CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Begroting 2024.pdf

Raadscommissie Onderwijs, Zorg en Armoedebestrijding 18 oktober 2023, gemeente AmsterdamBij agendapunt: De Begroting 2024 (VN2023-021031)49.340 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 6

Logistiek zorgt ervoor dat de stad schoon, heel en bevoorraad blijft. Tegelijkertijd heeft logistiek een grote impact op de stad. Om die reden stellen we eisen aan logistiek. We bevorderen schoon, licht, verkeersveilig en efficiënt goederenvervoer door bundeling van goederen (logistieke hubs), transport over water en specifieke aandacht voor gebieden in de stad waar de (logistieke) druk hoog is.

Touringcar In 2023 heeft besluitvorming plaatsgevonden over het verkeersbesluit en ontheffingenbeleid waarmee touringcars zwaarder dan 7,5 ton grotendeels geweerd worden binnen de S100. Om touringcars te faciliteren in het vlot afwikkelen van halteren, bufferen en parkeren zoeken we naar geschikte locaties, buiten het centrum en aan de rand van de stad, voor deze functies in 2024.

Amsterdam is op een veilige en duurzame manier bereikbaar voor commercieel vervoer. Indicatoren doel 1

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

Geen indicator beschikbaar

Zie indicatoren onder activiteit 2.1.3.1 / 2.1.3.2.

Begroting 2024

77

H3.2.1

Activiteit 2.1.3.2

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

We werken aan een betrouwbaar en milieuvriendelijk taxivervoer. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

1

Percentage uitstootvrije taxi’s

-

-

-

Zie toelichting

-

2

Aantal gemeten unieke taxivoertuigen rond de S100 tijdens de weekendnachten

-

-

-

Zie toelichting

-

3

Aandeel ontheffinghouders taxi t.o.v. aantal gemeten unieke taxivoertuigen

-

-

-

Zie toelichting

-

Vervoerregio Amsterdam (VRA) De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten rond verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdrachtgeverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de Investeringsagenda Mobiliteit. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering) van ruim € 400 miljoen per jaar. De regioraad stelt de begroting vast. De gemeenteraden van de deelnemende gemeenten kunnen een zienswijze daarover afgeven.

Servicehuis Parkeer en Verblijfsrechten (SHPV) Het beleid rondom taxi wordt samen met het Rijk herijkt in 2023/2024. Aan de hand van deze regelgeving worden er indicatoren ontwikkeld. In huidige begroting betekent dit, dat er voor nu geen waarden zijn opgenomen in bovenstaande indicatoren.

Taxi In de Agenda Taxi 2020-2025 staan vier doelen centraal: betrouwbaar, veilig, bonafide taxivervoer, in een leefbare stad. In de Amsterdamse Taxi Aanpak (“ATA”, december 2021) zijn 11 maatregelen benoemd om tot het nieuw gemeentelijke taxi beleid te komen. Inmiddels is de Amsterdamse Taxi Aanpak (“ATA”) aan herijking toe omdat de taximarkt in de afgelopen tijd behoorlijk is veranderd. Zo is er een verschuiving van een opstap- naar de bestelmarkt. Daarnaast heeft de corona pandemie ervoor gezorgd dat veel chauffeurs schulden hebben. Ook is het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat inmiddels gestart met een evaluatie van de landelijke taxiwet en regelgeving. De planning van het ministerie is om die evaluatie, inclusief aanbevelingen voor eventuele wetswijzigingen, eind 2023 af te ronden. Dan zal er meer duidelijkheid komen over de wijze waarop de gemeente in de toekomst grip kan uitoefenen op de markt en over wanneer en in welke vorm taxizones kunnen worden ingevoerd. Ondertussen wordt er, samen met belanghebbenden, gewerkt aan een nieuwe planning en een mogelijke herindeling van de maatregelen uit de ATA.

Begroting 2024

Voor het handhaven van het betaald parkeren gebruiken we het Nationaal ParkeerRegister (NPR) van de coöperatie Servicehuis Parkeer- en Verblijfsrechten (SHPV). Het SHPV beheert namens aangesloten gemeenten het register. Zo kunnen we op dezelfde landelijke digitale manier parkeren registreren en raadplegen voor (digitale) handhaving. Als parkeergarages in eigendom van ons en onderdeel van een gebouwencomplex zijn, dan zijn wij verplicht lid van de Vereniging van Eigenaren (VvE).

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen) Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 2026 2027 Baten

326,4

52,0

56,6

55,0

45,4

45,4

Lasten

205,8

259,4

238,4

225,7

206,6

201,1

Saldo Baten en Lasten

120,6

-207,4

-181,7

-170,7

-161,2

-155,6

Onttrekking

292,0

100,2

14,0

11,1

7,7

0,0

Toevoeging

171,2

424,3

132,5

135,0

143,3

142,4

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

120,8

-324,1

-118,5

-123,9

-135,6

-142,4

Totaal

241,4

-531,5

-300,2

-294,6

-296,8

-298,0

78

H3.2.1

Baten De baten in dit programmaonderdeel zijn € 56,6 miljoen. Deze baten bestaan uit: • Baten door opbrengsten van het parkeren “achter de slagboom” (parkeergarages, P+R en fietsenstallingen). (€ 43,0 miljoen) • De baten uit bijdragen van derden zoals de Vervoersregio Amsterdam (VRA), de provincie en het Rijk. (€ 11,7 miljoen) • Baten ten behoeve van een gecoördineerde inzet op mobiliteitsregie ontvangen van diverse partners. ( € 1,0 miljoen) • De overige baten zijn afzonderlijk kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe.

Lasten De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 238,4 miljoen. Deze lasten bestaan uit: • Lasten voor ICT diensten (personeelskosten die betrekking hebben op onder meer functioneel beheer, privacy, security, proces-en programmamanagement en informatiebeheer) ter ondersteuning van de activiteiten in dit programmaonderdeel, luchtmeetnet en inzet vanuit het Juridisch bureau. (€ 4,0 miljoen) • Lasten voor de projecten Smart Mobility en Bezit naar Gebruik (€ 3,0 miljoen) • Lasten voor projecten ten behoeve van de Luchkwaliteit en Laadpalen infrastructuur. (€ 11,1 miljoen) • Lasten om Parkeren van auto en fiets zo duurzaam en kosteneffectief mogelijk te maken. Voor € 51,5 miljoen worden werkzaamheden uitbesteed, zoals het parkeer­ beheer. Er is € 29,3 miljoen opgenomen voor garages en terreinen (huur, ICT, servicekosten, onderhoud, schoonmaak, beveiliging, OZB, erfpacht, etc.). Tevens zijn er kosten voor groot onderhoud aan gebouwen (€ 3,9 miljoen), rente en afschrijving op bezittingen (€ 6,3 miljoen), loonkosten voor personeel en inhuur (€ 9,5 miljoen) opgenomen. Daarnaast zijn er bankkosten en kosten voor parkeren via parkeerapps (€ 2,5 miljoen). (€ 103,0 miljoen) • Vermindering van de lasten vanwege de marktconformiteitsopslag die facilitaire diensten in dit programmaonderdeel toerekenen aan hun diensten.

Door apart lagere lasten te begroten gelijk aan de marktconformiteitsopslag is het effect binnen het programmaonderdeel van de marktconformiteitsopslag nihil.(€ 18,7 miljoen negatief) • Lasten voor de Inzet van juristen, project assistentes en inkoop voor projecten in de Openbare Ruimte. (0,5 miljoen). • Lasten voor activiteiten ter voorbereiding en ondersteuning van projecten in of voor de beginfase. (€ 9,1 miljoen )

Begroting 2024

• Lasten met betrekking tot het programma Stadsverbetering. De toelichting van de mutaties op deze begroting staat in de programmabladen. • Lasten met betrekking tot de afschrijvings en rentelasten van de objecten, ook wel assets genoemd, in de openbare ruimte van Amsterdam. (€ 4,6 miljoen) • Lasten voor de ontwikkeling van strategieën en beleidskaders omtrent verschillende thema's zoals Openbare Ruimte, Verkeersveiligheid, Programma Taxi en het SNOR masterplan handhaving. (€ 9,7 miljoen) • Lasten met betrekking tot het beperken van het ruimtebeslag van de auto, zowel rijdend als geparkeerd vanuit Programma Bruggen en Kademuren (€ 1,6 miljoen) en werken aan een verkeersveilige en rustige stad ook vanuit Programma Bruggen en Kademuren (€ 1,5 miljoen). Dit maakt onderdeel uit van de structurele intensivering vanuit het coalitieakkoord.(€ 3,1 miljoen) • Lasten voor het beperken van de hinder van werkzaamheden in de openbare ruimte door regie op mobiliteit waarbij de werkzaamheden gebiedsgericht gecombineerd worden samen met betrokken partners. (€ 5,5 miljoen) • Lasten voor de uitvoering stadsverbetering asset verhardingen (oud-smf) van € 1,0 miljoen, inzet voor laadinfra en milieuzone van 1,2 miljoen en uitgaven voor kapitaallasten verhardingen van 1,2 miljoen. (€ 3,5 miljoen) • Lasten als gevolg van de loon- en prijsindexatie.

