Bijlage 1 RIB afdoening motie 310.pdf
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Afdoening motie
Aan: Datum Portefeuille(s) Portefeuillehouder(s): Behandeld door Onderwerp
De leden van de gemeenteraad van Amsterdam 12 maart 2026 Personeel en Organisatie Hester van Buren Directie Personeel en Organisatie (bestuurszaken.peno@amsterdam.nl) Afdoening motie 310 van het lid Namane (PvdA) inzake Drie Andreaskruisen voor structureel werk
Geachte leden van de gemeenteraad, In de vergadering van de gemeenteraad van 10 juli jl. heeft uw raad bij de behandeling van de raadsbrief over de algemene overwegingen om zaken in- of uit de besteden, motie 310 van het raadslid Namane (PvdA) aangenomen. Hierin wordt het college gevraagd om: Te zorgen dat de gemeenteraad een geïnformeerde keuze kan maken, om waar mogelijk structurele arbeidsplaatsen te creëren en externe inhuur tegen te gaan, door het volgende inzichtelijk te maken en aan de raad voor te leggen: 1. Best practices bij andere steden op dit onderwerp; en 2. De effecten van het creëren van een structurele arbeidsplaats binnen de gemeentelijke organisatie wanneer sprake is van: a. Werkzaamheden die vergelijkbaar zijn met taken die al door gemeentelijke ambtenaren worden uitgevoerd; b. Werk dat structureel van aard is, waarbij als richtlijn geldt dat het twee jaar in vergelijkbare vorm plaatsvindt; en c. Werk dat momenteel wordt verricht door externen (zoals als diensten ingekocht via externe bedrijven of via uitzendconstructies); Het college geeft als volgt uitvoering aan de motie: Uitgangspunt: in beginsel zoveel mogelijk werk verrichten met eigen medewerkers Het college steunt de proactieve rol van de indieners van de motie om externe inzet terug te dringen en het werkgeverschap voor uitzendkrachten te verbeteren.
Dit begint voor het college bij de eigen organisatie. Het is essentieel dat vast werk met een vast contract beloond wordt. De praktijk is echter weerbarstig. Door de krapte op de arbeidsmarkt en verschillende belemmerende factoren in de organisatie, is de bemensing van het werk met eigen medewerkers niet vanzelfsprekend. Hoe zeer het college het ook wil, het is in de praktijk lang niet altijd mogelijk om werk in te vullen met eigen medewerkers. Dit betekent dat externe inzet ook de komende jaren nodig zal blijven. Uit een rondgang bij G4 gemeenten wordt dit beeld en de dynamiek ook bevestigd door de andere grote steden. Het percentage externe inzet is de afgelopen jaren gedaald van 21,4% in 2019 naar 15,1% in 2024. De omvang van externe inzet in Amsterdam is vergelijkbaar met de inhuur in andere (grote) steden. De
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 maart 2026 Pagina 2 van 4
vergelijking is echter niet altijd eenvoudig te maken door andere keuzes over bijvoorbeeld in- of uitbesteden van werk. Deze afweging omvat veelal een politiek-bestuurlijke keuze en verschilt per uit te voeren taken en werkzaamheden. De keuze om zaken in te besteden kan weliswaar leiden tot een vermindering van externe inzet, maar kan tegelijkertijd leiden tot een stijging van de interne apparaatskosten. In Amsterdam is er bewust voor gekozen om de schoonmaakdiensten, GGD en afvalinzameling in te besteden terwijl andere steden dit op afstand hebben georganiseerd. Voor de inzet van beveiligers spelen andere overwegingen en hanteert de gemeente een hybride model. Uw raad is hier medio 2025 over geïnformeerd. 1 Een deel van de beveiligers is in vaste dienst en een deel wordt via een externe dienstverlener ingezet. In 2022 is een verkenning uitgevoerd naar de mogelijkheid en wenselijkheid van verdere inbesteding. Uit deze inventarisatie is onder meer gebleken dat dit aanzienlijke kosten met zich meebrengt, denk hierbij ook aan extra kosten door een grotere overhead. Er is voor gekozen om het bestaande hybride model voort te zetten. In deze constructie werkt de beveiligingsorganisatie met zowel medewerkers die zij in dienst heeft als met medewerkers die zij inzetten via een uitzendorganisatie.
De gemeente is geen partij in deze arbeidsverhouding omdat zij een dienst inhuurt en geen medewerkers. Daarom vallen de beveiligers die worden ingezet buiten de regeling van de 2-jaarstermijn voor uitzendkrachten. Best practice: de 2-jaarstermijn voor uitzendkrachten De gemeente Amsterdam hanteert als enige gemeente in Nederland de 2-jaarstermijn voor uitzendkrachten, en heeft hiermee in feite een best practice. Hiermee wordt langdurige inzet van uitzendkrachten tegengegaan en levert deze maatregel een belangrijke bijdrage aan een betere arbeidspositie met meer baanzekerheid voor uitzendkrachten. Sinds de invoering van deze regeling zijn er 620 uitzendkrachten in vaste dienst zijn gekomen 2. Daarnaast kunnen uitzendkrachten in Amsterdam na 6 maanden mee solliciteren op interne vacatures. Vanaf 1 januari 2026 hebben uitzendkrachten recht op gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden op grond van de inlenersbeloning 3. Hoewel hierdoor de kosten voor de inzet van uitzendkrachten door hogere tarieven naar verwachting zullen stijgen, juicht het college de verbetering van de positie van uitzendkrachten op de arbeidsmarkt van harte toe. De effecten van het creëren van structurele arbeidsplaatsen Het opvangen van piek-dal-belasting en de krapte op de arbeidsmarkt zijn voor de gemeente de belangrijkste redenen om in te huren.
