CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

bijlage 1 principenota_Volewijck.pdf

Raadscommissie Wonen en Bouwen 15 december 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennis te nemen van de Verkenning van kansen voor de Ontwikkelbuurt Volewijck (ZD2021-016248)17.697 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Openbare Ruimte

De Volewijck is anno nu een tamelijk volgebouwde wijk, met uitzondering van de groene en waterrijke zone die aan de oostzijde vanaf het IJ tot aan de Buiksloterdijk langs het Noordhollandskanaal uitloopt in het Noorder­ park. Deze zone behoort tot de hoofdgroenstructuur van de stad. Aan de westzijde wordt de wijk deels omvat door het water van het Buiksloterka­ naal, dat uitmondt in het Johan van Hasseltkanaal. De gebruikskwaliteit van

37

Principenota Volewijck

deze zone kan aanzienlijk worden verbeterd. De Volewijck wordt in oostwest richting doorsneden door de Van Hasseltweg, sinds 1969 een belangrij­ ke verkeersader en tevens verkeersbarrière waardoor de buurten van elkaar gescheiden zijn geraakt. Door de komst van de metrohalte Noorderpark aan de Noord-Zuidlijn, is het gebied rondom de halte Noorderpark één van de best bereikbare plekken van Noord geworden. Het OV-kruispunt bij de metro is echter moeilijk oversteekbaar voor lang­ zaam verkeer en heeft een slechte verblijfskwaliteit. Ook is de entree naar het Noorderpark vanaf de metro nauwelijks zichtbaar en toegankelijk. De Van der Pekstraat en de omliggende groenen straten, de pleinen en het Noorderpark vormen andere belangrijke ruimtelijke dragers van de hoofd­ structuur van de Volewijck. De openbare ruimte in de Volewijck is verouderd en aan een grondige her­ ziening toe. Er is sprake van achterstallig onderhoud van de stoepen, straten en pleinen en ook het groen heeft een kwaliteitsimpuls nodig. Het beheer van de openbare ruimte blijft achter ten opzichte van de eerder gestelde ambities. Bewoners ondernemers en bezoekers ondervinden hier hinder van. De verkeersveiligheid en de bereikbaarheid voor vooral de langzame verkeers­ deelnemers is een zorg en dient te worden verbeterd.

Sport en spel

De openbare ruimte in de Volewijck biedt weinig ruimte voor georganiseer­ de sporten. Hiervoor moeten de inwoners van de Volewijck naar de andere gebieden in Noord. Wel zijn er diverse speelplekken in de wijk en in het Noorderpark en naast de Nieuwe HAVO is een Johan Cruijff-court. Ook ligt het Noorderparkbad in de Volewijck.

Parkeren in de Volewijck

4.2 Maatregelen om fysiek opgaven aan te pakken De fysieke opgave in de Volewijck bestaat uit drie onderdelen met elk een eigen aanpak, focus en mogelijke maatregelen. Het betreft het diverser maken van de woningvoorraad, het verbeteren van de buurteconomie en het opknappen en verbeteren van de openbare ruimte. Per thema gaan we hieronder verder in op de opgave en stellen we mogelijke maatregelen voor. Het verder uitwerken van deze maatregelen volgt in de volgende fase waar­ bij de onderlinge samenhang, ook met de sociale opgave, een belangrijk uitgangspunt is.

4.2.1 Woningvoorraad De Volewijck kent een vrij eenzijdige woningvoorraad die vooral bestaat uit kleine en middelgrote sociale huurwoningen, verhuurd in het lagere segment. Deze eenzijdige woningvoorraad is een van de redenen dat er bovenmatig veel kwetsbare groepen in de buurt wonen en daar nog steeds worden gehuisvest. Dit gaat de sociale draagkracht van de buurt ver te boven, zorgt voor overlast en onveilige situaties en zet de leefbaarheid dus onder druk. Ook is het voor veel mensen die in deze buurt wonen moeilijk om hier een wooncarrière te maken. Er zijn te weinig passende woningen om naar door te stromen en veel vrijkomende woningen in de buurt worden met voorrang toegewezen aan kwetsbare groepen. Ook ontbreken er mogelijkheden voor ouderen (die zelf aangeven te groot en niet levensloopbestendig te wonen) om binnen de Volewijck- door te stromen naar kleinere, geclusterde ouderen­ woning met voorzieningen in de nabijheid.

De parkeerdruk op dinsdag en donderdagmiddag in Volewijck ligt lager dan 60%, hetzelfde geldt voor zaterdag en zondagmiddag. Op dinsdag- en donderdagavond wanneer bewoners terug zijn van werk en de parkeerdruk in woonwijken het hoogst is geldt dat de parkeerdruk nog steeds onder de 80% ligt. Gezien de lage parkeerdruk is er ruimte om speelpleintjes die nu nog worden gedomineerd door auto’s te verbeteren en wellicht parkeer­ plekken daarvoor op te offeren. Het is echter een risico om op basis van parkeerdrukcijfers vooraf locaties uit te zoeken om het aantal parkeerplaatsen te verminderen. Het onderzoek dat door OI&S is uitgevoerd in 2019 laat ook zien dat buurtbewoners niet graag parkeerplekken zien verdwijnen. Uit het onderzoek blijkt dat ze het opheffen wel goed vinden zolang het niet bij hen voor de deur is en zolang de buurman niet voor de deur parkeert.

38

De feiten en cijfers in Volewijck laten zien dat er ruimte is om parkeerplek­ ken op te heffen. Daarnaast biedt ook het stedelijke beleid mogelijkheden om het aantal beschikbare parkeerplekken te verminderen. Het wringt ech­ ter met een deel van de bewoners in Volewijck die op zijn zachtst gezegd geen voorstander zijn van het verlagen van de parkeercapaciteit.

39

Principenota Volewijck

Beide zijn aanleiding om de woningvoorraad in de wijk meer divers te maken, om de leefbaarheid te waarborgen en de sociale draagkracht in de wijk te vergroten. Belangrijk aandachtspunt is om ervoor te zorgen dat er geen grote scheidslijnen ontstaan tussen arm en rijk, zoals ook door de bewoners in hoofdstuk 2 wordt aangegeven. Evenals inzetten op meer woningaanbod in het middensegment en niet te verkopen, en het bouwen en aanbieden van woningen voor de buurt in plaats van voor heel Amsterdam. De krapte op de woningmarkt in Amsterdam zorgt ervoor dat de gemiddelde verkoopprijs zo hoog is dat de woningen onbereik­ baar zijn voor de gemiddelde Volewijcker. In de Volewijck zijn voormalige sociale woningen verkocht. Een nieuwe groep bewoners trekt de wijk in met deels andere behoeften en interesses. Mede hierdoor veranderen de bestaande sociale en economische structuren. Het verschil tussen arm en rijk binnen de wijk neemt toe en daardoor wordt er gentrificatie ervaren. Bewoners zijn bang voor verdringing en het verdwijnen van bestaande voorzieningen. Om tweedeling tegen te gaan is extra inzet op basis van het principe van de ongedeelde stad en ongedeelde wijk noodzake­ lijk.

Dit principe bestaat uit een integrale inzet waarmee de verschillen binnen en tussen wijken aangepakt worden door in de bestaande wijken extra inspan­ ningen te doen op fysiek en sociaal/economisch gebied en de bestaande buurt te laten profiteren van de ontwikkelingen in de omliggende gebieden (bv op het gebied van wonen, werken, openbare ruimte, voorzieningen).

Mogelijkheden bestaande woningvoorraad

Er zijn verschillende mogelijkheden om de situatie in de buurt te verbeteren. Wat betreft de bestaande woningvoorraad ligt er een flink renovatie-opgave.

