CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Voorjaarsnota 2023.pdf

Raadscommissie Sociaal, Economische zaken en Democratisering 21 juni 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Voorjaarsnota 2023 (VN2023-013889)35.622 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

We reserveren € 100 miljoen binnen de reserve erfpacht voor de aanleg van een fietsbrug over ’t IJ aan de oostkant van de stad. Voor de verdere voorbereidingen stellen we € 10 miljoen beschikbaar en we hebben vooralsnog € 90 miljoen gereserveerd voor de volgende fase.

Voorjaarsnota 2023

We zetten in op de realisatie van de Smart mobility hub. Het mobiliteitsonderdeel hiervan is een rendabele investering en bedraagt € 107 miljoen. Hiervoor zijn gemeentelijke middelen nodig van € 67 miljoen, in aanvulling op circa € 35 miljoen aan verkregen subsidies vanuit de EU en het rijk. Het portfolio van het domein Openbare ruimte en mobiliteit bevat reeds de investering van € 12 miljoen in de internationale touringcarterminal, die deel uitmaakt van de hub. Om de Smart mobility hub in totaliteit mogelijk te maken kent het college extra investeringsruimte van € 57 miljoen toe.

5. Kasschuiven In deze voorjaarsnota verwerken we het incidentele effect van de voorgestelde kasschuiven. In tabel 4 is te zien welk effect we in de voorjaarsnota voor 2023 verwerken, maar ook het meerjarige effect van de kasschuiven dat bij de Begroting 2024 wordt verwerkt. Tabel 4 Kasschuiven 2023-2027 (bedragen x € miljoen) Programma

Omschrijving

2023

2024

2025

2026

2027

1 - Bouwen, wonen en duurzaamheid

Verkoopprogramma en handhaving woonboten

-7,5

7,0

0,0

0,0

0,0

2 - Openbare ruimte, groen, water, vervoer

Luchtkwaliteit en Dakenplan

3,0

-0,8

-0,6

-1,6

0,0

0,3

-0,1

-0,1

-0,1

0,0

3 - Economie, kunst, cultuur en erfgoed 4 - Sport en bewegen

Mirandabad

0,7

0,0

-0,4

-0,4

0,0

5 - Onderwijs

Cultuurcoaches, PIEK-aanpak, Familieschool en Diplomazwemmen

2,6

-1,3

0,0

-1,2

-0,1

6 - Gezondheid, zorg, jeugd, opvang en diversiteit

Hulp Bij Huishouden en Wachttijd bij PrEP

4,8

-6,0

4,4

1,8

-4,9

7 - Sociale zaken en armoedebestrijding

Asiel en Inburgering

4,6

-0,1

-3,9

-0,6

0,0

B - Bestuur en organisatie Economische Structuurversterking

1,2

-0,4

-0,4

-0,4

0,0

Totaal kasschuiven

9,8

-1,6

-0,9

-2,5

-5,0

22

H2

6. Algemene reserve

Tabel 5 Technische en neutrale mutaties per programma (bedragen x € miljoen)

De algemene reserve is onze belangrijkste risicobuffer. We kunnen er onverwachte risico’s mee opvangen zonder dat beleidsdoelen moeten worden aangepast. Voorwaarde is dat de hoogte van de algemene reserve toereikend is en toereikend blijft om de risico’s met financiële gevolgen te dragen. De negatieve effecten van corona hebben geleid tot negatieve rekeningresultaten en hebben daarmee een flinke hap genomen uit de algemene reserve. We zijn goed op weg om de algemene reserve weer op peil te brengen, naar verwachting in 2024. Het positieve saldo van € 122 miljoen in 2023 voegen we toe aan de algemene reserve zodat deze toereikend is om de verwachte negatieve incidentele effecten 2024-2027 bij de begroting te dragen.

Technische en neutrale mutaties per programma

2023 Programma 1 - Bouwen, wonen en duurzaamheid

-18,0

Programma 2 - Openbare ruimte, groen, water, vervoer

-40,6

Programma 3 - Economie, kunst, cultuur en erfgoed

-16,7

Programma 4 - Sport en bewegen

-1,7

Programma 5 - Onderwijs

-2,4

Programma 6 - Gezondheid, zorg, jeugd, opvang en diversiteit

-3,3

Programma 7 - Sociale zaken en armoedebestrijding

-8,4

Programma 8 - Veiligheid

0,4

Programma A - Algemene dekkingsmiddelen

131,1

Programma B - Bestuur en organisatie

-40,4

Totaal

0,0

Zoals aan het begin van dit hoofdstuk is toegelicht, zijn in tabel 3 alleen de mutaties in de programma’s opgenomen die een bestuurlijke keuze vereisten en een gevolg hebben voor het saldo van onze gemeentebegroting. Naast deze mutaties zijn er in deze voorjaarsnota technische en gemeentebreed neutrale mutaties verwerkt. In tabel 5 maken we deze mutaties per programma inzichtelijk. Een voorbeeld van een technische en gemeentebreed neutrale mutaties zijn de gerichte uitkeringen uit het gemeentefonds, de zogenaamde integratie- en decentralisatie-uitkeringen. Deze uitkeringen worden door het rijk geoormerkt voor besteding met een bepaald doel of op een bepaald terrein en worden direct doorvertaald naar de beleidsprogramma’s. In hoofdstuk 3 van deze voorjaarsnota worden alle mutaties in de programma’s toegelicht, zowel de bestuurlijke keuzes, als de neutrale en technische mutaties.

Voorjaarsnota 2023

23

3

H3

3

Programma's 3.1

Bouwen, Wonen en Duurzaamheid

26

3.2

Openbare ruimte, Water, Groen, Vervoer

37

3.3

Economie, Kunst, Cultuur en Erfgoed

48

3.4

Sport

53

3.5

Onderwijs

55

3.6

Gezondheid, Zorg, Jeugd, Opvang en Diversiteit

57

3.7

Sociale zaken en Armoedebestrijding

64

3.8

Veiligheid

70

3.A

Algemene dekkingsmiddelen

74

3.B

Bestuur en organisatie

80

H 3.1

3.1 Bouwen, Wonen en Duurzaamheid Programma 1 Bouwen, Wonen en Duurzaamheid (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

977,3

869,1

Lasten

811,1

Saldo Baten en Lasten

166,2

Onttrekking Toevoeging

Saldo na voorjaarsnota

35,5

904,5

901,6

-79,6

822,0

-32,5

115,1

82,6

544,7

350,4

-75,7

274,7

677,7

280,9

61,4

342,3

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-132,9

69,5

-137,1

-67,6

Totaal Programma 1 Bouwen, Wonen en Duurzaamheid

33,3

37,0

-22,0

15,0

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

279,9

259,4

0,1

259,5

26

H 3.1.1

3.1.1

Ruimtelijke ontwikkeling

Programmaonderdeel 1.1 Ruimtelijke ontwikkeling (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

4,1

0,0

0,0

Saldo na voorjaars­ nota 0,0

Lasten

15,7

13,6

3,4

17,0

Saldo Baten en Lasten

-11,6

-13,6

-3,4

-17,0

Onttrekking

0,8

2,1

5,7

7,9

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,8

2,1

5,7

7,9

-10,9

-11,5

2,3

-9,2

• Lagere lasten ten behoeve van de projecten uit het Stedelijk Mobiliteitsfonds (€ 0,4 miljoen). Dit betreft de doorgeschoven onderbesteding 2022 en overprogrammering naar 2023. De bijbehorende actualisatie van het Stedelijk Mobiliteitsfonds vindt plaats bij de begroting 2024. • Hogere lasten voor het programma Havenstad (€ 0,4 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves

Baten

De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel stijgen met € 5,7 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere onttrekking aan de reserve Overheveling Gemeentefonds middelen voor de invoeringskosten Omgevingswet (€ 4,9 miljoen) en de Wet Kwaliteitsborging Bouw (€ 0,8 miljoen). Deze middelen zijn in 2022 niet tot besteding gekomen en worden via deze reserve overgeheveld naar 2023. Voor de Wet Kwaliteitsborging Bouw was al € 0,7 miljoen begroot in 2023.

Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves

Lasten

Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de toevoegingen aan de reserves (groter dan € 1 miljoen).

Totaal Programmaonderdeel 1.1 Ruimtelijke ontwikkeling  

Financiële toelichting

De totale lasten in het programmaonderdeel Ruimtelijke Ontwikkeling stijgen met € 3,4 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor het invoeren van de Omgevingswet (€ 4,9 miljoen) en de Wet Kwaliteitsborging Bouw (€ 1,5 miljoen). Deze lasten worden gedekt door Gemeente­ fonds middelen. Voor programma onderdeel 1.1 betreft dit in totaal € 4,4 miljoen. De overige middelen zijn begroot op programma onderdelen 1.4 en 1.6. • Lagere lasten omdat het project Groot Amsterdamse Bos wordt overgeheveld naar programmaonderdeel 2.1, verkeer, vervoer en parkeren (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten omdat middelen voor de intensivering van de gebiedsontwikkeling beter aansluiten op de doelen van programmaonderdeel 1.4, wonen (€ 0,5 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

27

H 3.1.2

3.1.2

Grond

Bij dit programmaonderdeel geven we voor de toelichting op afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023 eerst een uitleg over de methodiek. Programmaonderdeel 1.2 is in financieel administratief opzicht zeer complex. Dit wordt veroorzaakt doordat een groot deel van de financiële stromen met reserves wordt verrekend. Bovendien moeten de verrekeningen met de reserves, vanwege voorschriften uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), ook in de exploitatie verantwoord worden. In de overzichten lopen daarom zowel de inkomsten en uitgaven in de projecten als de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves door elkaar. Programmaonderdeel 1.2 Grond betreft hoofdzakelijk de gebiedsontwikkeling. De kosten en opbrengsten van de gebiedsontwikkeling zijn veelal onderdeel van de grondexploitaties en worden met de reserves (het Vereveningsfonds en reserve Zuidas) verrekend. Alleen de afdracht uit het Vereveningsfonds aan de algemene middelen en de autonome ontwikkelingen met betrekking tot de indexatievergoeding en rentelasten leiden tot een saldo effect in de jaarrekening van de Gemeente. De financiële toelichtingen bij de tabellen in dit programma richten zich vanuit de verplichte verantwoordingseisen vooral op de afwijkingen ten opzichte van de laatst vastgestelde begroting en minder op de omvang van de bedragen.

Programmaonderdeel 1.2 Grond (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Baten

465,4

482,5

-66,0

416,5

Lasten

474,1

526,1

-111,2

414,9

-8,8

-43,6

45,2

1,6

Onttrekking

162,7

144,2

-56,9

87,3

Toevoeging

188,6

104,0

0,0

104,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-25,8

40,3

-56,9

-16,7

Totaal Programmaonderdeel 1.2 Grond  

-34,6

-3,3

-11,8

-15,1

Saldo Baten en Lasten

Voorjaarsnota 2023

Programmaonderdeel 1.2 Grond heeft ten opzichte van de begroting, voor mutaties reserves, een positief effect van € 45,2 miljoen in 2023. Dit effect bestaat uit lagere baten van € 66,0 miljoen en lagere lasten van € 111,2 miljoen. De lagere lasten bestaan voor een belangrijk deel uit administratieve verrekeningen die op grond van de voorschriften uit het BBV ook in de baten en lasten moeten worden verantwoord. Omdat het grootste deel wordt verrekend met de balans is het geheel budgetneutraal. Het saldo van € 1,8 miljoen heeft betrekking op budgetverschuivingen tussen programmaonderdelen in de gemeentebegroting, waaronder € 1 miljoen gereserveerde middelen uit het stedelijk mobiliteitsfonds (SMF) voor kosten die gemaakt worden in de gebiedsontwikkeling.

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel dalen met € 66,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere baten door minder opbrengsten en winstnemingen in de gebieds­ ontwikkeling door vertragingen in de grondexploitaties ten opzichte van eerdere planningen (€ 66,0 miljoen, waarvan € 3,0 miljoen winstnemingen). Elk jaar worden de ramingen van de gebiedsontwikkelingsprojecten van het Vereveningsfonds en Zuidas geactualiseerd in het kader van het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG). De actualisatie wordt bij de voorjaarsnota ook in de meerjarenbegroting verwerkt en heeft naast 2023 ook tot gevolg dat de baten (inclusief winstnemingen) in verdere jaren zijn aangepast. In het MPG is een uitgebreidere toelichting op de actualisatie opgenomen en wordt daarnaast ingegaan op de verwachte ontwikkeling van de reserves en de vereveningsruimte. De actualisatie heeft geen effect op de algemene middelen (saldo neutraal).

28

H 3.1.2

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel dalen met € 111,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere lasten door bijstelling van de administratieve verrekeningen (€ 73,3 miljoen). Dit zijn geen uitgaven, maar betreft de verrekening van lasten en baten van de grondexploitaties met de balans. • Lagere lasten door vertragingen in de grondexploitaties ten opzichte van eerdere planningen (€ 37,9 miljoen). Dit komt hoofdzakelijk doordat de bijdrage van € 26,0 miljoen aan het rijk voor de Gaasperdammerweg is uitgesteld, omdat er nog geen overeenkomst is. In het MPG wordt uitgebreider ingegaan op de gebieds­ ontwikkelingsprojecten, zoals toegelicht bij de baten. Deze lasten worden verrekend met reserves.

Reserves Onttrekkingen aan reserves De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel dalen met €56,9 miljoen in 2023. Dit komt door: • Lagere onttrekking voor projecten waarvoor in het vereveningsfonds een aparte reservering is opgenomen (€ 49,9 miljoen). Het gaat onder andere om uitstel van de bijdrage aan het rijk voor de Gaasperdammerweg en lagere investeringen in Buiteneiland en de HOV Flank. • Hogere onttrekking voor investeringen in het Gaasperpark (€ 3,0 miljoen). Dit bedrag is toegevoegd aan de reserve Klimaatimpuls groen.

Toevoegingen aan reserves De totale toevoegingen blijven per saldo gelijk, maar op reserveniveau zijn twee wijzigingen. • De toevoeging aan de reserve Zuidas daalt als gevolg van minder winstnemingen (€ 3,0 miljoen). • De toevoeging aan de reserve Klimaatimpuls groen stijgt door de bijdrage uit het Vereveningsfonds voor investeringen in het Gaasperpark (€ 3,0 miljoen)

Voorjaarsnota 2023

29

H 3.1.3

3.1.3

Erfpacht

Bij dit programmaonderdeel geven we voor de toelichting op afwijkingen ten opzichte van de begroting 2023 eerst een uitleg over de methodiek. Programmaonderdeel 1.3 betreft erfpacht. Ook hier worden veel kosten en opbrengsten met de balans verrekend. Zo worden de ontvangen afkoopsommen uit het voortdurend stelsel toegevoegd aan de reserve Afkoopsommen en worden de ontvangen afkoopsommen uit de overstap naar het eeuwigdurende stelsel toegevoegd aan de reserve financiering erfpacht­ gronden. In 2023 verwachten we net als in 2022 hogere afkoopsommen omdat er bij uitgifte vaker gekozen wordt voor afkoop in plaats van voor canon. Het erfpachtresultaat bestaat uit de canonopbrengsten, overige opbrengsten, beheer erfpachtstelsel, rentelasten en het project Nieuw Informatie systeem erfpacht (NISE). Het resultaat komt ten goede aan de algemene middelen. De financiële toelichtingen bij de tabellen in dit programma richten zich vanuit de verplichte verantwoordingseisen vooral op de afwijkingen ten opzichte van de laatst vastgestelde begroting en minder op de omvang van de bedragen.

