Bijlage 1 - raadsvoordracht wijziging APV tijdelijk afsluiten en verbod drukke plekken v18032021.docx
Tekst van het document
Nummer < automatisch > Directie
< automatisch >
Voordracht voor de Raadsvergadering van 21 en 23 april
Portefeuille Agendapunt Datum besluit
Openbare orde en veiligheid < automatisch > College van B en W PM
Onderwerp
Vaststellen van Verordening tijdelijke bevoegdheid afsluiten gebieden en verbod alcohol, lachgas en geluidsapparatuur De gemeenteraad van Amsterdam besluit
Vast te stellen de Verordening tijdelijke bevoegdheid afsluiten gebieden en verbod alcohol, lachgas en geluidsapparatuur, zoals opgenomen in bijlage 1, waarmee de Algemene Plaatselijke verordening (APV) zo wordt gewijzigd dat de burgemeester tot 1 januari 2022 de bevoegdheid heeft gebieden af te sluiten of gebieden aan kan wijzen waarin er een verbod op het voorhanden hebben van alcohol, lachgas en geluidsapparatuur geldt. Dit eventueel voor bepaalde tijdvakken. Wettelijke grondslag
Artikel 149 Gemeentewet: verordenende bevoegdheid gemeenteraad. Artikel 58m Tijdelijke wet maatregelen covid-19: bevelsbevoegdheid burgemeester openbare plaatsen. Bestuurlijke achtergrond
In januari en februari was het op verschillende plekken in de stad druk, zowel tijdens de sneeuw- en ijsperiode als vanaf het eerste zonnige weekend. Tijdens die perioden is er gehandeld conform de notities IJspret en Lenteweer en zijn vele maatregelen genomen om de drukte in goede banen te leiden, maar toch zijn er verschillende momenten geweest waarop er moest worden ingegrepen. Momenten waarop de coronamaatregelen door grote groepen niet werden nageleefd en er met drank en/of muziek (illegale) feesten in de openbare ruimte ontstonden. Op 24 februari is het Vondelpark in verband hiermee zelfs ontruimd. Met de opmars van de lente is het de verwachting dat er in de stad de komende tijd vaker sprake zal zijn van extreme drukte. Veel mensen zullen naar buiten gaan en zullen elkaar opzoeken in de openbare ruimte. Met name ook doordat de terrassen gesloten blijven, evenementen verboden zijn en voor velen de beoefening van hun sport niet mag of is beperkt. Vorig jaar was dat tijdens de lente en de zomer eveneens het geval. Tijdens de lente en de zomer van 2020 kon er op drukke plekken echter preventief worden opgetreden. Dit in die zin dat drukke plekken konden worden afgesloten, maar ook doordat er een verbod op geluidsapparatuur in de noodverordening voor de regio stond.
Inmiddels is echter de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 en de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 van kracht en zijn de mogelijkheden om in te grijpen beperkter.
Om die reden is voorstel tijdelijk een aanvullende bepaling in de APV op te nemen die aansluit bij wat voorheen in de noodverordening geregeld was. Onderbouwing besluit
Op grond van artikel 58m van de Wet publieke gezondheid heeft de burgemeester de bevoegdheid om ten aanzien van openbare plaatsen die bevelen te geven die nodig zijn om ervoor te zorgen dat de coronamaatregelen worden nageleefd. Van deze bevoegdheid kan de burgemeester gebruik maken in die gevallen dat er op die openbare plaatsen een zodanige drukte ontstaat dat het niet langer mogelijk is om aan de maatregelen te voldoen, of dat de situatie dreigt zodanig te worden. Gebleken is echter dat die bevoegdheid onvoldoende ruimte biedt om structureel en tijdig de drukte op bepaalde plekken in de stad tegen te gaan. Er kan op grond van de Wet publieke gezondheid alleen incidenteel en kortstondig met een bevel worden ingegrepen en bovendien pas in een laat stadium en het al druk is. Daardoor leidt het alsnog tot een verstoring van de openbare orde en veiligheid en tot situaties waarin de coronamaatregelen niet meer worden nageleefd. Bovendien is er dan veel inzet van politie en handhaving nodig om uitvoering te geven aan het bevel. Om die reden is voorstel artikel 2.16c in de APV op te nemen. Dat artikel geeft de burgemeester een bevoegdheid om preventief gebieden af te sluiten zoals dat voorheen ook op grond van de noodverordening kon worden gedaan.
De afsluiting kan daarbij tot bepaalde tijdvakken worden beperkt zodat er ook gericht gebruik kan worden gemaakt worden gemaakt van de ervaringen die vorige jaar zijn opgedaan met betrekking tot drukke plekken. Nu is gebleken dat het niet naleven van de coronamaatregelen in veel gevallen komt door het gebruik van drank en lachgas en de aanwezigheid van verstrekte muziek, is daarnaast voorstel artikel 2.16d aan de APV toe te voegen. Op grond van die bepaling kan de burgemeester in bepaalde gebieden een verbod instellen op het voorhanden hebben van alcoholhoudende drank, lachgas en geluidsapparatuur. Daarmee wordt vooraf het op een openbare plaats meenemen van alcoholhoudende drank, lachgas en geluidsapparatuur verboden. Ook daarbij geldt dat het verbod tot bepaalde tijdvakken kan worden beperkt. Daarmee bieden beide bepalingen een basis om drukte op bepaalde plekken structureel, maar ook proportioneel aan te pakken en te voorkomen. De bepalingen zijn allebei tijdelijk en vervallen van rechtswege op 1 januari 2022. Bij de bevoegdheid om een verbod in te stellen op het voorhanden hebben van alcoholhoudende drank, lachgas en geluidsapparatuur wordt nog opgemerkt dat het hier niet om een verbod op lachgas als zodanig gaat, maar om handvatten om drukte tegen te gaan en ervoor te zorgen dat de coronomaatregelen worden nageleefd.
Zoals eerder in een brief aan de raad kenbaar is gemaakt, wordt voor het verbod op lachgas als zodanig landelijke regelgeving afgewacht. Inzet van het Rijk is dat lachgas nog dit jaar onder de Opiumwet wordt geplaatst. Tot slot is van belang dat het college bij deze voorstellen van inspraak heeft afgezien.
Inspraak duurt zes weken en vanwege de spoedeisendheid kan dat volgens het college in dit geval niet worden afgewacht. Financiële onderbouwing
Financiële onderbouwing: de genoemde beslispunten in de voordracht hebben wel financiële consequenties en deze zijn reeds geraamd in de begroting (100% dekking). Geheimhouding
Niet van toepassing. Welke stukken treft u aan? Registratienr.
Naam
< automatisch >
Verordening tijdelijke bevoegdheid afsluiten gebieden en verbod alcohol, lachgas en geluidsapparatuur
< automatisch >
< Bestandsnaam >
Behandelend ambtenaar (naam, telefoonnummer en e-mailadres)
Irene Mokkink (OOV), 06-18535122, i.mokkink@amsterdam.nl Rik Nomden, 06-30166049, r.nomden@amsterdam.nl