CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Roosterregeling Stadsbeheer.pdf

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 23 januari 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de raadsinformatiebrief over de evaluatie van de implementatie roosterregeling bij cluster Stadsbeheer (VN2024-018494)1.865 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Roosterregeling Cluster Stadsbeheer

Versie 02V00 Behandelend ambtenaar Sjoukje Alta

1

1.

Roosterregeling Cluster Stadsbeheer

De roosterregeling voor het Cluster Stadsbeheer is een uitwerking van het “Kader voor de roosters” van de gemeente Amsterdam. Dit kader voor roosters is vastgesteld door het college van Burgemeester en Wethouders op 8 januari 2019. In dit kader is omschreven dat er een uitwerking per cluster moet komen en wat er in zo’n uitwerking moet worden opgenomen. De Roosterregeling Cluster Stadsbeheer is van toepassing op alle medewerkers van Cluster Stadsbeheer die vallen onder de bijzondere regeling voor werktijden. Vanaf het moment dat nieuwe onderdelen aan het cluster worden toegevoegd vallen ook die medewerkers onder de roosterregeling Cluster Stadsbeheer. Naast het kader voor roosters zijn vanzelfsprekend de arbeidstijdenwet (ATW) en het PGA van toepassing. Met name de volgende onderdelen uit de PGA zijn belangrijk: paragraaf 5.2. Werktijden, artikel 5.1.1. Arbeidsduur Amsterdam, artikel 5.1.2. Opbouw Spaaruren en artikel 5.5. Bijzondere regeling voor de werktijden. De bijzondere regeling geldt voor de werknemer waarvan de werkgever de werktijden vaststelt. Het gaat in deze situatie in elk geval om ambtenaren die geacht worden op door hun leidinggevende vastgestelde tijden hun werk te verrichten. Tevens is van belang het PGA hoofdstuk 3 Salaris, salaristoelagen en vergoedingen met artikel 3.11 toelage onregelmatige dienst.

Deze roosterregeling is geldig vanaf het moment van vaststelling en heeft geen einddatum. Er zal 2 jaar na de ingangsdatum van deze roosterregeling door de clusterdirecteur een opdracht uitgezet worden voor een evaluatie die gericht is op de roosterregeling. 2. Onderdelen van de Roosterregeling In het kader voor roosters van de gemeente Amsterdam is aangegeven dat voor ieder cluster een roosterregeling gemaakt moet worden waarin aandacht wordt besteed aan de volgende onderwerpen: 1) 2) 3) 4) 5) 6)

De exacte begin- en eindtijden van een roosterdienst (lees dienst) Het aantal roosterdiensten (lees diensten) De duur van de roosters (lees planningen) De duur van de pauzes en de wettelijke faciliteiten daarvoor De wijze waarop roosteraars (lees planners) tot invulling van roosters (lees de planning) komen Hoe aan het werken op feestdagen invulling wordt gegeven, rekening houdend met de genoemde criteria in artikel 2.6.2 van het kader voor roosters 7) Persoonlijke verzorging 8) De omgang met vastgelegde individuele afspraken met medewerkers 9) Spaaruren (volgt niet uit het kader, desondanks opgenomen in de regeling) 3. Uitleg gebruikte termen in de roosterregeling Cluster Stadsbeheer In het Kader voor roosters wordt gesproken over roosters, roosterregelingen en roosterdiensten. In de roosterregeling voor het Cluster Stadsbeheer wordt hier het volgende onder verstaan: • Roosterregeling: regeling waarin is vastgelegd hoe de inzet van medewerkers wordt gepland binnen het cluster conform de geldende wet- en regelgeving en het vastgestelde kader voor roosters. • Roosterdienst: dienst. • Rooster: de planning van een reeks van diensten. • Roosteraars: planners, trafficers.

2

3.1. De exacte begin- en eindtijden van een roosterdienst (lees dienst) De opgave in de stad kan variëren, zowel in omvang, soort opgave, als tijdstip. Zo kan het zijn dat het niet voor iedere opgave nodig is om daarvoor 24-7 inzet te organiseren. Daarnaast kan de opgave seizoensgebonden werkzaamheden bevatten en kan de opgave gedurende het jaar in omvang variëren. De roosterregeling voor het Cluster Stadsbeheer gaat uit van een drietal basisdiensten van 8 uur netto: • • •

07.00 – 15.30 uur (ochtenddienst) 15.00 – 23.30 uur (middagdienst) 23.00 – 07.30 uur (nachtdienst)