Programmaonderdeel 1.3 Erfpacht (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Baten

337,1

213,8

93,2

307,1

Lasten

46,9

56,8

-0,9

56,0

Saldo Baten en Lasten

290,2

157,0

94,1

251,1

Onttrekking

264,5

126,9

-31,1

95,8

Toevoeging

436,6

174,5

61,4

235,9

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-172,1

-47,6

-92,5

-140,1

Totaal Programmaonderdeel 1.3 Erfpacht  

118,1

109,3

1,6

111,0

(€ 3,1 miljoen) die met reserves worden verrekend, waardoor dit budgetneutraal is. Het erfpachtresultaat verbetert met € 1,6 miljoen. De afwijkingen worden hieronder toegelicht.

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 93,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten doordat meer erfpachters kiezen voor afkoop, waardoor meer afkoopsommen worden ontvangen (€ 89,4 miljoen). • Hogere baten uit canonopbrengsten die grotendeels ontstaat als gevolg van de inflatiecorrectie van de canon (€ 3,8 miljoen).

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel dalen met € 0,9 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere lasten voor de kosten van de overstapregeling, omdat een deel van de activiteiten in 2024 plaatsvindt (€ 3,1 miljoen). • Hogere lasten voor de migratie van het huidige erfpachtbeheerlandschap naar een cloudplatform (€ 2,5 miljoen). De kosten hiervoor bedragen € 2,5 miljoen per jaar en moet eind 2024 worden afgerond. • Hogere lasten doordat de projectkosten van het nieuwe erfpachtsysteem hoger uitvallen (€ 2,3 miljoen). • Lagere rentelasten doordat de waarde van de gronden waarvoor geleend wordt lager is, doordat er minder grond in canon betalende erfpachtrechten wordt uitgegeven en steeds vaker wordt afgekocht. (€ 2,2 miljoen). • Overige afwijkingen van in totaal € 0,4 miljoen lagere lasten lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Programmaonderdeel 1.3 Erfpacht heeft ten opzichte van de begroting, voor mutaties reserves, een positief effect van € 94,1 miljoen in 2023. Dit effect bestaat uit hogere baten van € 93,2 miljoen en lagere lasten van € 0,9 miljoen. Het grootste deel hiervan zijn afkoopsommen (€ 89,4 miljoen) en lagere lasten voor de overstapregeling Voorjaarsnota 2023

30

H 3.1.3

Reserves Onttrekkingen aan reserves De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel dalen met € 31,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere onttrekking aan de reserve Afkoopsommen doordat we verwachten dat de waarde van de afgekochte rechten in het voortdurend stelsel minder afneemt (€ 28,0 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve Financiering erfpachtgrond omdat er minder kosten worden gemaakt voor de overstapregeling (€ 3,1 miljoen).

Toevoegingen aan reserves De totale toevoegingen in dit programmaonderdeel stijgen met € 61,4 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere toevoeging aan de reserve Afkoopsommen doordat we verwachten dat in 2023 meer wordt afgekocht in het voortdurend stelsel (€ 65,8 miljoen). • Lagere toevoeging aan de reserve Financiering erfpachtgrond doordat we verwachten dat in 2023 minder wordt afgekocht in het eeuwigdurend stelsel (€ 4,4 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

31

H 3.1.4

3.1.4

Wonen

Programmaonderdeel 1.4 Bouwen en wonen (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

81,3

86,1

Lasten

166,2

Saldo Baten en Lasten

-84,9

Onttrekking Toevoeging

Saldo na voorjaarsnota

17,1

103,2

166,9

29,7

196,6

-80,8

-12,6

-93,4

8,9

25,9

8,2

34,1

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

8,9

25,9

8,2

34,1

Totaal Programmaonderdeel 1.4 Bouwen en wonen  

-76,0

-54,9

-4,4

-59,3

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 17,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten vanuit het rijk als vergoeding voor de opvang Oekraïne vluchtelingen (€ 16,3 miljoen). Zie ook de toelichting bij de lasten. • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Lasten

• Hogere lasten voor de inzet van diverse coalitie middelen. Dit betreffen de kosten voor de integrale aanpak huisvesting kwetsbare groepen (€ 4,2 miljoen), de invoering van de nieuwe woonruimteverdeling (€ 1,5 miljoen), de masterplannen in Zuidoost en Nieuw-West (€ 1,4 miljoen), een energie vangnetregeling voor huishoudens met een laag inkomen (€ 0,9 miljoen), de Amsterdamse aanpak volkshuisvesting (€ 0,7 miljoen) en een online energieloket (€ 0,6 miljoen). Daarmee stijgen de lasten op programmaonderdeel 1.4 met € 9,3 miljoen. • Lagere lasten voor de projecten bij de huisvesting bijzondere doelgroepen. Op basis van de actualisatie van het bestedingsplan uit de reserve bouwstimulering, worden de lasten voor 2023 neerwaarts bijgesteld (€ 3,5 miljoen). • Hogere lasten vanwege de toegekende gemeentefondsmiddelen voor het invoeren van de Omgevingswet, Wet Kwaliteitsborging Bouw en de Wet goed verhuurderschap. Voor programmaonderdeel 1.4 betreft dit in totaal € 2,4 miljoen. • Hogere lasten voor de uitbreiding formatie ten behoeve van uitvoering Masterplan Zuidoost, projectteam WABO en projectkosten traineepool vergunningen. De lasten worden gedekt door eerder toegekend budget voor nominale ontwikkeling op programmaonderdeel 6.1 (€ 1,2 miljoen). • Hogere lasten door meer uitgaven in de gebiedsontwikkeling (€ 1,1 miljoen).

Elk jaar worden de ramingen van de gebiedsontwikkelingsprojecten van het Verevenings­ fonds en Zuidas geactualiseerd in het kader van het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG). Deze lasten worden verrekend met reserves en hebben geen effect op de algemene middelen. • Hogere lasten vanwege de realisatie van een empowercentrum in Zuidoost (€ 0,4 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 29,7 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor de opvang van Oekraïne vluchtelingen. Deze middelen worden gebruikt voor de verbouwing van bestaande panden, maar ook voor de huur en servicekosten van middellange termijn locaties (€ 16,3 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

32

H 3.1.4

Reserves Onttrekkingen aan reserves De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel stijgen met € 8,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere onttrekking aan de reserve coalitie middelen 2023-2026, voor de besteding van diverse intensiveringsplannen (€ 8,6 miljoen). Zie ook de toelichting bij de lasten. • Lagere onttrekking uit de reserve Bouwstimulering, naar aanleiding van de actualisatie van het bestedingsplan (€ 3,5 miljoen) Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Voorjaarsnota 2023