Zo’n 1150 woningen in de Volewijck hebben een kleine of grootschalige aan­ pak nodig. Ook bij het particuliere woningbezit is de aanpak van achterstallig onderhoud een aandachtspunt. Bij renovatie kan een woning worden aange­ past en/of samengevoegd en verhuurd worden in een hoger segment of aan een specifieke doelgroep worden toegewezen. In de omliggende wijken zijn er mogelijkheden om woningen te bouwen die voldoen aan de woningvraag van de bewoners van de Volewijck en waar zij met voorrang naar zouden kunnen doorstromen. De woningen die zij achterlaten kunnen vervolgens wor­ den aangeboden in een ander huursegment of aan specifieke groepen. Deze maatregelen worden in de volgende fase samen met de woningcorporaties en de gebiedsontwikkeling Buiksloterham en Klaprozenbuurt uitgewerkt en vragen om samenwerkingsafspraken bestaande uit een: meerjarige wijkvisie, vastgoedstrategie en toewijzingsbeleid. De intentieovereenkomst met de woningcorporaties in de IJplein-/Vogelbuurt wordt hierbij als voorbeeld gebruikt. In de Volewijck liggen verschillende mogelijkheden voor verduurzaming en om het wonen in de wijk prettiger en toekomstbestendiger te maken. Ten eerste heeft de gemeente Amsterdam in haar ambitie om een aardgasvrije stad te worden en uiterlijk in 2040 over te gaan op duurzame, alternatieve warmte­ bronnen, de Van der Pekbuurt aangewezen als een van de pilotgebieden.

De wijk heeft daarmee een van de eerste buurten die gasloos worden ingericht. We overleggen momenteel met alle woningeigenaren. In de Gentiaanbuurt heeft Ymere in 2019 het eerste woonblok gerenoveerd en op het warmtenet aangesloten. De komende jaren gaan zo’n 1500 woningen over op een warmtevoorziening. Dat betekent dat koken op gas op den duur wordt vervangen door koken op elektriciteit. Los van meer duurzaamheid, biedt het de inwoners van de Volewijck meer zekerheid op een betaalbare energierekening, nu en in de toekomst.

Nieuwe bouwlocaties in de Volewijck

In de Volewijck zijn mogelijkheden om woning aan de woningvoorraad toe te voegen. Keuzes maken in het woningprogramma, kan de woningvoorraad meer divers maken. Er zijn twee potentiele locaties verkend:

40

1. Locatie basisschool de Klimop en de Rosaschool aan de Johan van Hasseltweg. Die komt vrij als de scholen verplaatst kunnen worden (naar verwachting uiterlijk 2025). Door de ligging naast de metro­ halte, het winkelcentrum Mosveld en het Noorderpark, leent deze locatie zich goed voor een divers programma waaronder mogelijk geclusterde ouderenwoningen (met liften). Ook met het oog op de goede ligging ten opzichte van de voorzieningen kunnen we wel­ licht meer ouderenwoningen (sociale huur) realiseren dan door de directie Wonen is geadviseerd. Ook zijn dan zorg- en welzijnsvoor­ zieningen mogelijk in een nieuwe plint aan van de Van Hasseltweg. Die zullen in het bijzonder gericht zijn op ouderen en het zorgcluster in de Papaverhoek in de Buiksloterham kunnen aanvullen. De oude­ renwoningen zijn goed te combineren met overwegend middeldure (corporatie-) huurwoningen. Op deze locatie passen naar verwach­ ting circa 300 tot 540 woningen.

41

Principenota Volewijck

2. Locatie Hagedoornplein / Meidoornweg. We onderzoeken de mogelijkheden om op deze locatie een Alles-in-één School (PO), een Sporthal en nieuwe VO-school te realiseren gecombineerd met een beperkt aantal woningen (30). Hieraan koppelen we een onderzoek hoe we de versnipperde groenzones in dit gebied een kwaliteitsim­ puls kunnen geven.

deel van de wijk werkzaamheden heeft en of dit kansen biedt voor geza­ menlijke planvoorbereiding. Achterliggende doelstelling is om te vermijden dat verschillende netwerken (gasnet en warmtenet) naast elkaar in stand moeten worden gehouden, dat er veel en langdurig overlast in de buurten is en dat de kosten zo laag mogelijk blijven. Door werkzaamheden slim op elkaar af te stemmen kunnen onnodige onkosten worden vermeden.

Naast woningbouw wordt in de volgende fase onderzocht welke niet-wonen functies toegevoegd kunnen worden op de locatie Rosaschool/Klimop. De realisatie van een fietsenstalling in de nabijheid van de metrohalte Noorder­ park is daarbij een essentiële voorziening om de parkeerdruk van fietsen in de omliggende buurten te verminderen.

De overgang naar andere energiesystemen in de buurt betekent dat er nieuwe nutsvoorzieningen bij komen. Bij een warmtenet horen warmte overdrachtstations (WOS). Dit zijn technische gebouwtjes waarin de regel­ techniek zit die zorgt dat de warmte op de juiste temperatuur en druk in de woningen komt. De WOS is in sommige gevallen vergunningsvrij (afhankelijk van de grootte, maar dient wel aan de welstandscriteria te voldoen.

4.2.2 Energie en duurzaamheid Voor Ymere gaat in de komende jaren een groot aantal woningen in de Van der Pekbuurt renoveren en verduurzamen. Ook andere woningcor­ poraties en particuliere eigenaren wordt gevraagd om bij onderhoud- en renovatiewerk aandacht te geven aan energiebesparing en duurzaamheid. De gemeente werkt sinds 2018 met de woningcorporaties samen aan het aardgasvrij maken van de Gentiaanbuurt, de Van der Pekbuurt en de Bloemenbuurt. Bedoeling is dat alle woningen uiterlijk in 2030 van het aardgas zijn afgeslo­ ten en op een warmtevoorziening zijn aangesloten. Een warmtevoorzienin­ gen is bijv. een warmtenet waarmee restwarmte met een hoge temperatuur gebruikt worden voor de verwarming van huizen. Een ander voorbeeld is een warmtepomp. Een warmtepomp haalt warmte uit de lucht en is qua grootte te vergelijken met een koelkast. Omdat de woningen in de Van der Pekbuurt over het algemeen klein zijn, is een warmtepomp minder geschikt. Naast overleg met de woningcorporaties organiseert de gemeente aparte bijeenkomsten en begeleiding voor particuliere huiseigenaren. Zodat ook zij tijdig hun woning hebben aangepast voor de overstap van gas naar warmte. Alle huiseigenaren die hun woning(en) van het aardgas afhalen, krijgen een subsidie van de gemeente.

Bedoeling is om de werkzaamheden om de Gentiaanbuurt, Van der Pekbuurt en Bloemenbuurt aardgasvrij te maken, zoveel mogelijk te combineren met werkzaamheden van de gemeente en andere netbeheerders op straat en in de ondergrond. Door in een vroegtijdig stadium met alle betrokken partijen en netbeheerders te overleggen, ontstaat overzicht wie wanneer in welk

42

De gemeente gaat regels opstellen waaraan nieuwe nutsvoorzieningen moeten voldoen. Vermeden moet worden dat de nutsvoorzieningen leiden tot verrommeling van de openbare ruimte. Streven is om de technische voorzieningen zoveel mogelijk te combineren met andere functies. Op het Gentiaanplein is het eerste warmteoverdracht station geplaatst. Iedereen is het erover eens dat dit beter kan. Daarom hebben partijen met elkaar afge­ sproken om opnieuw naar inpassing van het warmteoverdrachtstation op het Gentiaanplein te kijken. Voor de Van der Pekbuurt en de Bloemenbuurt wordt tijdig het gesprek gestart over een andere oplossing van de techni­ sche voorzieningen.

