gevolg va de ontvangen beschikking van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor het begeleiden van jongeren zonder startkwalificatie, onderwijsinschrijving, werk en uitkering (€ 0,7 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 15,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door de positieve eindejaarsmarge die wordt ingezet voor informatie­ voorziening, om- en bijscholing, programma Migratie Asiel & Ongedocumenteerden en Community Wealth Building (€ 4,9 miljoen). • Hogere lasten als gevolg van ontvangen bedragen van het rijk vanuit de septembercirculaire 2022. Er is € 3,4 miljoen ontvangen voor Asiel en Inburgering, € 0,8 miljoen voor Breed offensief en € 0,7 miljoen voor Dichterbij dan je denkt. Lagere lasten omdat landelijk is besloten dat eenmalig in 2023 een bedrag wordt uitgenomen uit het gemeentefonds (€ 0,9 miljoen aandeel gemeente Amsterdam) voor de subsidieregeling Individuele Plaatsing en Steun (IPS) (€ 4,1 miljoen). • Hogere lasten als gevolg van de ontvangen beschikking voor de specifieke uitkering Wet Inburgering. Deze middelen worden ingezet voor de inburgeringsvoorzieningen van inburgerings -plichtigen. Dit effect is gemeentebreed neutraal, zie ook de toelichting op de baten (€ 3,9 miljoen). • Hogere lasten door overheveling van middelen uit programma - onderdeel 7.1 die worden ingezet voor overkoepelende beleidsinzet en informatievoorziening (€ 1,6 miljoen).

• Hogere lasten als gevolg van de ontvangen beschikking van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap voor het aanbieden van educatieve activiteiten voor volwassenen. Dit effect is gemeentebreed neutraal, zie ook de toelichting op de baten (€ 1,3 miljoen). • Hogere lasten door het bestedingsplan voor de integrale aanpak Nationaal Programma Samen Nieuw - West in het kader van werk en bestaanszekerheid, waarbij we inzetten op duurzaam aan het werk (€ 1,3 miljoen). • Hogere lasten door overheveling van de middelen buurtbanen van programma B naar programma 7 (€ 0,8 miljoen).

67

H 3.7.2

• Hogere lasten door (psycho) sociale zorgverlening en uitvoeringskosten van het programma Migratie, Asiel & Ongedocumenteerde (€ 0,8 miljoen). • Hogere lasten voor het bestedingsplan voor de integrale aanpak masterplan Zuidoost in het kader van werk en economie (€ 0,7 miljoen). • Lagere lasten door het doorschuiven van middelen voor uitvoering van de wet inburgering naar de jaren 2024, 2025 en 2026. De instroom en begeleiding van inburgeringsplichtigen zullen in die jaren toenemen (€ 2,7 miljoen). • Lagere lasten door het doorschuiven van middelen voor de loonkosten van werkbrigadisten. In 2022 is besloten om middelen door te schuiven naar de jaren 2024 en 2025 (€ 1,9 miljoen). • Lagere lasten doordat een deel van de eerdere bezuinigingen op apparaat met de huidige coalitiemiddelen zijn teruggedraaid. Daarnaast is met inzet van eigen middelen uit dit programma de dienstverlening voor het programma Iedereen kans op werk voor 2023 gedekt. Dit gaat onder andere om personeelslasten waarvoor ook afdracht aan programma B plaatsvindt (€ 1,8 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekking aan de reserve overheveling gemeentefonds voor de ontvangen rijksmiddelen uit de september- en decembercirculaire voor Asiel en Inburgering, Dichterbij dan je denkt, Breed offensief, Faciliteitenbesluit opvangcentra en participatie IPS regeling (€ 2,7 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve coalitiemiddelen 2022 - 2026 voor het bestedingsplan voor de integrale aanpak masterplan Zuidoost en masterplan Samen Nieuw - West (€ 2,1 miljoen).

Toevoegingen aan reserves Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de toevoegingen aan de reserves.

