CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Statutenwijziging Innoord - schone versie.pdf

RAAD 10 juli 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Instemmen met het wijzigen van de statuten van Stichting Openbaar Onderwijs Noord (VN2025-008776)7.331 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

12 alinea's met “reglement”: 93 177 180 222 267 318 337 339 343 355 363 466

VAN DOORNE N.V. SL/FvH/RM/203917329 Concept de dato 13 maart 2025 AKTE VAN STATUTENWIJZIGING STICHTING OPENBAAR ONDERWIJS NOORD NIEUWE NAAM: Stichting Innoord - concept Op [] tweeduizend vijfentwintig, verschijnt voor mij, mr. Saskia Laseur-Eelman, notaris te Amsterdam: medewerker Van Doorne, te dezen handelend als schriftelijk gevolmachtigde. De verschenen persoon verklaart dat: -

het bestuur van de stichting: Stichting Openbaar Onderwijs Noord, statutair gevestigd in gemeente Amsterdam, met adres: 1033 NN, Amsterdam, Klaprozenweg 75H, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer: 51366010 (stichting), op [] tweeduizend vijfentwintig met inachtneming van statutaire voorschriften heeft besloten de statuten van de stichting algeheel te wijzigen, alsmede om de verschenen persoon te machtigen deze akte te doen passeren van welke besluiten blijkt uit een besluit, waarvan een exemplaar aan deze akte zal worden gehecht (Bijlage I);

-

de raad van toezicht van de stichting op [•] tweeduizend vijfentwintig het voormelde besluit tot statutenwijziging heeft goedgekeurd, van welke goedkeuring blijkt uit de notulen van de betreffende vergadering, waarvan een uittreksel aan deze akte zal worden gehecht (Bijlage II);

-

de

Gemeenteraad

op

[•]

tweeduizend

vijfentwintig

het

voormelde

besluit

tot

statutenwijziging heeft goedgekeurd, van welke goedkeuring blijkt uit een besluit van de Gemeenteraad, waarvan een kopie aan deze akte zal worden gehecht (Bijlage III); -

de statuten van de stichting laatstelijk zijn vastgesteld bij akte van statutenwijziging op één november tweeduizend zeventien verleden voor mr. S. van Suijdam, notaris te Amsterdam.

Ter uitvoering van voormelde besluiten verklaart de verschenen persoon, handelend als vermeld, de statuten van de stichting bij deze algeheel te wijzigen en opnieuw vast te stellen als volgt: STATUTEN Begripsbepalingen Artikel 1 1.

In deze statuten wordt verstaan onder: a.

Bevoegd gezag: de stichting als bedoeld in deze statuten;

b.

College van Bestuur: het orgaan dat belast is met het statutaire bestuur en de vertegenwoordiging van de stichting;

c.

Gemeenteraad: de gemeenteraad van de gemeente Amsterdam, welke door de Wet op het primair onderwijs is aangewezen als extern toezichthouder, onverminderd de bevoegdheid van die toezichthouder om onderdelen van dat toezicht over te dragen aan of te laten uitvoeren door al dan niet zelfstandige onderdelen van die gemeente;

d.

(gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad: de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad verbonden aan de stichting;

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

1

e.

Raad van Toezicht: het orgaan dat belast is met de functie intern toezicht als bedoeld in de artikelen 17a, 17b en 17c van de WPO;

f.

school/scholen: de door de stichting in stand gehouden school/scholen voor basisonderwijs of speciaal basisonderwijs als bedoeld in de WPO, of een school of instelling voor (voortgezet) speciaal onderwijs als bedoeld in de WEC, waarbij onder school of instelling steeds wordt verstaan een organisatorische eenheid;

g.

schriftelijk: per post, per e-mail of via enig ander elektronisch communicatiemiddel, waarmee het mogelijk is een bericht te verzenden dat leesbaar en reproduceerbaar is, tenzij uitdrukkelijk anders is vermeld;

h.

sector: de scholen gezamenlijk;

i.

stichting: deze stichting, Stichting Innoord, statutair gevestigd in de gemeente Amsterdam, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder nummer: 51366010;

2.

j.

WEC: Wet op de Expertise Centra;

k.

WPO: Wet op het primair onderwijs.

Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar een begrip of woord in het enkelvoud een verwijzing naar de meervoudsvorm van dit begrip of woord in en omgekeerd.

3.

Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar het mannelijke geslacht een verwijzing naar het vrouwelijke geslacht of een andere gender(identiteit) in en omgekeerd.

Naam en zetel Artikel 1 1.

De stichting draagt de naam: Stichting Innoord.

2.

De stichting heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam.

3.

De stichting gebruikt in het maatschappelijk verkeer de naam: Innoord.

4.

De stichting is opgericht op zesentwintig november tweeduizend tien voor onbepaalde tijd.

Doel Artikel 2 1.

Het doel van de stichting is het geven van openbaar onderwijs aan de scholen die onder haar gezag vallen, met inachtneming van het bepaalde in artikel 46 van de WPO, waarin het karakter van het openbaar onderwijs wordt omschreven.

2.

