Bijlage 1. Toelichting bij statutenwijziging Innoord.pdf
Tekst van het document
Bijlage 1 Toelichting bij statutenwijziging Innoord Samenvatting e voornaamste reden van de wijziging is dat de statuten niet meer in lijn zijn met D wettelijke bepalingen. De stichting is in zijn huidige vorm tot stand gekomen in 2012 en de meest recente wijziging van de stichtingsstatuten dateert uit november 2017. Wijzigingen in de Code Goed Bestuur, de Wet Medezeggenschap op Scholen, de Wet Toezicht en Bestuur Rechtspersonen en de invoering van de Wet normalisering rechtspersonen ambtenaren geven aanleiding voor een statutenwijziging. Daarnaast hanteren we al sinds een aantal jaren de naam Innoord. We grijpen deze gelegenheid daarom aan om dit ook tot uitdrukking te brengen in de statutaire naam. In deze statuten wordt de statutaire naam gewijzigd in ‘Innoord, Stichting voor Openbaar Onderwijs Amsterdam-Noord’. Aanleiding en doel e stichtingsstatuten van Stichting Openbaar Onderwijs Noord dateren uit 2012, en de D meest recente wijziging van de statuten dateert uit november 2017. In de afgelopen jaren hebben diverse interne en externe ontwikkelingen plaatsgevonden, waardoor het wijzigen van de stichtingsstatuten gewenst is. Dit zijn: - De codes goed onderwijsbestuur voor PO zijn in resp.
2019 en 2020 gewijzigd, met aandacht voor verantwoordelijkheid, professionaliteit, integriteit, openheid en de maatschappelijke context; - De wet Medezeggenschap op scholen (Wms) is op enkele punten gewijzigd, met onder meer een nadrukkelijke rol van GMR’s bij de benoeming van leden van het CvB en de RvT; - De nieuwe wet Toezicht en Bestuur Rechtspersonen, waarbij nadere regels zijn opgesteld over de rollen en verantwoordelijkheden van bestuurders en toezichthouders; - De nieuwe wet Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA), waarbij alle werknemers in het openbaar onderwijs per 1 januari 2020 werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht in plaats van een aanstelling als ambtenaar naar openbaar recht. - De stichting treedt sinds 2017 naar buiten met de (handels)naam Innoord. - Sinds de oprichting van de stichting is de positie en invloed van de gemeente ten opzichte van de stichting veranderd. Ook de wetgeving is in de loop der jaren steeds verder aangepast om de gemeente meer in de rol van externe toezichthouder te plaatsen en de stichting meer eigen bevoegdheden en verantwoordelijkheden te geven.
Deze ontwikkelingen geven aanleiding om de huidige statuten aan te passen. - Voor de volledigheid: de Wet Primair Onderwijs heeft sinds 2017 geen wijzigingen ondergaan die van invloed zijn op de statuten. - De nieuwe tekst kent een andere opbouw/volgorde en een ander taalgebruik. De voorgestelde tekst komt ten goede aan de leesbaarheid van de statuten.
Belangrijkste wijzigingen - U itbreiding begripsbepalingen - Wijziging statutaire naam (art. 1) - uitbreiding van de omschrijving van de doelstelling van de stichting in relatie tot haar maatschappelijke opdracht (art. 2) - toevoeging omschrijving van het karakter van het openbaar onderwijs (art. 3) - College van Bestuur ipv bestuurder (art 5) - niet tot lid van het CvB kan worden benoemd iemand die in de voorgaande vier jaar lid is geweest van de RvT (art. 6) - In de huidige statuten wordt in artikel 7 lid 6 vermeld dat de bestuurder wordt benoemd voor dezelfde duur als de aanstelling. Deze bepaling heeft in de nieuwe statuten geen waarde meer omdat een CvB lid niet meer wordt aangesteld als ambtenaar maar een arbeidsovereenkomst aangaat naar burgerlijk recht. - Invoering van de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren waardoor bestuurder en medewerkers van de stichting werkzaam zijn op basis van een arbeidsovereenkomst. De arbeidsrechtelijke terminologie in de statuten van 2017, o.m. rondom benoeming / ontslag is aangepast aan de terminologie uit het Burgerlijk Wetboek. (art. 6) - benoemen leden RvT.Het is niet gebruikelijk dat alleleden op voordracht van college van burgemeester en wethouders wordt benoemd (zoals nog wel is vermeld in de huidige statuten 2017).
Daarom is in de voorgestelde gewijzigde statuten opgenomen dat (oudergeleding van de) gemeenschappelijke medezeggenschapsraad de overige leden voordraagt, waarbij de gemeenteraad besluit over de (her)benoeming.(art 9) - aantal leden RvT aanpassen naar ‘ten minste 5 en ten hoogste 7’ (art 9 lid 1) - Wet bestuur en toezicht rechtspersonen (2021): conform deze wet moeten regels over belet en ontstentenis in de statuten worden opgenomen. Voor het college van bestuur is dit in de huidige statuten al opgenomen, voor de raad van toezicht wordt dit nu toegevoegd (art 10). - Wijziging in Wet medezeggenschap op scholen: de raad van toezicht moet nu tweemaal per jaar met de GMR overleggen. (art 11) - tweederde meerderheid bij stemming over benoeming, schorsing of ontslag van een lid CvB of RvT (art 12 lid 8) - positie gemeente als extern toezichthouder, verwijzing naar gemeentelijk toezichtkader (art 14) - Ontbinding van de stichting (art. 16) In de statuten is aangegeven dat ontbinding van de stichting een bevoegdheid is van de gemeenteraad. Het is echter gewenst dat deze bevoegdheid in eerste instantie bij de stichting zelf ligt via het CvB, met goedkeuring van de raad van toezicht. Het artikel is gewijzigd door het CvB deze bevoegdheid te geven met benodigde goedkeuring van de RvT en van de gemeenteraad.
De gemeenteraad blijft de mogelijkheid houden om in te grijpen bij ernstige taakverwaarlozing of handelen in strijd met de wet door het bestuur, dit door zelf te voorzien in het bestuur (artikel 14 sub b). - Aanpassing van de Wet medezeggenschap op scholen, waarbij de GMR nu ook adviesrecht heeft op de profielschetsen van bestuurders én toezichthouders. (art 6/9) Dit geldt ook voor advies over het ontslag van een lid CvB.