33

H 3.1.5

3.1.5

Vastgoed

Programmaonderdeel 1.5 Vastgoed

• Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

80,1

75,4

-7,7

Saldo na voorjaarsnota 67,7

Lasten

50,7

51,1

0,1

51,3

Saldo Baten en Lasten

29,4

24,3

-7,8

16,5

Onttrekking

1,0

1,0

0,0

1,0

Toevoeging

3,2

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-2,1

1,0

0,0

1,0

Totaal Programmaonderdeel 1.5 Vastgoed  

27,2

25,3

-7,8

17,5

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel dalen met € 7,7 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere baten doordat er minder panden worden verkocht (€ 11,6 miljoen). Voor de verkopen in 2023 dient voor diverse panden eerst een ruimtelijke procedure, een funderingsherstel en/of een splitsing in appartementsrechten plaats te vinden voordat deze kunnen worden verkocht. Aangezien deze procedures veel tijd in beslag nemen, wordt een deel van de begrote opbrengsten pas in 2024 gerealiseerd. • Hogere baten in verband met de jaarlijkse actualisatie en indexatie van de huuropbrengsten en pachten (€ 2,9 miljoen). Hierbij is rekening gehouden met de compensatie van de huurindexering boven 6,4%. • Hogere baten in verband met hogere huuropbrengsten van cultuurpanden (€ 1,2 miljoen). De huren van de panden worden conform het huurcontract jaarlijks aangepast op basis van het CPI indexcijfer, waarbij in 2023 rekening is gehouden met de incidentele huurcompensatie boven 6,4%. Tegelijkertijd worden de subsidies voor deze instellingen met hetzelfde bedrag verhoogd in programmaonderdeel 3.2 Kunst en Cultuur. De mutatie is per saldo neutraal.

Voorjaarsnota 2023

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel dalen met € 0,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere lasten doordat er minder panden worden verkocht (€ 4,4 miljoen). Deze lagere kosten hangen samen met de lagere verkoopbaten die hierboven zijn toegelicht. • Hogere exploitatielasten van het vastgoed in verband met de jaarlijkse prijsindexatie (€ 2,9 miljoen). • Hogere lasten door het actualiseren van de kapitaallasten (€ 1,2 miljoen) • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

34

H 3.1.6

3.1.6

Duurzaamheid en milieubeheer

Programmaonderdeel 1.6 Duurzaamheid en milieubeheer

• Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

Baten

1,1

2,3

-1,1

1,2

Lasten

49,3

78,6

-1,0

77,6

Saldo Baten en Lasten

-48,2

-76,2

-0,2

-76,4

Onttrekking

106,8

50,3

-1,6

48,6

Toevoeging

49,4

2,4

0,0

2,4

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

57,5

47,9

-1,6

46,3

Totaal Programmaonderdeel 1.6 Duurzaamheid en milieubeheer  

9,2

-28,4

-1,8

-30,1

Financiële toelichting

Reserves Onttrekkingen aan reserves De totale onttrekkingen in dit programmaonderdeel dalen met € 1,6 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere onttrekking aan de reserve Stedelijke bodemsanering en nazorg, door een actualisatie van de te verwachten kosten aan bodemsanering en nazorg (€ 1,2 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan €1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel dalen met € 1,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere baten doordat de rijksbijdrage voor het project “Opzetten van een proeftuin aardgasvrije wijk” wordt doorgeschoven naar 2024, omdat het project vertraagd is (€ 1,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel dalen met € 1,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere lasten vanwege de actualisatie van de te verwachten kosten aan bodemsanering en nazorg (€ 1,2 miljoen). Hier tegenover staat ook een lagere onttrekking aan de bijbehorende reserve. • Lagere lasten doordat het project “Opzetten van een proeftuin aardgasvrije wijk” vertraagd is. Het budget wordt doorgeschoven naar 2024 (€ 1,0 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

35

H 3.1.7

3.1.7

Begraafplaatsen en crematoria

Programmaonderdeel 1.7 Begraafplaatsen en crematoria (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

8,3

8,8

0,0

Saldo na voorjaarsnota 8,8

Lasten

8,2

8,4

0,2

8,6

Saldo Baten en Lasten

0,2

0,4

-0,2

0,2

Onttrekking

0,0

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

0,0

0,0

0,0

Totaal Programmaonderdeel 1.7 Begraafplaatsen en crematoria

0,2

0,4

-0,2

0,2

Financiële toelichting Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Lasten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de lasten groter dan € 1 miljoen.

Reserves Er zijn voor dit programmaonderdeel geen reservemutaties.

Voorjaarsnota 2023

36

H 3.2

3.2 Openbare ruimte, Water, Groen, Vervoer Programma 2 Openbare ruimte, Water, Groen en Vervoer (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

850,7

560,8

Lasten

1.129,8

Saldo Baten en Lasten

-279,1

Onttrekking Toevoeging

Saldo na voorjaarsnota

18,0

578,8

1.153,4

66,1

1.219,5

-592,6

-48,0

-640,7

297,5

227,7

19,9

247,6

185,4

143,3

6,2

149,5

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

112,1

84,4

13,7

98,2

Totaal Programma 2 Openbare ruimte, Water, Groen en Vervoer

-167,0

-508,2

-34,3

-542,5

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

243,7

168,1

11,0

179,1

37

H 3.2.1

3.2.1

Verkeer, vervoer en parkeren

Programmaonderdeel 2.1 Verkeer, vervoer en parkeren

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

326,4

48,2

2,1

Saldo na voorjaarsnota 50,3

Lasten

205,8

232,2

23,2

255,5

Saldo Baten en Lasten

120,6

-184,1

-21,1

-205,2

Onttrekking

292,0

110,8

-9,3

101,6

Toevoeging

171,2

143,2

1,8

145,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

120,8

-32,4

-11,0

-43,4

Totaal Programmaonderdeel 2.1 Verkeer, vervoer en parkeren  

241,4

-216,4

-32,2

-248,6

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget voor programma onderdeel voor verkeer, vervoer en parkeren met € 21,1 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 205,2 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programma­ onderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 2,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten vanwege verlenging van het contract met de exploitant van elektrische laadpalen. Voor het gebruik en plaatsing van laadpalen op openbare parkeer­ plaatsen krijgt Amsterdam inkomsten. Daarnaast is de levering van elektra aan­ besteed. De gemeente ontvangt hiervoor een exploitatievergoeding (€ 9,2 miljoen). • Lagere baten omdat de uitvoering van het project Prins Hendrikkade voorlopig is uitgesteld. De bijdrage vanuit de Vervoersregio Amsterdam (VRA) is daarmee ook uitgesteld (€ 7,6 miljoen). • Overige afwijkingen (hogere baten) lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen. Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 23,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten ten opzichte van de Begroting 2023 waarin de verwachte uitkering van het rijk ter compensatie van de gemiste parkeerinkomsten door Corona over 2021 van € 40 miljoen wordt toegevoegd aan het budget van programma Stadsverbetering. De toevoeging wordt verdeeld over programmaonderdelen 2.1 (€ 18,0 miljoen) en 2.2 (€ 22,0 miljoen). • Hogere lasten voor de bestemming van groot onderhoud van parkeergebouwen in 2023. Deze mutatie vloeit voort uit de jaarrekening controle 2022 (€ 5,1 miljoen). • Hogere lasten ten behoeve van bijdrage openbaar vervoerprojecten als onderdeel van de afwikkeling van het project Metro en Tram (€ 4,6 miljoen). • Hogere lasten vanwege plaatsen van laadpalen op openbare parkeerplaatsen waar Amsterdam inkomsten voor ontvangt (€ 4,2 miljoen). • Hogere lasten in 2023 voor het Programma Bruggen en Kademuren dat voor de stad bezig is met het testen en het herstellen van de bruggen en kademuren in de stad. De kosten zijn aan de hand van een geactualiseerde planning van werkzaamheden over de jaarschijven begroot (€ 1,9 miljoen).