De stichting tracht dit doel te verwezenlijken door: a.

de instandhouding van één of meer scholen voor openbaar onderwijs;

b.

het doen geven en bevorderen van onderwijs in de zin van de WPO en/of andere

c.

de stichting onderkent de gezamenlijke verantwoordelijkheid van schoolbesturen

onderwijswetgeving die op de stichting van toepassing kan zijn; voor een regionaal dekkend, kwalitatief hoogstaand en zo divers mogelijk onderwijsaanbod. De stichting geeft zich bij het nastreven van haar statutaire doelen rekenschap van die (mede)verantwoordelijkheid, alsmede van haar maatschappelijke verantwoordelijkheid in meer brede zin. Kernbegrippen bij de vormgeving van de openbare identiteit zijn brede toegankelijkheid, kansengelijkheid, burgerschap, pluriformiteit en participatie; d.

en al hetgeen met vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

2

3.

De stichting dient uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen belang en heeft geen winstoogmerk.

Karakter openbaar onderwijs Artikel 3 Het openbaar onderwijs draagt overeenkomstig artikel 46 WPO bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden. De scholen die de stichting in stand houdt, zijn toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing. Geldmiddelen Artikel 4 1.

De stichting hanteert alle wettige middelen die kunnen bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstelling, de verwerving van de daartoe benodigde middelen bij overheden, bedrijven, fondsen, financiële instellingen, loterijen en particulieren inbegrepen.

2.

Erfstellingen worden slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard.

3.

Het vermogen van de stichting dient ter verwezenlijking van het doel van de stichting. Geen natuurlijk persoon noch een rechtspersoon kan over het vermogen van de stichting beschikken als ware het zijn eigen vermogen.

4.

De stichting houdt niet meer vermogen aan dan redelijkerwijs nodig is voor de continuering van de voorziene werkzaamheden ten behoeve van de doelstelling van de stichting, om die reden zal haar vermogen slechts mogen bestaan uit: a.

vermogen dat de stichting als erfdeel, legaat of schenking heeft verkregen. Mits met betrekking tot het desbetreffende geërfde, gelegateerde of geschonken vermogen door de desbetreffende erflater, legataris respectievelijk schenker is bepaald dat deze in stand moet blijven dan wel dat alleen het rendement uit dat vermogen mag worden gebruikt om het doel van de stichting na te streven;

b.

vermogen dat voortkomt uit het doel van de stichting;

c.

vermogen dat nodig is als middel om het doel van de stichting te realiseren; en

d.

het vermogen dat redelijkerwijs nodig is om de continuïteit van de werkzaamheden van de stichting te waarborgen.

Stichtingsorganen Artikel 5 1.

2.

De stichting kent als organen: a.

Het College van Bestuur;

b.

De Raad van Toezicht.

Het College van Bestuur functioneert als stichtingsbestuur. De Raad van Toezicht functioneert als intern toezichthoudend orgaan.

3.

Zowel het College van Bestuur als de Raad van Toezicht kunnen commissies instellen, indien dat in het belang van de stichting noodzakelijk of wenselijk wordt geacht. Nadere regels met betrekking tot het instellen, het takenpakket, werkwijze en de samenstelling van commissies worden vastgelegd in een reglement.

College van Bestuur - Samenstelling, (her)benoeming, schorsing en ontslag, ontstentenis en belet Artikel 6 1.

Het College van Bestuur bestaat uit ten minste één lid. Het aantal leden van het College van Bestuur wordt vastgesteld door de Raad van Toezicht.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

3

2.

Indien het College van Bestuur uit meer dan één persoon bestaat, wordt één van hen door de Raad van Toezicht aangewezen als voorzitter van het College van Bestuur.

3.

De leden van het College van Bestuur worden benoemd door de Raad van Toezicht, na verkregen advies van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. De leden van het College van Bestuur worden benoemd voor de duur van hun arbeidsovereenkomst of voor een andere door de Raad van Toezicht te bepalen periode. De Raad van Toezicht stelt de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden van de leden van het College van Bestuur vast. Hierbij wordt aangesloten bij de in de sector geldende normen. Jaarlijks wordt in de jaarrekening verantwoord welke bedragen zijn toegekend aan (de leden van) het College van Bestuur.

4.

Benoeming vindt plaats aan de hand van een door de Raad van Toezicht, vast te stellen openbare werving- en selectieprocedure en op basis van een vooraf openbaar gemaakte algemene profielschets, alsmede in geval van een meerhoofdig College van Bestuur, een profielschets per zetel. De (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen terzake de profielschets(en).

5.

De Raad van Toezicht stelt nadere regels vast omtrent de procedure voor de werving en selectie van de leden van het College van Bestuur met inachtneming van de relevante wettelijke bepalingen en daaruit voortvloeiende rechten voor de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad.

6.

Tot lid van het College van Bestuur kan niet worden benoemd een persoon die: -

middellijk of onmiddellijk deelneemt aan of betrokken is bij leveringen aan of aannemingen van de stichting of de school;

-

lid is van de Raad van Toezicht van de stichting of die in de voorafgaande vier jaar lid van de Raad van Toezicht is geweest.

7.

Een lid van het College van Bestuur vervult geen nevenfuncties die conflicterend zijn met het doel van de stichting. Voor aanvaarding van een betaalde of onbetaalde nevenfunctie wordt voorafgaand goedkeuring gevraagd aan de Raad van Toezicht. Aan leden van het College van Bestuur worden geen persoonlijke leningen of financiële garanties namens de stichting verstrekt.

8.

De Raad van Toezicht schorst en ontslaat de leden van het College van Bestuur. Een besluit tot ontslag wordt slechts genomen na verkregen advies van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad.

9.

Indien een lid van het College van Bestuur is geschorst, dient de Raad van Toezicht binnen drie maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing.

10.

Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie maanden, ingaande op de dag waarop de Raad van Toezicht het besluit tot verlenging heeft genomen.

11.

Het lid van het College van Bestuur dat is geschorst, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van de Raad van Toezicht te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te laten bijstaan.

12.

Een besluit tot ontslag wordt niet genomen dan nadat het lid van het College van Bestuur over wiens ontslag wordt besloten vooraf de gelegenheid is geboden om te worden gehoord.

13.

Een lid van het College van Bestuur defungeert voorts: a.

door zijn overlijden;

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

4

b.

doordat hij het vrij beheer over zijn vermogen verliest;

c.

door zijn ondercuratelestelling;

d.

door zijn vrijwillig aftreden (bedanken);

e.

door de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst met de stichting;

f.

door het verstrijken van de periode waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn eventuele herbenoeming;

g. 14.

door zijn ontslag door de rechtbank.

Ingeval van ontstentenis of belet van één of meer leden van het College van Bestuur, berust het bestuur tijdelijk bij de overblijvende leden of het overblijvende lid van het College van Bestuur.

15.

Ingeval van ontstentenis of belet van alle leden van het College van Bestuur of het enige lid van het College van Bestuur berust het bestuur tijdelijk bij één of meer door de Raad van Toezicht aan te wijzen personen, onverminderd de verplichting voor de Raad van Toezicht zo spoedig mogelijk in het bestuur te voorzien. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door aftreden of ontslag waarbij geen directe opvolger is benoemd of door overlijden van een lid van het College van Bestuur. Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat een lid van het College van Bestuur tijdelijk onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken, of een lid van het College van Bestuur is geschorst.

College van Bestuur - Taken en bevoegdheden Artikel 7 1.

Het College van Bestuur is belast met het besturen van de stichting. Het College van Bestuur richt zich bij de uitoefening van zijn taken en bevoegdheden naar het belang van de stichting, de door de stichting in stand gehouden scholen en de met haar verbonden organisatie.

2.

Het College van Bestuur draagt er zorg voor dat de Raad van Toezicht tijdig over de informatie beschikt die vereist is voor de uitoefening van het intern toezicht en diens overige taken. Ook voorziet het College van Bestuur in administratieve ondersteuning ten behoeve van de Raad van Toezicht.

3.

Het College van Bestuur benoemt, schorst en ontslaat de personeelsleden van de stichting.

4.

Onverminderd het elders in deze statuten bepaalde behoeft het College van Bestuur voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht voor besluiten strekkende tot: a.

vaststelling of wijziging van de (meerjaren)begroting, de jaarrekening en het jaarverslag, alsmede - voor zover van toepassing - het strategisch koers- en/of meerjarenplan;

b.

vaststelling en wijziging van het kwaliteitszorgsysteem en het daarbij te hanteren

c.

vaststelling en wijziging van de klachtenregeling;

d.

verkrijging, vervreemding en bezwaring van onroerende zaken, aandelen en

kwaliteitskader;

obligaties; e.

aangaan van langlopende geldleningen;

f.

aanvaarding van aan de stichting gemaakte erfstellingen, legaten en schenkingen;

g.

verkrijging, wijziging of beëindiging van deelneming of zeggenschap in een andere

h.

aangaan of verbreken van duurzame samenwerking met derden, voor zover van

i.

doorvoeren van belangrijke wijzigingen in de organisatie van de scholen;

rechtspersoon; ingrijpende betekenis voor de stichting of de scholen;

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

5

j.

wijziging van de arbeidsvoorwaarden of ontslag van een aanzienlijk aantal personeelsleden van de stichting in korte tijd;

k.

fusie of splitsing van de scholen;

l.

vaststelling en wijziging van de reglementen van de stichting, met dien verstande dat

m.

aanvragen van surseance van betaling of faillissement van de stichting.

de Raad van Toezicht bevoegd is zijn eigen reglement vast te stellen; 5.

Het College van Bestuur is slechts met voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen, tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. Op het ontbreken van goedkeuring van de Raad van Toezicht kan jegens derden een beroep worden gedaan.

6.

De Raad van Toezicht is bevoegd ook andere besluiten dan in lid 4 en lid 5 van dit artikel genoemd aan zijn goedkeuring te onderwerpen. Deze andere besluiten dienen duidelijk te worden omschreven en schriftelijk aan het College van Bestuur te worden medegedeeld.

7.

Het

ontbreken

van

goedkeuring

als

bedoeld

in

dit

artikel

tast

de

vertegenwoordigingsbevoegdheid van het College van Bestuur niet aan behoudens het bepaalde in lid 5 van dit artikel. College van Bestuur - Besluitvorming Artikel 8 1.

In geval van een eenhoofdig College van Bestuur draagt deze zorg voor een schriftelijke vastlegging en bekendmaking van door hem genomen besluiten.

2.

Een lid van het College van Bestuur neemt niet deel aan de beraadslaging en de besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de daaraan verbonden organisatie. Het besluit wordt genomen door de overige leden van het College van Bestuur. Indien het enig lid dan wel alle leden van het College van Bestuur een direct of indirect persoonlijk belang heeft/hebben dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de daaraan verbonden organisatie, wordt het besluit genomen door de Raad van Toezicht.

3.

Indien sprake is van een meerhoofdig College van Bestuur, gelden voorts de hierna volgende

4.

De oproeping tot de bestuursvergadering geschiedt schriftelijk aan ieder lid van het College

bepalingen. van Bestuur. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen. De termijn van oproeping bedraagt ten minste vijf dagen, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, indien alle leden van het College van Bestuur daarmee instemmen. 5.