(€ 3,4 miljoen) • Lasten voor het bereiken van een goede doorstroming van verkeer, fietsers en voetgangers in de stad door onder andere tunnelbeheer, crowdmanagement en touringcars. (6,7 miljoen) • De overige lasten zijn afzonderlijk kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe.

79

H3.2.1

Reserves Onttrekkingen reserves De onttrekkingen bedragen € 14,0 miljoen. Daarvan wordt € 2,0 miljoen ontrokken aan de reserve Coalitiemiddelen, € 0,7 miljoen aan de reserve Kwaliteitsimpuls Groen, € 3,0 miljoen aan de reserve Laadinfra, € 2,0 aan de reserve Programma Stadsbehoud, € 0,7 aan de reserve POR zuid IJ-oever, € 4,8 aan de Reserve Leidseplein en € 0,7 aan de reserve Achterstallig onderhoud

Toevoegingen reserves De toevoegingen bedragen € 132,5 miljoen en betreffen toevoegingen aan de reserves Stadsbehoud van € 89,7 miljoen, de reserve Achterstallig Onderhoud van € 25,0 miljoen, aan de Financieringsreserve van € 5,8 miljoen en aan de reserve Schaalsprong in 2023 van € 176 miljoen en jaarlijks van 2024 tot en met 2027 van € 12 miljoen.

Risicobeheersing Risico’s

Maatregelen

Door schaarste op de arbeidsmarkt lukt het niet om voldoende (gekwalificeerd) personeel aan te trekken, waardoor de uitvoering onder druk komt te staan.

We starten met een technische traineeship waarmee we pas afgestudeerden aantrekken en daarnaast wordt er gestart met het zogenaamde Campusrecuitment, waarmee we studenten trachten te interesseren voor het werken bij de Gemeente Amsterdam

Doordat er beperkte nieuwe investeringen mogelijk zijn inzake stad verbeteren, bestaat het risico dat beleidsdoelstellingen onder druk komen te staan (bijvoorbeeld autoluw en verkeersveiligheid)

Monitoren van voortgang en waar nodig keuzes voorleggen gericht op het aanpassen van de beleidsdoelstellingen.

Stapeling van ambities en maatregelen, zero emissiezone, mitigerende maatregelen, aankondiging lussenstructuur in de omgevingsvisie levert onrust op bij logistieke sector (en ook taxi, en touringcar overigens). Duidelijkheid over regels en voorgenomen beleid is van belang voor de transitie naar schoon, licht, verkeersveilig en efficiënte logistiek. Er moeten namelijk flinke investeringen gedaan worden in zero emissie voer- en vaartuigen.

Integraal communiceren over ontwikkeling van regels en beleid, de markt betrekken bij nieuwe beleidsontwikkeling en maatregelen.

Begroting 2024

Risico’s

Maatregelen

Door allen te onderhouden op basis van technische noodzaak wordt onvoldoende ingezet op de andere opgaven in de stad.

Bij het programmeren van de onderhoudsmaatregelen de verbinding zoeken met de andere opgaven (en de keuzes bestuurlijk voorleggen).

Beleidskaders • Uitvoeringsstandaard Toekomstbestendig Werken aan de Openbare Ruimte (2023). Hoe we werken in de openbare ruimte bij onderhoud, vervanging, herinrichting en losse verbetermaatregelen. • Ruimte voor de voetganger (2023) • Nota Deelmobiliteit (2023) • Amsterdamse P+R-maatregelen Actualisatie (2023) • Logistieke Strategie (2022), waarin voor de stedelijke logistiek de belangrijkste gemeentelijke ambities en doelstellingen staan beschreven en een strategie hoe de gemeente samen met het bedrijfsleven gaat werken aan de transitie naar schone, lichtere, verkeersveilige en efficiënte logistiek. • Omgevingsvisie Amsterdam 2050 • Hubsvisie 2021 • Het Programmaplan Bruggen en Kademuren (2020) is het overkoepelende kader voor het Programma en geeft invulling aan de organisatie en de aanpak. • Agenda Touringcar 2020-2025 (2020) schetst het kader voor de manier waarop de gemeente omgaat met touringcars. • Agenda Taxi 2020-2025 beschrijft de ambities en het eindbeeld voor de taxi in Amsterdam voor de komende jaren. • Mobiliteitsaanpak 2030 (2013) is het overkoepelende kader voor het Mobiliteits­ beleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Programma Stadsbehoud. • Programma aanpak wegtunnels Amsterdam. • Amsterdam veilig en leefbaar – 30 km/u in de stad (2021) • Beleidskader ‘1Amsterdam Heel & Schoon’ (2017).

• Programma Stad in Balans 2018-2022 (2019) is het kader voor het evenwicht tussen bezoekers en bewoners van Amsterdam. • Beleidskader Verkeersnetten (2018) waarin de belangrijkste netwerken voor de bereikbaarheid van en in de stad zijn aangegeven, inclusief de bijbehorende eisen en richtlijnen. • Meerjarenprogramma Fiets 2017-2022 (2017), waarin is beschreven hoe we omgaan met de fietsers en hun fietsen. • Meerjarenprogramma Verkeersveiligheid 2016-2022, een geactualiseerd programma over de verkeersveiligheid in Amsterdam dat is vastgesteld door de gemeenteraad in 2016. 80

H3.2.1

• 1Stad1Opgave (maatregel Koopmanschap: 7 Puccini en 8 Inkoop Grond, Weg en Waterbouw). • Het “Handboek Inrichting Openbare Ruimte Amsterdam” zorgt voor de digitale en integrale ontsluiting van al het beleid dat van toepassing is op de inrichting van de openbare ruimte. • In het Beleidskader “1Amsterdam Heel & Schoon” (2017) staan de principes voor onderhoud, reiniging en assetmanagement; De Standaard voor het Amsterdamse Straatbeeld (Beleidskader Puccinimethode, 2018, actualisatie verwacht 2023) bevat standaard inrichtingsprincipes, profielen en materiaalkeuzes voor het ontwerpen en aanleggen van de openbare ruimte, gekoppeld aan de centrale inkoop van materiaal. • Het Beleidskader Verlichting (2017) definieert de rol van verlichting in Amsterdam en stelt de kaders waarbinnen de gemeente haar taken voor de verlichting uitvoert, waaronder de transitie naar 100 procent LED verlichting; • Het Beleidskader Buitenreclame (2020) bepaalt de randvoorwaarden voor het toestaan van reclame in de openbare ruimte.

Parkeren • Nota Parkeernormen fiets en scooter (2018). Geeft normen en richtlijnen voor fietsen scooterparkeren bij nieuwbouw en functiewijziging. • De (jaarlijkse) gemeentelijke parkeerverordening – regelgevingskader parkeer­ beleid, waarin geboden en verboden rondom parkeren staan, en de typen parkeervergunningen. • De (jaarlijkse) verordening Parkeerbelastingen, met daarin tarieven voor kort parkeren en parkeervergunningen. • Nota Parkeernormen Auto (2017). Deze nota stelt parkeernormen vast voor nieuwbouwen transformatieprojecten in de stad. Hiermee wordt voorkomen dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen leidt tot extra parkeerdruk en op omliggende straten wordt afgewenteld. • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau.