• Hogere lasten omdat het bestaande budget voor het project Groot Amsterdams Bos programmaonderdeel 1.1 is overgeheveld naar het budget voor het project Oeverlanden in programmaonderdeel 2.1 (€ 1,8 miljoen). • Hogere lasten in 2023 vanwege een aanpassing van het bestedingsritme betreffende de parken Gaasperplas en Noorderpark. Om de kwaliteit van parken te verhogen is er maximaal € 16 miljoen beschikbaar gesteld vanuit het vereveningsfonds. In 2023 wordt de besteding onttrokken uit de reserve Kwaliteitsimpuls Groen (KIG) (€ 1,2 miljoen). • Hogere lasten voor de projecten Mosplein en Stedelijke Logistiek (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten omdat het project Reconstructie Prins Hendrikkade op verzoek van de Raad is getemporiseerd (€ 7,6 miljoen). • Lagere lasten in 2023 die samen hangen met de afloop van het Stedelijk Mobiliteits Fonds (SMF). Het budget en onttrekking wordt bijgesteld (€ 3,1 miljoen). • Lagere lasten als gevolg van het taakstellend verwerken van de overbesteding 2022 (€ 2,0 miljoen). • Lagere lasten door de meerjarige actualisatie van de kapitaallasten (rente en afschrijving) (€ 1,0 miljoen). 38

H 3.2.1

• Lagere lasten omdat ter dekking van het amendement Gratis OV budget is overgeheveld naar programmaonderdeel 2.2 (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten voor het project Luchtkwaliteit in 2023. De uitvoering vindt plaats na 2023 (€ 1,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekking aan de reserve Stadsbehoud van € 0,7 miljoen en de reserve Achterstallig onderhoud van € 2,1 miljoen door hogere lasten voor de projecten Mosplein en Stedelijke Logistiek en actualisatie van de projectplanning van Programma Bruggen en Kademuren. • Een lagere onttrekking aan de reserve Stadsverbetering van € 12,1 miljoen door de lagere lasten in het nieuwe programma Stadsvernieuwing.

Toevoegingen aan reserves • Lagere toevoeging aan de reserve Stadsbehoud. Deze middelen worden ingezet voor formatie uitbreiding bij programma Stadsbehoud, waaronder het omzetten van externe inhuur naar eigen formatie (€ 3,8 miljoen) • Hogere toevoeging aan de reserve Laadinfra door plaatsing van laadpalen op openbare parkeerplaatsen (€ 5,0 miljoen). • Hogere toevoeging aan de Financieringsreserve om de toekomstige kapitaallasten van het project Haarlemmerweg en Mobiliteitsfonds Zuidoost te dekken (€ 0,7 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

39

H 3.2.2

3.2.2

Openbaar vervoer

Programmaonderdeel 2.2 Openbaar vervoer

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

30,4

33,5

-6,9

Saldo na voorjaarsnota 26,6

Lasten

66,6

85,3

1,0

86,3

Saldo Baten en Lasten

-36,2

-51,8

-7,9

-59,7

Onttrekking

1,5

1,0

-0,4

0,6

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

1,5

1,0

-0,4

0,6

-34,7

-50,8

-8,3

-59,1

Totaal Programmaonderdeel 2.2 Openbaar vervoer  

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget voor het programmaonderdeel openbaar vervoer met € 7,9 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 59,7 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programmaonderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel dalen met € 6,9 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere baten als gevolg van een administratieve correctie van organisatiekosten binnen het programmaonderdeel. Lasten en baten dalen met hetzelfde bedrag (€ 6,9 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 1,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Lagere lasten omdat in de Najaarsnota 2022 vanwege verwachte onderbesteding diverse budgetten voor projecten gefinancierd uit het Stedelijk Mobiliteits Fonds / Programma Stadsverbetering zijn gemuteerd. De bestedingen zullen in 2023 plaatsvinden (€ 15,8 miljoen). • Lagere lasten als gevolg van een administratieve correctie binnen het programma­ onderdeel. Lasten en baten dalen met hetzelfde bedrag (€ 6,9 miljoen). • Hogere lasten ten opzichte van de Begroting 2023. De verwachte uitkering van het rijk ter compensatie van de gemiste parkeerinkomsten door Corona over 2021 ad € 40 miljoen wordt toegevoegd aan het budget van programma Stadsverbetering. De toevoeging wordt verdeeld over Programmaonderdelen 2.1 (€ 18,0 miljoen) en 2.2 (€ 22,0 miljoen). • Hogere lasten door het amendement 490-22 B23. In het amendement is het college gevraagd om in 2023 kinderen in de leeftijd van 4 tot en met 11 jaar op zaterdag gratis te laten reizen met het openbaar vervoer; en hiervoor samen met het GVB tot een voorstel te komen. De begrote uitgaven zijn herschikt van programma­ onderdeel 2.1 naar 2.2 (€ 1,0 miljoen). • Hogere lasten ten behoeve van bijdrage openbaar vervoerprojecten als onderdeel van de afwikkeling van het project Metro en Tram (€ 1,0 miljoen).

• Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de reserves groter dan € 1 miljoen.

40

H 3.2.3

3.2.3

Ophalen van afval en reinigen openbare ruimte

Programmaonderdeel 2.3 Afval en reinigen openbare ruimte

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

197,1

201,4

Lasten

202,8 -5,8

Onttrekking Toevoeging Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves Totaal Programmaonderdeel 2.3 Afval en reinigen openbare ruimte

Saldo Baten en Lasten

Saldo na voorjaarsnota

1,3

202,7

233,8

3,0

236,8

-32,4

-1,7

-34,1

1,3

0,1

-0,1

0,0

14,2

0,0

0,0

0,0

-12,9

0,1

-0,1

0,0

-18,6

-32,3

-1,8

-34,1

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget voor het programmaonderdeel Afval en reiniging openbare ruimte € 1,7 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 34,1 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programma­ onderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 3,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door het verwerken van de loon- prijsindexatie en ontwikkeling areaal. Per saldo is deze mutatie neutraal over de programmaonderdelen 3.1, 2.4, 2.6 en B5. (€ 3,9 miljoen). • Hogere lasten door herverdeling van budget voor het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied. Per 1 januari 2023 is het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied in eigen beheer genomen. Per saldo is deze mutatie neutraal over de programmaonderdelen 2.4 en 2.6. (€ 1,0 miljoen). • Lagere lasten een herschikking van budget van programmaonderdeel 2.3 naar programma onderdeel 2.6 van €2,0 miljoen in 2023. Dit budget wordt meerjarig ingezet voor de agenda dieren 2023-2026. (€ 2,0 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de reserves groter dan € 1 miljoen.