Geldige besluiten kunnen slechts worden genomen indien de meerderheid van de leden van het College van Bestuur ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Een lid van het College van Bestuur kan zich ter vergadering door een schriftelijk gevolmachtigd ander lid van het College van Bestuur doen vertegenwoordigen.

6.

Indien de voorschriften omtrent de oproeping niet in acht zijn genomen, kunnen niettemin geldige besluiten worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle leden van het College van Bestuur aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

6

7.

Vergaderingen van het College van Bestuur zijn openbaar. Het College van Bestuur kan besluiten tot een besloten vergadering indien het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen: a.

het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;

b.

de economische of financiële belangen van de stichting;

c.

het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheden betrokken natuurlijke personen danwel derden.

8.

Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet openbaar

9.

In de vergadering van het College van Bestuur heeft ieder lid van het College van Bestuur

wordt gemaakt, tenzij het College van Bestuur anders beslist. recht op het uitbrengen van één stem. Het College van Bestuur besluit bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. Een eventuele portefeuilleverdeling binnen het College van Bestuur laat de collectieve verantwoordelijkheid van het College van Bestuur onverlet. 10.

Indien de stemmen staken ten aanzien van een voorstel, wordt het voorstel op de agenda geplaatst van een volgende vergadering. Indien de stemmen dan opnieuw staken, komt geen besluit tot stand. In een reglement zal in dat geval worden voorzien in een regeling hoe het College van Bestuur met een dergelijke situatie om dient te gaan.

11.

Het College van Bestuur kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van het College van Bestuur die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan (digitale vergadering). Een lid van het College van Bestuur kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel aan een vergadering van het College van Bestuur deelnemen (hybride vergadering), mits dat lid van het College van Bestuur steeds alle andere leden van het College van Bestuur kan verstaan en door die andere leden van het College van Bestuur wordt verstaan.

12.

Het College van Bestuur kan ook op andere wijze dan in een vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk en unaniem geschiedt en alle leden van het College van Bestuur in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van de leden van het College van Bestuur zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld.

13.

Het College van Bestuur zal met inachtneming van deze statuten, een bestuursreglement opstellen waarin aangelegenheden hen intern betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, alsmede de eventuele onderlinge verdeling van taken, nader worden geregeld.

College van Bestuur – Vertegenwoordiging Artikel 9 1.

De stichting wordt vertegenwoordigd door het College van Bestuur. Indien sprake is van een meerhoofdig College van Bestuur is ieder lid van het College van Bestuur zelfstandig bevoegd de Stichting te vertegenwoordigen.

2.

Krachtens besluit van het College van Bestuur kan aan één of meer leden van het College van Bestuur of andere personen een volmacht worden verleend om de stichting te vertegenwoordigen. De gevolmachtigde vertegenwoordigt de stichting met inachtneming van de grenzen van zijn volmacht.

Raad van Toezicht - Samenstelling en (her)benoeming

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

7

Artikel 10 1.

De Raad van Toezicht bestaat uit een door de Raad van Toezicht te bepalen aantal leden van ten minste vijf en ten hoogste zeven natuurlijke personen. De benoeming van de leden van de Raad van Toezicht vindt plaats op persoonlijke titel. Is het aantal leden minder dan vijf, dan behoudt de Raad van Toezicht zijn bevoegdheden onverminderd de verplichting om onverwijlde maatregelen tot aanvulling van zijn ledental te nemen.

2.

De leden van de Raad van Toezicht worden (her)benoemd door de Gemeenteraad, met inachtneming van het hierna bepaalde.

3.

Bij zeven leden van de Raad van Toezicht worden drie leden benoemd op bindende voordracht van de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt benoemd op bindende voordracht van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. De drie overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd.

4.

Bij zes leden van de Raad van Toezicht worden twee leden benoemd op bindende voordracht van de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt

benoemd

op

bindende

voordracht

van

de

(gemeenschappelijke)

medezeggenschapsraad. De drie overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd. 5.

Bij vijf leden van de Raad van Toezicht worden twee leden benoemd op bindende voordracht van de oudergeledingen van de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad en één lid wordt

benoemd

op

bindende

voordracht

van

de

(gemeenschappelijke)

medezeggenschapsraad. De twee overige leden worden op voordracht van de Raad van Toezicht benoemd. 6.

De (bindende) voordracht van een lid van de Raad van Toezicht geschiedt aan de hand van een door de Raad van Toezicht vast te stellen kenbare selectieprocedure en openbare profielschets, die ter advisering wordt voorgelegd aan de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad. Een voorgedragen lid voor de Raad van Toezicht dient principieel voorstander te zijn van het openbaar onderwijs.

7.

De profielschets bevat de kwaliteiten en deskundigheden, waaraan een lid van de Raad van Toezicht dient te voldoen. Bij het ontstaan van een vacature kan de Raad van Toezicht het profiel desgewenst nader invullen gelet op de in de Raad van Toezicht aanwezige en gewenste deskundigheden en diversiteit in de samenstelling.

8.

De leden van de Raad van Toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaren en zijn - al dan niet aansluitend - eenmaal herbenoembaar. Door de Raad van Toezicht wordt een rooster van aftreden opgesteld. Een lid van de Raad van Toezicht treedt volgens dit rooster, doch uiterlijk vier jaar na zijn benoeming, af. Herbenoeming van een lid van de Raad van Toezicht vindt tevens plaats door de Gemeenteraad.