De redenen dat er gekozen is voor deze basisdiensten zijn: • • •

De mogelijkheid om aan het begin van de dienst vanuit in een keten onderlinge werkzaamheden te kunnen afstemmen De mogelijkheid om teams van verschillende afdelingen en directies in een keten tegelijk te kunnen inzetten De mogelijkheid om goede overdracht van diensten zorg te dragen (briefing)

Daarnaast zijn er, vanuit een efficiënte aanpak van de opgave, een beperkt aantal aanvullende diensten: • • • • • • • •

6.00 - 14.30 uur ten behoeve van specifieke situaties zoals het wegslepen van voertuigen voorafgaand aan de opbouw van markten, winkelgebieden etc. 7.30 - 16.00 uur ten behoeve van met name SW/Groen, Flora & Fauna, SW/Infra & Service en SW/Civiele Constructies 09.00 – 17.30 uur met name van toepassing bij THOR ten behoeve van zater- en zondagen, met name omdat de activiteiten van bewoners, ondernemers en bezoekers later op de dag starten. 10.30-19.00 uur: met name bij SW/Markten ten behoeve van het beheer van de markten. 14.00 – 22.30 met name van toepassing bij THOR ten behoeve van handhaving op het water 16.30 – 1.00 uur met name van toepassing bij THOR ten behoeve van handhaving op het water in de zomer 19.00 – 3.30 uur met name bij THOR ten behoeve van bijvoorbeeld evenementen of uitgaanslocaties waar de opgave vraagt om continuïteit Een half uur voorafgaand aan de eerste dienst en na afloop van de laatste dienst wordt ondersteuning ingepland zoals onder andere medewerkers werf- en wagenparkbeheer, planners en teamleiders.

Binnen het cluster Stadsbeheer worden geen gebroken diensten ingepland. Na een reeks van 3 of meer nachtdiensten wordt na 48 uur rusttijd geen ochtenddienst maar een middagdienst ingepland. In de praktijk wil dit zeggen dat er na een serie van nachtdiensten 55,5 uur rusttijd is. Hiermee wordt voldaan aan de ATW waarin een minimale rusttijd van 46 uur wordt voorgeschreven. Vanwege de aard van de werkzaamheden is er bij het cluster Stadsbeheer voor gekozen om de rusttijd verder uit te breiden naar 55,5 uur. Tenzij voortvloeiend uit de aard van het werk of wanneer een medewerker structureel op zondag heeft gewerkt, wordt op basis van *ATW artikel 5.6.2. aan iedere individuele medewerker vooraf gevraagd of hij/zij instemt met werken op zondag. Tenzij hij/zij structureel op zondag werkt, heeft gewerkt of eerder hiermee heeft ingestemd.

3

*ATW, artikel 5.6.2.: ‘De werknemer verricht […] uitsluitend arbeid op zondag, indien hij daarmee voor dat geval instemt’

3.2. Het aantal roosterdiensten (lees diensten) Bij het Cluster Stadsbeheer zal gewerkt worden met een dienstreeks van maximaal 5 diensten. Het aantal diensten per week, van 8,5 uur bruto en dus 8 uur netto per dienst, kan variëren op basis van het aantal aanstellingsuren. Als het in incidentele gevallen toch noodzakelijk is een langere reeks dan van 5 diensten te plannen, zal daar een gemotiveerd verzoek voor worden ingediend bij de (cluster)directeur, onder de voorwaarde dat de betrokken medewerker(s) individueel hun toestemming verlenen. 3.3. De duur van de roosters Op basis van deze roosterregeling, die voldoet aan de geldende wet- en regelgeving, wordt de planning met behulp van de genoemde diensten gemaakt. De planning van diensten wordt minimaal gemaakt voor een periode van vier weken. Afhankelijk van de opgave is het mogelijk dat voor de planning van de diensten gewerkt wordt met een veelvoud van vier weken (dus minimaal 1 x per vier weken en maximaal 1 keer per 52 weken). 3.4. De duur van de pauzes en de wettelijke faciliteiten daarvoor Volgens geldende wet- en regelgeving is er bij een 8-urige werkdag sprake van een pauze van 30 minuten (er wordt in totaal een dienst van 8,5 uur ingepland). Pauzes kunnen op werven of op andere locaties genomen worden. Liefst dicht bij het werk, om zoveel mogelijk rijbewegingen te voorkomen.