4.2.3 Buurteconomie Voor de bewoners van de Volewijck is het belangrijk dat de wijk beschikt over goede economische voorzieningen op loopafstand met een prettig verblijfsklimaat. We verwachten dat de economische voorzieningen in de Volewijck meeprofiteren van de bevolkingstoename en kapitaalkracht in de nabijgelegen nieuwe wijken Buiksloterham, Overhoeks en de Klapro­ zenbuurt. Wat betreft de buurteconomie vraagt het gebied Van der Pek­ straat-Pekmarkt-Mosplein-Hagedoornweg de meeste aandacht. Hier ligt de kans om een winkelgebied te realiseren dat aantrekkelijk is voor iedereen, zowel voor buurtbewoners als voor bezoekers van elders. Aantrekkelijkheid wordt bepaald door twee aspecten: een goed en divers aanbod van gezon­ de ondernemers passend bij de vraag uit de wijk, en een mooi ingerichte openbare ruimte die uitnodigt om te verblijven. Dat laatste is onderdeel van de totale opgave voor de openbare ruimte en lichten we in de volgende paragraaf verder toe.

43

Principenota Volewijck

Voor een toekomstbestendig winkelgebied is het van groot belang dat het Mosplein/Mosveld, de Hagedoornweg en de Van der Pekstraat beter op elkaar aansluiten en meer als één gemeenschappelijk winkelgebied functio­ neren. Het winkelaanbod op het Mosveld is nu zo dat er aan de noordkant, nabij de rotonde, geen trekpleisters met enige allure zijn gevestigd. Dat is wel wenselijk om combinatiebezoek tussen de Van der Pekstraat, de markt en het winkelcentrum Mosveld te stimuleren. We moeten de samenwerking tussen ondernemers, marktlieden, pandeige­ naren en het stadsdeel verbeteren om het winkelgebied te versterken. De ondernemers van de Van der Pek profileren zich als ‘Hart van Oud-Noord’. Wat hierbij kan helpen is een gezamenlijk gebiedspromotie- en brandings­ plan dat breed wordt gedragen door de betrokken partijen, ondernemers, vastgoedeigenaren, stadsdeel en woningcorporatie Ymere met het meeste bezit in dit gedeelte van de buurt. Een punt van aandacht voor het Van der Pekplein is de afstand tot de win­ kels/bedrijvigheid en de markt verderop in de Van der Pekstraat. Die is nu (te) groot. Die afstand kan worden overbrugd door meer ruimtes in de plint van de Van der Pekstraat een niet-woonfunctie te geven. Hierdoor verster­ ken we de aansluiting tussen het Van der Pekplein en de Van der Pekstraat.

We hebben met Ymere een intentieovereenkomst afgesloten waarmee niet-woonfuncties elders in de buurt worden uitgeruild met woonfuncties in de Van der Pekstraat. De Hagendoornweg is nu nog een drukke verkeerstraat met een mix aan versnipperde economische voorzieningen. Het economisch functioneren van de Hagedoornweg staat de laatste decennia sterk onder druk. Een aantal in het verleden goedlopende ondernemingen heeft helaas de deuren moeten sluiten. De straat knapt ervan op als meer uitnodigende ondernemers zich hier vestigen. Met de komst van het BUNK-hotel aan de ene kant en het winkelcentrum en de markt aan de andere kant, is er een goede aanleiding om de straat een impuls te geven. Onze inzet en die van partners moet zich ook richten op het versterken van het ondernemerschap van de vele kleine ondernemers aan de Hagedoorn­ weg zodat zij beter kunnen inspelen op de behoefte vanuit de veranderende buurt en omgeving. Dat kan door het aanbod van het Ondernemersplein gericht in te zetten of door winkeliers en ondernemers te verenigen in een winkelstraatvereniging of een Bedrijfsinvesteringszone (een BIZ). Met dit laatste krijgen ondernemers een kans op economische subsidies die ook ten gunste komen van het hele gebied. Daarnaast onderzoeken we hoe de omliggende wijken dienstbaar kunnen zijn aan het versterken van de buurt­ economie in de Volewijck.

In het kader van ongedeeld Noord betekent dit dat in de programmering van voorzieningen in de omliggende buurten rekening wordt gehouden met het bestaande aanbod in omliggende buurten. Dit wordt nader uitgewerkt.

44

4.2.3 Openbare Ruimte Zoals aangegeven in paragraaf 4.1 ligt er een forse opgave in het fysieke domein. Deze opgave wordt in drie thema’s toegelicht: beheer en gebruik, verkeer en veiligheid en verblijfskwaliteit. Voor elk thema zijn de opgaven afzonderlijk benoemd. De locaties van de opgaven voor Verkeer en Veiligheid en Verblijfskwaliteit van pleinen, plant­ soenen en speelplekken komen grotendeels overeen. Voor veel locaties kunnen we in de volgende fase één integraal ontwerp maken. We zullen hierin met bewoners onderzoeken waar en hoe we het auto­ gebruik & parkeren terug kunnen dringen ten gunste van meer groen en/of recreatie in de wijk. het verminderen van het aantal parkeerplekken kan niet ten koste gaan van de parkeergelegenheid voor bewoners en hun bezoekers. Veel stedelijk beleid heeft impact op de openbare ruimte in de Volewijck, wat in de komende jaren zal leiden tot diverse projecten. Hierbij is het van belang om de integraliteit goed te bewaken, de hele portefeuille aan projec­ ten goed te overzien en werk-met-werk te maken en deze opdracht goed te borgen in de toekomstige projectorganisatie.

Beheer en gebruik

Zwerfvuil en bij plaatsingen trekken meer vuil aan, en voor iets dat (vaak of blijvend) kapot is voelt vaak niemand zich verantwoordelijk. Slecht onder­ houden groen en oude speelplekken zorgen voor een treurige uitstraling en nodigen niet uit om in de openbare ruimte te verblijven. Dat werkt gevoelens van onveiligheid in de hand. Een eerste stap is om de bestaande openbare ruimte weer schoner, heler en veiliger te krijgen.

Om hier verandering in aan te brengen, is het noodzakelijk dat: Achterstallig onderhoud snel wordt hersteld. Zwerfvuil en bij plaatsingen door de wijk en op de bekende hotspots met voorrang worden opgepakt.  fspraken gemaakt worden met bewoners die zelf een bijdrage A willen leveren in het schoon en groen houden van hun wijk. Hierbij onderzoeken we welke mogelijkheden worden geboden vanuit het programma democratisering.  peelplekken prioriteit hebben wanneer daar vervuiling of S verwaarlozing wordt geconstateerd.  ecoördineerde en planmatige inzet komt om de buurt schoon G en netjes te houden.