Begroting 2024

81

H3.2.2

3.2.2 Openbaar vervoer We verwachten dat in 2024 het gebruik van het openbaar vervoer zich meer en meer zal herstellen. GVB verwacht dat het aantal reizigers bij aanvang van 2024 zo’n 95 procent van 2019 zal zijn. De (financiële) uitdagingen voor het openbaar vervoer zijn daarmee echter nog niet achter de rug, onder andere door stijgende kosten en personeelskrapte. We dragen eraan bij dat het openbaar vervoer voor iedereen zoveel mogelijk toegankelijk en inclusief is. Onder andere door het toegankelijk maken van OV-haltes. Ook werken we aan OV-doorstromingsmaatregelen, om de effecten van de invoering van 30 kilometer per uur op bus en tramroutes zoveel mogelijk te verminderen.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.2.1 Amsterdam is voor iedereen op een prettige en aantrekkelijke manier bereikbaar via het openbaar vervoer. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

1

Tevredenheid reizigers over GVB bus, tram en metro (0-10)

8,2

-

8,2

8,2

8,2

2

De passagiers zijn tevreden over de veren (0-10)

7,8 (2014)

-

7,5

7,5

7,5

Openbaar Vervoer De reiziger weet het Amsterdamse openbaar vervoer weer te vinden. We verwachten dat in 2024 het gebruik van het openbaar vervoer zich meer en meer zal herstellen. GVB verwacht dat het aantal reizigers bij aanvang van 2024 zo’n 95 procent van 2019 zal zijn. De (financiële) uitdagingen voor het openbaar vervoer zijn daarmee echter nog niet achter de rug, onder andere door stijgende kosten en personeelskrapte. Vervoer­ regio Amsterdam en gemeente Amsterdam maken samen in totaal € 27,5 miljoen vrij voor het openbaar vervoer in de hoofdstad in 2024. Het geld is bedoeld om ook volgend jaar verzekerd te zijn van een betrouwbaar openbaar vervoernetwerk dat klaar is om verwachte reizigersgroei na 2024 op te vangen.

Begroting 2024

Eind 2024 gaat de nieuwe OV concessie Amsterdam van start, wat betekent dat in 2024 belangrijke besluiten over de Inbesteding van de Concessie Amsterdam worden genomen door de Vervoerregio. We streven hierbij naar een inclusief, aantrekkelijk, veilig en duurzaam openbaar vervoer in de stad, passend bij haar omgeving. We dragen eraan bij dat het openbaar vervoer voor iedereen zoveel mogelijk toegankelijk en inclusief is. Onder andere door het toegankelijk maken van OV-haltes. Ook werken we aan OV-doorstromingsmaatregelen, om de effecten van de invoering van 30 kilometer per uur op bus en tramroutes zoveel mogelijk te verminderen. De duurzame toekomst en verantwoorde groei van de stad, vraagt om een schaal­ sprong in het OV. Naar verwachting wordt de nieuwe tramlijn naar Uithoorn in de zomer van 2024 in gebruik genomen. Samen met gemeente Hoofddorp, Schiphol, KLM, ProRail, NS en VRA gaan we verder met het voorbereiden van het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp en het sluiten van de ring tussen Isolatorweg en Amsterdam Centraal Station (het zogenaamde programma Light Rail). Ook andere noodzakelijke OV-uitbreidingen in de regio worden verder verkend, zoals een HOV ZaanIJ en HOV Haarlem-Amsterdam. Bij het overdragen van OV-infrastructuur naar de Gemeente Amsterdam is gebleken dat de onderhoudstoestand van de kunstwerken onbekend is.

Daarom maken eventuele bijdrages aan (vervangings)investeringen geen onderdeel uit van de begroting 2024. Samen met de VRA is aan het GVB gevraagd om inzicht te geven in de onderhouds­ toestand en te komen met een meerjarig vervangingsprogramma (MVP).

Veren De veren krijgen de laatste jaren een hoge klanttevredenheidswaardering. De primaire doelstelling blijft om de passagiers snel, frequent en veilig te vervoeren over het IJ. We verzorgen daarom als opdrachtgever een flexibel verensysteem met voldoende capaciteit. Als opdrachtgever van GVBVeren meten we de bezetting en spelen we flexibel in op hogere of lagere reizigersaantallen. De verwachting is dat de vloot vanaf 2025 wordt uitgebreid met de eerste serie van emissievrije IJveren. Deze zullen ingezet worden op het IJpleinveer, dat als eerste verbinding op het IJ wordt verduurzaamd. Het Buiksloterwegveer staat als volgende op de planning om te verduurzamen. Om aan de groeiende vervoersvraag te voldoen breiden we de IJveren-vloot uit: van 14 veren in 2023 naar 18 veren in 2030. Als gevolg van de gebiedsontwikkeling Hamerkwartier en de groeiende vloot werken we aan de

82

H3.2.2

planvorming voor een tweede Ponthaven. Ook wordt onderzoek gedaan naar het optimaliseren van de route van het Distelwegveer. Om de veren toegankelijker te maken voor gehandicapten onderzoeken we hoe deze door hen worden beleefd, en met welke (kleine) maatregelen de veren voor hen toegankelijker te maken zijn.

Activiteit 2.2.1.1 We beheren en verbeteren de toegankelijkheid van onze OV infrastructuur in samenwerking met GVB en de Vervoerregio Amsterdam. Indicatoren activiteit 1

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Het aandeel toegankelijke OV haltes

30%

-

Begroting 2023 27%; In 2023 wordt 1/4 van de haltes geschouwd, dus nieuwe info beschikbaar

Vervoerregio Amsterdam (VRA)

Begroting Prognose 2024 2025-2027 30%

GVB Activa BV is eigenaar van de zogenaamde strategische ov-activa. Dit zijn onder andere railvoertuigen, werkplaatsen, remises en eindpuntvoorzieningen. GVB Infra BV is onze opdrachtnemer voor met name dagelijks onderhoud aan railinfra en tram­ vervangingsprojecten. Wij zijn opdrachtgever voor de veerverbindingen over het IJ en het Noordzeekanaal. GVB Veren BV voert dit uit volgens het Contract voor Exploitatie Beheer en Onderhoud 2019-2024 en de aanbesteding van de verschillende investeringen. Wij zijn 100 procent eigenaar van GVB Holding NV.

30%

De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van 15 gemeenten rond verkeer en openbaar vervoer. De belangrijkste taken zijn het opdrachtgeverschap van het openbaar vervoer en het verstrekken van subsidies voor infrastructuur. Dit laatste gebeurt via de Investeringsagenda Mobiliteit. De Vervoerregio is ook een partner in de Metropoolregio Amsterdam (MRA). De Vervoerregio wordt volledig bekostigd uit een Rijksbijdrage (Brede Doeluitkering) van ruim € 400 miljoen per jaar.

Financiële toelichting (bedragen x € 1 miljoen)

Activiteit 2.2.1.2

Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 2026 2027

We zorgen voor voldoende capaciteit op de veerverbindingen. Indicatoren activiteit 1

Percentage van afvaarten waarbij passagiers moeten achterblijven op de kade of is het onaangenaam druk op de pont

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022 ≤3%

-

Begroting 2023 ≤3%

Begroting Prognose 2024 2025-2027 ≤3%

≤3%

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

Baten

30,4

26,6

33,1

63,5

13,9

13,9

Lasten

66,6

84,2

92,7

118,2

69,6

67,1

Saldo Baten en Lasten

-36,2

-57,6

-59,6

-54,6

-55,7

-53,3

Onttrekking

1,5

0,6

1,0

1,4

0,0

0,0

Toevoeging

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

1,5

0,6

1,0

1,4

0,0

0,0

-34,7

-57,0

-58,6

-53,3

-55,7

-53,3

Totaal

GVB Holding NV Het GVB zorgt in Amsterdam voor het openbaar vervoer. Het GVB heeft verschillende dochterondernemingen, of heeft een belang in ondernemingen. Het gaat hier om: • GVB Exploitatie BV • GVB Veren BV • GVB Activa BV • GVB Infra BV

Begroting 2024

Baten De baten in dit programmaonderdeel zijn € 33,1 miljoen. Deze baten bestaan uit: • De baten van € 33,1 miljoen bestaan voornamelijk uit bijdragen van derden voor € 27,1 miljoen zoals de Vervoersregio Amsterdam (VRA), de provincie en het Rijk en voor € 5,9 miljoen aan reclame inkomsten