Voorjaarsnota 2023

68

H 3.7.3

3.7.3

Armoede en schuldhulp Reserves

Programmaonderdeel 7.3 Armoede en schuldhulp (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Onttrekkingen aan reserves

Financiële toelichting

• Hogere onttrekking aan de reserve overheveling gemeentefonds middelen voor ontvangen middelen uit de september- en decembercirculaire voor Bijzondere Bijstand en Bijzondere Bijstand Studenten (€ 6,4 miljoen). • Hogere onttrekking aan de egalisatiereserve Xaas voor het ontwikkelen van het verkoopsysteem SBL (€ 0,5 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve afkoopsommen erfpacht, waarmee amendement (A 494 Verhoging Inkomensgrens minimavoorzieningen voor kinderen naar 150%) uit de Begroting 2023 wordt gecorrigeerd (€ 1,3 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve POK voor integrale schuldhulpverlening (€ 0,3 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve kapitaallasten gemeentelijk vastgoed, waarmee amendement (A 486 Menstruatie Armoede) uit de Begroting 2023 wordt gecorrigeerd (€ 0,1 miljoen).

Baten

Toevoegingen aan reserves

De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 3,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten als gevolg van verwachte vergoedingen vanuit het rijk in het kader van de Kinderopvangtoeslagenaffaire (€ 3,1 miljoen).

Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de toevoegingen aan de reserves.

Baten

17,7

16,5

3,1

19,6

Lasten

309,4

146,7

7,9

154,6

Saldo Baten en Lasten

-291,7

-130,2

-4,8

-135,0

Onttrekking

0,0

3,9

5,2

9,1

Toevoeging

0,0

0,1

0,0

0,1

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

3,8

5,2

9,0

-291,7

-126,4

0,4

-126,0

Totaal Programmaonderdeel 7.3 Armoede en schuldhulp  

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 7,9 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door ontvangen middelen vanuit het rijk uit de september- en decembercirculaire voor Bijzondere Bijstand en Bijzondere Bijstand Studenten (€ 6,4 miljoen). • Hogere lasten ter afhandeling van de Kinderopvangtoeslagenaffaire (€ 2,9 miljoen). • Lagere lasten door herverdeling van de personele lasten naar programma­ onderdeel 7.1 en B.1 (€ 1,6 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

69

H 3.8

3.8 Veiligheid Programma 8 Veiligheid (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

20,2

19,8

9,2

Saldo na voorjaarsnota 29,0

Lasten

236,7

257,1

16,5

273,6

Saldo Baten en Lasten

-216,5

-237,3

-7,3

-244,6

Onttrekking

0,1

0,7

6,7

7,4

Toevoeging

2,2

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-2,1

0,7

6,7

7,4

-218,7

-236,7

-0,6

-237,2

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Totaal Programma 8 Veiligheid  

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

106,5

102,6

9,8

112,4

70

H 3.8.1

3.8.1

Brandweer en crisisbeheersing Reserves

Programmaonderdeel 8.1 Brandweer en crisisbeheersing (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

2,7

3,0

0,0

Saldo na voorjaarsnota 3,0

Lasten

84,0

83,9

1,0

84,9

Saldo Baten en Lasten

-81,2

-80,9

-1,0

-81,9

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

-81,2

-80,9

-1,0

-81,9

Totaal Programmaonderdeel 8.1 Brandweer en crisisbeheersing  

Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 1,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door extra budget voor nominale ontwikkeling voor de Brandweer. In de Begroting 2023 is nominale compensatie verstrekt aan de gemeenschappelijke regelingen voor 2022. Deze bedragen komen nu ook beschikbaar voor 2023 en verder (€ 1,2 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