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 1,3 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten reinigingsrecht specifiek uit het project- gebied van 9 straatjes. Pilot project (tot en met 2025) waarbij bedrijfsafval en huishoudelijk gezamenlijk worden ingezameld met een tarief reinigingsrecht. Betreft een neutrale wijziging waarbij ook lasten worden verhoogd. (€ 0,5 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

41

H 3.2.4

3.2.4

Beheer en onderhoud openbare ruimte

Programmaonderdeel 2.4 Beheer en onderhoud Openbare Ruimte

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen)

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 3,6 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten doordat de budgetten worden geactualiseerd voor groot onderhoud en instandhouding van de assets die vallen onder programma Stadsbehoud en onttrokken worden uit de reserve Stadsbehoud. De onttrekkingen stijgen in 2023 met een zelfde bedrag (€ 25,0 miljoen). • Hogere lasten door de toename van het onderhoudsbudget. De onttrekkingen stijgen in 2023 met een zelfde bedrag door de hierbij horende onttrekkingen aan de reserve Achterstallig Onderhoud. Vanuit de jaarrekening 2022 worden de middelen met dekking reserve Achterstallig Onderhoud die niet zijn uitgegeven toegevoegd aan de onderhoudsbudgetten 2023. In het geval van een overschrijding in 2022 wordt dat bedrag in mindering gebracht. Daarnaast is er ook een herverdeling van onderhoudsbudgetten geweest (€ 2,7 miljoen). • Hogere lasten door formatie uitbreiding bij programma Stadsbehoud, waaronder het omzetten van externe inhuur naar eigen formatie. Dit wordt gedekt uit de reserve Stadsbehoud (€ 1,8 miljoen).

• Hogere lasten door intensivering van de bestedingen voor het programma klimaatadaptatie waarmee de volgende resultaten worden beoogd; (1) Uitvoering van en rapportage over de acties zoals benoemd in de Strategie (2020) en Uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie (2021), (2) Stimulering en ondersteuning van klimaatadaptatie in projecten, (3) Structurele integratie in werkzaamheden en beheer, (4) Onderzoek en monitoring, (5) Samen en in gesprek met de stad, en (6) Kennisdeling en communicatie. Deze incidentele middelen worden geheel gedekt uit de reserve coalitiemiddelen 2022-2026 (€ 1,6 miljoen). • Hogere lasten door uitgaven aan Goed wonen in Noord (€ 0,3 miljoen) en openbare ruimte (€ 0,7 miljoen) uit het plan Aanpak Noord als onderdeel van de Master­ plannen (€ 1,0 miljoen). • Hogere lasten door uitgaven aan projecten vanuit de impulsregeling klimaat­ adaptatie. Tegenover deze hogere lasten staan ook hogere baten voor eenzelfde bedrag (€ 0,9 miljoen). • Lagere lasten door een verschuiving van het budget voor het Programma Bruggen en Kademuren naar het programma onderdeel 2.5. Bij het nieuwe Amsterdams akkoord zijn de beschikbare middelen van € 25 miljoen voor het programma tijdelijk op het directiebudget geplaatst. Inmiddels is de bezuiniging van circa € 60 miljoen naar

(bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

43,2

35,8

0,9

Saldo na voorjaarsnota 36,7

Lasten

253,0

247,1

3,6

250,7

Saldo Baten en Lasten

-209,8

-211,3

-2,7

-214,0

Onttrekking

0,0

71,8

18,1

89,9

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

71,8

18,1

89,9

-209,8

-139,5

15,4

-124,1

Totaal Programmaonderdeel 2.4 Beheer en onderhoud Openbare Ruimte

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget in het programmaonderdeel Beheer en onderhoud Open­ bare Ruimte € 2,7 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 214,0 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programma­ onderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Baten • De baten stijgen door een in 2022 toegekende specifieke uitkering tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021-2027 door het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Tegenover deze hogere baten staan ook hogere lasten van hetzelfde bedrag (€ 0,9 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

42

H 3.2.4

€ 30 miljoen in 2023 ook door vertaald naar de verschillende onderdelen van het programma. Door deze mutatie wordt de verschuiving verwerkt. Het budget voor 2023 en 2024 is nog € 30 miljoen in plaats van € 25 miljoen doordat een deel van het budget van 2022 doorloopt in 2023 en verder. • Lagere lasten door het verwerken van de loon- prijsindexatie en areaalontwikkeling 2023. Per saldo is deze mutatie neutraal over de programmaonderdelen 3.1, 2.3, 2.6 en B.5. Dit betreft een niet neutrale mutatie (€ 7,8 miljoen). • Lagere lasten door het aanpassen van de afschrijvingslasten en rentelasten naar de actuele standen van de investeringen. Dit betreft een niet neutrale mutatie (€ 5,8 miljoen). • Lagere lasten door herverdeling van budget voor het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied. Per 1 januari 2023 is het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied in eigen beheer genomen. Per saldo is deze mutatie neutraal over de programmaonderdelen 2.3 en 2.6 (€ 1,6 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

• Overige hogere onttrekkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Reserves Onttrekkingen aan reserves De onttrekkingen aan de reserves stijgen door: • Hogere onttrekking aan de reserve Stadsbehoud door het actualiseren van de lasten budgetten voor groot onderhoud en instandhouding van de assets die vallen onder programma Stadsbehoud (€ 25,0 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve Coalitie middelen vanwege het Bestedingsplan Integrale Aanpak Noord (onderdeel van C 1.4 Masterplannen) en Intensiveringen coalitieakkoord met betrekking tot klimaatadaptatie (onderdeel van C 9.6) (€ 2,6 miljoen). • Hogere onttrekking aan de financieringsreserve door de actualisatie van de kapitaallasten (€ 2,6 miljoen). • Lagere onttrekking in 2.4 door de meerjarige actualisatie van de kapitaallasten (rente en afschrijving) uit de Vaste Activa Module (VAM). De VAM heeft betrekking op de afgesloten projecten opgenomen in de balans (€ 2,6 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve Achterstallig Onderhoud omdat de exploitatie­ lasten voor het Programma Bruggen en kademuren, in dit programmaonderdeel dalen door verschuiving naar programma onderdeel 2.5 (€ 12,3 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

43

H 3.2.5

3.2.5

Water

Programmaonderdeel 2.5 Water

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) 4,9

0,0

Saldo na voorjaarsnota

Baten

41,8

4,9

Lasten

101,5

39,7

13,1

52,8

Saldo Baten en Lasten

-59,6

-34,8

-13,1

-47,9

Onttrekking

0,0

15,7

10,6

26,3

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

0,0

15,7

10,6

26,3

Totaal Programmaonderdeel 2.5 Water

-59,6

-19,1

-2,5

-21,6

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget in programmaonderdeel Water € 13,1 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 47,9 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programmaonderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel dalen met € 13,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door een verschuiving van het budget voor het Programma Bruggen en Kademuren van onderdeel 2.4 naar 2.5. Bij het nieuwe Amsterdams akkoord zijn de beschikbare middelen van € 25 miljoen voor het programma tijdelijk op het directiebudget geplaatst. Inmiddels is de bezuiniging van circa € 60 miljoen naar € 30 miljoen in 2023 ook door vertaald naar de verschillende onderdelen van het programma. Met deze mutatie wordt deze verschuiving verwerkt. Het budget voor 2023 en 2024 is nog € 30 miljoen in plaats van € 25 miljoen doordat een deel van het budget van 2022 doorloopt in 2023 en verder. (€ 13,6 miljoen) • Hogere lasten door toename van onderhoudsbudget vanuit de reserve Achterstallig Onderhoud. Er zijn werkzaamheden doorgeschoven van 2022 naar 2023 (€ 1,5 miljoen). • Hogere lasten door het aanpassen van de afschrijvingslasten en rentelasten naar de actuele standen van de investeringen. Dit betreft een niet neutrale mutatie (€ 0,9 miljoen). • Hogere lasten van € 0,6 miljoen ter dekking van de uitgaven voor het opzetten van de governance voor het beheer en toezicht op het opdrachtgeverschap op de watertaken door Waternet.