83

H3.2.2

Beleidskaders

Lasten De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 92,7 miljoen. Deze lasten bestaan uit: • Lasten gedekt uit het programma Stadsverbetering worden uitgegeven aan o.a. het verbeteren van het OV-aanbod in Amsterdam (€ 7,5 miljoen) , programma Taxi (€ 2,0 miljoen) en voorbereiding en onderzoek naar aankomende projecten (€ 2,0 miljoen). Het programma Taxi is een lopend programma, de projecten moeten nog tot uitvoering komen.(€ 11,9miljoen) • Lasten met betrekking tot het programma Stadsverbetering. De toelichting van de mutaties op deze begroting staat in de programmabladen. (€ 31,2 miljoen) • Lasten met betrekking tot de afschrijvings en rentelasten van met name de Noord Zuid lijn. (€ 20,7 miljoen) • Lasten voor het zorgen van voldoende capaciteit voor de veerverbindingen over het Noordzeekanaal en het IJ wordt in 2024 € 24 miljoen uitgegeven. (€ 24,7 miljoen) • Lasten voor eigenaarslasten metro en tram en onderhoud rail infrastructuur. (€ 7,5 miljoen) • Lagere lasten vanwege de marktconformiteitsopslag die facilitaire diensten in dit programmaonderdeel toerekenen aan hun diensten. Door apart lagere lasten te begroten gelijk aan de marktconformiteitsopslag is het effect binnen het programmaonderdeel van de marktconformiteitsopslag nihil. (€ 2,2 miljoen negatief)

Reserves Onttrekkingen reserves De onttrekking van € 1,0 miljoen bestaat volledig uit de onttrekking aan de Reserve vervanging Ijveren waarvan € 0,9 miljoen voor de exploitatie en € 0,1 miljoen ter dekking van de kapitaalslasten.

Toevoegingen reserves Er zijn geen toevoegingen aan de reserves in dit programmaonderdeel

Risicobeheersing Risico’s

Maatregelen

Veren kunnen groeiende passagiersstroom onvoldoende aan.

Actieve monitoring van de reizigersstromen, diverse maatregelen aan de wal en de aanschaf van schepen over het IJ.

Begroting 2024

• Update Nota Veren (2021), dit document beschrijft de reizigersgroei tot 2030 en de maatregelen die genomen zullen worden voor uitbreiding en verduurzaming van de vloot en het verensysteem als geheel (vloot, verbindingen, aanlandingen en havenfaciliteiten). • Visie Openbare Ruimte 2025 (2017) heeft vijf ambities geformuleerd en principes uitgewerkt voor meer regie op ontwikkelen, inrichten, beheren en gebruiken van de openbare ruimte op stadsniveau. • MobiliteitsAanpak Amsterdam 2030 (2013), het overkoepelende kader voor het Mobiliteitsbeleid van de gemeente Amsterdam in de periode tot 2030. • Ruimtelijk Kader Hoogfrequent Spoorvervoer Amsterdam. • Structuurvisie Amsterdam (2011)/Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (2021) • Beleidskader Inclusieve Mobiliteit (2020) van de Vervoerregio, waarin staat beschreven hoe het OV fysiek, visueel, qua datavoorziening en mentaal toegankelijker kan worden gemaakt en de samenwerking tussen OV en AOV kan worden verbeterd. • Uitvoeringsagenda Mobiliteit (2015), de agenda die Amsterdam bereikbaar en aantrekkelijk houdt, met maatregelen voor meer ruimte en betere doorstroming voor voetganger, fietser, openbaar vervoerreiziger en de automobilist. • Beleidskader Verkeersnetten (2017). Hierin staan de ambities uit Mobiliteitsaanpak en Uitvoeringsagenda uitgewerkt met een afwegingskader bij conflicterende belangen.

• Wet lokaal spoor, in werking getreden op 1 december 2015; deze wet maakt de VRA verantwoordelijk voor aanleg, beheer en veiligheid van lokale railinfrastructuur. VRA stelt een vervoerder aan via de OVconcessie en VRA mag een beheerder van de infrastructuur aanwijzen. Vanaf 2022 is GVB de aangewezen beheerder. • De metronetvisie Amsterdam (2020) en de metrovisie Amsterdam (2021) van de Vervoerregio Amsterdam. • De in 2015 vastgestelde Lijnennetvisie is het beleidskader voor het ontwikkelen van vervoerplannen. De gemeente voert overleg met vervoerbedrijven over inpassing van nieuwe vervoerplannen. • Taxiverordening Amsterdam 2012 (laatst gewijzigd in 2018). • Visie Lokaal Spoor (2015), vastgesteld door het dagelijks bestuur van de VRA en bindend kader voor de beheerder van het lokaal spoor.

84

H3.2.3

3.2.3 Afval en reinigen openbare ruimte Een schone stad is een afvalvrije stad met schone straten, parken en pleinen. Hiervoor reinigen we op de plaatsen en momenten waar het nodig is. Afval dat toch ontstaat, scheiden we voor een zo hoogwaardig mogelijke verwerking, met een efficiënte, schone inzameling. Zo werken we toe naar een circulaire stad. Een schone stad doen we samen met bewoners, ondernemers en andere partners. Samen kunnen we minder afval produceren, zorgen voor zoveel mogelijk hergebruik van materiaal en spullen én de stad schoon maken en houden.

Afvalplannen per Stadsdeel In 2023 zijn de afvalplannen per stadsdeel opgesteld, die worden in 2024 verder tot uitvoering gebracht. Zodoende zetten we per stadsdeel in op de specifieke opgaven per gebied. Daarnaast voeren we de gemaakte afspraken uit met als belangrijk onderdeel de gebiedsopgaven voor afval en reiniging per stadsdeel. Dit zijn de plekken die hardnekkig vuil blijven en we gericht en integraal willen oplossen. De verschillende indicatoren in deze begroting zijn stadsbeeld, maar maken we voor de gemeenteraad ook twee keer per jaar inzichtelijk per stadsdeel.

Extra inzet masterplangebieden en Noord Een deel van de verhoging van de toeristenbelasting wordt ingezet in de Masterplan­ gebieden Nieuw-West, Zuidoost en Noord. Met deze middelen zetten we in deze gebieden extra veegploegen en buurtconciërges in en zorgen we dat de recycle­ punten ook op zondag open zijn. De voornaamste taak van een buurtconciërge is het contact met ondernemers en bewoners om de openbare ruimte schoon te houden. De conciërge is zichtbaar aanwezig op straat en handelt direct om problemen op te lossen. Hierdoor zijn we in deze gebieden beter in staat om knelpunten te signaleren en reinigingswerkzaamheden uit te voeren.

Grof afval en karton Grof afval, (groot) karton en afvaldumpingen op straat is velen een doorn in het oog. Voor grof afval zetten we in 2024 extra in door de inzet van kleinere wagens om drukke buurten goed te kunnen bereiken. En we gaan door met duidelijke informatie- en motivatiecampagnes naar bewoners en ondernemers.

Begroting 2024

Zomeraanpak In de zomer plaatsen we extra afvalbakken in de verschillende parken en recreatie­ gebieden die we verbinden aan een communicatiecampagne om Amsterdammers en bezoekers bewust te maken van het juist aanbieden van afval in de parken en recreatiegebieden zoals stadsstranden. Daarnaast plaatsen we tijdelijke toiletten op drukke plekken.

Samenwerken met verpakkingsindustrie en burgers om afval te voorkomen In de afgelopen jaren hebben we gesprekken gevoerd met partijen uit de e-commerce sector om mogelijkheden voor het voorkomen van verpakkingsafval te verkennen. Uit deze gesprekken kwamen herbruikbare verzendverpakkingen als meest kansrijke oplossing naar voren. Inmiddels lopen er twee onafhankelijke pilots op het gebruik van herbruikbare verzendverpakkingen. Daarnaast wordt er gewerkt aan het afval­ preventieplan waar ook acties op het terugdringen van wegwerpverpakkingen worden voorgesteld. Op 1 april 2023 is statiegeld op blikjes ingegaan, dit zorgt ervoor dat blikjes niet meer in het zwerfafval of restafval terecht komen, maar in plaats daarvan apart worden ingezameld via innamepunten bij bijvoorbeeld supermarkten.

Uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (UPV) UPV betekent dat producenten financieel en vaak ook organisatorisch verantwoordelijk zijn voor het afvalbeheer van de producten die ze verkopen. Dat zet producenten aan om duurzamer te produceren.. Er bestaan al een aantal UPV’s zoals die voor auto’s, autobanden, verpakkingen, batterijen en accu’s, en elektronische en elektrische apparaten. Samen met andere gemeentes en partners (VNG en de NVRD) stimuleren we de komst van meer UPV’s en de totstandkoming van een UPV 2.0 die niet alleen beter te handhaven is maar ook aanzet tot het voorkomen van afval en het gebruik van biologische materiaal stimuleert.