71

H 3.8.2

3.8.2

Openbare orde en veiligheid

Programmaonderdeel 8.2 Openbare orde en veiligheid

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

17,4

16,8

9,2

Saldo na voorjaarsnota 26,0

Lasten

152,7

173,2

15,5

188,7

Saldo Baten en Lasten

-135,3

-156,4

-6,3

-162,7

Onttrekking

0,1

0,7

6,7

7,4

Toevoeging

2,2

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-2,1

0,7

6,7

7,4

-137,4

-155,7

0,4

-155,3

Totaal Programmaonderdeel 8.2 Openbare orde en veiligheid  

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 9,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten door toegekende subsidies vanuit het rijk. Dit betreffen met name toegekende middelen voor gebiedsgerichte aanpak gericht op het voorkomen van ondermijnende en georganiseerde criminaliteit. Deze hogere baten gaan samen met hetzelfde bedrag aan hogere lasten (€ 11 miljoen). • Lagere baten voor het wegslepen van auto’s. Het aantal auto’s en parkeerders (en daarmee ook de overtredingen) binnen de ring is afgenomen als gevolg van het gevoerd verkeersbeleid, te weten het ontmoedigen van parkeren binnen de ring en het stimuleren van het parkeren buiten de ring en verder reizen met het OV. Dit leidt tot een verwachte lagere opbrengst wegslepen voertuigen (€ 2,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 15,5 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door extra uitgaven op aanpakken waar door het rijk toegekende subsidies tegenover staan. Dit betreft met name uitgaven voor gebiedsgerichte aanpak op het voorkomen van ondermijnende en georganiseerde criminaliteit (€ 11 miljoen). • Hogere lasten voor de viering van de 750e verjaardag van Amsterdam. De hogere lasten bestaan uit personele lasten voor het initiëren, aanjagen en coördineren van de extra activiteiten. Daarnaast is rekening gehouden met onvoorziene situaties om te kunnen inspelen op actuele ontwikkelingen (€ 5,7 miljoen). • Hogere lasten voor de uitvoering van de Aanpak Binnenstad. Dit betreffen lasten voor het uitkopen van aandeelhouders en een strategische aankoop. Dit wordt gedekt door een onttrekking aan de reserve Verevening Onroerend Goed (€ 2,0 miljoen). • Hogere lasten voor de uitvoering van de Masterplannen. Vanuit de middelen uit het coalitieakkoord is € 60 miljoen beschikbaar gesteld voor de Masterplannen. In 2023 wordt hiervan op het domein Veiligheid € 1,2 miljoen in Nieuw West en € 0,8 miljoen in Zuidoost ingezet (€ 2,0 miljoen). • Hogere lasten doordat opleidingen functiegebonden zijn en daarom worden aangemerkt als programmakosten en niet (meer) als overhead.

De lasten van het programma-onderdeel B5 Overhead nemen met een zelfde bedrag af (€ 1,7 miljoen). • Hogere lasten voor evenementen. De herijking van het beleid, de herdenking van het slavernijverleden, de nieuwe opzet met Queer en Pride Amsterdam en de evenementen tijdens de jaarwisseling vergen extra inzet (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten als gevolg van vacatures. De krappe arbeidsmarkt zorgt er voor dat de gewenste zichtbaarheid op straat niet vanzelfsprekend gegarandeerd kan worden. De arbeidsmarkt is moeilijk te voorspellen maar vooralsnog is er een blijvende mismatch tussen vraag en aanbod. Dat betekent dat de mogelijkheid bestaat dat in 2023 niet genoeg mensen zullen worden geworven (€ 2,3 miljoen). • Lagere lasten door overheveling van middelen ten behoeve van de uitvoering van de Top600 en de Top400 aan het sociaal domein. Deze middelen worden onder andere ingezet voor regisseurs, voor het screenen van de doelgroep en voor het toeleiden naar school of naar werk (€ 1,9 miljoen).