Door de inspectie Infrastructuur, Leefomgeving en Transport (ILT) en de Rekenkamer Amsterdam is aanbevolen dit te organiseren (€ 0,6 miljoen). • Lagere lasten door het actualiseren van budgetten voor groot onderhoud en instandhouding van de assets die vallen onder programma Stadsbehoud en onttrokken worden uit de reserve Stadsbehoud. De onttrekkingen dalen in 2023 met een zelfde bedrag door de hierbij horende onttrekking aan de reserve Stadsbehoud (€ 4,5 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

44

H 3.2.5

Reserves Onttrekkingen aan reserves • Hogere onttrekkingen aan de reserve Stedelijk beheer door de verschuiving van de lasten voor het Programma Bruggen en Kademuren van het programma onderdeel 2.4 naar dit programma onderdeel (13,6 miljoen). • Lagere onttrekking aan de reserve Stedelijk Beheer door lasten budgetten voor groot onderhoud en instandhouding van de assets die vallen onder programma Stadsbehoud en binnen programmaonderdeel 2.5 (€ 4,5 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve Groot Onderhoud Groen door hogere lasten voor groot onderhoud Groen Weesp (€ 1,3 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel.

Voorjaarsnota 2023

45

H 3.2.6

3.2.6

Groen (incl. Bos) en dierenwelzijn

Programmaonderdeel 2.6 Groen en Dierenwelzijn (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

2,4

2,7

Saldo na voorjaarsnota

0,5

3,2

Lasten

87,2

90,3

12,1

102,4

Saldo Baten en Lasten

-84,8

-87,6

-11,6

-99,2

Onttrekking

1,5

28,2

1,0

29,2

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

1,5

28,2

1,0

29,2

-83,3

-59,3

-10,6

-70,0

Totaal Programmaonderdeel 2.6 Groen en Dierenwelzijn

Financiële toelichting In 2023 wordt het budget voor het programmaonderdeel Groen en Dierenwelzijn € 11,6 miljoen verhoogd tot een bedrag van € 99,2 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programmaonderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Baten Er is in dit programmaonderdeel geen sprake van een afwijking op de baten groter dan € 1 miljoen

Lasten De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 12,1 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door het verwerken van de loon- en prijsindexatie en areaalontwikkeling (inclusief intensiever gebruik). Dit is een neutrale mutatie (€ 3,5 miljoen). • Hogere lasten door een verschuiving uit programma 6 naar programma 2 ter dekking van de gebiedsplannen van Stadsdeel West. gemeente breed is dit een neutrale mutatie (€ 0,5 miljoen). Voorjaarsnota 2023

• Hogere lasten door herverdeling van budget tussen programmaonderdeel 2.3, 2,4 en 2.6 voor het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied. Per 1 januari 2023 is het beheer en onderhoud van het Westpoortgebied in eigen beheer genomen (€ 0,6 miljoen). • Hogere lasten omdat in de Najaarsnota 2022 vanwege verwachte onderbesteding diverse budgetten voor projecten gefinancierd uit het Stedelijk Mobiliteits Fonds / Programma Stadsverbetering zijn gemuteerd. De daarbij toegepaste aanpassingen komen hierbij weer retour naar de diverse projectbudgetten (€ 5,8 miljoen). • Hogere lasten door hogere onttrekking uit de reserve Stadsbehoud voor Groot Onderhoud Groen Weesp (€ 1,3 miljoen). • Hogere lasten door een herschikking van budget van programma onderdeel 2.6 naar programma 2.3 ad € 0,2 miljoen. Dit budget wordt in 2023 ingezet voor de uitvoering van de agenda dieren (€ 0,2 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves Onttrekkingen aan reserves De onttrekkingen aan de reserves stijgen met € 1 miljoen. Dit is het gevolg de volgende afwijkingen: • Hogere onttrekking aan de reserve Achterstallig Onderhoud door toename en herverdeling van het onderhoudsbudget (€ 0,6 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve Stadsbehoud door hogere lasten van het Groot Onderhoud Groen Weesp en overige actualisaties aan deze reserve (€ 0,4 miljoen). • Hogere onttrekking aan de reserve Coalitiemiddelen in het kader van stadsnatuur en groen. (€ 0,4 miljoen) • Lagere onttrekking aan de reserve Kwaliteitsimpuls Groen vanwege een aanpassing van het kasritme m.b.t. Rembrandt Park openbare ruimte, het Sloterpark en de begeleidingskosten van R&D (€ 0,8 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Toevoegingen aan reserves Er zijn geen toevoegingen aan reserves op dit onderdeel. 46

H 3.2.7

3.2.7

Riool en drinkwater

Programmaonderdeel 2.7 Riool en Drinkwater

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begro- voorjaarsnota tings-wijziging) Baten

209,3

234,4

Lasten

Saldo na voorjaarsnota

20,2

254,5

212,8

225,0

10,0

235,1

Saldo Baten en Lasten

-3,6

9,3

10,1

19,5

Onttrekking

1,2

0,0

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,1

4,4

4,5

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

1,2

-0,1

-4,4

-4,5

Totaal Programmaonderdeel 2.7 Riool en Drinkwater

-2,4

9,3

5,7

15,0

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 10,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten voor de drinkwatertaak, veroorzaakt door verhoging van de nominale ontwikkelingen voor loon- en prijsstijgingen, lagere kapitaallasten en het governance traject (€ 13,6 miljoen). Daarnaast wordt een deel van het tekort van 2022 als taakstelling verwerkt in 2023 (€ 5,6 miljoen), het restant wordt opgehaald in de drinkwateropbrengsten 2023. • Hogere lasten Rioolheffing door stijging van de nominale ontwikkelingen voor loon- en prijsstijgingen en lagere lasten door lagere kapitaallasten (€ 2,4 miljoen). • Tegenover de hogere lasten staat hogere rioolheffing en een onttrekking aan de egalisatievoorziening Riolering (€ 0,5 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Financiële toelichting

Reserves

In 2023 wordt het budget voor het programma onderdeel Riool en Drinkwater € 10,1 miljoen verlaagd tot een bedrag van € 19,5 miljoen. Dit betreffen met name neutrale mutaties binnen het programmaonderdeel, tussen programmaonderdelen en programma’s. Indien een mutatie niet neutraal is, dan wordt dit in de toelichting van het specifieke punt expliciet benoemd.

Onttrekkingen aan reserves Er zijn geen onttrekkingen aan reserves op dit onderdeel.

Toevoegingen aan reserves Hogere toevoeging aan de Egalisatiereserve drinkwatertarieven (€ 4,4 miljoen).

Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 20,2 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten Rioolheffing (€ 2 miljoen) en drinkwateropbrengsten (€ 18,0 miljoen) worden primair veroorzaakt doordat de rioolheffing en drinkwatertaak een gesloten systeem is van baten en lasten. Er worden hogere kosten door loon- en prijs­ stijgingen verwacht (€ 20,2 miljoen).

