Bijlage 1.Bezwaarbrief 1-12-20 huurverhoging voor tennisverenigingen in 2021
Tekst van het document
Amsterdam, 1 december 2020
Aan:
De leden van de Raadscommissie voor Zorg, Jeugdzorg en Sport van de Gemeenteraad Gemeente Amsterdam De leden van de Raadsfracties Gemeenteraad Amsterdam
Betreft: Behandeling begroting 2021, en met name de voorgenomen huurverhoging van 12,5 % voor de tennisverenigingen van Amsterdam
Geachte Raadscommissie, Raadsfracties, Binnenkort wordt de begroting van de gemeente Amsterdam besproken en vastgesteld. Onderdeel van die begroting is de begroting van Sport en Bos, met daarin een voorgenomen verhoging van 12,5 % voor de huur van de buitensportvelden. Als tennisverenigingen maken wij ernstig bezwaar tegen deze buitensporige huurverhoging. De redenen in het kort: tennisverenigingen betalen al een marktconforme (100% kostendekkende) huur, worden niet gesubsidieerd zoals voetbal en hockey, en krijgen daarom te maken met een onevenredige verhoging. Bovendien betalen Amsterdamse tennisverenigingen een aanzienlijk hogere huur dan in andere grote gemeenten het geval is. Het besluit is onvoldoende gemotiveerd en zonder enig overleg eenzijdig tot stand gekomen. Naar onze mening is het dan ook genomen in strijd met de beginselen van behoorlijk bestuur. Wij vragen daarom met klem dit besluit ongedaan te maken. We lichten onze bezwaren hieronder toe. Door de afdeling Sport en Bos is in maart aan de Amsterdamse Tennisverenigingen medegedeeld dat door de gemeente Amsterdam eenzijdig een huurverhoging zou worden opgelegd van 12,5 % per jaar, ingaande 1 augustus 2020 – later vanwege de Corona-situatie opgeschort tot 1 januari 2021.
Als (bijna alle) tennisverenigingen die velden huren van de gemeente Amsterdam, en namens de meer dan 11.000 leden van deze verenigingen, maken wij ernstig, maken wij ernstig bezwaar tegen deze huurverhoging. De meeste van de verenigingen hebben al individueel bezwaar gemaakt tegen deze huurverhoging, onder anderen omdat daarover niet is overlegd met de KNLTB of de verenigingen zelf en omdat veel verenigingen van mening zijn dat de verhoging in strijd is met de gebruikers- of huurovereenkomst. Zowel door de KNLTB als door de verenigingen zelf zijn daarover bezwaarschriften ingediend. Tot nog toe is daarop helaas nog geen inhoudelijke reactie gekomen. Alleen heeft wethouder Kukenheim op 2 november aan een van de verenigingen laten weten een juridisch check uit te voeren op de overeenkomsten.
1
Naast de – door veel verenigingen zelf al betwiste - rechtmatigheid van de verhoging zijn wij van mening dat deze huurverhoging in strijd is met de beginselen van behoorlijk bestuur1. Bovendien is de argumentatie voor wat betreft tennisverenigingen gebaseerd op onjuiste aannames. Daarbij wordt ten onrechte gedaan alsof de situatie van de drie grootste sporten van Amsterdam, namelijk voetbal, tennis en hockey, hetzelfde is. Het gaat daarbij om de volgende vijf punten.
1e Tennisverenigingen betalen aan huur 100% van de kosten van aanleg, beheer en
onderhoud (zie o.a. het Tarievenbesluit Buitensporten Amsterdam van 2017). Deze kosten zijn al jaarlijks geïndexeerd met ca. 2,5%. De gemeente heeft niet onderbouwd waarom en waardoor de kosten van het beheer en onderhoud voor tennisvelden gestegen zijn. Dit is in strijd met het motiveringsbeginsel. 2e Door de gemeente wordt betoogd dat de huurtarieven van de drie grootste sporten lager zijn dan in andere grote gemeenten.. Dat geldt mogelijk voor voetbal en hockey, maar zeker niet voor tennis. Door de KNLTB is na onderzoek geconcludeerd dat de huurtarieven voor tennisverenigingen minimaal 50% hoger liggen dan elders, namelijk ca. € 9.000 in Amsterdam versus ca. € 6.000 in de overige vijf grootste gemeenten van Nederland. Het bevreemdt ons dat de gemeente in haar motivatie wél de vergelijkende kosten van voetbal en hockey opneemt, maar het tennis, waar het argument juist niet opgaat, buiten beschouwing laat. Dit is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. 3e Er is sprake van ongelijke behandeling tussen de drie grootste sporten van Amsterdam. In de notitie buitensporttarieven Amsterdam uit 2016 is geanalyseerd dat tennis 100% van de kosten via de huur in rekening worden gebracht en bijvoorbeeld voetbal en hockey respectievelijk 17% en 22% (kunstgras). Dit heeft als consequentie dat de tennisverenigingen inderdaad de volledige kostenstijging van 12,5% moeten betalen.