Allereerst bij overheids- of semi-overheidsgebouwen, zoals in stadsdeelkantoren, buurthuizen en politiebureaus, mits deze voldoen aan de Arbowet. Niet-overheidslocaties zijn alleen te gebruiken als pauzelocatie na een door het management gemaakte afspraak. Locaties moeten schoon zijn, goed toegankelijk zijn, het moet mogelijk zijn de voertuigen te parkeren, er moeten voorzieningen zijn om de handen te wassen en er moeten toiletvoorzieningen aanwezig zijn. 3.5. De wijze waarop roosteraars (lees planners) tot invulling van roosters (lees de planning) komen Het opstellen van de planningen wordt digitaal ondersteund door een plantoepassing. In deze toepassing worden alle wettelijke en gemeentelijke regels ten aanzien van werktijden, rusttijden etc. opgenomen. Hierdoor is direct zichtbaar wanneer er niet voldaan wordt aan wet- en regelgeving. Uitgangspunten bij het opstellen van de planning: • De opgave is leidend bij het plannen van de inzet. • De te werken uren kunnen verschillen per periode (de ATW en PGA geven daar kaders voor). • Het betreffende team is verantwoordelijk voor een goede verdeling van de diensten (vanuit de gedachte dat een team gezamenlijk verantwoordelijk is voor de opgave), mocht men er samen niet uitkomen, dan neemt de manager een besluit (binnen de kaders van de ATW en PGA).

• In het kader van duurzame inzetbaarheid worden, in eerste instantie, gelijke diensten (dus meerdere ochtend, middag of nachtdiensten) voorwaarts roterend achter elkaar gepland. Mocht dat planning technisch niet mogelijk zijn dat is het mogelijk dat er een combi van diensten wordt opgesteld, waarbij dan een voorwaarts roterende dienstreeks zal ontstaan; dus eerst middagdienst en dan nachtdienst, maar niet in een dienstreeks eerst avonddienst en dan ochtenddienst)

4

• •

De medewerker en leidinggevende houden zicht op het voldoende opnemen van verlof en eventuele spaaruren. Individuele afspraken worden schriftelijk vastgelegd.

3.6. Hoe aan het werken op feestdagen invulling wordt gegeven, rekening houden met de genoemde criteria in artikel 2.6.2 van het kader voor roosters • •

•

Diensten op feestdagen worden wanneer de opgave dat vraagt ingepland waarbij de Toelage onregelmatige dienst (TOD), conform artikel 3.11 PGA van toepassing is. Op basis van gestelde prioriteiten wordt de gewenste capaciteit op feestdagen bepaald. Medewerkers kunnen in eerste instantie onderling (bij gelijke capaciteiten en bevoegdheden) afspreken wie welke diensten wil draaien. Als zij er onderling niet uitkomen, zal de manager een beslissing nemen (aanwijzen). Medewerkers worden niet vaker dan om het jaar verplicht te werken op alle in artikel 6.6. van de PGA genoemde feestdagen aangevuld met eerste paasdag, eerste pinksterdag, Ketikoti en het Suikerfeest. o Medewerkers kunnen bij indiensttreding hun voorkeur aangeven voor even of oneven jaren (deze wens wordt “in principe” gehonoreerd, tenzij hierdoor de bestaande verdeling (50% even jaren en 50% oneven jaren uit balans komt (marge is 2%) in dat geval wordt de wens gehonoreerd zodra de verdeling daar weer ruimte voor geeft. o Medewerkers kunnen onderling ruilen van jaar. o Het is mogelijk om op basis van vrijwilligheid en binnen de kaders van het PGA op deze dagen te werken. Wanneer de medewerker het ene jaar vrijwillig werkt op de twee genoemde feestdagen blijft desondanks de verplichting om te werken op die dagen het volgende jaar van kracht.

3.7. Persoonlijke verzorging In artikel 2.4 van het kader voor roosters is omschreven hoe omgegaan wordt met persoonlijke verzorging. In de roosterregeling voor het Cluster Stadsbeheer wordt hier niet van afgeweken. Voor specifieke taken zoals kraakpers of reiniging van containers kan hiervan in overleg met het management worden afgeweken. Net als in geval van In incidentele situaties waarin een medewerker tijdens de uitvoering van zijn/haar werkzaamheden incidenteel vervuild wordt (bijvoorbeeld bij bespugen, calamiteiten). 3.8. Bestaande individuele afspraken Vastgelegde individuele afspraken met medewerkers over hun inzet blijven met invoering van deze roosterregeling van kracht, mits deze afspraken conform de ATW en PGA zijn opgesteld en schriftelijk zijn vastgelegd. Wanneer de reden van de afspraak vervallen is, vervalt de afspraak. 3.9. Spaaruren De mogelijkheid om spaaruren op te bouwen en op te nemen is vastgelegd in artikel 5.1.2 PGA.

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14977716/1