72

H 3.8.2

• Lagere lasten doordat een deel van het budget jeugd en veiligheid wordt ingezet binnen de sociale basis (een breed en laagdrempelig aanbod van activiteiten en ondersteuning overwegend in de eigen buurt of wijk, om zelfredzaam te zijn, talenten te ontwikkelen en mee te doen in de stad). Bij de uniformering van de stadsdeelbudgetten is reeds besloten dit budget over te hevelen van programma 8 Veiligheid naar programma 6 Gezondheid, Zorg, Jeugd, Opvang en Diversiteit. Bij enkele stadsdelen is dit nog niet gebeurt. Deze middelen worden nu alsnog structureel overgeheveld van programma 8 naar programma 6 (€ 1,7 miljoen). • Lagere lasten voor de aanpak Binnenstad doordat de middelen uit het coalitieakkoord zijn verdeeld tot en met 2025. Het jaar 2026 wordt nu alsnog gedekt door in de jaren 2023 tot en met 2025 een bedrag van € 0,8 miljoen per jaar over te hevelen (€ 0,8 miljoen). • Lagere lasten als gevolg van minder benodigde inzet op wegsleep. Het aantal auto’s en parkeerders (en daarmee ook de overtredingen) binnen de ring is afgenomen als gevolg van het gevoerd verkeersbeleid, te weten het ontmoedigen van parkeren binnen de ring en het stimuleren van het parkeren buiten de ring en verder reizen met het OV (€ 0,7 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekking aan de reserve Coalitiemiddelen. De middelen voor de aanpak Binnenstad (€ 10 miljoen) zijn verdeeld over 4 jaar. Daarom wordt in het jaar 2023 een bedrag van € 2,5 miljoen aan deze reserve onttrokken. Daarnaast is aan deze reserve € 1,2 miljoen onttrokken voor de Integrale aanpak Nationaal Programma Samen Nieuw-West (onderdeel van Masterplannen) en € 0,8 miljoen voor de Integrale aanpak Zuidoost (€ 4,5 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve Verevening Onroerend Goed voor de uitvoering van de Aanpak Binnenstad. Deze middelen zijn nodig om aandeelhouders uit te kopen en voor een strategische aankoop van een pand (€ 2,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Voorjaarsnota 2023

73

H 3.A

3.A Algemene dekkingsmiddelen Programma A Algemene dekkingsmiddelen (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

3.312,6

3.687,7

Baten Lasten

3.645,9

41,8

57,3

79,1

21,0

100,1

3.255,3

3.566,8

20,8

3.587,6

Onttrekking

457,4

137,9

389,1

527,0

Toevoeging

380,7

255,9

330,8

586,7

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

76,7

-117,9

58,2

-59,7

3.332,0

3.448,9

79,0

3.527,9

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Saldo Baten en Lasten

Totaal Programma A Algemene dekkingsmiddelen

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

22,9

21,8

3,9

25,7

2023

Voorjaarsnota 2023

74

H 3A.1

3A.1

Lokale heffingen

Programmaonderdeel A.1 Lokale heffingen (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

402,9

777,2

21,2

Saldo na voorjaarsnota 798,4

Lasten

31,6

32,3

0,1

32,4

Saldo Baten en Lasten

371,3

744,9

21,1

766,0

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Programmaonderdeel A.1 Lokale heffingen

371,3

744,9

21,1

766,0

• Hogere baten parkeeropbrengsten door maatregelen in de Parkeerverordening 2023. Onder andere is het tarief voor naheffingsaanslagen verhoogd, het 10 cent tarief op Sportpark Middenmeer, -voor winkelstraten en bij het Olympiaplein, is vervangen door het reguliere tarief (€ 4,3 miljoen). • Hogere baten parkeeropbrengsten door stijging van het gebruik van bezoekers­ parkeren en ondernemersjaarkaarten (€ 1,8 miljoen). • Hogere baten vermakelijkhedenretributies (VMR). Het snellere herstel van de bezoekerseconomie na de coronacrisis leidt tot hogere baten in 2023. Volledig herstel wordt per 2025 verwacht, wanneer de opbrengsten zullen terugkeren naar het oorspronkelijke niveau van € 7,9 miljoen (€ 1,2 miljoen). • Lagere baten parkeeropbrengsten door lagere verkoop van dag-week-maand­ kaarten omdat er geen pinbetaling mogelijk is (€ 1,0 miljoen).

Lasten

Financiële toelichting

Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de lasten groter dan € 1 miljoen.