Voetbal en hockey betalen van de betoogde 12,5% kostenstijging slechts respectievelijk 2,1% en 2,8%. De rest wordt als nog gesubsidieerd door de gemeente. Dit maakt dat de gevolgen voor de tennisverenigingen in Amsterdam onevenredig groot zijn. Hiermee voldoet het beleid niet aan het evenredigheidsbeginsel voor behoorlijk bestuur. Redelijk zou zijn om alle verenigingen ongeveer een zelfde deel van de kostenstijgingen in rekening te brengen. Daarbij aangetekend dat nog steeds onduidelijk is in hoeverre deze kostenstijging reëel is. 4e Ook is er sprake van ongelijke behandeling ten opzichte van de binnensporten. Deze krijgen een huurverhoging van ‘slechts’ 8% om de absolute stijging in kosten tussen binnen- en buitensportaccommodaties niet teveel uiteen te laten lopen, aangezien de huurprijs per uur voor een binnensportaccommodatie vele malen hoger is dan voor een buitensportaccommodatie. Diezelfde redenering zou dan moeten gelden voor de Tennisverenigingen, die reeds 100% van de kosten betalen,
1
Zorgvuldigheidsbeginsel: het op juiste feiten baseren van het besluit ; Motiveringsbeginsel: inzicht in onderbouwing en gevolgen van het besluit; Gelijkheidsbeginsel: gelijke situaties moeten gelijk behandeld worden; Evenredigheidsbeginsel: gevolgen besluit moet voor één of meer belanghebbenden niet onevenredig zijn.
2
in tegenstelling tot voetbal en hockey, die 17% resp. 22% (kunstgras) van de kosten betalen. Dit is in strijd met het gelijkheidsbeginsel. 5e Tenslotte zijn de gevolgen voor leden van tennisverenigingen groot. Verenigingen krijgen te maken met onverwachte huurverhogingen tot wel € 13.000 per jaar, en contributieverhogingen van € 8 tot € 15,- per lid per jaar, afhankelijk van het aantal velden en leden. Ook hier bevreemdt het ons dat de gemeente wél de gevolgen voor voetbal en hockey weergeeft, maar ook hier het tennis, waar de gevolgen het grootst zijn, achterwege laat. Dit is in strijd met het motiveringsbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel.
De Amsterdamse tennisverenigingen hebben het, ondanks dat zij een van de eersten waren waar weer gesport kon worden, dit jaar geweldig moeilijk gehad door alle Corona maatregelen. Zie daarvoor onder anderen de onderzoeken van het Pim Mulier Instituut2 naar de belasting voor vrijwilligers en de schade voor verenigingen. Voor veel verenigingen is het onzeker wat het komende jaar gaat brengen qua lidmaatschap van nieuwkomers en leden, die het afgelopen jaar niet of nauwelijks hebben kunnen spelen. Wij vinden de plotselinge en exorbitante huurverhoging in strijd met het beleid van de gemeente Amsterdam om sport en beweging te stimuleren. Deze verhoging doet bovendien ook geen recht aan de kamerbrede oproep, gesteund door de minister, om de sportinfrastructuur in stand te houden. Om deze redenen vragen wij u daarom om, gedurende de bespreking van de begrotingen, bezwaar te maken tegen de aangekondigde huurverhoging en de Wethouder te vragen de aangekondigde huurverhoging in te trekken. Met sportieve groeten, Herman Berk Penningmeester ALTC Joy Jaagpad Namens de besturen van de volgende tennisverenigingen, Tennisvereniging Strandvliet De Meer Tennis Tenniscentrum Elzenhagen Tennisvereniging Geuzenveld ALTC Joy Jaagpad ABN Amro Tennisclub Tennisvereniging Osdorp
Tennisclub IJburg ALTC De Algemene AMVJ Tennis Tennisvereniging VVGA TOB Tennis Tennisclub IJsbaanpad Tennisclub Amsterdam
Bijlage: Bezwaarbrief van de KNLTB aan de Expertgroep Tennis, 26 maart 2020
2
Zie https://www.mulierinstituut.nl/ de publicaties ‘Gevolgen coronacrisis voor sportverenigingen’ en ‘Monitor Sport en Corona II’.
3