45

Principenota Volewijck

Verkeer en veiligheid

De auto is in de openbare ruimte van de Volewijck nog dominant aanwezig. Het is wenselijk om de rol van de auto te verkleinen ten gunste van het openbaar vervoer, fietsers en voetgangers. Bijvoorbeeld door meer dertig kilometerzones in te stellen en diverse fietsroutes op verschillende plekken in de buurt te verbeteren. We onderzoeken en ondersteunen daarnaast graag initiatieven met en van bewoners om het auto parkeren terug te dringen. De Van Hasseltweg en de rotonde Mosplein vormen een barrière voor langzaam verkeer. Om dit te verminderen is er een overzichtelijk en goed oversteekbaar wegprofiel nodig. Voor het verbeteren van de verkeers­ veiligheid stellen we voor om de Meidoornweg, Distelweg, Hagedoorn, Wingerdweg en Sneeuwbalstraat in te richten als dertig kilometerstraat. Ook onder­zoeken we de mogelijkheid van herinrichting van de rotonde aan het Mosplein. Waar ook zeker aanpassingen noodzakelijk zijn betreft de aanrijroutes en de laad- en losmogelijkheden aan het Mosveld. Tot slot voeren we ook een studie uit naar de verbetering van het kruispunt aan de Meidoornweg/Hagedoornweg met het oog mogelijke nieuwe ontwikkelin­ gen. Bij het verbeteren van fietsroutes heeft een vrij liggend fietspad langs de Hagedoornweg de hoogste prioriteit. Maar ook de fietsroutes vanuit de wijk naar het Noorderpark verdienen aandacht. Rotonde Mosplein

Bij het aansluiten van Noord en de Volewijck op het stedelijk netwerk voor auto en (hoogwaardig) openbaar vervoer (HVO) gaat het, door de groei van Noord en de ontwikkeling van het stationsgebied Noorderpark, om het oplossen van de groeiende verkeersproblemen bij de Van Hasseltweg. Met het Mobiliteitsplan Noord bij de hand zoeken we naar een balans tussen een goede doorstroming voor de auto en vrij liggend HOV (tram/bus), en het ver­ minderen van de barrièrewerking van de weg. Mede op basis van deze ont­ wikkeling en het advies van de cie. Den Hooghe met betrekking tot een brug die aankomt aan de oostzijde vd v haaseltweg is een studie naar de inrichting van de volledige Johan van Hasseltzone (oostveer – NH hotel) wensenlijk. Waarbij de leefbaarheid die als gevolg van bereikbaarheidsproblemen onder druk kan komen te staan op passende wijze daarin wordt meegenomen.

Verblijfskwaliteit openbare ruimte verbeteren

Hoe maken we van de pleinen, straathoeken en plantsoenen weer een ontmoetingsruimte van de buurt? En hoe benutten we de kwaliteit van het water in de wijk? Bij de pleinen maken we onderscheid tussen multifunc­ tionele ontmoetingspleinen en te vergroenen pleinen en plantsoenen. De multifunctionele ontmoetingspleinen zijn de grotere pleinen. Die beschikken over meerdere functies in de openbare ruimte waardoor ze mensen aanlei­ ding geven om te bezoeken. Ook pleinen die aan een drukkere doorgaande route liggen kunnen we beschouwen als een multifunctioneel plein. We willen dat de openbare ruimte van deze pleinen een groene uitstraling en hoogwaardige kwaliteit van inrichting krijgen. Ook kijken we met welke toevoegingen we het plein zo kunnen opwaarderen dat het aantrekkelijk wordt voor mensen om het te bezoeken en ze er meer gebruik van maken. Dat kunnen ook activiteiten zijn, denk aan de Volksopera Noord op het Lupineplein of het toevoegen van functies en/of voorzieningen. Daarnaast heeft de Volewijck kleinere pleinen en plantsoenen. Die liggen veelal op markante plekken in de stedenbouwkundige structuur. Ook daar is de wens om de inrichting van de openbare ruimte in de basis op orde te hebben: geen achterstallig onderhoud en zoveel mogelijk te vergroenen. In sommige gevallen gaat het om niet meer dan een speel- of zitplek of een trapveldje.

We kunnen op die plekken nagaan of het huidige gebruik nog in overeenstemming is met de wensen van de omwonenden en welke kansen er liggen voor bewonersinitiatieven en zelfbeheer. Net als bij de pleinen gaat het bij de meeste voetgangersroutes om ver­ groening. Soms kan de routing worden verbeterd, op andere plekken de stoepen. Hier en daar is het zaak om de oversteekmogelijkheden voor voetgangers te verbeteren.

46

47

Principenota Volewijck

Een kans voor groenverbetering in de Volewijck ligt in het verbinden van het groen van de wijk met het Noorderpark: het maken van groene straten (Distelweg, Meidoornweg en Wingerdweg), het vergroenen van pleinen (Jac. P. Thijsseplein, Mosveld) het vergroenen van straten (Ranonkelkade tot aan Van der Pekstraat, Hagedoornweg en Kamperfoelieweg) en het versterken van groen in de Noordhollandsche Kanaalzone en het Noorderpark. Dat laatste kan bijvoorbeeld door verbreding en het beter inrichten van de parkstrook langs het water bij de nieuwe scholenlocaties, het klooster en het Plein Spanje ’36-’39. Om de beleving van het groen te versterken, kunnen we de bomenstructuur op veel plekken herstellen volgens de oorspronke­ lijke stedenbouwkundige structuur. Datzelfde geldt voor het water door er zitplekken te maken en de zichtlijnen naar het water te versterken. Laagdrempelige sport- en speelvoorzieningen in de openbare ruimte dragen sterk bij aan sport- en beweegstimulering. We zien mogelijkheden voor (levendige clusters van) sport-, speel- en maatschappelijke voorzieningen op en rondom de pleinen in het gebied. Bewoners missen nu een reguliere sportvereniging in de buurt. Ook is er geen sportpark of sporthal, het is van groot belang dat deze er komt voor de buurt.

Daarnaast ligt het Cruijffcourt in de Volewijck op een afgelegen en onverlichte plek en daardoor komen er niet veel kinderen op af. Het zou goed zijn voor de wijk om sterke sportaan­ bieders te verleiden om een dependance op te zetten (De Dijk in de Wijk bijvoorbeeld) op een veld of in een nieuwe voorziening.

48

49

Principenota Volewijck

Deze principenota is gebaseerd op de analyse van de wijk, kennis van bewoners en de opgave zoals die in het programma ontwikkelbuurten is benoemd. Daarnaast raakt deze nota vanzelfsprekend tal van beleidsambi­ ties en beleidsplannen. Die lichten we hieronder verder toe.

Koers 2025

5. Beleid

Koers 2025 ‘Ruimte voor de stad’ is vastgesteld op 14 september 2016. Deze nota is bepalend geweest voor de grote stedelijke transformatie en bouwprojecten waarmee we in Amsterdam Noord te maken hebben. De IJplein-/Vogelbuurt wordt omringd door twee gebieden die in Koers 2025 worden aangeduid als versnellingslocaties: Hamerkwartier en Sixhaven. Vooral bij de kansen voor de ongedeelde wijk en het meer divers maken van de woningvoorraad wordt nadrukkelijk een link gelegd met deze gebiedsontwikkelingen.

Woonagenda 2025

De Woonagenda heeft als uitgangspunt voldoende, betaalbare en goede woningen in 2025. Er is in kaart gebracht waar de huidige woningmarkt tekortschiet en welke aanvullende acties nodig zijn. Een uitwerking hiervan staat in het Woningbouwplan 2018-2025. Voor de ontwikkelbuurten zetten we in op de ontwikkeling van extra woningen en het maken van een grote stap in het realiseren van de duurzaamheidsambities. Verdichting in deze buurten biedt de kans om woningen toe te voegen en daarmee de woning­ voorraad in deze buurten meer gemengd te laten worden. Dit is ook een kans om de druk op de stad anders te verdelen. De stad kan meer in balans komen door de programmering van woningbouw en voorzieningen te rich­ ten op de stadsdelen Noord, Nieuw-West en Zuidoost. Het programma Huisvesting kwetsbare groepen is opgezet om oplossingen te vinden voor kwetsbare Amsterdammers met een urgent woonprobleem. Deze mensen hebben vaak meerdere problemen tegelijk op het gebied van financiën, wonen, werk, lichamelijke of geestelijke gezondheid en huiselijke relaties. Zolang het woonprobleem niet is opgelost, lukt het vaak niet om de andere problemen aan te pakken.