85

H3.2.3

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.3.1 Amsterdam is een schone stad. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

1

Ervaren overlast door vervuiling (cijfers Wonen in Amsterdam) (0-10)

5,4 (2021)

Geen meting

6,5

6,5

6,5

2

Het schoonhouden van de straten en stoepen wordt door de bewoners beoordeeld op een 6,5

6,3 (2021)

Geen meting

6,5

6,5

6,5

3

Het schoonhouden van het groen wordt door de bewoners beoordeeld op een 6,5

6,6 (2021)

Geen meting

6,5

6,5

6,5

Onze inzet is erop gericht om het resultaat op straat verbeteren en we verwachten we dat de Amsterdammer dat ook terugziet en zo beleefd. Daar leveren we meerdere (onderstaande) activiteiten voor die alleen hun bijdrage hebben. We hebben echter niet alles in eigen hand om het doel voor een schone stad voor elkaar te krijgen. Daar zijn de gebruikers en de producenten ook voor nodig.

Amsterdam is een schone stad. Dat bereiken we door de overlast van vervuiling voor de burgers zoveel mogelijk te beperken door de stad daar schoon te maken waar het er toe doet. Dit doen we op basis van een gerichte aanpak en het sneller afwikkelen van meldingen, gerichte campagne bij containers door de aanpak bij-plaatsingen bij containers, voldoende en veilige aanbiedlocaties voor bewoners en bedrijven ter beschikking te stellen, het afval efficiënt en duurzaam in te zamelen door het verder beperken van de CO2 uitstoot, door het uitbreiden van medebeheer van containerlocaties en in te zetten op preventie.

Begroting 2024

Activiteit 2.3.1.1 We maken de openbare ruimte schoon (daar waar het er toe doet). Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

1

Percentage CROW scores grof zwerfvuil op niveau B

87% (2021)

90%

80%

80%

80%

2

Percentage CROW scores vullings­- 89% (2021) graad prullenbakken op niveau B

90%

80%

80%

80%

3

Percentage oplosbare meldingen over afval en schoon dat naar tevredenheid is afgehandeld

Niet gemeten

70%

70%

70%

Het meldingenproces is erop gericht om de stad schoon te houden en ons te helpen. Door het contact met de burgers weten wij steeds beter welke straten/buurten/wijken problemen geven en kunnen zo de routes beter aan laten sluiten op het aanbied­ gedrag in de stad. De meldingen streven we binnen 72 uur af te handelen. In de praktijk betekent dit dat een melding dezelfde dag nog opgepakt wordt en vaak de dag erna al afgehandeld is. De afmelding van de melding naar de bewoner is dan de zelfde dag of de dag erna.

Activiteit 2.3.1.2 We zorgen dat inwoner en bedrijven hun afval op de juiste wijze kunnen aanbieden. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

85% (2022)

Percentage CROW scores bijplaatsingen prullenbakken op niveau B

Niet gemeten

Begroting 2023 90%

Begroting Prognose 2024 2025-2027 90%

90%

Om te zorgen voor voldoende en begaanbare aanbiedplekken voor afval, werken we in 2024 verder aan het vervangen van een groot deel van de ondergrondse containers. Ook onderzoeken we de aanbiedplekken en wijze van aanbieden van grof afval. De containers willen we toegankelijk, schoon en niet vol laten worden. Met het optimaliseren van onze routes en campagnes onder andere over het aanbieden van karton, bedrijfsafval en grof afval per jaar proberen we dat ook dit jaar weer te verbeteren. Als graadmeter kijken we naar de bijplaatsingen bij containers.

86

H3.2.3

Activiteit 2.3.1.3 We zamelen het afval efficiënt en duurzaam in. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

19,2 (2019)

Kg CO2 uitstoot per ton ingezameld materiaal

Begroting 2023

2,2

2,5

Begroting Prognose 2024 2025-2027 2,5

2,5

De overgang naar rijden op HVO diesel (biobrandstof) heeft afgelopen tijd voor een grote verbetering gezorgd. In 2024 stabiliseert de CO2 uitstoot omdat nog niet is overgegaan op elektrisch aangedreven voertuigen. De komende tijd zetten we in om de randvoorwaarden, om over te stappen op elektrisch aangedreven zware voertuigen, zo snel mogelijk op orde te brengen met het doel om vanaf 2030 een emissievrij wagenpark te hebben. In het centrumgebied, waar we vanwege de situatie van de kades en bruggen niet traditioneel kunnen inzamelen, zetten we de proef met het afvoeren van afval over water voort. In het gebied van de 9 straatjes zamelen we bedrijfsafval én huishoudelijk afval in 1 keer in. Voor een deel van het gebied doen we dat met kleine elektrische voertuigen en voeren we afval af over water. Deze emissie getallen zijn berekend volgens de CO2-emissienormen van de Green Deal. De Green Deal is een samenwerkingsverband van de Rijksoverheid, Stichting Klimaatv­ riendelijk Aanbesteden en Ondernemen (SKAO), Stimular, Connekt en Milieu Centraal.

Activiteit 2.3.1.4 We ondersteunen medebeheer en zetten in op preventie. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

76% (2020)

Tevredenheid (zeer en redelijk tevreden) onder containeradoptanten

65%

Begroting 2023 Geen meting

Begroting Prognose 2024 2025-2027 75%

75%

In onze activiteiten werken we veel samen met de Amsterdammers en stimuleren we hen ook het gewenste gedrag te vertonen. Zo gebruiken we communicatie en handhaving ten aanzien van gedrag, zetten we in op afvalpreventie. We vinden het van groot belang dat Amsterdammers betrokken zijn en worden bij het schoonhouden en -maken van de stad. We ondersteunen bestaande en nieuwe bewonersgroepen die zich bezig houden met een schone stad.

Begroting 2024

Met de aanpak ‘Adoptie ondergrondse afvalcontainers’ nodigen we bewoners van Amsterdam uit te mee te doen om hun eigen leefomgeving schoon te houden. De indicator voor Adoptieaanpak is de tevredenheid onder de participanten (container­ adoptanten) over onze inspanningen: dienstverlening, communicatie, kwaliteit en relevantie van de aangeboden activiteiten en kwaliteit en relevantie van de aangeboden hulpmiddelen en communicatiemiddelen. We gaan in 2024 de adoptanten beter ondersteunen met een communicatie tool waardoor we verwachten dat de tevredenheid onder de adoptanten toeneemt. Daarnaast werven we extra adoptanten. Bij wijze van pilot gaan we ons in stadsdeel Oost richten op het werven van adoptanten die de containers van probleemlocaties adopteren.

Doel 2.3.2 Amsterdam voorkomt (rest) afval. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

1

Kilogram huishoudelijk fijn en grof restafval per inwoner per jaar (BBV-verplicht)

247 (2019)

243

240

230

227

2

Kilogram huishoudelijk afval per inwoner per jaar

358 (2019)

361

377

347

347

Wij verwachten een daling van de totale hoeveelheid afval per inwoner per jaar. Voor grof- en restafval hebben we een verlaging van 20 kilo t.o.v. 2019 als doel. Enerzijds heeft dit te maken met een autonome afname, bijvoorbeeld door landelijke beleid- en regelgeving op het voorkomen van afval, anderzijds door gemeentelijke inspanningen op afvalpreventie en het verhogen van de hoeveelheid gescheiden afval. Maatregelen zijn onder andere het aansluiten van huishoudens op een aparte inzameling voor keuken- en tuinafval en het stimuleren van het brengen van grof afval naar de recyclepunten, door o.a. weekend opening. Ook verwachten wij dat de prestaties van de nascheiding in 2024 verder verbeteren.

(Rest)afval willen we voorkomen. Dat bereiken we door het voor bewoners en ondernemers mogelijk te maken afval gescheiden in te leveren zodat materialen hergebruikt kunnen worden. Door verdere uitrol van de aparte inzameling van groente, fruit, etensresten en tuinafval en het stimuleren van het brengen van grof afval naar de recyclepunten, door o.a. weekend opening. Ook verwachten wij dat de prestaties van de nascheiding in 2024 verder verbeteren.

87

H3.2.3

Activiteit 2.3.2.1

Welke verbonden partijen schakelen we daarvoor in?