9.

De Raad van Toezicht benoemt uit zijn midden een voorzitter en een vicevoorzitter en kan eventuele taken onderling verdelen bij reglement.

Raad van Toezicht – Schorsing, ontslag, defungeren, belet en ontstentenis Artikel 11 1.

Een lid van de Raad van Toezicht defungeert: a.

door zijn overlijden;

b.

doordat hij het vrij beheer over zijn vermogen verliest;

c.

door zijn ondercuratelestelling;

d.

door zijn vrijwillig aftreden (bedanken);

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

8

e.

door zijn ontslag verleend door de Gemeenteraad;

f.

door het verstrijken van de termijn waarvoor hij is benoemd, behoudens zijn

g.

door zijn ontslag door de rechtbank.

eventuele herbenoeming; 2.

Een lid van de Raad van Toezicht kan door de Gemeenteraad worden geschorst en ontslagen wegens: a.

ernstige taakverwaarlozing of functioneren in strijd met de wet;

b.

onverenigbaarheid van functies of belangen;

c.

wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan zijn handhaving als lid redelijkerwijs niet kan worden verlangd.

3.

Een lid van de Raad van Toezicht kan voorts worden geschorst door de Raad van Toezicht wegens de in lid 2 genoemde gronden voor een periode van maximaal drie maanden.

4.

Voor het einde van de schorsingsperiode als genoemd in het vorige lid, neemt de Raad van Toezicht een besluit tot verlenging dan wel opheffing van de schorsing. Een schorsing kan éénmaal worden verlengd, voor ten hoogste een periode van drie maanden, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing wordt genomen.

5.

Het betrokken lid van de Raad van Toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich te verantwoorden en kan zich daarbij doen bijstaan door een raadsman. Het besluit tot (voorstel tot) ontslag wordt niet eerder genomen dan nadat het betrokken lid van de Raad van Toezicht in de gelegenheid is gesteld te worden gehoord.

6.

In geval van ontstentenis of belet van één of meer leden van de Raad van Toezicht nemen de overblijvende leden, of neemt het overblijvende lid, de voltallige taken van de Raad van Toezicht waar. Een niet voltallige Raad van Toezicht blijft volledig bevoegd.

7.

In geval van ontstentenis of belet van alle leden van de Raad van Toezicht wordt door de wethouder met de portefeuille onderwijs van de gemeente een persoon aangewezen die tijdelijk met het intern toezicht op de stichting is belast, alsook gehouden is zorg te dragen voor het voordragen van personen tot benoeming als lid van de Raad van Toezicht aan de Gemeenteraad, een en ander tot de Gemeenteraad conform het bepaalde in artikel 10 lid 2 in benoeming van nieuwe leden van de Raad van Toezicht heeft voorzien. Er is sprake van ontstentenis als een vacature ontstaat door aftreden of ontslag waarbij geen directe opvolger is benoemd of door overlijden van een lid van de Raad van Toezicht. Onder belet wordt in deze statuten in ieder geval verstaan de omstandigheid dat een lid van de Raad van Toezicht tijdelijk onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken, of een lid van de Raad van Toezicht is geschorst.

Raad van Toezicht – taken en bevoegdheden Artikel 12 1.

De Raad van Toezicht houdt toezicht op het beleid van het College van Bestuur en op de algemene gang van zaken binnen de stichting alsmede het uitoefenen van die taken en bevoegdheden die in deze statuten aan de Raad van Toezicht zijn opgedragen of toegekend. Hij adviseert naar eigen inzicht het College van Bestuur.

2.

Bij de vervulling van hun taak richten de leden van de Raad van Toezicht zich naar het belang van de stichting en de met haar verbonden organisatie.

3.

De Raad van Toezicht is belast met casu quo bevoegd tot: a.

benoeming, schorsing en ontslag van de leden van het College van Bestuur;

b.

vaststelling van de arbeidsvoorwaarden van de leden van het College van Bestuur;

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

9

c.

aanwijzing en benoeming - na overleg met het College van Bestuur - van de accountant als bedoeld in artikel 2:393, eerste lid, Burgerlijk Wetboek;

d.

het jaarlijks afleggen van verantwoording over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden in het jaarverslag;

e.

vaststelling en wijziging van een reglement Raad van Toezicht waarin de wijze van besluitvorming van de Raad van Toezicht is geregeld;

f.

vertegenwoordiging van de stichting in geval van belangenverstrengeling bij het College van Bestuur.

4.

Het toezicht omvat, buiten de in artikel 7 opgenomen goedkeuringsrechten, in ieder geval: a.

toezien op de naleving van de wettelijke bepalingen, de regels met betrekking tot governance daaronder begrepen;

b.

toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige en rechtmatige bestemming en aanwending van de middelen van de stichting en de school;

c.

bewaken van het normatieve kader waarbinnen de stichting en de school opereren, met bijzondere aandacht voor de doelstelling en de continuïteit;

d.

toezien op de kwaliteit van het onderwijs, alsmede het karakter van het openbaar onderwijs;

e.

periodieke beoordeling en evaluatie van het (onderlinge) functioneren van het College van Bestuur en de Raad van Toezicht.

5.

De Raad van Toezicht is vrij in de wijze waarop hij zich laat informeren over de stichting, met dien verstande dat hij ten minste tweemaal per jaar met de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad overleg voert.

6.

De Raad van Toezicht legt in het bestuursverslag verantwoording af van de (neven)werkzaamheden van zijn leden, alsook van het door de Raad uitgeoefende toezicht op de stichting en de scholen.