Ouderenhuisvesting

In heel Amsterdam groeit het aantal ouderen en ouderenhuisvesting is hiermee voor elk stadsdeel een relevant thema. De opgave voor ouderen­ huisvesting in de stadsdelen, wijken en buurten kent verschillende accenten, zowel kwantitatief als kwalitatief. De situatie in (oud)-Noord: de spreiding van ouderenwoningen lijkt gelijkmatig over Noord te zijn verdeeld met uitzondering van de gebieden Vogelbuurt en Van der Pekbuurt, waar relatief weinig ouderen wonen. Daarnaast is er een aantal gebieden waar woningen minder geschikt zijn voor ouderen of niet gemakkelijk geschikt te maken zijn: de Banne Noord, het noorden van de Oostzanerwerf, grote delen van Oud-Noord en twee gebieden in Noordoost (delen van Nieuwendam en Buikslotermeer). Een belangrijk aandachtspunt voor ouderenhuisvesting is de nabijheid van maatschappelijke voorzieningen en een openbare ruimte en

50

51

Principenota Volewijck

omgeving die op deze groep mensen is ingericht. De Tuindorpen in Noord bestaan grotendeels uit sociale huurwoningen. In deze woningen wonen van oudsher relatief veel ouderen. Met de verhuis­regeling kunnen we hierop inspelen waardoor ouderen met voorrang kunnen verhuizen naar een meer geschikte woning. Bij de ontwikkeling van nieuwe wijken kan hier rekening mee gehouden worden (bijvoorbeeld Vogelbuurt ­versus Hamerkwartier en Volewijck versus Papaverhoek). Circa 2.500 ouderen in Noord moeten rondkomen van een minimumin­ komen. Het gaat om 18% van alle 65-plussers. In vergelijking met andere stadsdelen is er weinig armoede onder ouderen in Noord. Binnen Noord behoren ouderen in de Volewijck (30%) en de IJplein-/Vogelbuurt (37%) veel vaker tot de minima. Het is van belang om meer met ouderen in contact te komen over het thema ouderenhuisvesting zodat de informatievoorziening en ondersteuning hen goed kan bereiken.

Amsterdams Detailhandelsbeleid 2018-2022 en Distributie P ­ lanologisch Onderzoek Noord

Het Amsterdamse Detailhandelsbeleid 2018-2022 biedt actueel beleid voor de detailhandel naar aanleiding van de nieuwe woningbouwlocaties die in Koers 2025 in kaart zijn gebracht. Het beleid geeft aan waar en hoeveel winkels nodig zijn in bestaande nieuwbouwgebieden. Er zijn twee hoofd­ beleidsdoelstellingen: boodschappen dichtbij voor bewoners en meerdere aantrekkelijke winkelgebieden, ook buiten de binnenstad. En er zijn zestien algemene beleidsregels geformuleerd. Daarnaast is er voor Noord een Distributie Planologisch Onderzoek opgesteld waarin staat welke impuls bestaande winkelgebieden moeten krijgen. Voor de verschillende plekken in de IJplein-/Vogelbuurt is als richting meegegeven om deze vooral te versterken, meer uitnodigend te laten zijn voor bezoekers en meer horeca toe te voegen zodat de verblijfskwaliteit wordt verbeterd.

Programma Bewegende stad

De inrichting van de openbare ruimte nodigt Amsterdammers bewust of onbewust uit tot bewegen. Daarbij wordt zogenaamde beweeglogica toe­ gepast: ruim baan voor de fietsers en voetgangers, sport om de hoek, de stad is een speeltuin en er wordt niet stilgezeten. Dit passen we toe bij het opnieuw inrichten van de openbare ruimte van de IJplein-/Vogelbuurt.

Sportvisie 2025 De sportieve stad en Strategisch huisvestingsplan sport

De Sportvisie 2025 beschrijft de ambities van de gemeente Amsterdam in de komende jaren. Amsterdamse kinderen moeten kunnen genieten van sport en bewegen. Er moet in elke wijk aanbod zijn van goede sportruimtes, zowel binnen als buiten. Het Strategisch huisvestingplan sport laat zien welke ruimte en investeringsopgave er nodig is voor sportaccommodaties in de periode 2020-2025. Mogelijkheden voor verbetering en toevoegen van sportvoor­zieningen liggen er in de IJplein-buurt en in het Hamerkwartier,

52

waarbij er ­functies worden toegevoegd en er extra inzet komt op het reali­ seren van Urban Sports-voorzieningen in de openbare ruimte.

Aanpak Gezond gewicht

Het programma Aanpak Gezond gewicht beschrijft dat een op de vijf kinde­ ren en jongeren in Amsterdam overgewicht of obesitas hebben en dat over­ gewicht vaker voorkomt bij kinderen met een (zeer) lage sociaaleconomische status (SES) zoals in de IJplein-/Vogelbuurt het geval is. Dit heeft ernstige gevolgen voor hun gezondheid op korte en lange termijn. Om gezond te kunnen opgroeien, h ­ ebben kinderen de inzet van hun ouders nodig maar ook die van professionals in het onderwijs, de zorg, welzijn- en buurtorganisaties, sportclubs en bedrijven. Met de Amsterdamse Aanpak Gezond gewicht werkt de gemeente samen met andere partijen aan een gezond gewicht voor de Amsterdamse jeugd.

Programmaplan Ouderenhuisvesting 2019-2022

Dit programma maakt zich sterk voor een goede woonpositie van de Amster­ damse ouderen. De positie van ouderen op de Amsterdamse woningmarkt vraagt om extra aandacht. Het aantal 65-plussers in Amsterdam neemt toe van 12% naar 16% in 2030 (Woning in Amsterdam 2017 (WiA)). Het klassieke verzorgingshuis is verdwenen en ouderen blijven langer thuis wonen. Veel woningen in de stad zijn niet geschikt om oud in te worden. Daar­ om besloot de gemeenteraad in 2015 tot het opzetten van een programma ouderenhuisvesting. Het huisvestingsbeleid voor ouderen is aangescherpt, de verhuisregelingen zijn verbeterd, er zijn wooncoaches gekomen en woning­ corporaties en zorgaanbieders werken beter samen in de zorghuisvesting. De IJplein-/Vogelbuurt is erbij gebaat als ouderen eerder bereid zijn naar een andere meer geschikte woning binnen de wijk te verhuizen.

Positief perspectief (jeugd)

Het college wil dat alle kinderen en jongeren weerbaar opgroeien in ­Amsterdam en volop kansen krijgen om zich positief te ontwikkelen en investeert hier fors in. De benodigde inzet van jongerenwerk en hulp wordt per stadsdeel geïnventariseerd en uitgebreid en/of versterkt in de buurten waar dat het hardst nodig is. De hoofdlijnen van Positief perspectief, weerbaar opgroeien zijn: De preventie van jeugdproblematiek zoals criminaliteit, pesten, (seksuele) uitbuiting van jongeren en slachtofferschap. De versterking van jongerenwerk: een positief perspectief en ontwikkel­ kansen bieden aan alle Amsterdamse jongens en meisjes. Het effectiever maken en wijkgerichter inzetten van de aanpak Top400 en het inzetten van de Top400-capaciteit voor een bredere groep risicojongeren.