We maken het voor bewoners mogelijk om hun afval op de juiste manier gescheiden te kunnen aanbieden. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

1% (2019)

Aantal Amsterdamse huishoudens dat toegang heeft tot een GFE-T inzamelvoorziening

6,5%

Begroting 2023 8%

Begroting Prognose 2024 2025-2027 13%

30%

Het huidige programmaplan GFE-T voorziet dat 75 procent van de Amsterdammers binnen 10 jaar een aansluiting heeft tot een inzamelvoorziening. Dit afhankelijk van de beschikbare middelen. Tussen 2024- 2026 zal er een groei van 13 procent naar 30 procent gerealiseerd worden. Dit doen we door het gefaseerd plaatsen van verzamelcontainers bij hoogbouw en minirolcontainers bij laaghouw. Naast het plaatsen van containers vindt er ook een begeleidend communicatietraject plaats met bewoners om iedereen zo goed mogelijk mee te nemen in het waarom en nut van apart GFE-T inzamelen.

AEB Holding N.V. Amsterdam AEB verwerkt het Amsterdamse restafval, onder andere door kunststof verpakkingen en metalen na te scheiden en het restafval te verbranden. Daarmee produceert AEB stadswarmte en elektriciteit voor woningen en bedrijven. In 2021 heeft de gemeente besloten haar belang in AEB te verkopen. Eind 2021 is een verkoopovereenkomst bereikt met AVR, waarvoor in 2023 geen goedkeuring is verleend door de ACM. Het college van B&W heeft vervolgens besloten om opnieuw een verkoopproces te starten voor AEB, maar met de intentie om de scheidings­ installatie in gemeentelijke handen te houden. Dit om de publieke belangen van afval en verduurzaming beter te kunnen borgen. Het verwerkingscontract met AEB loopt tot drie jaar na het moment dat AEB daadwerkelijk is verkocht.

Stichting Pantar Stichting Pantar voert onder andere opdrachten uit op gebied van schoon en afvalinzameling/ recycling (prikken en het verwijderen van bijplaatsingen, inzamelen van afvalstromen, voorsorteren van afvalstromen).

Activiteit 2.3.2.2

Financiële toelichting

We zorgen dat het afval zo hoogwaardig mogelijk wordt verwerkt. Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

22% (2019)

Percentage gerecycled afval per inwoner per jaar t.o.v. totale hoeveelheid huishoudelijk afval

25%

Begroting 2023 25%

Begroting Prognose 2024 2025-2027 26%

Jaarverslag Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2022 2023 2024 2025 2026 2027

28%

We verwachten dat het recyclepercentage toeneemt, onder andere door het verhogen van de gescheiden ingezamelde hoeveelheid keuken- en tuinafval, het verbeteren van de afzetbaarheid van gescheiden stromen uit de nascheiding en het verhogen van de hoeveelheid grof afval dat we innemen op de recyclepunten.

Begroting 2024

(bedragen x € 1 miljoen)

Baten

197,1

203,7

211,5

211,3

210,8

210,8

Lasten

202,8

234,8

243,8

244,0

242,0

240,4

Saldo Baten en Lasten

-5,8

-31,1

-32,3

-32,6

-31,2

-29,7

Onttrekking

1,3

0,0

2,9

2,9

2,5

1,0

Toevoeging

14,2

1,0

0,0

0,0

0,0

0,0

Saldo onttrekkingen en toevoegingen reserves

-12,9

-1,0

2,9

2,9

2,5

1,0

Totaal

-18,6

-32,1

-29,4

-29,7

-28,7

-28,7

88

H3.2.3

Baten De baten in dit programmaonderdeel zijn € 211,5 miljoen. Deze baten bestaan uit: • De Afvalstoffenheffing voor hef-baar netto areaal van circa 449.300 huishoudens (€ 186,2 miljoen). • Reinigingsrechten op te brengen door circa 12.700 ondernemers (€ 10,3 miljoen). • De directe baten waardenstromen zoals papier, textiel en overige grondstoffen (€ 7,5 miljoen). • Het uitvoeren van taken voor commerciële activiteit bedrijfsafval (€ 7,3 miljoen). • De overige baten zijn afzonderlijk kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe.

Lasten De lasten in dit programmaonderdeel zijn € 243,8 miljoen. Deze lasten bestaan uit: • Het efficiënt en duurzaam inzamelen van afval (€ 120,4 miljoen). Deze lasten kunnen onderverdeeld worden in: – Inzet personeel, inzamelmiddelen (wagenpark en containers) en het storten en verwerken van afval (€ 71,1 miljoen) – Inzameling restafval, grofvuil (GHA), textiel en Weesp (€ 39,2 miljoen) – Afvalprojecten in de stad (grofvuil ophalen, gebiedsgericht werken, nieuwe huisvesting en logistiek en overige zoals aanpak feestdagen, voorlichting afval scheiden, bijhouden van afvalwijzer online en bedrijfsafval) (€ 3,4 miljoen) – Reservering ten behoeve van groei huishoudens met circa 13.600 (€ 2,7 miljoen) – Het gezamenlijk gebruik van werven (€ 0,9 miljoen), taakgerichte applicaties voor de afvalstoffenheffing (€ 0,6 miljoen) en licenties applicaties (€ 0,4 miljoen). – Coalitiemiddelen circulaire economie (€ 1,0 miljoen) en grof afval (€ 0,2 miljoen). – Coalitiemiddelen reiniging (€ 1,0 miljoen). • Het schoonmaken van de openbare ruimte (€ 84,5 miljoen).

Deze lasten kunnen onderverdeeld worden in: – Inzet personeel op reiniging (schoonmaak) (€ 38,8 miljoen) – Uitbestede werkzaamheden voor afvalstoffenheffing, reinigingswerk bij evenementen (Koningsdag, Pride Amsterdam, Evenementen in het Arenagebied), schoon, onderhoud urinoirs in de openbare ruimte en operationele lasten (veegvuil, vervanging en onderhoud afvalbakken en aanschaf materialen) (€ 18,4 miljoen) – Kwijtscheldingen Afvalstoffenheffing voor circa 51.300 huishoudens (€ 18,6 miljoen) – Verzorgend Onderhoud Schoon (Onkruidbestrijding op verhardingen en blad verwijderen ) (€ 6,1 miljoen) – Gladheidsbestrijding (€ 2,9 miljoen)

Begroting 2024

• Het voor bewoners mogelijk maken om hun afval op de juist manier gescheiden te kunnen aanbieden (m.n. inzamelmiddelen) (€ 18,5 miljoen). • Het zorgen dat inwoner en bedrijven hun afval op de juiste wijze kunnen aanbieden (€ 16,4 miljoen). Deze lasten kunnen onderverdeeld worden in: – Inzamelmiddelen (o.a. GFT en projectinzameling 9 straatjes) (€ 7,1 miljoen) – Recyclepunten (€ 4,7 miljoen) – Bedrijfsafval (€ 2,6 miljoen) – Afvalinzamelingsprojecten in het Centrumgebied met nieuwe routes, kleiner en elektrisch materieel (o.a. bakfietsen) en vervoer over water (o.a. boten) die de inzameling met zwaar materieel moet vervangen i.v.m. de belasting van kademuren (€ 1,2 miljoen) • Het ondersteunen van medebeheer en het inzetten op preventie rondom aanpak bij plaatsingen, Werkbrigade en adoptie aanpak (€ 3,0 miljoen). • De overige lasten zijn afzonderlijk kleiner dan € 1,0 miljoen en lichten we niet verder toe.

Reserves Onttrekkingen reserves De onttrekkingen in dit programmaonderdeel zijn in 2024 € 2,9 miljoen: • Onttrekking aan de reserve Verevening Onroerend Goed van € 2,9 miljoen ten behoeve van extra inzet op afvalinzameling en reiniging in Zuidoost, Nieuw West en Noord.

Toevoegingen reserves In 2024 zijn geen toevoegingen aan de reserves in dit programmaonderdeel.

89

H3.2.3

Risicobeheersing

Beleidskaders

Risico’s

Maatregelen

Veranderende wet- en regelgeving op o.a. reinigingsbelasting en op het gebied van milieuwetgeving met als gevolg dat b.v. verwerkingskosten toenemen, beperking voor gebruik van bruggen en kades voor de inzamelinglogistiek en (nog) hogere milieueisen voor het wagenpark.

Vroeg op de hoogte zijn van veranderingen in wet- en regelgeving door goede monitoring en alerte blik naar buiten constant. Voor het ontzien van bruggen en kades is een pilot gestart voor anders inzamelen in Centrum- gebied. In komende aanbesteding wagenpark worden de milieueisen meegenomen en worden met drie leveranciers raamcontracten afgesloten

Problemen in het primaire proces door externe factoren zoals een pandemie met als gevolg dat thuiswerken, meer online aankopen doen en meer ziekteverzuim leidt tot meer afval en verminderde beschikbaarheid van personeel.