7.

De Raad van Toezicht regelt zijn werkzaamheden en al wat zijn functioneren betreft in een door de Raad van Toezicht vast te stellen reglement Raad van Toezicht zoals bedoeld in lid 3 sub e van dit artikel.

8.

De Raad van Toezicht kan desgewenst een auditcommissie en/of andere commissies instellen. De Raad van Toezicht regelt de samenstelling van deze commissie(s) in een reglement.

Raad van Toezicht – Besluitvorming en werkwijze Artikel 13 1.

De Raad van Toezicht vergadert ten minste vijf maal per jaar en voorts zo dikwijls als nodig is voor de juiste uitoefening van zijn taak. Vergaderingen worden voorts gehouden indien de voorzitter dan wel twee andere leden van de Raad van Toezicht dit wenselijk achten, of indien het College van Bestuur een met redenen omkleed verzoek daartoe aan de voorzitter richt.

2.

De vergadering van de Raad van Toezicht zijn in beginsel niet openbaar tenzij de wet hiertoe verplicht. De Raad van Toezicht kan alsdan besluiten tot een besloten vergadering op grond van het bepaalde in artikel 8 lid 7 onder a., b. of c. Belanghebbenden kunnen uiterlijk zeven dagen voor aanvang van een vergadering van de Raad van Toezicht een aanvraag doen de vergadering bij te wonen. De procedure omtrent de behandeling van deze aanvragen en de het al dan niet openbaar zijn van bepaalde agendapunten kan nader worden uitgewerkt in een reglement.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

10

3.

De vergaderingen worden geleid door de voorzitter en bij afwezigheid door de vicevoorzitter dan wel een ander daartoe aangewezen lid van de Raad van Toezicht. Van de vergadering worden notulen gemaakt, die in de eerstvolgende vergadering worden vastgesteld.

4.

De oproeping geschiedt schriftelijk door of namens de voorzitter, ten minste zeven dagen vóór de vergadering zal worden gehouden en met opgave van de onderwerpen die ter vergadering in behandeling zullen komen. In spoedeisende gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan de termijn van oproeping worden beperkt tot ten minste vierentwintig uur. Over niet in de oproeping vermelde onderwerpen kunnen geen besluiten genomen worden, tenzij de voltallige Raad van Toezicht aanwezig is en het besluit met algemene stemmen wordt genomen.

5.

De Raad van Toezicht kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel vergaderen, mits alle leden van de Raad van Toezicht die aan zodanige vergadering deelnemen elkaar kunnen verstaan (digitale vergadering). Een lid van de Raad van Toezicht kan telefonisch, per videoconference of door middel van een ander communicatiemiddel aan een vergadering van de Raad van Toezicht deelnemen (hybride vergadering), mits dat lid van de Raad van Toezicht steeds alle andere leden van de Raad van Toezicht kan verstaan en door die andere leden van de Raad van Toezicht wordt verstaan.

6.

De Raad van Toezicht kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle leden in de gelegenheid worden gesteld hun stem uit te brengen en geen van hen zich tegen deze wijze van besluitvorming verzet. Van elk buiten vergadering genomen besluit wordt mededeling gedaan in de eerstvolgende vergadering, welke mededeling in de notulen van die vergadering wordt vermeld.

7.

Ieder fungerend lid van de Raad van Toezicht heeft recht tot het uitbrengen van één stem. Indien de stemmen staken, wordt het voorstel geplaatst op de agenda van een volgende vergadering van de Raad van Toezicht. Indien in die tweede vergadering de stemmen opnieuw staken ten aanzien van het voorstel, komt geen besluit tot stand. In een reglement zal in dat geval worden voorzien in een regeling hoe de Raad van Toezicht met een dergelijke situatie om dient te gaan.

8.

Alle besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte geldige stemmen, in een vergadering waarin meer dan de helft van het aantal leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd is, tenzij de statuten anders bepalen.

9.

Een stemming over benoeming, schorsing of ontslag van een lid van het College van Bestuur of van de Raad van Toezicht vindt plaats met meerderheid van ten minste twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering of overleg waar alle fungerende leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

10.

Een lid van de Raad van Toezicht neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang bedoeld in artikel 12 lid 2. Het besluit wordt alsdan genomen door de overige leden van de Raad van Toezicht. De aanwezigheid van het betreffende lid tel niet mee voor het bepalen van het quorum. Indien alle leden van de Raad van Toezicht een direct of indirect persoonlijk belang hebben dat tegenstrijdig is met het belang van de stichting en de daaraan verbonden organisatie, wordt het besluit door de Raad van Toezicht genomen onder schriftelijke vastlegging van de overwegingen die aan het besluit ten grondslag liggen.

10.

De Raad van Toezicht evalueert jaarlijks zijn functioneren als zodanig. De wijze waarop deze evaluatie plaatsvindt wordt nader geregeld in het reglement van de Raad van Toezicht.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

11

11.

Leden van de Raad van Toezicht vervullen geen (neven)functies die conflicterend zijn met het doel van de stichting. Een lid van de Raad van Toezicht meldt de aanvaarding van een betaalde of onbetaalde (neven)functie. In het bestuursverslag worden alle hoofd- en (neven)functies van de leden van de raad van toezicht vermeld. Aan leden van de raad van toezicht worden geen persoonlijke leningen of financiële garanties namens de stichting verstrekt.

12.