Integrale buurtteams

De gemeente Amsterdam streeft ernaar dat elke Amsterdammer vanaf 1 januari 2021 voor allerlei ondersteuningsvragen op het gebied van welzijn,

53

Principenota Volewijck

inkomen, schulden en veiligheid terecht kan bij een buurtteam in de wijk. Buurtteams Amsterdam worden de spil in de wijk waar zorg en ondersteu­ ning samenkomt voor iedere Amsterdammer. De leefwereld en de vragen van de Amsterdammer met meerdere problemen zijn het uitgangspunt. Met deze nieuwe buurtteams wordt geëxperimenteerd in het kader van het Verbond van 100. Er wordt geoefend met de nieuwe werkwijze en zij zijn ook actief in de IJplein-/Vogelbuurt.

Actieplan Schone lucht

Het actieplan Schone lucht stelt ambitieuze en noodzakelijke maatregelen voor om de lucht in Amsterdam schoon te krijgen in de periode tot 2030. Daarvoor moeten we zoveel mogelijk vervuilingsbronnen wegnemen, ­waarbij eerst gekeken wordt naar de bronnen waar de gemeente de meeste invloed op heeft: het verkeer, de passagiers- en pleziervaart, biomassa/ houtstook en de mobiele werktuigen.

Agenda duurzaamheid

De gemeente Amsterdam heeft de ambitie om een stad zonder aardgas te worden en uiterlijk in 2040 over te gaan op duurzame, alternatieve warmtebronnen.

Erfgoed voor de Stad

In de Erfgoedagenda worden de hoofdlijnen, aandachtspunten en acties voor de komende jaren uiteengezet. Rode draad is het optimaal inzetten van erfgoed bij de transformatie en groei van de stad.

Erfgoedverordening Amsterdam

De Erfgoedverordening beschermt de boven- en ondergrondse cultuur­ historische waarden van de gemeente Amsterdam.

Amsterdamse referentienorm voor maatschappelijke ­voorzieningen, groen en spelen (2018)

Een goed aanbod van maatschappelijke voorzieningen is cruciaal voor de leef kwaliteit van een buurt, het stadsdeel en de stad als geheel. Bewoners hebben behoefte aan maatschappelijke voorzieningen voor hun ­ontwikkeling, gezondheid, ter ontspanning of als vangnet. Dit betekent dat deze voorzieningen goed voor handen moeten zijn. Hiervoor is in 2018 de ­referentienorm voor maatschappelijke voorzieningen vastgesteld dat hand­ vatten biedt voor ruimtereserveringen voor maatschappelijke voorzieningen, groen en spelen in gebiedsontwikkeling.

gebruik toe en draagt het bij aan de sociale veiligheid in de buurt. Ook kansen qua ­biodiversiteit, ecologische verbindingen en rainproof ­inrichten van de ­openbare ruimte moet hierin meegenomen worden.

Integrale Landschapskaart (2020)

Als input voor de Groenvisie heeft stadsdeel Noord de Integrale Land­ schapskaart opgesteld waarin de belangrijkste landschappelijke structuren worden beschreven op stadsdeelniveau voor de thema’s cultuurhistorisch landschap, groen, water en gebruik. Zo wordt het Noordhollandsch Kanaalzone en omliggende groengebieden als één landschapspark ontwikkeld. Integrale Landschapskaart dient in ver­ dere planvorming te worden meegenomen.

Visie Openbare Ruimte 2025 (2017)

In 2025 is de openbare ruimte voor iedereen toegankelijk, er wordt ­prioriteit gegeven aan verblijfsfuncties, voetgangers en fietsers, de inrichting is gericht op flexibel gebruik, ziet er mooi uit en nodigt uit tot beweging. In de visie zijn 5 ambities opgesteld die bijdragen aan een aantrekkelijke en bruikbare openbare ruimte: Inrichten op huidig en toekomstig gebruik; Het ondersteunt de dynamiek van de stad; Wordt duurzaam ingericht en beheerd; De openbare ruimte wordt overal op verzorgd niveau onderhouden; Het inrichten en beheren van de openbare ruimte is een gezamenlijke opgave.

Uitvoeringsagenda mobiliteit

Amsterdam wordt steeds drukker en mobiliteit blijft een belangrijk ­onderwerp. De gemeente Amsterdam heeft daarom een uitvoeringsagenda mobiliteit met 3 speerpunten opgesteld: 1. Meer ruimte in het centrum 2. Betere doorstroming op belangrijke routes 3. Verbinden van de binnenstad met de delen daarbuiten (Het verbeteren van de verbinding met Noord)

Agenda Groen (2015)

In het kader van de Agenda Groen en de stedelijke Groenvisie (verwachting 2020) spelen verbindingen en toegankelijkheid van het groen en het buurt­ groen een belangrijke rol. Buurtgroen heeft een belangrijke ontmoetings­ functie voor buurtbewoners en zorgt ervoor dat mensen meer bewegen. De openbare ruimte moet toegankelijk en gebruiksvriendelijk ingericht worden voor functies zoals sport, spel en recreatie. Hierdoor neemt het 54

55

Principenota Volewijck

6.1 Krachtenveldanalyse In de verkenningsfase is een overzicht gemaakt van de stakeholders in de Volewijck. Er zijn gesprekken gevoerd met de belangrijkste stakeholders zoals de woningcorporaties, bewoners, vastgoedeigenaren, scholen en welzijnsorganisaties. Ten aanzien van de bewoners hebben we onze aan­ dacht vooral gericht op vertegenwoordigers van bewonersorganisaties en sleutelfiguren. We hebben verkend welke belangen zij hebben en waaraan zij waarde hechten in de buurt. Met de start van de volgende fase maken we aan de hand van deze lijst een krachtenveldanalyse.

6. Krachtenveldanalyse en risicoverkenning

Bij het uitwerken en realiseren van de plannen is samenwerking tussen gemeente en (veel) andere partijen onontbeerlijk. Daarvoor is het nodig om met alle betrokkenen heldere afspraken te maken over rollen en taken, en daarover goed te communiceren met iedereen die dat aangaat Deze principenota stelt maatregelen voor die gericht zijn op meerdere doelen. Het belang of de rol van de betrokkenen bij de verschillende maat­ regelen kan uiteenlopen. Bijvoorbeeld in het geval van de plannen voor het gasloos maken van woningen versus maatregelen gericht op het verbeteren van de sociaaleconomische situatie in de wijk. Ons uitgangspunt voor de vervolgfase is dat we bewonersgroepen en andere (maatschappelijke-) orga­ nisaties die het aangaat in een vroeg stadium uitnodigen om mee te denken over de uitwerking van maatregelen, dilemma’s en keuzes. Op dit moment is nog niet duidelijk welk effect het Covid-19-virus heeft op de ontwikkelbuurtenaanpak. In ieder geval is zeker dat het iedereen raakt of zal raken, zowel de bewoners van de Volewijck als de corporaties, sociaal­ maatschappelijke organisaties en de gemeente. Het blijft daarom belangrijk om vanuit het project het belang en de samenhang van de beoogde maatre­ gelen te duiden.

6.2 Risicoverkenning Volgt later

56

57

Principenota Volewijck

Deze verkenningsfase is niet alleen een gemeentelijke analyse. Er zijn ver­ kennende gesprekken gevoerd met belangrijke stakeholders waaronder de woningcorporaties, bewoners, vastgoedeigenaren, scholen, NUTS-bedrijven en welzijnsorganisaties. In de vervolgfase van de planvorming worden deze partijen nauw betrokken bij de verdere uitwerking van de plannen, inclusief de bijbehorende ontwikkelstrategie.