Vroeg op de hoogte zijn door goede monitoring en analyse van afvalaanbod, klachten en “schoon” resultaten waardoor snel kan worden bijgestuurd met inzet en inzamelfrequentie. Flexibele inzet van personeel door verdere standaardisatie. Vastleggen van voldoende “reservecapaciteit” bij uitzendbureaus. Voor uiterste situaties in personeelstekort is er een stappenplan ‘Noodscenario Afvalinzameling’

Doelstelling om hoeveelheid (rest) afval te verminderen wordt niet gehaald door externe factoren zoals een lage inzet vanuit Rijk en EU bij de inzet op preventie, lage productenverantwoordelijkheid en lage inspanning van Amsterdammers

Constante lobby samen met NVRD, VNG en bv G4 richting het rijk om belang en inzet op preventie en producentenverantwoordelijkheid te benadrukken. Gedrag van Amsterdammers aanpassen door: faciliteiten te bieden om afval gescheiden aan te bieden en in te zamelen en door communicatie en gerichte campagnes burgers bewust(er) te maken van het scheidingseffect van afvalstromen en welk effect dat heeft op de kosten (voor verwerken van restafval) en opbrengsten (bijvoorbeeld voor karton).

Begroting 2024

• De Kaderrichtlijn afvalstoffen (KRA) (2008/98/EG) vormt de basis van de EUwetgeving op het gebied van afvalstoffen, zoals de gewenste manier van afvalbeheer (van preventie tot verbranden), bescherming van gezondheid en milieu en het vormgeven van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid. • Ook de richtlijnen ten aanzien van het verpakkingsafval en het storten en het circulaire beleid geven richting aan het landelijke afvalbeleid. • De Wet Milieubeheer geeft weer hoe het landelijke en lokale afvalbeleid vorm moet krijgen. • Het Landelijk Afvalbeheer Plan 3 beschrijft het landelijke afvalbeleid tussen 2017 en 2023. Het voorkomen van afval staat centraal, waarbij we er aan werken om de totale huishoudelijk afvalproductie (dat is het restafval inclusief stromen als papier, plastic, glas, textiel, et cetera) omlaag te brengen. Het landelijk afvalbeheerplan zal worden opgevolgd door het Circulair Materialenplan 1. • De gemeente Amsterdam heeft haar afvalbeleid vastgelegd in het Uitvoerings­ programma afval en grondstoffen 2020- 2025 (gemeenteraad 17 december 2020), waarin staat hoe we werken aan een schoon en afvalvrij Amsterdam. • Daarnaast liggen regels vast in de verordening op de afvalstoffen, de verordening op de afvalstoffenheffing en de bijbehorende uitvoeringsbesluiten.

• In het Beleidskader ‘1Amsterdam Heel & Schoon’ (2017) staan de principes voor onderhoud en reiniging. We willen in heel Amsterdam een goede beheerkwaliteit en we werken gebiedsgericht om dat te bereiken. Met dit beleid als basis maken we keuzes om de stad schoon, heel en veilig te houden binnen de beschikbare budgetten.

90

H3.2.4

3.2.4 Beheer en onderhoud openbare ruimte De Amsterdamse openbare ruimte wordt duurzaam beheerd en is begaanbaar, heel en veilig voor alle gebruikers Amsterdam beschikt over een groot areaal aan openbare ruimte met verhardingen, civiele constructies en installaties. De Amsterdamse openbare ruimte heeft te lijden onder het intensief gebruik door (zwaar) verkeer, achterstanden in het onderhoud, het veranderend klimaat en een groeiend aantal Amsterdammers en bezoekers. In deze bestuursperiode gaan we extra geld uitgeven aan het beheer en onderhoud: 80 miljoen incidenteel en vanaf 2026 jaarlijks 20 miljoen. Het coalitieakkoord heeft het programma Stadsbehoud vier prioriteiten meegegeven. Vanuit ‘de solidaire stad’ gaan we aan de slag met de opgave in de Masterplan gebieden; ongelijk investeren voor gelijke kansen; in Nieuw-West en Zuidoost en bij de Aanpak,Noord. Vanuit ‘de duurzame toekomst’ staat levensduurverlenging voorop en verlagen we onze ecologische voetafdruk; geen onderhoudswerkzaamheden zonder aantoonbare technische noodzaak. Vanuit ‘verantwoorde groei’ kiezen we bewust voor een meer gestandaardiseerde werkwijze waarbij we minder herinrichten, maar waar het kan de openbare ruimte ‘versterken’ met noodzakelijke ambities zoals klimaatadaptatie en verkeersveiligheid.

En vanuit ‘samenwerking en organisatie’ zoeken we de verbinding en samenwerking in de stad, stadsdelen en gebieden op. We moeten realistisch blijven en duidelijker zijn over wat wel en niet kan. Er zijn financiële knelpunten om de openbare ruimte op het gewenste kwaliteitsniveau te onderhouden. Er is sprake van spanning tussen het beheer en onderhoud van Amsterdam en het beschikbare budget. Dit dwingt ons tot het maken van keuzes ten aanzien van de speerpunten per asset.

Harmonisatie stadsverbetering - stadsbehoud De programma’s stadsverbetering en stadsbehoud werken samen aan een toekomstbestendige openbare ruimte. Beide programma’s hebben voor het eerst in een gezamenlijk proces geprioriteerd en geprogrammeerd, waarbij de onderhoudsopgave als leidend principe is gehanteerd. Immers, zoals ook in het coalitieakkoord is opgenomen: we blijven ons inzetten om de leefbaarheid van buurten te verbeteren en we investeren duurzaam in het onderhoud van de stad. Via verkennende gesprekken en een prioriteringsgesprek per stadsdeel, en met input van portefeuillehouders en stadsdeelcommissies, is een financieel sluitend bestedingsvoorstel tot stand gekomen. Met dit bestedingsvoorstel voor de

Begroting 2024

programma’s stadsverbetering en stadsbehoud geven we eveneens invulling aan de opdracht uit het Coalitieakkoord om te onderzoeken of en in hoeverre een verdere verlegging van de focus van stad verbeteren naar stadsbehoud budgettair mogelijk is, en welke inhoudelijke consequenties dit heeft.

Wat willen we bereiken (doelen) en wat gaan wij daarvoor doen (activiteiten)? Doel 2.4.1 De Amsterdamse openbare ruimte wordt duurzaam beheerd en is begaanbaar, heel en veilig voor alle gebruikers. Indicatoren doel

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

6,7 (2021)

Het onderhoud van de straten en stoepen in uw buurt wordt door de bewoners beoordeeld op 6,5

Geen meting

Begroting 2023 6,5

Begroting Prognose 2024 2025-2027 6,5

6,5

Activiteit 2.4.1.1 We beheren en onderhouden onze verhardingen, straat & speel meubilair en busstations. Indicatoren activiteit 1

Percentage van het areaal verhardingen dat voldoet aan niveau C (Sober)

2

Omvang van achterstallig onderhoud inzake verhardingen

3

Percentage beschikbaarheid speeltoestellen

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

84%

-

84%

90%

90%

16-19%

-

15%

15%

15%

99%

99%

99%

99%

99%

91

H3.2.4

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

4

Percentage oplosbare meldingen over verhardingen dat naar tevredenheid is afgehandeld

-

Niet gemeten

70%

70%

70%

5

Percentage hergebruik restmateriaal verhardingen

80%

80%

80%

80%

80%

Verhardingen Dagelijks beheer van verhardingen bestaat uit werkzaamheden aan de bestrating en het asfalt, maar bijvoorbeeld ook openbare trappen. Hiernaast worden meldingen afgehandeld en kleine wijzigingen uitgevoerd, zoals bijvoorbeeld het plaatsen of verwijderen van fietsenrekken en het aanleggen van geveltuintjes. Bij het onderhoud aan de verhardingen richten we ons nog meer plekken waar onderhoud technisch noodzakelijk is. Dit betekent dat er vrijwel uitsluitend gewerkt wordt, daar waar sprake is van achterstallig onderhoud en veiligheidsrisico’s aanwezig zijn. We werken zoveel mogelijk toekomstbestendig, dus klimaatadaptief, circulair en gericht op terugdringen van emissies. Ook werken we aan het verminderen van effecten van boomwortelopdruk en het verbeteren van groeiplaatsen van bomen in verhardingen, in samenhang met kansen voor vergroening We werken aan het inlopen van achterstallig onderhoud, met name op voetpaden en in parkeervakken in ontwikkelbuurten, op wegen, dijken en paden in het landelijk gebied en in stadsdelen waar de achterstalligheid hoger is dan gemiddeld (Nieuw-West, Noord, Oost en Weesp). Ondanks deze inspanningen kunnen we het achterstallig onderhoud niet wegwerken en zal dit zelfs toenemen.