Tenzij de Raad van Toezicht anders besluit, woont het College van Bestuur de vergaderingen van de Raad van Toezicht bij. Het College van Bestuur heeft in die vergaderingen een adviserende stem.

Vergoedingen Raad van Toezicht Artikel 14 1.

De leden van de Raad van Toezicht hebben recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten (onkostenvergoeding).

2.

De

Raad

van

Toezicht

kan

besluiten

dat

zijn

leden

tevens

een

vergoeding

(vacatiegelden/honorering) ter zake hun werkzaamheden voor de stichting ontvangen. De Raad van Toezicht stelt de hoogte van die vergoeding vast, rekening houdend met de grootte en complexiteit van de stichting en de scholen en de ter zake voor de onderwijssector geldende regelgeving en richtlijnen. 3.

In het bestuursverslag van de stichting legt de Raad van Toezicht verantwoording af van de door hem aan zijn leden toegekende vergoedingen (vacatiegelden/honorering).

Extern toezicht openbaar onderwijs Artikel 15 In aanvulling op de taken en bevoegdheden van de Raad van Toezicht en de taken en bevoegdheden van de Inspectie van het Onderwijs zoals volgt uit de Wet op het onderwijstoezicht, geldt gelet op het openbaar karakter van het onderwijs voorts het navolgende: a.

de Gemeenteraad kan zich vanuit haar wettelijke taak en verantwoordelijkheden voor het openbaar onderwijs wenden tot het College van Bestuur en de Raad van Toezicht van de stichting. De Gemeenteraad ziet daarbij toe vanuit haar wettelijke verantwoordelijkheid voor het openbaar onderwijs, zij heeft daartoe een Gemeentelijk Toezichtkader op het Openbaar Primair Onderwijs in Amsterdam vastgesteld waar het College van Bestuur en de Raad van Toezicht uitvoering aan verleent;

b.

de Gemeenteraad is bevoegd in geval van ernstige taakverwaarlozing door het College van Bestuur of het functioneren van het College van Bestuur in strijd met de WPO, maatregelen te nemen die zij nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen en heeft het recht om - indien en voor zover dat noodzakelijk is - zelf te voorzien in het bestuur van de scholen en zo nodig de stichting te ontbinden.

Boekjaar en jaarstukken Artikel 16 1.

Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.

2.

Het College van Bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de stichting en van al hetgeen verder de financiën van de stichting betreft op zodanige wijze boek te houden dat daaruit te allen tijde de rechten en plichten van de stichting kunnen worden gekend.

3.

Uiterlijk vóór 1 juli van ieder kalenderjaar legt het College van Bestuur aan de Raad van Toezicht rekening en verantwoording af over het verstreken boekjaar, aan de hand van een door het College van Bestuur vastgestelde jaarrekening en bestuursverslag (tezamen: jaarverslag).

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

12

4.

De jaarrekening wordt ingericht overeenkomstig de wettelijke bepalingen en de richtlijnen van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

5.

Verder wordt de jaarrekening gecontroleerd door de accountant die door de Raad van Toezicht is benoemd. Deze accountant brengt over zijn onderzoek verslag uit aan de Raad van Toezicht en geeft de uitslag van zijn onderzoek weer in een verklaring over de getrouwheid van de in het vorige leden bedoelde stukken. Hij brengt zijn verslag ter kennis van het College van Bestuur.

6.

De Raad van Toezicht is bevoegd in een apart besluit de leden van het College van Bestuur

7.

Het College van Bestuur is verplicht de in de voorgaande leden bedoelde boeken, bescheiden

8.

De jaarrekening en de begroting worden jaarlijks ter kennisgeving aan de Gemeenteraad

décharge te verlenen voor hun bestuur, nadat de jaarrekening door hen is goedgekeurd. en andere gegevensdragers gedurende ten minste de wettelijke termijn te bewaren. toegezonden. Statutenwijziging Artikel 17 1.

Het College van Bestuur is met voorafgaande goedkeuring van de Raad van Toezicht en de Gemeenteraad bevoegd de statuten te wijzigen.

2.

Het besluit van de Raad van Toezicht tot het verlenen van goedkeuring behoeft een meerderheid van ten minste twee derde van de uitgebrachte stemmen in een vergadering, waarin alle leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Indien niet alle leden van de Raad van Toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal binnen veertien dagen na het houden van de eerste vergadering een tweede vergadering worden bijeengeroepen waarin alsdan, mits meer dan de helft van het aantal leden van de Raad van Toezicht aanwezig is, met ten minste volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, een goedkeuringsbesluit tot statutenwijziging kan worden genomen.

3.

Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.

4.

Ieder lid van het College van Bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden. Het College van Bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.

5.

Het hiervoor in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het besluit tot juridische fusie en het besluit tot juridische splitsing.

Ontbinding en vereffening Artikel 18 1.

De Gemeenteraad is bevoegd tot ontbinding van de stichting in geval van ernstige

2.

In alle overige gevallen is het College van Bestuur, met voorafgaande goedkeuring van de

3.

De liquidatie geschiedt door het College van Bestuur onder toezicht van de Raad van

4.

De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar

taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet. Raad van Toezicht en de Gemeenteraad, bevoegd de stichting te ontbinden. Toezicht. vermogen nodig is. Aan haar naam wordt toegevoegd ‘in liquidatie’. 5.