Baten

Reserves

De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 21,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten toeristenbelasting. Er wordt een sneller dan eerder verwacht herstel van het toerisme voorzien, wat resulteert in een verhoging van de verwachte baten toeristenbelasting (€ 20,0 miljoen). • Lagere baten reclamebelasting. De reclamebelasting is een nieuwe heffing die in 2022 is ingevoerd. Met deze heffing willen we de verrommeling van het straatbeeld tegengaan en ondernemers stimuleren om te kiezen voor minder of kleinere reclame uitingen in de openbare ruimte. Het ramen van de opbrengsten van een nieuwe heffing is altijd complex, zeker wanneer het zicht op het belastbare gebied zich pas aandient als de aanslagen voor het eerst zijn opgelegd, zoals het geval was voor de reclamebelasting (€ 5,1 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

75

H 3A.2

3A.2

Gemeentefonds

Programmaonderdeel A.2 Gemeentefonds (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

2.846,9

2.862,6

Baten Lasten

2.783,7

78,9

0,0

0,0

0,0

0,0

2.846,9

2.783,7

78,9

2.862,6

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

2.846,9

2.783,7

78,9

2.862,6

Saldo Baten en Lasten

Totaal Programmaonderdeel A.2 Gemeentefonds

– Hogere baten door hoeveelheidsverschillen in de berekende maatstaven (€ 4,8 miljoen). – Hogere baten door overige ontwikkelingen (€ 3,8 miljoen). – Hogere baten door overige integratie- en decentralisatie uitkeringen (€ 1,2 miljoen). – Hogere baten door overige taakmutaties (€ 0,4 miljoen).

Lasten Er zijn geen lasten in dit programmaonderdeel.

Reserves Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 78,9 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten door een verwachte bijdrage vanuit het gemeentefonds voor gederfde inkomsten in verband met Corona (€ 114,6 miljoen). • Lagere baten door het terugdraaien van de in de Begroting 2023 opgenomen stelpost in verband met de prognose van de accresontwikkeling. De accresontwikkeling is in de Voorjaarsnota 2023 verwerkt waardoor deze stelpost teruggedraaid moet worden (€ 46,7 miljoen). • Hogere baten door verwerking van de september- en decembercirculaire 2022 (€ 11,0 miljoen). Dit positieve effect bestaat uit: – Hogere baten door accresontwikkeling, dit betreft de groei van het gehele Gemeentefonds en daarmee ook van de Amsterdamse uitkering. Deze groei komt voort uit de compensatie voor gestegen lonen en prijzen (€ 27,6 miljoen). – Lagere baten door de relatief hardere groei van de Amsterdamse WOZ waarde, bij de verdeling van de gemeentefondsgelden wordt er rekening gehouden met de eigen verdiencapaciteit op Onroerendezaakbelasting-inkomsten (€ 26,8 miljoen). Voorjaarsnota 2023

76

H 3A.3

3A.3

Treasury en deelnemingen

Programmaonderdeel A.3 Treasury en deelnemingen

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

56,8

84,8

-58,1

Saldo na voorjaarsnota 26,7

Lasten

7,8

29,2

9,8

38,9

Saldo Baten en Lasten

49,0

55,6

-67,9

-12,3

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Programmaonderdeel A.3 Treasury en deelnemingen

49,0

55,6

-67,9

-12,3

Financiële toelichting

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 9,8 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door de actualisatie van nieuwe, lopende en gerealiseerde investeringen in de begroting. De verlaging van de investeringen zorgt bij een gelijkblijvend rentepercentage voor lagere aan de programma’s doorberekende interne rentelasten (€ 8,6 miljoen). • Hogere lasten door de hogere marktrente die betaald moet worden in verband met de externe schuld (€ 1,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel dalen met € 58,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere baten door bijstelling van de dividendraming.De neerwaartse aanpassing komt vooral door de wijziging van de systematiek van verwerking van het dividend Havenbedrijf Amsterdam. Dit is aangepast van verwerking als bate in het jaar waarop het dividend betrekking heeft naar verwerking als bate in het jaar waarin het dividend wordt ontvangen. Dit betekent dat het dividend over 2023 in 2024 zal worden verwerkt, net als bij alle andere deelnemingen. (€ 57,5 miljoen). Verder is het verwachte dividend van Alliander verlaagd door de combinatie van de oplopende investeringen en de toenemende kosten voor dit bedrijf dat energienetten ontwikkelt en beheert (€ 1,0 miljoen). Daartegenover staat een verhoging van het verwachte dividend van BNG als gevolg van de aanhoudende meevallers in het resultaat van de bank (€ 0,4 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