7. Ontwikkelstrategie

Voor de sociaaleconomische opgaven is een samenhangend pakket aan maatregelen nodig. Dit bevat een aantal bestaande projecten die worden uitgebreid en aangevuld met nieuwe initiatieven en maatregelen die passen bij de in deze nota geschetste opgaven in de Volewijck. Hierbij leggen we nadrukkelijk de link met de verdere uitwerking van de fysieke opgaven in de buurt. Deze dienen samen opgepakt te worden zodat ze elkaar verster­ ken en kansen worden benut in het kader van planning en werk met werk maken. De wijk wordt integraal verbeterd, huizen worden gerenoveerd, stra­ ten en pleinen worden opgeknapt en er is aandacht voor sociale problemen en veiligheid en overlast. De grootste kansen om de wijk te verbeteren liggen bij het onderhoud en de vernieuwing van de openbare ruimte en door die werkzaamheden te combineren met de activiteiten om de wijk gasloos te maken. Hiervoor is een Nota van Uitgangspunten in voorbereiding. Op basis daarvan worden voorlopige ontwerpen opgesteld. Dat proces start direct na vaststelling van deze principenota. Daarnaast liggen er concrete kansen in de renovatie van de woningvoorraad en het toevoegen van nieuwbouwwoningen op de geselecteerde verdichtingslocaties. We stellen voor om in 2020 te werken aan een projectnota om de haalbaarheid van deze plannen te onderzoeken. Vaststelling van deze projectnota kan dan in 2021.

In deze wijk, waar al veel gebeurd is, is het van groot belang dat alle inzet in samenhang wordt gedaan. De verbeteringen in het verleden zijn namelijk vaak met weinig samenhang uitgevoerd. Tijdens de voorbereiding van de besluitvorming worden mogelijke quick wins op haalbaarheid onderzocht en uitgevoerd. Dit gebeurt altijd in overleg met de bewoners. Ook steunen we initiatieven van bewoners die passen bij de doelen van de ontwikkelbuurten. Om draagvlak voor de plannen te houden en te laten zien dat we werken aan verbetering van de buurt, is het noodzakelijk om al op korte termijn te starten met het realiseren van de quick wins.

58

59

Principenota Volewijck

De Volewijck kent een forse opgave met betrekking tot het groen, de ­o­­penbare ruimte en infrastructuur. De verdienpotentie in de vorm van het toevoegen van woningen is aanwezig, ook zijn er middelen beschikbaar ­vanuit stedelijk beheer, het mobiliteitsfonds en Aardgasvrij maar er zal ­verder moeten worden onderzocht in hoeverre deze middelen dekkend zullen zijn voor de gehele fysieke opgave.

8. Financiën

In verdere planvorming (projectplan) zal de opgave van de buurt vertaald worden in concrete fysieke en ruimtelijke maatregelen daarbij zal ook ­gekeken moeten worden naar prioritering van de opgave in relatie tot de financiering. Uitgangspunt daarbij is dat Noord wordt ontwikkeld volgens het principe van de ongedeelde wijk. Ontwikkeling van de bestaande ­buurten moet er aan bijdragen dat er geen scheiding ontstaat tussen bestaande en nieuwe buurten en Noord zich als geheel ontwikkeld. Bij de verdere ­uitwerking van deze principenota is het van belang zowel naar samenhang binnen het plangebied als samenhang in de ontwikkeling van het gehele stadsdeel te kijken. Voor de sociaaleconomische opgaven zoeken we met betrokken directies naar dekking of verschuiving van middelen om een substantiële bijdrage te kunnen leveren aan de opgaven die in de Volewijck spelen.

60

61

Principenota Volewijck

9.1 Wat hebben we gedaan Gebiedsteams, gebiedsmakelaars en projectteams voeren vaak gepland en ongepland gesprekken met bewoners en ondernemers in de wijk. Deze gesprekken vormen het fundament onder de meer formele informatie- en participatiebijeenkomsten. Juist in de informele contacten met jongeren, ondernemers, vrijwilligers en bewoners spreken we met elkaar over de grote en kleine gebeurtenissen in de wijk, over de zorgen, wensen, kansen en ideeën die mensen hebben.

9. Participatie en communicatie

De afgelopen periode (2019/2020) zijn, naast deze dagelijkse gesprek­ ken zowel kleinschalige als grotere bijeenkomsten georganiseerd om met ­bewoners te spreken over hun wijk en de (aandachtspunten uit de) principenota.  rede wijkbijeenkomst o.a. over de openbare ruimte, zomer 2019 B Wijkbijeenkomsten over buurtbudgetten Kleinschalige en individuele gesprekken over de buurt Kleinschalige gesprekken over de Heggerankweg e.o. Meerdere bijeenkomsten over aardgasvrij Een bijeenkomst over de toekomst van Buurthuis van der Pek Kleinschalig buurtgesprek over de principenota Door het uitbreken van het coronavirus hebben we de brede wijk­ bijeenkomst over de principenota op 26 maart moeten afzeggen. Aan het einde van de zomer zullen we aan de hand van de ‘principenota-krant’ (huis aan huis verspreid) en via enkele digitale informatiebijeenkomsten en ­kleinschalige wijkbezoeken met bewoners in gesprek gaan over de principenota.

“Prachtig om te zien hoe mensen wat extra’s voor elkaar over hebben in deze tijd. Drie hechte buurtjes met allemaal hun eigen manier.” Thijs Bonten, Gebiedsmakelaar

9.2 Wat gaan we doen De principenota is een verdere verkenning van kansen en mogelijkheden in de Volewijck. De afgelopen jaren is door bewoners, corporaties en de gemeente veel geïnvesteerd in de buurten. In deze nota geven we aan wel­ ke (nieuwe)opgave we zien in de wijk en welke kansen en oplossingen doen zich voor of kunnen gecreëerd worden om de beoogde verbetering van de buurt te bewerkstelligen. Na het akkoord vanuit het college kan er gewerkt worden aan het concretiseren van globale ideeën naar uitgewerkte plannen. In deze fase gaan we van een algemene naar een specifieke invulling van de verschillende projecten en thema’s. Sommige onderdelen van de principenota vragen om een lange onderzoek­ tijd, bijvoorbeeld als het gaat om woningbouw of bereikbaarheid. Sommige zaken kunnen sneller opgepakt worden of hebben vooral betrekking op een klein gedeelte van de wijk. In veel gevallen gaan we verder met 62

63

Principenota Volewijck

initiatieven, wensen en plannen waar al langer aan wordt gewerkt of die al langer bekend zijn. Omdat niet iedereen heeft altijd zin, tijd of gelegenheid heeft om zich intensief met alle ontwikkelingen in de wijk te bemoeien, en om iedereen wel de gelegenheid en mogelijkheid te bieden mee te praten, ­stellen we voor om de volgende uitgangspunten voor participatie te hante­ ren: Interactief: bewoners, ondernemers en overheid hebben een verschillende positie en daardoor een verschillende rol en verantwoordelijkheid. Desalniettemin streven we ernaar om in samenwerking en wisselwerking en met respect voor ieders expertise aan projecten en activiteiten te werken. Maatwerk: participatie passend bij de situatie.  o-creatie: waar mogelijk werken we gezamenlijk aan het ontwikkelen C en/of uitvoeren van projecten, zowel fysieke als sociale vraagstukken.  onderzoeken met bewoners hoe initiatieven, ideeën en wensen van We bewoners zo goed mogelijk opgepakt kunnen worden.  zijn duidelijk over de kaders voor de besluitvorming. Bij de start moet We duidelijk zijn wie het besluit neemt, waarover en hoe de besluitvorming plaatsvindt.  r is aandacht voor de korte en lange termijn, voor plannen voor de E hele wijk en plannen voor een beperkt gebied of een specifieke groep bewoners.