Indien als gevolg van een bestuursbesluit de stichting is ontbonden, treden als vereffenaars van het vermogen van de ontbonden stichting het lid/de leden van het College van Bestuur op. Op deze vereffenaars zijn de bepalingen van de wet en deze statuten omtrent de benoeming, de schorsing en het ontslag van het College van Bestuur van toepassing.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

13

6.

Een vereffenaar heeft dezelfde bevoegdheden, plichten en aansprakelijkheid als een lid van het College van Bestuur.

7.

Een eventueel batig saldo wordt uitsluitend uitgekeerd aan een door het College van Bestuur, na goedkeuring van de Raad van Toezicht, aan te wijzen fiscaal erkende algemeen nut beogende instelling en waarvan het doel zoveel mogelijk met dat van de stichting overeenkomt.

8.

Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaar berusten bij de persoon, door de vereffenaars daartoe benoemd.

Vrijwaring Artikel 19 1.

Voor zover uit de wet niet anders voortvloeit, worden aan leden van het College van Bestuur en aan voormalige leden van het College van Bestuur vergoed: a.

de redelijke kosten van het voeren van verdediging tegen aanspraken wegens een handelen of nalaten in de uitoefening van hun functie of van een andere functie als bestuurder of commissaris die zij op schriftelijk verzoek van de stichting vervullen of hebben vervuld;

b.

eventuele schadevergoedingen of boetes die zij verschuldigd zijn wegens een

c.

eventuele schikkingen die zij met voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de

hierboven onder a. vermeld handelen of nalaten; en stichting treffen in verband met een hierboven als onder a. vermeld handelen of nalaten. 2.

De stichting zal een lid van het College van Bestuur en voormalige leden van het College van Bestuur in aanvulling op het hiervoor bepaalde ook de over enig aan een derde te vergoeden bedrag verschuldigde wettelijke rente, vergoeden, de proceskosten welke een (voormalig) lid van het College van Bestuur is gehouden te voldoen, alsmede door autoriteiten opgelegde boetes, voor zover vergoeding daarvan rechtens is toegestaan, en de met het verweer daartegen verbonden rechtsbijstandkosten, mits deze kosten in redelijkheid zijn gemaakt en in redelijke verhouding staan tot het belang van de procedure.

3.

De stichting zal een lid van het College van Bestuur schadeloos stellen voor de redelijke en noodzakelijke kosten die verbonden zijn aan het instrueren van een externe public relations deskundige om schade aan de reputatie van het lid van het College van Bestuur door een procedure, onderzoek of aansprakelijkstelling als gedekt door deze bepaling te verminderen.

4.

Deze vrijwaring komt, voor zover nodig, ook ten goede van erfgenamen of legatarissen

5.

Mocht de stichting een (voormalig) lid van het College van Bestuur aansprakelijk stellen ter

van een lid van het College van Bestuur en voormalige leden van het College van Bestuur. zake van schade die de stichting lijdt als gevolg van enig handelen of nalaten van het betreffende lid van het College van Bestuur, dan vergoedt de stichting eveneens de redelijke kosten van het voeren van verdediging van het betreffende lid van het College van Bestuur. Na een in kracht van gewijsde gegane uitspraak inhoudende de aansprakelijkheid van de betrokkene jegens de stichting, is de betrokkene gehouden tot terugbetaling van het aldus door de stichting vergoede bedrag. Alvorens de stichting tot betaling overgaat kan de stichting zekerheid eisen voor het geval de betrokkene gehouden blijkt tot terugbetaling. 6.

Een betrokkene heeft geen aanspraak op de vergoeding als hiervoor in dit artikel bedoeld indien en voor zover (i) door de Nederlandse rechter bij gewijsde is vastgesteld dat het handelen of nalaten van de betrokkene kan worden gekenschetst als opzettelijk, bewust roekeloos of ernstig verwijtbaar, tenzij uit de wet anders voortvloeit of zulks in de

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

14

gegeven

omstandigheden

naar

maatstaven

van

redelijkheid

en

billijkheid

onaanvaardbaar zou zijn, of (ii) de kosten of het vermogensverlies van de betrokkene is gedekt door een verzekering en de verzekeraar deze kosten of dit vermogensverlies heeft uitbetaald. De stichting kan ten behoeve van de betrokkenen verzekeringen tegen aansprakelijkheid afsluiten. 7.

Ook de (voormalige) leden van de Raad van Toezicht van de stichting kunnen aanspraak maken op de vrijwaring als voorzien in dit artikel onder overeenkomstige toepassing van de hierin genoemde reikwijdte en voorwaarden.

Onvoorzien Artikel 20 In alle gevallen waarin de statuten of enig reglement niet voorzien besluit het College van Bestuur, gehoord hebbende de Raad van Toezicht. Slot akte De verschenen persoon is mij, notaris, bekend. Deze akte wordt verleden te Amsterdam op de datum vermeld in de aanhef van deze akte. De inhoud van deze akte wordt door mij, notaris, zakelijk aan de verschenen persoon meegedeeld en toegelicht, waarbij ik, notaris, de verschenen persoon wijs op de gevolgen die uit de inhoud van de akte voortvloeien. De verschenen persoon verklaart ten slotte tijdig van de inhoud van deze akte kennis te hebben genomen en met die inhoud en de beperkte voorlezing van de akte in te stemmen. Onmiddellijk na voorlezing van ten minste die gedeelten van de akte waarvan de wet voorlezing voorschrijft, wordt de akte door de verschenen persoon en mij, notaris, ondertekend.

CONCEPT Akte statutenwijziging Stichting Innoord 13.3.2025 (schoon).docx

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15784680/1