77

H 3A.4

3A.4

Overige eigen middelen en onvoorzien

Programmaonderdeel A.4 Overige eigen middelen en onvoorzien (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

6,0

0,3

-0,3

Saldo na voorjaarsnota 0,0

Lasten

18,0

17,7

11,1

28,8

Saldo Baten en Lasten

-11,9

-17,4

-11,4

-28,8

Onttrekking

457,4

137,9

389,1

527,0

Toevoeging

380,7

255,9

330,8

586,7

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

76,7

-117,9

58,2

-59,7

Totaal Programmaonderdeel A.4 Overige eigen middelen en onvoorzien

64,7

-135,3

46,9

-88,5

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 11,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door mutaties in de te verdelen coalitiemiddelen. Deze mutaties bestaan uit het terugdraaien van de in het coalitieakkoord afgesproken ombuiging waarin de verwachte Europese subsidies naar beneden worden bijgesteld van € 10,0 miljoen, invulling van de ombuiging taakstelling reserves van € 30,0 miljoen en het verdelen van de afgesproken gelden naar de programma’s van € 5,3 miljoen (€ 32,5 miljoen). • Lagere lasten door vrijval van de stelpost voor kapitaallasten nieuwe investeringsvoorstellen naar aanleiding van het aanpassen van het meerjarig investeringsplan (€ 8,4 miljoen). • Lagere lasten door vrijval van een stelpost belastinginkomsten (€ 7,9 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

• Lagere lasten door vrijval van de stelpost voor exploitatielasten nieuwe investeringsvoorstellen naar aanleiding van het aanpassen van het meerjarig investeringsplan (€ 3,9 miljoen). • Hogere lasten door aanpassingen van de stelpost voor loon- en prijsontwikkelingen (€ 2,2 miljoen). – Door het opheffen van het Stedelijk Mobiliteits Fonds (SMF) is de nominale systematiek van toepassing geworden op een groter deel van de budgetten waardoor de stelpost verhoogt moet worden met € 3,9 miljoen. – Door het toekennen van middelen aan de programma’s stijgen de lasten in de programma’s en dalen de lasten in programma onderdeel A4 met € 1,7 miljoen. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves De onttrekkingen in dit programmaonderdeel zijn € 389,1 miljoen hoger. Dit wordt veroorzaakt door: • Het jaarrekeningresultaat Het jaarrekeningresultaat verwerken wij in de voorjaarsnota (€ 196,5 miljoen). • Hogere onttrekking aan de algemene reserve. Wij onttrekken het jaarrekening­ resultaat en voegen dit toe aan de algemene reserve, zoals besloten bij vaststelling van de jaarrekening door de raad. Zie hiervoor het vorige punt en het eerste punt bij ‘toevoegingen aan reserves’. Wij zetten de algemene reserve vervolgens in voor de algemene dekking van de begroting (€ 196,5 miljoen) • Lagere onttrekking aan de algemene reserve door het opheffen van de reserve Stedelijk Mobiliteitsfonds. Het opheffen en ongedaan maken van de mutaties in die reserve bij het vaststellen van de Begroting 2023 leidt tot een toevoeging en onttrekking aan de algemene reserve in 2023. Omdat de eindstand van de reserve Stedelijk Mobiliteitsfonds in 2022 lager is dan begroot, wijzigt ook de toevoeging en de onttrekking aan de algemene reserve (€ 10,1 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve frictiekosten 1 stad 1 opgave. Dit is een vrijval van de reserve. De reserve valt gedeeltelijk vrij omdat in het coalitieakkoord afgesproken is € 30,0 miljoen te besparen op reserves. Een gedeelte hiervan komt ten laste van de reserve frictiekosten (€ 10,0 miljoen). 78