 e bespreken graag met bewoners en ondernemers wat we kunnen doen W om zo transparant en duidelijk mogelijk te communiceren.

door armoede) invloed heeft op de wijze waarop nieuwe informatie wordt opgenomen. We baseren onze communicatieaanpak op de stedelijke richtlijnen maar houden ook rekening met de specifieke vraag van deze buurt. Zo zoeken we regelmatig naar andere middelen of kanalen om bewoners goed te infor­ meren en dat blijven we doen rond de principenota en de volgende fasen blijven. Op dit moment gebruiken we de volgende communicatiemiddelen:

Digitaal:  rojectenpagina ontwikkelbuurt P Buurtpagina website Amsterdam.nl Facebookpagina van de gebiedsmakelaars

Papier en in levende lijve:  uurtkrant Hallo van der Pek B Bewonersbrieven Nieuwsbrief ontwikkelbuurten Krant principenota (eenmalig) Buurtgesprekken en informatieavonden VanderPek-magazine Bewonersbrieven

“Heb jij een vraag voor jezelf of iemand anders? Of wil je gezellig kletsen? Kom naar Bankje van der Pek.” Barbara van der Weiden Participatie manager, Doras

 e onderzoeken de behoefte naar het werken met klankbordgroepen. W In klankbordgroepen voeren we het gesprek over de voortgang van ­ontwikkelingen die de wijk, buurt of straat aangaan.  e onderzoeken hoe we bewoners tegemoet kunnen komen bij het werk W voor hun buurt en de tijd die ze erin investeren.

9.3 Communicatie In een wijk waar niet iedereen Nederlands als moedertaal heeft, laagge­ letterdheid voorkomt en een deel van bewoners ook in hun eigen taal laaggeletterd is, is het vanzelfsprekend belangrijk om voldoende aandacht te besteden aan onze communicatie. Ook omdat we inmiddels weten dat, naast de mate van taalvaardigheid, langdurige stress (bijvoorbeeld

64

65

Principenota Volewijck

10.1 Planning

10. Planning en organisatie

Het voorliggende principebesluit wordt in het najaar van 2020 genomen. Vervolgens werken we aan een integraal plan voor de openbare ruimte, voortbouwend op de nota van uitgangspunten. Een belangrijk aandachts­ punt hierbij is te onderzoeken welke dekkingsbronnen er beschikbaar zijn en hoe deze zo goed mogelijk op elkaar afgestemd kunnen worden. Vooral regulier onderhoud, het aanleggen van het warmtenet, en het vervangen van riolering en afvalinzamelingsplekken kan gecombineerd worden met het herinrichten van de openbare ruimte. Zo kan werk met werk gemaakt worden en is de overlast voor bewoners, ondernemers en bezoekers mini­ maal. Met de woningbouwcorporaties en de gebiedsontwikkelingsprojecten starten we een traject om tot samenwerkingsafspraken te komen over een meerjarige wijkvisie, een vastgoedstrategie en toewijzingsbeleid. Voor de verdichtingslocaties bereiden we project- en investeringsbesluiten voor. De verwachting is dat deze halverwege 2021 ter besluitvorming worden voorgelegd. Voor de sociaaleconomische opgaven voortkomend uit deze principenota stellen we een integraal sociaal plan op waarmee uitvoering wordt gegeven aan alle initiatieven en projecten die zijn voorgesteld in deze nota.

10.2 Organisatie Namens stadsdeel Noord is Anne-Jan Zieleman de ambtelijk opdrachtgever. Voor het maken van de Principenota Volewijck is een projectgroep ingesteld bestaande uit de volgende functies:  rojectmanager en assistent (Noord) P Projectmanager OR (Noord) Sr. Beleidsmedewerker (R&D) en ontwerper Openbare Ruimte (R&D) Projectleider grondzaken en planeconoom (G&O) Communicatieadviseur (Communicatiebureau) Planner (PMB) Gebiedsmakelaar, adviseur veiligheid, adviseur basisvoorzieningen (Noord) Projectleider Aardgasvrij Daarnaast hebben we informatie verkregen van de andere directies van de gemeente Amsterdam, waaronder G&O, Vastgoed, OJZ, Wonen, V&OR en Stadswerken.

66

67

Principenota Volewijck

Het college van Burgemeester en Wethouders besluit: 1.  Kennis te nemen van Principenota Volewijck waarin de bestaande situatie wordt beschreven en aanleiding, urgentie en mogelijkheden voor verbetering van de Volewijck in beeld worden gebracht.

11. Principebesluiten

2. In te stemmen met de sociaal maatschappelijke opgave en opdracht te geven tot het opstellen van een plan van aanpak waarbij de essentie ligt in het versterken van de positie van kwetsbare bewoners en het vergroten van kansen voor kinderen en jongeren. 3.  In te stemmen met een nadere uitwerking van maatregelen die de werkgelegenheid en maatschappelijke participatie verbeteren. 4.  In te stemmen met een nader onderzoek en uitwerking van maatregelen om de geconstateerde veiligheidsproblematiek te verbeteren. 5. In te stemmen met de opgave wonen waarbij een samenhangend pakket aan maatregelen, in relatie tot de ontwikkelingen in de omliggende projectgebieden, de nog te realiseren nieuwbouw en samenwerkingsafspraken met corporaties op basis van de uitgangs­ punten van de ongedeelde wijk, een bijdrage levert aan de geconstateerde woonwensen. 6. In te stemmen met nader onderzoek naar de invulling van de genoemde ontwikkellocaties. 7.  In te stemmen met nader onderzoek en uitwerking van de opgave openbare ruimte en bereikbaarheid met als doel te komen tot een samenhangend plan op hoofdlijnen gericht op het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte, het vergroten van de (sociale)veilig­ heid, de verbindingen voor langzaam verkeer, de verkeersveiligheid en de aansluiting/inpassing van (toekomstige) mobiliteitsprojecten.

8.  In te stemmen met (in samenhang met beslispunt 7) het nader uitwer­ ken van de ambities op gebied van groen en openbare ruimte om zo de mogelijkheden voor recreatie, sport&spel, beweging en buurtbinding te verbeteren. 9.  In te stemmen met het uitwerken van de integrale fysieke opgaven naar een projectbesluit. 10.  In te stemmen met de duurzaamheidsopgave en nadere onderzoek te doen naar een passende aanpak om de geconstateerde problematiek te verbeteren.

68

11. Kennis te nemen van de uitkomsten van het participatietraject en in te stemmen met een plan van aanpak waarin de participatie verder wordt vorm gegeven.

69

Principenota Volewijck

12. De Wethouder Wonen aan te wijzen als bestuurlijk opdrachtgever, de directeur Grond en Ontwikkeling aan te wijzen als ambtelijk opdrachtgever voor het integrale fysieke programma, de stadsdeel­ secretaris Noord aan te wijzen als ambtelijk opdrachtgever voor het integrale ­sociaaleconomische programma en de directeur Wonen als ­coördinerend ambtelijk opdrachtgever. 13. Kennis te nemen van het positief advies van het dagelijks bestuur van stadsdeel Noord: in de vergadering van <....> heeft het dagelijks bestuur positief geadviseerd op de Verkenning van Kansen Volewijck. 14. Kennis te nemen van het positief advies van de Stadsdeelcommissie Noord: in de vergadering van <datum> heeft de stadsdeelcommissie <….> geadviseerd op de Verkenning van Kansen Volewijck.

12. Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5.

70

Financiële paragraaf (kabinet) OIS-analyse van de wijk SAP-advies RvdS-Advies Bewonersadvies

71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10877664/1