Bij Speeltoestellen, kunst, meubilair en oorlogsmonumenten is geen sprake van achter­ stalligheid. Bij fonteinen en stroomkasten is wel sprake van achterstallig onderhoud. We pakken dit achterstallig onderhoud in 2024 aan. Met huidig onderhoudsprogramma zal naar verwachting het achterstallig onderhoud in 2025 weggewerkt zijn. Er wordt onderzoek gedaan naar de waterspeelplaatsen in relatie tot nieuwe (verscherpte) wet- en regelgeving. Landelijk overleg hiervoor is geïnitieerd na overleg met Provincie Noord Holland en de Omgevingsdienst omdat de nieuwe wetgeving niet uitvoerbaar is. Als gevolg van dit overleg is het mogelijk dat vanaf 2024 er alsnog versneld fysieke maatregelen genomen moeten worden om te voldoen aan de nieuwe wetgeving. In dat geval zal er komende jaren een forse extra investering in de asset nodig zijn. In 2024 verrichten we groot onderhoud aan ongeveer 450 speeltoestellen, 50 stroomkasten, 5 fonteinen, het Oorlogsmonument Haarlemmerweg aan de N200 en de luifel in het Beatrixpark. Verder sluiten we twee speelbadjes aan op de riolering.

Busstations We streven ernaar om Stedelijke busstations aantrekkelijk te laten zijn voor de reizigers en gebruikers door een schone, veilige en functionerende omgeving aan te bieden. Bij het busstation IJ-zijde is er risico op lekkages in de overkapping en staat de aantrekkelijkheid onder druk door vandalisme en vervuiling. In 2024 bereiden we groot onderhoud voor aan de kap IJ-zijde en voeren we herstel uit aan het betonnen busplatform bij busstation Noord.

Activiteit 2.4.1.2 We beheren en onderhouden onze civiele constructies en tunnels.

In 2024 realiseren we zo’n 100 onderhoudsprojecten, variërend van (kleinschalig) groot onderhoud tot vervangingsprojecten, met een totale oppervlakte van ongeveer 900.000 m2. Voorbeelden van waar we gaan werken zijn Wildemansbuurt in Nieuw West, Plan van Gool in Noord, Leeuwenveld in Noord en de Gooiseweg.

Indicatoren activiteit

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

1

Percentage van het areaal van civiele constructies dat voldoet aan niveau C (Sober)

89% (2022)

-

90%

90%

90%

2

Omvang van achterstallig onder­houd inzake civiele constructies

1% (2022)

-

0%

0%

0%

3

Beschikbaarheidspercentage Amsterdamse wegtunnels voor verkeer

-

-

98%

98%

>98%

4

Versnellen van het herstel van bruggen (aantal per jaar)

-

-

1

2

Nog nader te bepalen

Straatmeubilair en speelvoorzieningen Binnen het dagelijks beheer vinden werkzaamheden plaats aan straatmeubilair (onder andere zitbanken, hekwerken, fietsenrekken, palen), speelvoorzieningen, water­ speelplaatsen, het afhandelen van meldingen en het uitvoeren van kleine wijzigingen. In 2024 geven we uitvoering aan de taakstelling vanuit “samen sterker uit de crisis” en verkleinen het areaal straatmeubilair (o.a. bankjes, kunst en fonteinen) met 0,5 miljoen.

Begroting 2024

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

92

H3.2.4

Er is sprake van achterstallig onderhoud wanneer meer dan 10% van het areaal in een stadsdeel wordt beoordeeld op het laagste CROW/NEN niveau (D). 11% areaal op D niveau betekent dus 1 % achterstalligheid. Hierbij is het relevant om te vermelden dat bovenstaande score in de doelenboom het gemiddelde is over de hele stad. Dit geeft een vertekend beeld. In zeven stadsdelen varieert het percentage areaal wat een niveau D heeft tussen de 13% en 20%. Er zijn dus 7 stadsdelen met achterstalligheid waarbij de mate van achterstalligheid varieert per stadsdeel tussen de 3% en 10%.

Beweegbare bruggen, sluizen, steigers en oevers Een groot deel van de werkzaamheden bestaat uit dagelijks beheer en onderhoud van kades, bruggen, tunnels, sluizen, oevers en watergangen. Zo worden de beweegbare bruggen continue gesmeerd en wordt regelmatig onderhoud gepleegd (bijvoorbeeld schilderen) en defecten gerepareerd (bijvoorbeeld gaten en scheuren in kades). De beweegbare bruggen worden, indien nodig, in de zomer gekoeld. In de afgelopen drie jaar is bij bijna alle civiele kunstwerken, de bruggen, oevers, steigers en sluizen, een (visuele) toestandinspectie uitgevoerd. Daarnaast is er bij ongeveer een derde van de beweegbare bruggen een inspectie van de elektro­ technische- en mechanische installaties uitgevoerd. Met de resultaten van deze inspecties kunnen wede onderhoudsopgave voor 2024 en de navolgende jaren aanvullen en afstemmen met onze partners.

Aanpak Wegtunnels Amsterdam Sinds 1 mei 2019 moeten alle tunnels in Nederland voldoen aan de wettelijke eisen uit de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels. De Tunnelbeheerorganisatie heeft als doel dat in 2025 de Amsterdamse wegtunnels en de verkeerscentrale weer klaar zijn voor de toekomst: veilig te gebruiken, eenvoudig te bedienen en makkelijk te onderhouden. Na de onverwachte sluiting van de Arenatunnel in december 2021 is uit nader onderzoek in het voorjaar van 2022 gebleken dat de Arenatunnel met een beperkt aantal maatregelen weer aan de minimale eisen kon voldoen en opengesteld kon worden. Desondanks moeten er structurele maatregelen worden genomen om een nieuwe sluiting tegen te gaan. De voorbereidingen voor een renovatie zijn reeds afgerond en de middelen voor een renovatie zijn opgenomen in de begroting 2024. Bij de IJ-tunnel is sprake van achterstallig onderhoud. Om dit aan te pakken is er budget beschikbaar gesteld voor de voorbereidingsfase. Momenteel wordt de scope voor vervangingsonderhoud nader bepaald waarmee de definitieve planning en raming voor het project kan worden opgesteld.

Activiteit 2.4.1.3 We beheren en onderhouden onze installaties.

Door beperkte middelen gaan we minder vervangen maar sturen we op levensduur verlengend onderhoud. Op basis van risicoafwegingen wordt prioriteit gegeven aan onderhoud aan met name bruggen, kades en sluizen en wordt onderhoud aan beschoeiingen uitgesteld. Wij houden zo goed mogelijk de huidige kwaliteit vast en proberen we verdere achteruitgang en het oplopen van achterstalligheid te vertragen.

Programma Bruggen en Kademuren Het belangrijkste doel van het programma Bruggen en Kademuren is het veilig en functioneel houden van onze bruggen en kademuren. Het programma richt zich op de 850 verkeersbruggen en circa 200 kilometer gefundeerde kademuur, waar sprake is van achterstallig onderhoud. De afgelopen jaren heeft dit geleid tot het plaatsen van veiligheidsconstructies bij 47 kademuren en 16 bruggen. Bij minder ernstige schade zijn (spoed)reparaties uitgevoerd en functiebeperkingen opgelegd. Tot nu toe was de verwachting dat zo’n 80 tot 125 bruggen en circa 60 kilometer kademuur de komende 30 jaar hersteld moeten worden. Aan de hand van inzichten uit nieuw onderzoek werken we aan een bijstelling van deze aantallen.Voor 2024 is de planning dat wij circa 2,3 km kade en 1 brug in uitvoering hebben, waarvan circa 600m in 2024 wordt opgeleverd.

Begroting 2024

Indicatoren activiteit 1

Peilwaarde Jaarverslag (peiljaar) 2022

Begroting 2023

Begroting Prognose 2024 2025-2027

Geen indicator beschikbaar

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13273423/1