Voorjaarsnota 2023

47

H 3.3

3.3 Economie, Kunst, Cultuur en Erfgoed Programma 3 Economie, kunst, cultuur en erfgoed (bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

25,7

22,6

1,7

Saldo na voorjaarsnota 24,3

Lasten

218,5

227,1

32,8

259,9

Saldo Baten en Lasten

-192,8

-204,5

-31,1

-235,6

Onttrekking

18,6

14,4

20,4

34,7

Toevoeging

25,0

3,2

0,6

3,7

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-6,4

11,2

19,8

31,0

Totaal Programma 3 Economie, kunst, cultuur en erfgoed

-199,1

-193,3

-11,3

-204,6

Jaar­ Begroting 2023 Saldo effecten rekening (begrotings­ voorjaarsnota 2022 wijziging)

Saldo na voorjaarsnota

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen)

Apparaatslasten

Voorjaarsnota 2023

25,6

25,0

0,1

25,2

48

H 3.3.1

3.3.1

Economie en innovatie

Programmaonderdeel 3.1 Economie en innovatie

Lasten

(bedragen x € 1 miljoen) (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting 2023 Saldo effecten 2022 (begrotings­ voorjaarsnota wijziging) Baten

23,8

21,7

1,6

Saldo na voorjaarsnota 23,3

Lasten

64,7

57,4

18,3

75,7

Saldo Baten en Lasten

-40,9

-35,7

-16,7

-52,4

Onttrekking

18,4

12,9

15,0

27,9

Toevoeging

23,9

3,2

0,6

3,7

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-5,5

9,7

14,5

24,2

Totaal Programmaonderdeel 3.1 Economie en innovatie  

-46,4

-26,0

-2,3

-28,2

Financiële toelichting Baten De totale baten in dit programmaonderdeel stijgen met € 1,6 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere baten voor de uitvoering van de programma’s Acquisitie en Trade met het doel bij te dragen aan een duurzame economische groei voor regio en haar bewoners. Dit zijn bijdragen van derden over dit jaar en eerder ontvangen bijdragen in voorgaande jaren. De lasten worden met hetzelfde bedrag verhoogd (€ 1,0 miljoen). • Lagere baten door minder bezoekers aan Holland Casino en dit zal leiden tot een afname van de bezoekersbijdrage, dit valt weg tegen lagere lasten (€ 0,3 miljoen). • Lagere baten door onvoldoende herstel van de Marktgelden en Ambulante handel (€ 0,3 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1,0 miljoen.

Voorjaarsnota 2023

De totale lasten in dit programmaonderdeel stijgen met € 18,3 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere lasten door met name besluitvorming voor een subsidie aan Quantum in verband met initiatieven voor het stimuleren van projecten die bijdragen aan de economische structuur- of arbeidsmarktversterking. Een aantal subsidiabele projecten vindt dit jaar plaats waaronder Innovation Centre. Daarnaast zijn de budgetten die resteren van 2022 van een aantal aflopende programma’s opgenomen, onder andere Onderwijs & Arbeidsmarkt en het Amsterdamse Ondernemersprogramma, waarvan de financiële afwikkeling in 2023 wordt verwacht. Dit wordt gedekt door een onttrekking aan de reserve Economische Structuurversterking (€ 7,0 miljoen). • Hogere lasten door inzet van advies en fixteams in de stad voor ondersteuning van het Midden en Kleinbedrijf (MKB) vanwege hoge energieprijzen. Dit wordt gedekt door de coalitiemiddelen 2022-2026 (€ 4,0 miljoen). • Hogere lasten door intensiveringen uit het coalitieakkoord voor het stimuleren van brede welvaart. Dit wordt gedekt door de coalitiemiddelen 2022-2026 (€ 3,8 miljoen). • Hogere lasten door de subsidie aan Stichting Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions (AMS). AMS ontvangt in de periode van tot en met 2025 maximaal € 50 miljoen vanuit het Final Contract van 19 maart 2014.

Het is gemiddeld € 5 miljoen per jaar, maar vanuit meerjarenprognoses en realisaties wordt de subsidievaststelling jaarlijks bijgesteld. Dit wordt gedekt door een onttrekking aan de reserve AMS (€ 1,2 miljoen). • Hogere lasten voor de uitvoering van de programma’s Acquisitie en Trade met het doel bij te dragen aan een duurzame economische groei voor de regio en haar bewoners. Deze mutatie heeft geen invloed op het saldo van dit programma omdat de baten met hetzelfde bedrag verhoogd worden door inzet van bijdragen van derden over dit jaar en voorgaande jaren (€ 1,0 miljoen). • Hogere lasten door incidentele energie compensatie voor markten binnen het thema Bestaanszekerheid. Dit wordt gedekt door de coalitie middelen 2022-2026 (€ 0,8 miljoen). • Hogere lasten door meer dienstverlening voor instroom van (kennis)migranten bij IN Amsterdam. Dit valt weg tegen hogere baten (€ 0,4 miljoen).

49

H 3.3.1

• Hogere lasten voor de buurteconomie uit het bestedingsplan integrale aanpak masterplan Noord. Dit wordt gedekt door de coalitie middelen 2022-2026 (€ 0,4 miljoen). • Lagere lasten door een wijziging om te voldoen aan wettelijke voorschriften voor de MetropoolRegio Amsterdam (MRA). De MRA is een samenwerkingsverband van meerdere gemeenten en provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Alle deel­ nemers dragen bij in de kosten. Deze financiën van de MRA lopen via de administratie van de gemeente Amsterdam. De bijdrage van Amsterdam wordt gestort in de reserve MRA volgens wettelijke voorschriften. De bijdragen van de overige deelnemers zijn geparkeerd op de balans. Lasten en baten houden elkaar in evenwicht (€ 0,6 miljoen). • Lagere lasten voor compensatie van lagere baten van de bezoekersbijdrage Holland Casino (€ 0,3 miljoen). • Overige afwijkingen lichten we niet verder toe, omdat de afzonderlijke afwijkingen kleiner zijn dan € 1 miljoen.

Reserves

• Hogere onttrekking door incidentele compensatie voor markten binnen het thema Bestaanszekerheid (€ 0,8 miljoen). • Hogere onttrekking voor de buurteconomie uit het bestedingsplan integrale aanpak masterplan Noord (€0,4 miljoen).

Toevoegingen aan reserves Hogere toevoeging met € 0,6 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijking: • Hogere toevoeging aan de reserve Metropool Regio Amsterdam (MRA) om te voldoen aan de wettelijke voorschriften. De MRA is een samenwerkingsverband van meerdere gemeentes en provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Alle deelnemers dragen bij in de kosten. Deze financiën van de MRA lopen via de administratie van de gemeente Amsterdam. De bijdrage van Amsterdam wordt gestort in de reserve MRA volgens wettelijke voorschriften. De bijdragen van de overige deelnemers zijn geparkeerd op de balans. Lasten en baten houden elkaar in evenwicht (€ 0,6 miljoen).

Onttrekkingen aan reserves Hogere onttrekking met € 15,0 miljoen in 2023. Dit effect is het gevolg van de volgende afwijkingen: • Hogere onttrekking aan de reserve Economische Structuurversterking door met name besluitvorming voor een subsidie aan Quantum in verband met initiatieven voor het stimuleren van projecten die bijdragen aan de economische structuur- of arbeidsmarktversterking. Een aantal subsidiabele projecten vindt dit jaar (deels) plaats waaronder Innovation Centre. Daarnaast zijn de budgetten die resteren van 2022 van een aantal aflopende programma’s opgenomen, onder andere Onderwijs & Arbeidsmarkt en het Amsterdamse Ondernemersprogramma, waarvan de financiële afwikkeling in 2023 wordt verwacht (€ 7,0 miljoen). • Hogere onttrekking door inzet van advies en fixteams in de stad ter ondersteuning van het MKB vanwege hoge energieprijzen (€ 4,0 miljoen). • Hogere onttrekking door intensiveringen uit het coalitieakkoord voor het stimuleren van brede welvaart (€ 1,8 miljoen). • Hogere onttrekking voor subsidieverstrekking aan Stichting AMS. Die ontvangt in de periode van tot en met 2025 maximaal € 50 miljoen uit het Final Contract van 19 maart 2014. Het is gemiddeld € 5 miljoen per jaar, maar door meerjaren­ prognoses en realisaties wordt de subsidievaststelling jaarlijks bijgesteld (€ 1,2 miljoen). Voorjaarsnota 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12849921/1