Het aannemen van deze externen betekent in veel gevallen dat er structureel een piekbezetting is, en specialistische expertise aanwezig is. Met een beperktere flexibele schil, zal daling in het werk opgevangen moeten worden door een krimp in de vaste formatie. Met reorganisaties en frictiekosten als gevolg. Dit vindt het college onwenselijk. Een voorbeeld: door het klantcontactcentrum van de gemeente (CCA) wordt in de dagelijkse praktijk gebruik gemaakt van uitzendkrachten om piekbelasting op te vangen en lange wachttijden te voorkomen. Het gaat hier om werkzaamheden die vergelijkbaar zijn met taken die door ambtenaren worden uitgevoerd. Wanneer de piek is weggewerkt houdt het werk op voor de uitzendkracht. Indien de 1
Zie RIB Afdoen toezeggingen TA2024-000412 en TA2024-000620: Algemene overwegingen zaken in- of uit te besteden en specifiek bij beveiliging, respectievelijk van de leden Namane (PvdA) en Bobeldijk (SP). 2 Zie Jaarverslag Gemeente Amsterdam 2024 3 Op 1 januari 2026 gaat de nieuwe cao voor Uitzendkrachten (ABU/NBBU) welke ziet op een gelijkwaardige beloning van uitzendkrachten
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Datum 12 maart 2026 Pagina 3 van 4
gemeente in dit voorbeeld ervoor kiest om niet in te huren maar om uitzendkrachten in vaste dienst te nemen, betekent dit dat de gemeente minder snel en goed kan inspelen op fluctuaties in de uit te voeren taken. Minder externe inzet betekent in dit geval meer tijdelijk en vast personeel, en minder flexibiliteit. Het is in deze situatie bovendien niet wenselijk om werving en selectieproces te starten omdat de continuïteit van dienstverlening aan inwoners hierdoor onder druk komt te staan. De gemeente heeft er daarom belang bij om snel in te kunnen spelen op veranderingen. De huidige organisatie is niet flexibel genoeg om deze veranderingen op te vangen en maakt daarom gebruik van externen. Impact van de gemeentelijke organisatieontwikkeling De gemeente is de laatste jaren gegroeid in omvang. Uw raad is hier in het najaar van 2025 over geïnformeerd in het kader van de gemeentelijke organisatieontwikkeling 4. Door de toenemende druk op de beschikbare (financiële) middelen en de omvang van het ambtelijke apparaat, staat de gemeente voor grote uitdagingen. Het creëren van structurele arbeidsplaatsen waarvan niet uit te sluiten valt dat deze arbeidsplaatsen op termijn ook weer verdwijnen, rijmt niet met goed werkgeverschap.
Het creëren van structurele arbeidsplaatsen vraagt daarom een zorgvuldige afweging en staat op gespannen voet met de opdracht waarvoor de gemeentelijke organisatie de komende jaren voor aan de lat staat. Tot slot: blijvende aandacht voor goed werkgeverschap Het college blijft tegelijkertijd waakzaam op individuele casuïstiek van uitzendkrachten waarbij de 2jaarstermijn niet wordt nageleefd. Het college neemt deze signalen zeer serieus. Dergelijke signalen worden zowel in de gemeentelijke organisatie als met de leveranciers/uitzendbureaus gemonitord en periodiek besproken. Het college wil dat de gemeente een goede en aantrekkelijke werkgever is voor iedereen die voor de gemeente Amsterdam werkt, ongeacht de arbeidsrelatie. Met de 2-jaarstermijn wordt actief tegengegaan dat mensen jarenlang op basis van uitzendcontracten werken waar zij geen zekerheid aan kunnen ontlenen. Door in beginsel zoveel mogelijk werk te verrichten met eigen medewerkers, steunt het college de grondopvatting van de indieners van de motie en blijft in de geest van de motie handelen. Daarbij blijft het belangrijke uitgangspunt dat vast werk met een vast contract wordt beloond, leidend.
Het college beschouwt de motie hiermee als afgehandeld. Met vriendelijke groet, Namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam,
Hester van Buren Wethouder Personeel en Organisatie
4 Zie RIB Opdracht gemeentelijke organisatieontwikkeling
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Gemeente Amsterdam, raadsinformatiebrief
Een routebeschrijving vindt u op amsterdam.nl
Datum 12 maart 2026 Pagina 4 van 4