H 3A.4

• Lagere onttrekking aan de reserve coalitiemiddelen 2022-2026. De onttrekkingen aan de reserve coalitiemiddelen moeten zichtbaar zijn als onttrekking in de programma’s waarvoor de onttrekking plaatsvindt. De onttrekkingen zijn hiermee voor een bedrag van € 0,4 miljoen en € 3,3 miljoen overgebracht naar de respectievelijke programmaonderdelen 5.1 en 8.2 van de programmabegroting (€ 3,8 miljoen).

Toevoegingen aan reserves De toevoegingen in dit programmaonderdeel zijn € 330,8 miljoen hoger. Dit wordt veroorzaakt door: • Hogere toevoeging aan de algemene reserve door toevoeging van het resultaat 2022 (€ 196,5 miljoen). • Hogere toevoeging aan de algemene reserve door toevoeging van het verwachte positieve resultaat 2023. De algemene reserve wordt hiermee op hoogte gebracht voor het dekken van toekomstige tegenvallers (€ 121,5 miljoen). • Hogere toevoeging aan de egalisatiereserve XAAS omdat de uitgaven voor XAAS projecten naar verwachting groter zullen zijn dan eerder verwacht (€ 25,0 miljoen). • Lagere toevoeging aan de algemene reserve door een lager dan verwachte stand van de reserve Stedelijk Mobiliteitsfonds in de jaarrekening 2022. Hierdoor wordt de toevoeging aan de algemene reserve aangepast (€ 10,1 miljoen). • Lagere toevoegingen aan de algemene reserve door correcties in de Jaarrekening 2022 met betrekking tot het Stedelijk Mobiliteitsfonds (€ 2,0 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

79

H 3.B

3.B Bestuur en organisatie Programma B Bestuur en organisatie (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

60,3

43,5

2,4

Saldo na voorjaarsnota 45,8

Lasten

762,4

799,1

49,4

848,5

Saldo Baten en Lasten

-702,1

-755,6

-47,1

-802,6

Onttrekking

0,3

32,3

32,1

64,3

Toevoeging

0,9

4,7

0,0

4,7

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-0,5

27,6

32,1

59,7

-702,6

-728,0

-15,0

-743,0

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Totaal Programma B Bestuur en organisatie

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

581,1

546,0

8,8

554,8

80

H 3B.1

3B.1 Diensverlening Programmaonderdeel B.1 Dienstverlening (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

34,0

30,8

2,3

Saldo na voorjaarsnota 33,1

Lasten

61,0

82,7

-0,9

81,9

Saldo Baten en Lasten

-27,0

-52,0

3,2

-48,8

Onttrekking

0,0

3,1

1,1

4,2

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

3,0

1,1

4,1

-27,0

-49,0

4,3

-44,7

Totaal Programmaonderdeel B.1 Dienstverlening

Andere kosten die met het stijgende aantal aangevraagde vergunningen gemoeid zijn, staan bij programmaonderdeel B5 Overhead (€ 1,3 miljoen). • Hogere lasten voor de extra kosten van tolken en externen die worden gemaakt voor de inschrijving van Oekraïense ontheemden in het BRP (€ 0,4 miljoen). • Hogere lasten van vanwege de overheveling middelen uit het gemeentefonds die in 2022 niet tot besteding zijn gekomen. Dit betreffen middelen voor de volgende kosten: Toegankelijkheid verkiezingen en Aanpassing software burgerlijke stand (€ 0,2 miljoen). • Lagere lasten door de actualisatie van de kapitaallasten op basis van de verwachte kasritme van de investeringen (€ 0,8 miljoen). • Lagere lasten doordat voor de digitale transformatie middelen overgeheveld zijn naar B2 Horizontaal thema digitale stad en overheid vanuit dit programmaonderdeel. Bij B2 stijgen daardoor de lasten met hetzelfde bedrag, dit is een correctie op de begroting (€ 3,5 miljoen).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12915677/1